document · 9 dec 2025 · Tweede Kamer
Plan van aanpak aangenomen ontraden moties ingediend tijdens het Notaoverleg over de Nederlandse Digitaliserings- strategie d.d. 29 september 2025 en het Tweeminutendebat Telecomraad (informeel) d.d. 9 oktober 2025
Brontekst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202626 643Informatie- en communicatietechnologie (ICT)Nr. 1441 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKENEN KONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 9 december 2025Op 2 oktober 2025 heeft uw Kamer meerdere moties aangenomen die ikheb ontraden tijdens het Notaoverleg over Nederlandse Digitaliserings-strategie op 29 september 2025 en het Tweeminutendebat Telecomraad(informeel) op 9 oktober 2025. Ook heeft uw Kamer op 30 september eenontraden motie aangenomen op mijn portefeuille die is ingediend tijdenshet Notaoverleg van 22 september over de Initiatiefnota van de ledenBeckerman en Westerveld over dakloosheid. Zoals gebruikelijk laat ikmiddels deze brief weten op welke wijze ik voornemens ben deze motiesuit te voeren. Inzake motie 5 bericht ik u mede namens de Staatssecretarisvan Defensie.Voor de door mij ontraden moties Ceder/Six Dijkstra over het verkennenhoe gegevensverwijdering toegankelijker gemaakt kan worden1 enSix Dijkstra c.s. over het behouden van een volwaardige cybersecurityin-dustrie in Nederland2 zult u het plan van aanpak ontvangen van debewindspersonen van respectievelijk Justitie en Veiligheid en Econo-mische Zaken.Motie 1Ten eerste verzoekt de motie van de leden Kathmann en Six Dijkstra deregering om een AI-raad op te richten van onafhankelijke experts, met detaak om proactief advies uit te brengen over de kansen en risico’s op hetgebied van kunstmatige intelligentie.31Kamerstuk 21 501-33, nr. 11532Kamerstuk 26 643, nr. 14093Kamerstuk 26 643, nr. 1403. kst-26643-1441ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 26 643, nr. 14411 ReactieDe ontwikkelingen rondom Artificiële Intelligentie (AI) gaan hard. Datbrengt kansen en risico’s met zich mee. Als overheid dienen we dezeverschillende vraagstukken het hoofd te bieden. Uw kamer verzocht metdeze motie om een adviserend orgaan te installeren die de overheid hierinbij staat.De reden dat ik deze motie heb ontraden is omdat ik zie dat er al verschil-lende instituten bestaan die onze overheid voorzien van advies enexpertise op het gebied van AI. Denk hierbij aan de WetenschappelijkeRaad Regeringsbeleid (WRR), Sociaal-Economische Raad (SER), CyberSecurity Raad (CSR), Centraal Planbureau (CPB), Sociaal Planbureau (SCP)en de Algemene Rekenkamer. Deze raden hebben de afgelopen jarenverschillende adviesrapporten uitgebracht op het vlak van AI, bijvoorbeeldop het gebied van werk4 en sociale cohesie5. Ik wil voorkomen dat nieuwestructuren worden opgetuigd die elkaar in de weg gaan staan of gaanoverlappen.Om uitvoering te geven aan de motie zal ik mij de komende tijd richten opde recent gestarte NDS-Raad. Deze Raad adviseert over de NederlandseDigitaliseringsstrategie, waarin AI één van de prioriteiten is. De NDS-Raadbestaat uit externe experts uit het bedrijfsleven en de wetenschap en eenaantal leden vanuit de overheid die op een specifieke prioriteit, waaronderdus AI, leidend zijn. Met die aanpak kan de Raad zowel goed adviserenover AI, maar juist ook de verbinding leggen met aanpalende en overlap-pende thema’s als digitale weerbaarheid en autonomie.Motie 2Ten tweede verzoekt de motie van het lid Kathmann c.s. de regering omeen voorstel uit te werken voor de oprichting van één digitale dienst metmandaat, capaciteit en voldoende middelen om overheids-ICT tecentraliseren en dit samen met de partners van de Nederlandse Digitalise-ringsstrategie vorm te geven, hierbij de ideeën van de Kamer te betrekkenen in de eerste helft van 2026 te rapporteren over de uitkomsten.ReactieIk heb in het notaoverleg over de NDS aangegeven dit een interessantidee te vinden, maar ook benadrukt dat dit vanwege de grote complexiteiten potentieel vergaande gevolgen eerst zorgvuldig moet worden verkend.Het past wat mij betreft niet om te starten met het uitwerken van eenvoorstel voor een digitale dienst: een digitale dienst is geen doel op zichmaar een mogelijk middel om onze gezamenlijke doelen te bereiken.Daarom wil ik dat goed wordt gekeken wat we precies op willen lossen,om op basis daarvan te bepalen wat een digitale dienst daarin zou kunnenbetekenen. Hiertoe zal ik onder meer de NDS Raad om een advies vragenen betrek ik als verzocht ook de motie Buijsse.6 Ik zal uw Kamer in deverzamelbrief van Q2 2026 over de stand van zaken informeren.4Advies AI en werk: Samen naar werkende toekomst met AI | SER5Digitaal vervlochten, maar ook verbonden? | Publicatie | Sociaal en Cultureel Planbureau6Kamerstuk 36 740 VII, nr. 30.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 26 643, nr. 14412 Motie 3Ten derde verzoekt de motie-Kathmann c.s. de regiefunctie van biblio-theken in het aansturen van Informatiepunten Digitale Overheid tebehouden.7ReactieIk ben in gesprek met de betrokken stakeholders VNG, landelijke uitvoe-ringsorganisaties en bibliotheken om een gedragen plan van aanpak op testellen. Uw Kamer wordt hier nader over geïnformeerd via de Verzamel-brief Q4.Motie 4Ten vierde verzoekt de motie van de leden Kathmann en Timmermans deregering om zich ten volste in te zetten voor een volledig Europees verbodop radicaliserende algoritmes, gebaseerd op onlinetracking of interactie,en te pleiten voor sancties en beperkingen op grote onlineplatforms diedeze algoritmes gebruiken en om dergelijke algoritmes op grote online-platforms met spoed te verbieden in Nederland.8ReactieDeze motie kreeg het oordeel «overbodig» omdat het bestaandejuridische kader reeds voorziet in dergelijke beperkingen. De DigitalServices Act (DSA) en de Terroristische Online Inhoud (TOI)-verordeningstellen duidelijke grenzen aan de aanwezigheid van terroristische enillegale content op onlineplatformen en de verspreiding van ervan.Radicaliserende algoritmes van grote platformen kunnen wordenaangepakt via de DSA, artikelen 34 en 35. Zeer grote onlineplatformsmoeten risico’s op radicalisering analyseren en maatregelen nemen, zoalsaanpassing van algoritmische aanbevelingssystemen. De EuropeseCommissie houdt toezicht en kan boetes of schorsingen opleggen bijherhaalde overtredingen.In de Gedragscode tegen illegale haatzaaiende uitlatingen op het internetis in Europees verband vastgelegd dat sociale mediaplatformen meer dan50% van meldingen van haatzaaiende uitlatingen binnen 24 uur moetenbehandelen. De naleving van deze toezeggingen door ondertekenendeonline platformen wordt vanaf 1 juli 2025 jaarlijks onderworpen aan eenonafhankelijke audit in het kader van de DSA. De DSA is sinds 2023 vankracht en wordt in 2027 geëvalueerd. De TOI wordt binnenkort ookgeëvalueerd. Indien nodig zal Nederland op basis van evaluaties verdereaanscherping aanbevelen aan de Commissie.De Autoriteit online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal(ATKM) ziet nationaal toe op snelle verwijdering van terroristischmateriaal onder de TOI en kan platforms verplichten proactieve maatre-gelen te nemen om verspreiding tegen te gaan. De aanbieder vanhostingdiensten waarbij online terroristisch materiaal wordt gevondenmoet dit materiaal binnen een uur verwijderen of ontoegankelijk makenzodra zij van de ATKM een verwijderingsbevel ontvangt.7Kamerstuk 26 643, nr. 1406.8Kamerstuk 21 501-33, nr. 1158.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 26 643, nr. 14413 Motie 5Ten vijfde verzocht de motie van het lid Six Dijkstra c.s. de regering om deNederlandse overheid onafhankelijk te maken van Palantir, door:−Openbaarheid van de broncode te eisen, in navolging van Duitsland;−In NAVO-verband te pleiten voor open standaarden; en−Vol in te zetten op het afnemen of (laten) ontwikkelen van volwaardigealternatieven, al dan niet samen met gelijkgestemde landen zoalsDuitsland.ReactieIk ben het met de indieners eens dat het belang van strategischeautonomie niet onderschat dient te worden. Ten aanzien van het eisen vanopenbaarheid van de broncode kan ik echter niet meebewegen. IndienPalantir al bereid zou zijn om de broncode van hun producten openbaar temaken, onverlet hun commercieel belang bij deze code, zou het openbaarmaken van deze broncode ook veiligheidsrisico’s met zich mee kunnenbrengen.In reactie op het afnemen of (laten) ontwikkelen van volwaardigealternatieven voor Palantir laat ik u weten dat ook de politie het belangvan digitale autonomie ten zeerste onderschrijft. Vanuit het oogpunt vancontinuïteit en verhoging van de weerbaarheid is de politie met betrekkingtot het totale palet van IT-dienstverlening reeds actief bezig met initia-tieven die gericht zijn op het vergroten van de digitale autonomie. Erworden stappen gezet om technologieën te ontwikkelen die beteraansluiten bij de behoeften door op zoek te gaan naar robuuste alterna-tieve oplossingen voor bestaande systemen, zodat de politie altijdbeschikt over de best mogelijke tools.Deze zoektocht is essentieel om de operationele flexibiliteit en veiligheidte waarborgen in een steeds veranderende digitale omgeving. Hetontwikkelen en implementeren van dergelijke alternatieven is eencomplex proces dat tijd, financiële middelen en specialistische kennisvraagt. De politie weegt voortdurend de risico’s die verbonden zijn aan hetgebruikt van IT-systemen.Wat betreft de toepassing van Palantir bij de politie hecht ik eraannogmaals te benadrukken dat dit gebruik van veel waarborgen isvoorzien. De data binnen «de Raffinaderij» blijft strikt binnen het domeinvan de politie en wordt op geen enkele manier met de leveranciergedeeld. Het gaat hierbij alleen om politiedata. De analysesoftware wordtvolledig door een eigen team van de politie beheerd en gehost in eigenrekencentra. De thema’s waarop de analyses uit «de Raffinaderij» wordeningezet zijn zeer belangrijk en hebben grote maatschappelijke impact,namelijk bestrijding van zware en georganiseerde criminaliteit en hetvoorkomen van aanslagen.Voor Defensie zijn besluitvorming-ondersteunende toepassingen vanstrategisch belang, ook voor de NAVO en haar partners. Palantir onder-scheidt zich op dit onderwerp en levert hiermee een belangrijke bijdrageaan de innovatie en slagkracht van Defensie en de NAVO. Om die redenvindt Defensie het belangrijk dat de benutting van de diensten vanPalantir wordt voortgezet. Gezien de specifieke aard van de defensietakenen het belang daarvan, is het voor Defensie essentieel om voor voorge-noemde taken autonome besluiten te nemen inzake de inzet van speci-fieke IT-middelen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 26 643, nr. 14414 Tegelijkertijd worden mogelijke alternatieven verkend om de toekomstbe-stendigheid en flexibiliteit te vergroten. Deze benadering sluit aan bij hetbredere streven van Defensie naar digitale autonomie. Defensie pleitdaarom voor werken met een open architectuur waaraan diensten vanverschillende bedrijven modulair kunnen worden gecombineerd. Ditbetekent dat het platform open en flexibel is, zodat er makkelijk onder-delen kunnen worden toegevoegd, vervangen of gekoppeld. Hierdoor wilDefensie de afhankelijkheid van één leverancier verkleinen. Daarbij is hetvoor Defensie belangrijk om aansluiting te zoeken bij NAVO-interopera-biliteitsstandaarden. Samenwerking met Europese bondgenoten hierinwordt onderzocht.Motie 6Ten zesde verzoekt de motie van het lid Six-Dijkstra c.s. de regering omDigiD ook in de Friese taal beschikbaar stellen.9ReactieIn het debat Digitale Inclusie van 24 september jl. is toegezegd dat debeschikbaarheid van DigiD in andere talen zoals de Friese taal zal wordenonderzocht en dat hier in de Verzamelbrief van Q1 2026 op terug zalworden gekomen. Dit is de reden geweest waarom de motieSix-Dijkstra c.s. als ontijdig was beoordeeld.Zoals toegezegd wordt er in de Verzamelbrief van Q1 2026 aan uw Kamergeïnformeerd over het onderzoek naar de behoefte van de Friese burger,de scope van de vertaling, de capaciteit en kosten die het vergt om DigiDin het Fries te vertalen. Hierbij wordt ook een inschatting van de planningin relatie tot andere dringende werkzaamheden aan DigiD en brederbinnen de Logius organisatie.En zoals ik lid Six-Dijkstra had toegezegd, hierbij bovenstaandeboodschap ook in het Fries:Yn it debat «Digitale Ynklúzje» fan 24 septimber lêstlyn is tasein dat debeskikberens fan DigiD yn oare talen lykas de Fryske taal ûndersochtwurde sil en dat hjir yn ’e Sammelbrief fan Q1 2026 op werom kommenwurde sil. Dit hat de reden west wêrom’t de moasje-Six-Dijkstra c.s. asûntidich beoardiele wie.Lykas tasein wurdt jo Keamer mei de Sammelbrief fan Q1 2026 ynfor-mearre oer it ûndersyk nei it ferlet fan de Fryske boarger, de scope fan deoersetting, de kapasiteit en kosten dy’t der mei muoid binne om DigiD ynit Frysk oer te setten. Dêrby wurdt ek in ynskatting makke fan de planningyn relaasje ta oare driuwende wurksumheden oan DigiD en breder binnende organisaasje fan Logius.Motie 7Ten zevende verzoekt de motie van de leden Dobbe en De Hoop deregering om te waarborgen dat daklozen mensen uiterlijk binnendrie dagen na aanvraag een briefadres ontvangen.109Kamerstuk 26 643, nr. 141010Kamerstuk 36 614, nr. 7Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 26 643, nr. 14415 ReactieIn 2022 is de Wet BRP gewijzigd, met als doel de toegang tot eenbriefadres voor mensen zonder vaste woon- of verblijfplaats te verbe-teren. Zo is in de wet de verplichting opgenomen dat gemeenten burgersdie zelf geen briefadres kunnen aanvragen of geen briefadresgeverkunnen vinden, ambtshalve op een briefadres moeten inschrijven (mits zijrechtmatig en feitelijk in Nederland verblijven). Dit kan desnoods op eenbriefadres van de gemeente zelf. Het doel is ervoor te zorgen dat mensenzonder vaste woon- of verblijfplaats goed geregistreerd zijn en toeganghouden tot overheidsvoorzieningen.Momenteel wordt deze wetswijziging geëvalueerd. In de evaluatie wordtonder andere gekeken naar maatregelen om de waarborgen voor hetverkrijgen van een briefadres te verbeteren. Ik zal uw kamer nog dit jaarinformeren over de uitkomsten van die evaluatie.Motie 8Tot slot verzoekt de motie Kathmann c.s. de aanbevelingen uit OnsDigitaal Fundament te verwerken in het vervolg op de NederlandseDigitaliseringsstrategie.11ReactieZoals aangegeven tijdens het notaoverleg NDS ben ik terughoudend meteen wijziging van de NDS. Niet alleen omdat dit niet aan mij is – de NDS isimmers een akkoord tussen vier bestuurslagen en de publieke dienstver-leners – maar ook omdat ik wil dat er focus blijft in de uitvoering van deNDS.Dat neemt niet weg dat ik wel wil bezien hoe de aanbevelingen uit OnsDigitaal Fundament meegenomen kunnen worden in de uitvoering.Hierover vindt momenteel afstemming plaats met partners zoals deVereniging Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal Overleg, de Unievan Waterschappen en het Netwerk Publieke Dienstverleners. Ik heb uwKamer, in lijn met deze motie, toegezegd om voor de Kerst met eenreactie te komen op Ons Digitaal Fundament.12 Waar mogelijk zal ik in diereactie al ingaan op specifieke aanbevelingen.De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,E. van Marum11Kamerstuk 26 643, nr. 140412TZ202510-141Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 26 643, nr. 14416
Versie f3aa2d176425d8f168764c37a216e7cba299e82e6239382194c5aece753d7f26 · Officiële bron.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.