Verslag Eurogroep en Ecofinraad 19 en 20 januari 2026
Brontekst
Versie 603afeb5948d82b2 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202621 501-07Raad voor Economische en Financiële ZakenNr. 2158 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 26 januari 2026Hierbij ontvangt u het verslag van de Eurogroep en de Ecofinraad van 19en 20 januari 2026 in Brussel.In het verslag ga ik daarnaast in op twee andere zaken. Ten eerste geef ikeen appreciatie van de motie van het lid Hoogeveen (JA21) ten aanzienvan het voorstel van de Europese Commissie voor nieuwe eigenmiddelen, ingediend bij de behandeling van het belastingplan op25 november 2025. Ten tweede ga ik in op de voortgang van de onderhan-delingen van het pakket voor de gemeenschappelijke munt, waaronder deverordening betreffende de invoering van de digitale euro en de veror-dening inzake contant geld.De Minister van Financiën,E. Heinen kst-21501-07-2158ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21581 Verslag Eurogroep en Ecofinraad 19 en 20 januari 2026 EurogroepUpdate Eurotoetreding BulgarijeDe Bulgaarse Minister gaf een update over de invoering van de euro inBulgarije per 1 januari 2026. De invoering is goed verlopen en ook deomloop van de munten is op orde. De Europese Commissie (deCommissie), de Europese Centrale Bank (de ECB) en het EuropeesStabiliteitsmechanisme (het ESM) lichtten eveneens toe dat zich bij deinvoering geen noemenswaardige problemen hebben voorgedaan.Eurozoneaanbevelingen 2026De Eurogroep had een korte discussie over de eurozoneaanbevelingen,die in november gepubliceerd zijn als onderdeel van het Herfstpakket. Inde aanbevelingen worden de gezamenlijke (beleids-)uitdagingen voor deeurozone geïdentificeerd. Die zien op het versterken van het vermogenvan de eurozone om op externe schokken te reageren, kansen voor groeite benutten, en de stabiliteit te versterken. De aanbevelingen bieden eenkader om (onder andere in de Eurogroep) gesprekken te voeren over deprioriteiten voor de eurozone.De aanbevelingen konden op steun rekenen van de eurolanden, waarbijenkele lidstaten opriepen tot een duidelijker accent op integratie vanfinanciële markten naast reëel economisch beleid. Sommige lidstatengaven aan de voorkeur te geven aan minder aanbevelingen in plaats vande huidige veertien, om op deze manier focus aan te brengen in dediscussie. De aanbevelingen zullen bij de Ecofinraad van februari wordengoedgekeurd. Daarop volgt bekrachtiging door de Europese Raad inmaart, en formele instemming met de aanbevelingen in de Ecofinraad vanapril.Het kabinet neemt op veel van de thema’s die de Commissie in haaraanbevelingen noemt reeds actie. Zo is het kabinet met een nieuweaanpak regeldruk gekomen op 5 september jl.1 Daarbuitenom werkt hetkabinet al langer aan de aanpak van onnodige regeldruk, ook inEU-verband, met het actieplan Minder Druk Met Regels2. Ook heeft deheer Wennink op verzoek van het kabinet een rapport uitgebracht metaanbevelingen om het investeringsklimaat en verdienvermogen inNederland te versterken. Het kabinet heeft aangegeven ambitieuzestappen te willen zetten om de Europese kapitaalmarktunie te versterkendoor in te zetten op sterker Europees toezicht, meer en divers aanbod vankapitaal voor de financiering van bedrijven en eenduidige regels in de EUvoor een optimale werking van de interne markt.Terugkoppeling van de G7-besprekingenFrankrijk gaf als voorzitter van de G7-landen een terugkoppeling vanrecente vergaderingen van de G7. Ook kondigde Frankrijk een bijeen-komst aan van de Ministers van Financiën van de G7-landen op 22 januari.Naar aanleiding van deze terugkoppeling vroegen meerdere landenaandacht voor de opstelling van Verenigde Staten inzake Groenland.Lidstaten uitten zorgen over de ontwikkelingen ten aanzien vanGroenland. Meerdere landen riepen op tot eenheid binnen de Eurogroep1Zie Kamerstukken II, vergaderjaar 2025–2026, 32 637, nr. 7062Zie Kamerstukken II, vergaderjaar 2025–2026, 32 637, nr. 660Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21582 en de Europese Unie, en binnen internationale gremia zoals de G20 en hetInternationaal Monetair Fonds (IMF). Meerdere eurolanden onder-streepten dat de Eurogroep een rol heeft in toekomstige discussies. Ookgaven meerdere landen aan open te staan voor analyses over demogelijke implicaties van de geopolitieke ontwikkelingen op de Europeseeconomie. Nederland noemde de door de president van de VerenigdeStaten aangekondigde tarieven onwenselijk en onderstreepte het belangdat communicatie over eventuele tegenmaatregelen vanuit de EuropeseUnie geloofwaardig moet zijn.Selectieproces van de ECB Vice-PresidentDe Eurogroep sprak over de kandidaten voor het vicepresidentschap vande Europese Centrale Bank (ECB) en heeft de Kroatische kandidaat BorisVujcˇic´ voorgedragen aan de Raad van de Europese Unie (de Raad). Vujcˇic´is momenteel president van de Kroatische Centrale Bank. DeVice-President zal naar verwachting in maart worden benoemd door deEuropese Raad op aanbeveling van de Raad.EcofinraadWerkprogramma Cypriotisch voorzitterschapCyprus is in de eerste helft van 2026 de voorzitter van de Raad van deEuropese Unie. Het Cypriotisch voorzitterschap presenteerde hetwerkprogramma voor deze periode.Economische en financiële impact van de Russische agressietegen OekraïneDe Ecofinraad wisselde van gedachten over de economische en financiëleimpact van de Russische agressie tegen Oekraïne en over Europesesteunmaatregelen. De Commissie lichtte toe dat met het akkoord in deEuropese Raad van december jl. voor een lening van Oekraïne van90 miljard euro (de Ukraine Support Loan), bij de huidige aannames tweederde van de noden in 2026 en 2027 zoals berekend door het IMF en deEuropese Commissie zijn gedekt. De overige een derde moet volgens deCommissie komen van overige internationale partners. De Commissielichtte verder toe dat de Europese Unie op 22 december jl. 2,3 miljard eurouit de Oekraïne-faciliteit aan Oekraïne heeft uitbetaald. Daarnaast heeft deCommissie op 13 november de tiende en tevens laatste tranche van hetEU-aandeel in de ERA-leningen verstrekt aan Oekraïne, met een omvangvan 4,1 miljard euro. De totale uitbetaling onder deze faciliteit bedraagtdaarmee ongeveer 25 miljard euro. De Commissie meldde dat Japan eenuitbetaling onder de ERA-leningen zal vervroegen, naar de eerste helft van2026.De Commissie lichtte voorts toe dat er vorige week een bezoek van IMFManaging Director Georgieva aan Oekraïne heeft plaatsgevonden over hetnieuwe IMF-programma voor Oekraïne. De verwachting is dat de raad vanbewind van het IMF begin februari een besluit over het programmaneemt. Lidstaten van het IMF is gevraagd om financing assurances af tegeven, waarmee zij toezeggen Oekraïne financieel te zullen blijvensteunen en zorg te zullen dragen voor de schuldhoudbaarheid vanOekraïne. Meerdere lidstaten, waaronder Nederland, hebben inmiddelstoegezegd deze financing assurances af te geven.Ten aanzien van de economische situatie in Rusland meldde deCommissie dat de sancties op Russische olie effect sorteren, metneerwaarts effect op de olieprijs. De Russische publieke financiën staanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21583 onder toenemende druk, en de Commissie verwacht dat de Russischeoverheid op termijn geconfronteerd wordt met de keuze om te bezuinigenof belastingen te verhogen.In hun interventies gingen lidstaten voornamelijk in op de wetgevendevoorstellen voor de Ukraine Support Loan. Lidstaten waren eensgezind inde oproep tot een spoedige implementatie van de leningen, gegeven deurgente financieringsnoden van Oekraïne. Een groot deel van de lidstaten,waaronder Nederland, gaf daarnaast aan dat de dekking van de rente-lasten die in 2026 en 2027 ontstaan door de leningen aan te gaan op dekapitaalmarkt, en die niet zullen worden doorbelast aan Oekraïne, moetworden gezocht onder het huidige plafond van het Meerjarig FinancieelKader. Een deel van de landen wees ook op het belang van blijvendebetrokkenheid van de G7-landen en andere internationale partners om deresterende noden van Oekraïne te dekken. Daarnaast onderstreepte eendeel van de lidstaten, waaronder Nederland, het belang van voldoendeflexibiliteit in de militaire bestedingen van de leningen door Oekraïne. Totslot gaven meerdere lidstaten, waaronder Nederland, aan de druk opRusland op te willen voeren door het aannemen van een volgendsanctiepakket.De Kamer zal binnenkort nader worden geïnformeerd over de voorstellenvan de Commissie voor de Ukraine Support Loan en de positie van hetkabinet.Uitvoeringsbesluiten van de Raad onder de Herstel- enVeerkrachtfaciliteit (HVF)De Raad stemde in met de uitvoeringsbesluiten die leiden tot wijzigingenvan de Herstel- en Veerkrachtplannen van Finland, Ierland, Duitsland,Spanje, Zweden en Nederland.Europees Semester 2026: goedkeuren van de conclusies AlertMechanism ReportDe Raad stemde in met de Raadsconclusies over het Alert MechanismReport.Implementatie Stabiliteits-en Groeipact – Beoordeling buiten-sporige tekortenDe Raad heeft ingestemd met het openen van een buitensporigtekortpro-cedure voor Finland. De Raad heeft tevens ingestemd met een aanbe-veling aan Finland voor een netto-uitgavenpad om het buitensporigetekort uiterlijk in 2028 te beëindigen. In de aanbeveling stelt de Raad datFinland uiterlijk 30 april 2026 effectieve maatregelen moet nemen om hettekort te verminderen.OverigAppreciatie motie van het lid Hoogeveen nieuwe eigen middelenBij de behandeling van het belastingplan in de Tweede Kamer op25 november 2025 diende het lid Hoogeveen een motie in ten aanzien vande voorstellen van de Commissie voor nieuwe eigen middelen (Kamerstuk36 812, nr. 87). De motie is aangehouden, omdat deze niet ging over hetbelastingplan, maar over de onderhandelingen over het MeerjarigFinancieel Kader (MFK) en het nieuwe eigenmiddelenbesluit (EMB). Viadeze weg ontvangt u een appreciatie van de motie van het kabinet.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21584 De motie stelt dat de voorstellen voor nieuwe eigen middelen van deEuropese Commissie leiden tot een structurele verschuiving van fiscalebevoegdheden van de lidstaten naar de Europese Unie en verzoekt deregering om in de onderhandelingen over het MFK als Nederlandse inzetuit te dragen dat uitbreiding van Europese eigen middelen voorNederland geen optie is.Het MFK wordt volgens het verdrag betreffende de werking van deEuropese Unie gefinancierd door eigen middelen. De bestaande eigenmiddelen zijn de traditionele eigen middelen (douanerechten), debtw-afdracht, plastic-afdracht en bni-afdracht. De Commissie stelt in hetvoorstel voor een nieuw eigenmiddelenbesluit vijf nieuwe eigen middelenvoor. Eigen middelen zijn typen bijdragen van de lidstaten aan deEuropese begroting. Het totaal aan eigen middelen bepaalt de verdelingvan de nationale afdrachten over de lidstaten. Dit heeft niet direct impactop de omvang van de Europese begroting, die wordt namelijk bepaalddoor het MFK. Er is geen sprake van belastingheffing door de EuropeseUnie. Het eigenmiddelenbesluit geeft de Europese Unie geen zelfstandigebelastingbevoegdheid en er is dus geen sprake van een verschuiving vanfiscale bevoegdheden van de lidstaten naar de Europese Unie. Om dezeredenen wordt de motie ontraden.Ik verwijs u hierbij ook naar de inzet van het kabinet ten aanzien van devoorgestelde nieuwe eigen middelen in de kabinetsappreciatie van devoorstellen voor het MFK en het nieuwe eigenmiddelenbesluit. Hetkabinet heeft aangegeven dat het nieuwe eigen middelen niet bij voorbaatkan omarmen, maar dat alle voorstellen op eigen merites wordenbeoordeeld. Het kabinet heeft daarbij wel aangegeven een zeer kritischegrondhouding te hebben ten aanzien van het voorgestelde nieuwe eigenmiddel dat gebaseerd is op een afdracht die lidstaten zouden innen bijondernemingen met een jaaromzet van meer dan 100 miljoen euro, alsbijdrage voor het mogen opereren op de interne markt.Bij de beoordeling van individuele voorstellen voor nieuwe eigenmiddelen neemt het kabinet verschillende factoren in overweging. Hetkabinet kijkt hierbij naar het (netto-)effect op de Nederlandse afdrachtenaan de EU, met als ijkpunt de mate waarin het voorgestelde eigen middelresulteert in een hogere of lagere afdracht ten opzichte van debni-verdeelsleutel. De vergelijking met deze bni-verdeelsleutel is relevant,omdat de bni-afdracht fungeert als sluitpost van de financiering van deEU-begroting. Het Nederlandse bni-aandeel binnen de EU bedraagt op ditmoment 6,4%. Deze verdeelsleutel is hoger dan bij een aantal van devoorgestelde nieuwe eigen middelen, bijvoorbeeld ETS en CBAM. In debeantwoording van het schriftelijk overleg van 10 november jl. isaangegeven dat de meeste door de Commissie voorgestelde nieuweeigen middelen voor Nederland financieel gunstig zouden zijn. Hetvolledig afwijzen van alle nieuwe eigen middelen zou dus leiden tothogere afdracht voor Nederland.Naast het effect op de Nederlandse afdrachten aan de EU weegt hetkabinet in de beoordeling ook de stabiliteit en voorspelbaarheid van degrondslagen mee, evenals de uitvoerbaarheid van het voorgestelde eigenmiddel. Ook wordt gekeken in hoeverre het nieuwe eigen middel aansluitbij Europese en nationale beleidsdoelstellingen. Alomvattend geldt voorNederland het uitgangspunt van een rechtvaardig, transparant eneenvoudig stelsel van eigen middelen. Het is daarom ook van belang omhet geheel van voorstellen in samenhang te wegen, inclusief deMFK-verordening.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21585 Voortgang pakket voor de gemeenschappelijke muntConform de wens van de Kamer wordt uw Kamer maandelijks geïnfor-meerd over de voortgang van de onderhandelingen over een digitaleeuro. Daarnaast is in een Kamerbrief naar aanleiding van het plenairedebat over de Wet chartaal betalingsverkeer op 14 januari jl. toegezegduw Kamer periodiek op de hoogte te houden van de onderhandelingenvan het LTCR-voorstel (verordening inzake contant geld). Deze informatie-stromen zullen worden gecombineerd en de Kamer zal maandelijksworden geïnformeerd over de voortgang van het volledige pakket voor degemeenschappelijke munt, bestaande uit de verordening inzake contantgeld en de verordening betreffende de invoering van de digitale euro.In december 2025 bereikte de Raad een akkoord over het pakket voor degemeenschappelijke munt. Het is nu aan het Europees Parlement (EP) omhierover een positie in te nemen. Het is nog onduidelijk wanneer hetEuropees Parlement tot een gedeelde positie komt, maar de rapporteurheeft de ambitie uitgesproken om het onderhandeltraject voor het pakketvoor de gemeenschappelijke munt in mei af te ronden. Zodra hetEuropees Parlement een positie heeft bepaald, zullen de triloogonderhan-delingen van start gaan. De Kamer zal worden geïnformeerd zodra dezefase start.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21586
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.