Bijlagen bij het Financieel jaarverslag van het Rijk 2023
Brontekst
Versie 8707aa140758e7fe · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202436 560Financieel Jaarverslag van het Rijk 2023BIJLAGEN BIJ HET FINANCIEEL JAARVERSLAG VAN HET RIJK 2023Ontvangen 15 mei 2024Nr. 21Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 1 RIJKSREKENING VAN UITGAVEN EN ONTVANGSTENOp grond van artikel 2.35, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016, neemt de Minister van Financiën in het Financieel Jaarverslag van het Rijk de rekening van uitgaven en ontvangsten van het Rijk op. Deze rekening, de Rijksrekening genoemd, is het overzicht op het totaalniveau van de rijksbegroting van alle uitgaven en ontvangsten van de rijksdienst in een jaar die binnen begrotingsverband zijn gerealiseerd. Voor de departementale en niet-departementale begrotingen zijn in tabellen 1.1, 1.2 en 1.3 de verplichtingen, kasuitgaven en kasontvangsten opgenomen. In aanvulling op de gegevens onder de begroting voor Nationale schuld vermelden de tabellen 1.4 en 1.5 de voor 2023 onder de begroting van Nationale schuld oorspronkelijk geraamde en de gerealiseerde rentelasten onderscheidenlijk rentebaten. Deze gegevens zijn opgesteld in overeenstemming met het hier toepasselijke transactiestelsel. De tabellen 1.6 tot en met 1.9 hebben betrekking op baten-lastenagentschappen die, zoals het woord, aangeeft het batenlastenstelsel als begrotingsstelsel hanteren. Tabel 1.10 blijft leeg vanwege het in 2023 niet voorkomen van verplichtingen-kasagentschappen.In de onderstaande tabellen worden de verschillen in de verschillenkolom niet toegelicht. Voor die toelichtingen wordt verwezen naar de betrokken jaarverslagen. Let op! Door afrondingen kunnen er verschillen ontstaan met de cijfers op de Rijkssaldibalans.2Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.1 Verplichtingen 2023 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilIKoning50.16956.1996.030IIAStaten-Generaal210.993241.92930.936IIBOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten164.289168.7924.503IIIAlgemene Zaken89.85791.9082.051IVKoninkrijksrelaties165.638141.250‒ 24.388VBuitenlandse Zaken13.360.87812.433.022‒ 927.856VIJustitie en Veiligheid18.420.70623.366.8284.946.122VIIBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties9.237.9429.831.425593.483VIIIOnderwijs, Cultuur en Wetenschap52.953.24256.088.5983.135.356IXANationale Schuld133.421.97750.175.58716.753.610IXBFinanciën25.428.96621.165.959‒ 4.263.007XDefensie15.007.98215.931.491923.509XIIInfrastructuur en Waterstaat12.595.70712.495.274‒ 100.433XIIIEconomische Zaken en Klimaat32.919.97126.066.752‒ 6.853.219XIVLandbouw, Natuur en Voedselkwaliteit2.663.2922.023.774‒ 639.518XVSociale Zaken en Werkgelegenheid50.808.85448.390.891‒ 2.417.963XVIVolksgezondheid, Welzijn en Sport36.216.81051.528.61015.311.800XVIIBuitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking2.907.7844.967.3512.059.567AMobiliteitsfonds9.233.22510.687.9791.454.754BGemeentefonds39.977.61341.410.6291.433.016CProvinciefonds2.996.4233.130.325133.902FDiergezondheidsfonds24.89141.98417.093HBES-fonds53.09487.85034.756JDeltafonds2.464.6351.705.080‒ 759.555KDefensiematerieelbegrotingsfonds12.312.1318.836.919‒ 3.475.212LNationaal Groeifonds7.702.87138.880‒ 7.663.991Totalen381.389.940401.105.28619.715.3461Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de verplichtingen opgenomen, exclusief de renteverplichtingen. Voor de renteuitgaven, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.4.3Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.2 Kasuitgaven 2023 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilIKoning50.16956.1996.030IIAStaten-Generaal210.993237.79326.800IIBOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten168.909175.8976.988IIIAlgemene Zaken89.85792.5252.668IVKoninkrijksrelaties196.454155.913‒ 40.541VBuitenlandse Zaken13.113.33012.145.555‒ 967.775VIJustitie en Veiligheid19.606.88722.966.5293.359.642VIIBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties9.286.8909.604.031317.141VIIIOnderwijs, Cultuur en Wetenschap53.253.76655.122.8781.869.112IXANationale Schuld133.421.97750.175.58716.753.610IXBFinanciën14.179.54214.559.398379.856XDefensie15.038.66115.122.23583.574XIIInfrastructuur en Waterstaat12.981.30712.333.414‒ 647.893XIIIEconomische Zaken en Klimaat27.178.05913.651.601‒ 13.526.458XIVLandbouw, Natuur en Voedselkwaliteit3.177.9152.277.463‒ 900.452XVSociale Zaken en Werkgelegenheid50.611.20448.323.431‒ 2.287.773XVIVolksgezondheid, Welzijn en Sport35.673.69147.586.47611.912.785XVIIBuitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking4.031.9123.903.723‒ 128.189AMobiliteitsfonds8.723.6498.367.399‒ 356.250BGemeentefonds39.977.61342.204.8042.227.191CProvinciefonds2.996.4233.130.354133.931FDiergezondheidsfonds32.95544.49011.535HBES-fonds53.09487.85034.756JDeltafonds1.908.4481.734.351‒ 174.097KDefensiematerieelbegrotingsfonds6.678.7765.613.920‒ 1.064.856LNationaal Groeifonds1.195.7100‒ 1.195.710Totalen353.838.191369.673.81615.835.6251Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de kasuitgaven opgenomen, exclusief de renteuitgaven. Voor de renteuitgaven, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.4.4Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.3 Kasontvangsten 2023 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilIKoning1.7271.79063IIAStaten-Generaal3.8659.8025.937IIBOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten6.0408.0121.972IIIAlgemene Zaken7.6318.9581.327IVKoninkrijksrelaties1.090.37288.686‒ 1.001.686VBuitenlandse Zaken2.785.4061.339.955‒ 1.445.451VIJustitie en Veiligheid1.605.0461.614.6219.575VIIBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties679.5701.059.887380.317VIIIOnderwijs, Cultuur en Wetenschap1.665.4402.024.243358.803IXANationale Schuld169.005.50670.649.7691.644.263IXBFinanciën201.164.293222.644.89421.480.601XDefensie142.234222.91080.676XIIInfrastructuur en Waterstaat42.87146.7503.879XIIIEconomische Zaken en Klimaat18.637.5587.919.806‒ 10.717.752XIVLandbouw, Natuur en Voedselkwaliteit101.396170.66669.270XVSociale Zaken en Werkgelegenheid2.300.8133.344.5971.043.784XVIVolksgezondheid, Welzijn en Sport168.1221.349.6521.181.530XVIIBuitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking50.130135.40985.279AMobiliteitsfonds8.723.6498.503.381‒ 220.268BGemeentefonds39.977.61342.204.7032.227.090CProvinciefonds2.996.4233.130.354133.931FDiergezondheidsfonds39.98740.978991HBES-fonds53.09487.85034.756JDeltafonds1.908.4481.710.335‒ 198.113KDefensiematerieelbegrotingsfonds6.678.7765.656.925‒ 1.021.851LNationaal Groeifonds1.195.7100‒ 1.195.710Totalen361.031.720373.974.93312.943.2131Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de ontvangsten opgenomen, exclusief de rentebaten. Voor de rentebaten, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.5.Het gerealiseerde saldo van de kasuitgaven en de kasontvangsten over 2023, zoals dat uit de tabellen 1.2 en 1.3 blijkt – het verschil tussen 369,7 miljard euro en 374,0 miljard euro, zijnde een verschil van 4,3 miljard euro – heeft geen directe relatie met het EMU-saldo 2023 van het Rijk. De saldoberekeningen van beide opstellingen verschillen daartoe teveel van elkaar. Een belangrijk verschil vormen de uitgaven en ontvangsten van Nationale Schuld (IXA) die betrekking hebben op de financieringstransacties (de aflossingen en de aangetrokken leningen in verband met de tekortfinanciering en herfinanciering). Deze zijn wel in de tabellen 1.2 en 1.3 meegenomen, maar tellen niet mee in de berekening van het EMU-saldo. Ook wordt het EMU-saldo opgesteld op transactiebasis, terwijl hier de gepresenteerde opstelling op kasbasis is. Het Europees Stelsel van Rekeningen (ESR) 2010 schrijft voor welke uitgaven en ontvangsten als relevant voor het EMU-saldo worden aangemerkt.Tabel 1.4 Rentekosten 2023 (op transactie basis) van de begroting Nationale Schuld ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilIXANationale Schuld5.463.3207.589.9622.126.642Totalen5.463.3207.589.9622.126.6425Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.5 Rentebaten 2023 ( op transactiebasis) van de begroting Nationale schuld ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilIXANationale Schuld369.452332.289‒ 37.163Totalen369.452332.289‒ 37.163Tabel 1.6 Lasten 2023 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilAZDienst Publiek en Communicatie135.444160.65325.209BZKRijksdienst voor Identiteitsgegevens148.085160.30212.217BZKLogius348.626325.669‒ 22.957BZKOrganisatie en Personeel Rijk115.204248.886133.682BZKRijksorganisatie Beveiliging en Logistiek0129.404129.404BZKFM Haaglanden164.154170.4496.295BZKSSC-ICT Haaglanden335.955375.88439.929BZKRijksvastgoedbedrijf1.470.1381.517.54347.405BZKDienst Huurcommissie18.22924.2736.044BZKRijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie325.11090.338‒ 234.772JenVCentraal Justitieel Incassobureau196.879196.110‒ 769JenVDienst Justitiële Inrichtingen2.900.9823.044.977143.995JenVImmigratie- en naturalisatiedienst579.320739.524160.204JenVJustis58.03156.801‒ 1.230JenVDe Justitiële ICT Organisatie156.316165.1898.873JenVJustitiële Informatiedienst (Justid)75.02585.77910.754JenVNederlands Forensisch Instituut (NFI)98.381121.96823.587OCWDienst Uitvoering Onderwijs376.684486.184109.500OCWNationaal Archief52.18560.9388.753DEFParesto80.80492.28211.478IenWRijkswaterstaat3.587.7633.585.124‒ 2.639IenWKoninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut100.768104.3183.550EZKRijksdienst voor ondernemend Nederland1.054.0121.121.85967.847EZKRijksinspectie Digitale Infrastructuur69.59779.2779.680EZKDienst ICT Uitvoering356.700373.52016.820EZKNederlandse Emissieautoriteit15.92914.285‒ 1.644LNVNederlandse Voedsel- en Warenautoriteit543.256556.71513.459VWSRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu639.000713.53874.538VWSCentrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg129.345125.462‒ 3.883VWSCollege ter Beoordeling Geneesmiddelen67.55869.3381.780Totalen14.199.48014.996.589797.1096Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.7 Baten 2023 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilAZDienst Publiek en Communicatie134.836161.26726.431BZKRijksdienst voor Identiteitsgegevens139.293152.11212.819BZKLogius348.626331.533‒ 17.093BZKOrganisatie en Personeel Rijk115.204262.618147.414BZKRijksorganisatie Beveiliging en Logistiek0129.953129.953BZKFM Haaglanden164.154169.9225.768BZKSSC-ICT Haaglanden324.405373.28748.882BZKRijksvastgoedbedrijf1.470.1381.532.82362.685BZKDienst Huurcommissie18.22924.9206.691BZKRijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie325.11088.846‒ 236.264JenVCentraal Justitieel Incassobureau196.879196.468‒ 411JenVDienst Justitiële Inrichtingen2.900.9823.033.164132.182JenVImmigratie- en naturalisatiedienst579.320800.160220.840JenVJustis58.03161.6933.662JenVDe Justitiële ICT Organisatie156.316163.3086.992JenVJustitiële Informatiedienst (Justid)75.02582.2717.246JenVNederlands Forensisch Instituut (NFI)98.381121.94223.561OCWDienst Uitvoering Onderwijs376.684486.393109.709OCWNationaal Archief52.18562.0999.914DEFParesto80.80493.36412.560IenWRijkswaterstaat3.592.9883.595.7112.723IenWKoninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut100.793103.6852.892EZKRijksdienst voor ondernemend Nederland1.054.0121.112.06658.054EZKRijksinspectie Digitale Infrastructuur69.59775.1845.587EZKDienst ICT Uitvoering356.700373.08916.389EZKNederlandse Emissieautoriteit15.92915.430‒ 499LNVNederlandse Voedsel- en Warenautoriteit543.256547.2503.994VWSRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu639.000727.15788.157VWSCentrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg129.345131.7732.428VWSCollege ter Beoordeling Geneesmiddelen67.55866.876‒ 682Totalen14.183.78015.076.364892.5847Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.8 Kapitaaluitgaven 2023 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilAZDienst Publiek en Communicatie000BZKRijksdienst voor Identiteitsgegevens32.62510.519‒ 22.106BZKLogius0‒ 63‒ 63BZKOrganisatie en Personeel Rijk2.5203.6121.092BZKRijksorganisatie Beveiliging en Logistiek0534534BZKFM Haaglanden15.11114.384‒ 727BZKSSC-ICT Haaglanden100.500114.46213.962BZKRijksvastgoedbedrijf1.143.3721.229.96186.589BZKDienst Huurcommissie65596531BZKRijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie1.00039.75438.754JenVCentraal Justitieel Incassobureau7.4058.106701JenVDienst Justitiële Inrichtingen12.00021.9739.973JenVImmigratie- en naturalisatiedienst6.29012.2065.916JenVJustis000JenVDe Justitiële ICT Organisatie42.24223.732‒ 18.510JenVJustitiële Informatiedienst (Justid)4.3705.3951.025JenVNederlands Forensisch Instituut (NFI)10.4178.209‒ 2.208OCWDienst Uitvoering Onderwijs79.70088.3768.676OCWNationaal Archief4.94116.87811.937DEFParesto000IenWRijkswaterstaat56.64961.7055.056IenWKoninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut7.4973.749‒ 3.748EZKRijksdienst voor ondernemend Nederland44.50041.974‒ 2.526EZKRijksinspectie Digitale Infrastructuur11.0196.308‒ 4.711EZKDienst ICT Uitvoering42.42546.3223.897EZKNederlandse Emissieautoriteit1802.6412.461LNVNederlandse Voedsel- en Warenautoriteit14.74112.755‒ 1.986VWSRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu‒ 16.500‒ 8.4008.100VWSCentrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg‒ 13.760‒ 2.64311.117VWSCollege ter Beoordeling Geneesmiddelen‒ 650‒ 986‒ 336Totalen1.608.6591.762.059153.4008Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 1.9 Kapitaalontvangsten 2023 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilAZDienst Publiek en Communicatie000BZKRijksdienst voor Identiteitsgegevens15.2000‒ 15.200BZKLogius0564564BZKOrganisatie en Personeel Rijk02.9942.994BZKRijksorganisatie Beveiliging en Logistiek022BZKFM Haaglanden8.4005.748‒ 2.652BZKSSC-ICT Haaglanden71.55058.800‒ 12.750BZKRijksvastgoedbedrijf772.000894.567122.567BZKDienst Huurcommissie000BZKRijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie02.7382.738JenVCentraal Justitieel Incassobureau2.93024.81621.886JenVDienst Justitiële Inrichtingen3.00050.11847.118JenVImmigratie- en naturalisatiedienst71026.30325.593JenVJustis02.6842.684JenVDe Justitiële ICT Organisatie27.85815.095‒ 12.763JenVJustitiële Informatiedienst (Justid)2.7313.7451.014JenVNederlands Forensisch Instituut (NFI)6.4005.060‒ 1.340OCWDienst Uitvoering Onderwijs47.70037.770‒ 9.930OCWNationaal Archief1.0663.1002.034DEFParesto000IenWRijkswaterstaat44.48527.636‒ 16.849IenWKoninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut5.6003.934‒ 1.666EZKRijksdienst voor ondernemend Nederland28.50054.67226.172EZKRijksinspectie Digitale Infrastructuur5.7509.2373.487EZKDienst ICT Uitvoering22.0007.329‒ 14.671EZKNederlandse Emissieautoriteit5001.5571.057LNVNederlandse Voedsel- en Warenautoriteit9.35019.91110.561VWSRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu15.0000‒ 15.000VWSCentrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg10.0000‒ 10.000VWSCollege ter Beoordeling Geneesmiddelen000Totalen1.100.7301.258.380157.650Tabel 1.10 Verplichtingen, kasuitgaven en kasontvangsten 2023 van de verplichtingen- kasagentschappen ( x € 1000)OnderdeelOorspronkelijk vastgestelde begrotingRealisatieVerschilIn 2023 waren er geen verplichtingen-kasagentschappen.9Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 2 SALDIBALANS VAN HET RIJK PER 31 DECEMBER 2023Tabel 2.1 Saldibalans van het Rijk 31 december 2023DEBET31-12-202331-12-2022CREDIT31-12-202331-12-2022OMSCHRIJVING€ mln.€ mln.OMSCHRIJVING€ mln.€ mln.1Uitgaven ten laste van de begroting377.264333.20012Ontvangsten ten gunste van de begroting374.307347.3412Vorderingen buiten begrotingsverband17.04421.81813Schulden buiten begrotingsverband15.09019.604(intra-comptabele vorderingen)(intra-comptabele schulden)14Saldi begrotingsfondsen14Saldi begrotingsfondsen1.2061.1463Liquide Middelen8.36014.7414Saldo geldelijk beheer van het Rijk05.6294Saldo geldelijk beheer van het Rijk3.73315Saldi begrotingsreserves8.3317.297Totaal intra-comptabele posten402.667375.387Totaal intra-comptabele posten402.667375.3875Openstaande rechten52.61755.79416Tegenrekening openstaande rechten52.61755.7946Vorderingen73.35667.59517Tegenrekening vorderingen73.35667.5957Tegenrekening schulden484.658459.85018Schulden484.658459.8508Voorschotten279.532244.49419Tegenrekening voorschotten279.532244.4949Tegenrekening andere verplichtingen223.801205.22320Andere verplichtingen223.801205.22310Deelnemingen45.58744.56221Tegenrekening deelnemingen45.58744.56211Tegenrekening garantieverplichtingen223.421220.23322Garantieverplichtingen223.421220.233Totaal extra-comptabele posten1.382.9721.297.750Totaal extra-comptabele posten1.382.9721.297.750TOTAAL-GENERAAL1.785.6391.673.137TOTAAL-GENERAAL1.785.6391.673.137Toelichting op de saldibalans van het RijkDe saldibalans van het Rijk is een optelling van de goedgekeurde saldibalansen van de afzonderlijke begrotingshoofdstukken, die geconsolideerd wordt met de saldibalans van de centrale administratie van de Schatkist van het Rijk.Voor een nadere toelichting op de cijfers wordt verwezen naar de jaarverslagen van de ministeries of begrotingsfondsen. Let op! Door afrondingsverschillen kunnen de sommen van bepaalde onderdelen afwijken van andere tabellen.Ad 1) Uitgaven ten laste van de begrotingOnder de post uitgaven ten laste van de begroting worden de gerealiseerde uitgaven van het betreffende begrotingsjaar opgenomen van alle ministeries en begrotingsfondsen. Ook hierin meegenomen zijn de rentelasten zoals opgenomen in tabel 1.4 van de rijksrekening.Ad 2) Vorderingen buiten begrotingsverband (intra-comptabele vorderingen)Onder de post vorderingen buiten begrotingsverband worden de uitgaven opgenomen die in een later jaar met een ander onderdeel van het Rijk dan wel met een derde worden verrekend. Onder deze post staan alleen de vorderingen waarvan wordt verwacht dat binnen een afzienbare termijn verrekening zal plaatsvinden. Het totaal van deze post is 17.044 miljoen euro, waarvan 15.671 miljoen euro uit kas-transverschillen bestaat. Voor de toelichting van de kas-transverschillen verwijzen wij u naar toelichting Saldibalans Nationale Schuld IXA.Ad 3) Liquide middelenOnder de post liquide middelen worden de saldi bij de banken en de contante gelden opgenomen.10Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Ad 4) Saldo geldelijk beheer van het RijkOnder de post saldo geldelijk beheer van het Rijk wordt opgenomen: de door het ministerie van Financiën overgenomen uitgaven en ontvangsten binnen begrotingsverband van afgesloten begrotingsjaren. De definitieve afsluiting van een begrotingsjaar vindt plaats nadat de Staten-Generaal de Slotwetten hebben aangenomen, waarna de eindbedragen voor de uitgaven en ontvangsten die betrekking hebben op het afgesloten begrotingsjaar worden overgeboekt op de post saldo geldelijk beheer van het Rijk. Het saldo geldelijk beheer is hiermee een meerjarige optelling (cumulatie) van alle door het parlement goedgekeurde uitgaven en ontvangsten van het Rijk tot en met het laatst afgesloten boekjaar.Ad 5 en 16) Openstaande rechtenRechten zijn een voorfase van de ontvangsten. Onder de post openstaande rechten worden opgenomen: vorderingen die niet voortvloeien uit met derden te verrekenen begrotingsuitgaven, maar op andere wijze ontstaan. Rechten kunnen ontstaan doordat conform wettelijke regelingen vastgestelde aanslagen aan derden worden opgelegd (bijvoorbeeld belastingen, college- en schoolgelden) of op grond van doorberekening van de kosten van verleende diensten of geleverde goederen.Ad 6 en 17) Vorderingen (extra-comptabel)Onder de post extra-comptabele vorderingen worden de vorderingen opgenomen, die zijn voortgevloeid uit uitgaven ten laste van de begroting. Het gaat dan om reeds verrichte uitgaven, die binnen begrotingsverband zijn geboekt en waarvoor op termijn nog een verrekening met derden dan wel met een ander onderdeel van het Rijk zal plaatsvinden. Tevens zijn hierin de uitgaven opgenomen, die in eerste instantie op derdenrekeningen zijn geboekt, maar waarvan de verrekening met derden dan wel een ander onderdeel van het Rijk niet binnen een redelijke termijn heeft plaatsgevonden, terwijl verrekening wel mogelijk is.Ad 7 en 18) Schulden (extra-comptabel)Onder de post schulden worden schulden opgenomen die zijn voortgevloeid uit ontvangsten ten gunste van de begroting. Net als bij extra-comptabele vorderingen gaat het om reeds ontvangen bedragen welke geboekt zijn binnen begrotingsverband en waarvoor nog op termijn een verrekening plaats zal vinden. Ook uitgegeven leningen worden onder de post schulden opgenomen.Ad 8 en 19) VoorschottenOnder de post voorschotten worden de bedragen opgenomen die aan derden zijn betaald vooruitlopend op een later definitief vast te stellen c.q. af te rekenen bedrag.Ad 9 en 20) Andere verplichtingenOnder de post andere verplichtingen wordt het saldo opgenomen van aangegane verplichtingen en hierop verrichte betalingen. Het saldo heeft zowel betrekking op de binnen als buiten begrotingsverband geboekte verplichtingen.Ad 10 en 21) DeelnemingenOnder de post deelnemingen worden alle deelnemingen in besloten en naamloze vennootschappen en internationale instellingen opgenomen. De waardering van de deelnemingen geschiedt op basis van de oorspronkelijke aankoopprijs. In enkele gevallen geschiedt de waardering tegen de nominale waarde van het aandeel in het gestort en opgevraagd kapitaal.11Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Ad 11 en 22) GarantieverplichtingenOnder de post garantieverplichtingen worden de bedragen opgenomen die de hoofdsommen vormen van afgegeven garanties aan derden en garanties van ministeries aan het ministerie van Financiën. Een afgegeven garantie wordt gezien als een verplichting en moet ook op dezelfde manier in de administratie worden verwerkt. Er is dus geen verschil in de registratie van garantieverplichtingen en andersoortige verplichtingen. Een verschil tussen een garantieverplichting en een andere verplichting is wel dat de hoofdsom van een garantieverplichting veelal niet of slechts gedeeltelijk tot uitbetaling zal leiden.Ad 12) Ontvangsten ten gunste van de begrotingOnder de post ontvangsten ten gunste van de begroting worden de gerealiseerde ontvangsten van het betreffende begrotingsjaar opgenomen van alle ministeries en begrotingsfondsen. Ook hierin meegenomen zijn de rentebaten zoals opgenomen in tabel 1.5 van de rijksrekening.Ad 13) Schulden buiten begrotingsverband (intra-comptabel)Onder de post schulden buiten begrotingsverband worden de ontvangsten geboekt die in een later jaar met een ander onderdeel van het Rijk dan wel met een derde worden verrekend.Ad 14) Saldi begrotingsfondsenOnder de post saldi begrotingsfondsen worden saldi van het voorgaande begrotingsjaar opgenomen. Het betreft hier de saldi van het Diergezondheidsfonds, het Mobiliteitsfonds, het Deltafonds en het Defensiematerieelbegrotingsfonds en het Nationaal Groeifonds. In 2022 en 2023 betreft het een positieve saldo.12Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Ad 15) Saldi begrotingsreservesOnder de post saldi begrotingsreserves worden de interne reserves van de ministeries opgenomen. Het gaat hier om de volgende reserves: –Nationale Hypotheekgarantie, Sanerings- en Projectsteun Woningcorporaties en FHG (BZK);–FOM, DGGF, DRIVE en DTIF (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking);–Borgstelling MKB-kredieten, Groeifaciliteit, Garantie Ondernemingsfinanciering, Garantie MKBfinanciering, Duurzame energie, Aardwarmte, ECN verstrekte leningen, Klein Krediet Corona, Begrotingsreserve BMKB-Groen (EZK);–Exportkredietverzekeringen, Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschades en Garantstelling DGS BES eilanden (Financiën);–Asiel (JenV);–Landbouw, Visserij, Stikstof, Risicovoorziening jonge boeren, Apurement, Borgstellingsfaciliteit, Garantstelling Groenfonds (LNV);–Museaal Aankoopfonds en Risicopremie garantstelling onderwijsinstellingen (OCW);–Waarborgfonds voor de Zorgsector, Stimuleringsregeling wonen en zorg, Pallas (VWS).13Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 3 DE BELASTING- EN PREMIEONTVANGSTEN IN 2023Tabel 3.1 De belasting- en premieontvangsten in 2023 op EMU-basis (in miljoenen euro)Miljoenennota 2023Realisatie 2023VerschilIndirecte belastingen113.489110.801‒ 2.688Invoerrechten4.8354.252‒ 583Omzetbelasting77.76776.090‒ 1.677Belasting op personenauto's en motorrijwielen1.6611.425‒ 236Accijnzen11.49211.54755- Accijns van lichte olie3.8724.237365- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie3.3533.130‒ 223- Tabaksaccijns3.0793.12243- Alcoholaccijns385378‒ 7- Bieraccijns451380‒ 71- Wijnaccijns351301‒ 51Overdrachtsbelasting5.5783.050‒ 2.528Assurantiebelasting3.5313.666135Motorrijtuigenbelasting4.5194.56646Belastingen op een milieugrondslag2.8395.2602.421- co2heffing000- Afvalstoffenbelasting273253‒ 20- Energiebelasting1.6804.0542.374- Waterbelasting354313‒ 40- Brandstoffenheffingen10‒ 1- Vliegbelasting531639107Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.576283‒ 292Belasting op zware motorrijtuigen220204‒ 17Bankbelasting471458‒ 13Directe belastingen128.654150.28121.628Inkomstenbelasting10.70312.0201.317Loonbelasting69.49275.1215.629Dividendbelasting6.46311.5575.094Kansspelbelasting828956128Vennootschapsbelasting38.56147.5148.953Bronbelasting op rente en royalty's0110111Schenk- en erfbelasting2.6063.003397Solidariteitsbijdrage000Overige belastingontvangsten29237987- Belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland2252316Totaal belastingen242.435261.46119.027Premies volksverzekeringen41.32440.234‒ 1.089Premies werknemersverzekeringen82.67883.8541.176waarvan zorgpremies51.50352.415912Totaal belasting- en premieontvangsten366.436385.55019.11314Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 3.2 De belasting- en premieontvangsten in 2023 op kasbasis (in miljoenen euro)Miljoenennota 2023Realisatie 2023VerschilIndirecte belastingen112.564111.494‒ 1.069Invoerrechten4.8214.267‒ 554Omzetbelasting76.93177.114182Belasting op personenauto's en motorrijwielen1.6681.431‒ 238Accijnzen11.48411.593109- Accijns van lichte olie3.8694.179310- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie3.3623.120‒ 242- Tabaksaccijns3.0623.217155- Alcoholaccijns385375‒ 10- Bieraccijns455393‒ 62- Wijnaccijns351309‒ 42Overdrachtsbelasting5.6663.189‒ 2.478Assurantiebelasting3.5203.60484Motorrijtuigenbelasting4.5104.52414Belastingen op een milieugrondslag2.7204.8422.122- co2heffing000- Afvalstoffenbelasting274250‒ 24- Energiebelasting1.5683.7512.183- Waterbelasting352316‒ 36- Brandstoffenheffingen10‒ 1- Vliegbelasting5245251Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.551269‒ 282Belasting op zware motorrijtuigen220204‒ 16Bankbelasting471458‒ 13Directe belastingen en premies volksverzekeringen129.621151.29121.670Inkomstenbelasting10.89212.9512.059Loonbelasting70.05075.2075.157Dividendbelasting6.4638.0571.594Kansspelbelasting854961107Vennootschapsbelasting38.75647.8359.079Bronbelasting op rente en royalty's0101101Schenk- en erfbelasting2.6063.003397Solidariteitsbijdrage03.1763.176Overige belastingontvangsten292403111waarvan Belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland2252316Totaal belastingen op kasbasis242.476263.18820.712Premies volksverzekeringen41.83440.721‒ 1.114Premies werknemersverzekeringen83.24084.053813Aansluiten naar EMU (KTV)‒ 1.114‒ 2.412‒ 1.298Totaal belasting- en premieontvangsten op EMU-basis366.436385.55019.11315Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 4 UITGAVEN EN NIET- BELASTINGONTVANGSTENDeze bijlage biedt een overzicht van de verschillende manieren waarop de uitgaven en de niet-belastingontvangsten van de overheid worden weergegeven. Er wordt een vergelijking gemaakt tussen de begroting van 2023 zoals gepresenteerd in de Miljoenennota 2023 en de realisatie van dat jaar in het voorliggende Financieel Jaarverslag van het Rijk. De overheidsuitgaven kunnen op kasbasis, maar ook op transactiebasis worden geregistreerd. In het eerste geval worden transacties geboekt in de periode waarin betaling plaatsvindt, in het tweede geval in de periode waarin rechten en verplichtingen zijn ontstaan. Op de departementale begrotingen worden de uitgaven op kasbasis geregistreerd: welke bedragen worden daadwerkelijk van de bankrekeningen van het Rijk afgeschreven. Bij het saldo van de overheid (EMU-saldo) wordt niet uitgegaan van de uitgaven op kasbasis, maar op transactiebasis: de uitgaven worden geboekt in de periode waarin rechten en verplichtingen zijn ontstaan. Bij de tabellen hieronder worden de gebruikte begrippen verder toegelicht.Tabel 4.1 bevat alle netto-uitgaven van de Rijksoverheid: de optelsom van de uitgaven minus de niet-belastingontvangsten. Om de uitgaven te beheersen is er een uitgavenplafond. De uitgaven onder het uitgavenplafond mogen het uitgavenplafond niet overschrijden. Het uitgavenplafond is op zijn beurt gesplitst in vier verschillende deelplafonds: het plafond Rijksbegroting, het plafond Sociale Zekerheid, het plafond Zorg en het plafond Investeringen. De uitgangsregel is dat alle uitgaven die relevant zijn voor het EMU-saldo ook onder een van de vier uitgavenplafonds vallen, tenzij hier een uitzondering voor gemaakt is. De uitgaven en ontvangsten die niet onder een plafond vallen worden in tabel 4.9 nader uitgesplitst.In het bovenste deel van de tabel zijn de uitgaven uitgesplitst in de begrotingsgefinancierde en de premiegefinancierde uitgaven. De begrotingsgefinancierde uitgaven worden betaald uit belastingen en zijn de optelling van alle uitgaven en niet-belastingontvangsten op de departementale begrotingen. Dit zijn de uitgaven waarvoor het parlement autorisatie verleent door de begrotingen aan te nemen. Naast de begrotingsgefinancierde uitgaven zijn er ook premiegefinancierde uitgaven. De uitgaven aan zorg en sociale zekerheid worden voornamelijk gefinancierd uit de premies. In het onderste deel van de tabel zijn de begrotings- en premiegefinancierde uitgaven per deelplafond opgeteld.Tabel 4.1 Netto-uitgaven naar type en plafond(in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023VerschilBronBegrotingsgefinancierde netto-uitgavenPlafond Rijksbegroting166.352173.4997.147Tabel 4.5Plafond Sociale Zekerheid27.77426.757‒ 1.016Tabel 4.6Plafond Zorg2.4602.143‒ 317Tabel 4.7Plafond Investeringen22.02816.633‒ 5.395Tabel 4.8Netto-uitgaven buiten het uitgavenplafond47.81745.600‒ 2.217Tabel 4.9Totaal begrotingsgefinancierde netto-uitgaven266.430264.631‒ 1.798Tabel 4.4Premiegefinancierde netto-uitgavenPlafond Sociale Zekerheid72.17671.229‒ 947Tabel 4.6Plafond Zorg86.97285.631‒ 1.341Tabel 4.7Totaal premiegefinancierde netto-uitgaven159.148156.860‒ 2.288Totaal netto-uitgaven425.578421.492‒ 4.08616Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023VerschilBronPlafond Rijksbegroting166.352173.4997.147Tabel 4.5Plafond Sociale Zekerheid99.95097.986‒ 1.963Tabel 4.6Plafond Zorg89.43287.774‒ 1.658Tabel 4.7Plafond Investeringen22.02816.633‒ 5.395Tabel 4.8Totaal netto-uitgaven onder het uitgavenplafond377.761375.892‒ 1.869Netto-uitgaven buiten het uitgavenplafond47.81745.600‒ 2.217Tabel 4.9Totaal netto-uitgaven403.550421.4921.309Tabel 4.2 geeft alle uitgaven zoals die vermeld zijn in de individuele begrotingshoofdstukken van de Rijksbegroting. In die hoofdstukken zelf zijn de uitgaven verdeeld over verschillende beleids- en niet-beleidsartikelen, maar in de tabel wordt alleen het totaal per begrotingshoofdstuk weergegeven. Het betreft hier de kasuitgaven van de begrotingshoofdstukken. Alleen voor het begrotingshoofdstuk van Nationale Schuld zijn de bedragen op transactiebasis.Tabel 4.2 Uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil1De Koning505662AStaten-Generaal211238272BOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs16917673Algemene Zaken909334Koninkrijksrelaties196156‒ 415Buitenlandse Zaken13.00912.146‒ 8646Justitie en Veiligheid19.60722.9673.3607Binnenlandse Zaken9.2549.6043508Onderwijs, Cultuur en Wetenschap53.24855.1231.8759ANationale Schuld (Transactiebasis)7.2809.9402.6609BFinanciën14.15514.55940510Defensie15.03915.1228412Infrastructuur en Waterstaat12.98112.333‒ 64813Economische Zaken en Klimaat15.95513.652‒ 2.30314Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit2.7762.277‒ 49915Sociale Zaken en Werkgelegenheid50.35148.323‒ 2.02716Volksgezondheid, Welzijn en Sport35.46147.58612.12617Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking3.8623.9044250Gemeentefonds40.47842.2051.72751Provinciefonds2.9963.13013455Mobiliteitsfonds8.6968.367‒ 32958Diergezondheidsfonds33441260Accres Gemeentefonds5700‒ 57061Accres Provinciefonds960‒ 9664BES-fonds53883565Deltafonds1.9081.734‒ 17466Defensiematerieelbegrotingsfonds6.6795.614‒ 1.06570Nationaal Groeifonds1.5730‒ 1.573APAanvullende Posten9.9760‒ 9.97690Consolidatie1‒ 18.255‒ 14.8293.426HGISInternationale Samenwerking2(7.783)(9.550)‒ 1.767Totaal308.496314.6096.1131) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat onder andere om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds en van de begroting van Defensie aan het Defensiematerieelbegrotingsfonds.17Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 MN 2023FJR 2023Verschil2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.Tabel 4.3 bevat alle niet-belastingontvangsten op de verschillende begrotingshoofdstukken van de Rijksbegroting. Dit betreft alle ontvangsten die geen belasting- of premie-ontvangst zijn. Denk bijvoorbeeld aan het dividend dat uitgekeerd wordt door staatsdeelnemingen, het terugbetalen van studieschulden of de opbrengst van boetes en schikkingen. Ook hier geldt dat alle bedragen op kasbasis zijn, behalve bedragen op de begroting van Nationale Schuld die deels op transactiebasis is opgesteld. Omdat hier inzicht wordt gegeven in de niet-belastingontvangsten worden de ontvangsten vanuit het uitgeven van nieuwe staatschuld niet meegeteld. Deze ontvangsten komen in bijlage 5 aan bod bij de bepaling van het EMU-saldo.Tabel 4.3 Niet-belastingontvangsten begrotingen (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil1De Koning2202AStaten-Generaal41062BOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs6823Algemene Zaken8914Koninkrijksrelaties1.09089‒ 1.0025Buitenlandse Zaken2.7851.340‒ 1.4456Justitie en Veiligheid1.6051.615107Binnenlandse Zaken6801.0603808Onderwijs, Cultuur en Wetenschap1.6652.0243599ANationale Schuld (Transactiebasis)11.51724.66313.1469BFinanciën2.2154.8802.66510Defensie1422238112Infrastructuur en Waterstraat4347413Economische Zaken17.0657.920‒ 9.14514Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit791719215Sociale Zaken en Werkgelegenheid2.3013.3451.04416Volksgezondheid, Welzijn en Sport1681.3501.18217Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking501358550Gemeentefonds00051Provinciefonds00055Mobiliteitsfonds8.6968.503‒ 19358Diergezondheidsfonds4041165Deltafonds1.9081.710‒ 19866Defensiematerieelbegrotingsfonds6.6795.664‒ 1.01570Nationaal Groeifonds1.5730‒ 1.573APAanvullende Posten00090Consolidatie1‒ 18.255‒ 14.8293.426HGISInternationale Samenwerking2(130)(356)‒ 226Totaal42.06649.9787.9121) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat onder andere om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds en van de begroting van Defensie aan het Defensiematerieelbegrotingsfonds.2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.18Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 4.4 geeft per begrotingshoofdstuk de netto-uitgaven weer, oftewel de uitgaven (tabel 4.2) minus de niet-belastingontvangsten (tabel 4.3). De daaropvolgende tabellen (tabel 4.5 tot en met tabel 4.8) geven per deelplafond aan welke uitgaven er onder vallen, op welk begrotingshoofdstuk deze staan, en of de uitgaven begrotings- of premiegefinancierd zijn.Tabel 4.4 Netto-uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil1De Koning485462AStaten-Generaal207228212BOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs16316853Algemene Zaken828414Koninkrijksrelaties‒ 894679615Buitenlandse Zaken10.22410.8065826Justitie en Veiligheid18.00221.3523.3507Binnenlandse Zaken8.5758.544‒ 318Onderwijs, Cultuur en Wetenschap51.58253.0991.5169ANationale Schuld (Transactiebasis)‒ 4.237‒ 14.723‒ 10.4869BFinanciën11.9399.680‒ 2.26010Defensie14.89614.899312Infrastructuur en Waterstaat12.93812.287‒ 65213Economische Zaken en Klimaat‒ 1.1105.7326.84214Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit2.6972.107‒ 59015Sociale Zaken en Werkgelegenheid48.05044.979‒ 3.07116Volksgezondheid, Welzijn en Sport35.29346.23710.94417Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking3.8123.768‒ 4350Gemeentefonds40.47842.2051.72751Provinciefonds2.9963.13013455Mobiliteitsfonds0‒ 136‒ 13658Diergezondheidsfonds‒ 741160Accres Gemeentefonds5700‒ 57061Accres Provinciefonds960‒ 9664BES-fonds53883565Deltafonds0242466Defensiematerieelbegrotingsfonds0‒ 50‒ 5070Nationaal Groeifonds000APAanvullende Posten9.9760‒ 9.976HGISInternationale Samenwerking11(7.653)(9.194)‒ 1.541Totaal266.430264.631‒ 1.7981) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.1In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.19Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 4.5 Netto-uitgaven onder plafond Rijksbegroting (in miljoenen euro)MN2023FJR2023Verschil1De Koning485462AStaten-Generaal207228212BOverige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs16316853Algemene Zaken828414Koninkrijksrelaties14048‒ 925Buitenlandse Zaken5.3896.3489586Veiligheid en Justitie15.75117.9432.1937Binnenlandse Zaken8.3828.014‒ 3688Onderwijs, Cultuur en Wetenschap48.27351.7183.4459ANationale Schuld (Transactiebasis)5.0576.1191.0629BFinanciën10.61810.422‒ 19610Defensie8.3548.51416012Infrastructuur en Milieu2.7172.85413713Economische Zaken‒ 5386.6607.19714Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit2.3731.735‒ 63815Sociale Zaken en Werkgelegenheid1.6031.111‒ 49216Volksgezondheid, Welzijn en Sport8.1555.845‒ 2.31017Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking3.8333.786‒ 4750Gemeentefonds37.15238.6291.47751Provinciefonds2.9963.13013460Accres Gemeentefonds5700‒ 57061Accres Provinciefonds960‒ 9664BES-fonds53883580Prijsbijstelling1.6560‒ 1.65681Arbeidsvoorwaarden3.0610‒ 3.06186Algemeen1600‒ 16090Consolidatie1000HGISInternationale Samenwerking2(7.783)(8.291)‒ 508Totaal166.352173.4997.1471) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.Tabel 4.6 Netto-uitgaven onder plafond Sociale Zekerheid (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil15Sociale Zaken en Werkgelegenheid23.81724.8231.00650Gemeentefonds1.7921.934142APAanvullende Posten2.1640‒ 2.164Begrotingsgefinancierde netto-uitgaven27.77426.757‒ 1.01640Sociale Verzekeringen72.17671.229‒ 947Premiegefinancierde netto-uitgaven72.17671.229‒ 947Totaal netto-uitgaven plafond Sociale Zekerheid99.95097.986‒ 1.96320Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 4.7 Netto-uitgaven onder plafond Zorg (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil16Volksgezondheid, Welzijn en Sport4375016450Gemeentefonds1.5331.641109APAanvullende Posten4900‒ 490Begrotingsgefinancierde netto-uitgaven2.4602.143‒ 31741Zorg86.97285.631‒ 1.341Premiegefinancierde netto-uitgaven86.97285.631‒ 1.341Totaal netto uitgaven plafond Zorg89.43287.774‒ 1.658Tabel 4.8 Netto-uitgaven onder plafond Investeringen (in miljoenen euro)MN2023FJR2023Verschil6Justitie en Veiligheid0007Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties2185893728Onderwijs, Cultuur en Wetenschap26266‒ 1969BFinanciën00010Defensie6.5205.463‒ 1.05712Infrastructuur en Waterstaat10.1829.393‒ 78913Economische Zaken en Klimaat2.898894‒ 2.00414Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit3243724715Sociale Zaken en Werkgelegenheid64‒ 216Volksgezondheid, Welzijn en Sport1712‒ 655Mobiliteitsfonds0‒ 136‒ 13665Deltafonds0242466Defensiematerieelbegrotingsfonds2‒ 48‒ 5070Nationaal Groeifonds00080Prijsbijstelling8410‒ 84181Arbeidsvoorwaarden1800‒ 18086Algemeen5780‒ 578Totaal Netto rijksbegrotingsuitgaven22.02816.633‒ 5.395Tabel 4.9 geeft per begrotingshoofdstuk de uitgaven weer die buiten het uitgavenplafond vallen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om uitgaven die niet meetellen in het begrotingstekort (het EMU-saldo), zoals het verstrekken van (studie)leningen, de bijdrage van het Rijk aan de sociale fondsen of de opbrengst van het verkopen van staatsdeelnemingen. Daarnaast zijn er uitgaven die wel EMU-saldorelevant zijn, maar buiten het uitgavenplafond zijn geplaatst, zoals de uitgaven aan de zorgtoeslag.Evenals bij voorgaande tabellen geldt dat de genoemde bedragen in tabel 4.9 op kasbasis zijn, behalve het begrotingshoofdstuk van Nationale Schuld dat deels op transactiebasis wordt opgesteld. De uitgaven aan het aflossen van en de ontvangsten uit het uitgeven van de staatsschuld zijn niet in deze tabel opgenomen, maar worden in bijlage 5 EMU-saldo en EMU-schuld afzonderlijk toegelicht.21Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 4.9 Netto-uitgaven buiten het uitgavenplafond (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil4Koninkrijksrelaties‒ 1.034191.0535Buitenlandse zaken4.8354.458‒ 3776Justitie en veiligheid2.2513.4091.1587Binnenlandse Zaken‒ 25‒ 59‒ 358Onderwijs, Cultuur en Wetenschap3.0471.314‒ 1.7339ANationale Schuld (Transactiebasis)‒ 9.294‒ 20.842‒ 11.5489BFinanciën1.322‒ 742‒ 2.06410Defensie2392390012Infrastructuur en Waterstaat4040013Economische Zaken en Klimaat‒ 3.471‒ 1.8221.64915Sociale Zaken en Werkgelegenheid22.62419.041‒ 3.58316Volksgezondheid, Welzijn en Sport26.68339.87913.19617Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking‒ 21‒ 17455Mobiliteitsfonds00058Diergezondheidsfonds‒ 741166Defensiematerieelbegrotingsfonds‒ 2‒ 20APAanvullende posten8460‒ 846HGISInternationale Samenwerking1(-3)(903)(906)Totaal netto-uitgaven buiten het plafond47.81745.600‒ 2.2171) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.Tabel 4.10 geeft de totale netto-uitgaven aan Internationale Samenwerking (HGIS) aan per begrotingshoofdstuk. Deze uitgaven aan internationale samenwerking worden gecoördineerd door het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar worden verantwoord op de individuele begrotingen. In bovenstaande tabellen zijn deze middelen onderdeel van de totalen per begroting. Onderaan deze tabellen staat het totaal aan HGIS-uitgaven over alle begrotingen.Tabel 4.10 Netto HGIS-uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)MN 2023FJR 2023Verschil5Buitenlandse Zaken2.4622.512506Veiligheid en Justitie6261.1865597Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties1108Onderwijs, Cultuur en Wetenschap10511389BFinanciën3113887710Defensie212178‒ 3312Infrastructuur en Waterstaat3239713Economische Zaken en Klimaat2933414Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit3846815Sociale Zaken en Werkgelegenheid11016Volksgezondheid, Welzijn en Sport78217Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking3.8333.786‒ 4786Algemeen000Totaal plafondrelevante netto-uitgaven HGIS7.6568.29163510Defensie1892190217Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking‒ 21‒ 17466Defensiematerieelbegrotingsfonds000Totaal niet-plafondrelevante netto-uitgaven HGIS‒ 3903906Totaal netto-uitgaven HGIS7.6539.1941.54122Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 5 EMU-SALDO EN EMU-SCHULDTabel 5.1 betreft een overzicht van de inkomsten, de uitgaven, het EMU-saldo en de EMU-schuld (de budgettaire kerngegevens). Het betreft de inkomsten en uitgaven van het Rijk die relevant zijn voor het EMU-saldo. Om van het EMU-saldo Rijk tot het saldo van de gehele collectieve sector te komen, wordt het EMU-saldo van de decentrale overheden meegeteld. De EMU-schuld wordt hier voor de gehele collectieve sector weergeven.Tabel 5.1 Budgettaire kerngegevens (in miljarden euro, + = overschot)MN 2023FJR 2023VerschilInkomsten (belastingen en sociale premies)366,4385,619,1Nood- en steunmaatregelen corona relevant voor EMU-saldo (uitgaven)5,22,1‒ 3,1Reguliere netto-uitgaven onder het uitgavenplafond372,6373,81,3Rijksbegroting161,5170,89,3Sociale Zekerheid99,798,6‒ 1,0Zorg89,487,7‒ 1,7Investeringen22,016,6‒ 5,4Overige netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo17,214,4‒ 2,8Totale netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo395,0390,3‒ 4,7EMU-saldo centrale overheid‒ 28,5‒ 4,823,8EMU-saldo decentrale overheden‒ 1,01,22,2EMU-saldo collectieve sector‒ 29,6‒ 3,526,0EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)‒ 3,0%‒ 0,3%2,6%EMU-schuld collectieve sector491,7480,7‒ 11,0EMU-schuld collectieve sector (in procenten bbp)49,5%46,5%‒ 3,0%Bruto binnenlands product (bbp)993,81.034,140,3Tabel 5.2 geeft de opbouw van het EMU-saldo van de collectieve sector weer. Dit EMU-saldo, ook wel het overheidssaldo genoemd, is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid en de decentrale overheden. De inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid zijn in meer detail te vinden in bijlage 3 en 4. Om tot het EMU-saldo te komen worden enkele correcties toegepast: sommige uitgaven tellen namelijk niet mee voor het EMU-saldo (deze zijn uitgesplitst in tabel 5.3) en voor sommige posten telt een ander bedrag mee voor het EMU-saldo (op transactiebasis) dan op kasbasis in de Rijksbegroting is opgenomen (deze zijn uitgesplitst in tabel 5.4).Tabel 5.2 EMU-saldo (in miljoenen euro, + is overschot)MN 2023FJR 2023Verschil1Belasting- en premieontvangsten366.437385.55019.1132Totale netto-uitgaven425.578421.492‒ 4.0863Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven‒ 33.450‒ 32.0451.4054Bij: Kas-transverschillen en overige posten‒ 2.851‒ 8801.9715Bij: EMU-saldo decentrale overheden‒ 1.0191.2292.2486EMU-saldo collectieve sector (1-2-3+4+5)‒ 29.562‒ 3.54826.01423Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 De uitgaven die wel op de Rijksbegroting staan, maar die niet meetellen voor het EMU-saldo, staan vermeld in tabel 5.3. Wat er wel en niet meetelt voor het EMU-saldo is vastgesteld door het Europese statistiekbureau Eurostat in de Manual on Government Deficit and Debt.Tabel 5.3 Uitgaven niet-relevant voor het EMU-saldo (in miljoenen euro, + is uitgave)MN2023FJR 2023VerschilVerstrekking studieleningen3.7152.707‒ 1.008Aflossing studieleningen‒ 1.162‒ 1.417‒ 255Aan- en verkoop staatsdeelnemingen477‒ 697‒ 1.174Voortijdige beeindiging derivaten000Rente-ontvangsten derivaten‒ 23865303Uitgaven gerelateerd aan Oekraine‒ 2.30502.305Coronagerelateerde leningen‒ 1.104‒ 531.051Rijksbijdragen aan sociale fondsen43.17453.75310.579Kasbeheer‒ 9.348‒ 22.002‒ 12.655Overig241‒ 310‒ 551Totaal33.45032.045‒ 1.405Tabel 5.4 geeft de posten weer die wel meetellen voor het EMU-saldo, maar die niet, of niet op dezelfde manier, in de Rijksbegroting staan. Voor een deel ervan geldt dat voor het EMU-saldo wordt gerekend met de uitgaven en ontvangsten op transactiebasis, terwijl de Rijkbegroting de uitgaven op kasbasis bijhoudt. Om tot het EMU-saldo te komen moet daarom bovenop het bedrag dat daadwerkelijk de kas heeft verlaten nog een zogenaamd kas-transverschil (ktv) worden meegeteld. Daarnaast is er een aantal posten die niet op de Rijkbegroting staan, zoals het positieve of negatieve saldo van agentschappen en de kosten van zorgverzekeraars. Deze posten zijn ook meegenomen in tabel 5.4, omdat deze ook meetellen voor het EMU-saldo.Tabel 5.4 Kas-transverschillen en overige posten (in miljoenen euro, + is saldoverbeterend)MN 2023FJR 2023VerschilKTV EU-afdrachten0452452KTV Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW)212‒ 651‒ 863KTV Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL)10066‒ 34KTV OV-beschikbaarheidsvergoeding17992‒ 87KTV OV-studentenkaart‒ 960401.000KTV Veilingopbrengsten284146‒ 138KTV Gasbaten‒ 973‒ 4.587‒ 3.614KTV Publiek private samenwerking119‒ 37‒ 156KTV Defensie0742742KTV Prestatiebeurzen‒ 670‒ 486184KTV Toeslagen000KTV Rijksbijdragen aan decentrale overheden03.1213.121Overige kas-transverschillen (aansluiting bij CBS)‒ 225726951Mutatie begrotingsreserves‒ 4711.0341.504Saldo agentschappen en rest centrale overheid0‒ 248‒ 248Totaal Rijk‒ 2.4044092.813Totaal Sociale fondsen‒ 447‒ 1.289‒ 841Totaal Rijk en sociale fondsen‒ 2.851‒ 8801.97124Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 5.5 geeft de verdeling van het EMU-saldo over de verschillende onderdelen van de collectieve sector weer. In tabel 5.6 wordt het EMU-saldo van het Rijk verder uitgesplitst.Tabel 5.5 Opbouw EMU-saldo collectieve sector (in miljoenen euro, - is tekort)MN2023FJR 2023VerschilEMU-saldo Rijk‒ 36.123‒ 24.46911.654EMU-saldo sociale fondsen7.58019.69212.112EMU-saldo decentrale overheden‒ 1.0191.2292.248EMU-saldo collectieve sector‒ 29.562‒ 3.54826.014EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)‒ 3,0%‒ 0,3%2,6%Tabel 5.6 EMU-saldo Rijk (in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)MN2023FJR 2023VerschilBelastingontvangsten242.435261.46219.027Netto begrotingsgefinancierde uitgaven‒ 266.430‒ 264.6311.798Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven33.45032.045‒ 1.405Betaalde rijksbijdrage en rente aan sociale fondsen‒ 43.174‒ 53.753‒ 10.579Kas-transverschillen en overige posten Rijk‒ 2.4044092.813EMU-saldo Rijk (centrale overheid)‒ 36.123‒ 24.46911.654Tabel 5.7 geeft het financieringstekort van het Rijk weer. Het financieringstekort is het bedrag dat het Rijk op kasbasis in een jaar tekort komt of over heeft. Het financieringstekort is daarmee dus ook het bedrag dat in een jaar extra moet worden geleend of, bij een overschot, waarmee schulden kunnen worden afgelost. Waar het EMU-saldo een begrip op transactiebasis is, is het financieringstekort een begrip op kasbasis. Om te komen tot het financieringstekort moeten naast de belastingontvangsten en de uitgaven op de begrotingen nog een aantal correcties worden toegepast. Ten eerste zijn de belastingen, zoals die meetellen voor het EMU-saldo, berekend op transactiebasis. Om tot de belastingen op kasbasis te komen moet het kas-transverschil hier vanaf worden getrokken. Hetzelfde geldt voor posten op de Rijksbegroting die niet op kasbasis zijn. Allereerst is dat de rente op de staatsschuld. Deze staat in de Rijksbegroting op transactiebasis, terwijl voor het financieringstekort alleen de kasuitgaven meetellen. Daarnaast wordt geld storten in (of opnemen uit) een begrotingsreserve op de begroting gezet als uitgave of ontvangst, terwijl het geld de schatkist in dat geval niet daadwerkelijk verlaat of binnenkomt. Daarom wordt voor dit type uitgaven ook gecorrigeerd om tot het financieringssaldo te komen.Tabel 5.7 Financieringssaldo Rijksoverheid (in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)MN 2023FJR 2023VerschilBelastinginkomsten (kasbasis)242.477263.18920.712Netto begrotingsgefinancierde uitgaven‒ 266.430‒ 264.6311.798Af: kas-transverschil rentelasten‒ 1.8304762.306Mutatie begrotingsreserves‒ 4711.0341.504Mutaties derdenrekeningen inclusief Fortis lening0‒ 306‒ 306Financieringssaldo Rijksoverheid‒ 26.253‒ 23926.014Het financieringssaldo werkt één op één door in de staatsschuld. Voor een financieringstekort moet immers geleend worden op de financiële markten, terwijl een overschot gebruikt kan worden om schulden af te lossen. Tabel 25Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 5.8 geeft de ontwikkeling van de EMU-schuld weer gedurende het jaar 2023, in de eerste kolom zoals verwacht werd bij Miljoenennota 2023 en in de tweede kolom zoals daadwerkelijk gerealiseerd. De EMU-schuld betreft de hele collectieve sector, dus ook het tekort van decentrale overheden en agentschappen heeft invloed op de EMU-schuld.Tabel 5.8 Opbouw EMU-schuld collectieve sector (in miljoenen euro, - is overschot)MN 2023FJR 2023VerschilEMU-schuld begin jaar464.413480.06515.651Financieringssaldo Rijksoverheid26.253239‒ 26.014EMU-saldo decentrale overheden1.019‒ 1.229‒ 2.248EMU-saldo rest centrale overheid000Schatkistbankieren decentrale overheden000Overig01.5961.596EMU-schuld einde jaar491.686480.671‒ 11.015EMU-schuldquote (in procenten bbp)49,5%46,5%‒ 3,0%Tabel 5.9 bevat de ontwikkeling van de EMU-schuldquote (de EMU-schuld in verhouding tot het bbp). Behalve het begrotingstekort of -overschot heeft ook de ontwikkeling van het bbp zelf invloed op de schuldquote. Dit is weergegeven als het noemereffect.Tabel 5.9 Opbouw EMU-schuldquote (in procenten bbp)MN 2023FJR 2023VerschilEMU-schuldquote begin jaar49,851,01,2Noemereffect bbp‒ 3,0‒ 4,6‒ 1,6Financieringssaldo Rijksoverheid2,60,0‒ 2,6EMU-saldo decentrale overheden0,1‒ 0,1‒ 0,2EMU-saldo rest centrale overheid0,00,00,0Schatkistbankieren decentrale overheden0,00,00,0Overig0,00,20,2EMU-schuldquote einde jaar49,546,5‒ 3,0De tabellen 5.10 en tabel 5.11 geven een historisch overzicht van het EMU-saldo en de EMU-schuld in de afgelopen tien jaar, zowel in euro's als in procenten van het bbp.Tabel 5.10 Historisch overzicht EMU-saldo (in miljarden euro, - is tekort)2014201520162017201820192020202120222023EMU-saldo‒ 15,1‒ 13,40,910,111,614,6‒ 29,6‒ 22,30,0‒ 3,5bbp671,6690,0708,3738,1774,0813,1796,5855,5941,21034,1EMU-saldo (in procenten bbp)‒ 2,3%‒ 1,9%0,1%1,4%1,5%1,8%‒ 3,7%‒ 2,4%0,0%‒ 0,3%Tabel 5.11 Historisch overzicht EMU-schuld (in miljarden euro)2014201520162017201820192020202120222023EMU-schuld456446438420406395435449480481bbp6726907087387748137978559411034EMU-schuld (in procenten bbp)67,9%64,6%61,9%57,0%52,4%48,5%54,7%52,5%51,0%46,5%Tabel 5.12 en tabel 5.13 geven een aansluiting tussen de cijfers zoals deze zijn gepresenteerd in bijlage 1 Rijksrekening en bijlage 5 EMU-saldo en EMU-schuld.26Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 5.12 Aansluiting uitgaven Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)Tabel 5.12 Aansluiting uitgaven Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)FJR 2023BronTotaal kasuitgaven begrotingen369,7Tabel 1.2Rentelasten7,6Tabel 1.4Totaal kasuitgaven begrotingen en rentelasten377,3Af: uitgaven aflossing vaste schuld31,7H9A artikel 11Af: uitgaven aflossing vlottende schuld16,1H9A artikel 11Af: consolidatie14,8Tabel 4.2Totaal uitgaven begrotingen314,6Tabel 4.2Af: niet-belastingontvangsten begrotingen50,0Tabel 4.3Totaal netto-uitgaven begrotingen264,6Tabel 4.4Totaal premiegefinancierde netto-uitgaven156,9w.v. Sociale Zekerheid en Arbeidsmarktrelaties71,2Tabel 4.6w.v. Zorg85,6Tabel 4.7Totaal netto-uitgaven (begrotingen en premies)421,5Tabel 5.1w.v. Netto-uitgaven onder het uitgavenplafond375,9Tabel 5.1w.v. Netto-uitgaven buiten het uitgavenplafond45,6Tabel 4.8Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven32,0Tabel 5.2Bij: kas-transverschillen en overige posten0,9Tabel 5.2Totaal netto-uitgaven relevant voor EMU-saldo390,3Tabel 5.1Tabel 5.13 Aansluiting ontvangsten Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)FJR 2023BronTotaal kasontvangsten begrotingen374,0Tabel 1.3Rentebaten0,3Tabel 1.5Totaal kasontvangsten begrotingen en rentebaten374,3Af: uitgifte vaste schuld46,3H9A artikel 11Af: uitgifte vlottende schuld0,0H9A artikel 11Af: consolidatie14,8Tabel 4.3Af: niet-belastingontvangsten50,0Tabel 4.3Totaal belastingen op kasbasis263,2Tabel 3.2Premie-inkomsten op kasbasis124,8w.v. volksverzekeringen40,7Tabel 3.2w.v. werknemersverzekeringen (EMU-basis)84,1Tabel 3.2Totale inkomsten op kasbasis388,0Kas-transverschillen inkomsten‒ 2,4w.v. kas-transverschillen belastingen‒ 1,7Tabel 3.227Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 FJR 2023Bronw.v. kas-transverschillen premies volksverzekeringen‒ 0,7Tabel 3.2Totaal belastingen en premies op EMU-basis385,6Tabel 6.128Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 6 FISCALE REGELINGENSinds 2002 wordt budgettaire informatie over fiscale regelingen opgenomen in de Miljoenennota en het Financieel Jaarverslag van het Rijk. In de Miljoenennota worden ook onder andere het beleidsverantwoordelijk departement en de afgeronde en geplande evaluaties vermeld. Meer beleidsmatige informatie over fiscale regelingen wordt opgenomen in de begrotingen en jaarverslagen van de verschillende vakdepartementen.In het Financieel Jaarverslag van het Rijk wordt alleen het budgettaire belang gegeven van de fiscale regelingen waarvan op dat moment voorlopige realisatiegegevens over 2023 beschikbaar zijn. Dit betreft de afdrachtverminderingen in de loonbelasting voor zeevaart en speur- en ontwikkelingswerk (WBSO) en de investeringsfaciliteiten in de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting waarvoor een aanmeldingsverplichting geldt, namelijk de energie-investeringsaftrek (EIA), milieu-investeringsaftrek (MIA) en willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). De voorlopige realisaties van deze regelingen worden hier vermeld. Definitieve realisaties worden pas in de loop van 2024 bekend en worden opgenomen in de Miljoenennota 2025. Voor de overige fiscale regelingen zal in de Miljoenennota 2025 een geactualiseerde raming voor 2023 worden opgenomen, op basis van de meest recente gegevens op dat moment.De investeringsregelingen en de afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk zijn gebudgetteerde regelingen met een systematiek van meerjarige budgetegalisatie. De afdrachtvermindering zeevaart is geen gebudgetteerde regeling. Een uitgebreidere beschrijving van deze fiscale regelingen en de ramingsmethodiek kan gevonden worden in de Miljoenennota 2024, bijlage 10.6.1 Afdrachtverminderingen in de loonbelastingTabel 6.1 laat de voorlopige (geschatte) realisaties van de betreffende afdrachtverminderingen over 2023 zien. De realisaties zijn gebaseerd op geaggregeerde informatie vanuit de loonaangiften.Tabel 6.1 Gegevens afdrachtverminderingen over 2023 (stand april 2024 in miljoenen euro)AfdrachtverminderingRaming 2023 (MN 2023)Voorlopige realisatie 2023Speur- en ontwikkelingswerk (WBSO)1.3701.355Zeevaart105116Het totale beschikbare budget voor de afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk zoals opgenomen in de Miljoenennota 2023 bedroeg 1.370 miljoen euro. In de Miljoenennota 2024 is het budget voor het jaar 2023 gestegen naar 1.437 miljoen euro (exclusief 4 miljoen euro voor de aftrek speur- en ontwikkelingswerk zelfstandigen). De geschatte voorlopige realisatie is 1.355 miljoen euro. Met deze realisatie is er een onderuitputting van 82 miljoen euro. De onderuitputting wordt conform de geldende systematiek aan het in 2025 beschikbare budget toegevoegd. De hoogte van de verzilverde S&O-afdrachtvermindering over 2023 wordt in juli 2024 definitief vastgesteld op basis van de realisaties tot en met juni 2024. De daadwerkelijke realisatie kan daardoor nog enkele miljoenen afwijken en wordt met Prinsjesdag openbaar gemaakt.29Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 De voorlopige realisatie van de afdrachtvermindering zeevaart voor 2023 valt 11 miljoen euro hoger uit dan de raming in de Miljoenennota 2023. Het budgettaire belang van deze regeling is vrij constant over de jaren.6.2 InvesteringsfaciliteitenTabel 6.2 bevat voorlopige realisatiegegevens over het jaar 2023 voor de investeringsfaciliteiten waarvoor een aanmeldingsverplichting geldt.Tabel 6.2 Gegevens investeringsfaciliteiten over 2023 (stand april 2024 in miljoenen euro)RegelingBudget 2023 (MN 2023)Voorlopige realisatie 2023Energie-investeringsaftrek (EIA)249298Milieu-investeringsaftrek (MIA)194260Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil)2525De EIA heeft voor 2023 een budget van 249 miljoen euro. De budgetclaim van de EIA bedraagt 298 miljoen euro volgens voorlopige realisatiecijfers. Daarmee is in 2023 naar verwachting een overuitputting van 49 miljoen euro. De budgetreserve komt hiermee op ‒ 99 miljoen euro. Door een structurele verlaging van het aftrekpercentage van de EIA van 45,5% naar 40% per 2024 en aanpassingen van de energielijst, is de verwachting dat de budgetclaim van de EIA de komende jaren zal afnemen. Daarnaast heeft het kabinet het budget van de EIA voor de komende jaren verhoogd. Hierdoor is de verwachting dat de EIA de komende jaren een onderuitputting zal kennen waardoor de negatieve budgetreserve wordt ingelopen.De MIA heeft voor 2023 een budget van 194 miljoen euro in de Miljoenennota 2023. In de Miljoenennota van 2024 is dit verlaagd naar 192 miljoen euro in verband met een stijging in uitvoeringskosten. De budgetclaim van de MIA bedraagt 260 miljoen euro volgens voorlopige realisatiecijfers. Daarmee is in 2023 naar verwachting een overuitputting van 68 miljoen euro. De budgetreserve komt hiermee op 0 miljoen euro. Om komend jaar binnen budget te blijven is de Milieulijst bijgesteld.De Vamil heeft voor 2023 een budget van 25 miljoen. Het voorlopige realisatiecijfer is eveneens 25 miljoen waardoor er geen onder- of overuitputting is. De budgetreserve blijft hiermee constant op 106 miljoen euro.30Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 7 BELEIDSMATIGE MUTATIES NA DE NAJAARSNOTAOm het budgetrecht van de Kamers te borgen, worden beleidsmatige mutaties die na de Najaarsnota leiden tot een overschrijding van het budget op artikelniveau aan de beide Kamers gemeld. In deze bijlage is een overzicht opgenomen van deze beleidsmatige mutaties van departementen na de Najaarsnota. Hierbij is een ondergrens gehanteerd van 2 miljoen euro. De specifieke verantwoording over de mutaties is opgenomen in de Kamerstukken van de departementen. Voor de volledigheid wordt vermeld in welk Kamerstuk de betreffende mutatie aan de Tweede Kamer is gemeld. Ook wordt weergegeven of het een uitgavenmutatie (U), ontvangstenmutatie (O) of een verplichtingenmutatie (V) betreft.Tabel 7.1 Beleidsmatige mutaties na de Najaarsnota (in miljoenen euro)BegrotingshoofdstukArtikelOmschrijvingBedrag (in mln. euro)KamerstukUOV6. Justitie en Veiligheid37. MigratieOpvang Oekraïense ontheemden36036410-VI, nr. 19X6. Justitie en Veiligheid37. MigratieOpvang Oekraïense ontheemden33436410-VI, nr. 19X6. Justitie en Veiligheid36. Contraterrorisme en nationaal veiligheidsbeleidBrede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR)536410-VI, nr. 19X6. Justitie en Veiligheid91. Apparaat kerndepartementDienst Terugkeer en Vertrek (DT&V)1436410-VI, nr. 19X8. Onderwijs, Cultuur en Wetenschap8. Internationaal beleidVlaams-Nederlandshuis DeBuren336410-IX, nr. 37X8. Onderwijs, Cultuur en Wetenschap15. MediaLandelijke publieke omroep1736410-IX, nr. 37X8. Onderwijs, Cultuur en Wetenschap15. MediaRegionale publieke omroep336410-IX, nr. 37X8. Onderwijs, Cultuur en Wetenschap15. MediaStichting omroep muziek336410-IX, nr. 37X9B. Financiën1. BelastingenICT-opdrachten3936410-IX, nr. 39X10. Defensie1. InzetUitgavensteun Oekraine10036410-X, nr. 21X10. Defensie4. Koninklijke luchtmachtContracten opdrachten, bijdrages aan kennisinstituten, inhuur flexibele capaciteit en salarissen reservisten8036410-X, nr. 21X10. Defensie5. Koninklijke MarechausseeNieuwe meerjarige inhuurcontracten536410-X, nr. 21X10. Defensie7. Commando Materieel en ITInnovatieprojecten, dienstreizen & HR-ecosysteem en overige materiële verplichtingen2536410-X, nr. 21XX10. Defensie7. Commando Materieel en ITInhuur IT-specialisten en inkoopdienstverlening3136410-X, nr. 21X10. Defensie8. Defensie OndersteuningscommandoContracten voor geneeskundige goederen, opleidingen en formatie4536410-X, nr. 21X10. Defensie9. AlgemeenBijdrage aan kennisinstituten, internationale samenwerking en schadeloosstellingsregelingen836410-X, nr. 21XX12. Infrastructuur en Waterstaat24. Inspectie Leefomgeving en TransportInkoop Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT)736410-XII, nr. 17X12. Infrastructuur en Waterstaat25. Brede DoeluitkeringBrede Doeluitkering (BDU) voor 20241336410-XII, nr. 17X14. Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit22. Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenBegrotingsreserve Visserij236410-XIV nr. 17XX31Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 BegrotingshoofdstukArtikelOmschrijvingBedrag (in mln. euro)KamerstukUOV16. Volksgezondheid, Welzijn en Sport6. Sport en bewegenSport verenigt Nederland1236410-XVI-CX16. Volksgezondheid, Welzijn en Sport10. ApparaatsuitgavenApparaatsuitgaven kerndepartement836410-XVI-CX55. Mobiliteitsfonds13. SpoorwegenExploitatie, Onderhoud en Vernieuwing Spoor6336410-XII, nr. 17X55. Mobiliteitsfonds13. SpoorwegenContract Infraspeed14336410-XII, nr. 17X66. Defensiematerieelbegrotingsfonds3. Land materieelVersnelde gezamenlijke bestelling Patriotrakketten16336 410-K, nr. 4XX66. Defensiematerieelbegrotingsfonds5. Infrastructuur en VastgoedVerbouwingskosten huisvesting hoog risico beveiliging en diverse overige hogere uitgaven voor instandhouding2736 410-K, nr. 4X66. Defensiematerieelbegrotingsfonds5. Infrastructuur en VastgoedSnellere realisatie projecten en eindafrekeningen RVB1036 410-K, nr. 4XJustitie en VeiligheidOpvang Oekraïense ontheemdenGebleken is dat de gemeenten meer voorschotten aanvragen dan bij de Najaarsnota 2023 verwacht. Om aan de afspraak te voldoen dat alle gemeenten die op tijd een aanvraag hebben ingediend ook in 2023 het voorschot krijgen uitbetaald, is een tegenvaller van circa 360 miljoen euro ontstaan. Opvang Oekraïense ontheemdenEr is ook sprake van een overschrijding van het verplichtingenbudget op artikel 37 van 334 miljoen euro. Dit komt grotendeels doordat de gemeenten meer voorschotten hebben aangevraagd (zie toelichting bij 1. opvang Oekraïense ontheemden). Daarnaast is er sprake van een verplichtingenoverschrijding van 9 miljoen euro op het subsidiebudget.Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR)Voor het aangaan van de verplichting voor de uitkering aan de Veiligheidsregio’s voor 2024 voor de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) is het verplichtingenbudget met 5,1 miljoen euro overschreden, omdat het budget bij de Najaarsnota niet voldoende was opgehoogd.Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V)Bij de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) zijn in 2023 enkele meerjarige verplichtingen aangegaan waardoor het verplichtingenbudget met 14 miljoen euro wordt overschreden. Dit is onderdeel van de in de veegbrief gemelde verplichtingenoverschrijding op artikel 91.Onderwijs, Cultuur en WetenschapVlaams-Nederlandshuis DeBurenHet verplichtingenbudget op artikel 8 (Internationaal beleid) is verhoogd. Het betreft hier het verplichtingenbudget op het instrument Opdrachten voor Vlaams-Nederlandshuis DeBuren waarbij in 2023 de verplichtingen voor twee jaar worden aangegaan.Landelijke publieke omroepDe verplichtingenruimte voor Landelijke Publieke Omroep was te laag in 2023, omdat de verplichtingen voor de uitgaven 2024 van de superevenementen in 2023 worden aangegaan. De uitgaven voor de superevene32Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 menten 2024 worden bij eerste suppletoire begroting in 2024 van het instrument dotatie/onttrekking Algemene Media Reserve toegevoegd aan de Landelijke Publieke Omroep.Regionale publieke omroepVoor de bekostiging van de Regionale Omroepen zijn er in 2023 verplichtingen aangegaan waarvan de uitgaven in 2024 worden gemaakt. De verplichtingenruimte voor Regionale Omroepen moest daarom worden verhoogd.Stichting omroep muziekVoor de bekostiging van Stichting Omroep Muziek zijn in 2023 verplichtingen aangegaan waarvan de uitgaven in 2024 worden gemaakt. De verplichtingenruimte voor Stichting Omroep Muziek in 2023 moest daarom worden verhoogd.FinanciënICT-opdrachtenDe uitgavenrealisatie op ICT-opdrachten van de Belastingdienst pakt circa 39 miljoen euro hoger uit dan bij de tweede suppletoire begroting 2023 was voorzien. De belangrijkste reden is dat conform de bestendige gedragslijn en gemaakte afspraken met leveranciers contracten deels voorafgaand aan het nieuwe jaar worden betaald. Daarnaast zijn er meer contracten nog in 2023 afgesloten dan eerder verwacht, waardoor er nu sprake is van een overschrijding.DefensieUitgavensteun OekraïneDe uitgaven voor de militaire steun aan Oekraïne zijn circa 100 miljoen euro hoger dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd verwacht dat deze steunuitgaven in 2024 zouden plaatsvinden, maar deze vonden in 2023 plaats. Deze uitgaven worden aangegaan voor de onvoorziene afdracht btw voor aanschaf munitie (26 miljoen euro), voor de brandstof voorziening Oekraïne (17 miljoen euro), voor het sneller leveren van kleding en uitrusting en voor de overige uitgaven voor commerciële verwerving en directe aanschaf van materieel dat is bestemd voor Oekraïne.Contracten opdrachten, bijdrages aan kennisinstituten, inhuur flexibele capaciteit en salarissen reservistenDe verplichtingen zijn 80 miljoen euro hoger dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. De hogere verplichtingen zijn een gevolg van een inhuur flexibele capaciteit (27 miljoen euro) voor onderhoudswerkzaamheden, van hogere uitgaven salarissen van reservisten (5 miljoen euro) en het aangaan van contracten voor opdrachten en bijdrages aan kennisinstituten.Nieuwe meerjarige inhuurcontractenDe verplichtingen zijn 5 miljoen euro hoger dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. De hogere verplichtingen zijn het gevolg van het aangaan van nieuwe meerjarige inhuurcontracten voor onder meer het inhuren van IT specialisten.33Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Innovatieprojecten, dienstreizen & HR-ecosysteem en overige materiële verplichtingenDe verplichtingen zijn 25 miljoen euro hoger dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Dit is het gevolg van 15 miljoen euro aan innovatieprojecten, 4 miljoen euro hogere overige materiële uitgaven voor innovatie, 1 miljoen euro diverse kleinere uitgaven en 5 miljoen euro hogere uitgaven voor dienstreizen en het HR ecosysteem. Per saldo is sprake van zowel hogere verplichtingen (totaal 25 miljoen euro) als hogere uitgaven (totaal 10 miljoen euro).Inhuur IT-specialisten en inkoopdienstverleningDe verplichtingen zijn 31 miljoen euro hoger uitvallen dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. De hogere verplichtingen zijn het gevolg van inhuur van IT-specialisten en Inkoopdienstverlening.Contracten voor geneeskundige goederen, opleidingen en formatieDe verplichtingen zijn 45 miljoen euro hoger dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Dit is het gevolg van eerder afgesloten contracten en hogere uitgaven en verplichtingen voor onder andere geneeskundige goederen, opleidingen en formatie.Bijdrage aan kennisinstituten, internationale samenwerking en schadeloosstellingsregelingenDe uitgaven en verplichtingen zijn 8,4 miljoen euro hoger dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Dit komt onder meer door een hogere bijdrage aan de kennisinstituten en internationale samenwerking en schadeloosstellingsregelingen.Infrastructuur en WaterstaatInkoop Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT)Om te borgen dat specifieke kennis bij de ILT beschikbaar blijft en werkzaamheden niet vertragen, was het noodzakelijk om contracten voor externe inzet en licenties voor 2024 nog in 2023 te verlengen en om materiële zaken aan te schaffen. Om dit te kunnen doen, was het noodzakelijk het verplichtingenkader voor de ILT in 2023 te verhogen met 7,0 miljoen euro.Brede Doeluitkering (BDU) voor 2024Volgens de BDU-systematiek worden de verplichtingen voorafgaand aan het jaar van betaling aangegaan. De beschikking voor het jaar 2024 is eind 2023 afgegeven aan de twee vervoersregio’s Metropoolregio Rotterdam en Den Haag (MRDH) en Vervoerregio Amsterdam (VRA). Bij het opstellen van de tweede suppletoire begroting was nog niet volledig bekend welke afzonderlijke afspraken met welk kaseffect in 2024 moesten worden vastgelegd. Inmiddels is dit bekend en is het verplichtingenbudget in 2023 in totaal verhoogd met 13,41 miljoen euro.Landbouw, Natuur en VoedselkwaliteitBegrotingsreserve VisserijDe begrotingsreserve visserij is bestemd voor uitgaven en ontvangsten met betrekking op de Europese Visserijfondsen (EFMZV en EMFAF). Door gebruik van de reserve blijven cofinancieringsmiddelen beschikbaar voor latere jaren. De exacte ontvangsten zijn lastig te voorspellen en vallen in 2023 1,4 miljoen euro lager uit dan de geraamde 3,2 miljoen euro. De onttrekking van 1,8 miljoen euro in 2023 is een saldo van een storting van het niet bestede deel van de nationale cofinanciering voor de regelingen van het nieuwe EMFAF 2021–2027 en uitgaven voor het EFMZV 2014-2020 en de uitvoering van beide fondsen.34Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Volksgezondheid, Welzijn en SportSport verenigt NederlandIn verband met het vastleggen van meerjarige verplichtingen voor projectsubsidies ‘Heroes in beweging’ en ‘Sportlijn II’, is het verplichtingenbudget in 2023 opgehoogd met 11,8 miljoen euro.Apparaatsuitgaven kerndepartementHet verplichtingenbudget op dit artikelonderdeel is verhoogd met 7,6 miljoen euro. Deze verhoging hangt samen met het aangaan van verplichtingen voor externe inhuur en de inkoop van contracten.MobiliteitsfondsExploitatie, Onderhoud en Vernieuwing SpoorAbusievelijk bleek dat bij de subsidieaanvraag EOV 2024 onvoldoende verplichtingen in 2023 staan om de subsidie te kunnen vastleggen. De informatie was ten tijde van de Najaarsnota niet bekend. IenW is juridisch verplicht om de subsidie in 2023 vast te leggen. Het budget is overigens meerjarig beschikbaar, dus het betreft hier alleen een technische mutatie waarbij 63 miljoen euro verplichtingenruimte uit 2024 naar 2023 schuift.Contract InfraspeedAbusievelijk bleek dat bij de subsidieaanvraag van Prorail 2024 onvoldoende verplichtingen in 2023 staan om de taken uit te voeren die zijn afgesproken tussen de Staat der Nederlanden en Prorail. Hierin is vastgelegd dat Prorail activiteiten uitvoert voor het ministerie van IenW inzake Infraspeed. De informatie was ten tijde van de Najaarsnota niet bekend. IenW is contractueel verplicht om de verplichting in 2023 vast te leggen. Het budget is meerjarig beschikbaar, dus het betreft hier alleen een technische mutatie waarbij 143 miljoen euro verplichtingenruimte uit 2024 naar 2023 schuift.DefensiematerieelbegrotingsfondsVersnelde gezamenlijke bestelling PatriotrakkettenIn samenwerking met het NATO Support and Procurement Agency (NSPA) en met Europese partners is een gezamenlijke bestelling voor raketten voor het Patriot lucht- en raketverdedigingssysteem geplaatst. Het is gelukt om nog dit jaar deze gezamenlijke bestelling af te ronden, waarmee ook schaalvoordelen optreden. Dat is een belangrijke stap waarmee de Europese Defensie-industrie en productiecapaciteit worden versterkt. Het betreft een voorschotbedrag van 163 miljoen euro en verplichtingen met een omvang van 658 miljoen euro in 2023.Verbouwingskosten huisvesting hoog risico beveiliging en diverse overige hogere uitgaven voor instandhoudingVoor instandhouding vastgoed betreft dit het budget voor de verbouwingskosten voor huisvesting hoog risico beveiliging (20 miljoen euro) en de eindafrekening van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) die 5 miljoen euro hoger uitvalt dan eerder werd verondersteld.Snellere realisatie projecten en eindafrekeningen RVBMet de tweede suppletoire begroting 2023 zijn budgetten voor de instandhouding en voor de investeringen doorgeschoven naar 2024. Naar nu blijkt, zal bij de instandhouding in 2023 nog circa 27 miljoen euro worden geïmplementeerd. Bij de investeringen zal in 2023 nog circa 10 miljoen euro worden geïmplementeerd. Bij de investeringen is dit het gevolg van een aantal projecten die boven verwachting sneller realiseren en een aantal eindafrekeningen die eerder door het RVB zijn aangeboden dan verwacht en 35Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 daarmee in 2023 tot betaling komen. Tot slot verloopt de realisatie bij Divisie Facilitair Logistiek beveiliging (DLFB) op inrichtingskosten, zowel op initiële inrichting als op het project Verbeteren Defensie Legering (VDL), sneller dan verwacht.36Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 8 RISICOREGELINGEN VAN HET RIJK 2023In tabellen 8.1 tot en met 8.5 wordt een totaaloverzicht van verschillende soorten risicoregelingen van het Rijk weergegeven. Voor details over onderstaande garantieregelingen, achterborgstellingen en leningen wordt verwezen naar begrotingen en jaarverslagen van de betreffende vakdepartementen.GarantiesEen garantie is een voorwaardelijke, financiële verplichting van het Rijk aan een derde buiten het Rijk, die pas tot uitbetaling komt als zich bij de wederpartij een bepaalde omstandigheid (realisatie van een risico) voordoet. Garantieregelingen worden als verplichting opgenomen in de begroting van het betreffende vakdepartement.Onderstaande tabel 8.1 en 8.2 bevatten de garantieregelingen van het Rijk. Alle regelingen met een uitstaand risico groter dan 100 miljoen euro zijn samengevat in de post ‘overig’. Het overzicht bevat alle garanties met de stand ultimo 2023. Ontwikkelingen daarna zijn niet in het overzicht opgenomen, omdat die buiten de reikwijdte van het Financieel Jaarverslag van het Rijk 2023 vallen. Deze worden meegenomen in het overzicht van risicoregelingen van het Rijk bij de Miljoenennota 2025.In het overzicht worden achtereenvolgens de begroting (b) het begrotingsartikel (a) en de omschrijving van de garantie weergegeven. Daarachter staat voor de jaren 2022 en 2023 het bedrag dat daadwerkelijk als risico is verleend dan wel door de Tweede Kamer is geautoriseerd, genoemd de ‘uitstaande garanties’. Onder de uitstaande garanties vallen ook de garanties die in eerdere jaren zijn verstrekt. In 2023 zijn er garanties verleend, maar zijn er ook garanties komen te vervallen. Dit is terug te lezen in de kolommen ‘verleende garanties’ en ‘vervallen garanties’.Iedere risicoregeling dient eindig te zijn, en het risico dient gemaximeerd te zijn met een plafond. Het garantieplafond kan een jaarlijks plafond zijn (per jaar mag een maximaal bedrag aan garanties worden verleend) of een totaalplafond (er mogen nooit meer garanties verleend worden dan het plafond). In tabel 8.1 en 8.2 is onderscheid gemaakt tussen beide soorten plafonds. Bij internationale organisaties is gekozen het garantieplafond gelijk te stellen aan de uitstaande garanties. Hiervan is sprake bij de Europese garanties (EFSF, EFSM en ESM en NGEU) en de garanties van een aantal internationale financiële instellingen (IMF en Wereldbank). Bij regelingen waar geen plafond is afgesproken, is het totaalplafond gelijkgesteld aan de uitstaande garanties.Naast de reguliere garanties (tabel 8.1) heeft het kabinet een aantal tijdelijke garanties verleend ter ondersteuning van de economie tijdens de coronacrisis. Het uitstaande risico van deze risicoregelingen wordt getoond in tabel 8.2. De coronagerelateerde garantieregelingen verschillen van de reguliere garantieregelingen wat betreft de financiering en de dekking. Waar uitgaven en ontvangen van reguliere garantieregelingen op een departementale begroting plaatsvinden, geldt voor coronagerelateerde garantieregelingen dat eventuele schades worden gefinancierd vanuit de staatsschuld. Indien er een premie wordt gevraagd, vloeit deze ook in de staatsschuld. De coronagerelateerde garanties bedragen in 2023 circa 35,5 miljard euro, waarvan circa 34,0 miljard euro bestaat uit de internationale garanties SURE en NGEU. SURE is een garantieregeling gerelateerd aan de maatregelen die lidstaten tijdens de coronacrisis hebben genomen om inkomensverlies van 37Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 burgers op te vangen en de toename in werkloosheid en de gevolgen ervan te beperken. NGEU heeft als doel de economische schade en sociale schade van de coronacrisis te verzachten door het stimuleren van structurele hervormingen en publieke investeringen binnen de EU. Ten opzichte van 2022 is het totaalbedrag aan coronagerelateerde garantieregelingen afgenomen met circa 12,3 miljard euro. Deze daling is toe te wijzen aan het deels vervallen van de garantie SURE met circa 10,5 miljard euro en het volledig vervallen van de garantie KLM met circa 1,6 miljard euro. Het is de verwachting dat deze steunmaatregelen de komende jaren verder afgebouwd worden.Uit tabel 8.2 blijkt dat het totaalbedrag aan uitstaande garanties van het Rijk in 2023 215,0 miljard euro bedraagt, waarvan 179,5 miljard euro aan reguliere garanties. In 2022 was dit bedrag 218,1 miljard euro, waarvan 170,2 miljard euro reguliere garanties betrof.De stijging in reguliere garanties is voornamelijk toe te wijzen aan de herziene garantie die FMO krijgt. Voorheen werd de som van de financiële verplichtingen van FMO (circa 5,5 miljard euro) in de begroting opgenomen als totaalplafond. Dit was omdat de overeenkomst uit 1998 eerder van kracht was dan het risico- en garantiekader en daarom geen afspraken over het totaalplafond bevatte. Met de nieuwe overeenkomst is er een schuldplafond van USD 16,0 miljard - circa 14,5 miljard euro - toegewezen. De toename is dus het gevolg van een wijziging in de wijze van rapporteren – het nieuw afgesproken totaalplafond in plaats van de som van de financiële verplichtingen - en niet door een toename in het risico voor het Rijk.Verder is in 2023 een Headroomgarantie macrofinanciële bijstand (MFB) verleend. Door het verstrekken van MFB kan de Europese Commissie namens de Europese Unie lenen op de kapitaalmarkt, waarna zij deze middelen leent aan Oekraïne. De hoogte van de garantie is per lidstaat bepaald op basis van het bni-aandeel. Voor Nederland komt dit neer op circa 1,1 miljard euro. De headroom betreft budgettaire ruimte tussen het uitgavenplafond van de EU-begroting zoals vastgelegd in het Meerjarig Financieel Kader (MFK) en het eigenmiddelenplafond zoals vastgelegd in het Eigenmiddelenbesluit (EMB).Tabel 8.1 Garantieregelingen van het Rijk (in miljoenen euro)Garantieoverzicht uitstaand risicoUitstaande garantiesVerleende garantiesVervallen garantiesUitstaande garantiesGarantie plafondTotaal plafondbaomschrijving20222023202320232023GarantiesV3Raad van Europa176,7VIII7Bouwleningen academische ziekenhuizen113,112,7100,4176,6VIII14Indemniteitsregeling251,7497,5554,8194,4450,0VIII14Achterborgovereenkomst NRF347,087,060,3373,7380,0IXB2Single Resolution Fund4.163,54.163,54.163,5IXB2WAKO (kernongevallen)9.200,09.200,09.200,0IXB3Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO)5.507,014.4945.50714.494,114.494,1IXB4Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB)773,526,1747,4747,4IXB4DNB - deelneming in kapitaal IMF30.766,02.122,41.303,831.584,631.584,6IXB4European Bank for Reconstruction and Development (EBRD)589,1589,1589,1IXB4European Financial Stabilisation Mechnism (EFSM)2.699,9264,22.435,72.435,7IXB4European Financial Stability Facility (EFSF)34.154,234.154,234.154,238Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Garantieoverzicht uitstaand risicoUitstaande garantiesVerleende garantiesVervallen garantiesUitstaande garantiesGarantie plafondTotaal plafondbaomschrijving20222023202320232023IXB4European Investment Bank (EIB)11.796,011.796,011.796,0IXB4European Stability Mechanism (ESM)35.363,724,735.338,935.338,9IXB4Headroomgarantie macrofinanciële bijstand (MFB)1.062,01.062,01.062,0IXB4Kredieten EU-betalingsbalanssteun3.776,03.776,03.776,0IXB4Wereldbank5.450,645,85.404,85.404,8IXB4Macrofinanciële bijstand (MFB)215,4215,4215,4IXB5Exportkredietverzekering18.855,13.688,94.681,217.862,810.000,00,0XIII2Klein Krediet Corona41,215,325,9250,0XIII2MKBfinanciering80,325,854,6268,2XIII2Microkredieten130,0130,0130,0XIII2Garantie Ondernemingsfinanciering (GO)254,849,591,1213,3400,00,0XIII2Borgstelling MKB Kredieten (BMKB)1.427,0311,3437,51.300,8765,00,0XIV21Borgstelling MKB- Landbouwkredieten (BL, BL plus en landbouwinnovatie)291,017,436,8271,678,20,0XIV22Garantie voor natuurgebieden en landschappen264,74,126,1242,7242,7XVI2&3Instellingen voor de gezondheidszorg141,126,4114,7114,7XVII1Garantie Dutch Good Growth Fund (DGGF)95,043,037,1101,0675,0XVII1Dutch Trade and Investment Fund (DTIF)16,34,810,210,8140,0XVII5Garanties regionale ontwikkelingsbanken3.239,4187,13.052,33.052,3Overig446,424,425,1441,1117,5411,6Subtotaal reguliere garanties170.23322.62213.399179.45211.361161.429Tabel 8.2 Coronagerelateerde garantieregelingen van het Rijk (in miljoenen euro)Garantieoverzicht uitstaand risicoUitstaande garantiesVerleende garantiesVervallen garantiesUitstaande garantiesGarantie-plafondTotaal plafondbaomschrijving20222023202320232023GarantiesIXB3Garantie KLM1.561,51.561,5IXB4EIB - pan Europees Garantiefonds1.301,09,21.291,81.291,8IXB4Next Generation EU (NGEU)38.382,6469,210.982,227.869,527.869,5IXB4Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency (SURE)6.162,819,36.143,56.143,5IXB5Herverzekering leverancierskredietenXIII2GO-Corona177,2120,257,02.100,0XIII2BMKB-Corona191,087,5103,5735,0XIII2Groeifaciliteit56,18,013,151,085,0XIV21Borgstelling MKB- Landbouwkredieten Corona (BL-C)*9,8180,0XVI1Garantie Bestuurlijke aansprakelijkheid SON2,52,52,5subtotaal coronagerelateerde garantie47.844,4477,212.792,935.519,085,038.322,4subtotaal reguliere garanties170.233,422.621,813.399,1179.451,611.360,7161.429,5Totaal218.077,923.099,026.191,9214.970,511.445,7199.751,9Tabel 8.3 bevat de uitgaven en ontvangsten behorende bij de door het Rijk verstrekte garanties in 2022 en 2023. Alleen garanties waarbij de daadwerkelijke uitgaven en ontvangsten zijn gedaan worden weergegeven in de tabel. De in de tabel getoonde uitgaven betreffen de schade-uitkeringen op afgegeven garanties. De in de tabel getoonde ontvangsten betreffen zowel ontvangen premies, provisies en dergelijke als op derden verhaalde (schade-)uitkeringen.39Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Tabel 8.3 Uitgaven en ontvangsten op de door het Rijk verstrekte garanties (in duizenden euro)Uitgaven en ontvangsten op de door de staat verstrekte garanties (x1000 euro)UitgavenOntvangstenUitgavenOntvangstenbaomschrijving2022202220232023Coronagerelateerde garantiesIXB3Garantie KLM23.21711.808IXB4EIB - pan Europees Garantiefonds3389.186IXB5Herverzekering leverancierskredieten3.6043.3082.897150XIII2BMKB-Corona1.0163404.53643XIII2GO-Corona9.0597.4003.850XIII2Groeifaciliteit3.0922.0534.6541.785XIII2Klein Krediet Corona1.428801.004170XIV21Borgstelling MKB- Landbouwkredieten Corona (BL-C)*3Subtotaal corona gerelateerde garanties9478380602967717806Reguliere garantiesVI33Garantiestelling Faillissementscuratoren dienst JUSTIS1.2882.064IXB1Garantie procesrisico's179134IXB2Terrorismeschades (NHT)625625IXB2WAKO (kernongevallen)612IXB3DNB winstafdracht625IXB3FCI2.028IXB3Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO)500IXB5Exportkredietverzekering68.970231.706102.368130.114XIII2MKBfinanciering468448XIII2Microkredieten445395XIII2GO11.1156.9795.217XIII2BMKB11.21722.34413.76319.969XIV21Vermogens Versterkend Krediet (BL-VVK)7XIV21Borgstelling MKB-landbouwkredieten, onderdeel Werkkapitaal Omschak.Duurz.(BL-O)15XIV21Borgstelling MKB- Landbouwkredieten (BL, BL plus en landbouwinnovatie)1.4891.156861694XIV22Klimaatfonds groenfonds garantie349XVII1Garantie DGGF10.7295.74614.49111.099XVII1Garantie DRIVE5.868XVII1Garantie DTIF7.2386.14911.5148.417XVII1Garantie FOM1.6181.331XVII5Garanties IS-NIO5.9905.5821.406Subtotaal reguliere garanties113.843290.500152.108179.496Totaal123.321328.560181.785197.302AchterborgstellingenNaast het risico uit garantieregelingen staat het Rijk ook indirect bloot aan risico’s uit achterborgstellingen. In die gevallen wordt de daadwerkelijke garantieverplichting niet afgegeven door het Rijk, maar door een daarvoor aangewezen tussenpersoon in de vorm van een stichting. In de begroting van het betreffende vakdepartement worden achterborgstellingen daarom niet als verplichting opgenomen. Het Rijk wordt pas aangesproken zodra de tussenpersoon niet aan haar verplichtingen kan voldoen. De achterborgstellingen zijn opgenomen in tabel 8.4.Het risico uit de achterborgstellingen (in tabel 8.4) is niet één op één te vergelijken met het risico uit de garantieregelingen (in tabellen 8.1 en 8.2), aangezien het risico over meerdere partijen wordt gespreid. Per achterborgstelling zijn er verschillende mogelijkheden om eventuele schade te dekken. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) beschikt over 40Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 een fondsvermogen en kan daarnaast indien nodig obligo ophalen bij deelnemende woningcorporaties ter hoogte van 2,3 miljard euro. Op het gecommitteerd obligo doet het WSW alleen een beroep wanneer dat noodzakelijk is om middelen in liquide vorm beschikbaar te hebben voortvloeiend uit het risicovermogen in relatie tot geborgde verplichtingen. Ook kunnen woningcorporaties in financiële problemen onder bepaalde voorwaarden een aanvraag doen voor saneringssteun. Saneringssteun wordt bekostigd via een heffing aan corporaties en deze middelen lopen via een risicovoorziening op de begroting van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Alle woningcorporaties zijn op basis van de wet verplicht om deze heffing te betalen. Financiële problemen bij corporaties worden in eerste instantie dus betaald door de corporatiesector zelf via het fondsvermogen WSW, obligo en de saneringsheffing. Pas daarna komen het Rijk en gemeenten in beeld via de achtervang. De achtervang is nog niet eerder aangesproken.De Stichting Waarborgfonds Zorg (WFZ) kent een soortgelijke regeling. Ook hier wordt eerst het bufferkapitaal van de stichting aangesproken om schade te dekken. Daarna moeten de zorginstellingen met een door de WFZ geborgde lening een percentage (maximaal 3% van de uitstaande garanties van de deelnemende zorginstelling) van het leningenbedrag afdragen (obligo). Mocht dit onvoldoende zijn om de verplichtingen van de WFZ na te komen, dan kan de WFZ een beroep doen op het Rijk.Bij het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) geldt geen obligoverplichting. Hier dienen huizen als onderpand, waardoor de schade zich beperkt tot eventuele restschulden na gedwongen verkoop. Het WEW teert bij verlies direct in op het bufferkapitaal. Daarnaast worden bij twee achterborgstellingen de risico’s gedeeld met gemeenten. Zo worden de verplichtingen die het WEW voor 1 januari 2011 is aangegaan voor 50% gedekt door gemeenten en voor 50% door het Rijk. Verplichtingen aangegaan na deze datum worden volledig door het Rijk gedekt. Bij het WSW wordt de gehele positie gelijkelijk met gemeenten gedeeld.Tabel 8.4 Achterborgstellingen door het Rijk (in miljoenen euro)baomschrijvingGeborgd vermogenGeborgd vermogenBufferkapitaalObligo2022202320232023XVI2Stichting Waarborgfonds Zorg (WFZ)6.1855.966291179VII3WSW-achterborgstelling85.00388.3565842.297VII3WEW-achterborgstelling193.217198.9681.680n.v.t.Totaal Achterborgstellingen284.405293.2902.5552.476LeningenWe spreken van een lening als het Rijk middelen verstrekt aan een derde buiten het Rijk met een afgesproken aflossingsschema en rente. Is aan een van beide voorwaarden niet voldaan, dan is sprake van een uitgave. Ook leningen vormen een risico voor het begrotingssaldo, namelijk als de ontvanger van die lening niet in staat blijkt de lening (in zijn geheel) af te lossen of de rentevergoeding te betalen. In dat geval derft het Rijk inkomsten in de vorm van geraamde niet-belastingontvangsten die uiteindelijk niet binnenkomen. Die derving belast daarom het uitgavenplafond. Bij leningen die zijn afgegeven in andere valuta is er ook een wisselkoersrisico voor het Rijk. Tijdens de coronacrisis zijn er diverse leningen afgegeven door 41Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 het Rijk. Deze leningen kennen een beperkte looptijd en vaak is er geen risicovoorziening vormgegeven. Een overzicht van de uitstaande leningen van het Rijk wordt gepresenteerd in tabel 8.5.Op de hypothecaire lening WinAir is te veel afgelost. De lening wordt in dollars afgelost, en vanwege koersverschillen is er omgerekend naar euro’s waardoor er meer is afgelost dan er is uitgeleend. Bij deze lening is voor de beheersing van het risico gekozen voor hypothecair onderpand.Tabel 8.5 Door het rijk verstrekte leningen (in duizenden euro)bOmschrijvingUitstaand risicoLooptijd2023Coronagerelateerde leningenIVLiquiditeitssteun Aruba442.1842043IVLiquiditeitssteun Curaçao448.3182024IVLiquiditeitssteun Sint-Maarten155.2562024IVInvest-NL Capital N.V. SIF64.8002029XIIICorona overbruggingslening (COL-faciliteit) voor start-ups en scale-ups230.7722026XIIILening Stichting Garantiefonds Reisgelden138.7402028XIIHypothecaire Lening WinAir‒ 1472023Subtotaal coronagerelateerde leningen1.479.923Reguliere leningenIXBLening Griekenland2.3932040IXBLening Oekraïne2002032XIIISteun aan IHC (voorheen Royal IHC)5.000onbepaalde tijdSubtotaal reguliere leningen7.593Totaal1.487.51642Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 9 ACCRES GEMEENTEFONDS EN PROVINCIEFONDSAccres gemeentefondsHet kabinet heeft ervoor gekozen om bij de Startnota 2022 het accres vanaf 2026 vast te zetten op een plus van 1 miljard euro ten opzichte van de stand bij de Miljoenennota 2022. Het accres is gesplitst in een volume- en een loon- en prijsdeel. Het volumedeel van het accres staat vast en het loon- en prijsdeel wordt geactualiseerd op een vergelijkbare manier als bij de begrotingen van het Rijk gebruikelijk is. In juni 2022 is het Rijk met de VNG overeengekomen om ook het volumedeel van het accres vast te zetten op basis van de stand Voorjaarsnota 2022. In de Voorjaarsnota 2024 is de bbp-systematiek vervroegd vanaf 2024. Voor het jaar 2023 is er ten opzichte van de stand zoals gepresenteerd in de Voorjaarsnota dus niets gewijzigd.Accres provinciefondsHet kabinet heeft aan de VNG en het IPO het voorstel gedaan om het volumedeel van het accres voor 2022-2025 vast te zetten. Het doel hiervan is om het accres voor deze jaren stabieler te maken. De VNG heeft met dit voorstel ingestemd en het kabinet een aantal aandachtspunten meegegeven. Het IPO heeft niet met dit voorstel ingestemd. Het accres voor het Provinciefonds is daarom nog steeds met de normeringssystematiek berekend. In de Voorjaarsnota 2024 is de bbp-systematiek vervroegd vanaf 2024, daarbij is met het IPO afgesproken dat de definitieve afrekening van 2023 niet meer wordt verrekend in 2024. Tabel 9.1 toont de definitieve berekening van het accres 2023.9.1 Accres Provinciefonds(in miljoenen euro, tenzij anders aangegeven)Realisatie 2023Begroting MN 2023Uitgaven Rijksbegroting173.499166.352Uitgaven Sociale zekerheid97.98699.950Uitgaven Zorg87.77489.432Uitgaven Investeringsplafond16.63322.028A) Netto uitgaven onder uitgavenplafond375.892377.761B) Correcties‒ 65.641‒ 65.865w.v. Gemeentefonds, Provinciefonds en BTW-Compensatiefonds‒ 45.740‒ 44.540w.v. overige Rijksbijdragen aan gemeenten en provincies‒ 10.643‒ 9.831w.v. overboekingen met GF, PF en BCF926355w.v. Niet-accresrelevante fondsen onder het plafond‒ 2.689‒ 5.094w.v. financieringsverschuivingen‒ 800‒ 800w.v. correcties corona en Oekraine-noodmaatregelen op uitgavenplafond‒ 3.093‒ 5.440w.v. correcties energie-pakket‒ 3.338w.v. overige correcties‒ 263‒ 515C) Accresrelevante uitgaven (aru) = A+B310.251311.896D) Ontwikkeling aru (%) = (Ct - Ct-1)/Ct-18,15%9,01%ProvinciefondsH) Grondslag (t-1)2.8432.847I) Accres (= H * D)23225743Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Ten opzichte van de ontwerpbegroting bij de Miljoenennota 2023 is het accres voor het Provinciefonds gedaald met 25 miljoen euro. Dit komt door een daling van de accresrelevante uitgaven. De componenten van deze berekening worden hieronder toegelicht. Ten opzichte van de laatste bijstelling bij de Miljoenennota 2024 is het accres gedaald met 2 miljoen euro. In de Voorjaarsnota 2024 is de bbp-systematiek vervroegd vanaf 2024, daarbij is met het IPO afgesproken dat de definitieve afrekening van 2023 niet meer wordt verrekend in 2024.Presentatie en berekening van de accresontwikkelingBij de bepaling van de omvang van accresrelevante uitgaven (aru) vormen de netto uitgaven van het Rijk onder het uitgavenplafond het startpunt. Netto wil zeggen dat de rijksuitgaven worden gesaldeerd met de niet-belastingontvangsten. Op de netto uitgaven onder het uitgavenplafond (A) worden correcties (B) doorgevoerd voor verschillende posten zoals het Provinciefonds zelf. Het saldo (C) geeft de accresrelevante uitgaven (aru) en vormt de basis voor de accresberekening. Het accres (J) is vervolgens het product van de grondslag (H en I) en de aru in procenten (D).Bepaling accresrelevante uitgaven (aru)Om de aru te berekenen wordt uitgegaan van de netto rijksuitgaven onder het uitgavenplafond inclusief vier typen standaardcorrecties en een bijzondere correctie voor corona- en Oekraïne-noodmaatregelen:1. Rijksuitgaven aan gemeenten en provinciesUitgaven onder het uitgavenplafond die het Rijk overmaakt naar gemeenten en provincies worden uit de aru gecorrigeerd. Deze overdrachten zijn immers bestemd voor de financiering van uitgaven door gemeenten en provincies zelf en maken derhalve geen onderdeel uit van de rijksuitgaven waarop de trap-op-trap-af systematiek van toepassing is. Het corrigeren van de overdrachten is ook nodig om een onbedoelde doorwerking van accres op accres in hetzelfde jaar te voorkomen. Rijksuitgaven die op deze wijze gecorrigeerd worden zijn, onder andere, de algemene, decentralisatie- en integratie-uitkeringen van het Gemeentefonds en Provinciefonds, de uitgaven van het Btw-compensatiefonds, de bijstand en de integratie-uitkering sociaal domein.2. Niet-accresrelevante rijksuitgaven onder het plafondIn het coalitieakkoord van kabinet Rutte IV is gekozen om de uitvoeringskosten van medeoverheden voor investeringspakketten (klimaat, ontsluiten nieuwbouwwoningen en stikstof) specifiek te verstrekken. In samenhang hiermee is besloten om de middelen voor het Transitiefonds, het Klimaatfonds, het budget voor ontsluiting van nieuwe woningen in het Mobiliteitsfonds en het Nationaal Groeifonds uit te zonderen van de berekening van de accresrelevante rijksuitgaven.3. Uitgavenmutaties in de WW als gevolg van conjunctuurIn de begrotingsregels van het kabinet Rutte IV is afgesproken dat gedurende de regeerperiode het uitgavenplafond gecorrigeerd wordt voor mutaties in de WW-uitgaven als gevolg van de conjunctuur. Het Rijk hoeft zodoende mee- en tegenvallers in de WW-uitgaven als gevolg van conjunctuur niet op te vangen binnen het uitgavenplafond en deze uitgavenmutaties zijn om deze reden ook niet accresrelevant.44Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 4. Financieringsverschuivingen gedurende de kabinetsperiodeFinancieringsverschuivingen zijn verschuivingen van geldstromen binnen het Rijk die niet tot meer of minder bestedingsruimte van het Rijk leiden, maar zonder correctie wel effect zouden hebben op het accres. Dit zijn dus schuiven tussen accresrelevante uitgaven en niet-accresrelevante uitgaven. Bij een schuif is per saldo geen sprake van meer of minder uitgaven op rijksniveau, maar is alleen sprake van een andere financieringsbron. Denk bijvoorbeeld aan overhevelingen van departementale begrotingen naar het Gemeentefonds en Provinciefonds en financieringsverschuivingen tussen de inkomsten- en de uitgavenkant.5. Corona-noodmaatregelen en Oekraïne-noodmaatregelenGegeven de uitzonderlijke situatie als gevolg van zowel het coronavirus als de oorlog in Oekraïne heeft het kabinet besloten de uitgaven hiervoor buiten het reguliere uitgavenplafond te behandelen. Dit betekent dat de extra uitgaven niet ten koste gaan van andere uitgaven, maar dat ze zorgen voor een verslechtering van het EMU-saldo en een verhoging van de EMU-schuld. Om boekhoudkundige redenen wordt een aantal van deze uitgaven met plafondcorrecties onder het uitgavenplafond geboekt. Ook hiervoor geldt dat ze niet ten koste gaan van andere uitgaven. Omdat de reguliere systematiek niet geldt voor deze uitgaven leiden ze ook niet tot een effect op het accres.6. Maatregelen uit het energie-pakketIn september 2022 heeft het kabinet vanwege de gestegen energieprijzen besloten tot een pakket aanvullende maatregelen om de koopkracht van burgers te ondersteunen. Hierbij is aangegeven dat deze maatregelen vanwege hun uitzonderlijke karakter niet meelopen in de normeringssystematiek.GrondslagDe normeringsystematiek is van toepassing op alle middelen die worden verantwoord onder het Provinciefonds exclusief corona- en Oekraïne-noodmaatregelen.Voor de berekening van het accres in jaar t wordt de grondslag van het voorgaande jaar (t-1) genomen. Het accrespercentage in jaar t betreft immers ook de groei van de aru ten opzichte van het voorgaande jaar (t-1). Als de aru met x% stijgen in jaar t, groeit het Provinciefonds via het accres in jaar t ook met x%. Hiermee wordt het principe van trap-op-trap-af gewaarborgd. Dit heeft tot gevolg dat mutaties in de grondslag altijd met een jaar vertraging doorwerken in de normeringsystematiek. Via taakmutaties kunnen departementen geld toevoegen of onttrekken aan een van beide fondsen; dit werkt door als grondslagmutatie. Uitgangspunt is dat bij taakmutaties geen jaren ontstaan zonder indexatie van deze overgehevelde budgetten. Dat betekent dat bij overheveling van of naar het Provinciefonds het verantwoordelijke departement een reeks overhevelt met indexatie over het lopende jaar.45Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 10 COALITIEAKKOORDMIDDELEN OP DE AANVULLENDE POSTNa de Najaarsnota 2023 hebben in 2023 geen budgettaire wijzigingen meer plaatsgevonden op de coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post. In 2023 resteren geen coalitieakkoordmiddelen meer op de Aanvullende Post. De resterende middelen vanaf 2024 zijn gelijk aan stand Miljoenennota 2024. Dit betekent dat wijzigingen naar aanleiding van aangenomen Nota's van Wijziging, amendementen en moties die zijn ingediend bij de behandeling van de Miljoenennota 2024 en de bijbehorende ontwerpbegrotingen niet zijn verwerkt in dit overzicht. Een meerjarige actualisatie is opgenomen in de bijlagen van de Voorjaarsnota 2024.Tabel 10.1 Resterende coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Postin miljoenen euro202320242025202620272028Totaal nog resterend‒1.8744.1088.3418.3848.723Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties012916310000Regiodeals0129130000Volkshuisvestingsfonds000000Woningbouwimpuls003310000Onderwijs, Cultuur en Wetenschap052612000Invoering studiebeurs052612000Financiën03238262933Uitvoeringskosten Belastingdienst01924111418Voorziening laagdrempelige fiscale rechtshulp01314151515Infrastructuur en Waterstaat0151199593591591Infra onderhoud Mobiliteitsfonds000326326326Lelylijn053107267265265Waterveiligheid09792000Economische Zaken en Klimaat03452.4883.7273.7813.914Energieprestatie-eisen nieuwbouw industriële gebouwen033555Handhaving energiebesparingsplicht00001515Klimaatfonds03372.4763.6633.7063.839Uitvoeringskosten klimaat036322727Vergroening reisvervoer en personengedrag012252828Verplicht percentage recyclaat in bouwmaterialen011100Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit07026362.9763.1843.352Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)000111Transitiefonds07026362.9753.1833.351Sociale Zaken en Werkgelegenheid036211247253249Bescherming arbeidsmigranten (ci. Roemer)050000Envelop arbeidsmarkt, armoede en schulden017105163162152Kinderopvang werkenden (uitvoeringskosten)01164363328Loondoorbetaling bij ziekte0342475869Volksgezondheid, Welzijn en Sport0305186224184214Eigen bijdrage huishoudelijke hulp006899Envelop pandemische paraatheid056222Juiste zorg op de juiste plek00000046Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 in miljoenen euro202320242025202620272028Passende zorg als norm in ZVW0005366Standaardisatie gegevensuitwisseling0298170160168196Valpreventie bij 65-plussers (WMO)000000Valpreventie bij 65-plussers (Zvw)000000Volksziektes014000Medeoverheden08286380311311Jeugd conform advies CVW met aanvullende maatregelen000380311311Overige dossiers medeoverheden07381000Schrappen oploop opschalingskorting095000Diversen04142485261Werk aan Uitvoering (WaU)0414248526147Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 11 VERTICALE TOELICHTINGDe verticale toelichting toont voor ieder begrotinghoofdstuk de budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan sinds de Miljoenennota 2023. De mutaties van de Miljoenennota 2023 tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023, bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.De verticale toelichting bestaat per begroting uit twee tabellen: uitgaven en ontvangsten. De tabellen kunnen de volgende posten bevatten:1.Besluitvorming2.Mee- en tegenvallers3.Kasschuiven4.Overboekingen met andere begrotingen5.Desalderingen6.Technisch7.Niet-plafondrelevant'Besluitvorming' bevat alle mutaties die het gevolg zijn van besluitvorming en de overheveling van reserveringen van de Aanvullende post naar begrotingen. «Mee-en tegenvallers» bevat alle mee- en tegenvallers. «Kasschuiven» zijn alle kasschuiven op de plafonds Rijksbegroting, Sociale Zekerheid en Zorg en de kasschuiven op het investeringsplafond. «Overboekingen met andere begrotingen» bevat alle beleidsmatige overboekingen tussen departementen. «Desalderingen» zijn mutaties waarbij de uitgaven en ontvangsten tegelijkertijd verhoogd of verlaagd worden. Per saldo is deze post nul. «Technisch» bevat alle mutaties die niet in bovenstaande posten vallen en plaatsvinden op de reguliere plafonds (Rijksbegroting, Sociale Zekerheid, Zorg en Investeringen). «Niet-plafondrelevant» bevat alle mutaties die niet plaats vinden op de reguliere plafonds.De bedragen in de tabellen zijn in miljoenen euro. Door afrondingen kan het totaal afwijken van de som der onderdelen. In de ontwerpbegroting wordt een meer gedetailleerde toelichting op de mutaties gegeven. De begrotingen zijn inclusief de uitgaven voor HGIS (Homogene Groep Internationale Samenwerking).48Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Algemene Zaken en De KoningDe KoningI De Koning: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)50Mutaties t/m Najaarsnota 20235Stand Najaarsnota56Mee- en tegenvallers1Mee- en tegenvallers1Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)56I De Koning: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)2Mutaties t/m Najaarsnota 20230Stand Najaarsnota2Mee- en tegenvallers0Mee- en tegenvallers0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)2UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDeze post bestaat uit twee mutaties. Ten eerste is conform de Wet financieel statuut Koninklijk Huis (WFSKH) op basis van de CPI-ontwikkeling het materiele gedeelte van de B-component hoger vastgesteld over de uitkering van de leden van het Koninklijk Huis. Ten tweede valt de realisatie van de doorbelaste uitgaven van het Kabinet van de Koning iets lager uit dan de raming in de ontwerpbegroting. Daarentegen valt de realisatie van de Rijksvoorlichtingsdienst iets hoger uit dan geraamd.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDeze post betreft de terugstorting van de grondwettelijke uitkering van de vermoedelijke troonopvolger (de Prinses van Oranje) die hoger uitvalt door de in de wet WFSKH vastgelegde indexatie. De bedragen zijn niet zichtbaar, omdat deze door het afronden op miljoenen naar 0 worden afgerond.49Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Algemene zakenIII Algemene Zaken: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)90Mutaties t/m Najaarsnota 20234Stand Najaarsnota93Mee- en tegenvallers‒ 1Tegenvaller: Overschrijding apparaatsuitgaven1Meevaller:Coördinatie van het algemeen communicatie en regeringsbeleid0Meevaller: CTIVD‒ 1Overige mee- en tegenvallers0Technisch0Technisch0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)93III Algemene Zaken: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)8Mutaties t/m Najaarsnota 20231Stand Najaarsnota9Mee- en tegenvallers0Mee- en tegenvallers0Technisch0Technisch0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)9UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023. Mee- en tegenvallersTegenvaller: Overschrijding apparaatsuitgavenDe overschrijding wordt vooral verklaard door hogere uitgaven aan reguliere IT.Meevaller: Coördinatie van het algemeen communicatie en regeringsbeleidEr is met name sprake van vertraging in uitgaven bij de Rijksvoorlichtingsdienst voor communicatieprojecten bij het VoRa-meerjarenprogramma. Dit komt deels door het aanscherpen en aanpassen van uitvoeringsplannen, maar ook door personele tekorten.50Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Meevaller: CTIVDDe meevaller bij de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) komt doordat de totstandkoming van de Tijdelijke wet onderzoeken AIVD en MIVD naar landen met een offensief cyberprogramma langer duurde. Daarnaast is een factor de tijd die het werven van extra personeel voor de CTIVD om aan de bijbehorende nieuwe wettelijke taken te kunnen voldoen in beslag neemt.Overige mee- en tegenvallersDeze post bestaat uit enkele mutaties waaronder vertraagde betalingen bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB).TechnischDeze post bevat diverse technische correctiemutaties. De bedragen zijn niet zichtbaar, omdat deze door het afronden op miljoenen naar 0 worden afgerond.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDeze post bestaat uit enkele mutaties waaronder hogere ontvangsten door een hogere overheadvergoeding van de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden aan de Directie Bedrijfsvoering.TechnischDeze post bestaat uit twee mutaties. Deze ontvangsten houden verband met doorbelastingen van de uitgaven van de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) aan Hoofdstuk I De Koning voor wat betreft de uitgaven voor het Koninklijk Huis en het Kabinet van de Koning (KvdK).51Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Buitenlandse Zaken (inclusief BHOS)Buitenlandse ZakenUitgavenV Buitenlandse zaken: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)13.009Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 973Stand Najaarsnota12.036Mee- en tegenvallers‒ 39Mee- en tegenvallers‒ 39Technisch152Technisch152Niet-plafondrelevant‒ 3Invoerrechten‒ 3Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)12.146V Buitenlandse zaken: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)2.785Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 1.451Stand Najaarsnota1.334Mee- en tegenvallers21Mee- en tegenvallers21Technisch‒ 15Technisch‒ 15Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)1.340Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDit is een som van verschillende mee- en tegenvallers. Er is onderuitputting op het apparaat van in totaal 41,5 miljoen euro. Hiervan is 35,5 miljoen euro te verklaren door vertragingen in een ICT-project en het niet vullen van vacatures in verband met de krappe arbeidsmarkt, en 6 miljoen euro is onderuitputting op het huisvestingsbudget. Ook is er 5,2 miljoen euro aan lagere VN-contributie voor crisisbeheersingsoperaties. Daarnaast is er een overschrijding van 2,7 miljoen euro een hogere bijdragen aan de OESO 52Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 en het Internationaal Strafhof en is er een overschrijding van 3,9 miljoen euro doordat de kosten voor verschillende IT-projecten hoger uitvallen door inflatie en vertraging van een project.TechnischDe bni-afdracht is in totaal 154 miljoen euro hoger uitgevallen dan waarmee rekening werd gehouden bij de 2e suppletoire begroting. Bij de 2e suppletoire begroting is de Nederlandse afdracht bijgesteld op basis van de geraamde onderuitputting van de EU-begroting. Deze onderuitputting is met name het gevolg van vertraging in de cohesiefondsen. Dit heeft de Europese commissie gemeld in de vierde aanvullende begroting van de Europese Unie (DAB4). DAB4 was ten tijde van de Najaarsnota de meest realistische inschatting van de uitputting van de EU-begroting voor 2023. De Europese Commissie heeft deze begroting pas verwerkt in januari 2024, waardoor de realisatie van de Nederlandse bni-afdracht voor 2023 hoger uitvalt. Het verschil van 2 miljoen euro komt door de Oekraïne middelen voor accountability die in 2023 niet meer tot besteding zijn gekomen.InvoerrechtenDe realisatie op de invoerrechten valt 3 miljoen euro lager uit dan ten tijde van de Najaarsnota was geraamd.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDoordat er meer paspoorten zijn uitgegeven dan verwacht zijn de inkomsten hieruit gestegen. Ook zijn de reisbewegingen sneller dan verwacht gestegen naar pre-corona niveau. Hierdoor zijn de visa inkomsten gestegen (11,5 miljoen euro). Daarnaast is er een positief resultaat op de ontvangsten door koersverschillen.TechnischVanwege de lagere invoerrechten valt de realisatie van de perceptiekostenvergoeding en overige ontvangsten valt 14,4 miljoen euro lager uit dan bij de tweede suppletoire begroting geraamd.Buitenlandse Handel en OntwikkelingssamenwerkingXVII Buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 20233.862Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 57Stand Basisstand (Najaarsnota)3.805Mee- en tegenvallers101Realisatie BHOS101Technisch‒ 2Kasschuif t.b.v. tweede steunpakket Oekraïne‒ 253Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 In miljoenen euro2023Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)3.904XVII Buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 202350Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 46Stand Najaarsnota96Mee- en tegenvallers43Mee- en tegenvallers43Niet-plafondrelevant‒ 3Niet-plafondrelevant‒ 3Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)135Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Realisatie BHOSEr is een overschrijding op de begroting voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (BHOS). Door bijvoorbeeld (geo)politieke ontwikkelingen en uitvoeringsmogelijkheden in landen waarin programma’s worden uitgevoerd kunnen er gedurende het jaar vertragingen optreden. Anticiperend op deze mogelijke vertragingen, voorziet BHOS daarom dat meer programma’s of bijdragen worden gepland dan waarvoor budget beschikbaar is ("overprogrammering"). Afgelopen jaar zijn er minder vertragingen opgetreden, waardoor meer programma’s tot uitvoering zijn gekomen. Daarnaast waren er op enkele individuele programma’s hogere uitgaven dan eerder geraamd. Zo zijn er onder andere hogere uitvoeringskosten voor de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en hogere uitgaven aan bijvoorbeeld het Dutch Trade and Investment Fund (DTIF) en het Power of Voices beleidskader.Kasschuif t.b.v. tweede steunpakket OekraïneDoor vertragingen en uitgestelde facturaties zal een deel van de uitgaven uit het tweede steunpakket aan Oekraïne in 2024 in plaats van in 2023 plaatsvinden. De opboeking van dit bedrag is middels een Nota van Wijziging op de BHOS-begroting verwerkt in 2024.Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Realisatie BHOSDit betreft het saldo van alle ontvangstenrealisaties. Er is een meevaller door onder andere de wisselkoers. De begroting voor BHOS werkt met een vooraf vastgestelde wisselkoers ten opzichte van buitenlandse valuta. Omdat bij betalingen in buitenlandse valuta gedurende het jaar een verschil 54Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 ontstaat als gevolg van de werkelijk geldende koers, ontstaat er een saldo. Voor de koersontwikkeling is ten opzichte van de Tweede Suppletoire Begroting een meevaller ontstaan.Niet-plafondrelevantDit betreft de realisatie van de ontvangsten aan leningen uit de portefeuille van de Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden (NIO).55Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Justitie en VeiligheidVI Justitie en Veiligheid: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)19.607Mutaties t/m Najaarsnota 20233.188Stand Najaarsnota22.795Mee- en tegenvallers‒ 182Meevaller: Verkeershandhaving‒ 5Meevaller: Uitbesteding SSO‒ 7Meevaller: Verrekening Duurzaam Digitaal Stelsel‒ 8Meevaller: Vangnetregeling veilig en gezond werken‒ 10Meevaller: Overschot op HGIS-uitgavenbudget‒ 11Meevaller: Samenwerkingsverbanden asielketen‒ 11Meevaller: Intra- en extramurale sancties‒ 12Meevaller: COA‒ 16Meevaller: MH17‒ 17Meevaller: Apparaatsartikel‒ 19Meevaller: Versterking vreemdelingenketen‒ 31Overige mee- en tegenvallers‒ 33Overboekingen met andere begrotingen‒ 3Overboekingen met andere begrotingen‒ 3Technisch0Technisch0Niet-plafondrelevant356Tegenvaller Opvang Oekraïense ontheemden360Overig niet-plafondrelevant‒ 4Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)22.967VI Justitie en Veiligheid: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.605Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 42Stand Najaarsnota1.563Mee- en tegenvallers‒ 4Tegenvaller: Boeteontvangsten‒ 16Overige mee- en tegenvallers12Technisch36Vrijval bijdrage aan gemeenten t.b.v. coronatoegangsbewijs36Niet-plafondrelevant19Terugontvangen voorschot gemeenten opvang Oekraïners18Overig niet-plafondrelevant156Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 In miljoenen euro2023Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)1.615UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersMeevaller: VerkeershandhavingEr is een meevaller ontstaan bij het vervangingstraject van onder andere flitsers. Dit komt omdat er bij de leveranciers vertragingen opgetreden zijn.Meevaller: Uitbesteding SSOEr is een meevaller ontstaan bij de in- en uitbesteding bij de shared service organisaties (SSO). Dit heeft deels een technische oorzaak, omdat de kosten van de Rijksschoonmaakorganisatie (RSO) niet langer onder de SSO worden verantwoord, maar onder de overige materiele uitgaven.Meevaller: Verrekening Duurzaam Digitaal StelselDoordat niet de gehele verrekening met ketenpartners voor het organiseren en bekostigen van het Duurzaam Digitaal Stelsel nodig was, is er sprake van een meevaller. Het stelsel richt zich op het verbeteren van de informatie-uitwisseling tussen de ketenpartners van de strafrechtketen.Meevaller: Vangnetregeling veilig en gezond werkenDe verwachting was dat in 2023 overgangsbeleid zou worden vastgesteld om daarmee openstaande dossiers onder de Vangnetregeling veilig en gezond werken af te handelen. Dit overgangsbeleid is nog niet definitief waarmee de afhandeling van dossiers nog niet is uitgevoerd. Hierdoor is een meevaller van circa 10 miljoen euro ontstaan.Meevaller: Overschot op HGIS-uitgavenbudgetEen deel van de facturering van 2023 heeft vertraging opgelopen. Hierdoor is een meevaller van circa 11 miljoen euro ontstaan in 2023.Meevaller: Samenwerkingsverbanden asielketenHet duurde langer dan verwacht om afspraken te maken voor het openen van opvanglocaties voor asielzoekers. Hierdoor is een meevaller ontstaan van circa 11 miljoen euro.Meevaller: COADoordat er minder kosten zijn gemaakt voor opvanglocaties dan bij de Najaarsnota verwacht, is er sprake van een meevaller van circa 16 miljoen euro.Meevaller: Intra- en extramurale sanctiesEr is een meevaller ontstaan van circa 12 miljoen euro op de uitvoering van intra- en extramurale sancties. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat het niet mogelijk was om alle beschikbare middelen voor projecten in de forensische zorg in 2023 tot besteding te laten komen.57Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Meevaller: MH17Het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) heeft via de bestaande voorschotregeling de opgelegde schadevergoedingen voor de nabestaanden van de MH17-ramp voorgeschoten. Het gereserveerde budget van circa 17 miljoen euro valt hierdoor vrij.Meevaller: ApparaatsartikelOp het apparaatsartikel zijn diverse mee- en tegenvallers ontstaan. De belangrijkste oorzaak van de per saldo meevaller van circa 19 miljoen euro is de krapte op de arbeidsmarkt.Meevaller: Versterking vreemdelingenketenDit betreft een meevaller bij de versterking vreemdelingenketen van circa 31 miljoen euro door het niet volledig inzetten van middelen voor onder ander procesbeschikbaarheidslocaties (PBL), de aanpak van overlast en een meevaller vanuit EU-subsidies.Overige mee- en tegenvallersDeze post bestaat uit diverse mee-en tegenvallers van onder de 5 miljoen euro, waaronder een tegenvaller bij Domeinen Roerende Zaken door kostprijsstijgingen van circa 3 miljo.en euro. Daarnaast zijn er onder andere meevallers op het programma Nationale Openbare Orde en Veiligheidsarchitectuur (NOOVA) van circa 4 miljoen euro, bij het Openbaar Ministerie van circa 3 miljoen euro en bij de aanpak van ondermijning van circa 4 miljoen. Deze meevallers zijn vooral ontstaan door arbeidsmarktkrapte.Overboekingen met andere begrotingenDeze post is een saldo van overboekingen, waarvan de grootste een overboeking naar het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ten behoeve van de kostenverdeling voor de Rijksbrede ICT-voorzieningen van circa 2,9 miljoen euro.TechnischDeze post bestaat uit enkele kleine technische mutaties en betreft veelal correcties en herschikkingen van budgetten binnen de JenV-begroting.Niet-plafondrelevantTegenvaller Opvang Oekraïense ontheemdenGebleken is dat de gemeenten meer voorschotten aanvragen dan bij de Najaarsnota 2023 werd verwacht. Om aan de afspraak te voldoen dat alle gemeenten die op tijd een aanvraag hebben ingediend ook in 2023 het voorschot krijgen uitbetaald, is een tegenvaller van circa 360 miljoen euro ontstaan.Overig niet-plafondrelevantDeze post bestaat uit diverse mee- en tegenvallers, waaronder een meevaller op de zorgkosten voor Oekraïense ontheemden van circa 3 miljoen euro en de personeelskosten bij de Nationale Opvang Organisatie (NOO) van circa 1 miljoen euro. OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.58Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Mee- en tegenvallersTegenvaller: BoeteontvangstenTen opzichte van de meevaller die is verwerkt bij de Najaarsnota 2023 zijn uiteindelijk toch minder boeteontvangsten ontvangen dan geraamd. Hierdoor is een tegenvaller van circa 16 miljoen euro ontstaan.Overige mee- en tegenvallersDeze post bestaat uit diverse mee- en tegenvallers, waaronder een meevaller van circa 3 miljoen euro op de afpakopbrengsten ten opzichte van de Najaarsnota 2023. Ook is er een meevaller van circa 3 miljoen euro ontstaan, omdat enkele subsidies in 2023 lager zijn vastgesteld dan verwacht. Daarnaast is er sprake van tegenvallers, onder andere door de vertraagde betaling van facturen.TechnischVrijval bijdrage aan gemeenten t.b.v. coronatoegangsbewijsDit betreft een afrekening van de bijdrage aan gemeenten voor het coronatoegangsbewijs. Ondernemers hebben hiervoor minder gedeclareerd bij gemeenten dan verwacht, waardoor de bijdrage als ontvangst terugvloeit naar het generale beeld.Niet-plafondrelevantTerugontvangen voorschot gemeenten opvang OekraïnersBij sommige gemeenten bleek het eerder betaalde voorschot hoger dan het bedrag waar zij op basis van de verantwoording over het jaar 2022 recht op hebben. Daarom hebben gemeenten een terugbetaling gedaan. In totaal gaat het om circa 18 miljoen euro.Overig niet-plafondrelevantDeze post bestaat uit diverse mee- en tegenvallers waaronder een terugstorting van de subsidie aan Refugee Home NL voor de particuliere opvang van Oekraïense ontheemden voor het jaar 2022. Deze is lager vastgesteld dan oorspronkelijk geraamd, waardoor er een bedrag van circa 1 miljoen euro is teruggestort.59Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (inclusief Staten-Generaal, Hoge Colleges van Staat, Koninkrijksrelaties en BES-fonds)Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesVII Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)9.255Mutaties t/m Najaarsnota 2023977Stand Najaarsnota10.232Besluitvorming0Besluitvorming0Mee- en tegenvallers‒ 529Doelmatige Rijkshuisvesting‒ 10Hoogwaardige dienstverlening één overheid‒ 10Bestuur en regio‒ 13Overheidsdienstverlening, informatiebeleid en informatiesamenleving‒ 16Werkgevers- en bedrijfsvoeringsbeleid‒ 18Generieke Digitale Infrastructuur‒ 20Energietransitie en duurzaamheid‒ 24Apparaat‒ 25Flexwoningen‒ 44Huurtoeslag‒ 320Overige mee- en tegenvallers‒ 29Overboekingen met andere begrotingen‒ 95Diverse afdrachten BTW-compensatiefonds‒ 97Overige overboekingen met andere begrotingen2Desalderingen0Desalderingen0Technisch0Technisch0Niet-plafondrelevant‒ 1Niet-plafondrelevant‒ 1Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)9.60460Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 VII Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)680Mutaties t/m Najaarsnota 2023392Stand Najaarsnota1.072Mee- en tegenvallers‒ 16Huurtoeslag56Financiële herplaatsingsgarantie‒10Flexwoningen‒ 64Overige mee- en tegenvallers‒ 2Desalderingen0Desalderingen0Niet-plafondrelevant4Niet-plafondrelevant4Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)1.060UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDe onderstaande meevallers geven substantiële onderuitputting (10 miljoen euro of meer) op de verschillende artikelonderdelen weer. Daarnaast zijn de huurtoeslag en flexwoningen afzonderlijk weergegeven. De tabel is exclusief onderuitputting die al bij de Najaarsnota is afgeboekt.Doelmatige RijkshuisvestingHet Rijksvastgoedbedrijf heeft in 2023 onderuitputting op de bijdragen voor de huisvesting van verschillende organisaties. Dit geldt voor de huisvesting van Algemene Zaken (circa 5 miljoen euro), de Hoge Colleges van Staat (3 miljoen euro) en het Koninklijk Huis (2,5 miljoen euro).Bestuur en regioDit betreffen onder meer POK-middelen en uitgaven van het Rijk die ten goede komen aan gemeenten. Deze middelen kennen een substantiële onderuitputting.Hoogwaardige dienstverlening één overheidOp het artikelonderdeel hoogwaardige dienstverlening één overheid is 10 miljoen euro onderuitputting, voornamelijk op het algemene opdrachtenbudget. Dit budget gaat naar verschillende opdrachten die als doel hebben de dienstverlening van de gehele overheid te verbeteren.Overheidsdienstverlening, informatiebeleid en informatiesamenlevingOok op dit artikelonderdeel heeft BZK verschillende budgetten, die naar een grote variatie aan opdrachten en projecten (voornamelijk op digitaal terrein) gaan. Ook deze budgetten kennen een relatief grote onderuitputting.61Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Generieke Digitale InfrastructuurMet het budget generieke digitale infrastructuur werkt BZK onder meer aan de doorontwikkeling en innovatie van de digitale overheid. Op dit ontwikkelbudget was ruim 10 miljoen euro aan onderuitputting in 2023.Energietransitie en duurzaamheidBZK heeft verschillende, niet volledige uitgeputte, budgetten op het gebied van de energietransitie en duurzaamheid. De Subsidie Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) en de Subsidie verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) hadden bijvoorbeeld substantiële onderuitputting. Dit geldt ook voor de Klimaatfondsmiddelen energiebesparing koopsector.ApparaatOp het centrale apparaat is circa 25 miljoen euro aan gerealiseerde onderuitputting, voornamelijk bij externe inhuur. Bij eerdere nota's heeft het departement programmamiddelen naar het apparaat gealloceerd (vooral naar externe inhuur), wat deze onderuitputting verklaart.FlexwoningenDoor een latere matching van flexwoningen met afnemers, deed BZK minder uitgaven dan begroot. Aangezien de ontvangsten ook lager zijn dan begroot is er per saldo geen onderuitputting.HuurtoeslagDe onderuitputting op de huurtoeslag (320 miljoen euro) was veruit de grootste meevaller op de BZK begroting. De in het voorjaar 2023 vastgestelde raming blijkt te hoog, onder meer vanwege een lager aantal toeslagaanvragen dan eerder verwacht.Overboekingen met andere begrotingenDiverse afdrachten BTW-compensatiefondsAan het einde van 2023 heeft BZK verschillende afdrachten aan het BTW-compensatiefonds gedaan. De grootste afdrachten zijn voor grootschalige woningbouw (52 miljoen euro) en voor het Volkshuisvestingsfonds (17 miljoen euro).OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.HuurtoeslagDe ontvangsten op de huurtoeslag zijn hoger dan verwacht, voornamelijk door een positief macro-economisch beeld.Financiële herplaatsingsgarantieInvesteerders moeten een eigen bijdragen leveren wanneer aan hen een herplaatsingsgarantie wordt verleend. In 2023 waren nog geen eigen bijdragen van investeerders ontvangen aangezien nog niet alle aanvragen waren beoordeeld.FlexwoningenDoor een later dan verwachte matching van flexwoningen met afnemers, had BZK lagere ontvangsten.62Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Staten-GeneraalIIA Staten-Generaal: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoennenota 2023211Mutaties t/m Najaarsnota29Stand Najaarsnota240Mee- en tegenvallers‒ 2Fractiekosten1Schadeloosstelling1Apparaat Tweede Kamer‒ 1Parlementaire enquêtes‒ 1Apparaat Eerste Kamer‒ 2Overige mee- en tegenvallers0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)238IIA Staten-Generaal: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoennenota 20234Mutaties t/m Najaarsnota5Stand Najaarsnota9Mee- en tegenvallers1Controle en wetgeving Tweede Kamer1Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)10UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersFractiekostenDoor de verkiezingen in november is er een overuitputting van 1,2 miljoen euro op het budget voor de fractiekosten.SchadeloosstellingDe overschrijding op kas- en verplichtingenbudget van 1,5 miljoen euro is veroorzaakt door de betaalde eindheffing voor de werkkostenregeling over 2022. Het beroep op de regeling was hoger dan begroot.Apparaat Tweede KamerHet apparaat van de Tweede Kamer kent een onderuitputting van 1,4 miljoen euro.63Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Parlementaire enquêtesDe onderuitputting op kas- en verplichtingenbudget komt met name door de parlementaire enquête Fraudebeleid en dienstverlening, die in 2024 wordt voortgezet.Apparaat Eerste KamerHet apparaat van de Tweede Kamer kent een onderuitputting van 1,9 miljoen euro.OntvangstenControle en wetgeving Tweede KamerDe meerontvangsten zijn het gevolg van de hogere doorbelastingen van dienstverlening aan andere Hoge Colleges van Staat en ontvangsten van het UWV.Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.De ontvangsten van de Staten-Generaal zijn ruim 1 miljoen euro hoger dan begroot. Dit heeft te maken met de hogere doorbelastingen van dienstverlening aan andere Hoge Colleges van Staat.Overige Hoge Colleges van StaatIIB Overige Hoge Colleges van Staat: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoennenota 2023169Mutaties t/m Najaarsnota15Stand Najaarsnota184Mee- en tegenvallers‒ 8Algemene Rekenkamer0De Nationale ombudsman‒ 2Kiesraad‒ 3Overige mee- en tegenvallers‒ 3Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)176IIB Overige Hoge Colleges van Staat: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoennenota 20236Mutaties t/m Najaarsnota1Stand Najaarsnota7Mee- en tegenvallers1Algemene Rekenkamer1Overige mee- en tegenvallers0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)864Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersAlgemene RekenkamerDe onderschrijding op het kasbudget van 0,4 miljoen euro is veroorzaakt doordat dit eerder in het jaar is opgehoogd met 2 miljoen euro om grote meerjarenprojecten te bekostigen. Niet alle contracten zijn nog aangegaan.De Nationale ombudsmanDe onderuitputting bij de Nationale ombudsman zit bij het onderdeel «taakoefening medeoverheden». Verschillende vacatures waren (nog) niet vervuld.KiesraadDe onderuitputting op het kas- en verplichtingenbudget van circa 3,4 miljoen euro is voor een groot deel te verklaren door het tussentijds beëindigen van het contract met de leverancier van het Digitaal Hulpmiddel Verkiezingen.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Algemene RekenkamerDe Algemene Rekenkamer had meer ontvangsten dan geraamd.KoninkrijksrelatiesIV Koninkrijksrelaties: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)196Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 26Stand Najaarsnota170Mee- en tegenvallers‒ 10Eigen personeel‒ 2Externe inhuur‒ 2Materiële uitgaven‒ 2Detentie‒ 1Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)‒ 1Wederopbouw luchthaven Sint Maarten‒ 1Overige mee- en tegenvallers‒ 1Generaal dossier‒ 4Wisselkoers realisatie‒ 4Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)15665Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 IV Koninkrijksrelaties: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.090Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 1.031Stand Najaarsnota59Mee- en tegenvallers13Versnelde terugbetaling lening13Niet-plafondrelevant17Aflossing leningen17Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)89Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.UitgavenMee- en tegenvallersWisselkoers realisatieSinds begrotingsjaar 2023 worden alle koersresultaten van dit hoofdstuk separaat geadministreerd in artikel 6. Over begrotingsjaar 2023 zijn er voor 3,3 miljoen euro aan voordelige koersresultaten behaald. Daarom vallen de uitgaven en verplichtingen lager uit dan initieel begroot.Eigen personeelDe realisatie op eigen personeel is lager dan begroot door de openstaande vacatures bij SSO-CN.Externe inhuurDe onderuitputting op externe inhuur wordt voornamelijk veroorzaakt door SSO-CN. Onderliggend is hierbij de krapte op de arbeidsmarkt op Caribisch Nederland.Materiële uitgavenDe onderuitputting op materiële uitgaven wordt voor een groot deel veroorzaakt doordat bepaalde ICT projecten bij SSO-CN niet konden worden uitgevoerd of vertraging hebben opgelopen.DetentieDit is de realisatie op detentie middelen, doordat onder andere middelen voor detentie op Sint Maarten voor het National Recovery Program Board niet zijn gerealiseerd.Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)De budgetten van de Tijdelijke Werkorganisatie kennen per saldo onderuitputting, mede doordat plannen voor de landspakketten niet door de Landen zijn ingediend en/of akkoord zijn bevonden voor het jaareinde.66Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Wederopbouw Sint MaartenDe realisatie van de wederopbouw middelen kent onderuitputting. Dit wordt grotendeels veroorzaakt doordat middelen niet zijn besteed aan de wederopbouw van de luchthaven, doordat geplande facturen nog niet zijn ontvangen.Overige mee- en tegenvallersDeze post is opgebouwd uit verschillende realisaties op de begroting van Koninkrijksrelaties.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersVersnelde terugbetaling lening CuraçaoCuraçao heeft een deel van de lening Girobank versneld afgelost in 2023, wat heeft geleidt tot een meevaller.Niet-plafondrelevantAflossing leningenDit zijn meerontvangsten door vervroegde aflossingen op een lening.BES-fondsBES-fonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)53Mutaties t/m Najaarsnota 202341Stand Najaarsnota94Generaal dossier‒ 6Wisselkoers realisatie‒ 6Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)88Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.UitgavenMee- en tegenvallersWisselkoerseffectenDit betreft de wisselkoerseffecten op het BES-fonds in 2023. Door voordelige koersverschillen vallen de uitgaven en verplichtingen lager uit dan initieel begroot.OntvangstenVoor het BES-fonds zijn er geen ontvangsten.67Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Onderwijs, Cultuur en WetenschapVIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)53.248Mutaties t/m Najaarsnota 20232.819Stand Najaarsnota56.067Mee- en tegenvallers‒ 155Meevaller Maatschappelijke diensttijd‒ 24Meevaller Schoolmaaltijden‒ 37Per saldo meevaller studiefinanciering‒ 39Overige mee- en tegenvallers‒ 55Overboekingen met andere begrotingen‒ 1Overboeking Btw-compensatiefonds‒ 1Desalderingen36Desaldering STER inkomsten35Overige desalderingen0Technisch‒ 245COVID-19 Nationaal Programma Onderwijs‒ 21Oekraïne‒ 25NGF Openstaande Verplichtingen‒ 89KOT Openstaande verplichtingen‒ 104Overig technisch‒ 6Niet-plafondrelevant‒ 579Meevaller uitgaven studiefinanciering NR‒ 579Overig niet-plafondrelevant0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)55.123VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.665Mutaties t/m Najaarsnota 2023212Stand Najaarsnota1.877Mee- en tegenvallers13Meevaller Nationaal Archief8Overige mee- en tegenvallers5Desalderingen36Desaldering STER-inkomsten35Overige desalderingen0Technisch0Technisch068Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 In miljoenen euro2023Niet-plafondrelevant98Meevaller ontvangsten studiefinanciering NR98Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)2.024UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersMeevaller Maatschappelijke diensttijdEr is sprake van een extra meevaller van 20,4 miljoen euro op de hoofdsubsidieregeling in 2023 doordat niet alle aanvragen zijn goedgekeurd die zijn ingediend. De resterende 3,4 miljoen betreft een meevaller op de verschillende MDT-subsidies doordat er minder middelen zijn uitgegeven dan waren begroot.Meevaller SchoolmaaltijdenEr is een meevaller op het programma Schoolmaaltijden. Het programma is in de loop van 2023 gestart, waardoor het bereik gedurende het jaar is gegroeid. Hierdoor hebben niet alle scholen vanaf de start van het programma maaltijden ontvangen en is er onderuitputting ontstaan. Met betrekking tot Schoolmaaltijden geeft een deel van de scholen aan te weinig capaciteit te hebben om mee te doen.Overboekingen met andere begrotingenOverboeking Btw-compensatiefondsEr is een overboeking gedaan naar het BCF voor Erfgoedpark Batavialand.DesalderingenDesaldering STER-inkomstenEr wordt een desaldering gedaan met de Algemene Mediareserve. Door hogere Sterinkomsten zijn de ontvangsten hoger dan geraamd. Dit leidt tot een storting in de Algemene Mediareserve.Overige desalderingenDeze post bestaat uit diverse desalderingen.TechnischCOVID-19 Nationaal Programma OnderwijsEr is een meevaller op de middelen bestemd voor het Nationaal Programma Onderwijs om studenten met vertraging door corona tegemoet te komen. Deze middelen vloeien terug naar de Rijksbegroting, zoals gebruikelijk bij onbestede coronamiddelen.OekraïneEr is een openstaande verplichting op de nieuwkomersbekostiging voor 23,8 miljoen euro die niet meer in het jaar 2023 wordt uitgegeven, maar wordt besteed in 2024. Daarnaast valt 1 miljoen euro vrij doordat het voor uitvoerders niet haalbaar is gebleken om middelen voor Oekraïense makers van kunst tijdig en rechtmatig te verlenen.69Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 NGF Openstaande VerplichtingenOp het Nationaal Groeifonds (NGF) zijn op verschillende plannen de middelen niet uitgeput. Deze middelen worden als onderuitputting afgeboekt en conform de begrotingsregels meegenomen naar 2024 in de 100% Eindejaarsmarge van het investeringsplafond, om dan voor hetzelfde doel te worden ingezet. Dit laatste is onder andere het geval voor de plannen Leven lang leren (LLO) Katalysator en Digitale impuls Nederland.KOT Openstaande verplichtingenOm het ritme in de begroting aan te laten sluiten bij het verwachte moment van kwijtschelding van DUO-schulden van gedupeerden in de kinderopvangtoeslagaffaire, schuift een deel budget naar achteren.Overig technischDeze post bestaat uit diverse technische mutaties.Niet-plafondrelevantMeevaller studiefinanciering NREr is een meevaller op de niet-relevante (NR) uitgaven van studiefinanciering. Dit komt grotendeels doordat studenten minder hebben geleend dan verwacht. Dit geldt zowel voor de rentedragende lening (369,0 miljoen euro), het collegegeldkrediet (56,0 miljoen euro) en het leven lang leren krediet (4,8 miljoen euro). Daarnaast is het aandeel uitwonende studenten in het hoger onderwijs lager is dan verwacht. Hierdoor zijn de niet-relevante uitgaven basisbeurs naar beneden bijgesteld (76,2 miljoen euro). Ook is er minder gebruik gemaakt van de aanvullende prestatiebeurs (48,9 miljoen euro) en de reisvoorziening prestatiebeurs (14,1 miljoen euro) dan verwacht.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersMeevaller Nationaal ArchiefEr is een meevaller op de ontvangsten voor cultuur hoofdzakelijk vanwege een terugstorting van een deel van de reserve van het Nationaal Archief.DesalderingenDesaldering STER-inkomstenEr wordt een desaldering gedaan met de Algemene Mediareserve. Door hogere Sterinkomsten zijn de ontvangsten hoger dan geraamd. Dit leidt tot een storting in de Algemene Mediareserve.Overige desalderingenDeze post bestaat uit diverse desalderingen.Niet-plafondrelevantMeevaller ontvangsten studiefinanciering NRDe niet-relevante (NR) ontvangsten op de post studiefinanciering is naar boven bijgesteld. In de laatste maanden van 2023 is er extra afgelost op de leningen. Hierdoor zijn er meer renteontvangsten dan verwacht.70Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Financiën (incl. Nationale Schuld)FinanciënIXB Financiën: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)14.155Mutaties t/m Najaarsnota 20231.041Stand Najaarsnota15.196Mee- en tegenvallers‒ 320Tegenvaller opdrachten Belastingdienst29Wereldbank - IFC19Meevaller Belastingdienst‒ 11Meevaller apparaat‒ 14EIB pan-Europees garantiefonds (EGF)‒ 66Onderuitputting Toeslagen Herstel‒ 256Overige mee- en tegenvallers‒ 20Overboekingen met andere begrotingen110Storting in het Btw-compensatiefonds (BCF)110Overige overboekingen met andere begrotingen1Technisch‒ 399Afdrachten Staatsloterij18Correctie definitieve sluiting langlopende schadezaken EKV‒ 168Btw-compensatiefonds‒ 248Overig technisch‒ 2Niet-plafondrelevant‒ 28Schade-uitkering ekv - Niet afgesloten dossiers‒ 13Schadeloosstelling SRH‒ 15Overig niet-plafondrelevant0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)14.559IXB Financiën: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)2.215Mutaties t/m Najaarsnota 20232.550Stand Najaarsnota4.765Mee- en tegenvallers178Dividenden staatsdeelnemingen99Meevaller niet-belastingontvangsten Belastingdienst96Terugbetaling van SBN‒ 22Overige mee- en tegenvallers5Technisch‒ 151Afdrachten Staatsloterij18Correctie onttrekking begrotingsreserve‒ 16871Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 In miljoenen euro2023Overig technisch‒ 2Niet-plafondrelevant88Meevaller aan-/verkoop vermogenstitels84Toename munten in circulatie11Dividenden staatsdeelnemingen9Schaderestituties EKV‒ 19Overig niet-plafondrelevant4Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)4.880UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersTegenvaller opdrachten BelastingdienstDe uitgaven aan (ICT)opdrachten vallen per saldo 29 miljoen euro hoger uit. Dit betreft een meevaller van circa 10 miljoen euro op de overige opdrachten en een overschrijding op de ICT-opdrachten van circa 39 miljoen euro. De belangrijkste reden is dat conform de bestendige gedragslijn en gemaakte afspraken met leveranciers contracten deels voorafgaand aan het nieuwe jaar worden betaald (mits voldaan wordt aan de inkoopregels). Daarnaast zijn er meer contracten nog in 2023 afgesloten dan eerder verwacht, waardoor er nu sprake is van een overschrijding.Wereldbank – IFCDe betaling aan International Finance Corporation (IFC) van circa 19 miljoen euro is de eerste keer niet gelukt, doordat de middelen op een tussenrekening zijn blijven hangen. Hierdoor is de betaling voor een tweede keer gestart. De teruggave van het bedrag is net over de jaargrens gegaan. Dit wordt in de 1e suppletoire begroting 2024 weer opgevoerd.Meevaller BelastingdienstPer saldo meevaller van 11 miljoen euro. Dit wordt veroorzaakt door hogere materiële uitgaven (12 miljoen euro), lagere personele uitgaven (16 miljoen euro), lagere uitgaven aan de belasting- en invorderingsrente (14 miljoen euro) en hogere uitgaven overige bijdrage zbo's, rwt's en agentschappen (7 miljoen euro).Meevaller apparaatMeerdere kleine meevallers op artikel 8 (apparaat) waaronder onderbesteding op een aantal projecten en onderbesteding op onderzoeken.EIB pan-Europees garantiefonds (EGF)De Europese Investeringsbank (EIB) heeft in 2020 een pan-Europees garantiefonds (EGF) opgericht om de negatieve economische gevolgen van de coronacrisis op te vangen. Het fonds is een onderdeel van het pakket aan maatregelen dat op 9 april 2020 door de Eurogroep werd afgesproken. De investeringen onder het EGF hebben een hoog risicoprofiel waardoor het waarschijnlijk is dat de garantie ingeroepen zal worden. De verwachte nettoverliezen van het EGF worden ingeschat op 20%. De daadwerkelijke uitgaven bedroegen 9,2 miljoen euro in 2023 en zijn daarmee lager dan geraamd.72Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Onderuitputting Toeslagen HerstelDe onderuitputting wordt veroorzaakt doordat het kasritme in 2023 niet in lijn is met het aantal afgehandelde Integrale Beoordelingen (IB) en dossiers door de Commissie Werkelijke Schade (CWS). Daarnaast is er sprake van een langere doorlooptijd dan verwacht voor het kwijtschelden van private schulden in verband met (nog) niet ingediende of in behandeling genomen schuldenlijsten. Ook vallen de uitgaven voor het herstelprogramma voor kinderen lager uit doordat UHT een gedeelte van de betalingen niet kan uitvoeren omdat UHT nog gegevens nodig heeft vanuit de ouder, bewindvoerder of kind. De verwachting is dat deze middelen in latere jaren tot besteding zullen komen.Overige mee- en tegenvallersDit komt met name door onderbestedingen op materiele uitgaven en meevallende apparaatsuitgaven door onder andere onderbezetting bij de Douane.Overboekingen met andere begrotingenStorting in het Btw-compensatiefonds (BCF)Verschillende overboekingen van andere begrotingen naar het Btw-compensatiefonds.Overige overboekingen met andere begrotingenDit betreft een overboeking vanuit EZK voor de advieskosten participatie in Stedin.TechnischAfdrachten StaatsloterijOm te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post opgenomen bij zowel de uitgaven als ontvangsten ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij. De post is bijgesteld met 18,2 miljoen euro.Correctie definitieve sluiting langlopende schadezaken EKVBij de tweede suppletoire begroting is een verwacht bedrag van 165 miljoen euro aan openstaande vorderingen definitief oninbaar verklaard. Deze mutatie brengt geen kasstroom met zich mee. Dit is per abuis wel zo verwerkt bij de tweede suppletoire begroting en wordt nu gecorrigeerd.Btw-compensatiefondsDe bijdrage aan provincies en gemeenten is lager uitgevallen, omdat er minder btw is gedeclareerd dan geraamd. Het is op voorhand niet exact vast te stellen hoe veel btw provincies en gemeenten declareren. Overschotten op dit artikel worden bij de Voorjaarsnota verrekend met het Gemeente- en Provinciefonds.Overig technischDit komt voornamelijk door hogere uitvoeringskosten herverzekering leverancierskredieten dan begroot.Niet-plafondrelevantSchadeloosstelling SRHIn het arrest van 21 april 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan over de vaststelling van de omvang van de schadeloosstelling, voortvloeiend uit de onteigening van obligatiehouders van SNS REAAL op 1 februari 2013. Met deze uitspraak is de uitspraak van de Ondernemingskamer van 11 februari 2021 definitief geworden en is het proces van uitbetaling van 73Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 de vastgestelde schadeloosstelling gestart. De realisatie valt lager uit dan begroot. Dit hangt deels samen met het feit dat een grove inschatting is gemaakt van de impact van de uitspraak.Schade-uitkering ekv - Niet afgesloten dossiersDe realisatie van de schade op de nieuwe en/of lopende ekv-gedekte transacties is 13 miljoen euro lager dan geraamd.Overig niet-plafondrelevant Dit betreft de hogere uitvoeringskosten voor het omwisselen van de Oekraïense hryvnia (de munteenheid van Oekraïne).OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDividenden staatsdeelnemingenDe dividendontvangsten vallen hoger uit dan oorspronkelijk geraamd. Dit is het effect van diverse actualisaties op basis van op dat moment recente informatie over het dividend als gevolg van de marktomstandigheden.Meevaller niet-belastingontvangstenMeerdere meevallers bij de niet-belastingontvangsten op artikel 1 Belastingen. De ontvangsten aan belasting- en invorderingsrente zijn 32 miljoen euro hoger uitgevallen dan begroot. Voor een deel is dit toe te schrijven aan hogere ontvangsten aan belastingrente in het laatste kwartaal van 2023, vooral in de vpb. Verder zijn de ontvangsten aan invorderingsrente over coronaschulden hoger uitgevallen dan begroot (circa 10 miljoen euro). De ontvangsten als gevolg van het doorbelasten van vervolgingskosten (zijnde bijvoorbeeld aanmaningen en dwangbevelen) zijn 24 miljoen euro hoger uitgevallen. Dit is met name toe te schrijven aan hogere ontvangsten in relatie tot de omzet-, loon- en inkomstenbelasting dan verwacht in het laatste kwartaal van 2023. De boeteontvangsten zijn 22 miljoen euro hoger uitgevallen. Dit is onder andere toe te schrijven aan hogere boeteontvangsten in relatie tot de omzet- en loonbelasting in december. De apparaatsontvangsten zijn 18 miljoen euro hoger uitgevallen. Er zijn 11 miljoen euro hogere ontvangsten vanuit het UWV welke zijn gerelateerd aan de Ziektewet en ontvangen transitievergoedingen. Daarnaast zijn er 3 miljoen euro extra ontvangsten vanuit het leveren van extra facilitaire diensten aan verschillende afnemers. 2 miljoen euro extra ontvangsten zijn ontstaan vanuit detachering van personeel.Terugbetaling van SBNDe ontvangsten zijn 22 miljoen euro lager dan begroot omdat de terugbetaling van SBN niet is geboekt als een ontvangst, maar als een negatieve uitgave op de post compensatie private schulden. Er is voor gekozen om dit bedrag negatieve uitgaven te boeken, omdat het in principe geen ontvangst, maar een terugbetaling van eerder gemaakte kosten. Het boeken van de terugbetaling als negatieve uitgave is een van de redenen waarom er onderbesteding is bij de compensatie private schulden.Overige mee- en tegenvallersDit betreft het saldo van een aantal meevallers waaronder op de schaderestituties van de EKV polissen en op de apparaatsontvangsten.74Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 TechnischAfdrachten StaatsloterijOm te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post opgenomen bij zowel de uitgaven als ontvangsten ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij. De post is bijgesteld met 18,2 miljoen euro.Correctie onttrekking begrotingsreserveBij de tweede suppletoire begroting is een verwacht bedrag van 165 miljoen euro aan openstaande vorderingen definitief oninbaar verklaard. Deze mutatie brengt geen kasstroom met zich mee. Dit is per abuis wel zo verwerkt bij de tweede suppletoire begroting en wordt nu gecorrigeerd.Overig technischLagere ontvangsten bij de premies en schaderesituties herverzekering leverancierskredieten.Niet-plafondrelevantMeevaller aan-/verkoop vermogenstitelsDe per saldo meevaller vanwege de aan- en verkoop van vermogenstitels, betreffende de verkoop van aandelen ABN AMRO.Toename munten in circulatieIn 2023 zijn er via DNB meer munten in omloop gebracht dan dat er uit omloop zijn teruggekomen. Als gevolg daarvan heeft DNB het afgelopen jaar per saldo een bedrag van 11 miljoen euro aan nominale waarde van in de markt uitgezette munten aan de schatkist toegevoegd.Dividenden staatsdeelnemingenDe dividendontvangsten vallen hoger uit dan oorspronkelijk geraamd. Dit is het effect van diverse actualisaties op basis van op dat moment recente informatie over het dividend als gevolg van de marktomstandigheden.Schaderestituties EKVDe verwachte schaderestituties EKV zijn 19 miljoen euro lager dan oorspronkelijk begroot. Vanwege het vraag gestuurde karakter zijn er verschillen tussen de ramingen en realisaties.Overig niet-plafondrelevantDit betreft voornamelijk de hogere renteontvangsten op de lening aan Griekenland vanwege rentewijzigingen.75Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Nationale SchuldIXA Nationale schuld: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)38.885Mutaties t/m Najaarsnota 20239.285Stand Najaarsnota48.170Technisch146Rente vlottende schuld120Rentelasten kasbeheer19Overig technisch6Niet-plafondrelevant9.450Mutatie vlottende schuld10.640Aflossing vaste schuld45Rente derivaten11Mutaties in rekening-courant en deposito‒ 200Verstrekte leningen‒ 372Rente kasbeheer‒ 674Overig niet-plafondrelevant0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)57.766IXA Nationale schuld: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)69.375Mutaties t/m Najaarsnota 20232.956Stand Najaarsnota72.331Technisch177Rente vlottende schuld177Overig technisch0Niet-plafondrelevant‒ 1.527Uitgifte vaste schuld317Aflossingen op leningen43Mutaties in rekening-courant en deposito‒ 1.887Overig niet-plafondrelevant1Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)70.982UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.76Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 TechnischRente vlottende schuldDe rentelasten op de vlottende schuld zijn circa 120 miljoen euro hoger uitgevallen doordat, onder andere, de uitgifte van Dutch Treasury Certificates (DTC's) in de laatste maanden van het jaar tegen een hogere rente heeft plaatsgevonden dan waarmee in de tweede suppletoire begroting rekening is gehouden. Daarnaast hebben transacties op de geldmarkt ten behoeve van kortetermijnfinanciering geleid tot extra rentelasten.Rentelasten kasbeheerDe rentelasten op het kasbeheer zijn 19 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer middelen door de deelnemers van schatkistbankieren worden aangehouden op de rekeningen-courant en deposito’s dan waarmee rekening is gehouden in de tweede suppletoire begroting.Overig technischDeze post bestaat uit diverse technische mutaties die onder de ondergrens vallen.Niet-plafondrelevantMutatie vlottende schuldDe eindstand van de uitstaande schuld op de geldmarkt is het gevolg van meerdere ontwikkelingen gedurende het jaar. De belangrijkste ontwikkelingen zijn de ontwikkeling van het kassaldo, de keuze voor de omvang van de financiering op de kapitaalmarkt, het onderpand in contanten dat is ontvangen voor de derivaten en de vervroegde aflossingen. Doordat het kastekort lager is uitgevallen dan werd geraamd bij de tweede suppletoire begroting, is 10,6 miljard euro van de vlottende schuld additioneel afgelost.Aflossing vaste schuldEind 2023 heeft een vervroegde aflossing van een staatsobligatie plaatsgevonden. Hierdoor vielen de aflossingen van de vaste schuld per saldo 45 miljoen euro hoger uit dan begroot bij de tweede suppletoire begroting.Rente derivatenDe rentelasten derivaten zijn 11 miljoen euro hoger uitgevallen als gevolg van de hoger dan verwachte rentepercentages die op de variabele delen van de rentederivaten zijn gerealiseerd.Mutaties in rekening-courant en depositoHet saldo van de rekeningen-courant van de decentrale overheden is toegenomen terwijl er een lichte daling (circa 200 miljoen euro) werd verwacht bij de tweede suppletoire begroting.Verstrekte leningenHet bedrag aan verstrekte leningen is in totaal 372 miljoen euro lager dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Dit komt doordat het aantal leningen verstrekt aan agentschappen en RWT's lager is uitgevallen dan begroot.Rente kasbeheerDe rentelasten op het kasbeheer zijn circa 674 miljoen euro lager uitgevallen, met name doordat er minder middelen door de sociale fondsen worden aangehouden op de rekeningen-courant dan waarmee rekening is gehouden in de tweede suppletoire begroting.77Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Overig niet-plafondrelevantDeze post bestaat uit diverse niet-plafondrelevante mutaties die onder de ondergrens vallen.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.TechnischRente vlottende schuldDe rentebaten op de vlottende schuld vallen circa 177 miljoen euro hoger uit als gevolg van de hoger dan verwachte rente die de staat heeft ontvangen over het schatkistsaldo en de op de geldmarkt uitgezette middelen.Overig technischDeze post bestaat uit diverse technische mutaties die onder de ondergrens vallen.Niet-plafondrelevantUitgifte vaste schuldBij de uitgifte van Nederlandse staatsleningen is in het najaar circa 317 miljoen euro meer opgehaald dan waar in de tweede suppletoire begroting rekening mee is gehouden. In de begroting werd uitgegaan van een kapitaalmarktberoep van afgerond 46 miljard euro.Aflossingen op leningenIn 2023 is circa 43 miljoen euro meer aan leningen afgelost dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Deelnemers van schatkistbankieren hebben de mogelijkheid om hun leningen (deels) vervroegd af te lossen, bijvoorbeeld bij verkoop van de activa waarvoor was geleend.Mutaties in rekening-courant en depositoPer saldo is door de sociale fondsen, RWT’s, agentschappen en decentrale overheden gezamenlijk minder geld op de rekeningen-courant aangehouden dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Het saldo van de rekeningen-courant van de sociale fondsen is circa 4,2 miljard euro minder toegenomen dan begroot. Het saldo van de rekeningen-courant van de RWT’s, agentschappen en decentrale overheden is circa 2,3 miljard euro meer toegenomen dan begroot.Overig niet-plafondrelevantDeze post bestaat uit diverse niet-plafondrelevante mutaties die onder de ondergrens vallen.78Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Defensie (inclusief Defensiematerieelbegrotingsfonds)DefensieX Defensie: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)15.039Mutaties t/m Najaarsnota 202323Stand Najaarsnota 202315.062Mee- en tegenvallers‒ 62Onderuitputting 2023‒ 62Technisch21Mutaties met Defensiematerieelbegrotingsfonds‒ 2Overig technisch23Niet-plafondrelevant101Oekraïne101Stand Financieel Jaarverslag Rijk 2023 (nota)15.122X Defensie: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)142Mutaties t/m Najaarsnota 2023151Stand Najaarsnota 2023293Mee- en tegenvallers‒ 5Onderuitputting 2023‒ 5Technisch8Technisch8Niet-plafondrelevant‒ 73Oekraïne‒ 73Stand Financieel Jaarverslag Rijk 2023 (nota)223UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Onderuitputting 2023Dit betreft het saldo van meerdere uitgavenmutaties die zich na de NJN hebben voorgedaan. Een gedeelte hiervan heeft betrekking op het Nationaal Fonds Ereschuld (16,4 miljoen euro), omdat het aantal afgehandelde RVS 79Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 zaken is afgenomen in het tweede gedeelte van het jaar. Daarnaast betreft het een lagere benutting (14,6 miljoen euro) van het Budget Internationale Veiligheid (BIV), dat een voorziening is binnen HGIS.Mutaties met DefensiematerieelbegrotingsfondsDe onderliggende mutaties worden toegelicht op de uitgavenzijde van het Defensiematerieelbegrotingsfonds.Overig technischHet gaat om de opwaartse budgetbijstellingen die zijn opgenomen in de Veegbrief. Dit omvat onder andere hogere uitgaven aan eigen personeel van 5 miljoen euro en 5 miljoen euro voor dienstreizen en het HR ecosysteem, een netwerk voor personele diensten. De Veegbrief is eind december 2023 aan de Tweede Kamer aangeboden.OekraïneBij de Najaarsnota is het budget voor Oekraïne naar beneden bijgesteld met 181 miljoen euro. Aan het eind van het jaar zijn er echter hogere uitgaven gedaan. Deze uitgaven zijn gedaan voor een onvoorziene btw-afdracht voor aanschaf van munitie vanwege onduidlijkheid rondom de toepassing van btw-regels (26 miljoen euro), brandstofvoorziening (17 miljoen euro), het sneller leveren van kleding en uitrusting, en voor overige uitgaven door commerciële verwerving en directe aanschaf van materieel dat is bestemd voor Oekraïne.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Onderuitputting 2023Dit betreft lagere ontvangsten bij Commando Materieel en IT. De raming is te hoog gebleken tijdens uitvoering van de begroting.TechnischDit betreft onder meer een ontvangen betaling van Eindhoven Airport voor medegebruik, verkregen subsidie voor European Civil Protection and Humanitatrian Air Operations, en hogere teruggave uit het Foreign Military Sales (FMS) Holding Accounts (aanschaf van militair materieel via de Amerikaanse overheid) als gevolg van Case Closures.OekraïneDe lagere ontvangsten zijn het gevolg van de samenwerkingsverbanden voor militaire steun aan Oekraïne. Deze steun wordt soms samen met andere landen georganiseerd, waarbij zij bijdragen aan de gezamenlijke aanschaf van materieel. Niet alle verwachte ontvangsten van de samenwerkende landen zijn genoten in 2023, waardoor deze ontvangsten naar 2024 verschuiven.80Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 DefensiematerieelbegrotingsfondsDefensiematerieelbegrotingsfonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)6.679Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 1.051Stand Najaarsnota 20235.628Mee- en tegenvallers‒ 214Onderuitputting 2023‒ 174Vrijval valutaresultaten‒ 37Teruggave compensatie valutaschommelingen‒ 2Technisch200Versnelling verwerving Patriots163Overige technisch37Stand Financieel Jaarverslag Rijk 2023 (nota)5.614Defensiematerieelbegrotingsfonds: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)6.679Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 386Stand Najaarsnota 20236.293Mee- en tegenvallers14Onderuitputting 202314Desalderingen‒ 2Mutaties met Defensiebegroting‒ 2Technisch5Technisch5Stand Financieel Jaarverslag Rijk 2023 (nota)6.309UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Onderuitputting 2023De onderliggende mutaties tonen een vertraging in de realisatie van de investerings- en instandhoudingsprojecten veroorzaakt door een tekort aan personeel op de arbeidsmarkt, logistieke problemen bij de industrie, langere doorlooptijden bij het afsluiten van contracten en de toegenomen vraag naar materieel voor levering aan Oekraïne.81Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Vrijval valutaresultatenOntwikkelingen in de wisselkoersen van US dollars en Zweedse kronen leiden tot een vrijval van middelen, doordat termijncontracten op een gunstigere koers waren afgesloten.Teruggave compensatie valutaschommelingenOntwikkelingen in de wisselkoersen van US dollars en Zweedse kronen leiden tot een teruggave van de compensatie die Defensie heeft ontvangen voor valutaschommelingen.Versnelling verwerving PatriotsVia het NATO Support and Procurement Agency (NSPA) en in samenwerking met Europese partners is een gezamenlijke bestelling geplaatst om Patriots aan te schaffen.Overige technischDit betreft onder meer het budget voor de verbouwingskosten voor huisvesting met hoog risico beveiliging (20 miljoen euro).OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Onderuitputting 2023De hogere ontvangsten ten opzichte van de 2e suppletoire begroting zijn het gevolg van hoger dan voorziene verkopen door de Rijksdomeinen. Bij de tweede suppletoire begroting heeft een neerwaartse bijstelling van de ontvangsten plaats gevonden, welke bij de Slotwet weer is teruggedraaid.Mutaties met DefensiebegrotingDeze mutaties zijn technisch nodig om het fonds in evenwicht te houden. De inhoudelijke mutaties zijn toegelicht bij de uitgaven.TechnischDit betreft onder andere meer btw-terugontvangsten bij de Koninklijke Marine. Daarnaast is er meer gefactureerd voor diensten aan derden.82Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Infrastructuur en Waterstaat (inclusief Mobiliteitsfonds en Deltafonds)Infrastructuur en WaterstaatXII Infrastructuur en Waterstaat: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)12.981Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 549Stand Najaarsnota12.432Mee- en tegenvallers‒ 78Meevaller Dutch Metropolitan Innovations‒ 7Meevaller bijdrage medeoverheden‒ 9Meevaller TVOV‒ 9Meevaller Luchtvaart in Transitie‒ 20Overige mee- en tegenvallers‒ 34Overboekingen met andere begrotingen‒ 4Overboekingen met andere begrotingen‒ 4Technisch‒ 17Mutaties met Deltafonds‒ 3Mutaties met Mobiliteitsfonds‒ 3Overig technisch‒ 11Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)12.333XII Infrastructuur en Waterstaat: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)43Mutaties t/m Najaarsnota 202331Stand Najaarsnota73Mee- en tegenvallers‒ 8Mee- en tegenvallers‒ 8Technisch‒ 19Generale meevaller BVOV‒ 19Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)47UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersMeevaller Dutch Metropolitan Innovations Dit betreft een meevaller op het Nationaal Groeifonds (NGF) project Dutch Metropolitan Innovations. De middelen komen in 2023 niet meer tot 83Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 besteding en worden doorgeschoven naar 2024. Alle middelen voor het NGF vallen onder het investeringsplafond waar een 100% eindejaarsmarge geldt. Dat betekent dat alle middelen in 2024 weer worden toegevoegd aan de begroting.Meevaller bijdrage medeoverheden Er is een lagere bijdrage aan de medeoverheden. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door twee SPUK’s die laat in 2023 zijn gepubliceerd waardoor de aanvragen te laat zijn binnengekomen. Dit zijn de SPUK Regionale Aanpak Laadinfrastructuur en zero-emissie bussen.Meevaller TVOV (transitievergoeding Openbaar Vervoer)Het overschot op de transitievergoeding Openbaar Vervoer wordt afgeboekt, omdat enkele betalingen pas in 2024 plaatsvinden. Conform de afspraak tussen de ministeries van IenW en Financiën mag dit eenmalig worden meegenomen naar 2024.Meevaller Luchtvaart in Transitie Dit betreft een overschot op het subsidiebudget van het NGF-project Luchtvaart in Transitie als gevolg van minder aanvragen dan begroot. Deze middelen worden doorgeschoven naar 2024, omdat ze onder het investeringsplafond vallen.Overige mee-en tegenvallers Dit zijn kleinere meevallers. Het gaat onder andere om enkele projecten uit het NGF en Klimaatfonds die vertraging oplopen (onder andere zero-emissie binnenvaart en laadinfra). Ook zijn er meevallers op apparaatskosten.Overboekingen met andere begrotingen Dit betreft met name overboekingen naar het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds. Het gaat onder andere om een overheveling voor vrachtwagenheffing en topsector logistiek.Technisch Mutaties met Deltafonds Deze mutaties worden toegelicht op het Deltafonds.Mutaties met Mobiliteitsfonds Deze mutaties worden toegelicht op het Mobiliteitsfonds.Overig technisch Dit wordt voornamelijk veroorzaakt doordat middelen van het investeringsplafond worden overgeheveld naar plafond Rijksbegroting. Daarnaast worden middelen voor testen voor reizigers en steun aan Oekraïne die niet tot besteding zijn gekomen weer teruggeboekt naar het generale beeld.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023, bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallers Dit betreft kleinere tegenvallers. Het gaat onder andere om ontvangsten voor de Provincie Zuid-Holland en de gemeente Krimpen aan de IJssel die niet meer zijn ontvangen (circa 3,5 miljoen euro) als gevolg van vertraging 84Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 van het project Exploitatie Maatschappij Krimpen (EMK). Ook zijn er minder ontvangsten binnengekomen op het artikel openbaar vervoer en spoor en het artikel wegen en verkeersveiligheid. Technisch Generale meevaller BVOV (beschikbaarheidsvergoeding openbaar vervoer) Middelen voor de BVOV die niet zijn gebruikt vallen vrij ten gunste van het generale beeld.MobiliteitsfondsMobiliteitsfonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)8.696Mutaties t/m Najaarsnota 202373Stand Najaarsnota8.769Mee- en tegenvallers‒ 408Voordelig saldo hoofdwegennet vernieuwing‒ 20Voordelig saldo hoofdwegennet aanleg‒ 27Voordelig saldo woningbouwmiddelen‒ 33Voordelig saldo hoofdwegennet planuitwerking en verkenningen‒ 59Voordelig saldo reserveringen‒ 69Voordelig saldo gebruiksvergoeding ProRail‒ 81Overige mee- en tegenvallers‒ 118Overboekingen met andere begrotingen‒ 3Overboekingen met andere begrotingen‒ 3Desalderingen9Desalderingen9Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)8.367Mobiliteitsfonds: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)8.696Mutaties t/m Najaarsnota 2023129Stand Najaarsnota8.825Mee- en tegenvallers‒ 37Mee- en tegenvallers‒ 37Desalderingen6Mutaties met Infrastructuur en Waterstaat‒ 3Overige desalderingen9Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)8.79585Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersVoordelig saldo ProRail Dit betreft een voordelig saldo (vertraagde uitgaven) dat wordt veroorzaakt door een lagere gebruiksvergoeding en daardoor minder uitbetaalde btw aan ProRail. Alle middelen op het Mobiliteitsfonds vallen onder het investeringsplafond waar een 100% eindejaarsmarge geldt. Dat betekent dat alle middelen in 2024 weer worden toegevoegd aan de begroting.Voordelig saldo Reserveringen Dit gaat om een voordelig saldo op de reserveringen van het Mobiliteitsfonds. Het wordt voornamelijk veroorzaakt door de verkenning OV en Wonen Utrecht van 69,5 miljoen euro die in 2023 niet meer tot besteding komt. De middelen schuiven door naar 2024.Voordelig saldo Hoofdwegennet planuitwerking en verkenningen Dit betreft een voordelig saldo op de planuitwerking en verkenningen van het hoofdwegennet. Het wordt voornamelijk veroorzaakt door vertragingen bij Stedelijk Bereikbaarheid Almere (circa 31,4 miljoen euro) en ITS en Smart Mobility (circa 7,4 miljoen euro). De vertragingen worden veroorzaakt door latere publicatie van regelingen en de daarmee behorende inwerkingtreding.Voordelig saldo Woningbouw Dit betreft woningbouwmiddelen die in 2023 niet meer tot besteding zijn gekomen. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat enkele gemeenten hun aanvragen na garantiedatum niet volledig hadden ingediend of doordat niet alle subsidieaanvragen meer in 2023 verwerkt konden worden.Voordelig saldo Hoofdwegennet realisatie Op het hoofdwegennet zijn er overschotten op de realisatie van enkele aanlegprojecten. Het gaat onder andere om Schiphol/Amsterdam-Almere doordat de risicoreservering niet nodig was en kosten voor de bouw lager zijn uitgevallen. Ook bij A28 Knooppunt Hoevelaken is 3,2 miljoen euro minder benodigd en bij de N35 Wijthmen – Nijverdal 3,8 miljoen euro. Ook door vertragingen bij bronmaatregelen en gevelisolatie van meerdere projecten is er een overschot van circa 12,7 miljoen euro.Voordelig saldo Hoofdwegennet vernieuwingIn 2023 is op het hoofdproduct Hoofdwegennet Vernieuwing Euro 20,2 miljoen euro minder gerealiseerd dan verwacht. Bij Vervanging en Renovatie is circa 10 miljoen euro niet uitgegeven. Dit speelt hoofdzakelijk bij de projecten van Brienenoordbrug (circa 8 miljoen euro) waar enkele verwachte inkopen en betalingen zijn uitgesteld naar 2024 in verband met de fase waarin het project zich op dit moment bevindt en bij het project Heinenoordtunnel (circa 3 miljoen euro), waar verschillende onderdelen in de termijnstaat van de hoofdcontracten voor oplevering zijn doorgeschoven naar 2024 en daarmee ook de betaling. Daarnaast is bij het programma Intelligente Wegkantstations circa 10,5 miljoen euro niet gerealiseerd. Dit wordt veroorzaakt doordat bij de projecten Barneveld-Nijkerk, Waterberg-Apeldoorn en Muiderberg en Watergraafsmeer meer voorbereidingstijd nodig was. De start van deze projecten is hierdoor verschoven naar 2024.86Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Overige mee- en tegenvallers Dit betreft veel verschillende kleinere meevallers. Het gaat onder andere om 17 miljoen euro voor veilig slim en duurzaam hoofdwegennet dat niet meer nodig is in 2023, circa 16 miljoen euro voor ERTMS, 15,7 miljoen euro minder realisatie op het hoofdvaarwegennet en circa 13 miljoen euro voor verkenning en planuitwerking personenvervoer.Overboekingen met andere begrotingen Dit zijn overboekingen met de beleidsbegroting van Infrastructuur en Waterstaat. Het gaat voornamelijk om een overheveling van middelen voor de vrachtwagenheffing en topsector logistiek.DesalderingenDit wordt bijna volledig verklaard doordat het project A7 Zuidelijke Ringweg Groningen een hogere ontvangst heeft dan geraamd. De overschrijding is 8,1 miljoen euro en betreft een ontvangst van de NAM voor aardbeving bestendig bouwen. Daarnaast zijn er enkele kleinere desalderingen.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallers Dit wordt onder andere veroorzaakt door een aantal kleinere tegenvallers. Op het hoofdwegennet is circa 25 miljoen minder ontvangen van gemeentes dan verwacht. Ook zijn de geplande EU ontvangsten voor megaprojecten verkeer en vervoer van circa 12,4 miljoen nog niet ontvangen. Daarnaast zijn er ook minder ontvangsten (circa 6,2 miljoen) op de aanleg van enkele spoorprojecten.Desalderingen Mutaties met Infrastructuur en WaterstaatDeze mutaties zijn technisch nodig om het fonds in evenwicht te houden. De inhoudelijke mutaties zijn toegelicht bij de uitgaven (zie overboekingen met andere begrotingen).Overige desalderingen Dit wordt bijna volledig verklaard doordat het project A7 Zuidelijke Ringweg Groningen een hogere ontvangst heeft dan geraamd. De overschrijding is 8,1 miljoen en betreft een ontvangst van de NAM voor aardbeving bestendig bouwen. Daarnaast zijn er enkele kleinere desalderingen.87Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 DeltafondsDeltafonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.908Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 86Stand Najaarsnota1.823Mee- en tegenvallers‒ 85Voordelig saldo impulsregeling klimaatadaptatie‒ 10Voordelig saldo investeren in waterveiligheid‒ 28Overige mee- en tegenvallers‒ 48Overboekingen met andere begrotingen‒ 3Overboekingen met andere begrotingen‒ 3Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)1.734Deltafonds: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.908Mutaties t/m Najaarsnota 202318Stand Najaarsnota1.926Mee- en tegenvallers19Mee- en tegenvallers19Desalderingen‒ 3Mutaties met Infrastructuur en Waterstaat‒ 3Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)1.942UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersVoordelig saldo Investeren in waterveiligheidDit betreft vertraagde uitgaven van circa 27,8 miljoen euro op artikel investeren in waterveiligheid. Het wordt grotendeels veroorzaakt door waterschapsprojecten binnen het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) (onder andere Gouderak en Sterke Lekdijk) en HWBP 2 waarvoor betreffende declaraties nog niet zijn ontvangen en het doorschuiven van budget voor afwikkelen van restpunten van Ruimte voor de Rivier. Alle middelen op het Deltafonds vallen onder het investeringsplafond waar een 100% eindejaarsmarge geldt. Dat betekent dat alle middelen in 2024 weer worden toegevoegd aan de begroting.88Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Voordelig saldo Impulsregeling klimaatadaptatieEr is een voordelig saldo van circa 9,6 miljoen euro voor impulsregeling klimaatadaptatie. Dit wordt grotendeels verklaard doordat aanvragen relatief laat binnenkwamen en niet allemaal meer beoordeeld konden worden.Overige mee- en tegenvallers In 2023 wordt op het artikel Investeren in Waterkwaliteit circa 7,8 miljoen minder uitgegeven dan bij de Najaarsnota 2023 werd verwacht. Dit wordt veroorzaakt binnen het Programma Kaderrichtlijn water. Het samenwerkingsproject Salmsteke heeft nog enkele problemen die moeten worden opgelost, waardoor de eindafrekening niet afgerond kan worden en doorschuift naar 2024. De maatregel in het gebied Zwarte Water heeft vertraging opgelopen en schuift ook door naar 2024. Daarnaast is er vertraging in de reguliere werkzaamheden.Overboekingen met andere begrotingen Dit betreft een overboeking naar het btw-compensatiefonds voor de tijdelijke impulsregeling voor het treffen van maatregelen op het gebied van klimaatadaptatie door provincies.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDit wordt bijna volledig veroorzaakt door hogere ontvangsten op het artikel Investeren in Waterveiligheid van circa 19 miljoen. Deze hogere ontvangst is grotendeels het gevolg van meer ontvangsten in het kader van het Bestuursakkoord Water en een hogere ontvangst bij de Maaswerken als gevolg van vergoeding voor gemaakte kosten in begeleiden van onder andere vastgoed.Desalderingen Mutaties met Infrastructuur en WaterstaatDeze mutaties zijn technisch nodig om het fonds in evenwicht te houden. De inhoudelijke mutaties zijn toegelicht bij de uitgaven (zie overboekingen met andere begrotingen).89Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Economische Zaken en Klimaat (inclusief Nationaal Groeifonds)Economische Zaken en KlimaatEconomische Zaken en Klimaat: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)15.955Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 715Stand Najaarsnota15.240Mee- en tegenvallers‒ 1.463Storting in begrotingsreserve duurzame energie en klimaat824Storting reserve Garantie Ondernemersfinanciering21Compensatie gemeenten en provincie (bestuurlijke afspraken)20Bijdrage RVO18Risicokapitaal SEED‒ 11Tegemoetkoming blokaansluitingen‒ 16Overige materiële uitgaven‒ 17Fund to Fund‒ 18Lening Informal Investors‒ 19Compensatie aanbestedende diensten SEFE-contracten‒ 20Duurzaam herstel Groningen‒ 21Clustering en gebiedsfonds (bestuurlijke afspraken)‒ 24Innovatiekrediet‒ 24Garantie BMKB‒ 27PPS toeslag‒ 27ISDE-regeling (niet Klimaatfonds)‒ 36Tegemoetkoming vaste lasten‒ 44Vergoeding waardedaling Groningen‒ 47Economisch Veiligheid Fonds‒ 50Onderuitputting NGF projecten‒ 89Vergoeding fysieke schade‒ 129Tijdelijk prijsplafond energie kleinverbruikers 2023‒ 130Onderuitputting Klimaatfonds‒ 158Versterkingsoperatie Groningen‒ 171Tegemoetkoming Energiekosten‒ 174Diversen‒ 365Onderuitputting SDE++‒ 730Overboekingen met andere begrotingen3Diversen3Technisch‒ 14Diversen‒ 4Overig technisch‒ 10Niet-plafondrelevant‒ 113Diversen‒ 4Deep Tech Fund‒ 15Fonds Alternatieve Financiering‒ 16ETCI‒ 78Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)13.65290Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Economische Zaken en Klimaat: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)17.065Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 7.521Stand Najaarsnota9.544Mee- en tegenvallers‒ 1.666Diversen64Innovatiekredieten33Nationaal Programma Groningen (bijdrage NAM)‒ 25Tegemoetkoming vaste lasten‒ 26Apparaat NCG‒ 36Fund to Fund‒ 66Ontvangsten NAM versterkingsoperatie‒ 91Dividenduitkering EBN‒ 222Ontvangsten NAM schadeafhandeling‒ 564Ontvangsten Mijnbouwwet‒ 734Niet-plafondrelevant42Diversen30ROM's30ETS-ontvangsten‒ 19Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)7.920UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersStorting in begrotingsreserve duurzame energie en klimaatDe storting in de reserve duurzame energie is hoger dan geraamd bij de Najaarsnota. Dit wordt onder andere veroorzaakt door reguliere onderbesteding binnen het SDE++ (Stimulering Duurzame Energieproductie) domein, onderuitputting bij de ISDE (Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing), het flankerend beleid, en de HER (Hernieuwbare Energietransitie). Daarnaast worden ook de extra ontvangsten aan terugontvangen subsidievoorschotten op de regelingen binnen het SDE-domein in de reserve gestort.Storting reserve Garantie OndernemersfinancieringEr zijn begrotingsreserves garantieregelingen zoals de Garantie Ondernemersfinanciering (GO). De garantieregelingen zijn in principe intertemporeel kostendekkend; de te realiseren premieontvangsten zijn naar verwachting toereikend voor het afdekken van eventuele verliesdeclaraties. Aan het eind van het begrotingsjaar wordt op basis van het gebruik van deze faciliteiten en de daarbij behorende gerealiseerde ontvangsten en uitgaven vastgesteld of er een aanvullende onttrekking of storting van de reserve dient plaats te vinden. In 2023 kon 21 miljoen euro in de reserve worden gestort.91Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Compensatie gemeenten en provincie (bestuurlijke afspraken)Voor de uitvoering van de bestuurlijke afspraken met de medeoverheden (compensatie gemeenten en provincie) is meer gerealiseerd (20 miljoen euro) dan geraamd. Dekking hiervoor komt vanuit het budget voor ‘Clustering en gebiedsfonds’ (14 miljoen euro) en de middelen die in de kabinetsreactie op PEGA (Parlementaire Enquêtecommissie Aardgaswinning Groningen) zijn toegezegd.Bijdrage RVOBij meerdere projecten is vertraging opgelopen, waardoor minder uitvoeringskosten zijn bevoorschot. Hieronder valt de onderuitputting van 10 miljoen euro op de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)-uitgaven op het Toekomstfonds. Er is ook een tegenvaller van 29 miljoen euro. Dit komt doordat de RVO-opdracht voor de werkzaamheden van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) in 2023 is verrekend met een positief saldo op de RVO-opdracht ten behoeve van het IMG in 2022. Netto komt deze post daardoor uit op een tegenvaller van afgerond 18 miljoen euro.Risicokapitaal SEEDDoordat in eerdere jaren vertraging is opgelopen, wordt er minder besteed dan origineel geraamd voor de SEED-regeling (System for Exchange of Excise Data). Eerder in het jaar is het budget al naar beneden bijgesteld en bij de Slotwet wordt nog eens 11 miljoen euro afgeboekt.Tegemoetkoming blokaansluitingenEr is in 2023 16,4 miljoen euro minder uitgegeven dan dat er budget was. De reden hiervoor is dat de behandeling van een deel van de aanvragen voor de Tegemoetkoming blokaansluitingen (TTB) is vertraagd naar 2024. Dit komt door het feit dat de aanvraagtermijn afliep op 31 oktober 2023.Overige materiële uitgavenBij het apparaat is de realisatie van overige materiële uitgaven lager uitgevallen dan geraamd bij de Najaarsnota. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door een aanpassing van de administratieve structuur.Fund to FundOnder het Fund to Fund worden het Dutch Venture Initiative en Dutch Venture Initiative II uitgevoerd door de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) Oost NL. Omdat de ontvangsten op de fondsen door Oost NL opnieuw worden ingezet, zijn er dit jaar minder middelen aan de ROM Oost NL uitbetaald.Lening Informal InvestorsDe regeling Vroegefasefinanciering biedt financiering in de vorm van een lening voor innovatieve bedrijven in een vroege ontwikkelingsfase. De omvang en het moment van uitbetalingen is afhankelijk van de aanvragen van de provincies als uitvoerder van het regionale luik, innovatieve bedrijven en starters. Het aantal aanvragen van bedrijven viel lager uit dan verwacht. De provincies mogen eenmaal per drie jaar een aanvraag doen.Compensatie aanbestedende diensten SEFE-contractenDe regeling werd op 1 november in plaats van de geplande 1 september opengesteld. Er zijn daarna in 2023 geen aanvragen binnengekomen. Om die reden is het geraamde bedrag niet uitgegeven.92Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Duurzaam herstel GroningenOm te voorkomen dat het budget een vertragende factor zou vormen voor de uitvoering van de regeling voor Duurzaam Herstel is voor 2023 een ruime raming aangehouden. In 2024 worden echter pas de eerste uitkeringen verwacht voor deze regeling, waardoor het budget van uit de tweede suppletoire begroting niet tot besteding is gekomen.Clustering en gebiedsfonds (bestuurlijke afspraken)Er is minder gerealiseerd dan geraamd, omdat er door de medeoverheden in 2023 minder aanvragen zijn gedaan dan verwacht. Het ritme van deze uitgaven hangt samen met het ritme van de versterkingsoperatie dat daarop vooruit loopt.InnovatiekredietDe technische Innovatiekredietprojecten hebben lage kasuitgaven gehad in 2023. Dit komt door vertragingen in de projectuitvoering. Ook is er minder verleend en kwamen de toekenningen later op gang dan aan het begin van het jaar de verwachting was.Garantie BMKBVoor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) hebben bedrijven minder aanvragen bij financiers gedaan dan het garantieplafond toelaat. Dit is een herkenbare trend uit de afgelopen jaren. Doordat minder aanvragen zijn gedaan en doordat er minder bedrijven failliet zijn gegaan, zijn er minder schadeclaims uitbetaald.PPS toeslagDoor het karakter van de open einde regeling Publiek-private samenwerking (PPS) is het lastig om bij te sturen op prognoses. De Topconsortia Kennis en Innovatie (TKI's) hebben in de laatste maanden van 2023 minder bevoorschotting gevraagd dan eerder geprognotiseerd was. Dit komt mogelijk door de herzieningen in de regeling en het overgangsjaar waarbij het een en ander wijzigt bij de verschillende TKI’s.ISDE-regelingEr heeft 36 miljoen euro onderuitputting plaatsgevonden op de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE). Dit wordt vooral veroorzaakt doordat de zekerheidsmarge niet volledig is gebruikt. Deze onderuitputting wordt gestort in de begrotingsreserve duurzame energie en klimaat.Tegemoetkoming vaste lastenDe verlaging van het budget van Tegemoetkoming vaste lasten (TVL) betreft een bijstelling van het budget op basis van actuele ramingen van de RVO. De planning en uitkomsten van bezwaar- en beroepsprocedures zijn lastig te ramen. De realisatie valt 44 miljoen euro lager uit.Vergoeding waardedaling GroningenMede vanwege de actualisatie van de regeling waarbij bewoners zijn gemotiveerd voor 1 januari 2023 hun aanvraag te doen, neemt het aantal aanvragen voor deze regeling af. Daarnaast heeft het grootste gedeelte van de bewoners die in aanmerking komen nu een aanvraag gedaan.93Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Economisch Veiligheid FondsIn de zomer van 2023 is besloten 100 miljoen euro te reserveren voor de Economische Veiligheidsfaciliteit. Deze is nader verdeeld in 50 miljoen euro voor 2023 en in 2024. De uitwerking van de faciliteit was in 2023 nog niet afgerond, waardoor de eerste tranche van 50 miljoen euro nog niet overgemaakt is naar InvestNL. Dit zal in 2024 alsnog gebeuren.Onderuitputting NGF projectenOp verschillende NGF-projecten (Nationaal Groeifonds) op de EZK-begroting heeft onderuitputting plaatsgevonden. Dit komt in de meeste gevallen door vertraging in de uitvoering, zoals bij het project Groenvermogen (34 miljoen euro) en Circulaire Plastics (15 miljoen euro). Diverse subsidieregelingen - waaronder de ondersteuning van grootschalige demonstraties en ketenprojecten via een zogenaamde `opschalingsregeling’ - zijn of worden later gepubliceerd dan voorzien.Vergoeding fysieke schadeIn afwachting van de uitwerking van de PEGA-maatregelen die zien op de schadeafhandeling hebben bewoners de mogelijkheid gekregen hun schademelding te pauzeren. Het budget voor de regeling fysieke schade in 2023 is daarom niet volledig tot besteding gekomen.Tijdelijk prijsplafond energie kleinverbruikers 2023Er is 129 miljoen euro minder uitgegeven aan het tijdelijk prijsplafond voor kleinverbruikers in 2023 dan eerder geraamd. De reden hiervoor is dat een deel van de eindafrekeningen plaats zal vinden in 2024.Versterkingsoperatie GroningenDe Nationaal Coördinator Groningen (NCG) is relatief hogere versterkingsverplichtingen aangegaan ten opzichte van de aanname in de Najaarsnota. Aangezien de kasuitgaven grotendeels volgen op de verplichtingen over de tijdsperiode tussen Mijlpaal 10 en Mijlpaal 11 volgen de kasuitgaven verspreid over gemiddeld één jaar. Hierdoor zijn de hogere aangegane verplichtingen niet volledig gerealiseerd in 2023 en zullen deels gaan plaatsvinden in 2024.Onderuitputting KlimaatfondsTen opzichte van de Najaarsnota heeft nog 158 miljoen euro onderuitputting op het Klimaatfonds plaatsgevonden. Dit wordt met name veroorzaakt door onderuitputting op de ISDE-regeling (53 miljoen euro), onderuitputting voor middelen onderzoek nieuwbouw kerncentrales (24 miljoen euro) onderuitputting op het programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (14 miljoen euro) en onderuitputting op de IPCEI waterstofmiddelen ten behoeve van golf 2 (12 miljoen euro).Tegemoetkoming EnergiekostenOp basis van het gebruik van de Tegemoetkoming Energiekosten (TEK) in het afgelopen jaar is de raming neerwaarts bijgesteld. Het aantal aanvragen en de hoogte van de aanvragen bleken lager dan de aangepaste raming. Op dit moment lopen er nog afrondingen van aanvragen en bezwaren op vaststellingen bij de RVO die in 2024 en verder moeten worden uitbetaald.DiversenOnder deze post vallen diverse mee- en tegenvallers. Er zijn bijvoorbeeld minder kasuitgaven geweest dan geraamd op het instrument knelpunten (bestuurlijke afspraken) voor Groningen. Daarnaast waren er minder aanvragen op de garantie Ondernemersfinanciering Corona.94Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Onderuitputting SDE++Binnen het SDE++ domein heeft 730 miljoen euro onderuitputting plaatsgevonden. Deze middelen worden gestort in de begrotingsreserve duurzame energie en klimaattransitie.Overboekingen met andere begrotingenDiversenHieronder valt bijvoorbeeld een overboeking van de VWS-begroting naar de EZK-begroting van 6 miljoen euro voor het programma «Coalitie leefstijl in de zorg», dat door de Nederlandse organisatie voor Toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO) zal worden uitgevoerd met betrekking tot de tweede helft van 2023. Daarnaast heeft het ministerie van Financiën alle advieskosten voor de participatie in Stedin betaald. Conform afspraak wordt de helft van het totaalbedrag tot een maximum van 0,6 miljoen euro bij EZK in rekening gebracht. In 2023 is er voor ruim 1,7 miljoen door bovengenoemde partijen aan Financiën gefactureerd.TechnischDiversenHieronder vallen verschillende technische mutaties. Binnen artikel 5 wordt er bijvoorbeeld 14 miljoen euro overgeboekt tussen twee instrumenten: van Clusterwoningen Bestuurlijke afspraken (BA blok B) naar Personeelskosten gemeente en provincie (BA), omdat de gemeenten in het aardbevingsgebied een incidentele uitkering ontvangen in het kader van een soepel verloop van de versterkingsoperatie. Daarnaast valt hieronder de in-kind leveringen aan Oekraïne van goederen die bijdragen aan het herstel van de energie-infrastructuur in Oekraïne.Overig technischVoor de subsidieroute van het NGF was 10,3 miljoen euro aan kasruimte aangehouden voor twee projecten. Uiteindelijk zijn er geen uitgaven gedaan in 2023. Om deze reden wordt dit bedrag nu afgeboekt en doorgeschoven naar 2024.Niet-plafondrelevantDiversenHieronder valt bijvoorbeeld het Dutch Future Fund. Dit was onderdeel van het steun- en herstelpakket van augustus 2020. Na enkele jaren vertraging zijn dit jaar begonnen de eerste capital calls aan InvestNL uitbetaald. Zoals ook benoemd bij de tweede suppletoire begroting is niet het gehele budget benut in 2023.Deep Tech FundHet Deep Tech Fund is als onderdeel van het steun- en herstelpakket van augustus 2020 dit jaar, na enkele jaren vertraging, begonnen met de eerste capital calls via InvestNL. Zowel bij de tweede suppletoire begroting als bij de Slotwet zijn middelen die niet benut worden afgeboekt.Fonds Alternatieve FinancieringHet Fonds Alternatieve Financiering is onderdeel van het steun- en herstelpakket van augustus 2020. De uitfinanciering van het fonds vindt plaats op basis van de kredietbehoefte van de uitvrager. Er zijn in 2023 lagere capital calls geweest dan begroot. Dit is deels het gevolg van de middelen uit 2022 die in 2023 via eindejaarsmarge weer zijn opgevraagd.95Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 ETCIHet European Tech Champions Initiative (ETCI) is een nieuw Europees fonds dat belegd is bij EIF. Nederland neemt sinds 2023 deel aan ETCI met een totale bijdrage van 100 miljoen euro. Uitbetalingen vinden plaats op basis van capital calls. In 2023 heeft de eerste capital call plaatsgevonden.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersDiversenBij diverse regelingen is sprake van minder ontvangsten dan verwacht. Het gaat om ontvangsten bij de regeling Groeifaciliteit (6 miljoen euro), Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) (8 miljoen euro) en de Garantie Ondernemingsfinanciering (8 miljoen euro). Dit heeft te maken dat de provisie ontvangsten afhankelijk zijn van het aantal verstrekte garanties. Zowel bij de BMKB, de GO (Garantie Ondernemersfinanciering) en de groeifaciliteit zijn minder garanties verstrekt dan het garantieplafond toelaat.InnovatiekredietenOp de regeling Innovatiekredieten zijn meer ontvangsten gerealiseerd dan begroot. In 2023 heeft er een Innovatiekrediet project in één keer de lening afgelost. Dit bedroeg 35 miljoen euro. Deze aflossing is hoofdverantwoordelijk voor de hoge ontvangsten op dit instrument. Normaal gesproken lossen projecten hun lening verspreid over meerdere jaren af.Nationaal Programma Groningen (bijdrage NAM)De bijdrage van de NAM (Nederlandse Aardolie Maatschappij) aan het NPG (Nationaal Programma Groningen) is niet ontvangen, omdat hiervoor geen factuur is gestuurd in 2023. De ontvangsten worden verwacht in 2024. Dit staat los van de ontvangsten voor schade en versterken.Tegemoetkoming vaste lastenEr is minder TVL-subsidie (Tegemoetkoming vaste lasten) terugbetaald dan is geraamd. Dit komt mede door de lopende beroeps- en bezwaarprocedures. Het is steeds lastiger voor bedrijven om aan de betalingsregelingen te voldoen.Apparaat NCGBij de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) is de realisatie van de ontvangsten 35,7 miljoen euro lager dan geraamd. Dit komt doordat niet alle kosten over 2023 in rekening zijn gebracht.Fund to FundZowel bij de Slotwet als eerder bij de Najaarsnota zijn de ontvangsten van de Dutch Future Initiatives lager dan was geraamd.Ontvangsten NAM versterkingsoperatieEr is 91 miljoen euro minder ontvangen van de NAM dan geraamd voor de versterkingsoperatie doordat NAM slechts 60% van de factuur betaalt. De geraamde ontvangsten schuiven door naar 2024.96Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Dividenduitkering EBNDe realisatie van de dividenduitkering EBN (Energie Beheer Nederland) is lager dan bij de Najaarsnota geraamd, enerzijds vanwege een lagere verwachte winst in 2023 en een bijgesteld balanstotaal. Daarnaast wordt dividendbelasting ingehouden die pas in 2024 door EZK van de Belastingdienst terugontvangen kan worden.Ontvangsten NAM schadeafhandelingDe heffing voor de in 2022 gemaakte kosten door het IMG van de schadeafhandeling wordt later dan gepland verstuurd, waardoor er in 2023 564 miljoen euro minder wordt ontvangen dan geraamd. De ontvangsten vanuit de NAM zullen naar verwachting pas in 2024 ontvangen worden.Ontvangsten MijnbouwwetOp de ontvangsten van de Mijnbouwwet is in 2023 een bedrag van 733,5 miljoen euro minder ontvangen dan geraamd doordat de rapportage die voor de raming gebruikt wordt niet bleek aan te sluiten op de realiteit.Niet-plafondrelevantDiversenHieronder vallen de ontvangsten op de Opslag Duurzame Energie (ODE). Door een herziening van de verdeelsleutel tussen de Energiebelasting en de ODE vallen de ontvangsten voor de ODE hoger uit met 35 miljoen euro.ROM'sVia de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM's) zijn er meer ontvangsten binnen gekomen dan geraamd, specifiek heeft dit betrekking op de ontvangsten op de Corona Overbruggingsleningen. Hiervoor zijn in 2023 meer leningen afgelost dan gepland.ETS-ontvangstenDe ETS-ontvangsten (European Union Emissions Trading System) zijn afhankelijk van de marktprijs van ETS-emissierechten op de veiling. Voor de raming wordt gebruik gemaakt van een schatting van deze prijs. De prijs is in werkelijkheid variabel; dat verklaart de lager dan geraamde ETS-ontvangsten.Nationaal GroeifondsNationaal Groeifonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.573Mutaties t/m Najaarsnota 20231.562Stand Najaarsnota10Technisch‒ 10Technisch‒ 10Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)097Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Nationaal Groeifonds: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.573Mutaties t/m Najaarsnota 20231.562Stand Najaarsnota10Desalderingen‒ 10Desalderingen‒ 10Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)0UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.TechnischVoor de subsidieroute van het Nationaal Groeifonds (NGF) was 10,3 miljoen euro aan kasruimte aangehouden voor twee projecten. Uiteindelijk zijn er geen uitgaven gedaan in 2023. Om deze reden wordt dit bedrag nu afgeboekt en doorgeschoven naar 2024.OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.DesalderingenDeze mutaties zijn technisch nodig om het fonds in evenwicht te houden. De inhoudelijke mutaties zijn toegelicht bij de uitgaven.98Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (inclusief Diergezondheidsfonds)Landbouw, Natuur en VoedselkwaliteitXIV Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)2.776Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 48Stand Najaarsnota2.728Mee- en tegenvallers‒ 454Onderuitputting Brexit Adjustment Reserve‒ 66Onderuitputting bronmaatregelen‒ 154Onderuitputting Transitiefonds‒ 167Overige mee- en tegenvallers‒ 66Overboekingen met andere begrotingen2Technische correctie doorbelasting shares2BTW Compensatiefonds SPUK natuurmonitoring0Desalderingen6Desaldering Apurement reserve4Meerontvangsten CO2heffing glastuinbouw2Technisch‒ 5Technisch‒ 5Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)2.277Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersOnderuitputting Brexit Adjustement ReserveOp een aantal maatregelen voor de visserij die gefinancierd worden uit de Brexit Adjustment Reserve is onderuitputting opgetreden. Dit betreft de saneringsregeling (58 miljoen euro) en de liquiditeitsregeling (12 miljoen euro). Daartegenover staat een kleine overuitputting op de stilligregeling (4 miljoen euro). Dit wordt grotendeels verklaard door de onduidelijkheid over het definitieve aantal aanmelders voor de saneringsregeling.Onderuitputting TransitiefondsEen aantal maatregelen die gefinancierd worden uit het Transitiefonds is vertraagd, waardoor minder budget is uitgegeven. Dit betreft voornamelijk versnellingsmaatregelen (75 miljoen euro) en uitbetaling van de Lbv-plus (28 miljoen euro).Onderuitputting bronmaatregelenEen deel van het budget voor bronmaatregelen is niet tot besteding gekomen. Dit betreft 80 miljoen euro die gereserveerd was voor een aantal specifieke (bovenwettelijke) nader te bepalen stikstofmaatregelen op het gebied van industrie, bouw en mobiliteit, 35 miljoen euro voor waterbassins mest, 10 miljoen euro voor de legalisatie van PAS-melders en nog een aantal kleinere posten.99Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 DesalderingenDesaldering Apurement reserveIn 2020 heeft de Europese Commissie een audit uitgevoerd op de areaal-gebonden regelingen en de graasdierpremie. Naar aanleiding van deze audit is een conformiteitsprocedure doorlopen. Dit heeft geresulteerd in een financiële korting van 3,9 miljoen euro. Dit betreft een onttrekking uit de Apurement reserve om deze korting op te vangen.Meerontvangsten CO2-heffing glastuinbouwEr zijn meer ontvangsten gerealiseerd uit de CO2heffing glastuinbouw. Deze middelen zijn aan de begrotingsreserve landbouw toegevoegd.XIV Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)79Mutaties t/m Najaarsnota 202387Stand Najaarsnota166Mee- en tegenvallers0Mee- en tegenvallers0Desalderingen6Desaldering Apurement reserve4Meerontvangsten CO2heffing glastuinbouw2Technisch‒ 1Technisch‒ 1Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)171Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.DesalderingenDesaldering Apurement reserveDit beteft een onttrekking uit de Apurement reserve om een boete die de Europese Commissie heeft opgelegd te kunnen betalen.Meerontvangsten CO2-heffing glastuinbouwEr zijn meer ontvangsten gerealiseerd uit de CO2heffing glastuinbouw. Deze middelen zijn aan de begrotingsreserve landbouw toegevoegd.DiergezondheidsfondsDiergezondheidsfonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)33Mutaties t/m Najaarsnota 202311Stand Najaarsnota44Niet-plafondrelevant0Niet-plafondrelevant0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)44100Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Diergezondheidsfonds: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)40Mutaties t/m Najaarsnota 202332Stand Najaarsnota72Niet-plafondrelevant0Niet-plafondrelevant0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)72Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.101Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Sociale ZekerheidSociale Zaken en WerkgelegenheidXV Sociale Zaken en Werkgelegenheid: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Basisstand (Miljoenennota)50.351Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 1.903Stand Najaarsnota48.448Mee- en tegenvallers‒ 124Kindgebonden budget48Arbeidsmarktdienstverlening‒ 20Onderuitputting opdrachtenbudget armoedebeleid‒ 25Onderuitputting opdrachtenbudget arbeidsmarkt‒ 27Onderuitputting MDIEU‒ 31Onderuitputting overig‒ 50Overige mee- en tegenvallers‒ 18Overboekingen met andere begrotingen0Technisch0Niet-plafondrelevant‒ 1Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)48.323Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersKindgebonden budgetDe uitgaven aan het kindgebonden budget vallen voornamelijk hoger uit doordat er bij de raming geen rekening is gehouden met de indexering over het WKB-voorschot van januari 2024. Dit voorschot wordt conform de voorschotsystematiek reeds in december 2023 uitgekeerd in het prijspeil 2024. Dit wordt in het vervolg in de raming meegenomen.ArbeidsmarktdienstverleningDe uitgaven aan arbeidsmarktdienstverlening (RMT’s) vallen lager uit dan verwacht. Dit komt door lager uitgevallen uitvoeringskosten en minder ingekochte arbeidsmarkttrajecten. Ten slotte is een deel van de uitgaven vertraagd. Dit levert een neerwaartse bijstelling van 20 miljoen euro op.Onderuitputting opdrachtenbudget armoede en schuldenbeleidOp artikel 2 opdrachten heeft er onderuitputting plaats gevonden van 25 miljoen euro. Dit komt doordat het niet mogelijk is gebleken om alle voorgenomen activiteiten in 2023 te realiseren. Reden daarvoor is dat, onder meer vanwege het opstarten van de aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden (GAS), sommige subsidies later konden worden toegekend. Deze vertraging heeft geen tot weinig impact gehad op het bereiken van de doelstellingen van de aanpak GAS. In het jaar 2024 wordt binnen SZW-focus gelegd op de verdere inrichting van de financiële administratie van de Aanpak.102Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Onderuitputting opdrachtenbudget arbeidsmarktDe budgetten voor de Stimuleringregeling LLO in MKB (SLIM) en Nederland leert Door (NLLD) laten onderuitputting zien. Door een te hoge inschatting van het aantal vaststellingen in 2023 is er 13 miljoen euro minder benodigd voor SLIM. Ook is er minder gebruik gemaakt van NLLD dan verwacht. Aansluiting bij de realisaties levert een neerwaartse bijstelling op van 13 miljoen euro in 2023.Onderuitputting MDIEUHet betreft onderuitputting op de subsidieregeling Maatwerk Duurzame Inzetbaarheid & Eerder Uittreden (MDIEU). Er zijn in 2023 aangevraagde subsidies niet volledig toegekend en is er minder aangevraagd dan het beschikbare budget.Onderuitputting overigOnder deze post valt de verwerkte onderuitputting op verschillende budgetten. De grootste onderuitputting, van in totaal 11 miljoen euro, treedt op bij DUO leningen, doordat er in de laatste maanden minder leningen zijn verstrekt. Daarnaast is er op het apparaatsartikel sprake van een onderuitputting van 11 miljoen euro. Dit komt onder andere door een vertraging in ontwikkelprojecten voor automatisering en het niet kunnen invullen van alle vacatures. Op artikel 1 Arbeidsmarkt is er ten slotte onder Opdrachten een onderuitputting van 8 miljoen euro. Dit komt door vertraging in projecten en het vervallen van een aantal andere projecten.Overige mee- en tegenvallersOnder deze post vallen verschillende mee- en tegenvallers. De grootste wijziging ontstaat door lagere uitgaven op de Kinderopvangtoeslag van 9 miljoen euro. Dit komt doordat de bevoorschotting lager is uitgevallen. Daarnaast is er een meevaller op het re-integratiebudget van het UWV van 6 miljoen euro. De grootste tegenvaller betreft de kinderbijslag van circa 6 miljoen euro.Overboekingen met andere begrotingenDeze post bestaat uit één overboeking met het ministerie van Justitie en Veiligheid van 89 duizend euro.TechnischDeze post bestaat uit een afrekening van de subsidieregeling praktijkleren waarmee de uitgaven met duizend euro naar beneden worden bijgesteld.Niet-plafondrelevantBij de Rijksbijdragen aan de sociale fondsen zijn de bijdragen voor de AO-tegemoetkomingen en ZEZ-uitkering (Zelfstandige en zwanger) met respectievelijk 0,6 miljoen euro en 0,1 miljoen euro naar beneden bijgesteld, omdat de uitgaven van het UWV hieraan lager uitvielen.103Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Basisstand (Miljoenennota)2.301Mutaties t/m Najaarsnota 20231.085Stand Najaarsnota3.386Mee- en tegenvallers‒ 42Onderuitputting9Kindgebonden budget‒ 57Overige mee- en tegenvallers5Technisch1Niet-plafondrelevant0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)3.344Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersOnderuitputtingDeze post bestaat uit gerealiseerde onderuitputting op diverse ontvangsten. De grootste wijziging komt voort uit hogere gerealiseerde ontvangsten door meer terugbetalingen van leningen die verstrekt zijn door DUO aan inburgeraars. Daarnaast zijn er terugontvangsten geweest bij de subsidieregeling NL leert door.Kindgebonden budgetDe ontvangsten bij het kindgebonden budget vallen in 2023 substantieel lager uit dan eerder verwacht. Een verklaring hiervoor is onder meer dat het aandeel oninbare vorderingen naar boven is bijgesteld op basis van realisatiecijfers van Dienst Toeslagen.Overige mee- en tegenvallersOnder deze post vallen diverse mee- en tegenvallers van per saldo 2 miljoen euro. De grootste mutaties betreffen de terugontvangsten op de kinderopvangtoeslag en de werkgeversbijdrage kinderopvangtoeslag.TechnischOnder deze post valt een bijstelling van de corona-terugontvangsten op de kinderopvangtoeslag. Deze vallen 1,3 miljoen euro hoger uit.Niet-plafondrelevantOnder deze post vallen de niet plafondrelevante ontvangstenrealisaties. Per saldo vallen de terugontvangsten 38 duizend euro lager uit.104Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Sociale VerzekeringenSociale Verzekeringen: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Basisstand (Miljoenennota)72.410Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 1.127Stand Najaarsnota71.283Mee- en tegenvallers63Uitvoeringskosten Sociale Verzekeringsbank37Ziektewet34Compensatieregeling transitievergoeding32Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering‒ 23Overige mee- en tegenvallers‒ 17Technisch57Werkloosheidswet73Ziektewet‒ 16Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)71.403Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersUitvoeringskosten Sociale VerzekeringsbankDe premiegefinancierde uitvoeringskosten van de SVB vielen in 2023 met 37 miljoen euro hoger uit dan eerder geraamd.ZiektewetDe uitgaven aan de Ziektewet is met 34 miljoen euro hoger uitgevallen dan eerder geraamd bij de Najaarsnota, vanwege een hogere gemiddelde uitkering voor met name uitzendkrachten en in mindere mate bij zieke werklozen en zieke zwangeren. Tevens is het aantal zieke zwangeren hoger uitgevallen dan verwacht.Compensatieregeling transitievergoedingDe uitgaven aan de compensatieregeling transitievergoeding is 34 miljoen euro hoger uitgevallen dan eerder geraamd bij de Najaarsnota vanwege een hoger aantal aanvragen dan eerder verwacht.Wet arbeidsongeschiktheidsverzekeringDe WAO kent een meevaller van 23 miljoen euro, die voornamelijk veroorzaakt wordt door een lagere gemiddelde uitkeringshoogte dan eerder werd verwacht. Daarnaast is het aantal mensen in de uitkering licht gedaald.Overige mee- en tegenvallersOnder deze post staan verschillende mee- en tegenvallers. De grootste wijzigingen vinden plaats op de IVA en de WGA (WIA). De IVA laat een meevaller zien van 19 miljoen euro en de WGA een tegenvaller van 31 miljoen euro, wat resulteert in een per saldo tegenvaller van 11 miljoen 105Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 euro op de WIA. De meevaller in de IVA en de tegenvaller in de WGA worden grotendeels verklaard door een lager respectievelijk hoger aantal uitkeringsjaren.TechnischWerkloosheidswetOp basis van realisatiecijfers van het UWV zijn de WW-uitgaven bijgesteld. De WW-instroom bleek iets hoger dan verwacht, terwijl de uitstroom een fractie lager is uitgevallen. Tegelijkertijd is de gemiddelde prijs licht gestegen. Dit leidt per saldo tot een opwaartse bijstelling van de WW-uitgaven voor 2023 van 67 miljoen euro.ZiektewetDe ZW-uitkeringslasten zijn circa 10 miljoen euro lager uitgevallen dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd verwacht. Dit komt doordat er in juli 2023 meer werkgevers eigenrisicodrager zijn geworden en er daardoor minder werknemers publiek verzekerd zijn voor de ZW. De ZW-uitkeringslasten nemen hierdoor af. Voor effecten in de ZW als gevolg van de wissel tussen publieke en private verzekeringen wordt het uitgavenplafond Sociale Zekerheid gecorrigeerd. Daarnaast blijkt dat werknemers van werkgevers die recent naar eigenrisicodrager zijn overgestapt sneller dan verwacht de ZW uitstromen, waardoor de uitkeringslasten voor deze groep eerder afneemt.Sociale verzekeringen: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Basisstand (Miljoenennota)234Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 58Stand Najaarsnota176Technisch‒ 2Werkloosheidswet‒ 2Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)174Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.TechnischWerkloosheidswet De Ufo-ontvangsten hebben betrekking op het verhaal van WW-lasten bij overheidswerkgevers die eigenrisicodrager. Deze ontvangsten zijn iets lager uitgevallen dan bij de Najaarsnota voorzien.106Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Koppeling UitkeringenKoppeling Uitkeringen: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Basisstand (Miljoenennota)2.022Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 2.022Stand Najaarsnota0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)0Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties t/m Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Stand NajaarsnotaEr zijn geen wijzigingen geweest op het hoofdstuk Koppeling Uitkeringen na de Najaarsnota.107Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 ZorgVolksgezondheid, Welzijn en SportVolksgezondheid, Welzijn en Sport: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)35.461Mutaties t/m Najaarsnota 202312.965Stand Najaarsnota48.426Mee- en tegenvallers‒ 187Onderuitputting SPUK's voor IZA, huiselijk geweld, kindermishandeling‒ 6Onderuitputting arbeidsmarkt en opleidingen‒ 40Onderuitputting apparaat‒ 47Overige mee- en tegenvallers‒ 93Overboekingen met andere begrotingen‒ 6Coalitie leefstijl in de zorg‒ 6Technisch‒ 56Oekraïne‒ 6Corona‒ 50Niet-plafondrelevant‒ 591Realisaties zorgtoeslag‒ 551Overig niet-plafondrelevant‒ 40Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)47.586Volksgezondheid, Welzijn en Sport: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)168Mutaties t/m Najaarsnota 2023972Stand Najaarsnota1.140Mee- en tegenvallers19Stichting Nationaal Programma Grieppreventie10CAK5Overige mee- en tegenvallers3Technisch145Corona145Niet-plafondrelevant46Realisatie zorgtoeslag46Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)1.350108Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersOnderuitputting SPUK's voor IZA, huiselijk geweld, kindermishandelingHet beleid voor de SPUK’s Integraal Zorgakkoord (IZA), huiselijk geweld, kindermishandeling en cliëntenondersteuning wordt door de gemeente voortgezet. Voor de brede SPUK zijn er in 2023 middelen (voor onder andere valpreventie, een tegen eenzaamheid en wijkaanpak sociale basis) overgeboekt van artikel 3 naar artikel 1. De loon- en prijsbijstelling die op artikel 3 beschikbaar was, is uiteindelijk niet uitgekeerd.RIVM pandemische paraatheidDe bijdragen aan agentschappen zoals het RIVM voor pandemische paraatheid zijn 20 miljoen euro lager uitgevallen dan geraamd.Onderuitputting apparaatOp het apparaatsartikel is er bij de Slotwet nog 47 miljoen euro aan onderuitputting opgetreden. 25 miljoen euro van de totale onderuitputting op het apparaat heeft betrekking op coronagerelateerde (apparaats)kosten, welke door het beëindigen van de maatregelen niet meer noodzakelijk waren. Het gaat hier onder meer om de kosten met betrekking tot de Corona-app bij RDO en de afbouw van het apparaat van de met COVID samenhangende directies, zoals Dienst Testen en de diverse COVID-projectdirecties. De onderuitputting op het apparaat gerelateerd aan coalitieakkoordmiddelen betreft 9 miljoen euro, en wordt grotendeels veroorzaakt door een vertraging van uitvoering van beleid. 15 miljoen euro van de onderuitputting komt doordat facturen uit 2023 pas verwerkt worden in 2024.Onderuitputting arbeidsmarktregelingenNiet alle aanvragen voor Sectorplanplus zijn daadwerkelijk gerealiseerd, bijvoorbeeld omdat opleidingen niet doorgaan of een kortere doorlooptijd kennen dan bij de aanvraag opgegeven. Hierdoor valt 23 miljoen euro vrij. Ook op de Opleidingsmodule Basis Acute Zorg (de BAZ-regeling) was er onderuitputting op de Subsidieregeling opleiding tot Advanced nurse practitioner van 23 miljoen euro) en op de opleiding tot physician assistant (PA/VS-regeling) van 5,7 miljoen euro.Overige mee- en tegenvallersOp veel andere budgetten vond er onderuitputting plaats, waaronder verschillende budgetten op het artikel Sport en bewegen, ontregelprojecten voor zorgaanbieders en het opdrachtenbudget voor inclusieve samenleving door onder andere minder verleende opdrachten voor onbeperkt meedoen Wonen en Zorg. Daarnaast zijn er per abuis COVID-19 middelen op specifieke budgetten terecht gekomen. Deze zijn gecorrigeerd, waardoor de realisaties ten laste komen van het generale beeld. Dit resulteert in een onderuitputting op het specifieke beeld van 18 miljoen euro.109Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Overboekingen met andere begrotingenCoalitie leefstijl in de zorgDit betreft de overheveling van het budget van het programma Coalitie leefstijl in de zorg dat door TNO wordt uitgevoerd. De kasmiddelen voor de eerste helft van 2023 zijn reeds ontvangen en de tweede helft is overgeboekt naar de begroting van Economische Zaken en Klimaat. Deze mutatie is in de Veegbrief gemeld.TechnischOekraïneDe Subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden en de regeling medische evacuées vallen 6 miljoen euro lager uit dan begroot.CoronaBij de Slotwet is er nog 89 miljoen euro aan coronamiddelen vrijgevallen aan de uitgavenkant. Er is door de afloop van de coronapandemie 36,7 miljoen euro minder uitgegeven aan de uitvoering van COVID-taken door GGD’en en 11,5 miljoen euro aan de GGD GHOR voor de landelijke coördinerende COVID-taken. Daarnaast zijn de uitgaven aan de reeds afgesloten subsidieregelingen coronabanen in de zorg (COZO) en de Zorgbonus lager uitgevallen (circa 8,5 miljoen euro) evenals de uitgaven voor de afbouw van noodvoorraden zelftesten, persoonlijke beschermingsmiddelen en medische hulpmiddelen (circa 20,5 miljoen euro). Verder is er bij het opdrachtenbudget een onderuitputting van circa 7 miljoen euro. De resterende onderuitputting (circa 5 miljoen euro) wordt veroorzaakt door meerdere kleinere mutaties.Niet-plafondrelevantRealisaties zorgtoeslagDe uitgaven aan zorgtoeslag vallen 554 miljoen euro lager uit. Dit komt omdat er in 2023 minder mensen zorgtoeslag hebben ontvangen dan verwacht. Vanwege de eenmalige verhoging van de zorgtoeslag over 2023 werden circa 375.000 extra gerechtigden verwacht ten opzichte van 2022. In de realisatie is echter sprake van circa 200.000 extra gebruikers. Het aantal valt mee, omdat de inkomensontwikkeling in 2023 gunstiger is gebleken dan verwacht.Overig niet-plafondrelevantNaast de zorgtoeslag vallen de rijksbijdragen op de VWS-begroting (Rijksbijdrage Wlz) in totaal 50 miljoen euro lager uit dan geraamd. De tegemoetkoming specifieke kosten valt 9,5 miljoen euro hoger uit dan geraamd. De Rijksbijdrage Wlz dient er toe om te voorkomen dat er in het Fonds langdurige zorg een tekort ontstaat. Door een meevaller in de premieontvangsten volstond een lagere Rijksbijdrage Wlz (€ 750 miljoen).OntvangstenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersStichting Nationaal Programma GrieppreventieVoor vaccinaties in de periode 2022-2023 heeft een terugvordering plaatsgevonden bij de Stichting Nationaal Programma Grieppreventie. Daardoor vallen de ontvangsten 9,9 miljoen euro hoger uit dan geraamd.110Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 CAKDe ontvangsten van het CAK zijn 5,3 miljoen euro hoger uitgevallen dan geraamd, voornamelijk doordat het aantal wanbetalers in 2023 uiteindelijk hoger was dan verwacht.Overige mee- en tegenvallersDe overige ontvangsten vielen voornamelijk hoger uit vanwege niet-uitgeputte subsidies, bijvoorbeeld op het gebied van volksgezondheid en jeugd.TechnischCoronaBij de Slotwet zijn er aan de ontvangstenkant nog 123,2 miljoen euro aan realisaties gemeld. Op de subsidieregeling Coronabanen in de zorg (COZO) kwam er nog 37,9 miljoen euro aan ontvangsten bij, bovenop de 271 miljoen euro die bij de Najaarsnota was gemeld en toegelicht. Er was een hogere vordering op Stichting Open Nederland in relatie tot vaccins (20 miljoen euro). Daarnaast hebben er verrekeningen plaatsgevonden voor 12,8 miljoen euro van de meerkostenregeling GGD'en en waterschappen 2021. Het verschil tussen verleende voorschotten en afrekening leidt tot ontvangsten. 4,4 miljoen euro wordt verklaard door de verrekeningen die hebben plaatsgevonden van de meerkostenregeling GGD’en 2022. 6,5 miljoen euro wordt verklaard door de financiële afrekening van het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) over het jaar 2022, omdat er meer is bevoorschot dan is uitgegeven met betrekking tot de opdracht Beheer Noodvoorraad. Verder was er 12,1 miljoen euro aan extra ontvangsten als gevolg van de verkoop van mondkapjes en overige medische hulpmiddelen door Bureau LCH. Daarnaast was er een hogere realisatie dan geraamd vanwege vaststellingen op subsidies en SPUK's, en de daaruit voortkomende terugvorderingen (18,5 miljoen euro). Ook was de opbrengst van STRIP apparatuur hoger dan geraamd (7,5 miljoen euro).Niet-plafondrelevantRealisatie zorgtoeslagDe ontvangsten gerelateerd aan de zorgtoeslag vallen 46 miljoen euro hoger uit dan geraamd.ZorgZorg: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)92.466mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 1.373Stand Najaarsnota91.093Mee- en tegenvallers109Actualisatie Q4 Zvw158Actualisatie Wlz-uitgaven1Actualisatie Q4 Wlz‒ 20Diversen‒ 30Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)91.202111Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Zorg: OntvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 20235.494Mutaties t/m Najaarsnota 20235.539Stand Najaarsnota5.539Mee- en tegenvallers32Actualisatie Q4 Wlz32Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)5.571UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersActualisatie Q4 ZvwOp basis van de realisatiecijfers over het vierde kwartaal van 2023 van zorgverzekeraars over de verwachte Zvw-uitgaven is een tegenvaller verwerkt van 158 miljoen euro.Actualisatie Q4 WlzOp basis van realisatiecijfers over het vierde kwartaal van 2023 van het Zorginstituut over de verwachte Wlz-uitgaven buiten de contracteerruimte is een meevaller verwerkt van 20 miljoen euro.Actualisatie Wlz uitgavenOp basis van het februari-advies van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) over de benutting van het Wlz-kader is een tegenvaller van 1 miljoen euro verwerkt.DiversenDit betreft de vrijval van middelen die nog op nominaal en onverdeeld Zvw gereserveerd stonden. Het betreft het saldo van diverse in omvang geringe bedragen.OntvangstenActualisatie Q4 WlzDit betreft de actualisering van de opbrengst eigen bijdragen in de Wlz op basis van cijfers van het Zorginstituut.112Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Gemeentefonds en Provinciefonds (inclusief accres)GemeentefondsGemeentefonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)40.478Mutaties t/m Najaarsnota 20231.590Stand Najaarsnota42.068Mee- en tegenvallers136Realisatie136Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)42.205UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee en tegenvallersRealisatieIn 2023 is er in het gemeentefonds sprake van een intertemporele overschrijding van 136 miljoen euro op het uitgavenbudget. Dit wordt in januari gecorrigeerd. Aangezien het om een kasrealisatie gaat, is er geen sprake van een overschrijding van het budget. Een klein deel hiervan bestaat uit niet ingezette onderzoeksgelden die bestemd zijn voor onderzoek naar en onderhoud van de verdeelsystematiek van het Gemeentefonds. Hiervan valt 0,7 miljoen euro vrij.Accres GemeentefondsAccress Gemeentefonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)570Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 570Stand Najaarsnota0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)0UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.113Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 ProvinciefondsProvinciefonds: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)2.996Mutaties t/m Najaarsnota 2023134Stand Najaarsnota3.130Mee- en tegenvallers0Mee- en tegenvallers0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)3.130UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.Mee- en tegenvallersIn 2023 was de realisatie op de uitgaven lager dan geraamd. Het verschil komt afgerond uit op 0.Accres ProvinciefondsACCRES PROVINCIEFONDS: UITGAVENIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)96Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 96Stand Najaarsnota0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)0UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.114Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 PrijsbijstellingPrijsbijstelling: uitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)2.945Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 2.945Stand Najaarsnota0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)0Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.115Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 ArbeidsvoorwaardenArbeidsvoorwaarden: UitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl HGIS)3.400Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 3.400Stand Najaarsnota0Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)0Mutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.116Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 Aanvullende PostAanvullende PostIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)1.608Mutaties t/m Najaarsnota 2023‒ 2.149Stand Najaarsnota‒ 541Technisch541Invulling in=uittaakstelling547Onderuitputting‒ 6Stand Financieel Jaarverslag Rijk0UitgavenMutaties t/m Najaarsnota 2023De mutaties tot en met de Najaarsnota 2023 staan toegelicht in de Bijlage Verticale Toelichting bij de Voorjaarsnota 2023 , bij de Miljoenennota 2024 en bij de Najaarsnota 2023.TechnischInvulling in=uittaakstellingDe in=uittaakstelling is de tegenhanger van de eindejaarsmarge. De eindejaarsmarge is bedoeld om ondoelmatige besteding van middelen aan het einde van het jaar te voorkomen door de onbestede middelen naar het volgende jaar door te schuiven. Hiervoor geldt een maximum van 1,0% van de totale begroting. Voor de begrotingsfondsen geldt dat het volledige saldo ten gunste of ten lasten komt van het volgende jaar. Dit betekent de facto dat sprake is van een 100% eindejaarsmarge.Om te voorkomen dat het uitgavenplafond wordt overschreden als gevolg van de eindejaarsmarge, wordt tegelijkertijd een even grote taakstelling ingeboekt; de zogenaamde in=uit-taakstelling. De in=uit taakstelling kent geen concrete invulling, maar wordt gaandeweg ingevuld. De invulling kan bestaan uit onderuitputting of andere meevallers.Bij de Voorjaarsnota 2023 is in totaal 4,3 miljard euro aan eindejaarsmarge (en dus ook in=uittaakstelling) aan de begrotingen toegevoegd. Daarnaast is bij de Miljoenennota 2023 aanvullende onderuitputting ingeboekt van 2,1 miljard euro voor 2023. Deze is bij de Miljoenennota 2024 met 255 miljoen euro ingevuld. Per saldo was sprake van 6,2 miljard euro aan in te vullen in=uittaakstelling en aanvullende onderuitputting. Hiervan is bij de Najaarsnota 5,6 miljard euro ingevuld. De resterende openstaande in=uittaakstelling van 0,5 miljard euro is nu ingevuld vanuit de onderuitputting.OnderuitputtingVoor het compensatiepakket Zeeland resteerde nog 5,7 miljoen euro in 2023. Deze middelen zijn niet meer opgevraagd en worden daarom als onderuitputting afgeboekt.117Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 ConsolidatieConsolidatie: uitgavenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)‒ 18.255Mutaties t/m Najaarsnota 20233.431Stand Najaarsnota‒ 14.824Technisch‒ 6Consolidatie FJR‒ 6Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)‒ 14.829Consolidatie: ontvangstenIn miljoenen euro2023Stand Miljoenennota 2023 (incl. HGIS)‒ 18.255Mutaties t/m Najaarsnota 20233.431Stand Najaarsnota‒ 14.824Technisch‒ 6Consolidatie FJR‒ 6Stand Financieel Jaarverslag Rijk (nota)‒ 14.829De post Consolidatie wordt gebruikt voor het corrigeren van de Rijksbegroting voor dubbeltellingen die ontstaan door het bruto-boeken van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het ontvangende departement raamt daarnaast de te ontvangen bijdragen ook aan de ontvangstenkant van de begroting. Hierdoor wordt het rekenkundig niveau van de totale rijksuitgaven en de rijksontvangsten hoger dan het feitelijk niveau. Op de post Consolidatie wordt hiervoor gecorrigeerd.118Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 12 UITGAVENOVERZICHT OEKRAÏNETabel 12.1 Uitgavenoverzicht Oekraïnein miljoenen euro2023Totaal5.432Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties52Realisatie van extra woningen44Taskforce versnelling tijdelijke huisvesting8Buitenlandse Zaken incl. BHOS396Bijdrage NAVO Ukraine Comprehensive Assistance Package Trust Fund75Council of Europe Development Bank (CEB)22Derde steunpakket BZ/BHOS 202332Eerste steunpakket BZ/BHOS 2023193Specifieke steun BZ/BHOS41Tweede steunpakket BZ/BHOS 202333Justitie en Veiligheid3.518Basisregistratie Personen (BRP)Directoraat Generaal Oekraïne en Nationale Opvangorganisatie (NOO)43Gemeentelijke en particuliere opvang3.235Regeling Medische zorg Ontheemden (RMO)135Subsidies NGO's13Tolken2Uitvoeringskosten IND8Uitvoeringskosten NIDOS5Veiligheidsregio's en GGD'en78Onderwijs, Cultuur en Wetenschap226Leerlingenvervoer21Nieuwkomersonderwijs167Ondersteuning en uitvoering LOWANOndersteuning van het cultuurbeleid in Oekraine3Tijdelijke onderwijshuisvesting24Voorschoolse educatie10Financiën137Convertibiliteit Oekraïense hryvniaDerde steunpakket 202360EBRD Crisis Response Special Fund25LNG invoercapaciteit in de Eemshaven4Premieontvangsten garantie Gasunie‒ 4Tweede steunpakket Oekraïne52Defensie965Militaire goederen965Infrastructuur en Waterstaat2Tweede steunpakket Oekraïne2Economische Zaken en Klimaat75Energiehulp7Gasopslag Bergermeer‒ 1.148119Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 in miljoenen euro2023Tweede steunpakket BZ/BHOS 20231.217Sociale Zaken en Werkgelegenheid25Kindregelingen10Taallessen15Volksgezondheid, Welzijn en Sport36Meerkostenregeling gemeentelijke zorg20Transport medische evacuees1Zorg aan onverzekerden (SOV)15120Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 13 UITVOERING TOESLAGEN HERSTELHet overzicht de gerealiseerde uitgaven laat een totaal overzicht zien van alle uitgaven in 2023 aan de Hersteloperatie Toeslagen. De laatste stand van het budget is toegelicht in bijlage 6 van de Voorjaarsnota 2024. Er is minder uitgegeven dan dat er budget was, doordat het ritme van de uitbetaling van de programmamiddelen verschilde van de raming. De verwachting is dat deze middelen in latere jaren tot besteding zullen komen. Daarnaast is er nog een correctie geweest in het overzicht, omdat om technische redenen een mutatie negatief verwerkt is in de realisatie in plaats van het budget (voor de uitvoering heeft dit geen consequenties). Een tweede correctie is gedaan, omdat een mutatie (ritmeaanpassing) nog niet in het overzicht was verwerkt.Tabel 13.1 Realisatie Toeslagen Herstel 2023In miljoenen euroBudgetCorrectieRealisatieVerschilProgramma1.571‒ 1261.182‒ 262w.v. 30k, IB, aanvullende compensatie (incl. uitvoering VSO-route) en overig3420275‒ 67w.v. Kindregeling5350494‒ 42w.v. Kwijtschelden publieke schulden (incl. uitvoering; rijksbreed)349‒ 104224‒ 21w.v. Kwijtschelden private schulden (incl. uitvoering)175‒ 22104‒ 49w.v. Andere toeslagen200‒ 2w.v. Ex-partners1102‒ 9w.v. Ondersteuning door gemeenten105047‒ 58w.v. Reservering ondersteuning rechtsbijstand3030w.v. Dwangsommen37023‒ 14w.v. Ouders in het buitenland (incl. uitvoering)90111w.v. Uithuisplaatsingen kinderen (incl. uitvoering; J&V)301‒ 3Apparaat Financiën3410337‒ 4Totaal1.911‒ 1261.519‒ 266121Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 14 OVERZICHT INCIDENTELE BEGROTINGEN EN BEROEP OP CW 2.27De onderstaande tabel geeft een overzicht van de ingediende begrotingsaanpassingen middels nota's van wijziging en/of incidentele suppletoire begrotingen (ISB's) met betrekking tot het begrotingsjaar 2023. Ook is aangegeven of bij het moment van indienen een beroep is gedaan op artikel 2.27 van de Comptabiliteitswet 2016. Reguliere suppletoire begrotingen (1e suppletoire begroting, suppletoire begroting Prinsjesdag en de 2e suppletoire begroting) zijn niet opgenomen in het overzicht, tenzij er een beroep is gedaan op 2.27. Ook begrotingen waarbij een beroep is gedaan op lid 1 van CW 2.27 zijn niet opgenomen in dit overzicht.Tabel 14.1 Overzicht incidentele suppletoire begrotingen en nota van wijzigingen met betrekking tot het begrotingsjaar 2023DepartementBegrotingsstukOnderwerpBeroep op art. 2.27, tweede lid, CWUitgaven voor autorisatieIndieningsdatumAangenomen door EK50. GFNvW OB 2023Wijziging algemene uitkeringen en aanvullende uitkeringenNeeNee23-9-202220-12-20228. OCWNvW OB 2023Inzake herprioritering doorstroom beroepskolom en zelfdenkende moleculaire systemenNeeNee24-10-202220-12-20229. FINNvW OB 2023Aanvullende steunmaatregelen OekraïneNeeNee8-11-202220-12-202215. SZW1e NvW OB 2023Verhoging uitgaven lage-inkomensvoordeel (LIV)NeeNee16-11-202220-12-202213. EZKNvW OB 2023Onder andere prijsplafond voor kleinverbruikers, Tegemoetkoming Energiekosten voor energieintensieve mkb-bedrijven (TEK), BMKB-Groen, voedingsbudget en toekenningen NGF, Subsidieregeling Coöperatieve Energieopwekking (SCE) en uitvoeringskosten medeoverheden.NeeNee17-11-202220-12-202270. NGFNvW OB 2023Middelen toekennen zodat 5 NGF projecten snel van van kunnen gaanNeeNee17-11-202220-12-202255. MobiliteitsfondsNvW OB 2023Verplichtingenbudget schuiven naar 2023NeeNee25-11-202220-12-202215. SZW2e NvW OB 2023Verhoging uitgaven Tijdelijke Noodfonds Energie (TNE)NeeNee28-11-202220-12-202214. LNVNvW OB 2023Verwerken van budgettaire ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden na het indienen van het oorspronkelijke voorstel.NeeNee1-12-202220-12-20227. BZKNvW OB 2023Inzake NGF, werklandschappen van de Toekomst en personele inzet crisisopvangNeeNee5-12-202220-12-202216. VWSNvW OB 2023Aanvullende maatregelen ter compensatie van gestegen energieprijzen in het (semi-)publieke domein en voor de zorg.NeeNee7-12-202231-1-202313. EZK1e ISBGasopslag Bergermeer en garantieregeling PorthosJaNee12-12-202228-3-20235. BZ1e ISBOphoging Nederlandse bijdrage Europese VredesfaciliteitNeeNee13-2-20234-7-202313. EZK2e ISBLening Invest-NL in verband met SIFJaNee*13-2-20236-6-202310. DEF1e ISBMilitaire steun aan OekraïneNeeNee*17-2-20236-6-202313. EZK3e ISBVerder vullen gasopslag BergermeerJaNee*27-2-202330-5-202317. BHOS1e ISBSteun voor OekraïneNeeNee3-4-202311-7-20235. BZ2e ISBSteun Oekraïne en tweede ophoging Nederlandse bijdrage Europese VredesfaciliteitNeeNee3-4-20234-7-202315. SZWNvW O1 2023Verhoging uitgaven onderstand, Algemene weduwen- en wezenuitkering (AWW) en energietoeslag studenten.NeeNee8-6-202311-7-202316. VWSNvW O1 2023Correctie op verplichtingen en uitgaven voor een vaccinatiecampagne en een correctie van een verplichtingenschuif voor passende zorgNeeNee23-6-202311-7-20239. FINNvW O1 2023Uitwerking van pakket met aanvullende en vernieuwende maatregelen en denkrichtingen inzake herstel toeslagen.NeeNee23-6-202311-7-20234. KRNvW O1 2023Toevoeging van middelen ter verstrekking van een annuïtaire lening aan Sint Maarten voor investeringen op Sint MaartenNeeNee29-6-202326-9-2023122Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 DepartementBegrotingsstukOnderwerpBeroep op art. 2.27, tweede lid, CWUitgaven voor autorisatieIndieningsdatumAangenomen door EK65. DeltafondsNvW O1 2023Correctie woordelijke foutenNeeNee5-7-202326-9-20234. KR1e ISBHerfinanciering covidleningenNeeNee29-8-202310-10-20234. KRNvW ISB 2023Corrigeren van verkeerd opgenomen standen bij verplichtingen, uitgaven en ontvangstenNeeNee22-9-202310-10-20237. BZK1e suppletoire begrotingBeroep 2.27 omdat uitvoering niet langer kon wachtenJaNee11-5-2023, beroep op 2.27 is ingediend bij de Eerste Kamer op 27-10-202328-11-2023* Bij de 2e en 3e ISB van EZK en de ISB van DEF zijn geen uitgaven gedaan voor autorisatie. Echter zijn er wel verplichtingen aangegaan voor autorisatie.123Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 15 OPVOLGING INTERDEPARTEMENTALE BELEIDSONDERZOEKEN (IBO'S)Doorgaans vindt elk jaar een aantal Interdepartementale Beleidsonderzoeken (IBO's) plaats naar belangrijke beleidsonderwerpen. De taakopdrachten van IBO's worden gepubliceerd als bijlage bij de Miljoenennota.Hieronder wordt ingegaan op de doorwerking van de IBO's van de rondes 2021/2022 en 2022/2023 op basis van, onder andere, de kabinetsreacties op de onderzoeken. Voor een volledig en actueel overzicht van alle gepubliceerde IBO’s, zie het overzicht Ingepland en uitgevoerd onderzoek op rijksfinancien.nl.Ronde 2022/2023In de ronde 2022/2023 vonden IBO’s plaats naar Klimaat, Biodiversiteit en de Toekomstbestendigheid van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo).KlimaatHet IBO-rapport «Scherpe doelen, scherpe keuzes» is op 13 maart 2023 direct na afronding, zonder kabinetsreactie aan de Tweede Kamer aangeboden.1 Dit voorjaar heeft het kabinet een besluit genomen over een integraal pakket aanvullende klimaatmaatregelen, waarbij zowel is gekeken naar normering, beprijzing als subsidiëring (via het Klimaatfonds). Daarin zijn de resultaten van dit IBO meegenomen.2BiodiversiteitOp 5 september 2023 is het IBO-rapport «Snel aan de slag!» aan de Tweede Kamer aangeboden.3 Vanwege de demissionaire status van het kabinet is er geen kabinetsreactie meegestuurd.Toekomstbestendigheid van het mboOp 13 november 2023 is het IBO-rapport «Samen gericht opleiden voor wendbare vakmensen» aan de Tweede Kamer aangeboden.4 Vanwege de demissionaire status van het kabinet is er geen kabinetsreactie meegestuurd.Ronde 2021/2022In de ronde 2021/2022 vonden IBO’s plaats naar Vermogensverdeling, Publieke investeringen, Jeugdcriminaliteit, Sturing op kwaliteit van onderwijs, Ouderenzorg en Vereenvoudiging sociale zekerheid.VermogensverdelingHet IBO-rapport «Licht uit, spot aan: de vermogensverdeling» is direct na het gereedkomen op 8 juli 2022 aan de Tweede Kamer aangeboden.5 De kabinetsreactie volgde bij Prinsjesdag 2022 (20 september 2022), zoals aangegeven bij de aanbieding van het rapport aan de Tweede Kamer.6 In de Voorjaarsnota 2022 kondigde het demissionaire kabinet aan op basis van dit IBO en de evaluatie van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) te kijken naar de wijze waarop de verhouding tussen lasten op vermogen en arbeid meer in balans kan worden gebracht.7 Hierbij is een gefaseerde aanpak gehanteerd. Met het pakket aan maatregelen in het Belastingplan 2023 heeft 1 Kamerstukken II, 2022-2023, 32 813, nr. 1177.2 Kamerstukken II, 2022-2023, 32 813, nr. 1230.3 Kamerstukken II, 2022-2023, 26 407, nr. 149.4 Kamerstukken II, 2023-2024, 31 524, nr. 590.5 Kamerstukken II, 2021-2022, 35 925 IX, nr. 38.6 Kamerstukken II, 2022-2023, 36 200 IX, nr. 4.7 Kamerstukken II, 2021-2022, 36 120, nr. 1.124Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 het kabinet een belangrijke stap gezet in het evenwichtiger belasten van inkomen uit arbeid en inkomen uit vermogen en in het herstel van het globale evenwicht in de belasting van verschillende werkenden.8 Daarnaast heeft het demissionaire kabinet zichzelf bij de Miljoenennota 2023 een taakopdracht gegeven om met de aanpak van belastingconstructies en negatief geëvalueerde fiscale regelingen structureel 550 miljoen euro extra belastingontvangsten te realiseren. Daarbij is aangegeven dat het tarief eerste schijf van de inkomstenbelasting (TES) geldt als placeholder voor de taakstellende opdracht. In het Belastingplan 2023 is een eerste concrete stap gezet in het aanpakken van belastingconstructies door voor periodieke giften een plafond in te voeren van 250 duizend euro.9 Het kabinet heeft de taakstellende opdracht bij Belastingplan 2024 grotendeels op structurele basis kunnen invullen. Van de taakstellende 550 miljoen euro resteert een bedrag van 71 miljoen euro dat wordt gedekt door een stapsgewijze verhoging van het TES.10 In de brief «Aanpak belastingconstructies en fiscale regelingen» die op 19 september jl. aan de Tweede Kamer is gestuurd is uitgebreid ingegaan op zowel de invulling van de taakopdracht als de uitkomsten van de inventarisatie naar belastingconstructies. Daarnaast is een lijst van belastingconstructies als bijlage bij de Voorjaarsnota 2023 gevoegd. Ook werkt het kabinet aan continue verbetering van benodigde data voor monitoring en evaluaties. Tot slot acht het demissionair kabinet het van belang om voortdurend kritisch te blijven kijken naar het belastingstelsel. Daartoe heeft het kabinet op Prinsjesdag 2023 de taakopdracht «Bouwstenen voor een beter en eenvoudiger belastingstelsel» naar de Kamer gestuurd. Een interdepartementale werkgroep onder leiding van een onafhankelijke voorzitter heeft begin 2023 het rapport «Belastingen in maatschappelijk perspectief - Bouwstenen voor een beter belastingstelsel» opgeleverd.11 Het rapport gaat ook in op de mogelijkheden om inkomen uit werk en inkomen uit verschillende vermogensvormen neutraler te behandelen. Tot slot heeft het demissionair kabinet verdere stappen gezet in het vormgeven van een box 3 stelsel op basis van werkelijk rendement en daartoe in het najaar van 2023 een wetsvoorstel in consultatie gebracht.12 Op basis van deze consultatie heeft het kabinet het wetsvoorstel op een aantal punten aangepast.13 Het belasten van het werkelijk rendement op vermogen in box 3 volgt uit het coalitieakkoord van kabinet Rutte IV en wordt omarmd door het IBO en past bij een evenwichtiger belastingstelsel.Publieke investeringenHet IBO-rapport «Waar voor ons geld» is op 18 juli 2022 met kabinetsreactie aan de Tweede Kamer aangeboden.14 Hierin kondigde de minister van Financiën aan dat de werkwijze en de instrumenten overprogrammering en het investeringsplafond worden geëvalueerd om te borgen dat het doel van het beleid centraal staat. Daarnaast meldde het kabinet voornemens te zijn in de departementale begrotingen, jaarverslagen, de Miljoenennota en het Financieel Jaarverslag van het Rijk te rapporteren over investeringen uit het Coalitieakkoord die onder het investeringsplafond vallen. In de Miljoenennota 2023 is dit voornemen tot uitvoering gebracht in Bijlage 1. Tot slot zei het kabinet toe bij de wetvoorstellen en de bijbehorende memorie van toelichting voor het Klimaatfonds en het Transitiefonds heldere keuzes 8 Kamerstukken II, 2022-2023, 36 202, nr. 6 en Kamerstukken II, 2022-2023, 36 200 IX, nr. 4.9 Kamerstukken II, 2022-2023, 36 202, nr. 15 en Kamerstukken II, 2022-2023, 36 200 IX, nr. 47.10 Kamerstukken II, 2023-2024, 32 140, nr. 175.11 Kamerstukken II, 2023-2024, 32 140, nr. 180.12 Kamerstukken II, 2023-2024, 32 140, nr. 170.13 Kamerstukken II, 2023-2024, 32 140, nr. 179.14 Kamerstukken II, 2021-2022, 35 925, nr. 173.125Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 maken over de vormgeving van de fondsen. In antwoord op schriftelijke vragen van de Tweede Kamer is nog verder ingegaan op de aanbevelingen van het IBO en de toezeggingen in de kabinetsreactie.15JeugdcriminaliteitHet IBO-rapport «Werken aan effectievere detentie van jeugdigen» is op 24 februari 2023 met kabinetsreactie aan de Tweede Kamer aangeboden.16 In de kabinetsreactie wordt door de minister voor Rechtsbescherming onder andere aangekondigd dat wordt ingezet op het naar binnen halen van zorgpartners die voorafgaand aan de vrijheidsbeneming betrokken zijn. In 2023 is hier invulling aan gegeven doordat DJI een beleidskader heeft opgesteld voor de zogeheten basisafdeling in Justitiële jeugdinrichtingen (JJI) waarbij de focus ligt op het mogelijk maken van passende zorg en begeleiding bij uitstroom. Daarnaast zijn er verschillende aanvullende verkenningen uitgevoerd. Dit heeft onder andere geleid tot de handreiking «Zo krijg je samen zicht op jongeren» van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV), welke gericht is op vroegsignalering van jongeren die dreigen af te glijden naar het criminele milieu. Ook wordt samengewerkt met OCW, bijvoorbeeld voor het aanstellen van een tijdelijke landelijke coördinator die de samenwerking tussen JJI’s en mbo-instellingen faciliteert. Op 7 juli 2023 is de kamerbrief brede preventieaanpak jeugdcriminaliteit verstuurd.17 Hierin wordt o.a. extra geïntensiveerd in de domeinoverstijgende en gebiedsgerichte preventieve aanpak jeugdcriminaliteit. Dit sluit ook aan bij de aanbevelingen uit het IBO om de inzet van preventie te stroomlijnen en vroegsignalering te verbeteren.Sturing op kwaliteit van onderwijsOp 18 april 2022 is het IBO-rapport «Koersen op kwaliteit en kansengelijkheid» met kabinetsreactie aan de Tweede Kamer aangeboden. In de kabinetsreactie geeft de minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs zijn visie op de sturing op onderwijskwaliteit en kansengelijkheid in het funderend onderwijs. Daarbij kijkt hij ook naar de grote samenhangende sturingsvraagstukken op het gebied van bekostiging, zeggenschap en arbeidsvoorwaardenvorming.18 In 2024 komt de minister met een brief met daarin de uitwerking van deze visie.OuderenzorgOp 3 juli 2022 is het IBO-rapport «Niets doen is geen optie» met kabinetsreactie aan de Tweede Kamer aangeboden. In dit IBO is een aantal keuzes in beeld gebracht om de beheersbaarheid van de ouderenzorg te vergroten, zowel op financieel, personeel als maatschappelijk vlak. Het rapport brengt bestaande inzichten in kaart en vult deze aan met analyses, beleidsopties en aanbevelingen. In de kabinetsreactie wordt het advies om nader onderzoek te doen ter harte genomen. Er wordt onder andere onderzocht of ouderenzorg onder kan worden gebracht in een ander domein en welke interventies effectief zijn.19Vereenvoudiging sociale zekerheidOp 9 juni 2023 is het IBO-rapport «Moeilijk makkelijker maken» met kabinetsreactie aan de Tweede Kamer aangeboden. In de kabinetsreactie wordt de noodzaak om het sociaal vangnet eenvoudiger te maken 15 Kamerstukken II, 2022-2023, 36 410, nr. 85.16 Kamerstukken II, 2022-2023, 28 741, nr. 92.17 Kamerstukken II, 2022-2023, 28 741, nr. 106.18 Kamerstukken II, 2022-2023, 31 293, nr. 669.19 Kamerstukken II, 2022-2023, 29 389, nr. 118.126Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2 onderschreven. In deze reactie wordt een nieuw interdepartementaal programma Vereenvoudiging Inkomensondersteuning voor mensen (VIM) aangekondigd. Dit programma heeft als doel om, samen met uitvoerders en gemeenten, tot scenario’s te komen voor een eenvoudigere inkomensondersteuning op de lange termijn. Ook pakt het programma knelpunten op die ontstaan als mensen te maken hebben met een samenloop van regelingen. Daarnaast werkte het kabinet aan de renovatie van bestaande regelingen en de dienstverlening. Verkend wordt hoe het arbeidsongeschiktheidsstelsel, de kindregelingen, de Participatiewet en de Werkloosheidswet in de toekomst vereenvoudigd kunnen worden. Ook wordt de handhaving herijkt.2020 Kamerstukken II, 2022-2023, 29 362, nr. 328.127Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 560, nr. 2
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.