KamerkringInloggen
← Verkenner

Kamerbrief · 26 aug 2026 · Tweede Kamer

Hoofdlijnenbrief uitvoeringswet Natuurherstelverordening

minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (naam nog niet beschikbaar)

Brontekst

33576 Natuurbeleid 34682 Nationale Omgevingsvisie Nr. 518 Brief van de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 26 augustus 2026 Op 2 juli jl. heeft uw Kamer verzocht om een hoofdlijnenbrief over het voorgenomen wetsvoorstel ter uitvoering van de Natuurherstelverordening (NHV; 2026Z15695/2026D35134). Het wetsvoorstel is nodig ter uitvoering van de NHV, naast het Natuurplan waarvan op 26 juni 2026 het ontwerp met uw Kamer is gedeeld. Op 25 augustus is het Ontwerp-Natuurplan officieel ingediend bij de Europese Commissie. Als bijlage bij deze brief treft u een geredigeerde en opgemaakte versie van het Ontwerp-Natuurplan ten behoeve van de publieksconsultatie die dit najaar start. Met deze brief informeer ik u over de hoofdlijnen van het wetsvoorstel en het tijdpad voor de verdere uitwerking. Het wetsvoorstel wordt naar verwachting de eerste helft van 2027 bij uw Kamer ingediend, waarmee de behandeling in uw Kamer kan starten. Uitvoering van de NHV in Nederland Nederland heeft veel keuzeruimte bij de uitvoering van de NHV. Lidstaten zijn verplicht om maatregelen te treffen voor verschillende ecosystemen, maar zijn vrij om te bepalen waar welke maatregelen getroffen worden en hoe de maatregelen in de tijd worden gefaseerd. Nederland kiest voor een zo lastenluw mogelijke uitvoering van de NHV, zonder nationale koppen. De verordening bevat meerdere verplichtingen die zijn gericht op het realiseren van een positieve trend, waarbij lidstaten zelf het ambitieniveau bepalen. Voor de relevante indicatoren stelt Nederland uiterlijk in 2030 een bevredigend niveau vast, op basis van de meest recente wetenschappelijke inzichten, in een open proces met betrokken partijen en met gebruik van de door de Europese Commissie vast te stellen richtinggevende kaders. Deze kaders worden eind 2028 verwacht. Daarnaast biedt de NHV een specifieke uitzondering voor nationale Defensie en hernieuwbare energie en houdt zij rekening met bepaalde overmachtssituaties (natuurrampen), onvermijdelijke transformaties door klimaatverandering, dwingende redenen van groot openbaar belang en negatieve effecten van handelen of nalaten van derde landen, waarvoor lidstaten niet verantwoordelijk kunnen worden gehouden. De uitwerking van de keuzeruimte vindt plaats in het Natuurplan, waar uw Kamer op 26 juni het ontwerp van heeft ontvangen. Ook de maatregelen uit de Taskforce Landbouw Stikstof en Natuur zullen deel uitmaken van het Natuurplan. Ik hecht waarde aan de zorgvuldige borging van de inbreng van burgers, maatschappelijke organisaties en sectorpartijen op het Natuurplan. Daarom werk ik – mede op basis van de adviezen uit het plan-MER, de publieksconsultatie, de reflectie op het plan door het Planbureau voor de Leefomgeving en de beoordeling en aanbevelingen van de Europese Commissie - toe naar het definitieve Natuurplan, dat de lidstaten op grond van de NHV, binnen zes maanden na de datum van ontvangst van de opmerkingen van de Commissie - uiterlijk op 1 september 2027 - moeten hebben vastgesteld en ingediend. Noodzaak wetgeving Uitvoering geven aan de NHV vereist dat lidstaten hun nationale wetgeving aanpassen waar dat nodig is om effectief en volledig uitvoering te kunnen geven aan de Europese verplichtingen. Daarom is het noodzakelijk om aanpassingen te maken in de Omgevingswet en de daarop gebaseerde lagere regelgeving, in het bijzonder het Besluit kwaliteit leefomgeving en het Omgevingsbesluit. Het gaat primair om regels gericht tot de verschillende overheden. De aanpassingen zijn nodig om taken, bevoegdheden en instrumenten van overheden aan te scherpen en uit te breiden, zodat ze beter aansluiten bij de uitvoering van de NHV. De benodigde wetswijzigingen heb ik in nauwe samenwerking met de betrokken departementen en medeoverheden uitgewerkt. Inhoud van conceptwetsvoorstel De huidige Omgevingswet biedt op veel onderdelen al een goede basis voor de uitvoering van de NHV. De wijzigingen die in het wetsvoorstel zijn opgenomen zijn dan ook beperkt, gericht op het, waar nodig, aanvullen van het bestaande regels, voornamelijk om te voorzien in noodzakelijke grondslagen die in de bijbehorende algemene maatregelen van bestuur zullen worden uitgewerkt. De beoogde wijzigingen van de Omgevingswet richten zich op de volgende onderdelen: actualiseren en concretiseren van taken van de provincies en het Rijk op het gebied van natuur waar nodig voor de uitvoering van de NHV; aanvullen van enkele grondslagen voor bevoegdheden en instrumenten om deze taken uit te voeren;  opname van het Natuurplan als verplicht programma;  aanvullen van de wettelijke bases voor de bestaande gebiedsbeschermingsregimes (Natuurnetwerk Nederland en Bijzondere nationale natuurgebieden) om deze beter bruikbaar te maken voor de NHV; aanvullen van grondslagen voor regels die kunnen worden gesteld in lagere wetgeving over het Natuurplan, activiteiten, monitoring, gegevensverzameling en rapportages.  Een uitgebreide toelichting is opgenomen in de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel. De verdere concretisering en uitwerking zal worden vormgegeven door wijziging van de op de Omgevingswet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur. Momenteel ben ik bezig met de voorbereidingen voor die verdere uitwerking en concretisering. Tijdpad wetgeving Het wetsvoorstel heeft van 26 juni tot 23 augustus 2026 ter internetconsultatie voorgelegen, zodat eenieder de mogelijkheid heeft gekregen daarop zienswijzen te geven. De voor internetconsultatie voorgelegde versie van het wetsvoorstel en bijbehorende memorie van toelichting zijn te vinden op https://www.internetconsultatie.nl/natuurherstelverordening/b1#sectie-consultatiegegevens. De huidige planning van het wetsvoorstel is erop gericht om tegemoet te komen aan de deadlines uit de verordening. Hieruit volgt de planning om het wetsvoorstel in december ter advisering aan de Raad van State voor te leggen. In de eerste helft van 2027 kan het wetsvoorstel dan bij de Tweede Kamer worden ingediend. Dit is een krappe planning, gezien de verschillende samenhangende sporen: het Natuurplan, de uitwerking van het maatregelenpakket uit de Taskforce en de uitwerking van de wijziging van de amvb. Daarnaast is afgesproken het proces zorgvuldig te doorlopen met betrokkenheid van medeoverheden, met voldoende ruimte voor een uitvoerbaarheidstoets en afspraken over de financiële consequenties. Ook is afgesproken dat de wet en de amvb gelijktijdig in werking zullen treden. Dit maakt dat de huidige planning uitgaat van inwerkingtreding eind 2027 of begin 2028. Dit betekent dat de inwerkingtreding van de wet en amvb niet volledig gelijktijdig zal zijn met het vaststellen en indienen van het definitieve Natuurplan. Ter overbrugging zullen – waar nodig - aanvullende afspraken met medeoverheden worden gemaakt om de uitvoering richting de eerste deadlines van de verordening (2027 en 2030) tijdig te kunnen starten. Betrokkenheid medeoverheden Onderdeel van het totstandkomingsproces van de uitvoeringswetgeving van de NHV is de Uitvoerbaarheidstoets Decentrale Overheden (UDO) van de medeoverheden. Het UDO-proces doorloop ik namens het Rijk samen met de koepels van de medeoverheden: het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen (UvW). Om decentrale overheden voldoende comfort te kunnen bieden bij het wetgevingsproces, zijn parallel aan het wetsvoorstel bestuurlijke afspraken gemaakt over de uitvoeringswetgeving. Deze afspraken zijn afgelopen juni ondertekend en vervolgens gepubliceerd. Het uitgangspunt voor deze afspraken is dat de uitvoeringswetgeving pas in werking treedt nadat de financiële afspraken op orde zijn en de wijzigingen in de wetgeving op haalbaarheid en uitvoerbaarheid zijn getoetst, via de hiervoor genoemde UDO. Daarnaast wordt in overeenstemming met artikel 2 van de Financiële-Verhoudingswet in kaart gebracht welke extra financiële middelen nodig zijn voor aanvullende taken die volgen uit de NHV. Eenzelfde UDO-proces wordt doorlopen voor de (uitwerking van) de maatregelen uit het Taskforce-pakket en het definitieve Natuurplan. Tot slot Met het oog op de eerste deadlines uit de verordening in 2027 en 2030 is het van belang dat de uitvoeringswetgeving zo snel als mogelijk kan worden ingevoerd om de uitvoering van het definitieve Natuurplan goed te laten verlopen. De minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen

Versie 052162d842eedbd39908bcb6c7c0dffe3496183a63bee9389aebb89d7fdd9a12 · Officiële bron.

Gegevens

Soort document
Brief regering
Datum
26 augustus 2026
Vergaderjaar
2025-2026
Officiële bron
Tweede Kamer ↗

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.