KamerkringInloggen
Kamerbrief

Stand van zaken arbeidsomstandigheden Schiphol

28 jan 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 42045fc80eb72ac3 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 665Evaluatie Schipholbeleid25 883ArbeidsomstandighedenNr. 528 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN ENWERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 28 januari 2025In het commissiedebat Gezond en Veilig Werken van 26 september jl. zijnverschillende vragen gesteld over de arbeidsomstandigheden op Schipholen bij de bedrijven die op Schiphol werken. Deze vragen gingen overgevaarlijke stoffen, fysieke belasting en lawaai. Tevens zijn er vragengesteld over de lopende handhaving door de Nederlandse Arbeidsin-spectie (hierna: Arbeidsinspectie) op deze luchthaven. Ik heb daaroptoegezegd1 dat ik uw Kamer hierover informeer via een brief. Bovendienzou ik een terugkoppeling geven van het overleg met de Minister vanInfrastructuur en Waterstaat, Schiphol en de FNV. In deze brief ga ik in opde verschillende vragen over bovengenoemde onderwerpen.Daarnaastbehandel ik de motie van de leden Van Kent en Patijn over de NIOSH-methode.2 U kunt achtereenvolgens lezen over gevaarlijke stoffen, fysieke(over)belasting en lawaai.Gevaarlijke stoffenHet is zorgwekkend dat de Arbeidsinspectie in 2023 heeft vastgesteld datSchiphol en de werkgevers van de platformmedewerkers nog onvol-doende doen om hun werknemers te beschermen tegen schadelijkeblootstelling aan gevaarlijke stoffen. Iedereen heeft recht op een veilige engezonde werkplek. De Arbeidsinspectie eist dat maatregelen om deblootstelling aan vliegtuigmotoremissie (hierna: VME) en dieselmotore-missie (hierna: DME) te minimaliseren zo snel mogelijk worden genomen.Naar aanleiding van de handhaving hebben Schiphol en de werkgeversop Schiphol een plan van aanpak opgesteld met maatregelen omblootstelling aan gevaarlijke stoffen te minimaliseren. Eerder heeft deArbeidsinspectie eisen opgelegd om blootstelling als gevolg van DME vanarbeidsmiddelen en vervoermiddelen te voorkomen dan wel te minimali-1Kamerstukken II 2024/25, 25 883, nr. 504.2Kamerstukken II 2024/25, 25 883, nr. 509. kst-29665-528ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5281 seren.3 Ik ga ervan uit dat Schiphol en de werkgevers de eisen die zijngesteld door de Arbeidsinspectie opvolgen.Verzoek FNV en KWF tot gezondheidskundig onderzoek VMEDe FNV heeft de voormalige Minister van Sociale Zaken en Werkgele-genheid op 11 juni 2024 per brief gevraagd om het RIVM opdracht tegeven tot coördinatie en uitvoering van gezondheidskundig onderzoeknaar de schadelijkheid van VME. Een dergelijk verzoek heb ik op 8 oktober2024 ook ontvangen van het KWF.De huidige onderzoeken op Schiphol adresseren volgens de FNV nietspecifiek de vraag hoe groot de kans is dat werknemers kanker ontwik-kelen door blootstelling aan VME. Het aspect van genotoxiciteit, zoals hetontstaan van DNA-schade, wordt nog niet onderzocht. Vorig jaar heeft hetMinisterie van SZW meerdere gesprekken hierover gevoerd met de FNVen Schiphol, zowel gezamenlijk als apart. Ook is dit punt aan de ordegeweest tijdens mijn bestuurlijk overleg met de Minister van Infra-structuur en Waterstaat, Schiphol en de FNV op 19 november 2024. Op10 januari jl. heeft de FNV hierover een expertmeeting georganiseerd opSchiphol.Ik onderschrijf het belang van onafhankelijk onderzoek naar de gezond-heidseffecten van VME. Daar zijn en worden meerdere onderzoeken naaruitgevoerd. Zo heeft het RIVM al vastgesteld van meerdere stoffen uitVME dat deze kankerverwekkend zijn.4 Op basis van de Arbowet geldtvoor kankerverwekkende stoffen de verplichting voor de werkgever om deblootstelling te minimaliseren voor zover dat technisch mogelijk is.Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de Gezond-heidsraad gevraagd om te bepalen of VME als mengsel als kankerver-wekkend moet worden geclassificeerd. En of er een gezondheidskundigegrenswaarde voor VME kan worden afgeleid. Ook Schiphol en dewerkgevers op Schiphol voeren vanuit hun werkgeversverantwoorde-lijkheid voor gezond en veilig werken diverse onderzoeken uit naar VME.Een onafhankelijk expertpanel, waar het RIVM onder andere deel vanuitmaakt, ziet toe op de ontwerpen en uitvoering van de onderzoeken. Devoormalige Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft uwKamer via antwoorden op verschillende Kamervragen5 en per brief6 ookgeïnformeerd over alle lopende onderzoeken naar VME.De minimalisatieverplichting maakt dat werkgevers nu al de blootstellingaan de kankerverwekkende stoffen in VME moeten minimaliseren voorzover dat technisch mogelijk is. Het kabinet ziet gelet hierop in combinatiemet de onderzoeken die gaande zijn geen toegevoegde waarde in eenaanvullend onderzoek door het RIVM voor het gezond en veilig werken inde huidige praktijk. De Minister van Financiën heeft mede namens mijlangs deze lijn Kamervragen hierover beantwoord.7Gezondheidskundige grenswaarde ultrafijnstofTijdens het commissiedebat over gezond en veilig werken van26 september jl. heeft uw Kamer vragen gesteld over een mogelijkegezondheidskundige grenswaarde voor ultrafijnstof. Op verzoek van het3Kamerstukken II 2022/23, 29 665, nr. 460 (bijlage).4RIVM (december 2023), Inventarisatie van gevaarseigenschappen en gezondheidsstudies vanvliegtuigmotoremissies (VME).5Aanhangsel Handelingen II 2023/24, nr. 13126Kamerstukken II, 2023–2024, 25 883, nr. 4957Aanhangsel Handelingen II 2024/25, nr. 1046Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5282 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid beoordeelt deGezondheidsraad of een mogelijke grenswaarde voor ultrafijnstof kanworden afgeleid. Het vaststellen van mogelijke gezondheidskundigegrenswaarden en classificaties door de Gezondheidsraad is eenzorgvuldig proces. Verwachting is dat de Gezondheidsraad in hettweede kwartaal van 2026 een uitspraak kan doen over een mogelijkegrenswaarde voor ultrafijnstof.De werkgever is verplicht zelf een niveau vast te stellen waarbij bloot-stelling geen gezondheidsschade oplevert als er geen wettelijke grens-waarde is vastgesteld. Zoals aangegeven in antwoorden8 op eerdereKamervragen kunnen Schiphol en de werkgevers op Schiphol hierbij deHandreiking veilig werken met nanomaterialen en -producten9 gebruiken.Deze is opgesteld door de sociale partners.Elektrisch taxiënTijdens het commissiedebat zijn vragen gesteld over de stand van zakenvan elektrisch taxiën, bijvoorbeeld door TaxiBots. De Minister van IenWheeft uw Kamer hierover per brief geïnformeerd.10 Door operationele entechnische knelpunten, toegelicht in de Kamerbrief van 11 oktober 202311,is er tot nu toe een beperkt aantal testvluchten met TaxiBots uitgevoerd.Dit aantal zou moeten stijgen de komende tijd. IenW blijft met Schiphol ende sectorpartijen in gesprek om dit proces te ondersteunen en waarmogelijk te versnellen.Fysieke belastingTillen en verplaatsen van koffers is zwaar werk. Op Schiphol gebeurt dit inde bagagekelders, maar ook op de platformen bij de vliegtuigen zelf. In2022 heeft de Arbeidsinspectie geconstateerd dat bij de bagageafhan-deling op Schiphol de Arbowet werd overtreden. Daarop heeft deArbeidsinspectie handhaving ingezet om werken volgens de Arbowet- enregelgeving af te dwingen. De Arbeidsinspectie eist dat het afhandelenvan bagage in bagagehallen de komende jaren volledig wordt geautoma-tiseerd of gemechaniseerd om het risico op gezondheidsschade door teveel fysieke belasting te voorkomen. De bagageafhandelaren hebbenhiervoor als werkgevers, samen met Schiphol als beheerder, een plan vanaanpak opgesteld. De Arbeidsinspectie heeft regelmatig contact over devoortgang van deze maatregelen op de langere termijn.In de tussentijd moeten bagageafhandelaren ervoor zorgen datbeschikbare hulpmiddelen worden gebruikt en indien hulpmiddelen niet(voldoende) beschikbaar zijn, dat er wordt afgewisseld in werkzaamheden.Dit om te voorkomen dat het grondpersoneel in de tussenliggende tijd tezwaar fysiek wordt belast. Bij (her)inspecties bleek dat dit bij verschillendewerkgevers nog te vaak niet goed gaat. Daarom zijn door de Arbeidsin-spectie in november jl. opnieuw lasten onder dwangsom opgelegd. Dat dewerkgever fysieke belasting moet beperken geldt net zo goed in drukkeperiodes, zoals tijdens het debat aan de orde kwam. De Arbeidsinspectieblijft alert op de inzet van tilhulpen en taakroulatie bij de bagageafhan-deling, zodat werknemers gezond en veilig kunnen werken. Ik ga ervan uitdat de werkgevers opvolging zullen geven aan de eisen van deArbeidsinspectie.8Aanhangsel Handelingen II 2019/20, nr. 23649https://www.arboportaal.nl/actueel/nieuws/2017/02/01/nieuwe-versie-handreiking-veilig-gebruik-van-nanomaterialen10Kamerstukken II, 2024/2025, 31 936, nr. 117911Kamerstukken II 2023/24, 31 936, nr. 1114Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5283 In mijn gesprek met Schiphol, FNV en de Minister van Infrastructuur enWaterstaat heb ik geïnformeerd naar het gebruik van de tilhulpen.Schiphol laat weten dat er inmiddels meer tilhulpen zijn aangeschaft diekunnen worden ingezet. Eerst waren er zeventig tilhulpen, aan het eindevan 2024 waren er iets meer dan driehonderd. In april 2025 hooptSchiphol het benodigde aantal van 385 tilhulpen te hebben geplaatst.De bagageafhandelbedrijven zijn er als werkgever voor verantwoordelijkom toe te zien op het daadwerkelijke gebruik van de tilhulpen. Nainstallatie en gebruik van alle tilhulpen zouden medewerkers volgensSchiphol bij het tillen voldoende onder de NIOSH-norm blijven. Bij deNIOSH-methode wordt gekeken hoeveel een werknemer mag tillen zondergezondheidsrisico’s op te lopen. Het gaat dan om onder andere hettilgewicht, de tilsituatie, de tilhouding en de frequentie. Daaruit volgt eenmaximale grens, die geldt voor die specifieke situatie. Het gebruik vantilhulpen zorgt volgens Schiphol voor een aanzienlijke vermindering vantilbelasting. Bagageafhandeling blijft een fysiek zwaar beroep. Daarom zalSchiphol uiteindelijk overgaan op automatisering, zoals ook geëist doorde Arbeidsinspectie. In de tussentijd werkt de sector volgens Schiphol aanhet beheersbaar houden van gezondheidsrisico’s conform de Arbowet.In mijn gesprek met Schiphol heb ik ook mijn zorgen geuit over dezwaarte van de koffers. Daarbij heb ik de NIOSH-methode meegegeven.Het lid Van Kent heeft tijdens het commissiedebat Gezond en veiligwerken gevraagd naar koffers van meer dan 20 kilo die door medewerkerszouden worden getild. De IATA12 houdt als richtlijn aan dat eenbagagestuk met het oog op de gezondheid en veiligheid van luchthaven-medewerkers niet meer dan 23 kilo mag wegen. Dit is een richtlijn engeen juridisch bindend voorschrift. Bovendien geeft de IATA aan dat in deVerenigde Staten en de Europese Unie door sommige luchtvaartmaat-schappijen een maximum van 32 kilo wordt aangehouden. Bij een gewichtvan meer dan 23 kilo kan een koffer voorzien worden van een label, zodatdeze koffer duidelijk kenbaar is voor medewerkers en zij deze op adequatewijze kunnen verwerken. Overigens is ook dit een richtlijn en geeninternationale verplichting. Luchtvaartmaatschappijen bepalen zelf hoe zijomgaan met koffers zwaarder dan 23 kilo. Koffers komen uit allerleilanden, dus het is mogelijk dat een te zware koffer niet gelabeld is.Hiermee heb ik opvolging gegeven aan de motie van de leden Van Kenten Patijn om in het gesprek met Schiphol de NIOSH-methode in tebrengen.13Blootstelling aan geluid op de werkplekBeroepsgroepen in Nederland kunnen te maken hebben met hogegeluidsniveaus. Bij regelmatige blootstelling aan te hoge geluidsniveauskan blijvende gehoorschade ontstaan. In het eerdergenoemde gesprekmet Schiphol en de Minister van Infrastructuur en Waterstaat heb ikgevraagd naar het geluidsniveau in de bagagekelders. Schiphol liet wetendat installaties bij het uitvoeren van werkzaamheden in de technischegebieden uitgeschakeld worden. Bij kortdurende betreding is gehoorbe-scherming verplicht. Daarnaast zal er begin 2025 opnieuw een meetpro-gramma worden opgezet, waarbij gekeken wordt naar gemiddelden enpiekmomenten. Als uit die metingen volgt dat bescherming noodzakelijkis, geeft Schiphol aan te kijken naar gepaste maatregelen conformArbowet- en regelgeving. Hierbij is de arbeidshygiënische strategie12De International Air Transport Association (IATA) is een organisatie die luchtvaartmaatschap-pijen wereldwijd vertegenwoordigt en richtlijnen over o.a. veiligheid opstelt.13Kamerstukken II 2024/25, 25 883, nr. 509.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5284 leidend. Dat betekent dat eerst gekeken moet worden naar maatregelenom de bron van de geluidsoverlast structureel weg te nemen.Pas als dat redelijkerwijs niet haalbaar is mag worden overgaan opmaatregelen van een lager niveau in de arbeidshygiënische strategie,zoals het nemen van organisatorische maatregelen (bijvoorbeeld roulatie)of maatregelen op individueel niveau (het aanbieden van aangepastegehoorbescherming).Ten slotteSchiphol en de bedrijven op Schiphol hebben een wettelijke verantwoor-delijkheid voor de arbeidsomstandigheden van hun werknemers. Dit geldtvoor alle plekken op Schiphol waar gewerkt wordt. Zij dienen maatregelente nemen om hun werknemers zo veel als mogelijk te beschermen in hetwerk. Op veel fronten wordt daar op dit moment aan gewerkt. Ik hechteraan dat dat gebeurt, voorkomen moet worden dat mensen ziek wordenvan hun werk. Ik ga er vanuit dat Schiphol en de bedrijven op Schiphol dekomende jaren blijven inzetten op goede arbeidsomstandigheden voor demensen die op Schiphol werken.De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,J.N.J. NobelTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5285

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 6b881dbcd40bccb2

14 okt 2026 · 970694fe7006bcd0

13 okt 2026 · 3d299bced1ce81b1

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.