KamerkringInloggen
Kamerbrief

Verslag informele bijeenkomst van EU-transportministers d.d. 3-4 april 2024

26 apr 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 651dabc107e1dbe4 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202421 501-33Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en EnergieNr. 1065 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 26 april 2024Hierbij bied ik u, mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur enWaterstaat, het verslag aan van de EU-Transportraad d.d. 3–4 april 2024.De bijeenkomst stond hoofdzakelijk in het teken van de verduurzamingvan de transportsector. De bijeenkomst begon met een gedachtewisselingover de vergroening van het transport, gevolgd door een sessie overactieve mobiliteit en fietsen, waarna de Raad, het Europees Parlement ende Europese Commissie een fietsverklaring hebben ondertekend.1Daarnaast werd er gesproken over spoorverbindingen tussen Europesesteden, met daarbinnen specifiek aandacht voor nachttreinen en multi-modale ticketsystemen. Tot slot vond er een inter-institutionele sessieplaats met vertegenwoordigers van de EU-lidstaten, het EuropeesParlement, derde landen en de Europese Commissie.Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,M.G.J. Harbers1EUR-Lex – 32024C02377 – EN – EUR-Lex (europa.eu) kst-21501-33-1065ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-33, nr. 10651 Verslag informele bijeenkomst van EU-transportministers d.d.3–4 april 2024 Vergroening van TransportHet Belgisch voorzitterschap agendeerde een open discussie over devergroening van de transportsector. Het voorzitterschap gaf aan datondanks de klimaatdoelstellingen en de ambitieuze maatregelen die al zijngenomen, de transportsector de enige sector van de Europese economieis die er tot nu toe nog niet in is geslaagd de uitstoot van broeikasgassente verminderen.Het voorzitterschap, alsook veel andere lidstaten, benadrukte de urgentievan het decarboniseren van de transportsector om de klimaatdoelstel-lingen te halen. Dit stimuleert innovatie en economische groei volgensdeze lidstaten. Sommige lidstaten vroegen hierbij nadrukkelijk aandachtvoor het concurrentievermogen van de EU. Veel lidstaten onderstreeptenhet belang van actieve mobiliteit en de elektrificatie van voertuigen.Sommige lidstaten spraken zich echter kritisch uit over de elektrificatievan voertuigen in het licht van de schaarste aan de benodigde kritiekematerialen hiervoor. Ook onderstreepte een aantal lidstaten het belangvan het hanteren van technologische neutraliteit. Veel aanwezigenbenadrukten het belang van de modal shift, waarbij per sector gekekenmoet worden welke maatregel het meest effectief is om de groenetransitie te bewerkstelligen. Naast financiering speelt ook het creëren vanmaatschappelijk draagvlak voor deze vergroening een belangrijke rol.Nederland benadrukte het belang van de verduurzaming van bedrijfsvoer-tuigen en de vergroening van zee- en binnenvaart. Daarnaast gafNederland aan dat er meer Europese fondsen gebruikt moeten wordenvoor de financiering van de verduurzaming, en ook is het van belang dater opvolging wordt gegeven aan verduurzamingsprogramma’s zoalsNAIADES en PLATINA. Tot slot gaf Nederland aan dat er meer aandachten synergie moet gaan naar CEF/TEN-T havens als hub voorhernieuwbare brandstoffen.De Europese Commissie concludeerde dat het de EU gelukt is omvooruitgang te boeken op het gebied van de verduurzaming vantransport, onder andere door koolstofprijsstelling, het herziene ETSsysteem, en de optimalisatie van transport en logistiek. Echter, volgens deCommissie is er nog veel werk te verrichten en zijn er nog veel knelpuntendie de verduurzaming van de transportsector verhinderen. Zo moetenaanpassingen aan de infrastructuur het mogelijk maken om over testappen op duurzame mobiliteit.Actieve mobiliteit en fietsenHet voorzitterschap organiseerde voorts een discussie over actievemobiliteit en fietsen. Verscheidene lidstaten presenteerden hun nationaleinitiatieven op het gebied van actieve mobiliteit en fietsen.Veel lidstaten verwelkomden de agendering van dit thema door hetvoorzitterschap. Een groot aantal lidstaten gaf aan dat er een fietsecosysteem ontwikkeld moet worden om de modal shift te bewerkstel-ligen. De aanwezigen gaven aan dat er een duidelijk momentum is om hetfietsbeleid te bevorderen, wat ook bleek uit de nationale fietsplannen enstrategieën die verschillende lidstaten recentelijk hebben gelanceerd ofopgesteld. Hieruit werd duidelijk dat veel lidstaten ambitieuze doelstel-lingen hebben ten behoeve van de bevordering van de fietsinfrastructuur.De lidstaten benadrukten dat het belangrijk is om samen te werken opTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-33, nr. 10652 lokaal en nationaal niveau, en dat fietsinfrastructuur een integraalonderdeel moet zijn van de ruimtelijke ordening. Tevens onderstreeptenverschillende lidstaten het belang van kennisuitwisseling tussen lidstatenen reageerden alle aanwezigen positief op de Europese Fietsverklaring.Deze verklaring pleit voor de bevordering van fietsen als duurzaamvervoersmiddel en het stimuleren van fietsvriendelijke infrastructuur in deEU.In haar interventie deelde Nederland een aantal succesvolle fietsvoor-beelden en -initiatieven, waaronder het CycleOn programma, het CyclingAmbassadors programma en de Citydeal: Space for Walking. Met dezevoorbeelden onderstreepte Nederland de link tussen het gebruik van defiets en toegankelijkheid, klimaat, gezondheid en leefbaarheid, in zowelverstedelijkte als landelijke gebieden. Tot slot sprak Nederland steun uitvoor de Europese fietsverklaring.De Commissie concludeerde dat er veel consensus is over het belang vanfietsbeleid en over de Europese Fietsverklaring. De Commissie benadruktenogmaals het belang van fietsen ten behoeve van de klimaatdoelstel-lingen, waaronder de verbetering van de luchtkwaliteit. Daarnaastbenadrukte de Commissie het economische aspect van de fietsindustrie,en gaf aan dat dit tot 1,3 miljoen banen kan opleveren en 1,2 miljard eurokan opleveren voor het BBP.Spoorverbindingen tussen Europese stedenHet voorzitterschap organiseerde een sessie over spoorverbindingentussen Europese steden. De sessie bestond uit twee centrale thema’s,namelijk de bevordering van nachttreinen en het ontwikkelen van eenmultimodaal ticketsysteem. Militaire mobiliteit in het kader van degeopolitieke situatie werd ook aangehaald als belangrijk thema tijdensdeze sessie.De Commissie benadrukte dat de herziening van de TEN-T verordening zalhelpen een spoornet van hoge kwaliteit in Europa te realiseren. DeCommissie riep tevens op tot een ambitieuze algemene oriëntatie rond deverordening capaciteit spoorweginfrastructuur2 tijdens de volgendeTransportraad in juni.Veel lidstaten onderstreepten het belang van internationale (nacht)trein-verbindingen en een aantal van hen gaven voorbeelden van recentepositieve nationale ontwikkelingen en nieuwe internationale verbindingendie zijn opgestart. Tevens meldde een aantal lidstaten te zien dat de vraagnaar spoorcapaciteit in hun land aan het toenemen is. Een aantal lidstatenlegde – in het verlengde van de eerste sessie – een link tussen het belangvan betere spoorverbindingen in de EU en de verduurzaming van detransportsector. Daarnaast benadrukten een aantal lidstaten tevens hetbelang van militaire mobiliteit in het kader van de huidige geopolitiekesituatie. Effectieve spoorverbindingen kunnen immers een belangrijke rolspelen in de leveringszekerheid aan derde landen, waaronder Oekraïne.In het kader van nachttreinen spraken veel lidstaten steun uit voor debevordering van de nachttreinverbindingen. Een aantal lidstaten gavenblijk hier al concrete projecten voor opgezet of gerealiseerd te hebben.Een aantal lidstaten signaleerde echter aan dat hier een uitdaging voorhen ligt wegens het gebrek aan rollend materieel3 en/of financiële2COM (2023) 443, Kamerstukken II 2023–2024, 22 112, nr. 38223Zoals bijvoorbeeld wagons of locomotieven.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-33, nr. 10653 middelen. Daarnaast gaf een aantal lidstaten aan prioriteit te geven aanhet realiseren of versterken van de spoorverbindingen met derde landen4.Er was consensus over het belang van een effectief ticketsysteem metdaarbinnen duidelijke Europese standaarden. Daarnaast werd erbenadrukt dat de capaciteitsstrategieën van de verschillende lidstaten opelkaar moeten worden afgestemd.Via haar interventie sprak Nederland steun uit voor (nieuwe) nachttreinini-tiatieven en gaf een aantal voorbeelden van nieuwe opgestarte nachttrein-verbindingen. Tevens benadrukte Nederland het belang van een snelleuitrol van een efficiënt ticketsysteem. In vergelijking met vliegtickets looptde ontwikkeling van een systeem voor treintickets immers erg achter. Tenbehoeve van een goed werkend ticketsysteem voor internationaletreinreizen onderstreepte Nederland het belang van voldoende beschik-baarheid van relevante data en het hanteren van een gemeenschappelijkestandaard voor de aankoop van internationale treinkaartjes. Daarnaast gafNederland aan te pleiten voor voldoende toegang en redelijkevoorwaarden voor derde partijen om internationale treintickets te kunnenverkopen. Een belangrijk onderdeel daarvan is het garanderen vanconsumentenrechten zoals dat bijvoorbeeld ook in de luchtvaart het gevalis.De Commissie concludeerde dat de bereidheid van de lidstaten om dekwaliteit van het spoorvervoer tussen Europese steden te vergroten, grootis. De Commissie wees op een aantal plannen die al gestart zijn,waaronder het voorstel capaciteit spoorweginfrastructuur, en riep delidstaten op om zich constructief op te stellen in de afronding van ditvoorstel. Het Belgisch voorzitterschap gaf aan in te zetten op eenalgemene oriëntatie voor de voorstellen gecombineerd vervoer encapaciteit spoorweginfrastructuur voor de Transportraad in juni.Weerbaarheid van het Europees TransportnetwerkSamen met het Europees Parlement, de Europese Commissie en derdelanden behandelden de lidstaten tijdens deze inter-institutionele sessie devraag hoe de veerkracht van transportnetwerken kan worden versterkt inhet kader van de geopolitieke situatie en klimaatverandering. Tijdens dezesessie was er veel aandacht voor de Connecting Europe Facility (CEF).Veel lidstaten wezen op het belang van de CEF op dit moment alsook in detoekomst, aangezien de CEF heeft bijgedragen aan de realisatie vanverscheidene grote projecten.Veel lidstaten onderstreepten de noodzaak om infrastructuur voldoendeweerbaar te maken voor invloeden van klimaatverandering, alsook voorde geopolitieke onrust. Militaire mobiliteit werd ook in deze sessie eenbelangrijk thema en een aantal lidstaten riepen op om militaire mobiliteitop de agenda te houden en rekening te houden met dual use (zowel civielals militair) in de uitbouw van de infrastructuur. Een aantal aanwezigenbenadrukten dat de nieuwe CEF aangepast moet worden aan de huidigegeopolitieke situatie. Deze oproep kwam met name vanuit zuid- en oostEuropese lidstaten en de aanwezigen derde landen.Veel aanwezigen riepen op in de komende CEF-periode voldoendefinanciering te voorzien. Hiervoor kan er tevens gekeken worden naaralternatieve wijzen van financiering, waaronder private investeringen.4Derde landen zijn landen die geen lid zijn van de EU.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-33, nr. 10654 Derde landen bedankten de EU voor de financiële steun voor projecten inde regio’s en benadrukten zich te blijven inspannen voor het verbeterenvan verbindingen met de EU. Een aantal derde landen, waaronderOekraïne, gaven aan dat de infrastructuur in en naar Oekraïne er slechtaan toe is, en pleitten voor herstel en/of verbetering.Het Belgisch voorzitterschap concludeerde dat financiering de kern vormtbinnen deze weerbaarheidsdiscussie. De Commissie sloot zich aan bij deconclusie van het Belgisch voorzitterschap en riep de lidstaten op zichgezamenlijk te blijven inspannen voor het weerbaarder maken van hetEuropese transportnetwerk. Het is hiervoor van belang om de dialoogopen te houden, ook met derde landen die bij deze sessie aanwezigwaren.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-33, nr. 10655

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · b68fe5b9b0d8085b

14 okt 2026 · 81e5a604b2cc636a

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.