Concept wettekst t.b.v. quickscan massaalbezwaarprocedure
Brontekst
Versie 34f128584556afb1 · officiële bron1 ….. Artikel 25ea 1. Op verzoek wordt een belastingaanslag of een voor bezwaar vatbare beschikking verminderd of een teruggaaf verleend van een op aangifte voldane of afgedragen bedrag, dan wel een teruggaaf verleend van een inhouding door een inhoudingsplichtige, voor zover: a. een bedrag niet in overeenstemming is met de onherroepelijke beantwoording van de rechtsvraag, bedoeld in artikel 25e, eerste en tweede lid; en b. geen vijf jaren zijn verlopen na het einde van het kalenderjaar waarop de belastingaanslag of voor bezwaar vatbare beschikking betrekking heeft, dan wel geen vijf jaren zijn verlopen na het einde van het belastingjaar waarin de belastingschuld is ontstaan of waarop de teruggaaf betrekking heeft. 2. Op een verzoek als bedoeld in het eerste lid besluit de inspecteur binnen een termijn van zes maanden na ontvangst van het verzoek. Indien op een groot aantal verzoeken met betrekking tot de onherroepelijke beantwoording van dezelfde rechtsvraag niet binnen de termijn van zes maanden kan worden besloten, kan Onze Minister deze termijn eenmaal met maximaal zes maanden verlengen. De verlenging van de termijn wordt bekendgemaakt door gelijktijdige kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst. Overgangsrecht Artikel 25ea is voor het eerst van toepassing op een aanwijzing massaal bezwaar als bedoeld in artikel 25c, eerste lid, die is gegeven op of na 1 januari 2024. TOELICHTING I. Algemeen (…) Tevens wordt uitvoering gegeven aan de motie Grinwis die strekt tot een aanpassing van de massaalbezwaarprocedure.1 Deze aanpassing betreft kort samengevat de mogelijkheid voor de belastingplichtige of inhoudingsplichtige om ook in het geval dat geen tijdig bezwaar is gemaakt in aanmerking te komen voor een vermindering of teruggaaf. II. Artikelsgewijze toelichting 1 Kamerstukken II 2021/22, 32140, nr. 114. 2 Artikel …, onderdeel … (artikel 25ea van de Algemene wet inzake rijksbelastingen) Het voorgestelde artikel 25ea AWR betreft een aanpassing van de massaalbezwaarprocedure. Deze aanpassing betreft kort samengevat de mogelijkheid voor de belastingplichtige of inhoudingsplichtige om ook in het geval dat geen tijdig bezwaar is gemaakt in aanmerking te komen voor een vermindering of teruggaaf. Op grond van het voorgestelde artikel 25ea, eerste lid, AWR zal gelden dat op verzoek een belastingaanslag of een voor bezwaar vatbare beschikking wordt verminderd, een teruggaaf wordt verleend van een op aangifte voldane of afgedragen bedrag of een teruggaaf wordt verleend van een inhouding door een inhoudingsplichtige, voor zover: a. een bedrag niet in overeenstemming is met de onherroepelijke beantwoording van de rechtsvraag, bedoeld in artikel 25e, eerste en tweede lid; en b. geen vijf jaren zijn verlopen na het einde van het kalenderjaar waarop de belastingaanslag of voor bezwaar vatbare beschikking betrekking heeft, dan wel geen vijf jaren zijn verlopen na het einde van het belastingjaar waarin de belastingschuld is ontstaan of waarop de teruggaaf betrekking heeft. De belastingaanslag en andere fiscale voor bezwaar vatbare beschikkingen hebben nagenoeg altijd een financiële aard. Om deze reden is de term ‘bedrag’ opgenomen in het voorgestelde artikel 25ea, eerste lid, onderdeel a, AWR. Onder bedrag kan bijvoorbeeld het belastingbedrag worden verstaan, maar bijvoorbeeld ook het bedrag inzake verschuldigde rente, verrekenbare verliezen, verrekenbare rente of verrekenbare voorheffingen. Op grond van het voorgestelde artikel 25ea, eerste lid, AWR, onderdeel a, AWR is er alleen aanleiding voor een vermindering of teruggaaf voor zover een bedrag van een belastingaanslag, een voor bezwaar vatbare beschikking, een voldoening of afdracht op aangifte of een inhouding door een inhoudingsplichtige niet in overeenstemming is met de onherroepelijke beantwoording van de rechtsvraag, bedoeld in artikel 25e, eerste en tweede lid, AWR. Via het voorgestelde artikel 25ea, eerste lid, AWR, onderdeel b, AWR wordt aangesloten bij de termijn waarbinnen een ambtshalve vermindering of teruggaaf mogelijk is.2 Er zal geen vermindering of teruggaaf plaatsvinden in het geval vijf jaren zijn verlopen na het einde van het kalenderjaar waarop de belastingaanslag of voor 2 Artikel 45aa, onderdeel a, UR IB 2001 en § 23 van het Besluit Fiscaal Bestuursrecht. 3 bezwaar vatbare beschikking betrekking heeft, dan wel vijf jaren zijn verlopen na het einde van het belastingjaar waarin de belastingschuld is ontstaan of waarop de teruggaaf betrekking heeft. Het voorgestelde artikel 25ea, tweede lid, AWR ziet op de termijn waarbinnen op een verzoek als bedoeld in het voorgestelde artikel 25ea, eerste lid, AWR dient te worden beslist door de inspecteur. Het voorgestelde artikel 25ea, tweede lid, AWR regelt dat deze termijn zes maanden bedraagt na ontvangst van het verzoek. In het geval dat op een groot aantal verzoeken met betrekking tot de onherroepelijke beantwoording van dezelfde rechtsvraag niet binnen de voorgestelde termijn van zes maanden kan worden besloten, wordt voorgesteld dat Onze Minister deze termijn eenmaal met maximaal zes maanden kan verlengen. Ook wordt voorgesteld om de verlenging van de termijn bekend te maken door gelijktijdige kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst. De voorgestelde verlenging van de termijn naar maximaal 1 jaar (twee keer zes maanden) wordt nodig geacht voor uitzonderlijke situaties. De afwikkeling van de recente massaalbezwaarprocedure inzake box 3 heeft aangetoond dat een zeer groot aantal verzoeken om ambtshalve vermindering zijn ingediend. Dit heeft geleid tot een onuitvoerbare last voor de Belastingdienst. De vermindering of teruggaaf naar aanleiding van een verzoek is niet vervat in een voor bezwaar vatbare beschikking. Dit sluit aan bij het feit dat de collectieve uitspraak niet voor beroep vatbaar is,3 de vermindering of teruggaaf naar aanleiding van de collectieve uitspraak niet voor bezwaar vatbaar is4 en de collectieve beslissing bij een massaalbezwaarplusprocedure ook niet voor bezwaar vatbaar is.5 Dit is het gevolg van het gesloten fiscale rechtssysteem van artikel 26 AWR. Wel is na de vermindering of teruggaaf een aanvullend verzoek om ambtshalve vermindering of teruggaaf mogelijk. Een ambtshalve vermindering of teruggaaf kent wel voorwaarden.6 Ingeval de vermindering ziet op een belastingaanslag inkomstenbelasting of een voor bezwaar vatbare beschikking die staat vermeld op het aanslagbiljet van die belastingaanslag, kan tegen een afwijzing van een verzoek om ambtshalve vermindering wel bezwaar worden gemaakt.7 Artikel … (overgangsrecht) 3 Artikel 25e, derde lid, AWR. 4 HR 20 mei 2022, ECLI:NL:HR:2022:718. 5 Artikel 9.7, derde lid, Wet IB 2001. 6 Artikel 45aa, UR IB 2001 en § 23 van het Besluit Fiscaal Bestuursrecht. 7 Artikel 9.6, derde lid, Wet IB 2001. 4 Het voorgestelde artikel 25ea is voor het eerst van toepassing op een aanwijzing massaal bezwaar als bedoeld in artikel 25c, eerste lid, die is gegeven op of na 1 januari 2024. De Staatssecretaris van Financiën,
Documentversies en bestanden
Officiële documentversies staan los van de versie van de brontekst die je in Kamerkring citeert.
- Concept wettekst t.b.v. quickscan massaalbezwaarprocedureActuele officiële versie
Geen publicatiebestanden beschikbaar bij deze officiële versie.
Bijlagen
Geen gekoppelde bijlagen gevonden.
Bij dit hoofddocument
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Verder bij de Tweede Kamer
Externe officiële informatie