KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een commissiedebat, gehouden op 4 september 2025, over verzameldebat BES

26 sep 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 100afa679cef6d1a · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 IVVaststelling van de begrotingsstaten vanKoninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H)voor het jaar 2026Nr. 6 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 26 september 2025 De vaste commissie voor Koninkrijksrelaties heeft op 4 september 2025overleg gevoerd met de heer Van Marum, Staatssecretaris van Binnen-landse Zaken en Koninkrijksrelaties, over:–de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 17 december 2024 inzake eerste halfjaarrap-portage C(A)ft en Cft BES 2024 (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 34);–de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 18 december 2024 inzake beleidsreactie opWODC-rapport Ambtelijk-bestuurlijke integriteit in CaribischNederland (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 36);–de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 9 januari 2025 inzake stand van zakenfinancieel en begrotingsbeheer Bonaire, Sint-Eustatius en Saba2021–2023 (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 38);–de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 22 januari 2025 inzake het vierde periodiekwetgevingsoverzicht en een actualisatie van voorstellen voorde verbeterde betrokkenheid van Bonaire, Sint-Eustatius enSaba bij het beleids- en wetgevingsproces (Kamerstuk36 600 IV, nr. 41);–de brief van de Minister van Defensie d.d. 31 januari 2025inzake jaarplan 2025 Kustwacht voor het Koninkrijk derNederlanden in het Caribisch gebied (Kamerstuk 36 600 X,nr. 74);–de brief van de Minister van Klimaat en Groene Groei d.d.21 maart 2025 inzake brandstofvoorziening van Bonaire(Kamerstuk 29 023, nr. 558);–de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 24 maart 2025 inzake afschrift van hetantwoord op de brief van de eilandsraden over de wijzigingvan de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Sabaen de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatiusen Saba (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 52); kst-36800-IV-6ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 61 –de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 15 april 2025 inzake tweede halfjaarrappor-tage C(A)ft en Cft BES 2024 (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 54);–de brief van de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering d.d. 14 mei 2025 inzake voortgang bestuursak-koorden Bonaire, Sint-Eustatius en Saba en andere belangrijkeonderwerpen (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 56);–de brief van de Minister van Defensie d.d. 15 mei 2024 inzakejaarverslag 2023 Kustwacht voor het Koninkrijk der Nederlan-den in het Caribisch gebied (Kamerstuk 36 410 X, nr. 87);–de brief van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties d.d. 20 juni 2025 inzake waarborgen vanhet principe «comply or explain» (Kamerstuk 36 600 IV,nr. 70);–de brief van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties d.d. 3 juli 2025 inzake voortgangsbriefbestaanszekerheid Caribisch Nederland (Kamerstuk 36 600 IV,nr. 72);–de brief van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties d.d. 1 september 2025 inzake Agenda GoedBestuur Caribisch Nederland (Kamerstuk 36 600 IV, nr. 73);–de brief van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties d.d. 29 augustus 2025 inzake verhogingaantal leden eilandsraad en bestuurscollege Bonaire, Sint-Eustatius en Saba (Kamerstuk 33 202, nr. 2);–de brief van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties d.d. 3 september 2025 inzake stand vanzaken Selibon (Kamerstuk 22 343, nr. 430).Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de commissie,O. van DijkDe griffier van de commissie,Hessing-PutsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 62 Voorzitter: CederGriffier: Hessing-PutsAanwezig zijn zeven leden der Kamer, te weten: Bamenga, Bruyning,Ceder, Van Haasen, Vermeer, Aukje de Vries en White,en de heer Van Marum, Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties.Aanvang 13.01 uur.De voorzitter:Goedemiddag, good day, bon dia. Welkom aan eenieder die hier in de zaalzit en aan hen die meekijken aan de andere kant van de oceaan. Mijnnaam is de heer Ceder. Ik ben vandaag uw voorzitter tijdens het verzamel-debat BES. We hebben een flink aantal sprekers. Er is, ook vanwege deagendapunten, gevraagd om vijf minuten spreektijd te hebben. Normaalhebben we er vier. Dat geeft de urgentie aan die de Kamer voelt om hetvandaag te hebben over de eilanden Bonaire, Sint-Eustatius en Saba.Ik ga de Kamerleden voorstellen aan u. Ik begin met mevrouw Bruyningvan Nieuw Sociaal Contract. Zij gaat straks, na haar bijdrage, even weg.Dat heeft niet te maken met desinteresse, maar er is gelijktijdig een debatwaar zij een motie moet indienen. Zij zal daarna terugkeren. We hebbende heer Bamenga van D66, de heer White van GroenLinks-PvdA, de heerVan Haasen van de PVV en mevrouw De Vries van de VVD. Dit is haarlaatste debat voor de BES, want hierna wordt zij StaatssecretarisBuitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp en zal dan dienen onder deKroon. Gefeliciteerd. Ook hebben we de heer Vermeer namensBoerBurgerBeweging.We hebben een spreektijd van vijf minuten. We hopen dat we het vlotkunnen doen. Ik wil voorstellen om maximaal vier interrupties toe testaan, anders gaan we het mogelijk niet redden. Ik wil natuurlijk – last butnot least – de Staatssecretaris, de heer Van Marum, die volgens mij voorde eerste keer te gast is in deze commissie, ook van harte welkom heten.We hopen op een mooi, zinnig en inhoudelijk vruchtbaar debat. Ik geefdan, zonder verdere vertraging, het woord aan mevrouw Bruyning.Mevrouw Bruyning (NSC):Dank, voorzitter. Vandaag spreken we over Caribisch Nederland. Dit is heteerste debat met de nieuwe Staatssecretaris Koninkrijksrelaties enDigitalisering. Welkom, Staatssecretaris. Het is een belangrijk moment,want de inwoners van Bonaire, Saba en Sint-Eustatius kijken mee. Zijwillen weten of wij hun stem horen en of wij in Den Haag eindelijk latenzien dat we hun belangen serieus nemen.Laat ik beginnen bij een zorgwekkende ontwikkeling. Per 1 januari 2025loopt de subsidie voor UNICEF Nederland af. Tien jaar lang heeft UNICEF,samen met de rijksoverheid, gewerkt aan de bescherming van kinder-rechten. Hun werk is breed en concreet: jongerenparticipatie, opvoedcam-pagnes en onderzoek dat beleid beter maakt. Het stopzetten van desubsidie betekent het stopzetten van die projecten en verlies vanopgebouwde kennis en vertrouwen. Wij vinden dat kinderrechten op deeilanden structureel geborgd moeten zijn, ongeacht of er toevallig eensubsidie loopt of niet. Mijn vraag aan de Staatssecretaris is: hoe gaat hijgaranderen dat de bescherming van kinderrechten op de eilanden nietafhankelijk is van tijdelijke subsidies? Is de Staatssecretaris bereid omstructurele financiering of een alternatief te organiseren, zodat het werkvan UNICEF niet verloren gaat?Voorzitter. Dit raakt aan een groter patroon: fundamentele problemen ingovernance, zorg en inspraak. Neem Selibon. De afvalverwerking opBonaire is al jaren een hoofdpijndossier. Ondergrondse branden,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 63 gezondheids- en milieuschade en een bestuurlijke impasse. We hebbeneerder gevraagd om out-of-the-boxoplossingen. Er is ook een motieaangenomen, maar de uitvoering blijft uit. Mijn vraag aan de Staatssecre-taris is waarom onze aangenomen motie nog steeds niet is uitgevoerd.Welke concrete stappen, met de nadruk op concreet, worden dit jaar noggezet om de puinhoop bij Selibon aan te pakken? Hoe gaat de Staatsse-cretaris garanderen dat inwoners niet langer met gezondheidsrisico’sworden opgezadeld door falend bestuur?Hetzelfde geldt voor de zorg. Het ziekenhuis- en doorverwijzingssysteemfunctioneert nog steeds niet naar behoren. Ook al weet ik dat dit nietdirect onder de verantwoordelijkheid van de Staatssecretaris vanKoninkrijksrelaties valt maar onder de verantwoordelijkheid van deStaatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport, wil ik deze Staatssecretaris ertoch op wijzen dat hij hierin, naar mijn mening, een coördinerende functieheeft. Inwoners van Caribisch Nederland krijgen niet de zorg die inwonersvan Europees Nederland vanzelfsprekend vinden.Dat leidt tot de volgende vragen. Erkent of begrijpt de Staatssecretaris dater op dit moment sprake is van tweederangszorg op de eilanden? Watgaat de Staatssecretaris concreet doen, zij het in samenwerking met deandere Staatssecretaris of andere ministeries, om het doorverwijzings-systeem en de ziekenhuiszorg binnen een jaar op orde te krijgen? Kan deStaatssecretaris garanderen dat de eilanden uiterlijk in de volgendekabinetsperiode toegang hebben tot dezelfde basiszorg als in EuropeesNederland? Hoe zit het met de uitvoering van het verbeterplan dat isopgesteld door voormalig Staatssecretaris Karremans?Dan het Belastingplan. Vorig jaar hebben de eilanden uitvoerig inputgeleverd, maar daar is nauwelijks iets mee gedaan. Dat voedt het gevoeldat hun stem er niet toe doet. Dat gevoel raakt direct aan de kern:inspraak. De pilot met de wetgevingstoets moet niet vrijblijvend blijven,maar structureel verankerd worden. Ik heb de volgende vragen. Is deStaatssecretaris bereid de wetgevingstoets wettelijk vast te leggen vóórde verkiezingen? Hoe gaat de Staatssecretaris ervoor zorgen dat de inputvan de eilanden wél serieus wordt meegenomen bij het Belastingplan vandit jaar? Kan de Staatssecretaris toezeggen dat de eilanden structureelbetrokken worden bij het beleid dat hen direct raakt?Voorzitter. De problemen rond Selibon, de zorg en het Belastingplanhebben één gemene deler: gebrek aan serieuze inspraak en eengebrekkige uitvoering. Als inspraak structureel geborgd is, komt er eerdereen belastingplan dat aansluit bij de realiteit. Dan wordt er eerdergeluisterd naar de signalen uit de zorg en dan is, of was, er waarschijnlijksneller een oplossing voor de afvalverwerking. Voor NSC is dit de kern.Wij willen een koninkrijk waarin de inwoners van Caribisch Nederland nietafhankelijk zijn van toevallige subsidies, losse projecten of Haagse goedewil. We willen een systeem waarin hun stem verankerd is, hun rechtengegarandeerd zijn en hun voorzieningen op orde zijn. Kinderen zij geenverdienmodel, burgers zijn geen bijzaak en de eilanden maken volwaardigdeel uit van ons Koninkrijk. Zo moeten we ze ook behandelen.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Keurig binnen de tijd. U gaat zo de zaal verlaten. Ik wil dan nuhet woord geven aan de heer Bamenga van D66.De heer Bamenga (D66):Dank u wel, voorzitter. Het College voor de Rechten van de Mens isglashelder. De mensenrechten op de BES-eilanden staan onder druk doorde woningcrisis. Het recht op huisvesting, een fatsoenlijk dak boven jehoofd tegen een betaalbare prijs, is voor veel inwoners van Bonaire,Statia en Saba nog steeds geen werkelijkheid. Dat zie je terug in deverhalen van de mensen zelf. Er zijn gezinnen die noodgedwongen metTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 64 drie generaties in één huis wonen. Jongeren verlaten hun eiland omdat ergeen woning te vinden is en er zijn ouderen die meer dan de helft van huninkomen kwijt zijn aan huur en nauwelijks geld overhouden voor eten ofmedicijnen. Dit gaat over bestaanszekerheid, waardigheid en mensen-rechten in de praktijk.Voorzitter. Wat heb je aan een huis als je de huur niet kunt betalen?Betaalbaarheid is misschien wel een van de grootste problemen voor demensen op de eilanden. De huren slokken een veel te groot deel van hetinkomen op. Subsidies zouden juist die zekerheid moeten bieden, maar inde praktijk laten ze mensen vaak in de steek. Op Bonaire loopt sinds 2022een pilot voor de Bijdrage Particuliere Verhuur, maar het blijft steken ineen tijdelijke regeling, met onduidelijkheid over de toekomst. Wanneerwordt dit eindelijk structureel gemaakt, vraag ik aan de Staatssecretaris.Wanneer krijgen ook Saba en Statia toegang tot deze regeling? Waaromblijven hun inwoners uitgesloten? De verhuursubsidie is bedoeld om lageinkomens te ondersteunen, maar in de praktijk werkt die alleen als deverhuurder meewerkt en dat gebeurt lang niet altijd. Hoe zorgt deStaatssecretaris ervoor dat deze steun altijd bij huurders terechtkomt?Overweegt hij verplichtingen of alternatieve routes?Voorzitter. Het is pijnlijk om te moeten constateren dat mensenrechten inEuropees Nederland beter beschermd zijn dan in Caribisch Nederland.Burgers op de eilanden voelen zich tweederangs in hun eigen land.Daarom is mijn dringende oproep aan de Staatssecretaris: geen vertra-gingen meer, geen pilots zonder vervolg, maar concrete acties.Wanneer krijgen mensen op Bonaire, Statia en Saba dezelfdebescherming en dezelfde kansen op een betaalbaar huis als iedereen in derest van Nederland? Waarom moeten de eilanden wachten tot 2027 opeen woonwet, die in Europees Nederland al bijna tien jaar geldt? Kan ditniet sneller? Waarom zien we vertragingen bij de woondeals op alleeilanden? Hoe is de Minister van Volkshuisvesting hier actief bijbetrokken? Op Bonaire kwamen er vorig jaar bijna 1.300 meldingenbinnen bij de Huurcommissie, maar op Statia en Saba is er nog steedsgeen huurcommissie. Wanneer komt daar verandering in?Voorzitter. Het College voor de Rechten van de Mens tikt het kabinet ookop de vingers op het gebied van klimaat. Inwoners van CaribischNederland krijgen niet dezelfde bescherming tegen klimaatverandering alsdie van Europees Nederland.De voorzitter:Ik ga u even onderbreken. U gaat namelijk naar een ander onderwerp,maar u heeft volgens mij op een vorig punt een interruptie, allereerst vande heer Van Haasen van de PVV.De heer Van Haasen (PVV):De heer Bamenga vraagt wanneer de inwoners van de BES-eilandendezelfde rechten krijgen op een woning als de inwoners van EuropeesNederland. Is de heer Bamenga – dat vraag ik via u, voorzitter – ervan opde hoogte dat er hier in Nederland in sommige steden een wachtlijst isvan meer dan vijftien jaar?De heer Bamenga (D66):Ik ben er zeker van op de hoogte dat de wooncrisis zich niet alleen beperkttot de eilanden, maar dat we in Nederland ook te maken hebben metenorme uitdagingen. Dat vinden we als D66 natuurlijk ontzettendbelangrijk. We geven daar prioriteit aan, maar we zien hier veelongelijkheid als het gaat om hoe we het vervolgens aanpakken. Deproblemen op de eilanden zijn daardoor nog groter. Dat is waar ik hetover heb.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 65 Ik zie geen vervolginterruptie. Dan heeft de heer Vermeer volgens mij nogeen interruptie. Nee? Dan laten we hem lopen.De heer Vermeer (BBB):Nee, sorry, voorzitter. Ik wilde er alleen op attenderen dat er een inter-ruptie was.De voorzitter:Dat is zeer collegiaal, dank u wel. Dat is genoteerd. Meneer Bamenga, uzou verdergaan over klimaatverandering. Gaat uw gang.De heer Bamenga (D66):Er ontbreekt een effectief regelgevend kader, waardoor mensen opBonaire, Saba en Statia kwetsbaar zijn. Juist daar waar de gevolgen hethardst voelbaar zijn – hieronder vallen stijgingen van de zeespiegel,kusterosie en orkanen – daalt het klimaatbudget van 18 miljoen in 2025naar 5,5 miljoen in 2026 en 4,1 miljoen in 2027. Voor participatie enkennisontwikkeling is slechts 1 miljoen gereserveerd, terwijl juist deeilandbewoners oplossingen kennen en willen meewerken.Voorzitter. Dit roept indringende vragen op aan de Staatssecretaris. Hoekan hij verantwoorden dat er miljarden naar Europees Nederland gaanterwijl Caribisch Nederland terugvalt naar enkele miljoenen? Wanneerkomt er een volwaardig regelgevend kader dat dezelfde beschermingbiedt als in Europees Nederland?Tot slot heb ik nog een opmerking over comply and explain. Wij krijgennamelijk berichten dat dat inconsistent en selectief wordt toegepast.Graag zou ik daar een toelichting op willen van de Staatssecretaris.Ik wil de Staatssecretaris ook heel veel succes wensen met deze nieuwerol, nieuwe functie, nieuwe taak erbij. We werken al met veel pleziersamen bij Herstel Groningen. Ik wens u heel veel succes.Als allerlaatste wil ik mevrouw Aukje de Vries, collega-Kamerlid, bedankenvoor de constructieve samenwerking. Ik wil haar ook heel veel succeswensen bij haar nieuwe taak en functie als Staatssecretaris. Of is het alsMinister? Nee, het is als Staatssecretaris.De voorzitter:Dank u wel. Dat was ook binnen de tijd. Het dreigt zo een heel vriendelijkdebat te worden, dus laten we deze vibe met elkaar vasthouden. O,mevrouw De Vries en een aantal andere sprekers moeten nog komen,hoor ik. Het was slechts een suggestie. Meneer White van GroenLinks-PvdA, u bent aan de beurt.De heer White (GroenLinks-PvdA):Dank, voorzitter. We spreken vandaag met een nieuwe bewindspersoon.Welkom bij deze portefeuille voor Caribisch Nederland. Er is veel tebespreken. Ik zal in de beperkte spreektijd van dit debat een aantalonderwerpen langsgaan.Ik begin met de bestaanszekerheid op de eilanden. Al geruime tijd vragenwe hier Kamerbreed aandacht voor. Gelukkig zijn er de afgelopen jarenstappen gezet. Het is echter nog niet genoeg. Nog te veel mensen op deeilanden moeten rondkomen van een te laag inkomen en hebben nogsteeds moeite met de hoge kosten van hun levensonderhoud. Delangetermijnmaatregelen laten op zich wachten en de val van het kabinetzal helaas verdere vertraging opleveren.GroenLinks-PvdA heeft voor nu enkele concrete vragen. Wanneer wordtde werkloosheidsvoorziening voor de eilanden afgerond? Twee. Hoelanggaat het duren voordat de inkomensafhankelijke kindregeling wordtgeïntroduceerd als in het najaar de verkenning naar de Kamer wordtverstuurd? Wat is de reden dat openbaar vervoer op Bonaire enSint-Eustatius zo lang op zich laat wachten terwijl de budgettenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 66 beschikbaar zijn? Waarom heeft het kabinet er niet voor gekozen om detegemoetkoming voor de nutsvoorzieningen telecom, drinkwater enelektra, structureel te regelen? Ook na 2026 blijft dit voor mensen op deeilanden van cruciaal belang.Voorzitter. Selibon. De problemen bij deze afvalverwerking op Bonaire zijnnog steeds niet goed opgelost. Omwonenden hebben er nog steeds lastvan en de natuur en het milieu worden ook nog steeds onvoldoendebeschermd. Gisteren ontvingen we een stand van zaken van de Staatsse-cretaris, waarvoor dank. Hierin staat dat een aantal grote vervolgstappennog moet worden gezet. Ik zou graag van de nog te zetten stappenconcreet van de Staatssecretaris vernemen wanneer deze worden gezet.Kan hij aangeven hoe het staat met het versterken van de uitvoeringsca-paciteit en het VTH-stelsel op de eilanden? Immers, zonder voldoendecapaciteit zullen de verbeterstappen onvoldoende kunnen wordenuitgevoerd.Dan een ander punt. Al langere tijd vragen wij vanuit GroenLinks-PvdAaandacht voor de gevolgen van de klimaatverandering op de eilanden. Erzijn klimaatplannen gemaakt en er is een Natuur- en milieubeleidsplanCaribisch Nederland. Voor dat laatste hebben we recent een tusseneva-luatie ontvangen. Hoe staat het met de uitvoering van de klimaatplannen?Zijn deze effectief? Wanneer krijgen we hier de volgende evaluatie van,waarbij wij eventueel kunnen bijsturen?Voorzitter. Dan over comply or explain. GroenLinks-PvdA maakt zichzorgen over het feit dat onder het principe comply or explain vooralnieuwe wetgeving valt, maar dat reeds bestaande wetgeving slechtsstapsgewijs wordt aangepast. Ook zien we dat ministeries verschillendmet comply or explain omgaan. Volgens de Rli schiet het met name in hetfysieke domein ernstig tekort. Volgens de ROB moet het Rijk meerbetrokken zijn bij grootschalige infrastructurele projecten. Dit allesvergroot de achterstand van de BES-eilanden ten opzichte van EuropeesNederland. Wat gaat het kabinet hier concreet aan doen?Verder zien we dat de gevallen van explain vaak slechts summier wordengemotiveerd, zonder helder tijdspad of criteria, waardoor er vaak sprake isvan afstel van modernisering van wet- en regelgeving. Dit heeft pijnlijkeconsequenties voor de mensen op de eilanden. Zo worden fundamentelerechten van mensen onvoldoende beschermd. Ik noem het Verdrag vanIstanbul tegen huiselijk geweld, het VN-verdrag voor mensen met eenbeperking, sociaal-economische rechten die structureel achterblijven bijEuropees Nederland en regelgeving ten aanzien van de verbetering vanhet milieu en klimaat. Dit moet wat GroenLinks-PvdA betreft echt snelverbeterd worden. Graag een uitgebreide reactie van de Staatssecretaris.Hoe gaat het kabinet waarborgen dat de rechten van de eilanden snelworden versterkt? Wanneer gaan de eerdergenoemde verdragen nueindelijk ook gelden voor de BES? Kan het kabinet toezeggen vanaf nuduidelijker en transparanter te zijn over wanneer er wordt gekozen voorexplain? GroenLinks-PvdA wil graag op korte termijn een verbeterplanvan het kabinet, zodat het principe van comply or explain op een goedemanier wordt toegepast en de eilanden niet juist op een grotere achter-stand worden gezet.Voorzitter. Ik heb ook nog een vraag over het feit dat deze Staatssecretarisde functie van Rijksvertegenwoordiger wil voortzetten. Hierover isonvrede op de eilanden. Het vorige kabinet had, mede op advies van deRvS, niet voor niets gekozen voor het schrappen van deze functie. Heeftdeze Staatssecretaris hier met de eilanden over gesproken? Hoe gaat hijzich inzetten voor een breedgedragen oplossing?Voorzitter, tot slot een vraag over de spanningen in de Caribische regio.Onlangs kondigden de VS aan marineschepen te sturen naar de kust vanVenezuela. Hierover was bezorgdheid op de Benedenwindse Eilanden.Kan de Staatssecretaris ons hierover een update geven? Op welke manierworden de eilanden ook hierover geïnformeerd?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 67 Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel. Er zijn geen interrupties. Dan wil ik graag het woord gevenaan de heer Van Haasen van de PVV.De heer Van Haasen (PVV):Bedankt, voorzitter. Vandaag voeren we een verzameldebat over deBES-eilanden, Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Officieel zijn het drieopenbare lichamen van Nederland, in feite bijzondere gemeenten.Bijzonder zijn ze zeker, bestuurlijk, geografisch, maar vooral door demensen die er wonen. We hebben vijf minuten spreektijd gekregen, terwijler vijftien punten op de agenda staan. Dat betekent gemiddeld zo’ntwintig seconden per onderwerp. Dat is erg krap, dus ik zal een keuzemoeten maken en proberen zo min mogelijk «eh» te zeggen.De PVV vindt goed bestuur op de eilanden van cruciaal belang. Juist doorde kleinschaligheid is integer en degelijk bestuur essentieel. Gisterentijdens de technische sessie over het WODC-rapport bleek dat er strafrech-telijk niet veel schokkends naar voren kwam. Toch blijven er vragen,bijvoorbeeld over de soms onverklaarbare verleningen van bouwvergun-ningen en benoemingen, waarbij financieel gewin mogelijk toch een rolspeelt. Bewustwording is daarom ontzettend belangrijk, zowel top-downals van onderaf.Ik begin bij de jeugd. Daar begint de vorming van het te maken onder-scheid tussen goed, een beetje goed, een beetje slecht of slecht. Dat kanalleen goed functioneren als het bestuur zelf het juiste voorbeeld geeft.Door de kleinschaligheid en de ons-kent-onscultuur op de eilandenworden benoemingen en aanbestedingen regelmatig aan bekendengegund. Uit de presentatie van gisteren bleek ook dat men vaak zelf nieteens doorheeft wat er gebeurt. Daarom moeten we werken aan eencultuur van transparantie en integriteit, zodat dit in de toekomst mindervoorkomt en er meer vertrouwen ontstaat in het bestuur.Mijn partij betwijfelt of uitbreiding van het bestuur de oplossing is. Devoormalige PVV-Staatssecretaris Szabó had de eerder genomen beslissingvan zijn demissionaire voorganger terecht uitgesteld. Nu voert de nieuweStaatssecretaris toch het «vernuftige» beleid van meer, meer, meer uit. Wijkiezen liever voor kwaliteit dan voor kwantiteit. Zelfs aan de kwaliteitschort het nog weleens, zoals de politieke gebeurtenissen deze zomer opBonaire laten zien. Zet in op verbetering van kwaliteit. Dit zal automatischde integriteit ten goede komen.De nieuwe Staatssecretaris heeft gelukkig Szabó’s beslissing overge-nomen om de Rijksvertegenwoordiger te behouden. Zijn bevoegdhedenworden zelfs uitgebreid. Uit de presentatie van de DSP-groep gisterenbleek ook dat dit, gezien de grote opgave, een verstandige keuze is. Dediscussie over de Rijksvertegenwoordiger wordt, volgens mij, vooralgevoed door zijn status als «waarnemend». Laat daar nu eindelijk eeneinde aan komen. De benoeming loopt gewoon gelijk met die van eencommissaris van de Koning. De PVV vindt het onwenselijk dat dezefunctie zou vervallen, juist omdat de uitdagingen op de eilanden grootzijn.Het belang van deze functie werd nogmaals duidelijk bij het debacle rondSelibon, de vuilstort. Daar stonden de Rijksvertegenwoordiger en hetcollege lijnrecht tegenover elkaar. Zonder deze functie had de gezag-hebber, die zelf voorzitter is van het bestuur, moeten ingrijpen. Dat isuiteraard ongewenst. Ondertussen praten we wel over klimaattafels enrechtszaken tegen de Nederlandse Staat over klimaat, terwijl men zelf opSelibon een enorme ecologische puinhoop veroorzaakt.Voorzitter. Het is te zien dat mijn spreektijd alleen al aan het onderwerp«goed bestuur» opgaat. Toch wil ik benadrukken dat integer en degelijkbestuur essentieel is, niet alleen voor het vertrouwen in de overheid, maarTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 68 ook voor de economische zelfredzaamheid van de BES-eilanden. De PVVhecht daar net zo veel waarde aan als aan een gezonde financiëlehuishouding. Ondanks enkele verbeteringen in de financiële huishoudingblijven er grote uitdagingen. De eilanden zijn sterk afhankelijk vanrijksbijdragen en hebben een beperkte mogelijkheid om eigen inkomstente genereren. Daarnaast blijven er zorgen over de uitvoering vanprojecten. Er zal efficiënt moeten worden omgegaan met de beperkteuitvoeringscapaciteit.Voorzitter. Het is hoog tijd dat er niet alleen wordt gepraat over plannenen rapporten, maar dat er daadwerkelijk daden volgen. De PVV zal scherpblijven toezien op goed bestuur, integriteit en het waarborgen vanbestaanszekerheid van de inwoners van de BES-eilanden.Dank u.De voorzitter:Dank u wel. Dat is nog keurig binnen de tijd. Dan is het woord aanmevrouw De Vries van de VVD.Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Dank u wel, voorzitter. Er is een nieuwe bewindspersoon. Hij is ook al opde eilanden geweest. Ik ben wel benieuwd welke eerste indrukken deStaatssecretaris daar heeft opgedaan. Het is een bijzonder mooieportefeuille. Ik heb het altijd met heel veel plezier gedaan.Er zijn ook een aantal uitdagingen in het gebied. Op de agenda staatonder andere het WODC-rapport over ambtelijke en bestuurlijke integriteitin Caribisch Nederland. Dat constateert dat oneigenlijk gebruik vanbevoegdheden door zowel ambtenaren als de bestuurders van de lokaleoverheid veel voor lijkt te komen. Dat is zorgelijk. De Staatssecretaris heefteen agenda voor goed bestuur gepresenteerd. Ik ben wel benieuwd of hijhet idee heeft of dat de problemen daar voldoende gaat oplossen. Wezitten nog steeds te wachten tot de Wet Bibob ook op de eilandenbeschikbaar is. Ik ben wel benieuwd hoe het daarmee staat.We zien sinds 10 oktober 2010 eigenlijk weinig voortgang. Er wordt heelveel geld geïnvesteerd en ondersteuning geleverd, maar ondertussenstaat de veiligheids- en rechtshandhavingsketen op de BES onder druk,voldoet de basispolitie niet aan de norm, is er onderbezetting bij depolitie, douane en gevangenis, en is ook het financieel beheer nog steedsonder de maat. We zijn benieuwd welke acties de Staatssecretaris daaropwil gaan nemen.We zien ook dat er blijkbaar een soort spaardrift is. Onder andere opBonaire blijft er 17 miljoen extra op de plank liggen in 2024. In totaal ligter 84 miljoen op de plank. Dat zou eigenlijk moeten worden geïnvesteerdin de inwoners en bedrijven op de BES-eilanden. We zijn wel benieuwdwaar dat aan ligt en hoe we dat nu wel los kunnen trekken.In dat licht baart het mij extra zorgen hoe het op dit moment gaat bij hetbestuurscollege op Bonaire. Ook de relatie met de vorige Staatssecretariswas behoorlijk koel en ondermaats. Dat helpt allemaal niet, volgens mij,om resultaten te boeken. Ik gun de Bonairianen dat ze een goed bestuurs-college hebben, dat er geld is om te investeren, en dat dat ook daadwer-kelijk wordt gerealiseerd. Daar lijkt het nog wel aan te ontbreken. Het lijkteen beetje op een ruziënd schoolplein af en toe. Ik ben benieuwd hoe deStaatssecretaris daarnaar kijkt en hoe hij dat denkt op te lossen. Net als dePVV is de VVD overigens voorstander van het behoud van de Rijksverte-genwoordiger.Selibon. Ik vind het treurig. We hebben namelijk best een intensief debatgehad over de afvalstort Selibon op Bonaire. Er zijn volgens mij grotezorgen bij de hele Kamercommissie. Dan zie ik nu dat de ILT het nog eenseen keertje gaat controleren. Het is een beetje gechargeerd, maar dat iswel de afdronk die ik ervan heb. Ik wil gewoon dat het opgelost wordt.Daar helpt de bestuurscrisis op Bonaire weer niet aan mee. Daar helpt ookTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 69 de verstoorde relatie niet aan mee. Dus, zorg dat we het voor de Bonai-rianen oplossen. Zorg dat dit probleem, dit grote probleem voor deveiligheid en gezondheid van de mensen, gewoon opgelost wordt. Ik benbenieuwd hoe deze Staatssecretaris daar zijn rol in ziet.Dan nog twee, nee, drie resterende puntjes. De brandstofvoorziening opBonaire is ook nog steeds niet op orde. Ook daarvoor zou ik willen pleiten:pak door. Het probleem blijft namelijk liggen en wordt niet opgelost.Ik heb nog twee laatste punten. Wat is de stand van zaken van deveerverbinding naar Statia en Saba? De eilanden kunnen namelijk nietzonder.Een laatste punt, wat mij betreft, voorzitter, is het minimumloon. We zijnvoor het zomerreces op bezoek geweest op onder andere Bonaire. Danhoor je toch wel dat de werkgevers in shock zijn over de verhoging vanhet minimumloon. Er is een compensatie, maar die komt eigenlijk niet bijde juiste mensen of bedrijven terecht. De vraag is dus wat deze Staatsse-cretaris daaraan gaat doen. Welke stappen gaat hij nog zetten? Wat onsbetreft doen we nog even een pas op de plaats bij een verdere verhogingvan het minimumloon. Het moet namelijk ook draagbaar zijn voor dewerkgevers, zodat die de banen voor de Bonairianen kunnen behouden.Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank. Meneer Van Haasen, u heeft uw microfoon nog aan. Dat betekentdat de camera continu op u is gericht. Dat is een mooi campagnetrucje,maar de vraag is om die uit te doen. Dan wil ik graag meneer Vermeer vanBBB het woord geven.De heer Vermeer (BBB):Dank u wel, voorzitter. Helaas lukt het mij niet om vaak bij deze debattenaanwezig te zijn. Er werd al opgemerkt dat «zelfs de heer Vermeer er is».Dat is natuurlijk om aan onze Staatssecretaris te laten zien dat wij zijnwerk als fractie van harte steunen, maar het is ook een signaal richting deinwoners van de BES-eilanden dat wij als Kamerleden ... Heel veel burgerszien de eilanden als een prachtige vakantiebestemming, maar ze zijn eenonderdeel van ons Koninkrijk. Daar hebben wij ons als Kamerleden, alsvolksvertegenwoordigers, ook voor op te stellen. Dus, excuses dat het nietaltijd lukt in de prioritering om hierbij te zijn. Dat betekent niet dat we hetminder belangrijk vinden.Wij vinden ook dat Europees Nederland niet alleen moet bepalen enopleggen, maar dat we elkaar moeten helpen en ondersteunen. Daarommoeten de inwoners kunnen rekenen op een eerlijk sociaal minimum – hetis hier al eerder genoemd – dat is afgestemd op de lokale leefomstandig-heden.Maar het gaat niet alleen om inkomen. Ook de beschikbaarheid voorgoede infrastructuur en voorzieningen is belangrijk. Deze zijn volgens hetadvies van de Raad van de leefomgeving en infrastructuur, de Rli,achtergebleven. Kan de Staatssecretaris toelichten hoe dit advies van deRli wordt opgepakt? Misschien kan dat ook in combinatie met watmevrouw De Vries al noemde over dat er geld op de plank blijft liggenterwijl er nog allerlei zaken geregeld moeten worden.Voorzitter. De maatregelen en investeringen die nu zijn genomen, vormeneen eerste stap in de goede richting. Tegelijkertijd laat het rapport van deCommissie sociaal minimum Caribisch Nederland zien dat er nog veelwerk te doen is. Daarom moedigt BBB het kabinet aan om door te gaan enextra aandacht te besteden aan de bestaanszekerheid van de inwonersvan Caribisch Nederland. Gezien het enthousiasme waarmee de Staatsse-cretaris terugkwam van zijn werkbezoek en de vele berichten die hijdaarover gedeeld heeft, kan ik de aanwezige Kamerleden en de mensenop de BES-eilanden verzekeren dat dit al zijn aandacht heeft.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 610 Tegelijkertijd moet er meer nadruk komen op de eigen kracht en de bredewelvaart van de eilanden. Het gaat namelijk om meer dan alleeneconomie. Het gaat ook om het behoud van natuur, cultuur en erfgoed,ruimte voor persoonlijke ontwikkeling en het versterken van lokaleidentiteit. Daarom vragen wij de Staatssecretaris welke maatregelen hijkan en gaat nemen om de inwoners van de BES-eilanden meer kansen tegeven om zelf in hun inkomen te voorzien, bijvoorbeeld via opleidingen,werk of ondernemingen. Hoe zorgt het kabinet ervoor dat de inzet nietalleen draait om geld en economie, maar ook bijdraagt aan bredewelvaart en behoud van wat de eilanden uniek maakt?Naast het op orde krijgen van goede infrastructuur en voorzieningen, ishet versterken van het lokale bestuur en de representatie op deBES-eilanden een belangrijke voorwaarde voor een goede samenwerkingen verdere ontwikkeling. Daarom steunt BBB de versnelling van deverhoging van het aantal leden van de eilandsraden en bestuurscollegesvan Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Deze maatregel draagt bij, volgensons in ieder geval, aan betere representatie en meer bestuurskracht ensluit ook aan bij de gemaakte bestuurlijke afspraken. Wij vinden hetbelangrijk dat dit voortvarend opgepakt wordt, zodat de wijziging tijdigvoor de verkiezingen van maart 2027 kan ingaan. Toch zien we dat deuitvoering op de eilanden vaak vastloopt door een gebrek aan mensen enopenstaande vacatures op belangrijke plekken. Hoe kan de Staatssecre-taris er concreet voor zorgen dat de geplande uitbreiding van het aantalleden in de eilandsraad en het bestuurscollege ook echt leidt tot meerrepresentatie en bestuurskracht, zonder dat het bestuur juist zwakkerwordt door een tekort aan personeel en ondersteuning? Welke blijvendemaatregelen neemt de Staatssecretaris om te zorgen dat er niet alleenmaar meer zetels komen, maar ook voldoende ambtelijke ondersteuningen bezette functies, zodat deze besturen goed kunnen werken?Tot slot. Het is onze taak om te zorgen voor sterke en transparantebesturen, een eerlijk sociaal minimum, goede voorzieningen en eenbetrouwbare rechtsstaat op de eilanden. Alleen zo kunnen Bonaire,Sint-Eustatius en Saba zich ontwikkelen en bijdragen aan een krachtig enverenigd Nederlands Koninkrijk.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, meneer Vermeer. Omdat mevrouw Bruyning zo weggaat, zouik het voorzitterschap graag over willen geven aan de heer Bamenga,zodat ik mijn bijdrage namens de ChristenUnie kan doen.Voorzitter: BamengaDe voorzitter:Dank u wel. Nu is de heer Ceder van de ChristenUnie aan het woord.De heer Ceder (ChristenUnie):Dank u wel, voorzitter. De inwoners van Bonaire, Sint-Eustatius en Sabazijn volwaardige Nederlanders. Dat betekent dat ze mogen rekenen opbestaanszekerheid, veiligheid en zorg, net als Europees Nederland. Maarde werkelijkheid is helaas vaak anders en daarom zijn de aankomendeverkiezingen in Nederland ook zo belangrijk voor de mensen op de BES.Het wordt tijd dat de BES als volwaardig wordt gezien in woord en daad.In de afgelopen vier jaar heb ik gezien dat de oplossingen vaak niet liggenin te hoge kosten, want de begroting en de opgave voor de commissievoor Koninkrijksrelaties zijn relatief klein en beperkt. Het is geen kwestievan niet kunnen of te duur. Het is een kwestie van politieke wil. Juistdaarom benoem ik deze punten. Het is belangrijk dat de politieke wil in deKamer verhoogd wordt op een flink aantal punten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 611 De kosten van levensonderhoud zijn hoog, terwijl de inkomens achter-blijven. Voor veel gezinnen is het leven niet betaalbaar. Daarom wil deChristenUnie dubbele importtarieven schrappen, de lokale productie vanvoedsel, energie en drinkwater versterken en inkomens structureelverhogen. Mensen moeten gewoon kunnen rondkomen als ze werken enniet standaard twee of drie banen hebben. Daar hoort wat ons betreft ookeen WW-regeling bij voor de BES en het gelijktrekken van de onderstanden de AOV met Europees Nederland. Mijn vraag aan de Staatssecretaris iswelke van deze maatregelen al in de pijpleiding zitten en of hij het met meeens is dat het relatief weinig middelen kost en dat het een kwestie is vaneen politieke afweging. Welke afweging maakt de Staatssecretaris dan?Voorzitter. Bestaanszekerheid gaat niet alleen over geld. Het gaat er ookom dat gezinnen zonder voortdurende zorgen kunnen leven. Die zorgenzijn er. Die zorgen raken diep in het gezinsleven, maar zorgen ook voormoeilijke vraagstukken en dilemma’s. Het aantal zwangerschapsafbre-kingen op de BES is bijvoorbeeld heel hoog. We willen daarom betereondersteuning van jonge ouders, met meer hulp voor zwangere vrouwenen ook goede voorlichting. Elk gezin verdient steun en elk kind verdienteen kans, ook op de BES.Voorzitter. Daarnaast staat de leefomgeving op de eilanden onder druk.Het College voor de Rechten van de Mens wees er gisteren nog op.Afvalverwerking – we hebben de situatie bij Selibon gezien en het punt isook door mijn collega’s benoemd – kusterosie, vervuiling en overbe-grazing bedreigen natuur en gezondheid op alle drie de eilanden.Milieubescherming is geen luxe, het is een verplichting. Het is eenmensenrechtelijke opdracht. Daarom vraag ik aan de Staatssecretariswelke stappen hij naar aanleiding van de analyse van het College voor deRechten van de Mens ziet en wil gaan oppakken.Voorzitter. Ook veiligheid vraagt om actie. Er is meer politiecapaciteitnodig. We hebben hier eerder debatten over gehad. De ChristenUnie heefteerder al opgeroepen om een tbs-kliniek in het Caribisch deel van hetKoninkrijk op te zetten, waardoor we gevangenen niet over hoeven tebrengen of waardoor er daar gebrek aan goede zorg is. Ratificatie van hetVerdrag van Istanbul is cruciaal om huiselijk geweld en kindermishan-deling beter aan te pakken.Voorzitter. We hebben het nog niet over een ander relevant punt gehad.De voorzitter:Sorry, er is een vraag van de heer Van Haasen.De heer Van Haasen (PVV):Ik zat even naar de verkeerde voorzitter te seinen. Excuus daarvoor. Ik hebeen vraag aan de heer Ceder. Hij had het over het gelijktrekken van deonderstand en de AOV met Europees Nederland. Vindt hij ook dat deAOV-leeftijd gelijkgetrokken moet worden met Europees Nederland?De heer Ceder (ChristenUnie):Ik vind dat een aantal onderdelen gelijkgetrokken moet worden, ook dezeonderdelen. Dat vraagt er, zoals mevrouw De Vries zei, om dat de kostenomlaaggaan. Wij zijn er dus voor om het inkomen te verhogen tot eentoereikend inkomen. Daar staat tegenover dat je ook de kosten moetverlagen. Het is vrij logisch om de onderstand gelijk te trekken, omdat hetleven op de BES-eilanden duurder is. Wij trekken minder geld uit voormensen voor wie het leven duurder is. Als wij vinden dat een x-aantaleuro nodig is om rond te kunnen komen in Nederland en als we dat niettoepassen op de BES, dan is de gevolgtrekking dat er sprake is vanongelijkheid. Dat kan gerechtvaardigd zijn, maar dat is in dit geval niet zo.Het zal stap voor stap gaan. Het is wetgeving. De AOV hoort daar wat onsbetreft bij. Dat zijn stappen die de komende jaren gezet moeten wordenom ervoor te zorgen dat je het evenwicht met elkaar bewaakt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 612 De voorzitter:Een vervolgvraag van de heer Van Haasen.De heer Van Haasen (PVV):Ik vraag eigenlijk heel simpel: is hij ook voor het verhogen van deAOV-leeftijd op de BES-eilanden? Ze mogen nu met 65 met pensioen enwij hier in Nederland met 67, zelfs oplopend tot 68 jaar. Mijn vraag is dusof hij ook wil dat de mensen op de BES-eilanden tot hun 67ste of 68stemoeten werken.De heer Ceder (ChristenUnie):Ik heb deze vraag al beantwoord. Ja, dat moet je gelijktrekken. Ik probeertegelijkertijd aan te geven dat je dat niet morgen moet doen, maar dat ereen aantal facetten is, een aantal knoppen waar je aan moet draaien, omervoor te zorgen dat je tot gelijkwaardige regelingen komt. Ik ben er nietvoor dat je alle regelingen een-op-een kopieert, maar daar waar er eenverschil is dat niet uit te leggen is en ook niet gerechtvaardigd is – u wijster op een – zal je dat gelijk moeten trekken. Dat zal je wel in fases moetendoen. Ook het sociaal minimum passen we in etappes en fases aan. Zobewaak je het evenwicht. Ik heb voor de tweede keer antwoord op uwvraag gegeven, maar ik probeer ook te schetsen dat er veel meer nodig is,waarop ik de PVV in de afgelopen jaren te weinig thuis heb zien geven,bijvoorbeeld wat betreft het sociaal minimum. Ik benoem het om de PVV,als grootste partij van het land, hopelijk mee te krijgen om op alleonderdelen stappen te zetten, zodat we recht doen aan de inwoners op deBES.De voorzitter:Oké. Er zijn volgens mij geen andere interrupties meer. Dan geef ik hetvoorzitterschap terug aan de heer Ceder. O, nee, de heer Ceder is nog nietklaar. Vervolgt u uw bijdrage.De heer Ceder (ChristenUnie):Ja, voorzitter. Er is meer veiligheid nodig. Die wordt onder andere bereiktdoor het Verdrag van Istanbul te ratificeren. Dat is cruciaal om kindermis-handeling en huiselijk geweld beter aan te pakken.Voorzitter. Er is onrust bij de zeegrens met Venezuela. Er zijn marine-schepen, Amerikaanse oorlogsschepen, in de buurt van de eilanden. Datroept zorgen op, ook door de retoriek van president Trump. Dat heeft nietalleen effect op Curaçao, maar ook op Bonaire, dat een directe zeegrensheeft met Venezuela. Deze situatie is ernstig. Ik hoor graag van deStaatssecretaris welke stappen er gezet worden, mocht er verdergeëscaleerd worden. Volgens mij is ook dit een rechtstreeksebevoegdheid en verantwoordelijkheid van het kabinet in Nederland. Wewillen voorkomen dat Bonaire, maar ook de andere eilanden, ongewild ineen geopolitiek conflict worden meegesleurd.Voorzitter. Ten aanzien van goed bestuur zijn een aantal vragen gesteld.We hebben met verbazing kennisgenomen van de ontwikkelingen, metname die op Bonaire. Ik moet ook zeggen dat de manier van hetopstappen van twee gedeputeerden, mevrouw Cicilia en mevrouw DenHeyer, niet de schoonheidsprijs verdient. Ik vroeg me af of de rust isteruggekeerd en welke stappen de Staatssecretaris ten aanzien van hetgoed bestuur nog verder wil zetten.Tot slot, voorzitter. De ChristenUnie wil dat de inwoners van Bonaire,Sint-Eustatius en Saba voelen dat Nederland hen ziet en hoort, maar ookbeschermt. Dat vraagt niet alleen mooie woorden, maar ook concretedaden. Daarom heb ik de vraag, vooruitlopend op Prinsjesdag, of deStaatssecretaris kan verzekeren dat er ten aanzien van de onderdelen dieik maar ook mijn collega’s genoemd hebben een significante verbeteringin het vooruitzicht wordt gesteld voor de mensen op de BES.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 613 Dank u wel.De voorzitter:Oké. Ik zie verder geen interrupties meer, dus dan geef ik het voorzitter-schap weer terug aan de heer Ceder.Voorzitter: CederDe voorzitter:Dank u wel, oud-voorzitter. U heeft het voortreffelijk gedaan. Wij gaanschorsen. Ik vraag de Staatssecretaris hoeveel tijd hij nodig heeft. Eenhalfuur. Het is nu 13.42 uur. Dat rond ik af naar 13.40 uur. Dat betekent datwij om 14.10 uur doorgaan met elkaar. Ik schors de vergadering.De vergadering wordt van 13.42 uur tot 14.10 uur geschorst.De voorzitter:Dank, allen. Iedereen is weer gearriveerd, ook de Staatssecretaris. Dan zouik graag de Staatssecretaris het woord willen geven. Ik wil afspreken datwe maximaal vier interrupties toelaten in deze termijn. Dan kijken we hoehet verdergaat. Aan de Staatssecretaris het woord.Staatssecretaris Van Marum:Dank u wel, voorzitter. Bon dia, good morning, voor iedereen die kijkt,maar ook voor de commissieleden. Ik dank hen voor hun inbreng. Laat ikbeginnen met het volgende. Dit is mijn eerste debat over Koninkrijksre-laties, in dit geval over Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. In de afgelopenmaanden heb ik mij natuurlijk met volle inzet verdiept in de dossiers enheb ik vooral geluisterd. Ik heb geluisterd naar inwoners. Ik heb geluisterdnaar collega’s. Ik heb geluisterd naar de bestuurders op de eilanden. Ditheb ik al kunnen doen op mijn kennismakingsreis naar Aruba, Curaçao enSint-Maarten.Mevrouw De Vries vroeg wat mij daar was opgevallen. Vroeger op schoolleerde je over de Nederlandse Antillen. Dat heb ik in het verleden geleerd.Ik had daar altijd een voorstelling bij als de eilandengroep die we bovenNederland hebben, mooi dichtbij. Die gedachten had ik erbij. Maar als jedan op die eilanden komt en in die landen komt, blijkt dat echt heel anderste zijn. Elk land heeft zijn eigen dynamiek, zijn eigen mooie dingen, maarook zijn eigen beperkingen, een zeer klein bestuur, zeer kleine ambtelijkeondersteuning en heel grote opgaven, die wel een aanpak vergen. Dat kanniet altijd de aanpak zijn die wij hier in Nederland hebben. Als we goedluisteren naar elkaar en vanuit de verbinding proberen te werken, dankunnen we heel mooie dingen doen.Volgende maand breng ik mijn eerste bezoek aan Bonaire, Sint-Eustatiusen Saba. Ik heb dat bewust naar voren gehaald, want ik heb gezien hoebelangrijk het is om daadwerkelijk met eigen ogen te zien en te horen water op de eilanden speelt, te zien waar de mensen behoefte aan hebben omtot een goede samenwerking te komen om verder te kunnen. Hoewel iknieuw ben in deze rol, voel ik een sterke verbinding met deze delen vanhet Koninkrijk. Ik kom zelf uit Groningen. Groningen heeft ook niet altijdeen even goede relatie met Den Haag gehad. Ik zit in Den Haag voorGroningen, maar nu ook voor de Koninkrijksrelaties. Als we die goedecohesie en een goede verbinding weer met elkaar kunnen krijgen, dankunnen we daar in samenwerking echt mooie dingen doen.Ik wil graag voortbouwen op het werk dat al verzet is in de gemaaktebestuursafspraken. Daarin worden uitvoering en handhaving van wet- enregelgeving verder uitgewerkt, versterkt en geborgd. We werken ook aande grote opgaven waar we voor staan. Dat vraagt om continuïteit, omsamenwerking en om vertrouwen en oog voor de lokale omstandighedenvan Bonaire, van Sint-Eustatius en van Saba. Dat geldt ook voor hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 614 versterken van het goed bestuur, solide overheidsfinanciën en hetbevorderen van de economische weerbaarheid van de eilanden.Graag neem ik u mee naar een aantal ontwikkelingen rond Bonaire,Sint-Eustatius en Saba. De Kamer heeft recent de Agenda Goed BestuurCaribisch Nederland ontvangen. Deze agenda is een belangrijke stap inonze gezamenlijke inzet voor een overheid die presteert en betrouwbaar isvoor haar inwoners. Voorbeelden van deze aanpak zijn de ondersteuningvan het kabinet en van de gezaghebbers, het versterken van de wettelijkekaders, zoals in de in voorbereiding zijnde Algemene wet bestuursrechtBES. Werken aan het verbeteren van het bestuur vergt een lange adem.Tegelijkertijd is het van belang om toe te werken naar een concreetperspectief voor inwoners op basis van concrete haalbare mijlpalen.Ondanks de grote uitdaging die ik in de uitvoering zie, zie ik ook dat erpositieve resultaten zijn behaald op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. OpSint-Eustatius heeft de uitvoering van het financieel verbeterplan geleidtot het afgeven van een goedkeurende accountantsverklaring. Hiermeebeschikken alle drie de openbare lichamen over een goedkeurendeaccountantsverklaring. Dat is een belangrijke stap in het verbeteren vanhet financieel beheer.Verder verken ik de financieringsmogelijkheden om de ferryverbindingtussen Sint-Maarten, Sint-Eustatius en Saba en omliggende eilanden tecontinueren, zodat deze eilanden goed bereikbaar blijven voor eigeninwoners, ondernemers en toeristen. Ik informeer u hier op korte termijnover.Het is bekend dat de eilanden te kampen hebben met onvoldoendeuitvoeringscapaciteit. Mijn ministerie heeft daarom diverse initiatieven terondersteuning ontwikkeld om de uitvoeringscapaciteit te versterken.Tegelijkertijd vraagt de beperkte uitvoeringscapaciteit ook om serieuzeaandacht en concrete stappen in het rijksbeleid. Haagse initiatieven enambities moeten beter geprioriteerd en gefaseerd worden, want niet alleskan tegelijk. Ik ga daarom bezien waar slimme koppelkansen kunnenworden gemaakt in de inzet van de verschillende ministeries om zo ook desamenhang van beleid te verbeteren en de verantwoordingslasten van deeilanden te beperken.Het versterken van economische weerbaarheid vraagt ook om praktischestappen. Ik noem er graag twee. Ik ben heel blij met het voornemen vande ING om zich in 2026 te vestigen op Saba en Sint-Eustatius. Binnen derijksoverheid is er ook hard gewerkt om dit mogelijk te maken. Ook DeNederlandsche Bank zal nog dit jaar geldautomaten openen op deeilanden. Daarnaast werk ik aan het vergroten van de weerbaarheid vande eilanden door te investeren in voedselzekerheid. Het kabinet heefthiervoor 24 miljoen euro beschikbaar gesteld voor alle zes de eilanden. Ikwil hierbij ook inzetten op het versterken van de private sector met eenrevolverend fonds om toegang tot kapitaal voor ondernemers te facili-teren. Er komt een (agri)academy, gericht op kennisontwikkeling, businessdevelopment en innovatie, en er komen directe subsidies die bijdragenaan lokale overheden. Het streven is om de stichting en het loket voor allelokale overheidsinitiatieven begin ’26 open te stellen.Als laatste heb ik de Kamer geïnformeerd over de laatste stand van zakenmet betrekking tot de afvalverwerking bij Selibon Lagun. Het is duidelijkdat daar nog heel veel moet gebeuren en dat de situatie nog steedszorgwekkend is. Ik onderstreep ook de noodzaak van effectief endaadkrachtig bestuur als het gaat om milieubescherming en volksge-zondheid. Ik zal hier ook met de inwoners over in gesprek gaan tijdensmijn kennismakingsreis in Bonaire. Hierbij is het wel belangrijk dat deprimaire verantwoordelijkheid ligt bij het bestuurscollege, en van hetbestuurscollege wordt ook verwacht dat er structurele verbeteringendoorgevoerd worden op basis van het huidige verbeterplan. Het is goeddat de Rijksvertegenwoordiger hier toezicht op houdt. Ook de ILT heefteind september een nieuwe inspectie ingepland bij Selibon Lagun.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 615 Dan ga ik nu over tot de beantwoording van de vragen. Dat ga ik doen ineen aantal blokjes: goed bestuur, comply or explain en financieel beheer;WolBES en FinBES; fysieke leefomgeving; Selibon; sociaal domein enoverige belangrijke onderwerpen.Dan ga ik naar de vragen over goed bestuur. Ik zal ze samen beant-woorden in dit blokje. Ik heb deze week de Agenda Goed BestuurCaribisch Nederland naar de Kamer gestuurd. In deze Kamerbrief geef ikweer op welke wijze ik in nauwe samenwerking met eilandbesturen dekomende periode werk aan goed bestuur in Caribisch Nederland, wat deinzet is en welke mijlpalen en resultaten daarbij horen. Deze agenda is eenbelangrijke stap in de gezamenlijke inzet voor een overheid die presteerten betrouwbaar is voor haar inwoners. Dit is belangrijk voor zowel hetEuropees als het Caribisch deel van Nederland. Het is van belang om decontinuïteit van het bestuur en de samenwerking voort te zetten op deurgente dossiers. We mogen van de eilanden dezelfde integriteitverwachten als van de gemeenten in Europees Nederland. Ik vind hetbelangrijk om samen met de eilanden verder te werken aan de eilandelijkeaanpakken van goed bestuur. Dat vergt gesprekken. Die gaan we gewoonvoeren met elkaar, met open vizier. We gaan kijken hoe we elkaar daarinkunnen ondersteunen, maar ook kunnen wijzen op het belang ervan.Dan ga ik nu over op de beantwoording van de concrete vragen. MevrouwBruyning van NSC vroeg: «Hoe gaat u ervoor zorgen dat de input van deeilanden bij het Belastingplan dit jaar wel serieus wordt meegenomen?Kan de wetgevingstoets al voor de verkiezingen worden verankerd?» Ervindt continu overleg plaats met de eilanden. Zo zijn ook deze week deambtenaren van Financiën op Bonaire voor overleg. Overigens is er geenbelastingplan voorzien voor 2026. Alleen eventuele maatregelen tenaanzien van de koopkracht zijn nog denkbaar. Die komen net als voorEuropees Nederland naar buiten met Prinsjesdag. Er wordt al gewerkt aande Fiscale verzamelwet BES 2027. De hierin genoemde maatregelen zijnop dit moment in internetconsultatie. Binnen de VNG Caribbean Deskworden nu twee uitvoeringstoetsen uitgevoerd die zijn gericht op deuitvoerbaarheid van wetsvoorstellen binnen de eilandelijke context.Hierbij werken we nauw samen met de eilanden. Het is nog te vroeg omdeze uitvoeringstoetsen in wetgeving te verankeren.Dan een vraag over comply or explain. «Kan de Staatssecretaristoezeggen dat de eilanden structureel worden betrokken bij beleid dat hendirect raakt?» Ik heb de Kamer 20 juni jongstleden een brief gestuurd overde stand van zaken rond de implementatie van het principe comply orexplain en hoe ik dat in het vervolg beter wil gaan waarborgen. Hetstructureel betrekken van Bonaire, Sint-Eustatius en Saba bij beleid enwetgeving is daarbij ook essentieel. Het blijft tegelijkertijd altijd eenuitdaging om een goede balans te vinden tussen goede betrokkenheidvan het eilandbestuur en het overdragen van deze kleinere organisaties.Zo werk ik de komende periode toe naar een samenwerkingsovereen-komst met de eilanden, waarbij een permanente vertegenwoordiging inDen Haag wordt gerealiseerd. Deze vertegenwoordiging garandeert dat debetrokkenheid van de eilanden wordt geborgd. Daarbij is de inzet van deeilanden zelf ook van groot belang. Daarnaast zijn er een aantal andereinitiatieven om de eilanden te betrekken bij beleid en wetgeving.Voorbeeld daarvan zijn de VNG Caribbean Desk en het verder versterkenvan de uitvoeringskracht.Dan had ik nog een vraag van de heer Bamenga. «Graag een toelichtingvan de Staatssecretaris waarom dit inconsistent en selectief wordttoegepast.» Comply or explain gaat ervan uit dat in beginsel alle nieuwewet- en regelgeving in beleidsintensivering ook voor Bonaire,Sint-Eustatius en Saba geldt, tenzij er onderbouwde redenen zijn omhiervan af te wijken. Dat betekent inderdaad dat afwijkingen gemotiveerdmoeten worden. Ik heb de Kamer op 20 juni jongstleden een briefgestuurd met een stand van zaken rond de implementatie van het principeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 616 comply or explain en hoe ik dat in het vervolg beter wil gaan waarborgen.Onderdeel van mijn inzet is dat «explain» in het vervolg beter enconsequenter wordt gemotiveerd.Dan had ik de vraag van mevrouw De Vries over het financieel beheer vanBES. «Het financieel beheer is ook nog steeds onder de maat. Wat gaat deStaatssecretaris ondernemen?» Ondanks het feit dat Bonaire,Sint-Eustatius en Saba beschikken over een goedkeurende accountants-verklaring, zijn verbeteringen van het financieel beheer nodig, in hetbijzonder bij Bonaire en Sint-Eustatius.De voorzitter:Voordat u doorgaat, heeft u een interruptie van mevrouw Bruyning. Diewil ik graag toestaan.Mevrouw Bruyning (NSC):Ik wil nog even terugkomen op de uitvoeringstoets. De Staatssecretarisgeeft aan dat het te vroeg is om deze wettelijk te verankeren. Dat kan ikbegrijpen. Kan de Staatssecretaris een tijdlijn geven waarin hij van plan isom deze uitvoeringstoets grondig te evalueren en bij te stellen indiennodig?Staatssecretaris Van Marum:Dat zal ongeveer midden volgend jaar zijn.De voorzitter:De heer Bamenga heeft ook een interruptie.De heer Bamenga (D66):Dank u wel voor de beantwoording van de vraag rondom comply orexplain. Ik begrijp heel goed dat de Staatssecretaris aangeeft dat hij datbeter gaat doen en ook consistenter gaat uitleggen. Ik viel even over dewoorden «nieuwe regelgeving». Ik dacht dat het niet alleen maar overnieuwe regelgeving gaat, maar ook over andere regelgeving. Zou deStaatssecretaris ook wat meer daarover willen vertellen en willen kijken ofdaar wat meer prioriteit aan gegeven kan worden en niet alleen aan denieuwe regelgeving?Staatssecretaris Van Marum:Dat zou ik met alle plezier doen, maar daar moet ik me eerst even inverdiepen voordat ik daar goed antwoord op kan geven.De voorzitter:Dat is goed. De vraag is dan wel wanneer u daarop terug kunt komen. Datkunt u ook schriftelijk doen. Dan ga ik het wel als een toezegging noteren.Staatssecretaris Van Marum:Ik wil daar graag na mijn reizen, wanneer ik daar geweest ben, schriftelijkop reageren.De voorzitter:Dat is goed. Dan noteren we dat als een toezegging. U kunt uw betoogvervolgen.Staatssecretaris Van Marum:Ik was gebleven bij de beantwoording van de vragen over het financieelbeheer BES. Ondanks het feit dat Bonaire, Sint-Eustatius en Sababeschikken over een goedkeurende accountantsverklaring, zijn verbete-ringen van het financieel beheer nodig, in het bijzonder voor Bonaire enSint-Eustatius. Bonaire en Sint-Eustatius hebben dit ook ingezien enhebben verbeterplannen financieel beheer opgesteld. Deze plannenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 617 moeten eind ’25 zijn uitgevoerd. Ik ben positief over de inzet en ik volg deuitvoering van die plannen nauwlettend. Als daar hulp bij nodig is, zullenwe die bieden.Dan maatregelen goed bestuur. Daar had mevrouw De Vries een vraagover. «Er wordt een groot aantal maatregelen gepresenteerd, veel wettenen regels, maar het gaat uiteindelijk ook om cultuur. De VVD wil wetenhoe de Staatssecretaris die gaat veranderen. Welke waarborgen kunnenhiervoor ingebouwd worden, ook ambtelijk, bijvoorbeeld door hetrouleren van ambtenaren? Maar het duurt allemaal veel en veel te lang,ook vanuit Nederland.» Werken aan het bevorderen van goed bestuurvergt een lange adem en heeft zeker ook te maken met een cultuurveran-dering. Er is natuurlijk ook meer nodig. Ik wil vaart maken met hetbevorderen van goed bestuur. De beperkte uitvoeringscapaciteit van deeilanden in de lokale context moet je absoluut ook meenemen. Hetdualisme is daar nog steeds niet volledig ingeburgerd. Dit moet ookworden gezien als een groeiproces. Ik ben ervan overtuigd dat de AgendaGoed Bestuur een positieve verandering zal brengen. De kracht van dezeagenda zit ’m erin dat wij aansluiten bij de lokale context in de lokaleaanpak voor goed bestuur en dat we die ondersteunen, dat het eenkabinetoverstijgende agenda is, waardoor de inzet meer samenhang krijgten politiek-bestuurlijk vast kan worden gehouden en ik de voortgangnauwlettend zal monitoren. Als daar zaken niet goed gaan, dan zal ik deeilanden daar ook op aanspreken.Even daarop terugkomend: kortgeleden werd in een rapport gezegd dat erop zich geen grote schendingen zijn, maar dat er ook bepaalde gewoontenzijn, waar mensen misschien geen kwaad in zien en waar ze ook nikskwaads mee bedoelen, maar die wel zo gezien kunnen worden. Ik denkdat het ook een stukje bewustwording is naar beide kanten: let op, als jedit soort dingen doet, dan kan dat ook zo’n afstraling hebben op jebestuurlijke positie. Dat zal ik meenemen. Ik zal dat uitleggen en kijken ofwe daar verbetering in aan kunnen brengen.De Wet Bibob geldt nog steeds niet voor de BES. Daar vroeg mevrouw DeVries naar. De Wet Bibob BES valt onder de verantwoordelijkheid van deMinister van Justitie en Veiligheid. Er is dit jaar gewerkt aan de voorbe-reiding. Het is belangrijk dat het geregeld wordt. Inmiddels is hetwettraject gestart. De komende tijd wordt benut om de specifiekebehoeften van de BES-eilanden door te vertalen naar een concreetwetsvoorstel. Over de voortgang blijven de Minister van JenV en ik deKamer geregeld op de hoogte houden. Ik zal ook proberen de druk erop tehouden om te kijken of we die zo snel mogelijk kunnen implementeren.Dan heb ik een vraag van de heer White van GroenLinks-PvdA overinternationale verdragen voor de BES. «Hoe gaat het kabinet waarborgendat de rechten van de eilanden snel worden versterkt? Wanneer gaan deeerdergenoemde verdragen nou eindelijk gelden voor de BES? Kan hetkabinet toezeggen of het vanaf nu duidelijker en transparanter kan zijnwanneer er gekozen wordt voor explain?» Er wordt op dit momentgewerkt aan de voorbereiding van de aanvaarding van het Verdrag vanIstanbul voor Caribisch Nederland. Ook de heer Ceder stelde hier eenvraag over. Het Ministerie van VWS bereidt samen met de Ministers enMinisteries van JenV, OCW, SZW en BZK in de openbare lichamen eenbestuursakkoord voor, gericht op de verdere implementatie in degedragsvereisten op basis van een gemeenschappelijke visie op deaanpak van huiselijk geweld, kindermishandeling en geweld tegenvrouwen. Het Ministerie van JenV heeft in kaart gebracht welke wettelijkehiaten openstaan en bereidt volgend jaar samen met andere ministeriesde benodigde wetgeving voor. Daarnaast wordt gewerkt aan eengeleidelijke implementatie en vervolgens ook medegelding van hetVN-verdrag Handicap in Caribisch Nederland. Momenteel onderzoeken debetrokken ministeries nog welke verdere stappen hiervoor gezet moetenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 618 worden. De Staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport zal de Kamerhierover dit najaar per brief nader informeren.Wat betreft de vraag of het kabinet kan toezeggen duidelijker en transpa-ranter te zijn over explain verwijs ik naar mijn eerder gegeven antwoord.Daar zal ik de komende tijd meer aandacht aan besteden.De voorzitter:Dank u wel. Ik heb daar zelf als Kamerlid een vraag over. Ik wil graag hetwoord geven aan de heer Bamenga om mij de ruimte te geven deinterruptie te plaatsen.Voorzitter: BamengaDe voorzitter:Dank u wel. Ik wil graag het woord geven aan de heer Ceder, omdat hijeen vraag heeft.De heer Ceder (ChristenUnie):De Staatssecretaris stelt ten aanzien van het ratificeren dat geïnventari-seerd wordt wat er gedaan moet worden, welke hiaten er zijn en dat datwordt aangepakt. Ik vind dat prijzenswaardig, want er zijn veel verschillenin wetgeving en veel hiaten ten aanzien van Europese wetgeving. Ikbegrijp de redenering niet dat we daarop moeten wachten alvorens weovergaan tot ratificatie. Volgens mij hebben wij dat ook niet gedaan toenwij voor het Europees deel van Nederland de ratificatie in orde maakten.Het is volgens mij een teken van urgentie en ernst, juist ook door alleincidenten van de afgelopen weken, om te zeggen: wij ratificeren. Volgensmij kan dat vandaag als de Staatssecretaris dat wil. En omdat hetgeratificeerd is, kunnen we dezelfde stappen en commitment uitzetten.Mijn vraag is of de Staatssecretaris niet de urgentie voelt om juist nu teratificeren en daarmee ook het signaal af te geven dat het heel belangrijkis dat we huiselijk geweld en andere vormen van geweld ook op de BESgaan aanpakken.Staatssecretaris Van Marum:Dank u wel voor de vraag. Ik denk dat ik in mijn beantwoording van devragen ook de urgentie wel heb laten doorklinken. Er zitten aan dit soortzaken natuurlijk ook een aantal praktische aspecten. Het is een traject datloopt over meerdere ministeries. Ik denk dat dat ook een van de redenenkan zijn waarom er nog wat vertraging op zit. Ik moet me er nog even inverdiepen waarom het op deze manier gaat, maar weet wel dat het mijnaandacht in elk geval heeft, want dit zijn belangrijke thema’s die ook opCaribisch Nederland goed geïmplementeerd moeten worden.De voorzitter:Een vervolgvraag van de heer Ceder.De heer Ceder (ChristenUnie):Ik zie en hoor ook uit de beantwoording dat het de Staatssecretaris aanhet hart gaat. Tegelijkertijd is mijn vraag niet beantwoord, namelijk watratificatie op dit moment belet als er al stappen gezet worden om dehiaten vast te stellen en de verplichtingen vanuit het verdrag na te komen.Volgens mij kan je zeggen: wij ratificeren dat. We ratificeren en erkennen,omdat we ratificeren, dat we stappen moeten zetten. Die zijn we nu aanhet nemen. Het gaat niet sneller, maar daar gaan we mee bezig. Daarmeedruk je ook wel de urgentie uit die, volgens mij ook de afgelopen wekenweer, heel belangrijk is en op de politieke agenda staat. Ik snap ook nietwaarom er voor deze route gekozen wordt. Ik begrijp dat daarmee destappen die nu al gezet worden niet versneld worden. Het zou denk ikgetuigen van urgentie en ernst om ook te zeggen: vanuit die gelijkwaar-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 619 digheid ratificeren we ook het Verdrag van Istanbul voor de mensen op deBES en we zijn al bezig om de verplichtingen die daaruit voortvloeien zosnel mogelijk in orde te maken. Is de Staatssecretaris bereid om in elkgeval in het kabinet te bespreken of dat een mogelijkheid is en daaropterug te komen?Staatssecretaris Van Marum:Nogmaals dank voor de vraag. Zoals ik ook gezegd heb, moet ik me ernog even nader in verdiepen. Dat beloof ik u ook. Ik zal ook bij VWSvragen hoe het zit. Ik zal u ook de toezegging doen dat ik er in mijn briefeven op terugkom.De voorzitter:De vraag is even: wanneer?Staatssecretaris Van Marum:Dat is na mijn bezoek aan de eilanden.De voorzitter:Dan zullen we dat ook noteren als ... Wanneer staat uw bezoek in deplanning?Staatssecretaris Van Marum:Ik heb nog één aanvulling. Ik maak een verzamelbrief van het aantaltoezeggingen dat ik hier doe om daar de Kamer over te informeren. Diezaken komen in die verzamelbrief terug.De voorzitter:Oké. De vraag is inderdaad nog steeds wanneer uw bezoek is.Staatssecretaris Van Marum:13 oktober ga ik erheen.De voorzitter:Dan wordt dit ook opgenomen als toezegging. En dan geef ik hetvoorzitterschap terug aan de heer Ceder.Voorzitter: CederDe voorzitter:Dank u wel, oud-voorzitter. Dank voor de gelegenheid. Dan wil ik graag deStaatssecretaris de gelegenheid geven om door te gaan.Staatssecretaris Van Marum:Dan heb ik nog een vraag van mevrouw De Vries over het WODC. HetWODC-rapport is in 2023 naar de Tweede Kamer gestuurd en op1 september jongstleden is de Agenda Goed Bestuur Caribisch Nederlandpas opgeleverd. Waarom duurt het zo lang voordat er een aanpak is? In2023 verscheen het WODC-rapport. In 2024 heeft mijn voorganger samenmet de Minister van Justitie en Veiligheid een beleidsreactie naar deKamer gestuurd. In deze beleidsreactie is aangegeven dat er extrawaarborgen voor integriteit worden gerealiseerd. Op alle niveaus zijn in2024 en 2025 ook verdere stappen gezet. Ik noem even dat in de AgendaGoed Bestuur al aanvullende acties zijn benoemd: inkoop- en aanbeste-dingsregels worden door de openbare lichamen vastgelegd met onder-steuning van het ministerie, melders van integriteitsschendingen,waaronder klokkenluiders, zullen beter worden beschermd en hiervoorloopt momenteel een onderzoek dat door mijn ministerie wordt bekostigd.Bonaire, Sint-Eustatius en Saba sluiten aan bij de Monitor Integriteit enVeiligheid. Dat is wat ik daar op dit moment over kan zeggen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 620 De voorzitter:Dat roept een interruptie op van de heer Van Haasen.De heer Van Haasen (PVV):We hebben gisteren die presentatie, of eigenlijk een technische briefing,gehad over dat rapport. Daarin werd specifiek gezegd dat juist op hetaanbestedingstraject geen enkele stap was ondernomen. Kan deStaatssecretaris dat nader verklaren?Staatssecretaris Van Marum:Inkoop- en aanbestedingsregels worden door de openbare lichamenvastgelegd met ondersteuning van mijn ministerie. Als daar zorgen overzijn, zal ik op mijn ministerie vragen ... Dat is werk in uitvoering, hoor iknet van mijn zijkant. Uw signaal is genoteerd en ik zal ernaar kijken.De voorzitter:Dank u wel. U kunt uw betoog vervolgen.Staatssecretaris Van Marum:Dan ga ik naar de beantwoording van de vraag over de WolBES enFinBES. Ik werk aan twee wetsvoorstellen tot wijziging van de Wetopenbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Eén wetsvoorstel, deHerzieningswet, ligt inmiddels in consultatie en één gaat voor advies naarde Raad van State. Ik vind het belangrijk om nu te zeggen dat ik uiteraardin goed overleg wil en ben met de eilandsbesturen. De Herzieningswet isook opnieuw in consultatie gegaan. Daarom kan ik ook over de laatstewijzigingen bestuurlijk overleg voeren met de BES als ik daar mijn bezoekbreng.Vooruitlopend daarop wil ik nog opmerken dat ik heb gemerkt dat ervragen zijn over het behouden van de functie van de Rijksvertegenwoor-diger. Er is ook irritatie over het eenzijdige besluit van mijn voorgangerom deze functie te behouden. Ik neem dit besluit wél over, maar ik vindhet belangrijk dat de functie deels anders wordt ingevuld. Het is belangrijkdat er een bestuurder in de regio is die toeziet op de taakuitvoering op deopenbare lichamen. Maar dat geldt ook in Europees Nederland. Deprovincie is hier vaak verantwoordelijk voor. Het is goed om iemand in deregio te hebben die een sparringpartner voor het lokaal bestuur kan zijn. Ikmoet het even opnieuw zeggen. Het is goed om iemand in de regio tehebben die sparringpartner voor het lokaal bestuur en zeker ook degezaghebber kan zijn. Met de Herzieningswet wil ik bereiken dat dewisselwerking tussen de BES en de Rijksvertegenwoordiger gaatverbeteren. De Rijksvertegenwoordiger bij het Rijk trekt vervolgens aan debel als de belangen van inwoners van de BES onvoldoende aandachtkrijgen in Den Haag. Dat moet hij namelijk ook doen. Hij vertegenwoordigtniet alleen de belangen van Den Haag; hij moet ook de belangen van deinwoners daar vertegenwoordigen. We moeten goed met elkaarbespreken hoe we die invulling geven aan die functie.Ik heb met de bestuurscolleges gesproken over de keuze om eenafzonderlijk wetsvoorstel te maken voor de verhoging van het aantalleden van de eilandsraden in bestuurscolleges. Ik merkte steun voor ditvoorstel, maar er waren ook vragen over de implementatie.De voorzitter:Gaat het over het vorige onderwerp? Oké, dan ga ik het toestaan. De heerVan Haasen heeft het woord.De heer Van Haasen (PVV):Ja, ik wil toch nog even terugkomen op de rol van de Rijksvertegenwoor-diger. Ik heb in mijn bijdrage wel duidelijk omschreven waarom wijvoorstander zijn van het behoud van die Rijksvertegenwoordiger. We zienTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 621 dat er juist op die eilanden veel aan de stoelpoten van zijn functie wordtgezaagd, omdat hij een waarnemende status heeft terwijl hij al sinds 2018deze functie bekleedt. Die functie blijft waarnemend, omdat het voortbe-staan van die functie ter discussie stond of staat. Mijn vraag is of deStaatssecretaris bereid is om de status van waarnemend eraf te halen,zodat het gewoon een structurele baan, een structurele rol is voor deRijksvertegenwoordiger.Staatssecretaris Van Marum:Het wordt een structurele rol.De voorzitter:Een vervolginterruptie.De heer Van Haasen (PVV):Wordt dan in de toekomst dat waarnemend eraf gehaald? Dat is mijnvraag. Het zou wel prettig zijn. Hij is jarig vandaag, dus het zou misschienwel leuk zijn.Staatssecretaris Van Marum:Het gaat hier niet over de persoon; het gaat over de functie. Die functiewordt vast.De voorzitter:Dank u wel. U continueert.Staatssecretaris Van Marum:En ik feliciteer hem met zijn verjaardag bij dezen.Dan als laatste. Ik heb met de bestuurscolleges gesproken over de keuzeom een afzonderlijk wetsvoorstel te maken voor de verhoging van hetaantal leden van de eilandsraden in de bestuurscolleges. Ik merkte dat ersteun was voor dit voorstel, maar dat er ook vragen waren over deimplementatie. Ik heb daar oog voor en werk nu bijvoorbeeld met eenopleidingsprogramma om meer mensen te enthousiasmeren om actief teworden in het lokaal bestuur. Zo kunnen we ook de representatie van deinwoners verbeteren.Dan had ik een aantal vragen, onder meer van de heer White vanGroenLinks-PvdA, over de herziening WolBES en het behouden van defunctie Rijksvertegenwoordiger. We hebben nog een vraag over het feitdat deze Staatssecretaris de functie van Rijksvertegenwoordiger wilvoortzetten. Hierover is onvrede op de eilanden. Het vorige kabinet hadmede op advies van de Raad van State niet voor niets gekozen om dezefunctie te schrappen. Heeft de Staatssecretaris hier met de eilanden overgesproken en hoe gaat hij zich inzetten voor een breed gedragenoplossing?Zoals gezegd is dit wetsvoorstel nog in voorbereiding. Het ligt nu inconsultatie. Ik ben zeker van plan om met de bestuurscolleges van de BESin gesprek te gaan over de Herzieningswet tijdens de consultatie. De keuzeom de Rijksvertegenwoordiger te behouden, begrijp ik. De Rijksvertegen-woordiger moet ook opkomen voor de belangen van de bewoners van deBES als het Rijk hier onvoldoende aandacht voor heeft. Ik beschouw datook als een belangrijke voorwaarde voor succes. Ik vind het belangrijk omvan hén te horen hoe zij kijken naar het takenpakket in hun relatie met deRijksvertegenwoordiger. De functie moet wel veranderen: minderaandacht voor de eerdere coördinerende taak en meer aandacht voorgoed bestuur. Interbestuurlijk toezicht – wat ik de poortwachterfunctienoem – is het opkomen voor de belangen van de BES in Den Haagwanneer nodig.Bij de consultatie horen we ook de inbreng van anderen. Ook dezeinbreng vind ik van belang. De Rijksvertegenwoordiger heeft immers nietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 622 alleen een rol en taak in relatie tot de besturen van de eilanden, maar juistook voor die inwoners.De voorzitter:Dat levert een interruptie op van de heer White.De heer White (GroenLinks-PvdA):De gedachte om de rol van de Rijksvertegenwoordiger ooit af te schaffenwas onder andere om de praktijk wat toelaatbaarder te maken: hetverlenen van vergunningen, het benoemen van personeel, bureaucratieen dergelijke. Ik ben heel erg benieuwd hoe de Staatssecretaris ernaarkijkt op het moment dat besloten wordt om de functie van Rijksvertegen-woordiger te handhaven. Hoe gaat hij garanties geven over de mandaten,de verantwoordelijkheden en de bevoegdheden en de verdeling daarvan?Staatssecretaris Van Marum:Ik ga daar op dit moment niet verder op in, want dit zijn namelijk net degesprekken die ik ga voeren de komende tijd. Ik ga naar de eilanden toe. Ikga daar met de besturen spreken. Het is juist de bedoeling van dieconsultatie dat we daar een goede uitvoering aan geven met alle partijendie erbij betrokken zijn. Ik heb mijn zaken hier in Nederland; ik krijg vanmijn kabinet en van jullie als parlement de opdrachten. De eilandsradenen eilandsbesturen hebben dat ook. We moeten met elkaar de komendetijd bezien hoe we de invulling van die functie aan beide kanten totvoordeel kunnen laten komen. Die gesprekken ga ik de komende tijd aanen daar kom ik op enig moment op terug.De voorzitter:Is het een voorstel om de uitkomst daarvan mee te nemen in dieverzamelbrief?Staatssecretaris Van Marum:Nee, dat doe ik niet in die verzamelbrief. Dat doe ik bij de wetsbehan-deling.De voorzitter:De heer White heeft een antwoord? Ja. Dan wil ik u vragen om uw betoogte continueren.Staatssecretaris Van Marum:Dan kom ik nu bij het blokje fysieke leefomgeving Bonaire, Sint-Eustatiusen Saba. De laatste tijd heb ik, net als u, vernomen dat er grote opgavenzijn in de fysieke leefomgeving van Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Zowelde Raad voor de leefomgeving en infrastructuur, de Rli, als de Raad voorhet Openbaar Bestuur, de ROB, constateren dat er ondanks de inzet vanhet Rijk nog steeds sprake is van achterstanden in de fysieke leefom-geving. Daarbij spreekt de Rli van «in potentie onwenselijke verschillentussen Caribisch Nederland en Europees Nederland».Ik ben de Rli en de ROB ook erkentelijk voor de uitgebrachte adviezen enik ga met mijn collega-bewindspersoon in het kabinet serieus naar deaanbevelingen en adviezen kijken. Een goede fysieke infrastructuur ishartstikke belangrijk voor de leefbaarheid en de weerbaarheid tegenklimaatverandering en voor de economische ontwikkeling van deeilanden. Ik werk met mijn collega-bewindspersonen in het kabinet aaneen kabinetsreactie op deze adviezen. Ik hoop de Kamer in oktober ofuiterlijk november nader daarover te kunnen informeren.Dan ga ik nu graag in op de concrete vragen. De heer White en de heerVermeer hadden een vraag over comply or explain in relatie tot hetRli-rapport. Zij maken zich zorgen over het feit dat onder het principecomply or explain vooral nieuwe wetgeving valt, maar dat reedsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 623 bestaande wetgeving stapsgewijs wordt aangepast. Ook gaan ministeriesverschillend om met comply or explain. Volgens de Rli schiet met namedat in het fysieke domein ernstig tekort. De ROB zegt dat het Rijk meerbetrokken moet zijn bij het de grootschalige infrastructurele projecten. Ditalles vergroot de achterstand van de BES-eilanden ten opzichte vanEuropees Nederland. Wat gaat het kabinet hier concreet aan doen?Ik ben de Rli erkentelijk voor het advies en zal serieus bekijken hoe dieaanbevelingen ook ten aanzien van comply or explain vorm gaan krijgen.Ik wil daarbij in samenspraak met mijn collega-bewindspersonen bekijkenwaar er sprake is van achterstallige of bestaande wetgeving die voor deBES nog moet worden ingevoerd of herzien. Ik werk met mijn collega-bewindspersonen in het kabinet ook aan een kabinetsreactie op dit adviesen op het advies van de Raad voor Openbaar Bestuur over financieringopgaven infrastructuur Caribisch Nederland. Ik zal in oktober of uiterlijknovember deze kabinetsreactie aan de Kamer doen toekomen.Dan heb ik nog een vraag ...De voorzitter:Dat levert wel een interruptie op van de heer White.De heer White (GroenLinks-PvdA):Ik nam aan dat dit een toezegging is. Mag ik dat zo vaststellen?De voorzitter:Dat ga ik even verifiëren bij de Staatssecretaris. Dat vraagt wel om eenconcreet tijdpad. Komt dit in de verzamelbrief of op een ander moment?Staatssecretaris Van Marum:Ik heb een aparte brief genoemd. In oktober of uiterlijk november zal diekabinetsreactie komen.De voorzitter:Lijkt mij akkoord. Dan noteren we dat als een toezegging. U kunt uwbetoog continueren.Staatssecretaris Van Marum:Dan had ik nog een vraag van de heer White over het versterken van deuitvoeringscapaciteit van het vergunningentoezicht en handhavings-stelsel. De vraag is of ik aan kan geven hoe het staat met de versterkingvan de uitvoeringscapaciteit in het vergunningentoezicht en handhavings-stelsel op de eilanden. Zonder voldoende capaciteit zullen de verbeter-stappen onvoldoende kunnen worden uitgevoerd. Sinds 2024 adviseert deOmgevingsdienst Nederland de openbare lichamen bij de uitvoering vanhet wegwerken van de achterstand op VTH-gebied. Dit gebeurde naaraanleiding van de rapportage van de Inspectie Leefomgeving enTransport, de ILT, over de uitvoering van de VTH-taken in het stelsel op deeilanden. Momenteel werk ik met de Omgevingsdienst Nederland, deeilanden en de Ministeries van IenW en LVVN aan een transitievoorstel.Lokale capaciteit en haalbaarheid bij de uitvoering van de VTH-takenhebben hier een belangrijke rol. Het voorstel verwacht ik in het najaar van2025. Het doel is om tot een duurzame verbetering van het VTH-stelsel tekomen.Dan kom ik op de vraag van mevrouw De Vries over de brandstofvoor-ziening in Bonaire. Het probleem van de brandstofvoorziening in Bonairemoet zo spoedig mogelijk worden opgelost. Zeker op het eiland isbrandstofvoorziening natuurlijk belangrijk en cruciaal. Het is ookbelangrijk dat het op een goede wijze wordt gewaarborgd. Belangrijk isdat dit een eilandelijke taak is, waarbij het bestuurscollege nu de nodigestappen zet. Er is intensief contact geweest met Bonaire. Hierbij isafgesproken dat het bestuur van Bonaire in samenwerking met Curoil –Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 624 dat is de eigenaar – verbeteringen doorvoert op basis van die eerdereILT-rapporten.Dan kom ik op de vraag van mevrouw De Vries over infra. Ook deinfrastructuur op de eilanden is volledig onder de maat. Hoe kan bereiktworden dat Bonaire het geld dat in kas is wel nuttig besteedt? Er wordtgesproken over spaardrift van Bonaire. In 2024 is 17 miljoen blijvenliggen. In totaal ligt er nu 84 miljoen op de plank. Dat zou in de inwonersmoeten worden geïnvesteerd. Waar ligt dat aan en hoe kunnen we dat nuwel lostrekken? Naast de verbeteringen van het financieel beheer werkenwij met Bonaire en de betrokken departementen IenW, VRO, LVVN, EZ,KGG en OCW aan een gezamenlijke fysieke agenda. In deze agendaworden afspraken gemaakt over de samenhang, fasering en uitvoerings-kracht met betrekking tot de uitgaven in het fysieke domein, dit ook metals doel om de middelen uit de vrije uitkering en de bijzondere uitkeringbeter tot besteding te laten komen. Dit sluit ook aan bij de gegevenadviezen van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur en de Raadvoor het Openbaar Bestuur om de gezamenlijke ambitieniveaus af tespreken met de drie eilanden. Ik werk aan een kabinetsreactie op dezeadviezen en ik hoop later deze maand of in oktober de Kamer hierovernader te informeren.De voorzitter:Dat levert een interruptie op van mevrouw De Vries.Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Ja, want de tijd die wordt genoemd is voor de kabinetsreactie, neem ikaan. De Staatssecretaris gaf ook aan dat er gewerkt wordt aan eengezamenlijke agenda voor de fysieke leefomgeving. Wanneer is die danklaar?Staatssecretaris Van Marum:Dat zal waarschijnlijk begin volgend jaar zijn. We gaan bekijken of we diekoppelkansen die in die verschillende ministeries zitten bij elkaar kunnenbrengen. We gaan ook bekijken welke prioriteiten er zijn, zodat deuitvoeringskracht niet meer als een of ander breed net over allerleionderwerpen gegooid kan worden, maar dat er echt gefocust gewerkt kanworden zodat projecten tot een goed einde kunnen komen. Dat is eigenlijkde doelstelling daarvan.De voorzitter:Dank u wel. U continueert.Staatssecretaris Van Marum:Dan had ik nog een vraag van de heer White en de heer Ceder over deklimaatplannen en de natuur. Hoe staat het met de uitvoering van deklimaatplannen en zijn deze effectief? Wanneer krijgen we de volgendeevaluatie van het Natuur- en milieubeleidsplan waarbij we eventueelkunnen bijsturen? Voor Saba en Sint-Eustatius verwachten we dat dezeklimaatplannen eind zomer opgeleverd kunnen worden. De klimaattafelBonaire heeft aangegeven tot Q1 2026 nodig te hebben. De voortgang vande klimaatplannen is ook toegelicht in de Verzamelbrief Water van IenWvan 24 juli jongstleden. De evaluatie van het Natuur- en milieubeleidsplanCaribisch Nederland kunt u het vierde kwartaal van dit jaar verwachten.Bij de appreciatie hiervan zal rekening worden gehouden met het rapportvan het College voor de Rechten van de Mens waar de heer Ceder ooknaar verwees.Dan had ik nog een vraag van mevrouw De Vries over de uitvoering vanprojecten op Bonaire. Er zijn zorgen over het bestuurscollege Bonaire inde relatie met de vorige Staatssecretaris; die relatie was niet goed. Dathelpt niet om resultaat te boeken. Er is geld om te investeren maar datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 625 wordt niet gerealiseerd. Hoe denkt de Staatssecretaris dat op te lossen?Eigenlijk kun je alleen maar besturen vanuit verbinding, denk ik altijd. Afen toe moet daar gewoon even wat oud zeer op tafel komen en moet datuitgesproken worden. Je kunt alleen als je de neuzen dezelfde kant op zetuiteindelijk ook gezamenlijk weer werken aan vooruitgang. Dat zal ook hetdoel zijn van mijn werkbezoek daar.Door die beperkte uitvoeringscapaciteit en weinig bestuurlijke besluit-vorming worden die projecten op Bonaire niet of later uitgevoerd. Dat iszorgelijk omdat een aantal urgente dossiers vraagt om bestuurlijkekeuzes. Een voorbeeld hiervan zijn de investeringen in de wegen. Bonairemoet daarom ook investeren in tijdige besluitvorming en versterking vande uitvoeringskracht. Een meerjarige investeringsagenda is daarbijnoodzakelijk. Ik ondersteun Bonaire op verschillende manieren daarmee.Bijvoorbeeld door te gaan werken met een gezamenlijke fysieke agendaen via de samenwerking bij de VNG.Dan had ik nog een vraag van mevrouw Bruyning. Hoe kan de Staatsse-cretaris verantwoorden dat miljarden naar Europees Nederland gaanterwijl Caribisch Nederland terugvalt naar enkele miljoenen? Wanneerkomt er een volwaardig wetgevend kader dat dezelfde bescherming biedtals in Europees Nederland? Dat gaat over klimaat. De Nationale klimaat-adaptatiestrategie wordt momenteel herijkt. Hierin wordt ook eenhoofdstuk voor Caribisch Nederland opgenomen. Het is aan een volgendkabinet om een besluit te nemen over hoeveel middelen hiervoorvrijgemaakt worden.Dan had ik nog een vraag van de heer Bamenga over wonen. U heeftdiverse vragen gesteld over wonen, waaronder over de Bijdrage Particu-liere Verhuur, de verhuursubsidie, bescherming van huurders, huurcom-missies en de Woningwet. Er zijn diverse vragen gesteld over debelangrijke opgaven op het gebied van wonen, de toegang tot betaalbarewoningen en andere belangrijke onderwerpen op dit gebied. De Ministervan Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening zet zich in om voortgang teboeken op al deze belangrijke opgaven. Dat vergt de inzet van het Rijk,maar ook van de openbare lichamen zelf. De Minister van VRO stuurtbegin 2026 een rapportage over de voortgang op het terrein van volks-huisvesting in Caribisch Nederland naar de Tweede Kamer.Dan kom ik op de vraag van mevrouw De Vries over de ferry voor deBovenwindse Eilanden.De voorzitter:Voordat u doorgaat, heeft u een interruptie van de heer Bamenga.De heer Bamenga (D66):Dank u wel voor de reactie van de Staatssecretaris. Begrijp ik het goed datde Staatssecretaris hierin voor zichzelf geen rol ziet? De Staatssecretarisverwijst naar een andere Minister, maar ik krijg niet te horen wat deStaatssecretaris zelf wil doen om dit toch wel belangrijke vraagstuk voorde eilanden aan te pakken. En kan de Staatssecretaris misschien ietsconcreter aangeven wanneer we iets daarover kunnen terugverwachten?Staatssecretaris Van Marum:Ik moet even terugkomen op mijn rol. Ik ben coördinerend bewinds-persoon. Dat betekent dat er heel veel andere ministeries zijn dieuiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de middelen die daar ingezetworden. Mijn rol, en die zal ik ook proberen te pakken, is om continu ookde vakministers te betrekken bij de vragen die hier gesteld worden. Maarik geef hier in deze commissie ook aan dat de Minister daar zelf voorverantwoordelijk is. Als u nadere vragen daarover heeft, wilt u deze danook aan haar stellen? Mijn rol zal zijn dat ik hoor wat de noden zijn en daarook aandacht voor zal blijven vragen. Ik zal proberen om dat bij elkaar tebrengen en ik zal ook proberen om dat de komende tijd in de uitvoerings-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 626 agenda’s zo goed mogelijk bij elkaar krijgen. Voor echt concrete vragenmet betrekking tot die huisvesting verwijs ik u naar de Minister van VRO.De voorzitter:Er is een vervolginterruptie van de heer Bamenga.De heer Bamenga (D66):Ja, omdat we het er hier toch over hebben, is het denk ik wel belangrijkdat we ook juist in deze commissie daar regelmatig op terugkomen. Het isecht een urgent vraagstuk. Volgens mij kunnen wij juist daar wat inbetekenen. Ik zou het toch wel jammer vinden dat wij hier in dezebelangrijke commissie, die daar natuurlijk ook over gaat, niet kunnenvolgen en niet kunnen handelen, onvoldoende kunnen handelen, omdathet versnipperd is als het gaat om dit onderwerp. Ik hoop wel datcoördinerend bewindspersoon ook betekent dat wij hier blijvendgeïnformeerd worden over de gang van zaken als het gaat om dewooncrisis daar.Staatssecretaris Van Marum:Ik hoop dat ik u daarin enigszins geruststel, maar dit is gewoon onderdeelvan de fysieke agenda die wij aan het maken zijn. Alles wat u hier zegt,alle zorgen die u uit, ook die onder andere departementen vallen, neem ikmee. Daar zullen ook gesprekken over gevoerd worden. Wij proberen datook bij elkaar te krijgen. Mocht daar aanleiding voor zijn of heb ik daarbijhulp nodig van de Kamer, dan zal ik zeker niet nalaten die te vragen.De voorzitter:Dank u wel. U kunt uw betoog continueren.Staatssecretaris Van Marum:Dan had ik nog een vraag over de ferry van de Bovenwindse Eilanden. Ikverken de financieringsmogelijkheden om de verbinding tussenSint-Maarten, Sint-Eustatius en Saba te continueren. Zo blijven deeilanden goed bereikbaar voor inwoners en toeristen. Ik kan niet andersdan u op korte termijn daarover informeren, zeg ik met een blij gezicht.De voorzitter:Mevrouw De Vries met een interruptie.Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Ik reken er dan maar op dat dat een positief besluit gaat zijn. We wachtendat nog eventjes af. De vraag is wel of er dan iets structureels geregeldwordt of dat het uiteindelijk weer iets incidenteels wordt, want het blijftwel steeds terugkomen. Ik denk dat zekerheid en duidelijkheid ook voor departijen die daarbij moeten ondersteunen, zoals de Douane en deKoninklijke Marechaussee belangrijk is. Het is wel belangrijk dat ze voorde langere termijn weten waar ze aan toe zijn.Staatssecretaris Van Marum:Ik kan niet verder gaan dan wat ik net gezegd heb.De voorzitter:Dank u wel. U continueert.Staatssecretaris Van Marum:Ik probeer altijd heel aardig te zijn, mevrouw De Vries, maar er zijngrenzen. U zult dat straks zelf ook zien.Dan wilde ik, met uw goedvinden voorzitter, naar Selibon. Het is absoluutduidelijk dat hier echt iets aan de hand is, dat er nog heel veel moetgebeuren en de situatie nog steeds zorgwekkend is. Ik onderstreep deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 627 noodzaak van een effectief en daadkrachtig bestuur als het gaat ommilieubescherming en volksgezondheid. Ik zal tijdens mijn kennisma-kingsreis daar ook in gesprek gaan met omwonenden. Er ligt inmiddelseen door het bestuurscollege van Bonaire opgesteld verbeterplan. Debranden zijn inmiddels geblust. De Rijksvertegenwoordiger houdt ooktoezicht op de uitvoering. De ILT voert deze maand nog een inspectie uitom de voortgang te controleren. Samen met mijn collega van IenW zal ikde Kamer informeren over de voortang van de situatie rond Selibon.Ik ga nu graag over naar de beantwoording van de concrete vragen.Mevrouw Bruyning vroeg waarom deze aangenomen motie nog steedsniet is uitgevoerd. Tijdens het commissiedebat Selibon op 12 maart 2025heeft u hierover gesproken met de Staatssecretaris van IenW. DeStaatssecretaris van IenW heeft aangegeven graag alle mogelijkheden tewillen onderzoeken om met plussen en minnen, dus ook routes zoals hetverbranden van afval of het transport naar regionale verwerkers binnenbijvoorbeeld het Caribisch gebied, een oplossing te vinden. Hierin isnatuurlijk wel het lokale bestuur aan zet. De Staatssecretaris van IenWheeft het bestuur herhaaldelijk verzocht een dergelijk onderzoek te latendoen. Ik zal dit nogmaals onder de aandacht brengen bij de Staatssecre-taris van IenW. Ik zal uw Kamer dit jaar hierover nader informeren via dehalfjaarlijkse voortgangsrapportage.De voorzitter:Dat levert een interruptie op van mevrouw Bruyning.Mevrouw Bruyning (NSC):Hoewel ik hoor wat de Staatssecretaris zegt, bemoeilijkt het mij tochenigszins dat de Staatssecretaris steeds aangeeft dat het bij het bestuurligt, nu het bestuur meerdere malen heeft laten zien dat het niet geheellukt. Welke ondersteuning kan er vanuit Europees Nederland wordengeboden om zo snel mogelijk tot dat onderzoek te komen? En wanneerkunnen we daar de resultaten van verwachten?Staatssecretaris Van Marum:Ik denk dat er een tweeledigheid is. Enerzijds wel blijven benadrukken dathet echt een lokale verantwoordelijkheid is. Die moet erin. Maar ik blijfook mijn collega’s in het kabinet aanduwen om de stappen te nemen diedaar nodig zijn. Die tweeledigheid zit er wel in.De voorzitter:Dat levert een interruptie op van mevrouw De Vries.Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Ja, want ik begrijp op een heleboel punten echt wel dat het een lokaleverantwoordelijkheid is. Maar de situatie van Selibon op Bonaire vind ikzo urgent, met alle gevolgen die dat heeft voor de veiligheid engezondheid van omwonenden, dat ik dat soms ook wel wat te gemakkelijkvind. De ILT heeft al geconstateerd dat er sprake is van taakverwaarlozing.Dat doet ze niet zomaar.Ik vind dat er een duidelijk eindpunt moet zijn voor wanneer het opgelostmoet zijn. Als we daarbij moeten helpen, prima. Als we het moetenovernemen, vind ik het ook prima, want ik vind dat het voor de mensen opBonaire opgelost moet worden. Het tweede deel van mijn vraag – devraag is wanneer er een goede oplossing zal zijn – gaat over een reactieop de rol van Nederland. Het geld vind ik ook nog wel zorgelijk. Deverantwoording van het geld dat beschikbaar is gesteld, wordt maarsteeds vooruitgeschoven. Als je steeds langer moet doen over deverantwoording van dat geld, zit het niet goed. Ik hoop echt dat wedaarover heel snel duidelijkheid krijgen. Ik vind elk excuus dat er weerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 628 gedeputeerden opgestapt zijn, niet aanvaardbaar. Er moet een adminis-tratie van dat project zijn. Er moet gewoon geleverd worden, wat mijbetreft.Staatssecretaris Van Marum:Ik zal dit bespreken met mijn collega van IenW. Uw zorgen zijn genoteerd.De voorzitter:Dank. De heer Vermeer heeft ook een interruptie.De heer Vermeer (BBB):De Staatssecretaris heeft al een aantal keer het woord «koppelkans»gebruikt. Dat staat nummer vier in de jeukwoorden van 2024. Toch ga ikhet niet gebruiken. Er is ook een vraag gesteld over brandstofvoorziening.Bij Chemelot is samen met RWE een project ontwikkeld dat FUREC heet.Het gaat om het circulair verwerken van niet-recyclebaar afval. Kunnen weniet eens een streep zetten door dat hele gedoe daar en een hele anderekans gaan pakken om daar lokaal synthetisch gas te gaan produceren opbasis van al dat afval, zodat we daar lokaal kunstmest, nylon, brandstof etcetera kunnen gaan produceren? Zou de Staatssecretaris met zijn collegavan IenW hier eens naar willen kijken? Ik zal een motie indienen om teproberen daar wat ondersteuning aan te geven. Is dat een optie voor deStaatssecretaris?Staatssecretaris Van Marum:Dank aan de heer Vermeer voor deze vraag en aanbeveling. Ik zal dit zekermeenemen naar mijn collega van IenW. Ik zeg daar wel bij dat we op ditmoment echt eerst een probleem hebben op te lossen. Voor de toekomstis dit mogelijk een mooie oplossing om met elkaar te gaan verkennen,maar het acute probleem is daarmee niet opgelost. En het verdient alleaandacht om te kijken hoe dat vorm kan gaan krijgen. Daar zal ik dekomende tijd op de eilanden goed over blijven praten. Ik zal met mijncollega van IenW blijven kijken wat daar de mogelijkheden zijn.De voorzitter:Dan is er een vervolginterruptie van de heer Vermeer.De heer Vermeer (BBB):Ik denk dat het op een redelijk korte termijn kan, omdat het een stuktechnologie is die al is uitgetest. Het kan zelfs de oude rommel nogopruimen. Dus volgens mij verdient dit zeker de aandacht, want op kortetermijn dit probleem oplossen gaat sowieso niet gebeuren.Staatssecretaris Van Marum:Zoals ik ook toegezegd heb, zal ik dit met mijn collega van IenW opnemenen kijken of dit een optie kan zijn. Uiteraard moet ik dat ook op deeilanden zelf neerleggen. Dit zijn zaken die we met elkaar moeten doen.De voorzitter:Is het een idee om na uw bezoek en de uitkomst daarvan terug tekoppelen hoe briljant dit briljante plan echt was?Staatssecretaris Van Marum:Na de gesprekken die ik op de eilanden heb gevoerd, krijgt u eenverzamelbrief waar een aantal zaken in staat. Ik denk dat dit heel specifiekis. Ik heb meer tijd nodig om daar met mijn collega van IenW over tespreken en te bekijken of dit een plan is dat wortel schiet in vruchtbareaarde.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 629 We gaan zien of uw plan wortel schiet in vruchtbare aarde, zeg ik tegenhet lid van BBB.De heer Van Haasen (PVV):Ik wil hier toch nog wel een vervolgvraag over stellen. U zegt dat dan hetacute probleem niet is opgelost. Het acute probleem blijft bestaan zolangje geen adequate afvalverwerking hebt op dat eiland. Ze gaan daar vanlandfill naar landfill en na tien jaar is die vol. De huidige is volgens mij in2030 vol en dan wordt de nieuwe landfill geopend. En dan gaat het maardoor. Je zult toch op een gegeven moment tot een structurele oplossingmoeten komen om het afval te verwerken. Ik heb begrepen dat ze opStatia, wat natuurlijk een kleinere schaal is, al goede stappen zetten. Diestappen zullen ook op de andere eilanden genomen moeten worden.Daarom wil ik toch extra onder de aandacht brengen dat de verwerkingvan het afval net zo belangrijk is als het oplossen van het probleemSelibon.Staatssecretaris Van Marum:Laat ik zeggen dat ik niet alleen op de eilanden waar we het nu overhebben dit probleem heb gezien, maar ook in den lande. Afvalverwerkingop de eilanden is een heel belangrijk onderwerp waar we in integraliteitgoed over na moeten denken. We moeten ook toekomstbestendige zakengoed doordenken. Ik ben het er volledig mee eens dat dit absoluteprioriteit verdient. Ik ga er met mijn collega van IenW en met de eiland-raden goed over spreken om te zien wat we hiermee kunnen doen.De voorzitter:Dank u wel. Dat was tevens uw laatste interruptie, zeg ik tegen de heerVan Haasen.Staatssecretaris, u continueert.Staatssecretaris Van Marum:Dan had ik nog een vraag van Bruyning, White en De Vries over concretestappen. Welke concrete stappen worden nog dit jaar gezet om depuinhoop bij Selibon aan te pakken? Op 3 september heb ik u samen metde Staatssecretaris van IenW geïnformeerd over de stand van zaken rondde afvalverwerking Selibon op Bonaire. Hierbij heb ik aangegeven welkeverbeterstappen zijn gezet vanuit het interbestuurlijk toezicht in deopvolging van de door uw Kamer aangenomen moties. Uiteindelijk is deaanpak van dit probleem een verantwoordelijkheid van het bestuurs-college, maar via de waarnemend Rijksvertegenwoordiger, de ILT, houdenwe grip op de voortgang en de verbetering en krijgen we zicht op watnodig is.In het kader van interbestuurlijk toezicht door de waarnemend Rijksverte-genwoordiger zal het bestuurscollege uiterlijk 11 oktober een voortgangs-rapportage opleveren. De ILT heeft eind september een inspectie geplandbij Selibon Lagun. Als de uitkomsten van deze inspectie door de ILT in devoortgangsrapportage in het kader van het interbestuurlijk toezichttrajecthier aanleiding toe geven, zal ik uw Kamer hierover nader informeren.Daarnaast zal ik tijdens mijn kennismakingsreis ook in gesprek gaan metomwonenden.De voorzitter:Interruptie van mevrouw De Vries.Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Ik ga mijn laatste interruptie eraan wijden. Ik maak me wel wat zorgen. Inhet verleden is ook vaak gezegd dat er stappen worden gezet, dat ergepraat gaat worden en dat de inspectie onderzoek gaat doen. Ik maghopen dat als uit de inspectie, het overleg dat nu blijkbaar gepland is enTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 630 de tussenrapportage blijkt dat er niet genoeg voortgang is, we echtandere maatregelen gaan nemen. Dan moeten we echt veel meeringrijpen vanuit Nederland. Ik weet dat het niet sympathiek is en ook opde eilanden niet sympathiek gevonden wordt, maar ik vind dat deinwoners van Bonaire dat verdienen, en zeker de omwonenden vanSelibon. Ik hoop dat als duidelijk is dat er niet voldoende voortgang is endat het eindbeeld van het oplossen van het probleem niet in zicht is,andere actie vanuit het Haagse zal volgen.Staatssecretaris Van Marum:Dank voor uw opmerking. Het heeft mijn prioriteit in elk geval wel. Wijzitten erbovenop. Maar ik ga niet vooruitlopen op uitkomsten. Dat ga ikniet doen. «Wat als»-vragen vind ik altijd lastige vragen. Het heeftprioriteit, we zitten er bovenop en gaan kijken wat we kunnen doen. Indiennodig kom ik terug bij uw Kamer.De voorzitter:U continueert.Staatssecretaris Van Marum:Dan kom ik bij sociaal domein en gezondheid. De leden van NSC, BBB,VVD en GroenLinks-PvdA hebben verschillende vragen gesteld op hetgebied van het sociaal domein. Al gedurende langere tijd werken wenauw samen met SZW om de bestaanszekerheid te verbeteren. Samenmet SZW hebben we uw Kamer ook geïnformeerd over de voortgang. Inrelatief korte tijd is al heel veel bereikt. De minimumlonen, uitkeringen enzaken als kinderbijslag zijn fors verhoogd. Ik deel overigens de opvattingvan de VVD-fractie dat we ook nu oog moeten hebben voor de gevolgenhiervan, vooral voor de werkgevers.Dan ga ik nu in op de concrete vragen. De heer White vroeg naar dewerkloosheidsvoorziening. Wanneer wordt de werkloosheidsvoorzieningvoor de eilanden afgerond? Het invoeren van een werkloosheidsvoor-ziening wordt op zo’n kort mogelijke termijn beoogd. Naar verwachtingwordt de conceptregeling voor de formele consultatie uitgezet in 2026. Dewerkloosheidsvoorziening staat ook zo genoemd in het prioritairewetgevingsoverzicht dat op de convocatie staat.Dan een vraag van de heer White over de duur van de introductie van deinkomensafhankelijke kindregeling. Hoelang gaat het duren voordat deinkomensafhankelijke kindregeling wordt geïntroduceerd als in het najaarde verkenning naar de Kamer wordt gestuurd? Uw Kamer wordt dit najaarvia een beleidsbrief over Caribisch Nederland nader geïnformeerd over debrede ontwikkeling op het terrein van SZW. Daarbij wordt ingegaan op debevindingen van de lopende verkenning naar de inkomensafhankelijkekindregeling en wordt het vervolgproces toegelicht.Dan openbaar vervoer. Wat is de reden dat het openbaar vervoer opBonaire en Sint-Eustatius zo lang op zich laat wachten terwijl debudgetten beschikbaar zijn? Bonaire heeft een projectplan opgesteld vooreen ov-stelsel en werkt aan de voorbereiding van de uitvoer van dat plan.Sint-Eustatius verkent de behoefte en mogelijkheden voor een passendeov-dienst. Hierbij wordt ook gekeken naar de aansluiting op een lopendepilot in het kader van maatschappelijke ondersteuning. Het is aan deeilanden om vanuit een lokale context invulling te geven aan eenov-stelsel. Mijn beeld is wel dat dit op zorgvuldige wijze gebeurt.De heer White stelde een vraag over de tegemoetkoming van denutsvoorziening. Waarom heeft het kabinet er niet voor gekozen om detegemoetkoming van de nutsvoorzieningen telecom, drinkwater en elektrastructureel te regelen? Ook na 2026 blijft dit voor mensen op de eilandenvan cruciaal belang. In de Voorjaarsnota heeft het kabinet besloten omverschillende subsidies voor de nutsvoorzieningen voort te zetten voorTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 631 2025 en 2026. Het is aan het volgende kabinet om af te wegen of dezemaatregel structureel kan worden voortgezet.Dan vroeg mevrouw Bruyning nog naar de gezondheidszorg. Erkent deStaatssecretaris dat er sprake is van tweederangs zorg op de eilanden?Wat gaat hij concreet doen om het doorverwijzingssysteem in deziekenhuiszorg binnen een jaar op orde te krijgen? Kan hij garanderen datde eilanden uiterlijk in de volgende kabinetsperiode toegang hebben toteenzelfde basiszorg als in Europees Nederland? Hoe zit het met deuitvoering van een verbeterplan dat was opgesteld door voormaligStaatssecretaris Karremans? U zult snappen dat ik geen garanties kangeven over wat in de volgende kabinetsperiode plaats gaat vinden. Welkan ik u informeren over de huidige stand van zaken. Wat mij betreft isgelijkwaardige zorg het uitgangspunt. De verbetering van doorverwijzingen ook medische uitzending is continu een punt van aandacht. Momenteelmaakt mijn collega de Staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport van hetMinisterie van VWS afspraken met de betrokken zorgaanbieders en deopenbare lichamen om tot concrete verbetermaatregelen te komen. Inapril van dit jaar heeft mijn collega van VWS de Kamer schriftelijkgeïnformeerd over deze maatregelen in de brief Aankondiging Health DealCaribisch Nederland. In het vierde kwartaal van 2025 wordt de Kamer hiernader over geïnformeerd.Ook een vraag van mevrouw Bruyning: is de Staatssecretaris bereidstructurele financiering of een alternatief te organiseren zodat het werkvan UNICEF niet verloren gaat? De afgelopen jaren is door UNICEF insamenwerking met mijn ministerie en de openbare lichamen goed werkverzet om de kinderrechten in Caribisch Nederland te verbeteren.Momenteel wordt door UNICEF geïnventariseerd wat de opbrengsten zijnvan het lopende programma en welke onderdelen voortgezet zoudenmoeten worden. Op basis van deze inventarisatie zal ik beoordelen of enin welke gevallen ik het programma voortgezet zou willen zien. Dat is duseen lopende zaak.De voorzitter:Dat levert een interruptie op. De derde van mevrouw Bruyning.Mevrouw Bruyning (NSC):Ik hoor wat de Staatssecretaris zegt. Zou de Staatssecretaris een tijdpadkunnen toezeggen waarin dit plaatsvindt en waarin eventueel meerduidelijk wordt? Kan de Staatssecretaris dat eventueel per brief aan deKamer mededelen?Staatssecretaris Van Marum:Ik ga uit van eind dit jaar.De voorzitter:Oké, dan concreet. Er komt een brief aan het einde van het jaar met eentijdpad, aangevraagd door mevrouw Bruyning. Mooi.U heeft een andere interruptie. De heer White.De heer White (GroenLinks-PvdA):Ik dacht «we maken het blokje af». Maar nu we toch in interrupties zitten,dan gelijk ook een interruptie op de vragen die ik eerder heb gesteld enwaarover de Staatssecretaris naar mijn oren twee fijne toezeggingen doetomtrent kindregeling en de werkloosheidsvoorziening. Na de vragen die ikheb gesteld omtrent het ov vraag ik of de Staatssecretaris concreter engedetailleerder een update zou kunnen geven van de stand van zaken. Hetwordt mij niet helemaal helder en duidelijk wat nou precies op ditmoment de stand van zaken is. Dat hoeft niet nu gelijk, het mag ookmiddels een brief waarin goed is uiteengezet wat er gebeurt op de tweeverschillende eilanden. De budgetten zijn er. Ligt het op financieel vlak datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 632 die budgetten niet goed getransformeerd kunnen worden? Wat gebeurt ermet de budgetten op het moment dat ze dit jaar niet gebruikt worden?Blijven die budgetten gealloceerd voor dit doel?Staatssecretaris Van Marum:Ik heb uw vraag gehoord. Ik neem ze mee en ze komen in de verzamel-brief terug.De voorzitter:Sorry, ik heb het laatste niet verstaan.Staatssecretaris Van Marum:Ik zei: ik neem uw vraag mee en die wordt teruggekoppeld in deverzamelbrief.De voorzitter:Kijk, uw vraag wordt beantwoord in de verzamelbrief. Dat is dan weer eenextra toezegging. U bent lekker bezig, meneer White. Gaat u maar door,Staatssecretaris.Staatssecretaris Van Marum:Hoe ga ik garanderen dat de bescherming van kinderrechten op deeilanden niet afhankelijk is van een tijdelijke voorziening? Dit is een vraagvan mevrouw Bruyning. De bescherming van kinderrechten is net als inhet Europese deel van Nederland een gezamenlijke verantwoordelijkheidvan de meest betrokken beleidsdepartementen. Vanuit mijn coördine-rende rol houd ik in de gaten dat de inzet voor Caribisch Nederlandvolgens het principe van comply or explain net zo intensief is. Reken maardat kinderrechten voor mij heel erg belangrijk zijn.Dan de vraag van mevrouw De Vries over de verhoging van het wettelijkminimumloon. «De verhoging van het minimumloon op de BES heeft toteen shock voor ondernemers geleid. De compensatie die het Rijk debedrijven biedt, komt niet bij de goede bedrijven terecht. De VVD wil eenpas op de plaats maken met een verdere verhoging van het wettelijkminimumloon. Graag een reactie van de Staatssecretaris.» Uitvoerings-technisch bleek een maatregel gericht op werkgevers met werknemersrondom het wettelijk minimumloon niet mogelijk. Daarom is gekozen vooreen generieke maatregel in de vorm van het verlagen van de werkgevers-premie voor alle bedrijven. Het demissionaire kabinet deelt het standpuntvan de VVD dat een beleidsmatige verhoging van het wettelijkminimumloon dit jaar niet in de rede ligt. De economie moet het ookkunnen dragen. Ik blijf dit terechte issue met de Staatssecretaris van SZWin de gaten houden.Dan een vraag van de heer Vermeer over de brede welvaart. Hoe zorgt hetkabinet ervoor dat de inzet niet alleen draait om geld en economie, maarook bijdraagt aan een brede welvaart en behoud van wat de eilandenuniek maakt? Geld en economie zijn heel vaak onlosmakelijk verbondenmet brede welvaart. In de aanpak voor bestaanszekerheid kijken we zekerniet alleen naar inkomens en kosten voor het levensonderhoud. Daaromhebben we ook aandacht voor het belang van de integraliteit in de aanpaken ondersteunen we Bonaire, Saba en Sint-Eustatius hierbij. Via regio-deals doen we investeringen in de brede welvaart en in de zelfred-zaamheid van de eilanden. Hierbij wordt nadrukkelijk geïnvesteerd inculturele voorzieningen en historisch erfgoed. In de brief over deeconomische ontwikkelingen van 10 maart tijdens het debat van 16 aprilhebben mijn voorganger en de voormalige Minister van EZ uw Kamergeïnformeerd over de plannen.Dan een vraag van de heer Vermeer over de kansen van inwoners opeigen inkomsten. Welke maatregel gaat de Staatssecretaris nemen ominwoners van de BES-eilanden meer kans te geven om zelf in hunTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 633 inkomen te voorzien, bijvoorbeeld via opleiding, werk of ondernemen?Het kabinet stelt sinds 2022 structureel 1 miljoen beschikbaar voorarbeidsbemiddeling, scholing van werkzoekenden en matching metwerkgevers. Ook krijgen de eilanden al enkele jaren geld voor instru-menten die mensen met afstand tot de arbeidsmarkt nodig hebben om tekunnen werken. Vanaf 2026 is hiervoor structureel 4 miljoen beschikbaar.De voorzitter:De heer Vermeer met zijn derde interruptie.De heer Vermeer (BBB):Zouden wij dan in die beruchte verzamelbrief ook iets terug kunnenkrijgen over de prestaties van die programma’s en hoe die zich verhoudentot soortgelijke programma’s in Europees Nederland?Staatssecretaris Van Marum:Ik zou het liever niet als beruchte, maar als beroemde verzamelbrief zien,maar die toezegging kan ik doen.De voorzitter:Kijk, het wordt een mooie brief, denk ik zo. De Staatssecretariscontinueert.Staatssecretaris Van Marum:Het wordt een telefoonboek.Dan de vraag van de heer Ceder over het gelijktrekken van uitkeringen opEuropees niveau. Moeten in het sociale domein de inkomens niet verderverhoogd worden naar Europees Nederlands niveau? De afgelopen jarenzijn enorme stappen gezet om de kosten van levensonderhoud te verlagenen om de inkomens fors te verhogen. Ik verwijs naar bijlage 1 van deKamerbrief die ik vlak voor het reces heb gestuurd met een ongekendestijging van het wettelijk minimumloon, AOV, onderstand en kinderbijslag.Zie verder ook de bijdrage van mevrouw De Vries. De economie moet hetkunnen dragen. Ik heb een klein tabelletje – het is misschien op afstand tezien – waarin te zien is hoe het de afgelopen jaren is gestegen en dat isbest enorm.De voorzitter:Ik zou graag een interruptie willen plegen en vraag de heer Bamenga hetvoorzitterschap over te nemen.Voorzitter: BamengaDe voorzitter:Ja, de heer Ceder heeft een vraag.De heer Ceder (ChristenUnie):Ik dank de Staatssecretaris voor zijn beantwoording. Het klopt dat er deafgelopen jaren veel geïnvesteerd is in de BES. Ik ben daar ook erkentelijkvoor. Het heeft ook tot nieuwe uitdagingen geleid, inderdaad het sociaalminimum. Dat zie ik ook. De Staatssecretaris zegt in antwoord op mijnvraag of dit in de toekomst gelijkgetrokken zou moeten worden, dat er inabsolute zin veel gedaan is. Hij laat een grafiek zien. Ik ben het daarmeeeens, maar relatief gezien is er nog steeds een verschil dat niet uit teleggen is. Op het moment dat het leven op Bonaire goedkoper zou zijndan in Amsterdam of op Texel, zou ik kunnen begrijpen dat het een lagereonderstand rechtvaardigt, maar het leven op Bonaire is duurder en wijgeven een lagere onderstand. In relatieve zin is er nog steeds sprake vaneen niet-uitlegbare of niet-gerechtvaardigde scheefgroei. Mijn vraag is –dat hoeft niet in een keer, want ik snap dat dit het evenwicht zou verstorenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 634 – of het kabinet erkent dat er sprake is van een relatieve scheveverhouding die niet gerechtvaardigd is en we op termijn wel moeten gaanwerken naar verhoudingen die recht doen aan het besteedbaar inkomenvan de inwoners daar.Staatssecretaris Van Marum:We blijven natuurlijk werken aan die voorzieningenkant om te zorgen datwe dat zo goed mogelijk voor mekaar krijgen. Ik blijf ook zeggen dat deeconomie het moet kunnen dragen. Dat is een hele belangrijke. Met datvoor de bril moeten we kijken wat de snelheid kan zijn om zaken recht tetrekken. We hadden net het voorbeeld van Amsterdam en Texel. Daar zit aleen heel groot verschil in. Alles wat op Texel verkocht wordt, moet er metde boot heengebracht worden. Dat is precies hetgeen er met de eilandenaan de hand is. Bijna alles wat daar in de winkel ligt of er gekocht moetworden, moet er met de boot heen.Dat is ook een van de redenen dat ik graag nog even wil zeggen waarmeewe bezig zijn. We hebben, uit mijn hoofd, daar 24 miljoen liggen voorallerlei landbouwprojecten. We zijn bezig met een aantal hele mooieprojecten zodat we ook de zelfredzaamheid – zelfredzaamheid wordt vaakals een containerbegrip gezien – en de zelfvoorzienendheid op voedsel-gebied op de eilanden een boost kunnen geven. Op het moment dat je jeeigen voedsel kunt produceren en het niet meer aangevoerd hoeft teworden, en we ook de jeugd kunnen enthousiasmeren om een eigenvolkstuintje te hebben zodat ze verse groente kunnen verbouwen, kan diteen enorme bijdrage leveren aan de volksgezondheid en het welzijn. Daarkomen ook weer ondernemertjes uit die zien dat ze zaken kunnen leverenaan de supermarkten.Tijdens mijn bezoek daar heb ik een heel mooi voorbeeld gezien. In decoronaperiode kreeg iemand ontslag en vervolgens kreeg ook zijn vrouwontslag. Hij had zijn fiets, auto en brommer verkocht en heeft eenhydrocultuur gekocht waarin hij sla is gaan kweken. Hij heeft heel diepgezeten, maar de kracht van de mensen daar is dat ze knokken voor hunbestaan. Hij levert nu aan een lokale supermarkt. Dat zijn dingen waar ikblij van word. Als wij dit soort projecten kunnen stimuleren – laagdrem-pelig instappen met klein ondernemerschap – denk ik dat we hele mooiedingen kunnen doen die ook ten goede kunnen komen aan dit onderwerp.De voorzitter:Een vervolgvraag.De heer Ceder (ChristenUnie):Ik ben het eens met de Staatssecretaris dat in landbouw geïnvesteerdmoet worden. In de afgelopen maanden zijn we daar met een delegatiegeweest en hebben we hele mooie projecten gezien. Wij ondersteunendat volledig. Ten aanzien van de mogelijke prijsverschillen tussen Texel enAmsterdam, die evident zijn, wil ik benadrukken dat het tegelijkertijd ookzo is dat voor beide gebieden dezelfde minimum bijstandsnormen gelden.Dat is juist mijn punt. Als overheid moeten wij die gelijkwaardigheid ookop de BES hanteren, temeer omdat de prijs/kostenverhouding daar noghoger is. Het is een aanmoediging van mijn pleidooi om dat geleidelijk – iksnap dat je dat in stappen moet doen – naar een situatie te brengen dat ereen gerechtvaardigde minimumnorm is die zich verhoudt tot hetprijs/kostenniveau daar, terwijl we aan de andere kant ook proberen dekosten te drukken, zoals u terecht zegt.Staatssecretaris Van Marum:U heeft van mij gehoord dat dit mijn aandacht heeft en dat ik besef datdeze problematiek er is. Ik heb ook gezegd dat er geen grote stappengezet kunnen worden, maar dat het in de geleidelijkheid met de economiebekeken moet worden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 635 De voorzitter:Dank voor de beantwoording. Ik geef het voorzitterschap terug aan deheer Ceder.Voorzitter: CederDe voorzitter:Dank u wel oud-voorzitter. Dank u wel voor uw bijdrage. Ik vraag deStaatssecretaris te continueren.Staatssecretaris Van Marum:Dan heb ik nog mijn laatste blokje: overige belangrijke onderwerpen. Erwas een vraag van de heer White en de heer Ceder over een update vande geopolitieke spanningen in de Caribische regio. De heer White zei datde VS onlangs aankondigden marineschepen te sturen naar de kust vanVenezuela. Hierover was bezorgdheid op de Benedenwindse Eilanden.Kan de Staatssecretaris ons hierover een update geven? Op welke manierworden de eilanders hierover geïnformeerd? En de heer Ceder vroegwelke stappen worden gezet mocht dit verder escaleren. Dit betreft eennationaal aangestuurde inzet door de Verenigde Staten. Het Koninkrijk ishier niet bij betrokken. Informatie wordt steeds gedeeld door Den Haag ende autoriteiten van Aruba, Curaçao en Bonaire. De Ministeries vanBuitenlandse Zaken en Defensie staan in contact met de VS. Ik zie ook dater zorgen zijn op Aruba, Bonaire en Curaçao. Dat ervaren de collega-bestuurders van de Benedenwindse Eilanden. Die bestuurders informerenonder andere met de informatie van BZ en Defensie hun bevolking. Deveiligheid van inwoners en bezoekers staat voorop. Op dit moment zijn ergeen extra maatregelen nodig, maar ik verzeker u dat het kabinet deontwikkelingen zeer zeker in de gaten houdt.De voorzitter:De heer White gebruikt zijn laatste interruptie voor dit zeer belangrijkeonderwerp.De heer White (GroenLinks-PvdA):Het kan niet anders, voorzitter. Ik had de vraag gesteld hoe het zit met degeopolitiek in het gebied en om onze Kamer een update te geven. Ik hooru nu zeggen dat dit niet heel erg lukt. Ik denk dat het wel van belang is datwe die informatie krijgen. Ik zou de Staatssecretaris willen vragen om tochmet de Minister van Buitenlandse Zaken contact te hebben en de Kamermeer gedetailleerd te informeren over de stand van zaken in die regio.Ondanks dat de landen autonoom zijn, vormen ze toch onderdeel van onsKoninkrijk. Als het escaleert in die regio, heeft dat mogelijk directgevolgen voor een reactie vanuit Defensie. We zouden daarover toch ietsmeer willen weten.Staatssecretaris Van Marum:Dank u wel voor de vraag. Ik snap de wens van uw Kamer om hierovermeer te horen. Op dit moment is er kennisgenomen van de militaire actiedie de VS hebben uitgevoerd op een boot in de Zuid-Caribische zee opdinsdag 2 september. Volgens de VS zou die boot vanuit Venezuela drugsvervoeren, bestemd voor de VS. Het kabinet beschikt op dit moment nietover nadere informatie. Ik zal uw verzoek doorgeleiden naar de Minis-teries van BZ en Defensie en hen vragen u daarover te informeren.De voorzitter:Dank u wel. Dat komt dus uw kant op. Heeft de Staatssecretaris al uwvragen beantwoord? Mooi. Het is 15.30 uur. Ik stel voor gelijk door te gaanmet de tweede termijn. Er zijn al flink wat toezeggingen gedaan. Ik wilmevrouw Bruyning graag het woord geven.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 636 Mevrouw Bruyning (NSC):Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik de Staatssecretaris bedanken voorzijn antwoorden. Ik proef de bereidheid om stappen te zetten en dat geefthoop. Maar de inwoners van Bonaire, Saba en Sint-Eustatius hebben al tevaak gehoord dat het beter zou worden. Belangrijk is nu dat woordenworden omgezet in daden. De rode draad van dit debat is voor mij helder.Gelijkwaardigheid vraagt om samenwerking, om inspraak serieus tenemen en om een voortdurende dialoog met de mensen op de eilandenzelf. Alleen door te luisteren en samen oplossingen te vinden kunnen wehet vertrouwen herstellen en bouwen aan een koninkrijk waarin iederdeelgebied zich gezien en gehoord voelt.Voorzitter. Een koninkrijk is pas sterk als alle stemmen meetellen, ook dievan onze eilanden. Bij dezen wil ik een tweeminutendebat aanvragen.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw De Vries vraagt buiten de microfoon om waar hettweeminutendebat over gaat. Er is al heel veel toegezegd. Het isinderdaad zo dat we geen tweeminutendebat hoeven houden tenzij erecht een onderwerp is waarover mevrouw Bruyning graag een Kameruit-spraak wil. De vraag is over welk onderwerp het zou zijn.Mevrouw Bruyning (NSC):Voor mijzelf geldt voor de situatie Selibon dat ik de antwoorden nog nietafdoende vind, namelijk dat het dáár ligt. Ik vind de problemen dermategroot dat wij als regering, als Europees Nederland, hierop zouden moeteningrijpen en iets zouden moeten doen. Daarom wil ik onder anderedaarover een Kameruitspraak.De voorzitter:Dank u wel. De heer Vermeer wil ook reageren op het verzoek voor eentweeminutendebat. Het is zeer ongebruikelijk, maar ik zal het toestaan.De heer Vermeer (BBB):Oké, want wij willen ook een paar verzoeken indienen die de Staatssecre-taris kunnen aansporen in het uitvoeren van bepaalde plannen ondanks ofnaast de vele toezeggingen.De voorzitter:Nee, zeker. Volgens mij wordt er nu gewoon een tweeminutendebatingepland. De wens is ook om dat het liefst zo snel mogelijk te doen, nogvoor het verkiezingsreces. We hoeven hierover geen ordedebat te starten.Mevrouw Bruyning wil daarop nog reageren.Mevrouw Bruyning (NSC):Niks ten nadele van de Staatssecretaris. Zoals ik in mijn tweede termijnheb gezegd, zie ik veel goede antwoorden en dat geeft hoop dat de juistestappen gaan worden gezet. Wij mogen als Kamer af en toe nog wel eenduwtje in de goede richting geven.De voorzitter:Zeker, maar ik vermoed dat de heer Vermeer, die zijn microfoon nog uitmoet zetten, wat wantrouwen zag aankomen. Dat is dus niet het geval. Eris veel lof en waardering. Dat gezegd hebbende gaan we over naar deheer Bamenga.De heer Bamenga (D66):Dank u wel, voorzitter. Dank aan de Staatssecretaris voor de beant-woording van alle vragen en de toezeggingen die zijn gedaan. Ik hebnatuurlijk wat vragen over de wooncrisis gesteld. Dat raakt de mensen-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 637 rechten en dat raakt ook een gelijkwaardige manier van omgaan metmensen in Caribisch Nederland. De Staatssecretaris heeft net uitgelegddat hij samenwerkt met andere bewindspersonen op dit vlak. Ik zou heelgraag willen dat de Staatssecretaris daar de regie op houdt en kijkt opwelke manier wij hier in deze commissie de voortgang kunnen volgendaar waar het gaat om de woningcrisis. Dat is een heel belangrijkvraagstuk. Ik hoop dat ik er geen motie voor hoef in te dienen, maar datde Staatssecretaris erop kan terugkomen op welke wijze wij hier devoortgang van deze situatie kunnen volgen.Tot slot is het ook over Selibon gegaan. Ik wil me aansluiten bij allekritische geluiden hierover, waaronder die vanuit de VVD-fractie.Nogmaals, heel veel succes met uw werk.De voorzitter:Dank u wel. De heer White.De heer White (GroenLinks-PvdA):Dank, voorzitter. Ik dank de Staatssecretaris voor de gedane toezeggingen.De voorzitter:Dank u wel. De heer Van Haasen.De heer Van Haasen (PVV):Bedankt, voorzitter. De Staatssecretaris had het erover dat hij bij devoedselproductie een mooi initiatief had gezien met hydrocultuur. Hijnoemde ook de term «containerbegrip». Misschien dat er nog steeds opveel plekken op de eilanden in stalen containers groentes wordenverbouwd om ze tegen de zon te beschermen. Vooral op Curaçao zie jedat er tegenwoordig zeewatergekoelde projecten worden gestart omgebouwen te koelen. Die schijnen ook te kunnen worden gebruikt voorinnovatie in de kassenbouw. Dit wilde ik toch even meegeven aan deStaatssecretaris.Aanvullend wil ik terugkomen op de bijdrage van mevrouw Bruyning. Zijhad het over UNICEF, over projecten die eind van het jaar stoppen. DeStaatssecretaris deed daar een toezegging op, namelijk dat hij er voor heteinde van het jaar op terugkomt. Deze projecten stoppen aan het eindevan het jaar. Voor de continuïteit van die projecten is het misschienraadzaam om eerder met een antwoord te komen, zodat UNICEF ook weetwaar het aan toe is. Wij zijn over het algemeen niet altijd even positiefover de ontwikkelingssamenwerkingsprojecten van UNICEF, maar als hetons eigen land betreft, wil ik er toch een opmerking over maken.De voorzitter:Dank u wel. De PVV breekt een lans voor ontwikkelingssamenwerking ineigen land, maar wel met het verzoek om hier eerder op terug te komen.Dat snap ik wel. De vraag is of u daar misschien rond Prinsjesdag eenantwoord op kunt geven. Dat valt wellicht samen met de AlgemenePolitieke Beschouwingen. Is het mogelijk de commissie al van eenantwoord te voorzien op of rond Prinsjesdag?Staatssecretaris Van Marum:Ik wil proberen in mijn verzamelbrief met die informatie terug te komen.De voorzitter:Ja, alleen komt volgens mij die verzamelbrief na uw reis. Dat zou zijn ...Staatssecretaris Van Marum:Eind oktober.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 638 Eind oktober, oké. Volgens mij heeft de commissie de wens uitgesprokenom nog voor het reces een tweeminutendebat te hebben. De vraag is tochof u voor de begrotingsbehandeling antwoord op dit specifieke punt zoukunnen geven. Dat heeft ermee te maken dat hier financiën mee zijngemoeid. Als we het in meerderheid willen, geeft dat de commissie deruimte andere financiële keuzes te maken.Staatssecretaris Van Marum:Ik doe wat ik kan om het eerder naar u toe te krijgen. Meer dan dietoezegging kan ik op dit moment niet doen. Ik doe vreselijk mijn best.De voorzitter:De begroting is iets anders dan de Algemene Politieke Beschouwingen.De vraag is om voor de begroting de Kamer hierover te informeren.Staatssecretaris Van Marum:Dan kan het in de verzamelbrief.De voorzitter:Dat is ook wel weer waar. Dan zetten we het in de verzamelbrief. Dat iseen toezegging aan de heer Van Haasen. Fijn dat we het zo met elkaaroplossen. Mevrouw De Vries.Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Dank u wel, voorzitter. Dank aan de nieuwe Staatssecretaris. Hij heeft zichal goed ingelezen in het dossier. Ik wens hem een goede reis naar deandere eilanden toe.Ik heb nog een paar punten. De Staatssecretaris zegt de verbinding tezoeken en dat is natuurlijk altijd goed. Ik ga ervan uit dat hij als Groningerdirect en duidelijk gaat zijn, want zachte heelmeesters maken somsstinkende wonden. Ik hoop dat hij dat blijft doen en ook dat we elkaarwederzijds aanspreken als dingen niet goed gaan.De veerverbinding wachten we af. Over de verhoging van hetminimumloon geeft de Staatssecretaris aan voorlopig een pas op deplaats te maken. Dat is prima. Hij geeft aan dat de economie het moetdragen. Helemaal mee eens. Het is zo dat het uiteindelijk ook effect heeftop de hoogte van de prijzen. Werkgevers zullen dat toch doorberekenen.Ik denk dat je dan in een soort spiraal terechtkomt.Ik worstel nog wel met het tweeminutendebat en Selibon, want deStaatssecretaris heeft informatie toegezegd. Ik weet niet zo goed waaroverwe dan nog gaan debatteren. Ik ben voor een steviger aanpak en niet telang te blijven doormodderen. Ik wil wel dat het eiland eerst nog een keerde kans krijgt. Dat geeft de Staatssecretaris volgens mij aan. Op hetmoment dat er niet wordt geleverd bij de eerstvolgende actie, vind ik ookdat er moet worden ingegrepen vanuit hier. Ik ben een beetje zoekende.Maar goed, dat tweeminutendebat is aangevraagd en dat gaan we doen.Ik vraag me af of het niet zinniger is de informatie even af te wachten,omdat we dan echt concrete stappen kunnen zetten als Kamer.De voorzitter:Dat is aan de Kamer zelf, denk ik. Uw hartenkreet wordt gehoord, zal ikmaar zeggen. De heer Vermeer.De heer Vermeer (BBB):Dank u wel, voorzitter. Ik bedank de Staatssecretaris en zijn team voor debeantwoording van de vragen. Ik zou de oproep van mevrouw Aukje deVries willen steunen in dezen dat er duidelijkheid moet komen en dat wegoed moeten kijken naar de volgtijdelijkheid van brief, tweeminutendebat,begroting et cetera. Misschien kan de griffie helpen mij inzicht te gevenwat de beste volgorde en planning zouden zijn.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 639 De voorzitter:Daar komen we zo op terug, denk ik. Ik weet niet of hier vragen zijngesteld waarvoor u nog tijd nodig heeft om u voor te bereiden. Of kunnenwe gelijk door?Staatssecretaris Van Marum:Volgens mij kan ik gewoon door.De voorzitter:Oké, zullen we dat dan doen en de planning en organisatie met elkaardoorspreken?Staatssecretaris Van Marum:De heer Bamenga had een vraag over wonen. U wordt regelmatiggeïnformeerd. Afgelopen januari is er nog een debat geweest. Ik zal uwverhaal overbrengen aan de Minister. Ik ga ervan uit dat de Minister deinformatie tijdig en regelmatig naar u toe laat komen.De heer Van Haasen noemde het zeewatergekoelde project. Dat ga ik zekermeenemen. Dank voor de suggestie.UNICEF komt in de verzamelbrief. Ik vind dat belangrijk; u vindt hetbelangrijk. Ik ga dus kijken of we die vraag zo snel mogelijk kunnenbeantwoorden.De voorzitter:Dat roept een interruptie of vraag op bij de heer Van Haasen.De heer Van Haasen (PVV):Eigenlijk een aanvullende vraag. Die hydrocultuur werkt natuurlijk welgoed, maar die kost veel water. Op de eilanden is een gebrek aanzoetwater. Daarom geef ik dat project met zeewatergekoelde containersmee, want daarvoor heb je geen zoetwater nodig.Staatssecretaris Van Marum:Nogmaals hartelijk dank. Ik ben in Groningen ooit betrokken geweest bijzilte teelt. Er zijn allerlei heel mooie projecten mogelijk zodat mensen daarhun eigen voedsel kunnen verbouwen. Daarmee kunnen we de welvaarteen stuw geven. Dus dank voor deze suggestie.Ik kom op de vraag van mevrouw De Vries over die verbinding. Ik zit nueenmaal zo in elkaar. Mijn Groningse aard komt wel naar voren als ik vinddat dingen niet goed gaan. Die moeten ook op tafel. Dan kan ik heelduidelijk zijn. Dat gaat zeker gebeuren als dat noodzakelijk is. Daar hoeft ugeen zorgen over te hebben. Ik vind wel dat je rekening moet houden metlokale omstandigheden. Als er echt heel specifieke zaken aan de hand zijn,zaken als integriteit of zaken die niet goed gaan in het belang van deburger, zult u mij van de andere zijde zien. Dan sta ik op voor wat ik moetdoen.De voorzitter:Dat was ’m. Mooi. Dan zijn we aan het einde gekomen van het verzamel-debat. Er is een tweeminutendebat aangevraagd door mevrouw Bruyning,die de eerste spreker zal zijn. Er moet even een proces worden voorge-steld om dat te doen nadat we dit debat sluiten. Dat kunnen we met elkaardoen en dat hoeft niet ...Mevrouw Aukje de Vries (VVD):Ik begrijp dat begin oktober de ILT komt en de tussenrapportage. Ik snapde behoefte van de Kamer om die voor de verkiezingen te krijgen, dus omhet iets te vervroegen zodat we het tweeminutendebat nog wel voor hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 640 verkiezingsreces kunnen hebben. Anders ga je het hele verkiezingsrecesafwachten en zit je ergens in november. Het lijkt nu net niet synchroon telopen.De voorzitter:Ja, er is een grote wens om voor het verkiezingsreces een tweeminuten-debat te houden, ook omdat het urgente thema’s zijn die door decommissie zijn besproken. Die oproep snap ik. Ik vraag de Staatssecretarisof hij daaraan kan voldoen.Staatssecretaris Van Marum:Ik zit even met de problematiek dat ik de ILT geen opdracht kan geven omzaken te vervroegen. Een verzoek wil ik wel doen. Dat is geen probleem. Ikkan echter geen garantie geven dat ze er uitvoering aan geven.De voorzitter:Dan wil ik even concluderen dat de Staatssecretaris straks een verzoekgaat doen aan de ILT om de boel te versnellen en dat hij zijn uiterste bestdoet om tijdig, het liefst ruim voor het reces, een brief te sturen waardoorwe het tweeminutendebat met die informatie in alle volledigheid kunnenvoeren. Dat is de afspraak die we met elkaar maken.Dank u wel. Ik stel voor de vergadering af te sluiten en daarna nog evenmet de woordvoerders door te praten over de wijze waarop we het procesverder gaan doen tot het verkiezingsreces.Ik wil de Staatssecretaris bedanken voor uw tijd, voor uw optreden.Volgens mij hebben we een goed debat met elkaar gehad. We zijn ookruim op tijd klaar. Dat zegt iets over de manier waarop we dit met elkaarhebben gedaan. Dank ook aan hen die meekeken. De Staatssecretarisheeft nog een nabrander.Staatssecretaris Van Marum:Ik wil ook de commissie bedanken, want ik vond het een fijn, constructiefdebat. Ik hoop dat we op deze manier met elkaar kunnen doorgaan. Ikdenk dat dit de juiste manier is om met elkaar te werken. Dank daarvoor.De voorzitter:Fijn. De mensen die kijken, zien nu ook hoe een debat wel kan. Dat is zeerlovenswaardig. Ook mijn complimenten, ook aan de griffier en iedereendie heeft meegewerkt voor en achter de schermen, of heeft meegekeken.Dank u wel. Bon dia. Ik sluit de vergadering.Sluiting 15.49 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 641

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 6cb0d2a85542aa7f

14 okt 2026 · 76084502dc9938d6

Gerelateerde bronnen

  • Besproken tijdens · Officiële koppelingVerzameldebat BES
    Verslag van een commissiedebat, gehouden op 4 september 2025, over verzameldebat BES

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.