KamerkringInloggen
Kamerbrief

Voortgang versterking rootszoektochten en Commissie Onderzoek interlandelijke adoptie in het verleden

13 okt 2020 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 12421ea692c5dba6 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2020–2021 31 265Adoptie Nr. 73 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR RECHTSBESCHERMING Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 13 oktober 2020 Beschikbaarheid van afstammingsinformatie is voor veel mensen vanzelfsprekend. Voor interlandelijk geadopteerden geldt dat niet. Zij zijn grotendeels afhankelijk van hetgeen in hun adoptiedossiers staat vermeld. Als interlandelijk geadopteerden besluiten een zoektocht te ondernemen naar hun afkomst, kunnen zij daarbij problemen ervaren. Bijvoorbeeld omdat de adoptiedossiers onvolledig zijn. Ik wil bereiken dat geadop-teerden gebruik kunnen maken van kwalitatieve ondersteuning als zij zoeken naar afstammingsgegevens. Daarom heb ik bij brief van 5 december 2019 uw Kamer laten weten het ondersteuningsaanbod aan geadopteerden die zoeken naar hun afkomst te versterken en daarvoor eenmalig 1,2 miljoen ter beschikking te stellen.1 Op 30 juni 2020 heb ik u geïnformeerd over de stand van zaken.2 Ik heb daarbij aangekondigd dat ik dit jaar samen met Fiom en betrokken (belangen)organisaties werk aan oplossingen voor vraagstukken omtrent informatiedeling, dossiervoering, en kennisontwikkeling. Ik heb aange-kondigd dit jaar een eerste besluit te nemen over de aanwending van een deel van de financiële middelen. Mijn tweede besluit neem ik hierover volgend jaar. Hierbij betrek ik het rapport van de Commissie Onderzoek interlandelijke adoptie in het verleden (COIA) en verdeel ik het resterende budget. In deze brief informeer ik uw Kamer over mijn eerste besluit en over de vervolgstappen. Daarnaast bied ik uw kamer bijgevoegd tussentijds bericht aan van de voorzitter van de COIA waarin de stand van zaken wordt toegelicht3. Besluit versterking rootszoektochten Wanneer geadopteerden willen zoeken naar hun herkomst, kunnen zij op dit moment terecht bij Fiom en bij enkele (belangen)organisaties die zijn 1Kamerstuk 33 836, nr. 47.2Kamerstuk 31 265, nr. 72.3Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl. kst-31265-73ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 31 265, nr. 731 ontstaan vanuit particulier initiatief. Onder mijn regie hebben deze organisaties de afgelopen maanden verkend welke wensen en mogelijk-heden er zijn om het ondersteuningsaanbod te versterken en hoe elke organisatie hieraan kan bijdragen. Hiertoe heb ik eerst een inventarisatie gemaakt van activiteiten waaraan nog dit jaar een financiële impuls kan worden gegeven. Tussen de organisaties bestaan grote verschillen in de wensen en noden. Daarom streef ik naar maatwerk in de financiering. Ten aanzien van de eerste tranche van de beschikbare middelen heb ik het volgende besloten. Projectfinanciering belangenorganisaties Ik financier dit jaar en volgend jaar uiteenlopende activiteiten van belangenorganisaties. Hierbij gaat het concreet om het organiseren van lotgenoten- en informatiebijeenkomsten, het (door)ontwikkelen van hun websites, het ontwikkelen van communicatiemiddelen en om het opzetten van campagnes, bijvoorbeeld met als doel hun netwerk in herkomst-landen uit te breiden. Verschillende belangenorganisaties hebben wensen naar voren gebracht die verder strekken. Een belangrijk onderdeel hiervan is het DNA-onderzoek. Daarnaast gaat het om specifieke werkzaamheden van organisaties in de landen van herkomst, zoals het opzetten van recon-nection homes waar afstandouders naar toe kunnen als zij op zoek zijn naar hun kinderen. Ik sta in beginsel positief tegenover financiering van dit soort activiteiten maar er zullen wel keuzes gemaakt moeten worden. Ik zal deze verderstrekkende wensen daarom betrekken bij mijn besluit over de tweede tranche van de beschikbare middelen. Specifiek ten aanzien van de financiering van DNA-onderzoek zal ik nader onderzoek verrichten naar de mogelijkheden voor DNA-matching in internationale DNA-databanken. Ik wil daarbij zicht krijgen op de haalbaarheid en op de risico’s, bijvoorbeeld omtrent privacy. Centraal informatiepunt Om zoveel mogelijk geadopteerden te ondersteunen bij hun zoektocht, is het noodzakelijk de informatievoorziening over zoektochten van overheidswege te verbeteren. Eerder heb ik aan uw Kamer laten weten centrale toegang tot en begeleiding bij dossierinzage mogelijk te willen maken.4 Ik geef hieraan invulling door een centraal (digitaal) informa-tiepunt te realiseren binnen de rijksoverheid. Hier kunnen geadopteerden terecht voor laagdrempelige informatie over zoektochten en over de beschikbaarheid van ervaringsdeskundigheid of psychologische bijstand. Ook vormt dit informatieknooppunt de toegang tot adoptiedossiers die verspreid in Nederland beschikbaar zijn bij de verschillende organisaties zoals de Centrale autoriteit interlandelijke aangelegenheden (Ca), de vergunninghouders en de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK). Ik bezie daarbij de komende tijd hoe het informatiepunt aansluiting krijgt bij het register ontstaansgeschiedenis. Samenwerkingsverband Verschillende organisaties bieden ondersteuning aan geadopteerden bij zoektochten, of kunnen daaraan een bijdrage leveren. Ik zie veel meerwaarde in een meer uniforme praktijk, die beter op elkaar is afgestemd en uitwisseling van kennis en kunde faciliteert. Door de kennis 4Kamerstuk 33 836, nr. 47.Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 31 265, nr. 732 en het aanbod vanuit de rijksoverheid te verbinden aan de initiatieven van belangenorganisaties kan meer effect worden gesorteerd. Ik constateer dat gaandeweg dit traject een veelbelovende publiek-private samen-werking tot stand is gekomen. Ik wil deze samenwerking bestendigen door een samenwerkingsverband in te richten dat verantwoordelijk wordt voor de uitvoering en implementatie van bovengenoemde acties. Ook kan het samenwerkingsverband een rol spelen bij de implementatie van de aanbevelingen van de COIA. Tot slot Op 13 oktober jl. heb ik mijn voorstellen besproken met de belangen-organisaties. Belangenorganisaties hebben daarbij aangegeven dat zij waardering hebben voor het feit dat de afgelopen maanden intensief gesprek is gevoerd. De organisaties hebben erop aangedrongen maatwerk te leveren waar het gaat om de projectfinanciering. Gelet op de uiteenlopende wensen van de organisaties vraagt dit om een zorgvuldig proces. Tegelijkertijd wordt benadrukt dat sprake is van urgentie. Dit heeft tot gevolg dat sommige organisaties teleurgesteld zijn over het tempo van de voortgang. Een aantal belangenorganisaties voert daarnaast aan dat verdergaande maatregelen nodig zijn, zoals vergoeding van individuele (DNA-)zoektochten. De financiële impuls is echter niet gericht op de bekostiging van individuele zoektochten maar op de versterking van het ondersteuningsaanbod, zoals ook bij brief d.d. 5 december 2019 aan uw Kamer is meegedeeld.5 In eerdergenoemd bericht van de voorzitter van de COIA staat dat zij aanbevelingen zal doen die betrekking hebben op wat volgens de commissie moet gebeuren om betrokkenen nu en in de toekomst verder te helpen. Wanneer het rapport van de COIA beschikbaar is zal ik, na overleg met de belangenorganisaties, zo spoedig mogelijk beslissen over de tweede tranche van de beschikbare middelen en zal ik uw kamer hierover informeren. Ik ben hoopvol dat in het samenwerkingsverband constructieve vervolg-stappen kunnen worden gezet. Ik benadruk dat dit enkel in gezamen-lijkheid tot een succes kan worden gebracht. Tot dusver hebben alle organisaties een grote inzet laten zien, waarvoor ik graag mijn dank uitspreek. De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker5Kamerstuk 33 836, nr. 47.Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 31 265, nr. 733

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · a42244e5028b8ed1

14 okt 2026 · 97bd624c1fec9f3c

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.