KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een commissiedebat, gehouden op 7 november 2024, over Hersteloperatie kinderopvangtoeslag

7 nov 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 89dd0922a898ceb6 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 066BelastingdienstNr. 1444 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 9 december 2024 De vaste commissie voor Financiën heeft op 7 november 2024 overleggevoerd met mevrouw Achahbar, Staatssecretaris Toeslagen en Douane,over:–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.4 oktober 2024 inzake voortgangsrapportage hersteloperatietoeslagen mei-augustus 2024 (Kamerstuk 31 066, nr. 1428);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.4 november 2024 inzake beantwoording vragen commissieover de voortgangsrapportage hersteloperatie toeslagenmei-augustus 2024 (Kamerstuk 31 066, nr. 1428 ) (Kamerstuk31 066, nr. 1434);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.29 augustus 2024 inzake beantwoording vragen commissieover de voortgangsrapportage hersteloperatie toeslagen overde periode januari-april 2024 (Kamerstuk 31 066, nr. 1390 )(Kamerstuk 31 066, nr. 1422);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.27 augustus 2024 inzake breed gesprek kabinet met ouders enjongeren (Kamerstuk 31 066, nr. 1421);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.16 juli 2024 inzake dienstverleningsovereenkomst met SGH(Kamerstuk 31 066, nr. 1420);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.23 april 2024 inzake toezegging inzake het voorzien van eenplanning voor het verstrekken van de ouderdossiers (Kamer-stuk 31 066, nr. 1378);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.6 november 2024 inzake spoedadviescommissie en pilotTotaalherstel (Kamerstuk 31 066, nr. 1435);–de brief van de Staatssecretaris Toeslagen en Douane d.d.6 november 2024 inzake reactie op het artikel van Follow theMoney van 31 oktober 2024 over het rapport Werkelijk andersorganiseren. Dóórontwikkeling van de organisatie van deCommissie Werkelijke Schade (Kamerstuk 31 066, nr. 1436). kst-31066-1444ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14441 Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de commissie,Nijhof-LeeuwDe griffier van de commissie,WeeberTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14442 Voorzitter: Van EijkGriffier: LipsAanwezig zijn negen leden der Kamer, te weten: Dijk, Inge van Dijk, VanEijk, Ergin, Heite, Rikkers-Oosterkamp, Stultiens, Vijlbrief en Vlottes,en mevrouw Achahbar, Staatssecretaris Toeslagen en Douane.Aanvang 15.00 uur.De voorzitter:Goedemiddag allemaal. Welkom bij de vaste commissie voor Financiën.Vandaag staat de hersteloperatie kinderopvangtoeslag op de agenda. Inhet bijzonder welkom aan alle mensen op de publieke tribune en demensen die dit debat op afstand volgen. Ik heet de StaatssecretarisToeslagen en Douane, mevrouw Achahbar, van harte welkom. Vanuit deKamer zijn er verschillende Kamerleden aanwezig: de heer Ergin vanDENK, de heer Vlottes van de PVV, mevrouw Heite van NSC, mevrouwInge van Dijk van het CDA, de heer Vijlbrief van D66, mevrouw Rikkers vande BBB en de heer Dijk van de SP.We hebben een indicatieve spreektijd per fractie van vijf minuten. Ik stelvoor om in de eerste termijn de interrupties op elkaar te beperken tot vierinterrupties. Ik geef graag de heer Ergin het woord om te beginnen metzijn inbreng.De heer Ergin (DENK):Voorzitter, dank je wel. Het heeft jaren geduurd om de toeslagenmisdaadboven tafel te krijgen. Toen eindelijk erkend werd dat mensen door deoverheid waren geplet, ging het gelukkig vrij snel over herstel. Iedereendie had gehoopt dat er echt snel werk zou worden gemaakt van herstel, ishelaas van een koude kermis thuisgekomen. De hersteloperatie isnamelijk inmiddels een hersteldrama geworden. Veel ouders zitten nogsteeds in een hel en worden van loket naar loket gestuurd zonder zicht opeen oplossing. Alles wat beloofd is aan de ouders, zoals erkenning vanhun leed, ruimhartige financiële compensatie en snel zekerheid zodat zijweer verder kunnen bouwen aan hun levens, zit muurvast.Voorzitter. Eergisteren hadden we hier een gesprek met de gedupeerdetoeslagenouders. Een samenvatting van een van de ouders was heeltreffend. Die wil ik hier gebruiken en is ook wel tekenend voor het debatdat we hier vandaag voeren. Die ouder zei: we zijn tijdens de toeslagen-misdaad voor de bus gegooid en bij het hersteldrama rijdt diezelfde bus inzijn achteruit weer over ons heen. Mijn afdronk van die gesprekken is dathoop op een goed einde bij veel ouders ver, ver uit zicht is. Hetvertrouwen is niet hersteld, maar hun littekens zijn juist veel diepergeworden. Ik ben benieuwd wat dit doet met de Staatssecretaris. Ik benbenieuwd naar de reflectie van de Staatssecretaris op deze woorden enhet gevoel dat heel veel ouders helaas – dat wil ik er heel graag bijzeggen – hebben. Het gaat ook vandaag over procedures, processen enroutes, maar hoe denkt de Staatssecretaris werk te maken van hetemotionele herstel van deze ouders? Natuurlijk moet er ruimhartigfinancieel herstel komen, maar emotioneel herstel is misschien zelfs nógbelangrijker.De Staatssecretaris schreef in haar brief dat de operatie op koers loopt,terwijl ik aan de andere kant van heel veel ouders te horen krijg dat zebijvoorbeeld niet eens inzage krijgen in hun dossier en we eigenlijk nu alweten dat de hersteloperatie zeker op dit tempo nooit in 2027 opgelostkan zijn. Hoezo ligt de hersteloperatie op koers, zou ik aan de Staatssecre-taris willen vragen.Wat wel op koers liep, was de SGH. De SGH hielp veel ouders en genootveel vertrouwen van mensen, omdat ze het gevoel hadden: er luistertTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14443 iemand naar ons. Emotioneel herstel, erkenning en antwoorden op hunvragen over waarom uitgerekend zij de dupe waren, stonden bij de SGHwél centraal. Ik wil niet al te veel terugverwijzen naar de lelijke openbareruzie tussen het ministerie en de SGH, maar ik ben benieuwd hoe we deSGH-route zo snel mogelijk gaan herstellen, zodat we zo snel mogelijkweer ouders kunnen helpen.Voorzitter. Dan over de brief van gisteren. De Staatssecretaris kwam in debrief met twee onderdelen: er komt een spoedadviescommissie en erkomt een nieuwe pilot genaamd Totaalherstel. Er is niks mis met hetvragen van advies en met een nieuwe pilot. Er is ook helemaal niks mismet totaalherstel, maar alle voorgaande bewindspersonen haddeneigenlijk dezelfde reflex op dit onderwerp: wéér een commissie die ietsvoor ons moet uitzoeken, nóg een pilot met een nobel doel. Ik ben daarzeker voorstander van – althans, ik sta ervoor open – maar wat gaan wedan precies doen?In de Volkskrant lazen we dat de Staatssecretaris de boel «niet overhoopwil gooien». Op vragen als «welke bewijzen moeten gedupeerdenaanleveren en bij wie?» en «wie doet de uiteindelijke beoordeling?» wistde Staatssecretaris nog geen antwoord te geven. Veel weten we niet,maar we weten wel dat we wederom tijd aan het kwijtraken zijn. Hebbenwe niet genoeg adviezen, rapporten, knelpuntenanalyses, best practices,impactanalyses en noem het maar op opgevraagd over de herstelope-ratie? Ik heb een vraag aan de Staatssecretaris die ik ook namens veelouders stel. Kan de Staatssecretaris in gewonemensentaal, zo eenvoudigdat ik het ook kan begrijpen, uitleggen wat zij precies aan het doen is enwaarom ze haar move van gisteren heeft gemaakt?Voorzitter. Dan mijn laatste punt, ook over iets wat ik niet begrijp. Er komteen nieuwe pilot aan, maar in al die gesprekken hebben de ouders hetover wachttijden van soms tien maanden, dossiers die niet wordenverstrekt en de afwezigheid van een eenduidige en navolgbare lijn overwat ruimhartige compensatie betekent. Er zijn heel veel signalen dat erniet eens geluisterd wordt naar hun verhaal en dat het heel snel over hetzakelijke aspect gaat. We kunnen een spoedadviescommissie instellen,maar we moeten dit gewoon regelen. Ik vraag de Staatssecretaris om ditgewoon te regelen. Daar hoeven we misschien geen pilot voor in testellen. We moeten gewoon aan de slag.Dank je wel, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel, meneer Ergin. Dan ga ik verder met de volgende spreker, deheer Vlottes van de PVV.De heer Vlottes (PVV):Voorzitter, heel veel dank. De Staatssecretaris heeft de ambitie dat eind2027 de aanvullende schade van alle gedupeerde ouders is gecompen-seerd. Ook in haar brief van 25 oktober bevestigt zij dit nog eens. Deafgelopen week hebben wij als commissie meerdere gesprekken gehadmet betrokkenen. De PVV wil toch even een rondje maken langs deverschillende regelingen.Ik begin met de CWS-route, de route van de Commissie WerkelijkeSchade. Met een actuele doorlooptijd van zo’n 22 maanden zit die muur-en muurvast. De conclusies uit de rapportage van Berenschot zijn ookhelder. Zo is het aantal dossiers dat de CWS afrondt, gedaald in plaats vangestegen, naar een dieptepunt van slechts zo’n vier tot vijf adviezen perweek. Dat betekent dat het met het huidige tempo zo’n 100 jaar gaat duren– 100 jaar! – voordat alles is afgerond. Gelukkig ziet de Staatssecretaris ditzelf ook en heeft zij mede daarom een aantal aanvullende maatregelengenomen. Ik schets dan toch even hoe die 100 jaar ontstaat. Binnen deCWS begint het namelijk met zogeheten screeners. Dit zijn medewerkersdie als eerste het dossier behandelen. Daarna gaat het naar deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14444 zogenaamde secretarissen. Die doen een juridische beoordeling. Als eensecretaris het dossier oppakt, kan het maar zo zijn dat het werk nog eenkeer wordt overgedaan omdat die niets heeft aan het werk van descreeners. Dan zitten we dus twee keer hetzelfde te doen. Dan wordt erook nog gezegd dat er zo weinig waardering is voor het individuele werk.Dat wordt letterlijk zo gezegd. Het gevolg is dan dat het dossier alsnogzeven maanden stilligt. Dan is er nog geen advies en nog geen enkeltoelichtingsgesprek voor de ouders. Juist dat toelichtingsgesprek is dusdie persoonlijke noot, die persoonlijke benadering, waar het eigenlijk omzou moeten gaan. Daar hebben de ouders misschien nog wel het meestbehoefte aan.Voorzitter. Dit leidt dan tot de trieste optelsom van in totaal twee jaar, tweejaar om nog iets van een schadevoorstel te krijgen. Als de ouders dan aldan niet terecht in bezwaar gaan, moeten ze nog weer maanden wachtentotdat de bezwaarschriftenadviescommissie, de BAC, het volledige dossierheeft ontvangen van de UHT. Sterker nog, de ouders zijn zelfs afhankelijkvan de BAC als zij een volledig dossier zouden willen ontvangen, zohoorden wij de afgelopen week. Waarom toch deze trainering? Waarom aldeze vertraging? Hoe kan het dat de ouders afhankelijk zijn van de BACom hun volledige dossiers te krijgen? Kan dit echt niet anders? Graag eenreactie.Voorzitter. Dan schrijft de Staatssecretaris in reactie op het rapport vanBerenschot: er zijn individuele afspraken gemaakt en er zijn zogenaamdeKPI’s afgesproken. Dat is allemaal hartstikke mooi als je je organisatie wiltfinetunen, maar deze organisatie werkt niet. Dat leidt tot de conclusie uitonderzoek onder de toeslagenouders dat 93% al niet eens meer gelooftdat er nog een goed einde komt. Dan is het echt onbestaanbaar datmensen bij de CWS op zoek zijn naar complimentjes en als losse eilandenmet elkaar omgaan in plaats van de ouders bij te staan.Voorzitter. Ik lees ook dat de Staatssecretaris vooral haar blik op detoekomst wil houden. Dat moet ze absoluut lekker doen, maar dePVV-fractie houdt de blik liever op hogere productiecijfers in deze fase. Diemogen meer zijn dan de verwachting die de Staatssecretaris nu formu-leert. Die mag ook echt wel wat concreter zijn. Kan zij hierop reageren?Voorzitter. Dan nog kort over de SGH-route. Deze loopt mindervoorspoedig dan we hadden gehoopt, zo schrijft de Staatssecretaris. Dieroute staat stil en er is zelfs ruzie ontstaan, ruzie tussen de SGH en hetministerie. De Staatssecretaris heeft nota bene zelf een nieuwe overeen-komst met de SGH ondertekend, omdat de CWS-route volledig vastge-lopen is. Waar gaat dit nou mis? Waar is de onafhankelijke derde die deschadebedragen moet toetsen? Gaat dit überhaupt nog werken of blijft deUHT het werk van de SGH ook hier weer overdoen en blijven er gewoonweer dossiers liggen?Voorzitter. Zo star en onbehouwen als de hersteloperatie gaat voor echtegedupeerden, zo vrijblijvend lijkt zij te zijn voor misbruik. Dat is heel ergcru. Afgelopen juli had de FIOD een man opgepakt die verdacht werd vangrootschalige toeslagenfraude. Hierover stuurde de vorige Staatssecre-taris in april een brief naar de Kamer, waarin stond dat er meerderesignalen van mogelijk misbruik in georganiseerd verband waren. Naar nublijkt, stond afgelopen week Kadir K. voor de rechter. Deze man had voormet name Turkse Bulgaren, 330 in totaal, kinderopvangtoeslag aange-vraagd en doorgesluisd ter waarde van 4,9 miljoen, waarvan hij zelf zo’n20% opstreek. Het OM vermoedt dat de omvang weleens vele malengroter kan zijn. Kan de Staatssecretaris hierop reageren? Want inantwoord op eerdere Kamervragen van de PVV stelde de Staatssecretarisdat «een aantal losse signalen gingen over het gebruik van tussenper-sonen; slechts een deel van die signalen hield verband met personen vanBulgaarse afkomst». Volgens het OM gaat het in deze zaak in ieder gevalom 330 Turkse Bulgaren. Als dat slechts een deel is van enkele lossesignalen, heeft de Staatssecretaris dan een beeld van waar het in totaalTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14445 om gaat? Hoeveel rechtszaken kunnen we nog verwachten? Hoe gaat zijervoor zorgen dat in dit geval Kadir K. bij veroordeling elke cent gaatterugbetalen? Graag een reactie.Voorzitter. Tot slot. Dit zijn de materiële beperkingen en problemen in dehele hersteloperatie, maar de afgelopen week hebben de gedupeerdenzelf duidelijk aangegeven dat zij juist behoefte hebben – ik heb het al eenseerder gezegd – aan erkenning, aan gehoord worden, aan gezien worden,aan het kunnen doen van hun verhaal. Een groot deel vindt dit misschiennog wel belangrijker dan allerlei schaderegelingen. Hoe gaat de Staatsse-cretaris hier werk van maken?Dank u wel.De voorzitter:Dank je wel, meneer Vlottes. Ik ga verder met mevrouw Heite van NieuwSociaal Contract.Mevrouw Heite (NSC):Dank u wel, voorzitter.Jammer.Ik wil vandaag beginnen met zeggen dat ik het jammer vind,voor mij, voor Chantal en voor alle andere gedupeerde jongeren.Jammer dat onze DUO-schulden nog steeds niet worden meegenomen,zoals bij onze ouders.Jammer dat er nog steeds geen brede ondersteuning is die matcht bij watwij jongeren nodig hebben.Jammer dat ons leed nog steeds niet volledig wordt erkend.Jammer dat wij hier vandaag weer zitten te jammeren over iets wat naarons idee overduidelijk is.Ook wij hebben geleden onder de problematiek van onze ouders.We zijn uit huis geplaatst, mishandeld, verhongerd.We hebben geleefd in het donker,wachtend tot de schaduw ons kwam halen, of onze spullen.Jammer dat het leven doorging zonder begrip,niet van onze mentoren, wijkcoaches, tantes of oomsen al helemaal niet van onze overheid.Voorzitter. Dit is het gedicht dat Sanna ons deze week heeft voorgelezennamens alle gedupeerde jongeren. Het gaat door merg en been. Welkeboodschap hebben wij met het toeslagenschandaal aan onze jeugdmeegegeven? Wat zijn de gevolgen voor hun leven, voor hun toekomst-perspectief? Waarom worden zij tot op de dag van vandaag onvoldoendegezien? Waarom ervaren zij geen brede ondersteuning die bij hen past?Graag een reactie van de Staatssecretaris.Voorzitter. Het debat van vandaag zou moeten gaan over, alweer, eenvoortgangsrapportage, maar na twee dagen van gesprekken met ouders,jongeren en andere betrokkenen, waarvoor NSC iedereen vandaagnogmaals wil bedanken, en na het bericht van de Staatssecretaris dat zijeen spoedcommissie onder leiding van Chris van Dam wil instellen, lijktdit eerlijk gezegd nogal zinloos. Alles overziend kijken we naar eenopgetuigd systeem waar niemand nog een touw aan vast kan knopen. Wepraten ons de blaren op de tong en aan welke knop we ook proberen tedraaien, met vele goedbedoelde debatten, moties, onderzoeksrapporten,commissies, et cetera, et cetera, het systeem lijkt alleen maar verder vastte lopen.Ondertussen zitten de gedupeerden 24 uur per dag in een uitzichtlozenachtmerrie en worden ze niet gezien. Ze zijn een nummer. Ze hebben,ondanks onze aangenomen motie om alle dossiers beschikbaar te stellen,hierin tot op de dag van vandaag geen inzage en weten dus nog steedsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14446 niet wat er nu precies is gebeurd waardoor hun leven zo totaal isontwricht. Ze worden nog steeds gezien als een lastig onderdeel van hetsysteem. We vragen van hen het onmogelijke, namelijk om zich telkensweer aan te passen aan een steeds veranderend systeem van een falendeoverheid in plaats van dat ze als mens worden gezien, ze centraal staan ineen geïntegreerde aanpak en aan hen wordt gevraagd: wat heb je nounodig? Ze zijn de controle over hun leven volledig kwijtgeraakt en dat isziekmakend. Het meest verschrikkelijke is dat de overheid dit heeftveroorzaakt en die tot op de dag van vandaag laat voortduren. Waarblijven de dossiers?Voorzitter. NSC heeft dubbele gevoelens bij het instellen van weer eennieuwe commissie. Het is eigenlijk schandalig dat het nodig is en dan hebik het nog niet over wat dit met de gedupeerden zal doen. Weer eencommissie. Daar gaan we weer. Wanneer gaan ze nu eindelijk eens watdoen? Alle ingrediënten zijn voorhanden. Waarom lukt het niet? Waar eenwil is, is immers een weg. Wat is de doorzettingsmacht van dezecommissie en waarom gaat zij nu eindelijk wel het verschil maken? Graageen reactie van de Staatssecretaris op deze zeer terechte vragen.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Dijk.De heer Dijk (SP):Mevrouw Heite stelt in een vraag of tien de vraag: waarom lukt het niet?Eigenlijk is de vraag: waarom gebeurt het niet? Mijn vraag aan mevrouwHeite is of zij een analyse kan geven van waarom het niet gebeurt. Dat zalik zo meteen namelijk ook proberen te doen, maar ik ben benieuwdwaarom zij denkt dat het niet gebeurt.Mevrouw Heite (NSC):Ik denk niet dat er ’s ochtends mensen wakker worden die denken: goh,hoe gaan we de gedupeerde ouders en kinderen het leven nou eens zuurmaken? Ik denk dat er een systeem is ontstaan dat zich niet verhoudt totde mens. Als je ergens een weg inslaat, dan kan je op het punt komenwaarop je denkt: we kunnen niet meer vooruit en we kunnen nietachteruit. Je blijft dan maar aan kleine knopjes draaien zonder dat je echtteruggaat naar de oorzaak van de problemen. Op den duur heeft niemandmeer het overzicht en ontstaat er een bloemkool. Ik wil uitgaan van goedebedoelingen. Ik wil uitgaan van het feit dat elk stronkje is bedacht om dezeouders te helpen. Maar zoals ik al zei, is dat niet meer waar we nu staan.Het systeem is volledig vastgelopen en dolgedraaid.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Mevrouw Heite (NSC):Voorzitter. Er zijn ondertussen wel lichtpuntjes. Er is een rode draad diedoor alle ellende heen loopt. Dat is het vertrouwen dat gedupeerdenhebben in de Stichting (Gelijk)waardig Herstel. Er zijn positieve verhalenover de brede ondersteuningsaanpak bij gemeenten zoals Apeldoorn enAlmere. Er zijn gedupeerden die hun diepe ellende hebben weten om tebuigen en als herstelexperts hun kennis en ervaring inzetten om anderente helpen. Kan de Staatssecretaris aangeven hoe de spoedcommissie-VanDam deze positieve zaken gaat meenemen in haar opdracht in plaats vandat ze het wiel weer opnieuw gaat uitvinden? Kan de Staatssecretaristoezeggen dat ook de Kamer wordt meegenomen door de commissie?Hoe zorgt de Staatssecretaris ervoor dat deze commissie niet weer voorextra vertraging zorgt?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14447 De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Ergin.De heer Ergin (DENK):Ik wil ook altijd uitgaan van het goede van de mens. Ik denk dat dat eenmooie manier is om in het leven te staan. Maar als we concluderen datouders ondanks verzoek na verzoek geen dossiers krijgen en dat deSGH-route voor veel ouders op een hele fijne manier verliep, maar dat dieouders nog steeds geen dossiers hebben en wij inmiddels in de krantkunnen lezen hoeveel geld de SGH aan koffie uitgeeft, hoeveel de ICTkost, wat het kantoormeubilair, het toiletpapier en weet ik veel wat daarkosten, vindt zij het dan nog steeds acceptabel – ik weet niet welk woordik daarvoor moet gebruiken – om ervan uit te gaan dat er bij het depar-tement van de Staatssecretaris nog steeds sprake is van goede bedoe-lingen in alle gevallen?Mevrouw Heite (NSC):Nee. Ik ben het met u eens. Ik wil er eigenlijk in mijn tweede termijn opingaan, omdat die vijf minuten te kort zijn om alles te vertellen wat je zouwillen vertellen. Maar ik kan eigenlijk niet anders dan concluderen dat ertelkens weer berichten verschijnen en dat het vooral een klap is in hetgezicht van de ouders die met die berichtgeving ook weer wordengewantrouwd. Dat kan niet anders dan wél met kwade bedoelingen. Maarin de optuiging van het systeem en in de overgrote meerderheid van water is ontstaan, zie ik die kwaadheid niet. Maar ik ben het met u eens datdeze berichtgeving het ondermijnen van een stichting is die wordtvertrouwd door de ouders en die juist een lichtpuntje in deze duisternis is.De voorzitter:Meneer Ergin, heeft u een vervolgvraag?De heer Ergin (DENK):Ja, voorzitter, dank u wel. Ik ben het volledig eens met het antwoord dat uheeft gegeven, maar dan moeten we het ook hebben over welke conse-quenties we daaraan verbinden. Als het telkens, telkens, maar blijftgebeuren en uitgerekend ook bij die route waar het eigenlijk zo vlotjes enlekker ging, dan moeten wij daar als Kamercommissie toch op z’n minstconsequenties aan verbinden, voor de ouders natuurlijk en voor onzeeigen geloofwaardigheid? Welke consequenties zou NSC daar dan aanwillen verbinden? Ik wil die vraag ook wel anders stellen, want «conse-quenties» betekent niet dat ik het hier per se over de positie van deStaatssecretaris heb. Maar wat gaan we nou doen om ervoor te zorgendat we al die routes die misschien nog gaan komen en die later misschienlekker gaan lopen niet kapotmaken? Wat gaan we als Kamercommissiedoen en wat stelt NSC voor op dat gebied?Mevrouw Heite (NSC):Ik snap de vraag heel goed. Als u mij toestaat, zou ik graag de beant-woording van de Staatssecretaris over deze commissie willen afwachten.Het woord «spoedcommissie» stemt mij voorzichtig positief. In devolgorde der zaken zou ik na de beantwoording op deze vraag willeningaan. Ik zou me namelijk ook kunnen voorstellen dat deze commissiehier ook wat van gaat vinden – dat kan niet anders – en dat we op diemanier hier een oplossing voor weten te vinden, mits die commissievoldoende doorzettingsmacht heeft.De voorzitter:Mevrouw Heite, kunt u uw betoog vervolgen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14448 Mevrouw Heite (NSC):Ik rond af; ik heb nog drie zinnen. Er ligt een immense opgave voor onsallemaal. NSC wil graag met alle partijen en met de Staatssecretarissamenwerken in het belang van alle gedupeerden. De Staatssecretarisheeft toegezegd dat de commissie voor de kerstvakantie komt met haarbevindingen. Afrondend vraagt NSC aan de Staatssecretaris om toe tezeggen dat deze bevindingen met alle woordvoerders en met haar wordenbesproken in een rondetafelsetting om zo verder vorm te geven aan dezesamenwerking.Dank u wel.De voorzitter:U krijgt nog een vraag van mevrouw Inge van Dijk.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Mijn collega begon met het mooie gedicht dat de jongeren van deRijnmondse Alliantie hier hebben gebracht. Daarin gaven ze iets aan overhet aflossen van de DUO-schulden. Geeft NSC daarmee eigenlijk ook aandat het die brug over wil gaan en dit wil organiseren voor die jongeren?Mevrouw Heite (NSC):Ik denk dat het goed is dat we nagaan waarom die jongeren zich nietgehoord en gesteund voelen en waarom de brede ondersteuning voorhen niet passend is. Het gelijk zo concreet maken door te zeggen dat wedie brug overgaan, heeft grote consequenties. Ik kan daar op dit momentdus niet positief op antwoorden. Ik ben eigenlijk eerst wel benieuwd naarwat de Staatssecretaris hiervan vindt, hoe ze dit wil gaan aanpakken, enhoe ze de jongeren wil gaan betrekken en centraal wil stellen. Als dat eenvan de uitkomsten is en als dat een van de oplossingen zou zijn, ben ikabsoluut bereid om daar in de toekomst verder met u over in gesprek tegaan. Voor nu denk ik dat het woord eerst aan de Staatssecretaris is indezen.De heer Dijk (SP):Ik denk dat deze Staatssecretaris, dit kabinet, een Tweede Kamer nodigheeft die beslissingen neemt. Wij zitten hier tegenover jonge mensen dieeen studieschuld bij DUO hebben van € 90.000. Laat ik daarbij dan éénpersoonlijke noot aangeven. Ik heb twaalfenhalf jaar gestudeerd. Ik hebeen studieschuld van € 51.000. Dat heb ik gedaan. Deze jongen met€ 90.000 heeft dat gedaan omdat er niet te vreten was. Zo plat is het. Noumoet er hier een volksvertegenwoordiger zitten die dat rechttrekt, die nietzegt: ik schuif het naar iemand anders toe. Dat gebeurt namelijk constanthierbij. Door iedereen, bij al die regelingen, wordt er naar elkaar gewezenen weggeschoven. Het kan niet meer. Die jongen die een studieschuld van€ 90.000 heeft, is het vertrouwen compleet kwijt. Die zegt in een zindaarna: er wordt mij zo veel beloofd; niemand komt het na. Sorry,mevrouw Heite. Ik ken u. U bent ook een Groninger; ik ook. Mensenkunnen hier niet meer op wachten. Mensen snakken naar volksvertegen-woordigers die zeggen: nu is het klaar. Als er een dienst is die niet nakomtwat hij belooft, dan moeten wíj daar politieke keuzes op maken. Ikvermoed dat deze Staatssecretaris het nodig heeft dat wij zeggen: diejongen zit daar met € 90.000 aan studieschuld; we gaan het fiksen en wijduwen door. Dus ik vraag het ook van u: duw door.De voorzitter:Mevrouw Heite ten slotte, als u daar nog op wil reageren.Mevrouw Heite (NSC):Ik snap heel goed wat u zegt. Ik ben best bereid om daar met u verderover in gesprek te gaan. Ik denk dat het woord nu eerst aan de Staatsse-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 14449 cretaris is, maar ik ben het met u eens dat die jongeren gezien moetenworden. Ik denk ook dat dit niet alleen maar een kwestie is van geld. Hetbegint in de basis. Daarom las ik vandaag ook het gedicht voor. Wemoeten de jongeren zien en aan ze vragen: wat heb jij nodig? Om nu opbasis van de paar verhalen die we hebben gehoord dit soort enormebeslissingen te nemen, gaat mij een stap te ver en een stap te snel. Maarnogmaals, u vindt mij aan uw zijde om hier verder over in gesprek tegaan.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Wij hebben deze gesprekken, ook over DUO, natuurlijk al heel veel metelkaar gevoerd. Mevrouw Heite is ook gewoon nieuw op dit dossier, dus iksnapte dat ze die vragen nog heeft. Wat heeft mevrouw Heite nodig omhier snel een besluit op te kunnen nemen? Want dan kunnen wij daar metelkaar voor zorgen en dan kunnen wij mevrouw Heite helpen om snel toteen conclusie te komen: het is wél een goed idee om het te gaan doen.Mevrouw Heite (NSC):Of dat de conclusie wordt, is natuurlijk de vraag, maar ik denk dat dezaken in de juiste volgorde moeten. Ik heb ten eerste een aantal vragengesteld aan de Staatssecretaris. Ik ben benieuwd naar haar antwoord. Ikben eerlijk gezegd ook heel erg benieuwd naar de antwoorden op devragen over deze spoedcommissie die nu in het leven wordt geroepen. Ikdenk dat zij ook – daarom heb ik daar ook toe opgeroepen – in gesprekgaat met jongeren en daar gaat ophalen wat er nodig is. Dan kan ik alleenmaar de hoop uitspreken dat er een integrale oplossing uit volgt. Die kandan zeker ook rekenen op onze steun.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):NSC zei net terecht: het is eigenlijk schandalig dat het weer nodig is omeen nieuwe commissie op te tuigen. Dat deed me denken aan een vorigegrote commissie die we hebben gehad, namelijk de parlementaireenquêtecommissie. Die heeft – u kent het vast – een goed boekwerkopgeleverd, Blind voor mens en recht, en wacht al bijna een jaar op eenkabinetsreactie, terwijl de boodschap was: een toeslagenschandaal kanmorgen weer gebeuren. Deelt NSC mijn frustratie en die van velen hierdat het schandalig is dat we nog steeds geen kabinetsreactie hebben opdit rapport?Mevrouw Heite (NSC):Het antwoord is ja.De voorzitter:Dan geef ik graag het woord aan mevrouw Inge van Dijk voor haarinbreng.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Dank je wel, voorzitter. Ik voer ook het woord namens de heer Grinwis vande ChristenUnie. We hebben een ereschuld aan al die ouders en kinderendie gedupeerd zijn door de toeslagenaffaire. We zijn een volgendeereschuld aan het opbouwen, omdat de hersteloperatie die we ze biedennauwelijks herstel biedt. De voortgang zit er gewoon nauwelijks in;inmiddels wel wat beter bij de eerste toets en integrale beoordeling, maardaar is het wel mee gezegd. Daar kan deze Staatssecretaris niet eens zoheel veel aan doen. Ze is moedig in deze herstelhel gestapt en zal hopelijkproberen te redden wat er te redden valt.Voorzitter. We hebben weer heel veel gesprekken gevoerd voorafgaandaan dit debat. Eigenlijk zegt iedereen weer hetzelfde: «Ga niet door op deingeslagen weg. Organiseer een oplossing waarbij de ouders te makenhebben met één loket waar ze hun verhaal doen en waar geluisterd wordtTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144410 door degene die herstel moet bieden, en waar met de ouders gewerktwordt aan één voorstel voor financieel herstel, emotioneel herstel, bredeondersteuning en de schulden. Doe dit op een locatie in de buurt van deouders, regionaal dus.» Dit geluid heeft de Kamer ook al heel, heel, heelvaak in debatten op tafel gelegd. Iemand zei ons dinsdagavond: luisterenis een vak; dat moet je leren. Daarom mijn vraag: waarom wordt er nietgeluisterd? Als het ministerie niet naar de Kamer wil luisteren, luister dannaar de BAC, het ouderpanel, de Rijnmondse Alliantie, talloze andereouders die zich uitspreken, de inspecteur, de Ombudsman, advocaten ... Ikkan nog wel even doorgaan.Voorzitter. Ik kan het argument dat het een te grote verandering voor deorganisatie zou zijn, eerlijk gezegd niet meer horen. De spreker van SGHzei het gisteren treffend: met welke bril kijk je naar de inrichting van eenhersteloperatie? Is dat een bril van vertrouwen of van controle? Zit degrootste verandering van de organisatie niet in het verwisselen van decontrolebril met de vertrouwensbril?Voorzitter. Iedere dag telt, zegt de Staatssecretaris in de krant. Daar ben ikhet mee eens. Daarom zegt mijn fractie wederom: we moeten núingrijpen. Maar helaas, er komt weer een adviescommissie. Eigenlijk zouik dan misschien ergens blij moeten zijn, want je kan het ook als een kanszien, toch? Maar we weten in grote lijnen allang wat eruit gaat komen.Waarom komt er weer een commissie om een herbevestiging te krijgenvan dat waarvan we allang weten dat het moet gebeuren? Eenvoorbeeldje. Hoe kun je fatsoenlijk herstel inrichten zonder te beginnenmet en uit te gaan van het verhaal van de ouders? Ik zal het antwoordgeven: dat kan niet. Nog eentje. Hoe bouw je aan vertrouwen van oudersin de overheid als ze zich iedere keer in hetzelfde herstelproces opnieuwmoeten verantwoorden? Het antwoord is: dat kan niet. Dan weet je duswat je te doen hebt.Voorzitter. De SGH en het ministerie liggen met elkaar in de clinch. Weet jevoor hoeveel onzekerheid dat zorgt bij de ouders? We lezen over dit gedoeoverigens meer in de krant dan dat we er proactief over geïnformeerdworden door het kabinet. Dat is toch eigenlijk bizar? Gisteren heeft SGHhaar kant van het verhaal verteld en aangegeven wat ze nodig heeft omgoed te kunnen functioneren. Aan de Staatssecretaris stel ik dezelfdevraag: wat gaat er volgens haar mis tussen SGH en het ministerie?Eerst was er bij het ministerie in de pilotfase verbazing over hogeherstelbedragen. Dat snap ik echt niet. Als je een pilot met elkaar opzet,dan weet je toch wat de forfaitaire bedragen zijn waarmee gewerkt wordt?Nu komt de SGH weer met een heel aantal knelpunten, vanwege eenverschil in de interpretatie van de overeenkomst – ik denk: de bril dieopgezet wordt – en een gebrek aan vertrouwen vanuit het ministerie. Naarmijn gevoel probeert het ministerie SGH steeds verder te «verminis-teriën», zoals ik het genoemd heb, waardoor het onafhankelijke karakterverdwijnt. Doe dat alsjeblieft niet. Dan hebben we dadelijk twee keer eenbureaucratische organisatie die niet werkt voor de ouders en zijn we nogverder terug bij af.Voorzitter. In ieder gesprek kwam ook het ontbreken van het dossier terug.Schijnbaar is het bij een heel aantal documenten lastig om eraan tekomen. Ouders hadden het bijvoorbeeld over documenten van hetLandelijk Incasso Centrum. Ik vraag me af waarom dat zo blokkerend is.Kan daar niet vanuit de Staatssecretaris stevig op geëscaleerd worden,zodat we die documenten veel makkelijker kunnen krijgen?Voorzitter. Achter iedere gedupeerde ouder zitten kinderen. In sommigegemeenten moeten jongeren negen maanden wachten op een gesprekmet de gemeente over hun opleiding. Dan heb je een heel schooljaarverloren, terwijl volgens deze Staatssecretaris iedere dag telt. Ook deproblemen met DUO-schulden zijn echt fundamenteel. Ik snap echt dat hetaflossen van deze schulden geld kost. Maar wat kost het niet willeninvesteren in de toekomst van onze kinderen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144411 Een jongere vroeg ons gisteren: waarom heeft nog nooit iemand diebetrokken was bij de hersteloperatie aan mij gevraagd hoe het eigenlijkmet me ging? Mijn verzoek aan de Staatssecretaris is als volgt. Zorg datwe echt naast ze gaan staan, dat ze proactief benaderd worden en dat weluisteren naar wat zij nodig hebben om een nieuwe start te maken. Als zedaar misschien niet direct een antwoord op hebben, dan vragen we datnog een keer. We laten ze niet meer los. Als we dan toch weer eenadviescommissie instellen, laat die dan dit vraagstuk, specifiek over dejongeren, oppakken. Zo krijgen ook de kinderen binnen de hersteloperatiehet podium dat ze verdienen.Voorzitter. Mijn vijf minuten zijn, denk ik, ongeveer om, maar er is nogheel veel meer te bespreken. Ik heb nog een korte vraag. Ik heb een motieingediend, de motie op stuk nr. 1410. Die gaat over een advies over hoeom te gaan met ouders die de CWS al hebben doorlopen in het kader vangelijkheid. We gaan wellicht verder sleutelen aan de hersteloperatie. Datjuich ik alleen maar toe, maar die discussie kan dan natuurlijk nog groterworden. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we dat advies snel gaankrijgen. Er moet niet te lang mee gewacht worden, want ik denk dat hetfundamenteel is om keuzes te kunnen maken, om de hersteloperatiefundamenteel aan te passen.Dank je wel, voorzitter.De voorzitter:Dank je wel, mevrouw Van Dijk. Ik geef het woord aan de heer Vijlbriefvoor zijn inbreng.De heer Vijlbrief (D66):Voorzitter, dank u wel. We hebben de afgelopen dagen veel verhalengehoord. Ik ontkwam er natuurlijk niet aan dat de vibe die ik uit dieverhalen kreeg, me heel erg deed denken aan alles wat ik in Groningenheb meegemaakt. Ik denk toch dat het verstandig is om kort te vertellenwaarom daar, in ieder geval in de sfeer rond de afronding van alle ellendedaar, een verschil is gemaakt. Als ik dat verschil probeer terug te brengentot één begrip, dan zit dat in de vraag of je de instituties en het geldcentraal stelt of de mensen. Daar zit volgens mij het kenmerkendeverschil. Ik heb bijvoorbeeld weleens gezegd: als je als overheidvertrouwen terug wil krijgen, dan zul je vertrouwen moeten geven. Je zultmensen moeten zien staan. Je zult gesprekken moeten en willen voerenwaarin je echt geïnteresseerd bent in de mensen. Je moet echt willenluisteren en niet alleen maar het gesprek voeren omdat je dan het boxjekunt afvinken dat je een gesprek hebt gevoerd. Dat is de enige manier,denk ik, ook in dit dossier. Ik ben me er totaal bewust van dat de ellende inGroningen helemaal niet voorbij is. Dat zou ik ook nooit zeggen. Maar ikdenk wel dat er een sfeerverschil kan optreden en dat ouders weer meervertrouwen kunnen krijgen in de overheid als de overheid zo zou gaanhandelen.De Staatssecretaris staat op een belangrijk moment. We hebben deStichting (Gelijk)waardig Herstel. Volgens de kranten kost die route eenheleboel geld. Maar ja, kost de andere route, met al die bureaucratieeromheen, dan niet veel geld, vraag je je af. Is het niet goed als dat geldbij ouders terechtkomt in plaats van bij allerlei mensen die daar geld aanverdienen? Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat deze route ergensin de zomer, met die vaststellingsovereenkomst, en daarna, met deinterpretatie daarvan, opnieuw in mul zand is terechtgekomen. Ik hebdaarover dus een paar vragen aan de Staatssecretaris. Waar loopt het nouprecies op vast tussen de stichting en het ministerie? Wat heeft deStaatssecretaris tot nu toe gedaan om dat op te lossen? Wat gaat ze eraandoen om ouders te helpen? Klopt het dat de stichting een massaclaim invoorbereiding heeft? Wat zijn de gevolgen daarvan?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144412 We hebben de andere routes bij de Commissie Werkelijke Schade. Ikconstateer toch dat zowel het tempo daar als het vertrouwen bij mensenheel laag is. Ook daar heb ik dus een aantal vragen over. Wanneer kan deKamer het hele Berenschotrapport hierover ontvangen? Waarom is dattempo zo laag? Hoe gaat de Staatssecretaris de regie terugpakken bij diecommissie? Kan de Staatssecretaris toezeggen dat de digitale schadeher-stelroute echt online komt en ook bruikbaar wordt? Ik hoor nu alweerallemaal namen voor de digitale herstelroute, «de bonnetjesroute» en zo.Dat zijn van die vibes die ik uit Groningen herken. Als dat soort namenwordt gegeven, dan gaat het meestal niet goed.Dan de laatste brief van de Staatssecretaris, over de spoedadviescom-missie en totaalherstel. Ik begrijp het gevoel van: laten we nou proberenom aan iemand als Chris van Dam te vragen om het nu een keer goed tedoen. Ik begrijp het gevoel. Maar laat je niet in een nieuwe bureaucra-tische val lokken, zeg ik tegen de Staatssecretaris. Want het enige wathelpt, is dat je mensen helpt en naar mensen luistert. Uiteindelijk gaat hetdaarom. Of je dat via de ene route bereikt of via de andere route ... Ik denknamelijk dat Chris van Dam dat gaat adviseren. Dan denk ik: het is fijn alshij dat adviseert en misschien helpt het de Staatssecretaris, maar is hetniet hetzelfde?Totaalherstel. Dat klinkt toch een beetje als Harry Potter. Je komt er niethelemaal uit en dan noem je het «totaalherstel». Maar was SGH nieteigenlijk totaal herstel? Volgens mij doet men daar namelijk het volgende.Eerst doet men een intake met mensen die naar mensen luisteren, danloopt dat traject en op een gegeven moment wordt dat afgerond met eensoort ritueel, waardoor het ook klaar kan zijn voor mensen. Ik denk dat hetop die manier moet. Ik wil de SGH-route helemaal niet heilig maken, maarik kom terug op wat ik in het begin zei: dit kan alleen maar als de overheidbereid is om niet alleen de mensen die daar zitten, maar ook alle anderemensen die gedupeerd zijn, te gaan vertrouwen. Het enige wat zij willen,is door met hun leven. Ja, dat kost wat. Maar we hebben hier ook eenschuld. Dat was in Groningen ook zo. Uiteindelijk ben ik door roeien enruiten gegaan om te zeggen: het is allemaal prima met die kosten, maarhet moet wel geregeld worden. Ik wil de Staatssecretaris daar graag bijhelpen. Vandaar al deze vragen.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, meneer Vijlbrief. Ik geef het woord aan mevrouw Rikkers vande BBB voor haar inbreng.Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Dank u wel, voorzitter. De afgelopen dagen hebben wij heel veelgesprekken gevoerd met heel veel mensen over de toeslagenaffaire, hetschandaal. Ik kan u wel zeggen dat ik er behoorlijk hoofdpijn, buikpuin eneen zwaar gemoed van heb, terwijl wij er nog maar net in zitten. We zittener pas een paar jaar in. Deze mensen zitten er dag in, dag uit in. Wij gaan’s avonds naar ons eigen huis, ons eigen bed en onze eigen kinderen,maar deze mensen niet. Daar wil ik graag mee beginnen. Ik wil jullie ookgraag bedanken dat jullie hier zijn en dat jullie ons de afgelopen dagenmeegenomen hebben.Voorzitter. Toegang voor jongeren tot de brede ondersteuning ontbreekt.U heeft gisteren tijdens het WGO gezegd dat het mogelijk moet zijn.Echter, de jongeren zeggen dat ze die deur niet openkrijgen. Wij zouden erheel graag toe willen oproepen dat dat gebeurt, want die jongeren zijnonze toekomst. Zij verdienen dit. Wij hebben hen al zo veel afgenomen.We moeten ze nu echt gaan helpen. Ik wil de Staatssecretaris vragen watde concrete actie is om ervoor te zorgen dat dit nu wel gaat gebeuren endat iedereen weet dat ze toegang hebben tot deze brede ondersteuning.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144413 Dan de traagheid en het gebrek aan efficiëntie bij het Ministerie vanFinanciën. Ondanks dat externe partijen snel de problemen kunnenoplossen, blijft de voortgang binnen Financiën vastlopen op bureaucratie.BBB wil dat de Staatssecretaris versneld stappen onderneemt om dezeinterne processen aan te pakken, zodat de slachtoffers niet nog een keerslachtoffer worden, wat ze eigenlijk al dubbelop zijn, en niet langerhoeven te wachten. We horen van de BAC dat mensen die een schadever-goeding is toegekend daar bezwaar tegen gaan maken. Pas als zij bezwaargaan maken, komen de stukken van het LIC, het Landelijk IncassoCentrum, boven tafel. Hoe kan er dan een schade beoordeeld zijn en eenschadevergoeding toegekend zijn als we niet eens die data hebben? Hoekan het dat het Landelijk Incasso Centrum zegt dat het niet mogelijk is omdit te delen? Ik was hiervoor belastingconsulent. Als ik naar de Belasting-dienst belde en zei dat ik een schuldenoverzicht van een cliënt nodig had,kreeg ik het antwoord: mevrouw, u krijgt het schuldenoverzicht; u moetalleen zelf even heel goed kijken wat erin staat, want het is niet zo netjesen het is niet altijd heel makkelijk te herleiden. Maar de data zijn er.Voordat we zeggen dat het allemaal netjes en uitgewerkt moet: soms kunje met ruwe data ook heel veel doen, als je daar zelf een expert op zet dieweet wat deze data zijn. Voor mij is dit echt onbegrijpelijk.Voorzitter. We hebben het over cultuurveranderingen. In 2007 heb ik eenbijeenkomst gehad als intermediair bij de Belastingdienst. We gingen innovember naar Martiniplaza en kregen alles te horen omtrent het nieuwebelastingplan en hoe we dat allemaal gingen doen. Toen werd er gezegd:«We gaan naar horizontaal toezicht. Horizontaal toezicht houdt in dat wevan wantrouwen naar vertrouwen gaan. We gaan kijken hoe we mensenkunnen helpen. Mensen mogen zich vergissen. Alle intermediairs doenmee, want het is een heel mooi iets.» Toen wij allemaal een beetjewachtten met een reactie, kwam er gelijk achteraan: «Het is wel heel lastigvoor ons, want wij hebben al deze mensen jarenlang getraind op hetopsporen van fraude en fouten. We hebben hen beloond en meegegevendat het heel goed is dat ze deze mensen aanpakken, dat ze ondernemersaanpakken, ook als er een vergissing wordt gemaakt.» Intern werd daareen «horkentraining» voor georganiseerd, zoals ze die zelf noemden. Datdeden ze zodat ze mensen hadden die leerden te luisteren naar wat deachtergrond van dingen is en naast mensen gingen staan. Dit was in 2007.Toen zeiden ze: we zijn hier al twee jaar mee bezig en het is echtsuccesvol.Het is nu 2024 en volgens mij moet die horkentraining weer afgestoftworden. Er zijn natuurlijk ook mensen die het goed willen doen; dat wil ikook absoluut zeggen. Maar dit kan niet meer. We gaan nu weer watnieuws optuigen en we weten het antwoord al. Ik kan het niet uitleggen. Ikhoop dat de Staatssecretaris ons kan uitleggen waarom we weer watnieuws moeten optuigen. Waarom moet er weer een nieuwe pilot komen,terwijl er al de SGH is? Waarom moet er een nieuwe commissie komendie gaat vertellen hoe we het moeten gaan doen? Alle gereedschap is er.Alle moties zijn er. Misschien zijn ze niet tot op de letter uit te voeren,maar wel tot op de bedoeling. Kan de Staatssecretaris uitleggen waaromdit nodig is? Ik snap het namelijk niet en ik kan het ook niet uitleggen.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Rikkers. Ik geef het woord aan de heer Dijk van deSP.De heer Dijk (SP):Dank u wel, voorzitter. U merkte net al aan mijn interruptie dat ik tamelijkgepassioneerd over dit onderwerp kan spreken. Dat heeft ermee te makendat wij de afgelopen twee dagen erg veel mensen hebben gesproken eneigenlijk standaard dezelfde patronen, dezelfde verhalen, hetzelfdeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144414 wantrouwen en dezelfde onwil zijn tegengekomen. Die onwil kom ik opandere terreinen niet tegen. Als het bijvoorbeeld gaat over het fiasco metbox 3, waar de vermogensbelastingen in zitten, dan gaat het snel. Daarworden snel beslissingen over genomen. Daar is het snel te fiksen. Laat iker niet omheen draaien: het gaat hier duidelijk over een andere groepmensen, met andere eigenschappen, andere achtergronden en anderevermogens.We hebben een aantal routes. We hebben de digitale route, die inderdaadal «de bewijsroute» of «de bonnetjesroute» wordt genoemd. We hebbende Stichting (Gelijk)waardig Herstel, waar we vooralsnog de enigepositieve signalen van hebben gekregen van ouders. Het is de enige plekwaar er goed geluisterd werd, waarbij ze zich serieus genomen voelden.Er zat ook wat vaart in, wat vooruitgang. Maar toen kwamen er zomaarberichten in de pers en de media over een prinses. En geloof me, ik benniet koningsgezind; ik heb niks met prinsessen. Die werden danvervolgens zwartgemaakt. Er komen in één keer allerlei teksten naarboven – de heer Vijlbrief zei het volgens mij ook al – waarvan ik denk:waar komen die ineens vandaan? Dan wordt het wel heel ingewikkeld omnog het vertrouwen te houden dat er mensen zijn op departementen, opministeries, die het beste met je voorhebben. Dat leg ik gewoon even hierin het midden.Ik ben inderdaad nog steeds – mevrouw Heite zei het net terecht – in deveronderstelling dat mensen opstaan en het beste met de wereldvoorhebben, maar dit soort dingen maken het knap lastig en knapingewikkeld. Dat is zeker het geval als ik zie dat de CWS-route vier à vijfdossiers per week aflevert. Vier à vijf! En dan zijn er 35.000 dossiers. Ikheb even zitten rekenen: dat duurt 135 jaar.Als het zo beroerd gaat, zijn er een paar opties. Of het moet versneldworden – dat is onwijs vaak geprobeerd en we weten eigenlijk ook wel datdat niet gaat werken – of je zorgt ervoor dat er een andere route is die welwerkt, dat je daar strak op toeziet en dat er inderdaad geen bizarresalarissen worden uitgekeerd. Daar ben ik namelijk ook niet voor. Maar ziedaar dan strak op toe en zorg ervoor dat er centen zijn. Zorg ervoor dat alser een deal wordt gemaakt – «deal» is geen mooi woord; «vaststellings-overeenkomst» trouwens ook niet – als er een afspraak wordt gemaaktvan mens tot mens, als dingen helemaal uitgezocht zijn, met dossiers, methet verhaal, als er goed geluisterd is ... Zorg ervoor dat wij dan eenoverheid hebben ... Ik heb het in een van de hoorzittingen gisteren ookbenadrukt: het is de overheid die dit probleem heeft gecreëerd en het isuiteindelijk ook de overheid die dit moet oplossen.Ik snap het diepe, diepe, diepe wantrouwen van mensen in de overheid,maar ik wil er wel bij zeggen dat het anders kan. Je kan een andereoverheid hebben. Dat bestaat, echt waar. Het zou niet zo moeten zijn dathet op dit moment deze overheid is die dit doet. Het mag niet zo zijn, hetmag zeker niet zo blijven en hoeft ook niet zo te zijn. Ik zei het net al: ikvind echt dat wíj daar hier voor zitten. Ik heb dit nog met geen enkeleandere bewindspersoon gehad, maar ik heb van tevoren een gesprek metdeze Staatssecretaris gevoerd, toen zij hier net zat. Als er één onderwerpis waarbij dit kabinet de volle steun van de SP kan verwachten om tot eenoplossing te komen, dan is het dit. Er zijn er nog wel een aantal, maar bijdit onderwerp echt. Ik zal mijn uiterste best doen om ervoor te zorgen dater oplossingen komen, maar dan moeten er hier wel besluiten wordengenomen. U mag mij in de positie duwen dat ik aanvallend of boos word,maar weet dat dat komt doordat ik vind dat een kind dat slachtoffer is vanhet toeslagenschandaal nooit het leven mag beginnen met een schuld van€ 90.000. Als ik zeg dat het anders kan, als de SP zegt dat het anders kan,komt dat ook doordat ik de afgelopen dagen heb gezien dat het ook echtanders kan. Er zijn heel veel mensen met goede bedoelingen, met goedewil. Ik heb ze allemaal gesproken. Ze zitten op de publieke tribune. Dankvoor de telefoontjes. Dank voor de mails. Dank voor alle tips en adviezen;Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144415 ik kom er vast niet aan toe in vijf minuten. Het kan echt, alleen moet deKamer hier dan ook het lef hebben om door te duwen. We hebben het alzo lang over. Ik zei het net al: dan moeten wij ook doorzetten.Ik ga kort in op de brief die we onlangs hebben gekregen. Ik zal heel kortzijn. Die commissie hoeft voor mij niet. Die is totaal onnodig. Het mag vanmij. Als de Staatssecretaris het fijn vindt, is het prima, maar het hoeft voormij niet. De vraag daarbij is: is het niet uw taak en ook onze taak enverantwoordelijkheid om nu beslissingen te gaan nemen? Daar hebbenwe geen commissie voor nodig.Tot slot. Volgens mij zitten er in totaalherstel haken die erg goed zijn. Ikheb daar gisteren ook iets over gezegd. Neem bijvoorbeeld het punt dat ereen plan komt dat er wordt geluisterd naar alle expertise die er is, dat ermet dossiers wordt gewerkt en dat iets in één keer afgerond kan worden.Ik ben daar groot voorstander van, want ik vind het eigenlijk gênant datwij een stichting buiten de overheid nodig hebben die dit al doet. Ik vinddat de overheid zo zou moeten werken. Als die stichting het nu goed doet,laten we daar dan in voorzien. En laten we kijken of we dit kunnenuitwerken, zodat wij dat ook kunnen gaan doen.Ik ben een heleboel vragen vergeten, maar die komen vast nog wel.De voorzitter:U heeft een vraag van mevrouw Inge van Dijk.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Misschien kunt u een van die vragen dan in de volgende ronde stellen alsik u wat extra spreektijd geef. Oprecht, want de heer Dijk weet dat ik zijngepassioneerdheid op dit dossier heel erg waardeer. Ik ben het erg methem eens dat wij nu zij aan zij moeten gaan staan met deze Staatssecre-taris om te zorgen dat de veranderingen waar we altijd over praten, nuook echt gaan gebeuren. Wat gaan we als eerste veranderen?De heer Dijk (SP):Het zal u niet verbazen, want ik zei het net al in een interruptie: er zijn zoveel dingen die moeten veranderen, maar ik kan me voorstellen – er zittenhier genoeg ouders op de tribune – dat wij als eerste de DUO-schuldenvan jongeren gaan veranderen, zodat ze daarvan af zijn. Ik weet dat degroep mensen die op de tribune zit ook solidariteit nodig heeft, maar voorhun kinderen denk ik dat dit het belangrijkste is om als allereerste stap tedoen. Ik denk zelfs dat dat al een hele hoop vertrouwen kan teruggevenaan veel mensen, in die zin dat er dan eindelijk een overheid is die aan jezijde staat.De voorzitter:Dank je wel. Ik geef het woord aan de heer Stultiens voor zijn inbreng.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Dank u, voorzitter. Ik zou eigenlijk kunnen zeggen dat ik me aansluit bij deSP, maar ik ga toch mijn vijf minuten gebruiken. Maar ik vond het een heelgoed betoog. We hebben de afgelopen dagen heel veel mensengesproken, de afgelopen maanden ook, maar zeker deze week. Dehoofdvraag die we aan de ouders stelden was: wat heeft u nou nodig?Dan zeiden ze gelijk: volledige compensatie van het leed gaat nooitlukken, want de tijd die we zijn verloren, die afgenomen is, krijgen we nietmeer terug. Maar wat wél helpt, zijn emotioneel herstel, menselijk contact,regie over het eigen leven, weer gezien worden als mens in plaats van alsnummer, en dat er echt naar je geluisterd wordt. Een rechtvaardig proceswordt genoemd. Erkenning. Weten wat er gebeurd is. Waarom is mij ditaangedaan? Weer eigenwaarde terugkrijgen en weer je leven kunnenoppakken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144416 Dit horende zullen velen zeggen: dit weten we toch allang; dit horen wetoch al maanden, al jaren? Sterker nog, als Kamer hebben we dit ook aljaren en maanden uitgesproken: ga uit van de menselijke maat en weesruimhartig. Dan blijft voor ons vandaag de hoofdvraag van het debat:waarom gebeurt dit dan toch niet? Er was net een discussie over de vraagwat de bedoelingen binnen het ministerie zijn en wat daar gebeurt. Maaruiteindelijk is onze taak als Kamer hier het kabinet controleren. DeStaatssecretaris is ons aanspreekpunt. Zij is de baas. Zij is eindverant-woordelijk voor wat er gebeurt op het ministerie.Dat brengt me bij twee moties die zijn aangenomen en waarover door debetrokkenen wordt gezegd dat ze niet worden uitgevoerd. Te beginnen bijde bezwaarschriftenadviescommissie, de BAC. Een jaar geleden is deregeling gewijzigd waardoor ouders niet meer bij de BAC terechtkunnenals de UHT al denkt te weten wat de BAC gaat doen. Iets specifiekerhadden wij als Kamer moeite met artikel 3, lid e: als het oordeel evident inlijn is met eerdere adviezen. Wij hebben toen samen met de SP een motieingediend die vroeg in overleg te gaan en samen een oplossing te vinden,zodat er geen nadelige gevolgen zijn voor de ouders. Nu spraken we deBAC deze week. Die zegt dat deze motie niet is uitgevoerd. Hoe zit dit,vraag ik aan de Staatssecretaris.Over de tweede motie, rondom (Gelijk)waardig Herstel, is al veel gezegd.Voor de zomer zeiden we met de hele Kamer: geef ruimte en vertrouwenaan deze route. Waarom wordt deze motie niet uitgevoerd? Eigenlijk zijnhet twee moties, van de ChristenUnie en van DENK. Wij hebben hiervorige week vragen over gesteld met het CDA. De hoofdvraag was of hetkabinet kan ingaan op de elf punten van SGH, de elf succesblokkades.Gisteren kregen we het antwoord. Het antwoord was: ik acht het nietzinvol om per punt in te gaan op de oplossing. Dan wordt het welproblematisch. Als we van één bron horen dat dit de elf bezwaren zijn– wij gaan niet blind één bron volgen, maar willen graag beide kanten vanhet verhaal horen – dan wil ik wel weten waarom deze elf punten volgenshet ministerie, volgens de Staatssecretaris, niet kloppen. Ik verwacht eenbeter antwoord in dit debat, want wij moeten als Kamer kunnen beoor-delen waarom die moties niet worden uitgevoerd.Ik lees ook dat het kabinet nu weer zes weken gaat experimenteren meteen andere vorm van controle op de SGH. Dit is toch al in het voorjaargebeurd? Toen hadden we een pilot. Daar kwamen aanbevelingen uit. Diezijn overgenomen. Er was een deal of een wederzijdse afspraak waarvanje denkt: nou, let’s go. Een paar maanden later gebeurt het niet.Voorzitter, tot slot. We hadden ook de Rijnmondse Alliantie op bezoek. Dieheeft eerder dit jaar een 30 puntenplan opgesteld om de hersteloperatie teverbeteren. Zou de Staatssecretaris op dit plan in kunnen gaan? Dat hoeftniet vandaag. Dat mag schriftelijk. Maar het is wel fijn als zowel de Kamerals deze alliantie zelf wordt geïnformeerd over deze 30 punten.Dan echt tot slot. Ik had het er al even kort over met NSC, maar het moetme toch van het hart. Dit rapport, dat in februari is verschenen, heeft alshoofdboodschap: het volgende schandaal kan morgen gebeuren. We zijnnu bijna een jaar verder. We hebben geen kabinetsreactie. Ja, ik weet dathet officieel bij de Minister van Sociale Zaken ligt en niet bij dezeStaatssecretaris, maar ik spreek het hele kabinet erop aan. Hier is tweejaar hard aan gewerkt. Het is ons zwaarste instrument als Kamer. Metzulke harde conclusies, negentien aanbevelingen, verwacht ik gewoonveel meer proactiviteit, veel meer reactie, en dat we gelijk kunnen zeggendat we dit gaan oplossen, zodat deze mensen niet weer in de problemenworden geholpen.Dank u wel.De voorzitter:Dank je wel. Dan zou ik de heer Ergin willen vragen om even het voorzit-terschap over te nemen, zodat ik mijn inbreng kan doen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144417 Voorzitter: ErginDe voorzitter:Dan geef ik het woord aan mevrouw Van Wijk. Sorry, Van Eijk. Excuses.Mevrouw Van Eijk (VVD):Geeft niet. Dank je wel, voorzitter. Het is om meerdere redenen ergmoeilijk om optimistisch te zijn over het halen van de ambities van hetkabinet om de hersteloperatie voor eind 2027 af te ronden. De brieven vande regering, de berichten in de media en de vele gesprekken die we deafgelopen dagen hebben mogen voeren, geven verschillende beelden,verschillende behoeften en ook verschillende uitkomsten. Dat levertdilemma’s op. Tegelijkertijd is het onze plicht om samen met het kabinetde schouders eronder te blijven zetten om ervoor te zorgen datgedupeerde ouders en kinderen zo goed en zo snel mogelijk wordengeholpen. De hersteloperatie schiet op een aantal punten tekort. Mijncollega’s zijn daar al uitgebreid op ingegaan, met name op de verschil-lende herstelroutes. Ik sluit me dan ook aan bij de vragen die gesteld zijnover de Commissie Werkelijke Schade en de digitale route.Met betrekking tot de route van de Stichting (Gelijk)waardig Herstel heb iknog wel één bijzondere vraag. Die sluit aan op het betoog van mevrouwRikkers. We hebben een hele goede toelichting gekregen op het controle-raamwerk dat zij hanteren. Dat controleraamwerk is nog in ontwikkeling,maar ik heb begrepen dat het bestaat, dat het werkt en dat er nog eenaantal stappen genomen moeten worden. Op basis van het wederzijdsevertrouwen dat je volgens mij zou moeten hebben, zou je de stichting deruimte moeten geven om te laten zien dat het raamwerk werkt. Als hetwerkt, moet je als overheid terug durven stappen. Ik zou de Staatssecre-taris willen uitdagen om daartoe echt de beweging te maken, want ik denkdat dat een aantal van de blokkades die er nu zijn, los zou kunnen trekken.Een andere kritieke factor betreft mensen. Een aantal collega’s hebbendaar al iets over gezegd. Het gaat ook om voldoende geschikte mensen.Niet iedere medewerker heeft de competenties om het werk in dit trajectop een goede en waardige manier te kunnen doen. Er zijn ook nog steedsveel te veel medewerkers bezig met het achteraf repareren van wat weeigenlijk aan de voorkant zouden moeten kunnen voorkomen. Ik zou vande Staatssecretaris willen weten welke beweging we nu zien om van dieachterkant, die zo veel capaciteit vraagt en weer zo veel ellende veroor-zaakt, toch weer terug naar de voorkant te komen, bijvoorbeeld als je hethebt over de dossiers, over het gesprek, over het verhaal et cetera. Dushoe gaan we die bakens verzetten en zorgen we ervoor dat mensen in deorganisaties, welke organisatie het ook is, bezig kunnen zijn met hetdaadwerkelijke herstel?Volgens mij heeft tot nu toe niemand een vraag gesteld over de regierouteVSO. Die zag ik wel nadrukkelijk staan in voortgangsrapportage, waarbijhet kabinet aangeeft deze verder te willen ontwikkelen, te willenopschalen en op termijn ook open te willen zetten voor alle ouders. Wathoudt dat precies? En wat is daarvoor nodig?Dan het informatieportaal. Dat vind ik wel een lastige, omdat we uit degesprekken hebben kunnen afleiden dat dat nou niet per se hetgeen iswaar ouders op dit moment behoefte aan hebben en dat ze hetvertrouwen hebben dat ze daar alle informatie vandaan kunnen halen diezij nodig hebben om een keuze te maken of om te kunnen starten met hetproces. Is dit dan de oplossing om de boel te kunnen versnellen? Eenandere opmerking die gisteren werd gemaakt, was: wie past zich aan wieaan? Moeten de stichtingen en de helpers zich aanpassen aan de overheidof moet de overheid zich aanpassen aan de helpers? Daar zou ik ook noggraag een reactie op willen hebben.Dan ligt er nog een hele berg aan onderhanden werk. Als ik door derapportages heen ga, begint het me letterlijk te duizelen en zie ik door deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144418 bomen het bos niet meer. Er zitten bij de rapportages wel goedeoverzichten over de toezeggingen die zijn gedaan en de moties die zijningediend, maar het zou mij in ieder geval heel erg helpen, ook in mijn rolals Kamerlid, als controleur van het kabinet, om iets meer structuur tehebben en overzicht te hebben over wat er openstaat, welke acties er zijn,wanneer iets wordt opgeleverd en wat daarvoor nodig is. Zou deStaatssecretaris dat kunnen toezeggen?Ten slotte. In de aanbiedingsbrief bij de voortgangsrapportage geeft deStaatssecretaris aan te willen luisteren naar de visie van de Kamer en datdaarna het moment volgt waarop ze haar plannen en ambities voor dehersteloperatie voor de langere termijn zal delen met de Kamer. Mijnfractie is hier verbaasd over. Het regeerprogramma is hier hartstikkehelder over. Wat heeft de Staatssecretaris hier nog aan toe te voegen? Ofmoet de ingestelde spoedadviescommissie hier een antwoord op geven?Voorzitter. Ten slotte. Wij zijn terughoudend met het blijven zoeken naarallerlei tussenoplossingen, nieuwe voorstellen voor nieuwe routes ofextra regelingen. Een aantal van mijn collega’s heeft het volgens mijvandaag al gezegd: we moeten aan het werk; het moet gewoon gebeuren.Dank u wel.De voorzitter:Dan geef ik het voorzitterschap van de commissie weer terug aanmevrouw Van Eijk en dank ik haar voor haar bijdrage.Voorzitter: Van EijkDe voorzitter:Ik kijk even naar de Staatssecretaris. Hoeveel tijd heeft u nodig voor devoorbereiding van uw eerste termijn?Staatssecretaris Achahbar:Het is sowieso, denk ik, al tien minuten lopen naar de kamer. Ik heb eenhalfuur nodig.De voorzitter:Dan schorsen we tot 16.30 uur. We zien u zo terug.De vergadering wordt van 16.02 uur tot 16.34 uur geschorst.De voorzitter:Ik stel voor dat wij dit commissiedebat hervatten. We starten met deeerste termijn van het kabinet. Ik stel voor om in deze termijn van deStaatssecretaris vier interrupties per commissielid toe te staan. Aan u hetwoord, Staatssecretaris.Staatssecretaris Achahbar:Voorzitter, dank u wel. Hartelijk dank aan de rest van de Kamerleden voorhet hele belangrijke gesprek dat we vandaag met elkaar voeren. Ik vinduw bijdragen heel waardevol. Ik ben ook erg onder de indruk van de tijddie u besteedt aan en de betrokkenheid die u toont voor dit belangrijkemaatschappelijke onderwerp. De toeslagenaffaire is een tragisch verhaalvan onrecht, van mensen die niet alleen onterecht beschuldigd zijn vanfraude, maar ook door de overheid zijn gemangeld, gekleineerd envernederd. Het zijn ouders die ondanks hun goede bedoelingen in eenbureaucratisch doolhof terechtkwamen waar ze geen weg uit vonden.Deze ouders wil ik met heel mijn hart helpen, omdat hun leed mij diepraakt en ik geloof dat we als samenleving verantwoordelijkheid moetennemen voor wat hen is aangedaan.De gedupeerden van de toeslagenaffaire zijn geen nummers of statis-tieken; het zijn mensen van vlees en bloed, met dromen, zorgen enTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144419 gezinnen die een stabiele toekomst wensen. Ik geloof in gerechtigheid enin empathie. Elke ouder die werd geraakt door deze kwestie, verdient nietalleen excuses, maar ook daadwerkelijke steun om de schade teherstellen. Deze mensen hebben vaak jarenlang in onzekerheid geleefd,met schuldgevoelens, financiële problemen en mentale lasten die henuitputten. Zij hebben hun vertrouwen in de overheid verloren. Dat is ietsdat niet zomaar teruggewonnen kan worden, maar ik geloof dat we alssamenleving de verantwoordelijkheid moeten nemen om dat vertrouwente herstellen en te tonen dat wij hen niet zijn vergeten. De gedupeerdenvan de toeslagenaffaire hebben niet alleen financiële schade geleden,maar ook emotionele schade. Die is vaak veel moeilijker te herstellen. Deonterechte beschuldigingen hebben hun gevoel van eigenwaardeaangetast. Ze moeten opnieuw leren vertrouwen in de instituties die henhadden moeten beschermen. Ik wil daarbij helpen door een stem te gevenaan hen die zich jarenlang stil hebben moeten houden en door henpraktisch en emotioneel bij te staan in het herstelproces.De hersteloperatie is in de loop der jaren uitgegroeid tot een bloemkoolvan regelingen, commissies, procedures en processen. Hoewel er veelgoed gaat – dat wil ik ook echt gezegd hebben – zijn er ook ernstigeknelpunten die urgent vragen om een oplossing. Ik wil het geen uitvoe-ringscrisis noemen, maar er zijn wel maatregelen noodzakelijk. Diemoeten er komen. Dat is wat mij betreft klip-en-klaar. De aanpak moetmenselijker, nabijer, meer in de regio en integraler. Ik heb een adviescom-missie ingesteld om mij met spoed, het liefst voor de kerst maar uiterlijkin januari, te adviseren over een pakket met maatregelen die deknelpunten in de hersteloperatie snel en efficiënt kunnen oplossen.De spoedadviescommissie bestaat uit drie leden, waar ik vertrouwen inheb. Chris van Dam was voorzitter van de parlementaire ondervragings-commissie Kinderopvangtoeslag in 2021. Hij heeft toen uit eerste handgehoord wat er mis is gegaan van oud-bewindspersonen, gedupeerden,ambtenaren en advocaten. Hij heeft een goede kennis van de dieperlig-gende problematiek die heeft geleid tot deze affaire. Hij is nu voorzittervan de Onderzoeksraad voor Veiligheid en heeft bij de politie gewerkt. Alsoud-officier van justitie en rechter-plaatsvervanger heeft hij kennis van hetrecht en onrecht en van rechtsherstel. Simon Sibma is al meer dan twintigjaar zeer ervaren leidinggevende bij de overheid in de uitvoering. Hij is nuvoorzitter van de raad van bestuur van de SVB. Hij heeft kennis van wat ernodig is om tot een succesvolle uitvoering te komen. Hij heeft tot 201228 jaar bij de Belastingdienst gewerkt en kent de organisatie dus door endoor. Ik heb zijn kennis en ervaring nodig om tot goede doorbraakplannente komen. Cathalijne Dortmans heeft een lange carrière binnen deoverheid als leidinggevende en is wethouder en locoburgemeestergeweest in Helmond. Zij hield zich bezig met jeugd, onderwijs, bredewelvaart, preventie, inburgering en ruimte om te leven: allemaalbelangrijke kennis en ervaring die ik heel goed kan gebruiken om ditdossier verder te helpen.Ja, wéér een commissie. Ik begrijp de negatieve klank die de commissiesinmiddels hebben. Je kan er de muren van de Tweede Kamer meebehangen; dat weet ik. Het probleem is vaak dat aanbevelingen nietworden opgevolgd. Ik heb de commissie ingesteld omdat ik de maatre-gelen daadwerkelijk wil opvolgen. Het is noodzakelijk om het te onder-zoeken. Ik ga niet een plan voorstellen zonder dat het breed gedragen isen echt tot verbeteringen leidt. Een breed gedragen plan is nodig. U heeftna dagen van gesprekken met betrokkenen heel goed kunnen horen hoeverschillend en tegenstrijdig de meningen soms kunnen zijn en hoecomplex dit probleem is. Moet het sneller of zorgvuldiger? Moet hetruimhartiger of preciezer? Het probleem in dit dossier is juist dat er ooitgestart is zonder eerst goed te onderzoeken wat er nodig is. Er is in allepaniek een regeling opgetuigd, en nog een regeling, en nog een en nogeen. En nu zitten we met een bloemkool aan regelingen die zo ingewikkeldTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144420 zijn dat ik zelfs na 100 dagen moeite heb om ze goed te begrijpen en uit teleggen, waardoor ik alles moet voorlezen. Ik moet weten dat de belang-rijkste betrokkenen bij dit dossier achter de maatregelen staan. Dit moetdus een breed gedragen maatschappelijk herstel worden. Anders gaat hetniet werken en rollen we van conflict naar conflict. Daarom moeten we heteerst goed onderzoeken en daarna uitwerken en uitvoeren.Daarnaast moet het ook echt een verbetering zijn. Ik heb alle debattenover de hersteloperatie van de afgelopen jaren teruggekeken. Veel van deplannen en maatregelen die door de jaren heen zijn ingevoerd, werkenniet, maken het ingewikkelder of maken het onwerkbaarder. Ik ga niet metallemaal symboolmaatregelen komen die misschien leuk klinken voor debühne en die misschien heel daadkrachtig klinken, maar die nietsoplossen of, sterker nog, de boel alleen maar vertragen. Plannen moetendeugen en goed onderbouwd zijn. Ik heb er vertrouwen in dat dezecommissieleden met gedragen maatregelen kunnen komen. En ja,natuurlijk ben ik verantwoordelijk en ben ik degene die met oplossingenmoet komen. Maar ik doe het op mijn manier, en dat is: zorgvuldig engoed onderbouwd, geadviseerd door professionals met een uitstekendestaat van dienst die vertrouwen genieten. Vertrouwen is namelijk watnodig is in dit dossier.Dat was mijn inleiding. Ik ga nu over tot de beantwoording van de vragen.De voorzitter:Dank u wel voor de inleiding. Zou u misschien aan kunnen geven in welkeblokjes uw antwoorden dadelijk richting de commissie komen? Ik kijk zonog even rond om te zien of er nog vragen zijn over de inleiding.Staatssecretaris Achahbar:Ik begin met de adviescommissie en het totaalherstel. Daarna is er eenblokje over schade, dan over bezwaar en dossiers, dan over bredeondersteuning en emotioneel herstel, en dan heb ik nog een mapjeoverig.De voorzitter:Dat is duidelijk. Ik kijk of een van de leden een vraag heeft over deinleiding. Ik zie dat mevrouw Inge van Dijk een vraag heeft.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Eigenlijk vooral omdat de Staatssecretaris al uitgebreid inging op deadviescommissie. Daar vinden we inderdaad iets van met elkaar. Ik ben opzoek naar de afkadering van wat ze gaan doen. Ik gaf in mijn betoog aan:als je het dan toch per se wil doen, kijk dan vooral ook naar de kinderen. Ikdenk dat het ook verstandig is om het dossier over uit huis geplaatstekinderen erbij te pakken. Zit dat allemaal in de scope van die adviescom-missie, ja of nee?Staatssecretaris Achahbar:Voor nu staat de scope in het instellingenbesluit. Die is op dit moment: hettegen het licht houden, kijken wat de knelpunten zijn en met snelle enefficiënte maatregelen komen die kunnen leiden tot versnelling enverbetering. Die moeten ook leiden tot een integralere aanpak, zodatmensen niet meer van loket naar loket en van regeling naar regelingworden gestuurd, maar er een totaalpakket aan maatregelen wordtaangeboden.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Begrijp ik dus goed dat kinderen niet in de scope van het onderzoekzitten?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144421 Staatssecretaris Achahbar:Ik denk dat als je het hebt over goed, integraal herstel, je het ook moethebben over de menselijke maat. Mijn ideaalbeeld zou zijn dat je metiemand aan tafel zit die geraakt is door de toeslagenaffaire, en vraagt: watheb je nodig en wat is er gebeurd? Natuurlijk horen daar ook de kinderenbij. Natuurlijk hoort daar ook de rest van het gezin bij, die ook geholpenmoet worden. Om te voorkomen dat we over een halfjaar nog steeds geenrapport hebben, wil ik beginnen met het zo snel mogelijk uitrollen vansnelle, efficiënte maatregelen. Dan kan het natuurlijk uiteindelijk op lateremomenten uitgebreid worden.De voorzitter:Ik kijk naar mevrouw Inge van Dijk om te toetsen of haar vraag nuvoldoende is beantwoord.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Ik heb niet het antwoord gekregen dat ik graag wilde horen, maar ik hebeen antwoord.Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Het kan zijn dat mijn hoofd gewoon te vol zit, hoor, maar ik hoor dat wemet heel veel mensen gaan samenwerken, met heel veel professionals,zoals u zegt, maar ik hoor niets over ouders bij die commissie. Ik zou daardus heel graag een antwoord op willen.Staatssecretaris Achahbar:Die indruk wil ik natuurlijk niet achterlaten. Uiteraard moet er ook metouders gepraat worden. Het zou heel raar zijn om dat niet te doen. Dat isnatuurlijk het uitgangspunt.Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Dit stelt me een beetje meer gerust, dank u wel. Dit is niet helemaal eenvervolgvraag, maar hoe zorgen we ervoor dat de adviezen nu welopgevolgd worden? We constateren met z’n allen dat er heel veeladviezen liggen en dat die niet opgevolgd worden, maar wat gaat ditveranderen waardoor deze adviezen wel opgevolgd gaan worden?Staatssecretaris Achahbar:Dat ik ze ga oppakken. Ik heb dit gevraagd met het doel om ermee aan deslag te gaan. Dat is de reden dat ik om een spoedadvies heb gevraagd. Ikwil dat er voor de kerst een pakket maatregelen ligt. Ik wil daar ook met uover in gesprek, zodat we dat kunnen oppakken en kunnen doorpakken,en zodat het advies niet in de kast belandt; dat is natuurlijk niet debedoeling.De heer Ergin (DENK):De Staatssecretaris zei: het herstel is uitgegroeid tot een bloemkool vancommissies en regelingen. Haar oplossing vandaag is het oprichten vaneen spoedadviescommissie en een nieuwe pilot. Eigenlijk doet ze dusniets anders dan wat we in de afgelopen jaren hebben gezien. Ik zou hetvolgende aan de Staatssecretaris willen vragen. Ze doet exact hetzelfde.Dit komt uit de welbekende Haagse trukendoos. Wat gaat dit nu andersmaken dan alle andere adviezen, pilots en regelingen die we tot nu toehebben gehad?Staatssecretaris Achahbar:Ik voel de urgentie om hier verandering in aan te brengen. We zien bij debezwaren dat het proces is vastgelopen. We zien bijvoorbeeld bij deCommissie Werkelijke Schade dat er echt meer gedaan moet worden. Alswe met dit tempo door blijven gaan, zijn we inderdaad nog 130 jaar bezig.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144422 Ik voel dus de urgentie om te zorgen dat er iets gebeurt. Met die urgentieheb ik aan drie mensen waarin ik vertrouwen heb, gevraagd of zij hiergoed naar willen kijken met hun expertise – die hebben zij namelijk – vanhoe de Belastingdienst in elkaar zit, de overheid, hoe processen werken enniet werken, wat wethouders nodig hebben, wat er in gemeentes gebeurten wat jongeren nodig hebben om in veiligheid op te groeien. Ik hebgevraagd of zij met een gedragen advies willen komen voor hoe we ditkunnen rechttrekken.De voorzitter:Een vervolgvraag van de heer Ergin.De heer Ergin (DENK):Het is natuurlijk altijd goed om advies te vragen, zeker bij lastige kwesties.Ik hoor aan de beantwoording van de Staatssecretaris dat ze daar veelwaarde aan hecht, dat ze daar serieus mee aan de slag gaat en dat ze,anders dan voorheen is gebeurd, werkelijk wat gaat doen met deconclusies. Maar we hebben bijvoorbeeld nog in april dit jaar het rapportvan Berenschot gehad. Er was een hele lappendeken aan dingen die beterkonden: wachttijden van tien maanden, het dossierverhaal, waar we hetallemaal over hebben gehad, en dat er geen eenduidige en navolgbare lijnwas. Wat gaat ze met die adviezen doen, aangezien er wel degelijkadviezen zijn van experts over de knelpunten die er zijn, waar we al jarenvan weten en die we allemaal zien?De voorzitter:Ik denk dat we deze vraag eventjes bewaren, want in de blokjes isaangekondigd dat de verschillende schades nog aan de orde gaan komen,dus misschien kunt u die vraag nog even bewaren. Ik hoor u zeggen datuw vraag over iets anders gaat, maar u bracht het als een vraag over deCommissie Werkelijke Schade, heel specifiek. Niet? Nou, dan kijk ik evenin hoeverre dat niet later in een ander blokje nog beantwoord wordt.Staatssecretaris Achahbar:Ik zei het inderdaad al in mijn inleiding: we hebben zo veel adviezen datwe de muren van dit gebouw ermee kunnen behangen. Het gaat erom watje ermee doet en of je de urgentie voelt om echt dingen te veranderen. Dieurgentie voel ik. Met die reden heb ik de spoedadviescommissie gevraagdom mij te helpen. Ik denk dat de volgende stap zou kunnen zijn om, op hetmoment dat er een rapport ligt met voorgestelde maatregelen, met deKamercommissie bij elkaar te gaan zitten en stappen te gaan zetten. Datzou ik dus willen voorstellen.De voorzitter:U kunt uw betoog vervolgen.Staatssecretaris Achahbar:Dank, voorzitter. Ik ben nu aangekomen bij het onderwerp adviescom-missie en totaalherstel. Het zou kunnen dat er wat dubbelingen zijn, maardan ga ik er wat sneller doorheen.Mevrouw Heite heeft gevraagd wat de doorzettingsmacht van despoedadviescommissie is en waarom het nu wel een verschil zou gaanmaken. Ik denk dat ik die vraag wel beantwoord heb. Ja, ik zie haarknikken. Anders zou ik in herhaling vallen.Een andere vraag van mevrouw Heite over de spoedadviescommissiewas: kan de Staatssecretaris aangeven hoe de spoedadviescommissie-VanDam de positieve zaken gaat meenemen in haar opdracht in plaats vandat ze het wiel opnieuw gaat uitvinden? Kan de Staatssecretaristoezeggen dat ook de Kamer hierin wordt meegenomen door decommissie? Hoe zorgt zij ervoor dat dat niet voor extra vertraging zorgt?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144423 Allereerst: uiteraard zullen positieve zaken worden meegenomen. Het isjuist niet de bedoeling om alles om te gooien, het wiel opnieuw uit tevinden en voor heel veel vertraging te zorgen. Dat staat ook uitdrukkelijkin het instellingsbesluit. Dan de vraag of de Kamer daarin wordt meege-nomen. Ik heb dat net voorgesteld. Ik zou het heel fijn vinden omconstructief met elkaar in gesprek te gaan over hoe we opvolging kunnengeven aan de maatregelen.Mevrouw Heite (NSC):Nog even een verhelderende vraag. Ik hoorde net ook de discussie overjongeren. Ik hoor van u dat de commissie bereid is om de positieveervaringen en initiatieven die er zijn, mee te nemen, maar betekent datook dat de jongeren hierin expliciet worden meegenomen? Dat isongelofelijk belangrijk; dat deel ik met mijn buurvrouw. Dat is vandaagweer duidelijk geworden en dat wordt ook elke keer weer duidelijk ingesprekken met de ouders. Ik heb het voorgelezen, hè? De jongerenvoelen zich eigenlijk niet gezien en ze hebben het idee dat de bredeondersteuning niet bij hen past. Ik denk dus dat het ongelofelijk belangrijkis – dat wil ik de Staatssecretaris nogmaals op het hart drukken – om allepositieve ervaringen en initiatieven mee te nemen, met specifiekeaandacht voor de jeugd.Staatssecretaris Achahbar:De jongeren zijn voor mij ontzettend belangrijk. Twee of drie wekengeleden heb ik een hele avond doorgebracht met een groep jongeren.Hun verhalen zijn hartverscheurend. Ze gaan over wat zij hebben moetenmeemaken en met hoeveel achterstand zij zijn begonnen aan hunadolescente jaren, want ze zijn nu allemaal 20, 21. Ze hebben hun oudersdoor een hel zien gaan en moeten nu aan hun leven beginnen. Ik heb heleindringende gesprekken met hen gehad en ik ben er echt vandoordrongen dat zij betrokken moeten worden bij het herstel. We moetenmet hen praten en aan hen vragen wat ze nodig hebben en hoe we henverder kunnen helpen.Misschien nog een wat concreter antwoord op de vraag van het lid VanDijk: ja, ik zal vragen of de jongeren worden meegenomen door despoedadviescommissie en hoe daarmee moet worden omgegaan.De voorzitter:Ik zie mevrouw Inge van Dijk nog steeds moeilijk kijken, dus ...Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Ja, sorry, het is mijn derde interruptie, maar toen ik het in eerste instantievroeg, was het antwoord nee en nu is de Staatssecretaris van mening datze het wel moet doen. Begrijp ik dat goed?Staatssecretaris Achahbar:Ik praatte er misschien wat wolliger omheen, maar het antwoord is welecht ja.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Achahbar:De heer Dijk van de SP stelde dat de commissie onnodig is. Hij vroeg ofhet niet mijn taak is om nu beslissingen te gaan nemen. Ik denk dat ik daarvoldoende op ben ingegaan, maar ik wil daar best nog wat meer woordenaan wijden. Dit is een ontzettend complexe hersteloperatie geworden. Uheeft hier meerdere dagen met betrokkenen, wethouders, jongeren enouders gezeten. Alle regelingen en wetten die er liggen, maar ook allecommissies en instanties die er zijn, laten zien dat het ontzettend complexTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144424 is. Ik wil hier niet met een soort symboolmaatregel komen die misschienheel daadkrachtig klinkt maar uiteindelijk weer voor problemen envertraging zorgt. Ik wil dat het goed onderbouwd en gedragen is, zodatmensen er vertrouwen in hebben dat het gaat werken. Dat geldt nietalleen voor ouders, maar ook voor mensen uit het veld, dus ookwethouders en instanties die hierbij kunnen helpen. Die hebben wenamelijk ook nodig. Ik kan niet dingen opleggen zonder dat ik weet datdegenen die die dingen moeten gaan uitvoeren er vertrouwen in hebbendat het goede maatregelen zijn. Zij moeten ook de middelen hebben zodatze het kunnen gaan doen. Ik ga dingen doen, maar ik wil wel zorgen datde maatregelen die ik neem, werken en daadwerkelijk voor verbeteringzorgen.De voorzitter:De heer Dijk heeft hier een vraag over.De heer Dijk (SP):Misschien verschillen wij over de vraag of er zo’n commissie nodig is ofniet. Voor mij is die onnodig. Ik zal heel kort toelichten waarom, omvervolgens tot een vraag te komen. Er zijn een aantal cruciale onderdelendie noodzakelijk zijn. Mensen moeten bijvoorbeeld bij hun dossierskunnen komen. U heeft zelf bij die totaalpilot opgeschreven datproblemen in hun totaliteit totaal bezien moeten worden, dat expertise bijelkaar moet worden gezet en dat er goede mensen verzameld moetenworden die kunnen luisteren naar mensen in plaats van dat ze denken: onee, er zit een kostenpost tegenover mij. Voor mij, voor mijn partij, zorgtdat ervoor dat je tot een bepaalde uitvoering komt die aan dezevoorwaarden voldoet. Ik heb weleens eerder uiteengezet hoe dat ervolgens ons ongeveer uit moet komen te zien. Het verbaast mij niet dat deStaatssecretaris hier niet met een uitgewerkt plan komt na 100 dagen– daar kan ik best in komen; dat kan ik best begrijpen – maar het verbaastwij wel dat ze zegt: ik heb drie commissieleden nodig die voor de kerstmet een rapport gaan komen.Ik denk, mijn partij denkt, dat als je dezelfde gesprekken gevoerd hebt alswij de afgelopen dagen gedaan hebben, je ergens uitkomt. Daarombekruipt mij het gevoel dat deze commissie wordt ingesteld en een soortdoorzettingsmacht moet krijgen – als het zo is, moet u dat zeggen, wantdan ben ik er een groot voorstander van – omdat er nu machten enkrachten spelen waardoor u het niet voor elkaar krijgt om de voorwaardendie ik net noemde, in één pakket tot stand te laten komen. Vergis ik mijdan? Is het doel van die commissie dat u zo meteen kunt zeggen: die viervoorwaarden ... Laat dit niet exact mijn woorden zijn; het kan best anders.Maar heeft u daar de commissie voor nodig? Dat is eigenlijk mijn vraag. Ikdenk namelijk van niet. Ik denk dat u kan zeggen «dit en dit moetgebeuren», waarna we het ook gaan doen.Staatssecretaris Achahbar:Het gaat niet om doorzettingsmacht. Het gaat om het volgende. Als jeplannen maakt, moeten ze werken. Mensen moeten erop kunnenvertrouwen dat ze werken. Ze moeten ook werkbaar zijn. We hebbengemeentes, schuldhulpverleners en ervaringsdeskundigen nodig. Wehebben een heel maatschappelijk veld nodig dat hier ook achter moetstaan, mee moet willen en er ook vertrouwen in moet kunnen hebben datdit tot verbeteringen leidt. U heeft het over doorzettingsmacht, maar ik wilhet hebben over het vertrouwen dat het geeft en het draagvlak dat hetoplevert. Het moet uiteindelijk wel werken. Dat zou ik willen meegeven.De voorzitter:U kunt uw betoog vervolgen. Ik zie dat er nog een vraag is van de heerVijlbrief.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144425 De heer Vijlbrief (D66):Is die er al? Had ik die al moeten zien? Zou de Staatssecretaris die nog eenkeer mondeling kunnen toelichten? Ik denk dat er aan deze kant van detafel niet getwijfeld wordt aan de goede intentie, maar dat de twijfel temaken heeft met de vraag: wat gaat de commissie toevoegen aan wat deStaatssecretaris zelf kan betekenen? Zijn deze mensen slimmer dan demensen op het departement, waardoor ze betere dingen verzinnen, ofchecken ze ideeën die er al zijn op het departement?Ik wil nog een keer terug naar de rol van de ouders, want het ging me nettoch iets te snel. De input van de ouders lijkt me cruciaal. Dat is niet ietswat je er even bij doet. Je gaat ook naar ouders luisteren. Misschien weetChris van Dam dat allemaal al uit het verleden, maar het lijkt mijverstandig dat ze zich eerst een week lang opsluiten met de ouders engaan vragen hoe het gaat. Ik blijf me – hierna houd ik op met mijn litanieaan vragen – de hele tijd afvragen: zou het kunnen dat de oplossing algevonden is door de Stichting (Gelijk)waardig Herstel en dat u, als u daargewoon een aantal blokkades opheft, hetzelfde bereikt? Dat kan al morgenin plaats van pas over drie maanden.Staatssecretaris Achahbar:Dat zijn een aantal vragen. Ik heb hier het instellingsbesluit. Ik kan dateventueel voorlezen, mocht daaraan behoefte bestaan. «De commissieheeft tot taak om, met oog voor de behoeften van de gedupeerden, teonderzoeken op welke wijze de uitvoering van de hersteloperatietoeslagen kan worden versneld en verbeterd en hoe eventuele knelpuntendaarin op korte termijn kunnen worden weggenomen.» De toelichting iswat uitgebreider. Die zal ik niet helemaal gaan voorlezen, maar daarinstaat dat er echt oog is voor de behoeften van de gedupeerden. Die staancentraal.De voorzitter:Ik wil even meegeven aan de commissieleden dat het instellingsbesluit bijde stukken heeft gezeten. U kunt daar sowieso allemaal zelf kennis vannemen. Ik zie dat mevrouw Inge van Dijk nog een vraag heeft.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Zou het, gezien de discussie die we zojuist voerden over hoe belangrijkhet is om de kinderen erbij te betrekken, niet verstandig zijn om ook in hetinstellingsbesluit te formuleren dat dat heel nadrukkelijk de bedoeling is,zodat er geen lucht kan ontstaan voor de commissie? Nu wordt datnamelijk niet expliciet benoemd. Mijn vraag luidt dus als volgt. Er ligt eeninstellingsbesluit; dat is de opdracht voor de commissie. We hebbenzojuist een korte discussie gevoerd over hoe belangrijk het is om dekinderen daarin mee te nemen. De Staatssecretaris gaf aan daar heelwelwillend tegenover te staan. Is het dan niet verstandig om het instel-lingsbesluit dusdanig aan te passen, te formuleren, dat het voor decommissie heel duidelijk is dat de Kamer graag wil dat dat explicietmeegenomen wordt?Staatssecretaris Achahbar:Wat mij betreft vallen kinderen onder de term «gedupeerden». Zij zijnonderdeel van het gezin dat gedupeerd is en zij zijn onderdeel van deoplossing waarmee we het vertrouwen herstellen en waardoor zij weerdoor kunnen met het leven.Mevrouw Heite (NSC):Ik snap het antwoord en zo zou het ook moeten zijn, maar ik las niet voorniets een gedicht voor van deze jongeren en we hebben niet voor nietsdeze week van ze gehoord. Zij zeiden: wij worden tot op de dag vanvandaag onvoldoende gezien; we ervaren geen brede, passendeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144426 ondersteuning. Wat de Staatssecretaris net aangaf, had natuurlijk al zomoeten zijn. Is de Staatssecretaris bereid om ons dat comfort te gevendoor wel expliciet de jongeren te noemen, zodat we, al zou het bijnasymbolisch zijn, juist richting onze jongeren laten zien dat we ze nu welgehoord hebben en dat we echt vinden dat deze commissie explicietaandacht voor hen moet hebben? Dan kunnen ze straks niet weer zeggen:wij zijn niet gezien. Zou de Staatssecretaris daartoe bereid zijn?Staatssecretaris Achahbar:Ik zal het expliciet meegeven aan de commissie. Ik ga niet het instellings-besluit wijzigen, want dat zit nu al in een proces en dat komt in deStaatscourant et cetera, dus dat zou weer vertraging opleveren, maar ikzal dit expliciet meegeven aan de commissie.NSC vroeg of we, nadat de adviescommissie de maatregelen bekend heeftgemaakt, een soort rondetafelgesprek kunnen hebben met de commissieom daarover te spreken. Dat lijkt mij een heel goed idee.Dan een vraag van de heer Ergin van DENK: er is niks mis met totaal-herstel en een commissie, maar is dat niet hetzelfde als wat anderebewindspersonen deden? Volgens mij ben ik al ingegaan op deze vraag.Mevrouw Van Dijk had ook een vraag over de adviescommissie: waaromstellen we weer een commissie in om onderzoek te doen naar iets wat weallang weten? Volgens mij ben ik daar ook al op ingegaan.Mevrouw Van Dijk stelde ook expliciet de vraag of jongeren daarinworden meegenomen. Jazeker. Dat is heel belangrijk.Mevrouw Van Dijk vroeg ook waarom ik niet een oplossing met één loketorganiseer. De pilot Totaalherstel gaat uit van die benadering. Er komt duséén loket, waar alle hulp geboden kan worden. Je kunt daar dus nietalleen terecht voor de financiële kant, maar ook voor de andere kanten,bijvoorbeeld als je hulp nodig hebt bij een opleiding of werk, of als je eencoach nodig hebt. We zorgen ervoor dat dat allemaal bij één loketplaatsvindt en niet bij meerdere loketten achter elkaar. We gaan daarmeebeginnen bij de nabestaanden. Als het daar succesvol is, kunnen we hetook op andere plekken toepassen. We weten dan ook meteen welkedingen er goed gaan en welke er minder goed gaan. Dat kunnen we danmeteen meenemen, zodat dat geen vertraging oplevert.Mevrouw Rikkers vroeg of ik kan uitleggen waarom er weer iets nieuwsmoet komen, terwijl we de SGH hebben. Waarom is dit nodig, vroeg zij.De SGH is holistisch. Die ziet inderdaad ook op een deel emotioneelherstel. Maar bijvoorbeeld zaken omtrent een woning, onderwijs, eencoach, het oplossen van schulden of dat mentale deel, moet je echt in deregio regelen. Wat mij betreft zou het bij zo’n totaalherstel mooi zijn alsdat op één plek bij elkaar komt en het financiële herstel dus gekoppeld isaan andere zaken die nodig zijn om verder te kunnen en om weerperspectief te hebben in het leven.Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Maar is dit niet wat we met brede ondersteuning voor ogen hebben?Staatssecretaris Achahbar:Brede ondersteuning is een loket. De SGH is een loket. De schuldenre-geling is een loket. Het zou zo mooi zijn als dat allemaal op één plekgeregeld wordt. Dan klop je dus bij één loket aan. Alle zaken die je nodighebt om door te kunnen, vinden daarachter plaats. Dan heb je dus ééncontactpersoon, die één keer jouw verhaal aanhoort, in plaats van dat jezes keer het verhaal moet vertellen en je het steeds weer moet uitleggen,en dat het dan ook weer afhankelijk is van wie je daar treft of je wel of nietbegrepen wordt en of je wel of niet geholpen wordt.Dan een vraag van D66: is de VSO van het IPW niet hetzelfde als de VSOvan de SGH? Ik probeerde zojuist uit te leggen dat de SGH een loket is. Jehebt inderdaad ook schuldenregelingen. Je kunt ook op verschillendeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144427 vlakken hulp krijgen in het kader van de brede ondersteuning. Dat zit danweer niet bij de SGH. Dat is weer een ander loket. Ik zou het zo mooivinden als dat samenkomt en je dus op één plek kunt aankloppen om opmeerdere vlakken van het herstel geholpen te worden.Daarmee ben ik klaar met het onderwerp adviescommissie en totaal-herstel. Dan kom ik bij het onderwerp schade. Ik zal beginnen met eeninleiding. Er is de afgelopen dagen veel gesproken over de schadetra-jecten. Ik zie dat er stappen zijn gezet. We hebben het in debattennatuurlijk vooral over wat er niet goed gaat, maar er gaan ook dingen welgoed. Met de SGH is eerder dit jaar een nieuwe dienstverleningsovereen-komst gesloten, waarmee het ministerie en de stichting een vervolg gevenaan een succesvolle pilot. We zien in de praktijk dat de opvolging en deuitvoering van de overeenkomst tot discussie leiden, maar we zijn nogsteeds constructief in gesprek met de SGH hierover. We hebben inmiddelsde term «uitlegbaar vertrouwen» bedacht, want we moeten natuurlijk alsoverheid aan de samenleving kunnen uitleggen wat we aan het doen zijn,maar we moeten dat wel vanuit vertrouwen doen. Het gezamenlijke doelvan het kabinet en de SGH is en blijft om ouders zo goed en zo snelmogelijk te helpen. Daar is ook alles op gericht. Ik zie de toekomst vandeze route positief in.In de brieven die ik gisteren aan uw Kamer heb verzonden over CWS benik meer ingegaan op de maatregelen die sinds april van dit jaar zijngenomen om de bejegening en de productie naar een hoger niveau tetillen. Ik zie dat CWS stappen zet, maar het blijft achter. Daar ben ikgewoon eerlijk over. Er moeten echt nog stappen bij gezet worden.De heer Vijlbrief (D66):Is de Staatssecretaris klaar met de SGH of gaat zij daar nog meer overzeggen? Anders heb ik daar wat vragen over.De voorzitter:Ik dacht zelf begrepen te hebben dat de Staatssecretaris een algemeneinleiding heeft over de schaderoutes en dat zij daarna nog per schade-route wat specifieker de vragen met de antwoorden gaat behandelen, dusik zou ze even bewaren.De heer Vijlbrief (D66):Oké, dan wacht ik wel even.Staatssecretaris Achahbar:De komende maanden gaan we dus kijken of er nog onorthodoxemaatregelen genomen moeten worden om de CWS-route te versnellen.Met uw Kamer is ook gesproken over het aanmeldportaal en de digitaleroute, en het risico dat er te veel complexiteit en te veel verschillen tussende routes ontstaan. Ik vind het belangrijk om te benoemen dat deverschillende routes binnen het stelsel allemaal hetzelfde nastreven,namelijk het helpen van gedupeerden. Maar elke gedupeerde is anders.Iedereen heeft andere behoeftes. Sommige situaties zijn heel complex enandere zijn dat minder. Het is daarom goed dat zij een keuze kunnenmaken: wat heb ik nodig? Het is ook goed dat daarin de regie gepakt kanworden per mens en dat de keuze gemaakt kan worden welke route hetbeste bij iemand past.Dan kom ik bij de vragen. Mevrouw Van Eijk vroeg over CWS: welkeconcrete stappen zijn er genomen naar aanleiding van het Berenscho-trapport? Dit rapport is door CWS aangevraagd om verbeteringen aan tebrengen. Zij hebben per juli een nieuw schadebeleid vastgesteld. Decommissie werkt nu meer met vaste bedragen en vereenvoudigde regels.Bij sommige schadeposten is minder onderbouwde documentatie nodigvan de ouders. Uit hun eerste evaluatie blijkt dat dit tot een gemiddeld ietshogere vergoeding leidt. Er wordt eerder in het proces in gesprek gegaanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144428 met de ouders, op een andere manier en door een specifieke groepmedewerkers die daarin getraind is. Er zijn met alle medewerkers opindividueel niveau afspraken gemaakt over hun werkwijze. Ten slottewerkt CWS ook aan een opschaling van het personeelsbestand, maargezien de arbeidsmarkt is dat helaas lastig.D66, VVD en PVV hadden een vraag over CWS. Zij stelden dat het tempobij CWS laag ligt en dat het vertrouwen laag is. Zij vroegen zich afwaarom het tempo zo laag ligt en wanneer de Kamer het Berenschot-rapport kan ontvangen. De Commissie Werkelijke Schade zegt tot en metoktober 733 adviezen te hebben afgegeven. In de maanden augustus,september en oktober waren dat 61, 45 en 46 adviezen. Dat is gewoon telaag. Ik zal daar niet omheen draaien. Er is gewoon meer nodig. Er moetecht een been worden bijgetrokken en er moeten verbeteringen komen.Het Berenschotrapport zal ik u zo snel mogelijk doen toekomen. Het is alopenbaar, maar dan zal ik het via de officiële weg doen.Mevrouw Van Dijk stelde dat het CDA een motie heeft ingediend over hoeom te gaan met ouders die het proces bij de CWS hebben doorlopen, inhet kader van gelijkheid. Ze stelde dat het belangrijk is dat we het advieshierover zo snel mogelijk krijgen. Ja, dat ben ik met u eens. De uitkomstenvan het advies worden zo spoedig mogelijk voorzien van een appreciatieen gedeeld met uw Kamer. Als ik uw vraag goed heb begrepen, zat daarnog een staartje aan, namelijk dat er nu een spoedadviescommissie komtdie daar nog nader naar gaat kijken en dat het belangrijk is om die er ookbij te betrekken. Ik begrijp heel goed de onrust die er misschien kan zijn.Wordt het niet te complex? Gaan de verschillen niet te veel uit elkaarlopen? Komt er niet te veel ongelijkheid? Ik ga daar echt goed naar kijken.De voorzitter:Kunt u iets concreter zijn ten aanzien van de toezegging met betrekking totde reactie op het onderzoek?Staatssecretaris Achahbar:Er komt in ieder geval uiterlijk eind dit jaar een appreciatie van hoe weomgaan met de nieuwe CWS-werkwijze ten opzichte van de oudeCWS-werkwijze, om het maar even zo te noemen. Mocht er toch nog eenandere nieuwe werkwijze komen, dan zullen we dat in de gaten blijvenhouden. Dan zal ik daar ook een nadere brief over zenden of daar in iedergeval goed op ingaan, zodat daar niet te veel verschillen in ontstaan.De voorzitter:Ik geef eerst het woord aan de heer Vlottes. Misschien helpt dat.De heer Vlottes (PVV):Zou de Staatssecretaris dat nog even iets concreter kunnen maken? Ikhoor nu namelijk in een bijzin iets over een nieuwe werkwijze. In hetnajaar zou de productie namelijk omhoog moeten gaan. Laten we wel zijn:de conclusie van Berenschot in april was al dat de productie in ieder gevalnaar vijftien dossiers per week moest gaan. We zitten nu ergens rond devier à vijf. Ik wil het iets concreter, als het kan.Staatssecretaris Achahbar:Ik maak het veel te complex. Het is ook complex genoeg. Ik ga uiterlijkeind dit jaar het advies in het kader van gelijkheid met u delen. Wat u istoegezegd, ga ik uiterlijk eind dit jaar met u delen.Dan kom ik aan bij de vraag van de heer Ergin.De voorzitter:Mevrouw Inge van Dijk heeft nog een vraag.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144429 Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Ik dacht dat ik geen interrupties meer had. Dank u wel dat ik deze vraagdan toch mag stellen. Het gaat even over die motie. Die motie is ookingediend in het kader van de hele discussie over Stichting (Gelijk-)waardig Herstel. Mensen zijn naar CWS geweest. Toen was er nog niksanders. Ik hoorde in de beantwoording alleen maar: oude werkwijze CWSen nieuwe werkwijze CWS. Maar het ging juist om het brede aantalherstelroutes dat we zien.Staatssecretaris Achahbar:De reactie op de motie komt uiterlijk eind dit jaar. Die kunt u zo spoedigmogelijk verwachten, dus uiterlijk eind dit jaar.De voorzitter:Ik geef mevrouw Inge van Dijk nog één keer de kans om haar vraag nogspecifieker en duidelijker te formuleren.Mevrouw Inge van Dijk (CDA):De Staatssecretaris zei in haar reactie dat er wijzigingen zijn doorgevoerdbij CWS. Die gelijkheid, daar hintte de Staatssecretaris op. Maar het gingin het debat en in de motie over het volgende. Nu is de SGH er. Die was ertoen niet. Die ongelijkheid zouden wij heel graag in het advies meege-nomen willen hebben.Staatssecretaris Achahbar:Ik ga dat meenemen in het advies.Meneer Ergin vroeg: hoe kunnen we de SGH-route zo snel mogelijkherstellen en hoe kunnen we op koers gaan lopen? We hebben in de DVOheldere, scherpe kaders en afspraken opgesteld. We moeten daar nu in deuitvoering vervolg aan geven. We kijken vooruit op basis van de afsprakendie we hebben gemaakt. De SGH-organisatie moet daarvoor zelf in ... Ikkijk even op mijn blaadje, want volgens mij klopt het aantal dat hier staatniet. We hebben in ieder geval recent afspraken gemaakt met SGH. Weblijven in gesprek. Ik draag daar persoonlijk ook een steentje aan bij. Wewillen dit tot een succes maken. We willen ervoor zorgen dat we de DVO,die we met elkaar hebben afgesloten, tot een goed gevolg kunnenbrengen.Dan kom ik aan bij ...De voorzitter:Er zijn interrupties. Eerst de heer Ergin en dan mevrouw Rikkers.De heer Ergin (DENK):Ik heb de DVO gelezen. Die zat ook bij de stukken. Betekent dit ook dat ergeen informatie over SGH meer via de media gedeeld gaat worden diestrategisch of in de beeldvorming niet handig is? Dat draagt ook niet bijaan het oplossen van de problemen van ouders. Kan de Staatssecretarisdat bevestigen? Ik wil een expliciete bevestiging, want die lelijke,openbare vechtpartij moet echt stoppen.Staatssecretaris Achahbar:Ik ben het ermee eens: het is niet fraai als er in de media over en weerallerlei berichten ontstaan. Dat geeft geen vertrouwen. We doen dit omhet vertrouwen bij mensen. Het geeft geen vertrouwen als het beeldontstaat dat mensen tegenover elkaar staan of dat er twee kampenbestaan. Dat is gewoon niet goed. Maar ik kan niet controleren wat er inde media terechtkomt. Ik kan niet controleren wie er met de media praat.Ik wil werken vanuit vertrouwen. Ik wil samen werken aan het herstellenvan het leed dat de ouders is aangedaan.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144430 Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):We hebben van de week natuurlijk ook gesprekken gehad met Stichting(Gelijk)waardig Herstel. We hebben daarbij geleerd dat het niet ligt aan deDVO, aan de overeenkomst. Ik ben heel blij om te horen dat u zelf ook bijdeze gesprekken gaat zitten. Ik verwacht dan wel dat u de vertaler benttussen de ambtenaren en SGH, zodat we een gelijk beeld krijgen van deuitvoering van de DVO. Dat is echt een expliciete opdracht aan u; u bentdie vertaler. Dat verwacht ik ook van u.De voorzitter:Voor alle commissieleden geldt overigens: het is niet «u», maar «deStaatssecretaris».Staatssecretaris Achahbar:Ik wil dit tot een succes maken. Dat wil SGH ook. We hebben hetzelfdedoel, namelijk herstel bieden en zorgen dat er vertrouwen komt en dat weer met elkaar uit komen. We moeten dan natuurlijk bekijken hoe wewerken en of dat moet worden aangepast en hoe we zorgen dat dit soepelverloopt. Die gesprekken vinden plaats en zullen plaats blijven vinden,want als je niet met elkaar in gesprek gaat, kom je er natuurlijk niet uit.Mevrouw Van Eijk had een vraag over het volgende. Het controle-raamwerk van SGH is vergevorderd. Het zou heel betekenisvol zijn als datgesteund kan worden. Mevrouw Van Eijk vroeg of ik het daarmee eensben. De dienstverleningsovereenkomst biedt de mogelijkheid om decontrole-intensiteit na verloop van tijd te variëren. Naarmate SGHkwalitatief ... Nee, even kijken. Dit vind ik niet ... Kijk, we kunnen heel diepingaan op het controleraamwerk, op het contract en op eventuele tabellenen processen. Het gaat erom dat we mensen herstel willen bieden en hunhet vertrouwen willen geven dat we hier samen iets goeds aan het doenzijn. We hebben daarvoor een dienstverleningsovereenkomst afgeslotenen we zijn in gesprek met SGH om dit tot een succes te maken. Natuurlijkis het niet oké als er over en weer allemaal negatieve zaken in de mediaverschijnen, want dat maakt alleen maar dat er minder vertrouwen komt.Dat is niet goed als je bezig bent met een hersteloperatie om hetvertrouwen te herstellen.Ik kom aan bij de vraag van ...De voorzitter:Ik breek even in, omdat ik zelf nog een vraag heb en de plaatsvervangendvoorzitter ineens gevlogen is. Ik ga het gewoon doen. Ik probeerde tenaanzien van het raamwerk het volgende te zeggen. Als SGH laat zien dathaar interne controle op orde is, dat die gaat volgens de afspraken diegemaakt zijn met het ministerie, dan kun je een stap terugzetten endaarop steunen en leunen. Dat is wat ik uiteindelijk graag zou willen zien.Staatssecretaris Achahbar:Dat zijn we op dit moment aan het doen. We zijn inderdaad een stap terugaan het zetten, precies zoals mevrouw Van Eijk het beschrijft. Dat doen weom ervoor te zorgen dat het soepeler gaat lopen en dat er wat minderdicht op de inhoud, de tabellen en de cijfertjes wordt gezeten. Dan kunnenwe met elkaar gewoon een soepel proces maken.Dan een vraag van meneer Vlottes, over het feit dat we lezen over ruzie,terwijl er net een nieuwe overeenkomst is getekend. Dat is inderdaad nietoké. Dat geeft ook geen vertrouwen. Ik hoop dus dat er niet meer over enweer berichten in de media verschijnen over negatieve zaken, want datzorgt niet voor veel vertrouwen.Dan heb ik een vraag van het CDA en D66. SGH en het ministerie liggenmet elkaar in de clinch. Wat gaat er mis? Ook hier geldt dat ik het niet okévind als we in twee kampen worden verdeeld en tegenover elkaar staan. IkTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144431 vind dat we dit samen tot een succes moeten maken en dat we het contactmoeten blijven zoeken, want dat geeft vertrouwen.Dan een vraag van de VVD. Het kabinet wil de regieroute VSO verderontwikkelen, opschalen en op termijn openzetten. Wat houdt die ontwik-keling in en wat is daarvoor nodig? De regieroute is nog in ontwikkeling.Heel sporadisch is er sprake van een VSO waarin eigenlijk een contractwordt afgesloten waarmee de schade wordt afgewikkeld. Maar wemoeten die nog gaan uitwerken. Wat mij betreft zou het een hele goedemanier zijn om schades af te wikkelen, omdat je dan gewoon met elkaaraan tafel zit en met elkaar afspreekt hoe je dit tot een mooi einde kuntbrengen.Dan een vraag van GroenLinks-PvdA ...De voorzitter:De heer Vijlbrief heeft hier nog een vraag over.De heer Vijlbrief (D66):Ik probeer nog steeds de volgorde te ontdekken. Ik probeer het nog éénkeer. Zijn we nu weg bij de Stichting (Gelijk)waardig Herstel? Dan heb iknamelijk een vraag.De voorzitter:Volgens mij zijn we de schaderoutes aan het aflopen. Dan zou SGHinderdaad afgerond moeten zijn. Ik denk dat er heel veel vragen zijnblijven liggen, waaronder de vraag van de heer Stultiens. Er komen er nogeen aantal. Volgens mij wordt het blokje schaderoutes nu afgehandeld enlopen er een aantal onderwerpen nu een beetje door elkaar. Misschien ishet dus toch handig ...De heer Vijlbrief (D66):Ik had de indruk al dat het door elkaar liep, dus dan wacht ik nog even.Maar ik bereid de Staatssecretaris er wel alvast op voor dat ik rond SGHecht wat hardere antwoorden wil horen dan ik tot nu toe hoor. Dan kan zedaar misschien over nadenken terwijl ze praat.Staatssecretaris Achahbar:Ik kom aan bij een vraag van meneer Vijlbrief van D66. Klopt het dat SGHeen massaclaim in voorbereiding heeft, en wat zijn de gevolgen daarvan?SGH heeft in de statuten opgenomen dat de stichting een belangenbehar-tiger kan zijn voor het indienen van een massaclaim namens een bepaaldedoelgroep, maar dat loopt niet vooruit op het daadwerkelijk doorzettenvan zo’n stap. Dat kan mogelijk zo zijn. Of een massaclaim inderdaad invoorbereiding is, weet ik niet.GroenLinks-PvdA vraagt: waarom worden de twee moties die we hebbeningediend deze zomer, niet uitgevoerd? De motie-Van Baarle vraagt hetkabinet te voorkomen dat de nieuwe overeenkomst met de SGH doorslaatnaar wantrouwen, afbreuk doet aan onafhankelijkheid en oudersovervraagt. De motie is uitgevoerd. Dit kunt u terugvinden in hetmotieoverzicht bij dit debat. De DVO met de SGH is inmiddels getekenden er is overeenstemming bereikt tussen de SGH en het Ministerie vanFinanciën over de werkwijze.De motie-Grinwis c.s. is ook uitgevoerd. Deze motie verzoekt de regeringom focus aan te brengen door de schadeherstelroute via de SGH primair,en dus niet uitsluitend, te richten op gedupeerden voor wie uit deintegrale beoordeling blijkt dat de Catshuisregeling van € 30.000onvoldoende is. De DVO bevat expliciet een uitzonderingsbepaling teruitvoering van deze motie, waardoor de SGH-route voorlopig primairopengesteld is voor ouders die voldoen aan het criterium in deze motie.Voor de toekomst schrijft de DVO voor om over nadere doelgroepenverder te praten. Een uitzondering is gemaakt voor ouders die zich tijdensTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144432 de pilot al hadden aangemeld, maar die niet voldeden aan het criterium.Zij zijn als overgangsregeling toch wél toegelaten.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Dit antwoord was bekend. Het probleem is alleen dat we een nieuwesituatie hebben. De SGH zegt namelijk dat het niet uitgevoerd wordt en zenoemen elf blokkades. Ze komen daarom met elf oplossingen. Onzevraag, van mij en ook van collega’s, is of we die gaan uitvoeren en zo niet:waarom niet? Want het maakt nogal uit voor de vraag of de motie echtuitgevoerd is.Staatssecretaris Achahbar:We zijn echt intensief in gesprek met de SGH. Het is echt gericht opsamenwerken en er samen uit komen. De brief met de elf blokkades heb iknatuurlijk heel goed gelezen; die hebben wij heel goed gelezen. We zijnecht serieus in gesprek over die punten die worden aangedragen om tekijken: kunnen we hier iets in betekenen, kunnen we daar iets inbetekenen, hoe kunnen we nader tot elkaar komen? Ik kreeg zó’n pakketmet de elf blokkades en alle juridische dingen die daaraan vastzitten enhoe we daar wel of niet uit zouden kunnen komen. Ik kan dat allemaalgaan voorlezen, maar ik wil u ook ... Ik hoop dat u erop vertrouwt dat ikecht mijn best doe om ervoor te zorgen dat we met elkaar in gesprekblijven en dat we dit tot een succes gaan brengen met elkaar.De voorzitter:De heer Stultiens en daarna de heer Vijlbrief.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Op zich heb ik vertrouwen in de Staatssecretaris, want anders hadden wehier vandaag een ander gesprek gehad. Het lastige is wel dat we voor dezomer ook hoorden van haar voorganger: we willen er een succes vanmaken. We zijn nu vijf maanden verder en het is nog geen succes. Als wedan schriftelijk vragen of we over de elf oplossingen kunnen horen watFinanciën daarvan vindt, is het antwoord: nee. En als we het in het debatvragen, is het antwoord voor mij ook onduidelijk. Dus hoe moeten wij alsKamer nu weten het straks gelukt is? We kunnen ze vandaag alle elflangslopen. We kunnen ook zeggen: over een week krijgen we een briefover hoe ze alle elf ... Dat is ook prima, maar alleen maar vertrouwen ineen goed gesprek vind ik nu niet genoeg.Staatssecretaris Achahbar:Ik kan u toezeggen dat er een brief komt waarin we de elf blokkadesbenoemen en dat ik daar ook bij vertel wat we ermee doen of hoe we dathebben opgepakt.De heer Vijlbrief (D66):Ik wil toch iets verder gaan op dit punt. Ik zat al de hele tijd te wachten,maar Stultiens was me nu voor, helaas. Kijk, we hebben hier ook destichting tegenover ons gehad. Deze mensen haalden uit die elf puntenbijvoorbeeld dat hele punt van de controlekolder: het controleren van debonnetjes. Wat ik aan de Staatssecretaris wil vragen is niet alleen eenappreciatie van die brief, want dat geloof ik wel. Dan weet ik ongeveer welwat ik terugkrijg. Ik wil eigenlijk gewoon van de Staatssecretaris eentoezegging dat zij met de stichting in gesprek gaat hierover en dat er eenverslag komt aan de Kamer, binnen vier weken of zoiets, waarin gewoonstaat wat dat gesprek heeft opgeleverd, zodat wij ook van de stichtingkunnen horen dat zij het daarmee eens zijn. Wij willen het op gangbrengen. Ik heb vertrouwen in de Staatssecretaris, anders zou ik het zelfdoen, maar de Staatssecretaris is degene die dat voor ons doet. Mijnconcrete vraag is deze toezegging. Krijg ik deze toezegging niet, dan ga ikTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144433 dit via een motie proberen te regelen, want die route moet weer gaanlopen. En dat kan geen uitstel vergen. Dus dat is geen kwestie van eenambtelijke appreciatie, maar het is een goed gesprek met de stichting. Demeneer van de stichting zit daar achterin; u kent hem ook. Nee, maar ikbedoel: praat met elkaar en regel het.Staatssecretaris Achahbar:Ik ga graag in gesprek met SGH; dat zou ook niet de eerste keer zijn. Hetlijkt mij een goed idee om daar dan verslag van uit te brengen, te kijkenhoe we dit tot een succes gaan brengen en te kijken waartoe dat gesprekgeleid heeft.De voorzitter:Kunt u daarover iets concreter zijn ten aanzien van de tijd, dus hetmoment waarop we die brief kunnen verwachten?Staatssecretaris Achahbar:Nadat de brief met die elf blokkades verzonden is, zijn we dat weekend enin de avonden meteen in gesprek gegaan. Dat is echt een intensief trajectgeweest. Toen is besloten dat we zes weken met elkaar gaan werken opde manier die mevrouw Van Eijk voorstelde, namelijk dat we wat meerloslaten en het op een net iets andere manier gaan doen. Na die zesweken gaan we met elkaar in gesprek en zullen we kijken hoe dat verlopenis. Dat lijkt me dus ook een goed moment om met een verslag te komen.Ik ben even aan het nadenken voor welke datum of periode dat zoukunnen. Vlak voor de kerst.De voorzitter:We noteren: voor het kerstreces.Staatssecretaris Achahbar:Ja, het wordt dan voor het kerstreces.Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Voorzitter, kunnen we dan alvast hier met elkaar afspreken dat we hieroverdan ook nog een commissiedebat gaan voeren?De voorzitter:Dat is iets voor de procedurevergadering, die over twee wekenplaatsvindt.Staatssecretaris Achahbar:We hebben nog drie onderwerpen te gaan.Voorzitter. Ik noemde in mijn inleiding het onderwerp «bezwaren» al alseen van de knelpunten van de hersteloperatie. U heeft daarover gisterenook uitgebreid gesproken met de BAC. De BAC vervult een belangrijke rolin het herstelproces en biedt ook een veilige ruimte voor gedupeerden omhun verhaal te vertellen. De conclusie die ik samen met de BAC trek, is dater in ieder geval maatregelen nodig zijn om gedupeerden eerder en ooksneller te helpen. Uit een objectieve nulmeting, die ik onlangs door eenexterne partij heb laten uitvoeren, blijkt dat in het huidige tempo, als weniets veranderen, de laatste bezwaren pas in 2030 zullen wordenbehandeld. Dat is onacceptabel en onuitlegbaar. Met de UHT en de BACvinden op dit moment uitvoerige gesprekken plaats om te kijken hoe wedeze hele keten kunnen versnellen.Dan kom ik aan bij het onderwerp dossiers. Die worden heel vaak alsbottleneck genoemd in het bezwaarproces. Dat herken ik natuurlijk.Daarnaast ligt er bij de BAC op dit moment een grote voorraad aancomplete dossiers. Zij zullen ook een been moeten bijtrekken om dat tekennen verwerken. Op dit moment hebben de gedupeerden, gemach-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144434 tigden, de UHT, de BAC en de CWS altijd de beschikking over het dossierop het moment dat het bezwaar of de aanvullende schade moet wordenbehandeld. Ik zal ervoor zorgen dat dat zo blijft, ook als de vraagtoeneemt. Maar dit is niet genoeg. De heer Ergin vraagt hier namelijkterecht naar. Mensen hebben recht op hun dossier. Ze willen kunnenbegrijpen wat er met hen gebeurd is en waarom dat zo gedaan is. Daaromis er meer actie nodig. Ik ga zowel bij het samenstellen als bij hetanonimiseren van dossiers één controlestap schrappen. Dat levert opkorte termijn al een forse tijdwinst op. Een tweede stap die ik zet, is dat ikextern juridisch advies ga vragen en dat ik de Autoriteit Persoonsge-gevens ga vragen om zich te buigen over de vraag op welke wijzedossiers eventueel ongelakt verstrekt kunnen worden aan de advocatuur.Daarnaast kijk ik intensief met de BAC en UHT of we de hardnekkigeknelpunten bij het samenstellen en het opleveren van dossiers in kaartkunnen brengen. Ook ga ik de mogelijkheden in kaart brengen om in hetherstelproces zo snel mogelijk in het gesprek gedupeerden inzage tebieden in alle overwegingen en besluiten. Als niet alles zwart-op-wit tijdigin dossiervorm kan worden overgelegd, vind ik het in ieder geval vanbelang dat we gedupeerden in het persoonlijke contact zo goed mogelijkkunnen informeren. Ook hier geldt weer: de mens centraal. Ik zal uwKamer nader informeren over welke acties ik onderneem op het gebiedvan bezwaren en dossiers. Ook bij de spoedadviescommissie vraag ikspeciale aandacht voor dit grote knelpunt in de hersteloperatie. Vooropstaat dat maatregelen erop gericht moeten zijn om het proces voorgedupeerden te versnellen. Rechtsbescherming is hierbij heel belangrijk.De heer Ergin (DENK):Ik hoor dat er best wel ferme stappen worden gezet. Het gaat over«ongelakt» en over processen simpeler maken. Zo heb ik de Staatssecre-taris begrepen. Dan rest de vraag wanneer al die mensen die al een flinketijd op hun dossier wachten dat gaan merken in de praktijk. Dit klinkt heelgoed. Volledige steun hiervoor, maar wanneer gaan de mensen in depraktijk hier wat van merken en krijgen ze uiteindelijk hun dossier?Staatssecretaris Achahbar:Ik vind het lastig om meteen een datum of een maand te noemen. Ik vindhet belangrijk dat er zo snel mogelijk forse stappen genomen worden. Alsik vanuit mijn vorige baan naar dit vraagstuk kijk ... Ik heb als officier vanjustitie, als rechter-plaatsvervanger en als advocaat gewerkt. Het isonbegrijpelijk dat jou door de overheid leed is aangedaan en dat je nietkunt teruglezen waarom dat is geweest. Dat is de onderliggende pijn diehier zit. Mensen willen weten wat er is gebeurd en waarom dit is gebeurd.Ze zijn ook bang dat er, als ze hun dossier niet krijgen, misschien ietsachter wordt gehouden. Dat is natuurlijk het wantrouwen dat er ookheerst. Ik wil daarmee aan de slag gaan. Ik wil kijken hoe we transparantiekunnen geven en hoe we het vertrouwen kunnen geven aan mensen datdit gezien wordt, dat dit belangrijk is en dat er niet zaken expres wordenachtergehouden. Dus ik wil hier zo snel mogelijk werk van gaan maken enhier echt serieuze stappen in gaan nemen.De voorzitter:Mag de commissie ervan uitgaan dat dit in de volgende voortgangsrap-portage bijzondere aandacht gaat krijgen, zodat eventuele vragendaarover ook beantwoord kunnen worden? U vervolgt uw betoog. O, deheer Dijk. Sorry.De heer Dijk (SP):Ik wil even aansluiten bij de heer Ergin. Wat u nu zegt, is wel een beetjeeen trendbreuk. Begrijp me echt niet verkeerd, want dat is goed. U hoordehet volgens mij net ook aan de reactie van de mensen op de tribune. HetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144435 leveren van dossiers is ook een manier van erkenning, van mensenserieus nemen. U zei het net ook: ongelakt, en als dat allemaal niet kan,als we niet alle dossiers beschikbaar kunnen krijgen, gaan we het viapersoonlijk contact doen. Daar heb ik twee vragen over. Dat u geen heelconcrete datum geeft, daar kan ik me iets bij voorstellen. Ik hoor nu wel deintentie om dat zo snel mogelijk te doen. Ik zou het toch iets concreterwillen, dus als het kan, krijg ik graag een moment, een ijkpunt. Dan zal ikhierbij ook aangeven dat we u niet bij de enkels gaan afzagen als dat nietbereikt wordt, maar als het niet lukt, horen we wel graag beargumenteerdwaarom dat zo is. En ik heb het volgende klemmende verzoek: mocht udrempels tegenkomen waarbij u deze Kamer nodig heeft om verderestappen te kunnen zetten, schroom dan niet om bij ons aan te kloppen omdat mogelijk te maken.Staatssecretaris Achahbar:Voorzitter, als u mij toestaat, kom ik in de tweede termijn terug op dezevraag.Dan kom ik bij een vraag van de heer Ergin: hoe kunt u zeggen dat dehersteloperatie op koers ligt, terwijl ouders niet eens inzage in hun dossierkrijgen? U heeft in de brief gelezen dat het op koers ligt. Dan gaat het echtover het feit dat meer dan driekwart van de gedupeerden een integralebeoordeling heeft doorlopen en dat 100% gehaald kan worden in 2025. Ikdenk dat dat de koers is waar het over ging. Ten aanzien van de dossiers:ik heb u uitgelegd dat ik dat belangrijk vind en dat ik daar echt stappen inwil gaan zetten.Dan een vraag van mevrouw Heite van NSC: waar blijven de dossiers? Devraag naar dossiers is helaas groter dan de beschikbare capaciteit op ditmoment. Wij geven voorrang aan dossiers die nodig zijn voor bezwaar envoor de CWS. Deze worden bij de start van de behandeling verstrekt. Dedossiers liggen helaas niet klaar op de plank. De stukken worden uitverschillende systemen gehaald en tot één leesbaar dossier gevormd. Datkost veel tijd. Ik ben op de afdeling dossiervorming geweest. Nou, het isecht waar: het is een MS-DOS-systeem en een ander systeem. Het moetallemaal geïntegreerd worden tot één leesbaar dossier voor ouders. Hetkost dus tijd. Het is allemaal handwerk. In 2024 zijn er ruim 7.000 dossiersverstrekt. Dit is in ieder geval een verdrievoudiging ten opzichte van 2022,maar er is meer nodig. Ik zet vol in op versnelling.Dan de vraag van mevrouw Van Dijk van het CDA: waarom zitten deLIC-overzichten, waar vaak om gevraagd wordt, niet standaard in hetdossier? Voor het leesbaar maken van alle betalingen en verrekeningenvan ouders wordt een LIC-overzicht samengesteld. Dit is heel arbeidsin-tensief en kost veel tijd. Om de snelheid erin te houden wordt het nietstandaard toegevoegd aan het dossier. Dit overzicht is namelijk niet nodigvoor de compensatieberekening. In sommige gevallen is het wel nodigvoor de behandeling van de zaak en daarom wordt het dan standaardtoegevoegd, ook als de ouder er niet om vraagt. We verkennen onder-tussen ook mogelijkheden om het beschikbaar stellen van LIC-overzichtente versnellen.Dan een vraag van mevrouw Rikkers van BBB: hoe kan de compensatieberekend zijn terwijl er gezegd wordt dat het niet mogelijk is om debetaal- en verrekenoverzichten te delen? UHT krijgt een overzicht van derelevante beschikkingen en verrekeningen. Die worden verwerkt tot eencompensatieberekening. Deze compensatieberekening krijgen de oudersmeegestuurd met de voorlopige beschikking van de integrale beoor-deling. Het totaaloverzicht van betalingen en verrekeningen gaat over alletoeslagjaren en over alle soorten toeslagen. Dit samenstellen kost forsmeer tijd.Dan een vraag van de heer Stultiens van PvdA-GroenLinks: hoe wordt dekeuze gemaakt of een dossier wel of niet aan de BAC wordt voorgelegd?Bezwaren tegen de integrale beoordeling en tegen besluiten op eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144436 verzoek om aanvullende compensatie voor werkelijke schade worden aande bezwaarschriftenadviescommissie voorgelegd. Andere bezwaars-oorten, zoals de eerste toets, worden niet aan de BAC voorgelegd.Daarnaast is er een vijftal uitzonderingsgronden opgenomen in deinstellingsregeling van de BAC. Als een van die gronden zich voordoet,hoeft een bezwaar alsnog niet aan de BAC te worden voorgelegd.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Was dit het blokje BAC over onze vraag, of komt er nog iets? Want ik hadeigenlijk een andere vraag, die wat dieper ging dan alleen maar deze vijfuitzonderingsgronden, want die ken ik. De vraag was de volgende. Punt eis geschrapt, een jaar geleden. Daar waren we niet blij mee. Daar is eenmotie over ingediend, maar die is volgens de BAC niet uitgevoerd.Waarom niet? O, dat antwoord komt nog, begrijp ik.Staatssecretaris Achahbar:Ik was nog bezig met de beantwoording. Er wordt steeds aan de voorkantvan het bezwaarproces gekeken of ouder en UHT er samen uit kunnenkomen. Als dat lukt, is het niet nodig om een bezwaar aan de BAC voor teleggen. Er zijn vijf uitzonderingsgronden. Ouder en UHT kunnen bijindividuele bezwaren afspreken het bezwaar zonder BAC af te handelen.Er wordt volledig tegemoetgekomen aan het bezwaar. Een bezwaar iskennelijk ongegrond. Een bezwaar is kennelijk niet-ontvankelijk of deafhandeling van het bezwaar is evident in lijn met eerdere adviezen vande BAC. De inschatting of een zaak toch aan de BAC moet wordenvoorgelegd, wordt gedurende het bezwaarproces gemonitord.Dan heb ik een vraag van de heer Stultiens. De BAC zegt dat de motie omin overleg te gaan met de BAC niet is uitgevoerd. Hoe zit dit? Wij blijven ingesprek hierover met de BAC. We hebben uiteraard het gezamenlijke doelom eventuele nadelige gevolgen te voorkomen.De voorzitter:Was dit uw stukje over de BAC? Daarover heeft de heer Stultiens eenvraag.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Ik snap wel waarom de BAC zegt dat de motie niet wordt uitgevoerd. Zezeggen: er is een regulier overleg. Dat hadden we altijd al, maar de motievraagt aan de Staatssecretaris zelf: ga in gesprek en vind een oplossing,zodat er voor de ouders geen nadelige gevolgen zijn. Die oplossing is nogniet gevonden. Dus dan blijft de vraag: kan de Staatssecretaris met ze ingesprek en ons laten weten wat eruit gekomen is en of er een oplossingis?Staatssecretaris Achahbar:Dat kan natuurlijk. Ik denk even na over de manier waarop we per briefnaar u kunnen terugkoppelen wat de uitkomsten van het gesprek zijn.De voorzitter:Ik heb zelf ook nog een vraag over de BAC. In het gesprek met de BACkwam een van de uitzonderingen aan de orde die de Staatssecretarisbenoemde: als een bezwaar gegrond is geweest, is dat reden om hetbezwaar en de ouder niet langs de BAC te laten gaan, terwijl de behoefteer heel nadrukkelijk is, ook als dat het geval zou zijn, om toch van de BACen het advies gebruik te mogen maken. Kan de Staatssecretaris toelichtenhoe dat precies zit?Staatssecretaris Achahbar:Zou u de vraag kunnen herhalen, vraag ik via de voorzitter.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144437 De voorzitter:In het gesprek met de BAC kwam aan de orde precies hetgeen deStaatssecretaris zojuist benoemde: wanneer ga je voor een advies naar deBAC toe? Dat is in principe niet het geval als een bezwaar op bepaaldegronden gegrond wordt verklaard en daarmee de BAC eigenlijk alsoverbodig wordt gezien, terwijl de ouder de behoefte heeft om evengoedadvies te ontvangen. Zou het dan niet zo moeten zijn dat, op het momentdat die ouder die behoefte heeft, van dat recht gewoon gebruik kanworden gemaakt?Staatssecretaris Achahbar:Ik kom hier graag in de tweede termijn op terug, want het is eenonderwerp waar ik iets beter in moet duiken voordat ik er een duidelijkantwoord op kan geven.De voorzitter:Bent u aangekomen bij het blokje brede ondersteuning?Staatssecretaris Achahbar:Ja. Brede ondersteuning en emotioneel herstel. Mevrouw Heite stelde eenvraag over kinderen en jongeren. Welke boodschap hebben wij met hettoeslagenschandaal aan onze jeugd meegegeven? Wat zijn de gevolgenvoor hun leven en voor hun toekomstperspectief? Waarom worden zij totop de dag van vandaag onvoldoende gezien? Waarom ervaren zij geenbrede ondersteuning die bij hen past? Ik zie en hoor deze kinderen. Ik benme echt bewust van de impact op hun levens. Daarom maak ik mij er hardvoor om hun perspectief te bieden. Dit doe ik in gesprek met de jongeren.In die gesprekken hoor en zie ik echt veel kracht, heel veel initiatief en heelveel veerkracht. Dat is echt heel mooi om te zien. Wij zetten in op mentaalwelzijn en het kunnen ontplooien van bijvoorbeeld culturele activiteiten ofculturele initiatieven en op het stimuleren van lotgenotencontact. Wehelpen jongeren ook met problematische schulden, door ze een toekomstte bieden zonder problematische schulden en te kijken naar wat zijdaarnaast nodig hebben. Ik ben op de hoogte van de klachten rond debrede ondersteuning. Ik spreek regelmatig met jongeren over hunervaringen. Om jongeren die vastlopen te helpen bieden we onder-steuning via IPW. We bieden hulp via het Ontwikkelnetwerk Herstel vanDiversion en de lotgenotenlijn bij toegang tot brede ondersteuning. Ik blijfvoortdurend luisteren naar jongeren om te kijken hoe we de onder-steuning kunnen verbeteren.Dan de vraag van mevrouw Bikkers van de BBB.De voorzitter:Het is mevrouw Rikkers.Staatssecretaris Achahbar:Excuses. Mevrouw Rikkers van de BBB vroeg: wat is de concrete actie omervoor te zorgen dat dit wel gaat gebeuren en dat kinderen weten dat zetoegang hebben tot de brede ondersteuning? Ik ben op de hoogte van designalen en ik spreek regelmatig met jongeren over de ervaringen in debrede ondersteuning. Om ze te helpen bieden we ondersteuning aanjongeren ... Dat is hetzelfde antwoord als daarnet. In november wordt eenherinneringsbrief gestuurd aan alle kinderen en jongeren die recht hebbenop de kindregeling. Met die brief worden ze opnieuw geattendeerd op hethulpaanbod dat voor hen beschikbaar is, waaronder ook hulp bijschulden. Daarnaast sturen gemeenten met hulp van UHT een flyer naarde kinderen en de jongeren in hun gemeente om het aanbod van dekindregeling onder de aandacht te brengen. Hierin staan ook de contact-gegevens van de betreffende gemeente, zodat jongeren gelijk op degoede plek terechtkomen. Ook zetten we social media en netwerken vanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144438 jongeren in om ze te bereiken. Zoals ik zei, ik blijf inderdaad goed naarhen luisteren.De heer Ergin vroeg hoe ik aankijk tegen emotioneel herstel. Acht ik ditbelangrijk? Jazeker, emotioneel herstel is een proces van ouderen enkinderen zelf. Met de hersteloperatie kunnen wij alleen maar vertrouwenen erkenning geven en goed met hen in gesprek blijven gaan om ervoorte zorgen dat het emotionele herstel daadwerkelijk verder komt. Er wordtondersteuning zo dicht mogelijk bij de leefwereld van ouders en hun gezingeorganiseerd, bijvoorbeeld door lotgenotencontact, het inzetten vansteunouders en lokale community-initiatieven. We zetten ook in op deontwikkeling van ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid. Ook wordteen contact- en verwijscentrum voor mentale ondersteuning mogelijkgemaakt om ouders en hun gezin te ondersteunen bij hun mentalewelzijn.Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):U noemt heel veel dingen waarop ingezet wordt. Ik mis de financiëlebegeleiding op het moment dat er heel veel geld komt. Ik mis dat mensendan ergens financiële begeleiding kunnen krijgen om daarmee om tegaan. Mensen hebben natuurlijk in een hele rare en nare situatie gezeten.Ik kan me voorstellen dat het heel lastig kan zijn als je dan in één keer heelveel geld op de rekening krijgt en dat je dan eigenlijk iemand nodig hebtdie je helpt.Staatssecretaris Achahbar:Ik heb dit onderwerp eerder gehoord van gedupeerden zelf en vanjongeren. Het is nogal wat als je ineens een geldbedrag op je rekeningkrijgt, terwijl je uit een situatie van achterstand komt, uit een situatiewaarin je niet goed weet hoe je daarmee om moet gaan. In de enegemeente is daar wat meer aandacht voor dan in de andere gemeente,maar het is wel echt de bedoeling dat er aandacht voor is en dat hieropwordt ingezet. Het is dus een belangrijk onderwerp. Goed dat u dataanstipt.Meneer Ergin zegt dat het vertrouwen niet is hersteld bij ouders en datouders vaak meer littekens hebben. Hij vraagt hoe ik hiertegen aankijk.Naast financieel herstel proberen we ook te werken aan de relatie tussende getroffen ouders en de jongeren. Dit doen we onder andere door zelf ingesprek te gaan, door een breed maatschappelijk gesprek te organiserenen te stimuleren over de gevolgen van de affaire op de levens, maar ookover de oorzaken daarvan en lessen die we daaruit kunnen trekken omherhaling te voorkomen. Ik vind het zelf heel belangrijk om te werken aanvertrouwen in de overheid en aan wat we eraan kunnen doen om tevoorkomen dat er weer zoiets gebeurt. Ik vind de vraag van de heerStultiens over wat er gebeurt met de aanbevelingen van de parlementaireenquêtecommissie heel terecht. Daar moet mee aan de slag gegaanworden. Er moet inderdaad genoeg aandacht zijn voor het maatschap-pelijk herstel en het vertrouwen.De voorzitter:Mevrouw Heite heeft een vraag.Mevrouw Heite (NSC):Ik reageer iets later, maar ik hoorde net in de beantwoording van de vraagof er financiële hulp komt en passant dat de Staatssecretaris zei: de enegemeente gaat er toch wat anders mee om dan de andere gemeente. Daarsla ik even op aan, omdat wij gisteren met een jongere hebben gesprokendie zei: «Wij zijn nog nooit benaderd door een gemeente. Er is nog nooitcontact met ons geweest. We hebben hooguit een brief gekregen en daarkonden we het mee doen.» Ik hoor allerlei initiatieven die ik echt eenwarm hart toedraag. Er worden brieven gestuurd en ze worden er nog eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144439 keer op geattendeerd. Maar ik zou het zo graag willen omdraaien. In desuccesverhalen, die we dan toevallig niet van een jongere maar van eengedupeerde ouder kregen gisteren, zat het ’m er juist in dat de gemeentezelf elke keer proactief contact zocht. Het voorbeeld ging erover dat er bijhet op zoek gaan naar een huis een woningbouwvereniging betrokken isen er wordt gebeld: goh, er wordt daar in een woonwijk een huisgebouwd; zou dat misschien wat voor je kunnen zijn? Het gaat even nietover jongeren, maar het is een voorbeeld van hoe je heel proactief kuntmeedenken en de jongeren kunt opzoeken. Ik kan niet vaak genoegbenadrukken – daar zit mijn vraag ook gelijk in – hoe belangrijk het is omoog te hebben voor de jongeren. Zij zullen dit namelijk de rest van hunleven met zich meedragen en moeten geholpen worden, niet alleenfinancieel, maar in bredere in. Wat kan de Staatssecretaris doen ommogelijke verschillen tussen gemeenten hierin weg te nemen en dehouding te veranderen in een zeer proactieve houding?Staatssecretaris Achahbar:Jongeren zijn heel belangrijk. Dat ben ik helemaal eens met mevrouwHeite. Ik vind ook dat daar echt aandacht voor moet zijn en dat zij op weggeholpen moeten worden om een toekomst te kunnen opbouwen. Wat iker concreet aan kan doen dat elke gemeente – het zijn er nogal wat inNederland – de stappen zet die zo goed zouden zijn in het herstel, is eenvraag die ... Laat ik ’m omdraaien. Ik noem de pilot Totaalherstel. Mijnideaalplaatje is dat een gedupeerd gezin aan tafel zit met elke hulpver-lener die er nodig is voor dat gezin, dat er één loket is waar menterechtkan en dat iedereen daar geholpen wordt. Dat houdt in dat demens centraal staat en dat de juiste instanties het werk doen, watbelangrijk is om mensen weer perspectief te geven en op weg te helpen.Met bijvoorbeeld de pilot Totaalherstel maar ook met de wens die isneergelegd bij de spoedcommissie over hoe herstel vormgegeven zoumoeten worden, namelijk dat het integraler is en dat er naar een totaal-plaatje gekeken wordt, hoop ik dat we ernaar toe gaan werken dat er opzo’n manier gewerkt wordt: mens centraal, de hulp eromheen. En niet: demens moet langs alle loketten om hulp te krijgen.Mevrouw Heite (NSC):Ik heb nog een kleine, verduidelijkende vraag. Ik bedoel eigenlijk dat dehouding nog proactiever wordt en dat er soms zelfs ongevraagd gevraagdwordt, zeker ook door gemeenten, als onderdeel van «brede onder-steuning». Kan de Staatssecretaris dan toezeggen dat zij extra onder deaandacht zal brengen bij de spoedcommissie hoe belangrijk dit is? Kan zeonder de aandacht brengen hoe belangrijk deze houding is, zodat zij dit inieder geval mee kunnen nemen?Staatssecretaris Achahbar:We kunnen een ondersteuningsteam oprichten, dat de regio intrekt omhier aandacht voor te vragen en om gemeenten te voorzien van eengoede werkwijze.De heer Vijlbrief (D66):Misschien kunnen we het omdraaien. Er zijn blijkbaar gemeenten die hetwel goed doen en gemeenten die het niet goed doen. De gemeentenhebben ook een vereniging: de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.Zou de Staatssecretaris met de VNG in gesprek kunnen en ons over eenaantal weken kunnen rapporteren wat dat oplevert? Dat lijkt mij een veelbeter idee. Teams om te helpen lijkt me ook prima, maar dat gaat hetvolgens mij niet doen. Ik denk dat het goed zou zijn als gemeenten waarhet goed gaat – ik weet niet precies meer waar het goed gaat, maarbijvoorbeeld Almere of Apeldoorn – als een soort best practice wordenneergezet. Ik hoor net dat ze het in Almere en Apeldoorn helemaal nietTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144440 goed vinden gaan, maar dat is nou weer een ander probleem. Maar zouzoiets kunnen? Want dan hebben we een concrete toezegging in plaatsvan een goede intentie waar we op vertrouwen.Staatssecretaris Achahbar:Het lijkt me een heel goed idee om met de VNG hierover in gesprek tegaan en om te kijken hoe het zo georganiseerd kan worden dat het tochiets gelijker en op een eerlijker manier verdeeld is.Ik heb nog een vraag van meneer Vlottes van de PVV over dat er behoefteis aan erkenning en aan gezien worden. Om tot herstel te kunnen komenis inderdaad erkenning nodig. Daarbij zetten we in op ervaringskennis enop expertise en op de veerkracht van gedupeerde ouders. Lokalecommunity’s zijn ook heel belangrijk; daarin wordt ook geïnvesteerd.De voorzitter:Mevrouw Heite heeft nog een nabrander op dit onderwerp.Mevrouw Heite (NSC):Ja, ik heb een hele korte nabrander. Wij hebben gisteren naar aanleidingvan het wetgevingsoverleg ook een motie ingediend met meerderepartijen. Ik hoop dat er nog meer partijen gaan meetekenen. Ook daarstaat in dat we de Staatssecretaris verzoeken om met de VNG engemeenten in contact te gaan over de brede ondersteuning. Daar kan ditdan in worden meegenomen.Staatssecretaris Achahbar:Ja, dank.De voorzitter:Dan komen we aan het laatste blokje: overig.Staatssecretaris Achahbar:Mevrouw Van Eijk van de VVD vraagt: hoe gaan we medewerkers binnende hersteloperatie voldoende binden en boeien naar de volgende stappenin de hersteloperatie? Ik heb heel veel medewerkers ontmoet binnen dehersteloperatie die echt intrinsiek gemotiveerd zijn om een bijdrage televeren; ook mensen die zelf gedupeerd zijn en vanuit die intentie heelgraag mee willen werken om anderen vooruit te helpen. Het is inderdaadbelangrijk om te blijven investeren om ze binnen boord te houden.Meneer Vlottes vraagt: waarom heeft de Staatssecretaris de schriftelijkevragen van het lid Vlottes over de Bulgarenfraude niet beantwoord? Devraag was om dit voor het debat te doen. De vragen zijn ingediend opdonderdag 1 november. Ze gaan over handhaven in het huidige stelsel. Eris niet direct een raakvlak met de hersteloperatie. Ik zal u zo snel mogelijkde schriftelijke antwoorden doen toekomen over de Bulgaren, de nieuwezaak die bij het OM in onderzoek is.De heer Vlottes (PVV):Wederom wil ik het iets concreter. «Zo snel mogelijk» is nogal rekbaar.De voorzitter:Er gelden termijnen voor het beantwoorden van vragen. Ik ga ervan uitdat de Staatssecretaris die in acht neemt.Staatssecretaris Achahbar:De gebruikelijke termijn is drie weken, dus ik doe het inderdaad binnendrie weken.Een vraag van mevrouw Van Eijk van de VVD. Er ligt een berg aanonderhanden werk. Dit gaat over de moties, denk ik. Er gebeurt inderdaadeen hoop. Op meerdere fronten zijn we continu op zoek naar manierenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144441 om de hersteloperatie beter en sneller vorm te geven. In de voortgangs-rapportage die uw Kamer periodiek ontvangt, rapporteer ik ook over devoortgang. Deze is inderdaad heel breed. Ik neem het mee in de volgendevoortgangsrapportage.Een vraag van de heer Stultiens van PvdA-GroenLinks. Waarom duurt dereactie op de parlementaire enquête Fraudebeleid en Dienstverlening zolang? Nadat het kabinet is aangetreden, heeft het inderdaad de reactieopgepakt. Er zijn heel veel aanbevelingen gedaan. Die verdienen serieuzeaandacht. Dat kost tijd. U ontvangt voor de kerst een reactie.Een vraag over de Rijnmondse Alliantie. Die heeft een 30 puntenplangemaakt. Kan ik daar een reactie op geven? Begin dit jaar heeft deRijnmondse Alliantie het manifest aan mijn voorganger aangeboden. Ikben hiermee bekend. Ik heb haar ook meerdere keren gesproken. Eind meiis formeel onze waardering voor het manifest uitgesproken. Het bevatwaardevolle inzichten. Veel adviezen zijn inmiddels al omgezet in beleid.Sommige bleken niet uitvoerbaar. Dit is ook met de alliantie besproken.Aangezien er al een formele appreciatie is gegeven, lijkt een nieuwe,schriftelijke reactie niet nodig.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Het lastige is dat ze het zelf hier aangaven het in elk geval niet zo ervaren.Ik kan moeilijk beoordelen wie er gelijk heeft, want dat weet ik ook niet.Maar kan het toch bekeken worden? Wat er al ligt is fijn. Dan is het niet zoveel werk om dat nog te sturen. Maar ik zou het wel waarderen als ze hetgevoel hebben dat ze goed gehoord zijn.Staatssecretaris Achahbar:Ik heb binnenkort weer twee contactmomenten met de RijnmondseAlliantie. Ik zal dit dan met ze bespreken en bekijken of we nader tot elkaarkunnen komen op dit punt.Dan heb ik een vraag van het CDA over kinderen met studieleningen bijDUO. In sommige gemeenten moeten jongeren negen maanden wachtenvoor een gesprek over een opleiding. DUO-schulden zijn niet opgelost.Het verzoek aan de Staatssecretaris, aan mij, was: ga naast jongeren staanen zorg ervoor dat ze krijgen wat ze nodig hebben. Het is inderdaad nietde bedoeling dat jongeren lang moeten wachten. Dat is niet oké. Ik hebmet de VNG afgesproken dat ze dan contact opnemen met de gemeenteom te kijken waar het probleem zit en waar extra geholpen kan worden.Vanuit de brede ondersteuning kan de gemeente ook op het vlak vanonderwijs veel. Ik kan dat natuurlijk alleen maar aanmoedigen. Samenmet jongeren verken ik momenteel ook wat zij onder andere op het gebiedvan onderwijs voor hun toekomst nodig hebben om een nieuwe start temaken. Zodra ik hier duidelijkheid over heb, ga ik het delen.De voorzitter:De heer Dijk. U heeft nog interrupties. U wel!De heer Dijk (SP):Ik besef in één keer dat ik mijn eigen bijdrage niet eens een vraag hebgesteld over die DUO-leningen, maar slechts een constatering heb gedaanen twee interruptiedebatjes heb gehad. De vraag is natuurlijk of dezeStaatssecretaris bereid is te zorgen dat de DUO-schulden van kinderenvan het toeslagenschandaal kwijtgescholden worden. Ik noemde net al dereden waarom. Ze zijn vaak ingezet om brood op de plank te krijgen. Ikdenk dat het een van de dingen is die veel vertrouwen erin zou geven dater een overheid is die aan de zijde van mensen staat. Ik merk dat er enigebereidheid in deze Kamer is om dat te doen, dus ik heb eigenlijk dezelfdevraag aan de Staatssecretaris. Is zij bereid om die schulden kwijt teschelden?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144442 Staatssecretaris Achahbar:Volgens mij heeft mijn voorganger uitgebreid hierover gesproken metDUO, met de VNG en met het Ministerie van OCW om te kijken wat demogelijkheden en onmogelijkheden zijn. Het is een complex onderwerp.Waarom is het complex? Als er weer een regeling wordt opgetuigd,hebben we wéér een regeling. Ik zou zo graag gewoon naar de menswillen kijken: wat is hier aan de hand en hoe kunnen we mensgerichtkijken hoe we iemand vooruit kunnen helpen? En als er sprake is vanproblematische schulden of van een problematische situatie, wil ik graagdat we maatwerk leveren om iemand vooruit te helpen. Maar ik denk dateen regeling boven op die bloemkool van regelingen die we al hebben, dehersteloperatie er niet makkelijker of eenvoudiger op maakt. Ik wil heelgraag uitgaan van de mens. Ik wil kijken wat daarmee aan de hand is. Enals daar heel ernstige problemen zijn, wil ik kijken hoe we die persoon danverder kunnen helpen.De heer Dijk (SP):Ik heb hierop een vervolgvraag. Het is bekend dat het in totaal om 106.000kinderen gaat. In totaal, dus alle kinderen die dit toeslagenschandaalbetreft. Daar zit een deel tussen dat inderdaad leningen is aangegaan. Devorige Staatssecretaris zei geregeld: er is geen wettelijke grondslag om inéén keer die DUO-schulden kwijt te schelden. Deze Staatssecretaris zegt:ik wil er best naar kijken maar het moet wel op een soort maatwerkmanierzijn. Dan is mijn allereerste reactie daarop: doe wat nodig is en vraag onswat nodig is om dat voor elkaar te krijgen. Ik zou bijna willen zeggen: vandie 106.000 kinderen kun je via de leeftijd al ongeveer bepalen wie er welof niet in aanmerking zou komen voor een DUO-lening. Bel ze op, ga bij zelangs, inventariseer welke schulden er gemaakt zijn. Dat is ook maatwerk.Kom met een voorstel en scheld de schulden kwijt.Staatssecretaris Achahbar:Ik ben voor maatwerk. Indien uw Kamer dat wenst, ben ik bereid om tekijken wat de aanvullende mogelijkheden zijn om recht te doen aan hetgevoel van onrecht bij de getroffen jongeren die hun gezin met eenstudielening hebben ondersteund. Waarom is het een complex vraagstuk.Er zijn ook jongeren die bijvoorbeeld met hun studie gestopt zijn en diezijn gaan werken om het gezin te ondersteunen. Die hebben geenstudielening afgesloten, maar die hebben ook wel ... Nou ja, het is dus ...Daarom wil ik gewoon naar de mens kijken. Ik wil maatwerk leveren. Ik wilkijken wat er aan de hand is in dit leven en hoe we ervoor kunnen zorgendat diegene weer op de rit komt.De voorzitter:Ten slotte, de heer Dijk.De heer Dijk (SP):Dank voor dit antwoord. Dat snap ik. U zei dat mensen met hun studie zijngestopt om aan het werk te gaan. Ik zei het net al een beetje: oudersvoelen echt wel de solidariteit met kinderen, ook met die van anderen. Hetis niet allemaal meer gelijk te maken; dat is helaas onmogelijk omdat hetal zolang duurt. Maar ik ga er gemakshalve toch even van uit dat we eropkunnen rekenen dat die kinderen die niet een grote DUO-schuld zijnaangegaan, solidariteit ervaren met andere kinderen die nu wel die dikkeschulden hebben. Ik weet dat het ergens glad ijs is, maar ik heb liever datdan dat er nog meer mensen in de ellende blijven zitten.De voorzitter:Ten slotte de Staatssecretaris.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144443 Staatssecretaris Achahbar:Ik blijf bij het antwoord dat ik zojuist heb gegeven.De voorzitter:Ik kijk even naar de commissieleden of er vragen zijn die niet beantwoordzijn in de eerste termijn, met uitzondering van de vragen waarop deStaatssecretaris in de tweede termijn terugkomt: dat zijn dossiers en deBAC. De heer Stultiens twijfelt?De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Het is een vraag naar aanleiding van de laatste reactie over deDUO-schuld. Ik hoor namelijk iets over maatwerk en DUO-schuld. Dangaat bij mij een lampje branden. Dat is namelijk de motie van onszelf ende collega van het CDA van april, waarin we verzoeken om met maatwerkte komen voor DUO-schulden van jongeren. Als het antwoord is dat hetblijft zoals het was, dan moeten we ook geen valse hoop gaan geven. Ofgaat ze nu verder dan hoe de motie toen uitgevoerd was? Dat is welbelangrijk om hier te weten.Staatssecretaris Achahbar:Ook op deze vraag kom ik graag in de tweede termijn terug. Dank u wel.De voorzitter:Dan zijn er geen vragen onbeantwoord gebleven en kunnen we meteendoor naar de tweede termijn. Ik stel anderhalve minuut voor, dus probeerhet kort en bondig te houden. Ik begin bij de heer Ergin.De heer Ergin (DENK):Voorzitter, dank je wel. Ik wil de Staatssecretaris bedanken voor detoezegging op het onderwerp dossiers. Ik kijk ook even naar de voorzitter.Het was niet echt een toezegging zoals we die hier gewend zijn, maar ikzou het wel graag ergens geregistreerd, vastgelegd, willen hebben, wantdit is echt wel een piketpaal die we hier vandaag slaan. Het is een helemooie beweging, maar – ik kijk ook even naar de voorzitter – dat wil ik ookgraag ergens vastgelegd hebben.Voorzitter. Ik heb met een dubbel gevoel geluisterd naar de Staatssecre-taris. Op heel veel vragen kregen wij een wollige beantwoording, maar ophet gebied van dossiers zag ik wel een Staatssecretaris met pit, eenStaatssecretaris die hier echt werk van gaat maken. Dat brengt mijeigenlijk tot de conclusie dat, ondanks dat op alle andere onderwerpen debeantwoording misschien niet heel erg was zoals ik had verwacht, ik dezeStaatssecretaris het voordeel van de twijfel geef. Ik ben zelf ookbestuurder geweest. Ik weet dat het soms tijd kost om in een arena tehandelen. Ik weet dat het soms ook moeilijk is. De voorzitter is ookbestuurder geweest; dat weet ik toevallig. Soms heb je gewoon tijd nodigom je tanden te laten zien. Ik wens de Staatssecretaris daar heel veelsterkte bij.Ik vraag hierbij ook een tweeminutendebat aan om moties in te dienen ennadere voorstellen te doen, ook omdat er een aantal moties zijn – die zijnook al genoemd, zoals de motie-Van Baarle en de motie-Azarkan – dieeigenlijk niet helemaal zijn uitgevoerd. Daar wil ik het nog even met deStaatssecretaris over hebben.Dank je wel.De voorzitter:De heer Vlottes.De heer Vlottes (PVV):Voorzitter, dank u wel. Ook dank voor de beantwoording. Ik vond debeantwoording soms ook een beetje breed en ook wollig, zeg maar. TochTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144444 begrijp ik dat de Staatssecretaris wat tijd nodig heeft om het een en andervorm te geven. Ik heb het begin van de beantwoording gemist – want toenwas ik er niet, waarvoor mijn excuses – dus daar wil ik even rustig overnadenken, maar ik zit toch nog met wat dingen ten aanzien van het totaleherstel. Ik ben ook blij dat er een tweeminutendebat is aangevraagd. Ik kijkook uit naar de beantwoording in de tweede termijn over de BAC en hetopenbaren van dossiers.Daar laat ik het voor nu even bij. Voorzitter, dank u wel.De voorzitter:Mevrouw Heite.Mevrouw Heite (NSC):Dank u wel, voorzitter. Ik zal even iets uitgebreider gebruikmaken van dezetweede termijn. In ieder geval eerst ook hartelijk dank voor de uitleg. Maarik wil toch nog bijna een soort van herhaling doen en ook input meegevenvoor het gesprek dat de Staatssecretaris heeft toegezegd aan te gaan metde Stichting (Gelijk)waardig Herstel. Daarbij wil ik het volgende aangeven.Het gaat vandaag uiteraard niet om Groningen, maar ik wil een beetje innavolging van de heer Vijlbrief ook graag vanuit mijn ervaring daar eenaantal zaken meegeven aan de Staatssecretaris, zodat we leren van foutendie daar zijn gemaakt en de successen die daar zijn gerealiseerd. Er zijnnamelijk vele overeenkomsten met het toeslagendossier.Ook in Groningen was de zaak volledig vastgelopen. De toenmaligeNationaal Coördinator Groningen, Hans Alders, zei het heel treffend.Vertrouwen komt te voet en gaat te paard, en hier hebben de paarden welheel hard gelopen. Ook in Groningen was het een overheidsfalen vanongekende proporties, maar uiteindelijk is wel de moeizame weg omhoogbegonnen. Een van de belangrijkste oorzaken hiervan – dat heb ik gisterenook al gezegd – is het feit dat toenmalig Staatssecretaris Vijlbrief naarGroningen toe ging, een blijvende dialoog in de vorm van gesprekken metgedupeerden en andere belanghebbenden aanging en pal voor deGroningers ging staan. Hij ging pal voor de Groningers staan. Ook inGroningen deden verhalen de ronde dat er misbruik werd gemaakt van deregelingen die hij instelde. Maar hij had de moed om vol te houden. Hijdeed een moreel appel op mensen om daar geen misbruik van te maken,maar ging door op de ingeslagen weg, omdat het de enige weg vooruitwas die de gedupeerden weer perspectief gaf, licht aan het eind van detunnel. Daarmee werden er kleine stapjes gezet om het vertrouwen teherstellen, een weg van de lange adem. Ik heb me de afgelopen periodevaak afgevraagd hoe gedupeerde ouders zich voelen als er weer eenartikel verschijnt waarin vraagtekens worden gezet bij de Stichting(Gelijk)waardig Herstel. Er zouden te hoge bedragen worden uitgekeerdzonder een zorgvuldig controlemechanisme. Daarmee worden ook deouders dus wéér gewantrouwd.Voorzitter. Natuurlijk moeten we zorgvuldig omgaan met belastinggeld,maar ik vind het onbegrijpelijk dat een methode wordt ondermijnd die kanrekenen op brede steun van de Kamer, die is uitgedacht door velespecialisten, die het vertrouwen geniet van de gedupeerde ouders, dieaantoonbaar vaart maakt en helpt om een streep te kunnen zetten onderde financiële afhandeling, zodat gedupeerden daarna pas echt kunnentoekomen aan echt herstel. Daarvoor moet dat eerst zijn gedaan. NSC wildus vertrouwen uitspreken in de gekozen route met deze spoedcom-missie, en wil daarbij aangeven dat het echt van belang is dat er gekekenwordt naar die integrale oplossing, dat de mens centraal komt te staanmet specifiek aandacht voor de jeugd.Dank u wel.De voorzitter:Mevrouw Inge van Dijk.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144445 Mevrouw Inge van Dijk (CDA):Dank je wel, voorzitter. Organiseer een oplossing waarbij de ouders temaken hebben met één loket waar ouders hun verhaal doen en waargeluisterd wordt door degenen die herstel moeten bieden, en waar met deouders gewerkt wordt aan één voorstel voor financieel herstel, emotioneelherstel, brede ondersteuning en de schulden, en doe dit op een locatie inde buurt van de ouders, regionaal dus. De Staatssecretaris geeft aan ooknaar dit ene loket toe te willen en dat vind ik echt goed nieuws. Ik snapook dat we daar vandaag niet zijn en dat we daar morgen ook niet zijn,maar ik wil de Staatssecretaris echt vragen om ons continu te blijvenvragen wat ze nodig heeft aan druk, moties en noem maar op om tezorgen dat we daar echt snel gaan komen, want we kunnen gewoon nietmeer wachten. Dan heb ik nog de vraag – maar misschien heeft ze daar nunog geen antwoord op – of dit een overheidsloket is, ja of nee.Dan een onderwerp waar wij het eigenlijk al een aantal debatten niet meerover hebben gehad, maar waar ik net in een schorsing wel terecht overwerd aangesproken. Dat zijn de uit huis geplaatste kinderen. Ik denk dathet goed is dat we daar ook weer een keer goed over bijgepraat worden,misschien beginnend met een brief over de actuele status daarvan, zodatwe dat de volgende keer bij een debat kunnen betrekken.Het is belangrijk dat de Staatssecretaris stappen wil zetten in dossiers.Ook hier is de vraag om ons actief op de hoogte te houden van wat er nugebeurt en wat de resultaten daarvan zijn.Tot slot dan de kinderen, want ik hoor toch een tegenstrijdigheid. Innovember krijgen kinderen een herinneringsbrief, eventueel een flyer,maar een van de jongeren gaf gisteren heel nadrukkelijk aan: «Maar datwerkt nou juist niet. Ik wil gewoon iemand die aan mij vraagt: hoe gaathet nou eigenlijk met je? Wat heb jij nodig?» We zeggen dat we naar eenmaatwerkoplossing toe willen, maar we kunnen natuurlijk geen maatwerkleveren als we kinderen niet spreken. Mijn echte oproep is: laat ze niet los,ga ze proactief benaderen en zorg dat we in dat gesprek met ze inderdaadmaatwerk gaan leveren. Want zoals het nu gaat, met brieven en herinne-ringen sturen, werkt het gewoon niet bij die jongeren.Dank je wel, voorzitter.De voorzitter:De heer Vijlbrief.De heer Vijlbrief (D66):Voorzitter, heel kort. Ik heb het volle vertrouwen in de intenties van deStaatssecretaris, maar ik denk wel dat het haar zou helpen als ze ons haarlaat helpen. Met andere woorden: geef ons nou de kracht en de ruimte omde Staatssecretaris te helpen met moties, met wat dan ook. Want een vande dingen die ook bij Groningen veranderde, was dat ik – de Kamercom-missie is daar heel belangrijk in geweest – continu door de collega’sachter de vodden werd gezeten om dingen te doen. Dat zullen we bij uook gaan doen. Dat is dus niet slecht bedoeld; het is eigenlijk alleen maargoed bedoeld. Maar het zou gewoon helpen als we steeds concreet ...Even kort: wat mij opvalt in de paar maanden hier, is dat de Kamer nogaleens denkt dat als er een motie wordt ingediend, er dan ergens bij deoverheid een wissel wordt omgezet en die direct wordt uitgevoerd. Maarde overheid is een mammoettanker. Dat weten die ouders daar heel goed.Het duurt allemaal lang. Het gaat allemaal moeizaam. Probeer ons nou tegebruiken om u te helpen om hen te helpen. Dat is volgens mij mijnoproep. Als daar geld voor nodig is, gebruik ons dan als breekijzer richtinghet Ministerie van Financiën. We gaan gewoon helpen.Dank u wel.De voorzitter:Mevrouw Rikkers.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144446 Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Dank u wel, voorzitter. Ook ik wil heel graag de Staatssecretaris bedankenvoor de inzet die ze nu doet en de beantwoording van alle vragen. Hetblijft lastig. Dat ligt niet aan de Staatssecretaris. Dat ligt gewoon aan hethele proces. Ik zou heel graag willen dat u de uitkomst van het gesprekmet de BAC kan samenvoegen met de brief die u gaat sturen over SGH enwat daar concreet uit komt, zodat we dat nog in december, in hetcommissiedebat dat we met z’n allen gaan aanvragen, kunnen bespreken.U heeft terecht benoemd dat wij de afgelopen dagen heel veel tegen-strijdige verhalen hebben gehoord. Die heb ik inderdaad ook gehoord.Maar ik heb één hele grote rode draad gehoord en dat is: «Luister naar demensen. Stel mensen vragen. Stop met lezen in dossiers. Stop metmensen zien als een nummertje.» Ik weet dat u dat persoonlijk niet doet,maar ik weet ook dat het in processen vaak zo werkt. Ik heb vroeger alsboekhouder geleerd: vertrouwen is goed, maar controleren is veel beter.Ik weet ook dat het Ministerie van Financiën grotendeels uit boekhoudersbestaat. Die hebben dat ook geleerd. Maar ik heb vroeger ook iets andersgeleerd. Ik kreeg te horen: «Doe iets. Regel iets. Stel mensen niet teleur.»Dat is mijn opdracht.Dank u wel.De voorzitter:De heer Dijk.De heer Dijk (SP):Dank u wel, voorzitter. Ik wil nog een paar dingen zeggen. Sommigedingen zijn al gezegd, maar ik herhaal ze toch even. De Staatssecretariszou in tweede termijn met een globale inschatting komen van wanneer deuitspraken over de dossiers er ongeveer zullen zijn. Ik zeg nogmaals: doeeen beroep op de Kamer om vervolgens te doen wat nodig is.Hetzelfde geldt voor de DUO-schulden. Daar zou u ook in tweede termijnnog even op terugkomen. U had het over aanvullende maatregelen enmaatwerk. In het verlengde van wat de heer Stultiens zei, zeg ik: er is aleen motie over maatwerk en DUO-schulden aangenomen. Ik denk dat weeen stap verder moeten zetten. Ik ben benieuwd hoe de Staatssecretarisdaar in tweede termijn op reageert, want anders moeten we toch alsKamer met een voorstel komen, denk ik.Dan de Stichting (Gelijk)waardig Herstel. U zou terugkomen op desuccesblokkades. Volgens mij is dat goed. U gaat ook in gesprek met destichting. Volgens mij is dat goed, want dat was ook een van de puntendie naar voren kwam.Ik ben het eens met wat mevrouw Van Dijk zei: we moeten het op vrijkorte termijn weer een keer hebben over de uit huis geplaatste kinderenen hoe het daar nu mee zit. Het persoonlijke contact met de kinderen isvolgens mij echt heel erg noodzakelijk. Dat hebben we gisteren ook weereen aantal keer gehoord.Tot slot: gebruik de Tweede Kamer inderdaad waar nodig als breekijzer.Daarbij wil ik ook zeggen: gebruik alle welwillende mensen die wij hier deafgelopen tijd over de vloer hebben gehad en waar wij op bezoek zijngeweest. Er zijn zo veel welwillende mensen die ons en die mijbenaderen. Gebruik hen als breekijzer als het even niet lukt.De voorzitter:De heer Stultiens.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Dank u, voorzitter. Ik zit hier met gemengde gevoelens. Het positieve is– dat is best verrassend – dat we als Kamer een keer best eensgezind zijn.Ik vond zelfs de bijdrage van de VVD goed. Morgen bespreken we hetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144447 Belastingplan en dan zal het heel anders zijn – dat weet ik wel zeker –maar het is mooi om te zien dat het dus best kan.Voor de Staatssecretaris geldt inderdaad dat zij goede bedoelingen engoede intenties heeft. Dat zien we allemaal, denk ik. Het probleem is weldat de problemen van de ouders te groot zijn voor alleen goede bedoe-lingen en intenties. Het is toch vervelend en ook wel onbevredigend om tezien waar we nu staan nadat we een halfjaar geleden, voor de zomer, eendebat hebben gevoerd over gelijkwaardig herstel. Er is weer een pilot vanzes weken en we wachten op de reactie. Dat vind ik gewoon onbevre-digend. Hetzelfde geldt voor de motie over de BAC. Het is ook zonde vanonze eigen spreektijd en interrupties, want daardoor kunnen we geenandere onderwerpen benadrukken. Eigenlijk moet ik nu mijn tijd bestedenaan niet-uitgevoerde moties. Dat is op zijn zachtst gezegd vervelend.Het tweede punt dat ik wil noemen, is dat de Staatssecretaris een nieuwecommissie in het leven gaat roepen. Een van de argumenten daarvoor isdat aanbevelingen vaak niet worden opgevolgd. Dat herken ik enorm. Datwil ik graag meenemen in de reactie op dit rapport. Ik hoop dat allenegentien aanbevelingen inderdaad worden opgevolgd. Dat zullen wevoor de kerst gaan zien.Tot slot gaan we als Kamer natuurlijk weer over tot de orde van de dag,maar zoals een van de ouders deze week zei: voor ons is deze herstelope-ratie elke dag aan de orde. Dat moeten we niet vergeten.De voorzitter:Dank u wel. Ik heb daar niets aan toe te voegen in de tweede termijn.Staatssecretaris, kunnen we meteen door met de tweede termijn of heeftu even een schorsing nodig?Staatssecretaris Achahbar:Ik heb helaas wel heel even een schorsing nodig van tien minuten.De voorzitter:Oké, tien minuten. Ik schors tot 18.40 uur.De vergadering wordt van 18.31 uur tot 18.42 uur geschorst.De voorzitter:Ik wil graag de Staatssecretaris het woord geven voor haar tweedetermijn.Staatssecretaris Achahbar:Dank u wel, voorzitter. Ik zal beginnen met het beantwoorden van devragen die nog zijn blijven liggen voor de tweede termijn.Wanneer gaan we iets merken van de dossiers? Wanneer gaan ouders ietsmerken? Op welke termijn kunnen er stappen verwacht worden? Zoalsgezegd, pak ik dit met grote urgentie op. Ik ga dus inderdaad direct dietwee controlestappen schrappen. Ik ga advies vragen aan de AutoriteitPersoonsgegevens en aan een externe jurist over het ongelaktverstrekken. Ik verwacht dat het schrappen van de controlestappen zalleiden tot een forse versnelling. Ik kan u in ieder geval toezeggen dat ik uin de volgende voortgangsrapportage zal informeren over de effecten. Ukunt ervan op aan dat ik dit echt met grote urgentie oppak. Ik vind hetgewoon een belangrijk onderwerp.Dan nog een vraag van mevrouw Van Eijk van de VVD. Waarom mag jeniet naar de BAC als je bezwaar gegrond is verklaard? Als je een bezwaarhebt ingediend en het bezwaar gegrond wordt verklaard, dan heeft deBAC eigenlijk juridisch geen toegevoegde waarde meer. Zoals u algehoord heeft en kunt lezen in de voortgangsrapportage, is de capaciteitvan de BAC echt heel schaars. Daarom proberen we gewoon echt in teTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144448 zetten op de bezwaren waarbij wel inhoudelijk de diepte in moet wordengegaan en waarover nog discussie is of het bezwaar wel of niet gegrondis.Dan heb ik nog een vraag. Hoe is er opvolging gegeven aan de motie-Stultiens/Van Dijk over de BAC? Waarom ga ik niet in gesprek over denadelige gevolgen? Volgens mij heb ik toegezegd dat er in gesprek wordtgegaan met de BAC, dat hiervan inderdaad verslag wordt gedaan en datdat samengevoegd zal worden met het verslag van de SGH. Dat gebeurtvoor de kerst. Het wordt een drukke kerst!Dan nog een openstaande vraag over de DUO-leningen, dus de studiele-ningen. Ik heb inderdaad gezegd dat ik het belangrijk vind dat ermaatwerk komt, dat je de mens centraal stelt en dat je kijkt naar de mens.Ik wilde in ieder geval voorstellen om aan de spoedadviescommissie tevragen om tegen het licht te houden wat de uitvoeringsproblematiek is enwat dit voor de uitvoering kan betekenen, ook gezien het feit dat we dejongeren daarin gaan betrekken en dat we gaan bekijken hoe we dejongeren vooruit kunnen helpen. Ik denk dus dat dit ook een belangrijkonderwerp is om daarin mee te nemen. Dit zal dan op een later momentterugkomen.Dat zijn volgens mij de vragen die zijn blijven liggen. Ik kijk nog even rond.Dan wil ik u bedanken voor het goede en belangrijke ... O.De voorzitter:Mevrouw Rikkers, heeft u een verduidelijkingsvraag?Mevrouw Rikkers-Oosterkamp (BBB):Ja. De Staatssecretaris heeft het over de volgende voortgangsrapportage.Even voor mijn beeld: wanneer komt die?Staatssecretaris Achahbar:Die komt in februari.Dan wil ik u bedanken voor dit gesprek. We hebben veel besproken. Debloemkool is volgens mij bijna helemaal besproken. Het is een complexehersteloperatie. Het is op heel veel punten emotioneel, zwaar en lastig,maar ik ben dit werk gaan doen omdat ik de ouders wil helpen en omdatik jongeren perspectief wil geven. Ik vind het fijn om te horen dat u mijdaarbij wilt helpen, maar ik wil ook in gesprek met de ouders en metiedereen die hier een positieve bijdrage aan kan leveren. Ik geloof ernamelijk echt in dat het een maatschappelijke opgave is om dit vooruit tehelpen, en om ervoor te zorgen dat iedereen zo goed mogelijk geholpenwordt om weer perspectief te krijgen en om iets moois te maken van hetleven.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, Staatssecretaris.We zijn aan het einde gekomen van deze vergadering. Ik neem met u allennog even de toezeggingen door die zijn gedaan tijdens het commissie-debat.–Aan de hele commissie: de Staatssecretaris zal de Kamer het Beren-schotrapport over de CWS zo spoedig mogelijk toezenden.–Aan het lid Inge van Dijk: de Staatssecretaris zal de reactie op hetadvies van de CWS en de vergelijkbaarheid met de SGH eind dit jaaraan de Kamer toezenden.–Aan het lid Stultiens en het lid Vijlbrief: de Staatssecretaris zal tenaanzien van de elf succesblokkades die zijn aangegeven door de SGHde Kamer voor het kerstreces schriftelijk informeren over wat deStaatssecretaris met de blokkades gaat doen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144449 –De Staatssecretaris zal tevens met de SGH in gesprek gaan en deKamer voor het kerstreces schriftelijk informeren over dit overleg doormiddel van een verslag.–Aan het lid Ergin: de Staatssecretaris zal de Kamer nader informeren inde volgende voortgangsrapportage over de verbetering in hetbeschikbaar stellen van dossiers en het mogelijk ongelakt ter beschik-king stellen van dossiers.–Aan het lid Stultiens: de Staatssecretaris zal met de BAC in gesprekgaan over een oplossing voor het raadplegen van de BAC op grondvan de ingediende motie, en de Kamer schriftelijk informeren voor hetkerstreces.–Aan het lid Vijlbrief: de Staatssecretaris zal met de VNG in gesprekgaan over de brede ondersteuning en de Kamer nader informeren.–Aan het lid Vlottes: de Staatssecretaris zal de schriftelijke vragen vanhet lid Vlottes binnen drie weken beantwoorden.Mevrouw Heite (NSC):Ik mis twee toezeggingen die gedaan zijn aan mij. De eerste is dat ik hebgevraagd en toegezegd heb gekregen dat wij als commissie wordenbetrokken door de spoedcommissie. De tweede gaat over de rondetafel-setting, namelijk dat wij in gesprek gaan als de uitkomsten van despoedcommissie er zijn. Dat zijn twee toezeggingen die aan mij zijngedaan.De voorzitter:Die laatste twee betreffen punten die wij als commissie onder elkaar in deprocedurevergadering verder kunnen bespreken en afstemmen. Dus ikzou ze daar laten terugkomen, ervan uitgaande dat de Staatssecretaris ernatuurlijk aan zal meewerken. Maar het hoort formeel wel bij decommissie thuis.De heer Ergin (DENK):Volgens mij mis ik ook een toezegging, niet aan mij maar aan een collega,over een reactie op de 30 voorstellen van de Alliantie Rijnmond. Ik weetniet aan wie die toezegging gericht was, maar daar was volgens mij weleen toezegging over gedaan.De voorzitter:Ja, de Staatssecretaris heeft die toezegging volgens mij gedaan.De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):Er is toegezegd dat de Staatssecretaris twee keer met hen zal spreken dekomende tijd. Dan gaat ze het aankaarten. Formeel is het geen toezegging,want er komt geen brief over. Maar we gaan ervan uit dat ze het goedbespreekt. We vertrouwen erop dat het gewoon wordt uitgevoerd.De voorzitter:Ik mag ervan uitgaan dat het in de voortgangsrapportage ergens eenplekje zou kunnen krijgen.Dan zijn we aan het einde gekomen van deze vergadering. Ik dankiedereen voor de aanwezigheid, met name ook de mensen op de publieketribune. Ik dank u dat u het weer heeft uitgezeten en ons heeft willenaanhoren. Ik zou zeggen: tot een volgende keer. Eigenlijk hoop ik niet datik u nog heel vaak moet zien, maar er zal ongetwijfeld een vervolg aangegeven worden.Sluiting 18.51 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 066, nr. 144450

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · da74ae5b6f5d669f

14 okt 2026 · 696ab0a85c54f2b7

Gerelateerde bronnen

  • Besproken tijdens · Officiële koppelingHersteloperatie kinderopvangtoeslag
    Verslag van een commissiedebat, gehouden op 7 november 2024, over Hersteloperatie kinderopvangtoeslag

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.