KamerkringInloggen
Kamerstuk

Amendement van de leden Van der Lee en Van Raan ter vervanging van nr. 12 over het per 2024 afschaffen van enkele vrijstellingen in de energiebelasting

25 okt 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie bc9e5ecbba3f5ac9 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024 36 432Wijziging van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wet fiscale klimaatmaatregelen industrie en elektriciteit) Nr. 13 AMENDEMENT VAN DE LEDEN VAN DER LEE EN VAN RAAN TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 121 Ontvangen 25 oktober 2023 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: IIn artikel I worden na de aanhef vijf onderdelen ingevoegd, luidende: 0AArtikel 32, onderdeel c, vervalt, onder verlettering van de onderdelen d tot en met m tot c tot en met l. 1AHoofdstuk V, afdeling 5, vervalt. 2AHoofdstuk V, afdeling 6, vervalt. 3AArtikel 64 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het derde en vierde lid vervallen, onder vernummering van het vijfde tot en met zevende lid tot derde tot en met vijfde lid. 2. In het derde lid (nieuw) vervalt «aardgas dat wordt gebruikt anders dan als brandstof dan wel». 3. In het vierde lid (nieuw) wordt «het eerste, derde, vierde en vijfde lid» vervangen door «het eerste en derde lid». 1Vervanging in verband met een wijziging in de ondertekening. kst-36432-13ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 432, nr. 131 4AArtikel 70 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het tweede lid vervalt, onder vernummering van het derde tot en met vijfde lid tot tweede tot en met vierde lid. 2. In het tweede lid (nieuw) wordt «artikel 64, derde lid, eerste volzin, tweede aandachtsstreepje, vierde en vijfde lid,» vervangen door «artikel 64, derde lid,». IIAan artikel I wordt een onderdeel toegevoegd, luidende: CIn artikel 91, eerste lid, vervalt «45, eerste en tweede lid,». IIIArtikel II komt te luiden: ARTIKEL II De Wet op de accijns wordt als volgt gewijzigd: AAan artikel 2, negende lid, wordt «in een accijnsgoederenplaats» vervangen door «in dezelfde accijnsgoederenplaats als waarin de eerstgenoemde minerale oliën zijn geproduceerd of verwerkt». BArtikel 69a vervalt. IVArtikel III vervalt. Toelichting Dit amendement schaft enkele fossiele subsidies af per 1 januari 2024. De indiener is van mening dat fossiele subsidies de energietransitie en het tegengaan van klimaatverandering frustreren, omdat ze zorgen voor een financiële prikkel om fossiele brandstoffen dan wel grondstoffen te blijven gebruiken. De indiener stelt daarom voor om nu te beginnen met het afbouwen van fossiele subsidies. Daarvoor kunnen volgend jaar al enkele vrijstellingen in de energiebelasting worden afgeschaft. Het amendement regelt dat de volgende vrijstellingen per 1 januari 2024 komen te vervallen:– vrijstellingen in de energiebelasting voor energie-intensieve processen (metallurgische en mineralogische procedés, chemische reductie en elektrolytische processen);– vrijstelling in de kolenbelasting voor duaal en non-energetisch gebruik van kolen en voor gebruik van kolen voor elektriciteitsopwekking;– vrijstelling in de gasbelasting voor non-energetisch gebruik; en– vrijstelling in de brandstofaccijns voor elektriciteitsopwekking. Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 432, nr. 132 Met het vervallen van de vrijstelling voor elektrolytische processen komt ook de in het wetsvoorstel opgenomen vrijstelling voor elektriciteit die wordt ingezet bij elektrolyse van waterstof te vervallen. Voorts regelt het amendement de inperking van de raffinaderijvrij-stelling in de Wet op de accijns. Ingevolge de EU-Richtlijn energiebelas-tingen is het volledig afschaffen hiervan niet mogelijk en kan de vrijstelling in de Wet belastingen op milieugrondslag niet worden afgeschaft. De indiener heeft naast dit amendement ook een amendement ingediend op het wetsvoorstel Wet fiscale klimaatmaatregelen glastuinbouw, om het verlaagd tarief in de energiebelasting voor de glastuinbouw per 1 januari 2024 af te schaffen. De indiener stelt voor om de structurele opbrengst van dit amendement (€ 141 miljoen) te gebruiken voor de dekking van enkele amendementen op de SZW- en VWS-begrotingen. Het gaat om het amendement voor SW-bedrijven (€ 50 miljoen structureel), het amendement om hardheden uit de sociale zekerheid te halen (€ 40 miljoen structureel op de SZW-begroting en € 5 miljoen op de VWS-begroting) en het amendement meedoenbalies (€ 2,5 miljoen structureel). Toelichting – Budgettair De ramingen bij amendementen op voorstellen uit het pakket Belas-tingplan 2024 staan volgens gebruik in prijspeil jaar van invoering. Bij dekking aan de inkomstenkant is dat ook het relevante bedrag. Mocht de opbrengst worden ingezet voor dekking aan de uitgavenkant, dan gelden de bedragen in prijspeil 2023, omdat de uitgavenplafonds nog in prijspeil 2023 staan. Vrijstellingen energie-intensieve processen Afschaffing van de vrijstellingen voor energie-intensieve processen levert in 2024 een budgettaire opbrengst op van € 194 miljoen (prijspeil 2024). In prijzen 2023 is de opbrengst € 188 miljoen. Kolenbelasting Voor afschaffing van de vrijstelling van non-energetisch en duaal gebruik is de raming van de budgettair opbrengst € 78 miljoen in prijzen 2024. In prijzen 2023 is de opbrengst € 76 miljoen. Omdat in het wetsvoorstel reeds wordt voorgesteld de vrijstelling te laten vervallen in 2028, is de structurele (additionele) opbrengst 0. Het afschaffen van de inputvrijstelling heeft een budgettaire opbrengst van € 73 miljoen in 2024, aflopende naar 0 in 2030 vanwege de sluiting van de kolencentrales. Raffinaderijvrijstelling Het budgettair belang van het aanscherpen van de raffinaderijvrij-stelling in de accijns is niet goed te ramen. De totale omvang van de raffinaderijvrijstelling voor de accijns wordt geschat op € 26 miljoen zonder gedragseffecten op basis van cijfers van het CBS. De maatregel bestaat uit het gedeeltelijk afschaffen van de vrijstelling. Er zijn geen cijfers over de omvang van dit deel. Daarom is het niet mogelijk de opbrengst te berekenen. Naar verwachting is het aanscherpen een klein deel van de totale € 26 miljoen. Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 432, nr. 133 Non-energetisch gebruik aardgas Het afschaffen van de vrijstelling voor non-energetisch gebruik van aardgas levert een budgettaire opbrengst op van € 105 miljoen in 2024 in prijspeil 2024. In prijzen 2023 is de opbrengst € 102 miljoen. Opbrengst in prijspeil 2024 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 Struc. Energie-intensieve processen 194 0 0 0 0 0 0 0 Duaal en non-energetisch gebruik kolen 78 78 78 78 0 0 0 0 Inputvrijstelling kolen 73 59 47 34 23 8 0 0 Raffinaderijvrijstelling 0 0 0 0 0 0 0 0 Non-energetisch gebruik aardgas 105 115 110 110 110 113 116 116 Vrijstelling in de accijns voor elektrici-teitsopwekking 32 32 32 32 32 32 32 32 Totaal 483 284 266 253 164 154 148 148 Opbrengst in prijspeil 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 Struc. Energie-intensieve processen 188 0 0 0 0 0 0 0 Duaal en non-energetisch gebruik kolen 76 76 76 76 0 0 0 0 Inputvrijstelling kolen 71 57 45 32 22 8 0 0 Raffinaderijvrijstelling 0 0 0 0 0 0 0 0 Non-energetisch gebruik aardgas 102 112 106 106 106 110 112 112 Vrijstelling in de accijns voor elektrici-teitsopwekking 29 29 29 29 29 29 29 29 Totaal 465 273 256 243 157 147 141 141 Toelichting – Onderdeelsgewijs Onderdeel I De vrijstellingen met betrekking tot de kolenbelasting zijn opgenomen in hoofdstuk V, afdelingen 5 en 6, van de Wet belastingen op milieu-grondslag (Wbm) die bestaan uit de artikelen 44, respectievelijk 45. In de in artikel I van het wetsvoorstel in te voegen onderdelen 0000A en 000A wordt geregeld dat de genoemde afdelingen komen te vervallen. Daarmee kan ook de begripsbepaling van duaal gebruik in artikel 32, onderdeel c, Wbm komen te vervallen. Dit wordt geregeld in onderdeel 00000A. Artikel 64, derde en vierde lid, Wbm bevat de mineralogische en metallurgische vrijstellingen. Artikel 64, vijfde lid, Wbm bevat onder meer de vrijstelling voor non-energetisch gebruik van aardgas. Het in artikel I van het wetsvoorstel in te voegen onderdeel 00A regelt dat genoemd derde en vierde lid komen te vervallen, alsmede de zinsnede in genoemd vijfde lid die betrekking heeft op de vrijstelling voor non-energetisch gebruik van aardgas. In artikel 70 Wbm zijn de corresponderende teruggaveregelingen voor deze vrijstellingen opgenomen. In het in het wetsvoorstel in te voegen onderdeel 0A wordt geregeld dat deze regelingen vervallen. Vanwege het vervallen van artikel 45 Wbm, wordt met het aan artikel I van het wetsvoorstel toe te voegen onderdeel C geregeld dat de verwijzing naar het eerste en tweede lid van genoemd artikel 45 in artikel 91 Wbm vervalt. Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 432, nr. 134 Onderdeel II De raffinaderijvrijstelling voor minerale oliën is geregeld in artikel 2, negende lid, van de Wet op de accijns (WA). Ingevolge de EU-Richtlijn energiebelastingen is het volledig afschaffen hiervan niet mogelijk. In dit licht regelt het amendement dat het verbruik van minerale oliën voor het produceren van minerale oliën alleen dan niet wordt gezien als een uitslag tot verbruik – het belastbare feit voor de heffing van accijns – in het geval dat minerale oliën in dezelfde accijnsgoederenplaats waar zij zijn geproduceerd worden gebruikt voor het produceren van andere minerale oliën. Op deze manier wordt de vrijstelling aangescherpt. De regeling zal namelijk niet langer gelden voor het verbruik van minerale oliën die niet zijn geproduceerd binnen een dergelijk bedrijf, de accijnsgoederenplaats. In artikel 69a WA is de teruggaveregeling voor gebruik van minerale oliën bij elektriciteitsopwekking geregeld. Het amendement regelt dat dit artikel komt te vervallen. Onderdeel III In artikel III van het wetsvoorstel zijn wijzigingen opgenomen in de artikelen 32, onderdeel c, 44 en 45 Wbm. De wijzigingen treden in werking met ingang van 1 januari 2028. Omdat het amendement regelt dat de betreffende bepalingen met ingang van 1 januari 2024 vervallen, regelt het amendement tevens dat artikel III van het wetsvoorstel komt te vervallen. Van der Lee Van RaanTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 432, nr. 135

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.