KamerkringInloggen
Kamerstuk

Gewijzigd amendement van het lid Van Raan ter vervanging van nr. 23 over gedifferentieerde verhoging van de vliegbelasting naar klasse en afstand

16 okt 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 647ac6c5a19e737c · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024 36 418Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2024) Nr. 25 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN HET LID VAN RAAN TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 23 Ontvangen 16 oktober 2023 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: Aan artikel XXIII wordt een onderdeel toegevoegd, luidende: GArtikel 77 komt te luiden: Artikel 77 1. Het tarief bedraagt:a. per passagier in de laagste reisklasse:1º. € 26,43 voor vluchten van minder dan 750 km in afstand;2º. € 50,72 voor vluchten van tussen de 750 km en 2.500 km in afstand;3º. € 75,00 voor vluchten van tussen de 2.500 km en 6.000 km in afstand;4º. € 150,00 voor vluchten van meer dan 6.000 km in afstand;b. per passagier in de overige reisklassen:1º. € 79,29 voor vluchten van minder dan 750 km in afstand;2º. € 152,15 voor vluchten van tussen de 750 km en 2.500 km in afstand;3º. € 225,00 voor vluchten van tussen de 2.500 km en 6.000 km in afstand;4º. € 450,00 voor vluchten van meer dan 6.000 km in afstand. 2. Bij op voordracht van Onze Ministers vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de wijze waarop voor de toepassing van de tarieven, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, de reisklasse en afstand worden vastgesteld. 3. In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, bedraagt het tarief per passagier, indien het vliegtuig een startgewicht heeft van meer dan 4.000 kilogram en plaats biedt aan minder dan 19 passagiers:1º. € 132,15 voor vluchten van minder dan 750 km in afstand;2º. € 253,58 voor vluchten van tussen de 750 km en 2.500 km in afstand;3º. € 375,00 voor vluchten van tussen de 2.500 km en 6.000 km in kst-36418-25ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 418, nr. 251 afstand;4º. € 750,00 voor vluchten van meer dan 6.000 km in afstand. Toelichting Met dit amendement wordt per 1 januari 2025 de vliegbelasting verhoogd, gedifferentieerd naar klasse en afstand volgens voorbeeld van het Verenigd Koninkrijk. De verhoging van de vliegbelasting in 2023 is een veel te kleine stap in de goede richting. De vastgestelde tarieven zullen weinig mensen aanzetten tot het kiezen van een meer duurzaam vervoermiddel en zijn bovendien slechts een zeer beperkte weergave van de daadwerkelijke maatschappelijke kosten van het vliegverkeer. Op dit moment is het voorstel om pas in 2025 te evalueren wat het effect is geweest van de verhoging van de vliegbelasting. De huidige Miljoenennota1 gaat nu al uit van € 710 miljoen als opbrengst voor 2024. Dit is ruim 5% meer dan CE Delft2 initieel had ingeschat, in het gunstigste scenario van economische groei. Het herstel van de luchtvaart na de coronapandemie gaat sneller dan verwacht, zelfs na de verhoging van vliegbelasting. Uit onderzoek uitgevoerd door de IBO werkgroep3 zijn enkele scenario’s uitgewerkt. Hun voorstel is om het tarief te differentiëren naar afstand. Dit amendement combineert dat voorstel met een differentiatie naar klasse. Het Verenigd Koninkrijk heeft een vergelijkbaar tariefstructuur, waar dit al in 2018 succesvol is ingevoerd. De voorgestelde tarieven liggen in lijn met het IBO voorstel, en zijn als volgt: Regionaal <750 km Europees <2.500 km Intercont. <6.000 km Globaal > 6.000 km Basis tarief, economy class (minder dan 40 inch beenruimte) € 26,43 € 50,72 € 75,00 € 150,00 Luxe tarief, business class (meer dan 40 inch beenruimte) € 79,29 € 152,15 € 225,00 € 450,00 Privévliegtuig (vliegtuigen meer dan 4.000kg en minder dan 19 passagiers) € 132,15 € 253,58 € 375,00 € 750,00 De IBO werkgroep geeft aan dat het differentiëren van tarief naar afstand zal leiden tot een sterke daling in luchtvaartemissies, het effect op de mondiale CO2-reductie ligt tussen de 0,6 tot 1,4 Mton. Een verhoging van de vliegbelasting zal voornamelijk bij de rijkere Nederlanders terechtkomen. Uit CBS onderzoek, uitgevoerd namens de IBO werkgroep4, blijkt dat 42% van de vluchten gedaan worden door de 1Tabel 19.2 Opbrengst milieu gerelateerde belastingen, 19 sept. 2023, https://www.rijksoverheid.nl/documenten/begrotingen/2023/09/19/bijlagen-miljoenennota-20242Effecten van een verhoging van de vliegbelasting, september 2022, https://ce.nl/wp-content/uploads/2022/09/CE_Delft_220273_Effecten_verhoging_vliegbelasting_DEF.pdf3Annex 3. Maatregelfiches IBO-klimaat, 13 maar 2023 https://open.overheid.nl/documenten/ronl-c0cebcf4a278f92d9d3cff063e8a6ca49df1d57c/pdf4IBO, annex 2 – achtergrond informatie, maart 2023https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2023/03/13/bijlage-2-annex-2-achtergrondinformatie-analyse-ibo-klimaatTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 418, nr. 252 (rijkste) 8% van de Nederlanders. Deze groep zal daarom ook 42% van de verhoging van de vliegbelasting dragen. De IBO werkgroep heeft een budgettaire raming gemaakt en komt uit op een bedrag tot € 311 miljoen aan additionele belastinginkomsten in 2024. Dit loopt op naar € 340 miljoen in 2030. Van RaanTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 418, nr. 253

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · c229e643ea6c8cc0

14 okt 2026 · f1426a53f95662c9

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.