Veteranenstatus voor inzet bij gijzelingsacties 1977
Brontekst
Versie 8b80376e79f587a3 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2013–2014 30 139Veteranenzorg Nr. 127 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 10 februari 2014 Tijdens het voortgezet notaoverleg veteranen van 27 januari jl. in de Tweede Kamer (Kamerstuk 30 139, nr. 126) heb ik een nadere toelichting toegezegd op mijn besluit de veteranenstatus toe te kennen aan de militairen die betrokken waren bij de beëindiging van de gijzelingsacties in 1977. Met deze brief ga ik hierop in. De militaire inzet tijdens de gijzelingsacties bij De Punt en Bovensmilde is vanwege de duur, de omvang en het geweldsniveau, uitzonderlijk in de Nederlandse geschiedenis. De bijzondere combinatie van deze factoren maakt dat deze inzet onvergelijkbaar is met andere nationale militaire inzetten tot op heden. Na zorgvuldig overleg met alle betrokken partijen heb ik besloten de militairen die hebben deelgenomen aan de beëindiging van de gijzelings-acties in 1977, de veteranenstatus toe te kennen. De betrokken partijen ondersteunen deze vorm van erkenning. Dit geldt niet voor andere oplossingsrichtingen, zoals een draaginsigne, waarover eerder gesproken is. Met dit besluit kom ik tevens tegemoet aan een eerder geuite wens van de Eerste Kamer bij de behandeling van de Veteranenwet (Handelingen I 2011/12, nr. 13, item 2 van 19 december 2011). Ook past het besluit in het beleid zoals dat wordt vastgelegd in de Veteranenwet die dit jaar in werking zal treden. Zoals bij Defensie te doen gebruikelijk is, staat bij de toekenning van de veteranenstatus de inzet waaraan de militair heeft deelgenomen centraal. Daarom komen alle militairen die zijn ingezet bij De Punt en Bovensmilde in aanmerking voor de veteranenstatus. Ik zal mijn besluit voor zover mogelijk bekend maken aan de betrokken militairen. Indien zij als veteraan wensen te worden geregistreerd, kunnen zij een aanvraag indienen bij het Veteraneninstituut. kst-30139-127ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2014Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 30 139, nr. 1271 Ik belast de directeur van het Veteraneninstituut met de uitvoering van dit besluit. De Minister van Defensie,J.A. Hennis-PlasschaertTweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 30 139, nr. 1272
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.