Het Kustpact
Brontekst
Versie 3eb6ad75ad6d5a6f · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2016–2017 29 383Regelgeving Ruimtelijke Ordening en Milieu Nr. 278 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 21 februari 2017 Hierbij bied ik u het Kustpact aan, dat ik op 21 februari 2017 heb onder-tekend samen met de partijen die bij de bescherming en ontwikkeling van de Nederlandse kust zijn betrokken1. Deze partijen vertegenwoordigen in totaal ruim 60 besturen van provincies, gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven in Zuid-Holland, Noord-Holland, Zeeland en Fryslân samen met Natuurmonumenten en Natuur en Milieufederatie (namens de Coalitie Bescherm de Kust), ANWB, StrandNederland, NBTC, RECRON, KHN, HISWA en Staatsbosbeheer. Graag spreek ik mijn dank uit aan al deze partijen voor hun inzet waardoor het Kustpact mogelijk is geworden. Alle betrokken partijen erkennen de unieke waarden van de Nederlandse kust, met de openheid en rust, met de recreatie, de voorzieningen en de variatie. In het Kustpact hebben de partijen afspraken gemaakt om de waarden te beschermen en te komen tot een goede balans tussen bescherming en ontwikkeling van de Nederlandse kust in brede zin. Dat is het resultaat van het Kustpact: de kust wordt goed beschermd, maar wordt niet «op slot» gezet. Vorig jaar heb ik met alle partijen afgesproken een Kustpact op te stellen in antwoord op de maatschappelijke zorg dat teveel nieuwe bebouwing in de kust de waarden van de kust zou aantasten. In samenwerking met de partijen zijn de waarden van de hele kustzone en het beleid van de kustprovincies in beeld gebracht en is het beschikbare instrumentarium geïnventariseerd. Op mijn verzoek heeft het College van Rijksadviseurs advies uitgebracht over deze inventarisaties en dit met alle partijen gedeeld. Op 25 oktober 2016 heb ik uw Kamer gemeld dat de conceptteksten aan de besturen van de partijen zijn voorgelegd (Kamerstuk 29 383, nr. 274). Naar aanleiding van deze ronde zijn de afspraken in goede samenwerking verder verduidelijkt en verbeterd. 1Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl kst-29383-278ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2017Tweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 29 383, nr. 2781 In het Kustpact is vastgelegd dat voor het kustgebied, met het strand, de duinen en gebieden landinwaarts, zones worden aangewezen waar géén nieuwe recreatieve bebouwing is toegestaan, waar wél en waar onder voorwaarden. De provincies zullen deze zonering in overleg met de betrokken partijen in het komende jaar uitwerken in beleid en regelgeving. De provincie Zeeland doet dat in combinatie met de Zeeuwse Kustvisie in 2018, de provincie Fryslân zal het huidige beschermingsbeleid en terughoudende ontwikkelingsbeleid voortzetten. Vooruitlopend op het vaststellen van de zonering zullen partijen zoveel mogelijk handelen naar de vast te leggen zonering, met uitzondering van plannen en projecten waar de democratische besluitvorming al in een concreet stadium is. In het Kustpact zijn deze categorieën van plannen en projecten nader omschreven. Het Rijk zal de kernkwaliteiten en collectieve waarden van de kust, die de provincies in samenwerking met de partijen uitwerken, en de nationale belangen in het kustgebied verwerken in de Nationale Omgevingsvisie. Het Rijk zal onderzoeken op welke wijze de ambities, opgaven en maatregelen op de lange termijn in een Gebiedsagenda kunnen worden opgenomen. De voortgang en het resultaat van de afspraken en het hiermee opgebouwde «plaatje» van de kust zullen dit jaar in het kader van een monitor, onder coördinatie van de Minister van Infrastructuur en Milieu, aan uw Kamer worden gestuurd. Op basis van het resultaat van de afspraken zal het Rijk daarna onderzoeken op welke wijze aanpassing op de regels uit het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) over het Kustfundament nodig zijn. De bestaande regelgeving in het Barro, waaraan plannen en projecten in het Kustfundament moeten voldoen, is niet gewijzigd. Deze regelgeving zal doorwerken in de beoordeling van lopende plannen voor nieuwe recreatieve bebouwing. De afspraken die de partijen hebben gemaakt en zullen uitwerken, zullen zorgen voor een bescherming van de waarden zoals uw Kamer in de aanvaarde moties heeft verzocht. Het betreft de motie van het lid Çegerek2 over harde garanties voor de bescherming van de kust, om het beleid voor de kust in de Nationale Omgevingsvisie op te nemen, en om het ontwerpBarro van 18 december 2015 in te trekken. Het betreft ook de moties van het lid Kos¸er Kaya3 over de zorg dat geen afbreuk wordt gedaan aan het beschermingsniveau van natuur, en over een monitoring op de naleving van de afspraken. En het betreft de motie van de leden Çegerek en Jacobi4 over bindende afspraken met de andere overheden over de bescherming van het kustlandschap inclusief handhaving en het voorkomen dat een groot deel van de lopende plannen voor nieuwe recreatieve bebouwing gerealiseerd wordt. De uitwerking van de afspraken in het Kustpact is de volgende stap die de partijen nemen. De betrokken overheden, bestuursorganen, ondernemers- en maatschappelijke organisaties uit de betrokken sectoren zullen hieraan bijdragen. Uw Kamer zal jaarlijks over de voortgang van de afspraken uit het Kustpact worden geïnformeerd. 2Kamerstuk 29 383, nr. 2673Kamerstuk 29 383, nr. 269 en Kamerstuk 27 625, nr. 3674Kamerstuk 27 625, nr. 354Tweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 29 383, nr. 2782 Het Kustpact is het resultaat van de samenwerking en inzet van alle partijen. Dat geeft mij het vertrouwen in het resultaat van het Kustpact: de bescherming en ontwikkeling van de sterke, veilige en aantrekkelijke Nederlandse kust. De Minister van Infrastructuur en Milieu, M.H. Schultz van Haegen-Maas GeesteranusTweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 29 383, nr. 2783
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.