KamerkringInloggen
Kamerbrief

Kerndoelen burgerschap digitale geletterdheid en Nederlandse gebarentaal en implementatiefase geactualiseerde kerndoelen

1 sep 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie c3ccdec8874189ce · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 293Primair Onderwijs31 289Voortgezet OnderwijsNr. 833 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUREN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 1 september 2025Om leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op de toekomst is hetnaast een goede beheersing van lezen, schrijven en rekenen van belangdat zij voldoende kennis hebben over burgerschap en digitale gelet-terdheid. Het stelt ze in staat om goed mee te doen in de samenleving enom te gaan met digitale uitdagingen. Het huidige curriculum sluit daarnog onvoldoende bij aan en is al sinds 2006 niet meer herzien. Deafgelopen jaren is daarom door Stichting Leerplanontwikkeling (hierna:SLO) gewerkt aan een actueel curriculum waarin onder andere kerndoelenzijn opgenomen voor deze nieuwe leergebieden. Met het nieuwecurriculum wordt focus aangebracht in het onderwijs en overladenheidtegengegaan.In april jl. heeft SLO de definitieve concept kerndoelen voor Nederlands enrekenen en wiskunde opgeleverd en vandaag volgen de kerndoelen voorde leergebieden burgerschap, digitale geletterdheid en NederlandseGebarentaal. Dat betekent dat scholen vanaf dit schooljaar aan de slagkunnen met de kerndoelen voor alle basisvaardigheden. Daarnaast is deactualisatie van de kerndoelen voor de overige leergebieden en deexamenprogramma’s in volle gang. Met deze Kamerbrief wil ik uw Kamerinformeren over waar we staan in de actualisatie van het curriculum, overde implementatie van de kerndoelen op scholen en de wijze waaropscholen daarbij ondersteund zullen worden. Tot slot wordt toegelicht hoehet systeem van periodiek onderhoud van het curriculum wordtvormgegeven.1. Actualiseren kerndoelen, examenprogramma’s en referentieni-veaus Sinds voorjaar 2025 wordt het definitieve nieuwe curriculum gefaseerdopgeleverd. Zowel inhoud als structuur van het curriculum zijn verbeterden geactualiseerd. Alle kerndoelen en examenprogramma’s zijn enworden volgens een gemeenschappelijke architectuur opgebouwd. De kst-31293-833ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8331 kerndoelen, eindtermen en uitwerkingen bieden zo een doordachtedoorlopende leerlijn en geven leraren en scholen concrete houvast bij devormgeving van het schoolcurriculum.KerndoelenVoor het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezetonderwijs vormen de kerndoelen het landelijk vastgestelde curriculum. Inde tabel hieronder is per leergebied aangegeven waar we staan in deactualisatie van deze kerndoelen en wanneer de kerndoelen voor ditleergebied in werking zullen treden. De verwachting is dat alle scholenmet deze kerndoelen aan de slag gaan zodra deze definitief zijnopgeleverd. Om de inwerkingtreding van de kerndoelen Nederlands enrekenen en wiskunde uiterlijk 1 augustus 2026 mogelijk te maken, zal eersthet Wetsvoorstel herziening wettelijke grondslagen kerndoelen besprokenworden met uw Kamer. Dit heeft uw Kamer gepland voor later dezemaand.leergebiedstatusbeoogde inwerkingtredingNederlandsrekenen en wiskundedefinitief opgeleverdverwerkt in conceptbesluit1 augustus 2026burgerschapdigitale geletterdheidNederlandse Gebarentaaldefinitief opgeleverd1 augustus 2027bewegen en sportmens en maatschappijmens en natuurkunst en cultuurmoderne vreemde talenfase van beproevenafgerondoplevering: eind 20251 augustus 2027Friese taal en cultuuroplevering: september 20251 augustus 2026 Nederlands en rekenen en wiskundeVoor de leergebieden Nederlands en rekenen en wiskunde zijn eerder dedefinitieve kerndoelen opgeleverd en in een conceptbesluit verwerkt;scholen kunnen dus aan de slag met het actualiseren van hun onderwijsin deze leergebieden.1 Beide leergebieden hebben bovendien een sterkleergebiedoverstijgend karakter, wat een goede aanleiding biedt om hetlees-, schrijf- en rekenonderwijs curriculumbreed te versterken. Deconsultatieronde op het ontwerpbesluit is inmiddels afgerond, en de inputuit de consultatie wordt verwerkt. Nadat het Wetsvoorstel herzieningwettelijke grondslagen kerndoelen is aangenomen door uw Kamer zal hetontwerpbesluit ter advisering aan de Raad van State worden voorgelegd.Vanaf 1 augustus 2026 treden deze nieuwe kerndoelen dan naarverwachting in werking.Burgerschap en digitale geletterdheidDe kerndoelen burgerschap en digitale geletterdheid zijn inmiddels ookopgeleverd door SLO. Deze worden ter informatie met uw Kamer gedeeldin de bijlage. De bruikbaarheid van de eerder opgeleverde conceptkern-doelen voor deze leergebieden is uitgebreid beproefd met schoolleidersen leraren van meer dan 180 scholen in regiobijeenkomsten en via1Totdat de kerndoelen daadwerkelijk zijn opgenomen in de regelgeving, zijn de vigerendekerndoelen (2006) formeel nog van kracht. Met de nieuwe kerndoelen Nederlands en rekenenen wiskunde wordt echter ook voldaan aan de vigerende kerndoelen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8332 praktijkopdrachten. Ook de motie Soepboer (NSC) c.s.2 is verwerkt in dezeherziene versie. Per leergebied liggen er nu drie kerndoelen voor hetprimair onderwijs en het voortgezet onderwijs, inclusief onderliggendedoelzinnen en concrete uitwerking. Voor de onderwerpen burgerschap endigitale geletterdheid wordt grondslag geregeld in het Wetsvoorstelherziening wettelijke grondslagen kerndoelen dat in september in uwKamer behandeld zal worden. Daarna zullen deze kerndoelen wordenverwerkt in een conceptbesluit. Scholen kunnen nu al met de vernieuwdekerndoelen aan de slag en zo ervaring opdoen en ontdekken wat voor henwerkt, zonder dat de inspectie hier nu al handhavend op toeziet.Burgerschap en digitale geletterdheid zijn nieuwe leergebieden in hetlandelijk curriculum. Dat betekent echter niet dat scholen hier tot nu toenog niets mee deden, integendeel. Al sinds 2006 hebben scholen bij wetde opdracht om actief burgerschap en sociale cohesie te bevorderen. Metde verduidelijking van de wettelijke burgerschapsopdracht in 2021 isverder uitgewerkt waar het onderwijs zich in dat kader in ieder geval opmoet richten, bijvoorbeeld het bijbrengen van respect voor en kennis vande basiswaarden van de democratische rechtsstaat.3 Ook digitalegeletterdheid is niet geheel nieuw voor veel scholen. Zo oefenenleerlingen ook nu al met het beoordelen van verschillende soorten onlineinformatie bij Nederlands.De kerndoelen burgerschap en digitale geletterdheid zullen leraren meerrichting en houvast bieden bij het verder invullen van hun burgerschaps-onderwijs en hun onderwijs op het gebied van digitale geletterdheid.Weten hoe de samenleving in elkaar zit en leren over hoe je hieraan kuntdeelnemen en bijdragen, met respect voor de diversiteit die onzesamenleving kenmerkt, zijn basisvaardigheden die leerlingen moetenleren. Ook omgaan met online informatie, fake news of alle technologiedie tegenwoordig beschikbaar is, is een belangrijke vaardigheid die jenodig hebt om je goed te redden in onze maatschappij. Ondanks dat deleergebieden niet compleet nieuw zijn voor scholen, zullen de kerndoelenwel extra inzet vragen van scholen. Om scholen hierbij te ondersteunenwordt de komende periode ingezet op het bieden van gerichte professio-naliseringsactiviteiten zodat iedere school in voldoende mate in staat isom leerlingen deze nieuwe inhouden aan te bieden.Nederlandse GebarentaalOok de definitieve conceptkerndoelen voor Nederlandse Gebarentaal(NGT) zijn recent door SLO opgeleverd en toegevoegd als bijlage bij dezebrief. Waar voorheen alleen kerndoelen NGT bestonden voor het speciaalonderwijs (so), zijn bij de actualisatie van het curriculum ook kerndoelenNGT opgesteld voor het voortgezet speciaal onderwijs (vso). Doordat ernu heldere kerndoelen zijn voor het so en vso geeft dit houvast aanscholen over wat zij leerlingen moeten leren ten aanzien van NGT. Dekerndoelen zijn gebaseerd op een ontwikkellijn die recht doet aan devisuele en talige kenmerken van NGT en sluiten aan bij de opbouw ensystematiek van de overige kerndoelen. De kerndoelen NGT zijnontwikkeld door een gespecialiseerd team, in nauwe samenwerking met2Kamerstuk 31 293, nr. 7663De nieuwe kerndoelen burgerschap zijn een uitwerking van het onderwijsinhoudelijke deel vande wettelijke burgerschapsopdracht. Ter visualisering van deze verhouding heeft het Ministerievan OCW in samenwerking met de inspectie, SLO en het Expertisepunt Burgerschap eeninfographic opgeleverd voor scholen. De infographic («Burgerschapsonderwijs – Wat zijn dehuidige verplichtingen en welke veranderingen komen eraan») geeft ook weer waar deinspectie toezicht op houdt, hoe dit gaat veranderen en waar scholen in het licht van deveranderingen rekening mee moeten houden. De infographic wordt begin september gepubli-ceerd op Rijksoverheid | Toekomstgericht curriculum.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8333 experts uit het cluster-2-onderwijs. De kerndoelen NGT worden gebruiktdoor scholen die onderwijs verzorgen aan dove en slechthorendeleerlingen in cluster 2. Daarnaast kunnen scholen die aan NGT willenwerken met andere doelgroepen deze kerndoelen gebruiken om hunonderwijs vorm te geven.Overige leergebiedenDe fase van beproeven van de conceptkerndoelen van de leergebiedenmens en maatschappij, mens en natuur, kunst en cultuur, bewegen ensport, en moderne vreemde talen is afgerond. De inzichten die hierin zijnopgedaan, worden samen met de genoemde motie Soepboer (NSC) c.s.,verwerkt in de definitieve kerndoelen. De definitieve kerndoelen voor dezeleergebieden worden eind 2025 opgeleverd. In 2026 wordt nog een deelvan de functionele kerndoelen opgeleverd. Deze kerndoelen zijn speciaalontwikkeld voor zeer moeilijk lerende leerlingen of leerlingen met eenmeervoudige beperking in het speciaal onderwijs en leerlingen gericht opuitstroom dagbesteding en arbeidsmarkt in het voortgezet speciaalonderwijs. Vanaf dan is het curriculum voor het primair onderwijs en deonderbouw van het voortgezet onderwijs in zijn geheel geactualiseerd.Samenvattend: de kerndoelen voor Nederlands en rekenen-wiskundetreden per 1 augustus 2026 in werking. De kerndoelen van burgerschap,digitale geletterdheid en de overige leergebieden treden naar verwachtingvanaf 1 augustus 2027 in werking. Daarmee is de curriculumherzieningvoor het po en de onderbouw in het vo een feit en verwachten we dat allescholen met de nieuwe kerndoelen aan de slag gaan.Examenprogramma’sWaar in het primair onderwijs en in de onderbouw van het voortgezet hetonderwijs wordt vormgegeven op basis van de kerndoelen, wordt in debovenbouw van het voortgezet onderwijs gewerkt met examenpro-gramma’s. Hierin staat beschreven wat een leerling voor een vak moetkennen, kunnen of hebben ervaren om te slagen voor dat vak. Ook deexamenprogramma’s worden momenteel geactualiseerd. De vernieuwdeconceptexamenprogramma’s worden in verschillende tranchesopgeleverd en beproefd op pilotscholen. Tot op heden is meer dan dehelft van de conceptexamenprogramma’s opgeleverd door SLO waarnade fase van beproeving wordt gestart. Na de fase van beproeven wordende examenprogramma’s vastgesteld en opgenomen in wet- en regel-geving. Voor het einde van het jaar wordt u geïnformeerd over hetvervolgproces van de vaststelling van de examenprogramma’s en hetmoment waarop de geactualiseerde examenprogramma’s in werkingtreden en daarmee het eerste cohort leerlingen dat ermee gaat werken.ReferentieniveausOok het referentiekader taal en rekenen is aan actualisatie toe. Hier staanbeheersingsdoelen (referentieniveaus) beschreven voor taal en rekenendie leerlingen moeten behalen aan het eind van het po, vo en mbo. Hetreferentiekader is in 2009 ontwikkeld om de doorlopende leerlijn tussenpo, vo en mbo vast te leggen en scholen handvatten te bieden om hettaal- en rekenonderwijs te verbeteren. In 2021/2022 is het referentiekadergeëvalueerd.4 Uit de evaluatie kwam naar voren dat het referentiekader inzijn huidige vorm tekortschiet en aan grondige herziening toe is. Om zicht4Van den Broek e.a., mei 2022, Eindrapportage. Analyse en evaluatie referentieniveausNederlandse taal en rekenen. Nijmegen/Amersfoort: ResearchNed/ExpertisecentrumNederlandsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8334 te krijgen op de inhoud van de herziening heeft SLO de opdracht gekregenom impactanalyses uit te voeren op de overeenkomsten en verschillentussen het referentiekader en de geactualiseerde kerndoelen en examen-programma’s voor Nederlands en rekenen en wiskunde. Ook zijn derekeneisen en concepttaaleisen van mbo vergeleken met het referentie-kader en zijn de reken- en concepttaaleisen van mbo-4 vergeleken metconceptexamenprogramma’s Nederlands en wiskunde van vmbo-gl/tl.5Op basis van de analyses heeft SLO geadviseerd over de toekomst vanhet referentiekader taal en rekenen. Daarnaast heeft OCW in het voorjaarindividuele gesprekken gevoerd met verschillende stakeholders en metsociale partners over de actualisatie van het referentiekader.6 Op basis vandeze gesprekken en de genoemde analyses van SLO zijn aandachtspuntenen uitgangspunten geformuleerd voor de actualisatie van het referentie-kader taal en rekenen, die vervolgens weer zijn afgestemd met allestakeholders.De opbrengsten van de gesprekken en de resultaten van de impactana-lyses van SLO dienen nu te worden verwerkt in een werkopdracht aanSLO, waarover uw Kamer nog dit jaar wordt geïnformeerd. SLO kan danin 2026 starten met de actualisatie, die naar schatting een jaar in beslagzal nemen. Daarna kunnen de referentieniveaus in wet- en regelgevingverankerd worden.2. Implementatie van de geactualiseerde kerndoelen De geactualiseerde kerndoelen en nog te ontwikkelen leerlijnen biedeneen uitgelezen kans om de kwaliteit van het onderwijs integraal teversterken en te zorgen voor eigentijds onderwijs. Omdat de kerndoeleneen stuk concreter zijn dan voorheen, bieden ze leraren meer houvast omfocus aan te brengen en doelgericht te werken. Daarnaast biedt hetnieuwe curriculum leraren een kans om met nieuwe ogen naar hunonderwijspraktijk te kijken en zich te bezinnen op het waartoe van hunonderwijs. Dit vraagt om blijvende aandacht voor curriculumbewustzijnbij schoolleiding en leraren. Op schoolniveau gaat dit om kennis over dekerndoelen en het maken van passende didactische keuzes, afgestemd opde schooleigen omgeving. Daarbij komen wetenschappelijke inzichten,praktijkkennis en de specifieke situatie van het schoolteam samen.Schoolleiders kunnen deze actualisatie evidence-informed begeleiden,met verbindend leiderschap dat samenwerking en gezamenlijk lerenstimuleert. Er liggen kansen om het onderwijs verder te versterken, maarde manier waarop die kansen worden benut, zal verschillen per school.Schoolbesturen spelen een belangrijke rol door tijd en ruimte te creërenom hiermee in de eigen context evidence-informed aan de slag te gaan.Samenwerking en gezamenlijk eigenaarschapDe implementatie van de nieuwe kerndoelen, namelijk het vertalen vankerndoelen naar onderwijs, is een gezamenlijke opgave voor allebetrokkenen in en rond het onderwijs. Leraren en schoolleiders zijndaarbij de spil: zij brengen de kerndoelen dagelijks in praktijk. Tegelij-kertijd zijn andere partijen, zoals sectorraden, vakverenigingen, leraren-opleidingen, kennisinstellingen en ontwikkelaars van leermiddelen entoetsen, essentieel. In nauwe samenwerking met deze partijen is deafgelopen periode gewerkt aan de inrichting van de implementatiefase.Het Ministerie van OCW heeft hierin een regierol, met als taak te zorgen5Werkopdracht actualisatie Referentiekader 2024 - SLO6Er is gesproken met de Inspectie van het Onderwijs, het CvTE, Stichting Cito, de sectorradenpo, vo, mbo, pro en go en met kwaliteitsmedewerkers van schoolbesturen. Daarnaast zijn debonden en vakverenigingen voor Nederlands en wiskunde geraadpleegd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8335 voor samenhang, voortgang en de juiste randvoorwaarden voor eenzorgvuldige invoering in de onderwijspraktijk.ImplementatiefaseHet is cruciaal dat scholen tijdig starten met het werken met de nieuwekerndoelen. Ten eerste omdat leerlingen dan zo snel mogelijk profiterenvan de nieuwe kennis. Daarnaast ook voor scholen zelf om goedvoorbereid te zijn op de feitelijke inwerkingtreding. De kerndoelen voorNederlands, rekenen en wiskunde, burgerschap en digitale geletterdheidzijn daarin een mooi startpunt.De implementatie verloopt in drie fasen:•Fase 1 (2025–2027): Focus op bewustwording en stimulering vanhet onderwijsveld. Scholen kunnen starten met de kerndoelenNederlands, rekenen en wiskunde, burgerschap en digitale geletterd-heid.•Fase 2 (2027–2030): Alle kerndoelen zijn wettelijk vastgelegd;scholen gaan werken met het volledige nieuwe curriculum. Er isintensieve ondersteuning en professionalisering, o.a. via train-de-trainertrajecten en leernetwerken. Scholen worden ondersteund bij deverdere inzet op de professionele ontwikkeling van leraren en hetversterken van curriculair leiderschap. Daarnaast is er aandacht voorde integratie van de kerndoelen in nieuwe leermiddelen en toetsing.•Fase 3 (vanaf 2031): De kerndoelen zijn volledig geïmplementeerden toetsing is hierop aangepast. Landelijk wordt gezorgd voor hetactualiseren van de kerndoelen wanneer dat nodig is volgens eensysteem van periodiek onderhoud. Scholen hebben de gelegenheidom in hun eigen context de professionele cultuur te versterken waarinhet curriculum een natuurlijk onderdeel blijft van het gesprek overonderwijsverbetering. Op 1 augustus 2031 eindigt de overgangsfasevan de curriculumimplementatie en werken alle scholen met denieuwe kerndoelen. Vanaf dat moment houdt de inspectie hier ook bijalle scholen toezicht op.Vijf pijlers voor ontwikkeling en ondersteuningDe implementatieaanpak is opgebouwd rond vijf pijlers, die gezamenlijkde ontwikkeling en ondersteuning van scholen versterken:1.Curriculumbewustzijn en professionalisering: De implementatie vanhet nieuwe curriculum vraagt om onderwijsprofessionals die inzichthebben in wat de nieuwe kerndoelen betekenen, hoe zij samenhan-gen en hoe zij vertaald kunnen worden naar de eigen onderwijsprak-tijk. Met diverse professionaliseringsmogelijkheden en ondersteuningworden leraren en scholen toegerust om doordachte keuzes te makenen blijvende onderwijsverbetering te realiseren. Er wordt eenevidence-informed aanpak gehanteerd, waarbij scholen wetenschap-pelijke inzichten, praktijkervaring en kennis van de eigen contextbenutten om hun onderwijs verder te ontwikkelen.2.Leermiddelen: Leermiddelen worden aangepast aan de nieuwekerndoelen en vormen een belangrijk hulpmiddel voor leraren om devertaalslag naar de klas te maken. Omdat nog weinig kennisbeschikbaar is over welke leermiddelen het beste werken in verschil-lende situaties, wordt gewerkt aan kwaliteitskaders en gezamenlijkekennisontwikkeling. Deze initiatieven helpen scholen om beteronderbouwde keuzes te maken die aansluiten bij hun onderwijsvisieen de vernieuwde kerndoelen.3.Toetsen worden aangepast om goed aan te sluiten bij de nieuwekerndoelen en de doorlopende leerlijn. In het primair onderwijs gaathet om de actualisatie van leerlingvolgsystemen en doorstroomtoet-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8336 sen, terwijl in het voortgezet onderwijs ook de samenhang met debovenbouw en examenprogramma’s van belang is. Eventueleveranderingen in het toetsstelsel worden zoveel mogelijk gelijkoplopend ingevoerd om scholen niet met meerdere grote wijzigingentegelijk te belasten.4.Communicatie: Heldere en tijdige communicatie is cruciaal zodatscholen weten wat de inhoud, planning en ondersteuningsmogelijk-heden van het vernieuwde curriculum zijn. Er wordt samen metveldpartijen gewerkt aan een gezamenlijke communicatiestrategie dieniet alleen informatie zendt, maar ook actief feedback van en dialoogmet scholen stimuleert. Vanaf 2026 worden landelijke bijeenkomstengeorganiseerd om scholen te begeleiden bij de implementatie.5.Monitoring: Monitoring ondersteunt de implementatie en hetperiodiek onderhoud van het curriculum door inzicht te geven inzowel leeropbrengsten als de feitelijke onderwijspraktijk. De nadrukligt op een lerend karakter: het verzamelen van ervaringen eninformatie om scholen en beleidsmakers te helpen verbeteren. Deprecieze uitwerking en borging worden de komende periode, inafstemming met het veld, geconcretiseerd.Implementatie in het gespecialiseerd onderwijs en praktijkon-derwijsIn het (v)so wordt voor de zeer moeilijk lerende, meervoudig beperkteleerlingen en leerlingen in het uitstroomprofiel dagbesteding en arbeids-markt gewerkt met functionele kerndoelen. In de rest van het (v)so en inhet praktijkonderwijs7 wordt er gewerkt met de «reguliere» kerndoelen.Voor de leergebieden Nederlands en rekenen en wiskunde zijn dedefinitieve (functionele) conceptkerndoelen opgeleverd en scholenkunnen aan de slag met de implementatie daarvan op de school. Deondersteuning voor de implementatie van de nieuwe kerndoelen isgericht op het gehele funderend onderwijs, inclusief het (voortgezet)speciaal onderwijs en praktijkonderwijs. Om te bepalen of er aanvullendeof specifieke ondersteuning wenselijk is bij de implementatie voor hetgespecialiseerd onderwijs en praktijkonderwijs heeft SLO in opdracht vanOCW een advies opgeleverd.8 Dit advies bouwt voort op het eerdereimplementatieadvies van SLO uit 2024.9De kern van het advies is dat scholen in het gespecialiseerd onderwijs enpraktijkonderwijs bij de implementatie van de nieuwe kerndoelenstructureel maatwerk en specifieke ondersteuning nodig hebben. Het isessentieel dat de kerndoelen worden vertaald naar de onderwijscontextvan leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften.De komende periode wordt in overleg met veldpartijen nader uitgewerkthoe het (v)so en het praktijkonderwijs het best kan worden ondersteundbij de implementatie van de kerndoelen, als aanvulling op de generiekeondersteuning die voor alle scholen geldt.ToezichtVanaf 1 augustus 2027 liggen er voor alle leergebieden nieuwekerndoelen. Van scholen wordt verwacht dat zij deze gaan vertalen naargoed onderwijs en dat dit momentum wordt gebruikt om de kwaliteit van7Voor het praktijkonderwijs worden geen aparte kerndoelen ontwikkeld, conform de afspraakdat deze vernieuwing plaatsvindt binnen bestaande wet- en regelgeving. Kamerstuk 31 293,nr. 7438Het advies wordt in september 2025 gepubliceerd op de website van SLO.9SLO (2024). Implementatie kerndoelen: doordacht en in samenhang. Amersfoort: SLOTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8337 het onderwijs integraal te versterken. Dit is een mooie ontwikkeling enook een flinke opgave. Daarom zal hier in het toezicht rekening meeworden gehouden. We kunnen immers niet verwachten van scholen datzij voor negen leergebieden tegelijkertijd in alle leerjaren het onderwijshebben aangepast. Dit gaat in stappen en welke stappen scholen zettenop welk moment, kan ook afhankelijk zijn van de school of populatie.Scholen krijgen de ruimte om hier voortvarend maar doordacht mee aande slag te gaan. Daarom wordt er vanaf 1 augustus 2027 overgangsrechtgeregeld in de kerndoelbesluiten. Het overgangsrecht regelt dat eenschool kan kiezen tussen de oude en de nieuwe kerndoelen. De inspectiehoudt toezicht op de kerndoelen waar de school voor kiest. Daarnaast is erstimulerend toezicht waarbij de inspectie scholen zal stimuleren om al zoveel mogelijk integraal met de nieuwe kerndoelen te werken. Ditovergangsrecht eindigt op 1 augustus 2031 Vanaf dat moment moetenalle scholen de nieuwe kerndoelen voor alle leergebieden hebbenverwerkt in hun onderwijs.3. Naar een systeem van periodiek onderhoud Goed onderwijs vraagt om een actueel curriculum. Daarom wordttoegewerkt naar een systeem voor periodiek curriculumonderhoud waarinmonitoring, onderhoud en actualisatie elkaar versterken. Zoals toegezegdwordt uw Kamer op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen omtrenthet systeem van periodiek onderhoud.10 Het doel is dat het actualiserenvan het curriculum voorspelbaar, minder schoksgewijs en beterafgestemd op de onderwijspraktijk verloopt.Sinds maart 2025 is een pilotversie van het Loket voor curriculumsignalenlive via de website van SLO.11 Dit loket biedt een centrale plek waarsignalen over het curriculum kunnen worden verzameld, gewogen engebundeld. Op basis van de afweging wordt bepaald of het signaal wordtmeegenomen in de volgende geplande onderhoudsronde van hetcurriculum. In het verleden kwamen signalen verspreid binnen bijverschillende partijen. Het loket draagt bij aan transparantie ensamenhang in de signalering van wat goed gaat en waar aanpassingwenselijk is.Daarnaast wordt door SLO gewerkt aan een onderhoudskalender. Dezekalender maakt inzichtelijk welk leergebied wanneer aan curriculumon-derhoud toe is, en biedt zo helderheid en voorspelbaarheid voor scholen,leraren, ontwikkelteams en andere betrokkenen. De onderhoudskalendervormt de ruggengraat van het systeem voor permanente curriculumont-wikkeling, waarin nieuwe inzichten en praktijkervaringen hun weg vindennaar structureel onderhoud. Dit najaar wordt de kalender naarverwachting opgeleverd en zal uw Kamer hierover worden geïnformeerd.Tot slotMet de gezamenlijke inzet van vele veldpartijen gaat nu de implementa-tiefase van start. Over de voortgang van de implementatie wordt uwKamer periodiek geïnformeerd in de voortgangsrapportages van hetMasterplan basisvaardigheden. De eerstvolgende gelegenheid is in hetnajaar van 2026. Daarnaast zal ik uw Kamer voor het einde van dit jaarinformeren over de oplevering van de overige kerndoelen en de werkop-dracht voor het referentiekader, zodat u volledig zicht houdt op devoortgang en de vervolgstappen. In de bijlage treft u daarnaast een tijdlijn10TZ202410, nr. 12211https://www.slo.nl/thema/meer/periodiekcurriculumonderhoud/aanmeldformulier-loket/Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8338 aan die een overzicht biedt van het proces van curriculumherziening en deimplementatie daarvan.Leraren, schoolleiders, curriculumexperts, vakexperts en wetenschappers,leerlingen, ouders, leermiddelenmakers, onderwijsorganisaties, vakver-enigingen en maatschappelijke instellingen hebben intensief samenge-werkt om te komen tot een actueel en ambitieus curriculum voor alleleerlingen in het funderend onderwijs en tot de implementatieplannen diede invoering hiervan mogelijk maken. Daarvoor spreek ik graag mijn grotedank en waardering uit.De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,M.L.J. PaulTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 8339 Nadere toelichting vijf pijlers curriculumimplementatieIn onderstaande bijlage wordt per pijler een nadere toelichting gegevenop de wijze waarop de implementatie van het vernieuwde curriculumwordt ondersteund.1. Curriculumbewustzijn en professionele ontwikkeling De implementatie van het nieuwe curriculum vraagt om onderwijsprofes-sionals die inzicht hebben in wat de nieuwe kerndoelen betekenen, hoe zijsamenhangen en hoe zij vertaald kunnen worden naar de eigen onder-wijspraktijk. Het versterken van curriculumbewustzijn en het onder-steunen van professionele ontwikkeling zijn daarom belangrijke onder-delen van de implementatieaanpak. Met het onderwijsakkoord zijn reedsmiddelen vrijgemaakt om hiervoor 16 uur extra professionaliseringstijdper leerkracht te kunnen inzetten12. Er wordt een evidence-informedaanpak gehanteerd, waarbij scholen wetenschappelijke inzichten,praktijkervaring en kennis van de eigen context benutten om hetonderwijs te verbeteren. Het doel is dat onderwijsprofessionals zichverder ontwikkelen, in hun school doordachte keuzes kunnen maken enbijdragen aan blijvende onderwijsverbetering. In dit kader wordt ookgebruikgemaakt van inzichten uit recente verkenningen, zoals hetonderzoek van de inspectie op acht PO-scholen, waarin waardevollevoorbeelden naar voren komen van hoe scholen werk maken vancurriculumbewustzijn in de praktijk.13 Deze voorbeelden helpen omgerichte ondersteuning te bieden en de aanpak verder aan te scherpen.In samenwerking met onder andere de sectorraden (PO, VO, GO en Pro),vakverenigingen, beroepsverenigingen, SLO en opleidingsinstellingenwordt gewerkt aan een breed en samenhangend palet aan professionali-seringsmogelijkheden. Denk aan train-de-trainertrajecten, masterclasses,begeleide leernetwerken en kennisdeling. Daarbij sluit de aanpak aan bijbestaande trajecten zoals het Masterplan basisvaardigheden, de NationaleAanpak Professionalisering van Leraren (NAPL) en Ontwikkelkracht. Ookde lerarenopleidingen (pabo’s en eerste- en tweedegraads opleidingen)spelen een sleutelrol in de versterking van curriculumbewustzijn envakmanschap. Zij verwerken curriculumdenken in hun opleidingen, zodat(aanstaande) leraren goed zijn toegerust om met het vernieuwdecurriculum te werken. Hiervoor worden onder meer de kennisbasesgeactualiseerd. Daarnaast werken samenwerkende onderwijsadviesbu-reaus aan een plan waarin SLO de onderwijsadviesbranche toerust metkennis en instrumenten, zodat zij scholen kunnen ondersteunen bij hetvertalen van het wettelijk curriculum naar de klassensituatie. Metmaatwerk dragen zij bij aan de implementatie van het curriculum.2. Leermiddelen Veel leermiddelenmakers zijn inmiddels gestart met het actualiseren vanhun producten op basis van de nieuwe kerndoelen. Deze ontwikkelingwordt van harte aangemoedigd, gezien hun positie in de vertaling vandoelen naar de dagelijkse onderwijspraktijk. Leraren vormen de belang-rijkste schakel tussen curriculum en klaslokaal. Leermiddelen, fysiek endigitaal, via methodes, oefenmateriaal en aanvullende bronnen, kunnendaarbij als hulpmiddel en inspiratiebron dienen. Een goede aansluitingtussen leermiddelen en het vernieuwde curriculum ondersteunt scholen12Kamerstuk 31 293, nr. 61513Inspectie van het Onderwijs (2025). Scholen zijn curriculumbewust – verschil tussen lerarenzichtbaar. https://www.onderwijsinspectie.nl/documenten/rapporten/2025/07/03/themarapport-curriculumbewustzijnBijlage.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 83310 bij het realiseren van hun onderwijsvisie. Om leermiddelenmakers in staatte stellen hun materiaal te actualiseren, is onlangs door OCW een briefgestuurd over de inhoud van het nieuwe curriculum en de bijbehorendeplanning.14Tegelijkertijd blijkt uit onderzoek dat er weinig breed beschikbare kennis isover welke leermiddelen in welke situatie het beste werken, in welkeomstandigheden en voor welke leerlingen.15 Om daar verandering in tebrengen, wordt een kwaliteitsalliantie gevormd waarin leraren, school-leiders, bestuurders, leermiddelenmakers en wetenschappers samen-werken. Daarnaast worden kwaliteitskaders ontwikkeld die, op basis vanwetenschappelijke inzichten, praktijkervaringen en input van de alliantie,handvatten bieden voor de beoordeling en ontwikkeling van leermid-delen. Voor het vakgebied taal zijn inmiddels al kwaliteitskadersbeschikbaar voor zowel het primair als het voortgezet onderwijs.16, 17 Dezeinitiatieven, hoewel breder dan de curriculumimplementatie, dragen eraanbij dat scholen beter onderbouwde keuzes kunnen maken die passen bijde kerndoelen en hun onderwijsvisie.3. Toetsen Toetsing is een belangrijk instrument binnen de implementatie van denieuwe kerndoelen. Daarbij staan in het primair onderwijs twee vragencentraal. Ten eerste: hoe worden wettelijk verankerde toetsen, zoalsleerlingvolgsystemen (LVS) en doorstroomtoetsen, geactualiseerd in lijnmet de nieuwe kerndoelen? Daarbij wordt onder meer gekeken naar deeffecten van mogelijke wijzigingen in de referentieniveaus op referen-tiesets en normering. Ten tweede wordt breder gekeken naar toetsvormenen -inhouden die de implementatie van de kerndoelen kunnen onder-steunen, als middel om het leerproces en het onderwijs vorm te geven.Op dit moment is nog niet duidelijk of er wijzigingen in het toetsstelselprimair onderwijs nodig zijn. Mocht dat wel het geval zijn, dan is hetstreven om die zoveel mogelijk tegelijk door te voeren met veranderingenals gevolg van het nieuwe curriculum. Op die manier wordt voorkomendat scholen op verschillende momenten met grote veranderingen temaken krijgen. In het najaar deel ik met uw Kamer een tijdpad met debenodigde stappen voor eventuele wijzigingen in het aantal doorstroom-toetsen en de vorm daarvan en de snelheid waarmee die zouden kunnenplaatsvinden.18In het voortgezet onderwijs is bovendien een goede aansluiting met debovenbouw van belang. Toetsing in de onderbouw moet in lijn zijn methet vernieuwde curriculum én met de doelen van de bovenbouw, zoalsvastgelegd in de geactualiseerde examenprogramma’s. Dat vraagt van deschool om de implementatie van de geactualiseerde examenprogramma’sen kerndoelen in samenhang te bezien en zo de toetsontwikkeling af testemmen op de actualisatie van de examenprogramma’s.14Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2025). Informatie met betrekking tot hetgeactualiseerde curriculum. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/toekomst-onderwijs/documenten/brieven/2025/07/03/brief-leermiddelenmakers-informatie-met-betrekking-tot-het-geactualiseerde-curriculum15Kamerstuk 32 034 nr. 5416Van Brussel, K., Van Dijk, Y. (voorzitter), Heuts, A., Prenger, J., Smits, A., Sparreboom, E.(projectleider), & Van der Velden, M. (2025). Kwaliteitskader leermiddelen taal voor primaironderwijs. Kwaliteitskader Leermiddelen Taal/Nederlands - Platform Samen Onderzoeken17Van Brussel, K., Van Dijk, Y. (voorzitter), Heuts, A., Prenger, J., Smits, A., Sparreboom, E.(projectleider), & Van der Velden, M. (2025). Kwaliteitskader leermiddelen voor de onderbouwvan het voortgezet onderwijs. Kwaliteitskader Leermiddelen Taal/Nederlands - Platform SamenOnderzoeken18Kamerstuk 31 293, nr. 798Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 83311 In dit verband zien we ook uit naar een advies van de Onderwijsraad datbegin 2026 verschijnt over toetsing in een vernieuwd curriculum.4. Communicatie Heldere en tijdige communicatie richting het onderwijsveld is cruciaalvoor een succesvolle implementatie. Scholen en onderwijsprofessionalsmoeten goed geïnformeerd zijn over de inhoud en bedoeling van hetvernieuwde curriculum, de fasering van de implementatie en debeschikbare ondersteuningsmogelijkheden. OCW ontwikkelt samen metpartners een gezamenlijke communicatiestrategie, inclusief een landelijkecommunicatiekalender en kernboodschap. Communicatie is hierbij nieteenzijdig, maar interactief. Door actief feedback op te halen uit het veld enruimte te bieden voor dialoog, wordt inzicht verkregen in waar scholenstaan in het implementatieproces en welke aanvullende ondersteuningwenselijk is.Deze brief schetst op hoofdlijnen een eerste beeld van de gesprekken diemomenteel met het onderwijsveld worden gevoerd en de plannen diedaaruit voortkomen. In de komende periode worden deze gesprekkenvoortgezet. In 2026 wordt de implementatiefase landelijk afgetrapt metOCW Dichtbij-bijeenkomsten, waarin scholen, schoolleiders en lerarenworden meegenomen in de inhoud en aanpak van het vernieuwdecurriculum.5. Monitoring Monitoring van het curriculum, van de landelijke kerndoelen en examen-programma’s tot en met de vertaling naar en uitvoering in de scholen,speelt een belangrijke rol in het ondersteunen van het implementatie-proces en in het voeden van het systeem voor periodiek curriculumon-derhoud. SLO heeft hierover een uitgebreid advies uitgebracht, waarinwordt benadrukt dat monitoring vooral een lerend karakter moet hebbenen recht moet doen aan de rijkheid en variatie in het onderwijsveld.19Essentieel daarbij is dat monitoring zich niet alleen richt op leerop-brengsten, maar ook op het daadwerkelijk uitgevoerde curriculum, deconcrete onderwijspraktijk. Het is nodig om zicht te hebben op de keuzesdie scholen maken in hun onderwijs, waaronder het gebruik van leermid-delen, en op de randvoorwaarden voor succesvolle implementatie (zoalsde uitlijning van leermiddelen en toetsen met de nieuwe kerndoelen enexamenprogramma’s, professionalisering, ontwikkeling van curriculum-bewust handelen en leiderschap).SLO pleit voor de opbouw van een landelijke onderzoeksagenda waarinmonitoring cyclisch en systematisch plaatsvindt, in aansluiting op deverschillende fasen van curriculumontwikkeling.20 Daarbij moet gewerktworden vanuit een gedeeld en genuanceerd perspectief, waarin depraktijkervaringen van scholen centraal staan. De komende periode wordtdit advies, in overleg met veldpartijen, verder uitgewerkt. Daarbij staatvoorop dat monitoring geen beoordelend of controlerend karakter krijgt,maar een instrument wordt waarmee scholen, beleidsmakers en anderepartners kunnen leren en gericht kunnen ondersteunen.19SLO (2025). Naar meer zicht op het curriculum in het funderend onderwijs. Adviesrapport.SLO.20SLO (2025). Naar meer zicht op het curriculum in het funderend onderwijs. Adviesrapport.SLO.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 293, nr. 83312

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · b0ad4f34de1d99f8

14 okt 2026 · b9d74f4d9e22367d

13 okt 2026 · c6476b323ff17dcf

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.