Verzamelbrief Luchtvaart (Q2)
Brontekst
Versie c2a79541332acbbd · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 936LuchtvaartbeleidNr. 1238 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 3 juni 2025Met deze verzamelbrief Luchtvaart wordt u geïnformeerd over devoortgang van verschillende onderwerpen met betrekking tot luchtvaart.Daarbij wordt ook ingegaan op de wijze waarop uitvoering is gegeven aaneen aantal toezeggingen en moties aan de Tweede Kamer.De volgende onderwerpen komen in deze verzamelbrief aan de orde:Verduurzaming luchtvaart:•Volwassenheidstoets op de governance en samenwerking van hetprogramma Luchtvaart in Transitie•SAF-roadmap•Waterstof- en elektrisch vliegenLuchtruim en regionale luchthavens•Beoordeling Nederlandse bijdrage aan het prestatieplan voorluchtverkeersdienstverlening voor de Europese Commissie•Hinderbeleving door luchtverkeer•Meten van vliegtuiggeluidLuchtvaartveiligheid•Ganzenbeheer in de omgeving van Schiphol•Onderzoek naar de kwaliteit van de cabineluchtInternationale bereikbaarheid:•Mogelijkheden om luchtvracht als aanvullend criterium op te nemen inde secundaire slotallocatiecriteria•Globalization and World Cities (GaWC) 2024•Monitor netwerkkwaliteit en staatsgaranties 2024 kst-31936-1238ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12381 •Wettelijke evaluatie Airport Coordination Netherlands (ACNL)•De 42ste vergadering van de Internationale Burger LuchtvaartOrganisatie (ICAO)Volwassenheidstoets op de governance en samenwerking van hetprogramma Luchtvaart in Transitie (LiT).Het Ministerie van IenW heeft de Audit Dienst Rijk in 2024 gevraagd omeen volwassenheidstoets uit te voeren op het groeifondsprogrammaLuchtvaart in Transitie (LiT). Deze tussenevaluatie gaat over de stand vanzaken in de uitvoering van het programma op de onderwerpen gover-nance en samenwerking. Via het programma Luchtvaart in Transitie wordtgeïnvesteerd in technologische vernieuwingen om de luchtvaart schonerte maken en kansen voor bedrijven en werkgelegenheid te benutten.Het programma is in 2022 gestart en loopt af in 2030. De tussenevaluatielaat zien dat het programma goed is opgestart en geeft aanbevelingenvoor de verdere uitvoering. De aanbevelingen worden gebruikt om deinrichting van het programma te optimaliseren.SAF-roadmapIn het Regeerprogramma is opgenomen dat het kabinet een duurzameluchtvaartbrandstoffen (SAF) roadmap maakt om schoner te kunnenvliegen en om te zorgen dat er in de toekomst voldoende energie (vanuitNederland en Europa) beschikbaar is. De SAF-roadmap is door Deloitteopgesteld met inbreng vanuit de luchtvaartsector en de overheid. In totaalhebben dertig sectorpartijen zich verbonden aan de roadmap. In deroadmap zijn de kansen, uitdagingen en benodigde initiatievenopgenomen om de productie en afzet van SAF in Nederland te vergroten.Waterstof- en elektrisch vliegenOp 23 april 2025 heeft IenW de Kamer geïnformeerd over de beleidsont-wikkelingen op het gebied van waterstof en- elektrisch vliegen1.Hiermee zijn de toezegging2 en motie3 van de Leden Peter de Groot/Bamenga afgedaan.Aanvullend biedt IenW hierbij nog twee recent afgeronde onderzoeksrap-porten aan.Wet- en regelgeving duurzame luchtvaartEen consortium van Adecs, Lexavia en ADSE heeft onderzocht welkejuridische knelpunten er zijn bij het ontwikkelen, testen en opschalen vanwaterstof- en elektrische vliegtuigen. De bestaande wet- en regelgevingblijkt niet direct belemmerend, maar kan wel botsen met operationelekaders die ingericht zijn op kerosinevliegtuigen. Het consortium adviseertIenW om een sturende rol in te nemen door onder andere strategischebeleidskaders te ontwikkelen en ruimte te bieden voor experimenten. Ookwordt een gap-assessment aanbevolen om de benodigde kennis encapaciteit te identificeren en te versterken. De adviezen uit het rapportworden meegenomen in verdere beleidsontwikkeling.1Kamerstuk 31 936, nr. 12282TZ202410-1923Kamerstuk 31 936, nr. 1189Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12382 Verkenning van maatschappelijke effecten van waterstof- en elektrischeluchtvaarttechnologieënDit onderzoek verkent de maatschappelijke effecten van waterstof- enelektrisch vliegen aan de hand van een aantal hypothetische scenario’s,waarbij uitgegaan is van één-op-één vervanging van conventionelevliegtuigen door waterstof- en/of elektrische vliegtuigen. Ondanks detechnologische onzekerheden en onduidelijkheid over hoe de markt zichzal ontwikkelen, tonen de resultaten dat er positieve effecten teverwachten zijn voor bijvoorbeeld: verdienvermogen, klimaat enwerkgelegenheid.De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK)heeft tijdens het debat Economische Ontwikkeling en Zelfredzaamheid inhet Caribisch deel van het Koninkrijk op 16 april 2025, toegezegd dat IenWterugkomt op de kansen voor elektrisch vliegen in het Caribisch deel vanhet Koninkrijk. Ik ga hier graag kort op in.Caribisch deel van het KoninkrijkElektrisch vliegen heeft, ook in het Caribisch deel van het Koninkrijk, veelpotentie en kan mogelijk bijdragen aan een betere connectiviteit tussen deeilanden. De afgelopen jaren heeft IenW dit actief gestimuleerd doorbijvoorbeeld verschillende (haalbaarheids)studies uit te laten voeren endoor deelname aan congressen en expertgroepen. Ook in de beleidsont-wikkeling zoals uiteengezet in de Kamerbief van 23 april jl.4 worden dekansen en mogelijkheden in het Caribisch deel van Nederland betrokken.Op dit moment is er geen aanvullende beleidsinzet, specifiek gericht ophet stimuleren van elektrisch vliegen op de eilanden. Verdere inzet zalmoeten worden afgewogen in relatie tot het beperkte draagvlak, debeschikbare middelen en capaciteit, bij zowel IenW als de lokaleoverheden en autoriteiten.Beoordeling Nederlandse bijdrage aan het prestatieplan voorluchtverkeersdienstverlening voor de Europese CommissieEen belangrijk onderdeel van Single European Sky (SES) is presta-tiesturing voor luchtverkeersleiding5. Deze prestatiesturing geeft deEuropese Commissie de mogelijkheid om de Europese luchtverkeers-dienstverleners aan te spreken op vier prestatiegebieden (veiligheid,duurzaamheid, capaciteit en kostenefficiëntie). Op 1 oktober 2024 heeftNederland het nieuwe prestatieplan aan de Europese Commissieaangeboden voor de vierde referentieperiode 2025–2029 (RP4). Dit is insamenwerking gedaan met de andere landen in het Functional AirspaceBlock Europe Central (FABEC), België, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, enZwitserland. In het Nederlandse deel van dit plan leveren de Nederlandseluchtverkeersdienstverleningsorganisaties LuchtverkeersleidingNederland (LVNL), Maastricht Upper Area Control Centre (MUAC) en hetKoninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) ieder een bijdrage.Beoordeling Europese Commissie en vervolgstappenIn de eerste beoordelingsfase heeft de Europese Commissie het Neder-landse deel van het FABEC prestatieplan op één onderdeel niet goedge-keurd. De Europese Commissie oordeelt dat Nederland onvoldoendebijdraagt in het prestatiegebied kostenefficiëntie. In deze beoordelinghoudt de Europese Commissie geen rekening met de lokale omstandig-heden die de Nederlandse luchtverkeersdienstverleners treffen. De4Kamerstuk 31 936, nr. 12285Uitvoeringsoverordening EU 2019/317Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12383 Europese Commissie geeft Nederland de ruimte om, in een aantalbilaterale overleggen, deze lokale omstandigheden toe te lichten. Het doelvan deze overleggen is om voor Nederland een uitzonderingspositie tekrijgen voor het prestatiegebied kostenefficiëntie. De deadline voor hetindienen van het herziene plan is eind juli 2025.Hinderbeleving door luchtverkeerDe gegevens over hinderbeleving en slaapverstoring door luchtverkeerzijn in de periode september tot en met december 2024 verzameld metvragenlijsten door de GGD-en. Het CBS verwerkt deze vragenlijsten. Deervaren en gerapporteerde hinder en/of slaapverstoring wordt gekoppeldaan de berekende geluidbelasting op een locatie. Het RIVM verwerkt dittot een rapportage. In deze rapportage staat per luchthaven hoe groot dekans op ernstige hinder of slaapverstoring is afhankelijk van de bloot-stelling aan geluid. De rapportage van het RIVM wordt in het voorjaar2026 verwacht en zal aan de Kamer worden toegestuurd. Een verge-lijkbare rapportage ontving de Kamer op 20 februari 20236.Metingen van luchtverkeerDe uitwerking van het proces van het meten van vliegtuiggeluid vindt nuplaats, waarbij het ministerie in gesprek is met onder andere deMaatschappelijke Raad Schiphol, de luchthaven Schiphol en bestuurlijkepartners. Dat heeft een aantal denkrichtingen opgeleverd die nu nader inbeeld worden gebracht. Als meer duidelijk is waarvoor het meten wordtingezet, en hoe het wordt bekostigd, kan het proces verder wordenuitgewerkt. De verwachting is dat deze uitwerking in het najaar van 2025aan de Kamer zal worden verzonden.Onderzoek naar de kwaliteit van cabineluchtIn bijlage 5 ontvangt de Kamer de jaarrapportage 2024 van de NationaleAdviesgroep Cabinelucht (NAC). De adviesgroep adviseert over demogelijke relatie tussen gezondheidsklachten bij vliegend personeel en deblootstelling aan chemische stoffen in de cabinelucht7. De rapportagebeschrijft de voortgang en activiteiten van de NAC voor het jaar 2024.Ondanks veel onderzoek is de oorzaak van gezondheidsklachten bijvliegend personeel volgens de NAC niet duidelijk.Om meer duidelijkheid te krijgen over of gezondheidsklachten doorblootstelling aan chemische stoffen in de cabinelucht werkt het RIVM meeaan internationaal onderzoek naar deze vraag8. In de jaarrapportagebeschrijft de NAC de voortgang en eerste resultaten van dit internationaleonderzoek. Daarbij worden nu nog geen grote effecten gezien vangesimuleerde blootstelling aan chemische stoffen in cabinelucht. In hetnajaar van 2025 zullen de eindresultaten van dit project bij EASA inKeulen worden gepresenteerd.Daarnaast beschrijft de NAC de voortgang op een aantal (nationale)initiatieven.Naar aanleiding van de adviesnotitie «kennisvergroting en bewust-wording cabinelucht» heeft de NAC verder gewerkt aan betere registratie6Kamerstukken II, 2022/23, 31 936, nr. 1044 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-31936-1044.html7Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 8 september 2022, nr. IENW/BSK-2020/168657, tot instelling van een Nationale Adviesgroep Cabinelucht (Instellingsbesluit NAC)(Stct. 2020, nr47262)/8Cabin air quality assessment of long-term effects of contaminants», ook wel het Cabin AirQuality (CAQ) III project genoemd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12384 van zoektermen bij meldingen van voorvallen. Het Analysebureauluchtvaartvoorvallen van de ILT heeft hieraan bijgedragen. De NAC heeftgeïnventariseerd of voorvalmeldingen van cabinelucht beter gelabeld engestandaardiseerd kunnen worden en of het meldingsproces eenvoudigeren toegankelijker gemaakt kan worden voor cabinepersoneel. Een anderresultaat is een nieuwe trainingsanimatie voor bewustwording overcabinelucht onder cabinepersoneel van de grote Nederlandse luchtvaart-maatschappijen. De ontwikkelde animatie kan mogelijk als voorbeelddienen voor andere luchtvaartmaatschappijen binnen Nederland, maarook buiten Nederland.Ook heeft de NAC zich in 2024 verder gebogen over een medisch protocol.De NAC beschrijft dat er behoefte is aan een protocol voor (bedrijfs-)art-sen, te gebruiken bij (voormalig) vliegend personeel met bepaaldechronische klachten en met een vermeende relatie met cabinelucht. Het isde vraag hoe de behoefte voor een medisch protocol past binnen albestaande richtlijnen. Dit wordt uitgezocht.Het Ministerie van IenW hecht eraan dat iedereen een veilige werkplekheeft waar geen gezondheidsschade door werkzaamheden kan ontstaan.Dat geldt ook voor mensen die werken aan boord van vliegtuigen. Denationale en internationale initiatieven die het NAC neemt zijn daarvoorbelangrijk. Het ministerie volgt de activiteiten.Meer mogelijkheden om luchtvracht als aanvullend criterium inde secundaire slotallocatiecriteria op te nemenKamerleden Peter de Groot en Pierik hebben in het Tweeminutendebatvan 19 februari jl. per motie9 verzocht om meer mogelijkheden voor deslotcoördinator om operaties met vrachtvliegtuigen als aanvullendcriterium op te nemen in de secundaire slotallocatiecriteria. Praktischgezien betekent dit een extra «vinkje» voor operaties met vrachtvlieg-tuigen, waardoor ze hoger op de stapel komen bij slotaanvragen. Hetvraagstuk betreft primair een aangelegenheid van de onafhankelijkeslotcoördinator, ACNL.Bij de appreciatie van de motie is aangegeven dat voor ACNL draagvlakvan de luchtvaartsector, via het CCN, vereist is om een extra vinkje voorvrachtoperaties te kunnen regelen. In september 2024 heeft ACNL hetCoördination Committee Netherlands (CCN) om een advies gevraagd omwel of geen extra «vinkje» aan vracht toe te kennen. In het CCN zijn de opSchiphol opererende luchtvaartmaatschappijen vertegenwoordigd en zij ishet enige orgaan dat ACNL over een dergelijk beleidsvoorstel kanadviseren. CCN heeft met enkele leden en IenW een werkgroep opgezetom te onderzoeken of dit extra vinkje mogelijk is.De uitkomsten van de werkgroep laten zien dat er nog geen draagvlak isvoor het extra vinkje. Een belangrijk element is dat dergelijke slots ookhistorische slots kunnen worden. Het risico is dat die slots door deoperators worden omgezet naar passagiersvluchten en vervolgens nietmeer inzetbaar zijn voor vrachtoperaties. Slots zijn namelijk nietgebonden aan een bepaald type operatie. Daarnaast stelt het CCN dat ernog onvoldoende duidelijkheid is over de impact van de verankering vande Balanced Approach procedure op de werking van het extra vinkje. HetCCN verwacht dat er meerdere seizoenen nodig zijn om te beoordelen watde impact daarvan op de slotallocatie is. Om die redenen vindt het CCNhet daarom prematuur om nu een gedragen advies geven aan ACNL.9Kamerstuk 31 936, nr. 1210Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12385 De intentie van de motie om vrachtvluchten meer mogelijkheden in hetslotallocatie-proces te geven, wordt wel op een andere manier ingevuld.In de tussentijd maakt ACNL namelijk al gebruik van hun bevoegdheid10om slots uit de ad hoc slotpool toe te wijzen aan vrachtmaatschappijen.Deze ad hoc slots kunnen niet leiden tot historische rechten, maar dewerkwijze zorgt er al wel voor dat er meer slots naar vrachtvluchten gaan.Alle betrokken partijen erkennen de waarde van vracht en hebbenaandacht voor oplossingen. Het «vinkje» is niet definitief van tafel.Globalization and World Cities (GaWC) 2024In het beleidskader netwerkkwaliteit11 is het publieke belang van eengoede internationale verbondenheid van Nederland objectief eneenduidig meetbaar gemaakt. In het beleidskader wordt het begrip«netwerkkwaliteit» omschreven als «de beschikbaarheid van directeverbindingen naar preferente bestemmingen.Preferente bestemmingen zijn steden die een aanzienlijk economischbelang voor Nederland vertegenwoordigen of die een bijzonderestaatkundige/historische relatie met Nederland hebben.»Deze economisch belangrijke bestemmingen worden objectief eneenduidig geïdentificeerd op basis van de Globalization and WorldCities-index (GaWC). De GaWC krijgt elke twee jaar een update waarmeede actuele internationaal- economische dynamiek een plaats krijgt in deresultaten. In de GaWC heeft elke stad een eigen numerieke score die haareconomisch gewicht aangeeft. Deze lijst is op maat gemaakt voorNederland, dat wil zeggen dat de rangschikking van steden plaatsvindtnaar gelang hun specifieke betekenis voor onze nationale economie. Ookvoor de buitenlandse luchthavens waarmee Schiphol wordt vergeleken,zoals Londen Heathrow en Parijs Charles de Gaulle, zijn specifiekeGaWC-lijsten opgesteld om het variërende belang van een bestemmingvoor verschillende nationale luchthavens in beeld te krijgen. In de notitieBeleidskader Netwerkkwaliteit12 staat meer informatie over de achter-grond van de GaWC-lijst. Als bijlage bij deze brief wordt de GaWC-lijst van2024 voor Nederland weergegeven. Deze gegevens worden gebruikt voorde Monitor Netwerkkwaliteit en Staatsgaranties (zie hieronder).Monitor netwerkkwaliteit en staatsgaranties 2024In opdracht van het Ministerie van IenW is de jaarlijkse Monitor netwerk-kwaliteit en staatsgaranties voor het jaar 2024 opgeleverd door SEOEconomisch Onderzoek. Het onderzoeksrapport is bijgevoegd.De Monitor netwerkkwaliteit en staatgaranties 2024 geeft een beeld vande ontwikkeling van de connectiviteit en de netwerkkwaliteit in september2024 (meetmoment derde week september) op Schiphol ten opzichte vande belangrijkste concurrerende luchthavens. Daarnaast wordt in demonitor het netwerk van KLM vanaf Schiphol vergeleken met dat van AirFrance vanaf Parijs Charles de Gaulle. Zo kan de naleving van destaatsgaranties die zijn afgesproken met Air France-KLM gevolgd worden.Uit de monitor 2024 blijkt dat het aantal bestemmingen vanaf Schiphol tenopzichte van 2023 licht is gedaald. Het aantal directe vluchten is lichtgestegen. Het aantal vluchten vanaf Schiphol waarbij kan wordenovergestapt op een andere luchthaven is ook gestegen. De netwerkkwa-10Op basis van artikel 8 lid 7 van de slotverordening heeft de slotcoördinator de vrijheid om aanbijvoorbeeld vracht of kleine luchtvaart een ad hoc slot toe te wijzen.11Kamerstukken II 2022–2023, 31 936, nr. 102112Kamerstukken II 2022–2023, 31 936, nr. 1021Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12386 liteit van Schiphol (beschikbaarheid van directe vluchten naar preferentebestemmingen) toont een geringe afname.Voor de meeste concurrerende luchthavens liggen de connectiviteit en denetwerkkwaliteit hoger dan in 2023. De toename vlakt wel af, waardoorvoor de meeste luchthavens geldt dat het aanbod nog onder het niveauvan 2019 ligt. Gegeven de vele uitdagingen die op de luchtvaart inNederland afkomen is het belangrijk de impact van die uitdagingen op denetwerkkwaliteit van Schiphol goed te blijven volgen.Net als vorig jaar is de directe connectiviteit van Air France-KLM in 2024voor 52 procent gerealiseerd op luchthaven Schiphol en voor 48 procentop Paris Charles de Gaulle. Voor verbindingen naar Noordwest-Europa ligthet aandeel op Schiphol hoger, maar voor verbindingen naar Afrika,Noord-Amerika en het Midden-Oosten ligt het aandeel op Parijs Charlesde Gaulle hoger. Voor Azië is de verdeling gelijk.De internationale verbondenheid van Nederland binnen Europa wordt,naast het vliegtuig, door de trein ingevuld. In deze monitor wordt daaromvoor het eerst ook een beeld gegeven van de connectiviteit van interna-tionale treinverbindingen met Amsterdam. Uit de monitor blijkt dat er metde trein in 2024 42 voor Nederland relevante economische bestemmingenzijn te bereiken13. In totaal hebben 19 van deze Europese bestemmingengeen directe luchtvaartverbinding via Schiphol.Wettelijke evaluatie Airport Coordination Netherlands (ACNL)In het kader van de volgens artikel 39 Kaderwet ZBO’s verplicht gesteldeevaluatie, heeft IenW opdracht gegeven aan KPMG om de doelmatigheiden doeltreffendheid van de onafhankelijke slotcoördinator ACNL tebeoordelen. Daarnaast is gevraagd te beoordelen of de omvorming in2020 tot zelfstandig bestuursorgaan heeft bijgedragen aan de doelma-tigheid en doeltreffendheid. Hierbij is KPMG gevraagd om de rol van degovernance, inclusief de samenwerking tussen het ministerie en ACNL, teevalueren. Inmiddels heeft KPMG het onderzoek afgerond en heeft hetbestuur van ACNL in reactie daarop een reactie opgesteld. Hierbijontvangt de Tweede Kamer het rapport van de eerste wettelijke evaluatieen de bestuurlijke reactie.KPMG concludeert dat ACNL van 2020 tot 2024 zijn wettelijke takendoelmatig en doeltreffend heeft uitgevoerd. Verder geeft KPMG aan datACNL door de omvorming onafhankelijker en transparanter is gewordenen dat de omvorming lijkt te hebben bijgedragen aan de doelmatigheid endoeltreffendheid, waarbij de governance ook bijdraagt aan deze eisen.KPMG doet enkele aanbevelingen om de doelmatigheid en doeltreffendACNL verder te vergroten. ACNL heeft IenW laten weten de algemeneconclusie van KPMG te onderschrijven en de aanbevelingen als waardevolte beschouwen. Hiervoor staan in de bestuurlijke reactie al concreteacties. ACNL geeft daarbij aan zich met de (luchtvaart)sector en IenW teblijven willen inzetten voor de uitvoering van haar wettelijke taken. Ookwil het in samenwerking met de Inspectie Leefomgeving en Transport enIenW bezien of aanpassingen, bijvoorbeeld qua slothandhaving, noodza-kelijk en mogelijk zijn om de aanbevelingen verder op te volgen.IenW hecht sterk aan de toekomstbestendigheid van de taakuitvoeringvan ACNL op het terrein van onafhankelijke slotallocatie en slotmonitoringop gecoördineerde luchthavens in Nederland. In dat licht zijn deconclusies van KPMG een waardevolle bevestiging dat ACNL haar taken13Direct, indirect met maximaal één overstap of met de nachttrein.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12387 doelmatig en doeltreffend uitvoert en dat haar onafhankelijke positie goedis geborgd de komende jaren. Dit laat onverlet dat het belangrijk is omverbeteringen door te voeren die de doeltreffendheid en doelmatigheidverder vergroten. De aanbevelingen van KPMG worden daarom ter hartegenomen. IenW gaat de komende periode met ACNL, binnen de taken enverantwoordelijkheden van elkaars rollen, aan de slag met de invullingvan de aanbevelingen.De 42ste vergadering van de Internationale Burger LuchtvaartOrganisatie (ICAO)Van maandag 22 september tot en met vrijdag 3 oktober 2025 vindt de42ste driejaarlijkse ICAO Assembly plaats in Montréal, Canada. Tijdensdeze vergadering vinden de verkiezingen plaats voor het dagelijks bestuurvan de ICAO (de Council). Ook de driejaarlijkse begroting van de organi-satie wordt vastgesteld net als de jaarlijkse contributies van lidstaten. HetKoninkrijk der Nederlanden zal met een delegatie deelnemen aan dezebijeenkomst.De inhoudelijke inzet in de vergadering wordt Europees gecoördineerd enafgestemd. De inzet ziet er op hoofdlijnen als volgt uit:Voor luchtvaartveiligheid en luchtverkeer moeten de volgende versies vande wereldwijde plannen voor luchtvaartveiligheid (Global Aviation SafetyPlan, de GASP) en luchtvaartnavigatie (Global Aviation Navigation Plan,de GANP) worden vastgesteld. Deze plannen worden gebruikt door deICAO lidstaten om hun nationale plannen op te baseren. Daarnaast wordtgesproken over technische onderwerpen zoals de toenemende verstoringvan satellietsignalen (GNSS Global Aviation Satellite System Interference,GNSS), veiligheidsmanagementsystemen, toezicht op luchtvaartveiligheiden regionale toezichtorganisaties, nieuwe toetreders in het luchtruim(onbemande luchtvaart en operaties in het hogere luchtruim) eninnovatie.Voor het onderwerp duurzame luchtvaart worden drie resolutiesvoorbereid, namelijk de implementatie van de lange termijn doelstellingvan net zero CO2-emissies in 2050, het behoud van het Carbon Offsettingand Reduction Scheme for International Aviation systeem (CORSIA) datper 1 januari 2027 verplicht wordt voor alle ICAO lidstaten en tenslotteluchtkwaliteit en geluid op en in de nabijheid van luchthavens. Voor deeconomische inzet geldt dat er wordt gepleit verdere liberalisering van deluchtvaart en vrije markttoegang. Er is aandacht voor de groeiendepersoneelstekorten met een technische signatuur in de sector. Ook wordtopgeroepen meer samen te werken tussen de ICAO en de InternationaleArbeidsOrganisatie (de ILO). Voor Facilitatie staan de volgende onder-werpen op de Assembly agenda; assistentie aan slachtoffers vanluchtvaartongelukken; mensenhandel en niet-reguliere migratiebestrijding en de universele toegankelijkheid van luchtvaart voor mindermobiele ouderen en gehandicapten.Met name het onderwerp niet-reguliere migratie door criminelenetwerken en de mogelijke signaleringsrol van de luchtvaartvervoerdersbij de bestrijding hiervan is een belangrijk politiek streven.Op het terrein van luchtvaartbeveiliging zal de Assembly in het tekenstaan van twee hoofdonderwerpen: cybersecurity en fysieke beveiliging.Voor de implementatie van de ICAO Cyber strategie is aandacht nodigvoor de versterking van governance en risicobeheersing, proactiefkwetsbaarhedenbeheer en continue, functiegerichte training binnen allelagen van het luchtvaartecosysteem.Tegelijkertijd is een holistische benadering noodzakelijk om versnipperdeinspanningen te doorbreken en cyberrisico’s effectief te kunnenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12388 beheersen. Voor fysieke luchtvaartbeveiliging ligt de nadruk op het belangvan innovatie en de ontwikkeling van nieuwe technologieën, het verbe-teren van het kennisniveau in ICAO Staten die achterlopen op dit gebieden het investeren in voldoende gekwalificeerd en kundig personeel omook met nieuwe technologieën te kunnen werken. Verder wordt de ICAOAssembly gevraagd in te stemmen met het organiseren van een HighLevel Aviation Security Conference in het komende triënnium met het oogop herbevestiging van het commitment van alle ICAO Staten om zorg tedragen voor voldoende middelen voor een adequate luchtvaartbeveiligingen om de prioriteiten vast te stellen voor o.a. het internationale regel-gevend kader en het doel van de ondersteunende activiteiten van ICAO.Tenslotte zal de Legal Commission tijdens Assembly inzetten op devoortgang van het werkprogramma van de Legal Committee met diverseonderwerpen waaronder onderzoek aanbevelingen naleving luchtruimverplichtingen ICAO staten (artikel 12) verdrag van Chicago, waarborgenratificatie ICAO verdragen en problemen rond databeschermingsregels eninternationaal vrachtvervoer. Hiernaast zal de Assembly mogelijkaandacht schenken aan de vele geschillenbeslechtingsprocedures diemomenteel bij de ICAO council lopen.De Kamer zal na afloop van de Assembly worden geïnformeerd over deuitkomsten.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,B. MadlenerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 936, nr. 12389
Gerelateerde bronnen
- In het tweede kwartaal van 2025 wordt de Kamer geïnformeerd over het GGD-belevingsonderzoek inzake geluidshinder rond Schiphol.
In het tweede kwartaal van 2025 wordt de Kamer geïnformeerd over het GGD-belevingsonderzoek inzake geluidshinder rond Schiphol.
- De Kamer ontvangt voor zomer 2025 de eerste uitwerking van de wijze waarop het proces van het meten van vliegtuiggeluid concreet zal worden vormgegeven.
De Kamer ontvangt voor zomer 2025 de eerste uitwerking van de wijze waarop het proces van het meten van vliegtuiggeluid concreet zal worden vormgegeven.
- De Kamer wordt na de zomer geïnformeerd over de inspanningen van de slotcoördinator ten aanzien van de historische slots voor de vracht.
De Kamer wordt na de zomer geïnformeerd over de inspanningen van de slotcoördinator ten aanzien van de historische slots voor de vracht.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.