KamerkringInloggen
Kamerbrief

Project ‘Vervanging onderzeebootcapaciteit’

24 apr 2019 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 65ab78b1f05d2336 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2018–2019 34 225Toekomst van de Nederlandse onderzeedienst Nr. 23 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 24 april 2019 Met deze brief informeer ik u over de stand van zaken van het project «Vervanging onderzeebootcapaciteit». Tijdens het algemeen overleg van 4 juli 2017 (Kamerstuk 34 225, nr. 22) is de A-brief over de behoeftestelling van het project «Vervanging onderzee-bootcapaciteit» behandeld (Kamerstuk 34 225, nr. 13). Na dit AO heeft Defensie het project voortgezet in de onderzoeksfase (B-fase), op de wijze zoals met de Kamer is besproken. De Kamer zal over de resultaten van de B-fase worden geïnformeerd met de B-brief. Defensie heeft tot nog toe in de B-fase onder meer onderzocht of de huidige onderzeeboten van de Walrus-klasse kunnen worden vervangen door een variant anders dan een bemande onderzeeboot. Onderzoek van TNO heeft uitgewezen dat varianten anders dan bemande onderzeeboten niet aan de behoefte kunnen voldoen en erg duur zijn. Daarom zijn deze varianten in de B-fase niet verder uitgewerkt. Hierop is ingegaan in de Defensienota van 26 maart 2018 (Kamerstuk 34 919, nr. 1). In de B-fase is verder een kosten-batenanalyse (KBA) uitgevoerd van verschillende mogelijke onderzeebootvarianten. Ten behoeve van de KBA hebben vier, in 2018 geselecteerde buitenlandse werven op verzoek van Defensie informatie aangeleverd over de eigenschappen en de kosten van mogelijke varianten. Defensie gebruikt deze informatie om een voorkeur te bepalen voor een onderzeebootvariant. De werven hebben geen offertes ingediend. Bij de vier geselecteerde werven gaat het om, in alfabetische volgorde: Naval Group (Frankrijk), Navantia (Spanje), Saab Kockums (Zweden) en TKMS (Duitsland). In een apart onderzoek heeft Defensie de eigenschappen van deze werven tegen het licht gehouden. Verder heeft Defensie de mogelijkheden voor internationale samenwerking in kaart gebracht en heeft het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) onderzoek gedaan naar industriële aspecten. De genoemde rapporten zijn afgelopen najaar voltooid. kst-34225-23ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 34 225, nr. 231 In november vorig jaar hebben Defensie en EZK de Defensie Industrie Strategie (DIS) gepresenteerd (Kamerstuk 31 125, nr. 92). Vervolgens hebben enkele werven of hun overheden nieuwe of aangepaste plannen over de industriële aspecten van de onderzeebootvervanging gepresen-teerd. Op grond hiervan is besloten een aanvullend onderzoek te doen waarin alle vier de genoemde werven worden betrokken. De uitkomsten van alle genoemde onderzoeken zullen worden meege-nomen bij het opstellen van de B-brief die onder andere besluiten zal bevatten over het gewenste type onderzeeboot, het aantal aan te schaffen onderzeeboten, het budget dat daarvoor binnen de defensiebegroting beschikbaar is en de verwervingsstrategie. Tijdens het notaoverleg over de DIS van 18 februari jl. heb ik de B-brief voor dit voorjaar aangekondigd. Ik verwacht nu de B-brief rond deze zomer aan de Kamer te kunnen aanbieden. De Staatssecretaris van Defensie, B. VisserTweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 34 225, nr. 232

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · c5581a14f50a13ac

14 okt 2026 · 9b88aef926ebe14b

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.