Lijst van vragen en antwoorden over de reactie op de motie van de leden Paternotte en Stoffer over het verleggen van de focus naar bewezen effectief leesonderwijs met kennisrijke teksten (Kamerstuk 31293-719 )
Brontekst
Versie e404c861c9f82eaf · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202431 293Primair OnderwijsNr. 731 LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDENVastgesteld 25 april 2024 De vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft eenaantal vragen voorgelegd aan de Minister voor Primair en VoortgezetOnderwijs over de brief van 14 februari 2024 inzake de reactie op de motievan de leden Paternotte en Stoffer over het verleggen van de focus naarbewezen effectief leesonderwijs met kennisrijke teksten (Kamerstuk31 293, nr. 719).De Minister heeft deze vragen, mede namens de Staatssecretaris vanOnderwijs, Cultuur en Wetenschap, beantwoord bij brief van 25 april 2024.Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.De fungerend voorzitter van de commissie,Michon-DerkzenAdjunct-griffier van de commissie,Huls kst-31293-731ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7311 Vragen en antwoorden1. Wat wordt bedoeld met «structureel en integraal» met betrekking tothet Masterplan basisvaardigheden?Met integraal wordt bedoeld dat het Masterplan basisvaardigheden eenpakket aan maatregelen omvat op verschillende beleidsterreinen. Dat isnoodzakelijk om de dalende trend in leerlingenprestaties op de basisvaar-digheden te kenteren. Om snel resultaat te boeken is er de subsidieverbetering basisvaardigheden, die scholen in staat stelt met bewezeneffectieve interventies werk te maken van de prestaties van hunleerlingen. Daarnaast omvat de aanpak maatregelen op het terrein vanlerarenbeleid- en opleidingen, curriculumontwikkeling, het jonge kind,leermiddelen, toetsing, kennisverspreiding, toezicht en bibliotheekbeleid.Het is van groot belang dat vanuit al die beleidsterreinen aan hetzelfdedoel wordt gewerkt en prioriteit wordt gegeven aan de basisvaardig-heden.De term structureel betekent dat het niet om een tijdelijke inzet gaat, maardat er structureel extra middelen zijn vrijgemaakt om de prestaties vanleerlingen te verbeteren en vervolgens op peil te houden. Zo wordt ondermeer via de ontwikkeling van het nieuwe wettelijke instrument voorgerichte bekostiging eraan gewerkt om de middelen die nu met eensubsidie worden verstrekt, via structurele bekostiging bij de scholenterecht te laten komen. Het Masterplan basisvaardigheden als zodanig ismogelijk eindig, maar het is van belang om blijvend aandacht te hebbenvoor de basisvaardigheden, ook als een trend is gekeerd of de doelen inzicht zijn.2. Kunt u een accuraat overzicht bieden van het aantal po- en vo-scholendat dBos gebruikt?Volgens de meest recente bibliotheekmonitor van de Koninklijke Biblio-theek namen in schooljaar 2022/2023 3.333 scholen voor primaironderwijs (po) en 292 scholen voor voortgezet onderwijs (vo) deel aandBos.1 In deze monitor zijn de scholen die (gaan) deelnemen in het kadervan de investeringen uit het Masterplan basisvaardigheden nog nietopgenomen, maar uit cijfers van Stichting Lezen is bekend dat er heteerste deel van schooljaar 2023/2024 al 792 po-scholen en 116 vo-scholenbijgekomen zijn.3. Op welke manieren gaat u zoal gestalte geven aan het kenmerk vaneffectief leesonderwijs «expliciet aandacht besteden aan leesmotivatie»?In hoeverre beperkt de onderwijsvrijheid uw mogelijkheden in dezen?Het is voor het leesplezier en de leesvaardigheid van leerlingen van grootbelang dat leerkrachten expliciet aandacht besteden aan de leesmotivatievan hun leerlingen. Niet alle leerlingen krijgen dat van huis uit mee endaarmee staan zij wat betreft woordenschat en kennis op achterstand tenopzichte van leerlingen die thuis wel gestimuleerd worden om te lezen.Daarom luidt kerndoel 1 van de geactualiseerde conceptkerndoelenNederlands «de school zorgt voor een rijke taal- en leesomgeving vooralle leerlingen».2 Het gaat er daarbij onder andere om dat leraren rijketeksten aanbieden en de leesmotivatie van leerlingen stimuleren. Zodra1Po: Aantal verkennende gesprekken voor de Bibliotheek op school groeit | Bnetwerk (biblio-theeknetwerk.nl) en vo De Bibliotheek op school bereikt 133 duizend leerlingen in het voort-gezet onderwijs | Bnetwerk (bibliotheeknetwerk.nl)2Informatiedocument_kerndoelen_SLO_V11_digitaal_2023-10-02-121848_tdkd.pdf (svdcdn.com),blz. 24.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7312 de nieuwe kerndoelen in werking treden is het een wettelijke plicht vanscholen om aandacht te besteden aan leesmotivatie. Vanwege de vrijheidvan onderwijs schrijven we niet voor hoe leraren dat moeten doen. Welkrijgen scholen vanuit het Masterplan basisvaardigheden ondersteuningom aan leesmotivatie te werken, onder andere van onderwijscoördina-toren, van bibliotheken (dBos) en via goede voorbeelden en handrei-kingen.34. Hoe stelt u vast of de manier waarop in Nederland en Vlaanderenbegrijpend lezen tot een hoofdcomponent is gemaakt van het toetsen vanhet leesonderwijs evidence informed is, mede in het licht van het gegevendat men nergens elders de focus zo heeft gelegd op begrijpend lezen ennergens elders in de westerse wereld de aversie van jongeren tegen lezenzo groot is?Uit onderzoek blijkt dat expliciete strategie-instructie (het aanleren vanleesstrategieën) bijdraagt aan de leesvaardigheid van leerlingen, en duseffectief is. Daaronder is ook veel onderzoek uit Nederland en Vlaan-deren.4 Dat heeft er aan het begin van de 20ste eeuw toe geleid datleesstrategieën de focus werden van het onderwijs in «begrijpend lezen».Het is niet onderzocht of dit begrijpend leesonderwijs dat gericht is op hetaanleren van leesstrategieën, een oorzaak is van het afnemendeleesplezier van leerlingen in Nederland en Vlaanderen.De scope van het Nederlandse en Vlaamse leesonderzoek is de afgelopen10 jaar verbreed. We kennen nu De vele kanten van leesbegrip5 en deSleutels voor effectief begrijpend lezen6. Leesstrategieën blijven eenbewezen effectief middel, maar daarnaast zijn ook andere kenmerkeneffectief gebleken, die in samenhang moeten worden opgepakt. Met deinvoering van de nieuwe kerndoelen wordt het voor scholen verplicht omrijke teksten aan te bieden, aandacht te hebben voor leesmotivatie enleesonderwijs te integreren in vakken en in andere taaldomeinen zoalsschrijven en spreken. Zo wordt er gegarandeerd aan het leesbegrip enleesplezier van leerlingen gewerkt conform recente wetenschappelijkeinzichten. Daarnaast zullen de toetsen aangepast worden aan het nieuwecurriculum. Momenteel wordt onderzocht hoe leesvaardigheid kanworden getoetst op een manier die beter aansluit bij wat we weten overeffectief leesonderwijs.5. In hoeverre doen de nieuwe vraagtypen in het examen Nederlands,zoals deze resulteerden uit het project Uitbreiding van vraagtypen voorhet leesvaardigheidsexamen Nederlands havo en vwo dat in april 2022werd afgerond, recht aan de letter en de geest van de motie Paternotte/Stoffer en in hoeverre zijn deze juist hiermee in strijd?7De verbeteringen die zijn doorgevoerd in de centrale examens Nederlandszijn zo veel als mogelijk in lijn met de motie-Paternotte/Stoffer.8 Deexamens bevatten een rijker aanbod teksten, met meer diverse vraag-types. Er zijn nog meer verbeteringen nodig, maar die kunnen pas wordenverplicht als het curriculum van de bovenbouw is aangepast (vastgelegdin examenprogramma’s). In regelgeving staat namelijk dat examensminimaal moeten worden gebaseerd op examenprogramma’s. Deexamenprogramma’s Nederlands vmbo, havo en vwo worden momenteel3Home | Masterplan basisvaardigheden, Lezen – SLO.4Houtveen, T, Steensel, van R, en Rie, de la, S: De vele kanten van leesbegrip. (2019).5Idem 5.6Sleutels voor effectief begrijpend lezen. Vlaamse Onderwijsraad. (2019).7Kamerstuk 36 410 VIII, nr. 708Kamerstuk 31 293, nr. 719Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7313 ontwikkeld en zullen eind 2024 in concept worden opgeleverd. Dezeprogramma’s worden vervolgens uitgetest in de praktijk en eventueelbijgesteld. Wanneer de examenprogramma’s definitief zijn, worden deexamens daaropvolgend aangepast. In de tussentijd kunnen scholen welalvast gaan werken met het nieuwe examenprogramma. Het nieuweexamenprogramma kan scholen inspireren om de lessen nu al anders inte richten en om ze te verrijken met andere leerstof.6. Welke invloed op de leesvaardigheid valt te verwachten als er een gratisbasisabonnement van de bibliotheek voor iedereen zou komen?Uit een inventarisatie voor de evaluatie van de bibliotheekwet in 2020 isbekend dat bibliotheken met een gratis jeugdlidmaatschap een groterbereik onder de jeugd hebben. Daarom kan vanaf 1 juli 2022 iedereenonder de 18 jaar in heel Nederland – dus ook op de BES-eilanden – gratislid worden van de openbare bibliotheek. Het percentage bibliotheekledenonder de 18 is aanzienlijk hoger dan het percentage leden van 18 jaar enouder: respectievelijk 53 procent tegenover 8,4 procent.9 Er zijn geenonderzoeksgegevens over het effect op de leesvaardigheid bij het gratismaken van het lidmaatschap voor volwassenen. Wel is bekend dat 34procent van de Nederlanders boven de 14 jaar minimaal 3 keer per weekeen boek leest of luistert.107. Welke mogelijkheden ziet u voor het samenwerken van bibliothekenmet scholen om daar een wisselende en hoogwaardige collectie boeken tegaranderen?Scholen zijn er verantwoordelijk voor dat leerlingen vaardige en gemoti-veerde lezers worden. Dat betekent onder andere dat zij leerlingen inaanraking brengen met een gevarieerde en hoogwaardige collectieboeken. Uit verschillende nationale en internationale peilingen blijktechter dat de leesvaardigheid en het leesplezier van leerlingen achter-blijven.11 Daarom is in het kader van het Masterplan basisvaardighedeneen impuls gegeven aan het landelijke programma de Bibliotheek opschool (dBos). Hierbij ondersteunt de leesconsulent van de lokalebibliotheek scholen onder andere met het uitleensysteem, collectiebeheeren de organisatie van leesbevorderende activiteiten.12 Hiermee wordtoverladenheid van het takenpakket van leraren tegengegaan en krijgteffectief leesonderwijs op scholen een boost.13De samenwerking tussen scholen en bibliotheken kan ook op anderemanieren gestalte krijgen. Eind 2023 leverde KWINKGroep een rapport opvan het onderzoek naar de duurzame verankering van de Bibliotheek opschool dat werd uitgevoerd naar aanleiding van de motie-Mohandis.14 15Het rapport beschrijft een aantal scenario’s om de samenwerking tussenscholen en bibliotheken te verankeren. Uw Kamer heeft dit onderzoek eind2023 ontvangen en zal hierop voor de zomer van 2024 een beleidsreactieontvangen.8. Wanneer verwacht u het nieuwe curriculum in wet- en regelgeving teverankeren? Hoe wordt de Kamer hier op voorhand bij betrokken en hoe9Mensen maakten meer gebruik van de bibliotheek in 2022 | CBS10Consumentenonderzoek – KVB Boekwerk11PIRLS-2021, PISA-2022, Peil.leesvaardigheid einde (speciaal)basisonderwijs 2021–202212Onderwijs (debibliotheekopschool.nl)13Onwillige lezers – Stichting Lezen14Kamerstuk 36 200 VIII, nr. 43, 22-11-2215Kamerstuk 33 846, nr. 71Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7314 wordt de politieke validatie van de uitvoering en implementatie van deoorspronkelijke opdracht aan het ministerie gewaarborgd?De bijstelling van het curriculum verloopt in grofweg vijf stappen:1.ontwikkeling van de kerndoelen en examenprogramma’s;2.beproeving van kerndoelen en examenprogramma’s in de praktijk eneventuele aanscherping ervan op basis van de bevindingen;3.verankering van de kerndoelen en examenprogramma’s in wet- enregelgeving;4.voorbereiding op inwerkingtreding: bijscholing leraren, ontwikkelingleermiddelen en toetsing en aanpassing lerarenopleidingen;5.inwerkingtreding kerndoelen en examenprogramma’s.De betrokkenheid van de Kamer is onderdeel van het lopend proces en deKamer wordt regulier meegenomen in de voortgang.16 Zo verstuurt hetministerie tweejaarlijks een voortgangsrapportage Masterplan basisvaar-digheden aan de Kamer. Hierin wordt de laatste stand van zaken gegeven,ook van de bijstellingen van het curriculum. Daarnaast worden deconceptkerndoelen en -examenprogramma’s (stap 1 en 2) bij iedereoplevering met de Kamer gedeeld.Het curriculum wordt in opdracht van de Kamer gefaseerd ontwikkeld,met voorrang voor de basisvaardigheden.17, 18, 19 De verankering in wet-en regelgeving zal dus ook gefaseerd plaatsvinden. Per leergebied of vakwordt meer of minder tijd uitgetrokken voor implementatie, afhankelijkvan de impact van de wijzigingen voor het onderwijs.De conceptkerndoelen Nederlands, rekenen-wiskunde, burgerschap endigitale geletterdheid zijn al aan de Kamer aangeboden en wordenmomenteel beproefd in scholen.20 De wetenschappelijke Curriculumcom-missie evalueert of de concepten aansluiten bij oorspronkelijke doelstel-lingen. Zij heeft over Nederlands en rekenen-wiskunde advies uitgebrachtaan het ministerie.21 Na afronding van de fase van beproeven, start deprocedure om de aangescherpte conceptkerndoelen Nederlands enrekenen-wiskunde formeel vast te stellen in een algemene maatregel vanbestuur.22 De AMvB zal voor de inwerkingtreding aan de Kamer wordenvoorgelegd (nahang) en zal regelmatig over genoemde tussenstappenworden geïnformeerd. Verankering van de definitieve kerndoelenNederlands en rekenen-wiskunde is mogelijk vanaf 2026. Gelijktijdigwordt gewerkt aan het wetsvoorstel herziening wettelijke grondslagenkerndoelen, dat een grondslag voor aanbodsdoelen en kerndoelen digitalegeletterdheid en burgerschap toevoegt aan de wetgeving. De verwachtingis dat dit wetsvoorstel in het voorjaar van 2025 bij de Tweede Kamerwordt ingediend.Er moet nog worden besloten wanneer scholen met de nieuwekerndoelen en examenprogramma’s gaan werken. Dat hangt af van devoorbereidingstijd die scholen en ondersteuners van scholen nodighebben, bijvoorbeeld voor het regelen en ontwikkelen van passendeleermiddelen en toetsen en voor het bijscholen van leraren. Dat wordtmomenteel onderzocht.16Zie ook 2024Z0474617Kamerstukken II 2021/22, 31 293, nr. 61818Kamerstuk 35 352, nr. 22 en Kamerstuk 31 293 nr. 53419Kamerstukken II 2021/22, 31 293 nr. 597, Kamerstukken II 2022/23 31 293, nr. 658, Kamer-stukken II 2023/24, 31 293, nr. 70920Kamerstukken II 2023/24 31 293, nr. 700 Kamerstukken II 2023/24 31 293, nr. 72121Tussenadvies-5 van de wetenschappelijke Curriculumcommissie22Besluit vernieuwde kerndoelen WPO, Besluit kerndoelen WPO BES, Uitvoeringsbesluit WVO2020 en Besluit kerndoelen WECTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7315 9. Op welke termijn worden de lerarenopleidingen, leermiddelen, toetsingen examinering aangepast aan de nieuwe wet- en regelgeving inzake hetnieuwe curriculum?Momenteel worden de kennisbases van de lerarenopleidingen vernieuwd.De hogescholen streven ernaar om de geactualiseerde kerndoelenNederlands en rekenen-wiskunde per studiejaar 2026–2027 in alleopleidingen geïmplementeerd te hebben. Zie ook het antwoord op vraag31.Leermiddelenmakers hebben aangegeven dat er twee jaar nodig is omnieuwe leermiddelen te ontwikkelen. De ontwikkeling van de leermiddelenstart in de zomer van 2024, zodat leraren en leerlingen vanaf schooljaar26/27 gebruik kunnen gaan maken van vernieuwd lesmateriaal. Zie ookhet antwoord op vraag 31.Toetsexperts onderzoeken momenteel hoe de toetsen voor het po kunnenworden aangepast aan de nieuwe kerndoelen rekenen-wiskunde enNederlands. De ontwikkeling van toetsen neemt ongeveer twee jaar inbeslag. De eerste nieuwe toetsen kunnen vanaf schooljaar 26/27beschikbaar zijn. De exacte invoering van de toetsen moet nog naderworden uitgewerkt, in overleg met alle betrokkenen, waaronder deleermiddelenmakers.De examenprogramma’s Nederlands en rekenen-wiskunde worden na dezomer 2024 opgeleverd. Daarna worden ze beproefd en aangescherptvoordat ze kunnen worden ingevoerd. Op z’n vroegst krijgen leerlingen inschooljaar 26/27 te maken met de nieuwe eindtermen. Het eersteeindexamen wordt dan in het vmbo twee jaar later en in het havo en vwodrie jaar later afgenomen, dus in respectievelijk schooljaar 27/28 en 28/29.Zie ook het antwoord op vraag 18.10. Zou het voor alle vakdocenten wenselijk zijn dat deze voor effectiefleesonderwijs worden bijgeschoold?Het is wenselijk dat de kennis over effectief leesonderwijs niet alleen bijde leraar Nederlands aanwezig is, maar ook bij de collega’s van anderevakken. Het is niet nodig om alle vakdocenten bij te scholen, want dekennis kan binnen de school gedeeld worden. Er zijn scholen waarcollega’s van verschillende vakken samenwerken aan een schoolbreedleesbeleidsplan en dat ook samen uitdragen. Er zijn ook scholen waar hethele team besluit om de eerste 20 minuten van de dag te lezen, ooktijdens wiskunde of biologie. Via de Kennistafel Effectief Leesonderwijsvindt uitwisseling plaats over deze en andere initiatieven en worden zeontsloten zodat scholen ervan kunnen leren.2311. Hoe verhoudt het Nederlandse systeem van kerndoelen zich tot andereEuropese landen?Er is geen dekkend onderzoek in hoeverre het Nederlandse systeem vankerndoelen afwijkt van of overeenkomt met dat van andere landen. Wel isbekend dat verschillende Europese landen onderwijsdoelen of-standaarden kennen die in zekere zin vergelijkbaar zijn met onzekerndoelen, zoals, Duitsland, Zweden en Ierland.24Informatie over onderwijssystemen in verschillende landen wordt opverschillende manieren uitgewisseld, bijvoorbeeld via Eurydice, een23Kennistafel Effectief Leesonderwijs – Platform Samen Onderzoeken.24Bildungsstandards Deutsch, Curriculum Zweden en Curriculum IerlandTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7316 internationaal netwerk van de Europese Commissie en ook de Organisatievoor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) verzameltinformatie over het onderwijs in verschillende landen. SLO, die deopdracht heeft om het curriculum te vernieuwen, is hier nauw bijbetrokken en past actuele inzichten uit Europese curricula toe bij deontwikkeling van de nieuwe kerndoelen en examenprogramma’s.12. Hoe staat het met de uitvoering van de motie Van Meenen over hetherzien van de centrale examens Nederlands en moderne vreemdetalen?25Deze motie is uitgevoerd voor zover als nu mogelijk is. Zie het antwoordop vraag 5. De examens Nederlands zijn verbeterd en zullen wanneer hetcurriculum is bijgesteld nog verder worden verbeterd. Voor de examensvan de Moderne Vreemde Talen (MVT) is momenteel geen noodzaak totverbetering binnen de huidige kaders van de examenprogramma’s. Decentrale examens MVT zullen worden verbeterd nadat de bijgesteldeexamenprogramma’s zijn vastgesteld.13. Gaat u de kerndoelen en eindtermen aanpassen en gelijktijdig detoetsing aanpassen of wordt dit proces gefaseerd?Dit proces wordt gefaseerd omdat de toetsing afgestemd moet zijn op dekerndoelen en eindtermen. Het is immers van belang om te toetsen wat inhet curriculum wordt beoogd. Daarom kunnen de toetsen pas wordenaangepast nadat de kerndoelen of eindtermen formeel zijn opgeleverd. Zois er zekerheid dat de juiste doelen worden getoetst.14. Kunt u toelichten hoeveel scholen op dit moment onder leiding vanSLO26 kritisch kijken naar de conceptkerndoelen Nederlands?Er hebben zo’n 200 scholen deelgenomen aan de beproevingsfase. Zijhebben onder leiding van SLO op de conceptkerndoelen gereflecteerd. Deconceptkerndoelen zijn openbaar. Vakverenigingen en vertegenwoor-digers in het onderwijsveld (besturen, koepels, bonden) brengen deconceptkerndoelen onder de aandacht bij leraren. SLO weegt de reactiesop de conceptkerndoelen en gebruikt ze om de kerndoelen aan tescherpen. De aangescherpte conceptkerndoelen worden voor de zomeraan het Ministerie van OCW aangeboden.15. Kunt u aangeven wanneer het Expertisepunt Taal wordt opgeleverd?Voor de zomer van 2024 vindt een behoeftepeiling plaats naar deactiviteiten van het Expertisepunt Taal en worden gesprekken gevoerdmet relevante partners. Na de zomer is er meer duidelijkheid hoe hetExpertisepunt Taal eruit zal komen te zien, dan levert de KennistafelEffectief leesonderwijs daarover een advies op aan het Ministerie vanOCW. Volgens planning kan dan in het vierde kwartaal van 2024 wordengestart met de implementatie van het advies.16. Kunt u aangeven wanneer de Kennistafel Effectief Leesonderwijs hetkwaliteitskader voor leermiddelen begrijpend lezen zal opleveren?Het kader zal volgens planning in het tweede kwartaal van 2025 gereedzijn.17. Wat is het tijdpad voor de invoering van de nieuwe kerndoelen?25Kamerstuk 28 760, nr. 10926SLO: Stichting LeerplanontwikkelingTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7317 Zie ook het antwoord op vraag 8. Op z’n vroegst kunnen de kerndoelenNederlands en rekenen-wiskunde per schooljaar 2026/2027 wordeningevoerd. De andere kerndoelen vanaf een later moment, afhankelijk vande impact van de veranderingen voor het onderwijs.18. Wat is het tijdpad voor de invoering van de nieuwe eindtermenNederlands?De examenprogramma’s met daarin de eindtermen voor Nederlandsworden na de zomer van 2024 opgeleverd.27 Deze programma’s wordenvervolgens beproefd in de praktijk. Als er veel verandert in de examenpro-gramma’s, is er meer tijd nodig om ze uit te proberen in de praktijk. Op z’nvroegst krijgen leerlingen in schooljaar 26/27 voor het eerst te maken metde nieuwe eindtermen. Het eerste eindexamen wordt dan in het vmbotwee jaar later en in het havo of vwo drie jaar later afgenomen, dus inrespectievelijk schooljaar 27/28 en 28/29. Bij grotere wijzigingen krijgenleerlingen er enkele jaren later mee te maken.19. Leidt de wijziging in kerndoelen ook tot een wijziging van de inhoudvan de doorstroomtoets?Toetsen volgen het curriculum, dus het ligt in de rede dat wijzigingen inde kerndoelen ook tot wijzigingen in de doorstroomtoetsen leiden. Zoalsaangegeven in het antwoord op vraag 8 wordt dit proces gefaseerd.20. Wanneer is op zijn vroegst de doorstroomtoets inhoudelijk aangepastaan de nieuwe kerndoelen?De doorstroomtoetsen toetsen wat in het curriculum wordt beoogd. Hettijdpad voor aanpassingen in de doorstroomtoetsen is dus afhankelijk vande verankering van de definitieve kerndoelen. Op dit moment wordtonderzocht met welke snelheid de verschillende onderdelen kunnenworden vernieuwd. Zodra zicht is op een tijdpad informeren we uw Kamerhierover.21. Wanneer is op zijn vroegst het eindexamen Nederlands aangepast aande nieuwe eindtermen voor Nederlands?Zie het antwoord op vraag 18.22. Is een gedetailleerd ingevuld curriculum (in plaats van thematisch enopen geformuleerde kerndoelen) in Nederland mogelijk?Ja dat is mogelijk. De huidige kerndoelen stammen uit 2006 en zijn heelglobaal geformuleerd. Daardoor geven ze niet goed richting in wat«moet» en «mag» in het onderwijs. In de curriculumbijstelling is erdaarom voor gekozen om de kerndoelen gedetailleerder uit te werken.Voor leraren die behoefte hebben aan nog meer gedetailleerde uitwer-kingen stelt SLO tussendoelen en leerlijnen beschikbaar.23. Wanneer wordt het centraal examen Nederlands herzien?Zie het antwoord op vraag 18.24. Is het mogelijk om de doorstroomtoets alvast aan te passen, vooruit-lopend op de curriculumherziening?27Het gaat om zes examenprogramma’s, één voor iedere leerweg en schoolsoort: vmbo-bb,vmbo-kb, vmbo-gl, vmbo-tl, havo en vwo.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7318 Het is belangrijk dat toetsing één op één aansluit bij wat het curriculumbeoogt. Zoals aangegeven in antwoord op vraag 20, is het tijdpad vooraanpassingen in de doorstroomtoetsen afhankelijk van de verankeringvan de definitieve kerndoelen. De doorstroomtoets zal worden aangepastzodra dat mogelijk is. Momenteel wordt onderzocht hoe snel de verschil-lende onderdelen kunnen worden vernieuwd. We zullen uw Kamerinformeren als er zicht is op een tijdpad.25. Is het mogelijk om het centraal examen alvast aan te passen,vooruitlopend op de curriculumherziening?Zie het antwoord op vraag 5. De examens kunnen op onderdelen wordenaangepast, maar moeten altijd aansluiten bij het curriculum (examenpro-gramma’s). Daarom kan bijvoorbeeld Nederlandse schrijfvaardigheidmomenteel niet centraal geëxamineerd worden, omdat in het examenpro-gramma staat dat dit met een schoolexamen moet worden geëxamineerd.26. Kunt u inzichtelijk maken, procentueel, voor welke leergebieden (taal,rekenen, digitale geletterdheid, burgerschap) de subsidie voor basisvaar-digheden tot op heden door scholen wordt ingezet?In de vierde voortgangsbrief die u eind mei kunt verwachten, wordt uwKamer meer inzicht gegeven in de verdeling van de subsidiemiddelenover de vier basisvaardigheden op basis van de tweede meting van deimplementatiemonitor die in februari/maart is uitgevoerd. De eerstemeting in september 2023 laat zien dat de scholen die in 2022 met behulpvan de subsidie aan de slag zijn gegaan massaal inzetten op de basisvaar-digheden taal en rekenen-wiskunde, en waar nodig ook op het versterkenvan de basisvaardigheden burgerschap en digitale geletterdheid. Daarbijgeldt dat vo-scholen en scholen op de BES-eilanden vaker dan po-scholenin Europees Nederland ook inzetten op burgerschap en digitalegeletterdheid.2827. Is het mogelijk om het Masterplan basisvaardigheden te richten op hetstreefniveau aan het einde van de basisschool in plaats van het funda-mentele niveau?Dit is reeds het geval. Zoals in de Kamerbrief van 16 mei 2023 staat, heefthet Masterplan twee doelen ten aanzien van de prestaties van leerlingen:1.De basis op orde: eind schooljaar 2027/2028 beheersen alleleerlingen aan het einde van het basisonderwijs het fundamenteleniveau voor taal en rekenen (niveau 1F van het referentiekader voortaal en rekenen29).2.De aansluiting op orde: alle leerlingen in het basisonderwijs diedoorstromen naar vmbo-t, havo of vwo beheersen aan het eindevan het schooljaar 2027/2028 het meer geavanceerde streefniveauvoor taal (niveau 2F) en rekenen (niveau 1S). Ook voor allevo-leerlingen die einde schooljaar 2027/2028 doorstromen naar hethoger onderwijs geldt dat zij het streefniveau moeten beheersen(3F/3S voor havo en 4F/3S voor vwo).3028. Is het fundamentele niveau voor lezen aan het einde van de basis-school internationaal van een vergelijkbaar niveau of ligt in andere landende lat lager of hoger?28Sardes en SEO, Implementatieonderzoek subsidieregeling «Verbetering basisvaardigheden».Tranche 1, eerste meting. (Utrecht 2023).29https://slo.nl/thema/meer/taal-rekenen30Kamerstukken, 2023, 31 293, nr. 670Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 7319 Het is onbekend hoe de lat ligt aan het einde van het basisonderwijs inandere landen. Dat komt omdat het einde van de basisschool niet in iederland op dezelfde leeftijd valt en niet alle landen een (vergelijkbaar)systeem van referentieniveaus hebben.29. Werken andere landen ook met het systeem van fundamentele niveausen streefniveaus?Er zijn landen die met een vergelijkbaar systeem werken. Het gemeen-schappelijk Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen (ERK)heeft bijvoorbeeld een belangrijke bijdrage geleverd aan de vormgevingvan de verschillende niveaus van het referentiekader taal en rekenen. Inhet Verenigd Koninkrijk geven de Key-Stage 2 toetsen voor Grade 6 eenscore op de onderdelen wiskunde, lezen en grammatica en interpunctie.Hierbij is een niveau vastgesteld dat alle leerlingen moeten halen. Watbetreft doelstelling en leeftijd van de doelgroep is dit vergelijkbaar methet fundamentele niveau in Nederland aan het einde van het po.Onbekend is in hoeverre dit niveau bij eenzelfde prestatieniveau hoort alsin Nederland of dat dit een hoger of lager niveau betreft.30. Is het streefniveau voor lezen aan het einde van de basisschoolinternationaal van een vergelijkbaar niveau of ligt in andere landen de latlager of hoger?Zie het antwoord op vraag 28 en 29: het einde van de basisschool valt nietin alle landen op dezelfde leeftijd en niet alle landen hebben een systeemmet referentieniveaus. Daardoor is een vergelijking niet mogelijk. Er zijnwel vergelijkbare internationale data beschikbaar over het leesniveau vanleerlingen in de leeftijd van 10 jaar (PIRLS).31. Welke stappen zet u zodat curricula van lerarenopleidingen en deinhoud van leermiddelen zo spoedig mogelijk aangepast worden aan denieuwe kerndoelen?De lerarenopleidingen sluiten voor de aanpassing van de nieuwekerndoelen aan bij de planning van SLO. De implementatie van dekerndoelen voor de pabo’s en tweedegraads lerarenopleidingen van dehogescholen verloopt via de herijking van de landelijke kennisbases. Hetonlangs gestarte Opleidingsberaad Leraren is hier nauw bij betrokken. Indit opleidingsberaad bespreken we de uitkomsten en het verloop van dezeherijking en in het bijzonder hoe het werkveld daarbij betrokken is.Inmiddels is gestart met de herijking van de kennisbases taal en rekenenvoor de pabo. De hogescholen streven ernaar om de geactualiseerdekerndoelen Nederlands en rekenen-wiskunde per studiejaar 2026/2027 inalle opleidingen geïmplementeerd te hebben.Met de verwachte oplevering van de conceptkerndoelen voor Nederlandsen rekenen-wiskunde voor de zomer van 2024, kunnen leermiddelen-makers deze zomer starten met het aanpassen van bestaand lesmateriaalaan de nieuwe kerndoelen. Dat geldt zowel voor uitgevers, als ontwikke-laars van open leermiddelen. Uitgevers geven aan dat de ontwikkelingvan vernieuwd lesmateriaal dat aansluit op de nieuwe kerndoelen tweejaar duurt. Dat betekent dat leraren en leerlingen vanaf schooljaar2026/2027 gebruik kunnen gaan maken van het vernieuwde lesmateriaal.De precieze wijze van invoering wordt de komende maanden naderuitgewerkt, in goed overleg met alle betrokkenen in en om het onderwijs.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 73110
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.