KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een schriftelijk overleg over de voortgang van het vape- en tabaksbeleid (Kamerstuk 32011-122)

27 nov 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 8fcbf15e284ca772 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 011TabaksbeleidNr. 126 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEGVastgesteld 27 november 2025 De vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft eenaantal vragen en opmerkingen voorgelegd aan de Staatssecretaris vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport over de brief van 14 juli 2025 over devoortgang van het vape- en tabaksbeleid (Kamerstuk 32 011, nr. 122).De vragen en opmerkingen zijn op 23 september 2025 aan de Staatssecre-taris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voorgelegd. Bij brief van27 november zijn de vragen beantwoord.De fungerend voorzitter van de commissie,MohandisAdjunct-griffier van de commissie,Heller kst-32011-126ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1261 Inhoudsopgaveblz.Vragen en opmerkingen vanuit de fracties2Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie2Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie3Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie4Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractie5Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie8Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie9Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie9Reactie van de Staatssecretaris10 I. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractieDe leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van de voortgangs-brief over het vape- en tabaksbeleid en hebben hierover nog een aantalaanvullende vragen en opmerkingen.Wat opvalt, is dat ondanks alle verboden en miljoenen euro’s aancampagnes, jongeren nog steeds massaal toegang hebben tot illegalevapes en rookwaren.Dealers opereren via sociale media, terwijl de overheid zich drukker maaktom een telefonische hulplijn van meer dan drie ton per jaar. Hoe legt deStaatssecretaris dit uit aan de Nederlanders die zien dat de illegale marktintussen gewoon doordraait?In de eerste helft van dit jaar zijn meer dan 200.000 illegale vapes inbeslag genomen. Dat klinkt indrukwekkend, maar wat zegt dit eigenlijkover de totale omvang van de markt?Heeft de Staatssecretaris enig zicht op hoeveel illegale producten erdaadwerkelijk circuleren?Uit de cijfers blijkt dat er nog steeds volop illegale verkoop plaatsvindt,zowel online als via kleine winkels. Blijkbaar lukt het de overheid niet omdit afdoende te handhaven. Is de Staatssecretaris het met de leden van dePVV-fractie eens dat de huidige aanpak tekortschiet?Genoemde leden vinden het onbegrijpelijk dat hardnekkige overtredersnog steeds vaak eerst een waarschuwing krijgen. Waarom geen directeboetes of sluitingen? Waarom zoveel coulance richting overtreders, terwijlde brave burger wel steeds strengere regels opgelegd krijgt?Daarnaast blijkt uit de monitor nieuwe verkooppunten van rookwarenoktober/november 2024 dat het verbod in supermarkten een waterbed-effect heeft veroorzaakt: honderden nieuwe verkooppunten zijn geopend,vaak pal naast supermarkten.Hoe helpt dit de jeugd beschermen? Hoeveel jongeren zijn er werkelijkminder gaan roken of vapen sinds dit verbod? Of is dit beleid enkelsymboolpolitiek dat niets oplost?De Staatssecretaris spreekt over verhoging van de leeftijdsgrens en zelfsgeneratiegebonden verboden. Maar hoe helpt dat, als jongeren met eenpaar klikken via sociaal media illegale vapes kunnen bestellen? Hoebeoordeelt de Staatssecretaris de kritiek dat dit beleid neerkomt op extrabeperkingen voor de legale consument, terwijl de illegale handelnauwelijks wordt teruggedrongen?Tot slot, hoe rijmt de Staatssecretaris het beleid om roken en vapen teverbieden met het gelijktijdig legaliseren van wiet? Deelt de Staatssecre-taris de mening van de leden van de PVV-fractie dat hiermee tegen-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1262 strijdige signalen aan de jeugd worden afgegeven? En is zij bereid delegalisering van wiet, en de daarbij behorende wietteeltproef, stop tezetten?Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van debrief aangaande voortgang van het vape- en tabaksbeleid. Genoemdeleden hebben hier nog enkele vragen en opmerkingen. De leden van deGroenLinks-PvdA-fractie onderschrijven de doelen betreft roken en tabakuit het preventieakkoord, met nadruk op nul procent rokerende jongerenin 2040. Ze vinden het zorgelijk dat het halen van deze doelen ver uit zichtlijkt.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat «bij deze1.892 inspecties werden 609 overtredingen van het rookverbod geconsta-teerd.» Genoemde leden schrikken van het hoge aantal overtredingen.Kan de Staatssecretaris nader toelichten hoe het kan dat er zoveelovertredingen zijn? Wat zijn de landelijke schattingen van het aantalovertredingen, zowel absoluut als procentueel? Schiet de handhaving encontrole tekort, gezien het grote aantal overtredingen?Tevens lezen genoemde eden dat de recidive cijfers bij herinspecties hoogzijn. Kan de Staatssecretaris nader toelichten waarom de recidivecijfers zohoog zijn? Is de Staatssecretaris van mening dat de afschrikkende werkingvan de inspectie te laag is?Ook bij het verkoopverbod zijn de overtredingscijfers in het algemeen enrecidive in het bijzonder schrikbarend. De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat bij 21 procent van de eerste inspecties een overtredingwerd geconstateerd, gevolgd door een officiële waarschuwing. Van de 40uitgevoerde herinspecties bleek 28 procent van de bedrijven opnieuw hetverkoopverbod te overtreden. Wat gaat de Staatssecretaris doen om hetaantal overtredingen en her-overtredingen van bedrijven in de toekomstte voorkomen? Is de Staatssecretaris van mening dat de afschrikkendewerking van de inspectie te laag is?Afgelopen begrotingsbehandeling is er twee miljoen euro vrijgemaaktvoor de handhavingscapaciteit van de Nederlandse Voedsel- en Warenau-toriteit (NVWA) voor vapes en vanaf 2026 drie miljoen euro structureel. Deleden van de GroenLinks-PvdA-fractie onderschrijven meer inzet enversterking van toezicht en handhaving op illegale vapes en andereverboden rookwaren. Kan de Staatssecretaris een stand van zaken gevenin hoeverre dit vrijgekomen budget tot extra inspecties en handhavingheeft geleid? Is dit budget voldoende of schiet het tekort om het aantalillegale vapes zover terug te dringen, dat het daadwerkelijk significantmoeilijker wordt voor jongeren om ze aan te schaffen?Daarnaast lezen de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie dat bij eenderde van de nieuwe verkooppunten de deur openstond. De Staatssecre-taris schrijft dat de NVWA zal blijven handhaven op overtreding van hetreclameverbod. Wat gaat de NVWA doen om de handhaving op hetverbod te verbeteren?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen ook dat bij 135 van derecidive zaken het bedrag van de opgelegde boete niet correct is bepaald.Dit leidt tot verhoogde kosten van 32.170,27 euro aan wettelijke rente dieterugbetaalt moet worden. Hoe gaat de Staatssecretaris voorkomen dat inde toekomst weer gebeurt?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat de douane in beperktemate controles uitvoert op intra-EU-vluchten. Genoemde leden willen vande Staatssecretaris graag weten waarom deze controles maar in beperktemate worden uitgevoerd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1263 De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vinden het belangrijk datscholen voldoende ondersteuning krijgen bij het uitvoeren van hetanti-rookbeleid. Genoemde leden lezen dat er een goed beoordeeldetraining voor scholen is ontwikkeld, maar dat die training al jaren nietmeer wordt gegeven. Waarom wordt deze training niet meer gegeven? Isde Staatssecretaris bereid om dit weer op te zetten?Daarnaast is er een stappenplan «nicotinevrije school» gemaakt. Wat gaatde Staatssecretaris doen om er voor te zorgen dat trainingen over denaleving van het rookbeleid weer worden gegeven en het stappenplanwordt geïmplementeerd?De Staatssecretaris stelt dat de handhavingsbevoegdheden van de NVWAworden uitgebreid vanuit het Actieplan tegen Vapen. De leden van deGroenLinks-PvdA-fractie vragen de Staatssecretaris op welke manier hunbevoegdheden precies worden uitgebreid. Wat is de verwachte concreteimpact van de maatregelen? De leden van de GroenLinks-PvdA-fractielezen dat het kabinet niet voornemens is om een wettelijk verbod op rokenin de auto met kinderen in te voeren vanwege uitdagingen voor detoezichthouder. Zij vragen de Staatssecretaris om die reden waaromeventueel lastige of grote uitdagingen voor de toezichthouders alszwaarder belang wegen dan de gezondheid van minderjarigen.Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractieDe leden van de fractie van de VVD danken de Staatssecretaris voor haarvoortgangsbrief over vapen en roken.De leden van de VVD-fractie lezen dat de NVWA in totaal 1892 gerichterookcontroles heeft uitgevoerd in 2024. Kan de Staatssecretaris aangevenhoe groot de kans is dat in een horeca-aangelegenheid een gerichterookcontrole plaatsvindt? Hoe groot is de kans dat een horeca-aangelegenheid een controle krijgt in verband met het rookverbod en hoegroot is de pakkans als een horecagelegenheid zich niet aan de regelshoudt?De leden van de VVD-fractie lezen dat de beoogde ruime halvering van hetaantal verkooppunten gehaald is, nu supermarkten geen rookwaren meermogen verkopen. Dit verheugt hen. Kan de Staatssecretaris aangeven ofzij zicht heeft of het beperken van de verkooppunten het tabaksgebruikdoet dalen? Dit vooral in het licht van de constatering dat de meestenieuwe verkooppunten in het zicht van een supermarkt liggen.De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de verkenningvan een verbod op de verkoop van nicotine houdende producten in testellen voor mensen geboren op of na 1 januari 2012. Genoemde ledenkunnen zich voorstellen dat dit juridisch moeilijk haalbaar is, vanwege deTabaksproductenrichtlijn. Kan de Staatssecretaris aangeven hoe andereEU-landen hierin staan?De leden van de VVD-fractie zijn blij om te lezen dat de NVWA steedsmeer illegale vapes in beslag neemt. Zij delen de mening van deStaatssecretaris dat dit echter nog niet genoeg is. Aan welke bevoegd-heden ontbreekt het wat betreft de Staatssecretaris op dit moment omeffectief vapes te kunnen confisqueren? Zijn er belemmeringen in degegevensuitwisseling tussen de NVWA en andere instanties? Wat is nodigom mogelijk te maken dat de NVWA doorzoekingen kan doen in het gevalvan een aanwezige voorraad vapes?De leden van de VVD-fractie juichen toe dat er risicogericht toezicht wordtgehouden op tabaksfraude. Kan de Staatssecretaris aangeven op welkemanier dit toezicht vorm wordt gegeven? Welke mogelijkheden ziet deStaatssecretaris om dit risicogerichte toezicht effectiever te maken?De leden van de VVD-fractie lezen dat een rookverbod in de auto vooralsymbolische waarde heeft. Dit geldt ook voor het Franse verbod om teroken achter het stuur, aangezien moeilijk gehandhaafd kan worden opTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1264 dat specifieke verbod. Kan de Staatssecretaris reflecteren op de effecti-viteit van dergelijke maatregelen? Acht zij het, als puur symbolischemaatregel, van waarde?De leden van de VVD-fractie hebben een aantal vragen als het gaat om deverkoop van sigaren. Zij weten dat het plan was per 1 juli 2025 sigaren ineen standaardverpakking moeten worden verpakt. Echter, de wet is nogniet in werking getreden waardoor deze datum is uitgesteld. De leden vande VVD-fractie vragen de Staatssecretaris wat nu de datum gaat wordendat sigaren in een standaardverpakking verpakt moeten worden.De leden van de VVD-fractie weten dat de overgangsbepaling met eenuitverkoopregeling nog niet bekend is. Zij vragen de Staatssecretaris of errekening mee wordt gehouden dat ondernemers die sigaren producerenverpakkingen voor soms wel een jaarvoorraad laten produceren. Zijvragen haar verder of, als dit het geval is, deze ondernemers dan ook deruimte gaan krijgen deze verpakkingen op te maken, zodat deze niethoeven te worden vernietigd en ondernemers dus geen onnodige kostenhoeven te maken.De leden van de VVD-fractie krijgen veel signalen uit de sector dat eenovergangstermijn van 5,5 maanden veel te kort is. De sector zelf heeft hetover 24 maanden. De leden van de VVD-fractie vragen de Staatssecretarisof er rekening is gehouden met de gevolgen voor de sector bij een tesnelle verplichting voor het verpakken van sigaren in een standaardverpakking.De leden van de VVD-fractie lezen in de monitor nieuwe verkooppuntenvan rookwaren oktober/november 2024 dat uit een steekproef blijkt datvan de 656 nieuwe verkooppunten 83 procent op zichtafstand is van eensupermarkt. Zij vragen haar of ook bekend is of dit met name in de stad ofin een dorp is en of deze cijfers gedeeld kunnen worden.De leden van de VVD-fractie lezen dat er 6.000 verkooppunten bijsupermarkten zijn verdwenen. Zij vragen de Staatssecretaris of ookbekend is hoeveel supermarkten er zijn verdwenen tegelijk met, ofspoedig nadat het verkooppunt is verdwenen. Zo ja, vallen daar specifiekeregio’s bij op?Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie hebben kennisgenomen van de brief van deStaatssecretaris over de voortgang van het vape- en tabaksbeleid. Dezeleden benadrukken dat het tegengaan van vapen en roken van niet teonderschatten belang is voor het bevorderen van de levensduur enlevenskwaliteit vanNederlanders. Het is essentieel voor het terugdringen van sociaalecono-mische gezondheidsverschillen en het tegengaan van zorgkosten. Deleden van de NSC-fractie hebben daarom nog enkele vragen.De leden van de NSC-fractie zijn blij dat de Staatssecretaris aandacht heeftvoor het tegengaan van vapegebruik. In het Actieplan tegen Vapen ziendeze leden een aantal maatregelen om het toenemende vapegebruik, inhet bijzonder onder jongeren, tegen te gaan. Deze leden zijn echter ookvan mening dat deze maatregelen nog veel te mager zijn om hetprobleem echt aan te pakken. Ondertussen raken onze jongeren massaalverslaafd aan nicotine, of zelfs aan spice en THC, zoals recentelijk bekendwerd en creëert de tabaksindustrie een nieuwe generatie tabaksge-bruikers.Daarom roepen deze leden nogmaals op tot het uitvoeren van de door deKamer reeds aangenomen motie over een algeheel verbod op wegwerp-e-sigaretten per 1 juli 2026. De oproep om dit met spoed op te pakkenhebben deze leden al met regelmaat gedaan, maar zij zien dat er niet éénstap is genomen om er naartoe te werken. Het is ook verontrustend dat deStaatssecretaris de uitvoering van deze motie niet noemt in het Actieplantegen Vapen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1265 Zou de Staatssecretaris een uitvoerige statusupdate kunnen geven overde uitvoering van deze motie, waarin zij zoveel mogelijk informatie geefthierover als mogelijk? Waarom negeert zij een verzoek van de Kamer waareen meerderheid van de volksvertegenwoordiging zich achter heeftgeschaard?Als aanvulling op genoemde motie, zijn de leden van de NSC-fractiegeïnteresseerd in de visie van de Staatssecretaris om een stap verder tegaan en over te gaan op een algeheel verkoopverbod. Genoemde ledenrealiseren zich dat hiervoor de Tabaksproductenrichtlijn zou moetenworden aangepast. Als de Tabaksproductenrichtlijn daadwerkelijk op diemanier wordt gewijzigd, zouden daarmee dan ook andere nieuwezorgwekkende varianten op de vape, zoals bijvoorbeeld de THC enspice-vapes, zich minder gemakkelijk verspreiden onder de jeugd? Zou dithet handhaven op reeds bestaande verboden op bepaalde categorieënvan vapes versimpelen, aangezien er dan niet meer gelet hoeft te wordenop bijvoorbeeld nicotinegehalte, smaak of het aantal pufjes? Kan deStaatssecretaris afzonderlijk ingaan op de effectiviteit van een dergelijkemaatregel op het tegengaan van de verspreiding van eventuele nieuwevarianten en het stroomlijnen van de handhaving? Als blijkt dat eendergelijk verkoopverbod effectief zou zijn, is de Staatssecretaris danbereid zich hiervoor in EU-verband in te zetten?De leden van de NSC-fractie zijn verheugd om te zien dat de AutoriteitConsument & Markt (ACM) op verzoek van Stichting Rookpreventie Jeugdeen onderzoek is begonnen naar Snapchat vanwege de illegale handel invapes op hun platform. Kan de Staatssecretaris toelichten hoe zij ditonderzoek ziet in het kader van haar eigen onderzoek naar illegale handel?De leden van de NSC-fractie hebben met interesse en grote waarderingkennis genomen van de ideeën voor maatregelen tegen roken en vapenvan de studenten van de Haagse Hogeschool. Hierbij presenteren zijgoede ideeën, zoals eenSnapchat-campagne, een TikTok-challenge, een buddy systeem voorjongeren die willen stoppen of het aantrekkelijker maken van school-pleinen. De leden van de NSC-fractie vinden het van groot belang dat ookde ideeën van jongeren, scholieren en studenten worden betrokken bij hetbeleid om vapen tegen te gaan. Heeft de Staatssecretaris kennisgenomenvan deze voorstellen die van jongeren zelf komen ter ondersteuning vanhet beleid? Kan de Staatssecretaris reageren op de ideeën van dezestudenten? Kan zij deze betrekken bij haar Actieplan tegen Vapen,bijvoorbeeld in de aangekondigde PR- en mediacampagne?Wat betreft het tabaksbeleid, hebben de leden van de NSC-fractie metverbazing kennisgenomen van de opmerking van de Staatssecretaris dateen generatiegebonden verkoopverbod voor tabak juridisch niet haalbaaris. Hier hebben deze leden ook al naar gevraagd in schriftelijke vragen aande Staatssecretaris op 17 juli 2025. De Staatssecretaris geeft aan dat zijverwacht dat deze maatregel in strijd is met EU-wetgeving. Kan zijhierover, als ze dat nog niet heeft gedaan, aanvullend advies inwinnen bijde Europese Commissie en de Kamer hierover informeren voor eindoktober?Daarnaast meldt de Staatssecretaris dat het onderzoek over het verhogenvan de leeftijdsgrens voor tabaksverkoop naar 21 nog loopt. Kan zijaangeven hoe dit onderzoek verloopt, welke vragen er worden gesteld,wie het onderzoek uitvoert, welke methodes worden gehanteerd enwanneer zij verwacht de resultaten ervan te kunnen delen met de Kamer?Verder lezen de leden van de NSC-fractie dat volgens de Staatssecretarisde proportionaliteit van een generatiegebonden verkoopverbod nog lastigte onderbouwen is. Volgens deze leden zijn de ongeveer 20.000 sterfge-vallen per jaar en 700.000 zieken door roken al ampel bewijs voor deproportionaliteit van deze maatregel. Deze leden vinden dat er snelstevigere maatregelen nodig zijn om een rookvrije generatie te bereiken.Een dergelijke maatregel zou overigens ook niet in één keer de generatieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1266 van 2012 rookvrij maken, maar zal wel jaar op jaar meer positieve effectenlaten zien. Dat in gedachten houdende, is het belangrijk om maatregelenzo snel mogelijk in te voeren, om in 2040 een rookvrije generatie tekunnen hebben. Waarom wordt er «eerst een breed pakket aan (mindervergaande) maatregelen ingevoerd», terwijl het daarmee maar zeer devraag blijft of de doelen in 2040 gehaald zullen worden? Geeft deStaatssecretaris er niet de voorkeur aan om nu al zwaardere maatregelenzoals deze te nemen, in de hoop dat we misschien al in bijvoorbeeld 2035een rookvrije generatie hebben bereikt, maar in ieder geval in 2040?De Staatssecretaris noemt terecht ook de rol van het ongewenste bijeffectvan grensoverschrijdende aankopen in haar overwegingen. De leden vande NSC-fractie zijn het met de Staatssecretaris eens dat deze grensef-fecten de effectiviteit van Nederlandse maatregelen tegen roken onder-mijnen en dat er Europees moet worden ingezet om dit tegen te gaan.Echter zien deze leden dat dit type argumenten ook wordt ingezet door detabaksindustrie als argumenten tegen effectief antirookbeleid. Want degrenseffecten nemen niet weg dat een maatregel nog steeds effectief kanzijn. Een iets minder effectieve maatregel is immers altijd beter danhelemaal geen maatregel. De effecten van de hoge accijns op deprevalentie van roken zijn bijvoorbeeld duidelijk bewezen in diverserapporten en onderzoeken, ook al heeft het betekend dat sommigeNederlanders de grens over gaan om hun sigaretten te kopen. Deelt deStaatssecretaris de analyse van deze leden dat het essentieel is omongewenste grenseffecten tegen te gaan om de effectiviteit van maatre-gelen te bevorderen, maar dat het niet een reden op zich is om eenmaatregel niet te nemen?Tot slot spreken deze leden graag nog uit dat alle mogelijke maatregelenom vapen en roken tegen te gaan overwogen dienen te worden. Dehoeveelheid Nederlanders die door het roken of vapen ziek worden ofzelfs overlijden, is onaanvaardbaar hoog. Daarom waarderen deze ledende inzet van dit kabinet om het doel uit het preventieakkoord van eenrookvrije generatie in 2040 te halen. Deze leden zijn echter niet vanmening dat de op dit moment aangekondigde maatregelen hiervoorvoldoende zullen zijn en zullen daarom de Staatssecretaris blijvenaansporen om meer te doen, zowel door vragen als door concreteinitiatieven. Daarom zijn deze leden ook teleurgesteld in het overzicht vanmaatregelen die de Staatssecretaris bereid is te nemen om de ambitie vaneen rookvrije generatie in 2040 te halen. Hierin kondigt de Staatssecretarisnamelijk geen nieuwe maatregelen aan, maar herhaalt zij enkel de reedsaangekondigde maatregelen in het Actieplan tegen Vapen en de samen-hangende preventiestrategie alsook de verkenning naar een leeftijdsgrensvan 21 jaar en een preventiefonds. Deze leden kunnen daarom helaas nietanders dan concluderen dat de Staatssecretaris niet met andere ideeëndan deze zal komen om roken en vapen tegen te gaan, terwijl deze extramaatregelen hard nodig zullen zijn om roken en vapen tegen te gaan.Deze leden vertrouwen erop dat de Staatssecretaris wel bereid is omalsnog open en constructief te kijken naar initiatieven vanuit de Kamer,ook als deze niet reeds aangekondigd zijn in genoemde plannen. Kan zijdit bevestigen? Staat het uitsluiten van extra maatregelen niet haaks ophaar antwoord in de schriftelijke vragen van 17 juli 2025, waarin deStaatssecretaris zegt «Zien wat het effect hiervan is, en als dat onvol-doende blijkt, zoek ik naar extra mogelijkheden.»? Kan de Staatssecretarisniet beter nu al deze extra maatregelen inventariseren en voorbereiden,zodat zij ze direct kan implementeren als dat naar haar inzicht nodig blijkt?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1267 Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractieMet interesse hebben de leden van de D66-fractie kennisgenomen van debrief van de Staatssecretaris over het tabaksbeleid. Daartoe hebben dezeleden verdere vragen.De leden van de D66-fractie zijn blij om te zien dat er veel aandacht is voorhet verminderen van roken en vapen in onze samenleving. Er zijn al veelmaatregelen genomen die ons steeds een stapje dichter bij een rookvrijegeneratie brengen. Ook wordt in de Miljoenennota benoemd dat ergewerkt wordt aan het rookvrij maken van de terreinen van de kinder-opvang, beheerde speeltuinen en kinderboerderijen. De leden van deD66-fractie vragen wanneer de Staatssecretaris verwacht dat dezedoelstelling gerealiseerd zal zijn. Daarnaast denken de leden van deD66-fractie dat het van groot belang is om rook- en vapeverboden in deopenbare ruimte verder door te zetten dan bij de zojuist genoemdeterreinen. Denk hierbij aan sportparken, speelplekken, stadions en rond deingang van ziekenhuizen en verpleeghuizen. Daartoe vragen de leden vande D66-fractie aan de Staatssecretaris of zij voornemens is deze mogelijk-heden verder te verkennen. Op welke termijn kan de Kamer de uitkomstenvan deze verkenning verwachten?Daarnaast lezen de leden van de D66-fractie in de factsheet «Inspectiere-sultaten rookverbod 2024» van de NVWA dat er op 29 procent van degeïnspecteerde schoolterreinen een maatregel werd opgelegd, als gevolgvan een overtreding van het rookverbod. Kan de Staatssecretaris ditresultaat uitsplitsen naar basis-, voortgezet- en hoger onderwijs?ZonMw en het Trimbos Instituut stellen dat roken meer bespreekbaargemaakt zou moeten worden vanuit het sociaal domein.1 Professionals inhet sociaal domein, zoals maatschappelijk werkers, bieden vaak onder-steuning op meerdere leefdomeinen zoals armoede, schulden en huiselijkgeweld. Hierdoor zijn ze goed gepositioneerd om het gesprek over rokenaan te gaan en te begeleiden naar passende hulp.2 Daartoe vragen deleden van de D66-fractie de Staatssecretaris of zij mogelijkheden ziet omdeze optie verder te verkennen en te intensiveren in samenwerking metzorgverzekeraars.Daarnaast verscheen onlangs het NOS-artikel3 waarin zorginstantiesalarm slaan over het gebruik van THC-vapes onder jongeren. Dit zijnTHC-vapes en vapes met synthetische cannabis, die ernstige gezondheids-risico’s met zich meebrengen, zeker voor jongeren. Zo zijn er al kinderenmet een ambulance afgevoerd en in het ziekenhuis opgenomen enmeerdere jongeren onwel geraakt. Daartoe vragen de leden van deD66-fractie welke maatregelen de Staatssecretaris voornemens is tenemen zodat dit schadelijke gebruik onder kinderen wordt tegengegaan.Op welke wijze zal de Kamer hierover geïnformeerd worden, zo vragen deleden van de D66-fractie. Daarnaast vragen de leden van de D66-fractie opwelke wijze de Staatssecretaris jongeren en hun ouders momenteelwaarschuwt voor de risico’s. Welke mogelijkheden tot voorlichting overdeze risico’s heeft zij nu niet, maar zou zij bij een gereguleerd product welhebben, zo vragen de leden van de D66-fractie.1ZonMw, 27 mei 2025, «Roken bespreekbaar maken vanuit het sociaal domein» (Rokenbespreekbaar maken vanuit het sociaal domein | ZonMw)2Trimbos, december 2024, «Roken bespreekbaar maken vanuit het sociaal domein»(TRI-64-013-Factsheet-Roken-bespreekbaar-maken-vanuit-het-sociaal-domein.pdf)3NOS, 11 september 2025, «Zorginstanties slaan alarm om gebruik THC-vape onder scholieren»(Zorginstanties slaan alarm om gebruik THC-vape onder scholieren)Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1268 Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractieDe leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de voortgangs-brief over het vape- en tabaksbeleid. Zij hebben de volgende vragen aande Staatssecretaris.Om te beginnen willen deze leden stilstaan bij de ernst van de signalenover het gebruik van de THC-vape onder scholieren: jongeren tussen de13 en 16 jaar die flauwvallen, moeten overgeven of zelfs met spoed naarhet ziekenhuis worden gebracht na gebruik van vapes die zij via socialemedia als Snapchat en Instagram hebben aangeschaft. Uit onderzoekblijkt dat deze vapes vaak geen reguliere THC bevatten, maar synthetischevarianten met een veel sterkere en onvoorspelbare werking. Jongeren zijnzich hier vaak niet van bewust.De leden van de BBB-fractie vinden het zorgelijk dat deze producten zoeenvoudig beschikbaar zijn voor minderjarigen en dat de handhaving oponline verkoop via sociale media achterblijft. Zij wijzen erop dat dit nietalleen een gezondheidsrisico vormt, maar ook het draagvlak voor hettabaksontmoedigingsbeleid ondermijnt. Is de Staatssecretaris bereid om,in samenwerking met de Minister van Justitie en Veiligheid, te onder-zoeken hoe de handhaving op de online verkoop van illegale THC-vapesvia sociale media effectiever kan worden ingericht?Tot slot hebben de leden van de BBB-fractie vragen over de invoering vanstandaardverpakkingen voor sigaren en de tabaksontmoedigingsmaatre-gelen. Is de Staatssecretaris bereid om een uitzondering of aangepasteovergangstermijn te overwegen voor kleine, ambachtelijke sigarenprodu-centen, gelet op hun beperkte marktaandeel, doelgroep en productiecapa-citeit? En zo niet, waarom niet? Is de Staatssecretaris het eens met deconstatering dat de invoering van standaardverpakkingen voor sigareneen disproportionele maatregel is omdat het geen aantoonbare gezond-heidswinst oplevert? Is de Staatssecretaris bereid een impactanalyse temaken van de ontmoedigingsmaatregelen tegen roken die genomen zijnin de periode 2020–2025, en van het totale effect van die maatregelen?Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractieDe leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de brief van deStaatssecretaris en hebben hier nog enkele vragen over.De leden van de CDA-fractie constateren met zorg dat de online verkoopvan tabaksproducten zich verplaatst naar sociale mediakanalen. Dezeleden vragen of van al de 1.868 meldingen de posts zijn verwijderd. Dezeleden vragen ook de accounts achter deze posts allemaal zijn verwijderden zo nee, waarom niet.Deze leden vragen de Staatssecretaris verder wat de NederlandseZorgautoriteit (NZa) nog meer doet tegen online verkoop via socialemedia behalve het laten verwijderen van de posts. Zij vragen om welkplatform het specifiek gaat, waarvan de NZa melding heeft gedaan bij deACM. Deze leden vragen wat de status is van dit onderzoek door de ACMen wat de vervolgstappen zijn.De leden van de CDA-fractie vragen of er al effect te zien is van hetaanpassen van het interventiebeleid, zodat direct een boete wordtuitgedeeld. Deze leden zijn benieuwd of en zo ja, hoeveel boetes zijnuitgedeeld.De leden van de CDA-fractie hebben eerder aandacht gevraagd voor demogelijkheid van een extra heffing voor de tabaksindustrie, naarCanadees model. Deze leden vragen hoe het staat met het onderzoek datde Staatssecretaris heeft toegezegd uit te voeren naar de mogelijkheidvan zo’n heffing. Deze leden vragen haar op welke termijn de Kamer deresultaten van dit onderzoek kan verwachten.De leden van de CDA-fractie zijn voorstander van een generatiegebondenrookverbod. Deze leden lezen dat de Staatssecretaris schrijft dat zo’nTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 1269 verbod juridisch gezien niet mogelijk is onder de Tabaksproductenrichtlijn.Deze leden vragen of er plannen zijn voor een wijziging of herziening vande Tabaksproductenrichtlijn, waarmee eventuele juridische obstakels vooreen generatiegebonden verbod weggenomen kunnen worden. Deze ledenvragen of de Staatssecretaris bereid is hiervoor in Europees verband tepleiten, ook gezien de eerdere brief aan de Europese Commissie waarindoor Nederland is gepleit voor nieuwe wetgeving. Deze leden vragenverder of er andere lidstaten zijn die gebruik maken van de mogelijkheiduit artikel 24 Tabaksproductenrichtlijn tot een verbod voor een bepaaldecategorie op basis van een specifieke situatie in de lidstaat en zo ja, welkelidstaten dit zijn en waar het verbod op ziet.De leden van de CDA-fractie lezen dat er voor 2026 geen budget isgereserveerd voor Trimbos of voor communicatiecampagnes in het kadervan het Actieplan tegen Vapen, maar enkel voor de handhaving door deNVWA. Deze leden vragen waarom de Staatssecretaris het niet noodza-kelijk acht om ook in 2026 te investeren in de uitvoering van de overigeaspecten van het Actieplan tegen Vapen. Deze leden vragen of deStaatssecretaris kan aangeven welke stappen er zijn gezet met betrekkingtot de verdere regulering van tabaksaccessoires, zoals in het Actieplantegen Vapen staat, en op welke termijn de Kamer een wetsvoorstel kanverwachten.II. Reactie van de Staatssecretaris Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractieDe leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van de voortgangs-brief over het vape- en tabaksbeleid en hebben hierover nog een aantalaanvullende vragen en opmerkingen.Wat opvalt, is dat ondanks alle verboden en miljoenen euro’s aancampagnes, jongeren nog steeds massaal toegang hebben tot illegalevapes en rookwaren.Dealers opereren via sociale media, terwijl de overheid zich drukker maaktom een telefonische hulplijn van meer dan drie ton per jaar. Hoe legt deStaatssecretaris dit uit aan de Nederlanders die zien dat de illegale marktintussen gewoon doordraait?Antwoord:Samen met de NVWA en de Douane pakken we de illegale markt vansigaretten en vapes aan. De Stoplijn helpt zonder te oordelen mensen opweg die graag van hun nicotineverslaving af willen komen. En als mindermensen afhankelijk zijn van nicotineproducten kan de vraag op de illegalemarkt mogelijk ook afnemen. De Stoplijn is een waardevol onderdeel vanhet tabaksontmoedigingsbeleid, maar veel meer aandacht en capaciteitgaat uit naar het aanpakken van de illegale markt.In de eerste helft van dit jaar zijn meer dan 200.000 illegale vapes inbeslag genomen. Dat klinkt indrukwekkend, maar wat zegt dit eigenlijkover de totale omvang van de markt?Heeft de Staatssecretaris enig zicht op hoeveel illegale producten erdaadwerkelijk circuleren?Antwoord:In het actieplan tegen vapen is er een onderzoek aangekondigd naar deillegale handel van vapes. Het onderzoeksbureau Beke zal een schattingvan de omvang van de illegale vape markt doen. Zodra ik de resultatenvan dit onderzoek heb, zal ik deze met uw Kamer delen.Uit de cijfers blijkt dat er nog steeds volop illegale verkoop plaatsvindt,zowel online als via kleine winkels. Blijkbaar lukt het de overheid niet omdit afdoende te handhaven. Is de Staatssecretaris het met de leden van dePVV-fractie eens dat de huidige aanpak tekortschiet?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12610 Antwoord:De handhaving van de illegale handel is een belangrijke prioriteit. Daaromzijn er in het actieplan tegen vapen verschillende acties en maatregelengenomen. De NVWA krijgt structureel 3 miljoen euro extra om dehandhaving op illegale e-sigaretten te intensiveren. Daarnaast wordtgeïnvesteerd in de samenwerking tussen de NVWA en de Douane omhandelsstromen van illegale e-sigaretten vanuit het buitenland beter aante kunnen pakken. Ook worden de boetes voor overtredingen van deTabaks- en rookwarenwet verhoogd. Verder worden verschillendehandhavingsbevoegdheden van de NVWA uitgebreid om op die manierde effectiviteit van de handhaving te vergroten. Concreet wordt gewerktaan een wetsvoorstel waarbij ook het (online) aanbieden en in voorraadhebben van e-sigaretten met smaken anders dan tabak wordt verboden.Dit maakt de handhaving minder arbeidsintensief en bovendien effec-tiever. Verder kan de NVWA sinds dit jaar e-sigaretten in beslag nemen.Tot slot is de NVWA in gesprek met platformen om hen zelf actieverberichten over illegale vapes te laten opsporen en verwijderen.Genoemde leden vinden het onbegrijpelijk dat hardnekkige overtredersnog steeds vaak eerst een waarschuwing krijgen. Waarom geen directeboetes of sluitingen? Waarom zoveel coulance richting overtreders, terwijlde brave burger wel steeds strengere regels opgelegd krijgt?Antwoord:Bij nieuwe wetgeving wordt vaak rekening met een overgangsperiode,zodat ondernemers de tijd krijgen om aan de wet te voldoen. Tot 1 juli wasdit ook zo bij de illegale verkoop van vapes. Vanaf 1 juli 2025 krijgenovertreders van het verkoopverbod direct een boete. Daarnaast heeft hetkabinet besloten om vanaf 1 juli 2026 de boetes op illegale verkoop vanvapes en sigaretten fors te verhogen. Dat geldt voor supermarkten,horeca-inrichtingen en online verkoop. Een bedrijf dat illegale vapesverkoopt sluiten, behoort niet tot de bevoegdheden van de NVWA.Daarnaast blijkt uit de monitor nieuwe verkooppunten van rookwarenoktober/november 2024 dat het verbod in supermarkten een waterbed-effect heeft veroorzaakt: honderden nieuwe verkooppunten zijn geopend,vaak pal naast supermarkten.Hoe helpt dit de jeugd beschermen? Hoeveel jongeren zijn er werkelijkminder gaan roken of vapen sinds dit verbod? Of is dit beleid enkelsymboolpolitiek dat niets oplost?Antwoord:In de Kamerbrief van 20 november 20204 is toegelicht hoe het aantalverkooppunten van tabaks- en aanverwante producten zal wordenteruggebracht en is onder meer het verbod op de verkoop van tabakspro-ducten een aanverwante producten in supermarkten aangekondigd. SEOEconomisch Onderzoek5 heeft ingeschat dat door het verbod op deverkoop van tabaksproducten en aanverwante producten in supermarktenen horeca-inrichtingen6 het aantal verkooppunten zou dalen van 10.000naar 4.400. Supermarkten (6.400 verkooppunten) zouden stoppen met deverkoop, en naar schatting 800 nieuwe winkels zouden hun deurenopenen om de vrijgevallen omzet van de supermarkten op te vallen. Uitde factsheet «Monitor nieuwe verkooppunten van rookwaren oktober-november 2024» van de NVWA blijkt dat er vanaf de periode dat bekendwas dat het supermarktverbod zou worden ingesteld dan wel in werking isgetreden (2021–2024) netto 656 nieuwe verkooppunten zijn geopend.Hoewel een overgrote meerderheid (83%) van de onderzochte nieuweverkooppunten op kijkafstand van een supermarkt is gevestigd, is hiermee4Kamerstukken II 2020/21, 32 011 en 32 793, nr. 79.5SEO Economisch onderzoek, Beperken tabaksverkoop tot tabaksspeciaalzaken, december 2021.6Stb. 2024, nr. 89.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12611 de beoogde ruime halvering van het aantal verkooppunten door hetverbod op de verkoop in supermarkten behaald en zijn bovendien zelfsminder nieuwe verkooppunten geopend dan ingeschat. Daarmee staat hetaantal nieuw geopende verkooppunten niet in verhouding tot het totaalaantal verkooppunten dat is verdwenen (namelijk 656 nieuwe verkoop-punten versus 6.400 verdwenen verkooppunten).Een vermindering van verkooppunten vermindert de blootstelling aantabaksproducten en aanverwante producten en draagt bij aan de norm datroken en vapen niet normaal is. Dat helpt om de kans te verminderen datjongeren beginnen met roken of e-sigaretten gebruiken.De Staatssecretaris spreekt over verhoging van de leeftijdsgrens en zelfsgeneratiegebonden verboden. Maar hoe helpt dat, als jongeren met eenpaar klikken via sociaal media illegale vapes kunnen bestellen? Hoebeoordeelt de Staatssecretaris de kritiek dat dit beleid neerkomt op extrabeperkingen voor de legale consument, terwijl de illegale handelnauwelijks wordt teruggedrongen?Antwoord:De verhoging van een leeftijdsgrens of een generatiegebonden verkoop-verbod heeft een sterk normstellende werking. Het puberbrein is op het18e levensjaar nog niet «af» en is nog altijd sterk gevoelig voor versla-vende middelen. Door de leeftijdsgrens te verhogen, wordt voor een deelvan de startende rokers de stap om te beginnen met roken groter. Het isaan een volgend kabinet om een dergelijke maatregel te overwegen.Tot slot, hoe rijmt de Staatssecretaris het beleid om roken en vapen teverbieden met het gelijktijdig legaliseren van wiet? Deelt de Staatssecre-taris de mening van de leden van de PVV-fractie dat hiermee tegen-strijdige signalen aan de jeugd worden afgegeven? En is zij bereid delegalisering van wiet, en de daarbij behorende wietteeltproef, stop tezetten?Antwoord:Het tabaksontmoedigingsbeleid heeft niet tot doel om roken en vapen teverbieden, het gebruik van deze middelen is namelijk niet verboden. Hetdoel van het tabaksontmoedigingsbeleid is het terugdringen van hetaantal rokers, het voorkomen dat kinderen en jongeren beginnen metroken, het beperken van de blootstelling aan tabaksrook in de leefom-geving en het stimuleren van stoppen met roken. Dit wordt nagestreefddoor onder andere wetgeving aan te passen, accijns te verhogen,voorlichting te geven en rookvrije omgevingen te creëren.Het doel van het experiment gesloten coffeeshopketen is om te bezien ofen hoe op kwaliteit gecontroleerde wiet en hasj gedecriminaliseerd aan decoffeeshops kan worden geleverd en daar binnen een gesloten coffee-shopketen kan worden verkocht. Ook wordt onderzocht wat de effectendaarvan zijn voor de volksgezondheid, criminaliteit, openbare orde enveiligheid en overlast.7 Door op kleine schaal te experimenteren met deregulering van de coffeeshopketen en te bezien of en hoe deze ketengesloten kan zijn en hoe op kwaliteit kan worden gecontroleerd, wordtervaring opgedaan en informatie verkregen die relevant is voor beleids-keuzes. Het tabaksontmoedigingsbeleid en het wietexperiment lopen danook niet uit elkaar. Bij beide staat preventie voorop, waarbij gebruik wordtontmoedigd. Aan de gereguleerde producten (tabak en cannabis) wordenvoorts producteisen gesteld vanuit het oogpunt van volksgezondheid. Iksta nog altijd achter de uitvoering het experiment en ben niet van mening7De ervaringen van het lokale bestuur met coffeeshops hebben duidelijk gemaakt dat deongereguleerde achterdeur ongewenste effecten heeft vanwege de criminogene invloeden diedaarvan uitgaan en risico’s voor de volksgezondheid kan opleveren vanwege het gebrek aantoezicht op de kwaliteit van de hennep. Tegelijkertijd is onduidelijk of het reguleren van dieachterdeur tot een uitbanning van die invloeden en risico’s kan leiden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12612 dat hiermee een tegenstrijdig signaal wordt afgegeven aan de jeugd. Erverandert immers niets aan de beschikbaarheid van cannabis en binnenhet wietexperiment geldt ook een leeftijdsgrens van 18 jaar voor deverkoop in coffeeshops. Cannabis is daarom alleen (gedecriminaliseerd)verkrijgbaar in coffeeshops waar alleen volwassen gebruikers komen.Voor tabaksproducten en aanverwante producten geldt hetzelfdevergelijkbaar uitgangspunt, wanneer deze alleen nog te koop zullen zijn inspeciaalzaken.Een onafhankelijke onderzoekscommissie zal het experiment evalueren,waarna het dan zittende kabinet zal besluiten over de toekomst van hetNederlandse softdrugsbeleid. Daarnaast hebben telers, coffeeshops envervoerders tijd en geld geïnvesteerd in de voorbereidingen voor hetexperiment, waarbij zij zijn uitgegaan van een experiment met de duurvan vier jaar. Het past bij de beginselen van behoorlijk bestuur en eenbetrouwbare overheid om hier niet vanaf te wijken. Bij het tussentijdsstopzetten van het experiment is bovendien te verwachten dat er hogeschadeclaims volgen. Vanwege bovengenoemde redenen ben ik nietbereid het experiment gesloten coffeeshopketen (vroegtijdig) te beëin-digen.Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van debrief aangaande voortgang van het vape- en tabaksbeleid. Genoemdeleden hebben hier nog enkele vragen en opmerkingen. De leden van deGroenLinks-PvdA-fractie onderschrijven de doelen betreft roken en tabakuit het preventieakkoord, met nadruk op nul procent rokerende jongerenin 2040. Ze vinden het zorgelijk dat het halen van deze doelen ver uit zichtlijkt.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat «bij deze 1.892inspecties werden 609 overtredingen van het rookverbod geconstateerd.»Genoemde leden schrikken van het hoge aantal overtredingen. Kan deStaatssecretaris nader toelichten hoe het kan dat er zoveel overtredingenzijn? Wat zijn de landelijke schattingen van het aantal overtredingen,zowel absoluut als procentueel? Schiet de handhaving en controle tekort,gezien het grote aantal overtredingen?Antwoord:De NVWA handhaaft grotendeels risicogericht. Toezicht vindt dus plaatsbij sectoren die achterblijven en op basis van meldingen en signalen. Datveel overtredingen geconstateerd worden, betekent dat het risicogerichtetoezicht werkt, omdat de NVWA daar controleert waar de kans opovertredingen het grootst is. Daarnaast blijkt dat niet roken op plekkenwaar het rookverbod geldt in de meeste sectoren de norm is. In 2021 ishiervoor in opdracht van de NVWA een naleefmeting uitgevoerd. Daaruitblijkt dat in veel sectoren de naleving relatief hoog is.8Tevens lezen genoemde eden dat de recidive cijfers bij herinspecties hoogzijn. Kan de Staatssecretaris nader toelichten waarom de recidivecijfers zohoog zijn? Is de Staatssecretaris van mening dat de afschrikkende werkingvan de inspectie te laag is?Antwoord:De factsheet gaat niet specifiek in op het maatregelpercentage bijherinspecties. Wel is bekend dat er bedrijven zijn waar een eerste boeteniet direct tot naleving leidt. Daar is de Tabaks- en rookwarenwet en hettoezicht dan ook op ingericht. De NVWA voert herinspecties uit en bij eenherhaalde overtreding gaat de boete omhoog. Daarnaast wil ik de8Onderzoek rookverbod openbare gebouwen en werkplekken 2021 | Inspectieresultaat | NVWATweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12613 boetebedragen voor het rookverbod fors verhogen, zodat hier een meerafschrikwekkende werking van uitgaat.Ook bij het verkoopverbod zijn de overtredingscijfers in het algemeen enrecidive in het bijzonder schrikbarend. De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat bij 21 procent van de eerste inspecties een overtredingwerd geconstateerd, gevolgd door een officiële waarschuwing. Van de 40uitgevoerde herinspecties bleek 28 procent van de bedrijven opnieuw hetverkoopverbod te overtreden. Wat gaat de Staatssecretaris doen om hetaantal overtredingen en her-overtredingen van bedrijven in de toekomstte voorkomen? Is de Staatssecretaris van mening dat de afschrikkendewerking van de inspectie te laag is?Antwoord:Zoals bij een eerdere vraag van de PVV-fractie ook werd aangegeven,wordt bij nieuwe wetgeving vaak rekening gehouden met een overgangs-periode, zodat ondernemers de tijd krijgen om aan de wet te voldoen. DeNVWA heeft het interventiebeleid, nu het verkoopverbod geruime tijd vankracht is, aangescherpt. Bij een eerste overtreding van het verbod wordtgeen waarschuwing meer gegeven, maar wordt nu direct een boeteopgelegd. Daarnaast wordt bij het vaststellen van een herhaaldeovertreding de boete verhoogd. Ik verwacht dat dit aangescherpteinterventiebeleid de afschrikwekkende werking vergroot.Met het Actieplan tegen vapen9 is een aantal belangrijke maatregelenaangekondigd om de handhaving van de NVWA te versterken. De NVWAkrijgt structureel 3 miljoen euro extra middelen om de handhaving oponder andere illegale vapes te intensiveren. Ook ligt op dit moment eenwijziging ter internetconsultatie waarmee de boeten voor het overtredenvan het onlineverkoopverbod en het verkoopverbod voor supermarktenen horeca worden verhoogd. Ik verwacht met de bovengenoemdemaatregelen de recidive te verminderen.Afgelopen begrotingsbehandeling is er twee miljoen euro vrijgemaaktvoor de handhavingscapaciteit van de Nederlandse Voedsel- en Warenau-toriteit (NVWA) voor vapes en vanaf 2026 drie miljoen euro structureel. Deleden van de GroenLinks-PvdA-fractie onderschrijven meer inzet enversterking van toezicht en handhaving op illegale vapes en andereverboden rookwaren. Kan de Staatssecretaris een stand van zaken gevenin hoeverre dit vrijgekomen budget tot extra inspecties en handhavingheeft geleid? Is dit budget voldoende of schiet het tekort om het aantalillegale vapes zover terug te dringen, dat het daadwerkelijk significantmoeilijker wordt voor jongeren om ze aan te schaffen?Antwoord:In het kader van het Actieplan tegen vapen is in 2025 een start gemaaktmet het versterken van de handhavingscapaciteit van de NVWA op ondermeer illegale vapes. Daarvoor is nieuw personeel aangetrokken enopgeleid. Dit heeft ertoe geleid dat meer inspecties konden wordenuitgevoerd. Medio volgend jaar zullen naar verwachting de vollepersonele sterkte en opleidingsdoelen zijn bereikt en kan de beoogdeverhoogde inspectiedruk worden bereikt. Tegelijkertijd is handhaving vande NVWA niet de enige oplossing voor dit probleem. Daarom wordtblijvend ingezet op alle sporen uit het Actieplan zoals preventie,voorlichting en aanpak van illegale handel.Daarnaast lezen de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie dat bij eenderde van de nieuwe verkooppunten de deur openstond. De Staatssecre-taris schrijft dat de NVWA zal blijven handhaven op overtreding van hetreclameverbod. Wat gaat de NVWA doen om de handhaving op hetverbod te verbeteren?9Kamerstukken II 2024/25, 32 011, nr. 119.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12614 Antwoord:Bij een steekproef van nieuwe verkooppunten die als speciaalzaakgeregistreerd stonden, bleek bij een derde de deur open te staanwaardoor rookwaren of reclame daarvoor van buitenaf zichtbaar waren.Dit is een overtreding van het reclameverbod. De NVWA blijft daarom ookwinkels, dus ook speciaalzaken, controleren en zet binnen de regulierehandhaving in op het verbeteren van de naleving van het reclameverbod.Als de NVWA ziet dat de producten van buitenaf zichtbaar zijn, wordthandhavend opgetreden.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen ook dat bij 135 van derecidive zaken het bedrag van de opgelegde boete niet correct is bepaald.Dit leidt tot verhoogde kosten van 32.170,27 euro aan wettelijke rente dieterugbetaald moet worden. Hoe gaat de Staatssecretaris voorkomen datin de toekomst weer gebeurt?Antwoord:Ondernemers die al eerder de wet hebben overtreden krijgen in principeeen hogere boete voor een nieuwe soortgelijke overtreding. De boetes diede NVWA aan hen oplegt, worden met iedere volgende overtredingverhoogd volgens de recidivebepalingen uit de Tabaks- en rookwarenwet.Uit intern onderzoek van de NVWA is gebleken dat deze bepalingen niet inalle situaties op eenzelfde, eenduidige manier zijn toegepast. De NVWA isvervolgens overgegaan tot een herstelactie. In totaal heeft de NVWA in ditkader € 154.105,37 (plus wettelijke rente met een bedrag van € 32.170,27)terugbetaald. Omdat de NVWA zelf heeft ontdekt dat recidivebepalingenniet op consistente wijze zijn opgelegd en op eigen initiatief een herstel-actie heeft ingezet, wijst dit mijns inziens erop dat de NVWA op correctewijze verbeterpunten identificeert en corrigerende maatregelen neemt.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat de douane in beperktemate controles uitvoert op intra-EU-vluchten. Genoemde leden willen vande Staatssecretaris graag weten waarom deze controles maar in beperktemate worden uitgevoerd.Antwoord:De Douane controleert het goederenverkeer en de door reizigersmeegebrachte goederen aan de buitengrens van de EU. Als de goederenin het vrije verkeer van de EU zijn, heeft de Douane in principe geencontroletaak meer. Dat geldt echter niet voor accijnsgoederen (zoalsbijvoorbeeld tabaksproducten), waarvan de tarieven in de EU nietgeharmoniseerd zijn. De Douane is ook verantwoordelijk voor de heffing,inning en controle van accijns en verbruiksbelasting in het binnenland,hieronder vallen ook de intra-EU-vluchten. Niet alle vluchten uitEU-lidstaten zijn interessant, maar wel de vluchten uit die lidstaten van deEU dieeen laag tarief kennen voor tabaksproducten. De Douane contro-leert dus risicogericht en in beperkte mate op intra-EU-vluchten.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vinden het belangrijk datscholen voldoende ondersteuning krijgen bij het uitvoeren van hetanti-rookbeleid. Genoemde leden lezen dat er een goed beoordeeldetraining voor scholen is ontwikkeld, maar dat die training al jaren nietmeer wordt gegeven. Waarom wordt deze training niet meer gegeven? Isde Staatssecretaris bereid om dit weer op te zetten?Antwoord:De vraag naar de training «naleven rookvrij beleid» was zodanigafgenomen dat Pharos heeft besloten deze niet meer zelf aan te bieden.Zoals ik in een eerdere Kamerbrief10 aangeef, is een organisatie diegespecialiseerd is in hulp bij stoppen met roken bereid gevonden detraining over te nemen. Vanaf najaar 2025 wordtdeze training aange-10Kamerstukken II 2024/25, 32 011, nr. 122Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12615 boden. Daarnaast is het via Verslavingskunde Nederland sinds kortmogelijk dat preventie-afdelingen van instellingen voor verslavingszorgeen op-maat-training geven voor scholen en gemeenten met handvattenom het gesprek aan te gaan. Tot slot is er een rookvrij-aanjager die samenmet een actrice en ervaringsdeskundige leert om samen te komen tot eenrookvrije werkplek. Met dit alles wordt de initiële training van Pharosweliswaar niet meer aangeboden, maar zijn goede alternatievenbeschikbaar om scholen met een training te ondersteunen in hetrookvrijbeleid.Daarnaast is er een stappenplan «nicotinevrije school» gemaakt. Wat gaatde Staatssecretaris doen om ervoor te zorgen dat trainingen over denaleving van het rookbeleid weer worden gegeven en het stappenplanwordt geïmplementeerd?Antwoord:Ik vind het positief dat GGD GHOR, Vapen #jouwkeuze, Pharos, StichtingRookpreventie Jeugd, Trimbos-instituut, Helder op School, Verslavings-kunde Nederland en Gezondheidsfondsen voor Rookvrij in gezamen-lijkheid het stappenplan nicotinevrije school hebben gemaakt. Via diversekanalen hebbenscholen kennis kunnen nemen van het stappenplan en ik moedig hen vanharte aan daarmee aan de slag te gaan. Het is uiteindelijk aan scholen zelfop welke wijze zij een rookvrijbeleid vormgeven.De Staatssecretaris stelt dat de handhavingsbevoegdheden van de NVWAworden uitgebreid vanuit het Actieplan tegen Vapen. De leden van deGroenLinks-PvdA-fractie vragen de Staatssecretaris op welke manier hunbevoegdheden precies worden uitgebreid. Wat is de verwachte concreteimpact van de maatregelen?Antwoord:Ik ben op dit moment bezig met de voorbereiding van een wijzing van deTabaks- en rookwarenwet waarbij de bevoegdheden van de NVWAworden uitgebreid. Dit wetsvoorstel verwacht ik binnenkort aan de NVWAvoor een uitvoerings- en handhavingstoets voor te leggen. Hierin wordtonder andere het aanbieden en in voorraad hebben van tabaksproductenen aanverwante producten, die niet voldoen aan de bij of krachtensartikel 2 van de wet aan die producten gestelde eisen, verboden. Op ditmoment geldt op grond artikel 3 van de wet alleen een verbod om dezeproducten in de handel te brengen. Echter, niet altijd is van alle productenaannemelijk te maken dat deze bestemd zijn om in Nederland in de handelte worden gebracht. Dit doet zich met name voor bij e-sigaretten die nietvoldoen aan het smaakverbod. Verkopers van e-sigaretten met verbodensmaken stellen doorgaans dat de e-sigaretten die in Nederland nietverkocht mogen worden bestemd zijn om in het buitenland verkocht teworden. Als het tegendeel niet door de NVWA kan worden aangetoond,kan geen boete voor overtreding van het smaakverbod opgelegd wordenen kunnen de e-sigaretten ook niet in beslag genomen worden. Dit terwijlin de meeste gevallen naar alle waarschijnlijkheid de producten wel zijnbedoeld om in Nederland in de handel te brengen. Het voorgaandebelemmert de effectieve handhaving van het smaakverbod. Daarom wordtvoorgesteld het verbod in artikel 3 uit te breiden. In het wetsvoorstelwordt eenzelfde verbod voor tabaksproducten voor oraal gebruik ennicotineproducten zonder tabak voor oraal gebruik opgenomen. Voortsworden de boetemaxima verhoogd en krijgt de NVWA de bevoegdheidom onder voorwaarden besloten plaatsen (met uitzondering vanwoningen) te doorzoeken.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat het kabinet nietvoornemens is om een wettelijk verbod op roken in de auto met kinderenin te voeren vanwege uitdagingen voor de toezichthouder. Zij vragen deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12616 Staatssecretaris om die reden waarom eventueel lastige of groteuitdagingen voor de toezichthouders als zwaarder belang wegen dan degezondheid van minderjarigen.Antwoord:De gezondheid van minderjarigen weegt voor mij heel zwaar. Deze optieis daarom goed bekeken. Uit deze verkenning naar het rookverbod in deauto in andere Europese landen blijkt dat de maatregel moeilijkhandhaafbaar is, nauwelijks wordt gehandhaafd en met name een extrasignaal is dat roken bij kinderen niet langer de norm is.Het nemen van deze maatregel zou een inbreuk maken op de persoonlijkelevenssfeer en brengt met zich mee dat de roker zelf wordt beboet voorroken op een plek waar dit niet mag. Dit is een afwijking van het gevoerdebeleid, aangezien het gebruik van tabak niet strafbaar is. Op dit momentvind ik dat onwenselijk.Gezien deze grote uitdagingen die een rookverbod in de auto metkinderen met zich meebrengt, focus ik liever op meer haalbare initiatievenwaarmee we kinderen kunnen beschermen tegen rook op plekken waar zijveel komen. In de brieven van 25 april 2024 en 21 februari 2025 isaangekondigd dat er een wetsvoorstel komt om kindomgevingen rookvrijte maken. De keuze is gemaakt om dit in een aantal fases te doen, omdathet gaat om een groot aantal locaties.11, 12 Daar is het overigens positiefdat de ruimte meerderheid van 81% van o.a. kinderboerderijen enbeheerde speeltuinen zélf al de locaties rookvrij heeft gemaakt13. Ik werkop dit moment aan de eerste fase, waarmee de terreinen van beheerdespeeltuinen, kinderboerderijen en kindercentra rookvrij worden. Het gaathierbij om ruim 18.000 locaties. Ik verwacht dit voorstel begin 2026 in tedienen voor internetconsultatie.Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractieDe leden van de fractie van de VVD danken de Staatssecretaris voor haarvoortgangsbrief over vapen en roken.De leden van de VVD-fractie lezen dat de NVWA in totaal 1892 gerichterookcontroles heeft uitgevoerd in 2024. Kan de Staatssecretaris aangevenhoe groot de kans is dat in een horeca-aangelegenheid een gerichterookcontrole plaatsvindt? Hoe groot is de kans dat een horeca-aangelegenheid een controle krijgt in verband met het rookverbod en hoegroot is de pakkans als een horecagelegenheid zich niet aan de regelshoudt?Antwoord:Wanneer alle 1892 gerichte controles in de gehele horeca (zo’n 40.000duizend bedrijven) zouden worden uitgevoerd, is het aantal controles perhoreca-inrichting relatief laag. Maar dat is niet nodig omdat veel bedrijvenal rookvrij zijn. De NVWA houdt daarom risicogericht toezicht. De NVWAinspecteert daar waar de kans op overtredingen het grootst is. Bijvoor-beeld bij sub-sectoren in de horeca die qua naleving nog achterblijven enbij horecabedrijven naar aanleiding van meldingen of signalen, is dat hetgeval. Bij bedrijven die het rookverbod wel naleven, vinden mindercontroles plaats.De leden van de VVD-fractie lezen dat de beoogde ruime halvering van hetaantal verkooppunten gehaald is, nu supermarkten geen rookwaren meermogen verkopen. Dit verheugt hen. Kan de Staatssecretaris aangeven ofzij zicht heeft of het beperken van de verkooppunten het tabaksgebruikdoet dalen? Dit vooral in het licht van de constatering dat de meestenieuwe verkooppunten in het zicht van een supermarkt liggen.11Kamerstukken II 2023/2024 32 011, nr. 110.12Kamerstukken II 2024/2025 32 011, nr. 118.13Voortgangsrapportage Nationaal Preventieakkoord 2021Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12617 Antwoord:Het verminderen van het aantal verkooppunten is onderdeel van eenbreed pakket aan maatregelen. De prevalentiecijfers laten zien dat hettabaksgebruik al jaren daalt.14 Het beperken van het aantal verkooppuntenbeïnvloedt niet alleen huidige rokers, maar zorgt er ook voor dat toekom-stige rokers minder snel zullen beginnen met roken, omdat zij niet inaanraking komen met deze producten. Ook draagt dit bij aan de norm datroken en vapen niet normaal zijn.Het aantal nieuw geopende verkooppunten vlakbij supermarkten staat nietin verhouding tot het totaal aantal verkooppunten dat is verdwenen methet verbod op de verkoop in supermarkten en horeca-inrichtingen(namelijk 656 nieuwe verkooppunten versus 6.400 verdwenen verkoop-punten). Hoewel een aanzienlijk aantal van deze nieuwe verkooppuntenzich naast supermarkten bevindt, zijn het bovendien voornamelijk rokersdie deze winkels bezoeken. Daarbij is het belangrijk om te benadrukkendat de tabaksproducten en aanverwante producten vanwege hetreclameverbod van buiten de winkel niet zichtbaar mogen zijn.Ook om deze reden worden kinderen, jongeren en ex-rokers minderblootgesteld aan tabaksproducten.De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de verkenningvan een verbod op de verkoop van nicotine-houdende producten in testellen voor mensen geboren op of na 1 januari 2012. Genoemde ledenkunnen zich voorstellen dat dit juridisch moeilijk haalbaar is, vanwege deTabaksproductenrichtlijn. Kan de Staatssecretaris aangeven hoe andereEU-landen hierin staan?Antwoord:Ik heb geen signalen ontvangen dat andere EU-landen bezig zijn met eengeneratiegebonden verkoopverbod. Aangezien het op dit moment bij henbij mijn weten niet speelt is het niet aan de orde om na te gaan hoe dezelanden hypothetisch gezien naar een dergelijk verkoopverbod kijken.De leden van de VVD-fractie zijn blij om te lezen dat de NVWA steedsmeer illegale vapes in beslag neemt. Zij delen de mening van deStaatssecretaris dat dit echter nog niet genoeg is. Aan welke bevoegd-heden ontbreekt het wat betreft de Staatssecretaris op dit moment omeffectief vapes te kunnen confisqueren? Zijn er belemmeringen in degegevensuitwisseling tussen de NVWA en andere instanties? Wat is nodigom mogelijk te maken dat de NVWA doorzoekingen kan doen in het gevalvan een aanwezige voorraad vapes?Antwoord:Het is nu alleen mogelijk om tabaksproducten en aanverwante productendie op grond van artikel 3 en artikel 3a van de Tabaks- en rookwarenwet(Trw) niet in de handel gebracht mogen worden in beslag te nemen.15Deze bepalingen houden onder meer in dat het verboden is om productendie niet voldoen aan bepaalde product- en verpakkingseisen in de handelte brengen. Ik verwijs hierbij naar mijn antwoord onder de eerder gesteldevraag over de bevoegdheden van NVWA van de GroenLinks-PvdA-fractie.Het product kan niet in beslag worden genomen, indien de NVWA nietaannemelijk kan maken dat een product in de handel wordt gebracht inNederland. Daarom ben ik bezig met een wetsvoorstel waarin wordtvoorgesteld het verbod in artikel 3 Trw uit te breiden. Niet alleen het «inde handel brengen» zal dan verboden zijn, maar daarnaast ook «hetaanbieden» en «in voorraad hebben» van tabaksproducten en aanver-wante producten die niet voldoen aan de eisen op grond van artikel 2 Trw(product- en verpakkingseisen). De voorgestelde wijziging is bedoeld om14Trimbos. (2025, oktober 6). Cijfers roken geraadpleegd van. https://www.trimbos.nl/kennis/cijfers/roken/.15Tabaks- en rookwarenwet, artikel 13e.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12618 de NVWA de mogelijkheid te bieden om handhavend op te treden tegentabaksproducten en aanverwante producten die niet aan de wettelijkeeisen voldoen zonder dat aannemelijk gemaakt hoeft te worden dat dezeproducten bestemd zijn om in Nederland in de handel te brengen. Deenkele aanwezigheid of het (online) aanbieden van producten die niet aande product- en verpakkingseisen voldoen, zal dan voldoende zijn om eenovertreding van de wet te kunnen constateren. Dit leidt ertoe dat dezeproducten in beslag genomen kunnen worden vanwege het enkele feit datdeze in Nederland aangetroffen worden. Zoals ook aangegeven in hetantwoord op de eerder gestelde vraag van de GroenLinks-PvdA-fractiedoe ik in hetzelfde wetsvoorstel een voorstel om de bevoegdheid voor deNVWA op te nemen om onder voorwaarden besloten plaatsen (metuitzondering van woningen) te doorzoeken.De leden van de VVD-fractie juichen toe dat er risicogericht toezicht wordtgehouden op tabaksfraude. Kan de Staatssecretaris aangeven op welkemanier dit toezicht vorm wordt gegeven? Welke mogelijkheden ziet deStaatssecretaris om dit risicogerichte toezicht effectiever te maken?Antwoord:Het toezicht op tabaksfraude vindt plaats op verschillende manieren.Zowel aan de buitengrens (havens en luchthavens) en in het binnenlandvinden controles plaats. Samenwerking met andere Europese douane-diensten is cruciaal en hiertoe worden informatie en gegevens uitge-wisseld.De Douane werkt samen met de FIOD in het zogenoemde CombiteamSMOKE. Dit team richt zich hoofdzakelijk op grootschalige smokkel enillegale productie van tabaksproducten.Om het risicogerichte toezicht nog effectiever te maken is de Douanegestart met het programma «sturen op maatschappelijk effect». Daarcontroleren ze waar het meeste effect wordt bereikt. Accijnscontroles/tabakscontroles vallen ook onder dit programma; waarbij de Douanebijvoorbeeld risicogerichte controles uitvoert bij de retail en in delogistieke keten van accijns.De leden van de VVD-fractie lezen dat een rookverbod in de auto vooralsymbolische waarde heeft. Dit geldt ook voor het Franse verbod om teroken achter het stuur, aangezien moeilijk gehandhaafd kan worden opdat specifieke verbod. Kan de Staatssecretaris reflecteren op de effecti-viteit van dergelijke maatregelen? Acht zij het, als puur symbolischemaatregel, van waarde?Antwoord:In theorie vind ik het rookvrij maken van meer kindomgevingen,waaronder het rookverbod in de auto, een sympathieke maatregel omkinderen te beschermen tegen rook. Uit de verkenning naar hetrookverbod in de auto in andere Europese landen blijkt echter dat demaatregel moeilijk handhaafbaar is, nauwelijks wordt gehandhaafd enzich dus beperkt tot een extra signaal is dat roken bij kinderen niet langerde norm is.Het nemen van deze maatregel zou een inbreuk maken op de persoonlijkelevenssfeer en brengt met zich mee dat de roker zelf wordt beboet voorroken op een plek waar dit niet mag. Dit is een afwijking van het gevoerdebeleid, aangezien het gebruik van tabak niet strafbaar is. Op dit momentvind ik dat onwenselijk.Gezien deze grote uitdagingen die een rookverbod in de auto metkinderen met zich meebrengt, focus ik liever op meer haalbare initiatievenwaarmee we kinderen kunnen beschermen tegen rook op plekken waar zijveel komen. In de brieven van 25 april 2024 en 21 februari 2025 isaangekondigd dat er een wetsvoorstel komt om kindomgevingen rookvrijte maken. De keuze is gemaakt om dit in een aantal fases te doen, omdatTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12619 het gaat om een groot aantal locaties.16, 17 Ik werk op dit moment aan deeerste fase, waarmee de terreinen van beheerde speeltuinen, kinderboer-derijen en kindercentra rookvrij worden. Het gaat hierbij om ruim 18.000locaties. Ik verwacht dit eind 2025 in te dienen voor internetconsultatie.De leden van de VVD-fractie hebben een aantal vragen als het gaat om deverkoop van sigaren. Zij weten dat het plan was per 1 juli 2025 sigaren ineen spakking moeten worden verpakt. Echter, de wet is nog niet inwerking getreden waardoor deze datum is uitgesteld. De leden van deVVD-fractie vragen de Staatssecretaris wat nu de datum gaat worden datsigaren in een standaardverpakking verpakt moeten worden.De leden van de VVD-fractie weten dat de overgangsbepaling met eenuitverkoopregeling nog niet bekend is. Zij vragen de Staatssecretaris of errekening mee wordt gehouden dat ondernemers die sigaren producerenverpakkingen voor soms wel een jaarvoorraad laten produceren. Zijvragen haar verder of, als dit het geval is, deze ondernemers dan ook deruimte gaan krijgen deze verpakkingen op te maken, zodat deze niethoeven te worden vernietigd en ondernemers dus geen onnodige kostenhoeven te maken.De leden van de VVD-fractie krijgen veel signalen uit de sector dat eenovergangstermijn van 5,5 maanden veel te kort is. De sector zelf heeft hetover 24 maanden. De leden van de VVD-fractie vragen de Staatssecretarisof er rekening is gehouden met de gevolgen voor de sector bij een tesnelle verplichting voor het verpakken van sigaren in een standaardverpakking.Antwoord:Hieronder beantwoord ik de bovengenoemde drie vragen gezamenlijk. Bijhet vaststellen van de overgangstermijn en uitverkoopregeling voorstandaardverpakkingen voor sigaren wordt rekening gehouden met designalen uit de sector. Voor andere sigaren dan cigarillo’s («dikkesigaren») zal een latere inwerkingtreding gelden dan voor cigarillo’s enelektronische dampwaar, namelijk 1 jaar na publicatie van de regeling.Deze periode kan worden gebruikt voor het aanpassen van de verpak-kingen. Gedurende dat jaar mogen ook nog oude verpakkingen wordengeproduceerd. Na dat jaar zal een periode van twee jaar gelden voor deuitverkoop van alle oude verpakkingen (die uiterlijk 1 jaar na inwerking-treding geproduceerd of geïmporteerd zijn) in verband met de lagereomloopsnelheid van deze sigaren. Dit komt tegemoet aan de opmer-kingen vanuit de sigarenindustrie. Een voorbeeld: Wanneer de regeling op1 januari 2026 wordt gepubliceerd, dan treedt de regeling 1 jaar napublicatie op 1 januari 2027 in werking. Daarna geldt een uitverkoop-termijn van twee jaar na de inwerkingtreding, dus tot 1 januari 2029. Voorcigarillo’s en elektronische dampwaar zijn deze termijnen korter. Daargeldt dat 6 maanden na publicatie de regeling in werking treedt, dat zou inhet voorbeeld op 1 juli 2026 zijn. De uitverkooptermijn voor dezeproducten is dan een jaar na de inwerkingtreding tot 1 juli 2027. Er wordtgewerkt aan een spoedige publicatie van de regeling.De leden van de VVD-fractie lezen in de monitor nieuwe verkooppuntenvan rookwaren oktober/november 2024 dat uit een steekproef blijkt datvan de 656 nieuwe verkooppunten 83 procent op zichtafstand is van eensupermarkt. Zij vragen haar of ook bekend is of dit met name in de stad ofin een dorp is en of deze cijfers gedeeld kunnen worden.Antwoord:Deze informatie is op dit moment niet bekend. Per 1 januari 2026 zal deregistratieplicht voor verkooppunten van tabaksproducten en aanver-16Kamerstukken II 2023/2024, 32 011, nr. 110.17Kamerstukken II 2024/2025, 32 011, nr. 118.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12620 wante producten van kracht worden.18 Met deze registratieplicht kan hetaantal verkooppunten beter gemonitord worden en zal de handhavingvergemakkelijkt worden, omdat de NVWA een completer beeld heeft overde verkooppunten, onder andere over het assortiment en typeverkooppunt. Daarmee is het ook mogelijk om te bezien hoeveel verkoop-punten in een stad of een dorp zijn gevestigd.De leden van de VVD-fractie lezen dat er 6000 verkooppunten bij super-markten zijn verdwenen. Zij vragen de Staatssecretaris of ook bekend ishoeveel supermarkten er zijn verdwenen tegelijk met, of spoedig nadathet verkooppunt is verdwenen. Zo ja, vallen daar specifieke regio’s bij op?Antwoord:Er is geen zicht op het aantal supermarkten dat is gesloten tegelijk met ofspoedig nadat het verbod op de verkoop van tabaksproducten enaanverwante producten in werking is getreden. Uit berichtgeving vanNOS blijkt dat er in dorpen minder supermarkten zijn gesloten danverwacht.19Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie hebben kennisgenomen van de brief van deStaatssecretaris over de voortgang van het vape- en tabaksbeleid. Dezeleden benadrukken dat het tegengaan van vapen en roken van niet teonderschatten belang is voor het bevorderen van de levensduur enlevenskwaliteit van Nederlanders. Het is essentieel voor het terugdringenvan sociaaleconomische gezondheidsverschillen en het tegengaan vanzorgkosten. De leden van de NSC-fractie hebben daarom nog enkelevragen.De leden van de NSC-fractie zijn blij dat de Staatssecretaris aandacht heeftvoor het tegengaan van vapegebruik. In het Actieplan tegen Vapen ziendeze leden een aantal maatregelen om het toenemende vapegebruik, inhet bijzonder onder jongeren, tegen te gaan. Deze leden zijn echter ookvan mening dat deze maatregelen nog veel te mager zijn om hetprobleem echt aan te pakken. Ondertussen raken onze jongeren massaalverslaafd aan nicotine, of zelfs aan spice en THC, zoals recentelijk bekendwerd en creëert de tabaksindustrie een nieuwe generatie tabaksge-bruikers.Daarom roepen deze leden nogmaals op tot het uitvoeren van de door deKamer reeds aangenomen motie over een algeheel verbod op wegwerp-e-sigaretten per 1 juli 2026. De oproep om dit met spoed op te pakkenhebben deze leden al met regelmaat gedaan, maar zij zien dat er niet éénstap is genomen om er naartoe te werken. Het is ook verontrustend dat deStaatssecretaris de uitvoering van deze motie niet noemt in het Actieplantegen Vapen.Zou de Staatssecretaris een uitvoerige statusupdate kunnen geven overde uitvoering van deze motie, waarin zij zoveel mogelijk informatie geefthierover als mogelijk? Waarom negeert zij een verzoek van de Kamer waareen meerderheid van de volksvertegenwoordiging zich achter heeftgeschaard?Antwoord:Allereerst wil ik aangeven dat het allerminst zo is dat de motie genegeerdwordt. Zoals eerder aangegeven wordt aan deze motie uitvoeringgegeven door een onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau CE Delft,in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat naar18Kamerstukken II 2023/24, 36 541, nr. 2.19NOS. (2025, 6 juli). Na een jaar zonder tabak gaat het minder slecht dan verwacht met debuurtsuper. Geraadpleegd van https://nos.nl/artikel/2573885-na-een-jaar-zonder-tabak-gaat-het-minder-slecht-dan-verwacht-met-de-buurtsuperTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12621 beleidsmaatregelen die het kabinet voor vapes zou kunnen treffen.20 Ditonderzoek is inmiddels afgerond en wordt momenteel voorzien van eenkabinetsreactie. Uw Kamer ontvangt deze reactie voor het einde van ditjaar. Hierin zal ook ingegaan worden op voornoemde motie.Als aanvulling op genoemde motie, zijn de leden van de NSC-fractiegeïnteresseerd in de visie van de Staatssecretaris om een stap verder tegaan en over te gaan op een algeheel verkoopverbod. Genoemde ledenrealiseren zich dat hiervoor de Tabaksproductenrichtlijn zou moetenworden aangepast. Als de Tabaksproductenrichtlijn daadwerkelijk op diemanier wordt gewijzigd, zouden daarmee dan ook andere nieuwezorgwekkende varianten op de vape, zoals bijvoorbeeld de THC enspice-vapes, zich minder gemakkelijk verspreiden onder de jeugd? Zou dithet handhaven op reeds bestaande verboden op bepaalde categorieënvan vapes versimpelen, aangezien er dan niet meer gelet hoeft te wordenop bijvoorbeeld nicotinegehalte, smaak of het aantal pufjes? Kan deStaatssecretaris afzonderlijk ingaan op de effectiviteit van een dergelijkemaatregel op het tegengaan van de verspreiding van eventuele nieuwevarianten en het stroomlijnen van de handhaving? Als blijkt dat eendergelijk verkoopverbod effectief zou zijn, is de Staatssecretaris danbereid zich hiervoor in EU-verband in te zetten?Antwoord:Een algemeen verbod op vapes zou de handhaving door de NVWA en deDouane inderdaad kunnen versimpelen. Er hoeft immers niet meer opspecifieke productkenmerken zoals smaak of nicotinegehalte gecontro-leerd te worden. Zo’n verbod zou daarnaast een normstellende werkingkunnen hebben, waardoor een deel van de jongeren ontmoedigt kanraken om te vapen. Wel bestaat het risico dat een deel van het gebruikverschuift naar de illegale markt. Welke uitwerking dit heeft voor deverspreiding van THC-vapes onder jongeren is moeilijk te voorspellen.Een algemeen Europees verbod op vapes zou een goede maatregelkunnen zijn. Naast de eerdergenoemde normstellende werking, zou zo’nverbod ook de grensoverschrijdende handel kunnen bemoeilijken.Hierdoor wordt het voor illegale handelaren lastiger om vapes via andereEU-landen de Nederlandse markt te laten binnendringen. Ook kan deDouane dan vapes aan de grens tegenhouden indien ze een anderEuropees land als eindbestemming hebben.Bovenstaande mogelijke positieve effecten moeten echter wel wordenafgewogen tegen mogelijke negatieve effecten. Het gebruik van vapes iswijdverbreid in heel Europa. Wanneer er een algeheel verbod ingesteldwordt zal een aanzienlijk deel van de vapende personen zich tot eenillegale markt wenden. Op deze markt heeft de overheid maar beperktgrip. Daarnaast kan een verbod ervoor zorgen dat gebruikers van vapeseen hogere drempel voelen om naar hulp te stappen, omdat ze danmoeten toegeven dat ze een illegaal middel gebruiken. Zoals eerderbeschreven bestaat ook het risico dat een deel van het gebruik verschuiftnaar de illegale markt.Een algeheel verbod op vapes vraagt zoals de leden van de NSC-fractieterecht opmerken een wijziging van de Tabaksproductenrichtlijn. Op ditmoment is een dergelijk verbod niet haalbaar binnen de Europese Unie.Daarom zet ik mij in voor maatregelen die dat wel zijn. Denk hierbij aaneen Europees smaakjesverbod, een Europees verbod op grensoverschrij-dende (online) verkoop en strengere regels voor sociale mediabedrijvenomtrent de promotie en verkoop van vapes. Mijn voorganger heeft samenmet 12 andere lidstaten hiertoe opgeroepen bij de Europese Commissie,mede op aandringen van de Tweede Kamer.20Kamerstukken II 2023/24, 30 872, nr. 293Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12622 De leden van de NSC-fractie zijn verheugd om te zien dat de AutoriteitConsument & Markt (ACM) op verzoek van Stichting Rookpreventie Jeugdeen onderzoek is begonnen naar Snapchat vanwege de illegale handel invapes op hun platform. Kan de Staatssecretaris toelichten hoe zij ditonderzoek ziet in het kader van haar eigen onderzoek naar illegale handel?Antwoord:Ik verwelkom het onderzoek van de ACM. De ACM doet onderzoek ofSnapchat een inbreuk maakt op de Europese Digital Services Act. Demogelijke inbreuken op de wet hebben betrekking op het beleid van hetplatform rond de bescherming van minderjarigen. Een platform moetvolgens de DSA passende en evenredige maatregelen nemen om debescherming van minderjarigen voldoende te waarborgen. De ACM gaatnu onderzoeken of Snapchat dat doet. Ik ben erg benieuwd naar deuitkomsten van dit onderzoek en de eventuele vervolgstappen die hieruitkunnen voortkomen. Het onderzoek dat ik heb aangekondigd en dat doorBureau Beke wordt uitgevoerd, bekijkt hoe de illegale handel er in zijnalgemeenheid uitziet. Snapchat kan een van de mogelijke schakels zijnwaar deze handel plaatsvindt, maar het onderzoek kijkt dus verder daneen enkel digitaal platform.De leden van de NSC-fractie hebben met interesse en grote waarderingkennis genomen van de ideeën voor maatregelen tegen roken en vapenvan de studenten van de Haagse Hogeschool. Hierbij presenteren zijgoede ideeën, zoals een Snapchat-campagne, een TikTok-challenge, eenbuddy systeem voor jongeren die willen stoppen of het aantrekkelijkermaken van schoolpleinen. De leden van de NSC-fractie vinden het vangroot belang dat ook de ideeën van jongeren, scholieren en studentenworden betrokken bij het beleid om vapen tegen te gaan. Heeft deStaatssecretaris kennisgenomen van deze voorstellen die van jongerenzelf komen ter ondersteuning van het beleid? Kan de Staatssecretarisreageren op de ideeën van deze studenten? Kan zij deze betrekken bij haarActieplan tegen Vapen, bijvoorbeeld in de aangekondigde PR- enmediacampagne?Antwoord:Net als de leden van de NSC-fractie vind ik het van groot belang omjongeren te betrekken bij het beleid. Zo is de jongerencampagne vanuithet Actieplan tegen Vapen ontworpen in samenwerking met scholieren.De komende tijd blijf ik in gesprek met scholen, kennisinstellingen enjongeren, over wat verder nodig is om vapen onder jongeren tevoorkomen. Ideeën zoals het aantrekkelijker maken van schoolterreinen ofhulp bij stoppen met vapen betrek ik daarbij.Wat betreft het tabaksbeleid, hebben de leden van de NSC-fractie metverbazing kennisgenomen van de opmerking van de Staatssecretaris dateen generatiegebonden verkoopverbod voor tabak juridisch niet haalbaaris. Hier hebben deze leden ook al naar gevraagd in schriftelijke vragen aande Staatssecretaris op 17 juli 2025. De Staatssecretaris geeft aan dat zijverwacht dat deze maatregel in strijd is met EU-wetgeving. Kan zijhierover, als ze dat nog niet heeft gedaan, aanvullend advies inwinnen bijde Europese Commissie en de Kamer hierover informeren voor eindoktober?Antwoord:In de Kamerbrief van 14 juli 202521 staat dat een generatiegebondenverkoopverbod in juridische zin de facto kan worden gezien als eenalgeheel verbod op tabaksproducten en aanverwante producten met eenovergangstermijn van een mensenleven. De Europese Tabaksproducten-richtlijn staat niet toe dat lidstaten het in de handel brengen vanproducten die aan de regels voldoen, verbieden of beperken. In die brief is21Kamerstukken II 2024/25, 32 011, nr. 122.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12623 ook aangegeven dat de proportionaliteit van het generatiegebondenverkoopverbod op dit moment nog lastig te onderbouwen is. Om eenrookvrije generatie te bereiken is het van belang dat het aantal rokende envapende jongeren eerst flink wordt teruggebracht. Daartoe is en wordteen breed pakket aan (minder vergaande) maatregelen ingevoerd.Daarnaast is verdere Europese harmonisatie van groot belang omgrensoverschrijdende aankopen tegen te gaan. Al met al zal het jarenduren voordat het invoeren van een generatiegebonden verkoopverbodoverwogen zou kunnen gaan worden en om deze reden heeft het nuinwinnen van aanvullend advies bij de Europese Commissie geenmeerwaarde.Daarnaast meldt de Staatssecretaris dat het onderzoek over het verhogenvan de leeftijdsgrens voor tabaksverkoop naar 21 nog loopt. Kan zijaangeven hoe dit onderzoek verloopt, welke vragen er worden gesteld,wie het onderzoek uitvoert, welke methodes worden gehanteerd enwanneer zij verwacht de resultaten ervan te kunnen delen met de Kamer?Antwoord:In het Actieplan tegen Vapen22 heeft mijn ambtsvoorganger aangekondigdeen verkenning te doen naar de haalbaarheid van de verhoging van deleeftijdsgrens naar 21 jaar voor de verkoop van vapes, sigaretten enandere producten met nicotine. In de «Notitie Leeftijdsgrens verkooptabak naar 21 jaar»23 geeft het Trimbos-instituut een overzicht vanwetenschappelijke literatuur en stand van zaken in andere landen watbetreft een verhoging van de leeftijdsgrens. Recent onderzoek, aange-haald in de notitie, toont aan dat deze maatregel effectief kan zijn bij hetverminderen van het aantal jongeren dat rookt. Op dit moment verken ikde haalbaarheid in relatie tot handhaving, samenhang met andereleeftijdsgebonden producten en juridische implicaties. Ik verwacht deresultaten van mijn verkenning begin 2026 met uw Kamer te delen.Verder lezen de leden van de NSC-fractie dat volgens de Staatssecretarisde proportionaliteit van een generatiegebonden verkoopverbod nog lastigte onderbouwen is. Volgens deze leden zijn de ongeveer 20.000 sterfge-vallen per jaar en 700.000 zieken door roken al ampel bewijs voor deproportionaliteit van deze maatregel. Deze leden vinden dat er snelstevigere maatregelen nodig zijn om een rookvrije generatie te bereiken.Een dergelijke maatregel zou overigens ook niet in één keer de generatievan 2012 rookvrij maken, maar zal wel jaar op jaar meer positieve effectenlaten zien. Dat in gedachten houdende, is het belangrijk om maatregelenzo snel mogelijk in te voeren, om in 2040 een rookvrije generatie tekunnen hebben. Waarom wordt er «eerst een breed pakket aan (mindervergaande) maatregelen ingevoerd», terwijl het daarmee maar zeer devraag blijft of de doelen in 2040 gehaald zullen worden? Geeft deStaatssecretaris er niet de voorkeur aan om nu al zwaardere maatregelenzoals deze te nemen, in de hoop dat we misschien al in bijvoorbeeld 2035een rookvrije generatie hebben bereikt, maar in ieder geval in 2040?Antwoord:Roken is de belangrijkste oorzaak van ziekte en sterfte in Nederland.Daarom neem ik flinke stappen om te zorgen dat mensen er niet meebeginnen, en dat mensen die willen stoppen met roken daarbij wordengeholpen. Het is aan een volgend kabinet om vervolgstappen te bepalen.De Staatssecretaris noemt terecht ook de rol van het ongewenste bijeffectvan grensoverschrijdende aankopen in haar overwegingen. De leden vande NSC-fractie zijn het met de Staatssecretaris eens dat deze grensef-fecten de effectiviteit van Nederlandse maatregelen tegen roken onder-22Kamerstukken II 2024/25, 32 011, nr. 119.23Kamerstukken II 2024/25, 32 011, nr. 107.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12624 mijnen en dat er Europees moet worden ingezet om dit tegen te gaan.Echter zien deze leden dat dit type argumenten ook wordt ingezet door detabaksindustrie als argumenten tegen effectief antirookbeleid. Want degrenseffecten nemen niet weg dat een maatregel nog steeds effectief kanzijn. Een iets minder effectieve maatregel is immers altijd beter danhelemaal geen maatregel. De effecten van de hoge accijns op deprevalentie van roken zijn bijvoorbeeld duidelijk bewezen in diverserapporten en onderzoeken, ook al heeft het betekend dat sommigeNederlanders de grens over gaan om hun sigaretten te kopen. Deelt deStaatssecretaris de analyse van dezeleden dat het essentieel is om ongewenste grenseffecten tegen te gaanom de effectiviteit van maatregelen te bevorderen, maar dat het niet eenreden op zich is om een maatregel niet te nemen?Antwoord:Uit de wetenschappelijke literatuur blijkt inderdaad dat accijnsverhogingéén van de meest effectieve manieren is om roken terug te dringen. Deafgelopen jaren hebben we hierin stappen gezet. Uit onderzoeken van hetRIVM blijkt ook dat 7–11% van rokers uit de onderzoekspopulatie zijngestopt met roken na de recente verhogingen.24 Tegelijkertijd zien we deafgelopen jaren ook dat van de in Nederland gerookte sigaretten hetaandeel niet in Nederland veraccijnsde sigaretten toeneemt. Om dat tegente gaan is het belangrijk dat de accijnstarieven binnen Europa dichter bijelkaar gebracht worden. De recent gepubliceerde nieuwe Europeserichtlijn tabaksaccijns is daarvoor een stap in de goede richting. De inzetvan Nederland in Europa is erop gericht dit stevig in de richtlijn teverankeren. Op nationaal niveau zijn beslissingen rondom verdereaccijnsverhogingen aan een volgend kabinet. Accijnsverhogingen leidenin de regel tot grenseffecten en die zullen bij deze beslissing wordenmeegewogen.Met de passage «dit type argumenten worden ook ingezet door detabaksindustrie» lijken de leden van de NSC-fractie in hun vraagstelling desuggestie te wekken dat de regering gevoelig is voor de beïnvloedingdoor de tabaksindustrie. Deze suggestie vind ik buiten de normen van eenredelijk schriftelijk overleg gaan. Dat type argumentatie verwerp ik danook ten volle.Tot slot spreken deze leden graag nog uit dat alle mogelijke maatregelenom vapen en roken tegen te gaan overwogen dienen te worden. Dehoeveelheid Nederlanders die door het roken of vapen ziek worden ofzelfs overlijden, is onaanvaardbaar hoog. Daarom waarderen deze ledende inzet van dit kabinet om het doel uit het preventieakkoord van eenrookvrije generatie in 2040 te halen. Deze leden zijn echter niet vanmening dat de op dit moment aangekondigde maatregelen hiervoorvoldoende zullen zijn en zullen daarom de Staatssecretaris blijvenaansporen om meer te doen, zowel door vragen als door concreteinitiatieven. Daarom zijn deze leden ook teleurgesteld in het overzicht vanmaatregelen die de Staatssecretaris bereid is te nemen om de ambitie vaneen rookvrije generatie in 2040 te halen. Hierin kondigt de Staatssecretarisnamelijk geen nieuwe maatregelen aan, maar herhaalt zij enkel de reedsaangekondigde maatregelen in het Actieplan tegen Vapen en de samen-hangende preventiestrategie alsook de verkenning naar een leeftijdsgrensvan 21 jaar en een preventiefonds. Deze leden kunnen daarom helaas nietanders dan concluderen dat de Staatssecretaris niet met andere ideeëndan deze zal komen om roken en vapen tegen te gaan, terwijl deze extramaatregelen hard nodig zullen zijn om roken en vapen tegen te gaan.Deze leden vertrouwen erop dat de Staatssecretaris wel bereid is om24RIVM, 2021. Prijsgevoeligheid van rokers; RIVM, 2024. Gedragseffecten van de accijnsver-hoging op tabak in 2023; RIVM, 2025. Gedragseffecten van de accijnsverhoging op tabak in2024. Beschikbaar via RIVM.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12625 alsnog open en constructief te kijken naar initiatieven vanuit de Kamer,ook als deze niet reeds aangekondigd zijn in genoemde plannen. Kan zijdit bevestigen? Staat het uitsluiten van extra maatregelen niet haaks ophaar antwoord in de schriftelijke vragen van 17 juli 2025, waarin deStaatssecretaris zegt «Zien wat het effect hiervan is, en als dat onvol-doende blijkt, zoek ik naar extra mogelijkheden.»? Kan de Staatssecretarisniet beter nu al deze extra maatregelen inventariseren en voorbereiden,zodat zij ze direct kan implementeren als dat naar haar inzicht nodig blijkt?Antwoord:Uiteraard ben ik bereid open en constructief te kijken naar initiatieven uitde Kamer. Die zijn naast de inzet die ik doe, van groot belang om stappente kunnen zetten op het gebied van tabaksontmoediging. Zoals ik hebaangegeven in antwoord op de Kamervragen van 17 juli 2025 richt ik mijnu op het invoeren van de reeds aangekondigde maatregelen.25 Ditbetekent niet dat wordt nagelaten te kijken of er andere veelbelovendemaatregelen zijn om roken en vapen terug te dringen. Daarbij moet ik welaantekenen dat het kabinet demissionair is waardoor ik terughoudend benin het formuleren van nieuw beleid.Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractieMet interesse hebben de leden van de D66-fractie kennisgenomen van debrief van de Staatssecretaris over het tabaksbeleid. Daartoe hebben dezeleden verdere vragen.De leden van de D66-fractie zijn blij om te zien dat er veel aandacht is voorhet verminderen van roken en vapen in onze samenleving. Er zijn al veelmaatregelen genomen die ons steeds een stapje dichter bij een rookvrijegeneratie brengen. Ook wordt in de Miljoenennota benoemd dat ergewerkt wordt aan het rookvrij maken van de terreinen van de kinder-opvang, beheerde speeltuinen en kinderboerderijen. De leden van deD66-fractie vragen wanneer de Staatssecretaris verwacht dat dezedoelstelling gerealiseerd zal zijn. Daarnaast denken de leden van deD66-fractie dat het van groot belang is om rook- en vapeverboden in deopenbare ruimte verder door te zetten dan bij de zojuist genoemdeterreinen. Denk hierbij aan sportparken, speelplekken, stadions en rond deingang van ziekenhuizen en verpleeghuizen. Daartoe vragen de leden vande D66-fractie aan de Staatssecretaris of zij voornemens is deze mogelijk-heden verder te verkennen. Op welke termijn kan de Kamer de uitkomstenvan deze verkenning verwachten?Antwoord:Het klopt dat ik op dit moment werk aan een wetsvoorstel om de terreinenvan beheerde speeltuinen, kinderboerderijen en kindercentra rook- envapevrij te maken. Dit is de eerste fase van het rookvrij maken van plekkenwaar veel kinderen komen, die per brieven van 25 april 2024 en21 februari 2025 is aangekondigd.26, 27 In de brief van 25 april 2024 is demotie Jansen en Krul uitgewerkt en verkend welke plekken waar veelkinderen komen rookvrij gemaakt kunnen worden.28 Het ging in deverkenning om speeltuinen, sport, kinderboerderijen, kinderopvanglo-caties, dagattracties, openluchtzwembaden en een aantal overige plekken,waaronder scouting en vakantieparken. In de brief is aangegeven dat hetom een aanzienlijke hoeveelheid locaties gaat en dat er daarom gestartwordt met het rookvrij maken van beheerde speeltuinen, kinderboerde-rijen en kindercentra. In een volgende stap kunnen desgewenst andereplekken waar veel kinderen komen rookvrij gemaakt worden. Ik blijf,conform afspraak van het kabinet, focussen op het rookvrij maken van25Aanhangsel Handelingen II 2024/25, nr. 3050.26Kamerstukken II 2023/2024 32 011, nr. 110.27Kamerstukken II 2024/2025 32 011, nr. 118.28Kamerstukken II 2023/2024 36 410 XVI, nr. 62.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12626 plekken waar veel kinderen komen. Het verkennen van overige plekken,zoals stadions en rond de ingang van ziekenhuizen en verpleeghuizen, laatik gezien de demissionaire status van het kabinet over aan mijn opvolger.Naast de wettelijke maatregelen zijn er de afgelopen jaren bovendiengrote stappen gezet op basis van zelfregulering en door lokale overhedenbinnen verschillende sectoren. De Rijksoverheid stimuleert deze initia-tieven actief, maar ook gemeenten en de Gezondheidsfondsen voorRookvrij (GVRV) spelen hierin een belangrijke rol. Zo heeft de gemeenteDen Haag ervoor gekozen om alle sportparken rookvrij te maken.Daarnaast zijn veel zorgorganisaties inmiddels rookvrij geworden, enheeft ook het openbaar vervoer gezamenlijk besloten om volledig rookvrijte worden. Deze positieve ontwikkeling blijven we stimuleren en verderaanjagen.Daarnaast lezen de leden van de D66-fractie in de factsheet «Inspectiere-sultaten rookverbod 2024» van de NVWA dat er op 29 procent van degeïnspecteerde schoolterreinen een maatregel werd opgelegd, als gevolgvan een overtreding van het rookverbod. Kan de Staatssecretaris ditresultaat uitsplitsen naar basis-, voortgezet- en hoger onderwijs?Antwoord:In 2024 zijn 89 inspecties uitgevoerd. Dit zijn herinspecties en inspectiesnaar aanleiding van meldingen. Daarbij is 15 keer een officiëlewaarschuwing gegeven (0x basisschool, 4x middelbare school,7x MBO/HBO, 4x Universiteit) en 11 keer een boete (0x basisschool,1x middelbare school, 7x MBO/HBO, 3x Universiteit).ZonMw en het Trimbos Instituut stellen dat roken meer bespreekbaargemaakt zou moeten worden vanuit het sociaal domein.29 Professionals inhet sociaal domein, zoals maatschappelijk werkers, bieden vaak onder-steuning op meerdere leefdomeinen zoals armoede, schulden en huiselijkgeweld. Hierdoor zijn ze goed gepositioneerd om het gesprek over rokenaan te gaan en te begeleiden naar passende hulp.30 Daartoe vragen deleden van de D66-fractie de Staatssecretaris of zij mogelijkheden ziet omdeze optie verder te verkennen en te intensiveren in samenwerking metzorgverzekeraars.Antwoord:Professionals in het sociaal domein kunnen inderdaad zeer waardevolbijdragen aan het ondersteunen van mensen die willen stoppen metroken. Dat begint vaak al bij het gesprek aangaan. Er wordt op dit momentop verschillende plekken ervaring opgedaan in de rol die professionals inhet sociaal domein kunnen vervullen om mensen te ondersteunen diewillen stoppen met roken. Bijvoorbeeld in de Rookvrije Wijkaanpak diePharos en GGD GHOR met ondersteuning van het Ministerie van VWSuitvoeren. De factsheet van het Trimbos-instituut waar de leden van deD66-fractie naar verwijzen biedt een praktisch overzicht hoe roken vanuithet sociaal domein bespreekbaar kan worden gemaakt. Deze informatiewordt actief gedeeld met de relevante partijen. In de gesprekken die ik hebmet zorgverzekeraars betrek ik ook de vraag welke rol zij kunnen vervullenom het sociaal domein op dit vlak te versterken.Daarnaast verscheen onlangs het NOS-artikel31 waarin zorginstantiesalarm slaan over het gebruik van THC-vapes onder jongeren. Dit zijnTHC-vapes en vapes met synthetische cannabis, die ernstige gezondheids-29ZonMw, 27 mei 2025, «Roken bespreekbaar maken vanuit het sociaal domein» (Rokenbespreekbaar maken vanuit het sociaal domein | ZonMw)30Trimbos, december 2024, «Roken bespreekbaar maken vanuit het sociaal domein»(TRI-64-013-Factsheet-Roken-bespreekbaar-maken-vanuit-het-sociaal-domein.pdf)31NOS, 11 september 2025, «Zorginstanties slaan alarm om gebruik THC-vape onder scholieren»(Zorginstanties slaan alarm om gebruik THC-vape onder scholieren)Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12627 risico’s met zich meebrengen, zeker voor jongeren. Zo zijn er al kinderenmet een ambulance afgevoerd en in het ziekenhuis opgenomen enmeerdere jongeren onwel geraakt. Daartoe vragen de leden van deD66-fractie welke maatregelen de Staatssecretaris voornemens is tenemen zodat dit schadelijke gebruik onder kinderen wordt tegengegaan.Op welke wijze zal de Kamer hierover geïnformeerd worden, zo vragen deleden van de D66-fractie. Daarnaast vragen de leden van de D66-fractie opwelke wijze de Staatssecretaris jongeren en hun ouders momenteelwaarschuwt voor de risico’s. Welke mogelijkheden tot voorlichting overdeze risico’s heeft zij nu niet, maar zou zij bij een gereguleerd product welhebben, zo vragen de leden van de D66-fractie.Antwoord:De berichtgeving over het gebruik door scholieren van THC-vapes envapes met synthetische cannabinoïden32 (ook wel «spice» genoemd) iszeer verontrustend. De opkomst van het gebruik van deze vapes door metname jongeren is een onwenselijke ontwikkeling en baart ons zorgenvanwege de daarmee samenhangende volksgezondheidsrisico’s. Dezeproducten zijn gevaarlijk, zeker voor minderjarigen. Naast het directerisico, bestaat ook het risico dat het gebruik een opstap vormt naar anderemiddelen. Beide middelen zijn op dit moment verboden onder deOpiumwet. Op de informatiekanalen van het Trimbos-instituut33 wordtinformatie over het gebruik hiervan gegeven en gewaarschuwd voor deeffecten hiervan. Daarnaast wordt er ook gericht gewaarschuwd door deregionale instellingen voor verslavingszorg. Het is belangrijk om tebenadrukken dat veel vapes in het illegale circuit geen THC, maarsynthetische cannabinoïden bevatten. Die zijn nog vele malen schadelijkeren zij zijn bijvoorbeeld ook niet toegestaan binnen het experimentgesloten coffeeshopketen. Daar is enkel de verkoop van THC-vapestoegestaan. Binnen het experiment is de verplichting opgenomen eenbijsluiter toe te voegen die de gebruiker informeert over de risico’s vanhet gebruik van cannabis.Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractieDe leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de voortgangs-brief over het vape- en tabaksbeleid. Zij hebben de volgende vragen aande Staatssecretaris.Om te beginnen willen deze leden stilstaan bij de ernst van de signalenover het gebruik van de THC-vape onder scholieren: jongeren tussen de13 en 16 jaar die flauwvallen, moeten overgeven of zelfs met spoed naarhet ziekenhuis worden gebracht na gebruik van vapes die zij via socialemedia als Snapchat en Instagram hebben aangeschaft. Uit onderzoekblijkt dat deze vapes vaak geen reguliere THC bevatten, maar synthetischevarianten met een veel sterkere en onvoorspelbare werking. Jongeren zijnzich hier vaak niet van bewust.De leden van de BBB-fractie vinden het zorgelijk dat deze producten zoeenvoudig beschikbaar zijn voor minderjarigen en dat de handhaving oponline verkoop via sociale media achterblijft. Zij wijzen erop dat dit nietalleen een gezondheidsrisico vormt, maar ook het draagvlak voor hettabaksontmoedigingsbeleid ondermijnt. Is de Staatssecretaris bereid om,in samenwerking met de Minister van Justitie en Veiligheid, te onder-zoeken hoe de handhaving op de online verkoop van illegale THC-vapesvia sociale media effectiever kan worden ingericht?Antwoord:32Synthetische cannabinoïden (soms spice of synthetische wiet genoemd) zijn in een labora-torium gemaakte stoffen met een effect wat kan lijken op dat van THC. THC is een van debelangrijkste werkzame stoffen in cannabis.33https://www.drugsenuitgaan.nl en https://drugsinfo.nl.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12628 Het platform Vapen #jouwkeuze en de Stichting Rookpreventie Jeugdhebben onderzoek verricht naar het aanbieden van deze producten viasociale media. Zij hebben mij geïnformeerd over het handhavingsverzoekdat hebben ingediend bij de ACM omdat zij van mening zijn dat hetplatform Snapchat niet voldoet aan de vereisten van de Digital ServicesAct. De ACM heeft een onderzoek geopend naar Snapchat in verband metde handel van vapes aan minderjarigen. De ACM onderzoekt daarbij ofSnap voldoende doet om verboden inhoud van hun platform te weren,zoals het aanbieden van verboden vapes met een smaakje of met THC. Ikvolg de uitkomsten van het onderzoek van de ACM met interesse.De handel in middelen die vallen onder de Opiumwet is daarnaaststrafbaar. Ook is het op grond van artikel 3b van de Opiumwet verbodenom de verkoop van middelen door openbaarmaking te bevorderen. Indienaangetoond kan worden dat sociale media medeplichtig zijn aan dehandel in THC-vapes kan daar dus ook strafrechtelijk tegen wordenopgetreden. Voor strafrechtelijke vervolging moet er echter wel opzet vande sociale media bij de handel of openbaarmaking aangetoond kunnenworden. Het Openbaar Ministerie (OM) zal zich blijven inzetten tegen dehandel in drugs via online kanalen zoals Snapchat. Er worden sites ofservers uit de lucht gehaald, maar dat kost veel opsporingscapaciteit envergt internationale samenwerking. De acties om dergelijke sites ofservers offline te halen, leiden bovendien vaak tot een waterbedeffect enhet uitwijken naar andere verkoopkanalen, bijvoorbeeld via Telegram ofwhatsapp of andere vormen van geëncrypte communicatiemiddelen.Daarom wordt ook onderzocht hoe er (buiten de strafrechtelijke aanpakom) barrières kunnen worden opgeworpen. De Minister van Jusititie enVeiligheid voert daarover op dit moment gesprekken de politie en het OM.Tot slot hebben de leden van de BBB-fractie vragen over de invoering vanstandaardverpakkingen voor sigaren en de tabaksontmoedigingsmaatre-gelen. Is de Staatssecretaris bereid om een uitzondering of aangepasteovergangstermijn te overwegen voor kleine, ambachtelijke sigarenprodu-centen, gelet op hun beperkte marktaandeel, doelgroep en productiecapa-citeit? En zo niet, waarom niet? Is de Staatssecretaris het eens met deconstatering dat de invoering van standaardverpakkingen voor sigareneen disproportionele maatregel is omdat het geen aantoonbare gezond-heidswinst oplevert?Antwoord:Op 1 oktober 2020 zijn de regels over standaardverpakkingen voorsigaretten en shagtabak in werking getreden. Om samenhang enconsistentie van het tabaksontmoedigingsbeleid te bevorderen, is hetbelangrijk dat deze standaardverpakkingen niet alleen voor sigaretten enshagtabak gelden. Zoals al afgesproken in het Nationaal Preventieakkoordin 2018, acht ook het huidige kabinet het noodzakelijk dat verpakkingenvan sigaren en elektronische dampwaar eveneens fors minder aantrek-kelijk worden gemaakt. Verpakkingen van sigaren kunnen net alsverpakkingen van sigaretten en shagtabak, immers aantrekkelijk zijn ofworden gemaakt. De aantrekkelijkheid van deze verpakkingen is een vande aspecten die een rol speelt bij het beginnen en voortzetten van gebruikvan tabaksproducten door jongeren.De regering kiest er voor om standaardverpakkingen voor te schrijvenvoor alle soorten sigaren, ook voor ambachtelijke sigaren. De regeringacht het niet voldoende om bepaalde sigaren wel onder de nieuwe regelste brengen en andere niet: de boodschap dat het niet om normale, maarschadelijke producten gaat, moet onverminderd gelden voor al dezeproducten, en het gebruik van al deze producten moet wordenontmoedigd. Het vrijstellen van enkele producten zou kunnen suggererendat het gebruik van díe producten niet, of minder schadelijk zou zijn.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12629 Is de Staatssecretaris bereid een impactanalyse te maken van deontmoedigingsmaatregelen tegen roken die genomen zijn in de periode2020–2025, en van het totale effect van die maatregelen?Antwoord:Wanneer we kijken naar het totale effect van ontmoedigingsmaatregelentegen roken de afgelopen decennia, dan blijkt dat in de periode tussen1990 en 2024 het percentage dagelijkse rokers onder de bevolking van18 jaar en ouder bijna gehalveerd is. Deze daling is significant voormannen, vrouwen, de totale groep volwassenen en ook voor allevolwassen leeftijdsgroepen afzonderlijk. Kijken we naar de periode vanvijf jaar tussen 2020 en 2024 dan is de daling ook significant, behalve voorde leeftijdsgroep van 18 tot en met 29 jaar. De rookprevalentie in 2024 isgedaald naar 18,2%, volgens de laatste CBS-cijfers. In 2023 rookte nog19% van de Nederlandse volwassenen. Tien jaar geleden was dit nog26%.34 Uit de monitoring van de komende jaren moet blijken hoe dezetrend zich verder ontwikkelt.Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractieDe leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de brief van deStaatssecretaris en hebben hier nog enkele vragen over.De leden van de CDA-fractie constateren met zorg dat de online verkoopvan tabaksproducten zich verplaatst naar sociale mediakanalen. Dezeleden vragen of van al de 1.868 meldingen de posts zijn verwijderd. Dezeleden vragen ook de accounts achter deze posts allemaal zijn verwijderden zo nee, waarom niet. Deze leden vragen de Staatssecretaris verder watde Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) nog meer doet tegen online verkoopvia sociale media behalve het laten verwijderen van de posts. Zij vragenom welk platform het specifiek gaat, waarvan de NZa melding heeftgedaan bij de ACM. Deze leden vragen wat de status is van dit onderzoekdoor de ACM en wat de vervolgstappen zijn.Antwoord:De NVWA houdt toezicht op het verbod op de online verkoop vantabaksproducten en aanverwante producten. De NVWA onderzoekt opbasis van meldingen en signalen naar bepaalde posts en accounts. DeNVWA is een zogenoemde «trusted flagger» bij verschillende socialmedia-platformen. Dat betekent dat wanneer de NVWA een melding van eenpost maakt, deze door de platforms wordt verwijderd. Als een bepaaldaccount meerdere keren posts plaatst die niet zijn toegestaan, moet hetplatform dit account verwijderen. Indien een platform hieraan nietmeewerkt, dan kan er een melding worden gedaan bij de ACM. De ACMdoet dan een melding bij de betreffende autoriteit (in het land waar hetplatform is gevestigd).Soms laat de NVWA accounts/posts juist niet verwijderen en probeert deNVWA er zo achter te komen van waaruit de illegale producten wordenverstrekt. Indien dat lukt, kan de NVWA de producten daar in beslagnemen. De NVWA kan geen uitspraken doen over onderzoeken bijconcrete individuele cases en de uitkomst daarvan.De leden van de CDA-fractie vragen of er al effect te zien is van hetaanpassen van het interventiebeleid, zodat direct een boete wordtuitgedeeld. Deze leden zijn benieuwd of en zo ja, hoeveel boetes zijnuitgedeeld.Antwoord:Het interventiebeleid is sinds juli 2025 aangepast. De NVWA maakt, alseen overtreding is vastgesteld voor de verkoop op afstand van tabakspro-ducten of aanverwante producten, een boete op. Dit jaar heeft de NVWA79 inspecties uitgevoerd, waarbij 17 keer een overtreding is geconsta-34Roken | Volwassenen | Volksgezondheid en ZorgTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12630 teerd. In 8 gevallen is een boete opgemaakt. Om een boete op te kunnenmaken voor de verkoop op afstand moet de NVWA weten wie er achter dewebsite zit. Bij een overtreding wordt daar onderzoek naar gedaan, maarhelaas is de eigenaar niet altijd te achterhalen en kan dus geen boeteworden opgelegd.De leden van de CDA-fractie hebben eerder aandacht gevraagd voor demogelijkheid van een extra heffing voor de tabaksindustrie, naarCanadees model. Deze leden vragen hoe het staat met het onderzoek datde Staatssecretaris heeft toegezegd uit te voeren naar de mogelijkheidvan zo’n heffing. Deze leden vragen haar op welke termijn de Kamer deresultaten van dit onderzoek kan verwachten.Antwoord:Naar verwachting informeer ik uw Kamer binnen enkele maanden over deuitkomsten van de verkenning.De leden van de CDA-fractie zijn voorstander van een generatiegebondenrookverbod. Deze leden lezen dat de Staatssecretaris schrijft dat zo’nverbod juridisch gezien niet mogelijk is onder de Tabaksproductenrichtlijn.Deze leden vragen of er plannen zijn voor een wijziging of herziening vande Tabaksproductenrichtlijn, waarmee eventuele juridische obstakels vooreen generatiegebonden verbod weggenomen kunnen worden. Deze ledenvragen of de Staatssecretaris bereid is hiervoor in Europees verband tepleiten, ook gezien de eerdere brief aan de Europese Commissie waarindoor Nederland is gepleit voor nieuwe wetgeving. Deze leden vragenverder of er andere lidstaten zijn die gebruik maken van de mogelijkheiduit artikel 24 Tabaksproductenrichtlijn tot een verbod voor een bepaaldecategorie op basis van een specifieke situatie in de lidstaat en zo ja, welkelidstaten dit zijn en waar het verbod op ziet.Antwoord:Zoals in de brief van 14 juli 2025 beschreven, lijkt een generatiegebondenverkoopverbod op gespannen voet te staan met de Tabaksproducten-richtlijn (TPD), omdat dit de facto kan worden gezien als een algeheelverbod op tabaksproducten en aanverwante producten met eenovergangstermijn van een mensenleven. De TPD heeft een tweeledigedoelstelling: enerzijds het bevorderen van een goed functionerendeinterne markt voor tabak en aanverwante producten, en anderzijds hetwaarborgen van een hoog niveau van bescherming van de volksge-zondheid, met name voor jongeren.35 Het mogelijk maken dat in eenlidstaat een algeheel verbod op alle tabaksproducten en aanverwanteproducten kan worden ingesteld, is strijdig met de doelstelling van eengoed functionerende interne markt en lijkt daardoor niet haalbaar. Belgiëen Frankrijk hebben op grond van artikel 24, derde lid, van de TPD eenverbod op wegwerpvapes ingesteld. Het Europese Hof van Justitie heeftzich nog niet over de vraag uitgelaten of dit een toegestane toepassingvan dit artikel betreft.De leden van de CDA-fractie lezen dat er voor 2026 geen budget isgereserveerd voor Trimbos of voor communicatiecampagnes in het kadervan het Actieplan tegen Vapen, maar enkel voor de handhaving door deNVWA. Deze leden vragen waarom de Staatssecretaris het niet noodza-kelijk acht om ook in 2026 te investeren in de uitvoering van de overigeaspecten van het Actieplan tegen Vapen. Deze leden vragen of deStaatssecretaris kan aangeven welke stappen er zijn gezet met betrekkingtot de verdere regulering van tabaksaccessoires, zoals in het Actieplantegen Vapen staat, en op welke termijn de Kamer een wetsvoorstel kanverwachten.35HvJ EU 22 februari 2022, ECLI:EU:C:2022:101 (Stichting Rookpreventie Jeugd), rov. 32; HvJ EU22 november 2018, EU:C:2018:938 (Swedish Match), rov. 40.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12631 Antwoord:Het kabinet houdt vast aan de doelstelling van een rookvrije generatie in2040, waar vapen ook onder valt. Er is in het hoofdlijnenakkoord eenbudgettair kader vastgesteld. De doelen van het Actieplan tegen vapenmoeten behaald worden met inachtneming van deze budgettaire kaders.Het wetsvoorstel tabaksaccessoires staat gepland om medio 2027 inwerking te treden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 011, nr. 12632

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 1ee8d5f999889383

14 okt 2026 · 3dd608d774a994ef

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.