KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een commissiedebat, gehouden op 10 september 2025, over Uitkomsten informele Raad Buitenlandse Zaken d.d. 29 augustus 2025

2 okt 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9194eb87295d6e50 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202621 501-02Raad Algemene Zaken en Raad BuitenlandseZakenNr. 3253 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 2 oktober 2025 De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken heeft op 10 september 2025overleg gevoerd met de heer Van Weel, Minister van Buitenlandse Zaken,over:–de brief van de Minister van Buitenlandse Zaken d.d. 9 septem-ber 2025 inzake tweestatenoplossing en multilaterale ontwik-kelingen (Kamerstuk 21 501-02, nr. 3228);–de brief van de Minister van Buitenlandse Zaken d.d. 28 augus-tus 2025 inzake antwoorden op vragen commissie over hetverslag informele Raad Buitenlandse Zaken (RBZ) van11 augustus 2025 (Kamerstuk 21 501-02, nr. 3216) en degeannoteerde agenda RBZ Gymnich van 29 en 30 augustus2025 (Kamerstuk 21 501-02, nr. 3218) (Kamerstuk 21 501-02,nr. 3222);–de brief van de Minister van Buitenlandse Zaken d.d. 8 septem-ber 2025 inzake verslag informele Raad Buitenlandse Zakenvan 29 en 30 augustus 2025 (Kamerstuk 21 501-02, nr. 3227);–de brief van de Minister van Buitenlandse Zaken d.d. 9 septem-ber 2025 inzake vertrouwelijk delen van de meest recentehumanitaire update van de EU over de humanitaire situatie inGaza (Kamerstuk 23 432, nr. 602).Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de commissie,KlaverDe griffier van de commissie,Westerhoff kst-21501-02-3253ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32531 Voorzitter: Van der LeeGriffier: DekkerAanwezig zijn twaalf leden der Kamer, te weten: Van Baarle, Boswijk, Vander Burg, Dobbe, Kahraman, Koekkoek, Van der Lee, Mohandis, Pater-notte, De Roon, Stoffer en Teunissen,en de heer Van Weel, Minister van Buitenlandse Zaken.Aanvang 18.00 uur.De voorzitter:Ik open de vergadering van de vaste Kamercommissie voor BuitenlandseZaken. We hebben een commissiedebat waarvoor vijf uur is ingepland.Wat mij betreft duurt dat ook echt geen minuut langer. Het is ook fijn alsdat iets korter zou kunnen. Om dat te bevorderen, hou ik u aan vijfminuten spreektijd per fractie en vijf interrupties. Als die langer dan 40seconden duren, worden die dubbel geteld. Dat is het regime dat al vakergeldt in de commissie. U bent er dus aan gewend. U zult vast puntiginterrumperen.Ik heet de Minister en zijn ondersteuning van harte welkom. Ik zal de ledenvoorstellen en hun fractie benoemen op het moment dat zij het woordgaan voeren. Ik meld ook even dat de heer Mohandis voor vandaagmevrouw Piri vervangt, die vanwege persoonlijke omstandigheden niet inNederland is op dit moment. Het is dus geen permanente vervanging; datmoest ik even van hem benadrukken. Maar ik wens hem veel succes.Als eerste gaat mevrouw Teunissen spreken. Zij voert het woord namensde Partij voor de Dieren. Gaat uw gang.Mevrouw Teunissen (PvdD):Dank u wel, voorzitter. Dagelijks bereiken ons nieuwe berichten over deverwoesting van Gaza. Tienduizenden Palestijnen zijn gedwongen op devlucht, zonder veilig heenkomen en zonder voedsel of medische zorg.Palestijnen worden massaal uit Gaza-Stad verdreven en tientallenwoontorens zijn met de grond gelijkgemaakt. Het gaat hier om eensystematische uithongering, verdrijving en moord op een volk, om eengenocide.Voorzitter. Het Israëlische leger heeft in de afgelopen dagen Syriëgebombardeerd, Libanon aangevallen, opnieuw honderden Palestijnengedood in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever, een aanval uitgevoerdin Qatar, en zelfs een drone ingezet tegen een schip met hulpgoederenvan de Global Sumud Flotilla voor de kust van Tunesië. Deze opeensta-peling van grove escalaties onderstreept hoe Israël het internationaalrecht aan zijn laars lapt en de hele regio meesleurt in een spiraal vangeweld. Dit geweld keert zich ook tegen Israël zelf. De aanslag op een busin Jeruzalem laat zien dat het beleid van permanente escalatie niet leidttot veiligheid, maar juist tot meer bloedvergieten.Zelfs Israëls beste vrienden beginnen de alarmbel te luiden. NRC schreefafgelopen week dat juist de landen die zich jarenlang achter Israël hebbengeschaard, nu niet langer kunnen wegkijken. Maar dit Nederlandsekabinet heeft zich nog steeds met handen en voeten gebonden aan eenregime dat ziekenhuizen bombardeert, vluchtelingen verdrijft, hulpgoe-deren in brand schiet, de Gazanen uithongert en degenen die op voedselwachten neermaait. Daarmee maakt dit kabinet ons land medeplichtig aangenocide.De Minister heeft in zijn brief voor de zoveelste keer aangegeven datNederland uitstelt en uitstelt. Er komt nu geen nationaal verbod op handelmet illegale nederzettingen, terwijl deze maatregel al twintig jaar geledeningevoerd had moeten worden, toen het Internationaal Gerechtshof denederzettingen als illegaal bestempelde. Nu wordt er weer eenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32532 rookgordijn opgetrokken: we werken nationale maatregelen parallel uitmet gelijkgezinde landen. Ik vraag de Minister: wat betekent dit? Welkelanden zijn dat? Hebben deze landen toegezegd ook met een nationaalhandelsverbod te komen? Wanneer gaat het kabinet daadwerkelijk datbesluit nemen tot een nationaal verbod? Want we kunnen geen dag langermeer wachten. Het lijkt erop dat het kabinet weer een uitweg zoekt omIsraël de hand boven het hoofd te houden. Het kabinet zit zo onze tijd teverdoen. We zijn elke dag medeplichtig zolang er geen significantenationale maatregelen komen.Voorzitter. Neem een voorbeeld aan Spanje. Kom met hetzelfde wapenem-bargo, met hetzelfde verbod op handel in militair materieel via onzehavens. Kom met een inreisverbod voor Israëlische militairen. Erken dePalestijnse Staat. Kom met boycots. Waarom wacht de regering op deuitspraak van het Internationaal Gerechtshof in de genocidezaak? Waaromspreekt het kabinet geen steun uit voor die zaak, als het wel erkent dat ergenocide plaatsvindt?Voorzitter. Zelfs de opvang van kinderen die dringend specialistischemedische hulp nodig hebben in Nederland, wil het kabinet niet faciliteren.Ruim 15.000 patiënten, onder wie 4.500 kinderen, wachten op evacuatie.137 kinderen daarvan zijn inmiddels overleden terwijl ze wachtten ophulp. Hulporganisaties geven aan dat de evacuatiecapaciteit in de regioontoereikend is. Egypte is overbelast, Qatar is gestopt en Jordanië stuurtzelfs kinderen terug wegens gebrek aan capaciteit en budget. Dit kabinetmoet dus onmiddellijk werk maken van medische evacuaties naarNederland. Andere Europese landen doen dit wel.Voorzitter. Dit kabinet blijft beweren dat geld en mensen sturen naar deregio het probleem oplost. Dat is gewoonweg tenenkrommend, want hetis niet wat Save the Children en talloze andere hulporganisaties zeggen.Zij zeggen: de capaciteitsproblemen in de regio kunnen niet zo opgelostworden. Voor specialistische zorg is namelijk ook behoefte aan specialis-tische medicijnen, zoals medicijnen ter bestrijding van kanker. Dit kan nietzomaar geïmporteerd of geëxporteerd worden. Medische specialistendaarnaartoe brengen is ook niet de oplossing, want je hebt vaak een heelteam van artsen nodig voor bepaalde behandelingen. Daarom hebben wein Nederland ook kinderziekenhuizen gericht op specifieke operaties. Ditzijn niet een of twee specialisten die zomaar ergens naartoe gestuurdkunnen worden voor specialistische operaties bij kinderen.Dus: sta medische evacuaties naar Nederland toe van kinderen diegespecialiseerde behandelingen nodig hebben die in de regio nietbeschikbaar zijn, zoals oncologie en neurochirurgie. Utrecht enAmsterdam staan nota bene klaar om die kinderen op te vangen. Ik vraagde Minister dus: alstublieft, zorg ervoor dat die kinderen hiernaartoekomen. Waarom komt het kabinet dan toch met de bewering dat diecapaciteitsproblemen wel even opgelost kunnen worden? Waarom schrijfthet kabinet dat het zoekt naar mogelijkheden voor concrete steun? Wespreken hier nu al een maand over, dus de tijd van onderzoek is inmiddelswel voorbij, dacht ik zo. Nederland heeft 241 Oekraïense patiëntengeholpen die medische specialistische zorg nodig hadden. Wat is hetverschil? We moeten iedereen gelijk behandelen.Tot slot wil ik weten waarom we nog steeds vechthonden naar Israëlexporteren. Wanneer stopt het kabinet daarmee?Dank u wel.De voorzitter:Hartelijk dank voor uw inbreng. Dan gaan we luisteren naar de heerMohandis namens de fractie van GroenLinks-Partij van de Arbeid.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32533 Dank u wel. Fijn om ook een keer in deze commissie aanwezig te mogenzijn. Maar dat zal ook niet heel lang duren, want ik ga ervan uit dat mijncollega deze plek binnenkort weer inneemt bij een volgend debat.Voorzitter. Drie weken geleden beloofde de Minister van BuitenlandseZaken om in Europa te kijken naar steun voor een verbod op handel metillegale nederzettingen. We wisten toen allemaal dat die steun er niet zouzijn. We weten hoe ingewikkeld dat is. In de vergadering van de Europesebuitenlandministers bleek dat die steun er inderdaad ook gewoon nietwas. Europa blijft hangen in praten, pappen en nathouden. Is het kabinetnou echt zelf van plan om een handelsboycot in te voeren voor goederenen diensten afkomstig uit illegale nederzettingen in bezet Palestijns gebieden dit verbod in te voeren, no matter what, ongeacht wat andereEU-landen doen? Wanneer voert het kabinet dit verbod in en wanneerkunnen we een kabinetsbesluit verwachten? Of is het wellicht al invoorbereiding? Ik hoor heel graag concreet wat u gaat doen vanuit uwnationale rol.Er zijn veel debatten gevoerd over andere sancties. Er moet natuurlijk veelmeer gebeuren. We hebben de morele en juridische plicht zelf maatre-gelen te nemen. Onlangs bleek ook weer uit onderzoek dat een overgrotemeerderheid van Nederland dat ook wil. Bijna 65% van de Nederlanderswil gewoon dat het kabinet strenger wordt richting Israël, richting deIsraëlische regering, richting de vreselijke genocide die daar plaatsvindt.Mijn fractie is voor vergaande sancties. Die hebben we al in meerderemoties uiteengezet. Die zal ik niet allemaal herhalen. Ook recent nog, bijhet debat met premier Schoof, is er een motie met veel oppositiepartijeningediend, met een heel duidelijke oproep aan het kabinet. Het kabinetkan al deze stappen zetten, kan eindelijk een eigen positie innemen en nietschuilen achter hoe ingewikkeld het is in Europa. Het kabinet weigerde totnu toe om gewoon een rode lijn te trekken. Opnieuw is de vraag: is hetkabinet bereid om van positie te veranderen en te besluiten over nationalemaatregelen?Dan kom ik op het punt van de medische evacuaties, een onderwerp overde capaciteit hier in Nederland. We hebben natuurlijk ook in het verledenmet corona veel te doen gehad met de vraag hoe we snel capaciteitkunnen organiseren. We hebben natuurlijk een landelijk netwerk van acutezorg. Ik ben een redelijke leek, want als andere portefeuillehouder houd ikme niet altijd bezig met dit onderwerp, maar wat me opviel, is dat er bijalle stakeholders gewoon operationele bedden beschikbaar zijn inNederland. Het kan gewoon. Alle betrokken partijen die nodig zijn om ditoperationeel te organiseren op kinderspecialistische afdelingen zijn bereidom te zeggen: wij doen ons aandeel.Dat zeg ik juist in het belang van alle partijen die zeggen dat het in deregio moet. De regio doet het meest: 97%. Als we willen dat die regio blijftfunctioneren voor al die Gazaanse kinderen die al uit Gaza zijn, dan zullenwe toch alles op alles moeten zetten om ervoor te zorgen dat Nederland,naast andere landen zoals België, Frankrijk en Spanje, ook wat doet enniet wegkijkt? Wij kunnen hier in Nederland heel snel kinderen opvangen.Ik hoor heel graag van het kabinet of het echt bereid is om dat op tepakken.Het viel me ook op dat de Minister het in de kabinetsbrief over ditonderdeel heeft over «interdepartementaal verkennen» of «uitzoeken».Wat is dat? Is de vraag dan: wat kan Nederland daar en hier doen, dus nietalleen maar in de regio, maar ook hier, op ons eigen grondgebied? Is ervanuit uw ministerie, wellicht in samenwerking met Defensie en VWS, alde opdracht gegeven om te verkennen hoeveel bedden er klaarliggen? DeNederlandse Federatie van Universitair Medische Centra geeft aan dat zijbereid zijn om dit te doen. Zij zeggen: wij zijn operationeel. De Neder-landse Vereniging van Ziekenhuizen zegt: kom maar op, wij nemen onzeverantwoordelijkheid. De collega van de Partij voor de Dieren had het overAmsterdam en Utrecht. Vanmiddag, voor dit debat, heeft ook het UMCGTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32534 aangegeven: wij zijn ready. Ze hebben daar een kersverse burgemeester,die recent nog een collega van ons was, namelijk mevrouw Kamminga. Zijgeeft heel duidelijk aan: wij kunnen onze eigen verantwoordelijkheidnemen, want de situatie is daarnaar. Ik ben heel erg benieuwd of deMinister een hele concrete stap gaat zetten.Wij willen dat het kabinet z.s.m., binnen een week, in operationele zinkinderen naar Nederland haalt. Dat kan en iedereen wil het. De politiekeonwil is niet uit te leggen als we zien hoeveel landen in Europa dit welwillen. Als we pretenderen dat er meer in de regio moet gebeuren, danzullen we ook onze eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. Ik weetwel hoe uw collega’s in Egypte zouden reageren als u met ze belt en zegt:wilt u nog meer doen? Wat doet de Minister zelf? Ik kan nog wel evendoorgaan, maar de bereidheid is er. Ik hoor heel graag concreet wat deMinister gaat doen. Wij zien heel graag een uitgewerkt plan klaarliggenmet uw collega’s in het kabinet, de heer Bruijn en wellicht ook de heerBrekelmans, voor het operationeel maken van dit voorstel.Dank u wel.De voorzitter:Dank voor uw inbreng. Dan gaan we door naar mevrouw Dobbe. Zij gaatnamens de SP het woord voeren.Mevrouw Dobbe (SP):Dank u wel. Israël maakt flats in Gaza-Stad met de grond gelijk. Pales-tijnen moeten de stad verlaten, maar waarheen? Ze zijn nergens meerveilig. Er vindt een etnische zuivering, een genocide, onder onze ogenplaats. Er zijn weer doden gevallen door bommen, geweld en honger. Hetgaat maar door. Er vallen nu ook bommen op Qatar. Is de Minister hetermee eens dat deze aanhoudende schendingen van het internationaalrecht kunnen gebeuren omdat dit straffeloos kan, omdat de Israëlischeregering ziet dat zij de ruimte krijgt en er geen consequenties zijn? En watbetekent dat voor het beleid van Nederland?We lazen het verslag van de RBZ en de brief van deze regering. We warenallemaal hoopvol dat daar concrete maatregelen in zouden staan, maar erstaat: we gaan in Europa nog wat proberen, zelfs al weten we dat dat nietlukt, want er is niet genoeg draagvlak. Er staat ook: we werken nog aaneen maatregel met betrekking tot de invoering van producten uit illegalenederzettingen. «We werken er nog aan». Er staat niks in over watNederland concreet gaat doen, terwijl Nederland alles moet doen wat hetkan om genocide te voorkomen en, in dit geval, te stoppen.Vorige week was er een rechtszaak tegen de Staat. We lezen: «Delandsadvocaat hekelde de suggestie dat Nederland niets zou doen. Hetbeeld dat het Nederlandse beleid een rommeltje is, is gewoon niet waar.Het is zorgvuldig, consequent en effectief.» Ik vroeg me af waarop dat isgebaseerd. Hoe is het zorgvuldig als er nog steeds nauwelijks wat ligt?Hoe is het effectief? Waar is die effectiviteit uit gebleken als we zien wat ergebeurt? Graag een onderbouwing. Het enige wat er wel klopt, is dat hetconsequent is. Het is consequent falend beleid.Er werd ook gezegd dat Nederland optrekt met landen als Spanje in eenkopgroep ten aanzien van maatregelen tegen Israël. Spanje heeft netbesloten tot een algeheel wapenembargo. Vliegtuigen en schepen metmilitaire goederen of brandstof naar Israël worden beperkt. Er wordensancties opgelegd aan meer personen, er mogen geen producten meerkomen uit illegale nederzettingen, er vindt minimale consulaire dienstver-lening plaats aan burgers die in bezette gebieden leven, de bijdrage aanUNRWA wordt verhoogd en zo nog meer. Nederland zit blijkbaar samenmet Spanje in een kopgroep. Spanje kan dit ook, dus waarom Nederlandniet? Ik krijg graag een reactie per genoemde maatregel. Als Nederlanddeze maatregelen niet neemt, waarom wordt er dan gezegd dat Nederlandin een kopgroep zit? Want dan zitten we meer in de achterhoede.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32535 Wat Spanje en een heleboel andere landen ook al deden, is het opnemenvan kinderen die medische hulp nodig hebben, oftewel medischeevacuaties van kinderen. Hoewel dit kabinet inmiddels lijkt te erkennendat er onvoldoende capaciteit is in de regio, zoals de Wereldgezondheids-organisatie, UNICEF, Artsen zonder Grenzen en Save the Children ookzeggen, is de inzet gericht op het vergroten van de capaciteit in de regio.Ik snap dat het effectiever is om het in de regio te doen, maar het duurt telang om de medisch-specialistische capaciteit te vergroten. Er is eenreden waarom die medische evacuaties nodig zijn, namelijk omdat ze núnodig zijn. Er gaan kinderen dood als we dit uitstellen. Die zorg is núnodig.Ik zag op sociale media een bericht van de umc’s van Nederland. Zij willenzwaargewonde en/of zieke kinderen opvangen. Ze staan klaar ompatiënten op te vangen. Gisteren lazen we in de NRC dat Jud is overleden,een meisje van slechts 15 maanden oud. De dreumes had acute lymfa-tische leukemie. Er was een behandeling mogelijk. De artsen stonden alklaar, maar Jud was niet welkom. Er is geen enkel kind naar Nederlandgeëvacueerd, terwijl zo veel andere landen dat wel doen. Dit is toch hetabsoluut minimale, het allerminste, dat Nederland moet en kan doen? Doehet dan.Dank u wel.De voorzitter:Hartelijk dank, ook voor het feit dat u ruim binnen de spreektijd bentgebleven. We gaan luisteren naar mevrouw Koekkoek namens de fractievan Volt.Mevrouw Koekkoek (Volt):Dank, voorzitter. Terwijl Israël de aandacht van de genocide op dePalestijnen probeert af te leiden met een aanval op Hamaskopstukken inQatar, is onze regering opnieuw doodstil. Terwijl de geluiden van huilendekinderen, hopeloos schreeuwende ouders en bombardementen doormerg en been gaan, komt dit kabinet alweer niet verder dan veroorde-lingen en zorgen overbrengen, en de zaken nog eens doorspreken met deEuropese partners. Daarmee staat dit kabinet datgene toe wat degeschiedenis zal ingaan als de grootste misdaad tegen de menselijkheidsinds de Tweede Wereldoorlog. Daarmee verzaakt dit kabinet zijngrondwettelijke plicht om de internationale rechtsorde te beschermen enbovenal om datgene te doen wat moreel juist is.Bij de afgelopen Raad Buitenlandse Zaken koesterde het kabinet nog deijdele hoop dat er een gezamenlijk antwoord vanuit de EU zou komen opde Israëlische genocide in Gaza. Ik zeg bewust «ijdele hoop», omdat vantevoren natuurlijk al duidelijk was dat er van eensgezindheid niets terechtzou komen. Het was een bewuste vertragingstactiek van dit kabinet omniet te hoeven inzien dat staten onder het Genocideverdrag zelf metmaatregelen moeten komen en zich nadrukkelijk niet achter andere landenmogen verschuilen. Dat is een cynische strategie van bewust wegkijkenmet letterlijk dodelijke gevolgen.Voorzitter. Een land dat wel in actie komt, is Spanje. Collega Dobberefereerde daar ook al aan. Eerder erkende Spanje al de Palestijnse Staat,kwam het met een zogenaamde verklaring van interventie in de genoci-dezaak tegen Israël bij het Internationaal Gerechtshof en kwam er in depraktijk een stop op de wapenhandel met Israël. Nu doet Spanje daar nogeen flinke schep bovenop. Ik hoor, net als collega Dobbe, graag eenreflectie op iedere individuele maatregel die Spanje deze week heeftaangekondigd en een uitleg over waarom Nederland niet hetzelfde doet.Voorzitter. Spanje laat zien hoe leiderschap eruitziet en specifiek hoe hetnakomen van je verplichtingen onder het internationaal recht eruitziet. Alsik kijk naar de brief die het kabinet aan de Kamer heeft gestuurd, danvraag ik me af waarom dit kabinet niet meer doet, want het kabinetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32536 spreekt in de Kamerbrief zelf van een catastrofale situatie. Is de Ministerzich ervan bewust dat we juist voor dit soort catastrofale situaties hetGenocideverdrag in het leven hebben geroepen? Nederland kan, als eenvan de grootste handelspartners met Israël ter wereld, zo veel gewicht inde schaal leggen om deze genocide te helpen stoppen. Waarom handelthet kabinet daar niet naar?Voorzitter. De Global Sumud Flotilla, de humanitaire vloot die op weg isnaar Gaza om de humanitaire blokkade te stoppen, lijkt vannacht opnieuwdoelwit te zijn geworden van een droneaanval. Volt roept op tot eenonafhankelijk onderzoek naar deze aanvallen. Ik hoor graag welke stappenhet kabinet daarin gaat zetten. Ook wil ik graag weten wat het kabinet insamenwerking met de Europese partners doet om de veiligheid vanNederlanders en andere Europeanen op deze vloot te beschermen. Houdthet kabinet er bijvoorbeeld rekening mee dat Nederlanders het slachtofferkunnen worden van aanvallen op deze humanitaire vloot?Voorzitter. Twee jaar geleden stelde Volt al voor om zo snel mogelijk eenVN-vredesmissie in Gaza te starten. Nu roepen ook diplomaten enoud-politici van links tot rechts daartoe op. Ik hoor graag hoe de Ministerkijkt naar deze oproep. Is hij bereid om dit tijdens de aankomendeAlgemene Vergadering in VN-verband te bespreken?Voorzitter. Tot slot wil ik een beroep doen op de menselijkheid van departijen in de Kamer en het kabinet om alles in het werk te stellen omzieke kinderen uit Gaza te halen en in Nederland te behandelen. We ziendat het inzetten op hulp in de regio bij lange na niet genoeg is. Haal dezekinderen naar Nederland. Laat zien dat jullie medemenselijkheid groter isdan jullie angst om stemmen te verliezen aan Wilders in de komendeverkiezingen.Dank, voorzitter.De voorzitter:Heel veel dank. Fijn dat u binnen de spreektijd bleef. De heer Kahramanheeft een vraag aan u.De heer Kahraman (NSC):Dank u wel, voorzitter ...De voorzitter:Een ogenblik. Ik onderbreek u even, want sommige leden kwamen laterbinnen. Er zijn vijf interrupties toegestaan. Als een interruptie langer dan40 seconden duurt, wordt die dubbel geteld. Meneer Kahraman, gaat uwgang.De heer Kahraman (NSC):De heer Dassen en de heer Van Baarle hebben op hoge poten om eenbrief gevraagd met betrekking tot de resolutie door de InternationalAssociation of Genocide Scholars over dat er een genocide plaatsvindt inGaza. Ik ken de partij van mevrouw Koekkoek als een zorgvuldige partij,die naar zo’n uitspraak kijkt in de zin van: welk instituut is dat en welkewetenschappers zitten daarachter? Wij komen er nu achter dat het eeninstituut is waar iedereen lid van kan worden. Als je € 30 doneert, kun jelid worden, meedoen en stemmen. Kan mevrouw Volt aangeven of Volthier onderzoek naar heeft gedaan? Waarom heeft u om een brief gevraagdals dit de organisatie is die hierachter zit?Mevrouw Koekkoek (Volt):«Mevrouw Volt» komt grappig genoeg vaker voor; u bent denk ik devijfde.Maar nu een iets serieuzere noot. De heer Kahraman weet ook dathonderden experts op het gebied van het Genocideverdrag hebbengezegd dat dit genocide is. De vraag die u stelt is: waarom vraagt u zo’nTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32537 brief aan? Omdat het kabinet op geen enkele manier beweegt en zich nietlaat adviseren door de experts die er zijn. Kennelijk is het nodig om keerop keer op keer expertadvies uit te vragen, want als je het aan het kabinetoverlaat, dan gebeurt er helemaal niks. We krijgen voor de zoveelste keereen brief waarin helemaal niks staat. Ik vind dit wonderlijk. De heerKahraman kent het internationaal recht. Onder het Genocideverdrag zijnwe verplicht om stappen te nemen om dit te voorkomen. Het gaat omindividuele stappen en dus niet om collectieve stappen, waarbij je jeachter Europa of andere landen kunt verschuilen. Het zijn individuelestappen. Ik vind het wonderlijk dat de vraag over een brief gaat en nietover de stappen die Nederland kan nemen om dit te voorkomen, want wehebben die internationale plicht. Meer dan 1 expert, meer dan 10 experts,meer dan 100 experts hebben dat inmiddels bevestigd.De heer Kahraman (NSC):Dank aan mevrouw Koekkoek voor dit antwoord. Ik vraag dit bewust,omdat wij als Kamerleden zorgvuldig moeten omgaan met de informatiedie wij hier de wereld in slingeren, ook naar de media toe. Ik hoor tweepartijen op hoge poten om een brief vragen over waarom deze organisatiezegt dat het genocide is. U bent moedwillig desinformatie aan hetverspreiden en daar spreek ik u als Kamerlid op aan. Hoe kan het dat ugeen onderzoek doet naar de informatie van een organisatie voordat u ophoge poten om een brief vraagt? Of neemt u deze organisatie wel serieusen zegt u ...De voorzitter:Graag via de voorzitter spreken.De heer Kahraman (NSC):Of neemt mevrouw Koekkoek deze organisatie wel serieus en staat zijachter de bevindingen van deze organisatie, ook als ze weet wiedaarachter zit?Mevrouw Koekkoek (Volt):Dit is natuurlijk een absurd verwijt. Er wordt gesproken over desinfor-matie, terwijl we al maanden een tussenvonnis hebben van het Internati-onaal Gerechtshof, waarin wordt bevestigd dat alle staten die deinternationale rechtsorde hooghouden de plicht hebben om te handelen.Dit wordt bevestigd door Nederlandse en internationale experts.Onderzoekers die nota bene gespecialiseerd zijn in onderzoek naar deHolocaust geven aan: Nederland, u heeft de plicht om te handelen. Erwordt hier gezegd: mevrouw Koekkoek, u verspreidt desinformatie. Het isniet gebruikelijk om wedervragen te stellen in een interruptie, maar ik vinddit persoonlijk echt een absurde interruptie. Als Nederland niet erkent datwij de internationale plicht hebben om iets te doen om een land testoppen om genocide uit te voeren, dan zijn we echt heel ver heen. Ik hadvan NSC beter verwacht.De voorzitter:De heer Paternotte krijgt het woord om zijn inbreng namens D66 televeren.De heer Paternotte (D66):Ik wilde gevoelsmatig de heer Kahraman interrumperen, omdat ik echtniet begrijp waar deze interruptie vandaan komt en waarom er aanstootwordt genomen aan het woord «genocide».Voorzitter. Laten we even kijken waar we het over hebben. Sannd was 70dagen oud toen een luchtaanval een einde maakte aan zijn leven en aandat van zijn broertjes. Tariq was 5 jaar, een zeldzaam jongetje dat ’sochtends stond te trappelen om naar school te gaan. Hij had een fiets enTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32538 wilde kinderarts worden. Hala hield van tekenen en volksdansen. Ze was14 toen ze met haar broer, moeder en vijf zussen stierf door een Israë-lische luchtaanval. Het zijn drie namen van kinderen die hun levenverloren in Gaza en die op rij zijn gezet door The Washington Post. Er zijninmiddels meer dan 19.000 kinderen omgekomen door het geweld. Datzijn meer dan 700 klaslokalen vol kinderlevens. Weg. Volgens deverwachting van de Verenigde Naties zullen binnen enkele weken meerdan een half miljoen mensen in Gaza te maken hebben met een catas-trofale voedselcrisis. Meer dan een miljoen mensen verkeren in eennoodsituatie. Het zijn geen abstracte statistieken; het is een bewustgecreëerde humanitaire ramp. Hoe kan het dan dat het kabinet steedsweer lijkt te denken dat we de tijd hebben om nog een paar weken tewachten voordat we zelf iets doen, voordat we zelf maatregelen nemen?Dat is niet alleen onhoudbaar, maar ook onacceptabel. Het is heel simpel.Netanyahu gaat zijn gang. De taal die hij en zijn Ministers uitslaan, issteeds meer de taal van etnische zuivering. Dan heb ik het niet eens alleenover Gaza; ook op de Westoever worden Palestijnen met duizendenverdreven uit hun huizen. Hoe meer maatregelen wij nemen en hoe meerlanden dat doen, hoe groter de kans dat we dit kunnen stoppen. Waaromlezen we in de brief van de Minister vooral woorden als «onderzoek» naarmedische evacuaties en «overleg» en niks over «besluiten»?Ik vind het echt onverteerbaar dat sommige partijen hier er, met ditextreme geweld en uithongering in Gaza, een politiek schimmenspel vanmaken. De tweede val van het kabinet is nu drie weken oud. In een enormmediaoffensief hoorden we VVD’ers allemaal zeggen dat ze het eigenlijkhelemaal eens waren met Minister Veldkamp, maar dat hij nu eenmaalineens wegliep. Het zou allemaal om één woordje gaan. Dat is hetbekende Haagse spel: verwarring zaaien en zeggen «er zat eigenlijkhelemaal geen licht tussen wat Veldkamp wilde en wat de VVD en BBBwilden».We zijn inmiddels drie weken verder. We zijn talloze slachtoffers verder.Israël bombardeert tientallen flatgebouwen in Gaza-Stad en buit hetoffensief steeds verder uit. De VN maakten deze week bekend dat door deoorlog 21.000 kinderen in Gaza verminkt zijn. Protesten in Israël nementoe. De VN waarschuwen dat de tijd om grote sterfte door honger tevoorkomen, steeds beperkter wordt. Het aantal maatregelen dat hetkabinet in die drie weken heeft genomen, is niks, is een grote, ronde nul.Het vertrek van Veldkamp ging blijkbaar inderdaad om één woordje:Veldkamp wilde «iets» doen en VVD en BBB wilden «niets» doen.Het kabinet schrijft nu dat het «werkt aan nationale maatregelen tegen deinvoer van producten afkomstig uit onrechtmatige nederzettingen in dedoor Israël bezette gebieden en aan samenwerking met gelijkgezindelanden». Van de vorige Minister weten we dat we dit heel snel kunnenregelen. Er is geen wetswijziging voor nodig. De Sanctiewet biedtnamelijk alle juridische ruimte. De vraag blijft: wanneer gaat het kabinetdit doen? Wanneer gaan we stoppen met praten en uitzoeken en hetgewoon regelen?Voorzitter. Zolang we dit niet doen, blijft Nederland bijdragen aan hetillegalenederzettingenbeleid, waardoor een tweestatenoplossing steedsverder uit zicht raakt. Die tweestatenoplossing is zo hard nodig, niet alleenvoor de toekomst van de Palestijnen, maar ook voor een vrij en veiligIsraël. De Noorse premier zei het goed: er zal geen vrede in het Midden-Oosten zijn zonder een tweestatenoplossing. Er kan geen tweestatenop-lossing zijn zonder een Palestijnse Staat. Met andere woorden: eenPalestijnse Staat is een voorwaarde voor het bereiken van duurzamevrede in het Midden-Oosten. Noorwegen, Ierland en Spanje hebben al hetgoede voorbeeld gegeven. Nu sluiten ook het Verenigd Koninkrijk,Frankrijk, Canada, Australië en België zich daarbij aan. Ik heb het overerkenning van de Palestijnse Staat. Wanneer volgt Nederland, zo vraag ikde Minister.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 32539 Tot slot, voorzitter. Ik vind het wel beschamend dat ook deze Ministerweigert om iets bij te dragen aan speciale zorg voor de meest kwetsbarekinderen uit Gaza. Er wordt nog steeds geschermd met «helpen in deregio», maar het is allang duidelijk dat niet iedereen daar geholpen kanworden. Engeland, Ierland, België, Frankrijk, Spanje, Italië, Portugal enNoorwegen, ongeveer heel West-Europa, evacueren al doodzieke enzwaargewonde patiënten naar hun eigen ziekenhuizen. We hebben deruimte en de middelen, dus wat D66 betreft moet Nederland hier zo snelmogelijk bij aansluiten.De voorzitter:Hartelijk dank. Ook u bleef ruim binnen de spreektijd. Fijn. De heerKahraman gaat nu spreken namens de fractie van Nieuw Sociaal Contract.De heer Kahraman (NSC):Dank u wel, voorzitter. De humanitaire situatie in Gaza is catastrofaal envraagt om de broodnodige hulp. Tegelijkertijd raakt de tweestatenop-lossing steeds verder uit zicht, mede door de bouw van illegale nederzet-tingen op de Westelijke Jordaanoever. Toch zien we dat er in de EuropeseUnie opnieuw geen meerderheid is gevonden voor sancties tegen Israël.Dat is geen verrassing. Voormalig Minister Veldkamp concludeerde ditmaanden geleden al. Toch koos het kabinet er destijds voor om opnieuwgeen nationale stappen te zetten en het verwees Veldkamp naar Brussel,waardoor hij noodgedwongen besloot om af te treden. Inmiddels looptook de huidige Minister in de EU tegen dezelfde muur aan. Nu horen wedat er samen met gelijkgezinde landen nationale maatregelen in voorbe-reiding zijn, zoals een verbod op producten uit illegale nederzettingen.Had Minister Veldkamp niet gewoon gelijk? Kan de Minister de Kamerconcreet vertellen hoever deze nationale maatregelen nu zijn?Voorzitter. Dit maakt het des te opvallender dat Commissievoorzitter Vonder Leyen vanochtend in haar Staat van de Unie ineens pleitte voorspecifieke EU-sancties. Voor zover mij bekend, is zij voorzitter van deEuropese Commissie en niet de keizerin van de Verenigde Staten vanEuropa. Zij heeft geen mandaat op het terrein van buitenlands beleid.Maar misschien zit ik ernaast en heeft de Minister ons niet volledigingelicht over het uitblijven van een meerderheid en/of is hij gepasseerddoor de keizerin.De voorzitter:Ogenblik. Volgens mij heeft de heer Boswijk een interruptie. Daarna volgtde heer Paternotte.De heer Boswijk (CDA):Ik vind dit echt een surrealistisch betoog, als u het mij vraagt. Demotie-Piri/Boswijk van november, over het opschorten van het associatie-verdrag, werd ontraden door toenmalig NSC-Minister Veldkamp. Diemotie werd uiteindelijk aangenomen dankzij steun van de VVD. Ik vind hetdus heel bijzonder dat nu de geschiedenis een soort van wordtherschreven en dat wordt gesteld dat NSC en Veldkamp altijd voor waren.Als ze echt extraparlementair waren – dat hebben we in de praktijk nognooit gezien – hadden ze natuurlijk altijd voor moties moeten stemmen,ook al werden die ontraden door het kabinet. De VVD heeft dat een keergedaan – dit is de enige keer dat ik de VVD in dit debat ga verdedigen –maar NSC heeft dat nog nooit gedaan. Een beetje gematigdheid ... Ik benvooral benieuwd naar de reflectie: waarom nu dan wel en een paar wekengeleden nog niet?De heer Kahraman (NSC):Ik weet niet echt waar de vraag betrekking op heeft. Ik geef aan dat ikverbaasd ben dat mevrouw Von der Leyen nu ineens sancties voorstelt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325310 Dat verbaast ons, omdat we altijd terughoren dat er in Europa geenmeerderheid is voor additionele sancties. Dan maak ik het punt dat ik mijerover verbaas dat zij zo vooruitloopt op de troepen. Uiteindelijk is hetecht een nationale bevoegdheid om sancties, met een meerderheid, voorte stellen in de Europese Unie. Nu komt zij als voorzitter met maatregelen,die ik niet begrijp.De heer Boswijk (CDA):Nu snap ik ’m helemaal niet meer. Tijdens het eerste debat met NSC in deoppositie – koud drie dagen zat NSC in de oppositie – vonden ze ineensallemaal dat er maatregelen genomen moesten worden. Nu doet Von derLeyen eindelijk iets, waar inderdaad een meerderheid voor is ... Is NSC ernou blij mee of niet? Nou ben ik het helemaal kwijt.De heer Kahraman (NSC):Ik heb niet gezegd dat ik blij ben met de maatregelen die Von der Leyenvoorstelt. Uiteindelijk kan Von der Leyen geen maatregelen nemen. Als webegrijpen hoe de Europese Unie werkt, weten we dat het verschillendelanden zijn die gezamenlijk, in de persoon van de Ministers van Buiten-landse Zaken, besluiten om sancties op te leggen aan een ander land. Hetis niet aan Von der Leyen om te beslissen of zij sancties wil opleggen ofniet.De heer Paternotte (D66):Ik zou de heer Kahraman willen voorhouden dat ik echt niet snap waar hijmee bezig is. Zijn partij is drie weken geleden uit het kabinet gestapt,omdat ze vond dat er te weinig maatregelen werden genomen tegen deetnische zuivering die in Gaza gaande is. Hij gebruikt hier zijn inbreng inhet debat om een collega aan te spreken op de verkeerde voetnoot bij eenbrief die gevraagd werd of om het te hebben over mevrouw Von derLeyen, omdat zij een mening uit terwijl zij ook anderen nodig heeft omiets voor elkaar te krijgen. Is dit echt wat NSC nu gaat doen? Gaat u dielaatste paar weken die u als Kamerlid heeft in het parlement gebruiken omanderen aan te spreken met de vraag of zij wel de juiste procedurevolgen? U kunt ook iets doen met die negentien zetels om ervoor tezorgen dat er in Gaza iets gaat veranderen, dat we de moordpartij die daargaande is, gaan stoppen. Dat is namelijk waarom uw partij uit het kabinetis gestapt.De heer Kahraman (NSC):Ik heb aangegeven: ik verbaas mij erover hoe Von der Leyen zich opstelt,namelijk als iemand die over Europa regeert. Uiteindelijk zijn het echt deindividuele landen die beslissen. U heeft zelf gezien dat wij moties hebbengesteund om extra acties richting Israël te ondernemen. Dat wil nietzeggen dat Von der Leyen zich zo kan uitspreken zonder dat ze daarvoorrugdekking heeft vanuit verschillende landen.De heer Paternotte (D66):Je mag toch iets vinden? Je mag als voorzitter van de EuropeseCommissie toch wel een mening hebben? Ze wordt besteld om elk jaar tevertellen over de Staat van de Europese Unie. Het is bekend dat deEuropese Unie – dat is allang bekend gemaakt, ook door de HogeVertegenwoordiger – graag wil dat het Horizon-programma wordtopgeschort. Dan mag de voorzitter van de Europese Commissie toch weleen mening hebben? Ik begrijp echt niet dat u uw spreektijd in dit debatniet benut om aan de Minister te vragen wat hij gaat doen, maar dat u eenaanval inzet op mevrouw Von der Leyen, die daar waarschijnlijk nulkomma nul in geïnteresseerd zal zijn.De heer Kahraman (NSC):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325311 Laat ik het nog een keer duidelijk maken. Ik heb hier niet willen betogen ofik voor of tegen sancties ben. We hebben zelfs moties van partijengesteund. We hebben zelfs nationale sancties gesteund. Mij gaat het eromdat ik vind dat Von der Leyen echt voor de muziek uit loopt. Daar heb ikeen punt van willen maken.De heer Van der Burg (VVD):Ik sluit niet uit dat ik straks, wanneer ik het woord ga voeren, de nodigebakstenen dan wel tomaten ga koppen, virtueel uiteraard.De voorzitter:Zeker, want dat zou ik niet toestaan.De heer Van der Burg (VVD):Maar dit gaat ook voor mij een beetje te ver, dus ik moet wel interrum-peren. Was het niet zo dat het kabinet, bij monde van de voormaligeMinister van NSC namens het hele kabinet, waar ook mijn club invertegenwoordigd is, zeg ik er maar alvast bij, er juist steeds op heeftaangedrongen en zei: we proberen het Europees; anders proberen wekopgroepen en ten slotte komen we toe aan nationaal, want nationaalheeft minder effect dan Europees? Dat stond nota bene steeds in mijneigen moties en dat was de lijn van NSC. Dat is wel het verhaal van mijgeweest de afgelopen tijd, maar ook van het kabinet ...De voorzitter:En uw vraag?De heer Van der Burg (VVD):... onder leiding van de prominente NSC’ers. Het lijkt nu alsof NSC metterugwerkende kracht op de lijn zit van Partij voor de Dieren,GroenLinks-PvdA et cetera, zo van: we hadden het altijd nationaal moetenregelen, want Europa gaat er niet over. Daar moet u toch echt meer overzeggen.De heer Kahraman (NSC):Ik heb niet gezegd ... Europa gaat er inderdaad niet over. De nationalestaten gaan over welke sancties zij willen invoeren. Het wordt doorEuropa gefaciliteerd. Ik ben van mening dat Von der Leyen nu echt voorde muziek uit loopt. Ze had echt eerst een Raad Buitenlandse Zakenmoeten afwachten om te horen of er een meerderheid voor was. Ik snapdat ze nu misschien in één keer voor is, terwijl haar Hoge Vertegenwoor-diger ... Ik vind dat ze nu net een beetje te ver voor de muziek uit isgelopen. Dat zegt niks over of ik die sancties wel of niet zou steunen. Mijgaat het erom hoe we in Europa met elkaar omgaan. Daar is gewoon eenbepaalde ... Onze Ministers van Buitenlandse Zaken bepalen of er sanctiesworden ingevoerd of niet. Dat doet de voorzitter van de EuropeseCommissie niet.De voorzitter:De heer Van der Burg. Graag wat korter. Denk aan de 40 secondenregel.De heer Van der Burg (VVD):Oké, voorzitter. En anders besef ik dat het me twee interrupties heeftgekost. Even los van het feit dat Von der Leyen volgens mij partijgenoot isvan de heer Kahraman, dus ook die zin namens zijn partij in Europa zit ...De Europese Commissie, dus ook de voorzitter van de EuropeseCommissie, mag toch voorstellen doen aan de Europese Raad en aan hetEuropees Parlement? Dat is toch wat Von der Leyen doet? Dat kunt u tochonmogelijk niet vinden kunnen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325312 De heer Kahraman (NSC):Ik ben echt van mening... Wij hebben altijd van de Ministers gehoord dater in Europa geen steun is voor extra sancties; zelfs de Hoge Vertegen-woordiger heeft nooit die voorstellen gedaan. Nu komt Von der Leyenvanuit het niets met voorstellen. Dat is de verbazing die ik nu opwerp. Ikbegrijp echt niet waarom de heer Van der Burg ... Von der Leyen stelt ietsvoor. Ik ben benieuwd hoe de Minister erin zit en of hij alle voorstellen vanVon der Leyen gaat steunen. Dat is, denk ik, heel belangrijk. Dat is detweede vraag, maar die ga ik straks ook aan de heer Van der Burg stellen.Hij is zo verbaasd en vindt dat Von der Leyen alles mag zeggen en allesancties mag voorstellen. Die vraag krijgt de heer Van der Burg straks nogvan mij. Maar voor mij is het echt een verbazing. Ik hoor altijd: er is inEuropa gaan steun. De Hoge Vertegenwoordiger heeft nooit voorstellengedaan voor extra sancties tegen Israël. En nu krijg ik in één keer eenverwijt van mijn collega’s. Waarom? Omdat ik vind dat Von der Leyenvoor de muziek uit loopt. Ik ben heel benieuwd wat deze Minister ... Ikhoop dat deze Minister zegt: ik steun helemaal de lijn van Von der Leyen;het is helemaal terecht dat zij zonder overleg met de Ministers voorstellendoet, dat zij die lanceert.De voorzitter:De heer Van der Burg nog.De heer Van der Burg (VVD):Laat ik nou toch menen dat Kallas wel degelijk haar tienpuntenplan heeftneergelegd, wat je als voorstellen zou kunnen zien. Maar die zijn NSCblijkbaar ontgaan. Dat verrast mij, want daar hebben we het volgens mijin een debat over gehad. Ik vind het volstrekt normaal dat de EuropeseCommissie voorstellen doet. Verder zie ik met angst en beven de vragenvan de heer Kahraman tegemoet.De voorzitter:De heer Kahraman nog?De heer Kahraman (NSC):Ik heb geen vragen gehoord.De voorzitter:Nee, meneer Mohandis, de heer Kahraman is nog niet klaar met zijnbetoog. U wacht dan nog even met uw interruptie? Oké. De heerKahraman gaat verder met zijn betoog.De heer Kahraman (NSC):Voorzitter. Naast de druk op Israël moeten ook de sancties tegen Hamasworden losgekoppeld van die van Israël om in ieder geval hiervoor eenmeerderheid in de EU te vinden. Hamas is een bloeddorstige terreurorga-nisatie, die keihard moet worden aangepakt. Daarom pleitten wij alsNieuw Sociaal Contract al in de zomer voor meer druk op landen dieHamasterroristen huisvesten, zoals Qatar en Turkije. Met name Qatar biedtal jaren onderdak aan Hamaskopstukken. Waarom blijft de EU daarover zostil? Als de internationale gemeenschap direct na 7 oktober in Qatar hadaangedrongen op uitlevering van deze leiders, was de oorlog misschienbeëindigd. Graag een antwoord van de Minister.Voorzitter. Tegelijkertijd vinden wij de recente Israëlische aanvallen opHamasterroristen in Qatar onverstandig en onverantwoord, juist vanwegede lopende onderhandelingen over een staakt-het-vuren. Dit brengt ookde vrijlating van de Israëlische gijzelaars in de horrortunnels van Hamasniet dichterbij. Ik had beloofd dat ik elk debat aandacht zou vragen voor degijzelaars. Deze personen zijn alweer bijna 700 dagen geleden in gijzelingTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325313 genomen door Hamas. Kan de Minister aangeven wat wij als Nederlanden EU doen om hen vrij te krijgen?Voorzitter. Nederland kan niet ieder conflict in de wereld oplossen.Daarom pleit NSC voor beschaafde debatten zonder haat en polarisatie ofde illusie dat een motie uit deze Kamer een oorlog op ruim vijf kilometervliegen kan stoppen.Ik wil afsluiten met een vraag met betrekking tot Minister Veldkamp. Hijzette zich met hart en ziel in voor hulp aan de bevolking van Gaza. Het ispijnlijk om te zien dat organisaties als Oxfam Novib hem publiekelijkaanvielen in de dehumaniseringscampagne en zelfs ambtenaren vanBuitenlandse Zaken hem nog na zijn aftreden een spreekwoordelijk mes inde rug staken. Graag hoor ik de reactie van de Minister hierop.Dank u wel, voorzitter.Mevrouw Dobbe (SP):Dank u wel voor dit interessante betoog van het zeer eurokritische NSC.Toen wij de vorige keer een debat hierover hadden, is Minister Veldkampopgestapt en zijn alle NSC-bewindspersonen uit het kabinet gestapt. Hetkabinet is nog een keer gevallen, want «er waren nationale maatregelennodig». Wij zaten dus klaar. Er werd gestemd over nationale maatregelenen NSC heeft effectief gestemd voor medische evacuaties en voor ietsdoen met de illegale nederzettingen en de handel daarnaartoe endaarvandaan. Dat moet dus wel heel belangrijk zijn geweest, want daar ishet kabinet nog een keer op gevallen. Nu hoor ik meneer Kahraman daarniet over vertellen. Hij vraagt er niet meer om. Ik vraag mij af hoe we datmoeten duiden. Maar ik vraag mij ook het volgende af. Dit kabinet isblijkbaar niet voornemens om iets op deze punten te doen. Wat betekentdat nu voor NSC? Welke gevolgen zou dat moeten hebben? Het isnamelijk blijkbaar zo ontzettend belangrijk voor NSC.De heer Kahraman (NSC):Mevrouw Dobbe vraagt waarom ik niet vraag naar de extra maatregelenwaar Minister Veldkamp voor pleitte. Ik kan een van mijn vragen letterlijkvoorlezen: kan de Minister de Kamer concreet vertellen hoever dezenationale maatregelen zijn? Volgens mij zijn dat precies de maatregelendie de heer Veldkamp voorstelde, waar hij geen goedkeuring voor kreeg inhet kabinet. Ik heb dus wel degelijk gevraagd: hoever is het huidigekabinet met die nationale maatregelen?Mevrouw Dobbe (SP):Het hele probleem was natuurlijk dat Veldkamp nooit nationale maatre-gelen had voorgesteld. Maar welke nationale maatregelen zijn dan zoontzettend belangrijk volgens NSC? Er wordt nu gezegd: er moetennationale maatregelen genomen worden. Maar moeten er dan medischeevacuaties komen? Moeten we iets doen met de nederzettingen? Wat is ernou zo belangrijk voor NSC? Blijkbaar was het allemaal zo cruciaal dat zeuit het kabinet zijn gestapt. Wat moet er dus gebeuren volgens de heerKahraman?De heer Kahraman (NSC):Volgens mij hebben wij een aantal moties gesteund in een vorig debat.Een van die moties was om twee Ministers te sanctioneren. Een anderemotie was om nationale sancties te verbinden aan producten uit bezettegebieden. Dat waren de voorstellen die wij hebben gesteund en die wijgraag door dit kabinet genomen zien worden.De voorzitter:De heer Van der Burg. Dit wordt uw laatste interruptie.De heer Van der Burg (VVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325314 De heer Kahraman zegt: «Wij zijn uit het kabinet gestapt. Wij wildennamelijk extra dingen. Wat wilden wij? Het op de sanctielijst zetten vantwee Ministers en wetgeving met betrekking tot de nederzettingen.» Dat isexact wat de VVD wil. Mijn collega’s hier zullen getuigen dat de VVD voorwas als het gaat om die twee Ministers, en dat het ook in de motie-Vander Burg zat, los van de termijnen. Zou dan toch niet gelden dat u omniets uit het kabinet bent gestapt? Of heeft u nog een rijtje met vijf puntendie wel de reden waren? De twee punten die u noemt als reden waaromNSC uit het kabinet is gestapt, zijn precies de punten waarvan iedereen«daar was ook de VVD voor» of «daar was zelfs de VVD voor» zegt,afhankelijk van de partij.De heer Kahraman (NSC):Ik begrijp de heer Van der Burg echt niet. Ik zal proberen straks de heerVan der Burg te bevragen met betrekking tot het sanctioneren vanproducten uit bezette gebieden. Bij mijn weten heeft de VVD gewoon bijde vorige stemmingen daartegen gestemd. Als de heer Van der Burg nudoet alsof hij het met alle sancties eens is, ben ik heel benieuwd of hijstraks de Minister gaat oproepen om per direct maatregelen te nemen omproducten uit bezette gebieden op een sanctielijst te zetten. Maar dat ga ikde heer Van der Burg straks vragen.De voorzitter:De heer Mohandis. Wilt u interrumperen, ja of nee? Ja.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Ik heb een hele korte vraag. Het verhaal van NSC rammelt echt. Ik probeerhet te snappen, maar ik snap het nog steeds niet. U bent uit het kabinetgestapt. Wat stelt u nog meer voor ...De voorzitter:U zei «u», maar ik ben niet de heer Kahraman.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Via u, voorzitter: wat stelt NSC nou precies extra voor aan maatregelen? Ikbedoel dat heel concreet, aanvullend op de reden waarom u uit hetkabinet bent gestapt. Dit kan het toch niet zijn? Het is zo dun, zo zwak enzo niet onderbouwd.De heer Kahraman (NSC):De heer Mohandis mag zelf bepalen of dit zwak is of niet. Ik denk dat heteen druppel was. Er zijn vaker afspraken gemaakt die niet zijn nagekomen.Dit was, denk ik, de druppel voor de Minister, die zegt: ik wil als Ministereen aantal extra stappen nemen, maar ik krijg die ruimte niet. Daarom ishij eruit gestapt. Dat begrijp ik. Ik begrijp dat het een persoonlijkeafweging was van de Minister. Wij hebben als NSC gestemd voormaatregelen om producten te sanctioneren. Daar was helaas geenKamermeerderheid voor. Wij wilden wel een extra stap nemen. Alleen,daar is gewoon geen meerderheid voor gekomen in de Kamer.De voorzitter:Dan nog een interruptie van de heer Van Baarle.De heer Van Baarle (DENK):Het gaat mij om de geloofwaardigheid van NSC en de heer Kahraman.NSC is een politieke partij die een aantal weken terug aangaf dat het feitdat de mensen in Gaza in een diepe, diepe, diepe crisis zitten, voor hemeen rode lijn was om uit het kabinet te stappen. Alle debatten die we ernagehad hebben, laat NSC totaal niks zien aan maatregelen en sancties omdaar wat aan te doen. Aan de ene kant is het een hele grote broekTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325315 aantrekken en een hele grote mond hebben, maar vervolgens is het nietthuisgeven. Dan is de heer Kahraman, samen met NSC, toch hettoonbeeld van politieke onbetrouwbaarheid en hypocrisie?De heer Kahraman (NSC):Laat ik even rustig beginnen. Ik denk dat de heer Van Baarle niet heeftbegrepen waar Minister Veldkamp mee zat. Minister Veldkamp wildeinderdaad ... Ik ben het met de heer Van Baarle eens dat het niet helegrote stappen waren die de Minister wilde zetten. Nu gaat u MinisterVeldkamp, die een stap wilde nemen ... Laat ik even een stap noemen metbetrekking tot het besluit van de Israëlische regering ten aanzien vanE1-nederzettingen. Minister Veldkamp wilde een stap zetten om productenuit die nederzettingen te sanctioneren. Ik ben het ermee eens dat het geengrote stappen waren. Alleen, hij kreeg geen ruimte om dat ene stapje tenemen. Het is een persoonlijke overweging van de Minister geweest omeruit te stappen, maar hij vond dat hij niet kon blijven als hij dat stapje alniet mocht nemen.De heer Van Baarle (DENK):Afrondend. Dit is gewoon het belazeren van de mensen in het land. Ik hebop de dag dat het kabinet voor de tweede keer viel, NSC-Kamerledenhoren zeggen dat dit voor NSC een rode lijn is, dat ze een rode lijn wildentrekken vanwege de ellende die de mensen in Gaza overkomt. Hier, in ditdebat, hoor ik diezelfde NSC-fractie een vertegenwoordiger van deEuropese Unie onder uit de zak geven omdat zij maatregelen tegen Israëlvoorstelt, terwijl de NSC-fractie in haar eigen bijdrage helemaal niksvoorstelt om de regering-Netanyahu onder druk te zetten. Dan belazer jede boel! Blijkbaar is de stap die NSC deed voorkomen als een heelprincipiële alleen maar gebaseerd geweest op beeldvorming, op hetverplaatsen van lucht. Ik vind dat echt een schande.De heer Kahraman (NSC):Ik begrijp de heer Van Baarle echt niet. Er was een Minister die een stapwilde nemen richting Israël, die geen ruimte kreeg van zijn collega’s endie zei: ik trek hier een lijn; ik treed af. De heer Van Baarle zou hemmoeten prijzen. Hoe klein die stap ook was, zelfs voor zo’n kleine stapkreeg hij geen ruimte. Ik snap dat u veel verder wil, maar deze voormaligeMinister wilde een kleine stap, kreeg die ruimte niet, maakte eenpersoonlijke afweging en zei: ik geef mijn verantwoordelijkheid terug en iktreed af. In plaats van hem te prijzen omdat hij een stap wilde nemen, zegtde heer Van Baarle nu dat het verplaatsen van lucht is. Ik vind het echtbeschamend om dat te horen. Die Minister heeft zijn best gedaan voorstappen om Israël te bewegen tot andere maatregelen. Ik snap dat de heerVan Baarle heel veel andere stappen had willen nemen, maar dit was eenMinister die een volgende stap wilde nemen en daar de ruimte niet voorkreeg.De voorzitter:Oké, volgens mij hebben we dit afdoende besproken. Of wil mevrouwKoekkoek nu toch ook nog een vraag stellen? Maar dan wel graag eennieuwe vraag, want ik proef enige herhaling.Mevrouw Koekkoek (Volt):Dat snap ik. Ik zit ook met verbazing te luisteren. De vraag is: waarom isNSC hier gekomen? Is dat om zijn gram te halen voor Minister Veldkamp?Of is dat om echt iets te doen aan de catastrofale situatie in Gaza? Dievraag die ik wil stellen – dat is hopelijk een nieuwe vraag, voorzitter – isdeze. Ik hoor de heer Kahraman net zeggen: ik heb zelf gevraagd naar denationale maatregelen. De Minister heeft een brief gestuurd. Het kabinetheeft een brief gestuurd. Wat staat er dan in die brief waarvan de heerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325316 Kahraman zegt: daar haal ik de overtuiging uit dat er wordt gewerkt aanmaatregelen die voor NSC voldoende zijn om het gevoel te hebben dat weecht iets aan doen aan de catastrofale situatie in Gaza?De heer Kahraman (NSC):Ik heb de Minister gewoon een aantal vragen gesteld. Ik werd net ookdoor iemand hierop bevraagd. Ik heb gezegd: ik wil van de Minister wetenwelke stappen hij neemt. De motie van de VVD zegt: we willen parallelnationale sancties. Ik wil van de Minister weten of hij al stappen heeftgenomen. Welke concrete stappen heeft hij genomen om die nationalesancties op te starten?Mevrouw Koekkoek (Volt):De vraag is heel simpel. Het kabinet stuurt voorafgaand aan een debat eenKamerbrief over de uitkomsten van de Raad die net geweest is. Dan vindje daar als politieke partij toch wat van? Mijn vraag aan NSC is: wat staater in de brief van het kabinet waaruit NSC de overtuiging haalt dat we nuinderdaad iets gaan doen aan de catastrofale situatie in Gaza? Als ik diebrief lees, zie ik daar niets nieuws in staan ten aanzien van drie wekengeleden. Waaruit haalt NSC dan de overtuiging dat er nu wel iets gebeurt?De heer Kahraman (NSC):De interpretatie van mevrouw Koekkoek, dat ik vind dat er nu wel watgebeurt, heb ik nooit uitgesproken. Ik heb zelfs uitgesproken dat dezeMinister tegen dezelfde muur aan is gelopen als de vorige Minister. Dat isvolgens mij een duidelijke uitdrukking van het feit dat ik ook niet vind dater iets is gebeurd. Ik vraag de Minister of hij concreet kan vertellen hoeverhij is met nationale maatregelen. Hij is in Europa inderdaad tegen eenmuur aangelopen. Hij wist dat die muur er stond, maar prima dat eenvolgende Minister weer tegen diezelfde muur aan wil lopen. De Ministerzei ook: ik ga het eerst Europees proberen; als het niet lukt, ga ik nationaaldingen proberen. Ik heb letterlijk gevraagd: kan de Minister concreetvertellen welke nationale stappen hij heeft genomen om maatregelen tenemen tegen Israël?De voorzitter:Oké, dan gaan we verder. Dat is met de heer Van Baarle, die namens defractie van DENK zijn inbreng gaat houden.De heer Van Baarle (DENK):Dank u wel, voorzitter. De Israëlische agressie in het Midden-Oosten isillegaal en misdadig, en moet onmiddellijk gestopt worden. Israël heeftGaza, de Westelijke Jordaanoever, Libanon, Syrië, Jemen, Iran, Tunesië engisteren ook Qatar aangevallen. Allemaal aanvallen van het misdadigezionistische regime, die tekenend zijn voor hoe dit regime de regio inellende stort. Kan de Minister hier onomwonden zeggen dat Israël zichschuldig maakt aan het misdrijf van internationale agressie tegen Qatar?Waarom horen we alleen slappe zorgen en afkeuring, maar kwalificeert deregering dit niet als agressie? Kan de Minister erkennen dat Israël de regioin een spiraal van geweld stort en dat Israël niet straffeloos lukraak anderelanden mag bombarderen?In Gaza gaat Israël ook ongehinderd door met de genocide die het pleegtop de Palestijnen. Israëlische bewindspersonen delen met trots de video’svan flatgebouwen in Gaza die met Israëlische raketten worden verpulverd.Huizen, gebouwen, hele woonwijken, dorpen en steden worden systema-tisch door Israël vernietigd. Israël creëert doelbewust de omstandighedendie gericht zijn op de fysieke verwijdering en vernietiging van Palestijnenin Gaza. Tegelijkertijd blijven Nederland en de EU wegkijken en nietsdoen.Door dit nietsdoen is Nederland medeplichtig. Het negentiende Europesesanctiepakket tegen Rusland staat al in de steigers, maar tegen IsraëlTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325317 wordt niet één noemenswaardige strafmaatregel genomen die Netanyahudaadwerkelijk onder druk zet. Als Rusland scholen en ziekenhuizenaanvalt, wordt dat terecht «misdadig» genoemd in Brussel, maar als deIsraëlische regering een genocide pleegt en hetzelfde doet, wordt Israëlnog steeds «een bondgenoot» genoemd. Waarom nog steeds dieverschrikkelijke dubbele maat? Hoe kan het dat Europa al die tijdbesluiteloos en tandeloos toekijkt hoe de Palestijnen worden uitgemoord?Welke nieuwe Europese maatregelen gaat deze Minister bepleiten? En hoegaat hij hiervoor draagvlak organiseren?Wat ons betreft neemt Nederland nu de meest scherpe nationalemaatregelen, nu Europa blijft wegkijken. Gaat de Nederlandse regering nueindelijk een volledig wapenembargo tegen Israël aankondigen? Gaat deregering toegang tot Nederland verbieden voor alle personen die opwelke manier dan ook betrokken zijn bij mensenrechtenschendingentegen Palestijnen? Is de regering bereid om geen wapens meer van Israëlte kopen? Is de regering bereid om alle culturele en universitairesamenwerking met Israël te stoppen en ervoor te zorgen dat Israël wordtuitgesloten van sportevenementen? Gaat de regering alle leden van deregering-Netanyahu tot persona non grata verklaren en hun tegoedenbevriezen? Of het Nederlands luchtruim sluiten voor vluchten metdefensiemateriaal naar Israël? Of schepen met brandstof of wapens voorhet Israëlische leger weren uit Nederlandse havens? Wanneer gaat u noueindelijk dat importverbod instellen op producten uit illegale Israëlischenederzettingen in het bezette gebied van Palestina? Of de financiële steunaan UNRWA verhogen? Wanneer gaat Nederland eindelijk de PalestijnseStaat erkennen? Is de Minister bereid dit allemaal te doen? Beseft hij dathij als hij deze dingen niet doet, Nederland diep maar dan ook diepmedeplichtig blijft aan de Israëlische misdaden? DENK blijft dan ook vanmening dat deze Minister en zijn collega’s in het kabinet vervolgd zoudenmoeten worden voor een ambtsmisdrijf.Voorzitter. Ik wil ook stilstaan bij de ongekende slachting van hulpver-leners in Gaza en bij de kinderen in Gaza die een medische evacuatienodig hebben. Weet de Minister dat alleen al van de Palestijnse RodeHalve Maan minstens 56 hulpverleners zijn vermoord door Israël? En ishet hij het met ons eens dat er onafhankelijk onderzoek moet komen naarhet bloedbad dat Israël aanricht onder hulpverleners, zodat de dadersbestraft worden? Waarom blijft dit kabinet volharden in het weigeren omkinderen uit Gaza te evacueren voor een medische behandeling, terwijlhet kabinet zelf toegeeft dat er in de regio onvoldoende capaciteit is? Alsje dat doet, laat je kinderen die behandeling nodig hebben willens enwetens creperen. Dat is een onmenselijk standpunt.Voorzitter. De visie van DENK is bekend. Wij vinden dat de Israëlischeregering een apartheidsregering is die met geweld gevestigd is. Wij zijnvoor één staat, met gelijke rechten voor iedereen. Die staat heet Palestina.Dank, voorzitter.De voorzitter:Dank voor uw inbreng. De heer Boswijk gaat nu spreken namens defractie van het CDA.De heer Boswijk (CDA):Dank u wel, voorzitter. Herman Tjeenk Willink omschreef het afgelopenweekend treffend in een opiniestuk in NRC. Wie naar Gaza kijkt, ziet meerdan oorlog. We zien een vernietigingsproces dat niet alleen zorgt voorenorm veel leed en dat talloze levens kost, maar dat ook de kern van onzeinternationale rechtsorde aantast, en daarmee ons eigen gezag alsdemocratische rechtsstaat. Het uitblijven van duidelijke maatregelentegen het Israëlische geweld in Gaza vergroot niet alleen het leed daar,maar ook de twijfel hier. Hoe serieus nemen we onze eigen beginselen,zoals internationale rechtsorde? Hoe geloofwaardig zijn wij als weTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325318 Rusland aanspreken, terecht, op de mensenrechtenschendingen, maar wede regering-Netanyahu maar laten begaan?Voorzitter. De regering-Netanyahu zal het beleid niet uit zichzelf stoppen;dat weten we inmiddels. Tegendruk is daarvoor nodig: harde maatregelen,niet alleen woorden. Want alleen als ook vrienden van Israël de alarmbelluiden, kan er een koerswijziging komen. In het licht daarvan is mijn eerstevraag aan de Minister: hoe zijn de contacten met de Amerikanen? Ik vindnatuurlijk dat Nederland en Europa moeten optreden, maar eerlijk iseerlijk: het is natuurlijk van groot belang wat Amerika gaat doen. Hoe ishet met die lobby? Is die lobby er überhaupt?Voorzitter. De Minister schrijft terecht dat Israël nog steeds niet voldoetaan de met de EU overeengekomen afspraken om de humanitaire situatiein Gaza te verbeteren. Kan deze Minister in de eerste plaats ingaan op watzijn inzet zo snel mogelijk zou zijn, deze week nog, die kan bijdragen aanhet verlichten van het humanitaire leed? De tijd tikt weg, het leed neemttoe en de tweestatenoplossing raakt steeds verder weg en daarmee ookeen duurzame vrede voor Israël.In het verslag over de informele Raad Buitenlandse Zaken schrijft deMinister dat hij conform de aangenomen motie-Van Campen/Boswijkwerkt aan nationale maatregelen tegen de invoer van producten uitonrechtmatige of illegale nederzettingen in door Israël bezette gebieden.Wat is de stand van zaken hiervan? Deze motie ligt al maanden stof tehappen. Met welke gelijkgezinde landen binnen Europa trekt de Ministerop?Voorzitter. Wat het CDA betreft zetten we nog verdere stappen tegen deregering-Netanyahu. Alle leden van de regering zouden een inreisverbodmoeten krijgen. Het handelsgedeelte van het associatieakkoord moetworden opgeschort. Het positieve is dat Von der Leyen daar nu iets overzegt. Tegelijkertijd zijn we ook zo reëel dat we weten dat een meerderheidvan de EU-lidstaten nog niet zover is. Hoe kijkt de Minister naar dezerecente ontwikkelingen? Welke van deze maatregelen kan Nederlandnemen samen met gelijkgezinde landen zolang niet alle EU-landen hiertoewillen overgaan? Graag ook de reactie van de Minister op de medischeevacuaties. Als wij nu niets doen, verspelen we straks ons laatste restjemoreel gezag in de wereld. Dan verdedigen we straks wel ons eigengrondgebied met wapens, maar is er niets meer te verdedigen: geenwaarde, geen geloofwaardigheid, geen rechtsorde.Voorzitter, ten slotte. Tijdens het laatste debat dat we over Gaza hebbengevoerd zijn er ook moties aangenomen waarin werd verzocht ommaximale druk te zetten middels aanvullende sancties tegen Hamas-leiders en landen die bescherming geven of bijstand bieden aan dezeleiders en het net van Hamas. Hoe is de Minister van plan deze moties uitte gaan voeren?Dank u wel.De voorzitter:Heel fijn. De heer Van der Burg gaat nu spreken namens de VVD-fractie.De heer Van der Burg (VVD):Voorzitter, dank u wel. Hoewel wij hier het verslag bespreken van de RaadBuitenlandse Zaken begin ik met een tweetal actualiteiten, waarvan er eenmeteen aansluit op datgene dat we hier bespreken.De eerste is natuurlijk de actualiteit van hedenochtend in Polen, waar wenegentien schendingen hebben gehad van het luchtruim. Het is belangrijkdat het kabinet meteen steun heeft uitgesproken richting Polen, maar hetis ook belangrijk dat wij als Kamer via deze Minister ook onze steunuitspreken aan de mannen en vrouwen die vanochtend hebben geholpenniet alleen Polen te verdedigen, maar daarmee ook de vrijheid vanEuropa. Het is ook belangrijk om dat hier aan te geven.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325319 Een tweede actualiteit, die raakt aan het onderwerp van vandaag, is deaanval van de Israëlische luchtmacht in Qatar. Het moge duidelijk zijn:heel veel landen hebben dit veroordeeld. Zelfs Trump heeft dit veroor-deeld, wat toch wel een belangrijk signaal is. Ik vind het ook goed dat hetkabinet er ook nadrukkelijk afstand van heeft genomen. In zijnalgemeenheid geldt natuurlijk het uitgangsbeginsel dat de soevereiniteitvan landen gewaarborgd dient te worden. Die is hier nadrukkelijkgeschonden. Dat was in mijn ogen anders bij de aanval op Iran – daarhebben we eerder een discussie over gehad – omdat je daar echt zag dater sprake was van een reactie op aanvallen gecoördineerd vanuit Iran.Maar Qatar speelt die rol niet. Sterker nog, Qatar speelt de rol vanfacilitator van de onderhandelingen die moeten plaatsvinden. Los daarvanen los van wat ik vind van Hamas, een verderfelijke organisatie dieuitgeschakeld dient te worden: onderhandelaars moet je nooit aanvallen,want dan kun je niet meer onderhandelen en we moeten toch zo snelmogelijk naar een staakt-het-vuren toe. Ik hoor in dit debat graag ookdaarop de reactie van deze Minister.Een andere actualiteit was natuurlijk de speech van Von der Leyenvandaag. Oekraïne laat ik vandaag voor wat het is, want daar spreken wemorgen over in een apart debat. Von der Leyen deed ook de nodigevoorstellen met betrekking tot Israël. De heer Kahraman begon er al over.Zo had ze het over het veroordelen van het nederzettingenbeleidaangaande E1-gebieden. Ze had het over de veroordeling van definanciële verstikking van de Palestijnse Autoriteit, die op dit moment nietals autoriteit functioneert, maar in ieder geval door de meeste landenwordt gezien als de autoriteit die verantwoordelijk is voor de Palestijnsegebieden. Ze kondigde ook aan de bilaterale steun on hold te zetten. Zehad het over de twee extremistische Ministers op de sanctielijst zetten,wat u per vandaag al heeft gedaan. Ik kom zo nog met een vraagdaarover. Ze had het over het aanpakken van gewelddadige kolonisten,het gedeeltelijk stopzetten van onderdelen van het associatieverdrag enhet oprichten van een Palestine Donor Group. Voordat de heer Kahramandaaraan een interruptie opoffert: dit lijken mij allemaal goede voorstellenvan Von der Leyen. Ik hoor graag de reactie van de Minister, omdat deMinister in de brief van gisteren een deel van wat Von der Leyen hiervoorstelt al min of meer benoemde, maar een deel ook niet. Dat kon ookniet, want Von der Leyen deed vandaag pas haar verhaal.Dat gezegd hebbende is het natuurlijk teleurstellend dat de RBZ-Raad niettot eenheid kwam. De motie-Van der Burg en de motie-Paternotteonderscheidden zich door de stappen. Eén: kijken of je eenheid kuntkrijgen op Europees niveau in de RBZ-Raad. Twee: via de kopgroep. Drie:komen met wet- en regelgeving voor producten uit illegale nederzet-tingen. Die derde stap ging in de laatste motie-Van der Burg simultaan enin de motie-Paternotte stond dat meteen. Feitelijk zijn de wensen vanPaternotte en Van der Burg in die twee moties nu materieel, niet officieel,in elkaar geschoven. Het is wat raar om over jezelf in derde persoon tepraten, maar het gaat natuurlijk over die twee moties. Goed dat hetkabinet daarmee aan de gang gaat, maar gezien het feit dat de heerPaternotte en ik het er nu over eens zijn dat Europa achterhaald is alsvariant en gezien het feit dat de heer Paternotte het met mij eens is om inde kopgroep met landen als Zweden en andere landen te kijken wat jeverder kunt doen, ben ik het ook weer eens met de heer Paternotte dat ernu wel tempo gemaakt moet worden met die nationale acties. Metmeerdere sprekers voor mij vraag ik u dus niet alleen om actie te maken,maar ook om aan te geven wanneer wij resultaten kunnen verwachtenwat betreft het op de sanctielijst zetten van de producten die uit illegalenederzettingen komen.Ik zwijg even, want ik zag mijn broeder Paternotte bewegen.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325320 U heeft eigenlijk ook nog maar negen seconden spreektijd, dus als ustraks nog wilt afronden, dan weet u dat u niet zo veel tijd meer heeft. Deheer Paternotte voor een interruptie.De heer Paternotte (D66):Nee, ik wil even een persoonlijk feit maken omdat mijn naam een paarkeer genoemd is. Dat mag natuurlijk, maar er wordt een totaal verkeerdeweergave gegeven van wat ik heb gezegd. Ik heb er drie weken geledennamelijk voor gepleit om een nationaal handelsembargo in te voeren. Omhet in te voeren, dus niet om te gaan praten met andere landen of eenkopgroep of wat dan ook. Nee, om dat als Nederland in te voeren, zoalsSlovenië en Ierland hebben gedaan en zoals België inmiddels ook gaatdoen. Dat was mijn voorstel toen. Het voorstel van de heer Van der Burgwas om eerst allerlei andere dingen te gaan doen en het daarna te gaanoverwegen. Dat was het grote verschil. Hij heeft om 0.15 uur de tekst indie motie gewijzigd naar «simultaan voorbereiden», maar ik denk dat ernogal een verschil zit tussen iets doen en iets misschien ooit in detoekomst doen.De voorzitter:Dit was een persoonlijk feit van de heer Paternotte. De heer Van der Burgmag daarop reageren.De heer Van der Burg (VVD):Ik heb niet de suggestie willen wekken dat er geen verschil was tussen dietwee moties toen. Ik probeerde alleen aan te geven – misschien heb ik medaarin niet goed uitgedrukt – dat ik die verschillen kleiner zag worden,aangezien die Europese stap nu is weggevallen, aangezien niemand vande sprekers vóór mij, zeg ik erbij tegen de heer De Roon en de heerStoffer, er bezwaar tegen heeft om ook te kijken wat je op kopgroepniveaukan doen en aangezien tegelijkertijd de stappen moeten worden gezet alshet gaat om een nationale inzet. Dat is wat ik feitelijk heb bedoeld tezeggen, niet dat de heer Paternotte en ik hetzelfde voorstel haddenneergelegd in de vergadering van tweeënhalve week of drie wekengeleden. Dat is mijn reactie op het persoonlijk feit van de heer Paternotte.De voorzitter:Dat is nu opgehelderd. Is er nog een interruptie? Ja. Dan krijgt de heerPaternotte de gelegenheid om een interruptie te plaatsen.De heer Paternotte (D66):Dan heb ik een interruptie, voorzitter. We zijn steeds op zoek naar eenantwoord op de vraag of we nou iets gaan doen. Drie weken geledenwerd inderdaad gezegd dat we heel dicht bij elkaar zitten, dus dan denk je:oké, dan gaan er dus heel snel alsnog maatregelen komen. We zijn drieweken verder. Er zijn verschrikkelijke dingen gebeurd in de tussentijd. InGaza-Stad zijn tientallen flatgebouwen ingestort, kapotgebombardeerd.Gaan we iets doen? De vraag is of de heer Van der Burg er nu voor is datNederland zo snel mogelijk zelf dat nationale handelsembargo tegen deillegale nederzettingen invoert.De heer Van der Burg (VVD):Ja.De voorzitter:Heeft de heer Paternotte nog een vervolgvraag? Zo niet, dan ga ik doornaar de heer Kahraman en daarna naar de heer Mohandis.De heer Paternotte (D66):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325321 Dan hebben we nu in ieder geval nieuws, want dit was drie wekengeleden nog niet zo. Laten we dat ook vaststellen. Het was ook niet zo inde brief van de Minister. Die schrijft namelijk nog steeds «we zijn aan hetwerken aan». Vandaag is het eerste moment dat de VVD zegt: ja, wij willendat Nederland zo snel als maar kan – volgens Minister Veldkamp kon hetonder de Sanctiewet ongeveer meteen – een handelsembargo instelt voorde illegale nederzettingen. Ik ben heel blij dat dat nu kan. Als dat drieweken geleden was gebeurd, was het kabinet misschien niet gevallen –voor de tweede keer gevallen, moet ik zeggen; je moet altijd precies zijn –maar het is in ieder geval goed dat we deze stap vandaag gaan zetten.De voorzitter:De heer Van der Burg wil daar niet nog op reageren. De heer Kahramandan.De heer Kahraman (NSC):Ik wil de heer Van der Burg niet teleurstellen. Ik had beloofd dat ik eeninterruptie zou plaatsen op hem, maar eigenlijk heeft de heer Paternottehet perfect gedaan door de heer Van der Burg te vragen wij hij nou wil.Wil hij nou wel nationale sancties of niet? Ik ben blij om te horen dat heteen heel eenduidig ja is, maar dan vraag ik de heer Van der Burg wat ergebeurd is waardoor de VVD nu om is.De heer Van der Burg (VVD):Het kabinet heeft de niet aangenomen motie-Van der Burg uitgevoerd. Hetkabinet heeft namelijk eerst gekeken of op Europees niveau iets kan.Teleurstellend genoeg kon dat niet. Daarna heeft het kabinet gekeken,zoals ook in de brief staat, of het met een aantal landen – het kabinetnoemt daarbij Zweden – gezamenlijk wat kan doen. Ik gebruikte het woord«kopgroep»; het kabinet gebruikt er andere woorden voor. Ondertussen ishet kabinet simultaan aan de gang gegaan met de voorbereiding vanbesluitvorming. Dat was overigens al gezegd door de vorige Minister vanBuitenlandse Zaken, de heer Brekelmans. Daarmee is volgens mij aan destappen voldaan.De heer Kahraman (NSC):Fijn dat de heer Van der Burg inziet dat inderdaad ... Volgens mij heeft deMinister al meerdere keren aangegeven dat hij vastliep in Europa en dater gewoon geen meerderheid was. Er is een spreekwoord voor, maar datzal ik niet uitspreken. We wisten dat er in Europa geen meerderheid was.U kunt de Minister inderdaad een tweede keer en een derde keer op padsturen en tegen dezelfde muur aan laten lopen. Ik begrijp het echt niet.Had de heer Van der Burg verwacht dat er een andere uitkomst mogelijkwas in Europa?De heer Van der Burg (VVD):Volgens mij is redelijk bekend dat ik niet een enorme fan ben van hetoptreden van de PVV. Daarmee beledig ik mijn linkerbuurman, de heer DeRoon, niet. Maar we kunnen de PVV in ieder geval niet verwijten dat zevan standpunt verandert, of ze nou in het kabinet of de coalitie zit ofdaarbuiten staat. NSC doet nu net alsof het de grote held is van hetGazadebat en alsof de piepeltjes die om NSC heen zitten er eigenlijkgewoon bij aansluiten. Dat is absolute onzin. Wij hebben als NSC en VVDmet het kabinet, onder leiding van de NSC-Minister, voortdurend samenopgetrokken. De seconde dat NSC het kabinet verlaat, doet het opeensalsof het het al tijden eens was met GroenLinks-PvdA, met DENK en metde andere partijen die nu om NSC heen zitten. Dat is gewoon echt onzin.Ook NSC zei de hele tijd: wij sturen de Minister op pad om de Minister telaten kijken of we op Europees niveau wat kunnen doen. Dus doe nou nietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325322 net alsof u de grote held bent van het verhaal van «niks Europees, nikskopgroep, meteen nationaal», want dan verandert u echt de geschiedenis.De voorzitter:Via de voorzitter.De heer Van der Burg (VVD):NSC en VVD trokken daarin samen op, onder leiding van de NSC-Minister.De voorzitter:De voorzitter verandert de geschiedenis niet. Meneer Kahraman, u magreageren.De heer Kahraman (NSC):Ik ben echt niet voornemens om de geschiedenis te veranderen. Ik hebhier een motie van de heer Van Campen en de heer Boswijk die al op 3 julivroeg om Europese sancties. Dat was op 3 juli. Ik werd door mijnbuurman, de heer Van Baarle, geïnterrumpeerd. Hij zei: «Wat stelt u nouvoor vandaag? U wilt helemaal niet heel veel stappen nemen.» Nee, datwil ik ook niet. Ik wilde één stapje. We wilden een stapje verder, voornationale producten. De heer Van der Burg doet nu net alsof ik mee zouwillen gaan met GroenLinks-Partij van de Arbeid of zelfs met de heer VanBaarle. Dat vraag ik hier niet. Ik heb ook niet aan geschiedvervalsingwillen doen. Ik heb alleen gezegd dat ik één stapje verder wil. Wij hebbenaltijd gezegd dat we stapje voor stapje gaan. Ik vraag niet zoals de heerVan Baarle een hele lijst. De heer Van der Burg doet nu heel veront-waardigd alsof ik in één keer aan de kant van de heer Van Baarle zouzitten. Ik kan hem uit de droom helpen: dat is niet zo. Het is één kleinstapje, waar ook de heer Van der Burg nu in één keer voor is.De voorzitter:De heer Van der Burg, graag wat korter dan het vorige antwoord.De heer Van der Burg (VVD):Ik zeg het niet zozeer voor onze collega’s, want die weten allemaal wie deheer Van Campen is – de heer Boswijk zit overigens naast me – maar voorde kijkers thuis: de heer Van Campen is lid van de VVD-fractie. Dus hetvoorstel waar de heer Kahraman naar verwijst, was een voorstel van CDAen VVD. Gaf de heer Boswijk net niet aan dat NSC tegen die motiegestemd heeft? Hoe kunt u nu ... Sorry, de voorzitter doet niks. Hoe kan deheer Kahraman de VVD nu aanvallen met in de hand een motie van deVVD waar NSC tegen was?De heer Kahraman (NSC):Ik vind het echt bijzonder. Klopt, wij waren ...De voorzitter:Sorry. U heeft uw vijf interrupties gehad, dus ik maak er gewoon eeneinde aan. Sorry, ik maak er geen einde aan, want ik ga door naar de heerStoffer. Die had als eerste in deze reeks zijn hand omhooggestoken om deheer Van der Burg te interrumperen.De heer Stoffer (SGP):De volgorde maakt me niet zo veel uit, hoor, want de vraag blijft identiek.Ik hoorde het CDA zojuist pleiten voor een sanctie waarbij alle leden vande regering van Israël op dezelfde lijst geplaatst worden als de tweeMinisters met een inreisverbod. De VVD is een voorstander van hetinreisverbod voor die twee Ministers. Mijn vraag is: hoe kijkt de VVDertegen aan? Denkt zij ook aan dit soort maatregelen? Of ziet de VVDIsraël als een bevriende natie en vindt zij dat je vrienden je huis, je land,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325323 binnen moet kunnen laten komen en dat je met ze in gesprek moet gaan,ook al met je het misschien over een aantal zaken oneens? Mijn concretevraag is: hoe kijkt de VVD aan tegen het voorstel van het CDA om al diemensen op zo’n lijst te zetten?De heer Van der Burg (VVD):In de negen seconden die ik nog gehad zou hebben, zou ik de Ministergevraagd hebben om daarop te reflecteren. Ik ga er nog wel op in, hoor.Enerzijds kan ik me voorstellen dat mensen aangeven dat er meerMinisters op die lijst zouden moeten als die zich op vergelijkbare wijzeuitlaten als de andere twee hebben gedaan. Anderzijds heeft MinisterVeldkamp tot nu toe steeds gezegd dat hij niet wilde dat alle kabinetsledenop de sanctielijst kwamen te staan, omdat Minister Veldkamp van NSCvond dat we in contact moesten blijven met leden van het kabinet-Netanyahu en dat dat niet kon op het moment dat we alle mensen op desanctielijst zetten. Tot nu toe was het kabinet daartegen, onder devoorvorige Minister, de heer Veldkamp van NSC, dus ik wilde een reflectievan het kabinet daarop vragen, met dien verstande dat ik de vraag in iedergeval begrijp, zonder dat daarmee de conclusie mag worden getrokkendat ik het met de heer Boswijk eens ben.De voorzitter:Een vervolgvraag van de heer Stoffer.De heer Stoffer (SGP):De heer Van der Burg kan altijd prachtig spreken. Meestal begrijp ik hemwel, maar nu denk ik: ik begrijp het niet helemaal. Laat ik heel helder zijn:vrienden waar ik het niet helemaal mee eens ben, blijven altijd welkom.Zolang je vrienden bent, ben je welkom, hoe oneens je het ook bent. Jehebt het er soms met elkaar over. Soms wordt het wel wat lastig in devriendschap. Ik heb een heel concrete vraag: denkt de VVD er überhauptover na om die stap te nemen die het CDA voorstelt?De heer Van der Burg (VVD):Ik vergeef mijn vrienden buitengewoon veel; juist vrienden moet jesteunen in een tijd dat het slecht gaat. Maar mijn vriendschap houdt welop bij mensen die pleiten voor etnische zuivering. Mijn vriendschap houdtwel op op het moment dat mensen aangeven dat zij doelbewust willenbouwen in E1-gebied om zo een tweestatenoplossing, waar de VVD nogsteeds een voorstander van is, onmogelijk te maken. Daarom is de VVD erook al geruime tijd voorstander van om in ieder geval deze twee heren,die zich aan beide daden schuldig hebben gemaakt, op die sanctielijst tezetten. Sorry, op de SIS-lijst. Ik ben blij dat het per vandaag gelukt is ze opdie lijst te plaatsen. Want op een gegeven moment houdt vriendschap welop, ook bij individuen. Dat zegt niets – zeg ik even tegen de SGP – over hetfeit dat wij nog steeds vinden dat Israël het recht heeft op veilige grenzen,over het feit dat wij, in tegenstelling tot sommige anderen, het land Israëlnog steeds een land vinden dat het waard is om te bestaan of over het feitdat wij vinden dat de Israëlische bevolking wat anders is dan de regering-Netanyahu. Maar deze twee lieden reken ik in ieder geval niet meer tot decategorie vrienden.De heer Stoffer (SGP):Het is heel helder hoe de VVD denkt over die twee Ministers. Daar staanwij als SGP anders in. Het gaat mij om de andere leden van het kabinet.Laat ik duidelijk zijn. De heer Van der Burg zegt dat de inwoners van Israëlwellicht niet die politici zijn, maar het is de enige democratie in hetMidden-Oosten en ook het enige land met een gekozen vertegenwoor-diging. Dat is net als hier. Ik kan als SGP zeggen dat het kabinet dat hierzit, niet mijn kabinet is. Dat is tot nu toe altijd zo geweest; dat kan zomaarTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325324 veranderen, maar het is wel ons kabinet en het is wel de vertegenwoor-diging van Nederland. Wat dat betreft voelt dat dus hetzelfde. HetIsraëlische volk heeft democratisch gekozen voor datgene wat er nu zit enhet kabinet is natuurlijk gestoeld op een meerderheid. Ga je dan straks zover om dat hele kabinet op zo’n lijst te zetten?De heer Van der Burg (VVD):Ik betwist niet dat de twee Ministers waar we het over hebben, democra-tisch gekozen zijn; dat geldt namelijk voor alle Ministers. Maar de vraag ofje democratisch gekozen bent of dictatoriaal aan de macht gekomen bent,is in beide gevallen geen legitimatie of vrijbrief voor alles. Als je oproepttot etnisch zuiveren of bijvoorbeeld tot het toch stichten van nederzet-tingen in E1-gebied, dat echt volgens alle normen strafbaar is, doet het erniet toe of je wel of niet democratisch gekozen bent. De heer Stoffer en ikzijn alle twee democratisch gekozen en worden dat binnenkort ookopnieuw, maar dat laat onverlet dat wij alle twee niet alleen gehouden zijnaan de Nederlandse wetgeving, maar ook aan de internationale wetgevingen regelgeving. Als wij die overtreden, hoop ik dat de heer Stoffer en ik,ook al zijn we democratisch gekozen, daarop worden aangepakt door dedaarvoor verantwoordelijken.De heer Stoffer (SGP):Ik probeer het nog één keer. Meneer Van der Burg stelt dat wij beidengekozen zullen worden; gelet op de peiling mag de heer Van der Burg opdat punt volgens mij inmiddels overigens nog meer vrezen dan ik. Datgun ik hem niet, want ik zie hem graag terugkomen; laat ik dat ook helderzeggen. Maar het punt van die twee Ministers is heel helder. Ik denk datwe eenduidig staan ten opzichte van de uitspraken die ze gedaan hebben:daar nemen we beiden afstand van. We oordelen verschillend over deuitkomst daarvan, hoe je daartegenover staat en of ze ons land nogbinnen mogen of niet, maar het gaat mij niet om die twee. Het gaat mijom de andere leden van het kabinet. Ik noem bijvoorbeeld mevrouwHaskel, een keurige onderminister in het kabinet van Netanyahu. Looptook zij kans om op die lijst te komen of niet?De heer Van der Burg (VVD):Daarin zit op dit moment een verschil tussen mij en de heer Boswijk. Ik wilde heer Boswijk geen onrecht aandoen, maar ik meen dat de heer Boswijkdit voorstel heeft gepresenteerd. Ik zie dat dat zo is; ik doe hem dus geenonrecht aan. Dat voorstel is niet wat ik zeg, maar ik zeg wel dat het niet bijtwee Ministers blijft als anderen zich op dezelfde wijze schuldig maken alsdeze twee hebben gedaan. Daarin zit de VVD dus tussen het CDA en deSGP in, want wij zeggen niet, zoals de SGP, «iedereen niet» en wij zeggenniet, zoals het CDA, «iedereen wel». De VVD zegt: iedereen die zich aandezelfde dingen schuldig maakt als deze twee heren, die wél.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Ik had het in mijn inbreng over het feit dat ziekenhuizen heel concreetaangeven dat ze ook hun aandeel willen in het opnemen van kinderen,niet zozeer direct uit Gaza maar ook uit omliggende landen, om dieenorme druk op die regio te verlichten. Ik ben heel benieuwd hoe de VVDhiernaar kijkt, ook nu steeds meer burgemeesters, ook die van Groningen,uw eigen partijgenoot, zich daarbij aansluiten.De heer Van der Burg (VVD):Ik blijf even weg bij de burgemeesters en de gemeentes. In mijn vorige rolzag ik in ieder geval dat het soms heel erg moeilijk was om mensengehuisvest te krijgen, overigens niet in de drie gemeentes die u netnoemde maar wel elders. Maar ik blijf dus even weg bij die burge-meesters en ik keer terug naar waar het hier om gaat. Even los van ditTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325325 specifieke geval – want het kan om meer gevallen gaan – vindt de VVD datopvang in beginsel in de regio dient te gebeuren. Dat is ook het verschil;volgens mij vroeg mevrouw Teunissen de Minister: waarom wél deOekraïense kinderen en waarom zou het dan niet hiervoor gelden? Wijvinden dat wij ten aanzien van Oekraïners een ander opvangbeleidmoeten hebben dan ten aanzien van mensen uit de rest van de wereld,omdat wij hebben gezegd dat Oekraïners mensen zijn die in onze regiozitten. Wij waren voor opvang in de regio. Als je dat vindt als het gaat ommensen ver weg, moet je het goede voorbeeld geven als het gaat ommensen dichtbij. Oekraïne is gewoon een buurland van de Europese Unie.Daarom waren wij er als VVD voor om Oekraïners ruimhartig op tevangen en dus ook om stappen te zetten als het gaat om de opvang vanzieke mensen, waaronder zieke kinderen; wat Nederland heeft gedaan inrelatie tot Oekraïne gaat immers breder dan dat. Als het gaat om kinderenof volwassenen uit Gaza, vinden wij dus ook dat de opvang en deverzorging in beginsel in de regio moeten plaatsvinden. Wij zien dat ditkabinet in de brief van gisteren daar ook stappen in zet door daar extrageld voor vrij te maken en ook te kijken of er verdere stappen kunnenworden gezet om de voorzieningen daar ook te ondersteunen, bijvoor-beeld met specialisaties vanuit hier. Dat vinden wij goede stappen diepassen binnen datgene wat wij ook als Nederland al tijden zeggen:probeer het daar te organiseren. Dat lijkt ons ook efficiënter dan mensenhiernaartoe halen.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Dat laatste klopt niet. Uit mijn eigen rondgang blijkt gewoon dat het «inbeginsel»-principe dat de heer Van der Burg hier op tafel legt in standblijft, want de meeste kinderen die uit Gaza zijn, zitten daar in die regio. Ikzoom even in op Egypte. Wij hebben hier specialistische kennis; er zijnhier kinderafdelingen van universitaire medische centra en er is capaciteit.Zij geven aan: geef ons de ruimte; wij zijn klaar. Het gaat om een geringaantal. Laat de capaciteit leidend zijn. Het verhaal gaat dus gewoon nietop, want in beginsel blijft het in de regio gebeuren. Duitsland gaat onsvoor, net als Portugal en Frankrijk. We weten allemaal wie ons voorgaat.Wij zijn een van de weinige landen in West-Europa waar het niet gebeurt.Dit verhaal is niet rond. Wat wel rond is, is de beschikbaarheid van heelveel ziekenhuizen die zeggen: het kan gewoon; geef ons de ruimte. Hetgaat om een politiek besluit. Het kan en het is ook efficiënter dan hetdaarheen verplaatsen van de kennis en de capaciteit die we hier hebben.Laten we dat hier heel gericht organiseren.De heer Van der Burg (VVD):Dit is natuurlijk wel het moeilijkste thema van de discussie die we hier metelkaar voeren. Als wij hier enkele kinderen naartoe halen, is dat eendruppel op een gloeiende plaat; daar heeft de heer Mohandis gelijk in.Tegelijkertijd is dat voor het individuele kind natuurlijk buitengewoonprettig. Ik bestrijd dat het, zoals de heer Mohandis zegt, ook het effectiefsten efficiëntst is. Ik denk dat het effectiever en efficiënter is om daar tekijken hoe we kinderen kunnen bereiken, omdat je dan met dezelfdehoeveelheid mensen, dezelfde hoeveelheid geld en hetzelfde materiaalmeer kunt doen dan wanneer je mensen hierheen transporteert. Dat staatnog los van hoe je dat transport van kinderen zou organiseren vanuit Gazadoor Israël, alles wat daarin meespeelt en ouders die gecheckt moetenworden. Kortom, daarom kiezen wij er op dit moment voor om het kabinetalle ruimte te geven om daar meer te doen. We krijgen daar straks van hetkabinet ook graag een reactie op. Wij denken dat dat effectiever enefficiënter is.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325326 Meneer Mohandis, nog een vervolgvraag? Anders ga ik naar mevrouwDobbe.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Het is gewoon jammer dat de heer Van der Burg echt blijft hangen inefficiënt zijn, want juist de organisaties die hiermee bezig zijn, zeggen: alswe de kennis of gewoon de handjes die we hier in ziekenhuizen hebben,zouden verplaatsen naar de regio omdat daar al een tekort is, is dat nietefficiënt en gaat dat maanden duren. Wat heel efficiënt is, is heel gerichtkijken hoe we kinderen, bijvoorbeeld kinderen die nu in Egypte wachtenop hulp, hier kunnen helpen. Dan kunt u zeggen dat dat een druppel opeen gloeiende plaat is, maar laat nou gewoon het hart spreken, ook als wezien hoeveel landen in West-Europa ons voorgaan. Het is gewoon jammerdat er, met alle respect, een soort regioriedeltje wordt gehouden. Hetrammelt en het is niet uitgezocht. Dan zeg ik tegen de heer Van der Burg:kijk hoe het operationeel ging met de Oekraïense kinderen en laten weook gewoon heel gericht respect hebben voor de ziekenhuizen en vooriedereen die zegt dat het operationeel kan, dat het binnen een week kan,dat het heel gericht kan en dat het kan op basis van de capaciteit die we inNederland hebben. Ik begrijp dit betoog gewoon niet. Natuurlijk ben ikbenieuwd wat de Minister gaat zeggen, maar het gaat me om destellingname van de VVD.De voorzitter:Het punt is helder.De heer Van der Burg (VVD):Als u «respect» en «riedeltje» in één zin zegt, dan spreekt u zichzelfdaarmee een beetje tegen; dat vind ik jammer. Het respect voor demensen in de zorg in Nederland en waar ook ter wereld is bij mijbuitengewoon groot. Dat staat op geen enkele wijze ter discussie. Maarwe zien bijvoorbeeld dat heel veel mensen die in de zorg werkzaam zijn –diverse artsen, ook mensen die ik ken – gedurende enkele maanden ofsoms gedurende enkele jaren of weken naar de rest van de wereld gaan,bijvoorbeeld om daar operaties te verrichten. Ik ken mensen die eenaantal weken per jaar naar Afrika gaan om daar hersteloperaties teverrichten en zo hun bijdrage te leveren. Waarom gaan ze daarnaartoe?Omdat ze daar veel meer handelingen kunnen verrichten dan wanneer zeenkele van die mensen voor die hersteloperaties naar Nederland latenkomen om die hier te helpen. Als je het daar doet, zijn de lijnen veelkorter, kun je veel meer doen. Dat is gewoon wat we in de dagelijksepraktijk heel veel zien: mensen, ook mensen in de zorg, reizen ieder jaar inhun vrije tijd af naar gebieden waar verschrikkelijke dingen gebeuren. Ikdenk echt dat het beter is om het daar te doen, los van het feit dat ik in zijnalgemeenheid groot respect heb voor mensen die ook nu zeggen: ik wilop allerlei manieren helpen.De voorzitter:Het zijn lange antwoorden.De heer Van der Burg (VVD):Excuus, voorzitter, maar er worden hier woorden gebruikt als «hard»,«riedeltje» en «respect».De voorzitter:Nee, ja. Ik ga naar mevrouw Dobbe.Mevrouw Dobbe (SP):Ik weet dat dit de heer Van der Burg aan het hart gaat, want we hebbenhier eerder over gedebatteerd. We hebben ook de beelden gezien van dieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325327 kinderen. Die kunnen er absoluut niks aan doen en zijn hier echt alleenmaar slachtoffer. Dat gaat ons allemaal aan het hart en de heer Van derBurg ook. Ik ga helemaal mee in het verhaal dat opvang in de regio echtbeter is, ook voor die kinderen. Dat is ook zo. Maar ja, het gaat mis op hetmoment dat er geen capaciteit is in de regio. Ik vind het ook beterwanneer artsen daarheen gaan, maar het is niet genoeg als de handelingzo medisch-specialistisch is dat die niet in de regio kan plaatsvinden. Danblijft er toch altijd een groep kinderen over die je daar niet meer kanhelpen omdat er niet genoeg opvang en niet genoeg capaciteit is in deregio. Dan kunnen de dokters ...De voorzitter:En uw vraag?Mevrouw Dobbe (SP):Wil de heer Van der Burg dan wat doen voor de kinderen voor wie geenzorg is die misschien nu al in Egypte zitten, die dus niet eens uit Gazakomen?De heer Van der Burg (VVD):Ik ga in ieder geval in deze interruptie aan de Minister vragen om op mijnreactie op de vraag van mevrouw Dobbe te reflecteren. Laten we niet dekwaliteiten van de ziekenhuizen in Egypte onderschatten. Het is misschienniet het AMC of het RMC, maar er is wel degelijk sprake van goedeziekenhuizen in Egypte, van goede zorg in de regio, die overigens brederis dan alleen Egypte. In het Midden-Oosten hebben we ook heel veelziekenhuizen die daarin heel veel kunnen. Maar ik hoor graag de reflectievan de Minister hierop: is hij het eens met mijn stelling dat men het daarwel kan maar er sprake is van capaciteitsproblemen, of is hij het eens metmevrouw Dobbe – of misschien zit hij ertussenin – die zegt dat men daarin sommige gevallen de kwaliteit en capaciteit niet heeft? Misschien doe ikmevrouw Dobbe onrecht aan met deze iets te korte samenvatting, maar ikhoor graag de reflectie van de Minister hierop.Mevrouw Dobbe (SP):Dank voor dat antwoord. Dan doet u het inderdaad wel een beetje tekort,want ik probeer het hier heel genuanceerd neer te zetten. Ik denk dat diekwaliteit daar wel is, maar de Minister zegt in de brief die we hebbenontvangen: de capaciteit is onvoldoende. Het opschalen van de medisch-specialistische capaciteit duurt zo lang dat die kinderen – 80% heeft nogsteeds geen dokter gezien – het gewoon niet redden. Die is op kortetermijn echt niet op te schalen. Kun je dan niet zeggen: voor die kinderendie nu in bijvoorbeeld Egypte wachten op een behandeling doen we hetgewoon in Nederland, want hier kan het op korte termijn wel? Dat is mijnvraag, dus niet zozeer of die ziekenhuizen goed zijn of niet. Het gaat dusom die groep kinderen.De heer Van der Burg (VVD):Hoe erg het ook is, zijn de aantallen kinderen waar het hier om gaatdusdanig groot dat we – met «we» bedoel ik eventjes Nederland – die hierniet allemaal kunnen helpen; dat zegt mevrouw Dobbe ook zeker niet. Inons buitenlandbeleid doen we voortdurend, niet alleen als het gaat omGaza maar ook om andere oorlogsgebieden, waarin ook kinderen sterven,waarvan ook de voorbeelden door enkelen van u zijn genoemd, somsletterlijk met namen en beeldende voorbeelden ... Kijk, wij zijn niet in staatom iedereen daarin te helpen als Nederland, zelfs niet als Europa. Wat jein mijn ogen wel moet doen, is kijken hoe we zo veel mogelijk kunnendoen binnen de capaciteit die we daarin hebben, qua financiën enpersoneel. Daarin zie ik nu het kabinet stappen zetten en ik hoor daargraag een reflectie van de Minister op. Ik denk dus dat we beter kunnenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325328 kijken hoe we daar zo veel mogelijk mensen kunnen helpen en dat datefficiënter en effectiever is dan mensen hiernaartoe halen. Ik denk dat wedaardoor meer mensen kunnen bereiken.De voorzitter:Dan ga ik naar mevrouw Teunissen en daarna naar de heer Van Baarle.Mevrouw Teunissen (PvdD):Ik hoop toch echt dat we met de VVD in dit debat iets verder komen dandrie weken geleden. De fractievoorzitter van de VVD zei drie wekengeleden in het debat dat ze liever hebben dat opvang van kinderen diecomplexe medische zorg nodig hebben, in de regio plaatsvindt.Vervolgens heeft de VVD gevraagd om een brief. Die brief ligt er nu endaar zegt het kabinet in: we blijven kinderen opvangen in de regio en weonderzoeken mogelijkheden voor concrete steun. Het gaat om 4.500kinderen; die wachten op evacuatie. Inmiddels zijn we drie weken verder.137 kinderen zijn inmiddels overleden. Het gaat om specialistischebehandelingen. Daar heb je vaak meerdere disciplines voor nodig. Hetgaat om kinderen die oogletsel hebben, die een complexe neusbreukhebben en die een kaakbreuk hebben, dat soort complexe situaties. Datkan niet zomaar in de regio gebeuren; dat zeggen alle hulporganisaties.De voorzitter:Wat is uw vraag?Mevrouw Teunissen (PvdD):Er is een concrete noodzaak om die kinderen hier op te vangen. De vraagis: wat is er in die drie weken gebeurd? Heeft de VVD ook naar diehulporganisaties geluisterd?De heer Van der Burg (VVD):Ja, want ik krijg, denk ik, dezelfde informatie van dezelfde hulporgani-saties als al mijn collega’s hier krijgen. Ik zocht even naar het letterlijkecitaat in de brief. Die kan ik nu even zo snel niet vinden, omdat ik ook naarmevrouw Teunissen aan het luisteren was. Maar wij zien dat het kabinetdus ook datgene doet wat mijn fractievoorzitter in het debat twee wekengeleden heeft gevraagd, namelijk kijken hoe er meer ondersteuning kankomen in de regio. Dat wordt concreet benoemd met de € 800.000 dievrijgemaakt wordt voor Save the Children. Dat wordt concreet gemaaktmet de 25 miljoen die wordt vrijgemaakt voor hulp aan mensen uit Gaza.Ik zoek even de quote als het gaat om medische mogelijkheden. «Hetkabinet identificeert verdere mogelijkheden, zoals beschikbaar stellen vanNederlandse medische expertise voor gecompliceerde zorgvragen,» waarmevrouw Teunissen net naar verwees, «waar beperkte behandelcapaciteitvoor aanwezig is in de regio. Daarbij wordt ook de medische capaciteit inde Westelijke Jordaanoever en de landen in de regio, zoals Egypte enJordanië, in ogenschouw genomen. De nadere invulling van dit pakketvoor hulp wordt te zijner tijd aan uw Kamer kenbaar gemaakt.» Mijn vraagzit hem wel in «te zijner tijd», want «te zijner tijd» kan natuurlijk niet zijn«over een paar maanden». Dat moet natuurlijk zo snel mogelijk gebeuren.Maar hierin zit volgens mij de kern van de reden waarom het kabinetstappen heeft gezet, die ik ondersteun.Mevrouw Teunissen (PvdD):Volgens mij zit daarin niet de kern. De kern zit erin dat hulporganisaties,die dus ervaring hebben op de grond en direct bij die kinderen betrokkenzijn, zeggen dat deze complexe medische hulp niet in de regio kangebeuren. Er is een capaciteitsgebrek. Dat kun je niet meteen oplossendoor daar mensen of geld naartoe te sturen. Het is natuurlijk heel goeddat daar geld naartoe gestuurd wordt, maar er is veel meer nodig, wantTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325329 we hebben niet voor niets kinderziekenhuizen in Nederland, waar er eenheel team aan artsen is. Je moet dat interdisciplinair aanpakken en dat iswaarom kinderen naar Nederland moeten worden gebracht. Mijn vraag is:wat doet de VVD dan vervolgens met deze informatie en onderschrijft zedan in ieder geval de informatie van die hulporganisaties die de noodzaakaantonen dat die kinderen hiernaartoe komen?De heer Van der Burg (VVD):Daarop is, zowel richting mevrouw Teunissen als op dit moment richtingal haar collega’s ter rechterzijde, het antwoord dat de VVD het kabinetsteunt in zijn beleid voor opvang in de regio. Wij ondersteunen dat en wijkiezen er dus met het kabinet op dit moment niet voor om kinderenhiernaartoe te halen.Mevrouw Teunissen (PvdD):De VVD lijkt toch een beetje doof te zijn voor deze organisaties, want diezeggen heel duidelijk: «We kunnen dat niet oplossen in de regio. Wehebben de hulp van Nederland nodig in Nederland.» Ik zou dus graag aande VVD het volgende willen vragen. Er zijn nu twee moties ingediend ommogelijk te maken dat die kinderen geëvacueerd worden. Wil de VVD devolgende motie die daarover wordt ingediend, steunen? Er blijkt namelijkdat het niet in de regio kan.De heer Van der Burg (VVD):Op dit moment is dit het standpunt van de VVD. Daar heb ik op dit puntniets aan toe te voegen. Dat is onbevredigend voor mijn collega’s, maardat is wel wat het is.De voorzitter:Dan ga ik eerst nog naar de heer Van Baarle en daarna naar de heerPaternotte.De heer Van Baarle (DENK):De regering geeft zelf aan dat de capaciteit onvoldoende is; dat staat ookin de brief. Hulporganisaties zeggen dat ook en concluderen bijvoorbeelddat mensen die een behandeling nodig hebben voor kanker, niet de juistebehandeling kunnen krijgen in de ziekenhuizen in Egypte. De omstandig-heden zijn gewoon niet goed. Hoelang gaat de heer Van der Burg dan hiernaar voren brengen dat we moeten werken aan het vergroten van decapaciteit, terwijl er op dit moment gewoon mensen geholpen kunnenworden in Nederland die medische zorg nodig hebben? Hoelang gaat deVVD toestaan dat we concluderen dat de capaciteit onvoldoende is ommensen op dit moment in de regio te helpen? Is de VVD echt zo princi-pieel tegen het hier helpen van de medisch behoevenden uit Gaza?De heer Van der Burg (VVD):Weet u wat het ingewikkelde is? Ik moet zeggen «een van de ingewikkeldedingen», want ik moet daarin niet te licht denken. Er zijn heel veel landenin de wereld waar de kankerzorg, om maar even bij het voorbeeld vanmeneer Van Baarle te blijven, niet, slecht of in ieder geval substantieelminder aanwezig is dan in Nederland. Wij kiezen er met elkaar voor – datverschilt uiteraard per politiek partij – om niet te zeggen: die mensenkunnen we vervolgens hiernaartoe halen om hier de zorg te geven. Het isdus verschrikkelijk als jij in een land, waar ook ter wereld, ziek bent en nietde zorg kunt krijgen die je zou willen hebben of die u en ik – sorry, in ditgeval mag ik misschien wel «u» en «ik» zeggen – in Nederland kunnenkrijgen. Wij kunnen niet alle mensen die waar dan ook ter wereld eenernstige ziekte oplopen, hiernaartoe halen om te verzorgen. Daarombekijken we in dit specifieke geval hoe we daarvoor zo veel mogelijkkunnen doen, zeker voor de oorlogsgetroffenen. Maar we kunnen nietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325330 voor al die kinderen hier zorgen; daarin is een kind in Gaza niet andersdan een kind in Congo, Sudan, Midden-Amerika of waar dan ook. Wehebben nu een debat over Gaza, maar dan weegt een kind of volwassenewaar ook ter wereld niet anders. Dat is niet wat wij doen in Nederland ofin Europa.De voorzitter:Dan ga ik naar de heer Paternotte.De heer Paternotte (D66):De heer Van der Burg zegt eigenlijk steeds wat hij vindt dat we welmoeten doen. Als je dan vraagt waarom we niet een paar kinderen hierook in de ziekenhuizen opvangen, dan zegt hij: «Daar kiezen wij niet voor.»Maar de vraag die natuurlijk iedereen eigenlijk heeft, is: waaróm niet?Italië heeft zo’n 107 kinderen met kanker, maar ook bijvoorbeeld methartaandoeningen, inmiddels in de ziekenhuizen behandeld. Het isnatuurlijk geen linkse regering die daarvoor kiest in Italië. Frankrijk heeftzo’n 24 en België 10 kinderen opgevangen. In Londen is bijvoorbeeld eenkind dat bijna blind was behandeld. Dat kon ook niet in de regio. Dit iswaarom de regio daarom vraagt. Dit is ook de oproep van de Wereldge-zondheidsorganisatie. Spanje, Portugal, Italië, Frankrijk, België,Luxemburg, Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk, Ierland. Ik heb tweevragen. Welke landen in West-Europa kiezen er níét voor om een paarkinderen uit Gaza op te vangen in de ziekenhuizen? En waarom, waarom,waarom wil de heer Van der Burg dat Nederland dat absoluut niet doet?De heer Van der Burg (VVD):De heer Paternotte heeft gelijk met de voorbeelden die hij noemde. Belgiëdoet er inderdaad tien en Luxemburg doet er twee. Wij denken dat hetefficiënter is om meer dan die twee of meer dan die tien of meer dan deandere getallen die de heer Paternotte noemt, te helpen in de regio daar.Dat is dus waarom we daarop inzetten.De heer Paternotte (D66):Het punt is natuurlijk dat het soms gaat om zorg die in de regio gewoonniet geboden kan worden.De voorzitter:Ik moet toch ingrijpen. U had al vijf interrupties.De heer Paternotte (D66):U heet me nu al het woord gegeven, dus ik kan het beter afmaken.De voorzitter:Ik corrigeer mijzelf, want mevrouw Koekkoek wil nog, denk ik, op hetzelfdepunt, en de heer Boswijk ook nog. En ik proef wel enige herhaling, maar ikben benieuwd naar de vraag van mevrouw Koekkoek.Mevrouw Koekkoek (Volt):De herhaling die u proeft, is er. Die is er om de simpele reden dat dit hetminste lijkt te zijn wat je kan doen. Het verschil met andere situaties die deheer Van der Burg aanhaalt, is natuurlijk dat hier een genocide plaats-vindt, waarvan wij allen de internationale verplichting hebben om die tehelpen stoppen. Als je dan als Nederland iets kan doen, een druppel op degloeiende plaat, is dat al meer dan niets doen. Daarin verbaast mij danwel de keuze van de VVD om hier af te koppelen van de kopgroep inEuropa. De heer Paternotte en ook andere collega’s noemden net terechtheel veel andere Europese landen die die kopgroep vormen. De VVDbekijkt in navolging van het associatieakkoord wat zij samen met eenkopgroep kunnen doen. Nu doet een heel aantal andere Europese landenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325331 iets en dan zegt de VVD: dat gaan we dan weer níét doen. Dus ik probeerook de logica van de afweging te begrijpen.De heer Van der Burg (VVD):Daarin zit echt een groot verschil, want ik vind dat wij gezamenlijk moetenoptrekken met zo veel mogelijk landen, om de druk op in dit geval deregering-Netanyahu te vergroten. Bij het verlenen van hulp hebben we hetniet over sancties richting de regering-Netanyahu en niet over hetopvoeren van de druk richting de heer Netanyahu en de zijnen, maar danhebben we het over hulpverlening. Dat staat dus los van die kopgroep diebedoeld is om de druk op de regering-Netanyahu op te voeren. Dat zie ikecht als totaal iets anders. Dan bekijken wij hoe je de meeste mensen kunthelpen en daarvan denken wij dat het kan als je het dáár organiseert.Mevrouw Koekkoek (Volt):Het is natuurlijk niet totaal iets anders, want waar je enerzijds druk wiltopleggen om iets te stoppen, wil je toch anderzijds ook met een zo grootmogelijke groep landen het meest vreselijke, namelijk dat kinderensterven aan ziektes die te genezen zijn, helpen voorkomen? Ik wil dan deVVD bevragen op het volgende. Al die andere Europese landen zeggenniet dat ze het meer efficiënt vinden om de capaciteit in de regio tevergroten. Nederland, dit kabinet maar ook de VVD, zeggen dat wel. Waarzit dan het licht? Wat is er dan zo anders in België dan in Nederland datNederland zich hier loskoppelt van die kopgroep? Dat probeer ik echt tebegrijpen, want ik weet dat de heer Van der Burg ook iets wil doen aandeze vreselijke situatie.De heer Van der Burg (VVD):Dat laatste is ook zo. Ik ben ook heel blij dat u al uw interrupties op mijricht en ze niet bewaart voor mijn linkerbuurman, de heer De Roon van dePVV, want daarin zit impliciet een compliment in de richting van de VVD.Dat compliment is dat u bij ons nog enige beweging op dit punt van onsverwacht, daar waar u dat bij de buren ter linkerzijde al heeft opgegevenof nooit heeft gedacht dat het er was. Dus we zijn ook aan het bekijkenhoe we het op de beste manier kunnen doen. Alleen, wij denken echt dathet op een andere manier beter kan dan dat u voorstelt. Dus daar zit hetverschil in. Ik ga niet becommentariëren wat ik vind van de 10 in België ofde 2 in Luxemburg of de 116 in Italië. Daar zitten andere politici die datdaar doen.De voorzitter:Dan ga ik naar de heer Boswijk.De heer Boswijk (CDA):We zagen net een bijzondere interruptie tussen NSC en de VVD. NSC bloktmaandenlang elke motie en is ineens een grote voorvechter, maar drieweken geleden valt het kabinet voor de tweede keer en ineens is de VVDvoor. Dat gebeurt terwijl er in de tussentijd niet heel veel is veranderd dandat de ellende langer heeft geduurd. Het biedt ook wel hoop. Er zijn al eenpaar collega’s geweest die hebben doorgevraagd op wat specifiekeonderwerpen, onder andere medische evacuaties. Ik ben vooral benieuwdof er nog punten zijn waar de VVD mogelijk ook op gaat veranderen, zoalsze dat nu ook recent hebben gedaan. Zijn er nog dingen waar we wellichtiets mee kunnen?De heer Van der Burg (VVD):Ik stap toch niet in het beeld dat de heer Boswijk schept. De VVD heeftgedurende het debat gezegd: kijk of het Europees kan, kijk of het in dekopgroep kan, kijk of het nationaal kan. Daar werd opeens heel verbaasdover gedaan. Ik heb inderdaad de motie aangepast. We hebben allemaalTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325332 voortdurend bij heel veel debatten moties aangepast gedurende hetdebat. Het is namelijk de bedoeling van debatten dat je naar elkaar luisterten kijkt of je zo meerderheden kan creëren. Ik heb dus inderdaadgedurende het debat de motie aangepast en het woord «simultaan»toegevoegd. Dat is volgens mij heel normaal; anders hoeven weüberhaupt niet met elkaar te discussiëren over moties. Elke dinsdag zittener heel veel accentmoties bij die u heeft aangepast om zo extra steun vanextra partijen te krijgen. Dat is exact wat ik heb gedaan. Wat we nu zien, isdat het kabinet die stappen heeft doorlopen. We hebben het in de RBZ aande orde gesteld. Volgens mij was het toen nog Brekelmans of inmiddelsdeze Minister; dat ben ik even kwijt. Het was Brekelmans. Toen hebben wevervolgens gekeken naar de kopgroep en deze Minister heeft geconsta-teerd: het ene werkt niet en met het andere zijn we bezig; simultaan gaanwe aan de gang. Ik heb volgens mij duidelijk richting de heer Paternottenet met het woord «ja» geantwoord, dus volgens mij kan daar geenmisverstand over bestaan. De vraag waar een partij in de toekomst eenstandpunt op gaat veranderen, is, met alle respect richting de heerBoswijk, een beetje een rare vraag, want die zouden we dan in ieder debatbij ieder agendapunt aan elkaar kunnen stellen. Ongetwijfeld denkt deheer Boswijk namelijk over x-periode over y-standpunt anders danvandaag. Het is een rare vraag, met alle respect, om nu te stellen, dusdaar kan ik ook geen antwoord op geven.De heer Boswijk (CDA):Ik vind het helemaal geen rare vraag. Sterker nog: hoe meer de heer Vander Burg aangeeft hoe fantastisch die motie is, hoe minder ik begrijpwaarom ze er in vredesnaam achter gesloten deuren bij de coalitieonder-handelingen niet uit zijn gekomen. Ik vind het eigenlijk alleen nog maarerger als blijkt dat die ruimte nihil was. Plus, als je moties om 0.15 uuraanpast en je daar steun voor wilt hebben, dan is het misschien ookhandig als de collega’s er voor de stemming over worden geïnformeerddat de motie is aangepast. Er moet niet achteraf blijken dat de motie isaangepast. Dat lijkt toch heel erg op de geschiedenis een klein beetjewillen veranderen omdat je er ineens achter komt dat je aan de verkeerdekant van de lijn eindigt. Dat gezegd hebbende is mijn vraag, denk ik,helemaal niet gek, dus ik verbrand hier toch helaas een interruptie aan. Ikvraag niet op welk punt u mógelijk gaat veranderen. Wellicht zijn er nu alpunten die u bij uw inbreng nog niet heeft ingebracht. U gaf namelijk netbij de inbreng zelf niet aan – maar wel in een interruptie in antwoorddaarop – dat jullie nú wel voor nationale maatregelen zijn. Dat is fijn. Danvraag ik of er nog andere maatregelen zijn die u nog niet heeft genoemden waarvan u zegt: dat medisch evacueren niet, maar ik kan nog weldenken over iets anders.De voorzitter:De heer Van der Burg. U bent nu door uw interrupties heen, meneerBoswijk. Deze duurde echt veel te lang.De heer Van der Burg (VVD):Ik zit even te bedenken hoe ik hier nu op ga reageren. Het eerste punt wasdat de heer Boswijk niet snapt waarom de Minister, daarna gevolgd dooral zijn kompanen, uit het kabinet is gestapt. Dat ben ik geheel met de heerBoswijk eens. Dat snappen wij ook niet. Dat is de boodschap geweest vande VVD-bewindspersonen; dat is de boodschap geweest van de VVD.Daarover denken wij dus niet anders dan de heer Boswijk. Ik zit ook evenbij te komen, zal ik maar even zeggen, van de tweede opmerking van deheer Boswijk. Die vind ik namelijk niet zo netjes. Ten eerste wordt eenaantal keren gezegd: u deed het om 0.15 uur ’s nachts. Het debat duurdetot 1.30 uur, dus het is niet gek dat er om 0.15 uur ’s nachts motiesworden gewijzigd. Dat had er niets mee te maken dat de VVD diep in deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325333 nacht iets geheimzinnigs zou doen. We hadden gewoon debat tot 1.30 uur.Dat is één.Twee. De heer Boswijk zegt: wij waren niet van tevoren geïnformeerd. Datis feitelijk onjuist; dat kan de voorzitter wellicht uitleggen aan de kijkersthuis die dat niet allemaal snappen. Dat is echt feitelijk onjuist, want deheer Boswijk heeft zoals al zijn collega’s om 0.13 uur de mail van deGriffie gehad waarin de gewijzigde motie stond. U kunt hoogstenszeggen: we hebben de nieuwe motie niet gelezen; we hebben de stukkenniet gelezen voor we erover gingen stemmen. Dat mag u zeggen, maar ukunt niet zeggen dat u niet van tevoren was geïnformeerd, want zoals bijalle moties in alle debatten heeft u gewoon een gewijzigde motie gehad.De heer Paternotte (D66):Punt van orde.De heer Van der Burg (VVD):Er wordt mij een vuig spel verweten, maar daarnaast heb ik het letterlijk inhet debat gezegd. Ik heb letterlijk voorgesteld – lees de tekst erop na enpas op met schudden met je hoofd – om er dan «simultaan» van temaken. Dat heb ik letterlijk gezegd.De voorzitter:De heer Boswijk mag een persoonlijk feit maken.De heer Boswijk (CDA):Ik stel hier een hele normale vraag. Ik probeer het debat netjes te houden.Tot nu toe zijn alle debatten tussen de heer Van der Burg en mij goedgegaan, maar blijkbaar raak ik een snaar. Maar het is feitelijk onjuist watde heer Van der Burg zegt. Het debat was namelijk al gesloten toen demotie werd aangepast, dus het niet is zo dat we om 1.30 uur nog aan hetdebatteren waren. Het debat was al afgerond; toen is de motie aangepast.Het is collegiaal als je tegen je collega’s zegt dat je de motie hebtaangepast. Dat doe je over het algemeen zeker als je wilt dat anderenervoor gaan stemmen, lijkt mij. Dat is niet gebeurd. Ik ga niet een kwartiervoor de stemming nog in mijn mailbox kijken. Ik krijg gewoon de motiesen ik heb wat betreft de stemmingen al het een en ander bepaald aan dehand van de oordelen die ze hebben gekregen, en dan gaan we stemmen.Ik wil hier geen gedoe van maken, maar ik vind wat de heer Van der Burgnu doet beneden alle peil. Dat vind ik jammer.De voorzitter:De heer Van der Burg nog. Wilt u daar nog op reageren? Nee? Oké. Danga ik verder met de heer Van Baarle, die zijn laatste interruptie wil inzettenrichting de heer Van der Burg. De griffier meet de tijd en ik kan zeggen datze nog souplesse heeft betracht, omdat ze pas gaat dubbeltellen als deminuut ruim verstreken is. We zijn dus al soepel geweest. Dit wordt echtuw laatste interruptie.De heer Van Baarle (DENK):Dat is goed, voorzitter. Als ik de heer Van der Burg hoor, dan is hetstandpunt van de VVD: we moeten het Europees proberen; als hetEuropees niet lukt, kijk dan of het in een kopgroep kan en anderseventueel nationaal. Ten aanzien van de handelsrelatie met Israël gaat dediscussie op dit moment over het opschorten van het handelsgedeeltevan het EU-associatieakkoord. De VVD heeft haar steun ervoor uitge-sproken om dat in Europees verband te doen, maar we zien dat daar nogsteeds geen Europese meerderheid voor is. Als de heer Van der Burg zijneigen logica volgt, is hij het er dan mee eens dat je zou moeten kijken of jeeen kopgroep kunt vormen ten aanzien van het beperken van handelsbe-vorderende maatregelen? Want die heeft de Nederlandse overheidTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325334 richting Israël. Wil hij ook kijken naar nationale maatregelen, bijvoorbeeldhet opschorten van de stimulerende maatregelen van de Rijksdienst voorOndernemend Nederland en andere organisaties richting Israël? Want opdit moment is er geen Europese meerderheid voor handelsmaatregelen.Als je de logica van de heer Van der Burg volgt, dan zou een oproep in dietrant de steun van de VVD moeten krijgen.De heer Van der Burg (VVD):Ik snap de redenering van de heer Van Baarle, maar ik zou wel eennuancering willen aanbrengen. Wij hebben deze redenering gevolgdaangaande de handel uit illegale nederzettingen, maar niet in zijnalgemeenheid. Tegelijkertijd heb ik naar aanleiding van de speech van Vonder Leyen van vandaag de Minister opgeroepen om daarop te reflecteren.Vooralsnog geldt deze redenering op het gebied van handelsbeperkingenrichting illegale nederzettingen. Ik hoor graag de redenering van deMinister naar aanleiding van de speech van Von der Leyen en devoorstellen die zij daartoe vandaag heeft gedaan.De voorzitter:Ik kijk nog één keer naar de heer Van der Burg. Hij had nog negenseconden, maar hij heeft zijn punt al gemaakt in zijn interruptie.De heer Van der Burg (VVD):Ja, dat ga ik niet meer doen.De voorzitter:Heel fijn. Dan ga ik door naar de heer De Roon, die zijn inbreng zal leverennamens de PVV-fractie.De heer De Roon (PVV):Dank, voorzitter. De totale vernietiging van Hamas is wat de PVV voorstaatsinds de gruwelijke terreuraanval door Hamas op 7 oktober. Een motievan onze hand met die strekking is onlangs door de Tweede Kameraangenomen. Het staat ook in ons nieuwe verkiezingsprogramma. Jemoet het kwaad uitroeien, waar het zich ook bevindt, ook als het kwaadzich in Qatar verschuilt. Een Israëlische operatie om Hamasleiders in Dohauit te schakelen verdient daarom alle lof. Het beoogde gevolg zou degewenste vernietiging van Hamas dichterbij brengen. Wij noemen dit«een zuivere vorm van terrorismebestrijding». De PVV is daaromteleurgesteld dat de nieuwe Minister van Buitenlandse Zaken de aanval opHamas in Qatar veroordeelde. Waarom hield hij zich niet meer op devlakte? Het kabinet streeft toch ook naar een duurzame oplossing zonderHamas, zoals in de brief van de Minister staat beschreven?Voorzitter. Ik wijs erop dat de veroordeling op hoge toon door de Ministervan de schending van Qatars soevereiniteit in schril contrast staat totandere vergelijkbare gevallen. Toen Osama bin Laden in Pakistan hetdoelwit werd van een Amerikaanse actie juichte de wereld en namniemand aanstoot aan de schending van de soevereiniteit van Pakistan.Onze regering applaudisseerde bij wijze van spreken. Toen de Iraansegeneraal Soleimani door de Verenigde Staten in Irak werd aangepakt, gingde Nederlandse regering ook niet met een megafoon de schending van desoevereiniteit van Irak aan de orde stellen. Het enige wat Nederland toendeed, was de VS in de NAVO-raad vragen om een toelichting op deaangevoerde juridische basis.Voorzitter. Ik ga nu over op een ander onderwerp. In de brief geeft deMinister aan dat Nederland inzet op hulp aan zieke en gewonde Pales-tijnen in de regio. Mijn vraag aan de Minister is: betekent dit ook dat hetkabinet het formele verzoek van Amsterdam om Palestijnen voor eenmedische behandeling op te vangen om die reden heeft afgewezen? Alsdat niet zo is, dan is mijn vraag: waarom dan niet? U heeft zelf gezegd datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325335 het in de regio moet gebeuren. De PVV wil in ieder geval geen enkelePalestijn opvangen in Nederland. Dat moet helder zijn.Waar Nederland een foute anti-Israëlkoers is ingeslagen, kan het altijd nogerger. Kijk maar naar Spanje, dat volledig de weg kwijt is. Zo weert Spanjenu zelfs schepen die brandstof vervoeren voor het Israëlische leger. Wijvinden het nogal wat dat een NAVO-lidstaat het Israëlische leger op diemanier wil afknijpen. Ik vraag de Minister wat hij daarvan vindt.Tot slot kom ik nog even terug op de terreuraanslag van twee dagengeleden in Jeruzalem, die inmiddels door Hamas is opgeëist. Voor veelPalestijnen zijn die aanslagplegers helden. Helden! Dat verdorvengedachtegoed zit diep ingebakken bij veel Palestijnen. Uit een enquête dieonder regie van de Nederlandse vertegenwoordiging in Ramallah isuitgevoerd, blijkt dat de helft van de Palestijnen achter de aanslagen van7 oktober 2023 staat en dat 77% van de Palestijnen tegen het ontwapenenvan Hamas is. Ik vraag de Minister tot slot wat hij van de cijfers uit dezeenquête vindt, die eigenlijk onder zijn verantwoordelijkheid is uitgevoerd.Is hij met de PVV van mening dat het echte probleem in de hoofden vande Palestijnen zit?Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank, ook voor het feit dat u binnen uw spreektijd bent gebleven. Ik geeftot slot in de eerste termijn van de zijde van de Kamer het woord aan deheer Stoffer van de SGP.De heer Stoffer (SGP):Dank, voorzitter. De Israëlische premier Golda Meïr heeft ooit gezegd: wijzeggen «vrede» en van de andere kant komt de echo «oorlog» terug. Bijelk debat over Gaza moeten we blijven benoemen hoe we in deze situatiezijn terechtgekomen. Op 7 oktober 2023 vermoordde Hamas 1.200Israëliërs en werden 250 gijzelaars meegenomen naar Gaza. Israël voertsindsdien een niet gezochte strijd om zijn bestaan, tegen Hamas, tegenHezbollah, tegen Iran en tegen Syrië. Het is een legitieme strijd, maar metgruwelijke gevolgen. De situatie in Gaza is hartverscheurend: het lijdenvan onschuldige burgers, de honger en de uitputting. Er moet een eindekomen aan de humanitaire ellende en er is royale hulp nodig voor deburgerbevolking. Israël heeft daarbij een zeer grote verantwoordelijkheid,maar ook Nederland kan daaraan bijdragen.Een einde aan het lijden van onschuldige burgers is echter onlosmakelijkverbonden aan de onmiddellijke vrijlating van de gijzelaars en devolledige ontmanteling van Hamas. Nogmaals, als Israëliërs «vrede»zeggen, welke echo klinkt er dan uit de monden van de Hamasleiders?Wie het zicht verliest op het moorddadige karakter van deze terroristischeorganisatie, dreigt de verkeerde keuzes te maken. Een verkeerde keuze isbijvoorbeeld het eenzijdig erkennen van een Palestijnse staat, zoalssommige partijen willen. Dit houdt Hamas langer in het zadel en brengt devrede geen millimeter dichterbij. Het is een verkeerde keuze om wélinternationale druk uit te oefenen op Israël, maar om Hamas intussen metfluwelen handschoentjes aan te pakken. In augustus vroeg de Kamer viade motie van Diederik van Dijk om maximale druk te zetten op landen diebescherming of bijstand bieden aan de leiders en het netwerk van Hamas.Mijn vraag aan de Minister is hoe hij hier concreet uitvoering aan geeft,want ik lees daar helemaal niets over in zijn brief.Het is ook een verkeerde keuze om aan te koersen op een nationaleboycot van producten uit Judea en Samaria. De SGP vraagt het kabinetmet klem: ga dit pad niet op. Initiatieven van onderop, met name vanPalestijnen die voor Israëlische bedrijven werken, zullen hiervan de dupeworden. Een Palestijnse manager van een plasticfabriek zei: we are notmaking plastic; we are making peace. Een boycot van producten uit deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325336 Westelijke Jordaanoever zou zomaar een opmaat kunnen zijn naar eentotale boycot van Israël.Voorzitter. Op grond van artikel 3, lid 1 onder e en artikel 207 van hetWerkingsverdrag van de EU mogen lidstaten overigens niet zelf handels-beperkingen opleggen. Een Nederlandse boycot zou dus in strijd zijn methet Europees recht. Deelt het kabinet deze conclusie en welke actieonderneemt het kabinet tegen Nederlandse organisaties die op eigenhoutje boycots invoeren? Ik noem een zorginstelling die weigert omIsraëlische medicijnen voor te schrijven, waardoor de gezondheid ingevaar kan komen.Voorzitter. De SGP steunt de kabinetsinzet als het gaat om de medischeevacuaties vanuit Gaza. Het is goed dat er extra geld komt om ernstigzieke patiënten hulp te bieden. Wij steunen ook de lijn van het kabinet datde medische zorg in de regio moet plaatsvinden. Israël werkt overigensvrijwel altijd mee aan de evacuaties. Landen in de regio, zoals Egypte,doen al het nodige, maar ik lees in de kabinetsbrief dat de medischecapaciteit onder druk staat. De problematiek verschilt per land. In Jordaniëis de financiering het probleem en in Qatar is er simpelweg een gebrekaan medische expertise. Mijn vraag is dan ook: hoe kunnen de landen inde regio elkaar beter ondersteunen en hoe gaat Nederland concreetbijdragen aan de versterking van de ziekenhuiszorg in de regio? De SGPwil daarover snel meer duidelijkheid. Dan mijn laatste vraag: kan debehandelcapaciteit van het Palestijnse Augusta Victoria Hospital op deWestbank ook worden benut?Dat was het, voorzitter. Dank u wel.De voorzitter:Dank. Fijn dat u ruim binnen uw spreektijd bent gebleven. MevrouwTeunissen heeft nog een laatste interruptie die zij wil plegen.Mevrouw Teunissen (PvdD):De heer Stoffer zei in zijn bijdrage dat ook Nederland kan bijdragen aanhet verminderen van het leed in Gaza. Er is een oproep geweest van deWereldgezondheidsorganisatie en humanitaire organisaties om een aantalkinderen met de hoogste medische noden te laten behandelen inNederlandse ziekenhuizen. De lijn van de SGP is dat het in de regio moet,terwijl die organisaties al aangeven dat er een capaciteitsprobleem is endat kinderen die complexe medische hulp nodig hebben daar nietbehandeld kunnen worden. Ik zie de SGP als een partij van barmhar-tigheid, maar ze stemt toch tegen de motie om gehoor te geven aan deoproep van de WHO. Kan de SGP dat uitleggen?De heer Stoffer (SGP):Dank voor die vraag. Ik denk dat de heer Van der Burg daar zojuist al eenaantal zaken over heeft gezegd, die ik niet ga herhalen. Hij geeft aan datdit wellicht een van de moeilijkste zaken is. Ik heb in mijn bijdrageaangegeven dat er in sommige landen in de regio voldoende geld maar teweinig medische expertise is, terwijl het in andere landen andersom is. Jezou kunnen kijken of je versterking kunt bieden. Dat is ook mijn vraag aanhet kabinet. Die weg lijkt ons verstandig, maar ik hoor straks graag vanhet kabinet wat men daarvan vindt en of daar mogelijkheden liggen.Ik verwijs ook naar de bijdrage van de heer Van der Burg. Hij gaf aan: wekunnen in Nederland niet alles opvangen. Ik begrijp heel goed dat je zegt«laten we er vijf, tien of vijftien hiernaartoe halen», ook al is dat maar eendruppel op een gloeiende plaat. Maar onze vraag is wel: tot hoever kun jegaan? Ik hoor ook de oproepen van burgemeesters en dergelijke, maar dewinterperiode breekt straks ook in Nederland aan en dan is de capaciteitop de ic’s in de kinderziekenhuizen vaak beperkt of te beperkt. Ik zag in debrief iets staan over een interdepartementaal overleg en dergelijke. Ikschat in dat dit een van de overwegingen is die meespeelt in dat interde-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325337 partementaal overleg, maar wellicht kunnen we die vraag ook hierneerleggen. De Minister zal daar vast op ingaan. Wat ons betreft moetenwe maximaal inzetten op opvang in de regio en moeten we kijken of wedaar dingen kunnen versterken. Nederland zou daar een rol in kunnenspelen.De voorzitter:Dank. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de eerste termijn vande Kamer. We gaan schorsen tot 20.40 uur. Dan gaat de Ministerantwoorden en daarna bezien we of we nog een tweede termijn kunnenhouden. Dat hangt af van de interrupties en van hoelang die zijn. Dat gaanwe zien. Ik schors tot 20.40 uur.De vergadering wordt van 20.06 uur tot 20.40 uur geschorst.De voorzitter:Ik heropen de vergadering van de vaste Kamercommissie voor Buiten-landse Zaken. We zijn toe aan de termijn van de zijde van de regering. Ikmeld nog even dat het aantal interrupties hetzelfde is als in de eerstetermijn, dus vijf vragen met daarbij de regel dat de interrupties dubbelworden geteld als ze te lang duren. Het woord is aan de Minister vanBuitenlandse Zaken.Minister Van Weel:Dank, voorzitter. Zeer veel dank aan de Kamerleden voor hun inbreng inde eerste termijn. Ik vind het belangrijk dat we vandaag met elkaar indebat gaan over Gaza. De oorlog raakt ons allemaal, op welke manier danook. Hoe we ook precies in dit conflict staan, het is duidelijk dat hetmenselijk lijden in Gaza door merg en been gaat. Niemand hier in dit huiswil dit leed. Niemand wil de honger en niemand wil de vele onschuldigeslachtoffers die nu vallen. We maken ons allemaal grote zorgen over hetverloop van de oorlog in Gaza en we willen dat er een einde aan komt. Wezijn het eens over het belang van onderzoek naar oorlogsmisdrijven enschendingen van het oorlogsrecht. We willen allemaal dat de humanitairenoden van de bevolking in Gaza worden verlicht en dat er een duurzameoplossing komt voor dit conflict, die volgens een grote meerderheid indeze Kamer in een tweestatenoplossing ligt. We zijn het niet altijd eensover de manier waarop we dit alles kunnen bereiken.Het kabinet zal zich naar vermogen inspannen om de situatie te verbe-teren. Ook daarom is dit debat van belang: om met elkaar in overleg tekunnen gaan over waar wij denken dat de beste weg ligt om deze doelen,die we voor het overgrote deel delen, te bereiken. Wees ervan overtuigddat de situatie in de Palestijnse gebieden en Israël voor mij een belang-rijke prioriteit is. Daarom heb ik in de eerste dagen die ik nu in functie benal gebeld met Hoge Vertegenwoordiger Kallas en met mijn counterparts inIsraël, Jordanië, Egypte en de Palestijnse gebieden. In al mijn anderegesprekken met de Europese collega’s staat dit onderwerp uiteraard ookheel hoog op de agenda. Voor morgen staat er ook nog een call metSaudi-Arabië in de agenda. De inzet van alle gesprekken die ik voer, is heteinde van de oorlog, onmiddellijke verbetering van de situatie in Gaza enperspectief op een duurzame oplossing.Voorzitter, dat was mijn inleiding, voordat ik wou overgaan naar devragen. Voordat ik begin met de vragen over Gaza – dat is natuurlijk hetonderwerp van het debat – wil ik heel kort stilstaan bij de inbreng van deheer Van der Burg naar aanleiding van wat er vannacht is gebeurd in hetPoolse luchtruim door de invasie van Russische drones. Indien dit eenopzettelijke incursie is geweest, hebben we te maken met een groveescalatie van Rusland, in een week waarin Rusland al meerdere escalatie-stappen heeft genomen, met zeer grootschalige aanvallen op Kyiv metmeer dan 800 drones twee nachten geleden, met een grove aanval opTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325338 Donetsk waarbij meer dan twintig burgerdoden zijn gevallen en nu metdeze actie van afgelopen nacht. We zullen daar morgen nader over indebat gaan en hopelijk weten we dan meer over de exacte toedracht.Maar ik wilde in ieder geval de zorgen die de heer Van der Burg deelt hierniet negeren.Voorzitter. Dan kom ik bij het kopje staakt-het-vuren en de situatie in Gaza.Een staakt-het-vuren is cruciaal om het grote menselijk leed van deGazanen te verlichten, voor de vrijlating van de gijzelaars en voor een wegnaar een duurzame oplossing van dit conflict. Zowel Israël als Hamasmoeten hier hun verantwoordelijkheid in nemen. Tegelijkertijd zien we weldat de posities van Hamas en Israël over hoe dit conflict tot een eindekomt op dit moment nog ver uit elkaar liggen. De mp heeft in zijngesprekken met president Herzog, premier Netanyahu, Qatar en Saudi-Arabië het belang van een staakt-het-vuren nogmaals onderstreept. Ook ikdoe dat in alle gesprekken die ik voer, onder andere met mijn Israëlischecollega. Dat blijven wij doen. Ik denk dat een van de belangrijkste redenenom de kanalen open te houden met alle partijen is om dit soortgesprekken te kunnen voeren en om toe te werken naar een staakt-het-vuren.De heer Kahraman, de heer Boswijk en de heer Stoffer vroegen waaromwe niet meer druk zetten op landen die Hamasterroristen huisvesten,zoals Qatar en Turkije, en hoe het staat met de uitvoering van moties overaanvullende sancties tegen Hamasleiders. Laat mij allereerst zeggen dathet kabinet het ook hier weer met een heel groot deel van uw Kamer eensis dat Hamas een terroristische organisatie is, die de wapens moetneerleggen en alle gijzelaars moet vrijlaten. Wij zijn om die redenmede-initiatiefnemer en aanjager van sancties binnen de EU. Dat heeftgeleid tot een nieuw sanctieregime tegen Hamas, dat zich specifiek richtop personen en entiteiten die Hamas financieren of steunen. Samen metde Europese partners hebben we ook nieuwe voorstellen op tafel gelegdvoor sancties tegen de politieke top van Hamas. Die liggen nu in de Raad,waar er met unanimiteit over moet worden besloten.Tegelijkertijd is een duurzaam einde van het conflict in Gaza alleen terealiseren door onderhandelingen tussen Israël en Hamas. Het is bekenddat Qatar het politieke kantoor van Hamas in Doha huisvesting biedt, alsinds 2012, overigens op verzoek van de Verenigde Staten, zodat dit soortgesprekken kunnen plaatsvinden. We zijn Qatar dan ook erkentelijk voorde rol die het speelt. Daar komt ook mijn veroordeling vandaan, zeg iktegen degenen die er vragen over hebben gesteld, van de actie van Israëlgisteren. Qatar is te goeder trouw bezig met het faciliteren van gesprekkendie kunnen leiden tot een staakt-het-vuren. De actie van gisteren zien wijniet als een bijdrage in de richting van een staakt-het-vuren, en die zienwij dus niet als constructief. Daarnaast wordt hiermee de territorialeintegriteit geschonden van een land dat juist probeert om een positievebijdrage te leveren aan het beëindigen van dit conflict. Daar kwam mijnveroordeling vandaan, zeg ik tegen de heer De Roon, die dit kan nalezenin het stenogram.Dan kom ik op het kopje regionale onderwerpen. Dat gaat ook over Qatar.Ik denk dat ik over Qatar wilde zeggen wat ik gezegd heb. Ik blijf dus staanachter mijn veroordeling van gister. Daar sta ik niet alleen in. Ik ben Qatardankbaar voor de rol die het nog steeds wil spelen om dit conflict tot eeneinde te brengen. Ik zeg tegen iedereen: ook Hamas is ervoor nodig omdeze vijandelijkheden op dit moment tot een einde te kunnen brengen, losvan het feit dat er na de beëindiging van het conflict geen rol moet zijnvoor Hamas in de Gazastrook.Ik kom nu op de maatregelen. Ik zeg daar even bij dat ik een apart kopjeover medische hulp heb gemaakt, omdat daar natuurlijk een hoop vragenop toegespitst zijn. Als u dat nog niet hoort, weet dan dat ik daar separaatop terugkom.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325339 Mevrouw Dobbe vroeg of de Minister het ermee eens is dat aanhoudendeschendingen van het internationaal recht kunnen plaatsvinden omdat hetstraffeloos kan en er geen consequenties zijn. Ik vind dat een terechtevraag, want wij maken ons al langer zorgen over het handelen van Israëlen de mogelijke schending van het internationaal recht. We spreken zedaar consequent op aan. Ook ik heb dat in mijn eerste gesprek gedaan.Het uitbreiden van de settlements in het gebied E1 werpt bijvoorbeeld eengrote blokkade op voor een uiteindelijke tweestatenoplossing. Het geldtook voor de volstrekt onaanvaardbare humanitaire situatie in Gaza en hetniet toelaten van voldoende hulp. Al deze aspecten komen in elk gesprekdat we hebben aan bod. Maar we willen ook steeds bezien welkeaanvullende maatregelen we kunnen nemen.Dit is geen statisch spel, zeg ik daarbij. Dit is geen situatie waarin we éénkeer onze positie bepalen en dat daarna nooit meer doen. In die zin zult udus inderdaad zien – dat heeft u in de brief ook kunnen zien – dat wijincrementeel werken en reageren op elke verslechtering van de situatie.Daarbij zeg ik wel dat ik nog steeds vind dat een open kanaal beter is dangeen kanaal. We zoeken daarbij de spanning op. Ik wil uiteindelijk contactkunnen houden met mijn Israëlische collega. Ik wil kunnen weten wat daarspeelt. Ik wil ook kunnen zeggen wat ik daarvan vind.Ik merk dat een aantal Europese landen dat contact inmiddels niet meerhebben. Die lijn – dat moet u mij vergeven na een carrière in de veilig-heidspolitiek van 30 jaar – moet je wat mij betreft pas heel laat overgaan.Ook tot het laatste moment voor de inval van Rusland in Oekraïne heb iknog in gesprek gezeten met Russische onderministers, met de NAVO ende Noord-Atlantische Raad, om te bekijken of we dit konden afwenden.Op dat moment was het besluit allang genomen, en toch moet je altijdproberen dit soort kanalen open te houden. Zo bezien we dit ook. Alleswat gebeurt, moet zijn consequenties hebben, maar ik ben zeker niet voorde meest radicale stap, namelijk het nu verbreken van alle contacten,omdat je daarmee geen enkele invloed meer hebt op wat er gebeurt.Wat doen we nu concreet? We hebben geleidelijk aan de druk opgevoerd,in EU-verband, maar ook nationaal, ook omdat de humanitaire deal tussende EU en Israël die gemaakt is gewoon niet wordt nageleefd. Dat moet zijnconsequenties hebben. Wij hebben de evaluatie van artikel 2 geïnitieerd,zoals u weet. Met steun van een meerderheid heeft de HV hier een vervolgaan gegeven. Ik denk dat we nu zitten bij de volgende stap. Daarbij lopenwe, zoals eerder gezegd, tegen een muur aan. We hebben het gehad overhet opschorten van het handelsdeel van het associatieakkoord. Wij zijndaarvoor en maken ons daar in Europees verband hard voor. U zultbegrijpen dat dit in Europees verband moet. Wij maken ons hard om hetvoorstel van de Commissie om een deel van het Horizon Europe-programma op te zeggen daadwerkelijk door te voeren. Ook dat kanalleen maar in Europees verband, want dat is een Europees programma.Daarom steunen we ook, zeg ik tegen de heer Kahraman, het voorstel vande voorzitter van de Commissie van vandaag. Heeft zij feitelijke macht?Nee, maar zij mag wel agenderen. Uiteindelijk is het uiteraard aan deEU-lidstaten in de Raad om er een besluit over te nemen. Maar dit signaalwordt nu afgegeven op het hoogste niveau als iets wat naar haar meningnu nodig is om als EU een stevig signaal af te geven. Dat juich ik alleenmaar van harte toe. Van mij mag iedereen in de Commissie en op elkniveau dit soort voorstellen doen. Dat neemt helemaal niks weg van waarde besluitvormingsmacht ligt, maar het draagt wel bij aan wat we nodighebben, namelijk een groter gevoel van urgentie, EU-breed. Ik maakmezelf daar ook hard voor. U zult zien dat ik alle collega’s uitgebreidspreek over Gaza. Ik ben vandaag in Duitsland geweest, dat van oudshernatuurlijk een bijzondere positie heeft ten opzichte van Israël. Het heeftdaarom moeite met grote stappen nemen in EU-verband, maar ziet ookwel degelijk dat er nu zaken gebeuren die daadwerkelijk vragen om eenantwoord. Ik hoop oprecht dat we hier ook in Europees verband wel eenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325340 stap in kunnen gaan zetten. Daarom juich ik datgene toe wat mevrouwVon der Leyen heeft gezegd.Dan hebben we de handelspolitieke maatregelen tegen de import vangoederen uit illegale nederzettingen. Daar hebben we hier lang overgesproken. Daarvoor is op dit moment geen steun in EU-verband. Dat isvoor het laatst bekeken tijdens de RBZ, waarvan het verslag naar u toe isgegaan en dat op de agenda staat. Daar was de toezegging aan gekoppeldom, als dat niet zou werken, parallel te gaan bekijken hoe we dat kunnengaan invoeren. Ik heb dat in gang gezet, zeg ik tegen u.Dit kan op twee manieren gebeuren. Een van de mogelijkheden werd algenoemd, namelijk: op basis van de sanctiewetgeving. Dat is de kortereroute. Een andere route zou zijn: compleet nieuwe nationale sanctiewet-geving. Dat zou de langere route zijn. Ik ga voor de kortere route. Ik heb deopdracht gegeven om te gaan werken aan de AMvB die daarvoor nodig is,maar ook daarbij zult u begrijpen dat die wel juridisch houdbaar moet zijn,dat die wel ergens op gestoeld moet zijn en dat die ook de toets van deuitvoerbaarheid moet kunnen doorstaan. Hoelang dat proces precies gaatduren, weet ik niet. Ik zeg daarbij wel: ik wil juist met die kopgroepoptrekken omdat ik vermoed dat we bij de uitwerking hiervan tegendezelfde dilemma’s zullen aanlopen als de andere landen die dit hebbenaangekondigd.Ik zeg daarbij: er wordt mee geschermd dat een aantal landen dit al inuitvoering hebben, maar dat is niet het geval. Ook deze landen hebben dataangekondigd, maar zullen wel moeten werken aan wet- en regelgevingom dit daadwerkelijk te implementeren. Het zijn precies de landenwaarmee ik graag optrek. Kunnen we dat in tijd gelijktrekken, dan vind ikdat alleen maar belangrijker. Los van of dit feitelijk heel erg handhaafbaaren uitvoerbaar zal zijn, vind ik dit gewoon een belangrijk signaal. Datsignaal is sterker als je dat met meer landen afgeeft, en ook nog eenstegelijkertijd. Ik kom daarop terug zodra ik meer indicatie heb van hoelangdit traject gaat duren.De voorzitter:De heer Paternotte op dit punt.De heer Paternotte (D66):Minister Veldkamp gaf drie weken geleden aan: dit kan snel gebeuren. Vandeze Minister horen we eigenlijk: ik heb dit in gang gezet en we gaaneraan werken, maar het kan nog wel even duren. Hij wil het eigenlijk hetliefst tegelijk met andere landen invoeren, die natuurlijk weer hun eigensanctiewet- en regelgeving hebben. Dus ja, ik hoor dan niet: we gaan ditzo snel mogelijk invoeren. Terwijl ik denk dat de Minister net een aantaldingen heeft afgelopen op Europees niveau waarvan je steeds kuntconstateren dat er een gekwalificeerde meerderheid voor nodig is, dat jeer Duitsland of Italië voor nodig hebt en dat het voorlopig niet gaatgebeuren. Dat gaat om het opschorten van het handelsdeel van hetassociatieakkoord of het Horizon-programma. Er is inderdaad geenEuropese overeenstemming over het handelsembargo richting illegalenederzettingen, maar de Minister zegt ook dat wij dit in ieder geval zelfkunnen doen. Waarom zegt hij hier dan nu niet gewoon: wij gaan dit opnationaal niveau zo snel mogelijk invoeren?Minister Van Weel:We gaan dit op nationaal niveau zo snel mogelijk invoeren. Dan nog kostdat tijd, want dat vereist een AMvB en een degelijke juridische onder-bouwing. In de tijd die ik daar sowieso voor nodig heb, ga ik natuurlijkbekijken of we wel met zo veel mogelijk landen gelijk kunnen optrekken.Zijn wij eerder klaar, dan gaan we eerder naar buiten. Dat is mijn puntniet, als dat uw zorg is dat we het hierdoor ophouden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325341 De heer Paternotte (D66):Dat was zeker mijn zorg. U zit hier natuurlijk nieuw bij deze commissie,maar we hebben echt ongelofelijk veel woordenspelletjes gehad met devorige Minister over de betekenis van dingen uitzoeken of willenoverwegen; ik zal het niet allemaal reproduceren. Wanneer gaat dit dangebeuren? Wat is de deadline die de Minister hiervoor stelt?Minister Van Weel:Dat zei ik net: die kan ik u niet geven. Ik kan er geen deadline op zetten. Erwordt nu bekeken hoe zo’n AMvB eruitziet en wat de juridische grond is.Dat is de eerste stap die je neemt bij het opstellen van zoiets. Dan moet jedie gaan opstellen. Een AMvB moet uiteindelijk, via de ministerraad, ooknog naar de Raad van State voor advies. Loopt dat allemaal goed, dankomt die heel snel terug, hoeven we er niks aan te veranderen en kan dievan kracht worden. Loopt dat verkeerd, dan zullen we die weer moetenaanpassen en eventueel zelfs nog een keer terug moeten gaan. In die zinkan ik daar nu geen vaste termijn opplakken, maar ik kan u wel zeggen datwe eraan werken om het zo snel mogelijk te doen. Zo snel die gereed is,wordt die van kracht.De voorzitter:Weet u het zeker, uw derde interruptie?De heer Paternotte (D66):Zeker.De voorzitter:Gaat uw gang.De heer Paternotte (D66):Het is in ieder geval goed om vast te stellen dat het handelsembargo voorde nederzettingen er gaat komen. Het kabinet is hier drie weken geledenop gevallen en nu zegt het kabinet: we gaan het toch doen. Die tweedekabinetsval hadden we ons blijkbaar misschien wel kunnen besparen. Ikbegrijp wel dat Slovenië dit echt al doet, ook het sanctioneren van invoeruit illegale nederzettingen. Kan de Minister dat in ieder geval aan onsduidelijk maken?Minister Van Weel:Dat is niet de informatie zoals wij die hebben. Ik kom daar zo bij hetwapenembargo ook even op terug. Er zijn landen die wel politiek dingenaankondigen, maar dat wil nog niet zeggen dat ze altijd een-op-een zo zijn,hoewel ze erop kunnen lijken, of dat ze ook daadwerkelijk juridischgeregeld zijn. Wij zijn allen gehouden aan de Europese sanctiewetgevingwaaronder wij dit normaliter doen. Wij wijken daar nu van af. Dat vereistin ons geval op z’n minst een AMvB op basis van de Sanctiewet 1977.Andere landen moeten dat op een andere manier doen. In alle gevallen ishet niet een kwestie van «afkondigen en dan is het meteen gebeurd».Maar ik kom graag terug op de diverse situaties in de landen, voor zoverwe die kunnen achterhalen, in een volgende rapportage hierover. Danheeft u ook een beetje beeld bij waar men staat en welke landen datpubliekelijk hebben gezegd. Ik zeg erbij: achter de schermen ben iknatuurlijk bezig om te bekijken of we zo veel mogelijk landen op ditzelfdespoor kunnen krijgen.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Ik probeer even goed te begrijpen of het kabinet het standpunt heeftingenomen dat er gewoon een boycot komt op de handel uit illegalenederzettingen, dus de invoer van goederen, diensten et cetera. Is dat nude positie die Nederland inneemt? Want dat was vorige week niet zo. IkTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325342 zoek dus even naar wat u hier precies voorlegt. Of is het een verkenningen een onderzoek van wat mogelijk is, waarna we drie maanden verderzijn? Ik probeer oprecht te zoeken naar wat u hier nu voorlegt.Minister Van Weel:Ik krijg een beetje beeld bij de woordspelletjes waar u het over heeft. Ikcommuniceer liever heel duidelijk. Ik heb de opdracht gegeven om dezeroute, de snelste route om dit mogelijk te maken, in gang te zetten. Dat isvia een AMvB. Daar zit werk aan verbonden. Dat is niet binnen een weekgeregeld. AMvB’s hebben ook tijd nodig en moeten uiteindelijk ook dooreen zorgvuldig proces heen. Maar dat is wel sneller dan dat we daarnieuwe nationale wet- en regelgeving op zouden zetten. Ik doe het zo snelmogelijk. Uiteraard komt dat ook nog naar u toe, want dat is ookonderdeel van het proces.De heer Kahraman (NSC):Het is goed om te horen dat de Minister een stap neemt die de vorigeMinister ook wilde nemen. Ik heb toch een vraag aan de Minister over dediplomatieke contacten in Brussel. Ik heb het ook al eerder aangegeven.De vorige Minister is ook naar Brussel geweest en is ook tegen een muuraangelopen. De heer Brekelmans is ook tegen een muur aangelopen. Ikwil toch begrijpen hoe zo’n proces gaat en wat de gedachten bij deMinisters zijn over een dergelijk besluit. Had de Minister, met allediplomatieke contacten in Brussel, verwacht dat de uitkomst nu anderszou zijn dan drie weken geleden?Minister Van Weel:U moet me toch enigszins verschoning geven voor het feit dat ik nu driedagen in functie ben. Ik probeer me heel snel een volledig beeld tevormen van waar de EU-landen en iedereen onderling staat. Hoe doen wijhet ten opzichte van die landen? Welke maatregelen worden wel en nietoverwogen? Daar ben ik nu mee bezig. Een groot deel van het handwerkligt in Brussel. Als het in Brussel niet lukt, dan doen we het in coalities enkopgroepen. Ik kan u verzekeren dat dat heel lang een deel van mijn vak isgeweest, dus ik zal dat met overtuiging oppakken.De heer Kahraman (NSC):Ik heb er alle vertrouwen in dat deze Minister hard gaat lopen voorNederland in Europa, maar mijn vraag was eigenlijk heel basic. U heefteen heel ambtenarenapparaat, u heeft mensen in Brussel die continu metlanden praten en u heeft diplomaten ...De voorzitter:«De Minister».De heer Kahraman (NSC):Excuses. De Minister heeft mensen in Brussel die continu andere landensonderen. Wat is er veranderd in de afgelopen drie weken waardoor dezeMinister er vertrouwen in heeft dat er nu echt een andere uitkomst zal zijnen dat heel veel landen in één keer spontaan zullen zeggen «wij gaan meemet Nederland als het gaat om die sancties»?Minister Van Weel:Deze Minister zat daar niet, maar ik heb wel het proces gezien dat menheeft doorlopen. Men heeft geprobeerd om dit in EU-verband voor elkaarte krijgen. De inzet om dit te doen was er. Als dat niet lukt, dan gaan weparallel werken aan het mogelijk maken van een kopgroep en aan zakenop nationaal niveau. In de afgelopen drie weken is die escalatieladderafgelopen en here we are. Dit is de situatie waarmee we het moeten doen,maar dat neemt niet weg dat het alleen maar beter is als we dit in deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325343 tussentijd alsnog op EU-niveau kunnen regelen. Want laten we eerlijk zijn:het krachtigste signaal, ook naar Israël, komt van een verenigde EuropeseUnie.De heer Van Baarle (DENK):Ik wil het nog een keer hebben over het handelsverbod op producten uitillegale nederzettingen. Het is goed dat de Minister aangeeft dat ditkabinet die nationale maatregel gaat invoeren. Tegelijkertijd voel ik ook dezorg die andere collega’s hebben, namelijk dat we het al heel erg lang metelkaar hebben over eventuele maatregelen die onderzocht of geïnventari-seerd worden. Kan de Minister op z’n minst aangeven dat het het strevenis van de regering om dit in ieder geval voor het einde van het jaar inwerking te laten treden en zo mogelijk eerder? Ik ben op zoek naar eentermijn op grond waarvan we deze regering kunnen aanspreken op hetfeit dat het gebeurd moet zijn.Minister Van Weel:Dat is nu echt te vroeg. De opdracht om dit te gaan uitwerken is netgegeven. Ik zal u op de hoogte houden van de vorderingen en dan kan ik uook een nader tijdpad geven. Ik heb net gezegd: zo snel mogelijk. We gaanniet vertragen. Ik merk links en rechts wat wantrouwen in de woorden dieik uitspreek. Laat me dat vertrouwen bouwen, zou ik willen zeggen. Zoben ik in ieder geval gewend om te communiceren met uw Kamer.De voorzitter:De Minister vervolgt zijn betoog.Minister Van Weel:Ik wil het hebben over nog een maatregel die we graag op Europeesniveau hadden willen nemen maar die ook niet gelukt is, namelijk sanctiesof een ongewenstverklaring ten aanzien van de twee Ministers Smotrichen Ben-Gvir. Ook hierbij hebben we uiteindelijk besloten dat als daar geenEU-overeenstemming over te vinden zou zijn, we nationale maatregelenzouden gaan nemen. Dat was al aangekondigd in de brief van eind juli. Ikben de Minister van Asiel en Migratie uitermate dankbaar voor het feit datSmotrich en Ben-Gvir vanaf vandaag SIS-gesignaleerd staan en dusongewenst verklaard zijn. Ook daarvoor geldt dat ik het liefste heb dat datuiteindelijk door de hele EU wordt onderschreven, want ook dan is hetsignaal sterker dan wanneer het alleen van Nederland komt. Het komt danook beter aan.Ik had het net al even over de wapenexport. We zijn helder: de situatie inGaza...De voorzitter:Een ogenblik. De heer Van Baarle nog.De heer Van Baarle (DENK):Ik wil het nog even hebben over de sancties die getroffen zijn metbetrekking tot bewindspersonen die extremistische uitspraken hebbengedaan. Dit zijn niet de enige twee Israëlische bewindspersonen dieextremistische uitspraken hebben gedaan over Palestijnen en Gaza. Er zijnmeer zittende bewindspersonen die verschrikkelijke uitspraken hebbengedaan, bijvoorbeeld over het collectief straffen van Gaza. Er zijn naarmijn weten zelfs bewindspersonen die gespeculeerd hebben over hetgooien van een atoombom. Is de Minister het ermee eens dat ook anderebewindslieden die dit soort extremistische drek de wereld in hebbengeholpen dezelfde sanctie opgelegd dienen te krijgen?Minister Van Weel:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325344 Ik ben tegen alle extremistische uitspraken. Ik hoop allereerst datbewindspersonen daar ook in eigen land op worden aangesproken. Dat isin ieder geval hoe het zou moeten zijn. Zelf verwacht ik in dat geval ookaangesproken te worden. Je moet het bont maken wil je uiteindelijk dooreen ander land gesanctioneerd worden voor de uitspraken die in je eigenland doet. Dat zal mij niet snel overkomen, vermoed ik. Deze tweepersonen stonden langer op de radar en hebben bij herhaling extremis-tische uitspraken gedaan van de meest radicale soort. Ik sluit voor detoekomst helemaal niks uit, maar we geven hiermee een belangrijksignaal af. Met deze twee bewindspersonen zetten we in ieder geval eenstreep in het zand. Ik ben niet elke dag aan het wegen welke bewinds-persoon in Israël wat heeft gezegd. Via u zeg ik tegen de heer Boswijk datik ook niet voornemens ben om nu het hele Israëlische kabinet tesanctioneren. Was dat uw voorstel?De voorzitter:U zei «de heer Boswijk». Die was daar in de eerste termijn over begonnen,maar dit is de heer Van Baarle.Minister Van Weel:Daar refereerde ik aan. Dat ben ik niet voornemens. Nogmaals, ik zoeknaar die balans om duidelijk te maken waar onze grieven zitten en ominvloed te hebben op de regering-Netanyahu zonder dat ik alle lijnendoorsnij. Nogmaals, dat is echt een stap die ik niet wil nemen. Dan ben ikuitgespeeld. Dan kan ik moreel gezien wellicht heel verheven zijn, maar ikheb dan niks bijgedragen aan het oplossen van de situatie. Daarvoor moetik ook kanalen openhouden. Dat betekent dat ik een duidelijk signaal moetafgeven en daarin tegelijkertijd zal moeten doseren.De voorzitter:De Minister gaat door. Het ging over wapenhandel.Minister Van Weel:Wapenexport. Zoals de situatie in Gaza nu is, worden er geen vergun-ningen verleend voor de uitvoer van militaire goederen naar Israël diekunnen bijdragen aan de activiteiten van de Israëlische krijgsmacht, zowelin de Gazastrook als op de Westelijke Jordaanoever. Daarmee gaan wij alverder dan bijvoorbeeld Duitsland met zijn wapenembargo, hoewel wehet formeel niet zo noemen omdat een wapenembargo voor ons formeelbetekent dat alles dichtzit en dat niks erin komt of eruit gaat. Er zijn op ditmoment maar twee landen in de EU die dat hebben gedaan, namelijkSlovenië en Spanje. Voor ons zou dat twee onoverkomelijke bezwarenhebben. Eén. Wij vinden dat zaken die bijvoorbeeld voor de Iron Domenoodzakelijk zijn voor de zelfverdediging van het land Israël doorgangmoeten vinden. Omgekeerd zijn wij voor de bescherming van onze eigenmilitairen op dit moment afhankelijk van een aantal Israëlische spullen. Ikgeloof dat de Minister van Defensie eerder de flares heeft genoemd, dezelfverdediging op onze helikopters. Dat zijn de redenen waarom wij hetniet geheel dichtzetten. Kijkend naar wat er overschiet en wat nu naarIsraël gaat, is er nu de facto sprake van een wapenembargo en wordt er inde Gazastrook of op de Westelijke Jordaanoever niks gebruikt wat kwaadkan doen en wat uit Nederland komt.De voorzitter:Mevrouw Dobbe op dit punt.Mevrouw Dobbe (SP):Ik hoor wat de Minister zegt. We hebben die aanval van Israël op Qatargezien. Die is veroordeeld door deze Minister en dit kabinet. Dat is terecht,want het is een schending van het internationaal recht. Maar als we nietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325345 alle wapenexport stoppen omdat er ook nog iets voor de Iron Dome nodigis, hoe kunnen we dan zeker weten dat de wapens die we dan eventueelzouden exporteren omdat we niet willen zeggen dat we de hele wapen-export stilleggen, niet voor dat soort aanvallen worden gebruikt?Minister Van Weel:Dat weten we zeker, omdat we weten welke onderdelen we leveren voorwelke systemen. En we weten welke systemen alleen maar kunnenworden gebruikt voor zelfverdediging en welke systemen kunnen wordeningezet voor aanvallen zoals de aanvallen die uitgevoerd zijn in Qatar. Ikkan u daar dus echt zekerheid over geven. Wapenexport in algemene zinis dusdanig gereguleerd dat je tot op onderdeelsniveau weet wat er wel ofniet waar wordt gebruikt.De voorzitter:De Minister vervolgt zijn betoog. Of niet?Minister Van Weel:Of niet.De voorzitter:Toch nog, mevrouw Dobbe?Mevrouw Dobbe (SP):Ik vind het toch wel heel stellig dat dit kabinet het hele risico uitsluit dat dewapens die wij mogelijk zouden exporteren of kunnen exporteren naarIsraël niet gebruikt zouden worden voor mogelijke mensenrechtenschen-dingen. Als je te maken hebt met een staat die zo lak heeft aan hetinternationaal recht, hoe kun je dan zeggen dat er geen enkel risico is datde wapens die we mogelijk exporteren, worden gebruikt voor mensen-rechtenschendingen? Dat is immers een van de voorwaarden van onswapenexportbeleid.Minister Van Weel:Zeker. Daar toetsen we dus ook heel streng op. Wapenexportbeleid is heelbreed. Dat gaat niet alleen over wapens waarmee je kunt doden ofvernietigen. Het gaat bijvoorbeeld ook over helmen, scherfvesten, rubbersonder gasturbines op schepen. De wet- en regelgeving rondom wapensstrekt zich dus heel breed uit. Je weet dus altijd per onderdeel voor welkwapensysteem het is: wat gaat waarheen en waar verleen ik eenvergunning voor? Daarom kan ik vrij stellig zeggen dat wij die toets, diewe inderdaad uitvoeren – vinden hiermee mogelijk mensenrechtenschen-dingen plaats? – op een zorgvuldige manier kunnen doen. Zoals ik al zei,doen we dat zelfs nog breder dan een land zoals Duitsland, omdat wij datniet alleen betrekken op datgene wat kan worden gebruikt in Gaza, maarook op datgene wat kan worden gebruikt op de Westelijke Jordaanoever.De voorzitter:Mevrouw Koekkoek, wilde u ook nog? Nee. Dan gaat de Minister nu zijnbetoog vervolgen.Minister Van Weel:Ik heb het gehad over de voorstellen van mevrouw Von der Leyen en hebgezegd dat ik die toejuich. Daar zit één deel in, het aanhouden van eendirecte betaling van 14 miljoen en het opschorten van betalingen na 2027,waar ik niet tegen ben, maar wij kunnen gewoon nog niet plaatsen waarze het over heeft. Ze zegt alleen dat Yad Vashem en ook het maatschap-pelijk middenveld daarvan zijn uitgezonderd, maar we zullen eerst diepermoeten duiken in wat ze hiermee bedoelt voordat we een definitiefstandpunt innemen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325346 De gevechtshonden zijn volgens mij ook een thema dat regelmatigterugkomt in uw commissie. Voor de uitvoer van gevechtshonden is geenvergunning nodig. Het zijn geen dual-usegoederen. In internationaleexportcontroleregimes wordt bepaald of ze dat wél worden. Naaraanleiding van de motie-Teunissen is verkend of de export van dezehonden naar Israël kan worden aangepakt. Er is gesproken metEU-lidstaten en met de Commissie. De uitkomst is dat we op dit momentgeen mogelijkheden zien om de honden aan te merken alsdual-usegoederen. Tegen mevrouw Teunissen zeg ik via u dat we welblijven zoeken naar openingen om de uitvoer van gevechtshonden naarIsraël te controleren. Daar is uw Kamer in juli over geïnformeerd.Mevrouw Teunissen (PvdD):Dank voor de samenvatting. Dit was bekend, maar ik heb de vorige keeraan de Minister van Defensie gevraagd of het mogelijk is om de opleidingvan diensthonden in overheidshanden te nemen. Daarover las ik nietsterug in de brief en de beantwoording van de vragen. Dat is helemaalgeen gekke gedachte, want deze honden worden vaak ingezet in risico-volle zaken. Dat geldt natuurlijk helemaal voor Israël. Die vraag heb ik nogniet concreet beantwoord gekregen. Mijn vraag is dus eigenlijk of allemogelijkheden wel zijn onderzocht.Minister Van Weel:Hier wil ik wel op terugkomen, maar dan zet ik ook even mijn vorige petop, de pet van Minister van JenV. Ik weet dat dit een ingewikkeld veld is,ook waar het anderszins gaat over politiehonden. Ik wil daar wel naarkijken. Ik kan op voorhand geen toezeggingen doen, maar ik zal dit samenmet de desbetreffende ministeries in ieder geval langslopen.De voorzitter:De Minister vervolgt zijn betoog.Minister Van Weel:Mevrouw Dobbe vroeg waarom we niet net zoals Spanje de consulairedienstverlening beperken. Dat doen wij uit principe niet. BuitenlandseZaken verleent consulaire bijstand aan alle Nederlanders, ook aanNederlandse gedetineerden die in het buitenland een ernstig misdrijfhebben gepleegd. Het is niet aan Buitenlandse Zaken om te oordelen overindividuele Nederlanders of over wat zij hebben gedaan. Het verlenen vanconsulaire bijstand is iets wat je nu eenmaal met je Nederlandse paspoortmeekrijgt, ongeacht waar je je bevindt en ongeacht wat je hebt gedaan.Die beperking vinden wij dus niet wenselijk en ook niet juridischhoudbaar.De heer SP zei dat een Nederlandse boycot van producten uit deWestelijke Jordaanoever in strijd zou zijn met Europees recht.De voorzitter:Bedoelde u mevrouw Dobbe? Want u zei «de heer SP».Minister Van Weel:De heer Stoffer.De voorzitter:O, de heer Stoffer.Minister Van Weel:We hadden mevrouw Volt al en nu... Excuus. Het ging over de heer Stoffervan de SGP. Het gemeenschappelijk handelsbeleid betreft een exclusievebevoegdheid van de Europese Unie. De Europese lidstaten kunnen alleennationale handelsmaatregelen treffen als zij daartoe gemachtigd zijn of terTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325347 uitvoering van EU-handelingen, maar in dit geval biedt onder meer eenbepaling van Verordening 2015/478 betreffende de gemeenschappelijkeregeling voor de invoer mogelijk ruimte om nationale maatregelen tetreffen ten aanzien van de invoer van specifieke goederen. Er wordtoverigens niet gewerkt aan nationale maatregelen voor de hele WestelijkeJordaanoever, maar voor illegale nederzettingen, want dat is conform deuitleg van de motie. Wij denken dus dat we dit kunnen, ook op basis vande sanctiewetgeving uit 1977. Dat is nou juist wat we in die AMvB gaanuitwerken.Mij werd gevraagd om alle maatregelen langs te lopen, waaronder ookdie van Spanje over het weren van schepen met brandstof voor hetIsraëlische leger. Er zijn smaken. Laat ik eerlijk zijn: Spanje zit aan de enekant van het spectrum binnen de Europese Unie. We weten allemaal dateen land als Duitsland of eigenlijk Hongarije aan het andere eind van hetspectrum zit. Wij zitten op dit moment dichter bij Spanje dan bij Duitsland;daar heb ik me echt van overtuigd. Dat wordt ook opgemerkt, ook doorIsraël. Zoals ik zei: dat gaat tot het punt waarop we de pijngrens in derelatie naderen, maar waarbij we de lijnen nog niet doorknippen. Datlaatste is iets wat in het geval van Spanje natuurlijk wel zo is. Ik probeerdus echt die balans te houden door te reageren, door in overleg met uwKamer te kijken waar we meer kunnen doen, maar door ook niet allestegelijk te doen. Daar zitten dus gewoon keuzes in van verschillendelanden.De heer Van Baarle (DENK):Los van de relatie die de Minister van waarde acht, hebben we ook zoietsals het bevorderen van het internationaal recht en als land niet willenbijdragen aan het in stand houden van een systeem dat oorlogsmisdadenpleegt. Op het moment dat wij als Nederland toestaan dat schepen ofvliegtuigen die betrokken zijn bij de bevoorrading van het Israëlische legerhier aanmeren of gebruikmaken van ons luchtruim, dragen we daar opeen directe of indirecte wijze aan bij. Ik zou de Minister willen meegevendat dat niet wenselijk is, omdat Nederland een staat pleegt te zijn die hetinternationaal recht wil bevorderen.Minister Van Weel:Ja, dat doen we ook en natuurlijk kan je daarin grenzen leggen. Ik leg diebij wapens waarmee je hier daadwerkelijk direct een bijdrage aan levert,maar de volgende stap zou zijn om geen voedsel meer te exporteren naarIsraël, omdat daarmee het Israëlische leger wordt gevoed en omdatdaarmee mogelijk misdaden zouden worden gepleegd. Ik bedoel: er ligtergens een grens. De grens van geen brandstof uitvoeren is er eentje dieik op dit moment niet kies. Dat geldt ook voor het fictieve voorbeeld dat iknet gaf. Natuurlijk heb je daar smaken in.De heer Van Baarle (DENK):Hoeveel interrupties heb ik nog?De voorzitter:Ik denk drie. Klopt dat? O, u heeft er nog twee.De heer Van Baarle (DENK):Dan ga ik er nog twee overhouden.Mevrouw Teunissen (PvdD):Ik ga toch nog even hierop door. Het is natuurlijk niet zo dat we nuvolgens het internationaal recht alles doen, want we hebben als staat denationale verplichting om alles te doen om genocide te voorkomen, in ditgeval om genocide te stoppen. De Minister zegt dat hij zoekt naar eenbalans. Hij zegt dat hij dat baseert op wat Duitsland doet en wat SpanjeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325348 doet, maar veel andere landen, zoals Frankrijk, doen al veel meer danNederland, bijvoorbeeld het erkennen van de Palestijnse Staat. Daarnaastdragen we elke dag bij aan de staatskas van Israël door nog steeds heelveel wapens te importeren. De Minister moet hier dus niet zeggen dat wijalles op alles zetten. Kan hij dat bevestigen?Minister Van Weel:Ik heb net geschetst dat er een palet is aan landen, ook binnen deEuropese Unie, en wat die verschillende landen doen, maar u kunt nietalle individuele maatregelen van alle landen optellen en dan zeggen datdat is wat Nederland zou moeten doen. Dan zitten we ver buiten wat ookmaar één enkel EU-land doet. Wij zijn op dit moment het enige land datdeze twee Ministers tot ongewenste personen heeft verklaard voor dehele EU. Er is geen enkel ander land dat hen in het SIS heeft gesignaleerd.Zo heeft iedereen dus zijn eigen maatregelen. Ik kom daar straks nog opterug bij de medische evacuatie. Dit is ons pakket.Mevrouw Koekkoek (Volt):Ik sla hierop aan, want de Minister ridiculiseert nu eigenlijk wat de Kamervraagt door te zeggen dat we dan geen voedsel meer naar Israël gaansturen. Er wonen in Israël ongelofelijk veel Israëli die het totaal oneenszijn met de regering-Netanyahu. Niemand in deze Kamer stelt voor dat wedie hele bevolking daar gaan uithongeren. Sterker nog, de hele Kamerageert tegen het feit dat de bevolking in Gaza wordt uitgehongerd omdatje op dat punt als staat de stappen moet zetten om dat te voorkomen. DeMinister zegt dat hij hier een afweging maakt. Nederland zou zichbijvoorbeeld kunnen aansluiten bij de zaken die nu voorliggen bij hetInternationaal Gerechtshof omdat je als staat in de Grondwet hebtopgeschreven dat je de internationale rechtsorde moet bevorderen.Waarom is dat een stap waarvan de Minister zegt dat hij dan nooit meerenige invloed op Israël heeft? Dat zijn toch logische en soevereine stappendie een staat mag nemen en moet nemen om genocide te voorkomen?Minister Van Weel:Hier kwam ik nog aan toe. Ik had het nu over de brandstof. Wij nemen diekeuze niet. Dat Spanje die keuze nu als enige land wel maakt, is aanSpanje. Maar ik ga me niet de hele tijd spiegelen aan wat elk land doet.Wij hebben ook onze eigen verantwoordelijkheid – die heb ik ook – om tekiezen voor een pakket waarvan wij vinden dat het redelijk is, naast watwe natuurlijk breed doen in EU-verband. Spanje loopt in die zin, zeg ik ueerlijk, ver voorop, maar het heeft weinig invloed meer op alles wat daargebeurt, juist vanwege de vrij vergaande maatregelen die zij nemen. Ikheb u uitgelegd waarom ik vind dat dat geen onderdeel is van interna-tionale diplomatie en de invloed die we hebben om de situatie in Gaza teverbeteren. Dat zie ik ook als mijn verantwoordelijkheid onder hetGenocideverdrag. Daar zijn ook contacten met Israël voor nodig.De voorzitter:Mevrouw Koekkoek ...Minister Van Weel:Dat neemt niet weg ... Laat ik nog even antwoorden, want misschienneem ik daarmee wat weg. Dat was een hele andere zaak. Wat doen wijmet de zaak van het Internationaal Gerechtshof? Aansluiten bij die zaakkan niet. Wij kunnen wel – daar beraad ik me op, maar daar heb ik noggeen besluit over genomen – een interventie plegen bij het InternationaalGerechtshof. Daartoe bestaat zeker de mogelijkheid. Daar kom ik spoedigbij uw Kamer op terug. Daar is ook nog tijd voor. Ik heb daar advies overgevraagd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325349 Mevrouw Koekkoek (Volt):Ik moest heel even nadenken, want het is volgens mij voor het eerst dathet kabinet dit, bij monde van de Minister, aangeeft. Dat vind ik een helepositieve stap. Dan zou ik de Minister wel willen vragen: op het momentdat Nederland zo’n intentieverklaring overweegt, wanneer wordt daar daneen besluit over genomen? Want overwegen kan je vrij lang doen, zeg ikmaar even. Die tijd is er niet. Dus wanneer wordt die knoop doorgehakt?Minister Van Weel:Voor 31 oktober, want dat is de sluitingsdatum voor het aangeven dat jeeen interventie zou willen plegen. Overigens wordt de inhoudelijkebehandeling pas begin volgend jaar opgepakt. Die haast is er dus niet; datis gewoon het schema dat nu loopt. Maar zoals gezegd: ik kom er voor31 oktober bij uw Kamer op terug.De voorzitter:De heer Paternotte. O, sorry, mevrouw Koekkoek, u wilt er nog opdoorgaan.Mevrouw Koekkoek (Volt):Het is goed dat de Minister hier voor 31 oktober op terugkomt. DeMinister gaf zelf aan: dat signaal geven is het belangrijkste wat je kandoen als Europa. Het is een ongelofelijk belangrijk signaal als Nederlandzegt: ik overweeg om hier stappen op te nemen. Dan snap ik dat deMinister zegt: 31 oktober kom ik bij u terug, want dat is de deadline. Maarhet lijkt me eigenlijk wel heel belangrijk dat Nederland die beslissing naarvoren trekt. Op die manier kan je namelijk zelfs met de beslissing, met hetfeit dat je het overweegt en met dat contact dat er nog is met Israël,daadwerkelijk druk zetten.Minister Van Weel:U hoeft me echt niet uit te leggen hoe diplomatie en druk zetten werken.Geloof me: ik ben daartoe gemotiveerd. Maar als ik nu binnen drie dagenin functie 80 maatregelen uitrol, hoef ik het contact niet meer te zoeken.Dan is het weg voordat het er was. Ik zoek dus wel naar die balans. Ik hebhierover nog geen advies gekregen. Ik heb een advies gevraagd omdat ikweet dat de mogelijkheid speelt. Ik heb daar tot 31 oktober voor. Voor dietijd zal ik die keuze maken. Die zal ik integer maken, op basis van hetadvies dat ik krijg.De heer Paternotte (D66):«Voor 31 oktober duidelijkheid.» Als de Minister wil dat de Kamerleden debrief ook lezen, dan adviseren we hem die niet op de avond van29 oktober naar de Kamer te sturen.De Minister had het over Spanje en zei dat het niet zo veel voor elkaarkrijgt. Dit was op zich het argument dat Minister Veldkamp ook steedsgebruikte, bijvoorbeeld toen Spanje zei: wij willen het handelsdeel van hetassociatieakkoord opschorten. Hij zei toen: dat ga ik niet openlijk zeggen,want dan krijg ik niks voor elkaar. Dat zei hij, totdat hij openlijk zei: danloop ik daarmee in ieder geval ook voorop. Dat is dus een beetje deachtergrond van de discussie die hier ook vaak plaatsvindt. Ik snap wat deMinister zegt over Spanje. Wat zou hij dan, aan de andere kant,antwoorden op de vraag wat wij voor elkaar hebben gekregen met delijnen die wél openstaan naar Israël?Minister Van Weel:Dat is soms meetbaar en soms niet. Soms betekent het dat je in diecontacten in ieder geval kunt zeggen hoe je ergens tegen aankijkt. Ik hebhet in mijn eerste contacten natuurlijk gehad, zonder dat ik alles vandiplomatieke vertrouwelijkheid prijs wil geven, over onze onvrede met hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325350 besluit over de E1-nederzettingen. Ik heb het natuurlijk gehad over onzeonvrede met de beperkingen van humanitaire hulp. Ik heb al die zakenopgebracht. Ik ben zelf ook Minister en ik word gebeld door collega’s diesoms grieven zullen hebben over wat wij doen. Op het moment dat je diesignalen krijgt van mensen waarmee je een goede relatie onderhoudt, dankomt dat binnen; daar doe je wat mee. Dat is de kracht van diplomatie:contact hebben waarbij je elkaar uiteindelijk ook de waarheid kunt zeggenen, laat ik het zo zeggen, het ook nog aankomt. Er wordt dan niet gedacht:o ja, helder, daar heb je hem weer; daar was toch al niks te winnen. Jemoet die band dus bouwen. Zo weeg ik dat.De heer Paternotte (D66):Dit is op zich ook hoe de vorige Minister deze commissie regelmatigonderhield over hoe diplomatie werkt. Ik denk dat dat klopt. Alleen, jehoopt natuurlijk dat daar resultaat uit komt. Ik hoop oprecht dat dezeMinister daarin succesvoller gaat zijn dan zijn voorganger. Hij zegt ook:een brandstofembargo raakt ook de hulpverlening. Het is volgens mijterecht dat we daar ook op focussen. Ik zou hem dan nog het volgendewillen vragen. De belangrijkste VN-organisatie voor de Palestijnsegebieden, UNRWA, heeft 6.000 vrachtwagens klaarstaan. Die zijnessentieel voor de hulpverlening. Alleen, Nederland wil de financieringvoor die hulporganisatie de komende jaren heel rap gaan afbouwen.Zouden we daar dan niet opnieuw naar moeten kijken?Minister Van Weel:Er is vorig jaar een amendement aangenomen over de afbouw. Het gelddat daarmee vrijkomt blijft wel beschikbaar voor humanitaire hulp enwordt ook ingezet in Gaza. In die zin zorgen wij dus dat hetgeen wij nietmeer aan UNRWA geven, naar aanleiding van een aangenomenamendement van de Kamer, in ieder geval wel ten goede komt aan dehumanitaire noden in Gaza.Mevrouw Dobbe (SP):Ik laat het even op mij inwerken. Ik hoop dat deze Minister begrijpt dat wijde antwoorden die hij geeft over hoe diplomatie werkt al sinds januari2024 hebben gehoord van zijn voorgangers. Er is best wel kans geweestom die diplomatie te laten werken en om te kijken: als vrienden ietszeggen, dan gebeurt er ook daadwerkelijk wat. Welk gevolg zagen we? Wezien enorme oorlogsmisdaden en een genocide in Gaza. We zienoorlogen, schendingen van het internationaal recht, aanvallen op Iran, opQatar en ook op Jemen, geloof ik. We zien dat het helemaal uit de handloopt op de Westelijke Jordaanoever, met oorlogsmisdaad na oorlogs-misdaad. De CAVV, de volkenrechtelijk adviseur van dit kabinet en hetInternationaal Gerechtshof hebben allemaal gezegd: het Genocideverdragzegt dan dat je moet opschalen. Deze Minister begrijpt hopelijk ook dat wijna anderhalf jaar zeggen: er moet opgeschaald worden. Zo’n brandsto-fembargo komt nu dus niet uit de lucht vallen; het is niet het begin van hettraject.Minister Van Weel:Nee, het komt niet uit de lucht vallen; het komt uit Spanje vallen. Ik zeg:wij hebben als land ons eigen pakket aan maatregelen die we nemen.Soms zullen wij ergens in vooroplopen. Soms zullen andere landenergens in vooroplopen. Natuurlijk neem ik die verplichting uit hetGenocideverdrag zeer serieus. Ik kom zo nog terug op hoe wij omgaanmet die kwalificatie, al zal dat geen verrassing voor u zijn. Ook al vindenwij dat er nog onvoldoende grond is vanwege gebrek aan uitspraken vanonder anderen internationale rechters over de vraag of de genocide nubewezen is of niet, dan nog hebben we onder het Genocideverdrag eenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325351 verplichting om een genocide te voorkomen als die dreigt of als daar eenvermoeden van bestaat. Die verplichting nemen we dus heel serieus.Maar ik vind ook dat ik als onderdeel van die verplichting moet zorgen datik invloed heb op de actor die deze rode lijnen overschrijdt. Nederland iseen klein land, maar we kunnen onevenredig veel invloed hebben opzaken als we dat op een slimme en gedoseerde manier doen. Dat is mijnstreven. Ik kan niet praten over hoe u de afgelopen anderhalf jaar heeftervaren. Maar dit is wat ik wil gaan doen. Ik hoop dat u me in ieder gevalhet vertrouwen wilt geven dat het vanuit dezelfde intentie komt, namelijkom te zorgen dat het gedrag verandert. We reageren dus ook op deontwikkelingen die we zien. Daarom zei ik ook: dit is geen statischgegeven; dit zal dynamisch blijven. Elke keer zal een actie nieuwe reactieshebben.De voorzitter:De Minister kan zijn betoog vervolgen.Minister Van Weel:De laatste aankondiging die ik heb gedaan in de brief is dat wij deoutcome declaration ondersteunen zoals die door Frankrijk en Saudi-Arabië samen met de Arabische Liga en anderen is opgesteld en die zalworden besproken tijdens de conferentie in New York op 22 september. Ikdenk dat dat een goede stap is. Er wordt daarin een aantal stappen gezet,waarbij ook de Arabische Liga zich verenigd heeft rondom een aantal keythema’s. We hebben het al gehad over erkenning. Wij verlaten niet onsstandpunt over het tijdstip van erkenning. Wij doen dat als onderdeel vanhet politieke proces. We hebben daar ook geen verdere voorwaarden aanverbonden zoals andere landen soms wel doen. Maar wij kiezen daar welons moment voor. Desondanks onderschrijven we deze declaratie.En dan kom ik op de medische hulp.De voorzitter:Voordat u dat doet, is er nog een vraag van de heer Van Baarle.De heer Van Baarle (DENK):Ja, over de mogelijke maatregelen in de richting van Israël. De Neder-landse regering poogt, middels het in Europa bepleiten van hetopschorten van het handelsdeel van het EU-associatieakkoord, ook ombevordering van handel met Israël in Europees verband aan banden teleggen. Nu lukt dat Europees niet. Mijn vraag aan de Minister is of hij danbereid is om nationaal te kijken of handelsbevorderende maatregelen dieNederland neemt, nationaal kunnen worden aangescherpt. Denk aaneconomische activiteiten vanuit de ambassade of advies richtingondernemingen in Nederland, maar ook aan het aanscherpen van hetontmoedigingsbeleid. Is de Minister bereid dat te doen?Minister Van Weel:Wat betreft de bezette gebieden en nederzettingen is er al sprake vanontmoedigingsbeleid vanuit de Nederlandse overheid. Een verbod kunnenwe daar niet op zetten op dit moment, maar ontmoedigingsbeleid vaneconomische activiteit is er wel. Op dit moment vinden er natuurlijk ookgeen handelsmissies plaats naar Israël et cetera. In die zin wordt er dusniks aan handelsbevordering gedaan. Maar dat is nog wat anders dan alleeconomische banden met Israël nu doorsnijden. Dat is toch echt een stapte ver.De voorzitter:Dit is uw laatste interruptie.De heer Van Baarle (DENK):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325352 Ik vraag de Minister niet naar handelsmissies. Ik vraag de Minister heelconcreet naar het volgende. We hebben handelsbevorderende activiteitenmet Israël, bijvoorbeeld via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.Die geeft ondernemingen advies en prijst Israël aan als een soort techhubin de wereld, waar je als ondernemer goed geld kan verdienen. Naar mijnweten is er nog steeds een economische divisie van de ambassade in TelAviv. Dat soort zaken zou je nationaal kunnen afschalen. Die handelsbe-vorderende maatregelen worden Europees niet afgeschaald, want daar isgeen meerderheid voor. Wij zeggen dan: Israël schendt het internationaalrecht, dus het is niet gepast om dat te doen. Is de Minister bereid die stapnationaal te gaan zetten?Minister Van Weel:Op dit moment niet. Eén, omdat ik niet het Nederlandse bedrijfslevenonevenredig wil benadelen ten opzichte van andere EU-landen. Twee,omdat wij er op dit moment nog niet voor hebben gekozen om deze stapunilateraal te zetten. Het bestaat nog wel.De voorzitter:Dan gaat mevrouw Teunissen daarop door.Mevrouw Teunissen (PvdD):Ja, zeker, want de Minister doet nu toch een beetje alsof het een gewonesituatie is, waarin we Nederlandse bedrijven en hun handel gewoonmoeten kunnen bevorderen, ook in Israël. Maar er is sprake van genocide.Nederland heeft wel degelijk nog steeds handelsbevorderende activi-teiten. Dat heeft de heer Van Baarle net ook goed toegelicht. We hebbenhet Innovatie Attaché Netwerk. Dat valt onder de RVO en zit gewoon inIsraël. Je kan zelfs op de website ervan lezen: als u in Israël handel wiltdrijven, dan kunt u dat zo en zo doen. Dat lijkt me echt niet gepast in eensituatie waarin we te maken hebben met genocide. Ik vraag de Ministerdus om in ieder geval de banden die wij nu hebben, die handelsbevorde-rende maatregelen, op een rij te zetten en in een brief naar ons te sturen.Minister Van Weel:Dat wil ik in de volgende rapportage prima doen. Ik wil wel opmerken: eris op dit moment geen sprake van een algemene handelsboycot. We gaandus geen verbod opleggen, maar de handelsbevorderende maatregelenwil ik wel voor u op een rij zetten.De voorzitter:Heeft u daar ook al een termijn voor?Minister Van Weel:Twee weken.De voorzitter:Straks lees ik de toezegging nog wel even voor. De Minister kan verdermet zijn betoog en gaat het nu hebben over de medische hulp.Minister Van Weel:Medische capaciteit in de regio. U heeft de brief gelezen. Ik heb deafgelopen dagen veel tijd besteed aan mijn contacten om te kijken wat wijkunnen doen voor medische capaciteit in de regio. Ik kies daarvoor – dat isdoor de heer Van der Burg al goed toegelicht – omdat wij vinden dat daarop de meest effectieve en efficiënte manier hulp kan worden verleend. Datwordt ook absoluut niet tegengesproken door alle spelers die ik in deregio heb gesproken. Desgevraagd gaven de meeste spelers die ik sprakook aan absoluut te zitten met wensen die hen zouden kunnen helpen opkorte termijn om de capaciteit te verbeteren dan wel te vergroten. Dat zietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325353 op materieel, in sommige gevallen op personeel, soms ook op medicijnenet cetera. Ik ben op dit moment aan het inventariseren. De 25 miljoen diewe hiervoor hebben vrijgemaakt, is echt een groot bedrag, zeker om daarin de regio te kunnen wegzetten. We hebben een traject gestart met deacutezorginstanties hier in Nederland, met VWS – dat is het interdeparte-mentale traject waarop werd gedoeld – om te kijken of wij op heel kortetermijn de vraag en het aanbod op elkaar af kunnen stemmen om tezorgen dat we echt een impuls geven. Laat ik zeggen dat er lang door uonderling hierover is gesproken. Wat voorop moet staan, is dat we watdoen aan de schrijnende situatie waarin deze patiënten zich bevinden. Datis mijn doel. Daar wil ik graag op afgerekend worden.Ik wil ook graag kijken of ik andere landen daarin mee kan nemen. Hetziekenhuis in Hebron op de Westbank werd al genoemd. Ik wil kijken of weIsraël kunnen bewegen om evacuaties daarheen toe te staan. Dat wil dePalestijnse Autoriteit ook. Die wil graag dat Palestijnse kinderen in dePalestijnse gebieden worden opgevangen, omdat ze daar meer bandenhebben. We hebben op dit moment ook het probleem dat Israël niemandterug schijnt te laten de Gazastrook in. Dat betekent dat families daarbijdus ook worden gescheiden. Ook daar wil ik me hard voor maken, dus,één, dat er een grotere stroom evacuaties uit de Gazastrook op gang kankomen en, twee, dat mensen, indien ze dat willen, ook weer terug kunnennaar hun familie in de Gazastrook.Nou, ik kan daar heel lang bij stilstaan. Ik weet dat we daar niet allemaalop één lijn zullen komen, maar ik geloof in dit spoor; ik geloof dat dit demanier is waarop wij echt het verschil kunnen maken voor zo veelmogelijk kinderen en patiënten uit Gaza.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Het is niet het een of het ander. U kunt dit spoor blijven bewandelen. Wezien nu dat Gazaanse kinderen Gaza al hebben verlaten en in omliggendelanden als het ware vastzitten. Die omliggende landen zeggen dat erspecialistische zorg nodig is en ook Nederland kan daar een bijdrage aanleveren. Dus ik wil dat u daarop reflecteert. U zegt elke keer: ik zet eenspoor in. U wil dat u ingaat op wat de mogelijkheden zijn hier inNederland, gezien alle bereidheid die er is.Minister Van Weel:Ik snap de bereidheid. Ik geloof alleen nog steeds dat opvang in de regiobeter is voor de kinderen, dat we daar meer kunnen bereiken met mindermiddelen en dat we nog steeds, ook vanuit hier, een bijdrage kunnenleveren, zowel materieel als met personeel, om daar de noden te lenigen.Ik vind dat een betere manier dan een aantal kinderen ... Want laten weeerlijk zijn: naar al die Europese landen ... We hebben het hier echt overeen druppel op een gloeiende plaat. Het gaat mij niet om symboolpolitiek.Ik wil dat er echt wat gebeurt, iets wat helpt en wat bestendig is. Ik geloofin dit spoor en daarom heb ik daar acuut 25 miljoen euro voorvrijgemaakt.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Voorzitter, ik vind echt ...De voorzitter:Nee, nee.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Ik maak een punt van orde. Een persoonlijk feit.De voorzitter:Ja, maar dan geef ik u het woord nu.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325354 De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Gezien de manier waarop ik dit probeer – ik heb de afgelopen dagenuitgezocht wat Nederland kan doen aan capaciteit en dat heb ik ookgecheckt bij umc’s – en de bereidheid bij ziekenhuizen, vind ik «symbool-politiek» niet het goede woord. Laten we dat gewoon niet doen. Het is eenheel serieus voorstel. Ik zeg dat het spoor dat u bewandelt prima is, maarkijk ook vanuit menselijkheid en barmhartigheid naar de bereidheid die erhier is. Ik vind dit gewoon niet de manier waarop we met elkaar dit debatmoeten voeren. Ik zeg het gewoon even, want dit is gewoon niet zoals hetzou moeten.Minister Van Weel:Het is niet dat er geen barmhartigheid zit in het spoor van opvang in deregio. Ik spreek ook met landen in de regio en ik ben daar niet gevraagdom kinderen naar West-Europa te evacueren. De meeste van mijngesprekpartners zeggen: wij vinden dat deze kinderen hier in de regiomoeten worden opgevangen; wij willen dat graag hier op een goedemanier doen. Het is niet zo dat alle ziekenhuizen in de regio niet voldoenaan de standaarden zoals wij die zien. Dus ik waardeer ontzettend hetaanbod van UMC Utrecht en het AMC om hulp te bieden. Ik zeg alleen:laten we in gesprek gaan en kijken wat we daar kunnen bieden in plaatsvan kinderen hierheen halen. Dat is namelijk ook niet zo eenvoudig als hetlijkt. Dat blijkt ook uit de gesprekken die ik heb gehad met een aantal vanmijn Europese collega’s. Want uiteindelijk komt een kind niet alleen. Jezult dan screening moeten doen en dan komt daar weer een vraag... Nouja, ik noemde het al. Israël heeft op dit moment een agenda waarin hetlijkt dat ze degenen die Gaza uitgaan Gaza niet meer inlaten. Dat betekentdat je mensen ontworteld elders achterlaat. Ik geloof in het spoor in deregio. Daarom ga ik daar nu voor. Daar zit al mijn effort in.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Dan blijft wel de vraag liggen of je als er een verzoek ligt van heel veelziekenhuizen en gemeenten, dat dan gewoon keihard afwijst. Dat is dande simpele vraag die nu voorligt. 74 zetels willen dit. Stel dat dit er overtwee weken of een week of morgen 76 worden. Gaat u dan de wens vaneen Kamermeerderheid uitvoeren? Bent u dan bereid om tot uitvoeringover te gaan van een wens van een Kamermeerderheid? Dat is gewooneen heel simpele vraag aan deze Minister.Minister Van Weel:Ik ben bezig op dit spoor. Ik geloof hierin. Ik ga laten zien dat we hier eenverschil gaan maken.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Zo debatteren we hier niet met elkaar. Ik probeer goed te luisteren naarwat de Minister zegt. Het spoor dat u in de regio inzet is prima, maar ik leger iets naast, additioneel, wat wij hier kunnen doen, net als andere landen.Dan moet u wel ingaan op mijn vraag. Die vragen hebben betrekking ophier. Gaat u de wens van een Kamermeerderheid uitvoeren? Dat was deeerste vraag. En die kan er gaan komen, zeg ik ook gelijk. Dan wil ik ookheel graag horen wat het kabinet doet als die Kamermeerderheid er is.Want er is bereidheid. Alle actoren die dit zouden kunnen doen inNederland, kunnen dit. Het is politieke onwil die ik hier proef en dat is hetdan ook.Minister Van Weel:Ik denk niet dat het politieke onwil is. Het is een andere manier van kijkennaar hoe we hetzelfde probleem ... Dat is namelijk waar het om gaat. Hetgaat niet om kinderen naar Nederland halen. Het gaat hier om kinderenhelpen. Het gaat er hier om kinderen adequate medische zorg te bieden. IkTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325355 vind dat dat in de regio moet gebeuren. Daar sta ik ook niet alleen in endaar zet ik nu op in.De voorzitter:Mevrouw Dobbe en daarna mevrouw Teunissen.Mevrouw Dobbe (SP):Symboolpolitiek is het natuurlijk nooit als je levens kan redden. Opvang ofin ieder geval zorg in de regio is wat iedereen wil. Dat is ook waar deWereldgezondheidsorganisatie om vraagt: zorg in de regio. Maar zijzeggen ook: dat zal niet voor elk kind kunnen. En dat is ook logisch, wanter zijn nu ontzettend veel kinderen die acute medische zorg nodig hebben.Er zal dus een groep kinderen zijn voor wie we niet snel genoeg decapaciteit in de regio kunnen opschalen, waarvan de Minister nu zegt datdie niet voldoende is. Die kunnen we niet snel genoeg opschalen. Dat isook een groep kinderen die bijvoorbeeld al in Egypte zit, dus die kunnenvanuit Egypte naar Nederland en weer terug naar Egypte, waar ze nu alzitten, zonder dat dat het probleem van wel of niet in Gaza of het scheidenvan families op zou leveren, want Israël heeft al toestemming gegevenvoor die medische evacuaties. Die kinderen zijn al in Egypte. Zou deMinister dan bereid zijn om in ieder geval naar die groep kinderen tekijken?Minister Van Weel:Ik heb het spoor dat ik ga volgen, uiteengezet. Ik heb contact gehad metmijn Egyptische collega, ik heb contact gehad met mijn Jordaansecollega, ik heb contact gehad met mijn collega van de PalestijnseAutoriteit. Ik geloof in dit spoor. Ik geloof dat wij hier een verschil kunnengaan maken. Ik heb vandaag aan Duitsland gevraagd – Duitsland doet ookgeen medische evacuaties – om hier samen op te trekken, om onzekrachten te bundelen. Daar staan ze welwillend tegenover. Dus ook diecontacten zullen wij voortzetten. Ik geloof echt dat als wij hier een coalitieopzetten, als wij hier vaart maken, als wij hier de kennis en de middelendie wij hebben verenigen, wij heel goed in staat zijn om op heel kortetermijn wel te zorgen voor die adequate zorg in de regio.De voorzitter:U heeft geen interruptie meer, mevrouw Dobbe. De heer Mohandis moetwachten. Ik ga nu het woord geven aan mevrouw Teunissen. U heeft ervijf gebruikt, mevrouw Dobbe. Mevrouw Teunissen.Mevrouw Teunissen (PvdD):We hadden allang vaart moeten maken. Deze discussie is er niet voor heteerst en inmiddels zijn 137 kinderen die wachtten op die medisch-specialistische hulp overleden. Het is een valse tegenstelling die deMinister schetst, van: we doen of de regio of we vangen hier kinderen op.Nee, het is en-en. Met toestemming van Israël zijn er kinderen naar Egyptegegaan. Die zitten daar te wachten en die kunnen geen kant op. Dat zijn defeiten waar we mee te maken hebben. En de Minister lijkt het beter teweten dan al die hulporganisaties. Mijn vraag is dus gewoon: als al dieomstandigheden er zijn en als we de capaciteit in Nederland hebben,waarom zouden we dan die paar kinderen niet helpen?Minister Van Weel:Het gaat niet om niet kinderen willen helpen. Het gaat om de wijze waaropwe dat doen. Het wordt op dit moment niet en-en. Wij zetten in op opvangin de regio. Daar gaan we ontzettend veel effort in stoppen. Daar gaan wegeld in stoppen. Daarover zijn we inmiddels in contact met de medischewereld, om te kijken welke bijdrage zij kunnen leveren. We zullen drukgaan zetten op Israël om ook opvang bijvoorbeeld op de Westbank, in hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325356 ziekenhuis in Hebron, toe te laten. Dat is de keuze die wij maken. Ook daarzijn wij niet alleen in. Landen als Zweden, Denemarken, Duitsland eninmiddels ook Frankrijk, kan ik u vertellen, zitten op precies hetzelfdespoor. We gaan dus heel veel doen. Ik vind dat we dat verplicht zijn.Niemand wil kinderen zien lijden. Dit is het spoor dat wij op dit momentkiezen.De voorzitter:Uw laatste interruptie, mevrouw Teunissen.Mevrouw Teunissen (PvdD):Tot slot dan. Wat we doen, geld sturen en mensen sturen, is precieswaarvan hulporganisaties zeggen: dat is heel goed, want we willen ookdat zo veel mogelijk mensen in de regio opgevangen kunnen worden.Maar er zitten kinderen bij die bijvoorbeeld meerdere fracturen hebben,wat een interdisciplinaire aanpak vergt. Daarvoor hebben we in Nederland– ik citeer letterlijk een organisatie – kinderziekenhuizen gericht opspecifieke operaties. Medisch specialisten daarnaartoe brengen is niet deoplossing, want je hebt vaak een heel team van artsen nodig voorbepaalde behandelingen. Dus het gaat om die heel specifieke behande-lingen. Dat gaat dus ook om maar een paar kinderen. Dan vraag ik aan deMinister: als hij denkt dat die regioaanpak voor deze kinderen werkt, waarbaseert hij dat dan op? Weet hij dat dan beter dan deze organisaties?Minister Van Weel:Dan worden we tegenover organisaties gezet, tegenover elkaar gezet. Ja,ik geloof dat we ook voor deze kinderen opvang in de regio kunnenverzorgen. Er zijn ook landen in de regio die uiterst hoogstaande zorghebben, ook op het gebied van kinderzorg, die op dit moment nog weinigdoen. Ik wil ook kijken of we daar meer beweging in kunnen krijgen.Nogmaals, het is geen principiële kwestie. Het is gewoon een kwestie van:waar vinden wij dat wij het meeste effect kunnen hebben. We gaan hetdaar doen.De voorzitter:Meneer Mohandis nog.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Wat ik lastig vind, is dat er best veel vragen zijn gesteld door mijn fractieover dit punt. Ik wachtte even of de Minister klaar was met zijn blokjeevacuaties, want ik heb nogal wat vragen gesteld die nog niet beantwoordzijn. Laat ik één concrete vraag noemen. Heeft uw ministerie, de Minister,of VWS of Defensie al contact met ziekenhuizen hier in Nederland over decapaciteit die beschikbaar is hier in Nederland? Dat soort vragen heb ikgesteld en ik ben benieuwd of daar nog antwoorden op gaan komen.Minister Van Weel:Er is contact via de koepel met de ziekenhuizen, maar, nogmaals, nietgericht op het inventariseren van de capaciteit hier, want wij maken nietde keuze voor het evacueren naar hier. Wij maken de keuze voor kijkenhoe wij de opvang in de regio kunnen doen. Daarover lopen contacten.We hebben dus ook een medisch contactpunt geopend waardoor we dekoppelfunctie voor wat we kunnen doen, wat er nodig is in de regio enwat we kunnen bieden vanuit Nederland, kunnen versterken. Dus op diemanier lopen die contacten op dit moment.De voorzitter:Ja, meneer Mohandis. Deze telt dan echt als interruptie. Dat is uw laatste.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325357 Ja, zeker. Dit is dan de interruptie. Dan kan ik de interruptie doen. Dat islastig als de vraag niet beantwoord is. Is er dan al een ziekenhuis ofmedisch centrum ... Er is een inventarisatie gedaan om te kijken wat wedan in de regio meer kunnen doen. Is er al een medisch specialist die zegt:stuur me daar maar naartoe en dan met het hele team dat nodig is vooroncologische kinderzorg? Gewoon specialistische zorg, met het helepakket – dat kan eigenlijk helemaal niet, als je kijkt naar wat hier nodig is –om dat allemaal daar naartoe te sturen? Zij geven aan dat het inefficiënten te duur is. Dus ik ben heel erg benieuwd wat de concrete opbrengst isvan de inventarisatie.Minister Van Weel:We hebben dit gisteren in gang gezet. Ik heb ook gisteren de aankon-diging gedaan van dit pakket. Daarover zijn de contacten gelegd metVWS. Dus vandaag is echt nog te vroeg, maar u zult daar echt van op dehoogte gehouden worden, ook in de komende weken.Mevrouw Koekkoek (Volt):Ik hoor de Minister een heel aantal keer herhalen: ik geloof dat dit degoede route is. Dan wil ik aan de Minister vragen waarom hij gelooft datde diplomatieke route van druk zetten op landen die nu nog niets doen, inde woorden van de Minister zelf, om ervoor te zorgen dat die medischezorg verleend wordt, dat die capaciteit vergroot wordt, een snellere routezou zijn dan de route van al medisch geëvacueerde kinderen naarNederland brengen, terwijl in Nederland al ziekenhuizen en gemeentenzeggen: dit kunnen wij faciliteren. Ik wil graag horen waarom de Ministerdan zo gelooft in die diplomatieke route, dat die veel sneller zou zijn.Minister Van Weel:Het is niet alleen de diplomatieke route. Dat is het openen van nieuwekanalen. Er zijn ontzettend veel kanalen en die ngo’s helpen ons ook in deregio om dat te doen. We gaan daar noden lenigen. Ik heb de Egyptischecollega gesproken. Die zei: we hebben niet zozeer een capaciteitspro-bleem, maar we hebben een tekort aan bijvoorbeeld, heel triest, prothesesom daarmee kinderen te kunnen helpen en aan vaccinaties. Dat zijnallemaal zaken waar wij bij kunnen helpen. Ik geloof ook dat er echtontzettend veel medische experts zijn die wel bereid zijn om te gaankijken. Ik wil weten of ziekenhuizen al banden hebben met ziekenhuizen inde regio waar we gebruik van zouden kunnen maken om bijvoorbeeldzonder accreditatieproblemen specialisten in te zetten. En ja, ik wil ookinzetten op landen die daar op dit moment nog onvoldoende in doen enkijken wat ze nodig hebben om dat wel te doen. Het is dus alles tegelijkwat mij betreft. Nogmaals, ik ben enorm gemotiveerd om hier een succesvan te maken. En een succes klinkt wrang, want het is het beter makenvan de ontzettend slechte situatie zoals die nu is.De voorzitter:U laatste interruptie, mevrouw Koekkoek.Mevrouw Koekkoek (Volt):De Minister zegt: we doen alles tegelijkertijd. Dat is nou net het punt waareen heel aantal collega’s en ikzelf ook op duwen: nee, we doen niet allestegelijk. Deze Kamer zegt: «Heel goed. Twee sporen, ga ervoor. Kijk watwerkt. Kijk waar je inderdaad in de regio dingen nog kan verbeteren. Alledingen die de Minister opnoemt, zijn hartstikke goed. Maar kijk dan ooknaar de groep die nu op heel korte termijn heel uitgebreide zorg nodigheeft. Dat is niet een heel grote groep. Dat laten andere landen in Europaons al zien. Kijk daar dan ook naar.» De Minister houdt hier vast aan eensoort stellige overtuiging. Daarom refereer ik ook aan het feit dat deMinister zegt: ik geloof, ik geloof, ik geloof. Waarom gelooft de MinisterTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325358 dat een eenspoorbeleid zo veel beter is dan dat tweesporenbeleid? Dathoor ik niet terug, behalve dan – dat is dan mijn eigen invulling – dat heteen politieke keuze is. En dat zou heel wrang zijn.Minister Van Weel:Het geloof komt er ook vandaan dat ik dat hoor van collega’s in de regio,dat ook zij vinden dat het beter is om die kinderen niet naar West-Europate halen, maar om ze op te vangen in de regio. Dan vind ik dat we ookverplicht zijn om te zorgen dat we daar ook alles doen wat we kunnendoen. Daarom kies ik niet voor een tweesporenbeleid.De voorzitter:De Minister vervolgt zijn betoog.Minister Van Weel:Ik denk dat we dit onderwerp nu voldoende hebben uitgediept. Ik denkook niet dat we het eens worden. Ook daar heb ik respect en begrip voor.Laten we dat gesprek blijven voeren. Ik zal u zo spoedig mogelijkrapporteren over dit spoor. Nogmaals, dit is geen kwestie van maanden. Iksnap de acuutheid. Dat is ook hoe ik deze operatie zie.Er werd nog gevraagd naar de Sumud Flotilla. Wat doet het kabinet omaanvallen op deze humanitaire vloot te stoppen? Wij delen de zorgen vande initiatiefnemers over de situatie in de Gazastrook en natuurlijk over dehumanitaire hulp. We hebben het niet alleen daarover. Wij vinden niet datdit «flotilla» nu de geëigende weg is om die humanitaire hulp te leveren,maar dat we dat beter kunnen doen via de organisaties die er zijn. Ik snapnatuurlijk wel dat het afgeven van een politiek signaal een van deoogmerken is van de initiatiefnemers. Maar als het echt gaat omhumanitaire hulp, denk ik dat er betere routes zijn. Wat betreft deNederlanders die daar aan boord zijn en eventuele arrestaties: wij hebbenvia het Ministerie van Buitenlandse Zaken de Israëlische autoriteitenopgeroepen om de veiligheid van de Nederlandse opvarenden tegaranderen en als ze worden gedetineerd, ontvangen zij, zoals we eerderhebben geconstateerd, natuurlijk ook gewoon reguliere bijstand van deambassade.Dan genocide. We hebben er al even bij stilgestaan, dus ik zal kijken welkezaken ik nog moet behandelen. We hebben het over het IGH gehad. Dat iseen van de autoriteiten waar wij natuurlijk wel naar kijken, naar de zaakdie daar loopt en de uitspraak die daar komt, als gezaghebbend. Zoalsgezegd bekijk ik de mogelijkheid om een interventie in te dienen in dezaak van Zuid-Afrika tegen Israël.Mevrouw Teunissen vraagt: waarom wachten we op die uitspraak van hetInternationaal Gerechtshof? U weet dat het standpunt van het kabinet isdat «genocide» een uiterst serieuze kwalificatie is en dat we daarom in deregel terughoudend zijn om situaties als genocide te kwalificeren. Omgenocide vast te stellen, moet aan alle elementen uit de juridischedefinitie van «genocide» worden voldaan, dus het aantonen van een ofmeerdere handelingen uit het Genocideverdrag en van een genocidaleopzet. Dat is een hoge bewijslast en juist het IGH is in staat om dit teonderzoeken. Dat neemt niet weg dat we alle signalen en alle rapportendie uitkomen wel degelijk serieus nemen, en dat we die ook meewegen inde maatregelen die we nemen. Nogmaals, we hoeven niet te wachten opde vaststelling van een genocide om ons conform het Genocideverdrag inte spannen om ook bij vrees voor een genocide of überhaupt de dreigingdaarvan maatregelen te nemen. Ik zie ook alles wat wij hier doen alsonderdeel van de inspanning om dat te voorkomen.De heer Van Baarle had het over medeplichtigheid. Ik weet niet of hij daareen antwoord op wil. Ik kan daar een juridisch antwoord en een politiekantwoord op geven. Ik beschouw mijzelf niet medeplichtig aan misdrijven.Dat ben ik juridisch ook niet, omdat dat alleen aan de orde is als je directeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325359 hulp of bijstand verleent aan een land dat een internationaal onrecht-matige daad pleegt. Dat doen wij niet. Ik denk dat onze inspanningen ernu juist op gericht zijn om te zorgen dat we de situatie daar verbeteren,dat we komen tot een staakt-het-vuren en dat uiteindelijk datgene wat inieder geval een grote meerderheid van de Kamer, met uitzondering vanonder andere zijn partij, wil niet uit zicht raakt, namelijk een tweestatenop-lossing. Dat is de grote vrees die we natuurlijk hebben, dat dat op eengegeven moment uit zicht raakt. We moeten er alles aan doen om dat tevoorkomen.Dat brengt mij bij de tweestatenoplossing en hoe we daarmee omgaan inNew York. Ik heb al even benoemd dat we in ieder tijdens de AlgemeneVergadering van de Verenigde Naties de conferentie High-Level Weekhebben, op 22 september. Daar zullen wij aan deelnemen. We betreurenhet dat de Amerikaanse overheid geen visa heeft verleend aan dePalestijnse delegatie, maar zijn blij dat ze in ieder geval hebben toegezegdom deel te nemen via video conferencing. Er is natuurlijk de oproep vanonder anderen de oud-Ministers om te werken via de AVVN. Er wordt inde AVVN regelmatig over Gaza gesproken. In verschillende resolutieswordt expliciet opgeroepen tot een staakt-het-vuren, tot betere humani-taire toegang en tot vrijlating van de gijzelaars. We zien echter helaas ookdat op het moment dat de Veiligheidsraad verdeeld is, een resolutie vande AVVN niet het gewenste effect heeft. Dat geldt ook voor het daadwer-kelijk instellen van een vredesoperatie, want dan kan de AVVN geenbindende besluiten nemen. De AVVN blijft eraan gebonden om tehandelen binnen het mandaat van het Handvest en dat betekent datbeslissingen over de handhaving van de internationale vrede en veiligheidalleen door de VN-Veiligheidsraad kunnen worden genomen. Via de routedie wordt genoemd, de Uniting for Peace, de resolutie 377, is eenVN-vredesmissie gewoon geen geloofwaardige optie. Het is dus niet dat ikme niet zou willen inspannen voor enige vorm van VN-autoriteit in ditconflict, want ik zie ook dat dit ontbreekt, maar de route die genoemdwordt, zie ik niet als een haalbare. Daarnaast zullen we natuurlijk doen water kan.De heer Kahraman zei «pijnlijk dat Oxfam Novib de vorige Ministerpersoonlijk aanviel en dehumaniseerde» en vroeg wat mijn reactie daaropop is. Ik vind het onacceptabel dat de persoonlijke integriteit van mijnvoorganger daarmee in kwestie is gesteld. Ik zal u ook eerlijk zeggen dater een heleboel mensen zijn die mij zeker niet hebben gefeliciteerd methet aanvaarden van deze functie, maar die mij heel veel sterkte hebbengewenst. Dat hangt samen met de sterke emotie die er hangt rondom ditonderwerp. Daar heb ik begrip voor. Ik snap het. We zien allemaalverschrikkelijke beelden. Dit maakt een hoop los in onze maatschappij endaar moet ook plek voor zijn, maar het kan niet zover gaan dat we mensenin een publieke functie demoniseren of dehumaniseren op basis van hetbeleid dat ze uitvoeren. Ik zeg dat nu over mijn voorganger, want het ismijzelf niet ten deel gevallen, en ik hoop ook dat dat zo blijft. Ik vind datdaar wel een grens is overschreden. Ik heb gezien hoe dat hempersoonlijk ook heeft geraakt.Laat ik nog zeggen – daarmee ben ik aan het einde van mijn termijn – datik wel blij ben met de toon van het debat vandaag. Ook hier geldt dat wijhet niet eens zullen zijn over alles, maar dat we het, zoals ik aan het beginvan mijn betoog zei, over 80% van de zaken die wij nastreven eens zijn.Het is de route waarlangs we komen waarvan ik denk dat we af en toeflink zullen knetteren, van mening zullen verschillen. En ook dat mag. Ookdat hoort in deze zaal. Maar ik wil u wel danken voor de constructievetoon waarop we in ieder geval het debat hier nu voeren.De voorzitter:Dank aan de Minister voor zijn termijn. De heer Stoffer heeft nog eeninterruptie volgens mij. Klopt dat? Dat is uw laatste.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325360 De heer Stoffer (SGP):Ik heb op z’n minst een vraag waar ik geen antwoord heb gekregen. Dat isde vraag over de motie die de heer Diederik van Dijk, mijn collega, inaugustus heeft ingediend om maximale druk te zetten op landen diebescherming of bijstand bieden aan de leiders en het netwerk van Hamas.Ik vind het wel gepast om daar antwoord op te krijgen. Het gaat de heleavond om de druk die op Israël wordt gezet, waar ik me overigensbepaald niet in kan vinden. Ik zou deze vraag andersom, waar de Kamerook een uitspraak over heeft gedaan, wel graag beantwoord zien.Minister Van Weel:Ik sluit mij aan bij de woorden van mijn kortstondige voorgangerBrekelmans, die heeft gezegd: ja, ik wil daar heel graag uitvoering aangeven. We zullen ons daar hard voor maken, waarbij er wel smaakver-schillen zijn tussen het ene en het andere land. Ik geloof dat hij zelf hetvoorbeeld gaf van Iran versus Qatar. Daar zit een verschil tussen, zoals ikook eerder in deze vergadering zei. Qatar probeert een constructieve rol tespelen in het tot een einde brengen van het conflict. Iran heeft naar mijnweten in de recente geschiedenis nog nooit ergens een constructieve rolwillen spelen. Die gradatie in acht nemend geven we daar uitvoering aanen zullen we daarmee voorwaarts gaan.De heer Stoffer (SGP):Maar wat betekent dit concreet? Als de Minister zegt dat hij hier nu nietdirect antwoord op kan geven, zou hij dan op z’n minst terug kunnenkomen op wat voor maatregelen er worden getroffen? Ik snap dat dat nietkan waar dat diplomatiek heel gevoelig ligt, maar ik zou graag iets meerconcretisering hebben dan er nu komt, want nu heb ik het gevoel: wat isdit dan?Minister Van Weel:Ook dit is iets wat wij niet in isolement kunnen en willen doen. Dit is dusiets wat in multilateraal verband zal gebeuren. Daar spannen we ons dusvoor in en we zullen daarover rapporteren, zeker naar aanleiding van deRBZ, want ik denk dat dat de hoofdplek is waar we hier invulling aangeven.De voorzitter:De heer Kahraman mag nog interrumperen.De heer Kahraman (NSC):Ik had nog een vraag gesteld met betrekking tot de gijzelaars. Ik heb eenvader van een gijzelaar beloofd dat ik aandacht zal blijven vragen voor degijzelaars, ook omdat ze nu al 700 dagen gevangen zijn door Hamas in diehorrortunnels. Ik zou graag echt van de Minister willen weten welke drukwij als Nederland en Europa uitoefenen om deze gijzelaars vrij te krijgen.Ik laat even in het midden of dat druk op Israël moet zijn of druk opHamas. Ik wil gewoon graag weten welke actie Nederland en de EUondernemen om de gijzelaars vrij te krijgen.Minister Van Weel:Dat was een van de eerste vragen die ik meende te beantwoorden.Natuurlijk streven we naar een staakt-het-vuren en een overeenkomstover het vrijlaten van alle gijzelaars. Ik was eind vorige week hoopvol datwe in de buurt daarvan zouden gaan komen en dat er in ieder geval weergesprekken gaande waren. Ook mijn Egyptische collega had ik daaroveraan de lijn. De gebeurtenissen in Qatar dragen, zoals wij gisteren in onzereactie ook hebben gesteld, naar onze mening niet bij aan een spoedigstaakt-het-vuren. We zullen nu dus weer moeten kijken hoe dit stofneerdaalt en hoe dit weer kan worden opgepakt, maar wij geloven dat datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325361 de snelste weg is naar het veilig thuiskeren van de gijzelaars die nogverblijven in Gaza-Stad. Het is terecht dat u daar aandacht voor vraagt.De voorzitter:Dan zijn we nu echt aan het einde van de eerste termijn van de zijde vande Minister gekomen. Er is morgen al een tweeminutendebat. Ik kijk evenwaar nu behoefte aan is. Moeten we weer een hele tweede termijn doen?Dat lijkt me qua tijd lastig. Is er nog behoefte aan het nu stellen van eenhele prangende vraag, zodat die morgen niet gesteld hoeft te worden?Dan kan ik daar nog gelegenheid voor bieden, maar dan moet het welecht een nieuwe vraag zijn, met het oog op het debat van morgen.Mevrouw Teunissen (PvdD):Laten we wel een korte tweede termijn doen.De voorzitter:O, wel een korte tweede termijn? Dan weet ik niet ...Mevrouw Teunissen (PvdD):Maar we moeten ook een tweeminutendebat aanvragen.De voorzitter:Ja, dat gaan we sowieso doen, maar ik weet niet of het lukt om deMinister nu ook nog te laten antwoorden. Dat is mijn probleem. Ik kanjullie allemaal wel het woord geven. Anders moet de Minister sommigevan uw vragen misschien morgen beantwoorden.De heer Paternotte (D66):Ik zou zeggen: laten we morgen een tweeminutendebat doen. Mocht datniet voldoende zijn, dan spreken we de Minister morgenavond weer overde Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, die ongetwijfeld deelsover hetzelfde onderwerp zal gaan.Mevrouw Teunissen (PvdD):Dus geen tweede termijn?De voorzitter:Nee, nu geen tweede termijn.Mevrouw Teunissen (PvdD):Dan moet het tweeminutendebat nu aangevraagd worden.De voorzitter:Ja, u mag zeker een tweeminutendebat aanvragen.Mevrouw Teunissen (PvdD):Dat wil ik dan bij dezen doen. Er was al een vooraankondiging gedaan,maar bij dezen.De voorzitter:Oké, dat is heel goed. Als er nog iemand een extra interruptie zou willenen nu een vraag wil stellen om morgen tijd te besparen, kan ik daar nunog de kans voor geven.Mevrouw Koekkoek (Volt):Ik heb een vraag die ik nog niet expliciet beantwoord heb gehoord. Ik hadover de Global Sumud ook aangegeven dat een onafhankelijk onderzoekop zijn plaats zou zijn en ik had gevraagd welke stappen het kabinet daaringaat nemen. Dat scheelt morgen weer tijd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325362 De voorzitter:Kan de Minister die vraag beantwoorden?Minister Van Weel:Ik denk dat hier nog veel onduidelijk is. Ook hier zie je dat in de fog of warde narratieven alle kanten opgaan. We zullen kijken wat we voor morgenaan feiten boven water kunnen krijgen, onder andere via de Tunesischeautoriteiten. Laten we zien hoever we daarbij komen.Mevrouw Koekkoek (Volt):«Voor morgen» is zeker gewaardeerd. Ik kan me voorstellen dat ook voormorgen niet alles helemaal duidelijk is. Als de Minister aangeeft dat hijvoornemens is om zo’n onafhankelijk onderzoek in te stellen en om deKamer daar ook over te informeren, zou ik dat dus een goede toezeggingvinden. Dan hebben we waarschijnlijk meer informatie dan wanneer ervoor morgen haastig iets op papier wordt gezet.Minister Van Weel:Ik snap dat u die toezegging ook oké zou vinden, maar die gaat voor mijecht een stap te ver, ook gelet op de verantwoordelijkheid die wij alsNederland hierin hebben. Het is in Tunesische wateren gebeurd. Er is eenTunesisch onderzoek gedaan. Daar lopen de meningen over uiteen. Deinformatie daarover wil ik graag voor u boven water halen, maar ik ziegeen Nederlandse titel op basis waarvan ik nu een eigen onafhankelijkonderzoek zou doen.De voorzitter:Mevrouw Teunissen heeft ook nog een nieuwe vraag.Mevrouw Teunissen (PvdD):Ja, ik heb nog een verhelderende vraag over het handelsverbod, ook voorillegale nederzettingen. De Minister zei dat hij dat simultaan doet metandere, gelijkgezinde landen in Europa. We gaan toch niet wachten totdatal die andere landen ook met een verbod zijn gekomen? We gaan dit tochecht nationaal doen? Oké, ik zie de Minister knikken. Dat is dus eenbevestigend antwoord.Minister Van Weel:Ja, dat is in ieder geval in uw ogen zeker het meest positieve scenario. Hetkan natuurlijk ook zijn dat andere landen wel mogelijkheden zien binnenhun eigen nationale wetgeving, waardoor ze weer sneller zijn. Dan gaanze ook niet op ons wachten.De voorzitter:Oké, volgens mij zijn alle inhoudelijke vragen gesteld. We gaan morgen inieder geval een tweeminutendebat houden. Ik zal de toezeggingen nogeven voorlezen.–De Minister van Buitenlandse Zaken zal in het volgende verslag van deRaad Buitenlandse Zaken rapporteren over de voortgang rond deAMvB inzake het handelsembargo op illegale nederzettingen; dat iseen toezegging aan de heer Paternotte.–De Minister van Buitenlandse Zaken zal voor 31 oktober een brief aande Kamer doen toekomen over zijn besluit over het eventueel indienenvan een interventie bij het Internationaal Gerechtshof in de genocide-zaak van Zuid-Afrika; dat is een toezegging aan mevrouw Koekkoek.–De Minister van Buitenlandse Zaken zal binnen twee weken een briefsturen over de handelsbevorderende maatregelen die hij neemt jegensIsraël. Volgens mij ging dit meer om een inventarisatie.Minister Van Weel:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325363 Van de bestaande maatregelen.De voorzitter:Ja, een inventarisatie van de bestaande maatregelen. De Minister stuurtdus een brief over de bestaande handelsbevorderende maatregelenjegens Israël.Het tweeminutendebat zal morgenmiddag plaatsvinden, met als eerstespreker mevrouw Teunissen.Er is nog een toezegging.–De Minister van Buitenlandse Zaken zal in het volgende verslag van deRaad Buitenlandse Zaken terugkomen op de concrete mogelijkemaatregelen tegen Hamas in het licht van andere landen.Minister Van Weel:Dat betreft de motie van de heer Van Dijk.De voorzitter:Ja, de motie van de heer Van Dijk. Dit is een toezegging in de richting vande heer Stoffer.De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA):De allerlaatste vraag aan de Minister ging over de inventarisatie, ook viaVWS. Toen zei de Minister dat die de komende weken of week wordtuitgekristalliseerd. Komt daar nog een brief over? Daar ging ik een beetjevan uit. Misschien had ik dat even moeten vastklikken, maar dat was welde bedoeling.Minister Van Weel:In de komende weken zal ik met een brief komen over hoe het loopt metdit spoor, met de medische hulp aan de regio.De voorzitter:Dan zal dat als toezegging richting de heer Mohandis worden genoteerd.Dan dank ik nogmaals de Minister en zijn ondersteuning en alle leden. Ikwens u een goede reis naar huis en een goede nachtrust. We zien elkaarmorgen weer. De vergadering is gesloten.Sluiting 22.09 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 325364

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 8133d44b9a3be731

14 okt 2026 · d2525482c80c0647

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.