Mitigerende maatregelen restrisico sluiting Groningenveld
Brontekst
Versie d1212f7f5bcf2d26 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202433 529GaswinningNr. 1238 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKENEN KLIMAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 23 mei 2024Op 29 mei 1959 vond de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) gas inde grond bij Kolham in Groningen. In de jaren die volgden bleek zichonder Groningen het grootste gasveld van Europa te bevinden. Het beginvan een energierevolutie in Nederland maar ook, zo weten we nu, hetbegin van veel problemen voor de inwoners van Groningen. Nu, ruimzestig jaar nadat de grootschalige gasproductie begon, is er een eindegekomen aan de gaswinning uit het Groningenveld. Op 19 april 2024 ishet verbod op gaswinning uit het Groningenveld in werking getreden.1 Ditis goed nieuws voor de inwoners van Groningen. Alleen zo stoppen, optermijn, de aardbevingen in Groningen en daarmee pakken we de door degaswinning veroorzaakte ellende bij de bron aan. Hiermee is de maatregeldie het fundament vormt onder alle maatregelen uit Nij Begun een feitgeworden.De sluiting van het Groningenveld is mogelijk gemaakt door een breedscala aan maatregelen dat sinds 2018 is getroffen; bijlage 1 bevat eenoverzicht van maatregelen die zijn genomen om de sluiting van hetGroningenveld mogelijk te maken en van maatregelen die zijn genomenna het wegvallen van gasleveranties uit Rusland. Hoewel de sluiting opeen stevig fundament berust, neemt dat niet weg dat we de gasleverings-zekerheid moeten blijven monitoren. Uit de raming van Gasunie TransportServices (GTS) voor gasjaar 2024–2025 blijkt dat er na het sluiten van hetGroningenveld nog een zeer kleine kans bestaat op een capaciteits- en eenvolumetekort.2 De door GTS geschetste risico’s zijn reden voor het kabinetom waakzaam te blijven en zich te blijven inzetten om tekorten tevoorkomen. Immers, hoewel de kans zeer klein is dat de door GTSgeschetste tekorten zich voordoen, zouden de economische enmaatschappelijke gevolgen groot zijn. Hieraan komt het kabinet tegemoetmet onder andere de maatregelen waarover de Tweede Kamer met de1Stb. 2024, nr. 95.2Kamerstuk II 33 529, nr. 1211. kst-33529-1238ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12381 reguliere updates over gasleveringszekerheid wordt geïnformeerd (zoalsenergiebesparing, vulmaatregelen en LNG).3 In deze brief ga ik medenamens de Minister voor Klimaat en Energie, zoals toegezegd inseptember 2023 bij de publicatie van het definitieve vaststellingsbesluitvoor het huidige gasjaar4, in op hoe we de winter zijn uitgekomen en hoedaar naar te handelen om de door GTS gesignaleerde restrisico’s nasluiting van het Groningenveld ten aanzien van leveringszekerheid temitigeren.5Leveringszekerheid in gasjaar 2024–2025 en daarnaDe winter van 2024–2025 wordt de eerste winter zonder de beschik-baarheid van het Groningenveld. Zoals ook aangegeven in de brief aan deTweede Kamer naar aanleiding van de raming van GTS, is er bij verdergelijkblijvende omstandigheden wat betreft import en export vanhoogcalorisch gas (H-gas) sprake van een substantiële verbetering van deleveringszekerheid in gasjaar 2024–2025 ten opzichte van het gasjaar2023–2024.6 GTS maakt in haar raming onderscheid tussen volume encapaciteit. Hieronder wordt voor gasjaar 2024–2025 ingegaan op beideaspecten. Daarbij is een inschatting gegeven van de kans dat de scenario’svoor tekorten die GTS schetst en door Det Norske Veritas (DNV) zijngevalideerd, zich voordoen. Hierop is ook ingegaan in de antwoorden opvragen van de Eerste Kamer.7 Hierbij zijn temperatuurgegevens van hetKNMI en REMIT-meldingen8 over de uitval van gasopslag Norg betrokken.VolumerisicoGTS baseert zich in haar raming onder andere op EU-Verordening2017/19389 (hierna: Europese verordening leveringszekerheid aardgas) engeeft aan dat er een volumetekort kan optreden als twee koude winterselkaar opvolgen. Dit tekort wordt veroorzaakt doordat er volgens deraming te weinig importcapaciteit is om na een koude winter al het gas tekunnen importeren dat nodig is om de bergingen in de zomer tot 90% op1 november te vullen (dat wil zeggen het door het kabinet gesteldevuldoel in 2022, 2023 en 2024). Als er dan vervolgens weer een koudewinter is, bestaat het risico op een volumetekort in die winter. GTS gaathierbij onder meer uit van een relatief hoge export van H-gas naarDuitsland en van laagcalorisch gas (L-gas) naar Frankrijk. Ook verwachtGTS in een koud jaar een beperkte import van H-gas via EemsEnergyTer-minal (EET).Omdat de winter van gasjaar 2023–2024 mild is verlopen, waren degasopslagen aan het begin van het vulseizoen op 1 april jl. nog voor ietsmeer dan 52% gevuld. Dat maakt dat de kans op een volumetekort ingasjaar 2024–2025 uiterst klein is. Als referentie voor een koud gasjaargebruikt GTS het gasjaar 1995–1996. De winter van dat gasjaar wasnamelijk zeer koud. Het KNMI heeft aangegeven, zoals ook gemeld in deantwoorden op vragen van de Eerste Kamer over de wet tot sluiting vanhet Groningenveld, dat de kans dat twee van dergelijke koude winterselkaar opeenvolgen 1 op ongeveer 80 duizend is.10 Dit geeft een indruk3Zoals Kamerstuk 29 023, nr. 494, nr. 449 en nr. 441.4Kamerstuk II 33 529, nr. 1176.5Zie: Kamerstuk II 33 529, nr. 1152 en 1176 en Kamerstuk II 33 529, nr. 1211.6Kamerstuk II 33 529, nr. 1211.7Kamerstuk I 36 441, nr. D.8Meldingen in het kader van de «Regulation on Wholesale Energy Market Integrity andTransparency»9Verordening 2017/1938 – Maatregelen tot veiligstelling van de gasleveringszekerheid10Kamerstuk I 36 441, nr. F.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12382 van de orde van grootte van de kans dat zich tekorten voor zullen doenzoals in de raming van GTS.Aanvullende analyse GTS op raming gasjaar 2024–2025 (volume)GTS heeft op 15 april jl. in aanvulling op de raming voor gasjaar2024–2025 een analyse opgeleverd die nader ingaat op zowel de poten-tiële volume- als capaciteitstekorten. Deze analyse is bij deze briefgevoegd. Uit de analyse blijkt dat de grootte van het potentiële volume-tekort snel afneemt in de tijd. In 2027 is dit potentiële tekort verdwenen,maar het kan later dat jaar terugkeren als de exploitatie van EET nietverlengd wordt per 1 oktober 2027. Op dit moment wordt de noodzaak enhaalbaarheid van een mogelijke verlenging onderzocht, waaronder devoorwaarden van de vergunningen. Het potentiële tekort dat vanaf datmoment wellicht ontstaat is in vergelijking met de jaren daarvóór echterbeperkt in omvang en tijd. GTS geeft aan het zeer waarschijnlijk te achtendat vrij snel na 2030 het potentieel resterende volumetekort bij alle driebeschouwde scenario’s (realistisch, pessimistisch, optimistisch)verdwenen zal zijn.DNV-validatie ten aanzien van volumeTenslotte moet in dit verband worden opgemerkt dat DNV net als invoorgaande jaren een onafhankelijke validatie van de raming van GTSheeft uitgevoerd. De validatie is op 28 maart jl. opgeleverd.11 Over volumegeeft DNV aan dat zij een lagere export van H-gas naar Duitsland en L-gasnaar Frankrijk voorziet dan GTS. DNV ziet tevens een hogere import vanH-gas via EET. Dit betekent dat DNV geen problemen voorziet met hetvullen van de gasopslagen tot 90% na een koude winter, waar GTS welwaarschuwt voor dit risico. Daarom ziet DNV (anders dan GTS) ook ondereen koud temperatuurprofiel geen volumetekorten ontstaan.TNO analyse vraag- en aanbod gasmarkt in relatie tot prijsontwikkelingAls eventuele volumetekorten zich voordoen, kunnen opwaartse prijsef-fecten ontstaan doordat de vraag groter is dan het aanbod. TNO heeft alsonderdeel van de hierboven genoemde analyses over de risico’s voor deleveringszekerheid in aanloop naar de sluiting van het Groningenveld eenverkennende analyse uitgevoerd van de belangrijkste ontwikkelingen opde vraag- en aanbodkant van de gasmarkt in relatie tot prijsontwikkelingin de komende jaren, zowel voor huishoudens als industrie. Deze analyseis eveneens bijgevoegd als bijlage bij deze brief.Uit de analyse van TNO blijkt dat de prijsontwikkeling van energie wordtbepaald door een groot aantal factoren. Door de wegvallende productievan het Groningenveld en de Russische pijpleidingenimporten zijnNederland en Europa sterk afhankelijk geworden van de wereldwijdeLNG-markt. De internationale gasprijs blijft volatiel. Voor huishoudens isde korte termijn prijselasticiteit voor energie en gas doorgaans laag. Destructurele langetermijneffecten van de tijdelijke prijsschok in 2022 op deconcurrentiepositie voor de industrie als geheel zijn waarschijnlijkbeperkt. Omwille van de vele veranderingen die komende tijd verwachtworden, is het moeilijk uitspraken over verdere ontwikkelingen tenaanzien van de industrie te doen, aldus TNO.In de antwoorden op de vragen van de Eerste Kamer is aangegeven datmet het sluiten van het Groningenveld geen significant gasaanbodwegvalt, omdat de winning uit dat veld de afgelopen jaren al stapsgewijs11Kamerstuk I 36 441, nr. E.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12383 is teruggebracht tot, afgezet tegen de totale gasvraag, zeer beperkteniveaus.12 Het besluit om zo snel mogelijk te sluiten is al in 2018 aange-kondigd en sinds dat moment bekend bij marktpartijen. Ook tijdens deenergiecrisis is altijd duidelijk gemaakt dat sluiting van het Groningenvelddoorgang zou vinden. Vanwege deze factoren is geen effect op degasprijzen te verwachten van het definitieve sluiten van het Gronin-genveld. Desalniettemin blijven we de ontwikkelingen aan de vraag- enaanbodzijde monitoren.CapaciteitsrisicoBij het bepalen van de benodigde capaciteit baseert GTS zich op deinfrastructuurnorm van de Europese verordening leveringszekerheidaardgas.13 Dit betekent dat GTS op grond van deze verordening rekeninghoudt met een verstoring ter grootte van de grootste afzonderlijkegasinfrastructuur (in de Nederlandse situatie betreft dit volledige uitvalvan gasopslag Norg) gelijktijdig met een temperatuur die eens in de 20jaar voorkomt (– 14°C). GTS laat zien dat er in gasjaar 2024–2025 eencapaciteitstekort kan ontstaan vanaf een gemiddelde effectieve etmaal-temperatuur van – 11°C in combinatie met gelijktijdige volledige uitval vaneen hoeveelheid capaciteit die gelijk staat aan de omvang van deuitzendcapaciteit van de gasopslag Norg. GTS raamt het tekort bij eengemiddelde effectieve etmaaltemperatuur van – 14°C op ongeveer980.000 Nm3/uur, oftewel ca. 10 GW. De totale door GTS geraamdegasvraag bij – 14°C is op het hoogste punt van de piekvraag 200 GW,waarmee het tekort een omvang heeft van ca 5% van deze vraag. Voor degasjaren daarna raamt GTS geen (noemenswaardig) capaciteitstekortmeer.Daarbij geldt dat gasopslag Norg een capaciteit kan leveren van3,2 miljoen Nm3/uur (oftewel ca. 32 GW) en dat deze gasopslag uittwee afzonderlijke en gelijke onderdelen bestaat. Dit betekent dat er dusalleen een capaciteitstekort optreedt als gasopslag Norg volledig uitvaltén als er sprake is van gemiddelde effectieve etmaaltemperaturen van– 11°C of lager. De kans hierop is erg klein. Een kansberekening op basisvan temperatuurgegevens van het KNMI en REMIT-meldingen over devolledige uitval van de gasopslag Norg, leert dat een dergelijke koude daggecombineerd met de volledige uitval van de gasopslag Norg grofwegeens in de tweeduizend jaar zou voorkomen. Daarnaast blijkt uit deaanvullende analyse van GTS in de bijlage dat de piekvraag alleen in deochtend en avond hoger is dan het aanbod. Hierop wordt verder ingegaanonder «mitigerende maatregelen».Ten aanzien van capaciteit stelt DNV in haar validatie dat er in gasjaar2024–2025 een capaciteitstekort van ongeveer 1,2 miljoen Nm3/uur(oftewel ca. 12 GW) kan optreden, wat iets hoger is dan door GTSgeraamd. Dit verschil komt door de iets andere technische uitgangs-punten die DNV hanteert.De laatste jaren was het Groningenveld onder strikte voorwaardenbeschikbaar om een eventueel capaciteitstekort op te lossen. In gasjaar2023–2024 werden de productielocaties op het Groningenveld in januarivoor ongeveer twee dagen naar waakvlamniveau gebracht, omdat zeerstrenge kou aanstaande was, zodat snel gereageerd kon worden als in dieomstandigheden een omvangrijk capaciteitsmiddel zou uitvallen.14, 15 Nu12Kamerstuk I 36 441, nr. D.13Verordening (EU) 2017/1938 van het Europees Parlement en de Raad betreffende maatregelentot veiligstelling van de gasleveringszekerheid.14Kamerstuk II 33 529, nr. 1206.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12384 het Groningenveld is gesloten, kan het deze functie logischerwijs nietmeer vervullen.Mitigerende maatregelenHet uitgangspunt voor de gasleveringszekerheid in Nederland is goed. DeNederlandse gasinfrastructuur is zeer robuust en betrouwbaar. Enerzijdsdoordat het gasnet is gebouwd om de gasvraag ook bij zeer lagetemperaturen te kunnen beleveren, anderzijds vanwege diverse redun-danties en back-up voorzieningen. Nederland beschikt ook over goedeverbindingen met de ons omringende landen, waardoor de kwetsbaarheidverder wordt ingeperkt. Verder geldt dat Nederland beschikt overLNG-importterminals en meerdere grote gasopslagen. Ook is er winninguit de kleine velden. Daardoor wordt de kwetsbaarheid nog verderingeperkt.In het licht van de door GTS geschetste risico’s voor het gasjaar2024–2025 en de daaropvolgende jaren (zoals hierboven toegelicht), is inaanvulling op de maatregelen die in de afgelopen jaren al zijn genomen,een aantal maatregelen onderzocht om het restrisico op een volume- ofcapaciteitstekort nog verder te beperken.Mitigerende maatregelen gericht op volumeHet kabinet heeft de afgelopen periode een flink aantal maatregelengenomen aan de aanbodkant om voldoende toevoer van gas naarNederland te faciliteren. Mede gelet op het hierboven geschetstevolumerisico blijft het kabinet zich inzetten voor voldoendeLNG-importcapaciteit. Over de lopende initiatieven is de Tweede Kamerrecent geïnformeerd.16Daarnaast behoort het vergroten van de binnenlandse productie doorgaswinning vanuit kleine velden op land en zee de komende jareneveneens nog tot de mogelijkheden. De kleine gasvelden op de Noordzeewordt de grootste potentie toegedicht. In het kader hiervan loopt op ditmoment een versnellingstraject en de Tweede Kamer wordt in de zomervan 2024 geïnformeerd over aanvullende versnellingsmaatregelen.Met deze reguliere maatregelen verwacht het kabinet de door GTSgeschetste risico’s te minimaliseren.Mitigerende maatregelen gericht op capaciteitGTS heeft in de raming van januari jl. aangegeven dat aanbodmaatre-gelen ter mitigatie van het potentiële capaciteitstekort de komende tweegasjaren niet haalbaar zijn. Een mogelijk capaciteitstekort dient daarommet maatregelen aan de vraagzijde opgelost te worden.Een potentieel tekort doet zich zoals gezegd alleen voor in geval van zeerhoge vraag (zeer koud weer) gecombineerd met gelijktijdige uitval vaneen groot capaciteitsmiddel. Een probleem kan zich dan vooral voordoen15Kamerstuk II 33 529, nr. 1210.16Kamerstuk II 29 023, nr. 494Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12385 op momenten dat de vraag naar gas hoog is (piekvraag). In figuur 117wordt een voorbeeld gepresenteerd van een (mogelijke) capaciteitsvraagvan de verschillende markten bij een effectieve etmaal temperatuur van– 14°C.18 Uit de figuur kan worden opgemaakt dat zich een capaciteitspro-bleem kan voordoen tijdens de ochtendpiekvraag tussen 07:00 uur en11:00 uur en in mindere mate tijdens de avondpiekvraag tussen 18:00 uuren 20:00 uur. Dit blijkt ook uit de bijgevoegde aanvullende analyse vanGTS. De onderbroken zwarte lijn geeft het beschikbare aanbod aan bijvolledige uitval van gasopslag Norg. Boven die lijn zou mogelijk eentekort op een piekdag kunnen optreden. Uit de figuur kan ook wordenopgemaakt dat de hierboven genoemde pieken hoofdzakelijk wordenveroorzaakt door aangeslotenen in de kleinste verbruikersklasse(RNB G1A). De overige categorieën hebben een vlak(ker) afnameprofiel.De G1A-aansluitingen omvatten vooral woningen maar ook kleinerebedrijven.Om een mogelijk tekort te voorkomen kan een reductie van ongeveer 15%van de piekvraag van de kleinste verbruikersklasse (RNB G1A) alvoldoende zijn. Dit betekent dat wanneer de gasvraag van woningen enkleinere bedrijven over een langere periode gespreid kan worden depiekvraag minder hoog wordt. Gelet op de duur van de tekorten en deomvang van de vereiste spreiding van de vraag kan een publiekscam-pagne, zo mogelijk gebouwd op de fundamenten van de «Zet ook de knopom»-campagne, mogelijk voldoende effect sorteren om de vraag op depiekmomenten te verminderen.Een dergelijke campagne heeft als primair doel het spreiden van degasvraag. Dit is te vergelijken met spitsmijden in het verkeer. Denkbijvoorbeeld aan het eerder of later verwarmen van woningen, waardoorde vraag in de ochtend of aan de start van een werkdag over een langereperiode wordt gespreid en de piek wordt afgevlakt.17In de figuur wordt de capaciteitsvraag van verschillende markten op de piekdag weergegeven:Export G/L (Groninger/L-gas) geeft aan hoeveel capaciteit L-gas er op dat moment geëxpor-teerd wordt. Export H-gas geeft een indicatie van de exportcapaciteit van H-gas. Industrie(G+H) geeft weer hoeveel capaciteit G en H-gas de industrie op dat moment gebruikt.Vervolgens wordt in geel aangeduid wat de capaciteitsvraag is van gasgestookte elektriciteits-centrales. De indicatie RNB G1A geeft de capaciteitsvraag van L-gas van G1A gasaansluitingenvan de regionale netbeheerder (RNB) weer, dit is de kleinste verbruikersklasse en bestaatvooral uit woningen maar ook kleinere bedrijven. RNB rest geeft een indicatie van decapaciteitsvraag van alle aansluitingen op het regionale net die niet G1A zijn.18Bron: GTS-analyse (zie bijlage).Figuur 1: Voorbeeld van de capaciteitsvraag van verschillende markten op eenpiekdag met een effectieve etmaal temperatuur van – 14°C. Bron: GTS-analyse (ziebijlage).Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12386 Naast een publiekscampagne is nog een aantal andere maatregelenonderzocht, die voor zover nu in beeld niet doelmatig en/of rechtmatigzijn. Dit wordt uitgebreider toegelicht in bijlage 2. Het gaat om devolgende maatregelen:•Het conditioneel aanbieden van GTS-capaciteit op entry-/exitpunten:Onderzocht is de mogelijkheid voor GTS om transportcapaciteitconditioneel aan te bieden in plaats van «firm», om zodoendecapaciteit achter de hand te houden voor piekvraagmomenten. Ditwordt echter, gegeven het feit dat het potentiële capaciteitstekort zicheffectief nog maar één winter voor zou kunnen doen en het effectuerenvan deze maatregel naar waarschijnlijkheid meer tijd kost, nietdoelmatig geacht. Daarnaast zijn er ook twijfels over de rechtmatig-heid. Het is, zoals ook GTS constateert, twijfelachtig of dit op basis vande huidige Europese regelgeving is toegestaan, omdat deze wetgevingnaast firm capaciteit alleen afschakelbare en geen conditionelecapaciteit kent. Daarbij geldt dat capaciteit zoveel mogelijk firm moetworden aangeboden.•Het gebruiken van de systeembuffer van het GTS-netwerk en deBalgzand Bacton Line (BBL-leiding): DNV heeft aangegeven datkortstondige aardgasbuffering in delen van het netwerk een optie kanzijn. GTS heeft in reactie daarop aangegeven dat van de buffer geenbijdrage te verwachten valt. Ook van de inzet van de BBL als «virtuelecaverne» valt volgens GTS geen bijdrage te verwachten. De leiding isweliswaar op dit moment onderbenut vanwege de milde winter enomdat de bergingen nog steeds relatief vol zitten. Maar tijdensextreem koud weer zal de leiding een veel hogere gasstroom kennen.Ook is de systeembuffer van de BBL benodigd voor het gastransport.•Capaciteitstender voor bedrijven: Een tenderproces waarin bedrijvenkunnen inschrijven om hun gasverbruik onder specifieke omstandighe-den tegen betaling te verminderen is overwogen, maar stuit in iedergeval op de korte termijn op praktische bezwaren. Het vormgeven vaneen dergelijke tender als een subsidieregeling, is vanwege praktischeen juridische beperkingen niet zinvol en haalbaar. Een dergelijkeregeling kan pas worden opengesteld voor aanvragen als er een zeerconcrete dreiging is van een capaciteitstekort en kent een te langereactietijd om een effectieve bijdrage te kunnen leveren aan hetondervangen van een acuut capaciteitstekort. Ook vormt een dergelijkesubsidieregeling staatssteun en voorzien de Europese staatsteunka-ders niet in een grondslag voor goedkeuring van een dergelijkeregeling. Het ontwikkelen en uitvoeren van een alternatieve vorm vaneen capaciteitstender is complex. Gegeven het feit dat het potentiëlecapaciteitstekort zich effectief nog maar één winter voor zou kunnendoen, is het ontwikkelen van een dergelijke tender niet doelmatig.Wat als zich toch tekorten voordoen?In het extreme geval waarin zich toch onverhoopt tekorten voordoen kanin eerste instantie worden teruggevallen op de maatregelen die volgen uitde Transportcode Gas LNB en die zijn toegelicht in paragraaf 2.2 van hetBH-G. De overige maatregelen uit dit plan treden in werking als Nederlandte maken krijgt met een (dreigende) langer durende aanzienlijkeverstoring van de gasleveringssituatie. Het BH-G bevat een seriemaatregelen waarmee wordt beoogd de gaslevering aan beschermdeafnemers zo lang mogelijk in stand te houden en tegelijkertijd demaatschappelijke en economische gevolgen van een verstoring van degasleveringssituatie zoveel mogelijk beperkt. De Tweede Kamer is recentgeïnformeerd over het geactualiseerde BH-G.1919Kamerstuk II 29 023, nr. 494Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12387 ConclusieHet kabinet achtte het restrisico dat gepaard ging met de sluiting van hetGroningenveld in juni 2023 al aanvaardbaar. Zoals uit het bovenstaandeblijkt zijn we de winter van 2023–2024 goed uitgekomen en worden derestrisico’s ten aanzien van leveringszekerheid verder gemitigeerd. De indeze brief geschetste aanvullende mitigerende actie zal in de komendemaanden worden uitgewerkt. Hierover zal het kabinet de Tweede Kamervervolgens informeren.De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,J.A. VijlbriefTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12388 MAATREGELEN SLUITING GRONINGENVELD SINDS 2018Er zijn sinds 2018 vergaande maatregelen genomen om de gaswinning uithet Groningenveld op verantwoorde wijze af te bouwen en definitief tebeëindigen. Veel partijen hebben forse inspanningen geleverd om tekomen waar we nu zijn. Daarbij neemt door energiebesparing enverduurzaming in algemene zin de gasconsumptie in zijn geheel af. VoorGroningen is specifiek van belang dat ook de consumptie van L-gas fors isafgenomen. Inmiddels wordt in de volledige vraag naar L-gas voorziendoor geconverteerd H-gas. O.a. door vermindering van de vraag naarL-gas en de vergroting van de conversiecapaciteit is productie uit hetGroningenveld niet meer nodig. Om een beeld te geven van de behaalderesultaten, gaat deze bijlage in op de stikstofcapaciteit en de bouw van destikstofinstallatie Zuidbroek, het beleid rondom de gasopslagen, en deafname van de vraag naar (L-)gas door de ombouwoperatie in binnen- enbuitenland.1. Verwerving van extra stikstofcapaciteit Eén van de belangrijkste maatregelen die in 2018 is aangekondigd was debouw van een nieuwe stikstofinstallatie om de conversiecapaciteit vanH-gas te vergroten. De Tweede Kamer is diverse keren geïnformeerd oververtraging bij de bouw van de fabriek. Inmiddels is stikstofinstallatieZuidbroek II gereed en volledig operationeel. Dit levert een aanzienlijkeverruiming op van de capaciteit om H-gas om te zetten in L-gas. Destikstofinstallatie Zuidbroek II bestaat uit drie torens die elk 60.000 m3 peruur (m3/u) kunnen leveren. In totaal is de stikstofinstallatie Zuidbroek IIdus goed voor maximaal 180.000 m3/u stikstof. De maximaal beschikbarestikstofcapaciteit om H-gas te converteren is, inclusief Zuidbroek II, intotaal ruim 880.000 m3/u. Met Zuidbroek II kan ongeveer maximaal 10miljard Nm3 (bcm) per jaar aan H-gas worden omgezet in L-gas. Dehuidige totale capaciteit van de stikstofinstallaties is ruim voldoende omaan de (nog steeds afnemende) vraag te voldoen.Een tweede maatregel die in dit kader is genomen, betreft de inkoop vanextra stikstof. Voorzien werd dat met deze maatregel 2,25–2,5 bcmGroningengas bespaard zou kunnen worden. Het mengstation Wierin-germeer is uitgebreid om deze stikstof te kunnen mengen met H-gas.Sinds december 2019 wordt er 80.000 m3/u stikstof ingezet op hetmengstation.2. Inzet van de L-gas gasopslagen Op 10 september 2019 heeft de toenmalige Minister van EZK ingestemdmet een gewijzigd opslagplan voor gasopslag Norg, waarmee effectief hetwerkvolume van deze L-gasopslag is verruimd van 5 bcm naar 6 bcm. Ditis gerealiseerd doordat de drukbegrenzing is verhoogd, hierdoor was hetmogelijk om meer gas in de opslag op te slaan.Op 8 maart 2021 is het Norg Akkoord tot stand gekomen.20 In dit akkoordis onder meer afgesproken dat de gasopslag Norg zodanig wordt ingezetdat het Groningenveld zo snel mogelijk definitief gesloten kan wordenrekening houdend met de leveringszekerheid. De afspraken over de inzetvan de gasopslag Norg bestrijken de periode tot en met 30 september2027. Deze afspraken zorgen ervoor dat de stikstofinstallaties optimaalkunnen worden ingezet en dat gasopslag Norg zo veel mogelijk wordt20Zie voor de tekst van het Norg Akkoord en een uitgebreide toelichting Kamerstuk II 33 529, nr.850.BIJLAGE 1:Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 12389 gevuld met H-gas dat met behulp van stikstof wordt geconverteerd totL-gas, in plaats van met Groningengas.Gasopslag Grijpskerk is een voormalig gasveld dat sinds 1997 in gebruikis als opslag voor H-gas. In februari 2022 heb ik ingestemd met dewijziging van het opslagplan voor Grijpskerk waardoor er in dezegasopslag L-gas opgeslagen kan worden.21 Het omzetten van gasopslagGrijpskerk van een gasopslag voor H-gas naar L-gas was één van demanieren waardoor de gaswinning uit het Groningenveld eerderbeëindigd kon worden dan beoogd. Per 1 oktober 2023 is Grijpskerkbeschikbaar als gasopslag voor L-gas.22 De opslag heeft een capaciteitvan 60 mln. Nm3/uur en een volume van zo’n 2,4 bcm. Van deze 2,4 bcm ismomenteel ca. 1,2 bcm rechtstreeks in te zetten als L-gas en de rest nabehandeling in één van de stikstofinstallaties. In de komende jaren zal derechtstreeks als L-gas in te zetten hoeveelheid verder toenemen.Naast de grote gasopslagen Norg en Grijpskerk zijn er nog kleinereopslagen voor L-gas. Dit zijn de piekgasinstallatie (PGI) Alkmaar en dezoutcavernes bij Zuidwending. Ook de inzet van deze opslagen heeftbijgedragen aan de sluiting van het Groningenveld. De PGI Alkmaar zorgtervoor dat pieken in de vraag naar L-gas als gevolg van extreme koukunnen worden opgevangen en de zoutcavernes bij Zuidwending wordeningezet in het geval van onbalanssituaties in het L-gassysteem.3. Verduurzaming gebouwde omgeving en glastuinbouw In de brief aan de Tweede Kamer van 29 maart 2018 zijn verduurzaming inde gebouwde omgeving en de glastuinbouw gepositioneerd als maatre-gelen om de vraag naar Groningengas te verminderen.23De glastuinbouw valt vanaf 1 juli 2023 onder de Energiebesparingsplicht.Midden- tot grootverbruikers zullen de Erkende maatregelen moetenuitvoeren. De zeer grootverbruikers zullen onder de onderzoeksplichtvallen.Samen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatiesis het nationaal isolatieprogramma opgezet. Dit programma heeft als doelvoor 2030 de woningen te isoleren van 2,5 miljoen huishoudens. Hierbijligt de focus op woningen met de slechtste labels (E, F en G). In het kadervan het energie- en klimaatbeleid wordt ook gewerkt aan de overstap naarduurzame warmtebronnen (collectieve warmtesystemen, warmtepompenen duurzame gassen) in de gebouwde omgeving. In de brieven aan deTweede Kamer van 14 maart, 22 april, 20 juni en 21 juli 2022 zijn aanvul-lende maatregelen aangekondigd ten behoeve van de vraagreductie in degebouwde omgeving en bij bedrijven.244. Versnelde afbouw van de export van L-gas Een belangrijke maatregel op de afbouw van de vraag naar Groningengas,en later L-gas, is de afbouw van het gebruik van L-gas in België, Duitslanden Frankrijk. Sinds 2013 wordt hieraan nauw samengewerkt met dezelanden. Deze samenwerking is in 2018 sterk geïntensiveerd en heeft toenonder meer geleid tot de gezamenlijke oprichting van de Task ForceMonitoring L-gas Market Conversion. Dit heeft een belangrijke bijdragegeleverd aan de versnelde afbouw van de gaswinning uit het Gronin-21Kamerstuk II 33 539, nr. 983.22Kamerstuk II 33 529, nr. 1088.23Kamerstuk II 33 529, nr. 457.24Kamerstuk II 29 023, nrs. 283, 302, 312 en 337.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 123810 genveld (zie onder meer: Kamerstuk II 33 529, nr. 1214, de meest recenterapportage van de Task Force).De figuur hieronder geeft weer hoeveel afbouw van de buitenlandse vraagna 2018 per gasjaar gerealiseerd is en de komende jaren nog verwachtwordt. Cumulatief is dat tot het eind van het gasjaar 2022/2023 eenafname van de totale volumematige L-gasvraag van bijna 50%. Degasvraag is zo’n 200 TWh per jaar minder ten opzichte van gasjaar2017/2018. In gasjaar 2029/2030, met het einde van de ombouw in hetbuitenland, is het de verwachting dat er nog maar 174 TWh L-gasgevraagd wordt in een gemiddeld gasjaar, waarvan minder dan een halfTWh export. Dat is een totale afbouw van meer dan 65% van de totalevolumevraag naar L-gas en een zo goed als volledig einde van debuitenlandse vraag naar L-gas.De onderstaande grafiek uit de raming van GTS voor gasjaar 2024–2025geeft de verwachte L-gas export weer naar Duitsland en Frankrijk in dekomende gasjaren (de export naar België stopt in het huidige gasjaar).5. Omschakeling van grootverbruikers In Nederland zat het grootste snel haalbare reductiepotentieel voor devraag naar L-gas bij de grootste afnemers van deze kwaliteit gas. In derelevante peiljaren gold dat de grootste negen afnemers (ieder met eenTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 123811 verbruik van meer dan 100 miljoen Nm3 per jaar) in de relevante gasjarensamen circa de helft van het verbruik vertegenwoordigden van de totalevraag van de op het L-gastransportnet van GTS aangesloten grootver-bruikers. Op grond van de Wet tot wijziging van de Gaswet betreffendehet beperken van de vraag naar L-gas van grote afnemers, die op 20 juni2020 in werking is getreden, is het de grootste negen afnemers metingang van 1 oktober 2022 verboden om L-gas aan het gastransportnet teonttrekken. Om aan dit verbod te kunnen voldoen worden de grootstenegen afnemers door GTS omgeschakeld van L- naar H-gas, alstussenstap in de verduurzaming naar een andere bron dan gas op delangere termijn. Deze operatie wordt aangeduid als de ombouwoperatie.De effecten van de ombouwoperatie zijn drieledig. Allereerst vermindertde volumematige vraag naar L-gas structureel. Ten tweede reduceert deombouw de capaciteitsvraag en verlicht daardoor de druk op de nogbenodigde L-gas capaciteit. Ten derde, en meest belangrijk, draagt deombouw bij aan een robuust gassysteem na sluiting van het Gronin-genveld door verminderde afhankelijkheid van het goed functioneren vande stikstofinstallaties. Met de sluiting van het Groningenveld zijn dezepijlers belangrijk om de robuustheid van het gassysteem te versterken.In een aantal gevallen betreft de omschakeling complexe projectenwaarbij vertraging niet was te voorkomen. Voor deze situaties is er eentijdelijke ontheffing van het verbod. Inmiddels zijn zes van de grootver-bruikers van het L-gas af. De planning is dat later in 2024 de zevendeafnemer volgt en de laatste twee afnemers zo spoedig mogelijk daarna.De hierboven genoemde wet behelsde naast de grootverbruikers ook vooroverige afnemers een wijziging. Hen werd het met ingang van 1 oktober2022 verboden om in een gasjaar meer dan 100 miljoen Nm3 L-gas aanhet net te onttrekken (het verbruiksplafond). Dit plafond voorkomt dat ernieuwe grootverbruikers ontstaan die meer dan 100 miljoen Nm3 L-gasgaan verbruiken en daardoor het beoogde effect van het verbod op L-gasvoor de negen grootste afnemers deels tenietdoen.Daarbij geldt dat het verbruiksplafond ook zelfstandig als maatregel eenmeerwaarde heeft. Het verbruiksplafond beperkt de vraag naar L-gas envormt, voor zover er sprake is van een energiebehoefte van meer dan100 miljoen Nm3, een prikkel voor betrokken afnemers om alternatievenvoor L-gas te zoeken. Dit verlicht de druk op de stikstofinstallaties enopslagfaciliteiten voor pseudo-Groningengas. Het verbruiksplafondversterkt dan ook het hierboven genoemde effect van het verbod op L-gasen heeft ook een belangrijke functie bij het borgen van een robuustgassysteem.6. Maatregelen naar aanleiding van het wegvallen van aanvoervan gas uit Rusland De afgelopen jaren heeft het kabinet ook de nodige maatregelen genomenom het wegvallen van de aanvoer van H-gas uit Rusland als gevolg van deoorlog in Oekraïne op te vangen. Hoewel deze maatregelen geenrechtstreeks verband hadden met de beëindiging van de gaswinning uithet Groningenveld waren zij (en zijn zij nog steeds) nodig om voldoendetoevoer van H-gas naar Nederland te borgen.De belangrijkste maatregel is energiebesparing. Hiertoe wordt aan eenbreed pakket aan maatregelen gewerkt en hier wordt uitvoer aan gegevenbinnen het Nationale Programma Energiebesparing. De Europese Unieheeft in de hernieuwde Energy Efficiency Directive een aangescherpt doelTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 123812 voor energiebesparing vastgesteld.25 Dit doel wordt in Nederland naarsectorale streefwaardes vertaald. Ook in de afgelopen periode zijnstappen gezet op energiebesparing. Onder andere de verschillendeoverheden hebben bijgedragen aan het terugbrengen van de gasvraag,door zelf energiebesparende maatregelen te treffen en anderen hierbij tehelpen. Voor bedrijven zijn daarnaast meerdere subsidies verhoogd, zoalsde Stimulering Duurzame Energieproductie. Ook wordt de energiebespa-ringsplicht en de bijbehorende informatieplicht vanaf 1 juli 2023 aange-scherpt. Er staan meer maatregelen op de Erkende Maatregelen Lijst enook het aantal bedrijven dat onder deze plicht valt is uitgebreid.26 Zeergrote grootverbruikers, met een gebruik vanaf 10 mln. kWh of 170.000 m`aardgas (equivalent), worden verplicht om een onderzoek uit te voerennaar alle energiebesparende maatregelen.27 De maatregelen met eenterugverdientijd van vijf jaar of minder moeten worden uitgevoerd. Vanaf2027 wordt deze terugverdientijd opgehoogd naar zeven jaarDaarnaast heeft het kabinet sinds 2022 maatregelen getroffen om hetvullen van gasopslagen te stimuleren: in 2022 introduceerde het kabineteen subsidiemaatregel om het vullen van gasopslag Bergermeer doormarktpartijen te stimuleren en sinds 2022 treedt EBN op als vulagent omgas in gasopslag Bergermeer op te slaan, voor zover marktpartijen datniet doen. Het kabinet heeft de ambitie dat op 1 november 2024 degasopslagen in Nederland gemiddeld voor minimaal 90% gevuld zijn.28Gezien de centrale rol van gasopslagen in het borgen van gasleveringsze-kerheid heeft het kabinet in de zomer van 2023 een visie gasopslagen29gedeeld en werkt het kabinet momenteel aan structurele vulmaatregelenin het wetsvoorstel gasleveringszekerheid.Ten derde is de importcapaciteit van LNG in Nederland flink uitgebreid:deze is in 2022 verdubbeld en wordt nog verder uitgebreid. Ook opEuropees niveau, is de importcapaciteit in de afgelopen jaren verbeterd.Op de Noordwest Europese markt, waar Nederland onderdeel vanuitmaakt, zijn in Duitsland inmiddels drie LNG-terminals operationeel(Willemshaven, Brünsbuttel en Lubmin) en zijn er nog drie in aanbouw dievanaf gasjaar 2024/25 in bedrijf moeten gaan. De groei van terminals opde Noordwest Europese markt biedt meer flexibiliteit in het gassysteemen kan daardoor beter een eventuele storing bij de invoering van gasopvangen.25Kamerstuk II 22 112, nr. 3647.26Kamerstuk II 30 196, nr. 801.27Kamerstuk II 30 196, nr. 793.28De vulgraad van de gasopslagen in Europa is te volgen via Gas Infrastructure Europe – AGSI(gie.eu)29Kamerstuk II 29 023, nr. 442Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 123813 NIET DOELMATIGE EN/OF RECHTMATIGE MITIGERENDE MAATRE-GELEN (VOOR ZOVER NU IN BEELD)1. GTS-capaciteit conditioneel aanbieden op exit-/entrypunten •GTS biedt transportcapaciteit van gas aan via PRISMA, het Europesecapaciteitsboekingsplatform.•DNV heeft onderzocht of op dit vlak een mitigerende maatregelmogelijk is. (in het kader van de validatie van de raming van GTS vooraankomend gasjaar).•DNV stelt dat GTS op dit moment al haar transportcapaciteit op deexit-/entrypunten firm verkoopt. DNV geeft echter aan dat het metname in Duitsland gebruikelijk zou zijn om capaciteiten met beperkin-gen te verkopen.•Hierbij wordt de beschikbaarheid van de capaciteit gekoppeld aanvooraf gedefinieerde condities. In het geval van het GTS-netwerk zoudit gekoppeld kunnen worden aan de effectieve temperatuur op basiswaarvan een onderbreking van de transportcapaciteit kan plaatsvin-den, aldus DNV.•Volgens DNV kan met dit middel binnen een tijdsbestek van een paaruur de vraag in het netwerk worden verlaagd.Haalbaarheid/uitvoerbaarheid•Deze maatregel wordt, gegeven het feit dat het potentiële capaciteitste-kort zich effectief nog maar één winter voor zou kunnen doen en hetontwikkelen en effectueren van deze maatregel naar waarschijnlijkheidmeer tijd kost, niet doelmatig geacht.•Daarnaast zijn er ook twijfels over de rechtmatigheid. De redendaarvoor is dat Europese regelgeving voorschrijft dat er zoveelmogelijk firm capaciteit moet worden aangeboden. Verder kent derelevante EU regelgeving naast firm capaciteit alleen afschakelbarecapaciteit en geen conditionele capaciteitsproducten. Op Europeesniveau zijn bijvoorbeeld door de Agency for the Cooperation of EnergyRegulators (ACER) vraagtekens gezet bij de rechtmatigheid vanconditionele capaciteitsproducten in het licht van deze regelgeving.•In bijvoorbeeld Duitsland worden conditionele capaciteitsproductenwel aangeboden omdat daar sprake is van binnenlandse infrastructu-rele knelpunten (er is te weinig invoercapaciteit om alle exit-capaciteitvolledig te beleveren) die noodzaak geven tot dergelijke producten.Deze knelpunten zijn er niet in Nederland. Zonder dat er (infrastructu-reel) iets gewijzigd is in het GTS-netwerk is het daarom volgens GTSniet mogelijk om capaciteit conditioneel aan te bieden.2. Gebruik systeembuffer GTS •Volgens DNV wordt het transportsysteem in de huidige marktsituatieniet meer op maximale belasting gebruikt, zelfs niet bij 1-op-20winters. De oorzaak daarvoor ligt volgens DNV in het wegvallen van deL-gas export, de afnames in de G-gas markt en het «stilvallen» van deH-gas rotonde door de omkering van de H-gas stromen van west naaroost (LNG naar Duitsland in plaats van Russisch gas naar het VK).•DNV geeft aan dat hierdoor wellicht speelruimte is voor kortstondigeaardgasbuffering in delen van het netwerk (ook bij 1-op-20 omstandig-heden). DNV wijst in dit verband ook op de momenteel ondergebruiktenetwerktak van BBL (de gaspijpleiding tussen Nederland en het VK).•BBL vertegenwoordigt volgens DNV een «virtuele caverne» vanongeveer 10 miljoen m3 inhoud en 7 GW aan capaciteit waarvan voorongeveer 20 uur gebruik kan worden gemaakt. DNV maakt hierbijechter ook duidelijk dat vanwege de verwachte schaarste aan H-gas bijBIJLAGE 2:Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 123814 koude dagen het wellicht lastig is om deze leiding kort voorafgaandaan een verwachte 1-op-20 piekdag te vullen.Haalbaarheid/uitvoerbaarheid•In reactie op de aanbevelingen uit de vorige validatie (waarin DNV ookwees op de systeembuffer) heeft GTS aan EZK laten weten de buffermee te nemen in de analyses, maar daarbij ook aangegeven dat dezeop extreem koude dagen nagenoeg nul is.•Omdat DNV in haar nieuwe validatie opnieuw hierop heeft gewezenheeft EZK bij GTS wederom navraag gedaan naar het gebruik van desysteembuffer om potentiële capaciteitstekorten op te vangen. GTSheeft in reactie daarop laten weten dat van de buffer geen bijdrage teverwachten valt.•Ook over inzet van de BBL stelt GTS dat geen bijdrage te verwachtenvalt. De leiding is op dit moment onderbenut vanwege de milde winteren omdat de bergingen nog steeds relatief vol zitten. GTS stelt dat deBBL tijdens extreem koud weer echter een veel hogere gasstroom zalkennen afhankelijk van welk land de meeste behoefte heeft. Net zoalsin het netwerk van GTS is de systeembuffer van de BBL in die situatiebenodigd voor gastransport.3. Capaciteitstender bedrijven •Analoog aan het principe van maatregel C.4 in het BH-G (Regelingtijdelijke vrijwillige vermindering gasvraag, TVVG) is gekeken naar deinzet van een tender in de vorm van een subsidieregeling om gas tebesparen met als doel het verminderen van de capaciteitsvraag onderspecifieke omstandigheden.•Het idee hierbij was dat in een dergelijke tender bedrijven inschrijvenom tegen bepaalde, vooraf overeengekomen, omstandigheden(tijdelijk) minder gas af te nemen en/of gas af te nemen op anderemomenten om de piekvraag op een koude dag te matigen. In ruildaarvoor zouden zij dan een vergoeding krijgen aangeboden.Haalbaarheid/uitvoerbaarheid•Deze maatregel is in deze vorm (subsidieregeling) niet zinvol enhaalbaar.•Een dergelijke subsidieregeling zou pas kunnen worden opengesteldals er een zeer concrete dreiging is van een capaciteitstekort en daneen te lange reactietijd heeft:Cde openstelling moet worden getekend en gepubliceerd. Dit duurtminimaal een dag, maar waarschijnlijk eerder minimaal twee dagen(als alles klaar ligt);Cpas minimaal de dag na publicatie kunnen er aanvragen wordeningediend;Cde aanvragen moeten beoordeeld worden, wat op zijn allerminstook enkele dagen duurt, maar normaliter weken;Cpas nadat er een positieve verleningsbeschikking genomen is, kanbinnen x uren of dagen een effect worden verwacht.•Voorts werd bij de uitwerking van de TVVG duidelijk dat het buiten eenconcrete noodsituatie niet goed mogelijk is om goedkeuring van deEuropese Commissie (EC) te krijgen voor een dergelijke regeling,aangezien het in feite om een vorm van staatssteun gaat en de huidigeEU steunkaders niet voorzien in een grondslag voor een dergelijkemaatregel.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 33 529, nr. 123815
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.