KamerkringInloggen
Kamerbrief

Reactie op verzoek commissie inzake gedeeltelijke openbaarmaking van de brief inzake Steun aan Syrische gewapende oppositie

17 mei 2018 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie c7eff5b2f1863da5 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2017–2018 32 623Actuele situatie in Noord-Afrika en het Midden-Oosten Nr. 218 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 17 mei 2018 Op 10 april jl. verzocht u mij om gedeeltelijke openbaarmaking van de vertrouwelijke Kamerbrief van 23 januari jl. over steun aan gewapende Syrische oppositie (Kamerstuk 32 623, nr. 184). Het kabinet communiceert zo open en transparant mogelijk over de Nederlandse programmering in het buitenland in het algemeen en in Syrië in het bijzonder. Volledige openbare transparantie over de non-lethal assistance (NLA) voor de gematigde oppositie in Syrië is gezien de aard van de programmering echter niet mogelijk. Dit is een bewuste keuze. Informatie waaruit kan worden afgeleid welke groepen door Nederland worden gesteund of waar ze zich precies bevinden, kan serieuze consequenties hebben voor de veiligheid van deze groepen, hun families of de omgeving waarin ze zich bevinden. Aanwij-zingen dat bepaalde groepen Westerse steun ontvangen (of hebben ontvangen) maakt ze een belangrijker doelwit voor ISIS, het Assad-regime of voor andere extremistische groepen. Dit risico wil het kabinet niet nemen. Ook in bredere zin kan het nodig zijn om bepaalde elementen van Nederlandse programma’s vertrouwelijk te houden om ze uit te kunnen blijven voeren. Dat geldt niet alleen voor dit NLA-programma, maar ook voor steun aan sommige kwetsbare partijen, zoals mensenrechtenverde-digers. Die moeten erop kunnen vertrouwen dat Nederland zich aan afspraken over vertrouwelijkheid houdt. Het opheffen van deze vertrouwe-lijkheid, ook nadat een programma is beëindigd, kan niet alleen schadelijk zijn voor de betrokken partijen maar schaadt ook de reputatie van Nederland als betrouwbare partner. Specifieke informatie over de beëindiging van Nederlandse steun voor bepaalde groepen uit de vertrouwelijke brief van januari 23 jl. wordt kst-32623-218ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2018Tweede Kamer, vergaderjaar 2017–2018, 32 623, nr. 2181 derhalve niet openbaar gemaakt. Zoals gemeld in de Kamerbrief van 14 maart (Kamerstuk 32 623, nr. 200) is inmiddels het gehele NLA-programma in Noordwest-Syrië beëindigd. In de bijlage is de achtergrondinformatie uit de brief van 23 januari opgenomen over het Nederlandse Non-Lethal Assistance-programma. De informatie in de bijlage is in lijn met de informatie die uw Kamer toeging toen het programma is opgezet (brief van 7 april 2015, Kamerstuk 27 925, nr. 534) en andere correspondentie met uw Kamer over steun aan de Syrische gewapende oppositie, o.a. in de aanvullende artikel 100-brief over de strijd tegen ISIS (brief van 29 januari 2016, Kamerstuk 27 925, nr. 570) en in de door uw Kamer gestelde vragen over deze brief. De Minister van Buitenlandse Zaken,S.A. Blok Tweede Kamer, vergaderjaar 2017–2018, 32 623, nr. 2182 Bijlage – Deel brief van 23 januari jl. Achtergrond NLA-programma Het kabinet levert in Syrië, net als verschillende andere internationale partners, Non Lethal Assistance aan enkele gematigde oppositiegroepen. Het betreft steun met een civiel karakter, zoals voedselpakketten, medische kits en voertuigen. Er wordt uitdrukkelijk geen steun geleverd die een vergunningsplicht kent onder het wapenexportbeleid. De levering van goederen wordt voortdurend gemonitord. Het uitvoeren van programma’s in conflictgebieden brengt risico’s met zich mee. Steun kan in verkeerde handen vallen, implementatie kan onmogelijk worden door toenemende instabiliteit of medewerkers van uitvoerende organisaties kunnen slachtoffer worden van oorlogsgeweld. Het kabinet is zich van deze risico’s bewust en beperkt deze risico’s zoveel mogelijk. Alleen groepen die door partners als voldoende betrouwbaar zijn beoordeeld – in een zogeheten vetting-procedure – zijn door het kabinet in overweging genomen voor steun. Daarna zijn de groepen getoetst aan een aantal criteria, waaronder het uitsluiten van operationele samen-werking met extremistische groepen, het nastreven van een inclusieve politieke oplossing en de naleving van het humanitair oorlogsrecht. In gesprekken met de groepen en door eigenstandig onderzoek wordt voortdurend bekeken of groepen nog steeds aan deze criteria voldoen. De classificatie van deze brief leent zich niet voor uitspraken over operationele details, of over de identiteit en locaties van de groepen die door het kabinet worden gesteund. Het openbaar maken van deze informatie levert een direct gevaar op voor de gesteunde groepen en hun commandanten. Gematigde strijdgroepen worden regelmatig aangevallen door extremistische groeperingen, waaronder Hay’at Tahrir Es-Sham. Daarnaast maken aanwijzingen dat groepen Westerse steun ontvangen ze tot een aantrekkelijker doelwit voor het Assad-regime en zijn bondge-noten. Toekomst programma Het steunprogramma aan de Syrische gewapende oppositie wordt doorlopend gemonitord en elke drie maanden, voorafgaand aan een nieuwe financiële bijdrage, geëvalueerd. Het kabinet weegt daarbij de militaire verschuivingen mee om te bepalen of verantwoorde implemen-tatie mogelijk blijft. Het volgende weegmoment staat gepland voor februari. De doelstellingen van het programma – een alternatief bieden voor extremistische groepen en zorgdragen voor enige voet aan de grond voor de oppositie ter ondersteuning van een politiek proces – staan nog steeds overeind. Alleen groepen die aan genoemde doelstellingen en criteria voldoen komen in aanmerking voor steun.Tweede Kamer, vergaderjaar 2017–2018, 32 623, nr. 2183

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 194288a31d52538e

14 okt 2026 · 750dea1f6619dbad

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.