Memorie van toelichting
Brontekst
Versie adf32021eac73e92 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 725 XVWijziging van de begrotingsstaat van hetMinisterie van Sociale Zaken enWerkgelegenheid (XV) voor het jaar 2025(wijziging samenhangende met deVoorjaarsnota)Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL Wetsartikelen 1 tot en met 3De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden opgrond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elkafzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onder-havige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2025 wijzigingen aan tebrengen in:de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Sociale Zakenen Werkgelegenheid;De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden inonderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn.begrotingstoelichting).De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,Y.J. van Hijum kst-36725-XV-2ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 21 1 Begrotingsstaat premiegefinancierd (voorjaarsnota) Tabel 1 Wijziging begrotingsstaat premiegefinancierd van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar2025 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)Art.OmschrijvingVastgestelde begrotingMutaties 1e suppletoire begrotingVerplichtingenUitgavenOntvangstenVerplichtingenUitgavenOntvangstenTotaal83.107.66083.107.660245.359395.649395.64913.203Beleidsartikelen1Arbeidsmarkt609.232609.232027.21927.21903Arbeidsongeschiktheid15.064.70215.064.7020327.256327.25605Werkloosheid4.188.9834.188.983245.359– 201.564– 201.56413.2036Ziekte en verlofregelingen5.204.3565.204.3560154.627154.62708Oudedagsvoorziening55.218.62055.218.620063.20263.20209Nabestaanden355.131355.1310– 7.117– 7.117011Uitvoeringskosten2.466.6362.466.636032.02632.0260 B. BEGROTINGSTOELICHTING 1. Leeswijzer Tabel 2 Ondergrenzen conform RBVOmvang begrotingsartikel (standontwerpbegroting) in € miljoenBeleidsmatige mutaties(ondergrens in € miljoen)Technische mutaties(ondergrens in € miljoen)< 5012=> 50 en < 20024=> 200 < 1.000510=> 1.0001020 De bovenstaande ondergrenzen zijn conform de Rijksbegrotingsvoor-schriften voor het toelichten van mutaties in deze 1e suppletoire begrotingvan SZW.In aansluiting op de ontwerpbegrotingen en de Voorjaarsnota wordenvanaf 2024 ook de mutaties voor het jaar t+5 (2030) opgenomen in detabel budgettaire gevolgen van beleid van de 1e suppletoire begroting. Ditbetreft de extrapolatie van de begroting – het toevoegen van het jaar t+5 –en vervolgens de mutaties tot en met t+5 die tijdens de voorjaarsbesluit-vorming zijn verwerkt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 22 2. Beleid 2.1. Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties Tabel 3 Belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2025 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)uitgaven2025uitgaven2026uitgaven2027uitgaven2028uitgaven2029uitgaven2030artikelnrVastgestelde begroting 2025 inclNvW, amendementen en ISB’s59.962.65964.379.91067.239.07969.293.96771.710.720alleNr.Belangrijkste suppletoiremutaties:Bijstellingen o.b.v. uitvoeringsin-formatie en CEP1Noodmaatregel Overbrug-ging voor Werkgelegenheid(NOW)133.742000002Bijstelling BijstellingBijstand en LKS– 217.574– 214.940– 248.677– 292.748– 290.465– 244.02523KOT33.624– 200.118419.699268.447173.366163.74474WKB– 220.237– 156.446– 65.206– 44.641– 1.90738.667105Rijksbijdragen627.800949.800452.100– 796.200– 608.8001.905.900126Overige bijstellingen o.b.v.uitvoeringsinformatie enCEP– 23.248– 10.115– 10.971– 15.434– 24.038– 25.664divBeleidsmatige intensiveringen enombuigingen7Lage-inkomensvoordeel– 181.5260000018Banenafspraak57.5850000029Invoering nieuwe financie-ring kinderopvang per 2029– 38.300– 611.600– 2.168.900– 1.742.900– 155.700– 47.300710Ingroeipad nieuw kinderop-vangstelsel19.200295.800850.8001.078.600445.900148.400711Steilere afbouw WKB vanafeen inkomen van 60.000euro0– 25.000– 304.400– 291.000– 295.600– 300.0001012Oplossen knelpuntsamengestelde gezinnenWKB04.60056.20055.10040.80050.2001013Actieagenda integratieinclusief taaaleis4.96810.62215.64722.25226.65721.99013, 9914Duurverkorting Werkloos-heidsuitkering00018.970110.35180.9389915Intensiveringen enombuigingen Nogonverdeeld– 11.66222.63125.44799.71561.14460.3609916Overige intensiveringen enombuigingen– 2035.9194.0154.37224.11912.912divTaakstellingen HLA en OCW17Invulling Taakstelling HLAbij ZBO’s (Totaal)013.58527.40141.73856.03056.0309618Invulling Taakstelling OCWbij ZBO’s (Totaal)30.50030.50030.50030.50030.50030.50099Overige mutaties19Toedeling prijs- enloonbijstelling 202578.83787.32278.11366.66165.41965.2429920Overboekingen vanAanvullende post200.606113.617155.628140.83466.62547.685div21Overboekingen met anderebegrotingshoofdstukken– 117.203– 108.892– 128.105– 86.345– 3.567– 7.178div22Diverse kasschuiven– 47.408– 202.945158.584121.4797.089– 8.199div23Kasschuiven Groepen in deknel– 145.603– 31.9403.85231.27466.00876.409div24Uitgekeerde Eindejaars-marge 202415.24100000div25Desalderingen19.65000000div26Overige mutaties enextrapolatie– 75.397– 108.253– 139.654– 166.823– 218.61971.607.427divStand na de 1e suppletoirebegroting 202560.106.05164.244.05766.451.15267.837.81871.286.03273.734.038 Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 23 ToelichtingIn de toelichting wordt de relevante informatie opgenomen. Voorop staatde zelfstandige leesbaarheid voor Kamerleden van begrotingsstukken,zeker waar het omvangrijke en/of anderszins belangrijke begrotingsmu-taties betreft. Bij beleidsmatige intensiveringen met een budgettairemutatie van € 20 miljoen of meer in enig jaar wordt verwezen ofvooruitgewezen naar een stuk met daarin de door de Kamer te ontvangeninformatie conform de werkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1).Bijstellingen op basis van uitvoeringsinformatie en Centraal EconomischPlan (CEP)1. Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW)Op basis van de realisatiegegevens van UWV zijn de verwachte uitgavenaan de NOW naar boven bijgesteld met € 133,7 miljoen. Dit komtvoornamelijk doordat de hoogte van de oninbare vorderingen naar bovenis bijgesteld. Ook verwacht het UWV dat de uitkomsten van bezwaar ofberoep leiden tot hogere definitieve vaststellingen dan eerder verwacht.2. Bijstelling Bijstand en loonkostensubsidie (LKS)De uitgaven aan bijstand en LKS zijn per saldo meerjarig naar benedenbijgesteld. Doordat het CPB een lagere werkloze beroepsbevolkingverwacht in de komende jaren, worden de bijstandsuitgaven in 2026 toten met 2029 naar beneden bijgesteld. Ook is er een forse neerwaartsebijstelling van bijstand en LKS door de volumerealisaties: er zijn in 2024minder bijstands- en LKS-uitkeringen verstrekt dan eerder werd verwacht.Als gevolg van de gerealiseerde prijs in 2024 zijn de bijstands- enLKS-uitgaven naar boven bijgesteld. Omdat het opwaartse effect van deprijsrealisaties kleiner is dan het neerwaartse effect van de volumerali-saties, is de per saldo bijstelling naar beneden.3. Kinderopvangtoeslag (KOT)De uitgaven Kinderopvangtoeslag zijn met name vanaf 2027 meerjarignaar boven bijgesteld. De belangrijkste verklaring voor de tegenvaller isdat het aantal kinderen dat gebruikmaakt van kinderopvang, op basis vannieuwe uitvoeringsinformatie, naar boven is bijgesteld. Verder wordt hetenigszins onregelmatige verloop verklaard doordat de technischeverwerking van de eerste ingroeistap naar het nieuwe kinderopvangstelselnog niet in het juiste kasritme is geplaatst. Dat wordt nu gecorrigeerd.4. Bijstelling Wet op het Kindgebonden Budget (WKB)De uitgaven aan de WKB zijn meerjarig naar beneden bijgesteld. Er issprake van een aflopende meevaller in de eerste jaren doordat DienstToeslagen vanaf 2025 bij het inschatten van inkomens uitgaat van eensterkere inkomensstijging dan de verwachte loonontwikkeling. Hierdoorkomen de voorschotten die ouders tijdens het jaar ontvangen lager uit,wat zorgt voor de incidentele meevaller. In latere jaren leidt dit tot meernabetalingen waardoor de meevaller weer wordt rechtgetrokken. Echterresteert vanaf 2030 een structurele tegenvaller doordat het CPB deinkomensontwikkeling van huishoudens met kinderen in de CEP-ramingstructureel lager inschat dan eerder ten tijde van de cMEV 2024 werdverwacht. Lagere inkomens leiden daarbij tot een hoger recht optoeslagen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 24 5. RijksbijdragenDe geraamde uitgaven aan de rijksbijrage aan het Ouderdomsfonds voorde kosten van heffingskortingen en het vermogenstekort worden naarboven bijgesteld met € 627,8 miljoen op basis van de CEP-raming van hetCPB.6. Overige bijstellingen o.b.v. uitvoeringsinformatie en CEP–Loonkostenvoordelen: op basis van de voorlopige realisaties over 2024is de raming voor 2025 en 2026 naar beneden bijgesteld met respectie-velijk € 12,5 miljoen en € 8,4 miljoen. Er is minder gebruikgemaaktvan het LKV-ouderen. Dit zou verklaard kunnen worden door dewetenschap dat het LKV-ouderen op termijn vervalt en werkgevershierdoor minder geneigd zijn dit aan te vragen of in de veronderstel-ling zijn dat dit reeds vervallen is. Vanaf 2027 is de raming omhoogbijgesteld omdat er wordt verondersteld dat, na afschaffing van hetLKV-ouderen, een deel van deze groep gebruik zal maken van hetLKV-arbeidsgehandicapten.–Wajong: Vanwege een verhoging van het minimumjeugdloon wordende uitgaven aan de Wajong vanaf 2027 naar boven bijgesteld.Daarnaast is er op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV eenneerwaarts effect vanwege een lichte stijging van het aandeelWajongers met arbeidsvermogen. Dit zorgt voor een lagere gemid-delde jaaruitkering van de oude Wajongregelingen.–Tegemoetkomingsregeling stoffengerelateerde beroepsziekten (TSB):De raming van de TSB-uitkeringslasten wordt meerjarig neerwaartsbijgesteld. Dit komt omdat dat de regeling minder snel ingroeit.Nieuwe ziektes worden gefaseerd aan de regeling toegevoegd. Deinvoering van nieuwe ziektes in 2024 heeft vertraging opgelopen. Ditzorgt voor een neerwaartse bijstelling van € 1,5 miljoen in 2025 t/m€ 1 miljoen in 2027. Daarnaast geven realisatiecijfers aanleiding hetgebruik van de regeling in de beginjaren van de TSB neerwaarts bij testellen.–Bijstelling AKW: Op basis van uitvoeringsinformatie van de SVB is deraming van de AKW opwaarts bijgesteld. De uitkeringslasten stijgenten opzichte van de vorige raming, onder meer vanwege een toenamevan het aantal kinderen in de AKW. Bovendien stijgt de gemiddeldeuitkering door een relatief sterkere toename van het aantal ouderekinderen en het aantal gerechtigden dat dubbele kinderbijslagintensieve zorg (DKIZ) ontvangt.Beleidsmatige intensiveringen en ombuigingen7. Lage-inkomensvoordeelOp basis van de voorlopige realisaties zijn de verwachte uitgaven aan hetlage-inkomensvoordeel (LIV) voor 2025 neerwaarts bijgesteld met € 181,5miljoen. Oorzaak is de verlaging van de uurloongrens in 2024 diesamenhangt met de verhoging van het wettelijk minimumloon (WML).Hierdoor zijn er minder werknemers (en dus ook werkgevers) inaanmerking gekomen voor het LIV.8. BanenafspraakDoor het niet halen van de banenafspraak treedt er in 2025 een bespa-ringsverlies op de bijstandsuitkeringen op en wordt het macrobudget met€ 57,6 miljoen naar boven bijgesteld. Omdat de quotumregeling in 2025nog is opgeschort, kan dit besparingsverlies niet gedekt worden doorheffingsopbrengsten van het quotum.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 25 9. Invoering nieuwe financiering kinderopvang per 2029In het hoofdlijnenakkoord (HLA) is afgesproken om per 2027 een nieuwefinanciering van kinderopvang in te voeren. Het betreft een ingrijpendewijziging zowel voor de uitvoering als de kinderopvangorganisaties. Omeen goede overgang te borgen, is besloten meer tijd te nemen voor deimplementatie van en overgang naar de nieuwe financiering. In 2029 gaatde nieuwe financiering in. Het wetgevingstraject voor de nieuwefinanciering gaat onverminderd door om de sector op zo kort mogelijketermijn duidelijkheid te geven. Deze reeks betreft de besparing als gevolgvan het nieuwe invoeringsjaar en wordt ingezet voor het verhogen van devergoedingspercentages in aanloop naar de nieuwe financiering en terdekking van de opgaven op de SZW-begroting.Daarnaast wordt de maatregel uit het hoofdlijnenakkoord om demaximum uurprijzen in 2026 eenmalig niet te indexeren teruggedraaid.Dat betekent dat de maximum uurprijzen in 2026 aangepast worden aande verwachte loon- en prijsontwikkeling. Dit wordt in de begroting van2026 zichtbaar.10. Ingroeipad nieuw kinderopvangstelselMet 2029 als invoeringsjaar van de nieuwe financiering van kinderopvangis een langer en geleidelijker ingroeipad nodig. In 2026, 2027 en 2028wordt de kinderopvangtoeslag stapsgewijs verhoogd. Het doel van ditingroeipad is om de vraag naar kinderopvang geleidelijk te laten stijgenen de sector tijd te geven om het aanbod mee te laten groeien. De reeksbetreft de middelen voor dit ingroeipad.11. Steilere afbouw WKB vanaf een inkomen van 60.000 euroMet deze maatregel wordt een steiler afbouwpercentage geïntroduceerdin de WKB voor inkomens vanaf € 60.000 (prijspeil 2024). Het afbouwper-centage voor inkomens vanaf € 60.000 wordt met 4,3%-punt verhoogd enneemt daardoor toe van 8,5% tot 12,8%. Dit levert een besparing op van€ 300 miljoen structureel. Deze maatregel dient ter dekking van destructurele tegenvaller op de SZW-begroting. Voor deze mutatie ontvangtuw Kamer de onderbouwing conform de werkwijze Beleidskeuzesuitgelegd (CW3.1) voordat over het inhoudelijke beleidsvoorstel in deKamer wordt gestemd.12. Oplossen knelpunt samengestelde gezinnen WKBDeze maatregel betreft een vereenvoudiging van het toeslagpartnerschapdoor het afschaffen van het criterium samengestelde gezinnen per1 januari 2027. De maatregel behelst het afschaffen van de regel datmensen toeslagpartner worden als zij samenwonen met één anderevolwassene en er daarnaast een minderjarig kind van één van beiden ophet adres is ingeschreven. Hierdoor ontstaan nu veel onterechte partner-schappen (o.a. bij mantelzorgers en woningdelers). Deze toeslaggerech-tigden lopen door het toeslagpartnerschap al snel duizenden euro’s aanondersteuning mis in voornamelijk het kindgebonden budget en dezorgtoeslag. Met de maatregel worden ruim 10.000 toeslaggerechtigdendie in deze problematische situatie verkeren geholpen. Voor deze mutatieontvangt uw Kamer de onderbouwing conform de werkwijze Beleids-keuzes uitgelegd (CW3.1) voordat over het inhoudelijke beleidsvoorstel inde Kamer wordt gestemd. De dekking van het oplossen van het knelpuntsamengestelde gezinnen wordt gevonden door het verlagen van devermogensgrenzen in het kindgebonden budget en de zorgtoeslag metTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 26 circa € 28.750 in de periode 2027 t/m 2029 en structureel vanaf 2030 metcirca € 27.250 (prijspeil 2024).13. Actieagenda integratieDeze reeks omvat maatregelen in het kader van de Actieagenda Integratieen Open en Vrije Samenleving (Kamerstukken II 2024/25, 32 824, nr. 448).De maatregelen zijn gericht op het versterken van waarden en normenvan de open en vrije samenleving (pijler 1 van de actieagenda) enmeedoen en aan de slag met taal en werk (pijler 2 van de actieagenda).Onder pijler 2 valt ook een maatregel die wordt genomen in het kader vande taaleis in de bijstand. Bijstandsgerechtigden moeten voldoen aan detaaleis, zoals in de Participatiewet is opgenomen. Gemeenten ontvangenvanaf 2027 meer middelen via het Gemeentefonds zodat zij meerbijstandsgerechtigden een formele taalcursus kunnen aanbieden. Daarbijligt de focus op de nieuwe instroom en bij bestaande bijstandsgerech-tigden die baat kunnen hebben bij een taalaanbod. Beheersing van deNederlandse taal is belangrijk om de stap naar werk te kunnen zetten en iscruciaal voor een goede integratie.14. Duurverkorting WerkloosheidsuitkeringDe maximale duur van de WW-uitkering wordt per 1 januari 2027 verlaagdnaar 18 maanden ter invulling van de afgesproken bezuiniging uit hetHoofdlijnenakkoord. De mutatie in tabel 3 betreft de doorwerking van deduurverkorting op onder andere de Participatiewet, IOW en Toeslagenwet.Zie tabel 5 voor het effect op de WW en de WGA. Voor deze mutatieontvangt uw Kamer de onderbouwing conform de werkwijze Beleids-keuzes uitgelegd (CW 3.1) voordat over het inhoudelijke beleidsvoorstel inde Kamer wordt gestemd.15. Intensiveringen en ombuigingen Nog onverdeeldOp het Artikel 99 Nog onverdeeld staan diverse nog niet verdeeldereserveringen. Er vinden diverse mutaties plaats:–Er wordt een structurele reservering getroffen van € 197 miljoen voorde opvolging van de aanbevelingen van de Onafhankelijke CommissieToekomst Arbeidsongeschiktheidsstelsel (OCTAS). Deze reserveringbouwt in 50 jaar geleidelijk op naar het structurele bedrag.–Vanaf 2028 wordt er structureel € 36 miljoen per jaar gereserveerdvoor het UWV zodat het financieringstekort bij het sociaal-medischbeoordelen kan worden opgevangen en taakdelegatie kan wordenuitgebreid.–In 2029–2038 wordt jaarlijks € 24 miljoen gereserveerd voor maatrege-len die de toegankelijkheid van kinderopvang borgen en zorgen vooreen soepele transitie naar het nieuwe financieringsstelsel. Met dezereservering kunnen op een later moment mitigerende maatregelenworden uitgewerkt.–De middelen die vrijvallen door het uitstel van het wetsvoorstelParticipatiewet in balans worden gereserveerd op artikel 99 voor deimplementatiekosten van dit wetsvoorstel. Dit gaat om € 23,9 miljoenin 2025. Voor deze mutatie heeft uw Kamer de onderbouwing conformde werkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1) ontvangen in Kamer-stukken 2023–2024, 36 852, nr. 2.–De reservering die is gemaakt voor het aanpakken van problematischeschulden naar aanleiding van het IBO over dit onderwerp komt vanaf2029 (€ 99,3 miljoen in 2029) te vervallen.–De middelen om netto in plaats van bruto terug te vorderen mogelijkte maken vervallen vanaf 2029 (€ 31 miljoen per jaar vanaf 2029).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 27 –Een mogelijke tegemoetkoming voor arbeidsongeschikte zzp’ers dieeen inkomenshiaat hebben tussen het einde van hun private AOV op65 jaar en de AOW-leeftijd, wordt niet doorgezet. Bij de uitwerking vande regeling is gebleken dat er geen objectief criterium bestaat omarbeidsongeschikte zzp’ers gunstiger te behandelen dan anderegroepen die ook in de (inmiddels beëindigde) Tijdelijke Overbruggings-uitkering (OBR) zaten. Deze groep kan daardoor niet met een eenma-lige passende regeling tegemoetgekomen worden zonder precedent-werking. De reservering van middelen voor een mogelijketegemoetkoming vervalt.–Er zijn nog diverse kleinere mutaties, zie voor een verdere toelichting4.2 Nog onverdeeld.Voor de eerste twee mutaties ontvangt uw Kamer de onderbouwingconform de werkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1) voordat over hetinhoudelijke beleidsvoorstel in de Kamer wordt gestemd.16. Overige intensiveringen en ombuigingenEr zijn diverse kleinere intensiveringen en ombuigingen waaronder op deBijstand, Participatiewet en Toeslagenwet. Er zijn intensiveringen voor dereservering voor de energietoelage Caribisch Nederland en de start vanplateau 1 van het project «Stroomlijning Keten voor Derdenbeslag». Er iseen ombuiging in 2025 door de vrijval die optreedt door het uitstel van deinwerkingtreding van het wetsvoorstel Participatiewet in Balans. Demiddelen die vrijvallen worden ingezet voor de implementatiekosten vanhet wetsvoorstel.Taakstellingen apparaat hoofdlijnenakkoord en OCW – amendementBontenbal17. Invulling Taakstelling HLA bij ZBO’sEen van de maatregelen in het hoofdlijnenakkoord (HLA) is een bezui-niging bij de rijksoverheid op het apparaat van in totaal € 1 miljard. Detaakstelling start in 2025 voor SZW met € 23 miljoen en bouwt t/m 2029op tot het uiteindelijk te bereiken bedrag van € 99 miljoen. Dezetaakstelling is reeds ingeboekt in de Begroting 2025.SZW heeft de invulling van de taakstelling gesplitst in 2025 en 2026 enverder. Voor 2025 is een grotendeels financiële invulling gevonden metrelatief snel te realiseren maatregelen. Voor 2026 en volgende jaren gaathet om inhoudelijke afwegingen.Afgesproken is dat de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA), UWV en SVBeen bijdrage leveren aan de taakstelling van de 0,5% per jaar waarmee hetCPB rekent, oplopend naar 2% in 2029 en structureel. Dit komt neer op € 4miljoen voor NLA, € 49 miljoen voor UWV en € 7 miljoen voor SVB.De resterende taakstelling voor het kerndepartement SZW bouwt hiermeeop tot € 39 miljoen in 2029 en structureel. Dit komt neer op eenpercentage van circa 14% van het apparaatsbudget in 2029. Er zijn diverseplannen ontwikkeld voor de invulling van dit deel van de taakstelling. Ditvoorgenomen besluit ligt voor advies bij de Ondernemingsraad.Deze mutatie geeft de totale invulling van de taakstelling HLA bij deuitvoeringskosten ZBO’s. Deze valt uiteen in een begrotingsgefinancierddeel en een premiegefinancierd deel (tabel 5, mutatie 14).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 28 18. Invulling Taakstelling OCW bij ZBO’sHet amendement Bontenbal c.s. voorziet in het terugdraaien of verlagenvan verschillende onderwijsbezuinigingen uit het hoofdlijnenakkoord.Dekking voor amendement Bontenbal c.s. is verspreid over meerderedepartementen. Hiervan komt € 34,4 miljoen bij SZW terecht bovenop detaakstelling apparaat uit het hoofdlijnenakkoord (zie tekst hierboven). Dezetaakstelling is ingeboekt als amendement op de Begroting 2025.Dit bedrag is relatief hoog omdat de SZW-uitvoeringsorganisaties zijnmeegenomen in de grondslag. Voor de invulling van deze taakstellingwordt de door de Kamer gebruikte grondslag overgenomen. Dit leidtzowel voor het UWV (€ 26,6 miljoen) als de SVB (€ 3,9 miljoen) tot eenneerwaartse bijstelling van het budget voor uitvoeringskosten.Het overige deel (€ 3,9 miljoen) komt terecht bij het kerndepartement ende NLA. Dekking voor dit bedrag wordt gevonden in de loon- en prijsbij-stelling in 2025 en voor de jaren na 2025 in de centrale reserve voorapparaatsuitgaven (die hiermee wordt afgebouwd waardoor er geenmiddelen meer zijn om onverwachte zaken gedurende het jaar op tevangen).Deze mutatie geeft de totale invulling van de Taakstelling OCW bij deuitvoeringskosten ZBO’s. Deze valt uiteen in een begrotingsgefinancierddeel en een premiegefinancierd deel (tabel 5, mutatie 15).Overige mutaties19. Toedeling prijs- en loonbijstelling 2025Aan de begroting van SZW wordt een reeks toegevoegd ter compensatievan de loon- en prijsontwikkeling van 2025.20. Overboekingen van Aanvullende postBetreft diverse overhevelingen vanaf de aanvullende post naar deSZW-begroting, waaronder:–De overboeking van de middelen uit de envelop Groepen in de knel.Deze middelen worden onder meer ingezet voor:•Het verbeteren van de werking van loonkostensubsidie bij BeschutWerk (€ 34,3 miljoen in 2025). Het voornemen is om een forfaitaireLKS in te voeren. Hierdoor worden de loonwaardemetingen bijBeschut Werk afgeschaft. Deze loonwaardemetingen bij BeschutWerk vormden een bekend knelpunt omdat de aard van de takenniet geschikt is voor dergelijke metingen. Bovendien zorgt deaanpassing voor versimpeling in de uitvoering bij Beschut Werk enkrijgen werknemers niet meer te maken met het jaarlijkse belas-tende traject van de loonwaardemeting. Hiervoor ontvangt uwKamer voor het zomerreces de onderbouwing conform dewerkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1) als bijlage bij devoortgangsbrief over de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrij-ven.•Een verhoging van gemiddeld 20% van het minimumjeugdloon van16–20-jarigen per 1 januari 2027. Het minimumjeugdloon wordtverhoogd naar een oplopende staffel van 40% van het volwassen-minimumloon voor 16-jarigen tot 100% voor 21-jarigen. Hiermeewordt de toereikendheid van het minimumjeugdloon voorvoltijdswerkende jongeren verbeterd. Voor deze mutatie ontvangtuw Kamer de onderbouwing conform de werkwijze Beleidskeuzesuitgelegd (CW3.1) voordat over het beleidsvoorstel wordt gestemd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 29 •Het structureel maken van de Individuele Plaatsing en Steun (IPS)regeling voor de gemeentelijke doelgroep. Hiermee krijgen mensenuit de gemeentelijke doelgroep met een psychische aandoeningstructureel dezelfde ondersteuning bij re-integratie naar betaaldwerk als de doelgroep van UWV.•De ontwikkeling van arbeidsvermogen voor de groep afgewezenWajongeren. Het huidige instrumentarium voor gemeenten is vaakniet passend voor deze groep, waardoor zij een risico lopen oplevenslange uitkeringsafhankelijkheid van een bijstandsuitkering ofuiteindelijk alsnog de Wajong. Gemeenten ontvangen hiermeemiddelen voor jeugdbegeleiders en -coaches en voor het opzettenvan arbeidsontwikkelplekken voor deze doelgroep.–De overboeking van middelen uit de envelop Arbeidsmarkt, armoedeen schulden. Deze middelen worden onder meer ingezet voor deimplementiekosten van Participatiewet in balans (€ 8,1 miljoen in2025) en voor de uitvoering door de Belastingdienst van het opheffenvan het handhavingsmoratorium rond arbeidsrelaties (€ 8 miljoen in2025). Sinds 1 januari 2025 is de Belastingdienst namelijk weerbegonnen met handhaven op schijnzelfstandigheid.21. Overboekingen met andere begrotingshoofdstukkenEr zijn in totaal 80 overboekingen met andere departementen. De grootstevier zijn overboekingen naar het gemeentefonds: Voor het impulsbudgetsociale infrastructuur (€ 35,0 miljoen in 2025), Arbeidsmarktregio’s (€ 35,2miljoen in 2025), rijksbijdrage sociale infrastructuur (€ 19,8 miljoen in2025), en IBO problematische schulden (€ 18,7 miljoen in 2025).22. Diverse kasschuivenEr zijn diverse kasschuiven waarvan de grootste voor MDIEU en hetingroeipad naar het financieringsstelsel kinderopvang.–Voor de MDIEU wordt een deel van het kasbudget van 2025 naar 2028geschoven. De bedragen zijn gebaseerd op de verwachte uitgaven aanverleende MDIEU-subsidieprojecten. Resterend budget is beschikbaarvoor duurzame inzetbaarheid.–Op de SZW-begroting zijn middelen gereserveerd om de vergoedingvoor kinderopvang in de aanloop naar invoering van het nieuwe stelselte verhogen. In 2025 is reeds een eerste stap gezet. In 2026 is budgetgereserveerd voor een tweede stap. Het verhogen van de vergoedings-percentages werkt vanwege gedragsreacties meerjarig door op deKOT-uitgaven. Specifiek leidt de hogere vergoeding in 2026 naarverwachting ook tot een hoger gebruik in 2027 en 2028. Met dezekasschuif worden de middelen voor het verhogen van de vergoedings-percentages in 2026 in het juiste kasritme gezet.23. Kasschuif Groepen in de knelEr is een kasschuif voor Groepen in de knel om de middelen in eenrealistisch kasritme te plaatsen.24. Uitgekeerde Eindejaarsmarge 2024Voor diverse onderdelen is de uitputting van het budget vertraagd tot2025. De grootste posten hiervan (groter dan € 1 miljoen) zijn:–NGF Skills: Over budgetten van groeifondsprojecten is de afspraak metde fondsbeheerder dat deze bij onderuitputting niet vrijvallen maardoorgeschoven worden als eindejaarsmarge.–SLIM: Voor SLIM zijn vorig jaar verplichtingen aangegaan waarvoor dekasbetaling in 2025 plaatsvindt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 210 –ESF-audit: Diverse kosten van auditwerkzaamheden en certificerings-werkzaamheden voor het Europees Sociaal Fonds (ESF) in 2024worden pas in 2025 betaald.25. DesalderingenVanwege de eindafrekening van het re-integratiebudget UWV 2024 zijn erterugontvangsten. UWV ontvangt middelen vanuit het Europees SociaalFonds (ESF) voor re-integratiedienstverlening. Deze middelen zijnmeegenomen in de eindafrekening 2024 en zorgen voor een terugont-vangst in 2025. Met een desaldering verhogen we gelijktijdig deniet-belastingontvangsten en uitgaven, waarmee de middelenbeschikbaar komen voor de SZW-begroting.26. Overige mutaties en extrapolatieEr zijn diverse kleinere mutaties.Tabel 4 Belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2025 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)Vastgestelde begroting 2025 incl NvW,amendementen en ISB’s2.501.5332.498.3572.465.8912.373.8672.304.405alleNr.Belangrijkste suppletoire mutaties:Bijstellingen o.b.v. uitvoeringsinformatie enCEP1Bijstelling boete-ontvangsten– 900– 900– 900– 900– 900– 90012Terugontvangtsen TOZO8.013– 1.100– 1.000– 3000023Terugontvangsten TW1.5360000024Terugontvangsten IOW2.4580000025Terugontvangsten TSB2.6390000066Uitvoeringsmutaties KOT15.60225.74323.18613.3892.535– 4.09477Ontvangsten WKB– 29.932– 20.184– 16.595– 20.021– 20.898– 20.598108Overige bijstellingen o.b.v. uitvoerings-informatie en CEP3.95141– 148– 266– 354– 417divBeleidsmatige intensiveringen en ombuigin-gen9Intensiveringen KOT0– 4.450– 4.650– 4.200– 1.200– 1.150710Invoering nieuwe financiering kinderop-vang per 20290– 50045.400158.900212.600143.800711Intensiveringen WKB0– 4.450– 4.450– 4.350– 4.250– 4.15010Overige mutaties12Diverse kasschuiven04.2009.9008.8004.2001.500div13Desalderingen19.65000000414Extrapolatie000002.276.511Stand na de 1e suppletoire begroting20242.524.5502.496.7572.516.6342.524.9192.496.1382.390.502 Bijstellingen op basis van uitvoeringsinformatie en CEP1. Bijstelling boete-ontvangstenOp basis van de realisatiecijfers vallen de boeteontvangsten lager uit danverwacht. Hoewel de boeteontvangsten naar verwachting in 2025 zullentoenemen, vallen de ontvangsten meerjarig lager uit dan ten tijde van debegroting werd aangenomen.2. Terugontvangsten TOZODe raming van de ontvangsten voor de Tijdelijke overbruggingsregelingzelfstandig ondernemers (Tozo) voor 2025 is bijgesteld op basis vanuitvoeringsinformatie. Gemeenten betalen in 2025 € 8,0 miljoen meerterug aan het Rijk dan eerder werd verwacht.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 211 3. Terugontvangsten Toeslagenwet (TW)Op basis van voorlopige realisaties van UWV blijkt dat het voorschot voorde TW-uitgaven hoger was dan de voorlopige realisaties laten zien. In2025 wordt daarom een terugontvangst verwacht.4. Terugontvangsten Inkomensvoorziening Oudere Werklozen(IOW)Op basis van voorlopige realisaties van UWV blijkt dat het voorschot voorde IOW-uitgaven hoger was dan de voorlopige realisaties laten zien. In2025 wordt daarom een terugontvangst verwacht.5. Terugontvangsten Tegemoetkoming StoffengerelateerdeBeroepsziekten (TSB)Op basis van voorlopige realisaties blijkt dat het voorschot voor deTSB-uitgaven aan SVB hoger was dan de voorlopige realisaties laten zien.In 2025 wordt daarom een terugontvangst van SVB verwacht.6. Uitvoeringsmutaties KOTDe ontvangsten Kinderopvangtoeslag zijn naar boven bijgesteld. Dit houdtmet name verband met de hogere uitgaven als gevolg van het gestegengebruik van kinderopvang. Als gevolg van het grondslageffect komen ookde ontvangsten hoger uit.7. Ontvangsten WKBDe WKB-ontvangsten zijn meerjarig naar beneden bijgesteld. Dit houdtmet name verband met de lagere voorschotten gedurende het jaar (dit istoegelicht bij de mutatie op de uitgaven). Als gevolg daarvan zijn er, naastmeer nabetalingen, ook minder terugvorderingen. Daardoor komen ookde ontvangsten lager uit.8. Overige bijstellingen o.b.v. uitvoeringsinformatie en CEPEr zijn diverse kleinere ontvangstenbijstellingen waaronder de terugont-vangsten Surinaamse ouderen. De realisatie over 2024 blijkt € 2,1 miljoenlager te zijn dan verwacht. Deze mutatie betreft een terugontvangst van deSVB. Ook wordt er een terugontvangst van DUO van € 1,6 miljoenverwacht.Beleidsmatige intensiveringen en ombuigingen9. Intensiveringen KOTPer 1 januari 2026 wordt de belastingrente in de toeslagen (waaronder deKOT) geheel afgeschaft en de invorderingsrente in de toeslagen op 4%bevroren. Burgers hebben in de praktijk slechts zeer beperkt invloed opmoment waarop de uitvoerder het recht definitief heeft vastgesteld. Datmaakt dat de belastingrente niet voldoende doeltreffend en doelmatiguitpakt. Het afschaffen van de belastingrente leidt per saldo tot eenbudgettaire opbrengst van cumulatief circa € 2 miljoen per jaar omdat ermeer nabetalingen zijn dan terugvorderingen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 212 10. Invoering nieuwe financiering kinderopvang per 2029Vanwege de invoering van het nieuwe kinderopvangstel per 2029 (zieonder uitgaven), zijn er over de toeslagjaren 2027 en 2028 onder anderemeer terugvorderingen (er zijn ook meer nabetalingen). Als gevolgdaarvan komen ook de ontvangsten hoger uit, met name in 2028 tot enmet 2030.11. Intensiveringen WKBPer 1 januari 2026 wordt de belastingrente in de toeslagen (waaronder deWKB) geheel afgeschaft en de invorderingsrente in de toeslagen op 4%bevroren. Burgers hebben in de praktijk slechts zeer beperkt invloed opmoment waarop de uitvoerder het recht definitief heeft vastgesteld. Datmaakt dat de belastingrente niet voldoende doeltreffend en doelmatiguitpakt. Het afschaffen van de belastingrente leidt per saldo tot eenbudgettaire opbrengst van cumulatief circa € 2 miljoen per jaar omdat ermeer nabetalingen zijn dan terugvorderingen.Overige mutaties12. Diverse kasschuivenOp de SZW-begroting zijn middelen gereserveerd om de vergoeding voorkinderopvang in de aanloop naar invoering van het nieuwe stelsel teverhogen. In 2025 is reeds een eerste stap gezet. In 2026 is budgetgereserveerd voor een tweede stap. Het verhogen van de vergoedingsper-centages heeft vanwege vertraagde gedragsreacties een meerjarigedoorwerking op de KOT-uitgaven in de SZW-begroting. Een hogervergoedingspercentage in 2026 leidt naar verwachting ook tot een hogergebruik in 2027 en 2028. Deze meerkosten worden middels een kasschuifgedekt uit de beschikbare middelen die in de SZW-begroting voor 2026staan gereserveerd.13. DesalderingenVanwege de eindafrekening van het re-integratiebudget UWV 2024 zijn erterugontvangsten. UWV ontvangt middelen vanuit het Europees SociaalFonds (ESF) voor re-integratiedienstverlening. Deze middelen zijnmeegenomen in de eindafrekening 2024 en zorgen voor een terugont-vangst in 2025. Met een desaldering verhogen we gelijktijdig deniet-belastingontvangsten en uitgaven, waarmee de middelen weerbeschikbaar komen voor de SZW-begroting.Tabel 5 Belangrijkste suppletoire premiegefinancierde uitgavenmutaties 2025 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)uitgaven2025uitgaven2026uitgaven2027uitgaven2028uitgaven 2029uitgaven 2030artikelnrVastgestelde begrotingpremiegefinancierd 202583.107.66088.106.21692.565.25697.348.163102.772.039alleNr.Belangrijkste suppletoiremutaties:Bijstellingen o.b.v. uitvoerings-informatie en CEP1Compensatieregelingtransitievergoeding – LAO23.67030.47013.37017.21621.18725.28812Werkloosheidswet (WW)– 197.741– 295.213– 383.229– 406.076– 325.828– 247.23453Verlofregelingen45.56346.54451.45558.04763.42168.97164Ziektewet (ZW)99.18079.07396.209119.702137.351140.66865Algemene Ouderdomswet(AOW)– 11.752– 34.069– 55.882– 72.255– 82.082– 82.92086Uitvoeringskosten UWVen SVB13.36279.53358.16334.63047.32447.40811Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 213 uitgaven2025uitgaven2026uitgaven2027uitgaven2028uitgaven 2029uitgaven 2030artikelnr7Wet werk en inkomen naararbeidsvermogen (WIA)319.416463.971488.955396.561401.505300.719div8Overige bijstellingen o.b.v.uitvoeringsinformatie enCEP– 4.136867– 4.329– 10.903– 12.0620divBeleidsmatige intensiveringenen ombuigingen9Duurverkorting Werkloos-heidsuitkering05.000200.00066.630– 308.454– 323.672510UitvoeringskostenSVB/UWV29.80033.60035.7000001111Wet werk en inkomen naararbeidsvermogen (WIA)– 31.985166.677211.746196.536214.274224.048div12Overige intensiveringenen ombuigingen57.529– 116.157– 136.81739.954341.887– 5.742divOverige mutaties13Bijstelling nominaal130.192233.643398.740302.302153.927– 209.134div14Taakstelling HLA0– 10.780– 21.821– 33.267– 44.658– 45.1631115Taakstelling OCW– 23.996– 24.489– 24.567– 24.567– 24.567– 24.5671116Overboekingen naarandere departementen– 6.426000001117Overboekingen naarBegrotingshoofdstuk 152.5075.0647.85010.85513.39115.731div18Overboekingen van deAanvullende post16.99515.16311.1083.00000div19Diverse kasschuiven– 15.442– 1.2588.7001.0004.0003.000div20Overige mutaties enextrapolatie– 51.087116.730134.299– 54.925– 378.378108.270.411divStand na de 1e supple-toire begroting 202583.503.30988.900.58593.654.90697.992.603102.994.277108.157.812 Bijstellingen op basis van uitvoeringsinformatie en CEP1. Compensatieregeling transitievergoeding – LAOOp basis van uitvoeringsinformatie van UWV is de raming van decompensatieregeling transitievergoeding voor langdurige arbeidsonge-schiktheid per saldo opwaarts bijgesteld, wat resulteert in een tegenvaller.Dit wordt veroorzaakt door een hogere gemiddelde uitkering. Daarnaastverwachten we vanaf 2027 meer uitbetalingen door een toename in hetaantal langdurig arbeidsongeschikten, vanwege een hogere instroom inde WIA (Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen). In 2025 en 2026verwachten we juist een iets lager aantal uitbetalingen. Het prijseffect isgroter, waardoor er ook in deze jaren sprake is van een per saldotegenvaller.2. Kadercorrecties Werkloosheidswet (WW)Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV is de raming van deWerkloosheidswet (WW) naar beneden bijgesteld. De uitgaven zijn alsgevolg van bijstelling van het WW-volume naar beneden bijgesteld. In derealisaties van 2024 was de instroom namelijk lager dan verwacht, en ishet aandeel ouderen van de WW-instroom gedaald. Daarnaast wordt ervanaf 2025 een hogere uitstroom geraamd.3. Uitvoeringsmutaties verlofregelingen–Wet arbeid en zorg (WAZO): De raming voor de WAZO wordt meerjarigopwaarts bijgesteld. Op basis van nieuwe uitvoeringsinformatie issprake van een hoger aantal uitkeringen en een hogere gemiddeldeuitkering.–Zelfstandige en Zwanger-regeling (ZEZ): Op basis van uitvoeringsinfor-matie van het UWV is de raming van de ZEZ bijgesteld. Dit resulteert inTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 214 een neerwaartse bijstelling van de ZEZ-uitgaven ten opzichte van destand Begroting 2025. De bijstelling komt met name doordat degemiddelde uitkering lager uitviel dan vooraf geraamd.–Wet Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG): De raming voor de WAZOaanvullend geboorteverlof partners wordt meerjarig naar bovenbijgesteld. De bijstelling wordt vooral verklaard door een hoger aantaluitkeringen. Er is daarnaast een relatief beperkte neerwaartsebijstelling door een lagere gemiddelde uitkering. Per saldo is sprakevan een opwaartse bijstelling.–Wet Betaald Ouderschapsverlof (WBO): De raming voor de WBO wordtmeerjarig naar boven bijgesteld. Het volume wordt opwaarts bijge-steld vanwege het hogere aantal aanvragen en de toegenomen duurvan de gemiddelde uitkering. Anderzijds valt de gemiddelde uitkeringlager uit. Per saldo is sprake van een opwaartse bijstelling.4. Uitvoeringsmutaties ZiektewetOp basis van uitvoeringsinformatie van het UWV is de raming van de ZWbijgesteld. Dit resulteert in een opwaartse bijstelling van de ZW-uitgaventen opzichte van de stand Begroting 2025. Dit is voornamelijk te wijtenaan een toename van het ZW-volume, dat voor alle doelgroepen groeit,maar vooral bij eindedienstverbanders (EDV) en ziekte door zwangerschap(ZBZ).5. Uitvoeringsmutaties oudedagsvoorziening–De raming van de AOW-uitkeringslasten wordt meerjarig neerwaartsbijgesteld: € 11,8 miljoen in 2025 oplopend tot € 82,9 miljoen in 2030.Dit wordt verklaard door een neerwaartse bijstelling van het aantalpersonen met een AOW-uitkering. Het CBS verwacht namelijk dat hetaantal personen met een AOW-gerechtigde leeftijd de komende jarenzal blijven groeien, maar minder hard dan vorig jaar werd geraamd.Daarnaast wordt ook het gemiddelde opbouwpercentage voor degroep die een gekorte AOW ontvangt, neerwaarts bijgesteld. Tegen-over de neerwaartse bijstelling door het aantal gerechtigden en hetopbouwpercentage, staat een opwaartse bijstelling door een groteraandeel alleenstaanden AOW-gerechtigden. Dit volgt uit de nieuweCBS-huishoudensprognose.6. Uitvoeringsmutaties UWV en SVBOp basis van de uitvoeringsinformatie van UWV en de SVB zijn deuitvoeringskosten naar boven bijgesteld. Dit komt onder andere doordatde raming van de WIA naar boven is bijgesteld op basis van de uitvoe-ringsinformatie van UWV. Daanaast bevat deze reeks de uitvoeringskostenvoor de herstelactie WIA-dagloon. Dit leidt incidenteel tot tegenvallendeuitvoeringskosten bij UWV.7. Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA)–Uit de realisaties van 2024 blijkt dat er meer mensen een nieuweWIA-uitkering hebben gekregen dan eerder verwacht. Deze hogereinstroom wordt voornamelijk verklaard door long-covid en psychischeaandoeningen. Dit geldt zowel voor de IVA (InkomensvoorzieningVolledig Arbeidsongeschikten) als WGA (Werkhervatting GedeeltelijkArbeidsgeschikten, inclusief eigenrisicodragers). Door dit mee tenemen in de raming van de toekomstige uitgaven stijgen deze naarverwachting ten opzichte van de vorige meerjareninschatting.–UWV heeft in de periode 2020 – 2024 fouten gemaakt bij de vaststellingvan het dagloon van WIA-uitkeringen. Deze fouten worden deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 215 komende jaren hersteld, wat extra WIA-uitgaven tot gevolg heeft. Ditwordt verder toegelicht in hoofdstuk 3.3.8. Overige bijstellingen o.b.v. uitvoeringsinformatie en CEPEr zijn diverse kleinere mutaties, waarvan de grootste de bijstelling is vande Algemene Nabestaandenwet (ANW). De uitvoeringsinformatie van SVBgeeft aanleding de Anw-lasten meerjarig neerwaats bij te stellen. Devoornaamste verklaring hiervoor is de bijstelling van het aantal personenmet een Anw-uitkering. Er zijn minder Anw-gerechtigden ingestroomddan verwacht. Ook is de verwachting van de Anw-uitkeringen die metterugwerkende kracht worden betaald naar beneden bijgesteld. Tot slotkan de neerwaartse bijstelling worden verklaard door een lageregemiddelde prijs. De Anw-tegemoetkoming volgt de trend van de Anw.Dit leidt tot een neerwaartse bijstelling van € 7,1 miljoen in 2025 dieoploopt tot € 13,1 miljoen in 2030.Beleidsmatige intensiveringen en ombuigingen9. Duurverkorting WerkloosheidsuitkeringIn het hoofdlijnenakkoord is vanaf 2027 een bezuinigingsopgave op deWW van € 200 miljoen per jaar opgenomen. Hier wordt invullingaangegeven met een duurverkorting naar 18 maanden. In deze begrotingis de besparingsopgave van het hoofdlijnenakkoord vervangen door debudgettaire effecten behorende bij een duurverkorting naar 18 maanden.De budgettaire effecten worden nader toegelicht in onder andere artikel 5Werkloosheid. De mutatie in tabel 5 betreft de besparing op de WW,uitvoeringskosten van UWV en de besparing op WGA-uitgaven. Voor dezemutatie ontvangt uw Kamer de onderbouwing conform de werkwijzeBeleidskeuzes uitgelegd (CW 3.1) voordat over het inhoudelijke beleids-voorstel in de Kamer wordt gestemd.10. Uitvoeringskosten UWV en SVBEr zijn diverse mutaties betreffende de uitvoeringskosten van het UWV ende SVB. De grootste mutatie betreft aanvullende financiering voor hetUWV voor aanvullende capaciteit bij het sociaal-medisch beoordelen. Devraag naar sociaal-medische beoordelingen is al tijden groter dan hetaantal beoordelingen dat UWV kan verrichten. Hierdoor lopen dewachttijden op en komt de dienstverlening van UWV onder druk te staan.Daarom is structurele aanvullende financiering voor het UWV nodig, zodattaakdelegatie bij sociaal-medische centra kan worden uitgebreid.11. Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA)–Als gevolg van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB)op 30 juli 2024 verhoogt UWV het dagloon en daarmee de uitkeringvan alle WIA-uitkeringsgerechtigden met een loonloos tijdvak,ongeacht de reden hiervan. Dit leidt tot extra WIA-uitkeringslasten,minder TW-aanvulling en incidentele uitvoeringskosten. Dit wordtverder toegelicht in hoofdstuk 3.3.–Op het gebied van de WIA worden daarnaast verschillende maatrege-len genomen, onder andere op het gebied van sociaal-medischbeoordelen. Zo wordt de vereenvoudigde beoordeling voor60-plussers vanaf 1 september 2025 ingevoerd voor een periode van 2jaar, om de mismatchproblematiek te verkleinen. Daarnaast wordt hetkwijtscheldingsbeleid van WIA-voorschotten structureel en binnenwet-telijk gemaakt, zodat het beleid voorspelbaar wordt voor langdurigTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 216 zieke werknemers. Voor beide maatregelen ontvangt uw Kamer eenonderbouwing conform de werkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1).12. Overige intensiveringen en ombuigingenEr zijn diverse kleinere mutaties.Overige mutaties13. Bijstelling nominaalDit betreft de nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaandemutaties van de uitgaven (grondslag) en als gevolg van aanpassing vande indexatiepercentages van lonen en prijzen op basis van de laatstemacro-economische raming van het CPB (CEP).14. Taakstelling HLAEén van de maatregelen in het hoofdlijnenakkoord (HLA) is een bezui-niging bij de rijksoverheid op het apparaat van in totaal € 1 miljard. Eendeel hiervan wordt ingevuld met een bijdrage van UWV en SVB,waaronder de premiegefinancierde uitvoeringskosten (zie de toelichtingbij tabel 3, mutatie 17).15. Taakstelling OCW – amendement BontenbalHet amendement Bontenbal c.s. voorziet in het terugdraaien of verlagenvan verschillende onderwijsbezuinigingen uit het hoofdlijnenakkoord.Dekking voor amendement Bontenbal c.s. is verspreid over meerderedepartementen. Een deel hiervan wordt ingevuld bij UWV en SVB,waaronder een korting op de premiegefinancierde uitvoeringskosten (ziede toelichting bij tabel 3, mutatie 18).16. Overboekingen naar andere departementenEr is een interdepartementale overboeking naar BZK voor de bijdrage aanextra gebruikerskosten van het BPR (Basisregistratie Persoonsgegevens).17. Overboekingen naar Begrotingshoofdstuk 15Betreft een budgetneutrale schuif tussen het premie- en begrotingsgefi-nancierde budget voor de uitvoeringskosten van UWV. Dit is een gevolgvan de jaarlijkse prijsherijking van de uitvoeringskosten.18. Overboekingen van de Aanvullende postVoor het arbeidsmarktpakket ten behoeve van het verbeteren vanre-integratiedienstverlening is in de periode 2025–2028 jaarlijks € 20miljoen beschikbaar op de Aanvullende Post bij het Ministerie vanFinanciën. Via deze mutatie wordt een deel van de middelen naar de SZWbegroting geboekt. Deze middelen worden ingezet voor dere-integratiedienstverlening van het het UWV aan WW-gerechtigden meteen kwetsbare arbeidsmarktpositie. Daarnaast wordt een deel ingezetvoor pilots ter verbetering van de dienstverlening van vangnetters (ziekewerknemers die uit dienst gaan, zieke uitzendkrachten of zieke WW’ers).19. Diverse KasschuivenEr zijn diverse kleinere mutaties.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 217 20. Overige mutaties en extrapolatieEr zijn diverse kleinere mutaties.Tabel 6 Belangrijkste suppletoire premiegefinancierde ontvangstenmutaties 2025 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x€ 1.000)ontvangsten2025ontvangsten2026ontvangsten2027ontvangsten2028ontvangsten2029ontvangsten2030artikelnrVastgestelde begroting premiege-financierd 2025245.359281.534305.685336.827349.087alleNr.Belangrijkste suppletoiremutaties:1Bijstelling UFO-ontvangsten12.4476.898– 4.1736.38711.96632552Bijstelling UFO-ontvangstennominaal7561.8977522.3102.856– 77753Overige mutaties enextrapolatie0000363.68154Stand na de 1e suppletoirebegroting 2025258.562290.329302.264345.524363.909363.229 1. Bijstelling UFO-ontvangstenOp basis van voorlopige realisaties van UWV wordt het verhaal vanWW-lasten bij overheidswerkgevers (UFO-ontvangsten) meerjarigbijgesteld. De UFO-ontvangsten vallen hoger uit dan eerder verwacht, watleidt tot een meevaller op de WW-uitgaven.2. Bijstelling UFO-ontvangsten nominaalDit betreft de doorwerking van CEP op de nominale ontwikkeling van deUfo-ontvangsten.3. Overige mutaties en extrapolatieDis is de extrapolatie van de ontvangsten in 2030.3. Beleidsartikelen 3.1. Artikel 1 Arbeidsmarkt Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 1 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen585.9950585.995210.382796.377– 2.4397.21716.19813.494326.206Uitgaven819.3780819.378– 119.977699.401– 14.83716.82266.12017.019326.8941.0Arbeidsmarkt819.3780819.378– 119.977699.401– 14.83716.82266.12017.019326.894Inkomensoverdrachten452.6840452.684– 194.006258.678– 9.4269.3099.8909.919215.036Lage-inkomensvoordeel313.4860313.486– 181.526131.96000000Loonkostenvoordelen139.1980139.198– 12.480126.718– 9.4269.3099.8909.919215.036Subsidies (regelingen)313.1310313.13157.460370.591– 21.753– 2.53651.7642.97554.492Overige subsidies algemeen11.104011.104– 4.7606.344– 786– 799– 550– 5503.390Duurzame inzetbaarheid en levenlang ontwikkelen9.74309.743– 6.0603.683303.38001.90011.344Stimuleringregeling LLO in MKB116.0140116.014– 25.52190.493– 19.475– 3.55111.8251.62539.758Tijdelijke NoodmaatregelOverbrugging Werkgelegenheid000133.742133.74200000Maatwerkregeling DuurzameInzetbaarheid en Eerder Uittreden171.3890171.389– 40.000131.389– 1.522– 1.56640.48900Subsidie meer uren werkt4.88104.881594.94000000Opdrachten47.878047.87816.56964.44716.80310.5104.9274.58647.684Opdrachten47.878047.87816.56964.44716.80310.5104.9274.58647.684Bekostiging100010001000000100Bekostiging100010001000000100Bijdrage aan (andere) begrotings-hoofdstukken18101810181– 220– 220– 220– 2204.660Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 218 Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Ministerie van VWS560560560000706Ministerie van EZ en LVVN12501250125– 220– 220– 220– 2203.954Bijdrage aan agentschappen5.40405.40405.404– 241– 241– 241– 2414.922Agentschap RIVM5.21205.21205.212– 241– 241– 241– 2414.730Agentschap CJIB192019201920000192Ontvangsten18.580018.580– 90017.680– 900– 900– 900– 90017.680 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 120,0miljoen bij de uitgaven en € 210,4 miljoen bij de verplichtingen. Demutatie bij de ontvangsten is – € 0,9 miljoen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 85%.Verplichtingen artikel 1–Bij de Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden(MDIEU) zijn de mutaties op het verplichtingenbedrag € 280 miljoenhoger dan op het kasbedrag. Er vindt een verplichtingenschuif plaatsom aan te sluiten bij de verwachte kasuitgaven MDIEU. Verplichtingen-en kasritme zijn niet hetzelfde; omdat verplichtingen aangegaanworden als een subsidie wordt afgegeven, terwijl kasuitgaven zichover aantal jaar uitspreiden. Cumulatief sluit het verplichtingenbudgetaan op het kasbudget.–Het verplichtingenbudget voor de Stimuleringsregeling LLO in MKB(SLIM) wordt opgehoogd met € 26,2 miljoen. Dit is nodig omdat voorde periode vanaf 2025 de verplichtingenruimte lager is dan hetbeschikbare kasbudget. Deze ophoging van het verplichtingenbudgetheeft geen effect op het kasbudget.UitgavenInkomensoverdrachten–Lage-inkomensvoordeel (LIV): op basis van de voorlopige realisatieszijn de verwachte uitgaven aan het LIV voor 2025 neerwaarts bijgesteldmet € 181,5 miljoen. Oorzaak is de verlaging van de uurloongrens in2024 die samenhangt met de verhoging van het wettelijk minimum-loon (WML). Hierdoor zijn er minder werknemers (en dus ookwerkgevers) in aanmerking gekomen voor het LIV.–Loonkostenvoordelen (LKV): op basis van de voorlopige realisatiesover 2024 is de raming voor 2025 en 2026 naar beneden bijgesteld. Eris minder gebruikgemaakt van het LKV-ouderen. Dit zou verklaardkunnen worden door de wetenschap dat het LKV-ouderen op termijnvervalt en werkgevers hierdoor minder geneigd zijn dit aan te vragenof in de veronderstelling zijn dat dit reeds vervallen is. Vanaf 2027 is deraming omhoog bijgesteld omdat er wordt verondersteld dat, naafschaffing van het LKV-ouderen, een deel van deze groep gebruik zalmaken van het LKV-arbeidsgehandicapten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 219 Subsidies–Duurzame inzetbaarheid en leven lang ontwikkelen (kasschuifexpeditie-regeling): er wordt een kasschuif gedaan voor de Expeditie-regeling. Met deze kasschuif wordt een deel van het gereserveerdebudget in 2025 (€ 5,3 miljoen) doorgeschoven naar latere jaren, zodathet kasritme aansluit op de (verwachte) momenten waarop aanvragerseen (voorschot)betaling zullen aanvragen.–Kasschuif SLIM (stimuleringsregeling LLO in het mkb): Het kasritmevoor de SLIM-scholingssubsidie komt niet overeen met de bedragen inde begroting (2025–2027) door de bevoorschottingssystematiek van deregeling. Bij aanvragen voor individuele werkgevers wordt 100%bevoorschot. Bij collectieve aanvragers vindt bevoorschotting in delenplaats. Daarom is een kasschuif nodig om de uitgaven in het juiste(verwachte) kasritme te zetten.–Eindejaarsmarge SLIM: Voor SLIM zijn er beschikkingen niet totuitbetaling gekomen in 2024. Deze vinden in 2025 plaats.–Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden: Metde voorgestelde schuif wordt een deel van het kasbudget van MDIEUvoor 2025 naar 2028 geschoven. De bedragen zijn gebaseerd op deverwachte uitgaven aan verleende MDIEU-subsidieprojecten.Resterend budget is beschikbaar voor duurzame inzetbaarheid.–Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid: op basisvan de realisatiegegevens van UWV zijn de verwachte uitgaven aan deNOW naar boven bijgesteld. Dit komt voornamelijk doordat de hoogtevan de oninbare vorderingen naar boven is bijgesteld. Ook verwachthet UWV dat de uitkomsten van bezwaar of beroep leiden tot hogeredefinitieve vaststellingen dan eerder verwacht.Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinancierdTabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 1 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen609.2320609.23227.219636.45138.57618.22323.25628.467257.995Uitgaven609.2320609.23227.219636.45138.57618.22323.25628.467257.9951.0Arbeidsmarkt609.2320609.23227.219636.45138.57618.22323.25628.467257.995Inkomensoverdrachten609.2320609.23227.219636.45138.57618.22323.25628.467257.995Transitievergoeding na 2 jaarziekte569.0000569.00023.670592.67030.47013.37017.21621.187194.237Compensatieregeling Transitie-vergoeding MKB8.84108.8411.29310.1341.2931.2931.2931.29310.134Transitievergoeding na 2 jaarziekte nominaal30.911030.9112.17033.0816.6203.3004.4425.65050.965Compensatieregeling Transitie-vergoeding MKB nominaal4800480865661932603053372.659Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 27,2miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Inkomensoverdrachten–Transitievergoeding na 2 jaar ziekte:Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV is de raming van decompensatieregeling transitievergoeding voor langdurige arbeidson-geschiktheid per saldo opwaarts bijgesteld. Dit wordt veroorzaakt dooreen hogere gemiddelde uitkering. Daarnaast verwachten we vanaf2027 meer uitbetalingen door een toename in het aantal langdurigarbeidsongeschikten, vanwege een hogere instroom in de WIA (WetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 220 Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen). In 2025 en 2026 verwachtenwe juist een iets lager aantal uitbetalingen. Het prijseffect is groter,waardoor er ook in deze jaren sprake is van een per saldo tegenvaller.3.2 Artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 9 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 2 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t(1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3)= (1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen8.695.48508.695.485– 211.7658.483.720– 256.845– 292.787– 323.946– 277.0329.242.604Uitgaven8.691.97508.691.975– 201.9278.490.048– 247.007– 282.949– 318.122– 271.2089.252.5512.0Bijstand, Participatiewet en toesla-genwet8.691.97508.691.975– 201.9278.490.048– 247.007– 282.949– 318.122– 271.2089.252.551Inkomensoverdrachten8.453.99308.453.993– 176.7028.277.291– 255.562– 272.670– 302.631– 263.7779.139.424Macrobudget participatiewetuitkeringen intertemporele tegemoetkoming7.479.71107.479.711– 187.3597.292.352– 236.668– 244.769– 295.288– 248.9268.037.920Tozo en Bijstand zelfstandigenbedrijfskrediet (Bbz 2004)7.06407.0643477.411– 828– 828– 828– 8286.441Aanvullende InkomensvoorzieningOuderen (AIO)479.3930479.3936.537485.930– 6.508– 15.959– 21.573– 28.637561.236Toeslagenwet (TW)475.1240475.1244.400479.524– 11.021– 10.68615.44214.958521.395Bijstand overig825082513838119710641Onderstand (Caribisch Nederland)11.876011.876– 64011.236– 548– 437– 391– 35411.791Subsidies (regelingen)118.8450118.84520.594139.43928.14918.18915.10015.10046.623Stichting Beheer Collectieve Middelen(SBCM)2.80002.80002.80000002.800NIBUD77007701819510000693Overige subsidies algemeen26.376026.3763.28329.6595.5793.0890013.131Alle kinderen doen mee10.899010.8994.03014.929– 1.030– 1.000– 1.000– 1.00015.899Energiefonds60.000060.000060.00000000Geldzorgen Armoede en Schulden(Gas)18.000018.000– 6.00012.0006.0000000Subsidies Arbeidsmarktinfrastructuur00019.10019.10017.60016.10016.10016.10014.100Opdrachten37.396037.39611.11948.5153.718– 1.693– 3.8164.24445.823Opdrachten algemeen37.396037.3969.70547.101– 1.430– 5.791– 6.015– 5.05736.522Opdrachten Arbeidsmarktinfrastruc-tuur0001.4141.4145.1484.0982.1999.3019.301Bekostiging0000000002.167Nederlandse organisatie voorgezondheidsonderzoek en zorginno-vatie (ZonMw)0000000002.167Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s1990199– 1990– 199– 199– 199– 1990Nederlandse organisatie voorgezondheidsonderzoek en zorginno-vatie (ZonMw)1990199– 1990– 199– 199– 199– 1990Bijdrage aan (andere) begrotings-hoofdstukken2.20002.2001.2793.47900002.200Financiën2.20002.2001.2793.47900002.200Bijdrage aan sociale fondsen10.000010.000010.000000010.000Pensioenfonds Wsw10.000010.000010.000000010.000Bijdrage aan agentschappen49604963108060000496Rijksdienst voor OndernemendNederland496049604960000496DUO00031031000000Bijdrage aan medeoverheden68.837068.837– 58.32810.509– 23.113– 26.576– 26.576– 26.5765.809Tijdelijke regeling alleenverdieners-problematiek28.408028.408– 28.4080– 1.0370000Bijzondere uitkeringen4.45004.4504.5008.9508.7504.2504.2504.2504.250Transformatiebudget socialeinfrastructuur35.000035.000– 35.0000– 31.500– 31.500– 31.500– 31.5000SPUK Grensinformatiepunten97909795801.5596746746746741.559Bijdrage aan (inter-)nationaleorganisaties9090900009Contributie Administratief Centrumvoor de sociale zekerheid van deRijnvarenden (CASS)9090900009Ontvangsten57.040057.04011.25368.293– 1.059– 1.148– 566– 3549.008 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 201,9miljoen bij de uitgaven en – € 211,7 miljoen bij de verplichtingen. Demutatie bij de ontvangsten is € 11,3 miljoen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 221 Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 98,7%.UitgavenInkomensoverdrachten1. Macrobudget participatiewetuitkering en intertemporeletegemoetkoming–Het budget voor het macrobudget Participatiewetuitkering is naarbeneden bijgesteld met € 187,4 miljoen in 2025. Dit wordt onderandere veroorzaakt door de verwerking van de conjunctuur en devoorlopige realisaties van 2024 in de raming van de bijstandsuitgaven.Doordat het CPB een lagere werkloze beroepsbevolking verwacht in dekomende jaren, worden de bijstandsuitgaven neerwaarts bijgesteldmet € 41 miljoen in 2025, € 38,3 miljoen in 2026, € 71,3 miljoen in2027, € 116,3 miljoen in 2028 en € 69,1 miljoen in 2029. De verwerkingvan de voorlopige volumerealisaties van 2024 zorgt daarnaast vooreen neerwaartse bijstelling van € 100,9 miljoen in 2025, € 101,4miljoen in 2026, € 101,6 miljoen in 2027 t/m 2029. De verwerking vande prijsrealisaties zorgt voor een opwaartse bijstelling van € 12,6miljoen in 2025, € 12,8 miljoen in 2026, € 12,9 miljoen in 2027, € 13,2miljoen in 2028 en € 13,5 miljoen in 2029.–De IOAW-raming is aangepast als gevolg van de bijstelling van hetdoorstroompercentage (doorstroom uit de WW) en de nieuweWW-uitstroomcijfers. Doordat de verwachte werkloosheid voor 2025naar beneden is bijgesteld, wordt ook de verwachte doorstroom vande WW naar de IOAW naar beneden bijgesteld (€ 3,8 miljoen in 2025,€ 6,3 miljoen in 2026, € 6,9 miljoen in 2027 en € 8,7 miljoen in 2028).–Door het niet halen van de banenafspraak treedt er in 2025 eenbesparingsverlies op de bijstandsuitkeringen op en wordt hetmacrobudget met € 57,6 miljoen naar boven bijgesteld. Omdat dequotumregeling in 2025 nog is opgeschort, kan dit besparingsverliesniet gedekt worden door heffingsopbrengsten van het quotum.–Door het uitstel van de inwerkingtreding van het wetsvoorstelParticipatiewet in balans spoor 1 van 1 juli 2025 naar 1 januari 2026valt er € 23,9 miljoen vrij in 2025.Tabel 10 Uitsplitsing macrobudget participatiewetuitkeringen (x € 1.000)Mutatie2025Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Macrobudget participatiewetuitkeringen en intertempo-rele tegemoetkoming– 187.360– 236.672– 244.770– 295.290– 248.9268.037.917Algemene bijstand– 156.576– 206.317– 228.673– 267.956– 214.4517.169.548Loonkostensubsidie– 24.747– 24.206– 9.496,000– 7.943– 6.425788.161IOAW– 3.907– 5.835– 6.335– 8.153– 9.55934.560IOAZ– 3.120– 2.482– 2.435– 13.428– 20.68011.985BBZ1.9872.1702.1702.1912.19133.663Correctie verdeelmodel0.017 2. Algemene Inkomensvoorziening Ouderen (AIO)–De uitgaven aan de AIO zijn in 2024 € 12,1 miljoen hoger dan eerderverwacht. Dit wordt voornamelijk verklaard door de nieuwe voorzie-ning oninbare vorderingen. In 2025 worden de uitkeringslastenopwaarts bijgesteld door de nabetaling aan de SVB over 2024.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 222 –Vanaf 2026 worden de verwachte uitgaven aan de AIO meerjarig naarbeneden bijgesteld, gedeeltelijk naar aanleiding van de nieuweramingssystematiek van de SVB. Dit zorgt voor een neerwaartsebijstelling van circa € 6,4 miljoen in 2025 oplopend tot circa € 35,3miljoen in 2030.3. Toeslagenwet (TW)–Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV zijn de TW-uitgavenneerwaarts bijgesteld. De neerwaartse bijstelling is het per saldo effectvan een hoger aantal TW-aanvullingen en een lagere gemiddeldehoogte van de TW-aanvullingen dan eerder verwacht. Hierbij is deuitspraak van de Centrale Raad van Beroep over loonloze tijdvakken bijde vaststelling van het WIA-dagloon meegenomen. Hierdoor nemende WIA-uitgaven toe, waardoor er minder TW-aanvulling verstrekthoeft te worden. De bijstelling bedraagt circa – € 13,1 miljoen in 2025,aflopend tot – € 10,4 miljoen in 2030.–Daarnaast is de nieuwe CEP-raming van het CPB verwerkt. Dit leidt totbeperkte bijstellingen van de TW-uitgaven als gevolg een licht hogeraantal TW-aanvullingen op ZW-uitkeringen en een lager aantalTW-aanvullingen op WW-uitkeringen. De neerwaartse bijstellingbedraagt circa € 0,1 miljoen in 2025, oplopend tot € 1,9 miljoen in2028.–Vanaf 2028 nemen de verwachte TW-uitgaven met ongeveer € 15miljoen per jaar toe als gevolg van diverse beleidswijzigingen op hetgebied van de WW, de WIA en maatregelen om de TW te vereenvoudi-gen.Subsidies–Subsidies arbeidsmarktinfrastructuur. De middelen voor de hervor-ming van de arbeidsmarktinfrastructuur zijn van artikel 5 overgeboektnaar artikel 2 om budgetten voor de arbeidsmarktinfrastructuur zoveelmogelijk samen op de begroting te kunnen verantwoorden. Vanaf 2025worden hieruit twee subsidies verstrekt. Voor de verder deelname aanhet Regionaal beraad is voor de sociale partners € 4,1 miljoen per jaarbeschikbaar. Daarnaast is er ook voor de sociale partners t/m 2033 eenincidentele impuls voor een dekkend stelsel Van Werk naar Werk(VWNW) voor de volgende bedragen: € 15,0 miljoen in 2025, € 13,5miljoen in 2026 en € 12,0 miljoen in 2027 en verder.Bijdrage aan medeoverheden–De 35 arbeidsmarktregio’s ontvangen vanaf 2025 een tijdelijk impuls-budget. Deze middelen zijn bedoeld om een gezamenlijke dienstverle-ning op het gebied van werk en ontwikkeling te ontwikkelen met departners in de arbeidsmarktregio. Hiervoor zal een overboekingplaatsvinden naar het gemeentefonds van € 35,2 miljoen in 2025,€ 29,0 miljoen in 2026, € 39,1 miljoen in 2027 en € 45,2 miljoen in2028. Deze middelen zijn overgeheveld van artikel 5 naar artikel 2 ombudgetten voor de arbeidsmarktinfrastructuur zoveel mogelijk samenop de begroting te kunnen verantwoorden.–Bij de Voorjaarsnota 2024 is besloten tot een versterking van het stelselvan sociaal ontwikkelbedrijven. Met deze impuls over een periode van10 jaar worden sociaal ontwikkelbedrijven ondersteund om huninfrastructuur toekomstbestendig te maken.–Er is een overboeking naar het Gemeentefonds voor de Tijdelijkeregeling alleenverdienersproblematiek van € 25,4 miljoen in 2025.Hiermee kunnen gemeenten een vaste tegemoetkoming verstrekkenaan huishoudens die met deze problematiek te maken hebben.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 223 OntvangstenDe raming van de ontvangsten voor de Tijdelijke overbruggingsregelingzelfstandig ondernemers (Tozo) voor 2025 is bijgesteld op basis vanuitvoeringsinformatie. Gemeenten betalen in 2025 € 8,0 miljoen meerterug aan het Rijk dan eerder werd verwacht.3.3 Artikel 3 Arbeidsongeschiktheid Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 11 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 3 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Art.Verplichtingen6.46506.4656497.1146.5383.5522.14664845Uitgaven10.797010.79764911.4466.5383.5522.146648453.0Arbeidsongeschiktheid10.797010.79764911.4466.5383.5522.14664845Inkomensoverdrachten75707576491.40663865234664845Ongevallenverzekering (CaribischNederland)75707576491.40663865234664845Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s10.040010.040010.0405.9002.9001.80000Uitvoering individuele plaatsing &steun10.040010.040010.0405.9002.9001.80000Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 0,6miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 100%.Bijdrage aan ZBO’s/RWT’sUitvoering individuele plaatsing & steun (IPS)Uit de envelop voor «groepen in de knel» uit het hoofdlijnenakkoord isextra geld beschikbaar gekomen voor IPS ter behoeve van de gemeente-lijke doelgroep (mensen in de Participatiewet). Met dit budget kan in 2026ook één cohort van deze doelgroep meerjarig geholpen worden.Daarnaast zijn er ook middelen gereserveerd voor het structureel makenvan deze regeling voor de gemeentelijke doelgroep. Deze middelen staangereserveerd op artikel 99.Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinancierdTabel 12 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 3 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3)= (1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen15.064.702015.064.702327.25615.391.958788.389919.225802.657778.82219.537.643Uitgaven15.064.702015.064.702327.25615.391.958788.389919.225802.657778.82219.537.6433.0Arbeidsongeschiktheid15.064.702015.064.702327.25615.391.958788.389919.225802.657778.82219.537.643Inkomensoverdrachten14.924.312014.924.312326.53215.250.844787.876918.841802.523778.95419.380.817WAO2.924.54302.924.543– 512.924.492– 119– 482– 297– 7961.636.217IVA5.655.04305.655.04326.5605.681.603141.534183.148119.361163.6906.972.735WGA4.990.14404.990.144244.4915.234.635474.369502.771440.640373.2906.041.016WAZ65.964065.96422366.187– 495– 488– 299– 60128.487Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 224 Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3)= (1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030WGA eigenrisicodragers522.4060522.40620.077542.48320.17620.31720.46820.468592.176WAO nominaal156.2190156.2194.302160.52117.54619.35316.08510.172429.314IVA nominaal306.9530306.9539.075316.02850.84873.81270.86474.6331.870.410WGA nominaal270.6100270.61019.938290.54878.313112.943127.254130.1371.642.186WAZ nominaal3.50303.5031083.611330331273647.475WGA eigenrisicodragersnominaal28.927028.9271.80930.7365.3747.1368.1747.897160.801Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s140.3900140.390724141.114513384134– 132156.826Re-integratie WIA/WAO/WAZ/ZW/WW135.7150135.7150135.7150000130.023Re-integratie WIA/WAO/WAZ/ZW/WW nominaal4.67504.6757245.399513384134– 13226.803Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 327,3miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Inkomensoverdrachten–Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA): uit derealisaties van 2024 blijkt dat er meer mensen een WIA-uitkeringhebben gekregen dan eerder verwacht. Deze hogere instroom wordtvoornamelijk verklaard door long-covid en psychische aandoeningen.Dit geldt zowel voor de IVA als WGA. Door dit mee te nemen in deraming van de toekomstige IVA-uitgaven stijgen deze naar verwachtingten opzichte van de vorige meerjareninschatting met € 22 miljoen in2025.–Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) en WGA-eigenrisicodragers (WGA-ERD): uit de realisaties van 2024 blijkt dat ermeer mensen een WIA-uitkering hebben gekregen dan eerderverwacht. Meerjarige verwerking hiervan leidt tot een meerjarigetegenvaller in de WGA (€ 263 miljoen in 2025) en WGA-ERD (€ 20miljoen in 2025).–Als gevolg van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB)op 30 juli 2024 verhoogt UWV het dagloon en daarmee de uitkeringvan alle WIA-uitkeringsgerechtigden met een loonloos tijdvak,ongeacht de reden hiervan. Dit geldt voor zowel lopende als nieuwegevallen en leidt tot extra WIA-uitkeringslasten, minder TW-aanvullingen incidentele uitvoeringskosten. Bij Voorjaarsnota 2023 en 2024 isgeld gereserveerd voor een deel van deze doelgroep, te wetenuitkeringsgerechtigden met een loonloos tijdvak als gevolg van eenWW-uitkering. Voor de totale benodigde uitgaven was naar verwach-ting per saldo € 35 miljoen te veel gereserveerd in 2025. Dezemiddelen worden nu afgeboekt. De totale uitgaven nemen per saldo in2026 naar verwachting toe met ongeveer € 101 miljoen en structureelmet € 91 miljoen vanaf 2027.–UWV heeft in de periode 2020–2024 fouten gemaakt bij de vaststellingvan het dagloon van WIA-uitkeringen. Deze fouten worden dekomende jaren hersteld, wat extra WIA-uitgaven tot gevolg heeft. Voorhet herstel zet UWV een organisatie op. De uitvoeringskosten die deorganisatie met zich meebrengt worden op artikel 11 van de begrotingverwerkt. De totale uitgaven nemen naar verwachting per saldo toemet € 26 miljoen in 2025, € 59 miljoen in 2026 en € 36 miljoen in 2027.Hiervan komt € 68 miljoen door nabetalingen en € 53 miljoen dooruitvoeringskosten.–Als gevolg van de lange wachttijden bij WIA-claimbeoordelingenverstrekt UWV aan mensen een voorschot op de WIA-uitkering.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 225 Werknemers kunnen in financiële problemen komen als deze voor-schotten terugbetaald moeten worden indien er geen recht blijkt opeen uitkering. Daarom wordt sinds medio 2021 buitenwettelijk beleidgevoerd en het voorschot kwijtgescholden. Het voeren van tijdelijkbuitenwettelijke beleid is onwenselijk, omdat dit rechtsonzekerheidgeeft aan burgers. Daarom maken we dit beleid structureel enbinnenwettelijk, zodat het beleid voorspelbaar wordt voor langdurigzieke werknemers. Dit zorgt voor een stijging van de uitgaven van € 31miljoen in 2026 oplopend tot € 93 miljoen in 2030. Voor deze mutatieontvangt uw Kamer de onderbouwing conform de werkw(ze Beleids-keuzes uitgelegd (CW3.1).–Om de mismatch bij sociaal medisch beoordelen te verkleinen is hetstreven om vanaf september 2025 de vereenvoudigde claimbeoorde-ling voor 60-plussers voort te zetten voor een periode van 2 jaar. Demaatregel zorgt ervoor dat 60-plussers die wachten op hun WIA-claimbeoordeling tijdelijk op een andere manier en door andereprofessionals dan de verzekeringsarts worden beoordeeld. Omdat dezemaatregel buitenwettelijk is, is de maatregel zo vormgegeven dat dezeniet nadelig uitvalt. Dit heeft als gevolg dat er tijdelijk meer en hogereWIA-uitkeringen (WGA 80–100) worden verstrekt, waardoor deuitgaven toenemen. Tegenover deze extra WIA-uitgaven staat eeninverdieneffect op de WW en IOW. Per saldo nemen de uitgaven toemet € 280 miljoen cumulatief, in de periode 2025 – 2034. Voor dezemutatie ontvangt uw Kamer de onderbouwing conform de werkw(zeBeleidskeuzes uitgelegd (CW3.1).Nominaal– Dit betreft de nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaandemutaties van de uitgaven (grondslag) en als gevolg van aanpassing vande indexatiepercentages van lonen en prijzen op basis van de laatstemacro-economische raming van het CPB (CEP).3.4 Artikel 4 Jonggehandicapten Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 13 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 4 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen4.560.50804.560.5081.1684.561.676– 1.00418.13717.93718.1714.693.179Uitgaven4.560.50804.560.5081.1684.561.676– 1.00418.13717.93718.1714.693.1794.0Jonggehandicapten4.560.50804.560.5081.1684.561.676– 1.00418.13717.93718.1714.693.179Inkomensoverdrachten4.472.41304.472.4131.1684.473.581– 1.00418.13717.93718.1714.621.202Wajong4.472.41304.472.4131.1684.473.581– 1.00418.13717.93718.1714.621.202Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s88.095088.095088.095000071.977Re-integratie Wajong88.095088.095088.095000071.977Ontvangsten00019.65019.65000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 1,2miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen. De ontvangsten nemen toemet € 19,7 miljoen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 100%.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 226 Inkomensoverdrachten–Als gevolg van een wijziging in het minimumjeugdloon voor 18-, 19-,20-jarigen wordt vanaf 2027 het budget oplopend tot € 20,6 miljoenopgehoogd. Een verhoging van het minimumjeugdloon leidt tot eenhogere uitkering voor deze leeftijdscategorieën en daarmee tot hogereuitkeringslasten.–Tegelijkertijd is er een neerwaarts effect op de uitgaven van € 1miljoen in 2026 oplopend tot € 2,3 miljoen in 2030 vanwege een lichtestijging van het aandeel Wajongers met arbeidsvermogen. Dit zorgtvoor een lagere gemiddelde jaaruitkering op de oude Wajongregelin-gen. Daarnaast is de verwachte extra instroom van de Wajong 2015naar aanleiding van tijdelijke registraties afgewezen Wajongers naarbeneden bijgesteld. Dit zijn mensen die tussen 10/9/2014 en 1/7/2015zijn afgewezen voor de Wajong 2015, waarvan een deel alsnog inaanmerking komt voor een Wajong-uitkering door middel van de10-jaarregel.OntvangstenVanwege de eindafrekening van het re-integratiebudget UWV 2024 zijn erterugontvangsten. UWV ontvangt middelen vanuit het Europees SociaalFonds (ESF) voor re-integratiedienstverlening. Deze middelen zijnmeegenomen in de eindafrekening 2024 en zorgen voor een terugont-vangst in 2025. Met een desaldering verhogen we gelijktijdig deniet-belastingontvangsten en uitgaven, waarmee de middelen weerbeschikbaar komen voor de SZW-begroting.3.5 Artikel 5 Werkloosheid Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 14 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 5 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Art.Verplichtingen177.6970177.697– 61.053116.644– 46.225– 56.287– 72.5966.16579.052Uitgaven177.6970177.697– 61.053116.644– 46.225– 56.287– 72.5966.16579.0525.0Werkloosheid177.6970177.697– 61.053116.644– 46.225– 56.287– 72.5966.16579.052Inkomensoverdrachten89.266089.2666.83096.09617.23314.1711.36232.12375.652Wet inkomensvoorziening ouderewerklozen (IOW)89.261089.2616.83096.09117.23314.1711.36232.12375.647Cessantiawet (Caribisch Nederland)5050500005Subsidies (regelingen)8.28108.281758.35600002.900Overige subsidies algemeen000757500000Coördinatie arbeidsmarktdienstverle-ning4.28104.28104.28100000Werkgeverssubsidie praktijkleren4.00004.00004.00000002.900Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s79.650079.650– 67.95811.692– 63.458– 70.458– 73.958– 25.9580Arbeidsmarktdienstverlening79.650079.650– 67.95811.692– 63.458– 70.458– 73.958– 25.9580Bijdrage aan agentschappen500050005000000500Rijksdienst voor OndernemendNederland500050005000000500Ontvangsten0002.4582.45800000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 61,1miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen. De mutatie bij deontvangsten is € 2,5 miljoen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 227 Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 100%.UitgavenInkomensoverdrachten–In het Hoofdlijnenakkoord is vanaf 2027 een besparing van € 200,0miljoen per jaar op de WW afgesproken. Hier wordt invulling aangegeven met een duurverkorting van de WW-uitkering naar 18maanden per 1 januari 2027. Hierdoor stromen meer oudere werklozende IOW-uitkering in na het bereiken van de maximale duur van hunWW-uitkering. De IOW-uitgaven nemen hierdoor in 2029 en 2030 metrespectievelijk € 38,1 miljoen en € 6,5 miljoen toe.–Van oktober 2022 tot en met eind 2024 gold in het kader van deproblematiek rondom sociaal medisch beoordelen de vereenvoudigdeWIA-claimbeoordeling voor 60-plussers. Hierdoor stroomden mindermensen de WW in, wat leidt tot minder mensen met een IOW-uitkering. Dat effect was niet goed in de uitgaven verwerkt en is nugecorrigeerd. Dat leidt tot een bijstelling van de IOW-uitgaven vanaf2025 (van € 7,1 miljoen, € 16,4 miljoen in 2026, € 14,2 miljoen in 2027,€ 5,1 miljoen in 2028 en € 1,3 miljoen in 2029).–Daarnaast is de uitvoeringsinformatie van UWV en de nieuweeconomische raming van CPB verwerkt. De bijstelling als gevolg vaneen lager verwacht aantal IOW-uitkeringen en een hogere gemiddeldeuitkering zijn beperkt en bedragen minder dan een miljoen per jaar(opwaarts of neerwaarts).Bijdrage ZBO’s/RWTs–De investeringen in de arbeidsmarktdienstverlening zijn bedoeld voorde hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur vanaf 2025, hetvervolg op de regionale mobiliteitsteams (RMT’s). In de nieuwearbeidsmarktinfrastructuur maken de Regionale Werkcentra begelei-ding naar passend werk of scholing beter toegankelijk. Deze hervor-ming bevordert onder andere de samenwerking tussen instanties zoalsUWV, gemeenten, werkgeversorganisaties, vakbonden en onderwijs-en opleidingsinstellingen. Om budgetten voor de arbeidsmarktinfra-structuur zoveel mogelijk samen op de begroting te kunnen verant-woorden, worden middelen verplaatst.–De belangrijkste mutaties zijn de overhevelingen naar artikel 2. Voor deoverboeking naar het gemeentefonds (bijdrage aan medeoverheden)gaat het om € 45,4 in 2025, € 38,9 miljoen in 2026, € 49,4 miljoen in2027, € 54,9 miljoen in 2028 en € 8,9 miljoen in 2029 en verder. Voorde subsidie Impuls dekkend stelsel Van Werk naar Werk (VWNW) om€ 15,0 miljoen in 2025, € 13,5 miljoen in 2026 en € 12,0 miljoen in2027 t/m 2029 (zie ook artikel 2).Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinancierdTabel 15 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 5 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen4.188.98304.188.983– 201.5643.987.419– 299.159– 182.742– 335.257– 598.8925.734.564Uitgaven4.188.98304.188.983– 201.5643.987.419– 299.159– 182.742– 335.257– 598.8925.734.5645.0Werkeloosheid4.188.98304.188.983– 201.5643.987.419– 299.159– 182.742– 335.257– 598.8925.734.564Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 228 Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Inkomensoverdrachten4.174.32504.174.325– 204.5983.969.727– 302.183– 185.771– 338.291– 601.9345.715.169WW3.975.82303.975.823– 197.6963.778.127– 295.034– 183.544– 321.335– 564.2644.505.079WW nominaal198.5020198.502– 6.902191.600– 7.149– 2.227– 16.956– 37.6701.210.090Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s14.658014.6583.03417.6923.0243.0293.0343.04219.395Re-integratie WW0003.0003.0003.0003.0003.0003.0003.000Scholing WW14.277014.277014.277000014.277Scholing WW nominaal381038134415242934422.118Ontvangsten245.3590245.35913.203258.5628.795– 3.4218.69714.822363.229 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 201,6miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen. De mutatie bij deontvangsten is € 13,2 miljoen.Inkomensoverdrachten–De raming van de Werkloosheidswet (WW) wordt per saldo neerwaartsbijgesteld. Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV worden deWW-uitgaven naar beneden bijgesteld (€ 186,7 miljoen in 2025oplopend tot € 188,2 miljoen in 2029). De lager dan verwachteinstroom over 2024 werkt meerjarig door en zorgt zodoende dekomende jaren voor lagere uitgaven. Daaraan gerelateerd worden ooklagere faillissementsuitkeringen verwacht.–Daarnaast stelt het CPB de raming van de werkloze beroepsbevolkingin de meest recente raming (CEP 2025) neerwaarts bij. Als gevolghiervan daalt het verwachte aantal werkloosheidsuitkeringen. Dit leidttot een meerjarige meevaller op de WW van € 6,3 miljoen in 2025,€ 7,3 miljoen in 2026, € 64,0 miljoen in 2027, € 161,3 miljoen in 2028,€ 128,6 miljoen in 2029 en € 62,5 miljoen in 2030.–In het Hoofdlijnenakkoord is vanaf 2027 een besparing van € 200,0miljoen per jaar op de WW afgesproken. De invulling van de besparingis verder uitgewerkt en in deze begroting verwerkt. De besparing uithet HLA is aangepast naar het budgettaire effect behorende bij eenduurverkorting naar 18 maanden per 1 januari 2027. Hierdoor zijn deWW-uitgaven in 2027 en 2028 met respectievelijk € 200,0 miljoen en€ 84,8 miljoen naar boven bijgesteld. De WW-uitgaven in 2029 en in2030 zijn met respectievelijk € 238,5 miljoen en € 253,8 miljoen naarbeneden bijgesteld. Voor deze mutatie ontvangt uw Kamer deonderbouwing conform de werkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW 3.1)voordat over het inhoudelijke beleidsvoorstel in de Kamer wordtgestemd.Bijdrage aan ZBO’s–Voor de voortzetting van de re-integratiedienstverlening van het UWVaan WW-gerechtigden met een kwetsbare arbeidsmarktpositie komt€ 3 miljoen per jaar beschikbaar.Nominaal–Dit betreft nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaandemutaties van de uitgaven (grondslag) en als gevolg van aanpassingvan de indexatiepercentages van lonen en prijzen op basis van delaatste macro-economische raming van het CPB (CEP).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 229 Ontvangsten–Overheidswerkgevers zijn eigenrisicodragers voor de WW. DeWW-uitgaven worden door UWV verhaald op deze werkgevers. Deraming van de ontvangsten uit verhaal is voor 2025 naar bovenbijgesteld op grond van uitvoeringsinformatie van UWV (€ 12,4miljoen). Naar verwachting nemen de ontvangsten de komende jarentoe.3.6 Artikel 6 Ziekte en verlofregelingen Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 16 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 6 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Art.Verplichtingen34.780034.780– 7.57227.208– 9.606– 10.414– 4.585– 1.61361.386Uitgaven34.780034.780– 7.57227.208– 9.606– 10.414– 4.585– 1.61361.3866.0Ziekte en verlofregelingen34.780034.780– 7.57227.208– 9.606– 10.414– 4.585– 1.61361.386Inkomensoverdrachten34.780034.780– 7.57227.208– 9.606– 10.414– 4.585– 1.61361.386Tegemoetkoming asbestslachtoffers(TAS)6.89006.8903617.2513613613613617.251Ziekteverzekering (CaribischNederland)5.75305.7532.4518.2042.1012.1774584786.342Organo Psycho Syndroom (OPS)-fonds55055– 748– 50000Tegemoetkomingsregeling stoffen-gerelateerde beroepsziekten (TSB)22.082022.082– 10.37711.705– 12.063– 12.952– 5.404– 2.45247.793Ontvangsten0002.6812.68100000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 7,6miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen. De mutatie bij deontvangsten is € 2,7 miljoen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 78%.UitgavenInkomensoverdrachten–De uitkeringslasten van de Ziekteverzekering zijn op basis van derealisatie van de uitkeringslasten 2024, de bijstelling van de CBS-bevolkingsprognose en een nieuwe wisselkoersvoorspelling meerjarignaar boven bijgesteld met € 2,0 miljoen in 2025, € 2,1 miljoen in 2026,€ 2,2 miljoen in 2027 en € 0,5 miljoen in 2028 en verder.–De raming van de TSB-uitkeringslasten wordt meerjarig neerwaartsbijgesteld. Dit komt omdat dat de regeling minder snel ingroeit.Nieuwe ziektes worden gefaseerd aan de regeling toegevoegd. Deinvoering van nieuwe ziektes in 2024 heeft vertraging opgelopen. Ditzorgt voor een neerwaartse bijstelling van € 1,5 miljoen in 2025 t/m€ 1 miljoen in 2027. Daarnaast geven realisatiecijfers aanleiding hetgebruik van de regeling in de beginjaren van de TSB neerwaarts bij testellen. Dit leidt tot een neerwaartse bijstelling van € 8,9 miljoen in2025, € 11,1 miljoen in 2026, € 11,9 miljoen in 2027, € 5,4 miljoen in2028 en € 2,5 miljoen in 2029.Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinanierdTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 230 Tabel 17 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 6 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen5.204.35605.204.356154.6275.358.983161.908190.676224.289242.4186.971.577Uitgaven5.204.35605.204.356154.6275.358.983161.908190.676224.289242.4186.971.5776.0Ziekte en verlofregelingen5.204.35605.204.356154.6275.358.983161.908190.676224.289242.4186.971.577Inkomensoverdrachten5.204.35605.204.356154.6275.358.983161.908190.676224.289242.4186.971.577ZW2.319.73802.319.73899.1032.418.84179.25996.482119.676137.3212.542.582WAZO1.691.69201.691.69217.0261.708.71817.50517.68518.91122.0561.887.359WAZO aanvullend geboorte-verlof partners249.3740249.37417.966267.34018.21518.94019.86720.736296.098Wet Betaald ouderschapsver-lof (WBO)692.9670692.96710.571703.53810.82412.08013.76915.129779.274ZW nominaal117.1440117.1446.217123.36118.74824.97131.11432.034677.397WAZO nominaal85.854085.8541.81787.67110.03211.41510.9116.556502.365WAZO aanvullend geboorte-verlof partners nominaal12.593012.5931.04113.6342.9623.9114.6564.78778.887Wet Betaald ouderschapsver-lof (WBO) nominaal34.994034.99488635.8804.3635.1925.3853.799207.615Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 154,6miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Inkomensoverdrachten–De ZW-uitkeringslasten zijn in 2030 met circa € 140 miljoen opwaartsbijgesteld. Dit komt voornamelijk door de bijstelling van hetZW-volume en in mindere mate door de bijstelling van de gemiddeldeZW-uitkeringshoogte. Het ZW-volume is met name voor de groepziekte bij zwangerschap fors opwaarts bijgesteld. Uit de CEP-ramingblijkt namelijk dat de werkzame beroepsbevolking de komende jarensterk toeneemt. Hierdoor wordt met name een hoger beroep op de ZWdoor zieke zwangeren verwacht. Ook heeft er een wijziging plaatsge-vonden van het ramingsmodel van de zieke uitzendkrachten. Doordeze aanpassing wordt richting het einde van de begrotingshorizoneen relatief hogere instroom voor de groep uitzendkrachten in de ZWgeraamd voor een neerwaartse plafondcorrectie die meerjarigdoorwerkt.–De raming voor de WAZO wordt meerjarig opwaarts bijgesteld. Opbasis van nieuwe uitvoeringsinformatie is sprake van een hoger aantaluitkeringen en een hogere gemiddelde uitkering.–De raming voor de WAZO aanvullend geboorteverlof partners wordtmeerjarig naar boven bijgesteld. De bijstelling wordt vooral verklaarddoor een hoger aantal uitkeringen. Er is daarnaast een relatief beperkteneerwaartse bijstelling door een lagere gemiddelde uitkering. Persaldo is sprake van een opwaartse bijstelling.–De raming voor de Wet Betaald ouderschapsverlof (WBO) wordtmeerjarig naar boven bijgesteld. Het volume wordt opwaarts bijge-steld vanwege het hogere aantal aanvragen en de toegenomen duurvan de gemiddelde uitkering. Anderzijds valt de gemiddelde uitkeringlager uit. Per saldo is sprake van een opwaartse bijstelling.Nominaal–Dit betreft de nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaandemutaties van de uitgaven (grondslag) en als gevolg van aanpassingvan de indexatiepercentages van lonen en prijzen op basis van delaatste macro-economische raming van het CPB (CEP).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 231 3.7 Artikel 7 Kinderopvang Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 18 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 7 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen5.559.98005.559.98028.6995.588.679– 769.724– 760.603– 331.645474.2128.209.901Uitgaven5.561.98005.561.98028.6995.590.679– 769.724– 760.603– 331.645474.2128.209.9017.0Kinderopvang5.561.98005.561.98028.6995.590.679– 769.724– 760.603– 331.645474.2128.209.901Inkomensoverdrachten5.484.89405.484.89451.9155.536.809– 771.886– 773.708– 340.060463.7598.149.272Kinderopvangtoeslag5.484.89405.484.89451.9155.536.809– 771.886– 773.708– 340.060463.7598.149.272Subsidies (regelingen)25.233025.2331.98627.2192.1362.3004.3219.78839.833Kinderopvang4.05004.0504504.5004504502.3957.7829.350Subsidies Caribisch Nederland21.183021.1831.53622.7191.6861.8501.9262.00630.483Opdrachten12.268012.268– 6.7275.541– 3.9562.3641.0291009.294Overige Opdrachten5.37605.376– 3.0512.325– 4.6351.5355001007.602Opdrachten CaribischNederland1.69201.6928242.51667982952901.692Opdrachten StelselherzieningKO5.20005.200– 4.50070000000Bekostiging1.10101.1017451.84600001.736Stichting ProjectenbureauPublieke Gezondheid van deVereniging van PubliekeGezondheid en VeiligheidNederland (ProjectbureauPGV)1.10101.1017451.84600001.736Bijdrage aan agentschappen8.67808.6781.0169.6942.0161.8658655659.243Agentschap DUO8.67808.6781.0169.6942.0161.8658655659.243Bijdrage aan medeoverheden29.806029.806– 20.2369.5701.9666.5762.2000523Versterking KinderopvangSamenwerking BES(t) 4 kidsCN5.88005.880– 2.5003.38002.50000523SPUK kwijtschelden schuldenKinderopvang23.926023.926– 17.7366.1901.9664.0762.20000Ontvangsten1.958.67101.958.67115.6021.974.27324.99373.836176.889218.1351.939.493 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 28,7miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen. De mutatie bij deontvangsten is € 15,6 miljoen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 99,8%.UitgavenInkomensoverdrachten–De verwachte uitgaven Kinderopvangtoeslag (KOT) zijn in de meestejaren naar boven bijgesteld. Dit komt hoofdzakelijk doordat uit deuitvoeringsinformatie van Dienst Toeslagen blijkt dat het aantalkinderen dat gebruikmaakt van kinderopvang in 2025 naar verwachtingsterker toeneemt dan eerder verwacht. Ook komt de werkloosheid inde nieuwe CPB-prognose lager uit dan eerder werd verwacht. Alsgevolg daarvan neemt het gebruik van kinderopvang toe en daarmeeook de uitgaven Kinderopvangtoeslag.–In het hoofdlijnenakkoord (HLA) is afgesproken om per 2027 eennieuwe financiering van kinderopvang in te voeren. Het betreft eeningrijpende wijziging zowel voor de uitvoering als de kinderopvangor-ganisaties. Om een goede overgang te borgen, is mede op basis vangesprekken met de kinderopvangsector besloten meer tijd te nemenvoor de implementatie van en overgang naar de nieuwe financiering.In 2029 gaat het nieuwe financieringsstelsel in, met een hogeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 232 inkomensonafhankelijke vergoeding voor alle inkomens. Met debeschikbare ingroeipadmiddelen wordt kinderopvang voor een groterdeel van de werkende huishoudens bijna gratis. Het wetgevingstrajectvoor de nieuwe financiering gaat onverminderd door om de sector opzo kort mogelijke termijn duidelijkheid te geven.–In 2029–2038 wordt jaarl(ks € 24 miljoen gereserveerd voor maatrege-len die de toegankel(kheid van kinderopvang borgen en zorgen vooreen soepele transitie naar het nieuwe financieringsstelsel. Met dezereservering kunnen op een later moment mitigerende maatregelenworden uitgewerkt.–De maatregel uit het hoofdlijnenakkoord om de maximum uurprijzenin 2026 eenmalig niet te indexeren wordt teruggedraaid. Dat betekentdat de maximum uurprijzen in 2026 aangepast worden aan deverwachte loon- en prijsontwikkeling. Dit wordt in de begroting van2026 zichtbaar.–De besparing als gevolg van het nieuwe invoeringsjaar wordt ingezetvoor het verhogen van de vergoedingspercentages in aanloop naar denieuwe financiering en ter dekking van de opgaven op de SZW-begroting. De kinderopvangtoeslag wordt in de jaren 2026, 2027 en2028 stapsgewijs en geleidelijk verhoogd.–In 2025 komen de verwachte uitgaven aan kinderopvangtoeslag persaldo € 52 miljoen hoger uit. In de volgende jaren komen de uitgavenlager uit: € 772 miljoen in 2026, € 774 miljoen in 2027 en € 340miljoen in 2028. In 2029 komen de uitgaven juist hoger uit (€ 464miljoen). Dat houdt met name verband met meer nabetalingen over detoeslagjaren 2027 en 2028 als gevolg van de invoering van directefinanciering per 2029.Ontvangsten–In de meeste jaren zijn de ontvangsten naar boven bijgesteld. Dithoudt met name verband met de hogere uitgaven als gevolg van hetgestegen gebruik van kinderopvang. Als gevolg van het grondslage-ffect werken de hogere uitgaven, met vertraging, door in hogereontvangsten.–Vanwege de invoering van het nieuwe kinderopvangstelsel per 2029zijn er over de toeslagjaren 2027 en 2028 onder andere meer terugvor-deringen (er zijn ook meer nabetalingen). Als gevolg daarvan komenook de ontvangsten hoger uit, met name in 2028 en 2029.3.8 Artikel 8 Oudedagsvoorziening Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 19 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 8 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Art.Verplichtingen62.751062.751– 7162.68067669069580579.393Uitgaven62.751062.7519162.84283885285796779.5558.0Oudedagsvoorziening62.751062.7519162.84283885285796779.555Inkomensoverdrachten62.390062.390– 10862.28263965365876879.009AOV inclusief tegemoetkoming(Caribisch Nederland)60.408060.40861661.02463665365876879.009Overbruggingsregeling AOW8070807– 8971830000Gebaar erkenning Surinaamseouderen1.17501.175– 63554000000Opdrachten3610361199560199199199199546Opdrachten3610361199560199199199199546Ontvangsten0002.2052.20500000 Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 233 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 71duizend bij de uitgaven en € 91 duizend bij de verplichtingen. De mutatiebij de ontvangsten is € 2,2 miljoen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 99,9%.OntvangstenDe gerealiseerde uitkeringslasten van het Gebaar van erkenning voorSurinaamse ouderen vielen in 2024 € 2,1 miljoen lager uit dan verwacht.Dit resulteert in een terugontvangst van de SVB in 2025. De verklaringvoor de lagere uitkeringslasten is dat er zich minder mensen hebbengemeld voor het gebaar.Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinancierdTabel 20 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 8 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen55.218.620055.218.62063.20255.281.822– 16.87352.104– 52.321– 177.92072.190.960Uitgaven55.218.620055.218.62063.20255.281.822– 16.87352.104– 52.321– 177.92072.190.9608.0Oudedagsvoorziening55.218.620055.218.62063.20255.281.822– 16.87352.104– 52.321– 177.92072.190.960Inkomensoverdrachten55.218.620055.218.62063.20255.281.822– 16.87352.104– 52.321– 177.92072.190.960AOW52.752.365052.752.365– 11.75252.740.613– 34.069– 55.882– 72.255– 82.08257.983.529AOW nominaal2.466.25502.466.25574.9542.541.20917.196107.98619.934– 95.83814.207.431Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 63,2miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.UitgavenInkomensoverdrachtenDe raming van de AOW-uitkeringslasten wordt meerjarig neerwaartsbijgesteld: € 11,8 miljoen in 2025 oplopend tot € 82,9 miljoen in 2030. Ditwordt verklaard door een neerwaartse bijstelling van het aantal personenmet een AOW-uitkering. Het CBS verwacht namelijk dat het aantalpersonen met een AOW-gerechtigde leeftijd de komende jaren zal blijvengroeien, maar minder hard dan vorig jaar werd geraamd. Daarnaast wordtook het gemiddelde opbouwpercentage voor de groep die een gekorteAOW ontvangt, neerwaarts bijgesteld. Tegenover de neerwaartsebijstelling door het aantal gerechtigden en het opbouwpercentage, staateen opwaartse bijstelling door een groter aandeel alleenstaandenAOW-gerechtigden. Dit volgt uit de nieuwe CBS-huishoudensprognose.NominaalDe bijstelling van de nominale ontwikkeling van de AOW is zowel hetgevolg van de aanpassing van de indexatiepercentages op basis van delaatste macro-economische raming van het CPB (CEP) als van boven-staande mutaties van de uitkeringen (grondslag). De aanpassing van deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 234 indexatiepercentages leidt tot en met 2028 tot een opwaartse bijstellingvan de nominale ontwikkeling en vanaf 2029 tot een neerwaartsebijstelling van de nominale ontwikkeling. In totaal loopt de neerwaartsebijstelling op tot € 296 miljoen in 2030.3.9 Artikel 9 Nabestaanden Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 21 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 9 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Art.Verplichtingen3.48703.487– 3373.150– 312– 281– 268– 2583.288Uitgaven3.48703.487– 3373.150– 312– 281– 268– 2583.2889.0Nabestaanden3.48703.487– 3373.150– 312– 281– 268– 2583.288Inkomensoverdrachten3.48703.487– 3373.150– 312– 281– 268– 2583.288AWW (Caribisch Nederland)3.48703.487– 3373.150– 312– 281– 268– 2583.288Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 0,3miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 100%.Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinancierdTabel 22 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 9 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen355.1310355.131– 7.117348.014– 8.379– 9.590– 11.594– 13.116365.651Uitgaven355.1310355.131– 7.117348.014– 8.379– 9.590– 11.594– 13.116365.6519.0Nabestaanden355.1310355.131– 7.117348.014– 8.379– 9.590– 11.594– 13.116365.651Inkomensoverdrachten355.1310355.131– 7.117348.014– 8.379– 9.590– 11.594– 13.116365.651ANW328.0020328.002– 7.002321.000– 9.105– 10.079– 11.430– 11.782288.311Tegemoetkoming ANW5.73705.737– 995.638– 132– 148– 170– 1765.074ANW nominaal21.323021.323– 1421.309937726126– 1.02571.577Tegemoetkoming ANWnominaal69069– 267– 79– 89– 120– 133689Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 7,1miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.UitgavenInkomensoverdrachten–De raming van de Anw-uitkeringslasten wordt meerjarig neerwaartsbijgesteld. De voornaamste verklaring hiervoor is de bijstelling van hetaantal personen met een Anw-uitkering. Er zijn minder Anw-gerechtigden ingestroomd dan verwacht. Daarnaast is de verwachtingTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 235 van de Anw-uitkeringen die met terugwerkende kracht worden betaaldnaar beneden bijgesteld. Tot slot kan de neerwaartse bijstellingworden verklaard door een lagere gemiddelde prijs. De Anw-tegemoetkoming volgt de trend van de Anw. Dit leidt tot een neer-waartse bijstelling van € 7,1 miljoen in 2025 die oploopt tot € 13,1miljoen in 2030.3.10 Artikel 10 Tegemoetkoming ouders Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 23 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 10 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5)= (3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen10.077.412010.077.412– 200.4189.876.994– 158.546– 292.463– 259.842– 235.4989.180.045Uitgaven10.077.412010.077.412– 200.4189.876.994– 158.546– 292.463– 259.842– 235.4989.180.04510.0Tegemoetkoming ouders10.077.412010.077.412– 200.4189.876.994– 158.546– 292.463– 259.842– 235.4989.180.045Inkomensoverdrachten10.077.412010.077.412– 200.4189.876.994– 158.546– 292.463– 259.842– 235.4989.180.045Algemene Kinderbijslagwet(AKW)4.616.50504.616.50515.7544.632.25919.99823.52723.94024.2014.555.972Wet op het KindgebondenBudget (WKB)5.447.32305.447.323– 217.7545.229.569– 180.176– 317.706– 285.541– 261.5074.608.472Kinderbijslagvoorziening BES13.584013.5841.58215.1661.6321.7161.7591.80815.601Ontvangsten362.1590362.159– 29.932332.227– 24.634– 21.045– 24.371– 25.148322.758 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt – € 200,4miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen. De mutatie bij deontvangsten is – € 30,0 miljoen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 100%.UitgavenInkomensoverdrachten–De uitgaven voor de AKW voor de periode 2025–2030 zijn meerjarignaar boven bijgesteld. De bijstelling is het gevolg van hogererealisatiecijfers, een opwaarts bijgestelde bevolkingsprognose en eentoename in het aantal kinderen waarvoor recht bestaat op een hogerbedrag aan kinderbijslag vanwege intensieve zorg.–De uitgaven van het kindgebonden budget (WKB) zijn voornamelijk alsgevolg van diverse beleidsmaatregelen naar beneden bijgesteld. Hetgaat daarbij met name om het steiler afbouwen van de WKB vanaf eeninkomen van 60.000 euro (prijspeil 2024), hetgeen een structurelebesparing oplevert van circa € 300 miljoen. Deze maatregel dient terdekking van de structurele tegenvaller op de SZW-begroting. Daar-naast is besloten om het knelpunt samengestelde gezinnen per 2027op te lossen, deze maatregel wordt bekostigd uit het verlagen van devermogensgrenzen in de zorgtoeslag en WKB.–Verder zijn de WKB-uitgaven meerjarig naar beneden bijgesteld omdatDienst Toeslagen bij het inschatten van de inkomens uitgaat van eensterkere inkomensstijging dan de verwachte loonontwikkeling,waardoor de voorschotten die ouders tijdens het jaar ontvangen lageruitkomen. In latere jaren leidt dit tot meer nabetalingen (en minderterugvorderingen, zie hiervoor de mutatie op de ontvangsten),Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 236 waardoor de meevaller na 2025 in omvang afneemt. Omdat het totalerecht (ofwel de beschikkingen) op basis van realisatiecijfers naarbeneden is bijgesteld en daarnaast ook de structurele loonontwikkelingneerwaarts is bijgesteld, zijn er ook structureel lagere WKB-uitgaven.OntvangstenDe WKB-ontvangsten zijn meerjarig naar beneden bijgesteld. Dit houdtmet name verband met de lagere voorschotten gedurende het jaar (dit istoegelicht bij de mutatie op de uitgaven). Als gevolg daarvan zijn er, naastmeer nabetalingen, ook minder terugvorderingen.3.11 Artikel 11 Uitvoering Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 24 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 11 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen682.0200682.02018.065700.0858.464– 3.641– 7.721– 10.920662.563Uitgaven681.8200681.82018.065699.8858.464– 3.641– 7.721– 10.920662.56311.0Uitvoering681.8200681.82018.065699.8858.464– 3.641– 7.721– 10.920662.563Opdrachten2.40002.400– 3912.009– 133– 126– 100– 652.335Handhaving smal2.40002.400– 3912.009– 133– 126– 100– 652.335Bekostiging12.823012.823– 42612.3975.6422.7952.6712.67212.021Uitvoeringskosten CN12.823012.823– 42612.3975.6422.7952.6712.67212.021Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s665.0880665.08818.689683.7772.955– 6.310– 10.292– 13.527646.984Uitvoeringskosten UWV473.3600473.36014.504487.864– 56– 6.355– 8.841– 11.688456.599Uitvoeringskosten SVB175.9720175.9721.131177.1031.097– 1.919– 3.371– 3.759172.289UitvoeringskostenInlichtingenbureau (IB)15.756015.7563.05418.8101.9141.9641.9201.92018.096Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties1.50901.5091931.70200001.223Landelijk Clientenraad1.50901.5091931.70200001.223Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 18,1miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 93,2%.UitgavenBijdrage ZBO’s/RWTsUitvoeringskosten UWV: Er is een technische herschikking van € 7,5miljoen naar artikel 11. Dit betreft middelen die op artikel 99 gereserveerdstonden voor NOW-uitvoeringskosten. Deze zijn overgeheveld naar artikel11 uitvoeringskosten UWV voor het afwikkelen van de NOW-regelingen in2025 door UWV.Budgettaire gevolgen van beleid, premiegefinancierdTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 237 Tabel 25 Budgettaire gevolgen van beleid premiegefinancierd artikel 11 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen2.466.63602.466.63632.0262.498.662129.907101.754– 6.590– 37.5413.099.422Uitgaven2.466.63602.466.63632.0262.498.662129.907101.754– 6.590– 37.5413.099.42211.0Uitvoeringskosten2.466.63602.466.63632.0262.498.662129.907101.754– 6.590– 37.5413.099.422Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s2.466.63602.466.63632.0262.498.662129.907101.754– 6.590– 37.5413.099.422Uitvoeringskosten UWV2.153.30002.153.30020.9102.174.210107.70778.262– 12.843– 33.7322.276.063Uitvoeringskosten SVB212.7150212.715– 2.833209.882– 4.672– 5.815– 7.376– 8.963212.565Uitvoeringskosten UWVnominaal91.650091.65012.924104.57425.67428.37013.4145.909559.135Uitvoeringskosten SVBnominaal8.97108.9711.0259.9961.198937215– 75551.659Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 32,0miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.UitgavenBijdrage aan ZBO’s / RWT’sUitvoeringskosten UWV–De uitvoeringskosten UWV worden naar boven bijgesteld. Dit is metname het gevolg van een bijstelling in de WIA-volumes (€ 54 miljoenstructureel). Dit effect wordt deels gedempt doordat de WW-volumesnaar beneden zijn bijgesteld (€ 7,5 miljoen structureel).–De herstelactie WIA-dagloon leidt incidenteel tot hogere uitvoerings-kosten bij UWV, € 53 miljoen cumulatief in 2025–2027. Daarnaast zijner incidenteel hogere uitvoeringskosten naar aanleiding van deuitspraak van de Centrale Raad van Beroep van juli 2024 met betrek-king tot loonloze tijdvakken (€ 6,4 miljoen in 2026 en € 3,6 miljoen in2027).–De vraag naar sociaal-medische beoordelingen is al tijden groter danhet aantal beoordelingen dat UWV kan verrichten. Hierdoor lopen dewachttijden op en komt de dienstverlening van UWV onder druk testaan. Daarom is structurele aanvullende financiering voor het UWVnodig, zodat taakdelegatie bij sociaal-medische centra kan wordenuitgebreid. De uitgaven stijgen met € 30 miljoen in 2025 oplopend tot€ 36 miljoen in 2027. Vanaf 2028 staat er structureel € 36 miljoengereserveerd op artikel 99.–Voor het verbeteren van de dienstverlening aan mensen in deZiektewet zijn de komende jaren middelen beschikbaar gesteld: € 7miljoen in 2025, € 12 miljoen in 2026 en € 8 miljoen in 2027.–UWV levert een bijdrage aan de taakstelling apparaat uit het hoofdlij-nenakkoord met de 0,5% per jaar waarmee het CPB rekent, oplopendnaar 2% in 2029 en structureel. Dit komt neer op € 49 miljoen voorUWV, waarvan € 40 miljoen premiegefinancierd budget.–UWV is meegenomen in de grondslag van de taakstelling OCW. Ditbetekent dat het budget voor de uitvoeringskosten UWV vanaf 2025€ 26,6 miljoen neerwaarts wordt bijgesteld, waarvan € 22 miljoenpremiegefinancierd budget.NominaalDit betreft de doorwerking van CEP op de nominale ontwikkeling van deuitvoeringskosten UWV.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 238 3.12 Artikel 12 Rijksbijdragen Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 26 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 12 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen28.508.852028.508.852627.80029.136.652949.800452.100– 796.200– 608.80040.179.745Uitgaven28.508.852028.508.852627.80029.136.652949.800452.100– 796.200– 608.80040.179.74512.0Rijksbijdragen28.508.852028.508.852627.80029.136.652949.800452.100– 796.200– 608.80040.179.745Bijdrage aan socialefondsen28.508.852028.508.852627.80029.136.652949.800452.100– 796.200– 608.80040.179.745Kosten heffingskortingenAOW3.876.80003.876.80022.3003.899.100– 40.800– 11.300– 13.60032.0004.963.800Vermogenstekort Ouder-domsfonds24.334.800024.334.800605.50024.940.300990.600463.400– 782.600– 640.80034.908.000Tegemoetkoming arbeids-ongeschikten185.0810185.0810185.0810000191.077Zwangere zelfstandigen112.1710112.1710112.1710000116.868Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 627,8miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 100%.UitgavenBijdrage aan sociale fondsen–De geraamde uitgaven voor de rijksbijdrage aan het Ouderdomsfondsvoor de kosten van heffingskortingen wordt op basis van de CEP-ramingen in 2025 met € 22,3 miljoen naar boven bijgesteld. Dat komtdoordat de geraamde omvang van de heffingskortingen in deinkomstenbelasting nu iets hoger werd geraamd.–De uitgaven aan de rijksbijdragen voor het vermogenstekort van hetOuderdomsfonds wordt voor 2025 met € 605,5 miljoen naar bovenbijgesteld. Een van de oorzaken voor deze bijstelling is dat er voor hetOuderdomsfonds voor 2025 nu € 1.440 miljoen minder premie-ontvangsten worden geraamd. De rijksbijdrage moet dus met ditbedrag stijgen om deze lagere premie-inkomsten aan te vullen. Daarstaat tegenover dat de rijksbijdrage voor 2025 met ongeveer € 877miljoen omlaag kan doordat het Ouderdomsfonds het jaar 2024 heeftafgesloten met een vermogensoverschot.3.13 Artikel 13 Integratie en maatschappelijke samenhang Budgettaire gevolgen van beleid, begrotingsgefinancierdTabel 27 Budgettaire gevolgen van beleid begrotingsgefinancierd artikel 13 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Art.Verplichtingen52.368052.3687.28859.65613.33114.18814.74812.00336.904Uitgaven52.368052.3687.28859.65613.33114.18814.74812.00336.90413.0Integratie en maatschappelijkesamenhang52.368052.3687.28859.65613.33114.18814.74812.00336.904Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 239 Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie2030Inkomensoverdrachten35.718035.7181.34537.0631.5671.9672.6353.16628.344Remigratiewet35.718035.7181.34537.0631.5671.9672.6353.16628.344Subsidies (regelingen)8.59908.59908.599– 9583.5003.5003.5004.422Opbouw kennisfunctie integratie2.66402.66402.66400002.140Vluchtelingenwerk Nederland1.17601.17601.1760000982Overige subsidies algemeen4.75904.75904.759– 9583.5003.5003.5001.300Opdrachten8.05108.0515.94313.99412.7228.7218.6135.3374.138Opdracht Integratie7.35107.3515.94313.29412.7228.7218.6135.3374.138Remigratie7000700070000000Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 7,3miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Juridisch verplichte uitgavenDe juridisch verplichte uitgaven zijn bij stand 1e suppletoire begroting2025 91%.UitgavenOpdrachtenHet opdrachtenbudget voor Integratie wordt in de periode 2025 t/m 2029incidenteel verhoogd met in totaal € 39,3 miljoen. Met deze middelenwordt uitvoering gegeven aan maatregelen uit de Actieagenda Integratieen de Open en Vrije samenleving (Kamerstukken II 2024/25, 32 824, nr.448). De maatregelen zijn gericht op het versterken van waarden ennormen van de open en vrije samenleving (pijler 1 van de actieagenda) enmeedoen en aan de slag met taal en werk (pijler 2 van de actieagenda).Het pakket bevat onder andere de volgende maatregelen: het opzetten vaneen Imamopleiding, het bevorderen van het recht op zelfbeschikking, eenbredere inzet van startbanen voor statushouders, het werken aan eeninclusieve arbeidsmarkt en de verlenging van de specifieke uitkering(SPUK) kansrijke wijken. Ook worden er pilots opgezet voor hetvoorkomen van discriminatie, polarisatie en extremisme. Middelen voorde taaleis in de bijstand staan op artikel 99.4. Niet-beleidsartikelen 4.1. Apparaat Kerndepartement Tabel 28 Budgettaire gevolgen van Apparaat Kerndepartement artikel 96 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen594.7570594.75722.818617.57545.21948.98859.99474.820560.470Uitgaven599.6190599.61922.759622.37845.16148.94759.99474.820560.22996.0Apparaat Kerndepartement599.6190599.61922.759622.37845.16148.94759.99474.820560.229Personele uitgaven488.4760488.47614.229502.70538.71246.53758.07170.448444.626eigen personeel474.7900474.7908.539483.32936.11543.71258.17670.553432.700externe inhuur11.201011.2015.69016.8912.5972.825– 105– 1059.441overige personele uitgaven2.48502.48502.48500002.485Materiële uitgaven111.1430111.1438.530119.6736.4492.4101.9234.372115.603overige materiële uitgaven21.895021.8953.02024.915– 1.053– 923– 923– 92321.055ICT24.067024.0675.23429.3015.9481.9271.7204.24428.973bijdrage aan SSO’s65.181065.18127665.4571.5541.4061.1261.05165.575Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 240 Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Ontvangsten105.0830105.0830105.0830000101.563 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 22,8miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Uitgaven–Bij tabel 3 lichten we de invulling van de taakstelling uit het hoofdlij-nenakkoord toe (zie onder 2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- enontvangstenmutaties).–De mutatie op eigen personeel wordt met name verklaard doordat eendeel van de taakstelling (oorspronkelijk volledig ingeboekt op eigenpersoneel) op een andere manier wordt ingevuld zoals met eenbijdrage vanuit de uitvoeringskosten UWV en SVB.4.2. Nog onverdeeld Tabel 29 Budgettaire gevolgen van Nog omverdeeld artikel 99 (bedragen x € 1.000)Ontwerpbegroting t (1)Mutaties via NvW,moties, amende-menten en ISB (2)Vastgesteldebegroting t (3) =(1) + (2)Mutaties 1esuppletoirebegroting (4)Stand 1esuppletoirebegroting (5) =(3) + (4)Mutatie2026Mutatie2027Mutatie2028Mutatie2029Mutatie 2030Art.Verplichtingen153.567– 34.332119.23528.157147.39287.27664.113173.028100.188442.233Uitgaven153.567– 34.332119.23528.157147.39287.27664.113173.028100.188442.23399.0Nog onverdeeld153.567– 34.332119.23528.157147.39287.27664.113173.028100.188442.233Nog te verdelen153.567– 34.332119.23528.157147.39287.27664.113173.028100.188442.233waarvan apparaat1.45201.452– 805647– 3.832– 1.239– 6.649– 6.6491.352waarvan programma152.115– 34.332117.78328.962146.74591.10865.352179.677106.837440.881Ontvangsten0000000000 ToelichtingHet totaal van de mutaties 1e suppletoire begroting bedraagt € 28,2miljoen bij de uitgaven en de verplichtingen.Uitgaven–Er zijn middelen voor loon- en prijsontwikkeling (LPO) toegevoegd aande SZW-begroting (in 2025 € 79 miljoen).–Er zijn diverse overboekingen naar andere departementen. De grootstevier zijn overboekingen naar het Gemeentefonds voor de rijksbijdragesociale infrastructuur (€ 19,8 miljoen), vroegsignalering als onderdeelvan het IBO problematische schulden (€ 18,7 miljoen), aanpak vanjeugdwerkloosheid (€ 14,9 miljoen) en een aanvullende compensatievoor sociaal ontwikkelbedrijven voor werknemers in de Wsw voor hetvervallen van het Lage-inkomensvoordeel (LIV) in 2025 (€ 8,9 miljoen).Daarnaast is er een overboeking van € 5,9 miljoen in 2025 naar hetGemeentefonds voor informatievoorziening, hulp en dienstverleningaan EU-arbeidsmigranten en kwetsbare werknemers. Er wordt in 2025€ 3,3 miljoen overgeheveld naar JenV voor verschillende maatregelendie onderdeel zijn van de aanpak van problematische schulden.–Daarnaast worden er middelen teruggeboekt van OCW naar SZW voorde aanpak van jeugdwerkloosheid. Dit komt omdat de middelen meteen decentralisatie-uitkering worden verstrekt aan gemeenten (inplaats van via een specifieke uitkering via de begroting van OCW).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 241 –Er zijn verschillende herschikkingen binnen de SZW-begroting. Zowordt er in 2025 € 7,5 miljoen toegekend aan artikel 11 voor deafwikkeling van de NOW-regelingen door het UWV. Daarnaast wordt erin 2025 € 5,1 miljoen herschikt naar artikel 2 en 11 voor de implemen-tatiekosten van het wetsvoorstel Participatiewet in balans en is er eenherschikking van € 4,8 miljoen naar artikel 2 voor de start van plateau1 van Stroomlijning Keten voor Derdenbeslag (SKD). Ook worden ermiddelen voor de uitvoering van de aanbevelingen van het Aanjaag-team Bescherming Arbeidsmigranten verdeeld naar artikel 1 (€ 3,6miljoen) en artikel 96 (€ 2 miljoen). Voor de uitvoering van hetopheffen van het handhavingsmoratorium door de Belastingdienstwordt in 2025 € 4,1 miljoen overgeheveld naar artikel 1.–Verschillende middelen worden overgeheveld vanaf de aanvullendepost naar artikel 99. In totaal wordt er in 2025 € 192,6 miljoenovergeheveld van de envelop Groepen in de knel. Hiervan wordt€ 145,6 miljoen doorgeschoven naar latere jaren om de uitgaven ineen realistischer kasritme te plaatsen. Vervolgens wordt een groot deelvan deze middelen verdeeld naar de betreffende beleidsartikelen enblijven er een aantal reserveringen op artikel 99 staan. Dit laatste geldtonder meer voor de maatregel voor het verbeteren van de werking vanloonkostensubsidie bij beschut werk (€ 34,3 miljoen in 2025). Voordeze mutatie ontvangt uw Kamer voor het zomerreces de onderbou-wing conform de werkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1) alsbijlage bij de voortgangsbrief over de infrastructuur van sociaalontwikkelbedrijven. Ook wordt een reservering getroffen voor hetopzetten van een structurele Individuele Plaatsing en Steun (IPS)regeling voor de gemeentelijke doelgroep (€ 10,6 miljoen in 2027). In2025 wordt € 3,4 miljoen herschikt naar artikel 96 voor een uitbreidingvan de NLA. Daarnaast wordt er in 2025 € 8,1 miljoen overgeheveldvanaf de aanvullende post vanuit de envelop Arbeidsmarkt, armoedeen schulden voor de implementatiekosten van Participatiewet inbalans.–Ook zijn er diverse nieuwe reserveringen. Zo is er een structurelereservering van € 197 miljoen getroffen voor de opvolging van deaanbevelingen van de Onafhankelijke Commissie Toekomst Arbeidson-geschiktheidsstelsel (OCTAS). Deze reservering bouwt in 50 jaargeleidelijk op naar het structurele bedrag. Daarnaast wordt er jaarlijks€ 24 miljoen gereserveerd van 2029–2038 voor nader uit te werkenmaatregelen die de toegankelijkheid van kinderopvang borgen enzorgen voor een soepele transitie naar het nieuwe financieringsstelsel.Voor deze mutaties ontvangt uw Kamer de onderbouwing conform dewerkwijze Beleidskeuzes uitgelegd (CW3.1) voordat over het inhoude-lijke beleidsvoorstel in de Kamer wordt gestemd. De middelen dievrijvallen door uitstel van het wetsvoorstel Participatiewet in balansworden gereserveerd op artikel 99 voor de implementatiekosten vandit wetsvoorstel. Dit gaat om € 23,9 miljoen in 2025. Voor deze mutatieheeft uw Kamer de onderbouwing conform de werkwijze Beleidskeu-zes uitgelegd (CW3.1) ontvangen in Kamerstukken 2023–2024, 36 852nr. 2. Vanaf 2027 worden er extra middelen voor gemeenten gereser-veerd voor de uitvoering van de taaleis in de Participatiewet. In 2027gaat het om een bedrag van € 3,7 miljoen, oplopend tot € 17,4 miljoenstructureel. Ook wordt er een reservering van € 9,6 miljoen in 2025getroffen voor het tussentijdse maatregelenbesluit handhaving.–Om beter aan te sluiten bij het verwachte kasritme van de uitgavenvinden er ook een aantal kasschuiven plaats. Dit geldt onder meer voormiddelen voor SKD (€ 12,4 miljoen in 2025 wordt doorgeschoven naarlatere 2028 en 2029). Voor de implementatiekosten van het wetsvoor-stel Participatiewet in balans worden juist middelen uit 2027 en verdergeschoven naar 2025 (€ 7,3 miljoen) en 2026 (€ 11,9 miljoen).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 242 –Tot slot vervallen er een aantal reserveringen op artikel 99. Dit geldtbijvoorbeeld voor de reservering die is gemaakt naar aanleiding vanhet IBO problematische schulden voor het aanpakken van schulden-problematiek, deze vervalt vanaf 2029 (€ 99 miljoen in 2029). Ookvervalt de reservering om netto in plaats van bruto terug te vorderenvanaf 2029 (€ 31 miljoen per jaar vanaf 2029). Daarnaast vervalt dereservering van € 24,5 miljoen voor een mogelijke tegemoetkomingvoor een groep arbeidsongeschikte zzp’ers en komt in 2025 € 8,8miljoen van de middelen voor de uitvoering van de aanbevelingen vanhet Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten niet tot besteding.Verder valt er € 4 miljoen in 2025 vrij voor de implementatie van deEU-richtlijn over loontransparantie. De reservering van € 2,3 miljoenvoor uitvoeringskosten van de tijdelijke WIA-maatregel «praktischbeoordelen» valt ook vrij.5. Bijlagen 5.1. Bijlage 1: Lijst van afkortingen Tabel 30AfkortingBetekenisACOIAdviescommissie Openbaarheid en InformatiehuishoudingAFMAutoriteit Financiële MarktenAHKAlgemene heffingskortingAIOAanvullende Inkomensvoorziening OuderenAKWAlgemene KinderbijslagwetAMvBAlgemene maatregel van bestuurAnwAlgemene Nabestaandenwet / NabestaandenfondsAOArbeidsongeschiktheid, of Algemeen OverlegAofArbeidsongeschiktheidsfondsAOVAlgemene Ouderdomsverzekering Caribisch Nederland, of Arbeidsonge-schiktheidsverzekeringAOWAlgemene Ouderdomswet / OuderdomsfondsAPPArmoedebeleid, Participatie en PensioenenArboArbeidsomstandighedenASBAssurantiebelastingATWArbeidstijdenwetavvWet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren vanbepalingen van collectieve arbeidsovereenkomstenAWfAlgemeen WerkloosheidsfondsAwirAlgemene Wet Inkomensafhankelijke RegelingenAWWAlgemene Weduwen- en Wezenverzekering Caribisch Nederland, ofAlgemene Weduwen en WezenwetAZCAsielzoekerscentrumBAZBasisverzekering Arbeidsongeschiktheid ZelfstandigenBbzBesluit bijstandsverlening zelfstandigenBESBonaire, Sint-Eustatius en Saba (samen Caribisch Nederland)BIKKBijdrage in kosten kortingenBKWIBureau Keteninformatisering Werk en InkomenBMIPBrabants Migratie InformatiepuntBNCBeoordeling Nieuwe CommissievoorstellenBNPLBuy Now Pay LaterBRPBasisregistratie PersonenBrzoBesluit risico’s zware ongevallenBZ(Ministerie van) Buitenlandse ZakenBZK(Ministerie van) Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiescaoCollectieve arbeidsovereenkomstCASSAdministratief Centrum voor de sociale zekerheid van de RijnvarendenCBSCentraal Bureau voor de StatistiekCIZCentrum Indicatiestelling ZorgCJIBCentraal Justitieel IncassobureauCMDCommon Mental DisorderCNCaribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius, Saba)COACentraal Orgaan opvang AsielzoekersCPBCentraal PlanbureauCSEChronic solvent-induced encephalopathy, een aandoening van het centralezenuwstelsel als gevolg van de langdurige blootstelling aan oplosmiddelenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 243 AfkortingBetekenisCtgbCollege voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biocidenDGADuurzaam geen arbeidsvermogenDIDuurzame inzetbaarheidDKIZDubbele kinderbijslag intensieve zorgDMSDocument Management SysteemDNBDe Nederlandsche BankDUODienst Uitvoering OnderwijsEKEerste KamerELAEuropean Labour Authority (Europese Arbeidsautoriteit)EMUEconomische en Monetaire UnieEPAErnstige psychische aandoeningEPSCORaad Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en Consumenten-zakenERD ZWEigenrisicodragen ZiektewetESB-regelingSubsidieregeling voor scholing en re-integratie van personen met arbeids-beperkingen en ernstige scholingsbelemmeringenESFEuropees Sociaal FondsESF+Europees Sociaal Fonds PlusETK-regelingExtra Territoriale Kosten regelingEUEuropese UnieEZ(Ministerie van) Economische ZakenFIN(Ministerie van) FinanciënG&VWGezond en Veilig WerkenGGDGemeentelijke of Gemeenschappelijke GezondheidsdienstGGZGeestelijke gezondheidszorgGHORGeneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de RegioGIPsGrensinformatiepuntenGWVGenerieke WerkgeversvoorzieninghavoHoger algemeen voortgezet onderwijsHLAHoofdlijnenakkoordHVPHerstel- en VeerkrachtplanIASInstituut AsbestslachtoffersIBInlichtingenbureauIBOInterdepartementaal BeleidsonderzoekIBPVInstelling voor bedrijfspensioenvoorzieningIHHInformatiehuishoudingILOInternational Labour OrganizationIO&EInspectie Overheidsinformatie en ErfgoedIOAOWInkomensondersteuning AOW-gerechtigdenIOAWInkomensvoorziening Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte werklozeWerknemersIOAZInkomensvoorziening Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte gewezenZelfstandigenIORPEuropese PensioenfondsrichtlijnIOWInkomensvoorziening Oudere WerklozenIPSIndividuele Plaatsing en SteunIUSDIntegratie-uitkering sociaal domeinIVAInkomensvoorziening voor volledig en duurzaam arbeidsongeschiktenJenV(Ministerie van) Justitie en VeiligheidJeugd-LIVTegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon, of Minimumjeugdloon-voordeelKISKennisplatform Inclusief SamenlevenKOKinderopvangKOTKinderopvangtoeslagLCRLandelijke CliëntenraadLIVLage-inkomensvoordeelLKSLoonkostensubsidieLKVLoonkostenvoordelenLLOLeven Lang OntwikkelenLOCOVLongitudinaal Onderzoek Cohort Oekraïense VluchtelingenLOCSLongitudinaal Onderzoek Cohort StatushoudersLRKLandelijk Register Kinderopvangmbomiddelbaar beroepsonderwijsMCKWMobiliteitscentrum Kolenketen WesthavenMDIEUMaatwerkregeling duurzame inzetbaarheid en eerder uittredenMEVMacro-economische VerkenningMIPMeerjarig investeringsprogrammaMkbMidden- en kleinbedrijfMKBAMaatschappelijke Kosten-BatenanalyseMlnMiljoenNCDRNationaal Coördinator tegen Discriminatie en RacismeNEANationale Enquête ArbeidsomstandighedenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 244 AfkortingBetekenisNGFNationaal GroeifondsNibudNationaal instituut voor budgetvoorlichtingNLNederlandNLANederlandse ArbeidsinspectieNOWTijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor WerkgelegenheidNPLVNationaal Programma Leefbaarheid en VeiligheidNVVKBranchevereniging voor schuldhulpverlening, sociaal bankieren enbewindvoeringNWONederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk OnderzoekOBROverbruggingsregeling AOWOCTASOnafhankelijke commissie toekomst arbeidsongeschiktheidsstelselOCW(Ministerie van) Onderwijs, Cultuur en WetenschapOPSOrgano Psycho SyndroomOVOngevallenverzekering Caribisch NederlandPgbPersoonsgebonden budgetPGVStichting Projectenbureau Publieke Gezondheid van de Vereniging vanPublieke Gezondheid en Veiligheid NederlandPIPPlan Inburgering en ParticipatiePOC KOT, of POKParlementaire ondervragingscommissie KinderopvangtoeslagPPIPremiepensioeninstellingPRKPersonenregister KinderopvangProPraktijkonderwijspSGPlaatsvervangend secretaris-generaalPWRIPensioenfonds Werk en (Re-)IntegratieRBKRegister Buitenlandse KinderopvangRBVRijksbegrotingsvoorschriftenRCNRijksdienst Caribisch Nederland (unit Sociale Zaken en Werkgelegenheid)REACH CLPRegistration, Evaluation, Authorisation en restriction of Chemicals andClassification, Labelling en PackagingREACT-EURecovery Assistance for Cohesion and the Territories of EuropeRI&ERisico-inventarisatie en -evaluatieRIHHRegeringscommissaris InformatiehuishoudingRISRapportage integratie en samenlevenRIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en MilieuRNIRegistratie niet-ingezetenenRMTRegionaal mobiliteitsteamRSORijksschoonmaakorganisatieRVORijksdienst Voor Ondernemend NederlandRVURegeling voor vervroegde uittredingRvWRegeling van WerkzaamhedenRWCRegionale werkcentraRWTRechtspersoon met een Wettelijke TaakSBBSamenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs BedrijfslevenSBCMStichting Beheer Collectieve MiddelenSCPSociaal en Cultureel PlanbureauSEAStrategische Evaluatie AgendaSERSociaal-economische RaadSGSecretaris-generaalSiSaSingle information Single auditSLIMStimuleringsregeling leren en ontwikkelen in mkb-ondernemingenSMISociaal-medische indicatieSPUKSpecifieke UitkeringSSOShared Service OrganisatieSTAPStimulering ArbeidsmarktpositieStb.StaatsbladSUWIStructuur Uitvoeringsorganisatie Werk en InkomenSVBSociale VerzekeringsbankSwSociale werkvoorzieningSZSociale ZekerheidSZI(Directoraat Generaal) Sociale Zekerheid en IntegratieSZW(Ministerie van) Sociale Zaken en WerkgelegenheidTASRegeling Tegemoetkoming AsbestslachtoffersTKTweede KamerTNOOrganisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk OnderzoekTOGSTegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19TozoTijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemersTSBTegemoetkoming Stoffengerelateerde BeroepsziektenTVLTegemoetkoming Vaste LastenTWToeslagenwetTwvTewerkstellingsvergunningUfoUitvoeringsfonds voor de overheidUNUnited NationsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 245 AfkortingBetekenisUVBUitvoering Van BeleidUWVUitvoeringsinstituut WerknemersverzekeringenVbarVerduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoedenVEVoorschoolse educatieVGRVoortgangsrapportageVIAVoor een Inclusieve ArbeidsmarktVIMVereenvoudiging Inkomensondersteuning voor MensenVNVerenigde NatiesVNGVereniging van Nederlandse GemeentenVOGVerklaring Omtrent het GedragVsoVoortgezet speciaal onderwijsVutVervroegde uittredingvwoVoorbereidend wetenschappelijk onderwijsVWS(Ministerie van) Volksgezondheid, Welzijn en SportWaadiWet allocatie arbeidskrachten door intermediairsWabWet arbeidsmarkt in balansWagwEUWet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese UnieWajongWet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicaptenWamilWet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairenWAOWet op de ArbeidsongeschiktheidsverzekeringWASWet aanpak schijnconstructiesWaUWerk aan UitvoeringWavWet arbeid vreemdelingenWAZWet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering ZelfstandigenWAZOWet Arbeid en ZorgWBOWet betaald ouderschapsverlofWEAWerkgevers Enquête ArbeidWEUWet eenmalige gegevensuitvraag werk en inkomenWfwWet flexibel werkenWGARegeling Werkhervatting Gedeeltelijk ArbeidsgeschiktenWGOWetgevingsoverlegWhkWerkhervattingskasWIAWet Werk en Inkomen naar ArbeidsvermogenWKBWet op het Kindgebonden BudgetWkoWet kinderopvangWlzWet langdurige zorgWmlWet minimumloon en minimumvakantiebijslag / Wettelijk minimumloonWobWet openbaarheid van bestuurWooWet open overheidWORWet op de OndernemingsradenWsnpWet schuldsanering natuurlijke personenWswWet sociale werkvoorzieningWtlWet tegemoetkomingen loondomeinWtpWet toekomst pensioenenWttaWet toelating ter beschikkingstelling van arbeidskrachtenWWWerkloosheidswetWJWWet werken waar je wiltZBOZelfstandig BestuursorgaanZEAZelfstandigen Enquête ArbeidZEZRegeling Zelfstandig En ZwangerZonMwNederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatieZVZiekteverzekering Caribisch NederlandZVWZorgverzekeringswetZWZiektewetzzpZelfstandige zonder personeel Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 725 XV, nr. 246
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.