Landenbeleid Libië
Brontekst
Versie 228123dbc7736745 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202619 637VreemdelingenbeleidNr. 3492 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 27 oktober 2025Op 25 juli 2025 heeft de Minister van Buitenlandse Zaken een algemeenambtsbericht met het Ministerie van Asiel en Migratie gedeeld over desituatie in Libië. Het ambtsbericht beslaat de periode van februari 2023 toten met mei 2025. Het nieuwe ambtsbericht geeft aanleiding om hethuidige beleid t.a.v. asielzoekers uit Libië aan te passen.AlgemeenTijdens de verslagperiode was er in Libië geen sprake van een groot-schalig gewapend conflict en is de politieke situatie in Libië niet noemens-waardig gewijzigd ten opzichte van de vorige verslagperiode. In april 2025liepen de spanningen in Tripoli opnieuw op. Verschillende bronnenmeldden een grote mobilisatie van troepen met zwaar geschut naar dehoofdstad Tripoli. Deze spanningen sluimerden voort en escaleerden in deavond van 12 mei 2025 opnieuw. Dit leidde tot de hevigste gevechten injaren in Tripoli. De zorg was dat het conflict zou ontaarden in eengrootschalige gewapende confrontatie van gewapende actoren uit heelLibië, zoals in 2019 en 2020 plaatsvond met het offensief van de regeringin het oosten tegen de regering in het westen. In de loop van de dag van14 mei 2025 werd een wapenstilstand overeengekomen. Aan het eindevan de verslagperiode hield deze wapenstilstand stand. De situatie bleefechter zeer gespannen, met risico op hernieuwde escalatie.Beleid t.a.v. art. 15, onder c, KwalificatierichtlijnEr is op dit moment in Libië geen sprake van situatie waarin iedere burgeruit Libië enkel door zijn aanwezigheid aldaar een reëel risico loopt opernstige schade als bedoeld in artikel 15, onder c, Kwalificatierichtlijn.Desalniettemin kunnen burgers in het noordwesten van Libië, met nameTripoli, en in Benghazi een risico lopen om slachtoffer te worden vanwillekeurig geweld. Hoewel er veiligheidsstructuren aanwezig zijn,gebruiken de strijdende partijen soms middelen die kunnen leiden totburgerdoden. Ondanks het feit dat deze middelen vooral worden ingezet kst-19637-3492ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34921 in dichtbevolkte gebieden is het aantal slachtoffers onder de burgerbe-volking relatief laag. Dit komt doordat burgers bij deze aanvallen niet hetprimaire doel zijn. Het risico om getroffen te worden door willekeuriggeweld is daardoor dermate klein dat er altijd sprake moet zijn vanaanvullende individuele omstandigheden.Ik heb daarom besloten om de situatie in het noordwesten van Libië(inclusief Tripoli en Sirte) en Benghazi te kwalificeren als een 15c-situatiein de laagste gradatie en het beleid ten aanzien van de overige delen vanLibië ongewijzigd te laten.Handhaving overige onderdelenHet beleid aangaande de overige onderdelen (risicoprofielen, binnenlandsbeschermingsalternatief en adequate opvang voor alleenstaandeminderjarige vreemdelingen) blijft ongewijzigd. Het ambtsbericht geeftgeen aanleiding om het beleid op deze onderdelen aan te passen.De Minister van Asiel en Migratie,D.M. van WeelTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34922
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.