Uitkomst bemiddeling KNRM - Noordgat
Brontekst
Versie 5778c4aea5c47ca4 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2016–2017 33 450Mariene Strategie voor het Nederlandse deel van de Noordzee Nr. 51 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 11 november 2016 De motie Van Helvert (van 17 december 2015) vraagt een geschillencom-missie op te zetten om meningsverschillen tussen de KNRM en rederij Noordgat te beoordelen (Kamerstuk 31 409, nr. 104). Tijdens het AO Scheepvaart van 21 april (Kamerstuk 31 409, nr. 120) heb ik aangegeven dat een geschillencommissie alleen zinvol is als beide partijen het eens zijn over het vraagstuk en de normen voor een eventuele geschillencom-missie. Het bemiddelingsgesprek is gevoerd op 23 mei 2016. Daarbij waren beide partijen en de directeur Kustwacht aanwezig. Een verslag van het gesprek stuur ik als bijlage met deze brief mee1. Het resultaat van het gesprek is dat er bij de partijen geen draagvlak is voor een gemeenschappelijk kader om tot een geschillencommissie te kunnen komen. Omdat er geen draagvlak is bij beide partijen voor eenduidig kader waarop een geschillencommissie zich kan baseren, is het niet opportuun een commissie in te stellen. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu is ervoor verantwoordelijk dat schepen (en passagiers en bemanningen) die in nood zijn gered worden. Dit geschil gaat niet om noodsituaties. Het betreft een meningsverschil over een concurrentieverhouding waarbij Noordgat meent dat KNRM oneigenlijk gebruik maakt van haar positie als aangewezen partij voor Search and Rescue (SAR) die door de Kustwacht wordt uitgezonden naar eenieder die om hulp vraagt. In de praktijk is de KNRM de enige organi-satie die landelijk 24 uur 7 dagen in de week beschikbaarheid kan garanderen. De efficiency van de SAR operatie is hiermee gediend. Uit de gesprekken wordt mij duidelijk dat een bilaterale oplossing de meest voor de hand liggende oplossing lijkt. 1Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl kst-33450-51ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2016Tweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 33 450, nr. 511 Indien de partijen aangeven alsnog tot een gemeenschappelijk kader voor een geschillencommissie denken te kunnen komen ben ik bereid dit te faciliteren. De Minister van Infrastructuur en Milieu,Schultz van Haegen-Maas GeesteranusTweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 33 450, nr. 512
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.