Reactie op verzoek commissie over sancties
Brontekst
Versie 7a5fb97458597a7e · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202436 410 VVaststelling van de begrotingsstaat van hetMinisterie van Buitenlandse Zaken (V) voor hetjaar 2024Nr. 89 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 28 juni 2024Zoals verzocht stuur ik uw Kamer, mede namens de Ministers vanFinanciën, Justitie & Veiligheid, Economische Zaken & Klimaat enInfrastructuur & Waterstaat, de Minister voor Buitenlandse Handel enOntwikkelingssamenwerking en de Staatssecretaris Toeslagen en Douane,hierbij een brief over sancties. Zoals verzocht ga ik daarbij in op a) deuitkomsten van de preconsultatie voor het wetsvoorstel moderniseringvan het Nederlandse sanctiestelsel en de betekenis hiervan voor hetwetsvoorstel; b) de stand van zaken op het gebied van huidige sancties ensanctieontwijking; c) de stand van zaken van de aanbevelingen van deNationaal Coördinator Sanctienaleving en Handhaving. Allereerst schetsik in deze brief echter graag de politieke context bij de EU-inzet van hetsanctie-instrument, inclusief bijlage met algemene uitgangspunten. Het isniet de ambitie om in deze brief volledig te zijn ten aanzien van allesanctiedossiers, mede doordat uw Kamer op onderdelen separaat wordtgeïnformeerd.1 Tenslotte vindt u in de derde bijlage, op eerder verzoekvan uw Kamer, de voorlopige opvolging van een aantal suggesties voorde modernisering van het sanctiestelsel.EU-inzet van sanctiesHet sanctie-instrument wordt ingezet als onderdeel van het Gemeen-schappelijke EU Buitenland- en Veiligheidsbeleid (GBVB). In de contextvan veranderende geopolitieke verhoudingen is de EU, samen metpartners, genoodzaakt om krachtig op te treden. De EU handelt hierbij opbasis van de beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties en hetinternationaal recht. Het belangrijkste doel van sancties is om dezebeginselen en principes te verdedigen en te versterken.1Zo gaat deze brief bijvoorbeeld niet in op sancties ten aanzien van terrorismebestrijding(Kamerstuk 34 359, nr. 26) en kennisoverdracht (Kamerstuk 31 288, nr. 1108), daarover is uwKamer reeds separaat geïnformeerd. Ook geografische regimes als Syrië, Belarus, Myanmar enSoedan zijn niet opgenomen. kst-36410-V-89ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 891 Sancties hebben daarin de afgelopen jaren een steeds centralere positiegekregen naarmate er meer druk is komen te staan op de internationalerechtsorde. Nederland staat voor strikte naleving van deze maatregelen inNederland en daarbuiten en speelt een actieve rol bij de totstandkomingvan EU-sancties. Mede naar aanleiding van een amendement van uwKamer is de sanctiecapaciteit bij Buitenlandse Zaken vergroot en kanNederland deze rol spelen.2Juist in een sterk veranderende wereld kost het meer moeite om deinternationale rechtsorde te bestendigen. Het bevorderen van die orde iseen belangrijke investering die niet alleen van breed internationaal belangis, maar ook zwaar weegt voor onze veiligheid en voor ons verdienver-mogen. Die investering wordt niet alleen door de overheid gedaan.Bedrijven en burgers dragen concreet bij aan de bevordering van deinternationale rechtsorde met het naleven van sancties.Door het ontzeggen van toegang tot de Europese markt of het grond-gebied, worden de betreffende gesanctioneerde persoon, de entiteit of hetland als geheel geconfronteerd met de gevolgen van hun gedrag. Dit kaneen krachtig signaal zijn, het kan het voorzetten van dat gedrag bemoei-lijken, aanzetten tot gedragsverandering en anderen ontmoedigenhetzelfde gedrag te vertonen.Sancties zijn echter geen wondermiddel en niet het antwoord op iederprobleem. Sancties werken het best als ze onderdeel zijn van een bredere,samenhangende beleidsinzet om buitenlandpolitieke doelstellingen tebehalen.Sancties zijn geen strafmaatregelen, maar bedoeld als tijdelijk enpreventief instrument. Als de beleidsdoelen behaald worden, moetensancties ook weer worden opgeheven. Daarnaast kunnen vanwege dejuridische waarborgen in de EU sancties niet oneindig van kracht blijvenzonder dat daar een grondige onderbouwing aan ten grondslag ligt,hetgeen kan worden getoetst door het Europees Hof van Justitie.Rusland-sanctiesGrote aandacht gaat momenteel uit naar de sancties naar aanleiding vande Russische agressie tegen Oekraïne. In EU-verband en met partnersdaarbuiten probeert het kabinet de Russische oorlogsinzet zoveel mogelijkte frustreren en sancties zijn een middel daartoe. Op het moment vanschrijven zijn 1706 personen en 419 entiteiten op de sanctielijst geplaatstomdat zij verantwoordelijk zijn voor of betrokken zijn bij de Russischeagressie. Hun tegoeden moeten worden bevroren, er geldt een transactie-verbod en personen mogen de EU niet in reizen. In de EU is EUR21,5 miljard aan private tegoeden bevroren en in de G7 landen EUR300 miljard aan tegoeden van de Russische Centrale Bank. Dit geld is nuniet beschikbaar voor de oorlogsvoering. Volgens de Europese Commissiezijn sinds februari 2022 goederenstromen met een exportwaarde van EUR43,9 miljard en een importwaarde van EUR 91,2 miljard onderdeelgemaakt van sancties. De respectievelijke goederen en opbrengstenhieruit zijn niet beschikbaar voor de Russische oorlogsvoering. Bij hetexportverbod gaat het bijvoorbeeld om hoogtechnologische goederen alskwantumcomputers en halfgeleiders, technologie voor de lucht- enruimtevaart en energiesectoren en dual-use goederen. Bij de importver-boden gaat het om sectoren waar Rusland veel geld mee verdient, zoalsolie en olieproducten, diamanten, steenkool en staal. Ook gelden ersancties in de financiële sector en ten aanzien van Russische propaganda.2Kamerstuk 35 925 V, nr. 14Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 892 Hierin is door het kabinet de motie Dassen e.a.3 meegenomen om deleden van pro-oorlogspartijen in de Doema, het Russische nationaleparlement en de gouverneurs op de geconsolideerde sanctielijst van deEU te zetten. Individuele sancties tegen alle 351 leden van de RussischeStaatsdoema die voor de erkenning van de zogenaamde VolksrepubliekenDonetsk en Loehansk hebben gestemd waren onderdeel van het eerstesanctiepakket van 23 februari 2022. Hetzelfde geldt voor de motie Van derLee/Piri.4 Er is een nieuw sanctiecriterium toegevoegd om ook «geassoci-eerde» personen op de sanctielijst te plaatsen en er is een mogelijkheidgeïntroduceerd om tegoeden onder bepaalde voorwaarden bevroren tehouden bij het overlijden van personen op de sanctielijst. Inmiddels zijn erook sancties ingesteld tegen gouverneurs die betrokken zijn bij mensen-rechtenschendingen, waaronder de ontvoering van Oekraïense kinderen.Het kabinet onderzoekt voortdurend de mogelijkheden tot aanvullendesancties in uitvoering van deze motie, waarbij van belang is dat eensanctie voor ieder geval individueel gemotiveerd moet worden.14e pakketOp 24 juni jl. heeft de Raad het 14e sanctiepakket tegen Rusland aange-nomen. Dit betreft belangrijke nieuwe maatregelen waar Nederland zichhard voor heeft gemaakt. Zo zijn maatregelen getroffen gericht tegen deRussische schaduwvloot.Tevens is er een verbod op de overslag van Russisch vloeibaar gas (LNG)ingesteld, is er een nieuw instrument geïntroduceerd om maatregelen tetreffen tegen financiële instellingen in landen buiten de EU die betrokkenzijn bij omzeiling en maatregelen afgekondigd om Russische beïnvloedingtegen te gaan.Tenslotte legt de EU ook sancties op aan bedrijven in derde landen diebetrokken zijn bij omzeiling.Nucleair en gasIn uitvoering van de motie Van der Lee c.s.5 om de inkomsten voor deRussische staat verder af te knijpen door nadrukkelijker te kijken naarsancties tegen de nucleaire-energiesector, onderzoekt het kabinetvoortdurend de mogelijkheden tot sectorale en individuele sancties tegende Russische nucleaire sector. Hierbij zijn zowel het draagvlak binnen deEU als de leveringszekerheid waaronder die van medische isotopen eenaandachtspunt. Op 25 februari 2023 is als onderdeel van het tiende pakketde Russische atoomvloot gesanctioneerd. Het kabinet geeft ook uitvoeringaan de motie Paternotte c.s. (Kamerstuk 21 501-20, nr. 2024) om zich inEuropees verband in te zetten voor het afbouwen van de import van LNGuit Rusland, daarbij in acht nemend dat dit niet mag leiden tot onaan-vaardbare negatieve effecten voor de EU-gasleveringszekerheid. InNederland is bij de veiling van de nieuwe LNG-importcapaciteit die in2022 is gerealiseerd (Eemshaven) en in 2026 wordt gerealiseerd(uitbreiding Gate) als voorwaarde gesteld dat geen Russisch LNG magworden geïmporteerd. Voor import op basis van contracten uit hetverleden geldt echter dat er nog geen Europees importverbod op RussischLNG is, waardoor import naar de EU op basis van deze contracten nogmogelijk is. Dit neemt niet weg dat de EU Russisch gas zo spoedigmogelijk geheel wil uitfaseren. Daarom heeft de Raad tijdens deEnergieraad van 3 maart 2024 een oproep gedaan aan de EuropeseCommissie om een gezamenlijk afbouwpad op te stellen. In het kader vanhet decarbonisatiepakket krijgen individuele lidstaten de bevoegdheid om,3Kamerstuk 21 501-20, nr. 18754Kamerstuk 21 501-20, nr. 17705Kamerstuk 36 259, nr. 12Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 893 onder zeer strikte voorwaarden, maatregelen te treffen om tijdelijkRussisch gas of LNG te weren indien dat noodzakelijk is in het nationaleveiligheidsbelang van de betreffende lidstaat. Onder het 14de sanctie-pakket tegen Rusland is naast een doorvoerverbod naar derde landen ookeen invoerverbod op Russisch LNG ingevoerd voor LNG terminals binnende EU die niet op het Europese interne gasnetwerk zijn aangesloten.DiamantenOok zijn de motie Van der Plas6 en de motie Kuzu en Van der Plas7 per1 januari 2024 uitgevoerd. Als onderdeel van het twaalfde EU-sanctie-pakket tegen Rusland en in coördinatie met de G7 geldt een importverbodvoor diamanten uit Rusland.ImpactSancties zijn een belangrijk en effectief instrument om het Russischeoorlogvoerende vermogen te verminderen. Groeicijfers van de Russischeeconomie als geheel zien er mogelijk positief uit, tegelijkertijd iswaarneembaar dat Rusland zijn gehele maatschappij moet inrichten ophet voortzetten van deze oorlog. Er zijn naar schatting 300 miljard aanRussische staatstegoeden bevroren door de EU en de G7. Naar schattingvan de Europese Commissie valt zo’n 90 miljard euro aan waarde van devooroorlogse Russische export naar de EU onder EU-sancties. DeRussische inkomsten uit olie en gas lopen terug, zoals blijkt uit hetrecordverlies van 6,2 miljard euro van Gazprom voor 2023. Al dit geld kanRusland nu niet meer inzetten voor de oorlogsindustrie. Bovendien zorgende exportbeperkingen dat de Russische oorlogsindustrie wordtbelemmerd en Rusland zich moet richten op laagwaardige technologie,wapens en onbetrouwbare leveranciers. De inzet van sancties is daarmeeeen belangrijke steun in de rug voor Oekraïne, als onderdeel van hetbredere pakket van militaire en financiële steun.InnovatiesMet innovaties in het sanctie-instrumentarium geven we die steun verdervorm. Door het afromen van buitengewone rente-inkomsten die voort-komen uit geïmmobiliseerde Russische Centrale Banktegoeden kanOekraïne vanuit de EU jaarlijks met naar schatting 3 miljard euro wordenondersteund. Dit is in lijn met de moties Krul, Dobbe en Brekelmans.8 Hetkabinet steunt internationale verkenningen voor verdergaande maatre-gelen dan de huidige EU-plannen, en zet actief in op verbreding van dediscussie in de EU en samenhang met inspanningen van partners als deVS en het VK. Het kabinet verwelkomt daarom het voornemen van de G7om een lening aan Oekraïne te verstrekken op basis van de toekomstigebuitengewone rente-inkomsten. Hiermee handelt het kabinet tevens in lijnmet de motie Van der Lee.9Als verdere uitbreiding van het sanctie-instrumentarium in brede zin (losvan enkel de Ruslandcontext) zet het kabinet zich tevens, in lijn met demotie Omtzigt/Jetten10, in voor draagvlak voor een eigenstandigsanctieregime gericht op het tegengaan van ernstige corruptie. Ditdraagvlak bestaat ondanks de inzet van het kabinet in EU-verbandmomenteel niet. Daarnaast steunt het kabinet de opname van een6Kamerstuk 21 501-20, nr. 18917Kamerstuk 36 045, nr. 1508Kamerstuk 21 501-20, nr. 1959, 36 410-V, nr. 65 en 21 501-20, nr. 20349Kamerstuk 36 045, nr. 14210Kamerstuk 21 501-20, nr. 1632Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 894 dergelijke listingsgrond in geografische sanctieregimes, zoals reeds hetgeval is voor Libanon, Moldavië, Haïti en Guatemala.Iran-sanctiesDe zorgen die leven in de Kamer omtrent de destabiliserende Iraanse rolin de regio, waaronder de recente aanval op Israël, de verslechterdemensenrechtensituatie in Iran sinds de dood van Mahsa Amini, hetIraanse nucleaire programma en de militaire steun aan Rusland wordendoor het kabinet gedeeld. Na de dood van Mahsa Amini op 16 september2022 en mede op aansporen van uw Kamer, heeft Nederland samen metEuropese partners het voortouw genomen voor tien pakketten mensen-rechtensancties. Onder de gesanctioneerde entiteiten behoren onderandere de beruchte «morality police» en paramilitaire «basij»-milities.DronesOok heeft de EU in reactie op de levering van Iraanse UAV’s aan Ruslandverschillende sanctiepakketten aangenomen tegen betrokken Iraansepersonen en entiteiten. In eerste instantie onder het Rusland-sanctie-regime, maar toen dit instrument ontoereikend bleek heeft Nederland,samen met een aantal andere EU-lidstaten, het initiatief genomen om eennieuw sanctie- en exportcontroleregime op te zetten gericht tegen deIraanse droneproductie en -leveringen aan Rusland. In lijn met de motieBrekelmans/Paternotte over aanvullende maatregelen om de destabilise-rende rol van Iran in het Midden-Oosten aan te pakken11 heeft de EU ditregime uitgebreid naar rakettechnologie en regionale proliferatie.12IRGCIn lijn met de motie Brekelmans (blijft het kabinet eveneens het voortouwnemen voor de EU-terrorisme-listing van het Islamitische RevolutionaireGardekorps (IRGC). Vooralsnog ontbreekt hiervoor, zoals eerder met uwKamer gedeeld,13 de juridische grondslag. Het kabinet blijft onverminderdinzetten op effectieve maatregelen tegen de IRGC, specifieke ledendaarvan en hun verdienvermogen.SanctienalevingStrikte naleving van maatregelen in Nederland en in de EU is essentieelvoor de effectiviteit van sancties als instrument. In de afgelopen periode isdit verder geïntegreerd in de Nederlandse beleidsinzet. In het voorjaar van2022 heeft het kabinet een nationaal coördinator aangesteld om teinventariseren of en hoe de naleving van sancties in Nederland verbeterdkon worden. Het eindrapport van de Nationaal Coördinator Sanctiena-leving en Handhaving14 bevat 19 aanbevelingen die inmiddels alle zijnopgevolgd of naar hun aard doorlopend zijn. In bijlage III is op verzoekvan uw Kamer een overzicht van de uitvoering van de aanbevelingenopgenomen. Uw Kamer is reeds geïnformeerd over enkele anderespecifieke ontwikkelingen ten aanzien van naleving.1511Kamerstuk 36 410-V, nr. 5712https://www.consilium.europa.eu/en/press/press-releases/2024/05/14/iran-council-broadens-eu-restrictive-measures-in-view-of-iran-military-support-of-russia-s-war-of-aggression-against-ukraine-and-armed-groups-in-the-middle-east-and-red-sea-region.13Kamerstuk 21 501-02, nr. 262614Kamerstuk 36 045, nr. 72 Rapport van de nationaal coördinator sanctienaleving en handhaving15Kamerstuk 36 045, nrs. 61, 104, 120 en 158Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 895 Nationale coördinatie en samenwerkingMede naar aanleiding van het rapport heeft het Ministerie van Buiten-landse Zaken de nationale coördinerende rol ten aanzien van sanctiesversterkt. Er is een nauwere Rijksbrede samenwerking opgebouwd waarinalle organisaties met een rol in sanctienaleving bijdragen vanuit huneigen verantwoordelijkheid. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om effectievehandhaving bij overtredingen, effectieve (internationale) samenwerkingop het gebied van opsporing, vervolging, het verlenen van ontheffingenen het opzetten van nieuwe vormen van samenwerking en uitvoeringzoals het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving. De verantwoordelijk-heden die voortvloeien uit opeenvolgende sanctiepakketten vereisen ookeen toenemende inzet van de nationale toezichts- en handhavingsautori-teiten, die hiervoor voldoende toegerust moeten zijn.Strafbaarstelling overtreding van sanctiesOok Europees worden hier stappen op gezet. Zo is op 12 april jl. door deRaad een nieuwe richtlijn aangenomen die lidstaten verplicht tot destrafbaarstelling van overtreding van beperkende maatregelen van deUnie. Het kabinet is groot voorstander van EU-brede harmonisatie op ditterrein. Er bestaan momenteel grote verschillen tussen lidstaten in demogelijkheid strafrechtelijk op te treden tegen overtreding van beper-kende EU-maatregelen, alsook in de maximale strafbedreiging. Dezerichtlijn verkleint die verschillen en verbetert daarnaast de mogelijkhedentot internationale samenwerking tussen lidstaten. In Nederland is deovertreding van internationale sanctiemaatregelen reeds strafbaar opgrond van de Sanctiewet 1977 in combinatie met de Wet op de Econo-mische Delicten (WED). Daarom worden vooralsnog geen wetsaanpas-singen ter implementatie noodzakelijk geacht.Naleefbaarheid in ontwerp van maatregelenDe naleefbaarheid van maatregelen wordt meegenomen bij het ontwerpvan nieuwe maatregelen en knelpunten in de naleving van bestaandemaatregelen worden geïdentificeerd en waar mogelijk op Europeesniveau aangekaart. Vanuit de nationale nalevingservaring bestaatdaarmee een feedback loop die het EU-beleidsproces voedt en poogt dejuridische zekerheid en voorspelbaarheid voor bedrijven op EU-niveau teversterken. Dit vergt constante aandacht van het kabinet in nauwesamenspraak met de partijen die in Nederland verantwoordelijk zijn voorde uitvoering van sancties.Tegengaan van sanctieomzeilingHet tegengaan van sanctieomzeiling dient nationaal, en in Europees eninternationaal verband plaats te vinden. Voor het tegengaan van enhandhaven op sanctieomzeiling in Nederland wordt de hierbovengenoemde Rijksbrede samenwerking benut. Goed contact met hetNederlandse bedrijfsleven is van groot belang, evenals informatievoor-ziening omtrent verwachtingen en verantwoordelijkheden. Ook deopvolging van de motie Brekelmans16 krijgt hierbinnen een vervolg, zoalsook te lezen is in het jaarverslag van de AIVD en de MIVD.17 Hetverwerken van signalen van sanctieomzeiling is cruciaal, en kan leiden totstrafrechtelijke vervolging.16Kamerstuk 36 045, nr.14617Jaarverslag 2023 | Jaarverslagen | AIVD; Jaarverslag MIVD 2023 | Jaarverslag | Defensie.nl.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 896 Verankering in nationaal stelselHet kabinet werkt hard aan het bestendigen van een lange-termijnaanpakbinnen de modernisering van het sanctiestelsel. Zo bestaat hetvoornemen om de Douane de bevoegdheid te geven om – aanvullend opde huidige strafrechtelijke handhaving – ook bestuursrechtelijk tehandhaven op nader te bepalen overtredingen van import- en exportbepa-lingen in sanctieregelgeving. Hiermee wordt een gedeeltelijk duaalhandhavingsstelsel voorgesteld. Dit heeft als voordeel dat schendingenvan de sanctieregelgeving zo passend en proportioneel mogelijk kunnenworden gehandhaafd. Daarnaast worden als onderdeel van de moderni-sering van het sanctiestelsel de mogelijkheden voor informatie-uitwisseling tussen nationale autoriteiten verduidelijkt.Waar blijkt dat huidige verantwoordelijkheden en bevoegdhedenontoereikend zijn, zoals aangegeven in de berichtgeving over dezogenaamde Russische schaduwvloot, wordt gezocht naar nieuweoplossingen en afspraken op nationaal en EU-niveau, hetgeen uw Kamerook specifiek heeft verzocht.18 Conform de toezegging aan het lid Boswijkkan worden toegelicht dat met het 14e sanctiepakket tegen Ruslandnieuwe, specifieke maatregelen zijn ingesteld tegen de schaduwvloot.Voor schepen die onderdeel zijn van deze schaduwvloot en die specifiekworden genoemd in de sanctieverordening geldt een havenverbod en eenverbod op dienstverlening. Aan de lijst kunnen voortdurend nieuweschepen worden toegevoegd.GegevensdelingIn EU-verband zet het kabinet zich blijvend in voor een versterking vangegevensdeling, analysecapaciteit, diplomatieke outreach en verdereontwikkeling van de sanctiemaatregelen. In lijn met de Nederlandseinzet19 zijn verschillende bouwstenen neergezet, en de komende periodezet het kabinet in op het uitbouwen van die capaciteiten en samen-werking. Op EU-niveau is een nieuwe Customs Sanctions Group opgezetwaarin alle douanediensten van de 27 EU-lidstaten samenwerken ommeer zicht te krijgen op signalen die mogelijk duiden op omzeiling. Hier isook het anti-fraudebureau OLAF bij aangesloten. Qua analysecapaciteitwerken, mede op aandringen van Nederland, inmiddels zeven DG’s endiensten van de Commissie structureel samen om handelsstromen teanalyseren en deze te koppelen aan analyses van producten die op hetslagveld in Oekraïne zijn gevonden. Dit is tevens in lijn met de motieBrekelmans en Agnes Mulder.20Diplomatieke outreachInternationaal is de inzet van EU-sanctiegezant O’Sullivan van grootbelang om de diplomatieke outreach van de EU vorm te geven, samenmet partners daarbuiten. Hij staat in regelmatig contact met doorvoer-landen en trekt daarin samen op met gezanten van andere landen. In lijnmet deze outreach vraagt ook het kabinet van internationale partners omde doorvoer van door de EU gesanctioneerde goederen via hun landtegen te gaan. Uw Kamer vroeg mede in het kader van de motie Piri c.s.specifiek aandacht voor landen in Centraal-Azië, hetgeen het kabinet indeze inzet verwerkt.2118Kamerstuk 21 501-20, nr. 206419Kamerstuk 36 045, nr. 15120Kamerstuk 36 200-V, nr. 2521Kamerstuk 21 501-20, nr. 2027Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 897 Verdere maatregelenNaast deze diplomatieke inspanningen zet het kabinet zich in om aanbedrijven in derde landen die betrokken zijn bij sanctieomzeiling exportbe-perkingen op te leggen. Dit heeft concreet vorm gekregen in de verschil-lende Rusland-sanctiepakketten, waaronder in het meest recente 14epakket, en blijft een uitgangspunt richting toekomstige maatregelen.Naast concrete maatregelen tegen bedrijven in inmiddels tien landen isook het instrumentarium zelf uitgebreid. In het 14e pakket is eeninstrument opgezet om maatregelen te treffen tegen financiële dienstver-leners buiten de EU die betrokken zijn bij sanctieomzeiling. Zo blijft hetkabinet in EU-kader zoeken naar manieren om sanctieomzeiling op eeneffectieve manier aan te pakken.Het is onwaarschijnlijk dat steun aan Rusland volledig stopt door de inzetvan sancties. Een harde aanpak met meer sancties is niet per definitie deweg naar meer internationale compliance. Het kabinet zoekt daaromsamen met EU- en G7-partners naar de juiste balans tussen druk endialoog richting de verschillende landen waar omzeiling plaatsvindt.Hierin is het kabinet ambitieus teneinde internationale sanctieomzeilingtot een minimum terug te dringen.Modernisering sanctiestelselTenslotte was een belangrijke aanbeveling van de Nationaal CoördinatorSanctienaleving en Handhaving om het nationale sanctiestelsel temoderniseren en te zorgen dat de wetgeving daarmee gelijke tred houdt.De inzet van het kabinet is dan ook om te komen tot een duurzame,effectieve(re) en uitvoerbare Sanctiewet. Zoals aangegeven in deKamerbrief dd. 4 juli 2023 heeft een preconsultatie plaatsgevonden en zijnexpertbijeenkomsten georganiseerd om betrokken partijen in staat testellen nadere expertise in te brengen. Bedrijven uit verschillendesectoren en partijen uit het maatschappelijk middenveld hebben van degelegenheid gebruik gemaakt om hun inzichten naar voren te brengen.22Het wetsvoorstel internationale sanctiemaatregelen is op 7 juni jl.opengesteld voor consultatie via internetconsultatie.nl.Aandachtspunten uit preconsultatieEen belangrijk punt van aandacht tijdens de preconsultatie betrof hetcentraliseren van informatie, in het bijzonder sanctiemeldingen.23 Vrijwelalle respondenten zien meerwaarde in een dergelijke centralisatie. Hetkabinet is voornemens hieraan tegemoet te komen en met ditwetsvoorstel een Centraal Meldpunt Sanctienaleving in te richten.Daarnaast heeft de regering naar aanleiding van de reacties tijdens depreconsultatie op verschillende thema’s (i.h.b. beheer en bewind vanlangdurig bevroren economische middelen, bestuursrechtelijkehandhaving en aantekeningen in registers) het wetsvoorstel aangescherpten van aanvullende toelichting voorzien om zo de uitvoering van sanctiesvoor iedereen die daar een rol in heeft inzichtelijker te maken.Regelgeving poortwachtersOp 13 februari jl. is uw Kamer door de Minister van Financiën per briefgeïnformeerd over de besluitvorming ten aanzien van de Europesewetgevende voorstellen op het terrein van het voorkomen van witwassen22Zie paragraaf 7.1. in het algemeen deel van de memorie van toelichting die op dit moment inconsultatie is.23Kamerstuk 36 200-V, nr. 56Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 898 en terrorismefinanciering (hierna: AML-pakket) na het voorlopig akkoorddat de Raad en het Europees Parlement op 18 januari bereikten.24 Zoals indeze brief aangegeven bevat dit pakket een aantal maatregelen voor denaleving van gerichte financiële sancties. Zo zullen private partijen, dezogeheten poortwachters, moeten nagaan of hun cliënten of uiteindelijkbegunstigden onderworpen zijn aan gerichte financiële sancties enmaatregelen nemen ter voorkoming van niet-uitvoering en ontduiking vandeze gerichte financiële sancties.Het voornemen was om in de modernisering van het sanctiestelsel ookbepalingen over de bedrijfsvoering van poortwachters op te nemen. Zulkebepalingen zijn in de huidige wet- en regelgeving al onderdeel van hetsanctiewettoezicht25 en zouden oorspronkelijk in het nieuwe wetsvoorstelworden gemoderniseerd. Door opname van gerichte financiële sancties inhet AML-pakket wordt echter al ten dele voorzien in het deel van degeplande modernisering ten aanzien van het uitbreiden van het sanctie-wettoezicht naar nieuwe partijen en het moderniseren van het toezicht.26Om de uitkomsten van het AML-pakket mee te kunnen nemen in nationalesanctiewettoezicht, kiest het kabinet ervoor om in een separaat wetstrajectde betreffende nationale bedrijfsvoeringsvoorschriften ten opzichte vanhet sanctiewettoezicht uit te werken. Hiertoe zal een tweede tranchewetgeving worden opgesteld die zal aanvullen op het wetsvoorstelinternationale sanctiemaatregelen.Vooruitlopend op die tweede tranche wordt in het wetsvoorstel interna-tionale sanctiemaatregelen, op aanbeveling van de Nationaal CoördinatorSanctienaleving en Handhaving, in ieder geval alvast geregeld datbepaalde juridische beroepsgroepen onder Sanctiewet-toezicht wordengesteld. Ook wordt een aantal noodzakelijke wijzigingen aangebracht aanafdeling 5 van de huidige Sanctiewet 1977 zodat het huidige toezichts-kader kan voortbestaan totdat het AML-pakket en de aanvullingen uit detweede tranche van kracht worden. Deze punten zijn meegenomen in hetwetsvoorstel internationale sanctiemaatregelen dat op 7 juni jl. isaangeboden voor internetconsultatie.Suggesties van uw KamerTijdens het Commissiedebat modernisering sanctiestelsel van 5 juli 2023(Kamerstuk 36 200-V, nr. 96) zijn door diverse leden van uw Kamervoorstellen gedaan voor de modernisering. Daarin is toegezegd uw Kamerseparaat aan de reactie op de preconsultatie te informeren over deopvolging van deze onderwerpen (TZ202307-073). Het voorlopigeresultaat hiervan vindt u in bijlage II. Het gaat hierbij uitdrukkelijk om devoorlopige stand van zaken, omdat de internetconsultatie over het gehelewetsvoorstel en de uitkomsten van de uitvoeringstoetsen mogelijk nog totnadere wijzigingen zullen leiden.De Minister van Buitenlandse Zaken,H.G.J. Bruins Slot24Kamerstuk 31 477, nr. 9525Afdeling 5 Sanctiewet 1977 en artikel 2 Regeling Toezicht Sanctiewet26Kamerstuk 36 200-V, nr. 56Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 899 Algemene uitgangspunten voor de inzet van sanctiesNut en noodzaakAls onze waarden en belangen onder druk staan is het mogelijk om daarmet een geïntegreerde Europese aanpak op te reageren. Daarbij zijn tweevragen vooraf essentieel: welk effect (beoogde verandering) hebben wevoor ogen, en hoe (met welke instrumenten) gaan we dat bereiken? Hetantwoord op deze vraag levert vaak een gemengd beeld op. Sancties zijndaarin slechts één instrument en moeten om effectief te zijn onderdeeluitmaken van een bredere beleidsinzet gericht op een politiek doel.Daarbij zijn sancties geen strafmaatregelen maar een drukmiddel omgedragsverandering teweeg te brengen. Indien de inzet van sanctiesoverwogen wordt is het de vraag of de situatie gebaat is bij druk vanuit deEU en, zo ja, in hoeverre sancties daartoe het geëigende instrument zijnen hoe ze zich verhouden tot de bredere beleidsinzet.Sancties kunnen in algemene zin de volgende doelstellingen hebben:1.Afkeuring signaleren;2.Ongewenst gedrag van personen, bedrijven, organisaties of landendoen veranderen;3.Het moeilijker te maken om dit ongewenste gedrag te vertonen en/ofdaartoe de prijs te verhogen;4.Andere partijen afschrikken om datzelfde ongewenste gedrag tevertonen;5.Normen van internationaal recht bestendigen.Bij deze doelstellingen zijn de volgende vragen van belang:•Wat kan er realistisch verwacht worden en wat zijn de beperkingen?•Is de signaalwerking onderdeel van een politieke strategie?•Is de actor in kwestie überhaupt in staat het gedrag te wijzigen?•Hoe gaat de ontvanger om met de druk en wat zijn de consequentiesdaarvan?De meest voorkomende maatregelen zijn:•Sancties gericht op personen en entiteiten: bevriezingen van tegoedenen economische middelen, verbod op het ter beschikking stellen vantegoeden en economische middelen, en inreisverboden;•Bredere financiële sancties, zoals een verbod op financiële transactiesvan en naar een bepaald land, of een verbod op het verstrekken vankrediet aan entiteiten in landen;•Wapenembargo’s: verbod op import of export van militaire goederenen daaraan verwant vaak een verbod op uitvoer van middelen voorinterne repressie en dual use goederen;•Handelsrestricties: verbod of vergunningplicht op import of export vanbepaalde goederen, diensten of technologieën.Juridisch kader en besluitvormingVoor Nederland vinden sancties hun grondslag in VN- of EU-besluit-vorming. De VN-Veiligheidsraad kan voor alle VN-leden bindendebeperkende maatregelen nemen die nodig zijn om de internationale vredeen veiligheid te handhaven of te herstellen, wanneer er sprake is van eenbedreiging van de vrede, een schending van de vrede of een daad vanagressie. In de EU worden VN-sancties automatisch omgezet. Soms voegtde EU daar nog eigenstandige (autonome) additionele maatregelen aantoe. Er is in de praktijk geen verschil in de wijze waarop in Nederlanduitvoering wordt gegeven aan VN- en EU-maatregelen: op basis van deSanctiewet 1977 worden deze geïmplementeerd bij ministeriële regeling(zogenoemde sanctieregelingen), waarvan de overtreding strafbaar isBijlage ITweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8910 gesteld en waarin bijvoorbeeld bevoegde autoriteiten worden aange-wezen. Handhaving van de maatregelen betreft een nationalebevoegdheid.Sancties zijn geen strafmaatregelen, hoewel zij voor de doelwitten welgevolgen hebben. De maatregelen hebben ook gevolgen voorEU-lidstaten, -burgers en -bedrijven. Zij mogen personen op de sanctielijstniet meer tot hun grondgebied toelaten, dienen hun tegoeden eneconomische middelen te bevriezen, mogen geen zaken meer met hendoen of bepaalde producten niet meer exporteren of importeren.Om sancties binnen de EU in te stellen stelt de Raad eerst eenGBVB-Raadsbesluit vast met unanimiteit. Ter uitvoering van dit Raadsbe-sluit stelt de Raad een Verordening vast met gekwalificeerde meerder-heidsbesluitvorming (QMV). Die verordening is bindend en heeftrechtstreekse werking in de gehele EU. EU-burgers en EU-bedrijven enniet in de EU gevestigde bedrijven die handelen op EU-grondgebieddienen zich hier aan te houden. Besluitvorming over het toevoegen aan ofverwijderen van (rechts)personen op de bijbehorende sanctielijsten kanper sanctieregime verschillen, maar in de recente praktijk is het gebrui-kelijk dat dit gebeurt met unanimiteit. Nederland pleit conform hetcoalitieakkoord actief voor het gebruik van gekwalificeerde meerderheids-besluitvorming (QMV) in het sanctiedomein.27EU-sanctieregimes richten zich op de politieke situatie in een land of regio(regionale sanctieregimes) of op een thema (thematische regimes),bijvoorbeeld mensenrechten en cyber. In sanctieregimes worden decriteria vastgelegd op basis waarvan personen en entiteiten op debijbehorende sanctielijst kunnen worden geplaatst.Op www.sanctionsmap.eu zijn alle ingestelde maatregelen na publicatie inte zien, inclusief de lijsten met namen van personen en entiteiten die opde verschillende sanctielijsten zijn geplaatst met de daarbij behorendestatement of reasons; een korte weergave van de reden waarom eenpersoon of entiteit op de desbetreffende lijst is geplaatst. Het vaststellenvan beperkende maatregelen dient gepaard te gaan met de nodigejuridische waarborgen. Tegen de plaatsing van personen en entiteiten opeen EU-sanctielijst kan beroep worden aangetekend bij het Gerecht van deEU (en evt. hoger beroep bij het Hof van Justitie) waarbij de plaatsing opde sanctielijst wordt beoordeeld, bijvoorbeeld aan de hand van demotivering van de Raad. Indien het Gerecht of het Hof dit als onvoldoendebeoordeelt, kan het besluit (en daarbij de ingestelde maatregelen) wordenvernietigd. Het kabinet hecht dan ook groot belang aan een gedegenjuridische onderbouwing voor plaatsing op een sanctielijst.In sommige gevallen worden personen onder verschillende sanctiere-gimes op de sanctielijst geplaatst. Dit betreft dan vooral een politieksignaal dat iemand verantwoordelijk wordt geacht voor verschillendeschendingen binnen verschillende (politieke of thematische) aandachtsge-bieden. In de praktijk levert dit geen aanvullende beperkende maatregelenop, immers eventuele tegoeden zijn al bevroren na de eerste oplijsting enzou diegene al de toegang tot het EU-grondgebied worden ontzegdvanwege het inreisverbod. De enige uitzondering hierop betreft hetCP931-regime: dit terrorisme-gerelateerde sanctieregime betreft enkel eentegoedenbevriezing.27Coalitieakkoord «Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst» | Publicatie |Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8911 Internationale contextDe legitimiteit van sancties staat internationaal onder druk. Met namebuiten de EU en de G7 wordt kritisch naar het instrument gekeken enneemt het draagvlak af. Deze kritiek richt zich specifiek op de inzet vansanctiemaatregelen door de VS, VK en de EU en in mindere mate opsancties ingesteld door de VN-Veiligheidsraad. Landen als Rusland, Syrië,China en Iran trekken de juridische grondslag voor deze maatregelen intwijfel en zien dit als een ongeoorloofd drukmiddel. Zij verwijzen naarsanctiemaatregelen die niet door de VN-Veiligheidsraad zijn ingesteld als«unilateral coercive measures». Dit narratief krijgt steeds meer steun vanlanden uit de global south, vanwege de gepercipieerde belemmeringen ineconomische ontwikkeling die zouden voortkomen uit deze maatregelen.Bij de inzet van sancties moeten we ons dus altijd afvragen of deboodschap die we willen zenden ook de boodschap is die wordtontvangen. Sancties kunnen ook leiden tot politieke tegenreactieswaardoor deuren sluiten en de diplomatieke ruimte wordt ingeperkt voorbijvoorbeeld dialoog of onderhandelingen.Humanitaire hulpCentraal onderdeel van bovengenoemd anti-sanctie narratief is devermeende impact van Westerse sancties op humanitaire hulp. Humani-taire hulpgoederen en activiteiten zijn in principe niet gesanctioneerd. Zois de export van hulpgoederen zoals tenten, voedsel en medicijnengewoon toegestaan. Voor humanitaire doeleinden is daarnaast eenuitzondering gemaakt op de sancties voor het overmaken van geld naarpersonen of entiteiten op de sanctielijst. Het belang hiervan werdwederom duidelijk in de nasleep van de aardbeving in Syrië en Turkije,waarbij familieleden moeite ondervonden bij het overmaken van geldnaar getroffen familieleden. Dit bleek geen direct gevolg van de sancties,ondanks beweringen daartoe vanuit gesanctioneerde regimes. Wel was ersprake van terughoudendheid bij leveranciers om goederen te leveren enbij financiële instellingen om transacties te faciliteren naar landen waarsancties gelden (door derisking of overcompliance). Dit kan leiden totvertraging, duurdere aanbestedingen of leveringsproblemen. Het kabinetvoert regelmatig overleg met NGO’s en banken via de Ronde TafelFinanciële Toegang over het oplossen van deze problemen. Tot slot zet hetkabinet zich actief en met succes in om humanitaire uitzonderingen in lijnmet de geldende VN-standaard28 op te nemen in EU-sanctieregimes.ExtraterritorialiteitSancties hebben per definitie effect buiten het grondgebied vanNederland of de Europese Unie, aangezien deze zijn gericht op personen,entiteiten of handelsstromen buiten het eigen grondgebied. Extraterrito-riale werking van sanctiemaatregelen kan effectief zijn maar roept ookweerstand op. Zo heeft de EU zich van oudsher verzet tegen sanctiere-gimes die extraterritoriaal werken zonder een wezenlijk verband tussensanctionerende autoriteit en het doelwit van de sancties. Zo’n wezenlijkverband is noodzakelijk voor gerechtvaardigd handelen binnen hetinternationaal recht en kan ontstaan op grond van nationaliteit, maarbijvoorbeeld ook door het gebruik van grondgebied, valuta of infra-structuur. De antiboycotverordening van de EU verbiedt bedrijven om zichte houden aan specifieke wetgeving met een dergelijk onrechtmatigextraterritoriaal karakter.2928https://documents.un.org/doc/undoc/gen/n22/736/72/pdf/n2273672.pdf29https://finance.ec.europa.eu/eu-and-world/open-strategic-autonomy/extraterritoriality-blocking-statute_enTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8912 Tegelijkertijd zoekt het kabinet constant naar manieren om ingesteldesancties zo effectief mogelijk te maken. Bijvoorbeeld door in EU-verbandnieuwe sancties in te stellen in reactie op de overtreding van bestaandesancties door partijen in landen buiten de EU. Voorbeelden hiervan zijn tevinden in Bijlage IV van de sectorale Ruslandsanctieverordening, waarinspecifieke exportbeperkingen worden opgelegd aan bedrijven diebetrokken zijn bij sanctieomzeiling. Het uitgangspunt voor het kabinet isom per situatie in te schatten met welk type maatregel het bereiken vaneen beleidsdoelstelling het meest gebaat is.ExportcontroleExportcontrole behelst een verzameling regels en voorschriften om deuitvoer van bepaalde goederen, diensten en technologie te controleren.Het hoofddoel van deze maatregelen is het voorkomen van deverspreiding van massavernietigingswapens en het beschermen vanmensenrechten. De regels en voorschriften van exportcontrole zijnvastgelegd in EU-wetgeving, in het bijzonder de EU dual-use-verordening.EU-wetgeving op dit vlak baseert zich op internationale afsprakengemaakt in de diverse internationale exportcontroleregimes, waarbij velestaten zijn aangesloten. Op deze manier wordt er gewaarborgd dat dezelanden dezelfde controlemaatregelen hanteren.Hoewel exportcontrole een op zichzelf staande set aan regels envoorschriften behelst, omvatten EU-sanctiemaatregelen veel maatregelendie in de uitvoering en handhaving worden uitgevoerd via hetexportcontrole-instrument: bijvoorbeeld het verbieden of controleren vantransacties van bepaalde goederen naar een gesanctioneerd land, of hetverbieden van transacties met – of dienstverlening aan – gesanctioneerdepersonen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8913 Overzicht toezegging 202307-073 om terug te komen opsuggesties door Kamerleden voor het moderniseringsprocesSuggesties bij Commissiedebat 5 juli 2023OpvolgingAanbevelingen Nationaal Coördinator Sanctienaleving en HandhavingHet lid Brekelmans (VVD) heeft gevraagd welke aanbevelingen van deNationaal Coördinator Sanctienaleving en Handhaving zullen wordengeïmplementeerd en verwerkt in de modernisering.In de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel, is per deelonder-werp aangegeven wat de Nationaal Coördinator Sanctienaleving enHandhaving over het onderwerp geadviseerd heeft, en hoe hetwetsvoorstel daar opvolging aan geeft.Secundaire sanctiesHet lid Brekelmans (VVD) heeft aandacht gevraagd voor de wijzewaarop het wetsvoorstel eventueel ruimte laat voor secundairesancties.Het wetsvoorstel dient ertoe om uitvoering te geven aan internationalesanctiemaatregelen. In de regel zal het gaan om sancties die inEU-verband worden ingesteld op basis van een Raadsbesluit. In dehuidige praktijk definiëren deze Raadsbesluiten bepaalde criteria opbasis waarvan personen en entiteiten opgelijst kunnen worden en wordtgeen onderscheid gemaakt tussen primaire en secundaire sancties.Informatie-uitwisseling tussen het bedrijfsleven en de overheidHet lid Brekelmans (VVD) heeft gevraagd in hoeverre de regering er ookin wetgeving voor wil zorgen dat bedrijven en de overheid informatiekunnen uitwisselen over sanctieomzeiling, en gesuggereerd dat hetgoed zou zijn als bedrijven het gevoel hebben te handelen met eentegenpartij die sancties schendt, bedrijven deze informatie dan kunnendelen.Bij vermoedens van sanctieschendingen kunnen bedrijven dit meldenbij opsporingsinstanties, zoals FIOD, het OM en de Douane en bij de EUvia de Whistleblower-tool. Het Centraal Meldpunt Sanctienaleving zoueen rol kunnen spelen in de informatievoorziening over wat waargemeld kan worden en zal ook signalen van sanctieschendingenwaaronder omzeiling, kunnen doorzetten naar de genoemde instanties.Informatie-uitwisselingHet lid Brekelmans (VVD) heeft gevraagd wat er op Europees niveaukan worden verbeterd om ervoor te zorgen dat er veel meer informatiewordt uitgewisseld, dat landen onderling ook coördineren en dat er eenbetere taakverdeling plaatsvindt, en hoe hier rekening mee gehoudenwordt bij de modernisering van het Nederlandse sanctiestelsel.Naar aanleiding van de Nederlandse inzet in Brussel zijn sinds deaanname van het 7de sanctiepakket tegen Rusland en Belarus in debetreffende Europese sanctieverordeningen artikelen opgenomen diegegevensuitwisseling ten behoeve van sanctienaleving tussenbevoegde autoriteiten mogelijk maken. Inmiddels moeten bevoegdeautoriteiten op basis daarvan gegevens uitwisselen met elkaar en metbevoegde autoriteiten in andere lidstaten, wanneer dit noodzakelijk isvoor hun taken op grond van Verordening 269/2014.Het geniet devoorkeur van de regering om deze lijn te volgen en bepalingen overgegevensuitwisseling zoveel mogelijk op Europees niveau geregeld tezien, om op die manier een gelijk speelveld te creëren en Europesesamenwerking te bevorderen. Dit is dan ook de standaard inzet van hetkabinet bij nieuwe sanctieregimes en herzieningen van bestaanderegimes. Deze is in alle onderhandelingen gericht op het opnemen vangegevensuitwisselingsgrondslagen. Europese bepalingen die gegevens-uitwisseling tussen bevoegde autoriteiten mogelijk maken zijn namelijkessentieel voor de effectieve naleving van sancties en voor het voldoenaan de eisen die het privacy- en gegevensbeschermingsrecht op ditgebied stellen. Sinds de aanname van het bovengenoemde 7desanctiepakket zijn zulke gegevensuitwisselingsgrondslagen dan ookopgenomen in andere sanctieregimes, zoals in ieder geval de regimesten aanzien van de situatie in Iran, Haïti, Soedan, Niger en Guatemala.Hier wordt bij de modernisering van het sanctiestelsel rekening meegehouden. Idealiter is de mogelijkheid om gegevens uit te wisselengeregeld in de Europese sanctieverordeningen, en in veel gevallenbieden deze al een voldoende grondslag om gegevens uit te kunnenwisselen tussen overheidsorganisaties. Voor de situaties dat dit niet ofniet voldoende is geregeld, wordt voorgesteld om een nationalegrondslag op te nemen in het wetsvoorstel. Dit is ook aanbevolen doorde Nationaal Coördinator Sanctienaleving en Handhaving.Het lid De Roon (PVV) heeft gevraagd om concreter in te gaan op devoorgestelde mogelijkheden voor gegevensuitwisseling tussenbevoegde autoriteiten, en gevraagd welke autoriteiten dit zijn en of hetook om buitenlandse autoriteiten gaat.Naar aanleiding van deze suggestie zijn de mogelijkheden om gegevensuit te wisselen tussen nationale bevoegde autoriteiten binnen Neder-land en met andere bevoegde autoriteiten in andere Europese lidstatennader toegelicht.In de context van de Ruslandsancties moeten alle bevoegde autoriteitengegevens uitwisselen met elkaar en met bevoegde autoriteiten inandere lidstaten, wanneer dit noodzakelijk is voor de uitvoering van huntaken op dat gebied.1 In Nederland zijn dat alle bevoegde autoriteitendie bij of krachtens de Sanctiewet 1977 zijn aangewezen.2 De autoritei-ten in alle EU-lidstaten zijn opgenomen in een bijlage bij de EU-verordening.3Handhaving en publicatie handhavingsbesluitenBijlage IITweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8914 Suggesties bij Commissiedebat 5 juli 2023OpvolgingDe leden Brekelmans (VVD) en Sjoerdsma (D66) hebben aandachtgevraagd voor voldoende afschrikkende handhaving van sanctieschen-dingen, waarbij het lid Brekelmans heeft gepleit voor het kunnenpubliceren van bestuurlijke boetes.Het kabinet is voorstander van strikte en efficiënte handhaving vansanctieschendingen, en heeft in dat kader ook het EU-richtlijnvoorstelvoor het strafbaar stellen van overtreding van beperkende maatregelengesteund. Die richtlijn heeft onder meer tot doel om te zorgen voordoeltreffende, afschrikkende en evenredige strafrechtelijke sanctione-ring van sanctieschendingen.In Nederland is overtreding van sanctiemaatregelen, waaronderontduiking, reeds verboden en strafbaar op grond van de Sanctiewet1977 in combinatie met de Wet op de economische delicten. Destrafmaat die hierop staat is een gevangenisstraf van ten hoogste zesjaren of een geldboete van de vijfde categorie (€ 103.000). Voorrechtspersonen geldt dat indien deze boetecategorie geen passendebestraffing toelaat een geldboete kan worden opgelegd van de zesdecategorie (€ 1.030.000) of een geldboete van ten hoogste tien procentvan de jaaromzet van de rechtspersoon in het boekjaar voorafgaandeaan de veroordeling. Dit stemt ook overeen met wat de EU-richtlijn opdit gebied vereist. Tegen die achtergrond ziet het kabinet niet denoodzaak om de maximale boetes en gevangenisstraffen voorsanctieschendingen te verhogen.Onderdeel van de modernisering van het Nederlandse sanctiestelsel isom het handhavingsinstrumentarium uit te breiden zodat sanctieschen-dingen in bepaalde gevallen ook bestuursrechtelijk kunnen wordenaangepakt, zoals het kunnen opleggen van bestuurlijke boetes. Dezeuitbreiding geeft de overheid meer instrumenten in handen omhandhavend op te treden. Dit draagt bij aan een efficiënte en effectievehandhaving.Het wetsvoorstel voorziet ook in de publicatie van handhavingsmaatre-gelen door de toezichthouders die toezien op de naleving van debedrijfsvoeringsnormen. Dit betekent dat handhavingsmaatregelen diedoor de toezichthoudende autoriteiten worden genomen, ondervoorwaarden, openbaar gemaakt worden.Bevordering internationale rechtsorde (artikel 90 Grondwet)Het lid Boswijk (CDA) memoreerde dat sanctiemaatregelen eenbelangrijk instrument zijn om invulling te geven aan artikel 90 van deGrondwet.Deze notie is meegenomen in het wetsvoorstel, door voorop te stellendat met het uitvoeren van sanctiemaatregelen invulling wordt gegevenaan de grondwettelijke plicht om de internationale rechtsorde tebevorderen.Toekomstbestendigheid sanctiestelselHet lid Boswijk (CDA) heeft ter overweging meegegeven om hetwetsvoorstel niet te beperken tot de sanctiemaatregelen tegen Rusland,maar er voor te blijven zorgen dat het sanctiesysteem ook toekomstbe-stendig is voor andere, ook toekomstige regimes.Het wetsvoorstel is niet beperkt tot het uitvoering geven aan sanctie-maatregelingen tegen Rusland. Aanleiding voor de herziening zijngeweest de internationale sanctiemaatregelen die zijn afgekondigd inhet licht van de Russische aanvalsoorlog in Oekraïne. De reikwijdte isechter een algehele herziening, die toekomstbestendig dient te zijn voorandere, ook toekomstige regimes.Economische nevenschade door bedrijvenHet lid Boswijk (CDA) heeft gevraagd naar hoe in de modernisering vanhet sanctiestelsel wordt omgegaan met schade die bedrijven ondervin-den van sanctiemaatregelen.Ondernemingen in Nederland kunnen (indirect) worden geraakt doorsancties, als de uiteindelijke eigenaar wordt gesanctioneerd. Daarbijbestaat het risico dat de Nederlandse onderneming in economischisolement raakt, hetgeen kan leiden tot economische schade enongewenste maatschappelijke gevolgen. In het rapport van deNationaal Coördinator is aanbevolen om uit te zoeken of de overheidhier een regeling voor zou kunnen maken. Voorgesteld wordt om deongewenste gevolgen van een bevriezing in Nederland op te vangendoor overheidsingrijpen bij een onderneming, wanneer naleving vansancties tot uitzonderlijke economische en maatschappelijke impactleidt. Dit ingrijpen kan gericht zijn op het doorbreken van het econo-misch isolement van de onderneming door te zorgen dat de gesanctio-neerde moederentiteit of persoon geen controle meer kan uitoefenenover die onderneming, waardoor die onderneming niet langer ondersancties valt.Best practices uit andere landenHet lid Boswijk (CDA) heeft gevraagd in hoeverre best practices vanandere landen binnen en buiten de EU worden meegenomen in demodernisering van het sanctiestelsel.Nederland staat in voortdurend contact met andere lidstaten enpartners buiten de EU, om te bezien of oplossingsrichtingen in anderelanden inspiratie kunnen bieden in de modernisering.Eén centraal sanctieloketDe leden Van der Lee (GroenLinks) en Sjoerdsma (D66) hebben desuggestie gedaan om één centraal overheidsloket in te richten voorsancties.De RVO heeft een Sanctieloket Rusland dat is bedoeld voor onderne-mers die te maken hebben met de sancties tegen Rusland en Belarus,en met andere gevolgen van de oorlog in Oekraïne. De website van deRVO biedt daarbij een overzicht van welke sancties er zijn, is gericht opondernemers die willen weten of hun bedrijf met sancties te makenkrijgt, biedt antwoord op een aantal veel gestelde vragen en wijst zonodig door naar de juiste organisatie.Rol van financiële instellingenTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8915 Suggesties bij Commissiedebat 5 juli 2023OpvolgingDe leden Sjoerdsma (D66) en Brekelmans (VVD) hebben aandachtgevraagd voor de rol van financiële instellingen bij het tegengaan vansanctieomzeiling, en naar het onderzoek van De NederlandscheBank (DNB) naar sanctiescreeningssystemen van financiële instellingen.De Minister van Financiën heeft uw Kamer op 11 maart jl. geïnformeerdover het onderzoek van DNB en de vervolgstappen.4Toezicht op juridische beroepsgroepen en accountantsHet lid Van der Lee (GroenLinks) heeft gevraagd op welke wijze ertoezicht wordt gehouden op de meldplichten voor het notariaat, deadvocatuur en de accountancy.Vooruitlopend op de tweede tranche en de inwerkingtreding van hetAML-pakket wordt voorgesteld om bepaalde juridische beroepsgroepenal onder Sanctiewet-toezicht te brengen.Het lid De Roon (PVV) heeft aandacht gevraagd voor het werkbaarhouden van de eventuele toezichtslasten voor notarissen, advocaten enaccountants, en gevraagd welke belangenorganisaties van dezeberoepsgroepen betrokken zijn bij het wetgevingsproces.De Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB), de KoninklijkeNederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA) en deNederlandse Orde van Advocaten (NOvA) hebben consultatiereactiesingebracht bij de preconsultatie.Financiële onderbouwingHet lid De Roon (PVV) heeft gevraagd om bij de indiening van hetwetsvoorstel te komen met een presentatie van een gedetailleerdefinanciële onderbouwing.De partijen die bij de uitvoering van het wetsvoorstel betrokken zijn,zullen parallel aan de internetconsultatie gevraagd worden om eenuitvoeringstoets uit te voeren. Met de uitkomsten daarvan zullen naafloop van de consultatie de financiële gevolgen van het wetsvoorstel inkaart worden gebracht. Deze zullen in de toelichting worden vermeld.1 Artikel 8, vierde lid, 4 van Verordening (EU) Nr. 269/2014 van de Raad van 17 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen met betrekking totacties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen (PbEU L 078).2 Artikel 2b, tweede lid, Sanctieregeling territoriale integriteit Oekraïne 2014.3 Annex II bij Verordening (EU) Nr. 269/2014.4 Kamerstuk 32 545, nr. 202 Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8916 Stand van zaken omtrent de uitvoering van het rapport van deNationaal Coördinator Sanctienaleving en HandhavingAanbevelingStatusOpmerking1. Bestendig de coördinatierol van BZ en zorg voornauwe aansluiting bij de eerder aangekondigdesanctie-eenheid bij BZGerealiseerdEr is een formele sanctie-eenheid gecreëerd voor zowelsanctieontwikkeling als -naleving onder leiding vandirecteur/speciaal gezant2. Blijf intensief samenwerken met alle betrokken partijenmet inachtneming van ieders verantwoordelijkhedenGerealiseerdBZ zit regulier interdepartementaal overleg voor opverschillende niveaus, inclusief op deelonderwerpen.3. Versterk de loket- en vraagbaakfunctie van RVOGerealiseerdDe rol van RVO als vraagbaak is versterkt. Er is eensanctieloket ingesteld en marktpartijen weten RVO goedte vinden.4. Moderniseer het sanctiestelsel na een zorgvuldigproces en zorg dat de wet- en regelgeving daar gelijketred mee houdt.Gerealiseerd/lopendVan 7 juni tot en met 9 augustus 2024 loopt de internet-consultatie voor het wetsvoorstel internationalesanctiemaatregelen.5. Creëer een meldplicht voor notariaat, advocatuur enaccountancy en zorg voor passend toezicht.Gerealiseerd/lopendDit is meegenomen in de modernisering. (zie ookaanbeveling 14)6. Monitor de implementatie van het UBO-registerGerealiseerdDe Minister van Financiën heeft uw Kamer op 17 april jl.een brief gestuurd over stand van zaken op het gebiedvan de UBO-registers (Kamerstuk 31 477, nr. 99)7. Creëer een meldpunt voor bevriezing van aandelenbe-langen en aandeelhoudersrechtenGerealiseerdIn het zevende sanctiepakket (juli 2022) is een meldplichtopgenomen voor gesanctioneerde personen en bedrijvenom hun bevroren tegoeden en economische middelen(waaronder aandelenbelangen) te melden aan debetreffende lidstaat.8. Doorbreek de geheimhoudingsplicht van specifiekeberoepsgroepenGerealiseerdOp voorstel van Nederland is in het zevende sanctiepak-ket (juli 2022) geregeld dat de geheimhoudingsplicht vanberoepsgroepen kan worden doorbroken ten behoevevan meldingen onder de EU sanctieverordening.Inmiddels wordt dit standaard opgenomen in nieuwesanctieregimes.9. Kom tot een regeling voor beheer van langdurigbevroren tegoedenGerealiseerd/lopendDit is meegenomen in de modernisering (zie ookaanbeveling 14). Daarnaast worden bij het toekennen vanontheffingen parameters gehanteerd om te beoordelenof voldoende is vastgesteld dat economische activiteit opvoldoende afstand staat van de gesanctioneerdeeigenaar (zgn. firewall-constructie).10. Creëer een sterke rechtsgrondslag voor gegevensuit-wisselingGerealiseerdOp voorstel van Nederland is in het zevende sanctiepak-ket (juli 2022) de mogelijkheid gecreëerd voor gegevens-deling tussen overheden. Dit zorgt ervoor dat erinformatie gedeeld kan worden inzake de Ruslandsanc-ties.Als onderdeel van de modernisering van het sanctiestel-sel zal gegevensuitwisseling t.a.v. alle sanctieregelingenverduidelijkt worden.11. Creëer de mogelijkheid om een aantekening voorbevroren bezit te plaatsen in het HandelsregisterGerealiseerdVoor de Ruslandsancties is deze mogelijkheid gecreëerdd.m.v. een sanctieregeling van de Minister van Buiten-landse Zaken.Dit wordt meegenomen in het traject moderniseringsanctiestelsel, zodat dit in de toekomst voor alle sanctiesgeldt.12. Continueer het indienen van tekstvoorstellen bij deEU om het sanctiestelsel te verbeterenGerealiseerdIn dit kader is in het zevende pakket (juli 2022) een reeksNederlandse voorstellen opgenomen omtrent gegevens-uitwisseling.De sanctie-eenheid blijft inzetten op concrete tekstvoor-stellen op zowel het gebied van ontwikkeling (nieuwelistings, e.d.) als sanctienaleving.13. Verbeter gegevensuitwisseling tussen overheidsorga-nisaties en andere betrokkenenGerealiseerdOnder leiding van MinEZK is in het najaar van 2022 hetsamenwerkingsplatform sanctienaleving opgerichtwaarbij meer dan 20 overheidsorganisaties tweeweke-lijks bij elkaar komen om casuïstiek te bespreken enindien relevant gegevens uit te wisselen. Zie ookaanbeveling 7.14. Dring in Brussel aan op duidelijke kaders voor (deonderzoeks-verplichting naar) eigendom en zeggenschapGerealiseerd/lopendNederland zet zich hiervoor doorlopend in bij discussiesin Brussel.15. Bespreek met Europese Commissie of een meldpuntvan verhuur door gesanctioneerden toegevoegde waardeheeft en creëer in dat geval een meldpuntGerealiseerdBZK heeft de eigen maatschappelijke correspondentieopengesteld voor meldingen.Bijlage IIITweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8917 AanbevelingStatusOpmerking16. Agendeer in Brussel de behoefte voor EU-bredeeensluidende interpretatie van ontheffingsgrondenGerealiseerdDit is voortdurend onderwerp van aandacht in EUoverleggen over sancties.Tegelijkertijd blijft de omgang met ontheffingen eennationale bevoegdheid en kunnen specifieke gevallenanders behandeld worden. Nederland is hierover ingesprek met de relevante lidstaten waar dit tegenstrijdig-heden oplevert.Nationaal is een interdepartementaal beleidskader voorde algemene omgang met ontheffingsverzoekenvastgelegd.17. Bepleit in Brussel bestendiging van het centralecontactpunt RuslandsanctiesGerealiseerdDG FISMA heeft het contactpunt voor Ruslandsanctiesbestendigd.18. Doe voorstellen in de EU ter verbetering van hetproces rondom publicatie van nieuwe sanctiesGerealiseerdNederland heeft concrete voorstellen gedaan rondommoment van publicatie, het gebruiken van een databe-stand en het introduceren van verbonden partijen bijpersonen en entiteiten op de sanctielijst. Er is in hettwaalfde sanctiepakket tegen Rusland een nieuwsanctiecriterium toegevoegd om ook «geassocieerde»personen op de sanctielijst te plaatsen. Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 410 V, nr. 8918
Gerelateerde bronnen
- De minister zegt toe om de Kamer separaat aan de reactie op de internetconsultatie bij het wetsvoorstel Modernisering van het Nederlandse sanctiestelsel te info
De minister zegt toe om de Kamer separaat aan de reactie op de internetconsultatie bij het wetsvoorstel Modernisering van het Nederlandse sanctiestelsel te informeren over de volgende onderwerpen: de rol van banken bij het tegengaan van sanctieomzeiling; informatie-uitwisseling en -vergaring door ba
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.