WUR rapport fase 1: Verkenning emissiereducerende maatregelen geitenhouderij
Brontekst
Versie 8764ccc3a34649a2 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202628 973Toekomst veehouderij30 175LuchtkwaliteitNr. 289 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSEL-ZEKERHEID EN NATUUR Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 18 februari 2026Bij deze stuur ik u, mede namens de Minister van Volksgezondheid,Welzijn en Sport, het Rapport «Verkenning van maatregelen voor hetverminderen van emissies van bioaerosolen uit melkgeitenbedrijven» vanWageningen University & Research (WUR) toe. Ik dank WUR hartelijk voordit rapport. Uw Kamer is op 9 januari jl. geïnformeerd over de kabinetsre-actie op het Gezondheidsraadadvies over longontstekingen bijomwonenden van geitenhouderijen1. Daarin is dit WUR- rapportaangekondigd en is aangegeven dat dit bijdraagt aan het zoeken naarmogelijke technische, bedrijfs- en organisatorische maatregelen vooremissiereductie van bacteriën, fijnstof en endotoxinen uit geitenhoude-rijen om het gezondheidsrisico voor omwonenden te verminderen.In het debat van 14 januari is toegezegd in februari ook de antwoorden tegeven op de aanvullende vragen aan de VGO-onderzoekers, over hetrisico voor omwonenden op 500–1000 m van geitenbedrijven en over derelatie tussen de omvang van het geitenbedrijven en risico in relatie totemissiereducerende maatregelen in de bedrijfsvoering. We hebben op ditmoment nog niet alle antwoorden ontvangen. Uw Kamer wordt naontvangst van de antwoorden op beide vragen geïnformeerd.Inhoud WUR-rapportDe verkenning in het WUR-rapport bestaat uit literatuuronderzoek enrondetafelgesprekken met geitenhouders. Het literatuuronderzoek vatsamen wat bekend is over stalemissies en factoren die daarbij een rolspelen en mogelijkheden om die te verminderen. De mogelijke maatre-gelen zijn bij de rondetafelgesprekken met geitenhouders besproken enaangevuld. In het rapport hebben experts mogelijke emissieverlagendemaatregelen beoordeeld op het emissieverlagende effect, toepasbaarheidin de geitenhouderij, toepasbaarheid bij nieuwbouw versus bestaande1Kamerstukken, 2025–2026, 28 973, nr. 287 kst-28973-289ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 973, nr. 2891 bouw, ongewenste neveneffecten en het draagvlak. Er zijn (nog) geenmaatregelen in de praktijk getest.In totaal zijn er ruim 100 mogelijke maatregelen geïdentificeerd die zijnonderverdeeld in 14 maatregelengroepen. Maatregelen lopen uiteen vanmanagementmaatregelen gericht op specifieke bronnen en/of aerosolisa-tieprocessen binnen de stal tot zogenoemde «end-of-pipe» maatregelengericht op het reinigen van uitgaande ventilatielucht en tot herontwerpvan stallen bij nieuwbouw of renovatie. Het WUR-rapport concludeert dater helaas geen ideale maatregel2 is gevonden. Wel zijn er aangrijpings-punten voor maatregelen geïdentificeerd. Daarbij gaat het om hetvoorkomen van piekperioden bij instrooien en uitmesten van stropot-stallen, het stapelen van stalmaatregelen met een bescheiden effect, hetaanbrengen van mechanische ventilatie met «end-of-pipe» luchtreinigingen het verminderen van bioaerolemissies uit stromestopslagen. Daarnaastschetst WUR dat ook alternatieve, innovatieve huisvestingsconcepten (dienog in ontwikkeling zijn) de emissies mogelijk kunnen verlagen. Dit gaatom mogelijkheden voor de lange termijn.Volgens WUR heeft de inventarisatie geen concrete selectie van maatre-gelen opgeleverd die op korte termijn met een vastgesteld effect ingezetkunnen worden. De WUR onderzoekers geven aan dat een tweetal zakennodig is om te komen tot concrete maatregelen: een integrale discussietussen overheden, geitensector en andere stakeholders gevolgd doorkeuzes over welke maatregelengroepen als gewenst worden gezien; enhet doorontwikkelen/ optimaliseren van maatregelen en het vaststellenvan hun effectiviteit ten aanzien van het reduceren van emissies.BeleidsreactieHet rapport geeft meer duidelijkheid over wat kan, en wat (nog) niet kan.Natuurlijk is het jammer dat er geen ideale maatregel gevonden is. Maarer zijn wel aangrijpingspunten voor emissieverlagende maatregelengeïdentificeerd.Sommige van deze maatregelen zouden volgens de WUR op relatief kortetermijn kunnen worden toegepast door geitenhouders, omdat het omgebruik of aanpassing van bestaande technieken gaat. Uit toelichting vande WUR blijkt dat dit betekent dat deze in principe in 1 tot 2 jaar kunnenworden doorgevoerd op een bedrijf. Mogelijk zijn er geitenhouders diehier nu al stappen op willen zetten. Echter, de effectiviteit op hetreduceren van emissies en soms ook de toepasbaarheid in de geitenhou-derij ervan moeten nog vastgesteld worden.Daarbij zal, zoals WUR aanbeveelt, voor sommige maatregelen ook eenintegrale discussie nodig zijn, waarbij naast emissies van bioaerosolenook andere emissies (ammoniak en geur), dierenwelzijn, efficiëntie enarbeidsgemak, energieverbruik, brandveiligheid en landschappelijkeinpassing een rol kunnen spelen.2Een ideale maatregel zou volgens WUR «emissies van bioaerosolen in hoge mate verminderen,breed inpasbaar zijn in huidige bedrijven, geen ongewenste neveneffecten geven of zelfs extravoordelen geven, een grote mate van acceptatie hebben, faalongevoelig zijn en weinig kosten».Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 973, nr. 2892 Vervolgproces en fase 2 onderzoek WUROp korte termijn zal, mede in het licht van het sectorplan3, met de sectorworden gesproken over het rapport en de mogelijkheden die de sector zietals het gaat om het nemen van maatregelen die mogelijk kunnenbijdragen aan de vermindering van emissies. Zoals aangegeven in dekabinetsreactie van 9 januari jl. zullen we verkennen of er maatregelen zijndie emissies mogelijk kunnen verminderen, niet ingrijpend of kostbaar zijnen snel zouden kunnen worden toegepast: de zogenaamde «no-regret»-maatregelen.Verder heeft het kabinet in de kabinetsreactie van 9 januari jl. aangegevendat, als uit dit 1e fase onderzoek voldoende aanknopingspunten blijken, inhet eerste kwartaal van 2026 gestart zou worden met fase 2 van hetonderzoek beschreven in het WUR-spoedadvies4. De opdracht voor ditonderzoek wordt nu in gang gezet. In gesprek met de sector, WUR enandere relevante partijen zullen op korte termijn maatregelengroepenworden geïdentificeerd die wenselijk zijn om verder te onderzoeken in hetfase 2 onderzoek van WUR, bijvoorbeeld middels pilots in combinatie methet vaststellen van het effect op emissies. Dit betreft het meerjarigvervolgonderzoek met meetcampagne en ontwikkelprogramma, zoalsomschreven in het WUR-spoedadvies. Zo’n meetcampagne en ontwikkel-programma hebben, zoals eerder aan uw Kamer gemeld, een doorlooptijdvan minimaal 2–3 jaar, mogelijk langer.Verdere plan van aanpak gezondheidsrisico omwonendenMet bovenstaand proces wordt ingezet op emissiereducerende maatre-gelen waarbij sprake is van een afname van stalemissies. Hetuitgangspunt daarbij is dat op basis van het Gezondheidsraadadviesdaardoor een reductie van het gezondheidsrisico voor omwonenden teverwachten is. Of dit het gewenste effect heeft kan alleen door toekom-stige monitoring worden vastgesteld. Verlaging van emissie enmonitoring van gezondheidseffecten zijn twee van de sporen die zijnopgenomen in de kabinetsreactie in de Kamerbrief van 9 januari jl. Dekomende maanden wordt gewerkt aan de uitwerking van een voorstelvoor de diverse componenten van de aanpak om het gezondheidsrisicorondom geitenhouderijen te verlagen. U kunt dit, zoals besproken met uwKamer, verwachten voor de zomer.De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,F.M. Wiersma3Samen bouwen aan vitaal nabuurschap, sectorplan voor het verlagen van de bacteriëleconcentraties en emissies uit de geitenstal, Platform Melkgeitenhouderij, LTO, NGZO,december 20254Notitie: Advies Spoedadvies verlagen bacterie-emissies in geitenhouderijen, WUR, 10 april2025, bijlage bij Kamerstukken 2024–2025, 28 973, nr. 268.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 973, nr. 2893
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.