Nota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2022
Brontekst
Versie b35c1207387a7e1f · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202528 165Deelnemingenbeleid RijksoverheidNr. 430 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 14 november 2024De staat is aandeelhouder in een twintigtal grote, voor Nederland crucialeondernemingen. De Minister van Financiën vervult namens de staat deaandeelhoudersrol in deze bedrijven. Ook zijn er evenzoveel onderne-mingen waarbij de aandeelhoudersrol bij de beleidsverantwoordelijkeMinister is belegd. Dit worden beleidsdeelnemingen genoemd. Hoe destaat invulling geeft aan het aandeelhouderschap wordt beschreven in deNota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2022 (hierna: Nota 2022). De Nota2022 is van het vorige kabinet. Uw Kamer heeft geïnformeerd naar mijnvisie op dit beleid1 en heeft gevraagd of ik van plan ben om met eennieuw deelnemingenbeleid te komen. En zo ja, wat er gaat veranderen tenopzichte van de Nota 2022. Via deze brief beantwoord ik deze vragen.Ook bied ik u met deze brief de antwoorden aan op de overige vragen vande verschillende fracties van de vaste commissie voor Financiën bij hetJaarverslag Beheer Staatsdeelnemingen 2023 (Kamerstuk 28 165, nr. 431).In deze beantwoording geven ook de Minister van Klimaat en GroeneGroei, de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Ministervoor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp respectievelijk antwoordop de vragen over de beleidsdeelnemingen GasTerra, Intravacc enINSTEX. Ik stuur deze brief daarom mede namens deze Ministers. Totslotte stuur ik u als bijlage bij deze brief het jaarverslag van InvestInternational over 2023.Bestendiging beleid Nota 2022Ik vind het verstandig om zo veel mogelijk continuïteit in het deelnemin-genbeleid te bewaken. Consistent beleid vanuit de aandeelhouder stelt dedeelnemingen in staat om op consistente wijze invulling te geven aan hunbedrijfsvoering, wat naar verwachting bijdraagt aan een consistente1Inbreng verslag schriftelijk overleg over het Jaarverslag Beheer Staatsdeelnemingen 2023(28 165, nr. 428). Vragen van het lid Inge van Dijk (CDA) aan de Minister en de Staatssecretarisvan Financiën over het bericht «Staat moet Holland Casino afstoten» (kenmerk 2024Z12917). kst-28165-430ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4301 borging van de publieke belangen. Dit betekent concreet dat de Nota 2022ongewijzigd blijft. Dit is ook in lijn met de praktijk van de afgelopen jarenom het deelnemingenbeleid iedere 6 à 7 jaar door te lichten en tevernieuwen en niet afhankelijk te maken van een kabinetsperiode.Tegelijkertijd moet er in de tussenliggende periode natuurlijk altijd ruimtezijn om naar aanleiding van nieuwe ontwikkelingen en/of voortschrijdendinzicht andere keuzes te maken. De handboeken waarin het beleid uit deNota 2022 is uitgewerkt, bieden hier ruimte voor.2 Mocht ik in de toekomstreden zien om toch bepaalde beleidsprincipes uit de Nota 2022 te wijzigendan neem ik uw Kamer daar uiteraard goed in mee.In de uitvoering van het beleid kan ik vanzelfsprekend andere keuzesmaken dan mijn voorgangers: in de onderlinge prioritering van bepaaldeaspecten van het beleid of in de interpretatie van bepaalde open normenvan het beleid. Bij de uitvoering van het beleid wil ik graag op devolgende drie aspecten uit de Nota 2022 extra nadruk leggen:•Borging publieke belang is leidend. Net als in eerdere versies van hetdeelnemingenbeleid vormt het borgen van publieke belangen door destaatsdeelnemingen het primaire doel van het beleid. De anderedoelen van het deelnemingenbeleid – het sturen op behoud vanfinanciële waarde van de onderneming en goed ondernemingsbestuur– zijn hieraan ondersteunend. Ik zie het als een belangrijk speerpuntom de borging van publieke belangen steeds centraal te stellen.•Deelnemingen staan op afstand. Ik hecht veel waarde aan het principedat de activiteiten die staatsdeelnemingen uitvoeren weloverwogen opafstand staan van de overheid en de politiek. Ik zie het daarom als eenbelangrijke taak om de grenzen van mijn taken en bevoegdheden alsaandeelhouder van deze ondernemingen scherp te bewaken.•Terughoudendheid bij het aangaan van deelnemingen. Voor ingrijpenin de markt door middel van het aangaan van een deelneming in eenbedrijf moeten aantoonbaar dringende redenen zijn. Aan de vaststel-ling van een eventueel publiek belang zal in beginsel een economischeanalyse ten grondslag moeten liggen die aantoont dat er sprake is vanmarktfalen. De meer politieke benadering, op basis waarvan ook omandere redenen tot het bestaan van een publiek belang kan wordengeconcludeerd, wil ik terughoudend toepassen.Borging publieke belangen leidendBij de invulling van het aandeelhouderschap staat het borgen vanpublieke belangen centraal. Toch is het zo dat de Nota 2022 soms eenbredere invulling van een aantal van de zeggenschapsrechten beschrijftdan puur noodzakelijk is voor het borgen van het publieke belang en/of denaleving van wet- en regelgeving. Zo wordt op grond van de Nota 2022van deelnemingen verwacht dat zij een voorbeeldrol in eigen sectorvervullen. Dit kan aanvullende inspanningen vereisen die niet altijd directherleidbaar zijn tot de borging van het publiek belang, bijvoorbeeld in hetkader van investeringen. Bij de invulling van mijn rol als aandeelhouderzal ik de activiteiten van de onderneming die een directe bijdrage leverenaan het borgen van het publieke belang (kernactiviteiten) prioriteit gevenboven de activiteiten van de onderneming die slechts een indirectebijdrage leveren of volledig op een ander doel gericht zijn.Deelnemingen staan op afstandMet de keuze voor een deelneming beoogt de staat de activiteiten diebijdragen aan de borging van publieke belangen op een doelmatige,2Handboeken staatsdeelnemingen | Rapport | Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4302 zakelijke manier te organiseren. De efficiëntieprikkel die inherent is aanbedrijfsmatige uitvoering door een vennootschap is een belangrijke redenom te kiezen voor een deelneming. De expertise ligt bij de ondernemingen moet ook daar worden benut.Dit betekent dat de staat als aandeelhouder niet gaat over de dagelijksebedrijfsvoering en aansturing van de deelnemingen. Deze taak isvoorbehouden aan het bestuur, die daarover verantwoording aflegt aande aandeelhouder(s) en overige belanghebbenden. De raad van commis-sarissen houdt toezicht op het bestuur. Ik zie het als een belangrijkspeerpunt om steeds duidelijk onderscheid te blijven maken tussen zakendie onder de verantwoordelijkheid van het bestuur en de raad vancommissarissen vallen – en waar de staat als aandeelhouder dus inbeginsel niet over gaat – en zaken die op grond van de statuten en hetvennootschapsrecht tot mijn rol als aandeelhouder kunnen wordengerekend. Een scenario waarin de staat als aandeelhouder, al dan nietdoor druk van buitenaf, plaats neemt op de stoel van het bestuur vind ikonwenselijk.Terughoudendheid bij het aangaan van deelnemingenOp basis van het afwegingskader voor het aangaan van een deelneminguit de Nota 2022 wordt er alleen een nieuwe deelneming aangegaan als ersprake is van een publiek belang. De Nota 2022 zet een tweetal benade-ringen uiteen op basis waarvan een publiek belang kan worden vastge-steld. Op grond van een economische benadering kan er een reden zijnvoor de overheid om in te grijpen als er sprake is van marktfalen.Voorbeelden van marktfalen zijn externe effecten, collectieve goederen,marktmacht en informatieasymmetrie. De Nota 2022 beschrijft echter ookeen meer politieke benadering waarbij de term «publiek belang» wordtgedefinieerd als een belang «dat de politiek zich aantrekt, omdat zij debehartiging voor de samenleving als geheel wenselijk acht». Aan dezedefinitie kan vrij eenvoudig worden voldaan, waardoor er een risicobestaat dat deze benadering een vrijbrief vormt richting meer overheid enminder markt. Ik wil de politieke benadering voor het vaststellen van eenpubliek belang dan ook terughoudend toepassen.Hoewel ik niet vooruit wil lopen op de beoordeling van concrete beleids-dossiers, kijk ik met bijzondere interesse naar de potentiële rol vandeelnemingen bij het borgen van strategische onafhankelijkheid. Het isvan groot belang dat wij in Nederland ook in tijden van crisis voldoendeaanbod van strategische goederen kunnen blijven veiligstellen. Door tegrote marktmacht van buitenlandse bedrijven of landen ontstaat er eenafhankelijkheid die een bedreiging kan vormen voor de economische enpolitieke stabiliteit. De overheid kan dan een rol spelen in het opbouwenvan binnenlandse capaciteit of het verzekeren van alternatieve leverings-bronnen. Ook hier zal ik scherp blijven dat de term «strategische onafhan-kelijkheid» niet zodanig breed wordt geïnterpreteerd dat de overheid bijhet minste of geringste risico inspringt en er een wildgroei aan deelne-mingen ontstaat. Hierbij spelen de overige vragen uit het afwegingskaderook een belangrijke rol. Deze vragen toetsen immers of een deelneminghet meest geschikte instrument is om een bepaald publiek belang teborgen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4303 Ik ben ervan overtuigd dat bovenstaande lijnen bijdragen aan eenpassende en doeltreffende invulling van het aandeelhouderschap in destaatsdeelnemingen en kijk uit naar de gesprekken hierover met uwKamer.De Minister van Financiën,E. HeinenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4304
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.