Onderzoeksrapport naar coronaregelingen kinderopvang
Brontekst
Versie ab652889acbbde27 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202535 420Noodpakket banen en economie31 322Kinderopvang25 295InfectieziektenbestrijdingNr. 537 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN ENWERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 18 november 2024AanleidingMet deze brief bied ik de Tweede Kamer het onderzoek «Evaluatiecoronaregelingen kinderopvang en noodopvang» van onderzoeksbureausDialogic Innovatie & Interactie en Oberon onderzoek en advies aan. Ditonderzoek is in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken enWerkgelegenheid uitgevoerd. In de Strategische Evaluatie Agenda van2023 en 20241 is toegezegd dat twee coronaregelingen in de kinderopvangin 2023 geëvalueerd worden op doeltreffendheid en doelmatigheid. Hetgaat hierbij om de Tijdelijke tegemoetkomingsregeling kinderopvang(TTKO) en de Tijdelijke tegemoetkomingsregeling kinderopvang zonderoverheidsvergoeding (TTKZO). Omdat er in verband met corona ook eenvergoeding eigen bijdrage gemeentelijke regelingen en noodopvang in dekinderopvang zijn opgetuigd, is ervoor gekozen deze maatregelen meteenook te laten onderzoeken op doelmatigheid en doeltreffendheid. Tot slot isaan de onderzoekers gevraagd om een internationale vergelijking te doen,om een beeld te krijgen hoe andere landen de organisatie vannoodopvang tijdens sluitingsperioden hebben aangepakt. Het onderzoekvindt u in de bijlage.AchtergrondIn 2020 werd de wereld getroffen door een COVID-19 uitbraak. Dit hadgrote gevolgen voor de bevolking, qua gezondheid en ook in demaatschappij. Zo moesten onder andere de kinderopvang tussen 2020 en2022 driemaal sluiten om besmettingen in te perken. De voormaligMinister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de voormaligStaatssecretaris van Toeslagen en Douane riepen alle ouders op de kostenvoor kinderopvang tijdens de sluiting door te betalen. Ouders die hun1XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid Rijksbegroting 2023, zie o.a. p. 34 en 287.XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid Rijksbegroting 2024, zie p. 46 en 47. kst-35420-537ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 35 420, nr. 5371 factuur doorbetaalden, kregen hun eigen bijdrage terug, zo werd beloofd.Om de eigen bijdrage van ouders te vergoeden, werden met grote spoeddrie financiële regelingen opgetuigd. Dit alles had als doel om zo dekinderopvang stabiel en overeind te houden, ouders een plek te latenbehouden op hun kinderopvang en zodat de kinderopvang noodopvangkon bieden aan kinderen van ouders in cruciale beroepen en aankwetsbare kinderen.De drie financiële regelingen zijn de Tijdelijke tegemoetkomingsregelingkinderopvang (TTKO) voor ouders met kinderopvangtoeslag, de Tijdelijketegemoetkomingsregeling kinderopvang zonder overheidsvergoeding(TTKZO) voor personen die de kosten voor kinderopvang geheel zelfbetalen. En de vergoeding eigen bijdrage gemeentelijke regelingen, voorouders met sociaal medische indicatie (SMI), voorschoolse educatie ofgemeentelijke peuteropvang.Tijdens drie verschillende sluitingsperioden heeft de kinderopvangsectornoodopvang geboden. Zo werden ouders met een cruciaal beroep ingelegenheid gesteld om te kunnen werken, om Nederland zo draaiende tehouden. Ook kinderen in een kwetsbare positie konden gebruikmaken vannoodopvang, zodat hun positie niet zou verslechteren. De eerste sluitings-periode heeft de sector ook 24/7 noodopvang georganiseerd, zodat oudersook buiten de reguliere openingstijden van de kinderopvang een beroepkon doen op noodopvang. Hier werd weinig gebruik van gemaakt,waardoor is besloten dit tijdens de tweede en derde sluiting niet meer teorganiseren.Onderzoek en uitkomstenHet doel van de evaluatie was om inzicht te geven in de uitvoering,doelmatigheid, doeltreffendheid en het bereik van de TTKO, TTKZO,gemeentelijke regelingen en noodopvang in de kinderopvang. Denoodopvang in het onderwijs maakte geen deel uit van dit onderzoek. Deonderzoekers pasten voor het onderzoek verschillende onderzoeksme-thoden toe. Zoals enquêtes en focusgroepen met o.a. houders enmedewerkers uit de kinderopvang, ouders en gemeenteambtenaren,interviews met sleutelfiguren uit die periode en literatuuronderzoek.Financiële regelingenUit het onderzoek blijkt dat de financiële regelingen TTKO, TTKZO engemeentelijke regelingen doeltreffend waren. De kinderopvangsectorbleef stabiel en overeind. Zonder de regelingen was een flink deel van deondernemingen in de kinderopvangsector in (zeer) grote financiëleproblemen gekomen of failliet gegaan. Ook zorgden de regelingen ervoordat ouders hun plek voor hun kind op de kinderopvang behielden en ernoodopvang kon worden geleverd.Daarnaast blijkt onder andere dat de TTKO doelmatig is uitgevoerd. Bij hetopzetten van de TTKO is de nadruk gelegd op eenvoud en snelheid omouders snel tegemoet te komen en de administratieve lasten voor oudersen uitvoering te beperken. Zo kregen alle ouders met kinderopvang-toeslag de TTKO ambtshalve uitgekeerd. De vormgeving van de regelingkon volgens de onderzoekers theoretisch gezien efficiënter. Een groot deelvan de ouders gaf namelijk in enquêtes aan de rekening van de kinder-opvang ook wel door te betalen als zij geen TTKO kregen. Als deze ouderste onderscheiden waren, had aan hen geen TTKO uitgekeerd hoeven teworden en waren de kosten voor TTKO lager. De TTKO-regeling zelf wasdaarom beperkt doelmatig omdat deze relatief ongericht was. Tegelij-kertijd concluderen de onderzoekers dat dit praktisch niet uitvoerbaar zouTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 35 420, nr. 5372 zijn en zou leiden tot een onrechtvaardig model. Bovendien kon met dekennis van toen en tijdsdruk dergelijk gericht beleid niet wordenvormgegeven2.De gemeentelijke regelingen en de TTKZO waren kleine regelingen quafinanciële omvang. Daarnaast waren de uitvoeringskosten van de TTKZOrelatief hoog. Waarschijnlijk was de kinderopvangsector ook overeindgebleven zonder gemeentelijke regelingen en de TTKZO.Tegelijkertijd waren alle ouders die gebruik maakten van kinderopvangopgeroepen de factuur door te betalen. Als de belofte voor het vergoedenvan de eigen bijdrage voor deze doelgroep niet zou zijn nagekomen, zoudat leiden tot aanzienlijk hogere kosten van bezwaar en beroepszaken.Al met al kan voor de TTKZO worden afgevraagd of het in de toekomstwenselijk is een in verhouding dure regeling op te zetten voor relatiefweinig mensen. Het kabinet is het er mee eens dat bij een nieuwe sluitingexpliciet moet worden afgewogen of de kosten van de TTKZO zichafwegen tegen de omvang van de doelgroep en de te behalen doelen vande tegemoetkoming. Te meer indien het gaat om een korte sluiting van dekinderopvang, zoals bij de derde sluiting. Bij deze sluiting vantwintig dagen waren de uitvoeringskosten twee keer hoger dan hetbedrag van de tegemoetkoming zelf.NoodopvangUit het onderzoek blijkt dat het aanbod van noodopvang groot was. Inbijna alle gemeenten (98%) is noodopvang geboden. Een groot deel vande respondenten geeft aan dat ze door noodopvang in staat waren hunwerk en zorg voor hun kinderen te combineren. Van kinderen in eenkwetsbare positie is minder eenduidig te zeggen of zij allemaal zijnbereikt. Er zijn positieve indicaties dat ook zij goed gebruik hebbengemaakt van noodopvang. Een eenduidige definitie van deze groepontbrak, waardoor voor betrokkenen niet altijd helder was welke kinderenhierop aanspraak maakten. Het is daarom lastig te bepalen of deze groepvolledig werd bereikt. Wel blijkt uit het onderzoek dat de noodopvangpositief uitwerkte voor kinderen in een kwetsbare positie. De noodopvangzorgde ervoor dat hun positie niet verder verslechterde.De onderzoekers concluderen dat de noodopvang doelmatig is georgani-seerd. De groepen die recht hadden op noodopvang, hebben hier gebruikvan gemaakt. De meeste ouders met cruciale beroepen wisten dat zegebruik konden maken van noodopvang, en bijna de helft van dezeouders heeft hiervan gebruikgemaakt. De ouders die hier geen gebruikvan maakten, geven aan dat ze de noodopvang niet nodig hadden,bijvoorbeeld omdat zij konden thuiswerken of uit angst voor besmettingop de kinderopvang.In het algemeen wist de sector goed wat van hen werd verwacht doorcommunicatie vanuit de Rijksoverheid en sectorpartijen. Het protocolKinderopvang en Covid-19 dat door SZW in samenwerking met desectorpartijen is opgesteld, heeft bijgedragen aan het veilig kunnenorganiseren van noodopvang. Wel gaven kinderopvangorganisaties aandat er soms discussie met ouders was of zij aanspraak konden maken opnoodopvang. Ouders moesten zelf aangeven of zij een cruciaal beroephadden of werkten in een vitale sector. Om de sector ruimte te geven voormaatwerk is voor kinderen in een kwetsbare positie bewust gekozen geenafgebakende definitie op te nemen. De keerzijde hiervan is dat men soms2Dialogic e.a. (2024), Evaluatie coronaregelingen kinderopvang en noodopvang, pagina 91Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 35 420, nr. 5373 zoekende was om welke kinderen dit ging. Voor een volgende crisispe-riode kan nagedacht worden over het hanteren van meer eenduidigedefinities, zoals bijvoorbeeld in Denemarken het geval was.Internationale vergelijkingVoor de internationale vergelijking is voor Frankrijk, Denemarken enDuitsland (hier verschilde het beleid per deelstaat) gekeken of dekinderopvang is gesloten, of noodopvang is georganiseerd en of erfinanciële tegemoetkomingsregelingen zijn opgezet.Uit deze vergelijking blijkt dat in al deze landen, net als in Nederland, dekinderopvang één of meerdere periodes is gesloten. Ook is noodopvanggeorganiseerd voor kinderen van ouders in cruciale beroepen en kinderenin een kwetsbare positie. In Denemarken was bijvoorbeeld de kinder-opvang alleen tijdens het begin van de covid-crisis gesloten, tot 15 april2020. Tijdens de sluiting werd noodopvang geboden aan dezelfdedoelgroepen als in Nederland. Wel lijken deze beide doelgroependuidelijker afgebakend. Zo moesten (een van de) ouders een bewijsoverleggen van hun cruciale beroep. Voor kinderen in een kwetsbarepositie werd een definitie gehanteerd, namelijk kinderen met specialesociale, educatieve of behandelingsbehoeften. Per land zijn er verschillenin de rol die de nationale of regionale overheid speelde in de organisatievan en toewijzing naar noodopvang of de financiering hiervan.AanbevelingenDe onderzoekers doen tot slot een paar aanbevelingen. Zij adviserenonder andere om de netwerken binnen de kinderopvangsector goed tebehouden. De samenwerking binnen de sector was zeer goed tijdens decovid-crisis en dit heeft bijgedragen aan het succes van de coronamaatre-gelen. Tegelijkertijd is het goed om de netwerken buiten de kinderopvang-sector, zoals met ouders en scholen te verbeteren. En afspraken te makenover de verantwoordelijkheden en in te zetten op een meer integralebenadering voor kinderen. Het kabinet onderschrijft het belang van eengoede samenwerking. Zowel binnen de kinderopvangsector als tussen dekinderopvang en aanpalende sectoren zoals het onderwijs en dejeugdzorg. De covid-crisis heeft in positieve zin bijgedragen aan detotstandkoming en versterking van deze samenwerking. Op lokaal niveauwisten sommige kinderopvangorganisaties, scholen en gemeenten elkaartoen, noodgedwongen, goed te vinden. Landelijk is er ook veelvuldigoverleg tussen de betrokken sectorpartijen en de Ministeries van SZW,OCW en VWS. De uitkomsten van dit onderzoek zal ik dan ook delen metmijn collega’s van OCW en VWS.AfsluitingVia deze weg wil ik nogmaals alle kinderopvangorganisaties en hunmedewerkers, gastouders, ouders, gemeenten, gemeentelijke gezond-heidsdiensten (GGD’en), SVB, Dienst Toeslagen, VNG, GGD GHOR NL ende branchepartijen3 bedanken voor hun enorme inzet en flexibiliteittijdens de covid-crisis. Zonder hen was het niet gelukt om flexibel, snel engoed in te spelen op de uitdagingen die er waren. Zij hebben er zo mede3Brancheorganisatie Kinderopvang, Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang,BrancheVereniging Ondernemers Kinderopvang, Belangenvereniging van Ouders in deKinderopvang, Stichting Voor Werkende Ouders, Stichting Nysa, Ppink, FNV en CNV.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 35 420, nr. 5374 aan bijgedragen dat Nederland door kon blijven draaien tijdens decovid-crisis en dat de kinderopvangsector sterk uit deze periode isgekomen.De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,J.N.J. NobelTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 35 420, nr. 5375
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.