KamerkringInloggen
Kamerbrief

Schadeafhandeling Geelbroek

30 jun 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie a46270b3c040d70d · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 849MijnbouwNr. 315 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKENEN KLIMAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 30 juni 2026Op 14 maart jl. heeft bij Geelbroek een aardbeving plaatsgevonden meteen kracht van 3.0 op de schaal van Richter. Het is duidelijk dat dezeaardbeving impact heeft op de levens van mensen in de omgeving.Inmiddels hebben circa 6.000 mensen in het beoordelingsgebied schadeaan hun woning gemeld bij de Commissie Mijnbouwschade (CM) of hetInstituut Mijnbouwschade Groningen (IMG).Met de brief van 2 juni 20261 heb ik uw Kamer geïnformeerd over dehoofdlijnen van de aanpak voor de schadeafhandeling van aardbeving bijGeelbroek van 14 maart 2026. Daarin heb ik aangegeven dat het kabinetschademeldingen via een versnelde aanpak wil afhandelen en niet wilwachten op het bereiken van overeenstemming met mijnbouwbedrijvenover de verbetering van de reguliere procedure van de CommissieMijnbouwschade. In deze brief licht ik de contouren van deze versneldeaanpak opnieuw kort toe en informeer ik u over de bedragen die bij deaanpak horen. Deze aanpak zorgt voor een snelle, gedegen en menselijkeschadeafhandeling die er bovendien aan bijdraagt dat er minder geldbesteed wordt aan onderzoek naar de vraag welke schade wel en welkeschade niet door de aardbeving is veroorzaakt, dan bij toepassing van dereguliere CM procedure het geval zou zijn. Belangrijker nog, het zorgtervoor dat schademelders sneller weten waar ze aan toe zijn.Naarmate afstand van het epicentrum groter wordt neemt over hetalgemeen de kans op schade als gevolg van een beving en de omvangdaarvan af. Om deze reden dienen schadevergoedingen in verhouding testaan tot de opgetreden seismiciteit. Hierbij is ook relevant dat schade aanwoningen andere oorzaken kan hebben dan bodembeweging als gevolgvan mijnbouwactiviteiten. Zoals bij veel woningen in Nederland kanschade ook veroorzaakt zijn door onder andere ouderdom, wijzigingen inhet grondwaterpeil, weer (droogte, vorst, wind) of zwaar verkeer. Daarom1Kamerstukken II 2025/26, 32 849, nr. 313. kst-32849-315ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 849, nr. 3151 is er in de aanpak voor de schadeafhandeling van de aardbeving bijGeelbroek voor gekozen om te werken met vier ringen (gelaagdheid) diedit feit weerspiegelen.RingBedragring 1 (rood; trillingssnelheden rond hetepicentrum van groter dan 10 mm/s P80)schade opnemen, hoogte van schadeberekenen en vergoeden tot een maximaalbedrag van EUR 10.000,–ring 2 (oranje; trillingssnelheden tussen de 5en 10 mm/s P80)schade opnemen, hoogte van schadeberekenen en vergoeden tot een maximaalbedrag van EUR 7.000,–ring 3 (geel; trillingssnelheden tussen de 2 en5 mm/s P80)schade opnemen en vaste vergoeding vanEUR 3.000,–ring 4 (groen; trillingssnelheden lager dan2 mm/s P80)schade opnemen en vaste vergoeding vanEUR 1.000,– De CM, NAM en EZK zijn – zoals aangekondigd in de eerdergenoemdeKamerbrief van 2 juni 2026 – de toepassing van de versnelde procedurevan de CM2 voor ring 1 en ring 2 overeengekomen. Bij deze versneldeprocedure horen onderstaande bedragen. In ring 1 (trillingssnelhedenrond het epicentrum van groter dan 10 mm/s P80) en ring 2 (trillingssnel-heden tussen de 5 en 10 mm/s P80) wordt alle schade die door de bevingveroorzaakt kan zijn opgenomen, vervolgens wordt een causaal verbandmet de aardbeving van 14 maart 2026 aangenomen voor schade die hierredelijkerwijs door kan zijn veroorzaakt. Vervolgens wordt in ring 1 schadetot een maximaal bedrag van EUR 10.000,– vergoed en in ring 2 tot eenmaximaal bedrag van EUR 7.000,– vergoed.In ring 3 (trillingssnelheden tussen de 2 en 5 mm/s P80) ligt de kans opschade aan een huis tussen de 5% en 1%, in ring 4 (trillingssnelhedenlager dan 2 mm/s P80) is deze kans kleiner dan 1%. Vanwege deze lage2Zie artikel 7 van het «PROTOCOL VOOR DE BEHANDELING VAN MELDINGEN VAN SCHADEALS GEVOLG VAN BODEMBEWEGING DOOR AANLEG OF EXPLOITATIE VAN EENMIJNBOUWWERK TEN BEHOEVE VAN OLIE- EN GASWINNING UIT OF OLIE- EN GASOPSLAGIN EEN KLEIN VELD», bijlage 1, onderdeel A bij het Instellingsbesluit Commissie Mijnbouw-schade.Figuur 1: beoordelingsgebied beving Geelbroek van 14 maart met gelaagdheid inringen weergeven.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 849, nr. 3152 kans op schade die uit de beschikbare wetenschappelijke modellen blijktwil NAM in deze gebieden geen causaal verband aannemen en dus ookgeen versnelde procedure toepassen. Omdat het kabinet er aan hecht datook deze schades snel, gedegen en menselijk worden afgehandeld, heefthet kabinet besloten om voor deze buitenste twee ringen een beleidsregelop te stellen, waarmee schademelders in aanmerking komen voor eenonverplichte tegemoetkoming van overheidswege. NAM heeft, om eensnelle afhandeling van deze meldingen mogelijk te maken, hiervoor aande Staat een bedrag van 6 miljoen beschikbaar gesteld. In mijn brief van2 juni jl. werd bij ring 3 uitgegaan van een maximaal bedrag. Echter, hetkabinet heeft besloten om voor ring 3 een vaste tegemoetkoming tehanteren, zodat schademelders in deze ring snel duidelijkheid krijgen overhet te ontvangen bedrag en de uitvoeringskosten beter in verhoudingkomen te staan tot de uit te keren schadebedragen. Concreet betekent ditdat in ring 3 (trillingssnelheden tussen de 2 en 5 mm/s P80) schade-melders een vaste vergoeding van EUR 3.000,– krijgen. In ring 4 (trillings-snelheden onder de 2 mm/s P80) is gekozen voor een vaste tegemoet-koming van EUR 1.000,–.Bovenstaande bedragen doen volgens de CM, NAM en het kabinet, geletop de trillingssnelheden die de aardbeving heeft veroorzaakt, recht aan deschade die in het beoordelingsgebied te verwachten is. De lagerevergoedingen in de buitenste ringen komen voort uit de over hetalgemeen lagere kans op en omvang van schade die de lagere trillings-snelheden verder van het epicentrum met zich meebrengen. Hettoepassen van de versnelde procedure voor ring 1 en 2 is overeenge-komen in een overeenkomst tussen CM en NAM. De bijdrage van NAMvoor ring 3 en 4 is vastgelegd in een betaalovereenkomst tussen NAM ende Staat. Deze overeenkomsten zijn als bijlage bijgevoegd bij deze brief.Nu de overeenkomsten zijn vastgelegd en gepubliceerd kan de uitvoeringingeregeld worden. Het heeft voor het kabinet prioriteit om de inwonersdie naar verwachting de meeste schade hebben als eerste te helpen. Deplanning is dat de CM na de zomer kan starten met de afhandeling vanschademeldingen voor de eerste schademelders in ring 1 & ring 2. Tevenszal het kabinet aan de slag gaan met het opstellen van de aangekondigdebeleidsregel en het inrichten van de uitvoering daarvan. De verwachting isdat de beleidsregel voor de buitenste twee ringen begin vierde kwartaalvan dit jaar zal worden vastgesteld en gepubliceerd en begin volgend jaarin werking zal treden.Voor alle schademelders geldt dat als zij geen gebruik willen maken vandeze specifieke aanpak, bijvoorbeeld omdat zij menen als gevolg van debeving meer schade te hebben dan het maximale bedrag of de vastevergoeding die wordt geboden, zij er ook voor kunnen kiezen om gebruikte maken van de reguliere procedure van de CM. De CM zal dan deskundi-genonderzoek doen om vast te stellen hoeveel schade er in een huis is enzo ja, welk deel van deze schade is veroorzaakt door de aardbeving van14 maart 2026. Hierbij worden eerder gemelde, beoordeelde en/ofvergoede schades buiten beschouwing gelaten en niet opnieuw betrokkenbij de beoordeling van de nieuw gemelde schade. Op basis hiervan zal deCM vervolgens een schadevergoeding adviseren. Uit de reguliereprocedure kan echter ook blijken dat de schade niet of slechts gedeeltelijkis veroorzaakt door de aardbeving van 14 maart 2026. Dit heeft dan totgevolg dat er geen vergoeding wordt geadviseerd of een bedrag dat lageris dan het bedrag dat uit de versnelde aanpak kwam. In dat geval is hetbedrag dat in de reguliere procedure tot stand is gekomen als gevolg vancausaliteitsonderzoek leidend. Ook zal de schadeafhandeling langer durenonder de reguliere procedure. Hoewel er begin dit jaar een verbetertrajectvoor de reguliere procedure is ingezet (zie hieronder voor verdereTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 849, nr. 3153 toelichting), vraagt de aanpassing ervan tijd. Tot de verbeteringen zijngerealiseerd heeft het kabinet geen andere optie dan terug te vallen opdeze procedure. Dit is ook een van de redenen dat het kabinet ervoor heeftgekozen om met bovenstaande specifieke aanpak voor de afhandeling vande schade van de aardbeving bij Geelbroek te komen.Het feit dat een causaal verband in de versnelde aanpak wordt aange-nomen en er dus geen onderzoek gedaan wordt naar de vraag of schadeis veroorzaakt door de aardbeving brengt een risico op een aanzuigendewerking met zich mee van mensen met schade die niet door deaardbeving is veroorzaakt. Om dit risico af te wenden gelden de versneldeprocedure en beleidsregel alleen voor inwoners die hun schade vóórpublicatie van de overeenkomsten hebben gemeld. Omdat de aardbevingruim 3 maanden geleden heeft plaatsgevonden, is de verwachting dat demeeste mensen met schade door de beving zich inmiddels hebbengemeld. Naar aanleiding van overleg met de regio is er voor uitzonderlijkesituaties, waarin een schademelder kan aantonen dat eerdere indieningniet mogelijk was om redenen die hem of haar niet zijn aan te rekenen,een hardheidsclausule opgenomen. Schademeldingen die vanaf 29 juni2026 worden gedaan worden volgens de reguliere CM procedureafgehandeld, dit betekent dat hier wel deskundigenonderzoek naar deoorzaak van de schade zal plaatsvinden.Op 22 mei jl. en 18 juni jl. heb ik bovenstaande aanpak voor de schadeaf-handeling van aardbeving bij Geelbroek besproken met de betrokkenregionale bestuurders. De regionale bestuurders hebben aangegeven datde schadeafhandeling zoals het kabinet deze voorstaat ver af ligt van deinzet van de regio. Dit heeft de regio ook per brief richting uw Kamergecommuniceerd op 2 juni 2026. In het recente bestuurlijk overleg heb ikmet de regionale bestuurders afgesproken om gezamenlijk te verkennenof het wel mogelijk is om de aanpak van het kabinet te verbeteren doorspecifieke elementen die voor hen van belang zijn in te passen in deschadeafhandeling, zoals het instellen van een commissie voor bijzonderesituaties om te adviseren over schrijnende situaties in het beoordelings-gebied, waarbij naast schade ook sprake is van een stapeling vanproblemen van medische, psychische en/of sociale aard.Daarnaast ga ik – op basis van de evaluatie van de CM die begin dit jaarnaar uw Kamer is verzonden3 – samen met de mijnbouwondernemingen(waaronder NAM, maar ook andere mijnbouwondernemingen die actiefzijn op land) in gesprek om te komen tot verbeteringen binnen dereguliere systematiek van de CM. Dit is een complex traject omdat hierinstemming van alle betrokken mijnbouwondernemingen voor nodig is.Samengevat ziet het kabinet dat de landelijke aanpak waarbinnen de CMzorgdraagt voor de afhandeling van mijnbouwschade in de praktijk nietvolledig voldoet aan de verwachtingen. Daarom verkent het kabinet ondermeer of binnen de huidige systematiek van de CM ruimte gecreëerd kanworden om hogere schadevergoedingspercentages te adviseren. In dattraject streef ik er ook naar om – in lijn met de motie van de leden Jumeleten Peter de Groot4 – ook aandacht te besteden aan de mensen die schadehebben als gevolg van de aardbeving in Ekehaar van 2023 en waarbijenkel gedeeltelijke schadevergoedingen zijn uitgekeerd omdat is3Kamerstukken II 2025/26, 32 849, nr. 294.4Kamerstukken II, 2025/26, 32 849, nr. 308.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 849, nr. 3154 vastgesteld dat deze schade slechts voor een deel door bodembewegingals gevolg van de beving in Ekehaar. Ik besteed hierbij expliciet aandachtaan de mogelijkheid van een «terugwerkende kracht» bepaling.De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,J. de BatTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 849, nr. 3155

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · a0380702ed6644d4

15 okt 2026 · 52096d139ce1ce7d

14 okt 2026 · 5b2e51381e813a68

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.