KamerkringInloggen
Kamerstuk

Tweeminutendebat Digitale inclusie (CD 24/6) (ongecorrigeerd)

24 sep 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 58e669f281f3bc9d · officiële bron

Digitale inclusie Voorzitter: Van der Plas Digitale inclusie Aan de orde is het tweeminutendebat Digitale inclusie (CD d.d. 24/06). De voorzitter: Dames en heren, goedemiddag. Ik heropen hierbij de vergadering. Aan de orde is het tweeminutendebat Digitale inclusie. We hebben drie sprekers van de zijde van de Kamer. Nadat ik de mensen thuis en op de publieke tribune, de Kamerleden en natuurlijk de bewindspersonen van harte welkom heb geheten, geef ik als eerste het woord aan mevrouw El Boujdaini. Mevrouw El Boujdaini (D66): Een afspraak maken bij het ziekenhuis, even opzoeken op de website hoe laat de poli open is of wat je moet meenemen naar het ziekenhuis: veel gaat online. In Nederland hebben we dan ook de WCAG-richtlijnen voor digitale toegankelijkheid. Die gelden echter niet per se voor ziekenhuizen en zorginstellingen. Juist op momenten dat je het al moeilijk hebt, mag je niet nog meer vastlopen. Het is dus belangrijk dat de letters op de website niet te klein zijn en de knoppen niet op onverwachte plekken opspringen, want een ziekenhuiswebsite is vaak een plek voor mensen die kwetsbaar, ziek of gestrest zijn. Precies dan zijn die richtlijnen belangrijk. Daarom heb ik de volgende motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat niet alle ziekenhuizen en andere private zorginstellingen vallen onder publiekrechtelijke instellingen en zij daarom niet per se de verplichting hebben om te voldoen aan de WCAG 2.1 voor digitale toegankelijkheid, zoals opgenomen in de Wet digitale overheid; overwegende dat digitale inclusie en toegankelijkheid cruciaal zijn voor ziekenhuizen en andere private zorginstellingen vanwege de bereikbaarheid voor mensen; verzoekt de regering om te onderzoeken voor welke instellingen WCAG-richtlijnen niet gelden en wel toegepast kunnen worden, hierbij expliciet te kijken naar ziekenhuizen en private zorginstellingen, en bij positief resultaat deze ook voor deze instellingen te laten gelden, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden El Boujdaini en Vervuurt. Zij krijgt nr. 1558 (26643). Mevrouw El Boujdaini (D66): Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw El Boujdaini. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Kathmann, namens de fractie van PRO. Mevrouw Kathmann (PRO): Dank, voorzitter. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat tussen de 2 en 4,5 miljoen Nederlanders worden uitgesloten door de ontoegankelijke digitale overheid; overwegende dat ondanks de ambities van het kabinet om toegankelijk te worden, niemand hier onafhankelijk op toeziet; verzoekt de regering om uiterlijk eind 2027 een onafhankelijke toezichthouder aan te stellen voor de digitale toegankelijkheid van de overheid en deze uit te rusten met handhavingsmogelijkheden, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Kathmann. Zij krijgt nr. 1559 (26643). De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat 85% van de Nederlanders nog geen plan heeft voor hun digitale nalatenschap en 70% van de Nederlanders niet weet wat dit is; overwegende dat nabestaanden hierdoor geconfronteerd worden met stress en administratieve lasten om toegang te krijgen tot de accounts en data van overleden dierbaren; verzoekt de regering om het aantal Nederlanders met een plan voor hun digitale nalatenschap structureel te laten groeien, en dit doel te bereiken met afspraken, beleidsvoorstellen en campagnes, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Kathmann. Zij krijgt nr. 1560 (26643). De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat digitale inclusie een taak is voor de hele overheid zodat iedereen volwaardig mee kan doen in Nederland; constaterende dat één plan voor de hele overheid om digitaal inclusief te worden ontbreekt; verzoekt de regering om een rijksbreed plan te maken om Nederland digitaal inclusief te maken, met meetbare doelen en een tijdspad voor onder andere: het toegankelijk maken van websites; het verbeteren van digitale vaardigheden; het uitbreiden van het aantal fysieke informatiepunten; en het betrekken van ervaringsdeskundigen bij het ontwerpen van diensten; en verzoekt de regering om de Kamer in Q2 van 2027 over het plan te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Kathmann, El Boujdaini, Beckerman, Teunissen, Vermeer, Dassen en Struijs. Zij krijgt nr. 1561 (26643). Mevrouw Kathmann (PRO): Toen wij het debat Digitale inclusie hadden, hadden we een hele mooie rondetafel gehad, maar daarvóór kwamen ook nog tientallen mensen naar de Tweede Kamer om eigenlijk te vertellen over hun problemen met digitale diensten van de overheid. Ze zeiden: er gaat gelukkig ook heel veel wel goed, maar als het niet goed gaat, staat mijn leven echt stil. Daar moet snel verandering in komen. Ik hoop een beetje dat de voorstellen die we vandaag doen, hun verhalen recht doen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kathmann. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Zwinkels. Zij zal spreken namens de fractie van het CDA. Mevrouw Zwinkels (CDA): Dank u wel, voorzitter. Een afspraak maken bij de huisarts, een toeslag aanvragen, een rekening betalen, contact opnemen met de gemeente: steeds meer gewone dingen in het leven beginnen met een scherm. Voor veel mensen gaat dat goed, tot het een keer niet goed gaat. Een telefoon die een update niet meer aankan, een website die niet werkt met een schermlezer of een formulier waarvan je simpelweg niet begrijpt wat er wordt gevraagd. Dan wordt een klein digitaal probleem al snel een heel groot praktisch probleem. Het CDA wil daarom dat de digitalisering mensen helpt in plaats van dat mensen zich voortdurend moeten aanpassen aan digitalisering. Voorzitter. Allereerst de hulp dichtbij. De Informatiepunten Digitale Overheid zijn daarvoor belangrijk. In juni hoorden we dat er inmiddels 845 zijn. Dat is goed, maar het gaat uiteindelijk natuurlijk niet om het aantal op een spreadsheet. Het gaat erom dat iemand die vastloopt weet waar hij morgen terecht kan. De staatssecretaris zou hierover met de VNG in gesprek gaan. Heeft dat gesprek inmiddels plaatsgevonden? Kan zij inzichtelijk maken in welke gemeenten mensen nog niet eenvoudig terecht kunnen bij een IDO of een vergelijkbare voorziening en wat daar nog voor nodig is? Dan de versnippering. In juni hoorden we hetzelfde verhaal van bibliotheken, gemeenten en maatschappelijke organisaties. Er gebeurt ontzettend veel, maar initiatieven weten elkaar niet altijd goed te vinden. De staatssecretaris erkende toen dat er tot dan toe beperkt coördinerend beleid was gevoerd. Juist daarom werd een strategische brief na de zomer toegezegd. Die hebben we nog niet ontvangen. Wanneer komt die brief? Kan de staatssecretaris toezeggen dat daarin helder wordt wie de regie neemt om goede lokale initiatieven met elkaar te verbinden en succesvolle oplossingen verder te verspreiden? Tot slot de overheid zelf. In het coalitieakkoord hebben we met elkaar afgesproken dat de overheidsdiensten toegankelijk en begrijpelijk worden ontworpen voor iedereen. Wil de staatssecretaris daarom toezeggen dat bij nieuwe, belangrijke digitale overheidsdiensten mensen met beperkte digitale vaardigheden en mensen met een beperking vanaf het ontwerp worden betrokken en voor de ingebruikname daadwerkelijk kunnen testen of het werkt? Digitale inclusie begint namelijk bij een overheid … De voorzitter: Wilt u afronden? Mevrouw Zwinkels (CDA): Dit was mijn laatste zin, voorzitter. De voorzitter: Graag. Mevrouw Zwinkels (CDA): O, hier staat dat ik nog tijd heb, maar dat kan gebeuren. Digitale inclusie begint bij een overheid die haar dienstverlening zo maakt dat mensen ermee uit de voeten kunnen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Zwinkels. De bewindspersonen hebben aangegeven ongeveer vijf minuten nodig te hebben, dus ik schors de vergadering voor vijf minuten. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. De voorzitter: Ik heropen de vergadering voor de beantwoording van de bewindspersonen. Staatssecretaris Aerdts gaat als eerste van start. Gaat uw gang. Staatssecretaris Aerdts: Voorzitter. Ik zal de moties op de stukken nrs. 1560 en 1561 appreciëren. De motie op stuk nr. 1560 over digitale nalatenschap is op dit moment ontijdig. Wij vinden het als kabinet belangrijk dat een digitale nalatenschap geen extra zorg is voor de nabestaanden. Er bestaan momenteel diverse initiatieven die burgers informeren over die nalatenschap, onder meer vanuit organisaties die zich richten op veilig internetgebruik, de uitvaartsector en de notariële beroepsgroep. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is verantwoordelijk voor dit onderwerp en brengt momenteel in kaart wat de bestaande mogelijkheden zijn en wat met eventuele aanvullende maatregelen geregeld kan worden. De Kamer wordt nog voor het einde van het jaar over dit onderwerp geïnformeerd. Daarom zeg ik dat de motie ontijdig is. Ik verzoek de indiener om de motie aan te houden tot na de brief van de staatssecretaris. Mevrouw Kathmann (PRO): Ik zou dat op zich wel willen, maar ik hoop wel dat deze interruptie eraan bijdraagt dat ik in die brief dan wat doelen kan verwachten. Daar gaat het om. Als 70% van de Nederlanders niet eens weet wat een digitale nalatenschap is, hebben we echt serieuze doelen nodig die we willen bereiken. Ik hoop dat ik die terugzie in de brief. Dan wacht ik daarop en houd ik mijn motie aan. Staatssecretaris Aerdts: Ik zal dit doorgeleiden naar mijn collega. De motie op stuk nr. 1561 krijgt oordeel Kamer. De voorzitter: De motie op stuk nr. 1561 krijgt oordeel Kamer. Op verzoek van mevrouw Kathmann stel ik voor haar motie (26643, nr. 1560) aan te houden. Daartoe wordt besloten. De voorzitter: Staatssecretaris Van der Burg. Staatssecretaris Van der Burg: Voorzitter. Eerst even de twee vragen van mevrouw Zwinkels. Er vinden gesprekken plaats met de VNG aangaande de IDO's. Er wordt overgegaan tot een landelijke dekking. Mevrouw Zwinkels was op één punt abuis, want de brief over de IDO's heb ik voor de zomer al naar de Kamer gestuurd. Daar vroeg zij specifiek naar. Haar tweede vraag was of mensen met een beperking worden betrokken bij de ontwikkeling van de digitale zaken. Het antwoord daarop is ja. En dan de twee moties. Voorzitter, om u te plezieren kort. De motie op stuk nr. 1558: oordeel Kamer. De motie op stuk nr. 1559: ook oordeel Kamer. De voorzitter: Dank u wel. De motie op stuk nr. 1558 krijgt oordeel Kamer. De motie op stuk nr. 1559 krijgt ook oordeel Kamer. De motie op stuk nr. 1560 werd aangehouden. Mevrouw Zwinkels is even niet in de zaal, want zij moest naar het commissiedebat Duurzaam vervoer, maar haar beleidsmedewerkers luisteren mee. Zij krijgt ongetwijfeld de boodschap. Ik dank de staatssecretarissen voor hun aanwezigheid en de leden voor hun inbreng. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter: Ik schors even voor een kort moment.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · ebbd3bbfdb3c68db

13 okt 2026 · c653bff49e8a981c

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.