Herijking Fiscaal Inzagerecht
Brontekst
Versie 3297521588179272 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 812Wijziging van enkele belastingwetten en enigeandere wetten (Belastingplan 2026)Nr. 131 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 29 juni 2026Transparantie van informatie en bestuur is voor mij een groot goed.Transparantie helpt belastingplichtigen te begrijpen waarom beslissingenworden genomen, welke rechten en plichten zij hebben en hoe belasting-regels worden toegepast. Daarnaast draagt transparant bestuur bij aanrechtszekerheid, gelijke behandeling en democratische controle.De invoering van artikel 66a AWR, voortvloeiend uit het amendementOmtzigt c.s.1, vormde een belangrijke stap naar meer transparantie voorburgers en bedrijven door een recht op inzage in het eigen fiscale dossierte introduceren. Met de Wet stroomlijning fiscaal inzagerecht2 is ditinzagerecht vervolgens aangepast om de uitvoerbaarheid ervan teverbeteren.Het doel dat met het inzagerecht nagestreefd wordt, onderschrijf ikvolledig. Transparantie over het handelen van de overheid draagt bij aaneen betere positie van belastingplichtigen, vergroot de uitlegbaarheid vanbesluitvorming en versterkt het vertrouwen in de overheid. Het fiscaalinzagerecht past daarbij ook binnen een bredere ontwikkeling waarin deBelastingdienst werkt aan meer openheid en toegankelijkheid vaninformatie. Enkele voorbeelden zijn de vooraf ingevulde aangifte (VIA), hetgeanonimiseerd publiceren van kennisgroepstandpunten en het publi-ceren van beleidsbesluiten met het oog op rechtsgelijkheid enrechtszekerheid.Een zorgvuldige en uitvoerbare invoering van het fiscaal inzagerechtvraagt tegelijkertijd om een realistische benadering van de uitvoerings-1Kamerstukken II 2023–2024, 36 418, nr. 110.2Het bij koninklijke boodschap van 16 september 2025 ingediende voorstel van wet tot wijzigingvan de Algemene wet inzake rijksbelastingen en enkele andere wetten in verband met hetstroomlijnen van het fiscale inzagerecht (Wet stroomlijning fiscaal inzagerecht) (Kamerstukken36 816). kst-36812-131ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 1311 opgave om de informatie de komende jaren op een goede manier tekunnen ontsluiten. Vanuit het hierboven geschetste belang van transpa-rantie licht ik in deze brief toe wat de Belastingdienst doet en gaat doenom het inzagerecht stapsgewijs in te voeren en wat daarvoor nodig is.Met een duidelijk doel: zodat burgers en bedrijven hun fiscale dossier zospoedig mogelijk en op een verantwoorde wijze kunnen inzien, rekeninghoudend met de beschikbare capaciteit en uitvoerbaarheid.Inzage Fiscaal Dossier: wat is de opgave?Zoals toegelicht in de Kamerbrief van 20 januari 20253 was het oorspron-kelijke plan voor de implementatie van het fiscaal inzagerecht om uiterlijkbegin 2026 een addendum bij de Uitvoeringstoets op te stellen en om inde loop van dit jaar tot de eerste inzage over te gaan. In aanloop naar deuitrol van het Inzage Fiscaal Dossier heeft de Belastingdienst daarom eentechnische pilot voor een eerste versie van een digitaal inzageportaal voorhet belastingmiddel «inkomstenbelasting (niet-winst)» uitgevoerd. Ikneem uw Kamer graag mee in de bevindingen.Momenteel is de informatie van het fiscale dossier waarmee de behan-delaar bij de Belastingdienst werkt versnipperd; er is geen centraledossiervorming. Informatie wordt geraadpleegd en vastgelegd intientallen niet aan elkaar gekoppelde systemen. Daarnaast worden ookinterne memo’s, berekeningen en verslagen opgesteld en is sprake vanintern en extern e-mailverkeer, dat niet centraal wordt opgeslagen.Actieve vorm van ontsluiting, die volgt uit de Wet stroomlijning fiscaalinzagerecht, brengt met zich mee dat voornoemde stukken handmatigbeoordeeld moeten worden, om te bepalen of deze aan de norm «op dezaak betrekking hebbende stukken» voldoen. Daar komt bij, dat ook pergeval handmatig dient te worden beoordeeld of gegevens al dan nietgedeeltelijk moeten worden afgeschermd vanwege gewichtige redenen,bijvoorbeeld om de privacy van andere belastingplichtigen of belasting-dienstmedewerkers te beschermen. Dit alles maakt de uitvoering van hetinzagerecht in deze vorm voor de Belastingdienst zeer moeilijk.Naar aanleiding van deze bevindingen is besloten tot het uitvoeren vaneen Gateway Review (bijlage 1). Dit is een interdepartementaal instrumentom te toetsen of een project op de juiste koers ligt voor een succesvolleimplementatie. De Gateway Review heeft een aantal belangrijkeaandachtspunten blootgelegd, waaronder de noodzaak om duidelijk vastte stellen wat onder transparantie wordt verstaan en welke reikwijdte enimplicaties de opgave met zich meebrengt. Deze punten bevestigensamen met de eerder genoemde bevindingen van de Belastingdienst, denoodzaak om de uitdagingen rond het fiscaal inzagerecht anders tebenaderen. Niet als een technische opgave, maar als een fundamenteleverandering in de manier waarop de Belastingdienst werkt. Medewerkerszullen tijdens de behandeling die ze verrichten bezig moeten zijn met deopbouw van een inzichtelijk fiscaal dossier. Daarom heb ik de Belasting-dienst gevraagd om een realistische route voor implementatie uit tewerken en heb ik besloten om het addendum bij de Uitvoeringstoets opdit moment nog niet op te stellen.Realisatie van de inzage in het fiscale dossierAangezien het inzagerecht een complete veranderopgave voor de heleorganisatie is, acht ik een stapsgewijze implementatie verstandig. Deuitgangspunten zijn dan ook om het fiscale dossier gefaseerd op tebouwen en completer te maken, en om zoveel mogelijk aan te sluiten bij3Kamerstukken II, 2024–2025, 36 602, nr. 151Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 1312 de bestaande en reeds geplande ontwikkelingen in het IV-portfolio van deBelastingdienst, conform de motie Van Eijk/Grinwis4. Het uiteindelijke doelvan het inzagerecht is om tot een situatie te komen waarbij vanaf heteerste moment wordt gewerkt aan gestructureerde, extern gerichte enontsluitbare dossiervorming. Openbaarmaking van dossiers zalvervolgens slechts een beperkte extra stap zijn.In het programma «Keuze digitaal» worden reeds goede stappen gezetrichting de digitalisering van massale communicatie. Met dit programmakomen beschikkingen, uitnodigingen, herinneringen en ingediendestukken conform huidige planning tot 2030 stapsgewijs beschikbaar in hetinzageportaal MijnBelastingdienst (Zakelijk). Zo wordt overzicht inbesluiten en ontvangen en verzonden communicatie gegeven. Hetprogramma legt een basis voor inzage in het fiscaal dossier. Het isdaarnaast nodig om nieuwe informatiesystemen te ontwikkelen, waarmeeinformatie over het behandelproces ontsloten wordt op MijnBelasting-dienst. Het gaat dan om het vastleggen van het verloop van dit behandel-proces zowel aan de kant van de Belastingdienst als aan de kant vanburgers en bedrijven.De implementatie zal een fasering volgen per belastingmiddel en perdocumenttype. De Belastingdienst start vanaf heden tot en met 2029 methet ontsluiten van de zogenoemde massale stromen op het inzageportaalzoals standaardbrieven en automatische berichten. Dit breidt de Belasting-dienst vervolgens uit met informatie uit de individuele behandeling vaneen dossier, zoals de behandeling van een aangifte. In zijn algemeenheidgeldt dat de Belastingdienst prioriteit geeft aan het tonen van informatiedie belastingplichtigen beter inzicht geeft in het beoordelingsproces bij debehandeling van hun dossier. In de volgende tabel ziet u grofmazig devoorgenomen gefaseerde invoering per belastingmiddel inclusief eenindicatief overzicht van stukken. De planning zal afhankelijk zijn vanandere lopende IV-trajecten en tussentijdse deadlines. In de tweede helftvan 2026 wil ik u een meer gedetailleerde routekaart van de verdereimplementatie aanbieden.PlanningFaseType gegevensBelastingmiddel2026Fase 1: inzichtin formelecommunicatie– Massale uitgaande berichten(gefaseerd per belastingmiddel),hierbij valt te denken aan beschikkin-gen, aanslagen, formele brieven eningediende formulierenOmzetbelasting2027–2028Autoheffingen,loonheffingen,vennootschapsbelas-ting, schenk- enerfbelasting2029Inkomstenbelasting2029 t/m2031Fase 2: inzichtin de onder-bouwing vanbesluiten– De aanleiding voor beoordeling;– Het verloop van een zaak: welkestappen zijn gezet en welke zaakinfor-matie daarbij is gebruikt;– Kennisintensieve kantoorbrieven,met feitelijke en vaktechnischeonderbouwing.Voor alle bovenge-noemde belasting-middelen2032 e.v.Fase 3: inzichtin integraal ensamenhangenddossier– Interne zaakstukken;– Waar nodig met een rijkere encompletere onderbouwing vanbesluiten;– Een beter herleidbare samenhangtussen gebruikte informatie engemaakte keuzes.Voor alle bovenge-noemdebelastingmiddelen NB: De verschillende fases overlappen met elkaar. De tabel geeft per faseaan waar het zwaartepunt zit in de tijdlijn.4Kamerstukken II 2025/26, 36 812, nr. 78.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 1313 De hiervoor genoemde benadering moet ertoe leiden dat burgers enbedrijven stap voor stap inzage krijgen in een steeds vollediger ensamenhangender fiscaal dossier. Dat brengt mij tot de uitvoering van demotie van Dijk c.s.5 die oproept tot een aanvullend inzagerecht, waarbij denodige waarborgen in acht worden genomen. Deze waarborgen zien opde uitvoerbaarheid van een dergelijk aanvullend inzagerecht, bijvoorbeeldduidelijke afbakening tot een specifieke aangelegenheid of stuk, eengefaseerde invoering, een langer beslistermijn, geen terugwerkendekracht en eventueel een aangepaste proceskostenvergoeding omaanzuigende werking op commerciële procespartijen te voorkomen.Gelet op het tijdpad, wil ik in het lopende proces tot steeds volledigereinzage zoals bedoeld in artikel 66a AWR bekijken waar mogelijkhedenbestaan tot het creëren van een grondslag voor uitbreiding van het fiscaalinzagerecht. In deze fase kan worden onderzocht waar het aanvullendinzagerecht op zou moeten zien en welke waarborgen nodig zijn. Ookkunnen we dan zien of een aanvullende rechtsingang nodig is, of dat ditmet een eventueel bezwaar tegen de aanslag mee kan lopen. Om dit goedin beeld te krijgen is noodzakelijk dat ervaring wordt opgedaan met deuitvoering van artikel 66a AWR. Naarmate burgers en bedrijven inzagekrijgen in een steeds vollediger en samenhangender fiscaal dossier, kangerichter worden bezien waar een mogelijke lacune zit, zodat hetaanvullend inzagerecht die zou kunnen opvullen. De gefaseerde inwer-kingtreding biedt hiervoor de ruimte.Kosten en prioritering IT-portfolioMet de invoering van het fiscaal inzagerecht zijn kosten gemoeid. Diekosten hebben betrekking op de realisatie van het behandelplatform,doorontwikkeling van het inzageportaal en mensuren aan de kant van deBelastingdienst. Documenten zullen geautomatiseerd aan het portaalworden toegevoegd. Daarnaast zal handmatig werk altijd noodzakelijkblijven. Welke capaciteit hiervoor nodig zal zijn, is pas in te schattenwanneer het behandelplatform is ontwikkeld. Dit zal uit het addendum bijde Uitvoeringstoets moeten blijken.Bij het indienen van het amendement en het artikel 66a AWR is door deKamer geen financiële dekking voorzien. Daarom worden de kosten zoveelmogelijk ingepast binnen het IV-portfolio. De vrije ruimte in hetIV-portfolio dicteert daarmee het tempo waarin het fiscaal dossierontwikkeld en geïmplementeerd kan worden. Zoals mijn ambtsvoor-gangers en ik al vaker met uw Kamer hebben gedeeld6, is de druk op hetIV-portfolio van de Belastingdienst momenteel hoog en is de (vrije) ruimtedaarom beperkt. Dit ondersteunt mijn keuze voor een stapsgewijzeontwikkeling.Het fiscaal inzagerecht bij de DouaneHet fiscaal inzagerecht raakt naast de Belastingdienst ook de Douane.Voor de Douane is dit inzagerecht alleen van toepassing op accijns enverbruiksbelasting. Ik acht het echter geoorloofd om deze rijksbelastingenuit te zonderen van dit inzagerecht. Ik licht dit besluit graag toe.Bij het type aangiftebelastingen waar bij de Douane sprake van is,beschikt de belastingplichtige over een andere informatiepositie. Dezelevert zelf de meeste informatie aan, waardoor het dossier vooral bestaatuit door de belastingplichtige zelf verstrekte gegevens. Het fiscaal5Kamerstukken II, 2025–2026, 36 812, nr. 846Kamerstukken II 2023–2024, 36 418 nr. 131, Kamerstukken II 2024/25, 36 602, nr. 151.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 1314 inzagerecht zal in deze gevallen de informatiepositie van belastingplich-tigen veelal niet veranderen. Ook geldt het fiscaal inzagerecht niet vooralle heffingen waarop de Douane toezicht houdt, zoals de douanerechten.Dat verschil in toepassing van het fiscaal inzagerecht binnen éénuitvoeringsorganisatie maakt de implementatie complex en kan zorgenvoor onduidelijkheid bij belanghebbenden. Zo valt bijvoorbeeld accijns bijinvoer niet onder dit fiscaal inzagerecht, terwijl accijns die binnenNederland wordt geheven daar wel onder valt.Het uitzonderen van accijns en verbruiksbelasting van het fiscaalinzagerecht betekent niet dat de Douane niet inzet op het verder verbe-teren van de informatiepositie en rechtsbescherming van belastingplich-tigen. Hier is al veel aandacht voor. Zo zet de Douane stappen met hetopstellen van duidelijke voornemenbrieven, verwijzing naar relevantestukken en betere dossieropbouw. De IBTD heeft zeer recent eenonderzoek naar rechtsbescherming bij de Douane afgerond. De Douaneanalyseert de resultaten van dit onderzoek en benut deze actief om derechtsbescherming en informatiepositie van belastingplichtigen verder teversterken.Het uitzonderen van accijns en verbruiksbelasting van het fiscaalinzagerecht vergt een beperkte wijziging van het UitvoeringsbesluitAlgemene wet inzake rijksbelastingen 1964, waarbij uitsluitend dezerijksbelastingen worden verwijderd uit het nog niet in werking getredenartikel 5b (letters a en s).Aangezien accijns en verbruiksbelasting worden uitgezonderd, geldt voorde Douane dat er geen dekking nodig is voor de implementatie- enuitvoeringskosten. Dit zou ten koste gaan van andere Douaneprioriteiten.Tot slotTransparantie richting burgers en bedrijven zal de komende jaren eenspeerpunt blijven voor de Belastingdienst. Met de voorgestelde aanpakgeeft de Belastingdienst invulling aan de uitvoering van de Wet stroom-lijning fiscaal inzagerecht, op een wijze die gericht is op een beoogduitvoerbaar en duurzame inrichting van het fiscaal inzagerecht, metbestaande initiatieven en ontwikkelingen binnen het IV-portfolio alsuitgangspunt. Burgers en bedrijven verdienen het om te weten waar zeaan toe zijn. Ondanks de uitdagingen zie ik het traject om inzicht in hetfiscale dossier te implementeren als een kans om onze transparantiezichtbaar te verbeteren.De Staatssecretaris van Financiën,E. EerenbergTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 1315
Documentversies en bestanden
Officiële documentversies staan los van de versie van de brontekst die je in Kamerkring citeert.
- Herijking Fiscaal InzagerechtActuele officiële versie
- application/xml kst-36812-131.xmlDownload ↗
- text/html kst-36812-131.htmlDownload ↗
- application/vnd.oasis.opendocument.text kst-36812-131.odtDownload ↗
- PDF kst-36812-131.pdfDownload ↗
- Metadata metadata.xmlOpen metadata ↗
- Metadata metadata_owms.xmlOpen metadata ↗
Bijlagen
Bij dit hoofddocument
Geen gekoppeld hoofddocument gevonden.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Verder bij de Tweede Kamer
Externe officiële informatie