Evaluatie drukte Schiphol
Brontekst
Versie e29e7d5f62ef0f34 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 29 665Evaluatie Schipholbeleid Nr. 475 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23 juni 2023 Met deze brief ontvangt de Kamer het rapport Evaluatie herstart Schiphol met daarin de resultaten van een onafhankelijk evaluatieonderzoek met betrekking tot de operationele problemen op de luchthaven Schiphol in 20221. Het betreft een onderzoek waartoe door Schiphol aan PwC Strategy& opdracht is gegeven. Dit is mede op verzoek van het Ministerie van IenW gebeurd. Het ministerie is daarom betrokken geweest bij de opdrachtformulering en de bespreking van de voortgang. De Kamer ontvangt het rapport conform de toezegging in de negende Kamerbrief over de drukte op Schiphol2. Het doel van deze evaluatie was om te komen tot lessons learned voor de schipholorganisatie. Het reconstrueert de gebeurtenissen en identificeert achterliggende oorzaken van de operationele problemen op de luchthaven Amsterdam Airport Schiphol (AAS) in de periode april t/m september 2022. PwC concludeert dat de belangrijkste oorzaak van het ontstaan van de wachtrijen een personeelstekort bij de beveiligingsbedrijven was. Dit werd versterkt door het achterblijven van productiviteit, een verschuiving van het aanmeldpatroon van passagiers en een tekort bij de Koninklijke Marechaussee (KMar). De wachtrijen zijn niet ontstaan door te lage voorspellingen van het aantal passagiers of een te lage uitvraag van personeelsinzet. Verder constateert PwC dat Schiphol maar een beperkt deel van de operationele processen in eigen beheer heeft en de informa-tiehuishouding op bepaalde aspecten niet voldoende op elkaar aansluit of nauwkeurig is. Op basis van de conclusies van het onderzoek worden aanbevelingen gedaan door PwC. In een eerste reactie geeft Schiphol aan dat het de 1De Kamer is hierover op 18 januari (Kamerstuk 29 665, nr. 455) geïnformeerd.2Kamerstuk 29 665, nr. 473. kst-29665-475ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 29 665, nr. 4751 conclusies en aanbevelingen van het rapport herkent en reeds een aantal aanpassingen in de processen heeft doorgevoerd. Voorbeelden daarvan zijn het aannemen van meer beveiligingspersoneel, het versterken van de eigen organisatie, het gebruik van slottijden voor passagiers die binnen het Schengengebied reizen en door de beveiliging moeten en het werken aan herziening van het operationele model. Ook hebben de KMar en Schiphol hun samenwerking sinds vorig jaar geïntensiveerd. Het Ministerie van IenW heeft het eindrapport op 23 juni van Schiphol ontvangen. Het rapport is daarna verzonden aan de bij Schiphol betrokken departementen (het Ministerie van Financiën als aandeelhouder en de Ministeries van Defensie en Justitie en Veiligheid als verantwoordelijken voor de grenscontrole op AAS). IenW en de andere departementen zullen het rapport en de aanbevelingen nader bestuderen. Hierover zal met Schiphol het gesprek worden gevoerd. De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, M.G.J. HarbersTweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 29 665, nr. 4752
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.