KamerkringInloggen
Kamerbrief

Nadere duiding uitspraak Raad van State over de versnelde wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit Schiphol

1 apr 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 8392381c967d8af6 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202629 665Evaluatie SchipholbeleidNr. 592 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 1 april 2026Op 16 maart 2026 is de Kamer geïnformeerd over de uitspraak van deAfdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 11 maart 2026over de versnelde wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit Schiphol(LVB) die per 1 november 2025 in werking is getreden.1 De versneldewijziging van het LVB legde het maximum aantal vliegtuigbewegingen perjaar vast op 478.000, waarvan 27.000 in de nacht op grond van dedoorlopen «balanced approach procedure». In de brief van 16 maart 2026is toegezegd de Kamer nader te informeren over de uitspraak van deAfdeling. Met deze brief wordt hier gevolg aan gegeven.UitspraakIn haar uitspraak van 11 maart heeft de Afdeling de versneldeLVB-wijziging vernietigd. De Afdeling is van oordeel dat onvoldoende isgemotiveerd dat de gestelde maximumaantallen vliegtuigbewegingen(noodzakelijkerwijs) uitpakken als een grenswaarde voor de geluidbe-lasting vanwege de luchthaven en leiden tot een verbetering van degeluidssituatie ten opzichte van het vigerende juridische regime.Daarnaast heeft de Afdeling geoordeeld dat voor dit besluit geenverplichting bestond tot het maken van een planMER, projectMER-beoordeling en passende beoordeling. Gelet op de geconstateerdegebreken in het besluit zijn de ingestelde beroepen gegrond verklaard enis het besluit vernietigd.Nadere duidingBevoegdheid tot vaststelling LVBIn haar uitspraak stelt de Afdeling voorop dat de Wet luchtvaart voldoendejuridische basis biedt om een maximumaantal vliegtuigbewegingen vast1ECLI:NL:RVS:2026:1400, Raad van State, 202502813/1/R1 kst-29665-592ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 665, nr. 5921 te stellen. Het stellen van regels in een besluit is immers noodzakelijk methet oog op de geluidbelasting. Volgens de Afdeling laat dit echter onverletdat in het besluit beter gemotiveerd had moeten zijn dat het opnemen vaneen maximumaantal vliegtuigbewegingen per gebruiksjaar in het LVB hetstellen van een grenswaarde voor de geluidbelasting omvat. De Afdelingis van oordeel dat een grenswaarde voor geluidbelasting volgens hetwettelijk stelsel bedoeld is als een maximum voor de totale milieueffecten(geluid) van alle vluchten samen, niet als een maximum voor het aantalvluchten. Omdat verschillende vliegtuigtypen verschillende geluidsni-veaus hebben, kan de totale geluidbelasting bij hetzelfde aantal vluchtenfluctueren. Een maximum aantal vliegtuigbewegingen kan een grens-waarde voor de geluidbelasting omvatten, mits complementair aanandere geluidgrenswaarden, zoals grenswaarden in handhavingspuntenen het totaal volume geluid (TVG). In de versnelde LVB-wijziging is vaneen wijzing van deze andere grenswaarden geen sprake. Gelet hierop isonvoldoende gemotiveerd dat een maximumaantal vliegtuigbewegingenin dit LVB 2025 eigenstandig een grenswaarde voor de geluidbelastingomvat.GelijkwaardigheidDe Afdeling is daarnaast van oordeel dat onvoldoende onderbouwd is datde LVB-wijziging voldoet aan de gelijkwaardigheidscriteria. Hieruit volgtdat elk LVB per saldo een beschermingsniveau moet bieden dat minimaalgelijkwaardig moet zijn aan het beschermingsniveau dat het eerste LVB uit2004 bood. Meer in het bijzonder kan volgens de Afdeling niet uit (destukken bij) het versnelde LVB worden afgeleid dat het wettelijk vastge-stelde maximumaantal vliegtuigbewegingen van 478.000 per gebruiksjaarleidt tot een reductie van geluidhinder voor omwonenden van deluchthaven Schiphol die met het LVB 2025 is beoogd.Passende beoordeling, planMER, projectMER-beoordelingVoor wat betreft de verplichting tot het maken van een passendebeoordeling, het maken van een plan milieueffectrapport (planMER) of hetverrichten van een projectMER-beoordeling, oordeelt de Afdeling datgeen van deze hoefde te worden gemaakt (verricht) voor dit besluit. Uit deuitspraak wordt verder opgemaakt dat de Afdeling van oordeel is dat derechtmatigheid en uitvoerbaarheid van een (wijziging van het) LVB losstaat van de natuurtoets in het kader van de omgevingsvergunning vooreen Natura 2000-activiteit («natuurvergunning Schiphol»). Dit zijngescheiden trajecten. Voor het aanvragen van een omgevingsvergunningom een Natura 2000-activiteit te verrichten geldt de verplichting tot hetopstellen van passende beoordeling. De Afdeling oordeelt dat dezeverplichting niet geldt voor een (wijzigings-) LVB.Gevolg van de uitspraakHoewel het maximum aantal vliegtuigbewegingen van 478.000 niet meerwettelijk vastligt, biedt de uitspraak een weg voorwaarts naar de integraleLVB-wijziging en kunnen de motiveringsgebreken met deze integralewijziging van het LVB hersteld worden. Zo is naar aanleiding van dezeuitspraak van de Raad van State komen vast te staan dat de Wet lucht-vaart voldoende grondslag biedt voor het opnemen van een maximumaantal vliegtuigbewegingen. In de integrale wijziging van het LVB wordenook de grenswaarden in de handhavingspunten evenals het totaal volumegeluid opnieuw vastgelegd. Een maximum aantal vliegtuigbewegingenkan complementair aan deze grenswaarden fungeren.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 665, nr. 5922 Het integrale LVB kent daarnaast, anders dan in het versnelde LVB, eeneigen gelijkwaardigheidsonderbouwing. Uit deze onderbouwing vloeitvoort dat het integrale LVB per saldo een beter beschermingsniveau biedtdan het eerste LVB uit 2004. Hierbij wordt verwezen naar het rapport«Grenswaardenscenario LVB Schiphol 2026» (bijlage 12) als onderdeelvan de aan de Kamer toegezonden stukken over de ontwerp-wijziging vanhet LVB.2Dat de rechtmatigheid en uitvoerbaarheid van een (wijzigings-) LVB losstaat van de natuurtoets in het kader van de omgevingsvergunning vooreen Natura 2000-activiteit («natuurvergunning Schiphol»), maakt dat dediscussie omtrent de natuurvergunning Schiphol niet de rechtmatigheidvan het integraal LVB kan raken. Beide zijn gescheiden trajecten.VervolgVoor het aantal toegestane vliegtuigbewegingen in de nacht heeft deAfdeling in de uitspraak de voorlopige voorziening getroffen dat «op deluchthaven Schiphol maximaal 27.000 vliegtuigbewegingen met handels-verkeer per gebruiksjaar plaatsvinden in de periode van 23.00 uur tot 7.00uur». Dit wordt overeenkomstig de opdracht van de Afdeling openbaarbekend gemaakt.Voor het aantal toegestane vliegtuigbewegingen handelsverkeer pergebruiksjaar wordt teruggevallen op de gedoogsituatie van het antici-perend handhaven. De instructie aan de Inspectie Leefomgeving enTransport (ILT) wordt onverkort doorgezet totdat de integrale wijziging vanhet LVB in werking treedt. Zoals in de brief van 30 oktober 2025 aan deKamer is gemeld, gaat de huidige aanwijzing aan de ILT uit van maximaal478.000 vliegtuigbewegingen per gebruiksjaar.3SlotDe door de Kamer gestelde vragen en aanvullende vragen over deuitspraak worden met een separate brief beantwoord. De uitspraakonderstreept het belang van de integrale wijziging van het LVB, diemomenteel in het kader van de voorhangprocedure in ontwerp bij debeide Kamers ligt. Het blijft van groot belang om de juridische basis vanSchiphol op orde te brengen.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,V.P.G. Karremans2Bijlage 12 Grenswaardenscenario LVB Schiphol 2026 | Rapport | Rijksoverheid.nl3Kamerstukken II 2025/26, 29 665, nr. 579.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 665, nr. 5923

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 172573a9f03b4650

14 okt 2026 · 67526c092374b5b3

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.