KamerkringInloggen
Kamerbrief

Appreciatie van het voorstel inzake ELFPO-steun vanwege COVID-19-uitbraak

8 jun 2020 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 78b94b3f8cc3d75c · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 28 625Herziening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid 35 420Noodpakket banen en economie Nr. 284 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 8 juni 2020 Tijdens de procedurevergadering van de vaste commissie voor Land-bouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 18 mei 2020 heeft uw Kamer mijn appreciatie gevraagd over het voorstel voor aanpassing van Verordening (EU) 1305/2013 met betrekking tot specifieke maatregelen om uitzonder-lijke, tijdelijke ELFPO-steun te verlenen als reactie op de COVID-19-uitbraak. In deze brief informeer ik uw Kamer hierover. Kern van het voorstel Met de aanpassing van Verordening (EU) 1305/2013 wordt de mogelijk-heid geregeld voor een op zichzelf staande tijdelijke maatregel binnen het Plattelandsontwikkelingsprogramma 2014–2020 (POP3) van het Gemeen-schappelijk Landbouwbeleid (GLB). Deze aanpassing maakt het mogelijk dat lidstaten onder voorwaarden een eenmalige lumpsum van maximaal € 5.000,– aan landbouwers en € 50.000 aan voedselverwerkende mkb-bedrijven mogen verstrekken die zijn getroffen door de COVID-19-uitbraak. Financiering vindt plaats vanuit de onbenutte middelen van de tweede pijler van het GLB. Voor deze tijdelijke maatregel mag in 2020 maximaal 1% van het Europese POP3-budget voor 2014–2020 worden ingezet inclusief een eventuele overheveling van middelen van pijler 1 naar pijler 2 van het GLB. Daarnaast dient de maatregel budgetneutraal te worden uitgevoerd. Dit betekent dat de budgetten van andere POP-maatregelen met eenzelfde bedrag moeten worden verlaagd. Een uitzonderling daarop geldt voor het budget voor LEADER-projecten, waarvoor verplicht tenminste 5% van het POP-budget moet worden gereserveerd. Appreciatie De provincies voeren het plattelandsprogramma grotendeels uit. Om deze reden ben ik bij hen nagegaan in hoeverre er nog onbenutte middelen voor deze maatregel beschikbaar zouden zijn. Het POP 2014–2020 loopt kst-28625-284ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2020Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 28 625, nr. 2841 qua programmaperiode tegen het einde aan, waardoor bijna alle POP-middelen zijn verplicht en slechts een beperkt budget resteert ter grootte van € 5 miljoen dat is gereserveerd voor de openstelling van de Regeling jonge landbouwers aankomende december. Nederland kan daarmee feitelijk geen gebruik maken van deze maatregel. Daarnaast heeft Nederland in vergelijking tot andere lidstaten een relatief klein budget beschikbaar voor het plattelandsontwikkelingsbeleid. Op basis van het voorliggende voorstel van de Europese Commissie zou Nederland in totaal € 8,3 miljoen voor de maatregel kunnen inzetten. Met dit budget zouden slechts 1660 landbouwers of 166 mkb-bedrijven van de maatregel gebruik kunnen maken (bij de maximale lumpsum), waarmee het effect van de maatregel voor Nederland beperkt is. Ik realiseer mij dat Nederland daarmee in een nadelige positie verkeert ten opzichte van lidstaten die nog voldoende vrij besteedbare middelen hebben. Tegelijkertijd wil ik andere lidstaten ook niet de kans ontnemen om resterend budget in te zetten voor bedrijven die zwaar getroffen zijn door de COVID-19-uitbraak. In dit kader heb ik er daarom voor gepleit dat deze maatregel qua omvang en qua tijdsduur wordt beperkt tot maximaal 1% van het POP-budget en alleen in 2020 mag worden ingezet. De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.J. SchoutenTweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 28 625, nr. 2842

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 33d9ccb2a2f4d536

14 okt 2026 · 0820178f1a762779

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.