KamerkringInloggen
Kamerbrief

Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad 13 en 14 mei 2024

2 mei 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 4fca1e939bad8111 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202421 501-07Raad voor Economische en Financiële ZakenNr. 2035 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 2 mei 2024Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda van de vergaderingen van deEurogroep en Ecofinraad van 13 en 14 mei a.s. In verband met Hemelvaartontvangt u deze agenda eerder dan gebruikelijk.Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of datbepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot devolgende vergadering.De Minister van Financiën,S.P.R.A. van Weyenberg kst-21501-07-2035ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20351 Geannoteerde agenda Eurogroep/Ecofinraad 13 en 14 mei 2024 EurogroepEurozone concurrentiekracht: adresseren van de kenniskloofDocument: Op dit moment nog niet openbaarAard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Ministers zullen van gedachten wisselen over het concurrentiever-mogen van de EU en de risico’s van handelsfragmentatie voor de EU. Inde voorbereidende notitie, opgesteld door de Europese Commissie, wordtde positie van de EU, China, de VS en Japan ten aanzien van kennis- eninnovatie vergeleken aan de hand van een aantal indicatoren. Daarbij isspecifiek aandacht voor R&D investeringen, menselijk kapitaal, weten-schappelijke publicaties, en innovatie. In de notitie wordt uiteengezet dater, ten opzichte van de VS, sinds het begin van deze eeuw sprake is vaneen verschil in de ontwikkeling ten aanzien van productiviteit. Dit isvolgens de Commissie deels te wijten aan de relatieve compositie vansectoren. De EU kent een relatief lage bijdrage van sectoren waar deproductiviteitsgroei bijzonder sterk is, met name ICT-industrieën endigitale diensten.In een aantal sleuteltechnologieën houdt het innovatievermogen van deEU gelijke trend met de VS, zoals geavanceerde fabricage, geavanceerdematerialen en industriële biotechnologieën. Daarentegen is de innovatie-kloof met de VS aanzienlijk op met name digitale technologieën. Daarbijlopen ook met name de private investeringen in R&D achter. Ten aanzienvan menselijk kapitaal is een positieve trend waarneembaar, waarbij hetabsolute aantal onderzoekers stijgt, en het deel van de populatie van25–34 jaar in het hoger onderwijs sterk stijgt. Wel benoemt de Commissiezorgelijke ontwikkelingen ten aanzien van de dalende PISA-scores vanjongeren van 15 jaar in de EU (net als in de VS). Daarnaast ziet deCommissie dat de beschikbaarheid van mensen met passende vaardig-heden op termijn investeringen belemmeren.Het beeld ten opzichte van China en Japan is meer gemixt. Publieke R&Dvan de EU is iets hoger dan de drie andere landen (hoewel dit in China enJapan stijgt). Op menselijk kapitaal scoort Japan relatief goed, doet de EUhet minder dan de VS maar beter dan China en is de trend stijgende. Tenaanzien van wetenschappelijke publicaties doet de EU het gemiddeld,maar is er sprake van een dalende trend; China loopt hierin voorop enheeft ook een sterk stijgende lijn. Het beeld ten aanzien van innovatie isgemengd, waarbij er meerdere indicatoren zijn met een dalende trendterwijl bij China een sterk stijgende trend zichtbaar is. De EU loopt vooralachter in patenten in de ICT-sector. Verder valt het op dat de VS vervoorloopt op de andere landen ten aanzien van unicorns en bedrijven inde top 100 t.a.v. R&D investeringen, waarbij de EU op de laatste categorierelatief goed presteert.Ten aanzien van handelingsperspectieven, stelt de Commissie onderandere dat de EU haar R&D prestaties moet verbeteren ten aanzien vanICT en digitale technologieën. In meerdere lidstaten zijn verbeteringenmogelijk in het samenbrengen van het hoger onderwijs en bedrijfsleven.Verder dienen beleidskaders investeringsstimulansen ook een efficiënteallocatie van middelen aan sleutelsectoren voor productiviteitsgroei tegaranderen. Ze stelt tevens dat de EU private financiering voor hoge-risicoinnovatieve bedrijven moet stimuleren, onder andere via de kapitaalmark-tunie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20352 Nederland herkent zich op hoofdlijnen in het beeld dat in de notitiegeschetst wordt. De dalende PISA scores zijn een zorgelijke ontwikkeling,aangezien een goed opgeleide bevolking het fundament is van eenconcurrerende economie. Daarbij is het van belang dat de beroepsbe-volking zich een leven lang blijft ontwikkelen en inzicht heeft in de eigenen benodigde vaardigheden ten behoeve van een toekomstbestendige eninnovatieve arbeidsmarkt. Daarnaast onderschrijft het kabinet denoodzaak van investeringen in onderzoek en innovatie. Tevens acht hetkabinet het van belang dat de Kapitaalmarktunie versterkt wordt, om zoprivate financiering aan te wenden voor innovatieve projecten enbedrijven. Indien opportuun zal Nederland op basis hiervan deelnemenaan de gedachtewisseling.Kapitaalmarktunie – inventarisatieDocument: Op dit moment nog niet openbaar.Aard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Eurogroep in inclusieve samenstelling zal spreken over de stand vanzaken van de kapitaalmarktunie. Naar verwachting zal daarbij stil wordengestaan bij de ontwikkelingen sinds de Eurogroep in maart jongstledeneen verklaring aannam over de toekomst van de kapitaalmarktunie.1Sindsdien is hier in zowel de Eurozonetop van afgelopen maart als debuitengewone Europese Raad in april over gesproken. Ook riep deEuropese Raad in april op tot ambitieuze voortgang van het werk enidentificeerde daarbij enkele prioriteiten.2 Tijdens de Europese Raad vanjuni staat de kapitaalmarktunie opnieuw op de agenda. Het krachtenveld isonveranderd.Het kabinet vindt dat de kapitaalmarktunie verder verdiept en geïnte-greerd moet worden, door het wegnemen van barrières tot het vrijeverkeer van kapitaal in de EU.3 Een diepe, geïntegreerde en veerkrachtigeEuropese kapitaalmarkt is essentieel voor de benodigde investeringen induurzaamheid, digitalisering, (economische) veiligheid en defensie. Ookbieden efficiënte en toegankelijke kapitaalmarkten burgers en inves-teerders meer goede opties voor vermogensopbouw. Bovendien draagtdit bij aan economische en financiële stabiliteit in de Europese MonetaireUnie. Er is al veel werk verzet in de afgelopen jaren, maar de doelstel-lingen van een daadwerkelijke kapitaalmarktunie zijn nog niet bereikt.Daarom is een ambitieus Commissie-werkprogramma en een nieuwactieplan nodig om grootste knelpunten de komende jaren voortvarendaan te pakken. In het bijzonder pleit Nederland voor nationale acties zoalsontwikkeling van pensioenstelsels om kapitaal te mobiliseren. Daarnaastkan Nederland inzetten op Europese acties om nationale regelgeving teverbeteren en standaardiseren ter bevordering van grensoverschrijdendefinanciering met name daar waar er obstakels zijn op het terrein van hetondernemingsrecht, faillissementsrecht of jaarverslaggeving. Tot slot kanNederland ervoor pleiten om het toezicht op de kapitaalmarkten teverbeteren door versterking van de rol van ESMA, de Europesetoezichthouder.1https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/03/11/statement-of-the-eurogroup-in-inclusive-format-on-the-future-of-capital-markets-union/2https://www.consilium.europa.eu/en/press/press-releases/2024/04/18/european-council-conclusions-17-and-18-april-2024/3https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2024/03/01/bijlage-2-dutch-vision-and-priorities-for-the-next-steps-in-strengthening-the-capital-markets-unionTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20353 Terugkoppeling van de internationale bijeenkomsten van de G20,IMF en WereldbankDocument: N.v.t.Aard bespreking: Terugkoppeling van afgelopen vergaderingenBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie (de Raad) en deCommissie zullen aan de Eurogroep en Ecofinraad een terugkoppelinggeven over de G20-bijeenkomst voor Ministers van Financiën enpresidenten van centrale banken, en de IMF- en Wereldbank-jaarvergaderingen die plaatsvonden van 17 tot 19 april jl. inWashington D.C. Nederland kan de terugkoppeling aanhoren.De vergaderingen stonden in het teken van de mondiale financieel-economische situatie, waaronder de gevolgen van de Russische oorlog inOekraïne en de spanningen in het Midden-Oosten en de afweging tussenbegrotingsdiscipline en de noodzaak om te investeren in lange termijnuit-dagingen, zoals het verhogen van de productiviteitsgroei en het adres-seren van klimaatverandering.Op 19 april jl. kwam het International Monetary and Financial Committee(IMFC) bijeen. Het IMFC constateerde dat de wereldeconomie zichopmaakt voor een «zachte landing» na opeenvolgende schokken, maardat deze vooruitzichten nog altijd gepaard gaan met substantiële risico’s,zoals de economische impact van oorlogen en conflicten, inflatie, enstructurele uitdagingen. Specifiek lichtte het IMFC structurele uitdagingenals klimaatverandering, hoge publieke schulden, toenemende ongelijkheiden geo-economische fragmentatie uit. Ook benadrukte het IMFC hetbelang van multilaterale samenwerking. Deze risico’s onderstrepenvolgens het IMFC dat het IMF landen zowel financieel als met beleids-advies moet blijven ondersteunen. Ook verwelkomde het IMFC deherbenoeming van Kristalina Georgieva als Managing Director van hetIMF.De Kamer zal zoals gebruikelijk separaat over de IMF en WB voorjaarsver-gadering worden geïnformeerd. Nederland zal de terugkoppelingaanhoren.Rapportage over de bankenunie (19e hoorzitting van de voorzittervan het Gemeenschappelijk Toezichtsmechanisme en recenteactiviteiten van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad)Document: Op moment onbekendAard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Op grond van een memorandum van overeenstemming tussen deEcofinraad en de Europese Centrale Bank (ECB) neemt de voorzitter vanhet Gemeenschappelijk Toezichtsmechanisme (SSM) twee keer per jaardeel aan de Eurogroep om van gedachten te wisselen. De voorzitter vanhet SSM zal naar verwachting toelichten hoe de Europese bankensectorervoor staat.Daarnaast is tijdens de Eurogroep van november 2016 afgesproken datook de voorzitter van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (SingleResolution Board, SRB) elk halfjaar een toelichting geeft over dewerkzaamheden van de SRB, waaronder de resolutieplanning en deopbouw van het gemeenschappelijk afwikkelfonds (Single ResolutionFund, SRF). Het jaar 2023 stond in het teken van afronding van deTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20354 resolutie-eisen en -verwachtingen voor banken en was een beslissendovergangsjaar, waarin het SRF gevuld is. De SRB heeft derhalve haarfocus verplaatst van het ontwerpen van resolutieplannen, naar het testenvan de uitvoerbaarheid. De SRB zal vermoedelijk rapporteren over devoortgang hiervan. Nederland zal de toelichtingen van SSM en SRBaanhoren.EcofinraadRichtlijnvoorstel snellere en veiligere vermindering teveelingehouden bronbelasting («FASTER»)Agendaonderwerp Richtlijnvoorstel snellere en veiligere verminderingteveel ingehouden bronbelasting («FASTER»)Document: Op dit moment nog niet beschikbaar. Het document wordtvoorafgaand aan de vergadering op het Delegates Portal geplaatst onderde titel «Directive on faster and safer relief of excess withholding tax(FASTER)».Aard bespreking: Besluitvorming: Politiek akkoordBesluitvormingsprocedure: UnanimiteitToelichting:De Ecofinraad zal spreken over het richtlijnvoorstel snellere en veiligerevermindering teveel ingehouden bronbelasting («FASTER») met als doeleen politiek akkoord te bereiken. De rechtsbasis is art 115 VWEU. Debesluitvorming ten aanzien van het voorstel is unanimiteit (metraadpleging van het Europees Parlement). Formele aanname door deRaad volgt in een later stadium.Op 19 juni 2023 heeft de Europese Commissie FASTER voorgesteld. Hetdoel van FASTER is procedures voor het verminderen van overtolligebronbelasting te harmoniseren, te versnellen en bestendiger tegenmisbruik te maken. Het gaat hierbij om bronbelasting die geheven wordtten aanzien van dividenden op aandelen die publiekelijk wordenverhandeld. Deze richtlijn maakt onderdeel uit van een breder pakket vanmaatregelen om de werking van de kapitaalmarktunie te verbeteren.De Nederlandse inzet4 tijdens de onderhandelingen was een bredertoepassingsbereik van de procedures, het bestendiger maken van deprocedures tegen misbruik en de uitvoerbaarheid voor de Belastingdiensten financiële instellingen waarborgen.Ten opzichte van het originele voorstel zijn aanpassingen gedaan omervoor te zorgen dat contractuele beleggingsfondsen, waaronderNederlandse fondsen voor gemene rekening, toegang krijgen tot deprocedures wanneer deze, of hun beleggers, recht hebben op vermin-dering van bronbelasting. Dit is een belangrijke uitbreiding van hettoepassingsbereik ter versterking van de kapitaalmarktunie.De procedures worden optioneel voor lidstaten die zowel een kleinereaandelenbeurs hebben5 als een goedwerkend systeem om beleggers eenvrijstelling aan de bron te geven voor deze overtollige bronbelasting. Ditbetekent dat alle beleggers die normaliter onder de FASTER procedureszouden vallen, gebruik moeten kunnen maken van de vrijstelling aan de4https://open.overheid.nl/documenten/e60d1de1-8bec-4774-89fb-65f1080b49bf/file5Een beurs met een beperkte marktkapitalisatieratio. Dit betekent dat de cumulatieve waardevan de beursgenoteerde bedrijven aan deze beurs een zeer beperkte waarde hebben tenopzichte van de cumulatieve waarde van de bedrijven genoteerd aan alle aandelenbeurzen inde EU.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20355 bron in de desbetreffende lidstaat en dat hierbij niet meer informatiegevraagd mag worden aan de belegger dan onder de FASTER procedures.Ten aanzien van het bestendiger maken tegen misbruik zijn meerdereaanpassingen gedaan. Er zijn ruimere mogelijkheden gegeven aanlidstaten om de FASTER procedures te mogen weigeren. FASTERprocedures mogen bijvoorbeeld geweigerd worden wanneer het aandeelvijf dagen voor de ex-dividenddatum verkregen is, dit was twee dagen.Verder moet er meer informatie over het dividend en de belegger doorfinanciële instellingen aan de Belastingdienst worden gerapporteerd.Bovendien is nu verduidelijkt dat de FASTER procedures niet leiden toteen vermindering van de handhavingsmogelijkheden voor belasting-diensten.Het Belgische voorzitterschap heeft ruimschoots aandacht besteed aanhet vergroten van de uitvoerbaarheid voor belastingdiensten. DeNederlandse inbreng in de onderhandelingen is in samenspraak met deBelastingdienst opgesteld, zodat beleid en uitvoering integraal zijngewogen. Er zijn een aantal termijnen verlengd, waardoor bijvoorbeeldhet afgeven van een woonplaatsverklaring voor de Belastingdienst beteruitvoerbaar wordt. Bovendien is de implementatietermijn verschoven van1 januari 2027 naar 1 januari 2030, waardoor de implementatie beter in deIV-portfolio gepast kan worden.Financiële instellingen krijgen ook een langere termijn om te rapporterenen verzoeken in te dienen wat de uitvoerbaarheid ten goede komt.Hiernaast wordt er een centraal EU-portaal opgericht waardoor zij zich opéén plek hoeven te registreren in plaats van in elke lidstaat afzonderlijk.De Europese Commissie beheert dit portaal maar lidstaten behouden debevoegdheid om te beoordelen welke financiële instellingen zich aldaarkunnen registreren. Nederland steunt de oprichting van een EU-portaal,aangezien dit de administratieve lasten voor financiële instellingenvermindert.Verder wordt het mogelijk dat financiële instellingen onderling afsprakenmaken over rapportage en het indienen van verzoeken. Een buitenlandsefinanciële instelling met beperkte aanwezigheid in een lidstaat kan meteen lokale financiële instelling afspreken dat deze de rapportage enverzoeken namens de buitenlandse financiële instelling doet.Nederland kan het voorliggende resultaat steunen, omdat er een goedebalans is bereikt tussen het bestendig maken van misbruik door middelvan additionele handhavingsmogelijkheden voor en rapportage aanbelastingdiensten, een breder toepassingsbereik voor beleggingsfondsenen uitvoerbaarheid voor belastingdiensten. Nederland is daaromvoornemens om met het voorliggende akkoord in te stemmen.Btw-regels voor het digitale tijdperkDocument: Op dit moment nog niet beschikbaar. Het document wordtvoorafgaand aan de vergadering op het Delegates Portal geplaatst onderde titel «EU VAT in the digital age package».Aard bespreking: Besluitvorming: AannameBesluitvormingsprocedure: UnanimiteitToelichting:De Raad zal besluiten over het Commissievoorstel «VAT in the digital age»(VIDA), teneinde het gehele pakket aan te nemen. De rechtsbasis is art 113VWEU. De besluitvorming ten aanzien van het voorstel is unanimiteit (metraadpleging van het Europees Parlement). Formele aanname door deRaad volgt in een later stadium.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20356 Op 8 december 2022 heeft de Commissie VIDA gepubliceerd. Het voorstelbestaat uit drie onderdelen: (1) Digitale rapportageverplichtingen ene-facturatie: voor grensoverschrijdende diensten en leveringen moet per2028 een gestandaardiseerde e-factuur worden uitgewisseld en bepaaldedata daaruit worden gerapporteerd. (2) Platformfictie voor kortlopendeaccommodatieverhuur- en personenvervoerdiensten aangeboden viaplatforms: betekent dat platforms voor de heffing van btw de fictieveleverancier worden van die diensten aangeboden via hun platforms. (3) deenkele btw-registratie: ziet op hantering van één btw-registratie in degehele unie. Het Belgisch voorzitterschap heeft VIDA als prioriteitbenoemd en streeft naar een akkoord op het gehele voorstel.Het kabinet ondersteunt het initiatief van de Commissie om hetbtw-stelsel te moderniseren en in lijn te brengen met de ontwikkelingendie voortvloeien uit de digitaliserende economie, zonder dat dit leidt totonnodige stijging van administratieve- en uitvoeringlasten voor hetbedrijfsleven en de Belastingdienst. Ook erkent het kabinet het belang vande modernisering en harmonisering van in bepaalde opzichten verou-derde (Europese en nationale) btw-regelgeving, mede om de administra-tieve lasten te verlichten, het btw-gat te verkleinen en fraude effectiever tekunnen bestrijden. De Nederlandse inzet tijdens de onderhandelingen isgericht op harmonisatie, voorkoming van onnodige administratieve lastenvoor het bedrijfsleven en uitvoeringslasten voor de Belastingdienst,dataveiligheid en voldoende tijd voor implementatie6.In de voorliggende compromisteksten zijn de implementatiedata voor alledrie de onderdelen van het voorstel op verzoek van Nederland en anderelidstaten naar achteren geschoven, zodat belastingplichtigen en debelastingdiensten voldoende tijd hebben voor implementatie.Wat betreft het onderdeel (1) dat ziet op de digitale rapportageverplich-tingen en e-facturatie hebben lidstaten die al over een binnenlandssysteem voor rapportageverplichtingen en e-facturen beschikken eenlangere transitieperiode gekregen om hun systemen in lijn te brengen methet nieuwe Europese systeem voor digitale rapportageverplichtingen ene-facturen. Hoewel Nederland graag had gezien dat deze transitieperiodekorter was kan Nederland de voorgestelde transitieperiode in het kadervan het compromis accepteren. Vanaf juli 2030 zijn lidstaten dan immerswel verplicht om de Europese norm voor rapportage en e-facturatie teaccepteren waar het intracommunautaire transacties betreft. Hoewel hetpakket voor Nederland ambitieuzer had gekund wat betreft het verlagenvan administratieve lasten, is het voor Nederland belangrijk dat er eencompromis lijkt te zijn gevonden. Het alternatieve scenario waarinlidstaten geen overeenstemming vinden en de komende jaren elk eeneigen systeem voor elektronische facturatie en digitale rapportageintroduceren met afwijkende werkwijzen en voorwaarden zou deadministratieve lasten voor ondernemers immers verder verhogen. Tenaanzien van dit onderdeel spreekt Nederland zich tot slot positief uit overde concrete wijzigingen aan het VIDA-pakket die het gevolg zijn van deNederlandse inspanningen op het gebied van dataveiligheid. Door detoegang tot gevoelige data te beperken tot personen die het nodig hebbenen het bijhouden van verzoeken om deze data, kan concreet wordengemonitord welke data wordt opgevraagd en door wie, wat de veiligheidvan die data bevordert.Ten aanzien van de platformfictie (2) heeft Nederland met het oog opharmonisatie onder andere ingezet op een platformfictie die in alle6Kamerstukken II 2022–2023, 22 112, nr. 3602. Beoordeling Richtlijn en verordening betreffendebtw-regels voor het digitale tijdperk | Rapport | Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20357 lidstaten onder dezelfde omstandigheden verplicht is. De thans voorlig-gende compromistekst biedt lidstaten de nodige flexibiliteit bij detoepassing van de platformfictie waar het gaat om de vraag of er sprake isvan kortlopende accommodatieverhuur. Daarnaast krijgen lidstaten demogelijkheid om kortlopende accommodatieverhuur en/of personen-vervoer die via een platform worden verricht door belastingplichtigen diedaarvoor gebruik maken van een speciale regeling voor kleine onder-nemers, uit te sluiten van de platformfictie. Hoewel Nederland graag meerharmonisatie had gezien kan Nederland omwille van het compromis – ookin het licht van het bereiken van een akkoord op het hele pakket –instemmen met het huidige voorstel. Een belangrijk argument voorNederland hierbij is dat het lidstaten nog steeds de mogelijkheid biedt omvoor de genoemde sectoren een platformfictie te introduceren.Op het gebied van de enkele btw registratie (3) is besloten om hetsubonderdeel dat ziet op de Import-One-Stop-Shop (IOSS) uit hetVIDA-pakket te halen en verder te bespreken in de bredere onderhande-lingen over het nieuwe Douanewetboek. Hoewel Nederland in beginselpositief is over een verplichte IOSS, werd duidelijk dat dit niet haalbaar isomdat de werking nog niet was uitgekristalliseerd. Dit subonderdeelwordt om die reden overgeheveld naar de onderhandelingen over hetnieuwe Douanewetboek.Nederland is voornemens om in te stemmen met de drie voorliggendeteksten. In de basis steunen alle lidstaten de doelen van het voorstel, opeen enkele lidstaat na. Een lidstaat is principieel tegen de platformfictie enpleit om het pakket op te splitsen, zodat de andere onderdelen van hetVIDA-pakket niet opgehouden worden terwijl er verder wordt onder-handeld over de platformfictie. Deze lidstaat geeft aan dat de platform-fictie te veel administratieve lasten met zich meebrengt.Herstel- en Veerkrachtfaciliteit (HVF)Document: https://commission.europa.eu/document/download/91a9fde0-ab75-4188-a7a1-c48dc3c6eb7d_en?filename=COM_2024_185_1_EN_ACT_part1_v3.pdfAard bespreking: Aanname uitvoeringsbesluit van de RaadBesluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheidToelichting:Tijdens de Ecofinraad zal worden stilgestaan bij de stand van zaken tenaanzien van de herstel- en veerkrachtfaciliteit (HVF). Naar verwachting zalde Commissie een update geven over de implementatie. Nederland kande update aanhoren.Daarnaast zal tijdens de Ecofinraad een beperkte aanpassing van deuitvoeringsbesluiten ter goedkeuring van de herstel- en veerkracht-plannen (HVP) van Spanje en Italië ter besluitvorming voorliggen.Spanje heeft op 19 maart 2024 een aanvraag bij de Commissie ingediendvoor een aanpassing van het oorspronkelijke HVP dat middels eenuitvoeringsbesluit van de Raad op 30 april 2021 is goedgekeurd. Spanjemaakt gebruik van de mogelijkheid die de HVF-verordening biedt om hetHVP aan te passen als een deel van een plan niet kan worden uitgevoerdop grond van objectieve omstandigheden. Deze omstandigheden hebbenin het geval van Spanje betrekking op de constatering dat door Spaanseinterne procedures niet onomstotelijk kan worden vastgesteld datmijlpalen en doelen succesvol zijn ingevuld; het feit dat er een beteralternatief voorhanden bleek voor het behalen van een specifiekebeleidsmaatregel; en een maatregel die niet meer haalbaar is doortegenvallende vraag als gevolg van recente ontwikkelingen op deTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20358 energiemarkt. De wijzigingen hebben betrekking op 16 maatregelen enbestaan onder andere uit het aanpassen van de indicatoren voorverificatie of de mijlpaal of doelstelling is voldaan. Het doel en de aardvan de maatregelen worden hierbij niet aangepast.Italië heeft op 4 maart een aanvraag bij de Commissie ingediend voor eenaanpassing van het oorspronkelijke HVP dat middels een uitvoeringsbe-sluit van de Raad op 30 april 2021 is goedgekeurd. Het land maakt gebruikvan de mogelijkheid die de HVF-verordening biedt om het HVP aan tepassen als een deel van een plan niet kan worden uitgevoerd op grondvan objectieve omstandigheden. Deze omstandigheden hebben in hetgeval van Italië betrekking op het feit dat er een beter alternatief voorvoorhanden bleek voor het behalen van een specifieke beleidsmaatregelen op ontwikkelingen in de markt waardoor er onvoldoende vraag is omeen mijlpaal te behalen. De wijzigingen hebben betrekking op 24 maatre-gelen en bestaan onder andere uit aanpassen van de maatregelen enbijbehorende mijlpalen en doelstellingen en het verwijderen van eeninvestering. Italië stelt voor om die verwijderde investering te vervangenmet een nieuwe maatregel en met het verhogen van het ambitieniveauvan een bestaande maatregel. De nieuwe investering heeft betrekking opde financiering van onderzoek en het ontwikkelen van innovatieprojecten.De Commissie oordeelt dat de redenen die Spanje en Italië aandragen eenaanpassing van het plan rechtvaardigen en dat de herstelplannen ook nade aanpassing voldoet aan de eisen van de HVF-verordening. Het kabinetkan zich vinden in het oordeel van de Commissie. Nederland is daaromvoornemens om in te stemmen met de voorstellen tot aanpassing van deuitvoeringsbesluiten van de Raad.Economische en financiële impact van de Russische agressie-oorlog tegen OekraïneDocument: N.v.t.Aard bespreking: Gedachtewisseling en besluitvorming over Oekraï-neplan (hamerpunt)Besluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheid (Oekraï-neplan)Toelichting:De Ecofinraad zal van gedachten wisselen over de economische enfinanciële impact van de Russische agressie tegen Oekraïne en overEuropese steunmaatregelen. Voor 2024 is USD 37,3 miljard nodig aanbegrotingssteun en voor herstel en wederopbouw.7 De EU-Oekraïne-faciliteit van EUR 50 miljard voor de periode 2024–2027 en het IMFprogramma8 zijn belangrijke onderdelen van de internationale inzet omdeze tekorten en noden (deels) te dekken en om Oekraine in staat testellen de strijd tegen Russische agressie voort te zetten. Kabinetsbeleid isdat Nederland haar «fair share» bijdraagt aan de internationale steuninzet– zowel bilateraal9 als via de EU en overige multilaterale kanalen – enmoedigt andere landen aan om dit ook te doen. Nederland verwelkomtdaarom het Amerikaanse steunpakket ter waarde van USD 61 miljard datop 20 april jl. door het Huis van Afgevaardigden is goedgekeurd.De Ecofinraad zal tevens stilstaan bij de voortgang van het voorstel van deEuropese Commissie van 20 maart jl. over het afromen van rente-7Ukraine – Third Rapid Damage and Needs Assessment (RDNA3) February 2022 – December2023 (worldbank.org)8Ukraine: Third Review of the Extended Arrangement Under the Extended Fund Facility (imf.org)9https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/overheidsfinancien/documenten/publicaties/2024/04/15/voorjaarsnota-2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20359 inkomsten uit geïmmobiliseerde tegoeden van de Russische centralebank, die worden aangehouden door centrale effectenbewaarinstellingen.Dit als vervolg op de eerdere stap om de rente-inkomsten apart te zetten.Uw Kamer is hier door de Minister van Buitenlandse Zaken over geïnfor-meerd in het verslag van de Europese Raad en de Eurozonetop van 21 en22 maart 2024.10 De verwachting is dat er op korte termijn een akkoord zalvolgen op het voorstel.In het kader van de EU-Oekraïne-faciliteit diende Oekraïne op 20 maart jl.de hervormings- en investeringsagenda in bij de Europese Commissie.Het Oekraïneplan is de basis voor de macro-financiële steun die wordtverleend onder de EU Oekraïne-faciliteit en bevat hervormingen eninvesteringen waaraan moet worden voldaan door Oekraïne voordat totuitbetaling van nieuwe tranches overgegaan kan worden. Uw Kamer ishier eerder over geïnformeerd middels de geannoteerde agenda van deRaad Buitenlandse Zaken van 7 mei 2024.11 De Europese Commissie heefteen positief oordeel gevormd over het Oekraïneplan en heeft op 15 aprileen uitvoeringsbesluit van de Raad voorgesteld ter goedkeuring van diebeoordeling12. Het kabinet deelt de positieve beoordeling van deCommissie t.a.v. het Oekraïneplan en is voornemens om met hetuitvoeringsbesluit van de Raad in te stemmen tijdens Coreper van 8 meiaanstaande en formeel (hamerpunt) tijdens de Ecofinraad op 14 mei.Daarna kunnen de reguliere betalingen uit de Oekraïne-faciliteit, zoalsvastgelegd in de Oekraïne-verordening13, van start gaan. Oekraïne kanieder kwartaal een betalingsverzoek indienen bij de Commissie waarna zijtoetst of aan de vereisten uit het Plan is voldaan. Vervolgens wordt dezebeoordeling aan de Raad voorgelegd via een uitvoeringsbesluit van deRaad.Conclusies over uitdaging voor houdbaarheid begroting doorvergrijzingDocument: Draft Council Conclusions on the Fiscal SustainabilityChallenges Arising from AgeingAard bespreking: Aanname RaadsconclusiesBesluitvormingsprocedure: ConsensusToelichting:De Raad zal spreken over de Raadsconclusies t.a.v. het zogenaamdeAgeing Report over vergrijzing. Hierin staat de houdbaarheid van deoverheidsfinanciën door vergrijzing centraal. De Raadsconclusiesonderschrijven de economische en budgettaire projecties van het AgeingReport. De afhankelijkheidsratio zal toenemen en hoog blijven door devergrijzing. Migratie en toenemende arbeidsparticipatie zullen onvol-doende compenseren voor de algemene daling van de beroepsbevolking.Hierdoor zal productiviteitsgroei naar verwachting op de lange termijn deenige drijver zijn van potentiële economische groei. De Raad benadruktdaarnaast een aantal beleidsrichtingen om de budgettaire en econo-mische impact van vergrijzing te beperken: prudente overheidsfinanciën,het stimuleren van productiviteitsgroei en arbeidsparticipatie, hervor-mingen van het pensioenstelstel en de gezondheidszorg.Nederland is positief over de aandacht voor de oplopende vergrijzings-kosten en economische impact daarvan. Het kabinet hecht ook groot10https://open.overheid.nl/documenten/083b7e35-77f5-4e51-baca-3fa97fcf039e/file11Geannoteerde agenda voor de Raad Buitenlandse Zaken Ontwikkelingssamenwerking van7 mei 2024 | Rijksoverheid.nl12https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:52024PC017213Regulation (EU) 2024/792 of the European Parliament and of the Council of 29 February 2024establishing the Ukraine FacilityTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 203510 belang aan hervormingen die productiviteitsgroei stimuleren en hetpensioenstelsel en de gezondheidszorg op de lange termijn houdbaarhouden. Nederland zal instemmen met de Raadsconclusies.Vervolg op de bijeenkomst van de Ministers van Financiën en depresidenten van de centrale banken van de G20 en jaarvergade-ringen van het IMF april 2024Document: N.v.t.Aard bespreking: Terugkoppeling van afgelopen vergaderingenBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie (de Raad) en deCommissie zullen aan de Eurogroep en Ecofinraad een terugkoppelinggeven over de G20-bijeenkomst voor Ministers van financiën en presi-denten van centrale banken, en de IMF- en Wereldbank-jaarvergaderingendie plaatsvonden van 17 tot 19 april jl. in Washington D.C. Nederland kande terugkoppeling aanhoren.De vergaderingen stonden in het teken van de mondiale financieel-economische situatie, waaronder de gevolgen van de Russische oorlog inOekraïne en de spanningen in het Midden-Oosten en de afweging tussenbegrotingsdiscipline en de noodzaak om te investeren in lange termijnuit-dagingen, zoals het verhogen van de productiviteitsgroei en het adres-seren van klimaatverandering.Op 19 april jl. kwam het International Monetary and Financial Committee(IMFC) bijeen. Het IMFC constateerde dat de wereldeconomie zichopmaakt voor een «zachte landing» na opeenvolgende schokken, maardat deze vooruitzichten nog altijd gepaard gaan met substantiële risico’s,zoals de economische impact van oorlogen en conflicten, inflatie, enstructurele uitdagingen. Specifiek lichtte het IMFC structurele uitdagingenals klimaatverandering, hoge publieke schulden, toenemende ongelijkheiden geo-economische fragmentatie uit. Ook benadrukte het IMFC hetbelang van multilaterale samenwerking. Deze risico’s onderstrepenvolgens het IMFC dat het IMF landen zowel financieel als met beleids-advies moet blijven ondersteunen. Ook verwelkomde het IMFC deherbenoeming van Kristalina Georgieva als Managing Director van hetIMF.De Kamer zal zoals gebruikelijk separaat over de IMF en WB voorjaarsver-gadering worden geïnformeerd. Nederland zal de terugkoppelingaanhoren.Financiële geletterdheidDocument: Op dit moment nog niet beschikbaar. Het document wordtvoorafgaand aan de vergadering op het Delegates Portal geplaatst onderde titel «Financial Literacy».Aard bespreking: Aanname RaadsconclusiesBesluitvormingsprocedure: ConsensusToelichting:De Raad zal spreken over financiële geletterdheid, met verwijzing naar hetplan van de Commissie van 24 september 2020 om de Europese kapitaal-marktunie verder te ontwikkelen. Daarin staat dat het belangrijk is omconsumenten door middel van financiële educatie in staat te stellen omverstandige financiële beslissingen te nemen, waaronder het sparen voorpensioen en andere investeringsbeslissingen. Dat draagt niet alleen bijaan het welzijn van huishoudens, maar ook aan dat van de samenlevingals geheel, bijvoorbeeld doordat beter ontwikkelde kapitaalmarktenTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 203511 bijdragen aan de financieringsbehoeftes van de reële economie en meerfinanciële stabiliteit.Het verder brengen van de acties voor verdieping van de Europesekapitaalmarktunie is een prioriteit van het Belgische voorzitterschap. Metde voorliggende Raadsconclusies worden lidstaten onder andereopgeroepen om hun nationale strategie ten aanzien van financiëlegeletterdheid blijvend te ontwikkelen, bewustwordingscampagnes teontwikkelen en stakeholders te betrekken bij het betrekken van materialen.Daarnaast zouden lidstaten regelmatig het niveau van financiële gelet-terdheid moeten meten en moeten overwegen om financiële educatie teintegreren in schoolcurricula. Van belang is om daarbij te kijken naar hetperspectief van gendergelijkheid en rekening te houden met groepen diefinancieel kwetsbaarder zijn. Tot slot wordt de Commissie opgeroepen omacties op het vlak van financiële geletterdheid te ondersteunen, bijvoor-beeld door middel van het programma Erasmus+ dat onder andere deprioriteiten en activiteiten van de Europese onderwijsruimte ondersteunt.Het kabinet onderschrijft het belang van financiële educatie en kan zichvinden in de voorliggende Raadsconclusies. Het platform Wijzer ingeldzaken, een publiek-privaat samenwerkingsverband op initiatief vanhet Ministerie van Financiën, werkt op verschillende manieren aan hetvergroten van het financiële bewustzijn en de financiële vaardigheden vanmensen in Nederland en om jongeren financieel weerbaar te maken. Hetonderzoekt o.a. de mate van financiële geletterdheid, stimuleert financiëleeducatie in de klas en was het afgelopen jaar afzender van bewustwor-dingscampagnes op het terrein van cryptovaluta en achteraf betalen.Daarnaast heeft een recente subsidieregeling van SZW voor scholen alsdoel het creëren, ontwikkelen en bevorderen van structurele aandachtvoor financiële educatie binnen het onderwijs, ter voorkoming vanarmoede.Binnen de Raad is er brede steun voor het bevorderen van financiëlegeletterdheid, zo was het onderdeel van de verklaring van de Eurogroepover de toekomst van de kapitaalmarktunie van 11 maart jl. Verbeteringvan financiële geletterdheid van burgers kan bijdragen aan de verdiepingvan de Europese kapitaalmarkten.Coalition of Finance Ministers for Climate ActionDocument: Op dit moment nog niet beschikbaar. Het document wordtvoorafgaand aan de vergadering op het Delegates Portal geplaatst onderde titel «Explanatory document–CFMCA».Aard bespreking: InformerenBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Minister van Financiën Van Weyenberg zal onder het agendapunt «anyother business» een toelichting geven over de werkzaamheden van deCoalition of Finance Ministers for Climate Action (CFMCA) waarNederland momenteel co-voorzitter van is. Het doel van Nederland is omde zichtbaarheid van de CFMCA te vergroten onder EU-lidstaten enlidstaten te activeren tot grotere betrokkenheid bij de CFMCA.Nederland is sinds april 2023 co-voorzitter van de CFMCA samen metIndonesië. Het doel van de CFMCA is om een uitwisseling te stimulerenover beleidsinstrumenten die Ministeries van Financiën in kunnen zetten.De Nederlandse prioriteit is daarin (i) het afbouwen van fossiele subsidies,en (ii) het nemen van klimaatadaptatie-actie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 203512 Momenteel zijn meer dan 90 landen lid van de CFMCA. In de EU zijn enkelTsjechië, Bulgarije, Roemenië en Malta nog geen lid van de CFMCA. DeEcofinraad biedt een goed moment om deze EU-landen uit te nodigen ooktoe te treden tot de CFCMCA. In overleg met het inkomend Hongaarsevoorzitterschap wordt gewerkt aan een uitgebreidere dialoog tijdens deEcofinraad in oktober 2024.Tijdens de Ecofinraad zal Minister van Weyenberg een korte toelichtinggeven tot het werk van de CFMCA gevold door een terugkoppeling van de11e ministeriële bijeenkomst die tijdens de recente IMF/WB Voorjaarsver-gadering in april plaatsvond. Vervolgens zullen de Nederlandse priori-teiten, het bevorderen van klimaatadaptatie-actie en het afbouwen vanfossiele subsidies via internationale samenwerking, onder de aandachtworden gebracht. Tot slot zal de Minister alle lidstaten uitnodigen zich aante sluiten bij de CFMCA of actief deel te nemen, zowel op technisch(inhoudelijke werkgroepen) als politiek (ministeriële bijeenkomsten)niveau.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 203513

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 787c50e58eb48a61

14 okt 2026 · 2dc5feeae728d17e

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.