Beleids- en wetsontwikkelingen medicinale cannabis
Brontekst
Versie d0da467a0d164134 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 477GeneesmiddelenbeleidNr. 924 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 21 februari 2025Graag informeer ik uw Kamer over laatste ontwikkelingen ten aanzien vanbeleids- en wetsontwikkelingen rondom medicinale cannabis. De laatstebrief die ik hierover aan uw Kamer heb verzonden, heeft u op 13 juni 2024ontvangen (Kamerstuk 29 477, nr. 897).In deze laatste brief schreef ik dat het Ministerie van VWS uiterlijk eind2026 drie beleidswijzigingen en een wetswijziging wilde doorvoeren. Dezewijzigingen geven de markt van medicinale cannabis op een anderemanier vorm. De eerste twee beleidswijzigingen vormen een stapsgewijzerealisatie van ambities op dit dossier onder de huidige Opiumwet, waarbijde tweede beleidsregel structurele verhandeling van medicinale cannabismogelijk maakt, met uitzondering van leveringen aan apotheken inbinnen- en buitenland. De derde beleidswijziging betrof een hervormingvan de toeleveringsketen aan apotheken in binnen- en buitenland. Daarnazou worden toegewerkt naar een wetswijziging, waarin de wettelijke taakvan de Minister van VWS wordt gewijzigd. In het kort: onder andere hetwettelijke alleenrecht voor de Minister van VWS op de verkoop, afleveringen in- en uitvoer van medicinale cannabis zal vervallen. Op deze wijzeworden dit activiteiten die door houders van de relevante Opiumwetont-heffingen kunnen worden uitgevoerd.De eerste beleidsregel uit de hierboven genoemde stapsgewijze invoeringis in september 2024 in werking getreden. De insteek was om de tweedebeleidsregel in januari 2025 in te voeren. Mede als gevolg van deapparaatstaakstelling was meer tijd nodig voor de werving van inspec-teurs om daarmee implementatie van deze beleidsregel op verantwoordewijze te laten plaatsvinden. Ik heb er vertrouwen in dat het Ministerie vanVWS uiterlijk 1 januari 2026 tot uitvoering van de beleidsregel komt.Ik begrijp dat vertraging van de implementatie van de beleidsregel eenonwelkome boodschap kan zijn. De beleidsvoornemens op dit dossierbieden aan veldpartijen meer ruimte om medicinale cannabis te produ- kst-29477-924ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 477, nr. 9241 ceren en via het Bureau Medicinale Cannabis (BMC) te verhandelen. Datzij hun kennis en expertise hiertoe liefst eerder dan later gebruiken, islogisch. Alleen, invoering van dit beleid moet wel verantwoord gebeuren.De taakstelling heeft ervoor gezorgd dat het pad naar deze verantwoordeinvoering langer is geworden.Een weg vooruitAfhankelijk van politieke besluitvorming spreek ik uit dat ik, naastinvoering van de tweede beleidsregel uiterlijk op 1 januari 2026, streefnaar invoering van een Opiumwetswijziging (met bijbehorende nieuwebeleidsregel) uiterlijk per 2027. Voor zowel het beleids- als wetsvoorstelzal tijdig een internetconsultatie worden geopend, zodat inbreng daaruitin het definitieve voorstel kan worden verwerkt.De ambitie om de toeleveringsketen van apotheken in binnen- enbuitenland te hervormen, de derde voorgenomen beleidswijziging, zaluiteindelijk niet meer in een beleidsregel onder de huidige Opiumwetlanden. Om tot verantwoorde hervorming van deze toeleveringsketen tekomen is het nodig dat deze landt in het wetstraject en bijbehorendebeleidstraject. Wel is de wens dat het BMC vanaf 1 januari 2026 stopt methaar opdrachtverlening aan de gecontracteerde teler. Voorzien is dat BMCvanaf dat moment over kan gaan tot levering van medicinale cannabis uitbestaande voorraad, om de Nederlandse patiënt tot de wetswijziging tekunnen voorzien. De levering aan buitenlandse partijen door BMC zal danin de loop van 2026 worden gestopt. Dit alles heeft er ook toe geleid dathet lopende aanbestedingstraject dat tot twee te contracteren telers hadmoeten leiden, is beëindigd.Over verdere ontwikkelingen op dit dossier zal ik uw Kamer en de sectorvan medicinale cannabis, natuurlijk informeren.De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,M-F. AgemaTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 477, nr. 9242
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.