KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag schriftelijk overleg over het Jaarverslag Beheer staatsdeelnemingen 2023 (Kamerstuk 28165, nr. 428)

14 nov 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie f0ae047f8e6661fd · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202528 165Deelnemingenbeleid RijksoverheidNr. 431 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEGVastgesteld 14 november 2024 De vaste commissie voor Financiën heeft een aantal vragen en opmer-kingen voorgelegd aan de Minister van Financiën over de brief van 27 juni2024 over het Jaarverslag Beheer Staatsdeelnemingen 2023 (Kamerstuk28 165, nr. 428).De vragen en opmerkingen zijn op 4 september 2024 aan Minister vanFinanciën voorgelegd. Bij brief van 14 november 2024 zijn de vragenbeantwoord.De voorzitter van de commissie,Nijhof-LeeuwAdjunct-griffier van de commissie,Van der Steur kst-28165-431ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4311 I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties De leden van de NSC-, VVD- en DENK-fracties hebben kennisgenomenvan het Jaarverslag Beheer Staatsdeelnemingen 2023 en hebben daaroverde volgende vragen en opmerkingen.Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDeze leden constateren dat in 2007–2008 het roer om ging bij de staats-deelnemingen. Tot dan toe werden staatsdeelnemingen beschouwd alsiets dat per definitie (op enkele uitzonderingen na, zoals Gasunie en DNB)tijdelijk was. Alle deelnemingen zouden uiteindelijk worden geprivati-seerd. Na de grote beleidswijziging van 2007–2008 werd dit omgedraaid:geen privatisering meer van de overheidsbedrijven, tenzij daarvoor eendringende reden was. De aandelen in deze bedrijven werden niet meerbeschouwd als een pure financiële bezitting, maar als een instrument omvia actief aandeelhouderschap de publieke belangen te borgen. Soms iswet- en regelgeving in de mening van deze leden niet altijd afdoende enkan publiek eigendom het publiek belang beter waarborgen.De leden van de NSC-fractie zijn dan ook blij dat het deelnemingenbeleidin grote lijnen wordt voortgezet met een aantal nadere uitwerkingen ennadere specificaties.Wel hebben deze leden enkele vragen over die deelnemingen die zijnaangewezen, waar het publiek aandeelhouderschap niet langer voldoendetoegevoegde waarde zou hebben. De leden van de NSC-fractie zijn niet opalle punten even overtuigd van de argumenten om deze overheidsbe-drijven op termijn te privatiseren. De leden van de NSC-fractie constaterendat een deel van de opbrengsten van de Nederlandse Loterij naar desportsector gaat. Na privatisering is deze afdracht in beginsel juridischniet meer verplicht en zal mogelijk komen te vervallen. Kan de Ministerhierop ingaan?Klopt het dat de Nederlandse Staat nog steeds 48,7 procent van deaandelen in ABN Amro heeft? Klopt het dat de Staat voor 100 procenteigenaar is van de Volksbank en daarmee dus ook indirect eigenaar is vanASN en Reaal?Deelt de Minister de mening dat een gemengd bankenlandschap (deels inhanden van de overheid, deels privaat en deels coöperatief) een positieveinvloed zou kunnen hebben op het functioneren van de bankensector?Klopt het dat een door de overheid aangeboden default dienst een bodemin de markt kan leggen in termen van (maximale) prijs en (minimale)kwaliteit? Klopt het dat een overheidsbank een nuttige rol zou kunnenspelen in oligopolistische markten, zoals daar zijn de markt voor spaarte-goeden en hypotheken?De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft het oligopolistischekarakter van deze markten onlangs nog bevestigd. De ACM is desondanksniet in staat om hier verandering in te brengen, ook omdat ingrijpen opbasis van artikel 24 van de Mededingingswet in de praktijk zeer moeilijk is.Klopt het dus dat een actieve overheidsbank ingezet kan worden om depositie van de consument te verbeteren?Klopt dat de Volksbank de enige grotere bank is, die nog een relatief grootnetwerk van bankkantoren in stand houdt? Klopt het dat dit niet meergegarandeerd kan worden als de Volksbank eenmaal is geprivatiseerd? Endat het openhouden van bankkantoren en andere voorzieningen eenbelangrijke bijdrage kan leveren? De leden van de NSC-fractie willen juistdat de maatschappelijke verankering van de banken versterkt wordt. DezeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4312 leden vinden de argumentatie dat de Volksbank geprivatiseerd zoumoeten worden, omdat deze bank voor de nationalisatie op 1 februari2013 tot de private sector behoorde niet sluitend. Uiteindelijk gaat heterom hoe het publieke belang optimaal kan worden geborgd en niet omde vraag hoe iets in het verleden tot stand is gekomen. Kan de Ministerhierop ingaan?Zijn de doelinstructie en de statuten bij alle overheidsvennootschappeninmiddels aangepast, in die zin dat het publieke belang dat de staatsdeel-neming dient, tot uiting komt in de doelinstructie en de statuten van devennootschap? Klopt het dat de Raad van Commissarissen zich altijd richtop het «belang van de vennootschap»? Indien de doelinstructie van devennootschap en het publiek belang samenvallen, vallen dan ook hetpublieke belang en het belang van de vennootschap samen? Zo nee,waarom niet?Op welke manier kunnen commissarissen die op voordracht van deoverheid zijn benoemd, beter in staat gesteld kunnen worden om zich terichten op het publieke belang? Kan daarvoor artikel 2:142 BW wordenaangepast?Waarom wordt er nog maar zelden gebruik gemaakt van het artikel 2:129,derde en vierde lid, van het BW, dat de overheidsaandeelhouder eenpassief respectievelijk een actief instructierecht geeft? Worden deaanwezige aandeelhoudersbevoegdheden wel volledig en optimaalbenut?De leden van de NSC-fractie lezen dat het staatsaandeel in Air France-KLMnu 9,1 procent is. In 2019 was dit nog 14 procent. Waarom is dit in detussentijd zo sterk verwaterd? Hoe groot is het staatsaandeel van deFranse Staat? Hoe komt het dat dat veel groter is? In 2019 was het toch debedoeling dat het Nederlandse en Franse aandeel ongeveer gelijk zoudenblijven, om zo de wederzijdse publieke belangen in evenwicht te houden?In hoeverre voldoen de overheidsdeelnemingen aan de man-vrouwverhoudingen zoals neergelegd in Boek 2 van het BW? Waarom is hetpercentage vrouwen onder de bestuurders (33 procent) veel lager dan bijde commissarissen (44 procent)? In hoeverre wordt voldaan aan hetNederlandse Charter Diversiteit?Waarom is het ziekteverzuim bij Holland Casino, Invest-NL en de NSrelatief hoog (>7.5 procent)? Welke actie heeft het Ministerie vanFinanciën als aandeelhouder hierop ondernomen?Op welke manier is het Ministerie van Financiën als aandeelhouderbetrokken bij de voorgenomen tariefsverhoging van negen procent bij deNS? Zijn er alternatieven hiervoor onderzocht en hoe is de overigebesluitvorming hierover verlopen?Wat is de stand van zaken met betrekking tot de kapitaalinjectie in TenneTin het kader van de energietransitie? Wat is de stand van zake metbetrekking tot de Duitse belangen van TenneT? Welke eventuele acties wilde Minister nemen?Op welke manier is Financiën als aandeelhouder van Schiphol betrokkenbij het opkopen van stikstofruimte?Waarom is het jaarverslag van Invest International nog niet gereed?Immers de daarvoor relevante termijnen zijn toch allang verstreken?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4313 Kan de Minister een nadere toelichting geven op het Dashboard Staats-deelnemingen? Wat is de reden dat bijna alle doelstellingen uit de NotaStaatsdeelnemingen 2022 niet gehaald zijn? Kan bijvoorbeeld toegelichtworden waarom slechts zeven procent van de deelnemingen eenalgemene profielschets heeft voor de Raad van Bestuur, terwijl dedoelstelling van de Nota Staatsdeelnemingen 2022 100 procent is?Waarom heeft slechts 66 procent het Charter Diversiteit ondertekend,terwijl de doelstelling 100 procent is? Waarom is er nog geen enkelestrategie beoordeeld?Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractieMet de start van het nieuwe kabinet willen de leden van de VVD-fractieallereerst weten wat het beleid wordt van het nieuwe kabinet ten aanzienvan de staatsdeelnemingen. Kan de Minister dat uiteenzetten? Wat gaat erveranderen ten opzichte van het beleid van het vorige kabinet? Welkeacties wil de Minister de komende kabinetsperiode oppakkDe leden van de VVD-fractie zijn van mening dat het primaire doel in hetbeheer van de staatsdeelnemingen het publieke en financiële belang vande Staat is. Deze leden zien dat, onder andere in het voorliggendjaarverslag, de aandacht en focus grotendeels naar diversiteit,duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen gaat. Hoewaardeert de Minister deze verschillende belangen? Deelt de Minister demening dat het lange termijn financiële resultaat van primair belang is?Welke lijn gaat de Minister daarin kiezen?In zijn algemeenheid willen de leden van de VVD-fractie weten welkerisico’s de Minister ziet voor de verschillende staatsdeelnemingen en waarer mogelijk de komende kabinetsperiode kapitaalinjecties nodig zijn enhoe groot die zijn.NLFI is namens de staat aandeelhouder van de bij voorbaat tijdelijkefinanciële instellingen. Op dit moment zijn dat ABN AMRO en deVolksbank. De leden van de VVD-fractie zijn voorstander van het snel enverantwoord tot nul afbouwen van het belang van de Nederlandse staat indeze financiële instellingen. Wat is in algemene zin het beleid, dan wel devisie van het nieuwe kabinet op dit punt?Wat zijn de plannen van het nieuwe kabinet voor de verdere afbouw vande ABN AMRO als staatsdeelneming? Welke stappen wil de Minister gaanzetten? Het vorige kabinet heeft aangekondigd dat het vooruitlopend opde afronding van de strategie-implementatie door de Volksbank eenrichtinggevend besluit over de toekomst van de Volksbank wil nemen.Wanneer gaat het nieuwe kabinet hierover een besluit nemen?De leden van de VVD-fractie vinden het belangrijk dat de hubfunctie vanSchiphol en daarbij de rol van KLM behouden kan blijven. Het hoofdlij-nenakkoord spreekt ook van het behoud van de netwerkkwaliteit vanSchiphol. Hoe denkt de Minister daaraan bij te kunnen dragen door debetrokken staatsdeelnemingen en het beleid voor staatsdeelnemingen?Als het gaat om Schiphol, hoe kan het dat het salaris voor de COO in deRaad van Bestuur 227.000 euro is in 2023 voor de periode tot 1 februari2023? (pagina 80 van het jaarverslag)?Mede naar aanleiding van de evaluatie van het aandeelhouderschap inkansspelen (Holland Casino en Nederlandse Loterij) zijn de leden van deVVD-fractie voorstander van het beëindigen van het aandeelhouderschap.Wat zijn de plannen en de planning van het nieuwe kabinet hiervoor?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4314 De leden van de VVD-fractie willen de Minister en Staatssecretaris vragenom een reactie te geven op de inhoud van het artikel «Holland Casino inrode cijfers beland» in De Telegraaf van 22 augustus 2024. De leden lezenin dat artikel dat de CFO van Holland Casino niet uitsluit dat HollandCasino bij de overheid aan moet kloppen voor een kapitaalinjectie ofaandeelhouderslening. Om welke bedragen zou het dan kunnen gaan?Hoe staan de Minister en Staatssecretaris hierin?In het artikel van De Telegraaf doet de CFO ook zijn beklag over deverhoging van de kansspelbelasting. Het is de taak en verantwoorde-lijkheid van de leiding van het bedrijf te zorgen op een verantwoordemanier met externe ontwikkelingen om te gaan en actie te ondernemen.Welke plannen, dan wel acties worden er bij Holland Casino (en deNederlandse Loterij) genomen om dit op te kunnen vangen en het bedrijfin de toekomst gezond te houden? Wat verklaart daarnaast de forsafgenomen solvabiliteit van Holland Casino in de periode van 2019 tot enmet 2023?De leden van de VVD-fractie lezen dat in 2025 voor InvestNL voor het eersteen rendementsdoelstelling zal worden opgelegd. Wat zal dezedoelstelling worden en hoe wordt hiertoe besloten? Wat verklaart deafgenomen solvabiliteit van InvestNL?In het Hoofdlijnenakkoord is opgenomen dat InvestNL wordt verstevigdals belangrijk vehikel voor investeringen in innovatie en in de potentie vande economie. Hoe gaat de Minister daar inhoud en een vervolg aangeven? Hoe kijkt de Minister naar Invest International in dit kader?De leden van de VVD-fractie zijn van mening dat het bij staatsdeelnemingprimair draait om het presteren in het publieke belang en dus de mensenin Nederland. Dat geldt zeker ook voor de Nederlandse Spoorwegen.Topman Koolmees van de NS verwacht een pittig najaar voor treinrei-zigers. Die worden onder meer veroorzaakt door een tekort aan treinen enwerkzaamheden die de dienstregeling verstoren. De indruk wordt gewektdat het een tijdelijk probleem is, maar de praktijk is dat dit afgelopen jarenook al aan de orde was, terwijl twee staats-/beleidsdeelnemingenbetrokken zijn (NS en ProRail). Hoe wordt er in het kader van hetstaatsdeelnemingenbeleid gestuurd op het beter presteren van NS enProRail voor de reiziger?De motie Veltman c.s. (Kamerstuk 29 984, nr. 1186) vraagt een onderzoekte doen naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van de bedrijfsvoeringvan de NS. Wat de leden van de VVD-fractie betreft moet er echter nietgewacht worden op dit onderzoek dat kijkt naar de periode 2033 en demidterm review van 2029. Deze leden willen ook op de korte termijn actievan de NS om de prestaties voor de reizigers te verbeteren. Wat gaan NSen ProRail op korte termijn doen? Wat doet de Minister als 100 procentaandeelhouder daaraan?De leden van de VVD-fractie willen verder weten hoe de hoogte van debeloning van de raad van bestuur van NS in het verleden tot stand isgekomen. Hoe staat dit in verhouding tot vergelijkbare bedrijven? Hoe isdit gekoppeld aan de prestaties van de NS?Op 20 juni 2024 is de Kamer geïnformeerd dat de volledige verkoop vanTenneT Duitsland niet is geslaagd. Dit heeft consequenties voor de lange-en korte termijn. Kan de Minister meer uitgebreid toelichten welkegevolgen dit heeft?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4315 Welke investeringen moeten er voor TenneT Duitsland de komende jarenworden gedaan? Wat is de kapitaalbehoefte van TenneT Nederland enTenneT Duitsland in de komende jaren? Is dit nog steeds circa13 miljard euro voor de Nederlandse activiteiten en circa 19 miljard eurovoor de Duitse activiteiten tot 2030? Hoe gaat de Minister dit oplossen,zowel voor de Nederlandse als Duitse activiteiten?Hoe gaat de Minister de komende tijd verder met dit dossier? Wanneerkan daarover nadere informatie aan de Kamer worden gegeven?De Staat is sinds kort aandeelhouder van Stedin en er is een kapitaalin-jectie van 500 miljoen euro gedaan. Wat is de reden dat er specifiek bijStedin gekozen is voor het aandeelhouderschap? Waarom kon Stedin nietvoorzien in de eigen kapitaalbehoefte terwijl andere netwerkbeheerdersdat blijkbaar wel kunnen?Thales Nederland maakt gebruik van de mogelijkheid die de wet biedt omgeen informatie te verschaffen over de beloning van de bestuurder enraad van commissarissen. Wat is de reden daarvoor?De leden van de VVD-fractie constateren dat in 2020 een afbouwplan isopgesteld dat toewerkt naar beëindiging van GasTerra’s bedrijfsactivi-teiten op 31 december 2026. Wat is daarvan de stand van zaken? Voorziethet kabinet ook een manier om de kennis en expertise die bij GasTerra zitover de gasmarkt te behouden gezien de nog steeds volatiele gasmarkt dekomende jaren?0p 9 maart 2023 hebben de aandeelhouders Frankrijk, Duitsland, VerenigdKoninkrijk, België, Denemarken, Finland, Noorwegen, Spanje, Zweden enNederland besloten tot ontmanteling van Instex. Wat zijn daarvan de(financiële) gevolgen?De leden van de VVD-fractie ontvangen graag een update over de verkoopvan Intravacc.Vragen en opmerkingen van de leden van de DENK-fractieDe leden van de DENK-fractie merken op dat in het jaarverslag opverscheidene manieren wordt ingegaan op de wijze waarop het kabinetdiversiteit poogt te bevorderen middels het deelnemingenbeleid. Kan deMinister aangeven welke concrete stappen er zijn gezet in de afgelopenjaren, ook in uitvoering van de moties met Kamerstuknummer 28 165,nr. 350 (Van Baarle Hammelburg) en Kamerstuknummer 28 165, nr. 375(Van Baarle) om het diversiteitsbeleid bij de deelnemingen te verbeteren?Kan de Minister aangeven hoe de doelstelling van inclusie en diversiteit inde afgelopen tijd nader geconcretiseerd is en ook afrekenbaar is gemaaktbinnen het deelnemingenbeleid, zoals de motie met Kamerstuknummer28 165, nr. 375 verzoekt? Welke minimale kritische prestatie indicatoren(KPI’s) en eisen bestaan er op dit moment op de thema’s inclusie endiversiteit in het deelnemingenbeleid en welke worden hieraan in dekomende tijd toegevoegd?Kan de Minister aangeven hoe het gesteld is met de brede diversiteitbinnen de hogere functies binnen de deelnemingen, dat wil zeggen heefthet kabinet naast de terechte monitoring van het aandeel vrouwen aan detop, tevens een getalsmatig beeld van de bredere diversiteit?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4316 II Reactie van de Minister 1. Inleiding Met interesse hebben wij kennisgenomen van de vragen die door deverschillende fracties zijn gesteld in het schriftelijke overleg staatsdeelne-mingen. Hieronder vindt u de beantwoording van de vragen. De vragenuit de hoofdstukken 2 t/m 12 worden beantwoord door de Minister vanFinanciën. Dit betreft de vragen over de Nota DeelnemingenbeleidRijksoverheid 2022, benoemingen, maatschappelijk verantwoordondernemen en de financiële positie van de staatsdeelnemingen envragen per staatsdeelneming. De beantwoording is geclusterd per thema.Binnen de thema’s is de volgorde van het verslag aangehouden.Daarnaast geven de Minister van Klimaat en Groene Groei, de Ministervan Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Minister voor BuitenlandseHandel en Ontwikkelingshulp respectievelijk antwoord op de vragen overde beleidsdeelnemingen GasTerra, Intravacc en INSTEX in hoofdstuk 13.2. Nota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2022 De leden van de NSC-fractie vragen of de Minister nadere toelichting kangeven op het Dashboard. Wat is de reden dat bijna alle doelstellingen uitde Nota 2022 niet zijn gehaald? Kan bijv. toegelicht worden waaromslechts 7 procent van alle deelnemingen een algemene profielschets heeftvoor de raad van bestuur terwijl de doelstelling 100 procent is. Waaromheeft slechts 66 procent het Charter Diversiteit ondertekend? Waarom is ernog geen enkele strategie beoordeeld?Het dashboard laat de progressie zien van de implementatie van hetbeleid in de Nota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2022 (hierna: Nota2022). Veel veranderingen in de Nota 2022 vragen om nadere uitwerkingdie enige tijd vergt. Daarom is ervoor gekozen om voor een aantalindicatoren jaarlijks realistische tussendoelen te stellen. De huidigetussendoelen zijn voor 2024. Er zal dus pas na 2024 kunnen wordenvastgesteld of het tussendoel is behaald.Specifiek ten aanzien van de algemene profielschets voor de raad vanbestuur geldt dat dit – in tegenstelling tot de algemene profielschets voorde raad van commissarissen – nieuw is ten opzichte van het voorgaandebeleid. Veel staatsdeelnemingen hadden nog geen algemene profielschetsvoor de raad van bestuur maar ik span me er, in nauw overleg met destaatsdeelnemingen, voor in om hier voortgang op te boeken.Eind december 2023 had 66 procent van alle deelnemingen (twaalf van deachttien deelnemingen) het Charter Diversiteit ondertekend. Inmiddelshebben zeventien deelnemingen het Charter Diversiteit ondertekend ofzich bij een vergelijkbaar Europees initiatief aangesloten (totaal94 procent). KLM, als onderdeel van Air France-KLM, en Thales hebbenhet Franse Charter Diversiteit ondertekend. Urenco is aangesloten bij eenBrits sectorgerelateerd initiatief. COVRA is voornemens om het Neder-landse Charter Diversiteit te tekenen. Daarnaast hebben KLM en Urencoaangegeven voornemens te zijn om ook het Nederlandse CharterDiversiteit te ondertekenen.De aandeelhouder heeft een consultatierecht met betrekking tot destrategie van een deelneming. Voor alle deelnemingen geldt dat als dehuidige periode van strategie afloopt, de nieuwe strategie beoordeeldwordt en ik aan de deelneming een brief met aandachtspunten stuur. In2023 heeft alleen BNG Bank haar strategie geëvalueerd en herijkt voor deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4317 periode 2024–2026. Het Ministerie van Financiën is niet geconsulteerdvoor het vaststellen van de herijkte strategie van BNG Bank en heeft dezedus niet heeft beoordeeld volgens de Nota 2022. Het ministerie is daarnawel uitgebreid geïnformeerd. Met BNG Bank is besproken dat hetministerie bij volgende evaluaties wel geconsulteerd zal worden.De leden van de fractie van NSC vragen daarnaast of de doelinstructie ende statuten bij alle overheidsvennootschappen aangepast zijn in de zin dathet publieke belang tot uiting komt. Ook vragen de leden van de fractievan NSC of het klopt dat de raad van commissarissen zich altijd richt ophet belang van de vennootschap en als het publieke belang en dedoelinstructie van de vennootschap samenvallen, het publieke belang enhet belang van de vennootschap ook samenvallen.In de statutaire doelomschrijving wordt opgenomen wat de belangrijksteactiviteiten, kerntaken en handelingen zijn die binnen de ondernemingworden verricht. Deze doelomschrijving geeft daarmee de handelingsmo-gelijkheden en grenzen aan de raden van bestuur en commissarissenwaarbinnen zij kunnen opereren. Het doel dient voldoende ruim geformu-leerd te zijn, zodat de deelneming de ruimte heeft om op afstand van destaat bedrijfsmatig te opereren. Het is niet de bedoeling dat er metregelmaat discussie ontstaat over een eventuele doeloverschrijding en/ofde statuten moeten worden aangepast. Het publieke belang is aanverandering en nadere invulling onderhevig. Het publieke belang komtdan ook niet letterlijk tot uiting in de statutaire doelomschrijving, maar bijde deelnemingen waarvan de staat 100 procent dan wel meerderheids-aandeelhouder is, is bij de implementatie van de standaardstatuten welgekeken of de doelomschrijving logisch aansluit op het publiek belang.De bestuurders en commissarissen dienen zich te richten naar het belangvan de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. Het is nietzo dat het publieke belang samenvalt met het belang van de vennoot-schap. Hoewel voor het vaststellen van het vennootschappelijk belangaansluiting kan worden gezocht bij het statutair doel, is het vennootschap-pelijke belang breder. De invulling van het «vennootschappelijk belang»bestaat uit verschillende, wisselende deelbelangen en hangt af van deomstandigheden van het geval. Naast die van de aandeelhouder, zijn datook de belangen van andere stakeholders van de vennootschap, zoalswerknemers en crediteuren.De leden van de fractie van NSC vragen op welke manier commissarissendie op voordracht van de overheid zijn benoemd beter in staat wordengesteld om zich te richten op het publieke belang en of dat artikel 2:142BW daarvoor moet worden aangepast.Een commissaris wordt niet op voordracht van de overheid benoemd,maar op voordracht van de raad van commissarissen. Het benoemen vaneen zogenoemde «overheidscommissaris» vind ik onwenselijk, vooralomdat een commissaris zonder last of ruggespraak zitting neemt in eenraad van commissarissen. Wel wordt in het benoemingsproces getoetst ofeen kandidaat voldoende oog heeft voor de publieke context waarin deonderneming functioneert.Een overheidscommissaris is niet beter in staat om zich te richten op hetpublieke belang. Een commissaris dient zich immers conform hetvennootschapsrecht te richten op het belang van de vennootschap en demet haar verbonden ondernemingen. Een commissaris kan daarmee nietenkel het (publieke) belang dienen van de staat als aandeelhouder als ditniet in het belang van de vennootschap is. Artikel 2:142 BW (BurgerlijkWetboek) hoeft in mijn optiek dan ook niet te worden aangepast.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4318 De leden van de fractie van NSC vragen waarom er nog maar zeldengebruik wordt gemaakt van het artikel 2:129, derde en vierde lid van hetBW, dat de overheidsaandeelhouder een passief respectievelijk een actiefinstructierecht geeft.Ik vind het niet wenselijk om, als aandeelhouder op afstand, al dan nietvanwege politieke redenen instructies te geven aan het bestuur van deonderneming en zo op de stoel van de bestuurder te gaan zitten.Daarnaast is het op grond van artikel 2:129 lid 4 BW ook niet mogelijk omeen statutaire bepaling op te nemen, waarbij voor bijvoorbeeld deaandeelhouder de mogelijkheid wordt gecreëerd om concrete, dan welbindende, instructies aan de onderneming te geven. Wel zijn bepaaldebesluiten van het bestuur (bijvoorbeeld investeringen boven een bepaalddrempelniveau) op grond van artikel 2:129/2:239 lid 3 BW aan degoedkeuring van de aandeelhouder(s) onderworpen.De leden van de VVD-fractie vragen wat het beleid wordt van het nieuwebeleid ten aanzien van staatsdeelnemingen, wat er gaat veranderen enwelke acties de komende periode worden opgepakt.De Nota 2022 blijft ongewijzigd. Wel zal ik in de uitvoering van het beleidandere accenten leggen dan mijn voorgangers, ofwel in de onderlingeprioritering van bepaalde aspecten van het beleid, ofwel in de interpre-tatie van bepaalde open normen van het beleid. Hiervoor verwijs ik naarde aanbiedingsbrief bij dit schriftelijk overleg.De leden van de fractie van de VVD vragen hoe de Minister omgaat methet verschil in het publieke en financiële belang. De leden vragen ook ofde Minister de mening deelt dat het lange termijn financiële resultaat vanprimair belang is en welke lijn de Minister daarin gaat kiezen?In de Nota 2022 staat, net als in voorgaande Nota’s, de borging vanpublieke belangen centraal. Het financiële belang is daar (evenals goedondernemingsbestuur) ondersteunend aan. De doelen van het beleidrondom de financiële positie van deelnemingen zijn continuïteit van eendeelneming en het behoud van financiële waarde, om zo het publiekebelang structureel te kunnen ondersteunen. De staat heeft een langeter-mijnperspectief en laat zich in vergelijking met sommige private aandeel-houders in mindere mate leiden door kortetermijn- of commerciëlemotieven.3. Benoemingen, maatschappelijk verantwoord ondernemen enfinanciële positie De leden van NSC-fractie vragen zich af in hoeverre de overheidsdeelne-mingen voldoen aan de man-vrouw verhouding zoals neergelegd in Boek2 van het BW?Artikel 2:142b BW schrijft voor dat een raad van commissarissen vanbeursgenoteerde ondernemingen voor ten minste één derde deel uitvrouwen en voor ten minste één derde deel uit mannen bestaat. Ditingroeiquotum ziet alleen op Nederlandse beursvennootschappen meteen notering aan Euronext Amsterdam. Van alle staatsdeelnemingen ende tijdelijke financiële deelnemingen valt daarom alleen ABN AMROrechtstreeks onder het toepassingsbereik van dit artikel. Desondanksvoldoet niet alleen de raad van commissarissen van ABN AMRO aan de inartikel 2:142b BW beschreven man-vrouwverhouding, maar ook die vanalle andere staatsdeelnemingen waar de staat doorslaggevende invloedop de benoeming van commissarissen heeft. De staat als aandeelhouderpast de standaard uit artikel 2:142b ook toe op staatsdeelnemingen. UitTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 4319 onderzoek blijkt dat diversiteit in de top betere besluiten en bedrijfsresul-taten kan opleveren.De leden van NSC vragen bovendien waarom het percentage vrouwenonder bestuurders veel lager is dan bij de commissarissen.Ik constateer inderdaad dat het aantal vrouwelijke bestuurders opportefeuilleniveau (33 procent) achterblijft bij het aantal vrouwelijkecommissarissen (46 procent). De Female Board Index – een jaarlijksoverzicht van vrouwelijke bestuurders en commissarissen bij Nederlandsebeursgenoteerde ondernemingen – laat zien dat dit verschil zich nietalleen voordoet bij staatsdeelnemingen maar ook in andere delen van hetbedrijfsleven. Ik constateer dat raden van commissarissen verschillendeoorzaken noemen waardoor het lastig is om een vrouwelijke kandidaatvoor een bepaalde vacature in het bestuur te werven, terwijl hetvervolgens na extra aansporing vanuit de aandeelhouder soms tochmogelijk blijkt een goede geschikte vrouwelijke kandidaat te benoemen.Om de raad van commissarissen te prikkelen om zo breed en objectiefmogelijk te kijken naar mogelijke geschikte kandidaten pas ik het inartikel 2:142b beschreven diversiteitsvereiste niet alleen toe op raden vancommissarissen maar ook op raden van bestuur. Het percentage van33 procent aan vrouwelijke bestuurders op portefeuille niveau reflecteertdit vereiste.De leden van DENK vragen zich af of de Minister aan kan geven hoe hetgesteld is met de brede diversiteit binnen de hogere functies binnen dedeelnemingen, dat wil zeggen of het kabinet naast de terechte monitoringvan het aandeel vrouwen aan de top, tevens een getalsmatig beeld heeftvan de bredere diversiteit.Brede diversiteit kan de besluitvorming binnen de bedrijfstop verbeteren.De staat heeft daarom met staatsdeelnemingen gesproken over de vraaghoe brede diversiteit bij het benoemen van bestuurders en commissa-rissen kan worden bevorderd.Ik vind het niet gepast om naast de man-verhouding ook anderepersoonsgegevens te registreren op het niveau van een raad vancommissarissen respectievelijk raad van bestuur, en daar vervolgens overte rapporteren. Een aantal van deze diversiteitsaspecten wordt op grondvan de Algemene verordening gegevensbescherming als bijzonderepersoonsgegevens gezien. Registratie hiervan is alleen toegestaan opbasis van vrijwilligheid en na de uitdrukkelijke toestemming van debetreffende persoon. Ik heb dus geen getalsmatig beeld van de bredediversiteit binnen de hogere functies van de deelnemingen.De leden van de DENK-fractie vragen of de Minister kan aangeven welkeconcrete stappen er zijn gezet in de afgelopen jaren, ook in uitvoering vande moties van Kamerstuknummer 28 165, nr. 350 (Van BaarleHammelburg) en Kamerstuknummer 28 165, nr. 375 (Van Baarle) om hetdiversiteitsbeleid bij de deelnemingen te verbeteren?In de motie zijn vijf dimensies van diversiteit – arbeidsvermogen, sekse,migratieachtergrond, leeftijd, seksuele oriëntatie – genoemd. Omuitvoering aan de genoemde moties te geven zijn er de afgelopen jaren devolgende stappen gezet:•De staat is met deelnemingen in gesprek gegaan over de wijze waaropbrede diversiteit door hen bevorderd en gemonitord wordt;•Deelnemingen is gevraagd het Charter Diversiteit van de SER teondertekenen;Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43110 •De staat heeft in gesprekken met de deelnemingen benadrukt datgoede werkomstandigheden en bedrijfscultuur belangrijk zijn en dathet daarom voor de hand ligt dat deelnemingen vragen m.b.t.diversiteit en inclusie in medewerkersonderzoeken opnemen.•De staat heeft met enkele staatsdeelnemingen gesproken over devraag hoe brede diversiteit bij het benoemen van bestuurders encommissarissen kan worden bevorderd. Brede diversiteit moet debesluitvorming binnen de bedrijfstop verbeteren.De leden van de DENK-fractie vragen de Minister aan te geven hoe dedoelstelling van inclusie en diversiteit in de afgelopen tijd nader geconcre-tiseerd zijn en ook afrekenbaar zijn gemaakt binnen het deelnemingen-beleid, zoals de motie met Kamerstuknummer 28 165, nr. 375 verzoekt?Welke minimale kritische prestatie indicatoren (KPI’s) en eisen bestaan erop dit moment op de thema’s inclusie en diversiteit in het deelnemingen-beleid en welke worden hieraan in de komende tijd toegevoegd?De staat heeft aan deelnemingen gevraagd het Charter Diversiteit van deSER te ondertekenen. In het kader van het Charter Diversiteit stellendeelnemingen een Plan van Aanpak op dat concrete doelstellingen op dedimensies arbeidsvermogen, sekse, migratieachtergrond, leeftijd enseksuele oriëntatie bevat. Daarnaast monitort de staat, via het JaarverslagBeheer Staatsdeelnemingen, de verhouding man/vrouw in de subtop enof diversiteit en inclusie vast onderdeel is van hun medewerkerson-derzoek.De leden van de VVD-fractie vragen welke risico’s de Minister ziet voor deverschillende staatsdeelnemingen en waar er mogelijk de komendekabinetsperiode kapitaalinjecties nodig zijn en hoe groot deze zijn.Voor elke onderneming en dus ook voor elke staatsdeelneming geldt dater financiële risico’s zijn. Dit is bijvoorbeeld het geval voor:•Invest International dat snel gegroeid is, waardoor er versneld eennieuwe kapitaalsbehoefte is ontstaan;•Holland Casino, onder andere vanwege de aangekondigde verhogingvan de kansspelbelasting;•NS, vanwege het uitdagende financiële herstel na de Covid-19 periodeen•TenneT, Stedin, Gasunie en COVRA, vanwege de forse investerings-agenda in het kader van de energietransitie (zie o.a. ook de bijlagenvan de Miljoenennota 2025, p. 385).Met het noemen van bovenstaande voorbeelden van financiële risico’s wilik overigens niet de indruk wekken dat in al deze gevallen kapitaal nodigzal zijn.Ten aanzien van TenneT heb ik op dinsdag 17 september 2024 eenKamerbrief1 verstuurd met daarin de stand van zaken naar het onderzoekin de structurele oplossingen voor de kapitaalbehoefte van TenneT.In de begroting die gepresenteerd is op Prinsjesdag zijn de laatsteinzichten met betrekking tot voorgenomen kapitaalinjecties opgenomen.Invest-NL (600 miljoen euro in kernkapitaal) en Invest International(100 miljoen euro) zullen komende jaren kapitaal ontvangen. Op ditmoment zijn geen verdere kapitaalverzoeken aan de orde. Of er eventueel(nieuwe) kapitaalbehoefte ontstaat bij de staatsdeelnemingen is afhan-kelijk van specifieke omstandigheden en de toekomstige financiëleprestaties van de staatsdeelnemingen.1Kamerstukken II 2024–2025, 28 165 nr. 429.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43111 De Staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit en Belastingdienst en ikzullen de Kamer tijdig informeren en betrekken als wij willen voorzien inde kapitaalbehoefte bij staatsdeelnemingen. Dit is ook vastgelegd inComptabiliteitswet 2016 in een zogenoemde voorhangprocedure. Middelsde voorhangprocedure is geregeld dat de Tweede Kamer en de EersteKamer tijdig worden geïnformeerd als een bewindspersoon eigenvermogen (bijvoorbeeld door middel van een kapitaalinjectie) wilverstrekken aan een privaatrechtelijke rechtspersoon (in dit geval eenstaatsdeelneming). Een kapitaalstorting aan een deelneming vindt pasplaats nadat het parlement ingestemd heeft met het begrotingsstukwaarin deze storting is opgenomen (budgetrecht parlement).4. NLFI De leden van de fractie van NSC vragen of het klopt dat de NederlandseStaat nog steeds 48,7 procent van de aandelen in ABN Amro heeft? Deleden van NSC vragen ook of het klopt dat de Staat voor 100 procenteigenaar is van de Volksbank en daarmee dus ook indirect eigenaar is vanASN en Reaal? Deelt de Minister de mening dat een gemengd banken-landschap (deels in handen van de overheid, deels privaat en deelscoöperatief) een positieve invloed zou kunnen hebben op het functionerenvan de bankensector?Op 11 september 2024 heb ik uw Kamer geïnformeerd dat het op23 november 2023 gestarte verkoopprogramma ABN AMRO is afgeronden het belang is afgebouwd naar 40,5%.2 Ik heb uw Kamer op 15 oktoberjl. geïnformeerd dat ik heb ingestemd met het advies van NLFI voor eennieuw verkoopprogramma certificaten ABN AMRO. Het programma iserop gericht het belang in ABN AMRO verder af te bouwen tot 30%.3Ik hecht waarde aan een bankenlandschap met voldoende diversiteit.Diversiteit draagt bij aan een vitale bankensector met stabiele en efficiëntedienstverlening aan consumenten en bedrijven. Voor een divers banken-landschap vind ik het al dan niet houden van een belang in een bank doorde staat, zoals het geval is bij ABN AMRO en de Volksbank, niet noodza-kelijk. Onder diversiteit versta ik een sector die zich kenmerkt door spelersmet verschillende bedrijfsmodellen, producten en balansstructuren.De leden van de fractie van NSC vragen of het klopt dat een door deoverheid aangeboden default dienst een bodem in de markt kan leggen interm van (maximale) prijs en (minimale) kwaliteit. Daarnaast vragen deleden van de fractie van NSC of het dat een overheidsbank een nuttige rolzou kunnen spelen in oligopolistische markten, zoals daar zijn de marktvoor spaartegoeden en hypotheken.Het is de rol van de overheid om de voorwaarden te scheppen voor eengoed functionerende bancaire markt. Een goed functionerende marktbetekent onder andere dat er voldoende concurrentie is. Als een marktgoed functioneert, is er geen rol voor de overheid om diensten aan tebieden op deze markt. Als geconstateerd wordt dat een markt niet goedfunctioneert, bijvoorbeeld omdat er onvoldoende concurrentie is, kan deoverheid stappen zetten om de werking van de markt te verbeteren,bijvoorbeeld via wet- en regelgeving. Het aangaan of aanhouden van eendeelneming, zoals een overheidsbank, is een ingrijpende vorm vanoverheidsingrijpen.2Kamerstukken II, 2023–2024, 31 789, nr. 117.3Kamerstukken II 2024–2025, 31 789, nr. 118.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43112 Ik zie geen rol weggelegd voor een overheidsbank in de markt voorspaartegoeden en hypotheken. De Volksbank en ABN AMRO, banken waarde overheid op dit moment een (deel)belang in heeft, functioneren enconcurreren nu in een bancaire markt met private partijen die dezediensten aanbieden. Met een overheidsbank concurreren op de spaar-markt zou een ingrijpende manier zijn om de samenstelling van de sectorte beïnvloeden. Dit vind ik niet wenselijk en dit leidt mogelijk zelfs totconflicten met (Europese) staatssteunkaders. Wel vind ik het belangrijk omte kijken naar beleid om de concurrentiedruk in de markt te verhogen. Ditkan gefaciliteerd worden door actieve keuzes en overstapgedrag vanconsumenten te stimuleren en te vergemakkelijken. Hiervoor is eencombinatie van maatregelen nodig, die ik beschrijf in mijn appreciatie vanhet ACM-onderzoek naar de werking van de spaarmarkt.De leden van de fractie van NSC vragen of het klopt dat een actieveoverheidsbank ingezet kan worden om de positie van de consument teverbeteren (n.a.v. bevestiging ACM oligopolistische karakter markten).De ACM constateert dat een grotere concurrentiedruk op de spaarmarktkan leiden tot uitkomsten die gunstiger zijn voor spaarders en demaatschappij als geheel. Als voldoende consumenten «actief» worden eneen deel van hun spaargeld bij andere banken onderbrengen of gaanbeleggen, worden (groot)banken meer aangemoedigd om op renteta-rieven te concurreren. Hier profiteren ook «inactieve» consumenten(niet-overstappers) van. De ACM concludeert dat er op dit moment sprakeis van een marktuitkomst die – in economische zin – niet optimaal is voorconsumenten en de maatschappij als geheel.Ondanks dat de spaarmarkt in Nederland wordt gedomineerd door eenaantal grootbanken, constateert de ACM ook dat er daarnaast een diversaanbod van kleinere spelers op de spaarmarkt is. Ook schrijft de ACM datde toetredingsdrempels om actief te worden op de Nederlandse spaar-markt lijken mee te vallen. Verder blijkt uit marktdata van de ECB dat ereen groeiende groep consumenten is – hoewel nog wel relatief klein – dieal actief keuzes maakt binnen het aanbod.4 Ook laat onderzoek zien dat inhet eerste kwartaal van 2024 ongeveer 63 procent van de nieuwespaarrekeningen werd geopend bij een kleine of buitenlandse bank.5In het licht van deze bevindingen zie ik daarom geen specifieke rol vooreen overheidsbank weggelegd in de Nederlandse spaarmarkt. Wel ben ikhet met de ACM eens dat het goed is als meer consumenten «actief»worden op de spaarmarkt, om zo de concurrentiedruk te verhogen. Dit kangefaciliteerd worden door actieve keuzes en overstapgedrag vanconsumenten te stimuleren en te vergemakkelijken. Hiervoor is eencombinatie van maatregelen nodig, die ik beschrijf in mijn appreciatie vanhet ACM-onderzoek.De leden van de fractie van NSC vragen of het klopt dat de Volksbank deenige grotere bank is die nog een relatief groot netwerk van bankkantorenin stand houdt en of dat dit niet meer gegarandeerd kan worden als deVolksbank is geprivatiseerd. Daarnaast vragen de leden van de fractie vanNSC of het klopt dat het openhouden van bankkantoren en andere4Het percentage van het spaargeld dat op een buitenlandse rekening staat, steeg van0,8 procent in het begin van 2020 naar 2,3 procent in het eerste kwartaal van 2024.5Ipsos I&O / TOF tracker. TOF Tracker is een grootschalig multiclient onderzoek waarbij elkkwartaal aan netto 22.500 respondenten wordt gevraagd welke financiële producten ze hetafgelopen kwartaal hebben afgesloten. Deze steekproef wordt m.b.v. CBS-data herwogen naaro.a. leeftijd, opleiding en regio, waardoor deze representatief is voor de 18+ populatie inNederland.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43113 voorzieningen een belangrijke bijdrage kan leveren en of de Ministeringaan op het borgen van de publieke belangen (maatschappelijkeverankering van banken) bij een privatisering van de Volksbank.Een recente analyse van Betaalvereniging Nederland laat zien dat deVolksbank de meeste bankkantoren heeft: de Volksbank had 647 bankkan-toren in 2022, de Rabobank 122, ING 57 en ABN AMRO 27.6 Bankenbieden veelal alternatieven aan voor bankkantoren, zoals servicepunten,financiële zorgcoaches en mobiele adviseurs. Indien de Volksbankgeprivatiseerd wordt, is het aan een nieuwe aandeelhouder om destrategie van de bank te bepalen. Dat geldt ook voor de fysieke dienstver-lening.De toegankelijkheid van het betalingsverkeer heb ik hoog in het vaandelstaan. Ik vind het belangrijk dat iedereen in Nederland zelfstandig kanbankieren. De toegankelijkheid van het betalingsverkeer kan wordengewaarborgd door verschillende maatregelen. Fysieke dienstverlening viabankkantoren en servicepunten kan daarbij een rol spelen, maar er zijnook andere manieren om dit te borgen, bijvoorbeeld via mobieleadviseurs en financiële zorgcoaches.Aandeelhouderschap in de Volksbank is niet vereist voor het borgen vandit publieke belang. Uit de analyse naar de borging van publieke belangenin de financiële sector van 27 oktober 2023 bleek dat er publieke belangenin de financiële sector zijn die beter geborgd kunnen worden, waaronderde fysieke dienstverlening, en dat het ook mogelijk is om deze belangen teborgen via sectorbrede instrumenten, zoals zelfregulering, afspraken metde sector of concrete (aankomende) wet- en regelgeving.7Een manier waarop invulling wordt gegeven aan het borgen van hetbelang van de toegankelijkheid van het betalingsverkeer, is via hetMaatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB). Het MOB is in 2002opgericht door de Minister van Financiën en is een overlegplatformwaarin zowel aanbieders als afnemers van betaaldiensten vertegen-woordigd zijn. Het MOB zet zich in voor een veilig, betrouwbaar, toegan-kelijk en efficiënt betalingsverkeer voor iedereen. Eind november 2022heeft het MOB de banken opgeroepen om meer prioriteit te geven aan detoegankelijkheid van het betalingsverkeer, mede naar aanleiding van hetDNB-onderzoek dat aantoonde dat ruim 1 op de 6 volwassen Neder-landers (2,6 miljoen mensen) hun bank- en betaaldiensten niet geheelzelfstandig uit kan voeren. De banken, waaronder de Volksbank, zijn alsreactie op dit rapport gestart met het programma Toegankelijk bankieren.8Zij ontplooien gezamenlijke initiatieven onder dit programma om dedienstverlening van banken toegankelijker en inclusiever te maken endoen dit in samenwerking met andere instellingen en organisaties. Ooknemen banken individuele maatregelen om de toegankelijkheid van hundienstverlening te verbeteren. Graag verwijs ik naar de Kamerbriefjaarrapportage MOB van 24 juni 2024 met de laatste stand van zaken vande voortgang die is geboekt door de banken.9 Ik blijf de ontwikkelingenrondom de toegankelijkheid van het betalingsverkeer nauwgezet volgen.De leden van de fractie van de VVD vragen wat in algemene zin hetbeleid/visie is op het afbouwen van het belang van de Nederlandse staatin de financiële instellingen. Tevens vragen de leden van de VVD-fractiewat de plannen van het nieuwe kabinet zijn voor de verdere afbouw van6Kamerstukken II, 2022–2023, nr. 1689.7Kamerstukken II, 2023–2024, 32 013, nr. 286.8Voor meer informatie kunt u de website toegankelijkbankieren.nl raadplegen.9Kamerstukken II, 2023–2024, 27 863, nr. 142.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43114 de ABN AMRO als staatsdeelneming en welke stappen de Minister wilgaan zetten. Ook vragen de leden van de fractie van de VVD wanneer hetnieuwe kabinet een besluit gaat nemen over de toekomst van deVolksbank.ABN AMRO en de Volksbank zijn destijds in staatshanden gekomen methet oog op het borgen van de stabiliteit van het financiële stelsel. Hetuitgangspunt is en blijft dat het aandeelhouderschap in deze deelne-mingen van tijdelijke aard is. Het uitgangspunt van dit kabinet is, net alsvoorgaande kabinetten, om deze deelnemingen zo snel als verantwoord isvolledig terug naar de markt te brengen.Op 11 september 2024 heb ik uw Kamer geïnformeerd dat het op23 november 2023 gestarte verkoopprogramma ABN AMRO is afgeronden het belang is afgebouwd naar 40,5%.10 Ik heb uw Kamer op 15 oktoberjl. geïnformeerd dat ik heb ingestemd met het advies van NLFI voor eennieuw verkoopprogramma certificaten ABN AMRO. Het programma iserop gericht het belang in ABN AMRO verder af te bouwen tot 30%.11Voor de Volksbank geldt hetzelfde uitgangspunt om de bank weer volledignaar de markt te brengen. NLFI concludeert dat de opties onderhandseverkoop of beursintroductie realistische toekomstopties zijn en dat deopties staatsbank, coöperatieve bank en stichting beheer niet wordenaanbevolen. Ik volg de conclusies van NLFI.12 Uit de analyse van NLFIblijkt dat de Volksbank nog een aantal jaar nodig heeft om helemaalverkoopgereed te zijn. Ik heb NLFI en de Volksbank gevraagd parallel hetvoorbereidingsproces voor de toekomstopties onderhandse verkoop enbeursgang uit te werken. Dit voorbereidingsproces heeft geen nadelenen/of onomkeerbare gevolgen, mocht uiteindelijk een ander besluitworden genomen. Zoals ik ook schreef in mijn Kamerbrief van 1 oktober2024 ga ik graag met uw Kamer in gesprek over de toekomstoptiesalvorens daadwerkelijk een richtinggevend besluit te nemen.5. TenneT De leden van de fractie van NSC vragen wat de stand van zaken is metbetrekking tot de kapitaalinjectie in TenneT in het kader van de energie-transitie? Daarbij vragen de leden van de fractie van NSC wat de standvan zake is met betrekking tot de Duitse belangen van TenneT en welkeeventuele acties wil de Minister nemen?De leden van de VVD-fractie vragen naar een meer uitgebreide toelichtingop de consequenties voor de lange- en korte termijn van de nietgeslaagde verkoop van TenneT Duitsland. Daarnaast vraagt de VVD-fractiewelke investeringen er voor TenneT Duitsland de komende jaren gedaanmoeten worden en wat de kapitaalbehoefte is voor TenneT Nederland enTenneT Duitsland in de komende jaren. Tot slotte vraagt de VVD-fractiehoe de Minister de kapitaalbehoefte voor zowel de Nederlandse als Duitseactiviteiten gaat oplossen, hoe de Minister de komende tijd verder gaatmet dit dossier en wanneer er nadere informatie aan de kamer kanworden gegeven.Op dinsdag 17 september 2024 hebben de Minister van Financiën en deMinister van Klimaat en Groene Groei een Kamerbrief verstuurd metdaarin de stand van zaken naar het onderzoek in de structurele oplos-10Kamerstukken II, 2023–2024, 27 863, nr. 142.11Kamerstukken II 2024–2025, 31 789, nr. 117.12Kamerstukken II, 2024–2025, 31 789, nr. 118.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43115 singen voor de kapitaalbehoefte van TenneT.13 In de brief wordt ookingegaan op de hoogte van de kapitaalbehoeftes van zowel TenneTDuitsland als TenneT Nederland. Dit betreft nog steeds de laatsteinschatting van TenneT in mei 2024. Momenteel kijkt het Ministerie vanFinanciën samen met TenneT of er manieren zijn om de kapitaalbehoeftete verlagen. Ik verwacht uw Kamer rond de jaarwisseling te kunneninformeren over de stand van zaken van de uitwerking van de structureleoplossing van TenneT Duitsland. Daarnaast wordt er op verzoek van devaste commissie voor Financiën een technische briefing georganiseerd.6. Invest-NL/Invest International De leden van de fractie van NSC vragen waarom het ziekteverzuim bijInvest-NL relatief hoog is. Daarnaast vragen de leden van de fractie vanNSC welke actie het Ministerie van financiën als aandeelhouder hieropheeft ondernomen?Voor Invest-NL is per abuis een verkeerd ziekteverzuimcijfer opgenomenin het jaarverslag. Het ziekteverzuim bedroeg in 2023 4,5 procent.De leden van de fractie van NSC hebben gevraagd waarom hetjaarverslag van Invest International nog niet gereed is gezien de reedsverstreken termijn.Vanwege afwezigheid van de voormalige CEO en het proces om dehuidige ad interim co-CEO’s van Invest International aan te nemen, heeftde accountant langer nodig gehad om een controleverklaring af te gevenop het jaarverslag van 2023. Het jaarverslag is inmiddels goedgekeurd enwordt tegelijkertijd met de publicatie van dit verslag aan de Kamergestuurd.De leden van de VVD-fractie lezen dat in 2025 voor InvestNL voor het eersteen rendementsdoelstelling zal worden opgelegd. Wat zal dezedoelstelling worden en hoe wordt hiertoe besloten? Wat verklaart deafgenomen solvabiliteit van InvestNL?Bij de oprichting van Invest-NL is bepaald dat na drie jaar een passenderendementsdoelstelling zal worden vastgesteld. Vanaf 2023 tot en met2025 wordt reeds voor Invest-NL een rendementsdoelstelling van2 procent gehanteerd. In 2025 zal met de deelneming en het vakdepar-tement het gesprek worden aangegaan over een adequate rendements-doelstelling vanaf 2026.De solvabiliteit is afgenomen doordat Invest-NL in 2023 naast kernkapitaaleen lening heeft ontvangen van het Ministerie van Economische Zakenten bate van een lening van Invest-NL aan het bedrijf SIF. Beide leningenzijn in 2024 afgelost.De leden van de VVD-fractie lezen dat in het Hoofdlijnenakkoord isopgenomen dat InvestNL wordt verstevigd als belangrijk vehikel voorinvesteringen in innovatie en in de potentie van de economie. Hoe gaat deMinister daar inhoud en een vervolg aan geven? De leden van deVVD-fractie vragen zich af hoe de Minister kijkt naar Invest International indit kader?Met 900 miljoen euro aanvullende middelen wordt de slagkracht vanInvest-NL vergroot op meerdere manieren. Met het vergroten van hetkernkapitaal zal de doorgroei van innovatieve startups naar scale-ups13Kamerstukken II, 2024–2025, 28 165, nr. 429.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43116 bevorderd worden. Met het mogelijk maken van blended finance zulleninvesteringen mogelijk gemaakt worden in producten met meermaatschappelijke baten, zoals in de energietransitie. Op deze wijzeversterkt Invest-NL haar positie om verdere innovatie te kunnen stimu-leren.Het kabinet hecht er belang aan dat Invest International op de langetermijn het internationale Nederlandse bedrijfsleven kan blijven onder-steunen. Daarom is een bedrag van 100 miljoen euro in 2026 vrijgemaaktuit de gereserveerde middelen voor Invest-NL. Tegelijkertijd onderzoekthet kabinet hoe de continuïteit van Invest International voor de toekomstkan worden geborgd, onder andere door te bezien of en, zo ja, onderwelke voorwaarden een integratie van Invest International en Invest-NLmogelijk is op zodanige wijze dat de beleidsdoelen van beide organisatiesworden versterkt (binnen de geldende budgettaire afspraken).Air France-KLM (AFKL)De leden van de fractie van NSC vragen waardoor het aandelenbelang inAFKL verwaterd is van 14,9 procent naar 9,1 procent. Daarnaast vragen deleden van de fractie van NSC hoe groot het belang van de Franse staat isin AFKL en waarom die belang veel groter is dan in 2019, terwijl het debedoeling was dat het NL en FR aandeel ongeveer gelijk zouden blijvenom zo wederzijdse publieke belangen in evenwicht te houden.Als gevolg van de COVID-19-crisis heeft Air France-KLM verschillendemaatregelen genomen om de eigenvermogenspositie te verbeteren. Dit isonder meer gedaan door een herkapitalisatiemaatregel van de Fransestaat, aandelenemissie en uitgifte van converteerbare obligaties. Alsgevolg van deze versterkingsmaatregelen zijn er nieuwe aandelenuitgegeven die impact hebben gehad op het belang van zowel deNederlandse als de Franse staat in Air France-KLM. Het belang van deNederlandse staat is daardoor afgenomen naar een belang van9,1 procent (eind 2023). Het belang van de Franse staat in Air France-KLMis door met name de herkapitalisatiemaatregelen toegenomen naar eenbelang van 28 procent. Ten tijde van de aankoop van de aandelen AirFrance-KLM in 2019 was het uitgangspunt om een vrijwel vergelijkbaarbelang in Air France-KLM te verkrijgen als de Franse staat. Als gevolg vande COVID-19-crisis en de door Air France-KLM genomen maatregelen is ereen verschil ontstaan in de aandelenbelangen van de Franse en deNederlandse staat.7. NS en beleidsdeelneming ProRail De leden van de fractie van NSC vragen waarom het ziekteverzuim bij NSrelatief hoog is. Daarnaast vragen de leden van de fractie van NSC welkeactie het Ministerie van Financiën als aandeelhouder hierop heeftondernomen?Ik begrijp van NS dat de onderneming veel aandacht heeft voor hetterugbrengen van het verzuim onder het personeel. NS heeft te makenmet een relatief hoog verzuim vanwege de personeelstekorten (onderandere als gevolg van pensionering en gespannen arbeidsmarkt) en degevolgen van incidenten rondom sociale veiligheid. NS heeft de grond-oorzaken van het verzuim geïdentificeerd en heeft actieplannen opgesteld.NS heeft mij aangeven dat het percentage ziekteverzuim daardoor lijkt teverbeteren, maar vooralsnog hoog blijft.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43117 Als aandeelhouder sta ik op dit onderwerp op afstand. Het personeels-beleid van een deelneming, valt onder de verantwoordelijkheid van hetbestuur. Ik wil niet op de stoel van het bestuur plaatsnemen. Het is primairaan het bestuur van NS om het ziekteverzuim te monitoren en waarmogelijk te verminderen. De raad van commissarissen houdt daar toezichtop.De leden van de NSC-fractie vragen zich af op welke manier het Ministerievan Financiën als aandeelhouder betrokken is bij de voorgenomentariefsverhoging van negen procent bij de NS? Zijn er alternatievenhiervoor onderzocht en hoe is de overige besluitvorming hieroververlopen?In 2025 zou er sprake zijn van een uitgestelde stijging van de NS-tarievenvan 8,7 procent. De Kamer is bij Prinsjesdag geïnformeerd over hetdempen van deze uitgestelde tariefstijging.14 Het Ministerie van Financiënis als aandeelhouder van NS op verschillende momenten betrokkengeweest bij die gesprekken. Ik zie geen mogelijkheden om een grotereefficiencytaakstelling bij NS neer te leggen binnen de kaders van dehuidige dienstverlening. NS heeft al een substantiële financiële bijdragegeleverd om de nieuwe hoofrailnetconcessie in te kunnen passen. Tot enmet 2024 is een bezuinigingspakket van 1,4 miljard euro afgesproken.Vanaf 2025 moet NS aanvullend 90 miljoen euro per jaar efficiencybespa-ringen realiseren. Tijdens de concessieonderhandelingen is het bedrijfs-model van NS grondig doorgelicht, ook door onafhankelijke adviseurs.Hieruit kwamen geen significante inefficiënties of mogelijkheden voor NSom verder te besparen zonder deze te behalen ten koste van de dagelijkseoperatie of dienstverlening.De leden van de VVD-fractie vragen toe te lichten hoe de hoogte van debeloning van de raad van bestuur in het verleden tot stand is gekomen?Hoe staat dit in verhouding tot vergelijkbare bedrijven? Hoe is ditgekoppeld aan de prestaties?NS opereert in een competitieve markt en moet concurreren met anderevervoerbedrijven. Om effectief te kunnen concurreren, is het aantrekkenvan ervaren bestuurders met de benodigde relevante kennis essentieel.Tegelijkertijd vind ik dat een deelneming een beloningsbeleid moethebben waar ook gelet wordt op het publieke karakter van eendeelneming.Bij het vaststellen van het beloningsbeleid van NS is daarom gebruikge-maakt van twee referentiegroepen: de (semi-)publieke sector en deNederlandse private sector. In de (semi-) publieke sector wordt gekekennaar organisaties die qua aard, omvang, complexiteit en impact zoveelmogelijk van vergelijkbare orde zijn als NS, en bestaat uit staatsdeelne-mingen en vervoerbedrijven. Voor de private sector wordt de Nederlandse«algemene bestuurdersmarkt» als uitgangspunt genomen, met eenfunctieweging volgens de zogenoemde Hay-methode.De beloning van bestuurders is niet afhankelijk van prestatieafhankelijkeindicatoren. De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, alsconcessieverlener voor het hoofrailnet, heeft heldere afspraken met NSover de prestaties die zij moet leveren. Via de instrumenten uit devervoersconcessie kan hij hierop sturen, zoals de verantwoordingverplich-tingen, de jaarlijkse beleidsprioriteiten, en via de bonus-malus op deafgesproken prestatie-indicatoren.14Kamerstukken II, 2024–2025, 29 984, nr. 1207.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43118 Ook vragen de leden van de VVD-fractie hoe er in het kader van hetstaatsdeelnemingenbeleid wordt gestuurd op het beter presteren van NSen ProRail voor de reiziger?Bij uitoefening van het aandeelhouderschap staat borging van hetpublieke belang centraal. Voor NS is dit onder andere een goedebereikbaarheid. De treinreiziger moet kunnen rekenen op goed enbetrouwbaar openbaar vervoer. Het verbeteren van de prestaties is watmij betreft op dit moment dan ook de belangrijkste prioriteit voor NS. Inde gesprekken die ik en de betrokken ambtenaren van het Ministerie vanFinanciën met NS hebben is de noodzaak voor betere operationeleprestaties een belangrijk onderwerp. Ook worden de benodigde verbete-ringen besproken in de reguliere overleggen met de raad van commissa-rissen van NS.Voor de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, de aandeel-houder van ProRail, geldt hetzelfde. Ook hij stelt de borging van hetpublieke belang van ProRail, het beheer van het spoornetwerk, centraal inzijn rol als aandeelhouder. In zowel de bestuurlijke gesprekken als deaandeelhoudersvergaderingen wordt stil gestaan bij de operationeleprestaties.Daarnaast vragen de leden van de VVD-fractie wat NS en ProRail op kortetermijn gaan doen om de prestaties voor de reiziger te verbeteren? Watdoet de Minister als 100 procent aandeelhouder daaraan?De zeggenschap over de prestaties onder de hoofdrailnetconcessie valtonder de verantwoordelijkheid van de Staatssecretaris van Infrastructuuren Waterstaat, als concessieverlener. Om verbeteringen te bewerkstelligenstuurt hij via het ingerichte verbeterprogramma Betrouwbaar Beter, eenprogramma dat gericht is op het oplossen van de door ProRail en NSgeïdentificeerde hoofdoorzaken achter de tegenvallende prestaties. Eenaantal van de maatregelen in dit programma laat al verbetering zien.Andere maatregelen zullen pas op de langere termijn effect hebben omdatdeze een lange(re) doorlooptijd hebben.9. Schiphol De leden van de NSC-fractie vragen op welke manier Financiën alsaandeelhouder van Schiphol betrokken is bij het opkopen van stikstof-ruimte?Schiphol is zelf verantwoordelijk voor het mitigeren van stikstofuitstoot,bijvoorbeeld door extern te salderen. Dit uitgangspunt geldt voor alleinitiatiefnemers, inclusief Schiphol. De regels voor extern salderen zijnvastgelegd in beleidsregels (Stcrt. 2020, 52486) en zijn voor alle initiatief-nemers gelijk. Er is geen sprake van betrokkenheid van de staat alsaandeelhouder van Schiphol bij de transacties voor het opkopen vanstikstofruimte. Als aandeelhouder staat de staat op afstand en is het aanhet bestuur van Schiphol om zorg te dragen voor operationele aangele-genheden, waaronder het voldoen aan wet- en regelgeving. Privateondernemingen, waaronder Schiphol, zijn vrij om met elkaar transactiesaan te gaan binnen de kaders van de Wet natuurbescherming (thans:Omgevingswet). De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselze-kerheid en Natuur heeft het bevoegd gezag en is verantwoordelijk voorhet beoordelen van vergunningaanvragen en verlenen van natuurvergun-ningen en omgevingsvergunningen voor Natura 2000-activiteiten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43119 Schiphol heeft op 26 september 2023 een natuurvergunning verkregen.15Zie ook de beantwoording van de schriftelijke vragen van de leden Vander Molen, Boswijk en Inge van Dijk (allen CDA)16, schriftelijke vragen vande leden Oucke en Tjeerd de Groot (beiden D66)17, de leden Kröger enBromet (beiden GroenLinks)18 en de leden Hertzberger en Olger van Dijk(beiden NSC)19.De leden van de VVD-fractie vinden het belangrijk dat de hubfunctie vanSchiphol en daarbij de rol van KLM behouden kan blijven. Het hoofdlij-nenakkoord spreekt ook van het behoud van de netwerkkwaliteit vanSchiphol. De leden van de VVD-fractie vragen hoe de Minister denktdaaraan bij te kunnen dragen door de betrokken staatsdeelnemingen enhet beleid voor staatsdeelnemingen.Als aandeelhouder heeft de staat verschillende mogelijkheden om derelevante publieke belangen te borgen. Op informele wijze doe ik dat viaperiodieke gesprekken met raden van bestuur en raden van commissa-rissen. De formele bevoegdheden geven de staat (in ieder geval alsmeerderheidsaandeelhouder van Schiphol) onder andere invloed op destrategie en er is een goedkeuringsrecht op grote investeringen boven eenbepaalde drempelwaarde. Die instrumenten zal ik inzetten om dekabinetsdoelen en borging van de publieke belangen te verwezenlijken.Toetssteen daarbij is altijd primair het publieke belang, en daarmee (onderandere) het behoud van de hubfunctie voor Schiphol en ten behoevedaarvan netwerkkwaliteit voor KLM.De leden van de VVD-fractie vragen als het gaat om Schiphol, hoe het kandat het salaris voor de COO in de Raad van Bestuur 227.000 euro is in2023 voor de periode tot 1 februari 2023 (pagina 80 van het jaarverslag).Per 31 januari 2023 heeft de raad van commissarissen de arbeidsovereen-komst van de COO beëindigd wegens een verschil van inzicht tussen dedirectie en de raad van commissarissen, die na gezamenlijke intensieveinspanningen met de COO niet te overbruggen bleken. De arbeidsover-eenkomst liep tot 31 juli 2023, vanwege de opzegtermijn van zesmaanden. Het bedrag van 227.000 euro betreft het salaris van de COO totdie periode.StedinDe leden van de VVD-fractie vragen naar de reden waarom er specifiek bijStedin is gekozen voor het aandeelhouderschap. De leden vragen zich afwaarom Stedin niet kon voorzien in de eigen kapitaalbehoefte terwijlandere netwerkbeheerders dit blijkbaar wel kunnen.Alle regionale netbeheerders moesten destijds, en moeten nog steeds,fors investeren in het kader van het Nederlandse energiebeleid en deenergietransitie om de klimaatdoelen te halen en economische groei tefaciliteren. Op de lange termijn verdienen de regionale netwerkbedrijvende efficiënte investeringen plus een redelijk rendement terug via denettarieven. Echter, op de korte termijn moeten zij deze investeringenvoorfinancieren met een combinatie van vreemd en eigen vermogen.15Kamerstukken II, 2023–2024, 29665, nr. 485.16Kamerstukken II, 2022–2023, nr. 1421.17Kamerstukken II, 2022–2023, nr. 1561.18Kamerstukken II, 2022–2023, nr. 1563.19Kamerstukken II, 2023–2024, nr. 1715.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43120 Hierbij is een solide kredietwaardigheid van groot belang om toegang totvreemd vermogen te behouden tegen maatschappelijk aanvaardbarekosten.In de jaren voorafgaand aan het aandeelhouderschap in Stedin hebben deaandeelhouders van de regionale netwerkbedrijven bijgedragen aan definancieringsbehoefte door de eigenvermogenspositie te versterken metkapitaalinjecties: 500 miljoen euro voor Enexis, 600 miljoen euro voorAlliander, en 451 miljoen euro voor Stedin (grotendeels door het nietuitkeren van de 251 miljoen euro verkoopresultaat uit de verkoop vanJoulz Diensten).Desondanks had Stedin behoefte aan een aanvullend eigen vermogen omhaar kredietwaardigheid te behouden en de benodigde investeringen inmet name het elektriciteitsnet op peil te houden. De bestaande gemeente-lijke aandeelhouders konden of wilden deze kapitaalbehoefte niet vollediginvullen. Als gevolg daarvan besloot de staat om over te gaan tot eenkapitaalstorting en verkreeg zij het aandeelhouderschap in Stedin,waarmee zij het publieke belang van het verder brengen van de energie-transitie en leveringszekerheid heeft geborgd. Zie ook de Kamerbrief van8 september 2023.20In dit kader is de staat ook een Afsprakenkader aangegaan met Stedin,Alliander en Enexis waarin een proces is beschreven onder welkevoorwaarden de netwerkbedrijven de staat mogen verzoeken om eigenvermogen (zonder dat de staat daartoe gehouden is). Op basis van ditAfsprakenkader en de reservering voor de participatie in Stedin in debegroting heeft kredietbeoordelaar Standard & Poor’s de drie netwerkbe-drijven een zogenoemde government related entity uplift toegekend, dieheeft gezorgd voor meer investeringsruimte en een lagere kapitaalbe-hoefte. Met andere instrumenten dan het aandeelhouderschap was ditniet mogelijk geweest.10. Thales De leden van de fractie van de VVD vragen wat bij Thales de reden is omgeen informatie te verschaffen over de beloning van de bestuurder enraad van commissarissen?Thales geeft aan dat het onder verwijzing naar artikel 383 van het BW debeloning van het bestuur en de raad van commissarissen niet bekendmaakt.11. Kansspelaanbieders – Nederlandse Loterij en Holland Casino De leden van de fractie van de NSC hebben vragen over die deelne-mingen die zijn aangewezen waar het publiek aandeelhouderschap nietlanger voldoende toegevoegde waarde zou hebben. De leden van deNSC-fractie zijn niet op alle punten even overtuigd van de argumenten omdeze overheidsbedrijven op termijn te privatiseren. De leden van deNSC-fractie constateren dat een deel van de opbrengsten van deNederlandse Loterij naar de sportsector gaat. Na privatisering is dezeafdracht in beginsel juridisch niet meer verplicht en zal mogelijk te komenvervallen. Kan de Minister hierop ingaan?20Kamerstukken II, 2022–2023, 28 165, nr. 410.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43121 Op 21 december 2023 is het rapport «Verkenning toekomstvarianten NLO»met de Kamer gedeeld.21 In het rapport worden verschillende variantengeschetst voor privatisering van de Nederlandse Loterij. In alle variantenzijn er voor de beneficianten (de sportsector en goede doelen) verschil-lende oplossingen denkbaar waarin hun financiële belangen wordengeborgd. Als er besloten wordt tot privatisering zullen de belangen van debeneficianten meegenomen worden in de besluitvorming.Mede naar aanleiding van de evaluatie van het aandeelhouderschapNederlandse Loterij en Holland Casino zijn de leden van de VVD-fractievoorstander van het beëindigen van het aandeelhouderschap. De ledenvan de VVD-fractie vragen wat de plannen zijn en de planning van hetnieuwe kabinet.De Nota 2022 schrijft voor dat minimaal eens in de zeven jaar hetaandeelhouderschap in de staatsdeelnemingen geëvalueerd dient teworden. In 2023 is het aandeelhouderschap in Nederlandse Loterij enHolland Casino geëvalueerd en zijn de conclusies hiervan naar de Kamergestuurd.22 In deze evaluatie werd voor beide staatsdeelnemingengeconcludeerd dat wet- en regelgeving mogelijkheden bieden om depublieke belangen die de deelnemingen vertegenwoordigen te kunnenborgen. Een verkenning naar alternatieve opties en randvoorwaarden isdan de volgende stap volgens het afwegingskader omtrent afstoten enaangaan uit de Nota zijn.Ik streef ernaar om u rond de zomer van 2025 te informeren over deontwikkelingen bij beide deelnemingen. Voor Nederlandse Loterijonderzoek ik, in lijn met het deelnemingenbeleid en met de inzichten uitde verkenning, die op 15 december 2023 naar de Kamer is verstuurd,verdere vervolgstappen.23 Met Holland Casino ben ik op dit moment ingesprek over de impact van de voorgenomen verhoging van de kansspel-belasting. De verhoging van de kansspelbelasting zet de continuïteit vande onderneming mogelijk onder druk. In deze gesprekken gaat het overmaatregelen die het herstel kunnen bevorderen en opties om de toekom-stige uitdagingen het hoofd te kunnen bieden. Bij de voornoemdetrajecten houd ik rekening met de uitkomsten van de evaluatie van de Wetkansspelen op afstand en de beleidsreactie daarop, en de beleidsvisie opkansspelen die de Staatssecretaris Rechtsbescherming naar verwachtingvoor het kerstreces naar de Kamer zal sturen.De leden van de fractie van NSC vragen waarom het ziekteverzuim bijHolland Casino relatief hoog is. Daarnaast vragen de leden van de fractievan NSC welke actie het Ministerie van financiën als aandeelhouderhierop heeft ondernomen?Het ziekteverzuim bij Holland Casino was in 2023 7,7 procent. HollandCasino geeft aan dat dit met name te maken had met werkdruk vanmedewerkers omdat de gewenste personeelsbezetting nog op sterktemoest worden gebracht. De afgelopen periode heeft Holland Casino meermensen weten aan te trekken en is het ziekteverzuim significant gedaald.Dit valt onder de dagelijkse bedrijfsvoering en aansturing van deonderneming en is daarmee de taak van het bestuur van Holland Casino.De raad van commissarissen houdt daar toezicht op.21Kamerstukken II, 2023–2024, 28 165, nr. 414.22Kamerstukken II, 2022–2023, 28 165, nr. 395.23Kamerstukken II, 2023–2024, 28 165 nr. 414.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43122 De leden van de VVD-fractie vragen de Minister en Staatssecretaris omeen reactie te geven op de inhoud van het artikel «Holland Casino in rodecijfers beland» in De Telegraaf van 22 augustus 2024. De leden lezen in datartikel dat de CFO van Holland Casino niet uitsluit dat Holland Casino bijde overheid aan moet kloppen voor een kapitaalinjectie of aandeelhou-derslening. De leden vragen om welke bedragen het dan zou kunnen gaanen hoe de Minister en Staatssecretaris hierin staan.Ik heb kennisgenomen van het artikel van De Telegraaf met als titel«Holland Casino belandt in rode cijfers en verwacht financiële ramp: «Helesector krijgt het moeilijk»». In dit artikel noemt de CFO van Holland Casinodat hij niet kan uitsluiten dat Holland Casino, als het bedrijf nog verder inzwaar weer verzeild raakt, bij de overheid zal moeten aankloppen voorstaatssteun. Ik neem het signaal dat de CFO met deze uitspraak afgeeftzeer serieus. Het is aan de raad van bestuur en de raad van commissa-rissen van Holland Casino om maatregelen te nemen om de continuïteitvan Holland Casino te borgen. Ik vind het als aandeelhouder van belangdat Holland Casino daarbij alle mogelijkheden onderzoekt om deverhoging van de kansspelbelasting op te vangen, bijvoorbeeld door tereorganiseren en kosten te besparen. De maatschappelijke rol van HollandCasino blijft hierin randvoorwaardelijk. Een verzoek om staatssteun is nuniet aan de orde.In het artikel van De Telegraaf doet de CFO ook zijn beklag over deverhoging van de kansspelbelasting. Het is de taak en verantwoorde-lijkheid van de leiding van het bedrijf te zorgen op een verantwoordemanier met externe ontwikkelingen om te gaan en actie te ondernemen.De leden van de VVD-fractie vragen welke plannen, dan wel acties er bijHolland Casino (en de Nederlandse Loterij) worden genomen om dit op tekunnen vangen en het bedrijf in de toekomst gezond te houden. De ledenvragen daarnaast wat de fors afgenomen solvabiliteit van Holland Casinoverklaart in de periode van 2019 tot en met 2023.Holland Casino en Nederlandse Loterij onderzoeken momenteel hoe zij deaangekondigde verhoging van de kansspelbelasting kunnen opvangen.Om de verhoging van de kansspelbelasting op te vangen, overwegen zijopbrengstverhogende en kostenbesparende maatregelen. Ik vind het alsaandeelhouder van belang dat zij alle mogelijkheden onderzoeken om deverhoging van de kansspelbelasting op te vangen. Tegelijkertijd blijft hunmaatschappelijke rol hierin randvoorwaardelijk.Onder solvabiliteit wordt de verhouding tussen het eigen vermogen enschulden van een onderneming verstaan. Over de periode 2019 tot en met2023 is deze solvabiliteit bij Holland Casino gedaald van 49,5 procent in2019 naar 24,5 procent in 2023. De grootste daling vond plaats in de jaren2020 en 2021. De oorzaken hiervoor waren de maatregelen tervoorkoming van de verspreiding van COVID-19. Tijdens de pandemiemoesten de fysieke vestigingen van Holland Casino tijdelijk geheel sluiten.Hierdoor nam de omzet van Holland Casino flink af, terwijl het grootstedeel van de kosten doorliep. Holland Casino heeft in deze periode ook eenbelastingschuld opgebouwd. Dit resulteerde in een schuld die HollandCasino nu gefaseerd aan het afbetalen is.12. Beleidsdeelnemingen De leden van de VVD-fractie constateren dat in 2020 een afbouwplan isopgesteld dat toewerkt naar beëindiging van GasTerra’s bedrijfsactivi-teiten op 31 december 2026. De leden van de fractie vragen zich af watdaarvan de stand van zaken is? Voorziet het kabinet ook een manier om deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43123 kennis en expertise die bij GasTerra zit over de gasmarkt te behoudengezien de nog steeds volatiele gasmarkt de komende jaren?GasTerra is een samenwerkingsverband tussen Shell (25 procent),ExxonMobil (25 procent), EBN (40 procent) en de staat (10 procent) metals hoofddoelstelling het verkopen van het door NAM geproduceerdeGroningengas. Vanwege het in 2018 genomen besluit tot beëindigen vande winning uit het Groningenveld is in 2019 besloten om GasTerra af tebouwen. De afgelopen jaren zijn hier veel stappen in gezet. Per 1 januari2024 zijn de leveringen aan de binnenlandse energiebedrijven enindustrieklanten beëindigd. GasTerra heeft nog verkoopcontracten metdrie buitenlandse afnemers, waarbij de verplichtingen jaarlijks afnemen.Deze verplichtingen eindigen uiterlijk op 1 oktober 2029 en zijn de laatstejaren beperkt van omvang.24 GasTerra is in onderhandeling met dezeafnemers om de verplichtingen per 1 oktober 2026 te kunnen beëindigen.Op de gasmarkt zijn vele partijen actief en een partij die actief is op dezemarkt zal de nodige kennis en kunde moeten hebben. Kennis en kundevan de gasmarkt is daarmee niet voorbehouden aan GasTerra.De leden van de VVD constateren dat op 9 maart 2023 hebben deaandeelhouders Frankrijk, Duitsland, Verenigd Koninkrijk, België,Denemarken, Finland, Noorwegen, Spanje, Zweden en Nederland hebbenbesloten tot ontmanteling van Instex. De leden van de VVD-fractie vragenwat daarvan de (financiële) gevolgen zijn?Instex is het betalingsvehikel waarmee legitieme handel tussen de EU enIran wordt gefaciliteerd in het licht van het behoud van het Joint Compre-hensive Plan of Action (JCPOA). INSTEX werkt met een clearing ensettlement-mechanisme waarbij geen betalingen naar Iran plaatsvinden,maar Europese betalingsvorderingen vloeiend uit exporteren en impor-teren naar en van Iran tegen elkaar worden weggestreept.Bij het besluit tot ontmanteling van INSTEX is door de aandeelhouderseen curator aangesteld. Momenteel handelt deze curator de ontmantelingvan INSTEX af. Aandeelhouders zullen naar rato van hun aandelenbezitdelen in eventuele financiële reserves na de ontmanteling. De ontman-teling is nog niet voltooid en daarom valt nog niet te zeggen wat deexacte financiële gevolgen zijn. Het Nederlandse aandeel in INSTEXbetreft 4,21 procent van de aandelen (oorspronkelijke waarde418.500 euro).De leden van de VVD-fractie hebben gevraagd om een update over deverkoop van Intravacc te ontvangen.Intravacc B.V. is een (contract)ontwikkelaar van innovatieve vaccins voorinfectieziekten en immunotherapie. De verkoop van Intravacc is geëffec-tueerd en de aandelen zijn overgedragen aan F.D.I. Biosciences B.V. DeKamer is hierover geïnformeerd per Kamerbrief 26 april 2024.2524Kamerstukken II, 2022–2023, 33 529, nr. 1153.25Kamerstukken II, 2023–2024, 34 951, nr. 17.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 165, nr. 43124

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 253e486c1b575be6

14 okt 2026 · bb0e24f43db98c70

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.