Verslag van een schriftelijk overleg over de geannoteerde agenda voor de informele EU Gezondheidsraad van 24-25 maart 2025 in Warschau (Kamerstuk 21501-31-777)
Brontekst
Versie 0acdfac0e83b5af1 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202521 501-31Raad voor de Werkgelegenheid, Sociaal Beleid,Volksgezondheid en ConsumentenzakenNr. 779 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEGVastgesteld 20 maart 2025 De vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft eenaantal vragen en opmerkingen voorgelegd aan de Staatssecretaris vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport over de brief van 6 maart 2025 over degeannoteerde agenda voor de Informele EU-Gezondheidsraad van24–25 maart 2025 (Kamerstuk 21 501-31, nr. 777).De vragen en opmerkingen zijn op 10 maart 2025 aan de Staatssecretarisvan Volksgezondheid, Welzijn en Sport voorgelegd. Bij brief van 20 maart2025 zijn de vragen beantwoord.De voorzitter van de commissie,MohandisAdjunct-griffier van de commissie,Van der Graaf kst-21501-31-779ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7791 Inhoudsopgaveblz.I.Vragen en opmerkingen vanuit de fracties2Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie2Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie3Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie5Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractie6Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie7Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie7II.Reactie van de Staatssecretaris7 I. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractieDe leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van EU-signaleringen agenda voor de aankomende EU-Gezondheidsraad van 24 en 25 maart2025. De leden van de PVV-fractie hebben hierover een aantal vragen aanhet kabinet.Bij het eerste agendapunt gaat de EU-Gezondheidsraad in gesprek overmentale gezondheid van jongeren en de impact van digitale technolo-gieën daarop. Ook in Nederland is de discussie gaande over het socialmedia gebruik van onze jongeren. In hoeverre is er overeenstemmingtussen de EU-landen op dit gebied? Ook vragen de genoemde leden zichaf hoe groot de verschillen in de EU zijn op het gebied van mentalegezondheid van onze jongeren? En hoe «scoort» Nederland op dit gebied?Het tweede agendapunt gaat over de Europese Commissie dievoornemens is om de Critical Medicines Act (CMA) op 11 maart tepresenteren. Dit onderwerp maakt niet direct onderdeel uit van de agendavan de Raad, wel staat er een discussie over de beschikbaarheid vangeneesmiddelen op de agenda van de Raad.Hoe gaat het kabinet garanderen dat in Nederland deze beschikbaarheidaltijd voldoende zal zijn? Kan het kabinet patiënten garanderen dat er netzo veel of meer geneesmiddelenontwikkeling plaatsvindt – zowel inEuropa als in Nederland – met verlaging van de basisdatabeschermingvan acht naar zes jaar? Zo ja, kan het kabinet deze onderbouwing met deKamer delen? Zo nee, hoe denkt het kabinet er dan voor te zorgen dat dehuidige voorstellen niet leiden tot minder ontwikkeling en dus beschik-baarheid van geneesmiddelen?Een advies van de Critical Medicines Alliantie is dat overheids-investeringen en een aanleg van medicijnvoorraden noodzakelijk zijn.De huidige staatssteuninstrumenten zijn volgens de alliantie onvoldoendevoor het ondersteunen van de sector. De genoemde leden willen weten inhoeverre het kabinet dit advies gaat overnemen? Mocht het kabinet ditadvies overnemen, hoe gaat dit bekostigd worden? Kan het kabinetaangeven om hoeveel staatssteun dit voor Nederland gaat?Heeft het kabinet aangaande de CMA al enige toezeggingen gedaanrichting de EU?Heeft het kabinet kennisgenomen van de zorgen van de voorzitter van deEuropese koepelvereniging voor farmaceutische bedrijven in het EWMagazine van 30 januari 2025 (Topman farmagigant Novo Nordisk:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7792 «Europa dreigt vergeten regio te worden»)? Deelt het kabinet de zorgendat Europa een vergeten regio lijkt te worden als het gaat om geneesmid-delenontwikkeling? Waarom wel of niet?Is het kabinet op de hoogte van de standpunten rondom de herzieningvan de Europese geneesmiddelenontwikkeling van Denemarken, Zwedenen Duitsland? Zo ja, hoe taxeert het kabinet de opvattingen van dezelanden? Zo nee, kan het kabinet zijn appreciatie van de standpunten vandeze landen met de Kamer delen?Sinds de publicatie van de herziening van de Europese geneesmiddelen-wetgeving in het voorjaar van 2023 is er geopolitiek veel gebeurd. Ziet hetkabinet aanleiding zijn inzet op de herziening van de Europese genees-middelenwetgeving in Europa te wijzigen ten opzichte van het BNC-fichezoals gepubliceerd door het vorige kabinet? Zo ja, op welke punten? Zonee, waarom niet?Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben met interesse kennisge-nomen van de geannoteerde agenda voor de informele EU Gezond-heidsraad van 24–25 maart 2025 en hebben nog enkele vragen enopmerkingen.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie zien dat de mentale gezondheidvan jongeren op de agenda staat. De leden maken zich grote zorgen overde gezondheidsgevolgen van te hoge schermtijd en verslavende socialemedia, voor jongeren en voor volwassenen. De verslavende en polarise-rende ontwerpkeuzes, waar het verdienmodel van sociale media op isgebouwd, moeten Europees in de ban. Deze elementen verzieken deonline leefwereld voor iedereen en daar gaan de reële voordelen vansociale media aan ten onder. Hoe gaat het kabinet de motie-Kathmann c.s.[Kamerstuk 26 643, nr. 1302] die vraagt om een Europees verbod opverslavend en polariserend ontwerp uitvoeren? Gaat het kabinet dezeoproep in de Gezondheidsraad ook kenbaar maken? In welke wetgevings-trajecten kan zo’n Europees verbod op verslavend ontwerp wordenopgenomen?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie willen dat de Digital Services Act(DSA) voortvarend wordt uitgevoerd en gehandhaafd. Zij vragen deStaatssecretaris om in de Gezondheidsraad te vragen bij collega’s hoeandere lidstaten op nationaal niveau de DSA handhaven en uitvoeren.Naar welke landen kijkt de Staatssecretaris met interesse op dit gebied?Hoe gaat de Staatssecretaris de best practices van andere lidstatenophalen en verwerken in Nederland? Op welke manier trekt de Staatsse-cretaris hierin op met zijn collega’s van Binnenlandse Zaken?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie pleiten voor gezaghebbendadvies over de gezondheidsgevolgen van sociale media. De leden zijngeen voorstander van een hogere minimumleeftijd voor sociale media. Zijachten het onuitvoerbaar en symbolisch, zeker zolang er geenbetrouwbare methode voor leeftijdsverificatie bestaat. Bovendien ontslaathet Big Tech van hun verantwoordelijkheid om hun platforms vooriedereen gezonder te maken. Wel zijn de leden groot voorstander vannationale gezondheidsadviezen als richtlijn voor ouders en jongeren dieafspraken willen maken over telefoongebruik. Deelt het kabinet de zorgenvan de leden van GroenLinks-PvdA-fractie over deze situatie? Kan deStaatssecretaris bevestigen dat de Staatssecretaris de motie-Van der Werfc.s. [Kamerstuk 26 643, nr. 1299], die het kabinet heeft geïnterpreteerd alsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7793 een oproep om tot niet-bindende adviesleeftijden te komen, ook alszodanig zal uitvoeren? Welke partijen betrekt de Staatssecretaris bij hetopstellen van de adviezen?De leden herinneren de Staatssecretaris aan de aangehouden motie-Kathmann/Van der Werf [Kamerstuk 36 600 VII, nr. 71] die vraagt om eenDigitale Kijkwijzer te ontwikkelen samen met het NICAM. Door degrondige methodiek van de Kijkwijzer toe te passen op sociale mediaplatforms en apps, kunnen specifieke ongezonde ontwerpkeuzes wordengeïdentificeerd. Door nationaal voorop te lopen met zulke gezaghebbendeadviezen over platforms, op basis van de vertrouwde Kijkwijzer-methode,kan Nederland ook op Europees niveau gericht pleiten voor verdergaanderegulering van sociale media vanuit gezondheidsperspectief. Ook kan ditinzicht helpen met het vaststellen van nationale gezondheidsadviezenover sociale media. Deelt de Staatssecretaris deze opvatting? Wanneerkomt het onderzoek naar de Gamecheck, waar ook in gegaan zal wordenop een soortgelijke classificatie voor sociale media?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vinden het belangrijk dat er eenherziening van de Tabaksrichtlijnen komt. Eenduidiger beleid tussenlidstaten draagt bij aan het tegengaan van de toegankelijkheid van nieuwetabaks- en nicotineproducten. Met name om het gebruik van vapes onderjongeren tegen te gaan. De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vindenhet een goede zaak dat de Staatssecretaris pleit voor strengere regelsvoor vapes. Kan de Staatssecretaris aangeven welke maatregelen hij wiltreffen als hij pleit voor strengere regels voor vapes? Valt een Europeessmaakjesverbod onder die strengere regels? Is de Staatssecretaris het metde leden eens dat een Europees smaakjesverbod een effectieve maatregelis om het aantal vapes met een smaakje in Nederland terug te dringen?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie onderstrepen de noodzaak omin Europees verband samen te werken voor het aanleggen van voorradenvan kritieke geneesmiddelen en bij te dragen de betaalbaarheid van duregeneesmiddelen. De leden delen de analyse van de Minister vanVolkgezondheid, Welzijn en Sport dat het niet realistisch is om alleproductie van (kritieke) geneesmiddelen in Nederland te laten plaats-vinden, gezien de complexiteit van de productieketens. Sterke samen-werking op EU-niveau is daarom van essentieel belang. Kan het kabinetaangeven op welke manier Nederland gaat bijdragen aan de versterkingvan het concurrentievermogen betreft geneesmiddelen van de EuropeseUnie?Ondanks dat prijsonderhandelingen een nationale aangelegenheid zijn,kan EU-wetgeving bijdragen aan lagere prijzen van geneesmiddelen. Deleden onderstrepen dan ook het belang van het verkorten van de data- enmarktbeschermingsperiode voor nieuwe geneesmiddelen. Dezeverkorting zal de concurrentie bevorderen en de prijzen van geneesmid-delen doen dalen. Voor welke duur van marktbescherming en databe-scherming pleit de Staatssecretaris?De leden van GroenLinks-PvdA zijn voorstander van het legaliseren vanleveringen van apotheekbereidingen tussen apothekers. Is de Staatssecre-taris bereid dit in te brengen tijdens de informele EU Gezondheidsraadvan 24–25 maart 2025?De leden van GroenLinks-PvdA onderstrepen het belang van medicijnontwikkelingen voor zeldzame aandoeningen en de strijd tegen antibioti-caresistente. Hier ligt nog ruimte in de wetgeving om de ontwikkeling vanbepaalde soort innovatieve geneesmiddelen te stimuleren. Deelt deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7794 Staatssecretaris deze mening van de leden? Kan de Staatssecretaris nadertoelichten hoe hij deze ontwikkelingen wil stimuleren?Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractieDe leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de geannoteerdeagenda voor de informele EU-Gezondheidsraad op 24 en 25 maartaanstaande. Zij hebben hierbij nog enkele vragen.Tijdens de informele EU-Gezondheidsraad zal van gedachten wordengewisseld over preventie, zo lezen de leden van de VVD-fractie. Vaccinatieis een bewezen effectieve vorm van preventie. In Nederland is het aantalgevallen van mazelen in twee weken bijna verdubbeld waarbij de meestemensen besmet zijn geraakt tijdens een bezoek aan Marokko ofRoemenië1. Welke maatregelen neemt Roemenië om de mazelenuitbraakin te dammen?En welke lidstaten hebben een effectieve vaccinatieaanpak waarNederland lessen uit kan trekken?Daarnaast vragen de leden wanneer het actieplan cardiovasculairegezondheid verwacht wordt. En wordt in het actieplan ingegaan opman/vrouw verschillen bij hart- en vaataandoeningen? Zo nee, is deStaatssecretaris dan bereid om zich in te zetten dit onderwerp aan hetactieplan te laten toevoegen?De leden van de VVD-fractie merken op dat het kabinet al enige tijdaangeeft het belangrijk te vinden dat de Commissie spoedig met deherziening van de Tabaksrichtlijnen komt. Ook de leden zien dezeherziening liever vandaag dan morgen. Zij vragen daarom of duidelijk iswanneer de Commissie met de herziening komt? In hoeverre is hetkabinet afhankelijk van vernieuwing van de Tabaksrichtlijnen om zijneigen tabakspreventiebeleid succesvol te kunnen uitvoeren?Daarnaast zijn de leden van de VVD-fractie benieuwd naar de aanpak vaninternationale productie en handel in illegale rookwaren. Op welke manierwordt samengewerkt tussen verschillende lidstaten om illegale handelaan te pakken? En hoe verloopt deze samenwerking?Met betrekking tot het gesprek over mentale gezondheid van jongeren endigitale technologieën. Recent bleek dat digitale ggz-zorg steeds vakergebeurt en dat de Nederlandse ggz voorstander is2. De leden vragen inhoeverre het kabinet met internationale en nationale organisaties aan deslag gaat om een goede balans te vinden tussen de voor- en nadelen vansociale media voor gezondheid en zorg?Het doet de leden van de VVD-fractie goed te lezen dat er aanzienlijkevooruitgang is geboekt op het gebied van de herziening EU farmaceu-tische wetgeving3. Wat is de verwachting van het kabinet over devoortgang op de nog openstaande punten? Wat de leden van deVVD-fractie betreft kan innovatie bijdragen aan betaalbaarheid entoegankelijkheid, zeker op Europese schaal. Kan het kabinet toelichten hoehet zich de komende tijd inzet om het aantrekkelijk te houden voorgeneesmiddelenontwikkelaars om te investeren in Nederland?1Aantal gevallen mazelen in 2 weken verdubbeld, meesten besmet in buitenland | Binnenland |NU.nl2Beeldbellen met je therapeut gebeurt steeds vaker3Kamerstuk 21 501-31, nr. 778Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7795 De leden van de VVD-fractie zijn enthousiast over het feit dat het Poolsvoorzitterschap inhoudelijke besprekingen opent over kruidengeneesmid-delen en homeopatica. Wat de leden betreft horen voedingssupplementenhier ook bij. De leden maken zich zorgen over de toename vanzogenaamde «healthfluencers» en de verkoop van bijvoorbeeldafslankthee met de verboden stof sibutramine via sociale media. Wat gaatde inzet van het kabinet zijn op dit onderwerp? Wat gebeurt er momenteelal aan Europese samenwerking op dit gebied, bijvoorbeeld rondom wet-en regelgeving?De leden van de VVD-fractie vragen verder naar het tijdspad omtrent hetcreëren van een wettelijke grondslag voor her-uitgifte van (dure)geneesmiddelen.Eerder stonden de leden van de VVD-fractie niet direct te springen om dekomst van de Critical Medicines Act omdat andere manieren vancoördineren en samenwerking nog niet gerealiseerd waren. In dat lichtvragen zij hoe het kabinet de deelname aan de Critical Medicines Alliance(CMA) tot nu toe ervaart. Verloopt dit volgens verwachting of zijn erknelpunten? Daarnaast vragen de leden een reactie van het kabinet op deconclusies en aanbevelingen die het CMA inmiddels heeft gedaan. Hoeverhoudt het kabinet zich tot deze aanbevelingen?Verder vragen de leden van de VVD-fractie hoe het kabinet kijkt naar denoodzaak van en het gebrek aan een impact assessment bij de Act?Tot slot maken de leden van de VVD-fractie van de gelegenheid gebruikom nog wat aanvullende vragen te stellen naar aanleiding van het verslagvan de EU-Gezondheidsraad van 3 december.De leden hebben al vaker opgeroepen tot Europese samenwerking op hetgebied van inkoop van geneesmiddelen, onder andere via een motie4. Zijzijn dan ook enthousiast over het voorstel van kleinere lidstaten omvrijwillig samen te werken middels gemeenschappelijk aankopen. Hoekijkt het kabinet naar dit voorstel en is het kabinet bereid deel te nemenaan een dergelijke samenwerking?Daarnaast vinden de leden van de VVD-fractie het zeer positief dat eengroep lidstaten heeft opgeroepen tot het (gezamenlijk) aanpakken van deverkoop van illegale geneesmiddelen aan Europese burgers. Wat is deinzet van het kabinet geweest op dit punt? Verwacht het kabinet dat hierop termijn afspraken over gemaakt gaan worden?Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie hebben kennisgenomen van de geanno-teerde agenda voor de informele EU Gezondheidsraad van 24–25 maart2025 in Warschau. Deze leden hebben hier nog enkele vragen over.De leden van de NSC-fractie zijn verheugd te lezen dat de mentalegezondheid van jongeren en adolescenten in het digitale tijdperk op deagenda staat voor deze aankomende EU Gezondheidsraad. Wel hopendeze leden dat bij dit proces de stem van de jongeren zelf ook wordtmeegenomen in deze discussie. Kan de Staatssecretaris zich hiervoorinzetten bij de Gezondheidsraad? De leden vragen in hoeverre inNederland wordt gecontroleerd of grote techbedrijven zich daadwerkelijkaan de regelgeving houden, zoals de DSA. Welke concrete veranderingenzullen de procedures van de Europese Commissie op grond van de DSAteweegbrengen, bijvoorbeeld in het kader van de lopende procedure4Kamerstuk 29 477, nr. 918Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7796 tegen Meta? De leden van de NSC-fractie vragen wat de Minister vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport ziet als de grootste uitdagingen bij hetinternationaal afstemmen van richtlijnen en regelgeving op dit gebied?De leden van de NSC-fractie vinden het goed dat er aandacht wordtbesteed aan preventie. Daarbij delen deze leden de mening van deStaatssecretaris dat het van belang is dat er spoedig een herziening vande verschillende Tabaksrichtlijnen komt. Al waarderen deze leden de inzetvan de Staatssecretaris om vapen tegen te gaan, hopen zij ook dat deStaatssecretaris zich net zo hard in zal zetten om ook het traditioneleroken tegen te gaan. Kan de Staatssecretaris toelichten hoe hij zich zalinzetten om ook vooruitgang te boeken op rookpreventie bij deze EUGezondheidsraad? En heeft de Staatssecretaris plannen om daar ookalcoholpreventie en gezondere etenskeuzes te agenderen?Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractieMet interesse hebben de leden van de D66-fractie kennisgenomen van destukken omtrent de EU-gezondheidsraad en hebben hierover geenverdere vragen.Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractieDe leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de InformeleEU-Gezondheidsraad op 24 en 25 maart. De leden hebben de volgendevragen aan de Minister.De leden hebben gelezen dat in de laatste versie van de conclusies overmentale gezondheid van jongeren en de impact van digitale technolo-gieën (Delegates Portal 6348/25) de Europese Commissie wordt verzochthier bestaande wet- en regelgeving voor te benutten. Verder wordt in deconcept-conclusies geconcludeerd dat leeftijd een van de belangrijkstefactoren is in de impact op jongeren. In de conclusies wordt de lidstatenaangeraden om na te denken over het beperken van de toegang vanschoolgaande kinderen tot digitale technologieën.–Wat gaat het kabinet overbrengen op het gebied van de focus opweerbaarheid en veerkrachtig worden van kinderen? Bijvoorbeeld doormentale weerbaarheid als schoolvak in te stellen in het basisonder-wijs?–Wat gaat het kabinet overbrengen als het gaat over vroegtijdigepreventie? Hoe denkt het kabinet over het oprichten van startklassenwaar extra intensief wordt ingezet op de ontwikkeling?–Hoe wordt er tijdens de EU-Gezondheidsraad stilgestaan bij de impactvan de coronatijd op de mentale gezondheid van jongeren? En wat zijnacties die we Europees kunnen nemen als het gaat om dit onderwerp?–Is het kabinet voorstander van het creëren van nieuwe Europeseinstrumenten ter bevordering van de mentale gezondheid vanjongeren met betrekking tot digitale technologieën?–En zo ja, hoe staat het met de privacy vriendelijke app voor onlineleeftijdsverificatie, waar nu door de Europese Commissie aan wordtgewerkt?II. Reactie van de Staatssecretaris Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractieDe leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van EU-signaleringen agenda voor de aankomende EU-Gezondheidsraad van 24 en 25 maart2025. De leden van de PVV-fractie hebben hierover een aantal vragen aanhet kabinet.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7797 Bij het eerste agendapunt gaat de EU-Gezondheidsraad in gesprek overmentale gezondheid van jongeren en de impact van digitale technolo-gieën daarop. Ook in Nederland is de discussie gaande over het socialmedia gebruik van onze jongeren. In hoeverre is er overeenstemmingtussen de EU-landen op dit gebied?Ik ben erg blij met de agendering van dit onderwerp op de informele EUGezondheidsraad. Ik zie dat veel landen binnen Europa bezig zijn met (hetopzetten van) vergelijkbaar beleid voor online weerbaarheid engezondheid, het versterken van mediawijsheid, leeftijdsverificatie en hettegengaan van desinformatie. Lidstaten verwelkomen de keuze voor ditonderwerp op de agenda, wat het belang ervan onderschrijft. Ik wil dezeEU Gezondheidsraad aangrijpen om een oproep te doen om nog meersamen te werken op dit thema, omdat het de gezondheid van alleEuropese jeugdigen raakt. Ook staat de invloed van sociale media enschermtijd op de (mentale) gezondheid van jeugdigen op de agenda vanbilaterale gesprekken die ik voer met Europese ambtsgenoten.Ook vragen de genoemde leden zich af hoe groot de verschillen in de EUzijn op het gebied van mentale gezondheid van onze jongeren? En hoe«scoort» Nederland op dit gebied?De meest recente Europese vergelijking van mentale gezondheid onderjeugdigen komt uit het internationale Health Behaviour in School-agedChildren (HBSC) onderzoek5. Dit wordt elke vier jaar uitgevoerd door hetTrimbos-instituut met de Universiteit Utrecht. In het HBSC 2021/2022rapport6 wordt de WHO-5 (mental wellbeing) vergeleken voor deverschillende landen voor 11-jarigen, 13-jarigen en 15-jarigen. In ditonderzoek wordt gewerkt met een range van 0 tot 100 waarin een hogerescore een betere mentale gezondheid voorstelt. De scores zijn uitgesplitsttussen jongens en meisjes. Samengevat zie je hierin dat de gemiddeldescore voor 11-jarigen 67.0 is (minimum 52.3 in meisjes uit VK, maximum80.0 voor jongens uit Albanië), voor 13-jarigen is deze 59.9 (minimum 44.1meisjes uit Polen, maximum 76.8 jongens uit Albanië), voor 15-jarigen isdeze 57.0 (minimum 39.3 in meisjes uit VK, maximum 73.0 voor jongensin Kazakhstan). In de tabel ziet u de laagst en hoogst scorende landen ende ranking van Nederland daarin. Het onderzoek richt zich op heel Europa,dus breder dan alleen de Europese Unie.Het tweede agendapunt gaat over de Europese Commissie dievoornemens is om de Critical Medicines Act (CMA) op 11 maart tepresenteren. Dit onderwerp maakt niet direct onderdeel uit van de agendavan de Raad, wel staat er een discussie over de beschikbaarheid vangeneesmiddelen op de agenda van de Raad.5https://hbscnederland.nl/69789289060356-eng.pdf zie pagina 31/32.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7798 Hoe gaat het kabinet garanderen dat in Nederland deze beschikbaarheidaltijd voldoende zal zijn?Het kabinet garandeert uw Kamer dat ze er alles aan doet om geneesmid-delentekorten als ze optreden waar mogelijk op te lossen of – nog liever –te voorkomen. De Critical Medicines Act, die de Europese Commissie op11 maart jl. heeft gepubliceerd, kan een belangrijke bijdrage leveren doorwetgevende kaders te bieden voor maatregelen die de leveringszekerheidvan geneesmiddelen in Europa kunnen verbeteren. Het kabinetstandpuntop de voorgestelde wetgeving wordt uw Kamer via het gebruikelijkeBeoordeling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC)-proces voorgelegd.Kan het kabinet patiënten garanderen dat er net zo veel of meer genees-middelenontwikkeling plaatsvindt – zowel in Europa als in Nederland –met verlaging van de basisdatabescherming van acht naar zes jaar? Zo ja,kan het kabinet deze onderbouwing met de Kamer delen? Zo nee, hoedenkt het kabinet er dan voor te zorgen dat de huidige voorstellen nietleiden tot minder ontwikkeling en dus beschikbaarheid van geneesmid-delen?Het kabinet kan patiënten niet garanderen dat er net zo veel of meergeneesmiddelenontwikkeling plaatsvindt met verlaging van de basisbe-scherming. In de impactanalyse van de Commissie7 is de mogelijkeimpact van het verlagen van de basisdatabescherming op het Europeseconcurrentievermogen bekeken. Hierin werd geconcludeerd dat een directverband tussen EU-stimulansen (oftewel incentives) enEU-concurrentievermogen moeilijk vast te stellen is. De stimulansenmaken de EU-markt weliswaar aantrekkelijker om een geneesmiddel aante bieden, maar bepalen in mindere mate waar het geneesmiddel wordtontwikkeld of gemaakt. Daarbij spelen ook andere factoren een rol zoalsgoed opgeleid personeel, (zorg)infrastructuur en voorspelbaar overheids-beleid, zaken die buiten de scope van dit wetsvoorstel vallen maar die ikwel ondersteun met nationaal beleid. Daarnaast blijft de Europese Uniemet de EU-stimulansen in het Commissievoorstel competitief aan debescherming die wordt gegeven elders in de wereld8.Een advies van de Critical Medicines Alliantie is dat overheids-investeringen en een aanleg van medicijnvoorraden noodzakelijk zijn.De huidige staatssteuninstrumenten zijn volgens de alliantie onvoldoendevoor het ondersteunen van de sector. De genoemde leden willen weten inhoeverre het kabinet dit advies gaat overnemen? Mocht het kabinet ditadvies overnemen, hoe gaat dit bekostigd worden? Kan het kabinetaangeven om hoeveel staatssteun dit voor Nederland gaat?Heeft het kabinet aangaande de CMA al enige toezeggingen gedaanrichting de EU?De Critical Medicines Alliance is een raadgevend forum dat onlangs haaraanbevelingen in vorm van een strategisch rapport heeft aangeboden aande Europese Commissie. De aanbevelingen zijn onder andere input voorde voorgestelde Critical Medicines Act. Deze is op 11 maart jl. gepubli-ceerd. Het wetgevingskader voor staatssteun op dit onderwerp isonderdeel van deze voorgestelde wetgeving. Het kabinetstandpunt hieropwordt uw Kamer via het gebruikelijke Beoordeling Nieuwe Commissie-voorstellen (BNC)-proces voorgelegd. Het kabinet kan hier niet opvooruitlopen. Er zijn geen toezeggingen gedaan aan de EU aangaande deCMA.7SWD(2023) 192 final.8SWD(2023) 192 final, tabel 2.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 7799 Heeft het kabinet kennisgenomen van de zorgen van de voorzitter van deEuropese koepelvereniging voor farmaceutische bedrijven in het EWMagazine van 30 januari 2025 (Topman farmagigant Novo Nordisk:«Europa dreigt vergeten regio te worden)?Ja.Deelt het kabinet de zorgen dat Europa een vergeten regio lijkt te wordenals het gaat om geneesmiddelenontwikkeling? Waarom wel of niet?Zoals hierboven in het antwoord op vragen van deze Leden aangegevenis, wordt geneesmiddelenontwikkeling beïnvloed door veel verschillendefactoren. Daarnaast blijft de Europese Unie met de EU-stimulansen in hetCommissievoorstel van de herziening van de EU farmaceutischewetgeving competitief aan de bescherming die wordt gegeven elders inde wereld9.Is het kabinet op de hoogte van de standpunten rondom de herzieningvan de Europese geneesmiddelenontwikkeling van Denemarken, Zwedenen Duitsland? Zo ja, hoe taxeert het kabinet de opvattingen van dezelanden? Zo nee, kan het kabinet zijn appreciatie van de standpunten vandeze landen met de Kamer delen?Het kabinet is bekend met de standpunten van Denemarken, Zweden enDuitsland die zijn ingebracht in de raadsonderhandelingen in Brussel.Gezien de lopende onderhandelingen en de vertrouwelijke aard ervan, kanhet kabinet zich hier niet over uitlaten.Sinds de publicatie van de herziening van de Europese geneesmiddelen-wetgeving in het voorjaar van 2023 is er geopolitiek veel gebeurd. Ziet hetkabinet aanleiding zijn inzet op de herziening van de Europese genees-middelenwetgeving in Europa te wijzigen ten opzichte van het BNC-fichezoals gepubliceerd door het vorige kabinet? Zo ja, op welke punten? Zonee, waarom niet?De EU farmaceutische wetgeving gaat grotendeels over de verplichtingenen stimulansen (incentives) rondom het op de markt brengen vangeneesmiddelen in de Europese Unie om de kwaliteit, effectiviteit enveiligheid te waarborgen. Het belang van deze waarborgen verandert nietdoor geopolitieke veranderingen. De Europese Unie blijft competitief methet Commissievoorstel van EU-stimulansen (oftewel incentives). Ook zijner andere bepalingen opgenomen om de EU aantrekkelijk te houden, zoalssnellere beoordelingstermijnen voor nieuwe geneesmiddelen. Daarnaastheeft de Europese Commissie op 11 maart jl. de Critical Medicines Actgepubliceerd om de Europese Unie sterker en onafhankelijker te makenop het gebied van kritieke geneesmiddelen. Het kabinetstandpunt op deCritical Medicines Act wordt via het gebruikelijke Beoordeling NieuweCommissievoorstellen (BNC)-proces aan uw Kamer voorgelegd.Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben met interesse kennisge-nomen van de geannoteerde agenda voor de informele EU Gezond-heidsraad van 24–25 maart 2025 en hebben nog enkele vragen enopmerkingen.9SWD(2023) 192 final, tabel 2.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77910 De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie zien dat de mentale gezondheidvan jongeren op de agenda staat. De leden maken zich grote zorgen overde gezondheidsgevolgen van te hoge schermtijd en verslavende socialemedia, voor jongeren en voor volwassenen. De verslavende en polarise-rende ontwerpkeuzes, waar het verdienmodel van sociale media op isgebouwd, moeten Europees in de ban. Deze elementen verzieken deonline leefwereld voor iedereen en daar gaan de reële voordelen vansociale media aan ten onder.Hoe gaat het kabinet de motie-Kathmann c.s. [Kamerstuk 26 643, nr. 1302]die vraagt om een Europees verbod op verslavend en polariserendontwerp uitvoeren?Gaat het kabinet deze oproep in de Gezondheidsraad ook kenbaar maken?In welke wetgevingstrajecten kan zo’n Europees verbod op verslavendontwerp worden opgenomen?Tijdens de Gezondheidsraad zal ik oproepen tot het beschermen van de(mentale) gezondheid van jeugdigen in de online leefwereld. Het kabinetheeft eerder al op Europees niveau aandacht gevraagd voor de aanpakvan het verslavend ontwerp. We zullen dit bij de Europese Commissieonder de aandacht blijven brengen. In de evaluatie van de Europeseconsumentenrichtlijnen heeft de Commissie bovendien zelf ook gesigna-leerd dat verslavend ontwerp door consumenten als problematisch wordtervaren. In de missieverklaring voor de nieuwe Eurocommissaris voorDemocratie, Justitie en de Rechtsstaat kondigde de Commissie aan dat zedit probleem wil gaan aanpakken met een mogelijke Digital Fairness Act.Voor deze zomer zal de Minister van EZ in samenwerking met deStaatssecretaris BZK de Tweede Kamer nader informeren over deuitkomsten van deze evaluatie en de Nederlandse inzet in aanloop naareen mogelijk voorstel van de Europese Commissie.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie willen dat de Digital Services Act(DSA) voortvarend wordt uitgevoerd en gehandhaafd. Zij vragen deStaatssecretaris om in de Gezondheidsraad te vragen bij collega’s hoeandere lidstaten op nationaal niveau de DSA handhaven en uitvoeren.Naar welke landen kijkt de Staatssecretaris met interesse op dit gebied?Tijdens de EU Gezondheidsraad zal ik ook bilaterale gesprekken voerenmet ambtsgenoten van andere lidstaten over hun beleid voor debescherming van de gezondheid van jeugdigen in de online leefwereld. Ikkijk met interesse naar het beleid van bijvoorbeeld Zweden enDenemarken. Het Ministerie van Economische Zaken heeft geregeldcontact met een aantal lidstaten over de uitvoering van de DSA in hetalgemeen.Hoe gaat de Staatssecretaris de best practices van andere lidstatenophalen en verwerken in Nederland?Ik zal tijdens de EU Gezondheidsraad een oproep doen voor meerEuropese samenwerking op het thema digitalisering in relatie tot de(mentale) gezondheid van jeugdigen. Dat betekent ook het delen van bestpractices.Naast de bespreking van dit onderwerp in de Gezondheidsraad en deraadsconclusies die daarbij horen, wordt er via de Joint Action «Healthiertogether EU NCD initiative – Mental health» met verschillende landeningezet op de preventie van vroegtijdig, problematisch gebruik vandigitale technologieën. Het RIVM en Trimbos-instituut brengen en halenhier bijvoorbeeld nieuwe beleidsinzichten en onderzoek over schermtijd,digitaal welzijn en balans. Tijdens de EU Gezondheidsraad zal ik ookTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77911 bilaterale gesprekken voeren met ambtsgenoten van andere lidstaten overhun beleid voor de bescherming van de gezondheid van jeugdigen in deonline leefwereld. Tenslotte, heb ik een internationaal vergelijkendonderzoek laten uitvoeren naar gezondheidsbeleid in relatie tot jeugdigenen digitalisering. De uitkomsten hiervan deel ik voor de zomer met uwKamer. Dit alles wordt meegenomen in (de implementatie van) derichtlijnen en adviezen gezond en verantwoord scherm- en socialemediagebruik die ik aan het opstellen ben.Op welke manier trekt de Staatssecretaris hierin op met zijn collega’s vanBinnenlandse Zaken?De Staatssecretaris van BZK voert gesprekken met andere gelijkgestemdelidstaten om samen op te trekken op online kinderrechtenthema’s waaroplidstaten een vergelijkbare visie hebben. Hiermee wordt ook uitvoeringgegeven aan de motie Nispen, waarin de regering wordt verzocht om inde EU met gelijkgestemde landen op te trekken om kinderen op socialemedia platformen te beschermen10. De Staatssecretaris van BZK iscoördinerend op online kinderrechten. Waar het gaat om thema’s die aan(mentale) gezondheid raken, valt dit onder mijn verantwoordelijkheid. Zowerken we samen aan de bescherming van jeugdigen in de onlineleefwereld. Naast coördinatie door de Staatssecretaris van BZK hebbenook EZ, OCW en JenV een rol.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie pleiten voor gezaghebbendadvies over de gezondheidsgevolgen van sociale media. De leden zijngeen voorstander van een hogere minimumleeftijd voor sociale media. Zijachten het onuitvoerbaar en symbolisch, zeker zolang er geenbetrouwbare methode voor leeftijdsverificatie bestaat. Bovendien ontslaathet Big Tech van hun verantwoordelijkheid om hun platforms vooriedereen gezonder te maken. Wel zijn de leden groot voorstander vannationale gezondheidsadviezen als richtlijn voor ouders en jongeren dieafspraken willen maken over telefoongebruik. Deelt het kabinet de zorgenvan de leden van GroenLinks-PvdA-fractie over deze situatie?Ja. Ik herken de noodzaak van heldere adviezen en richtlijnen vooropvoeders als het gaat om scherm- en sociale mediagebruik van kinderen.Daarom laat ik die nu opstellen, op basis van wetenschap en input vanopvoeders en jeugdigen zelf. Ik wil inzetten op ondersteuning van oudersdie effectief is en erken dat een sociale mediaverbod niet wenselijk is (weontnemen kinderen dan ook de positieve kanten) en daarnaast lastiguitvoerbaar. Ik wil grote sociale media platforms wijzen op hun verant-woordelijkheid en ze hier zeker niet van vrijwaren.Kan de Staatssecretaris bevestigen dat de Staatssecretaris de motie-Vander Werf c.s. [Kamerstuk 26 643, nr. 1299], die het kabinet heeft geïnterpre-teerd als een oproep om tot niet-bindende adviesleeftijden te komen, ookals zodanig zal uitvoeren? Welke partijen betrekt de Staatssecretaris bij hetopstellen van de adviezen?In de (adviserende) richtlijnen voor gezond en verantwoord scherm- ensociale mediagebruik die ik momenteel laat opstellen is aandacht voorleeftijdsdifferentiatie. Dit krijgt de vorm van een niet bindend advies. Ikvind het van belang dat de adviezen en richtlijnen die ik laat opstellenevidence-based zijn. Daarom worden inhoudelijke experts en weten-schappers van universiteiten en bijvoorbeeld het Nederlands Jeugdin-stituut en Trimbos-instituut betrokken. Het is ook van zeer groot belangdat de richtlijnen toepasbaar en gedragen zijn, daarom worden ook10Kamerstuk 36 600 VII, nr. 65.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77912 opvoeders en jeugdigen betrokken. Vervolgens moet worden nagedachtover de implementatie van de richtlijnen. Daarvoor wordt gesproken metpartijen als de GGD en Jeugdgezondheidszorg. De richtlijnen zullen eenplek krijgen in de massamediale publiekscampagne van de Staatssecre-taris van BZK die dit najaar van start zal gaan. Deze brede campagne voorouders en kinderen gaat over de kansen en risico’s van de digitale wereld.Tijdens de informele EU Gezondheidsraad zal met andere lidstatengesproken worden over mentale gezondheid onder jongeren en de impactvan onder andere sociale media hierop. Tijdens de gedachtewisselingover dit thema zal er onder andere aandacht besteed worden aanmaatregelen die in verschillende landen genomen zijn ter verbetering vande mentale gezondheid onder jongeren in relatie tot social media. Daarbijzal kennis uitgewisseld worden over de aanpak van andere EU-landen opdit thema en hoe er eventueel in gezamenlijkheid opgetrokken kanworden. Deze kennis zal ik terug nemen naar Nederland om te bezien of,en hoe de aanpak van mentale gezondheid en social media eventueelverder aangescherpt kan worden.Tenslotte, moet eveneens rekening worden gehouden met het bestaandwettelijk kader de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbe-scherming (UAVG) die onder verantwoordelijkheid van de StaatssecretarisRechtsbescherming valt. In de UAVG bestaan reeds verplichtendevoorwaarden voor toestemming – en daarmee het gebruik – van internet-diensten, waaronder sociale media door minderjarigen. In de UAVG wordtgeregeld dat een minderjarige jonger dan 16 jaar geen gebruik magmaken van deze diensten zonder toestemming of machtiging door depersoon die de ouderlijke verantwoordelijkheid voor de minderjarigedraagt11. In de reeds aanhangige verzamelwet gegevensbescherming bijuw Kamer wordt wel voorzien in een wijziging waarbij vanaf de leeftijdvan 12 de jongere die van mening is dat er geen verwerking vanpersoonsgegevens meer zou moeten plaatsvinden, voortaan onafhankelijkvan zijn vertegenwoordiger besluiten om de toestemming voorverwerking van zijn persoonsgegevens in te trekken.De leden herinneren de Staatssecretaris aan de aangehouden motie-Kathmann/Van der Werf [Kamerstuk 36 600 VII, nr. 71] die vraagt om eenDigitale Kijkwijzer te ontwikkelen samen met het NICAM. Door degrondige methodiek van de Kijkwijzer toe te passen op sociale mediaplatforms en apps, kunnen specifieke ongezonde ontwerpkeuzes wordengeïdentificeerd. Door nationaal voorop te lopen met zulke gezaghebbendeadviezen over platforms, op basis van de vertrouwde Kijkwijzer-methode,kan Nederland ook op Europees niveau gericht pleiten voor verdergaanderegulering van sociale media vanuit gezondheidsperspectief. Ook kan ditinzicht helpen met het vaststellen van nationale gezondheidsadviezenover sociale media. Deelt de Staatssecretaris deze opvatting?Het kabinet deelt de opvatting dat een Digitale Kijkwijzer voor digitalediensten de risico’s daarvan kan identificeren en daarmee kan helpen omnegatieve gezondheidseffecten tegen te gaan.Wanneer komt het onderzoek naar de Gamecheck, waar ook in gegaan zalworden op een soortgelijke classificatie voor sociale media?De Gamecheck wordt dit voorjaar verwacht. De Staatssecretaris van BZKgaat in overleg met NICAM bekijken of Gamecheck en de Gamewijzer vanNICAM geïntegreerd kunnen worden. De daarmee opgedane ervaring11artikel 5 UAVG jo. artikel 8 AVG.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77913 wordt benut om te bezien of dit (geïntegreerde) instrument kan wordenverbreed tot een digitale kijkwijzer.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vinden het belangrijk dat er eenherziening van de Tabaksrichtlijnen komt. Eenduidiger beleid tussenlidstaten draagt bij aan het tegengaan van de toegankelijkheid van nieuwetabaks- en nicotineproducten. Met name om het gebruik van vapes onderjongeren tegen te gaan. De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vindenhet een goede zaak dat de Staatssecretaris pleit voor strengere regelsvoor vapes. Kan de Staatssecretaris aangeven welke maatregelen hij wiltreffen als hij pleit voor strengere regels voor vapes?In de afgelopen jaren zien we dat er nieuwe tabaks- en nicotineproductenop de markt zijn verschenen die niet worden gereguleerd door Europesewetgeving. Veel van deze producten bevatten een hoge dosis nicotine enzijn aantrekkelijk voor jongeren door de verpakking en door de smaakjes.Ik vind het belangrijk dat de Europese Commissie spoedig met strenge entoekomstbestendige wetgeving komt om zo met name jongeren tebeschermen. Lidstaten kunnen soms zelf maatregelen treffen, maar doorde open grenzen en de invloed van sociale media is het effectieverwanneer de EU als geheel een pakket maatregelen treft die we dan ookgezamenlijk kunnen handhaven op de Europese Interne Markt. Ik denkhierbij bijvoorbeeld aan maatregelen die de aantrekkelijkheid van tabaks-en nicotineproducten verminderen zoals een smaakjesverbod, maximalenicotine niveaus en de invoering van neutrale verpakkingen. Ook denk ikaan een Europees verbod op marketing en grensoverschrijdende verkoopop afstand voor alle tabaks- en nicotineproducten.Valt een Europees smaakjesverbod onder die strengere regels?Naar mijn idee zou een Europees verbod op smaakjes een belangrijkemaatregel zijn binnen het pakket aan nieuwe en strengere Europeseregelgeving voor tabak en (nieuwe) tabaks- en nicotineproducten.Is de Staatssecretaris het met de leden eens dat een Europees smaakjes-verbod een effectieve maatregel is om het aantal vapes met een smaakjein Nederland terug te dringen?Zoals hierboven aangegeven denk ik inderdaad dat dit een goedemaatregel zou zijn.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie onderstrepen de noodzaak omin Europees verband samen te werken voor het aanleggen van voorradenvan kritieke geneesmiddelen en bij te dragen de betaalbaarheid van duregeneesmiddelen. De leden delen de analyse van de Minister vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport dat het niet realistisch is om alleproductie van (kritieke) geneesmiddelen in Nederland te laten plaats-vinden, gezien de complexiteit van de productieketens. Sterke samen-werking op EU-niveau is daarom van essentieel belang. Kan het kabinetaangeven op welke manier Nederland gaat bijdragen aan de versterkingvan het concurrentievermogen betreft geneesmiddelen van de EuropeseUnie?Het versterken van het concurrentievermogen moet op Europees niveaugecoördineerd worden om efficiënt en effectief te zijn. Nederland neemtdan ook actief deel aan de Critical Medicines Alliance. De CMA heeft haaraanbevelingen, in vorm van een strategisch rapport, aan de EuropeseCommissie aangeboden. Deze aanbevelingen zijn bedoeld om deleveringszekerheid van kritieke geneesmiddelen te verbeteren en hetconcurrentievermogen te versterken. Onderdeel van deze aanbevelingenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77914 is het stimuleren van productie dichtbij huis. Het doel van het kabinet isdat de EU maximaal onafhankelijk is van landen buiten Europa voorkritieke geneesmiddelen en medische producten. Het kabinet heeft onderandere een subsidie verleend om productie in Nederland en Europa teversterken. Dit is gebeurd in het kader van de Important Projects ofCommon European Interest Med4Cure (IPCEI Med4Cure). Eén van deprojecten zal met behulp van nieuwe productieprocessen generiekegeneesmiddelen weer in Nederland gaan produceren.Ondanks dat prijsonderhandelingen een nationale aangelegenheid zijn,kan EU-wetgeving bijdragen aan lagere prijzen van geneesmiddelen. Deleden onderstrepen dan ook het belang van het verkorten van de data- enmarktbeschermingsperiode voor nieuwe geneesmiddelen. Dezeverkorting zal de concurrentie bevorderen en de prijzen van geneesmid-delen doen dalen. Voor welke duur van marktbescherming en databe-scherming pleit de Staatssecretaris?Zoals in het BNC-fiche over de Herziening van de EU farmaceutischewetgeving aangegeven12, steunt het kabinet het voorstel van deCommissie om de basisdatabescherming te verlagen naar zes jaar en tewerken met modulatie. Het kabinet is van mening dat de herziening nietmag leiden tot hogere uitgaven aan geneesmiddelen.De leden van GroenLinks-PvdA zijn voorstander van het legaliseren vanleveringen van apotheekbereidingen tussen apothekers. Is de Staatssecre-taris bereid dit in te brengen tijdens de informele EU Gezondheidsraadvan 24–25 maart 2025?Het kabinet deelt dat het van belang is dat het doorleveren van apotheek-bereidingen wettelijk verankerd wordt. Om dit in Nederland mogelijk tekunnen maken, moet dit worden verankerd in de Europese farmaceutischewetgeving. Echter, de herziening van de Europese farmaceutischewetgeving is niet geagendeerd tijdens deze informele EU gezond-heidsraad. Ik acht het niet opportuun om dit punt actief te agenderen. Dekomende periode wordt dit onderwerp besproken in de raadswerk-groepen over de herziening van EU farmaceutische wetgeving. In diewerkgroepen zet Nederland zich stevig in voor dit onderwerp.De leden van GroenLinks-PvdA onderstrepen het belang van medicijnontwikkelingen voor zeldzame aandoeningen en de strijd tegen antibioti-caresistente. Hier ligt nog ruimte in de wetgeving om de ontwikkeling vanbepaalde soort innovatieve geneesmiddelen te stimuleren. Deelt deStaatssecretaris deze mening van de leden? Kan de Staatssecretaris nadertoelichten hoe hij deze ontwikkelingen wil stimuleren?Het kabinet deelt deze opvatting deels. De bescherming die weesgenees-middelen voor zeldzame aandoeningen krijgen is in het huidige systeemaantrekkelijk en heeft geleid tot de gewenste ontwikkeling van geneesmid-delen voor dit type ziektes. Het kabinet wil deze koers vasthouden. In hetCommissievoorstel worden hierin geen grote wijzigingen voorzien. Welkrijgen weesgeneesmiddelen die worden goedgekeurd op basis van albestaand gebruik, een marktexclusiviteit van slechts 5 jaar in plaats vande huidige 10 jaar. Dit betreft producten waar off-label gebruik vanbestaande geneesmiddelen in de medische praktijk al vele jaren wordttoegepast (zogeheten well-established toepassing), en waarvoor hetbedrijf dus geen uitgebreide klinische studies heeft hoeven uitvoeren. Hetkabinet vindt dit passend.12Kamerstuk 36 365, nr. 2.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77915 Zoals in het BNC-fiche over de Herziening EU farmaceutische wetgeving isgedeeld13, is het kabinet het eens met de Commissie dat het huidigesysteem van regulatoire incentives de ontwikkeling en beschikbaarheidvan antimicrobiële middelen niet stimuleert. Maar, het kabinet heeftbedenkingen bij de introductie van overdraagbare exclusiviteitsvouchersdie door de Commissie worden voorgesteld. Redenen hiervoor zijn datvouchers geen rechtstreekse stimulans zijn voor de ontwikkeling vannieuwe antimicrobiële middelen en dat zij niet garanderen dat dezemiddelen gedurende een bepaalde tijd in de hele EU beschikbaar blijven.De vouchers komen bij overdracht met name ten goede aan productenmet andere, meer winstgevende indicaties, waardoor innovatie doorconcurrenten wordt geremd en de introductie van generieke geneesmid-delen wordt vertraagd. Dit heeft een negatief effect op de beschikbaarheiden betaalbaarheid van geneesmiddelen. Daarnaast zijn vouchers eenindirecte en ondoorzichtige vorm van financiering met onduidelijke enonvoorspelbare kosten voor nationale gezondheidsstelsels. Het kabinetziet een betere oplossing in nieuwe bedrijfsmodellen die niet per se vanwetgevende aard zijn, die een directe vorm van financiering zijn en dieinkomsten voor een bedrijf kunnen ontkoppelen van de verkoop van hetgeneesmiddel.Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractieDe leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de geannoteerdeagenda voor de informele EU-Gezondheidsraad op 24 en 25 maartaanstaande. Zij hebben hierbij nog enkele vragen.Tijdens de informele EU-Gezondheidsraad zal van gedachten wordengewisseld over preventie, zo lezen de leden van de VVD-fractie. Vaccinatieis een bewezen effectieve vorm van preventie. In Nederland is het aantalgevallen van mazelen in twee weken bijna verdubbeld waarbij de meestemensen besmet zijn geraakt tijdens een bezoek aan Marokko ofRoemenië14. Welke maatregelen neemt Roemenië om de mazelenuitbraakin te dammen?In maart 2023 nam het aantal mazelengevallen in Roemenië toe, en begindecember van dat jaar heeft het Ministerie van Volksgezondheid eennationale mazelenepidemie afgekondigd. Naast de oproep om onvolledigen niet gevaccineerde kinderen, die een inhaalvaccinatie aangebodenkrijgen, te laten vaccineren, werd vervroegd vaccineren van kinderentussen 9 en 11 maanden geadviseerd. Het is onduidelijk of dit advies nunog van kracht is.In maart en april 2025 worden in Nederland landelijke vaccinatie-promotieactiviteiten uitgerold om ouders bewust te maken van de mogelijkheidvan vaccinaties, en ze aan te moedigen om hun kinderen te latenvaccineren. Er zijn verschillende promotiekanalen ontwikkeld, die zich nietalleen beperken tot mazelen, maar ook gaan over andere ziektes die doorvaccinatie te voorkomen zijn. Professionals en scholen worden daarbijnadrukkelijk betrokken.En welke lidstaten hebben een effectieve vaccinatieaanpak waarNederland lessen uit kan trekken?13Kamerstuk 36 365, nr. 2.14Aantal gevallen mazelen in 2 weken verdubbeld, meesten besmet in buitenland | Binnenland |NU.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77916 Welke initiatieven wel of niet werken voor het verhogen van de vaccinatie-graden is onder meer afhankelijk van de lokale context waarin dezeworden toegepast. Zoals de mate waarin de overheid en gezondheidszorgdoor de bevolking worden vertrouwd. Voorop staat dat er dus niet éénuniversele, effectieve vaccinatieaanpak is.In Denemarken, Finland, Noorwegen en Zweden zijn de vaccinatiegradenrelatief hoog en is deelname aan het nationale vaccinatieprogramma, netals in Nederland, op basis van vrijwilligheid. Er zijn verschillende factorenin de aanpak van deze landen die bijdragen aan relatief hoge vaccinatie-graden. Zo speelt goede monitoring van de effectiviteit van het vaccinatie-programma een belangrijke rol, waardoor het onder andere mogelijk isom extra aandacht te geven aan gebieden en doelgroepen waar devaccinatiegraad achterblijft. Ook hebben zogenoemde follow-up-activiteiten en het gericht inspelen op de informatiebehoeftenvan doelgroepen hier een positief effect op de vaccinatiegraden.Voorbeelden hiervan zijn het versturen van automatische herinneringenvoor het halen van vaccinaties en het verspreiden van informatie overvaccinaties via vertrouwde kanalen15.In Nederland wordt door de jeugdgezondheidszorg (JGZ) al veel ingezetop een vergelijkbare, wijkgerichte en fijnmazige aanpak. Dat wil zeggen:het laagdrempelig aanbieden van vaccinaties op plekken waar devaccinatiegraad achterblijft en het afstemmen van voorlichting op debehoeften van doelgroepen. De goede voorbeelden uit Noord-Europakunnen worden benut bij het verder uitbreiden van deze aanpak.Daarnaast vragen de leden wanneer het actieplan cardiovasculairegezondheid verwacht wordt.Eurocommissaris Várhelyi voor Gezondheid en Dierenwelzijn heeft eind2024 aangekondigd dat de Commissie een nieuw Europees actieplan voorcardiovasculaire gezondheid zal ontwikkelen. In het Werkprogramma 2025maakt de Commissie echter geen vermelding van dit plan. Hieruit leid hetkabinet af dat de Commissaris op zijn vroegst in 2026 met het plan zalkomen.En wordt in het actieplan ingegaan op man/vrouw verschillen bij hart- envaataandoeningen? Zo nee, is de Staatssecretaris dan bereid om zich in tezetten dit onderwerp aan het actieplan te laten toevoegen?Het actieplan cardiovasculaire gezondheid is nog niet uitgebracht. Hetkabinet kan dan ook niet vooruitlopen op een reactie op dit plan.Zorginhoudelijke inbreng ligt bij zorgprofessionals (richtlijnen) en hetkabinet hecht waarde aan de autonomie van lidstaten ten aanzien van hetzorgbeleid. Voor de kabinetsinzet op vrouwspecifieke aandoeningenverwijs ik naar de brief van 7 maart 2024, met reactie op het rapport«Maatschappelijke acceptatie van vrouwspecifieke aandoeningen» van deNederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG)16.De leden van de VVD-fractie merken op dat het kabinet al enige tijdaangeeft het belangrijk te vinden dat de Commissie spoedig met deherziening van de Tabaksrichtlijnen komt. Ook de leden zien deze15Bron: Sabin Vaccine Institute (2018). «Legislative Landscape Review: Legislative Approaches toImmunization Across the European Region». https://www.sabin.org/resources/legislative-approaches-to-immunization-across-the-european-region/16Kamerstuk 31 765, nr. 843.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77917 herziening liever vandaag dan morgen. Zij vragen daarom of duidelijk iswanneer de Commissie met de herziening komt?In het Werkprogramma 2025 maakt de Commissie geen aankondiging vanhet voornemen een herziening van de Tabaksproductenrichtlijn tevoorzien. Eurocommissaris Várhelyi heeft in zijn missiebrief de opdrachtgekregen om de tabaksregelgeving te evalueren en te herzien. Ik werk metambtsgenoten van andere EU-lidstaten aan een gezamenlijke oproep aande Commissie om snel met een voorstel tot herziening te komen en ik zaldit ook weer benoemen tijdens de informele EU Gezondheidsraad van24–25 maart.In hoeverre is het kabinet afhankelijk van vernieuwing van de Tabaksricht-lijnen om zijn eigen tabakspreventiebeleid succesvol te kunnen uitvoeren?Lidstaten kunnen soms zelf maatregelen treffen, maar door de opengrenzen is het effectiever wanneer de EU als geheel een pakket maatre-gelen treft, die we dan ook gezamenlijk kunnen handhaven als onderdeelvan de Europese Interne Markt.Daarnaast zijn de leden van de VVD-fractie benieuwd naar de aanpak vaninternationale productie en handel in illegale rookwaren. Op welke manierwordt samengewerkt tussen verschillende lidstaten om illegale handelaan te pakken? En hoe verloopt deze samenwerking?De aanpak van illegale handel in tabakswaren gebeurt in Europeesverband. Onder andere het Europees Bureau voor fraudebestrijding(OLAF) en Europol zien op Europees niveau op de handhaving van deillegale handel in tabakswaren. In het kader van de EU EMPACT-samenwerking (EMPACT staat voor het European multi-disciplinaryplatform against criminal threats) wordt voortdurend door nationale enEuropese handhavings- en opsporingsdiensten en openbaar ministeriesvan de diverse lidstaten opgetreden tegen illegale tabaksproducten en hettegengaan van accijnsfraude. Dit blijkt ook uit de resultaten van de EUEMPACT samenwerking in 2021.17 Die samenwerking leidde onder meertot de inbeslagname van 512,7 miljoen sigaretten, 1,61 miljoen kilo ruwetabak en fijngesneden tabak en het oprollen van 365 plekken voor deproductie en/of het versnijden en/of het opslaan van illegale tabak. Opnationaal niveau zijn de FIOD, de Douane en het Openbaar Ministeriehierbij betrokken. Daarnaast zet Nederland zich in voor de verplichtingenuit het FCTC-protocol inzake de uitbanning van de illegale handel intabaksproducten. Deze internationale samenwerking zorgt voor weder-zijdse bijstand tussen autoriteiten. Controle op illegale handel is mogelijkdoor deze gezamenlijke Europese opsporing en samenwerking. Nederlandwerkt dus intensief samen met de verschillende Europese opsporings-diensten.Met betrekking tot het gesprek over mentale gezondheid van jongeren endigitale technologieën. Recent bleek dat digitale ggz-zorg steeds vakergebeurt en dat de Nederlandse ggz voorstander is18. De leden vragen inhoeverre het kabinet met internationale en nationale organisaties aan deslag gaat om een goede balans te vinden tussen de voor- en nadelen vansociale media voor gezondheid en zorg?17Empact, 2021. Empact 2021 results. Beschikbaar via: https://www.consilium.europa.eu/media/58310/2022_291_empact-factsheets-2021_web_final.pdf.18Beeldbellen met je therapeut gebeurt steeds vakerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77918 Sociale media zijn tegenwoordig niet meer weg te denken uit onze levens.Dat geldt zeker voor jeugdigen. Het is daarom logisch dat er ook onlinenieuwe manieren ontstaan om jeugdigen te ondersteunen. Het isbelangrijk dat online informatie over mentale gezondheid betrouwbaar enmakkelijk te vinden is. Denk daarbij aan het online platform mentalegezondheid jongeren «In je bol» dat binnenkort wordt gelanceerd metsteun van VWS19. Partijen als MIND Us zetten zich daarnaast in voor eenmentaal gezondere online leefwereld, door juist daar te werken aan eenpositief geluid en nieuwe sociale normen met influencers die uitdragendat het leven niet perfect hoeft te zijn. Tenslotte hebben MIND US, Unicefen vele andere maatschappelijke partijen onlangs het startschot gegevenvoor een maatschappelijke agenda voor de online leefwereld vanjongeren20. Ik steun dit zeer. In het gesprek over mentale gezondheid inrelatie tot digitalisering, online en offline, moet ruimte zijn om het tehebben over digitale balans.Het doet de leden van de VVD-fractie goed te lezen dat er aanzienlijkevooruitgang is geboekt op het gebied van de herziening EU farmaceu-tische wetgeving21. Wat is de verwachting van het kabinet over devoortgang op de nog openstaande punten?Op technisch-inhoudelijke voorstellen lijken de lidstaten elkaar te kunnenvinden. Het onderwerp EU-stimulansen (oftewel incentives) is onder hetPoolse voorzitterschap tot nu toe nog niet besproken. Over de voortgangkunnen daarom nog geen uitspraken worden gedaan.Wat de leden van de VVD-fractie betreft kan innovatie bijdragen aanbetaalbaarheid en toegankelijkheid, zeker op Europese schaal. Kan hetkabinet toelichten hoe het zich de komende tijd inzet om het aantrekkelijkte houden voor geneesmiddelenontwikkelaars om te investeren inNederland?Het voorstel voor herziening van de EU farmaceutische wetgeving bevateen breed pakket aan maatregelen om de EU aantrekkelijk te houden voorgeneesmiddelenontwikkeling. Het kabinet steunt dat doel van deEuropese Commissie. Uiteraard houden wij bij de onderhandelingen in deRaad oog voor het belang van alle betrokken stakeholders in Nederland,waaronder farmaceutische bedrijven. Zo is regelmatig overleg met deNederlandse brancheverenigingen voor de innovatieve farmaceutischeindustrie (Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen) en de biotechnologie(HollandBio) over dit onderwerp. Om Nederland aantrekkelijk te houdenvoor investeringen in geneesmiddelenontwikkeling wordt gewerkt aaneen kabinetsbrede visie op de Biotechnologie die binnenkort met uwKamer wordt gedeeld. De herinrichting van het Nederlandse toetsings-landschap voor klinisch onderzoek is eveneens een belangrijk onderwerp.Nederland heeft een sterke positie waar het gaat om klinisch onderzoek,en deze positie moet behouden blijven.De leden van de VVD-fractie zijn enthousiast over het feit dat het Poolsvoorzitterschap inhoudelijke besprekingen opent over kruidengeneesmid-delen en homeopatica. Wat de leden betreft horen voedingssupplementenhier ook bij. De leden maken zich zorgen over de toename vanzogenaamde «healthfluencers» en de verkoop van bijvoorbeeld19https://mindus.nl/coming-soon-in-je-bol/20Eerste stap gezet naar veili https://mindus.nl/eerste-stap-gezet-naar-veiliger-en-mentaal-gezonde-digitale-wereld-voor-jongeren/ger en mentaal gezonde digitale wereld voor kinderenen jongeren | MIND Us21Kamerstuk 21 501-31, nr. 778Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77919 afslankthee met de verboden stof sibutramine via sociale media. Wat gaatde inzet van het kabinet zijn op dit onderwerp?Ik deel deze zorgen. Levensmiddelen mogen geen verboden stoffenbevatten. Het is primair de verantwoordelijkheid van het levensmiddelbe-drijf om te zorgen dat er geen onveilige levensmiddelen op de marktworden gebracht. Dit is vastgelegd in Europese wetgeving: de Algemenelevensmiddelenverordening.De NVWA houdt toezicht op de naleving door bedrijven van de regelsvoor voedselveiligheid. De NVWA kijkt daarbij naar de verschillendekanalen die door bedrijven of personen worden gebruikt om productenaan te bieden: sociale media, online winkels en fysieke winkels. De NVWAheeft onder andere met Marktplaats afspraken over de verwijdering vanadvertenties voor levensmiddelen die gezondheidsrisico’s met zichmeebrengen. Indien de NVWA op Marktplaats afslankthee aantreft die nietvoldoet aan wet- of regelgeving, dan wordt deze aan Marktplaats gemelden wordt de advertentie verwijderd.Toezicht op bedrijven die buiten de EU zijn gevestigd en hun productenvia sociale media aanbieden is juridisch gezien lastig. De NVWA kan inzulke gevallen wel de inhoud laten verwijderen, indien deze niet aan dewetgeving voldoet. Daarnaast brengt zij de buitenlandse autoriteiten opde hoogte, zodat deze autoriteiten bij het moederbedrijf maatregelenkunnen nemen om de handel te stoppen. Ook worden consumentengewaarschuwd door de NVWA via publiekswaarschuwingen tegen ditsoort afslankpillen.Wat gebeurt er momenteel al aan Europese samenwerking op dit gebied,bijvoorbeeld rondom wet- en regelgeving?Het regelgevend kader waar levensmiddelen, waaronder voedingssupple-menten en thee aan moeten voldoen zijn Europees vastgelegd. Ook is erEuropese regelgeving rondom zogenaamde gezondheidsclaims oplevensmiddelen. Via het Europese Rapid Alert System for Food and Feed(RASFF) wordt informatie over onveilige producten tussen de Europeselidstaten uitgewisseld, zodat snel kan worden gereageerd op volksgezond-heidsrisico’s in de voedselketen.De leden van de VVD-fractie vragen verder naar het tijdspad omtrent hetcreëren van een wettelijke grondslag voor her-uitgifte van (dure)geneesmiddelen.Nederland heeft in afstemming met de Europese Commissie in 2024 eenEuropese werkgroep voorgezeten om de wenselijkheid, zorgvuldig-heidseisen en randvoorwaarden van heruitgifte te bespreken. Met deverkregen input van de deelnemende lidstaten en de Europese Commissiewerkt Nederland nu verder om een mogelijkheid voor beperkte enverantwoorde heruitgifte te creëren in de Europese wetgeving. Nederlandbrengt dit in tijdens de huidige herziening van de EU farmaceutischewetgeving, zoals ook is aangegeven in het BNC-Fiche22. De onderhande-lingen over deze herziening lopen nog.Eerder stonden de leden van de VVD-fractie niet direct te springen om dekomst van de Critical Medicines Act omdat andere manieren vancoördineren en samenwerking nog niet gerealiseerd waren. In dat lichtvragen zij hoe het kabinet de deelname aan de Critical Medicines Alliance22Kamerstuk 36 365, nr. 2.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77920 (CMA) tot nu toe ervaart. Verloopt dit volgens verwachting of zijn erknelpunten?Nederland kijkt positief terug op de deelname aan de Critical MedicinesAlliance tot zover. Het heeft meerwaarde dat lidstaten, industrie enpatiëntenorganisaties samenkomen om de problemen en mogelijkeoplossingen te bespreken. De besprekingen waren constructief envoortvarend. De aanbevelingen van de Alliantie zijn onlangs, in vorm vaneen strategisch rapport, aangeboden aan de Europese Commissie.Daarnaast vragen de leden een reactie van het kabinet op de conclusiesen aanbevelingen die het CMA inmiddels heeft gedaan. Hoe verhoudt hetkabinet zich tot deze aanbevelingen?De aanbevelingen zijn onder meer input voor nieuwe Europesewetgeving, de Critical Medicines Act. Deze voorgestelde wetgeving is op11 maart jl. gepubliceerd. Het kabinetstandpunt op de voorgesteldewetgeving wordt uw Kamer via het gebruikelijke Beoordeling NieuweCommissievoorstellen (BNC)-proces voorgelegd. Het kabinet kan daar nietop vooruitlopen.Verder vragen de leden van de VVD-fractie hoe het kabinet kijkt naar denoodzaak van en het gebrek aan een impact assessment bij de Act?Het kabinetstandpunt op de voorgestelde wetgeving wordt uw Kamer viahet gebruikelijke Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC)-procesvoorgelegd. In algemene zin hecht het Kabinet waarde aan een impactassessment bij een voorstel voor Europese wetgeving.Tot slot maken de leden van de VVD-fractie van de gelegenheid gebruikom nog wat aanvullende vragen te stellen naar aanleiding van het verslagvan de EU-Gezondheidsraad van 3 december.De leden hebben al vaker opgeroepen tot Europese samenwerking op hetgebied van inkoop van geneesmiddelen, onder andere via een motie23. Zijzijn dan ook enthousiast over het voorstel van kleinere lidstaten omvrijwillig samen te werken middels gemeenschappelijk aankopen. Hoekijkt het kabinet naar dit voorstel en is het kabinet bereid deel te nemenaan een dergelijke samenwerking?Een wetgevend kader voor gezamenlijke inkoop van geneesmiddelenmaakt onderdeel uit van de voorgestelde Critical Medicines Act. Hetkabinetstandpunt hierop wordt uw Kamer via het gebruikelijke Beoor-deling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC)-proces voorgelegd. Hetkabinet kan hier niet op vooruitlopen.Daarnaast vinden de leden van de VVD-fractie het zeer positief dat eengroep lidstaten heeft opgeroepen tot het (gezamenlijk) aanpakken van deverkoop van illegale geneesmiddelen aan Europese burgers. Wat is deinzet van het kabinet geweest op dit punt?Illegale handel in geneesmiddelen is een groeiend probleem dat niet altijdgoed te bestrijden is met alleen nationale inzet. In algemene zin steunt hetkabinet de oproep tot een intensievere Europese samenwerking op ditgebied. Het kabinet zet erop in dat Europese samenwerking een duidelijkemeerwaarde heeft voor de Nederlandse situatie.23Kamerstuk 29477, nr. 918.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77921 Verwacht het kabinet dat hier op termijn afspraken over gemaakt gaanworden?Het belang van Europese samenwerking werd door veel lidstatenbenadrukt tijdens de afgelopen EU gezondheidsraad van 3 december.Deze mogelijke samenwerking moet eerst verder worden onderzochtvoordat er concrete afspraken kunnen worden gemaakt. Deze bredeEuropese steun geeft vertrouwen dat er in de toekomst voldoendedraagvlak zal zijn voor afspraken hieromtrent.Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie hebben kennisgenomen van de geanno-teerde agenda voor de informele EU Gezondheidsraad van 24–25 maart2025 in Warschau. Deze leden hebben hier nog enkele vragen over.De leden van de NSC-fractie zijn verheugd te lezen dat de mentalegezondheid van jongeren en adolescenten in het digitale tijdperk op deagenda staat voor deze aankomende EU Gezondheidsraad. Wel hopendeze leden dat bij dit proces de stem van de jongeren zelf ook wordtmeegenomen in deze discussie. Kan de Staatssecretaris zich hiervoorinzetten bij de Gezondheidsraad?Ik onderschrijf het grote belang van jongerenparticipatie, ook op Europeesniveau. Ik zal mij hierover uitspreken tijdens de Gezondheidsraad. In datkader is het goed om te benoemen dat de jongerenvertegenwoordigersvan de Nationale Jeugdraad geconsulteerd worden op de raadsconclusiesover «Promoting and Protecting the Mental Health of Children andAdolescents in the Digital Era». Het Poolse voorzitterschap is voornemensdeze in juni voor de formele Gezondheidsraad te agenderen.De leden vragen in hoeverre in Nederland wordt gecontroleerd of grotetechbedrijven zich daadwerkelijk aan de regelgeving houden, zoals deDSA.Het toezicht op de DSA is gebaseerd op het land-van-oorsprongbeginsel.Dit betekent dat de toezichthouders op de DSA (in beginsel) alleenbevoegd zijn om toezicht te houden op aanbieders van tussenhandel-diensten die hun (EU-)hoofdvestiging in hun lidstaat hebben gevestigd, ofdaar een wettelijk vertegenwoordiger hebben aangewezen. De Commissieis exclusief bevoegd voor het toezicht op de verplichtingen die uitsluitendgelden voor aanbieders van zeer grote online platforms en zeer groteonline zoekmachines. In de praktijk betekent dit dat het toezicht op de zeergrote online platforms TikTok, Instagram, Facebook, X en YouTube bij deCommissie en de Ierse toezichthouders ligt omdat hun EU-hoofdvestigingin Ierland is gevestigd. In Nederland zijn de zeer grote online platformsAliExpress, Booking.com en Snapchat gevestigd. Nederland is dus nietbevoegd om toezicht te houden op onder meer Instagram, TikTok, X, ofYouTube. Dat is aan de Europese Commissie en de Ierse toezichthouder.Welke concrete veranderingen zullen de procedures van de EuropeseCommissie op grond van de DSA teweegbrengen, bijvoorbeeld in hetkader van de lopende procedure tegen Meta?Dat is op dit moment onbekend en zal afhangen van het onderwerp en deuitkomsten van de procedures. De procedures tegen Meta zien bijvoor-beeld op de bescherming van minderjarigen. Zoals onder meer op deverplichting om passende en evenredige maatregelen te nemen die eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77922 hoog niveau van privacy, veiligheid en bescherming van minderjarigenbinnen hun dienst waarborgen24.De leden van de NSC-fractie vragen wat de Minister van Volksgezondheid,Welzijn en Sport ziet als de grootste uitdagingen bij het internationaalafstemmen van richtlijnen en regelgeving op dit gebied?Het is bekend dat veel landen, zoals Zweden, al opvoedadviezen voorouders rondom sociale media- en schermgebruik opgesteld hebben opbasis van wetenschappelijk onderzoek. Ik ben zelf ook bezig met hetopstellen van adviserende richtlijnen. Het kan een uitdaging zijn om dezeadviezen op Europees niveau samen te brengen wanneer deze van elkaarverschillen.De leden van de NSC-fractie vinden het goed dat er aandacht wordtbesteed aan preventie. Daarbij delen deze leden de mening van deStaatssecretaris dat het van belang is dat er spoedig een herziening vande verschillende Tabaksrichtlijnen komt. Al waarderen deze leden de inzetvan de Staatssecretaris om vapen tegen te gaan, hopen zij ook dat deStaatssecretaris zich net zo hard in zal zetten om ook het traditioneleroken tegen te gaan. Kan de Staatssecretaris toelichten hoe hij zich zalinzetten om ook vooruitgang te boeken op rookpreventie bij deze EUGezondheidsraad?Tijdens de gedachtewisseling over preventie in de Raad zal ik deCommissie oproepen tot spoedige herziening van de Europees richtlijnenop het gebied van tabaksontmoediging. Ik zal daarbij aangeven dat ik hetbelangrijk vind dat e-sigaretten en nieuwe tabaks- en nicotineproductenop Europees niveau streng gereguleerd worden, bijvoorbeeld door middelvan een verbod op smaakjes en een verbod op online grensoverschrij-dende verkoop. Dit zal ik ook tijdens bilaterale gesprekken met anderelidstaten aankaarten.En heeft de Staatssecretaris plannen om daar ook alcoholpreventie engezondere etenskeuzes te agenderen?Op het gebied van schadelijk alcoholgebruik en voeding verzoek ik deCommissie vooruitgang te boeken met de implementatie van de aange-kondigde maatregelen in het Europese Kankerbestrijdingsplan, aangeziengezonde voeding en verminderd alcoholgebruik de last vanniet-overdraagbare ziekten zullen verminderen. De rol van de EU zie ikmet name daar waar gezondheidsbeleid raakt aan de interne markt engezamenlijke EU inzet bijdraagt aan een gelijk speelveld voor de privatesector.Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractieMet interesse hebben de leden van de D66-fractie kennisgenomen van destukken omtrent de EU-gezondheidsraad en hebben hierover geenverdere vragen.Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractieDe leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de InformeleEU-Gezondheidsraad op 24 en 25 maart. De leden hebben de volgendevragen aan de Minister.De leden hebben gelezen dat in de laatste versie van de conclusies overmentale gezondheid van jongeren en de impact van digitale technolo-24https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/ip_24_2664Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77923 gieën (Delegates Portal 6348/25) de Europese Commissie wordt verzochthier bestaande wet- en regelgeving voor te benutten. Verder wordt in deconcept-conclusies geconcludeerd dat leeftijd een van de belangrijkstefactoren is in de impact op jongeren. In de conclusies wordt de lidstatenaangeraden om na te denken over het beperken van de toegang vanschoolgaande kinderen tot digitale technologieën.–Wat gaat het kabinet overbrengen op het gebied van de focus opweerbaarheid en veerkrachtig worden van kinderen? Bijvoorbeeld doormentale weerbaarheid als schoolvak in te stellen in het basisonder-wijs?In het kader van digitale technologie en een digitaliserende wereld,worden leerlingen voorbereid via het nieuwe leergebied digitale gelet-terdheid, dat in het vernieuwde curriculum wettelijk verankerd wordt. Hetomgaan met de digitale wereld in relatie tot jezelf en tot anderen komthierin aan bod en geeft leerlingen de handvatten om op een bewustemanier om te gaan met technologie. Mentale weerbaarheid – in het kadervan de impact van digitale technologie – wordt zo versterkt via hetvernieuwde curriculum.–Wat gaat het kabinet overbrengen als het gaat over vroegtijdigepreventie? Hoe denkt het kabinet over het oprichten van startklassenwaar extra intensief wordt ingezet op de ontwikkeling?Ik werk aan het opstellen van (adviserende) richtlijnen en adviezen voorverantwoord en gezond scherm- en sociale mediagebruik. Deze moetenouders ondersteunen in de opvoeding en dit geldt ook voor de jongstekinderen.Het is uit de vraag niet helemaal op te maken op wat voor startklassen deBBB-fractie doelt. Voor jonge kinderen zijn er in het onderwijs en in devoorschoolse educatie uiteenlopende initiatieven waarin extra wordtingezet op hun ontwikkeling, vaak met een focus op taal, cognitievevaardigheden en sociaal-emotionele ontwikkeling. De doelgroep in dezeinitiatieven zijn kinderen met een risico op een (taal)achterstand.–Hoe wordt er tijdens de EU-Gezondheidsraad stilgestaan bij de impactvan de coronatijd op de mentale gezondheid van jongeren? En wat zijnacties die we Europees kunnen nemen als het gaat om dit onderwerp?–Is het kabinet voorstander van het creëren van nieuwe Europeseinstrumenten ter bevordering van de mentale gezondheid vanjongeren met betrekking tot digitale technologieën?De coronaperiode heeft een grote negatieve invloed gehad op de mentalegezondheid van jeugdigen in heel Europa en daarbuiten. Daarom is deafgelopen jaren ingezet op het bevorderen van de mentale gezondheidvan jeugdigen. Gelukkig is inmiddels een voorzichtig herstel te zien in dementale gezondheid van jeugdigen. Het is echter nog niet op het niveauvan voor de pandemie25. De verwachting is niet dat de impact daarvaneen specifiek bespreekpunt wordt tijdens deze EU Gezondheidsraad.25https://www.rivm.nl/nieuws/zeer-voorzichtige-verbetering-in-mentale-gezondheid-jongeren-sinds-pandemie#:~:text=Zeer%20voorzichtige%20verbetering%20in%20mentale%20gezondheid%20jongeren%20sinds%20pandemie,-Publicatiedatum%2018%2D06&text=De%20mentale%20gezondheid%20van%20jongeren,iets%20minder%20stress%20en%20eenzaamheid.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77924 Op Europees niveau wordt op dit moment door middel van de integraleaanpak op mentale gezondheid (A comprehensive approach to mentalhealth) aandacht gevraagd voor het bevorderen van mentale gezondheidbij kinderen en jongeren in een digitale leefwereld. Onderdeel daarvan isde Joint Action «Healthier together EU NCD initiative – Mental health».Deze Joint Action is specifiek bedoeld om doelstellingen uit de aanpakvan de Commissie op mentale gezondheid (comprehensive approach onmental health) te implementeren. Met deze Joint Action zal Nederlandzich – samen met andere lidstaten – onder meer inzetten voor depreventie van vroegtijdig, problematisch gebruik van digitale technolo-gieën.»Ik wil met andere landen blijven samenwerken om de (mentale)gezondheid en weerbaarheid van jeugdigen in de online leefwereld teversterken. Dit ga ik doen door het delen van kennis, op te roepen totuniforme Europese adviezen. Tenslotte, zet het kabinet zich in om binnenEuropa gezamenlijk op te trekken tegen de negatieve effecten van digitaletechnologieën.–En zo ja, hoe staat het met de privacy vriendelijke app voor onlineleeftijdsverificatie, waar nu door de Europese Commissie aan wordtgewerkt?Op Europees niveau wordt gewerkt aan concrete oplossingen voorleeftijdsverificatie om de naleving van de verplichtingen ter beschermingvan minderjarigen uit de Digitaledienstenverordening (DSA) en de richtlijnaudiovisuele mediadiensten (AVMSD) te ondersteunen. De EuropeseCommissie werkt op dit moment aan een leeftijdsverificatie-applicatievoor op het apparaat van de gebruiker. Hiervoor worden open technischespecificaties ontwikkeld. De eerste versie van deze zogenaamde whitelabel-app zal naar verwachting in de zomer van 2025 gereed zijn. Dezewhite-label app kan dan desgewenst door de lidstaten worden omgezetnaar een applicatie voor de eigen nationale markt van de lidstaten, Hetvoornemen van de Europese Commissie is dat dit uiteindelijk zal wordengeïntegreerd in het Europees Digitale Identiteit Raamwerk. Het kabinethoudt deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 21 501-31, nr. 77925
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.