Staatsexamen voortgezet onderwijs en normering centrale examens 2024
Brontekst
Versie 365227e4f6c5c4f3 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202431 289Voortgezet OnderwijsNr. 585 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR PRIMAIR EN VOORTGEZETONDERWIJS Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 2 april 2024Het staatsexamen voortgezet onderwijs (hierna: staatsexamen) is eenbrede maatschappelijke voorziening die ieder jaar aan ruim 6.500 kandi-daten van alle leeftijden en achtergronden, waaronder een groot deel vande leerlingen uit het voortgezet speciaal onderwijs (hierna: vso), de kansbiedt op het behalen van het voortgezet onderwijs (hierna: vo) diploma ofeen vo-certificaat. Dit zorgt ervoor dat iedereen die niet verbonden is aaneen school of waarvoor het niet mogelijk is om op de eigen school hetexamen af te leggen, in de gelegenheid wordt gesteld een volwaardigvo-diploma of deelcertificaat te behalen. Om dit mogelijk te maken zettenjaarlijks ruim 2.000 examinatoren en examenbetrokkenen zich in zodat70.000 examens afgenomen kunnen worden.Het staatsexamen is een examenvoorziening die op het moment onderdruk staat, mede door het substantieel toegenomen aantal kandidaten.Daarom wordt er de komende tijd gewerkt aan het robuuster en toekomst-bestendiger maken van de organisatie. Met deze brief wordt uw Kamerover verschillende onderwerpen aangaande het staatsexamen geïnfor-meerd. Tevens wordt uw Kamer geïnformeerd over de normering van decentrale examens in 2024 en verder. Achtereenvolgens zullen de volgendeonderwerpen aan bod komen:I.Voortgang van de verbeteragenda staatsexamens voortgezetonderwijs;II.Tijdelijke oplossing 2025 eerder inzage in de resultaten van hetcentraal examen (hierna: CE-resultaten) voor staatsexamenkandidaten.III.Gespreksronde examineren in het vso en onderzoek examenvoorzie-ningenIV.Normering centrale examens 2024 en verder. kst-31289-585ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5851 I. Voortgang van de verbeteragenda staatsexamens vo De afgelopen jaren is er sprake geweest van een grote toename van hetaantal staatsexamenkandidaten, met name vanwege een toename vanvso-leerlingen dat een diploma behaalt. Deze toename is ontstaan door deinvoering van de Wet kwaliteit (v)so en de introductie van dedrie uitstroomprofielen in het voortgezet speciaal onderwijs, waaronderhet uitstroomprofiel vervolgonderwijs. Hierdoor hebben leerlingen in hetvso de mogelijkheid gekregen een diploma te behalen. Vanuit het oogpuntvan kansengelijkheid is dat een mooie ontwikkeling. Vso-leerlingen makengebruik van het staatsexamen omdat de eigen school (nog) niet in hetbezit is van een eigen examenlicentie of omdat de school geen samen-werking heeft met een reguliere vo-school of een instelling voor voort-gezet algemeen volwassenenonderwijs (hierna: vavo). Voor een deel vande vso-leerlingen wordt het staatsexamen ook als een passende maniervan examineren ervaren omdat zij bijvoorbeeld langdurig ziek zijn.Tegelijkertijd zijn er ook vso-leerlingen waarvoor het reguliereeindexamen beter aansluit bij hun wensen en behoeften. Voor dievso-scholen vraagt dit een verdere verkenning in hoeverre zij toe kunnenwerken naar een eigen examenlicentie of om een samenwerking aan tegaan met een reguliere vo-school of vavo-instelling op het gebied vanexaminering.Door onder andere de toename van het aantal kandidaten en de tekortenop de arbeidsmarkt van docenten waardoor er een tekort aan examina-toren ontstaat, is de staatsexamenorganisatie de afgelopen jaren steedsmeer onder druk komen te staan. Hier is uw Kamer eind 2021 overgeïnformeerd.1 De afgelopen jaren is zichtbaar geworden dat eenrobuustere inrichting van de staatsexamenorganisatie nodig is, om hetmogelijk te maken dat het staatsexamen beter aansluit bij de doelgroepdat het bedient. Zo is onder meer gebleken dat er veel voor nodig is omwensen vanuit uw Kamer, zoals het eerder bekend maken van resultatenen herkansingen voor deelcertificaatkandidaten, mogelijk te maken.Om te komen tot een verbeterde en geoptimaliseerde staatsexamenorga-nisatie is in 2021 door het CvTE de verbeteragenda staatsexamens voopgesteld.2 Het doel van de verbeteragenda is tweeledig; 1) het staats-examen toekomstbestendiger in te richten; en 2) het staatsexamen beterte laten aansluiten bij de wensen en behoeften van de vso-doelgroep. Zobestaan bijvoorbeeld de wensen dat de eigen vso-docent een grotere rolkan spelen bij de afname van de staatsexamens en dat de jaarplanningwordt aangepast zodat de afnames van de staatsexamens minder in dezomer plaatsvinden. De verbeteragenda moet ook leiden tot de uitvoeringvan twee wensen van uw Kamer, namelijk het eerder inzicht geven in debehaalde CE-resultaten van staatsexamenkandidaten, met als uiteindelijkperspectief dat het mogelijk wordt dat staatsexamenkandidaten eenzelfdeuitslagmoment krijgen met leerlingen uit het reguliere vo (conform motielid Beckerman (SP)3), en het bieden van herkansingsmogelijkheden aandeelcertificaatkandidaten.4 In deze brief wordt uw Kamer meegenomen inde voortgang van de verbeteragenda aan de hand van de resultaten perdeelproject die de afgelopen jaren door CvTE en DUO zijn uitgevoerd. Dedoor het CvTE opgestelde voortgangsrapportage hierover is als bijlage bijdeze brief opgenomen.1Kamerstukken II 2021–2022, 31 289, nr. 505.2Kamerstukken II 2021–2022, 31 289, nr. 505.3Kamerstukken II 2023–2024, 36 410-VIII, nr. 88.4Kamerstukken II 2022–2023, 31 289, nr. 543; Kamerstukken II 2019–2020, 35 300-VIII, nr. 192.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5852 Proces verbeteragenda en uitkomsten projectenHet CvTE heeft langs twee actielijnen verschillende onderzoeksprojectenuitgevoerd. Op basis van de uitkomsten van deze projecten heeft het CvTEmaatregelen voorgesteld, die ook in de voortgangsrapportage zijnopgenomen. Deze maatregelen zijn vervolgens in een veldverkenningvoorgelegd aan betrokkenen5 bij het staatsexamen, waaronder vertegen-woordigers van de (vso-)kandidaten en docenten/examinatoren van hetstaatsexamen, om de wenselijkheid van de maatregelen te bepalen. Deuitkomsten van de onderzoeksprojecten en de veldverkenning hebbenuiteindelijk geleid tot een set aan maatregelen die samen een kansrijkscenario voor de toekomst van het staatsexamen vormen en waaruit deambitie voor de korte en middellange termijn spreekt. Het is nu vanbelang dat wordt bepaald wat de impact van deze maatregelen is op deuitvoering; dit gebeurt binnen de derde actielijn.Actielijn 1. Flexibiliseren van het staatsexamensysteemBinnen deze actielijn zet het CvTE zich in om de huidige staatsexamenor-ganisatie verder te flexibiliseren, zodat het staatsexamen op meerderemomenten kan worden afgenomen en het zodanig wordt georganiseerddat het voor examinatoren aantrekkelijk wordt om zich voor het staats-examen in te zetten. Hierdoor kan het staatsexamen aan de toekomstigevraag blijven voldoen. Onder deze actielijn zijn vier onderzoeksprojectenuitgevoerd. Hieronder de belangrijkste uitkomsten van deze onderzoeks-projecten:•Uit onderzoek naar hoe het werk als staatsexamenbetrokkene6 zoaantrekkelijk mogelijk gemaakt kan worden zijn onder anderevoorstellen gedaan over het verbeteren van geldelijke vergoedingenen zijn maatregelen voorgesteld voor het verbeteren van het professio-naliseringsaanbod en de overeenkomst tussen het CvTE en examenbe-trokkenen.•Het onderzoek naar de redenen dat kandidaten zich terugtrekken ofniet komen opdagen voor het examen toont aan dat het deelssamenhangt met persoonlijke omstandigheden van kandidaten endeels komt doordat kandidaten pas twee weken van te voren te horenkrijgen wanneer het examen plaatsvindt en door het beperkte aantallocaties waardoor kandidaten in sommige gevallen geconfronteerdworden met lange reistijden. In de impactanalyses van CvTE en DUOwordt bezien welke maatregelen hierop genomen kunnen worden enop welke termijn.•Uit het onderzoek naar de mogelijkheden van spreiding van decollege-examens over het jaar is naar voren gekomen dat hetaanbieden van college-examens voor én na het centraal examenkansrijk lijkt.7 Dit kan zowel bijdragen aan een betere beschikbaarheidvan examenbetrokkenen als een betere aansluiting op de wensen vankandidaten.•Het verkennende onderzoek naar de examenvormen laat onder anderekansen zien om voor een deel van de staatsexamenkandidaten een5PO-Raad, VO-Raad, Sectorraad GO, Ouders & Onderwijs, Balans digitaal, LBVSO, LAKS,vso-scholen, particuliere scholen, justitiële jeugdinstellingen, en docenten/examinatorenstaatsexamens vo.6Met staatsexamenbetrokkenen worden de examinatoren, locatievoorzitters, secretarissen,surveillanten en vakvoorzitters bedoeld.7Het staatsexamen bestaat net als het reguliere examen uit twee onderdelen, namelijk hetcentraal (schriftelijke) examen (gelijk aan het centraal (schriftelijke) examen uit het reguliere vo)en het college-examen (vergelijkbaar met het schoolexamen binnen het reguliere vo en bestaathoofdzakelijk uit een mondeling examen). Op dit moment vinden de afnames van de monde-linge college-examens plaats in de zomermaanden, nadat het centrale eindexamen isafgenomen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5853 schriftelijk alternatief te bieden voor het mondelinge college-examen.Hierdoor moet de drukt op de staatsexamenorganisatie afnemen enzorgen voor een betere aansluiting bij de wensen van de doelgroep.Uit vervolgonderzoek moet blijken wat de risico’s zijn van de voorge-stelde alternatieve examenvormen.Actielijn 2. Versterken aansluiting vso-doelgroepOm te zorgen dat het staatsexamen beter aansluit bij de wensen van devso-doelgroep is onder deze actielijn een drietal projecten uitgevoerd. Debelangrijkste uitkomsten van deze projecten zijn:•De pilot waarbij vso-scholen een grotere rol hebben gespeeld in deexaminering van hun eigen leerlingen bij het staatsexamen heeft latenzien dat dit ertoe kan bijdragen dat er een meer aangename examen-voorziening ontstaat voor de kandidaten en dit kan tegelijkertijd zorgenvoor minder druk op de bemensing van het staatsexamen. Er wordtverder worden uitgewerkt hoe vso-docenten op grotere schaal kunnenworden ingezet.•Op basis van de uitkomsten van het onderzoek naar de verbeteringenvan de vakinformatie is besloten dat de vakinformatie voor alle vakkenwordt herzien zodat het aantrekkelijker en beter leesbaar wordt enhierdoor de informatiepositie van kandidaten, ouders en scholenverbetert.8•Het onderzoek naar het doel waarmee certificaatkandidaten opgaanvoor een certificaat toont aan dat er een duidelijk verschil zit tussenvso-kandidaten en overige kandidaten. Waar vso-kandidaten in demeeste gevallen toewerken naar een diploma, is dit bij overigekandidaten een minderheid. De groep overige kandidaten wil vooralcertificaten behalen, bijvoorbeeld met het oog op studie of beroep.Actielijn 3. UitvoeringsconsequentiesOp basis van bovenstaande projectuitkomsten is door het CvTE eenpakket aan maatregelen opgesteld. Het is van belang dat wordt bepaaldwat de impact hiervan is op de uitvoering. De komende maanden voerenzowel het CvTE als DUO daarom een impactanalyse uit zodat de uitvoer-baarheid, maakbaarheid en haalbaarheid van de maatregelen in kaartworden gebracht, inclusief de termijn waarop de maatregelen geïmple-menteerd kunnen zijn en welke kosten daarmee gemoeid gaan. In dezeimpactanalyses worden enkel de maatregelen meegenomen waarvan hetde wens is om deze de komende vijf jaar tot uitvoering te brengen. Opbasis van de implementatie van deze maatregelen en de ontwikkelingenbinnen het vso-veld wordt vervolgens bezien op welke wijze de maatre-gelen voor de jaren daarna worden vormgegeven. De informatie die uit deimpactanalyses komt, wordt gebruikt om eind 2024 een uitspraak te doenover de maatregelen waarvan het wenselijk is om deze uit te voeren,wanneer deze maatregelen uitgevoerd kunnen worden en hoe dezebekostigd worden. Hiermee komen we tot een uitvoerbaar en haalbaarstappenplan om verbeteringen aan het staatsexamenproces te realiserenen daarmee te komen tot een robuuster staatsexamen.8Via de vakinformatie worden kandidaten, begeleiders en examinatoren voorbereid op hoe hetexamenprogramma is opgebouwd en hoe de vakken getoetst worden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5854 II. Tijdelijke oplossing 2025 eerder inzage in CE-resultaten Het is al langer de wens dat staatsexamenkandidaten eerder inzichtkrijgen in het resultaat dat zij hebben behaald voor het centraleeindexamen.9 Onlangs is bij de begrotingsbehandeling hierover de motievan lid Beckerman (SP) aangenomen waarbij het verzoek is gedaan omhet CvTE opdracht te geven de resultaten van staatsexamenkandidatengelijktijdig bekend te maken met overige kandidaten.10 In 2023 werd eenmotie van het lid Kwint met een gelijkluidend dictum verworpen vanwegede complexiteit in de uitvoering van dit verzoek waardoor er sprake zouzijn van ongelijkheid tussen kandidaten.11 Desalniettemin heb ik u ineerdere reacties op dit onderwerp laten weten dat ik deze wens onder-steun. Staatsexamenkandidaten kunnen zich hierdoor namelijk beter eneventueel gerichter voorbereiden op het daaropvolgende (mondelinge)college-examen.12Zoals toegezegd informeer ik uw Kamer over de mogelijkheden omstaatsexamenkandidaten in 2025 eerder inzicht te geven in het behaaldeCE-resultaat zodat u de wenselijkheid van de tijdelijke oplossing in 2025kan wegen.13 Het gaat hierbij nog steeds om een tijdelijke oplossingomdat het in 2025 nog niet mogelijk is om het eerder inzicht geven vooralle staatsexamenkandidaten te realiseren. Dit laatste vraagt namelijk omeen aanpassing van de planning van de college-examens van destaatsexamens en dat loopt mee in de verbeteragenda. Bij de eindrap-portage van de verbeteragenda eind 2024 kan een weloverwogen keuzeworden gemaakt over de maatregelen die dit definitief mogelijk zoudenkunnen maken voor alle kandidaten en de (financiële) gevolgen van dezemaatregelen.In de door het CvTE voorgestelde tijdelijke oplossing voor examenjaar2025 wordt het voor kandidaten mogelijk dat zij vier dagen na debekendmaking van de N-termen inzicht krijgen in het behaaldeCE-resultaat.14 Dit betekent dat staatsexamenkandidaten in 2025, indienhun resultaat op dat moment bekend is, vanaf maandag 16 juni inzichtkunnen krijgen in het resultaat. Voor de vso-leerlingen gebeurt dit via eenbeveiligd Excel-bestand dat aan de vso-school beschikbaar wordt gesteld,waarna deze de resultaten aan de leerlingen bekend kunnen maken.Overige kandidaten krijgen de mogelijkheid om telefonisch contact op tenemen met DUO om het resultaat op te vragen. Om te zorgen dat zoveelmogelijk examenwerk is nagekeken, worden er extra correctiedagengeorganiseerd, wordt de (thuiswerk)vergoeding van correctoren voor CE’svan staatsexamens de komende jaren verhoogd (totdat de structureleoplossing is ingevoerd) en worden vak-bevoegde vso-docenten gevraagdom het werk van de eigen vso-leerlingen te corrigeren, voordat het naarde tweede corrector wordt verstuurd. Tot slot wordt er bij de planning vande mondelinge college-examens voor gezorgd dat er zo min mogelijkmondelinge college-examens starten voordat de eerste CE-resultatengedeeld worden. Dat betekent dat de mondelinge college-examens opvso-scholen zo veel mogelijk later starten en mogelijk langer doorlopen.Het is echter niet te garanderen dat alle mondelinge college-examens9Kamerstukken II 2022–2023, 31 289, nr. 533; Kamerstukken II 2022–2023, 31 289, nr. 543;Kamerstukken II 2023–2024, 2023Z16736, nr. 642; Kamerstukken II, 2023–2024, 36 410-VIII, nr. 88.10Kamerstukken II 2023–2024, 36 410-VIII, nr. 88.11Kamerstuk II 2023–2024, 31 289, nr. 536.12Aanhangsel Handelingen II 2023/24, nr. 642.13Aanhangsel Handelingen II 2023/24, nr. 642.14Leerlingen in het regulier vo ontvangen op de dag van de bekendmaking van de N-termen vanhet eerste tijdvak (meestal rond half juni) de cijfers van hun centrale examens. In 2025 staat debekendmaking van de N-termen gepland op donderdag 12 juni. Staatsexamenkandidatenkunnen in dat jaar indien mogelijk vanaf 16 juni inzicht krijgen in het behaalde CE-resultaat.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5855 starten na de bekendmaking van CE-resultaten, omdat er relatief weinigtijd is tussen de centrale examens en de start van de zomervakantie.Tijdens de zomervakantie zijn vso-scholen gesloten en kunnen er meestalgeen college-examens worden afgenomen.De inschatting is dat met deze tijdelijke oplossing 80 tot 85% van dekandidaten vier dagen na de bekendmaking van de N-termen desgewenstinzicht kan krijgen in het behaalde CE-resultaat. Dit percentage loopt optot 95% van de kandidaten die zeven dagen na de bekendmaking vanN-termen het CE-resultaat kan opvragen. Voor de groep die de uitslaglater hoort is de kans groter dat zij in de daaropvolgende dagen al hetmondelinge college-examen moet afleggen. In dat geval zal het inzicht inhet behaalde CE-resultaat in mindere mate effect hebben op de voorberei-dingen van het mondelinge college-examen.DilemmaMet deze tijdelijke oplossing kunnen we niet alle kandidaten bedienen. Datlevert een dilemma op, omdat we hiermee niet alle staatsexamenkandi-daten gelijk behandelen. Het CvTE heeft aangegeven dat er geen optieszijn om verder tegemoet te komen aan de ongelijkheid bij de tussenop-lossing. Vanuit het perspectief van behoorlijk bestuur ervaar ik dit als eendilemma. Daarnaast is er het risico dat kandidaten wellicht juridischestappen zullen ondernemen tegen de uitwerking van de tijdelijkeoplossing. In dat geval is het niet mogelijk om deze kandidaten alsnoginzicht te geven in het behaalde resultaat voor de start van het college-examen of de afname van het college-examen later in te plannen omdatdaarmee de gehele planning van de college-examens in het geding komt.Ik ben voornemens om akkoord te gaan met deze tijdelijke oplossing, metde daarbij horende consequenties. Om dit tijdig te realiseren moet hetCvTE en DUO voor september van dit jaar helderheid worden geboden.Indien gewenst ga ik hier graag voor die tijd met uw Kamer over ingesprek.III. Gespreksronde examineren in het vso en onderzoek examen-voorzieningen Het afgelopen jaar is het gesprek gevoerd met (vertegenwoordigers van)de vso-sector over de manier van examineren in het vso. In dezegespreksronde is opgehaald welke afwegingen vso-scholen maken bij hunkeuze voor een examenvoorziening en is verkend of zij belemmeringenervaren in de keuze voor een andere examenvoorziening.15 De groeiendegroep vso-leerlingen binnen het staatsexamen zorgt namelijk voor defundamentele vraag hoe wordt aangekeken tegen het staatsexamen alsbrede maatschappelijke voorziening en als examenvoorziening voor hetvso in het bijzonder. Eind 2024 wordt, tegelijkertijd met de oplevering vande verbeteragenda, antwoord gegeven op deze bredere vraag. Hierbijwordt ook de motie van het lid Ceder (CU) c.s.16 meegenomen over hetbehalen van certificaten bij het staatsexamen voor specifieke groepenleerlingen uit het reguliere vo. Hieronder wordt u geïnformeerd over dereeds opgehaalde beelden en de stappen die tot eind 2024 gezet worden.15Binnen het vso zijn er drie mogelijkheden om leerlingen te examineren en de mogelijkheid tebieden het diploma te behalen: Een vso-school kan een eigen examenlicentie aanvragen, eenvso-school kan een symbiose of extraneus samenwerking aangaan met een regulierevo-school of vavo-instelling, of een vso-school maakt gebruik van het staatsexamen.16Kamerstukken II 2023–2024, 36 410-VIII, nr. 83.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5856 Uit de gesprekken blijkt dat sommige scholen bewust kiezen voor hetstaatsexamen, omdat de vorm van examineren het beste aansluit bij dewensen en behoeften van de leerlingen. Bijvoorbeeld vanwege demogelijkheden om het examen te spreiden over meerdere jaren of omdathet de druk op de leerlingen beperkt tot de zomermaanden waardoor ermeer ruimte wordt ervaren om te werken aan andere ontwikkeldoelen.Daarentegen is ook gebleken uit de gesprekken dat er onduidelijkheid enonbekendheid bestaat onder vso-scholen over de mogelijkheden enruimte voor symbiose of extraneus-samenwerkingen tussen vso-scholenen reguliere vo-scholen/vavo-instellingen of over het toewerken naar eeneigen examenlicentie. De keuze voor een examenvoorziening wordt inveel gevallen gebaseerd op keuzes die in het verleden zijn gemaakt en detevredenheid daarover in relatie tot wat het meest passend is voor deleerling.De verwachting is dat het staatsexamen voor een deel van devso-kandidaten altijd de meest passende examenvoorziening zal blijven.Tegelijkertijd is het van belang dat leerlingen in het vso waar passend demogelijkheid krijgen om in een reguliere omgeving toe te werken naar hetexamen en dat eventuele perverse prikkels in het huidige systeem dieertoe leiden dat vso-scholen kiezen voor het staatsexamen als examen-voorziening worden weggenomen. Om die reden wordt in 2024 eenvervolg gegeven aan deze gespreksronde door te verkennen welkeobstakels weggenomen kunnen worden om samenwerkingen op hetgebied van examineren tussen vso-scholen en reguliere vo-scholen ofvavo-instellingen verder te stimuleren en hoe vso-scholen op termijnkunnen toewerken naar een eigen examenlicentie. Tevens wordt verderverkend hoe bestaande (regionale) samenwerkingen hierbij een rolkunnen spelen en op welke wijze communicatie over de mogelijkhedenvoor samenwerkingen op het gebied van examinering kunnen wordenversterkt.Naast het vervolg van de gespreksronde wordt in 2024 een onderzoekuitgevoerd door Oberon naar de doelgroepen van de drie examenvoorzie-ningen: regulier vo, vavo en het staatsexamen. Dit onderzoek moet deredenen in beeld brengen waarom de verschillende doelgroepen van eenbepaalde examenvoorziening gebruikmaken en of zij dit als passendervaren. Hierin wordt tevens onderzocht of het passend is dat specifiekeleerlingen uit het regulier vo eventueel baat hebben bij het behalen vancertificaten binnen het staatsexamen zoals gevraagd in de motie van hetlid Ceder (CU) c.s. Dit onderzoek moet leiden tot het ontwikkelen van eenbeeld over de meest passende examenvoorziening per doelgroep. Eind2024 wordt het onderzoek opgeleverd. Deze resultaten moeten, samenmet de uitkomsten van het vervolg van de gespreksronde en de eindrap-portage van de verbeteragenda, een beeld geven voor wie het staats-examen in de toekomst bedoeld is en op welke wijze het robuust kanworden ingericht.IV. Normering centrale examens voortgezet onderwijs 2024 enverder De coronaperiode had ook gevolgen voor de normering van de centraleexamens in het vo. In december 2020 is uw Kamer geïnformeerd over deaanpassingen in de normeringssystematiek die nodig waren.17 Dezeaangepaste normering was erop gericht de eisen zoveel als mogelijk gelijkte houden aan die van vóór corona. Zo werd gezorgd dat de normeringrecht deed aan de prestaties van leerlingen, waardoor leerlingen terechteen voldoende of onvoldoende behaalden.17Kamerstuk 31 289, nr. 437.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5857 Inmiddels is er een fase aangebroken waarin het logisch is om terug tegaan naar een normering waarmee de prestatie-eis weer gehandhaafdwordt op een vergelijkbare wijze als vóór corona. We hebben echter temaken met een andere situatie dan in 2019. Het onderwijs heeft zichontwikkeld en is veranderd, de examenkandidaten van nu zijn niethetzelfde en ook de examens blijven zich ontwikkelen. Samen metStichting Cito heeft het CvTE daarom de normeringssystematiek dooront-wikkeld. Deze normeringssystematiek geldt vanaf aanstaande examenpe-riode van het schooljaar 2023/2024 en heeft als voordeel dat de syste-matiek robuuster is en er beter omgegaan kan worden metveranderingen. De grootste verandering is dat het CvTE alle beschikbarebronnen gebruikt om tot een N-term te komen, ongeacht het aantalkandidaten dat het examen aflegt, het soort examen of het tijdvak waarineen examen is afgenomen.18 De beschikbare bronnen zijn gelijk aan debronnen die vóór de coronapandemie werden gebruikt, aangevuld methet oordeel van vakdocenten en de examengegevens uit de jaren2015–2019 («historische N-termen») die in de coronajaren werdengebruikt. Het gebruiken van alle beschikbare bronnen levert een beterevoorspelling op van de best passende N-term. Er is geen sprake van datde aangepaste normeringssystematiek automatisch tot een lagere ofhogere N-term leidt.De normering van de centrale examens is erop gericht om de prestatie-eis– de lat waar je als leerling overheen moet springen om een voldoende tehalen – van jaar op jaar te handhaven. Door over die lat te springen, laat jeals leerling zien dat je de examenstof in voldoende mate beheerst. HetCvTE zou de lat nu kunnen vastleggen op het niveau van 2023 maar doorde gevolgen van corona trilt het onderwijs nog na. Daarom kiest het CvTEervoor om de lat nu nog niet vast te leggen. Samen met docenten zorgthet CvTE de komende jaren dat de lat op de juiste plaats stil komt teliggen zodat deze zo goed mogelijk aansluit op het onderwijs, deleerlingen en de centrale examens. Dit is een geleidelijk proces waarbijhet CvTE ervoor zorgt dat er geen grote verschillen zullen zijn van jaar opjaar. De prestatie-eisen van 2023 worden door het CvTE gebruikt alsstartpunt.Tot slotDe voortgangsrapportage van de verbeteragenda staatsexamens vo geefteen goed beeld van waar er kansen liggen om het staatsexamen teversterken en te verbeteren. De komende tijd gaan DUO en CvTE aan deslag om de voorgestelde maatregelen te toetsen op de uitvoerbaarheid eneen plan te maken voor de invoering hiervan. Dit vraagt veel van destaatsexamenorganisatie, omdat tegelijkertijd ook alle examens gewoondoorgang moeten vinden. Eind 2024 ontvangt uw Kamer de eindrap-portage van de verbeteragenda en zal ik ingaan op de wenselijke enmogelijke maatregelen en de gevolgen daarvan. Tegelijkertijd blijf ik methet CvTE in gesprek over hoe in de tussenliggende periode zoveelmogelijk gedaan kan worden om staatsexamenkandidaten tegemoet tekomen. De tijdelijke oplossing voor het eerder bekendmaken vanresultaten is hier een voorbeeld van. Daarnaast wordt u eind 2024geïnformeerd over het breder maatschappelijke beeld over het staats-18De N-term compenseert voor de verschillen in moeilijkheid tussen examens uit verschillendejaren. Als een examen relatief makkelijk is, wordt de N-term laag. Leerlingen moeten dan meerscorepunten halen voor een voldoende dan wanneer een examen relatief moeilijk is. Is eenexamen relatief moeilijk, dan wordt de N-term hoger. De N-term zorgt er dus voor dat het cijferdat een leerling haalt niet afhankelijk is van de moeilijkheid van het examen. Leerlingen halendus voor een moeilijker examen uit het ene jaar voor eenzelfde prestatie hetzelfde cijfer alsvoor een makkelijker examen uit een ander jaar.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5858 examen zodat een uitspraak kan worden gedaan voor wie deze examen-voorziening het meest passend is, zodat alle leerlingen toegang krijgen toteen voor hen passende examenvoorziening en de duurzaamheid van destaatsexamenvoorziening kan worden geborgd.De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,M.L.J. PaulTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5859
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.