KamerkringInloggen
Kamerbrief

Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad november 2025

30 okt 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie ce020dffe61125d4 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202621 501-07Raad voor Economische en Financiële ZakenNr. 2140 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 30 oktober 2025Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda van de vergaderingen van deEurogroep en Ecofinraad van 12-13 november a.s.Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of datbepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot devolgende vergadering.De Minister van Financiën,E. Heinen kst-21501-07-2140ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21401 Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad 12-13 november2025EurogroepAgendaonderwerp: Macro-economische en begrotingsontwikkelingen,inclusief een debriefing van de internationale bijeenkomstenDocument: N.v.t.Aard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Eurogroep zal van gedachten wisselen over de macro-economische enbegrotings-ontwikkelingen in de eurozone. Ook zal de Eurogroep eenterugkoppeling ontvangen van internationale vergaderingen.In haar meest recente raming van september jl. heeft de EuropeseCentrale Bank (ECB) haar groeiverwachtingen voor de eurozone lichtbijgesteld. De ECB raamt de bbp-groei nu op 1,2% in 2025, 1,0% in 2026en 1,3% in 2027. Voor 2025 is dit een verhoging van 0,3 procentpunt tenopzichte van de juniraming, vooral door sterker dan verwachte groeicijfersin de eerste helft van het jaar. Voor 2026 is de groeiverwachting daaren-tegen licht neerwaarts aangepast, onder meer vanwege de waardestijgingvan de euro en een zwakkere buitenlandse vraag.De ECB raamt de inflatie voor de eurozone op 2,1% in 2025, 1,7% in 2026en 1,9% in 2027. Voor 2025 en 2026 is de raming met 0,1 procentpuntopwaarts bijgesteld t.o.v. de juniraming, voornamelijk door hogereenergie- en voedselprijzen. De ECB verwacht dat de inflatie in de rest van2025 rond het niveau van 2% zal blijven schommelen, waarna inflatie in2026 licht zal dalen (met name in de niet-energie componenten).De arbeidsmarkt blijft veerkrachtig. De ECB verwacht dat de werkloosheidin de eurozone in 2025 licht zal oplopen, maar de komende jaren weer zaldalen tot rond het historisch lage niveau van 6,0% in 2027. Ook verwachtde ECB dat de reële lonen verder zullen stijgen, gesteund door deafnemende inflatie en de krapte op de arbeidsmarkt.Voor het eurogebied wordt verwacht dat het begrotingstekort enoverheidsschulden de komende jaren zullen toenemen. Na een tijdelijkedaling in 2025 zou het tekort van de gehele eurozone weer oplopen tot3,4% van het bbp in 2027, vooral door hogere rentelasten. Ondanks ietskrapper begrotingsbeleid blijft de schuldquote naar verwachting stijgen.Het kabinet vindt het belangrijk dat lidstaten hervormingen doorvoerenom hun structurele groeipotentieel te verhogen. Verder blijft dehoudbaarheid van de overheidsfinanciën van belang.Daarnaast zullen het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie(de Raad) en de Europese Commissie (Commissie) aan de Eurogroep eenterugkoppeling geven over de G20-bijeenkomst voor Ministers vanFinanciën en centrale bank gouverneurs op 15 en 16 oktober. Tijdens dezebijeenkomst werd gesproken over de recente ontwikkelingen van demondiale economie. Aan het einde van deze bijeenkomst werd eengezamenlijke verklaring uitgebracht, waarmee de G20-inzet op het gebiedvan de hoge schuldenlasten van ontwikkelingslanden werd bekrachtigd1.1https://g20.org/g20-media/ministerial-declaration-on-debt-sustainability-4th-finance-ministers-central-bank-governors-meeting/Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21402 Ook zal de Eurogroep terugblikken op de jaarvergadering van hetInternationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank, die plaatsvondvan 13 tot en met 18 oktober. Het IMF presenteerde tijdens de jaarverga-dering zijn nieuwe economische raming die voorspelt dat wereldeco-nomie in 2025 met 3,0% zal groeien, gevolgd door een groei van 3,1% in2026. Tijdens de jaarvergadering was er veel aandacht voor financiëlerisico’s, met name de risico’s van hoge overheidsschulden. Het IMF steltdat door recente schokken, vergrijzing en hogere veiligheidsuitgaven deoverheidsschulden wereldwijd hoog zijn en verder zullen stijgen, watgroei, rentelasten en herfinancieringsrisico’s onder druk zet.Agendaonderwerp: Discussie over begrotingstoezicht in de EurogroepDocument: N.v.t.Aard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Eurogroep zal spreken over het begrotingstoezicht in de Eurogroep. Ophet moment van schrijven is er nog geen document beschikbaar en is deoriëntatie van de discussie nog niet bekend. In het kader van de coördi-natie van het begrotingsbeleid in de eurozone hebben eurolanden mediooktober hun ontwerpbegrotingen (draft budgetary plans; DBPs) voor 2026ingediend bij de Commissie. Het DBP geeft een update van het uitga-venpad en het macro-economisch beeld. De Commissie zal over deontwerpbegrotingen een opinie opstellen, die zal worden behandeld in deEurogroep van december. De Kamer zal in december een kabinetsappre-ciatie ontvangen van de beoordeling van de Commissie over deontwerpbegrotingen.Agendaonderwerp: Eurozone concurrentie: uitdagingen – eenherzieningDocument: Nog niet ontvangenAard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:In 2024 zijn vier discussies gevoerd in de Eurogroep over het themaconcurrentievermogen. Dit was naar aanleiding van de toenemendeaandacht voor het thema in de Europese discussie, onder andere door de(te publiceren) rapporten van dhr. Letta (april 2024)2 en dhr. Draghi(september 2024)3. Als afronding van de werkstroom nam de Eurogroepeen verklaring4 aan over dit onderwerp. De Eurogroep zal naarverwachting van gedachten wisselen over het concurrentievermogen vande eurozone met het oog op hernieuwde aandacht voor dit thema en demanier waarop dit thema binnen de Eurogroep verder kan wordengebracht.Op het moment van schrijven is nog niet duidelijk hoe de bespreking overhet concurrentievermogen in de Eurogroep wordt ingevuld. Het kabinetzal aangeven de hernieuwde aandacht voor dit thema in Eurogroep-verband te waarderen. De Nederlandse inbreng zal aansluiten bij eerdereinzet en prioriteiten van het demissionaire kabinet5, met onder meeraandacht voor bevordering van de juiste randvoorwaarden met behoudvan het Europees gelijk speelveld, versterking van de kapitaalmarktunieen daarmee het mobiliseren van privaat (durf)kapitaal voor investeringenen innovatie. Ook is versterking van de interne markt van belang door2Much more than a market – Enrico Letta3The future of European Competitiveness - Mario Draghi4https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/11/04/competitiveness-of-the-european-economy-statement-of-the-eurogroup-in-inclusive-format/5https://open.overheid.nl/documenten/6e5c65af-d0f9-4b51-913f-f81e245cd780/fileTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21403 belemmeringen en onnodige regeldruk op de interne markt weg tenemen. Het kabinet zal inbrengen dat het van belang is, onder anderegelet op de hoge publieke schulden en begrotingstekorten, dat lidstatenhun overheidsfinanciën op orde brengen en groeibevorderende investe-ringen en structurele (nationale) hervormingen blijven prioriteren.Volgens het kabinet moet de discussie over Europese publieke middelenvoor versterking van het (Europese) concurrentievermogen wordengevoerd tijdens de onderhandeling over onder andere het EuropeesConcurrentievermogenfonds, als onderdeel van het nieuwe MeerjarigFinancieel Kader (MFK) 2028–2034.Agendaonderwerp: Discussie over bankieren en de impact op deeconomie van de eurozoneDocument: Nog niet ontvangenAard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Eurogroep wisselt van gedachten over de Europese bankensector ende rol van de Europese bankensector in de economie van de Eurozone.Sinds het verschijnen van het Draghi-rapport is er veel aandacht voor hetEuropese concurrentievermogen, ook voor de rol van de bankensectorhierin. De Europese Commissie werkt aan een rapport over de Europesebankensector en het raamwerk voor bankregelgeving. Dat rapport wordtnaar verwachting in 2026 gepubliceerd en zal, mede op verzoek vanverschillende lidstaten, ook nadrukkelijk ingaan op het concurrentiever-mogen van de sector.Het kabinet volgt de ontwikkelingen in de Europese bankensector op devoet en steunt het initiatief van de Europese Commissie om hierover eenrapport op te stellen. Daarbij verwelkomt het kabinet ook het werk van deEuropese Centrale Bank en van andere Europese toezichthouders. Hetkabinet onderschrijft het belang van een Europese bankensector die internmet elkaar concurreert maar ook internationaal de concurrentie aan kangaan. In dat kader wordt bij verschillende Europese instellingen gewerktaan mogelijkheden voor versimpeling van regelgeving voor banken. Hetkabinet ziet mogelijkheden om deze versimpeling te bewerkstelligen,maar hecht er ook aan dat Europa internationale standaarden naleeft endat de financiële stabiliteit gewaarborgd blijft.Agendaonderwerp: Update bankenunie inclusief rapportage overoperationale aspecten1) Tweeëntwintigste hoorzitting van de voorzitter van de Raad vanToezicht 2) Rapportage over recente activiteiten van de Single ResolutionBoard (SRB)Document: Nog niet ontvangenAard bespreking: Reguliere updateBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Op grond van een memorandum van overeenstemming tussen deEcofinraad en de ECB neemt de voorzitter van het GemeenschappelijkToezichtsmechanisme (single supervisory mechanism, SSM) twee keerper jaar deel aan de Eurogroep om van gedachten te wisselen. Devoorzitter van het SSM zal naar verwachting toelichten hoe de Europesebankensector ervoor staat.Daarnaast is tijdens de Eurogroep van november 2016 afgesproken datook de voorzitter van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (singleresolution board, SRB) elk halfjaar een toelichting geeft over dewerkzaamheden van de SRB, waaronder de resolutieplanning en deopbouw van het gemeenschappelijk afwikkelfonds (single resolution fund,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21404 SRF). De SRB heeft haar focus vanaf 2024 verlegd van het ontwerpen vanresolutieplannen, naar het testen van de uitvoerbaarheid. De SRB zalvermoedelijk rapporteren over de voortgang hiervan.Agendaonderwerp: (mogelijk) Update over de digitale euroDocument: N.v.t.Aard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Mogelijk wordt er tijdens de Eurogroep een update gegeven over deonderhandelingen in de Raad over de digitale euro en/of het voorbe-reidend werk van het Eurosysteem. De Raad heeft onder het huidigeDeense voorzitterschap de ambitie uitgesproken om dit kalenderjaar toteen Raadspositie te komen. De onderhandelingen in de raadswerk-groepen vinden daarom in een hoog tempo plaats. Tijdens de Eurogroepvan 19 september jl. is er bovendien op hoofdlijnen overeenstemmingbereikt over de procedures voor het vaststellen van de aanhoudingsli-mieten. Desondanks zijn er nog meerdere openstaande vraagstukken,waarvan het kostenmodel één van de belangrijkste is.Het kabinet is van mening dat de digitale euro bij een mogelijke invoeringtoegevoegde waarde moet hebben voor Nederlandse burgers enbedrijven. Deze toegevoegde waarde ziet het kabinet met name in deoffline functionaliteiten van de digitale euro. Offline functionaliteitenkunnen een terugvaloptie zijn voor digitale betalingen in het geval datandere digitale betaaloplossingen tijdelijk verstoord of onderbroken zijn.Het kabinet zet zich er daarom voor in dat de offline functionaliteiten vanafde introductie van de digitale euro beschikbaar zijn, als er een digitaleeuro komt. Daarnaast kan de digitale euro bijdragen aan de strategischeautonomie van het Europese betalingsverkeer door de afhankelijkheid vanniet-Europese betaaldienstverleners te verminderen.Het kabinet zet zich bij de mogelijke invoering van de digitale euro in voorwaarborgen omtrent privacy, niet-programmeerbaarheid en het kosten-model. Zo is het kabinet van mening dat de digitale euro aan de hoogstestandaarden moet voldoen op het gebied van privacy en daarmee zoveelmogelijk moet aansluiten bij de eigenschappen van contant geld. Ook ishet kabinet van mening dat de kosten voor de digitale euro proportioneelverdeeld moeten worden over winkeliers, betaaldienstverleners enburgers.EcofinraadAgendaonderwerp: Ecofin-ontbijt over de wereldwijde minimumbe-lasting (Pijler 2)Document: N.v.t.Aard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Op verzoek van enkele lidstaten heeft het Deense voorzitter-schap tijdens het Ecofin-ontbijt een gedachtewisseling geagendeerd overde wereldwijde minimumbelasting (Pijler 2), gegeven ontwikkelingen inhet Inclusive Framework (IF) van de Organisatie voor EconomischeSamenwerking en Ontwikkeling (OESO).In januari van dit jaar heeft de Verenigde Staten (VS) aangegeven dattoezeggingen die de vorige regering van de VS heeft gedaan metbetrekking tot de wereldwijde minimumbelasting niet meer van kracht zijnzolang (elementen uit) de wereldwijde minimumbelasting niet door hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21405 Congres zijn aangenomen6. Sindsdien wordt in het IF opnieuw onder-handeld over de wereldwijde minimumbelasting en hoe het Amerikaansebelastingsysteem hiernaast kan bestaan («Side-by-Side»). Dit is medeomdat de VS al langer een eigen vorm van een minimumbelasting kent.Op 28 juni jl. hebben de Ministers van Financiën van de G7-landen eengezamenlijke verklaring7 gepubliceerd met daarin een aantal principes opbasis waarvan een zogenaamd Side-by-Side systeem verder kan wordenuitgewerkt. Volgens deze G7-verklaring worden multinationals waarvanhet hoofdkantoor in de VS is gevestigd voor zowel hun binnenlandse alsbuitenlandse winsten vrijgesteld van de inkomen-inclusiemaatregel en deonderbelaste winstmaatregel. Daarbij wordt expliciet het belangbenadrukt van het aanpakken van substantiële risico’s met betrekking tothet gelijke speelveld of grondslaguitholling en winstverschuiving, om degemeenschappelijke beleidsdoelstellingen te waarborgen. Ook zal volgensde G7-verklaring parallel aan de uitwerking van een Side-by-Side systeemverder worden gewerkt aan vereenvoudiging van Pijler 2. Tot slot zalworden gekeken of de behandeling van niet-restitueerbare belastingte-goeden op basis van reële aanwezigheid (zogenaamde «substance-basednon-refundable tax credits») onder Pijler 2 moet worden aangepast.Momenteel wordt nog onderhandeld over de uitwerking van deG7-verklaring en de vormgeving van het Side-by-Side systeem binnen hetIF, met het streven om voor het einde van het jaar overeenstemming tebereiken. Daarbij wordt door de leden van het IF ook gekeken naarmogelijkheden om de minimumbelasting te vereenvoudigen en naar debehandeling van niet-restitueerbare belastingtegoeden. Vanzelfsprekendwordt de Kamer op de hoogte gehouden wanneer er meer duidelijkheidis.Het kabinet acht het van belang om de effectiviteit en stabiliteit van hetinternationale belastingstelsel te waarborgen en om recht te doen aan deinternationale afspraken over de wereldwijde minimumbelasting. Daarbijis het belangrijk om de doelstellingen van de minimumbelasting niet uithet oog te verliezen. Die doelstellingen zijn een ondergrens te stellen aanbelastingconcurrentie tussen landen en de prikkel te verminderen voormultinationals om winsten naar landen die weinig belasting heffen teverplaatsen. Tegelijkertijd blijft het bij de vormgeving van eenSide-by-Side systeem essentieel om oog te houden voor de Nederlandsebelangen, zoals het behoud van een gelijk speelveld en het EU-con-currentievermogen. Deze belangen zijn onlosmakelijk verbonden met deonderhandelingsinzet van het kabinet. Het kabinet trekt hierin samen opmet andere landen die de wereldwijde minimumbelasting hebbengeïmplementeerd. Dit betreft in het bijzonder de EU-lidstaten, gezien deEU-richtlijn minimumniveau van belastingheffing en het gezamenlijkebelang om het gelijke speelveld voor Europese multinationals en hetEU-concurrentievermogen zo goed mogelijk te waarborgen. Indienopportuun zal Nederland op basis van bovenstaande deelnemen aan degedachtewisseling.6Zie https://www.whitehouse.gov/presidential-actions/2025/01/the-organization-for-economic-co-operation-and-development-oecd-global-tax-deal-global-tax-deal/ waarin wordt verwezen naarde «OECD Global Tax Deal». De wereldwijde minimumbelasting is daar onderdeel van.7Zie https://www.canada.ca/en/department-finance/news/2025/06/g7-statement-on-global-minimum-taxes.html. De G7 bestaat uit Canada (tevens huidige voorzitter van de G7), de VS,het VK, Duitsland, Frankrijk, Italië en Japan.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21406 Agendaonderwerp: Herziening van de energiebelastingrichtlijn (ETD)Document: Op dit moment nog niet beschikbaar. Het document wordtvoorafgaand aan de vergadering op het Delegates Portal geplaatst onderde titel «Revision of the Energy Taxation Directive (ETD)»Aard bespreking: Ter besluitvormingBesluitvormingsprocedure: UnanimiteitToelichting:De Raad zal spreken over de herziening van de richtlijn energiebelastingen(ETD). Daarbij zal het Deense voorzitterschap inzetten op het bereiken vanovereenstemming over de hoofdlijnen van de door hen voorgesteldecompromistekst, met het oog op een stemming in een volgendeEcofinraad. De rechtsbasis is art. 113 Verdrag betreffende de werking vande EU (VWEU). De besluitvorming ten aanzien van het voorstel isunanimiteit (met raadpleging van het Europees Parlement). Het oorspron-kelijke ETD-voorstel is op 14 juli 2021 gepubliceerd, als onderdeel van hetFit-for-55 pakket. De laatste informatie over de onderhandelingen heeft deKamer januari jl. ontvangen8.Het ETD-voorstel is gericht op beperking van klimaatverandering door hetverhogen van de minimumtarieven voor energieproducten en hetverbreden van de grondslag. Het kabinet heeft zich tijdens de onderhan-delingen steeds ingezet voor een ambitieuze ETD. Dit is in lijn met hetvoornemen van het huidige kabinet om fossiele regelingen in Europeesverband af te schaffen. Het voorstel is echter onder druk van verschillendelidstaten gedurende de onderhandelingen de afgelopen jaren steedsverder afgezwakt in milieuambitie. Het kabinet heeft zich de afgelopen vierjaar onder meer ingezet voor het belasten van lucht- en zeevaart en hetuitbreiden van de reikwijdte van de ETD naar mineralogische processen.Vanwege de weerstand van een grote groep lidstaten lijkt er geenmogelijkheid om wezenlijke vooruitgang op deze punten te boeken.Op andere vlakken is de laatste compromistekst nog steeds wel eenverbetering ten opzichte van de huidige ETD. Het betreft een beperkteverhoging van de minimumtarieven, een vorm van indexatie, hetonderscheid tussen meer en minder vervuilende brandstoffen, nieuweminimumtarieven voor nieuwe energieproducten en de uitfasering van devrijstelling voor energieproducten gebruikt voor warmteopwekking inwarmtekrachtkoppelingen (WKK’s). Het kabinet wil dat deze positieveelementen behouden blijven. Het is voor het kabinet van belang om deverhoging van de minimumtarieven inclusief indexeringsbepaling tebehouden.Agendaonderwerp: Financiële steun Oekraïne (voorstel door deCommissie volgt)Document: op dit moment nog niet beschikbaarAard bespreking: N.v.tBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:In de State of the Union Speech op 10 september jl. heeft Commissievoor-zitter Von der Leyen aangekondigd te werken aan een voorstel voor hetgebruik van de in de EU bevroren Russische Centrale Banktegoeden voorfinanciële steun aan Oekraïne. Het idee is om de cashtegoeden dievoortvloeien uit de bevroren activa te gebruiken voor leningen aanOekraïne, zonder dat sprake is van daadwerkelijke confiscatie. Voor deleningen wordt gebruikgemaakt van activa op de balans van Euroclearwaarvan de looptijd is bereikt. De Commissie heeft nog geen officieelvoorstel voor deze reparatieleningen gepresenteerd. Het idee is wel ophoofdlijnen besproken tijdens het ontbijt voorafgaand aan de Ecofinraad8Kamerstukken II 2024–2025, 21 501-07, nr. 2086Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21407 van 10 oktober jl. en zal ook tijdens de Ecofinraad in november aan bodkomen. Het kabinet staat open voor het initiatief van de Commissie, dat inlijn is met de Nederlandse oproep om aanvullende maatregelen op basisvan de Russische centralebanktegoeden te verkennen. Het kabinet achthet van belang dat het voorstel juridisch, technisch en financieel houdbaaris, dat de G7-partners betrokken worden en de risico’s en lasten door allelidstaten van de EU gedragen worden. Daarnaast is het kabinet vanmening dat de steun zoveel mogelijk moet aansluiten op de noden vanOekraïne, waarbij er ruimte blijft voor Oekraïne om de bestedingsdoel-einden te bepalen.Het kabinetsbeleid is dat Nederland Oekraïne politiek, militair, financieelen moreel actief en onverminderd blijft steunen in tijd van oorlog, herstelen wederopbouw, zolang als dat nodig is. Het kabinet steunt conformmeerdere Kamermoties het gebruik van de bevroren Russische CentraleBanktegoeden. Van belang hierbij is dat Oekraïne de herstelleningen inkan zetten daar waar de noden het grootst zijn. Het kabinet is voorstandervan het gebruik van deze tegoeden om het gat in de Oekraïense begrotingte dichten. Het IMF schat in dat het Oekraïense begrotingstekort volgendjaar zal oplopen. Daarnaast zal het kabinet blijven pleiten voor debetrokkenheid van G7-landen.Agendaonderwerp: Vereenvoudiging van regels en het verminderen vanregeldruka)Jaarlijkse Voortgangsrapportage over vereenvoudiging, implementatieen handhavingb)Jaarlijkse Overzichtsrapportage over vereenvoudiging, implementatieen handhavingDocument: de Jaarlijkse Overzichtsrapportage is te vinden op de websitevan de Europese Commissie9, de 2025 Annual Progress Report is tevinden op Delegates Portal (14307/25).Aard bespreking: Presentatie van de Commissie en gedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:In het kader van de agenda voor Betere Regelgeving zal de Ecofinraadspreken over de Overzichtsrapportage en de Jaarlijkse Voortgangsrap-portage over vereenvoudiging, implementatie en handhaving. Tijdens deRaad zal de Commissie deze rapportages presenteren.In de eerste Jaarlijkse Overzichtsrapportage 2025 presenteren voorzittervan de Europese Commissie Von der Leyen en EurocommissarisDombrovskis (verantwoordelijk voor o.a. Uitvoering en Vereenvoudiging)de voortgang op de agenda voor Betere Regelgeving. Het gaat daarbij omdrie hoofdlijnen: vereenvoudiging, implementatie en handhaving vanregelgeving.In het werkprogramma van de Commissie van 2025 waren 11 van de 18voorstellen gericht op het verminderen van regeldruk en het vereenvou-digen van regelgeving. Hieronder vallen ook de zes omnibussen, diegezamenlijk moeten leiden tot een jaarlijkse besparing van EUR8,6 miljard voor Europese bedrijven. Ook zijn er 28 Implementatiedialogenopgezet, waarin Eurocommissarissen met het maatschappelijkmiddenveld, het bedrijfsleven en andere relevante actoren om de tafelzitten om te bespreken waar deze betrokkenen tegenaan lopen (i.e.veranderende rapportageverplichtingen, de complexiteit vanEU-wetgeving). Verder heeft de Commissie 168 dialogen gehouden metlidstaten over de implementatie van EU-wetgeving, in plaats van gelijk92025 Overview Report on Simplification, Implementation and Enforcement - EuropeanCommissionTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21408 inbreukprocedures bij het Hof van Justitie te starten. Hoewel deCommissie benadrukt dat formele inbreukprocedures nodig blijven, steltde Commissie tevreden vast dat lidstaten in 95% van de gevallen tijdensde dialoog met oplossingen kwamen zodat een inbreukprocedure niethoefde te worden doorgezet. Daarnaast doet de Commissie in deOverzichtsrapportage een appèl op lidstaten om EU wet- en regelgevingsnel te implementeren en mee te helpen met het vereenvoudigen vanregelgeving en het verminderen van bureaucratie die voortvloeit uitnationale regels.Alle Eurocommissarissen rapporteren jaarlijks over de stand van zakenrond vereenvoudiging, implementatie en handhaving op hun beleids-terreinen. Daarom ligt deze Raad ook de Jaarlijkse Voortgangsrapportage2025 van Eurocommissaris Serafin (verantwoordelijk voor o.a. Begroting)voor. In deze Voortgangsrapportage gaat Serafin in op het voorstel voorhet nieuwe MFK, waarin versimpeling en efficiëntie centraal staan. Zo wilde Commissie onder het nieuwe MFK één loket om informatie overEU-financieringsmogelijkheden te verkrijgen (in plaats van de huidigemeer dan 30), de prestatie-indicatoren drastisch terugbrengen (vanongeveer 5000 naar 900) en de procedures onder het GemeenschappelijkLandbouwbeleid (GLB) stroomlijnen. In het kader van het nieuwe MFKheeft Serafin de afgelopen periode gesprekken gevoerd met beleid-smakers, regio’s, bedrijven en andere betrokkenen over de begrotingspri-oriteiten en het MFK-voorstel. Hierin kwam ook de roep om versimpelingduidelijk naar voren. Serafin geeft in de Voortgangsrapportage aan degesprekken met betrokkenen ook in het komende jaar voort te zetten.Het kabinet verwelkomt dat de Commissie aandacht heeft voor devereenvoudiging van regels en het verminderen van regeldruk en dat hetde voortgang ook wil bewaken door middel van voortgangs- enoverzichtsrapportages. Ook voor het kabinet is het verlichten vanregeldruk een prioriteit, zodat onrechtvaardigde barrières weg kunnenworden genomen en daarmee de interne markt wordt versterkt. Hetkabinet verwelkomt daarom deze inspanningen om de regeldruk teverminderen door bijvoorbeeld rapportagevereisten van verschillendewetten te stroomlijnen, zonder de daarmee verband houdende beleids-doelstellingen te ondermijnen. Voorspelbaarheid en rechts- en investe-ringszekerheid voor bedrijven en betrouwbaarheid van het (Europese)wetgevingsproces blijven daarbij een belangrijk aandachtspunt. Eenkabinetsappreciatie van de voorstellen voor het MFK is te vinden in deKamerbrief van 12 september jl.10Agendaonderwerp: Economische en financiële impact van de Russischeagressie tegen Oekraïne Document: N.v.t.Aard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Ecofinraad zal van gedachten wisselen over de economische enfinanciële impact van de Russische agressie tegen Oekraïne en overEuropese steunmaatregelen. Oekraïne heeft recent bij het IMF eenaanvraag ingediend voor een nieuw steunprogramma, welke momenteeldoor het IMF wordt beoordeeld. In dat kader is het IMF ook bezig met eennieuwe voorlopige inschatting van de financiële noden, die binnenkortgepubliceerd zal worden. Voor het huidige jaar worden de financierings-noden van Oekraïne door bestaande steunfaciliteiten gedekt. Echter, voorde periode 2026–2027 resteert naar verwachting een ongedekt financie-10Kamerbrief reactie op voorstellen Meerjarig Financieel Kader en eigenmiddelenbesluit |Kamerstuk | Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 21409 ringstekort waarvoor opnieuw naar steun van internationale donoren zalworden gekeken.Op dit moment zijn de Europese Oekraïne-faciliteit van EUR 50 mld. voorde periode 2024–2027, de G7 Extraordinary Revenue Acceleration (ERA)leningen van ca. EUR 45 mld. en het IMF-programma belangrijke voorOekraïne. Deze onderdelen stellen Oekraïne in staat op om de begrotings-tekorten (deels) te dekken en om de strijd tegen Russische agressie voortte zetten. Op 31 oktober besluit Coreper over de uitbetaling van 1,8 mld.euro voor tranche vijf van de EU Oekraïne-faciliteit. Hiervoor heeft OEKaan tien hervormingsstappen voldaan. Op 1 oktober jl. heeft de EuropeseCommissie de negende tranche van het EU-aandeel in de ERA-leningenvan EUR 4 mld. verstrekt aan Oekraïne. Dit is in lijn met de aangekondigdefrontloading. Er is tot op heden EUR 14 mld. van het EU-aandeel vantotaal EUR 18,1 mld. uitbetaald.Het kabinetsbeleid is dat Nederland Oekraïne politiek, militair, financieelen moreel actief en onverminderd blijft steunen in tijd van oorlog, herstelen wederopbouw, zolang als dat nodig is. Het kabinet steunt conformmeerdere Kamermoties het gebruik van de bevroren Russische CentraleBanktegoeden. Van belang hierbij is dat Oekraïne de herstelleningen inkan zetten daar waar de noden het grootst zijn. Het kabinet is voorstandervan het gebruik van de tegoeden om het gat in de Oekraïense begroting tedichten. Het IMF schat namelijk in dat het Oekraïense begrotingstekortvolgend jaar zal oplopen. Daarnaast zal het kabinet blijven pleiten voor debetrokkenheid van G7-landen.Uitvoeringsbesluiten van de Raad onder de Herstel- enVeerkrachtfaciliteit (HVF) Document: De Commissievoorstellen vooraanpassing van uitvoeringsbesluiten van de Raad ter goedkeuring van deherstel- en veerkrachtplannen worden voorafgaand aan het overleggepubliceerd op eur-lex.Europa.eu.11Aard bespreking: Aanname uitvoeringsbesluiten van de RaadBesluitvormingsprocedure: gekwalificeerde meerderheidToelichting:Tijdens de Ecofinraad zal worden stilgestaan bij de stand van zaken tenaanzien van de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit. Nederland kan de updateaanhoren. Ook liggen de aanpassingen van de uitvoeringsbesluiten tergoedkeuring van de herstel- en veerkrachtplannen van Luxemburg,België, Estland, Kroatië, Slowakije en Roemenië voor. Deze lidstatenmaken alle gebruik van de mogelijkheid om het HVP aan te passen opgrond van objectieve omstandigheden, op basis van artikel 21 van deHVF-verordening. Voor een uitgebreide toelichting op deze grondslagvoor wijziging verwijs ik u naar het verslag van de Eurogroep- enEcofinraad van juni 2024.1211Luxemburg: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/DA/HIS/?uri=COM:2025:0646:FINRoemenië: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CONSIL%3AST_14404_2025_INIT&qid=1761300902641Estland: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A52025PC0644&qid=1761300902641België: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A52025PC0647&qid=1761300902641Kroatië: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A52025PC0648&qid=1761300902641Slowakije: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A52025PC0653&qid=176130107193512https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2024D27551&did=2024D27551Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214010 LuxemburgDe aanpassing van het Luxemburgse plan heeft betrekking op 16maatregelen. Luxemburg geeft aan dat drie maatregelen wordenaangepast omdat deze gedeeltelijk niet langer haalbaar zijn dooronverwachte technische obstakels die tot significante vertragingenhebben geleid. Deze maatregelen zien op de creatie van een nieuwtechnologisch ecosysteem, infrastructuur en digitalisering. Luxemburggeeft aan dat één maatregel wordt aangepast omdat er een beteralternatief beschikbaar is waarmee het originele ambitieniveau van demaatregel kan worden bereikt. Deze aanpassing ziet op de hervormingvan regelgeving aangaande de bevoegdheden van gezondheidszorgpro-fessionals. Daarnaast geeft Luxemburg aan dat tien maatregelen wordenaangepast om betere alternatieven te implementeren, waarbij deadministratieve lasten lager liggen en het uitvoeringsbesluit wordtvereenvoudigd. Deze maatregelen zien o.a. op gezondheidszorg, wonen,anti-witwassen, biogas, energie-efficiëntie, en duurzame mobiliteit. Tenslotte heeft Luxemburg verzocht om de ruimte die vrijkomt door dezeaanpassingen in te zetten door het toevoegen van één maatregel en hetverhogen van het ambitieniveau van twee maatregelen. Deze maatregelenzien op oplaadpunten en natuur.BelgiëDe aanpassing van het Belgische plan heeft betrekking op 39 maatregelen.België heeft aangegeven dat 23 maatregen gedeeltelijk niet langerhaalbaar zijn door hoge inflatie, onvoorziene technische obstakels, en eengebrek aan vraag. Deze maatregelen zien o.a. op infrastructuur, cyberse-curity en digitalisering, gezondheidszorg, wonen, energie infrastructuur,oplaadpunten, hernieuwbare energie, en toerisme. België heeft aange-geven dat 18 maatregelen worden aangepast omdat er betere alterna-tieven beschikbaar zijn waarmee het originele ambitieniveau van demaatregelen kan worden bereikt. Deze maatregelen zien o.a. op wonen,waterstof, fietsinfrastructuur, het spoornetwerk, energie-efficiëntie in debebouwde omgeving, en de energietransitie. België heeft aangegeven datoverige maatregelen worden aangepast omdat er betere alternatievengeïmplementeerd kunnen worden, waarbij de administratieve lasten lagerliggen en het uitvoeringsbesluit wordt vereenvoudigd. Deze maatregelenzien o.a. op renovaties van publieke gebouwen, biodiversiteit, digitali-sering, fietsinfrastructuur, digitalisering in het onderwijs, wonen,arbeidsmarkt, en landbouw. Ten slotte heeft België verzocht om de ruimtedie vrijkomt door deze aanpassingen in te zetten door het toevoegen vanacht maatregelen, die o.a. zien op offshore energie, biotechnologie, eenkapitaalinjectie in SFPIM – een entiteit die dient als vehikel om o.a.investeringen in defensie te ondersteunen. Daarnaast heeft Belgiëverzocht om het ambitieniveau van zes maatregelen te verhogen, dezezien o.a. op digitalisering en het spoornet.EstlandDe aanpassing van het Estse plan heeft betrekking op 41 maatregelen.Estland heeft aangegeven dat drie maatregelen niet langer haalbaar zijndoor veranderingen in marktvraag. Deze zien op digitalisering,hernieuwbare energie, en een proefprogramma voor energieopslag. Ookworden drie maatregelen aangepast omdat er betere alternatievenbeschikbaar zijn waarmee het originele ambitieniveau van de maatrelenkan worden bereikt. Deze maatregelen zien op de groene transitie en dearbeidsmarkt. Daarnaast heeft Estland aangegeven dat 33 maatregelenworden aangepast omdat er betere alternatieven geïmplementeerdkunnen worden waarbij de administratieve lasten lager liggen en hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214011 uitvoeringsbesluit wordt vereenvoudigd. Deze maatregelen zien o.a. opdigitalisering, groene technologie, energie-efficiëntie, infrastructuur, engezondheidszorg. Ten slotte heeft Estland verzocht om de ruimte dievrijkomt door deze aanpassingen in te zetten door het toevoegen van eenmaatregel die ziet op de renovatie van het spoor, en door het ambitie-niveau van één maatregel die ziet op infrastructuur, te verhogen.KroatiëDe aanpassing van het Kroatische plan heeft betrekking op 151 maatre-gelen. Kroatië heeft aangegeven dat 17 maatregelen (gedeeltelijk) nietlanger haalbaar zijn door hogere kosten, een gebrek aan vraag, en degevolgen van aardbevingen in 2020. Deze maatregelen zien o.a. opinfrastructuur, hernieuwbare energie, modernisering van het spoornet,toerisme, de bouw en renovatie van scholen, landbouw, de efficiëntie vanhet rechtssysteem, en breedbandinfrastructuur. Daarnaast heeft Kroatiëaangegeven dat 133 maatregelen worden aangepast omdat er beterealternatieven geïmplementeerd kunnen worden waarbij de administra-tieve lasten lager liggen en het uitvoeringsbesluit wordt vereenvoudigd.Deze maatregelen zien o.a. op digitalisering, de energietransitie, bevor-dering van particuliere investeringen, diversificatie van kapitaalmarktenen verbetering van de toegang tot alternatieve financiering, innovatie,landbouw, toerisme, ondersteuning van de efficiëntie in de strijd tegencorruptie en georganiseerde misdaad, verbeteren van het toezicht op debestrijding van witwassen en terrorismefinanciering, en gezondheidszorg.Ten slotte heeft Kroatië verzocht om de ruimte die vrijkomt door dezeaanpassingen in te zetten door het toevoegen van drie maatregelen diezien op een kapitaalinjectie in een financieel instrument ter ondersteuningvan strategische digitale- en groene investeringen, een kapitaalinjectie ineen financieel instrument ter ondersteuning van investeringen op hetgebied van defensie en veiligheid, en de renovatie van door aardbevingenbeschadigde gebouwen.SlowakijeDe aanpassing van het Slowaakse plan heeft betrekking op 93 maatre-gelen. Slowakije heeft aangegeven dat 12 maatregelen (gedeeltelijk) nietlanger haalbaar zijn door technische obstakels die tot vertragingenhebben geleid en vanwege aanbestedingsproblemen, projectvertragingenen pro rata cofinanciering uit andere EU-fondsen. Deze maatregelen zieno.a. op hernieuwbare energie, de renovatie van historische- enmonumentale gebouwen, transport infrastructuur en digitalisering.Slowakije heeft aangegeven dat twee maatregelen worden aangepastomdat er betere alternatieven beschikbaar zijn waarmee het origineleambitieniveau van de maatrelen kan worden bereikt. Deze maatregelenzien op gezondheidszorg en natuurbehoud en waterbeheer op hetplatteland. Daarnaast heeft Slowakije aangegeven dat 69 maatregelenworden aangepast omdat er betere alternatieven geïmplementeerdkunnen worden waarbij de administratieve lasten lager liggen en hetuitvoeringsbesluit wordt vereenvoudigd. Deze maatregelen zien o.a. ophernieuwbare energiebronnen, energie-efficiëntie, onderwijs, digitali-sering en gezondheidszorg. Ten slotte heeft Slowakije verzocht om deruimte die vrijkomt door deze aanpassingen in te zetten door hetambitieniveau van tien maatregelen te verhogen. Deze maatregelen zieno.a. op hernieuwbare energie, duurzame mobiliteit, gezondheidszorg, hetversterken van de administratieve capaciteit van de overheid en hetverhogen van de energie-efficiëntie van overheidsgebouwen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214012 RoemeniëDe aanpassing van het Roemeense plan heeft betrekking op 147 maatre-gelen. Roemenië heeft aangegeven dat 68 maatregelen (gedeeltelijk) nietlanger haalbaar zijn door verstoringen in toeleveringsketens, hogerekosten en overige vertragingen buiten de controle van de lidstaat om.Deze maatregelen zien o.a. op gemeentelijk afvalbeheer, overstromings-monitoring- preventie- en noodhulp, infrastructuur en gezondheidszorg,energie-efficiëntie, en infrastructuur. Daarnaast heeft Roemenië aange-geven dat 12 maatregelen worden aangepast omdat er betere alterna-tieven beschikbaar zijn waarmee het originele ambitieniveau van demaatrelen kan worden bereikt. Deze zien o.a. op de nationale investe-ringsbank, investeringen in technologie, en hernieuwbare energie.Roemenië heeft aangegeven dat 52 maatregelen worden aangepastomdat er betere alternatieven geïmplementeerd kunnen worden waarbijde administratieve lasten lager liggen en het uitvoeringsbesluit wordtvereenvoudigd. Deze maatregelen zien o.a. op digitalisering, duurzamemobiliteit, financiële instrumenten ten behoeve van digitalisering van hetMKB, onderwijs, cybersecurity, en openbaar bestuur. Daarnaast heeftRoemenië verzocht om 15 maatregelen uit het plan te halen doorobjectieve omstandigheden. Dit betreft maatregelen die o.a. zien op hetspoornet, infrastructuur, onderwijs, en hernieuwbare energie. Ten slotteheeft Roemenië verzocht om de ruimte die vrijkomt door deze aanpas-singen in te zetten door 20 nieuwe maatregelen toe te voegen aan hetHVP. Deze maatregelen zien o.a. op afvalbeheer, elektriciteitsopslag,energie-efficiëntie, gezondheidszorg, digitalisering, en een kapitaalinjectiein de nationale ontwikkelingsbank.De Europese Commissie oordeelt dat de redenen die Luxemburg, België,Estland, Kroatië, Slowakije en Roemenië aandragen, een aanpassing vanhet HVP rechtvaardigen en dat de herstelplannen ook na deze aanpas-singen voldoen aan de eisen van de HVF-verordening. Het kabinet kanzich vinden in het oordeel van de Commissie. Nederland is daaromvoornemens om in te stemmen met de voorstellen tot aanpassing van deuitvoeringsbesluiten van de Raad. Er wordt geen discussie verwacht in deEcofinraad.Agendaonderwerp: Jaarlijks rapport van het Europees BegrotingscomitéDocument: 2025 annual report of the European Fiscal BoardAard bespreking: GedachtewisselingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:De Ecofinraad zal van gedachten wisselen over het recent gepubliceerdejaarlijkse rapport van Europees Begrotingscomité (European Fiscal Board,EFB)13.Het rapport biedt allereerst een analyse van de macro-economischeontwikkelingen in het afgelopen jaar. In 2024 groeide de economie van deEU en de eurozone minder sterk dan verwacht, mede door aanhoudendeonzekerheden en de nasleep van eerdere schokken. Overheidsuitgavenboden steun aan de groei, terwijl investeringen terugliepen. De arbeids-markt bleef echter sterk en de inflatie daalde dankzij stabiele energie-prijzen. Ondanks extra inkomsten namen de begrotingstekorten slechtsbeperkt af, doordat lidstaten deze middelen vooral besteedden aan hogerelopende uitgaven. De EFB wijst erop dat een verkrappend begrotings-beleid in 2024 op zijn plaats was geweest.13European Fiscal Board – Annual Report 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214013 Het rapport bespreekt vervolgens de implementatie van het Stabiliteits- enGroeipact, met bijzondere aandacht voor de effecten van de herziening in2024. Volgens de EFB verliep de invoering van het nieuwe raamwerkonder grote tijdsdruk en ging deze gepaard met vertragingen bij hetindienen van de middellange termijn budgettair structurele plannen(medium term fiscal structural plans, MTFSP’s) door de lidstaten. Daarbijblijken veel lidstaten in hun MTFSP’s optimistischer over de macro-economische vooruitzichten dan het pad dat de Europese Commissievoorstelt. Dit is volgens de EFB één van de voorbeelden waarbij deEuropese Commissie minder strenge en minder transparante beoorde-lingen hanteerde, wat de voorspelbaarheid en naleving van de regelsonder druk zet. Het nieuwe systeem laat volgens de EFB bovendien meerruimte voor discretionaire beslissingen en legt sterk de nadruk opbilaterale afspraken, wat de consistentie en vergelijkbaarheid tussenlidstaten bemoeilijkt. Daarnaast was de rol van onafhankelijke fiscaleinstellingen (IFIs) beperkt, waardoor de externe controle verminderde.Ook de toepassing van de procedure voor buitensporige tekorten verliepterughoudender dan verwacht, met uitstel of het niet openen vanprocedures in enkele landen, wat de geloofwaardigheid van de regels nietten goede kwam. Voor de toekomst benadrukt EFB het belang van hetaanpakken van deze tekortkomingen en het versterken van de rol vanonafhankelijke controle, zodat het vertrouwen in en de naleving van debegrotingsregels worden gewaarborgd.Het kabinet onderschrijft de aandachtspunten die de EFB benoemt en zaler in de Ecofinraad voor pleiten dat deze ter harte worden genomen.Agendaonderwerp: Conclusies over EU-statistiekenDocument: Draft Council Conclusions on European Statistics (2025)beschikbaar op DelegatesAard bespreking: Aanname raadsconclusies over EU-statistiekenBesluitvormingsprocedure: ConsensusToelichting:Nederland kan instemmen met de voorliggende conclusies overEU-statistiek, die voortbouwen op de prioriteiten uit 2024 en aansluiten bijde EU-politieke agenda voor 2024–2029. Jaarlijks bespreekt de Ecofinraadin het najaar de ontwikkelingen op statistisch gebied.De herziening van Verordening (EG) 223/200914 biedt betere toegang totadministratieve en digitale gegevens, wat innovatie en tijdigere, gedetail-leerdere en kosteffectievere statistieken mogelijk maakt. Daarnaast isaandacht voor de professionele onafhankelijkheid van statistischeinstanties, vooral in een tijd van toenemende desinformatie. Eenmogelijke update van de Europese Statistiekcode moet uitdagingen rondkunstmatige intelligentie en nieuwe databronnen aanpakken.Kwaliteit, actualiteit en relevantie van Europese statistieken blijvencentraal staan, met nadruk op het verminderen van administratieve lastenvoor bedrijven en overheden. Het Europees Statistisch Systeem (ESS)draagt bij aan de EU-vereenvoudigingsagenda door hergebruik vanbestaande gegevens en innovatie. Er wordt opgeroepen om deEU-statistische wetgeving te toetsen op mogelijkheden voor vereenvou-diging en lastenverlichting.De versterkte samenwerking tussen het ESS en het Europees Stelsel vanCentrale Banken (ESCB) is essentieel voor hoogwaardige Europesestatistieken. Ook de implementatie van het bijgewerkte wereldwijdestelsel van nationale rekeningen is cruciaal om statistieken af te stemmenop een digitale, mondiale en duurzame economie. Lidstaten moeten14EUR-Lex - 02009R0223-20241226 - EN - EUR-LexTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214014 voldoende middelen beschikbaar stellen voor de ontwikkeling enproductie van statistieken, met name voor de update van het EuropeesStelsel van Nationale Rekeningen en het benutten van nieuwedatabronnen en technologieën.Er is vooruitgang geboekt bij de Principal European Economic Indicators(PEEIs) en bij statistieken voor het Stabiliteits- en Groeipact, macro-economische onevenwichtigheden, duurzaamheid, defensie, woning-markt, energie en sociale statistieken. Verdere stappen zijn nodig om delaatste hiaten te dichten.Agendaonderwerp: Vervolg op de bijeenkomst van de Ministers vanFinanciën en de gouverneurs van de centrale banken van de G20 op 15 en16 oktober 2025Document: N.v.t.Aard bespreking: TerugkoppelingBesluitvormingsprocedure: N.v.t.Toelichting:Het voorzitterschap van de Raad en de Commissie zullen aan de Ecofineen terugkoppeling geven over de G20-bijeenkomst voor Ministers vanFinanciën en centrale bank gouverneurs op 15 en 16 oktober. Tijdens dezebijeenkomst werd gesproken over de recente ontwikkelingen van demondiale economie. Aan het einde van deze bijeenkomst werd eengezamenlijke verklaring uitgebracht, waarmee de G20-inzet op het gebiedvan de hoge schuldenlasten van ontwikkelingslanden werd bekrachtigd.OverigVoorstel van de Commissie om verordeningen 1173/201115,473/201316, 472/201317 en 332/200218 in lijn te brengen metherziene Europese begrotingsregels.Het Europese begrotingsraamwerk is in 2024 herzien. Daarbij werden deverordeningen die toezien op de preventieve arm en de correctieve arm,en de richtlijn die toeziet op de nationale begrotingsraamwerken herzien.Enkele andere onderdelen van het Europese begrotingsraamwerk dietoezien op de coördinatie van het begrotingsbeleid in de eurozone blevennog ongewijzigd. De Europese Commissie heeft nu een voorstelingediend om deze verordeningen alsnog in lijn te brengen met dehervormingen die in 2024 zijn overeengekomen. Het betreft verordening1173/2011 inzake de effectieve handhaving van het begrotingstoezicht inhet eurogebied (de sancties verordening); verordening 473/2013 betref-fende gemeenschappelijke voorschriften voor het monitoren en beoor-delen van ontwerpbegrotingsplannen en voor het garanderen van decorrectie van buitensporige tekorten van de lidstaten van de eurozone (deDBP verordening); verordening 472/2013 betreffende de versterking vanhet economische en budgettaire toezicht op lidstaten in de eurozone dieernstige moeilijkheden ondervinden of dreigen te ondervinden tenaanzien van hun financiële stabiliteit («de begrotingsmonitoring veror-dening») en verordening 332/2002 houdende instelling van een mecha-nisme voor financiële ondersteuning op middellange termijn van debetalingsbalansen van de lidstaten (verordening financiële ondersteuningbetalingsbalansen).15Verordening - 1173/2011 - EN - EUR-Lex16Verordening - 473/2013 - EN - EUR-Lex17Verordening - 472/2013 - EN - EUR-Lex18Verordening - 332/2002 - EN - EUR-LexTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214015 Dit voorstel bevat technische aanpassingen en vereenvoudigingen om debestaande regelgeving beter af te stemmen op de nieuwe kaders. Hetkabinet kan zich vinden in de voorgestelde aanpassingen en vereenvou-digen.Momenteel wordt dit voorstel behandeld in de ambtelijke voorportalenvan de Ecofinraad. Zodra de Raadspositie ten aanzien van het voorstel inde Ecofinraad aan de orde komt, ontvangt uw Kamer een update in degeannoteerde agenda van de desbetreffende Eurogroep/Ecofinraad.Verordening 1173/2011 (sancties)Deze verordening regelt sancties voor overtredingen van het Stabiliteits-en Groeipact binnen de eurozone. Door de hervorming van het SGP in2024 zijn bepaalde sanctiebepalingen verouderd of niet langer inovereenstemming met de herziene regelgeving. De Commissie steltdaarom voor om verschillende aanpassingen door te voeren, waaronderhet schrappen van sancties die verwijzen naar de inmiddels afgeschafte«significant deviation procedure» in de preventieve arm, het verlagen vansanctiebedragen in de correctieve arm om deze beter te laten aansluitenbij de nieuwe regels van Verordening (EU) 2024/1264 (die Verordening1467/97 vervangt), en het verwijderen van de mogelijkheid om gedele-geerde handelingen te gebruiken bij sancties voor manipulatie vanstatistieken. Laatstgenoemde sancties blijven wel behouden, maar hetinstrumentarium wordt vereenvoudigd.Verordening 473/2013 (begrotingsmonitoring)Deze verordening regelt de beoordeling van ontwerpbegrotingen en decorrectie van buitensporige tekorten in de eurozone. Verwijzingen naar hetstabiliteitsprogramma en het nationale hervormingsprogramma wordenvervangen door het middellange termijn plan (Medium Term FiscalStructural Plans, MTFSPs) dat beide heeft vervangen. Verouderdeconcepten, zoals het «medium-term objective» voor het structureelbegrotingssaldo, worden geschrapt en rapportageverplichtingenvereenvoudigd. Lidstaten verwerken de genomen stappen ter correctievan het buitensporig tekort voortaan niet in een afzonderlijk rapport, maarin de voortgangsrapportage.Verordening 472/2013 (toezicht bij financiële stabiliteitsproblemen)Deze verordening regelt het versterkte toezicht op eurolanden die temaken hebben met ernstige financiële problemen, evenals hetpost-programmatoezicht na afloop van financiële bijstand. De Commissiewil duidelijk maken dat versterkt toezicht verplicht is voor eurolanden diepreventieve financiële steun ontvangen. Tegelijkertijd wordt de toepassingervan beperkt om te voorkomen dat dit landen ontmoedigt om tijdig hulpaan te vragen. De focus van het post-programmatoezicht wordt aange-scherpt: het richt zich op de terugbetalingscapaciteit van landen en ophervormingen die buiten de MTFSPs vallen. Er wordt een gelaagdtoezichtsysteem ingevoerd, waarbij de intensiteit van het toezichtafhankelijk is van het risiconiveau. Na vijf jaar van voortdurend toezichtvindt een beoordeling van de terugbetalingscapaciteit plaats. Bij een laagrisico kan het toezicht vervolgens worden versoepeld en beperkt totregelmatige beoordelingen gedurende maximaal vijf jaar. Daarnaastwordt de rapportagedruk verlicht: het aantal rapportages onderpost-programmatoezicht wordt verminderd en dubbele verslaglegging,bijvoorbeeld met het Europees Semester, wordt geschrapt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214016 Verordening 332/2002 (financiële ondersteuning betalingsbalansen,niet-eurolanden)Deze verordening regelt financiële steun aan niet-eurolanden metbetalingsbalansproblemen. Het huidige «back-to-back»-principe, waarbijelke lening direct gekoppeld is aan een uitbetaling met dezelfdevoorwaarden, wordt vervangen door een meer gediversifieerde financie-ringsstrategie. Dit maakt het mogelijk het tijdstip en de looptijd vanleningen los te koppelen van uitbetalingen en creëert een gemeenschap-pelijke liquiditeitspool. Dit vergroot de flexibiliteit, vermindert fragmen-tatie van schulduitgiftes, bespaart kosten en maakt financiering minderafhankelijk van marktomstandigheden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-07, nr. 214017

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 6b2b4746bca22852

14 okt 2026 · 87078a8543edd39c

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.