Tweeminutendebat Energieraad (informeel) 28-29 september 2026 (21501-33-1242) (ongecorrigeerd)
Brontekst
Versie 2a1d9e9fdc77213e · officiële bronEnergieraad (informeel) d.d. 28-29 september 2026 Energieraad (informeel) d.d. 28-29 september 2026 Aan de orde is het tweeminutendebat Energieraad (informeel) d.d. 28-29 september 2026 (21501-32, nr. 1242). De voorzitter: We kunnen direct verder met het tweeminutendebat Energieraad. Ik heet de leden van de Kamer van harte welkom. Ik heet de minister van harte welkom in vak K. We gaan als eerste luisteren naar mevrouw Van Oosterhout, die spreekt namens de fractie van PRO. Mevrouw Van Oosterhout (PRO): Dank u wel, voorzitter. De minister gaat in de Energieraad onder meer spreken over de betaalbaarheid van energie. De minister weet inmiddels dat dit een belangrijk onderwerp is voor mijn fractie. Daarom heb ik nog enkele vragen als vervolg op het schriftelijk overleg. De minister schrijft dat verduurzamen moet blijven lonen. Dat onderschrijven wij natuurlijk. Gaat de minister pleiten voor concrete Europese maatregelen die juist energiearme huishoudens bereiken? Want wie eenmaal is overgestapt op elektrisch, moet daar ook op de rekening iets van merken. Hoe kijkt de minister naar het plan van de Commissie dat elektriciteit niet zwaarder dan gas belast mag worden? Steunt zij dat plan? In het verlengde daarvan een vraag over het plan van de minister om in de Energieraad te pleiten voor directe subsidiëring van netkosten voor specifieke groepen gebruikers. De minister doelt in haar antwoord op de industrie, neem ik aan, maar ziet zij ook dat mensen in energiearmoede te maken krijgen met hoge netkosten? Zou dat ook niet een specifieke groep mensen moeten zijn waar zij zich in Brussel voor inzet? Tot slot, voorzitter. Aangezien we het hebben over elektrificatie: accu's van elektrische auto's hebben een gigantisch potentieel dat we vooralsnog onbenut laten. Zij moeten een integraal onderdeel worden van ons energiesysteem. Daarom de volgende motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat het bidirectioneel laden van elektrische auto's potentieel een regelbaar vermogen kan leveren van 9,5 GW in 2050; constaterende dat dit zowel de kosten van de uitbreiding van het elektriciteitsnet en dus de energierekening stevig kan verlagen als de weerbaarheid van het net kan verhogen; verzoekt de regering om zich, in het kader van het Europese actieplan voor elektrificatie, in te spannen om bidirectioneel laden de standaard te maken voor nieuwe elektrische auto's, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Van Oosterhout, De Hoop en Klos. Zij krijgt nr. 1243 (21501-33). Dank u wel. We gaan luisteren naar diezelfde heer Klos, die spreekt namens de fractie van D66. Nee, dat gaan we niet doen. Dan gaan we luisteren naar het lid Kostić, die spreekt namens de Partij voor de Dieren. Kamerlid Kostić (PvdD): Voorzitter. Ik heb drie moties. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de beschikbaarheid van drinkwater door de klimaatcrisis steeds meer onder druk staat; constaterende dat datacenters voor koeling aanzienlijke hoeveelheden water gebruiken; verzoekt de regering om zich in te zetten voor een Europees verbod op het gebruik van hoogwaardig drinkwater voor proceskoeling van datacenters, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Kostić en Teunissen. Zij krijgt nr. 1244 (21501-33). De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de groei van datacenters leidt tot een toenemende vraag naar elektriciteit, water en netcapaciteit; overwegende dat vrijwillige transparantie en efficiëntiedoelen onvoldoende waarborgen bieden dat datacenters binnen klimaat-, water- en milieugrenzen opereren; verzoekt de regering om zich in Europees verband in te zetten voor bindende normen voor de energie- en milieuprestaties van datacenters, waaronder normen voor water- en energie-efficiëntie, gebruik van hernieuwbare energie en watergebruik, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Kostić en Teunissen. Zij krijgt nr. 1246 (21501-33). Kamerlid Kostić (PvdD): Tot slot. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat onvoldoende inzicht bestaat in het huidige en verwachte energie- en waterverbruik van datacenters en de bredere techsector in Nederland en de Europese Unie; constaterende dat transparantie noodzakelijk is om de gevolgen voor netcapaciteit, waterbeschikbaarheid, klimaat en leefomgeving te kunnen beoordelen; verzoekt de regering om zich in Europees verband in te zetten voor verplichte, gestandaardiseerde en publiek toegankelijke rapportage door datacenters en andere digitale infrastructuur over ten minste: het energie- en waterverbruik; het piekvermogen en de belasting van het elektriciteitsnet; de verwachte ontwikkeling van dit verbruik, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Kostić en Teunissen. Zij krijgt nr. 1245 (21501-33). Dank u wel. We zijn altijd flexibel in de Kamer, dus ik ga nu de heer Van den Berg uitnodigen om te spreken namens JA21. De heer Van den Berg (JA21): Dank, voorzitter. Allereerst een vraag over onze motie over het opnemen van kernenergie in alle Europese doelen en in de netwerkplanning. We hebben het verslag gezien van de Energieraad van juni. Ik wilde de minister vragen of die motie nou is uitgevoerd zoals wij haar hebben bedoeld: het zou in alle Europese beleidsdoelen moeten worden opgenomen. Daar hoor ik dus graag een reflectie op van de minister. Dan heb ik nog een motie. Die ben ik vergeten, volgens mij. Die ligt nog op mijn bureau. De voorzitter: Ik ben in een hele goede bui. Als u heel snel rent … De heer Van den Berg (JA21): Ik ren. De voorzitter: En ook snel terug rent, dan wachten we even. Haalt u diep adem. Gaat uw gang. De heer Van den Berg (JA21): Zeker. Het liep even uit bij het ziekenhuis. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat GTS voor de winter 2026/2027 een vuldoel van 115 tWh heeft geadviseerd op basis van een scenario met een zeer koude winter; constaterende dat het kabinet het nationale vuldoel inmiddels heeft verlaagd naar 93 tWh; overwegende dat voor de beoordeling van de leveringszekerheid niet alleen de gemiddelde winter, maar juist de gevolgen van uitzonderlijke combinaties van kou en aanbodverstoring relevant zijn; verzoekt de regering uiterlijk 15 oktober 2026 een stresstest voor de gasleveringszekerheid in de winter 2026/2027 aan de Kamer te sturen, waarin ten minste wordt doorgerekend: een zeer koude winter in combinatie met het wegvallen van de grootste aanvoerbron; een langdurige verstoring in de aanvoer van lng; achterblijvende vulgraden in omliggende lidstaten; een combinatie van deze omstandigheden, en daarbij per scenario inzichtelijk te maken wanneer aanvullende marktmaatregelen, strategische voorraden, Europese solidariteitsmaatregelen en uiteindelijk afschakeling noodzakelijk worden, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Van den Berg. Zij krijgt nr. 1247 (21501-33). De heer Van den Berg (JA21): Nou laat ik de motie vallen. Soms heb je van die dagen. Als dit het begin is, dan kijk ik uit naar de rest. Dank u wel. De voorzitter: Het kan alleen maar beter worden. Het geeft wel aanleiding tot een vraag. Gaat u nog heel even terug. Mevrouw Müller (VVD): Ik vind het op zich hartstikke goed om aandacht te vragen voor de leveringszekerheid en de gasvoorraden. Tegelijkertijd vind ik deze motie een beetje buiten het bereik van waar we vandaag over praten, de informele Energieraad. Kan de heer Van den Berg daarop reflecteren. De heer Van den Berg (JA21): Jazeker. Dank voor deze vraag. Deze Energieraad gaat juist over de Europese vuldoelen en hoe wij in Europees verband omgaan met de leveringszekerheid. Juist met dat thema en die aandacht vind ik het van groot belang dat wij ook Europees kijken of we voldoende weerbaarheid hebben opgebouwd. Daarom doe ik de oproep om dat met andere lidstaten te bekijken. Uiteindelijk moeten we het met Europa doen en niet alleen. De voorzitter: Dank u wel. We gaan vijf minuten schorsen. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. De voorzitter: Ik heropen het debat. Wij zijn bezig met het tweeminutendebat Energieraad en zijn toegekomen aan de beantwoording van de vragen door de minister en de appreciaties van de ingediende moties. Ik geef haar daarvoor graag het woord. Minister Van Veldhoven-van der Meer: Dank u wel, voorzitter. Dank ook aan de leden voor de vragen. De eerste vraag was van mevrouw Van Oosterhout: gaat de minister in Dublin pleiten voor concrete Europese maatregelen die juist energiearme huishoudens bereiken? Ja, dat gaan wij zeker doen. Ik zal pleiten voor maatregelen die ook voordelen opleveren voor energiearme of financieel kwetsbare huishoudens, zoals standaarden voor slimme apparaten. Dat zijn allemaal maatregelen die helpen om de energierekening op een goede manier makkelijk te kunnen beheersen. We werken, uiteraard samen met de collega van SZW, aan een aanvullende structurele ondersteuning via het Sociaal Klimaatplan. Daarvoor ligt het voortouw bij de minister van SZW. Daar wordt aan gewerkt. Dan de vraag: moet verduurzamen blijven lonen? Absoluut. Dan was er nog de vraag over de directe subsidiëring van netkosten. Ja, ik zal me tijdens de Energieraad inzetten voor de mogelijkheid om de nettarieven voor de industrie te verlagen via subsidies. Er is namelijk een heel direct weglekrisico richting België en Duitsland, waar die netkosten ook gesubsidieerd worden. Het is natuurlijk heel belangrijk dat we met elkaar goed oog houden voor de energierekening van huishoudens. Daar zijn verschillende instrumenten voor. Volgens mij gaan we daar zo meteen, over een halfuur, met elkaar uitgebreid het debat over voeren. Ik stel voor dat we de rest van de discussie hierover, of dat voldoende is en of de netkosten daarin een rol moeten spelen, in dat debat voeren. Dan is er een motie van mevrouw Van Oosterhout, die vraagt om de … De voorzitter: Nu had ik veel te veel afleiding. Dat lukt mij niet. Mevrouw Van Oosterhout, ik ga ervan uit dat u een vraag heeft over de reactie op een vraag. Gaat uw gang. Mevrouw Van Oosterhout (PRO): Eigenlijk twee vragen. Eén vraag is niet beantwoord. Ten eerste: gaat de minister dus niet pleiten voor het verlagen van de nettarieven voor huishoudens? Minister Van Veldhoven-van der Meer: Zo meteen gaan we met elkaar uitgebreid het debat voeren. Ik geef aan dat de directe subsidiëring waar het in de brief over gaat, specifiek ging over de industrie, omdat daar die weglekeffecten zijn. Voor de vraag of er iets aanvullends nodig is, lijkt mij het debat over de energierekening van huishoudens de goede plek om het daarover nader te hebben. Mevrouw Van Oosterhout (PRO): Daar gaan we het dan zeker nog over hebben. Ik had ook nog gevraagd naar het plan van de commissie om elektriciteit niet zwaarder te belasten dan gas. Kan de minister daarop reageren? Minister Van Veldhoven-van der Meer: Inderdaad, een terecht punt. Het kabinet onderschrijft dat het belang van elektrificatie niet onnodig moet worden belemmerd door de energiebelasting. Het in balans brengen van tarieven voor gas en elektriciteit zou een bijdrage kunnen leveren aan verdere verduurzaming. De aanpassing van de energiebelastingtarieven elektriciteit kost echter veel geld. Het gaat mogelijk om ongeveer 800 miljoen per jaar. Hiervoor is nu geen dekking, maar we maken richting het voorjaar altijd een nieuwe integrale weging van de energiebelastingtarieven, in samenhang met de besluitvorming daar. Op dit moment is dat niet voorzien omdat er geen dekking is voor wat dat potentieel zou kunnen kosten. Mevrouw Van Oosterhout (PRO): Maar de minister steunt in principe het plan van de Commissie om het op die manier in te richten? Minister Van Veldhoven-van der Meer: De vraag of Europa een rol moet spelen in het bepalen van de nationale belastingtarieven is een aparte vraag. Nederland is er voorstander van dat lidstaten zelf de mogelijkheid houden om de belastingtarieven te beheersen. Dat wil niet zeggen dat het een absolute "nee" is, maar wel dat dit besloten zou moeten worden via unanimiteit, zoals dat altijd gaat met belastingmaatregelen. In die zin zou het logischer zijn om de belastingmaatregelen te bespreken in de context van de Ecofin. De voorzitter: Gaat u verder met de appreciaties. Minister Van Veldhoven-van der Meer: En daar zal Nederland zijn positie innemen. De voorzitter: Gaat u verder met de appreciaties van de ingediende moties. Minister Van Veldhoven-van der Meer: Dank u wel, voorzitter. De eerste motie op stuk nr. 1243 van mevrouw Van Oosterhout vraagt de regering om zich er in het kader van het Europese plan voor elektrificatie voor in te spannen om bidirectioneel laden de standaard te laten zijn. Die motie krijgt oordeel Kamer. De voorzitter: De motie op stuk nr. 1243 krijgt oordeel Kamer. Minister Van Veldhoven-van der Meer: Dan de moties op de stukken nrs. 1244, 1245 en 1246. Die betreffen onderwerpen die niet direct op de agenda van de informele Raad staan. Het is overigens een informele Raad en geen besluitvormende Raad. Ik zou de indieners willen vragen om deze moties aan te houden. Deze moties liggen niet primair bij mij en ik zal de collega's die relevant zijn voor deze moties, vragen om de moties te appreciëren. Als ze nu direct in stemming zouden worden gebracht, moet ik ze ontraden. Dit staat niet op de agenda, dus fijn als ze kunnen worden aangehouden. Ik zal de collega's vragen ze te appreciëren. De voorzitter: Het lid Kostić knikt. Op verzoek van Kamerlid Kostić stel ik voor de moties (21501-33, nrs. 1244, 1245 en 1246) aan te houden. Daartoe wordt besloten. Minister Van Veldhoven-van der Meer: Hartelijk dank. De heer Van den Berg stelde een vraag over zijn eerdere motie over kernenergie. Dat wordt meegenomen in de netwerkplanning in alle Europese landen. Ik neem de motie mee bij de verdere inzet in Europa. Dan de motie op stuk nr. 1247. Dat is de … De voorzitter: Nu ben ik in de war. Volgens mij heeft het lid Kostić gezegd dat de moties op de stukken nrs. 1244, 1245 en 1246 worden aangehouden. Gaat de minister nu de motie op stuk nr. 1247 appreciëren? Minister Van Veldhoven-van der Meer: Jazeker. De vraag is om uiterlijk 15 oktober 2026 een stresstest aan de Kamer te sturen. Ik wil de heer Van den Berg vragen om deze motie aan te houden. Dit najaar komt er al een update van een risico-evaluatie naar aanleiding van de verordening, met scenario's. Die risico-evaluatie loopt en wij zullen de Kamer informeren over de resultaten. De planning van dat lopende onderzoek is wel dat het net iets na 15 oktober komt. Ik kan het niet vervroegen naar vóór 15 oktober. Dat komt schriftelijk. Er komt overigens ook spoedig een brief over strategisch gasbeleid naar de Kamer, dus dan kunnen die twee gezamenlijk betrokken worden bij een debat. De voorzitter: Ik kijk naar de heer Van den Berg. Wilt u de motie op stuk nr. 1247 aanhouden? De heer Van den Berg (JA21): Ik ga dat nog even overwegen en maak die keus later op de dag. De voorzitter: Ik ga even inbreken, want er is geen later op de dag. Wij gaan vanmiddag stemmen over deze moties. Ik vraag de minister wat de appreciatie wordt als u de motie niet wilt aanhouden. Minister Van Veldhoven-van der Meer: Dan moet ik haar ontraden, omdat uiterlijk 15 oktober gewoon niet haalbaar is in de planning van dit belangrijke onderzoek. Ik moet de motie dus om die reden ontraden, maar ik deel wel het belang van het doen van dit soort studies. Daarom loopt die studie ook. De heer Van den Berg (JA21): Met dat antwoord houd ik de motie aan. De voorzitter: Op verzoek van de heer Van den Berg stel ik voor zijn motie (21501-33, nr. 1247) aan te houden. Daartoe wordt besloten. De heer Van den Berg (JA21): Ik heb nog een vraag over kernenergie. We hebben in juni een motie ingediend met het verzoek om kernenergie in alle Europese doelen en financieringsinstrumenten mee te nemen bij de infrastructuurplanning. Die motie werd ontraden. In het verslag van de regering en in het non-paper dat is ingediend, zie ik geen afwijking van wat al eerder is ingebracht, namelijk dat we inzetten op kernenergie. De voorzitter: En uw vraag? De heer Van den Berg (JA21): Wat is het concrete verschil geweest dat de minister heeft ingebracht naar aanleiding van die motie ten opzichte van wat ze al eerder heeft ingebracht? Minister Van Veldhoven-van der Meer: Voor deze informele Energieraad, waar dit niet specifiek op de agenda staat, ben ik nu ter plekke overvraagd wat betreft het exacte verschil. We nemen dat graag mee in het verslag over de informele Energieraad. Dan kunnen we hierop terugkomen. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter: Zoals ik al aangaf, gaan we vanmiddag stemmen over de ingediende moties. Ik schors voor een enkel ogenblik. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
Gerelateerde bronnen
- Tweeminutendebat Energieraad (informeel) 28-29 september 2026 (21501-33-1242)
Tweeminutendebat Energieraad (informeel) 28-29 september 2026 (21501-33-1242) (ongecorrigeerd)
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.