KamerkringInloggen
Kamerstuk

Tweeminutendebat Vreemdelingen- en asielbeleid (CD 10/9) (ongecorrigeerd)

7 okt 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie b2a77436afe4cc25 · officiële bron

Vreemdelingen- en asielbeleid Vreemdelingen- en asielbeleid Aan de orde is het tweeminutendebat Vreemdelingen- en asielbeleid (CD d.d. 10/09). De voorzitter: We gaan opnieuw een tweeminutendebat voeren over Vreemdelingen- en asielbeleid. Dat is naar aanleiding van het commissiedebat van 10 september jongstleden. De eerste spreker in dit tweeminutendebat is de heer Vermeer namens de BBB. De heer Vermeer (BBB): Voorzitter. Ik heb twee moties. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat omwonenden onvoldoende inzicht hebben in het aantal meldingen en incidenten rond afzonderlijke asielopvanglocaties; overwegende dat openheid noodzakelijk is voor het vertrouwen en de veiligheid van inwoners; verzoekt de regering een openbare monitor in te richten waarin per opvanglocatie periodiek en geanonimiseerd inzicht wordt gegeven in het aantal en de aard van meldingen, incidenten en strafbare feiten, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Vermeer en Van der Plas. Zij krijgt nr. 3649 (19637). De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat gemeenten met hoge kosten kunnen worden geconfronteerd wanneer zij besluiten niet door te gaan met een geplande opvanglocatie; overwegende dat inwoners niet financieel mogen worden gestraft voor een democratisch besluit van hun gemeenteraad; verzoekt de regering ervoor te zorgen dat het COA pas onomkeerbare kosten maakt nadat de gemeenteraad met een opvanglocatie heeft ingestemd, en in nieuwe overeenkomsten een redelijke mogelijkheid tot beëindiging op te nemen, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Vermeer en Van der Plas. Zij krijgt nr. 3650 (19637). De heer Vermeer (BBB): Over de eerste motie over de monitor en over inzicht in de aard van meldingen, incidenten en strafbare feiten wil ik nog iets opmerken. Mij valt namelijk iets op. Ik woon een paar straten verwijderd van een azc in Harderwijk. Als ik thuis aan het werk ben, hoor ik af en toe sirenes. Men rukt volop uit. Vervolgens staan er geen P2000-meldingen of andere alarmmeldingen geregistreerd. Kan de minister eens navragen of op een speciale manier wordt omgegaan met meldingen in de azc's? Komen die wel of niet in de alarmmeldingen voor? Dat mag gewoon later schriftelijk bekend gemaakt worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Westerveld nodig ik uit voor haar bijdrage in dit tweeminutendebat. Mevrouw Westerveld (PRO): Dank, voorzitter. Ik was vorige week ook bij de petitieaanbieding van de jezidi's. De woorden van een van de initiatiefnemers raakten mij. Zij vertelde: het eerste wat ik leerde, was angst. Dat was natuurlijk angst over de eigen veiligheid, maar vooral angst voor anderen. Toen wij met een aantal collega's napraatten, merkten we hoezeer deze mensen onder druk stonden, omdat ze eeuwig angst hebben over hoe het gaat met hun familieleden, vrienden en bekenden. Leven ze nog? Hoe gaat het met hen? Daarover gaat mijn eerste motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat mentale gezondheidszorg voor jezidi’s met trauma’s als gevolg van de genocide in Sinjar niet beschikbaar is; constaterende dat het ambtsbericht Irak uit november 2025 beschrijft dat "88% van de binnenlands ontheemden die terugkeerden naar Sinjar, onder zware leefomstandigheden leeft”; overwegende dat doordat de Verenigde Staten financiering hebben ingetrokken voor de ontheemdenkampen voor jezidi’s in Irak de positie van jezidi’s verder is verslechterd; constaterende dat er onvoldoende informatie is over de positie en veiligheid van jezidi’s in Irak; verzoekt de regering om aanvullend onderzoek te doen naar de veiligheid van jezidi’s en zo nodig het landenbeleid hierop aan te passen, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Westerveld. Zij krijgt nr. 3651 (19637). Mevrouw Westerveld (PRO): Ik heb nog een tweede motie. Die gaat over alleenstaande minderjarige asielzoekers en het Migratiepact. De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat er veel onrust is onder alleenstaande minderjarige asielzoekers in de asielprocedure door een gebrek aan duidelijkheid over het Migratiepact; van mening dat het de vertrouwensrelatie met een voogd kan schaden wanneer die het slechte nieuws moet brengen; verzoekt de regering de amv's actief te informeren over hun persoonlijke situatie door bijvoorbeeld een brief te sturen met duidelijke informatie, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Westerveld en Van Asten. Zij krijgt nr. 3652 (19637). Mevrouw Westerveld (PRO): Voorzitter. Ik dien deze motie in samen met de heer Van Asten. De motie gaat er ook over dat wij willen dat voogden te allen tijde de vertrouwelijke relatie kunnen waarborgen met degenen die zij onder hun hoede hebben. Daarom vragen wij de regering om deze mensen zelf actief te informeren. De voorzitter: Dank u wel. We gaan luisteren naar de bijdrage van mevrouw Vondeling. Gaat uw gang. Mevrouw Vondeling (PVV): Voorzitter. Bijna een op de vijf gemeenten zijn door deze minister onder toezicht gesteld omdat ze te weinig asielzoekers opvangen. In totaal zijn dat 63 gemeenten. Het is schandalig dat de minister de instroom niet stopt, maar azc's overal in Nederland erdoor wil drukken. Er zijn niet te weinig opvangplekken, maar er zijn te veel asielzoekers. De PVV steunt alle gemeenten die zich niet laten dwingen. Daarom de volgende motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat talloze gemeenten de opvang van asielzoekers weigeren omdat de druk op woningen, voorzieningen en de leefbaarheid onhoudbaar is; overwegende dat gemeenten het recht hebben om de veiligheid en belangen van hun eigen inwoners voorop te stellen; spreekt totale steun uit voor alle weigerende gemeenten, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Vondeling en Wilders. Zij krijgt nr. 3653 (19637). Dank u wel. De heer Diederik van Dijk is de volgende spreker in dit tweeminutendebat. Gaat uw gang. De heer Diederik van Dijk (SGP): Twee moties. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het kabinet voornemens is de glijdende schaal aan te scherpen; constaterende dat bij zwaardere misdrijven ook geldboetes kunnen worden opgelegd, maar dat deze niet meewegen bij intrekking van het verblijfsrecht; verzoekt de regering in de glijdende schaal ook onherroepelijk opgelegde geldboetes op te nemen, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Diederik van Dijk. Zij krijgt nr. 3654 (19637). De heer Diederik van Dijk (SGP): De tweede. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het kabinet voornemens is de glijdende schaal aan te scherpen; constaterende dat vreemdelingen die worden veroordeeld voor zeer ernstige misdrijven zoals moord, doodslag, verkrachting, terroristische misdrijven of andere misdrijven die een ernstige aantasting vormen van de openbare orde en rechtsorde, het vertrouwen in het verblijfsrecht ernstig schaden; overwegende dat bescherming van de samenleving en handhaving van de openbare orde vergen dat het verblijfsrecht van vreemdelingen die dergelijke ernstige misdrijven plegen zo veel mogelijk wordt beëindigd; verzoekt de regering bij de uitwerking van de aanscherping van de glijdende schaal mogelijk te maken dat een onherroepelijke veroordeling wegens een zeer ernstig misdrijf reeds bij een eerste veroordeling leidt tot intrekking van de verblijfsvergunning, voor zover internationale verplichtingen dit toelaten, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Diederik van Dijk. Zij krijgt nr. 3655 (19637). De heer Diederik van Dijk (SGP): Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De volgende spreker is de heer Ellian. Ik nodig hem uit om zijn bijdrage te doen. Aan u het woord. De heer Ellian (VVD): Dank, voorzitter. Tijdens het commissiedebat spraken we uiteraard over de situatie in en rondom Ter Apel. Naar aanleiding van een van mijn werkbezoeken daar vertelde ik de minister toen dat de inwoners en omwonenden van Westerwolde tegen mij zeiden: we kunnen u meenemen naar de grensovergangen, naar die wegen en de weggetjes, en dan kunt u gewoon zien hoe veelal veiligelanders het land hier gewoon binnenkomen. Dat is natuurlijk gek. Je zou zeggen dat het een hele hoop zou schelen als je daar toezicht op hebt vanuit de Koninklijke Marechaussee. Daarom de volgende motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat asielzoekers, en veelal veiligelanders, via de grensstreek in het gebied Westerwolde naar Ter Apel komen; constaterende dat zij geen recht hebben om in Nederland te verblijven; verzoekt de regering om binnen het nieuwe verruimde kader Mobiel Toezicht Veiligheid grenscontroles te intensiveren in de grensstreek Westerwolde, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Ellian. Zij krijgt nr. 3656 (19637). De heer Ellian (VVD): Voorzitter. De gedachte hierachter is natuurlijk: als je via Duitsland hiernaartoe komt, zijn de Duitsers verantwoordelijk. Als je veiligelander bent, ben je kansarm en heb je hier ook niks te zoeken. Dus als we ervoor kunnen zorgen dat deze mensen Nederland niet binnenkomen, zou dat hopelijk iets schelen. De heer Ceulemans (JA21): Ik heb een vraag aan de heer Ellian. Kort voor de zomer heeft hij aangegeven dat als na de zomer de asielinstroom niet met honderden per week zou zijn afgenomen, er dan aanvullende instroombeperkende maatregelen nodig waren, inclusief maatregelen die voorheen taboe waren. Ik heb het even opgezocht. Sinds het moment dat de heer Ellian die uitspraak deed, is de asielinstroom niet gedaald: níet. Er is dus geen verbetering opgetreden sindsdien. Mijn vraag aan de heer Ellian is als volgt Ik heb in de eerste termijn een motie ingediend die aan de minister vraagt: kom nu met aanvullende instroombeperkende maatregelen. Dat is heel hard nodig. Is de heer Ellian het met mij eens dat er geen andere conclusie kan zijn dan dat die maatregelen nodig zijn? En kan ik dus op steun van de heer Ellian rekenen voor de motie? De heer Ellian (VVD): De heer Ellian moet dat altijd eerst met zijn andere 21 VVD-collega's bespreken. Dat doen we op dinsdagochtend, een leuk moment van de week waarop je onder gelijkgestemden bent — althans meestal. De asielinstroom was in de zomer natuurlijk wel gedaald. Ik hoop dat de heer Ceulemans mij die credits dan ook durft te geven, want ik heb in de zomer niet meteen ge-x't: kijk de instroom daalt. Ik dacht namelijk: eerst zien dan geloven. Ik zie dat de instroom de afgelopen drie weken weer is gestegen. Ik geloof dat er het ging om 900, 800 en 800 mensen. Ik hou het nooit zo goed bij als de heer Ceulemans. Ja, dat is een somber vooruitzicht. Dus als dat zo blijft en de daling in de zomer was tijdelijk en de instroom blijft structureel te hoog, dan stáán mijn woorden van voor de zomer. Ik zal daar zo meteen nog wel iets over zeggen in relatie tot de kwestie van de 140.000 Oekraïense asielaanvragen. De voorzitter: Dank u wel, meneer Ellian. We gaan luisteren naar mevrouw Straatman. Mevrouw Straatman (CDA): Dank, voorzitter. Ik had het zojuist over terugkeer. Dan heb ik het nu over de opvang. Het eerlijke verhaal is dat we die vervelende Spreidingswet nog steeds nodig hebben. Dat blijkt vandaag ook weer uit de noodoproep van het COA. Als je dan naar de opvangketen kijkt, zie je dat een kwart van de opvangplekken wordt bezet door statushouders. Dus niet alleen de instroom moet omlaag — daar ben ik het helemaal mee eens — maar ook de doorstroom moet op gang komen. Voor de zomer stuurde de minister van VRO een brief met bouwstenen voor de realisatie van sobere woonvormen voor statushouders. Wanneer verwacht de minister dat dit daadwerkelijk effect heeft op de druk op de opvangketen? Voorzitter. Creatieve oplossingen helpen om de opvangketen te ontlasten, zoals Takecarebnb, de organisatie die gastgezinnen voor asielzoekers en statushouders faciliteert. In het commissiedebat heeft de minister toegezegd naar de kostendelersnorm te willen kijken die het alleenstaanden financieel bemoeilijkt om zich als gastgezin aan te melden. Veel dank daarvoor. Maar de kostendelersnorm is niet de enige regeling die gastgezinnen belemmert. Wanneer gastgezinnen iemand in huis nemen, lopen ze ook het risico gekort te worden op de AOW-regeling, inkomensafhankelijke gemeentelijke regelingen en toeslagen. Voor alle regelingen geldt een gemeenschappelijke oorzaak, namelijk de verplichte inschrijving van de statushouder op het adres van het gastgezin. Zou de minister aanvullend willen toezeggen om te verkennen wat de juridische mogelijkheden zijn om de inschrijvingsverplichting los te laten? Statushouders blijven dan administratief ingeschreven bij het azc. Het gaat immers om logeren bij het gastgezin, niet om wonen. We moeten het gastgezinnen die zich maatschappelijk inzetten om een steentje bij te dragen aan de opvang en integratie niet moeilijker maar juist makkelijker maken. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Russcher, aan u het woord. De heer Russcher (FVD): Dank u wel. Ik heb twee moties. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de strafrechtketen de vreemdelingrechtelijke status van verdachten en veroordeelden niet registreert; constaterende dat de beschikbare cijfers over criminaliteit onder de asielpopulatie hoofdzakelijk betrekking hebben op personen die ten tijde van het incident op een COA- of tgo-locatie verbleven, waardoor asielzoekers en statushouders die elders verblijven niet als zodanig in deze cijfers in beeld zijn; constaterende dat daardoor niet landelijk kan worden vastgesteld hoeveel asielzoekers en statushouders als verdachte van een misdrijf zijn geregistreerd of voor een misdrijf zijn veroordeeld en om welke delicten het gaat; overwegende dat het voor de Kamer en de regering van belang is over deze informatie te beschikken, om het asiel- en openbareordebeleid te beoordelen; verzoekt de regering ervoor zorg te dragen dat jaarlijks inzichtelijk wordt gemaakt hoeveel asielzoekers en statushouders in Nederland als verdachte van een misdrijf zijn geregistreerd en hoeveel er voor een misdrijf zijn veroordeeld, uitgesplitst naar delictcategorie, nationaliteit en verblijfsstatus, en hiervoor waar nodig de noodzakelijke wettelijke grondslag te creëren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Russcher. Zij krijgt nr. 3657 (19637). De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat recent een voormalig alleenstaande minderjarige vreemdeling in het nieuws kwam die sinds zijn komst naar Nederland op 14-jarige leeftijd 114 politieregistraties heeft opgebouwd; constaterende dat Nidos belast is met de wettelijke voogdij over alleenstaande minderjarige vreemdelingen en dat met de uitvoering van zijn taken jaarlijks honderden miljoenen euro's vanuit de begroting van Asiel en Migratie zijn gemoeid; overwegende dat van een wettelijk voogd mag worden verwacht dat tijdig en aantoonbaar wordt ingegrepen; verzoekt de regering ervoor zorg te dragen dat Nidos bij amv's die herhaaldelijk met politie en justitie in aanraking komen, passende maatregelen treft en waar nodig de begeleiding opschaalt, en tevens te waarborgen dat in dergelijke gevallen wordt beoordeeld of het gepleegde strafbare gedrag gevolgen kan hebben voor het verblijfsrecht, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Russcher. Zij krijgt nr. 3658 (19637). De heer Russcher (FVD): Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Asten is de volgende spreker in dit tweeminutendebat. De heer Van Asten (D66): Dank, voorzitter. In het eerste debat ging het al over de situatie in Ter Apel en het bericht van het COA van vandaag. Ik wil daar toch nog even op doorgaan. Het gaat er niet alleen om dat het daar vol zit en dat mensen daar wel of niet vrijwillig buiten moeten slapen; het gaat ook nog steeds over de signalen die we krijgen vanuit de ondernemers en de bewoners van Ter Apel. Zij geven eigenlijk aan dat ze nog geen verbetering zien in de veiligheidssituatie, mede door de veiligelanders die daar misdaden plegen. De vraag is welke maatregelen er nu toch op korte termijn genomen kunnen worden om daar verlichting in te brengen. Hoe staat het met de extra politie-inzet, die zou zijn toegezegd? Is die al ingezet of wanneer kan dat gebeuren? Ik kom terug op het eerste debat, over de locaties, onder andere de Defensieterreinen; ik heb daar ook schriftelijke vragen over gesteld. Defensie geeft aan dat het enkel om overleg gaat en dat er geen formeel steunverzoek ligt. Is dat formele steunverzoek echt van belang? Is dat een soort grens die je over moet? Op het moment dat er dan wel zaken geregeld zouden kunnen worden, moeten we dat steunverzoek dan niet doen — met "we" bedoel ik eigenlijk "de minister" — zodat wel locaties die geschikt zouden zijn vrij kunnen komen om de druk op het dorp Ter Apel, de situatie voor de bewoners van het azc daar en voor de personeelsleden van het COA daar te verlichten? De voorzitter: Dank u wel. De volgende spreker is de heer Ceder namens de ChristenUnie, maar hij is natuurlijk met allemaal andere dingen bezig. Ik dacht: misschien komt hij toch als hij nog in de gang staat en zijn naam hoort. Maar gelukkig, zou ik bijna zeggen, is hij met heel andere dingen bezig. Mevrouw Keijzer, de volgende spreker, heb ik niet gezien deze avond. Dan komen we aan bij de heer Ceulemans. Ik nodig hem uit voor zijn bijdrage in dit tweeminutendebat. Gaat uw gang. De heer Ceulemans (JA21): Dank u wel, voorzitter. Ik zal korter zijn dan de vorige keer. Ik heb een motie die enigszins vergelijkbaar is met die van de heer Ellian. Ik weet dat wij allebei zeer begaan zijn met het lot van zowel reizigers als ov-personeel op de lijnen rond Ter Apel, in dit geval ook op de treinverbinding Emmen-Zwolle. Vandaar de volgende motie van mijn kant. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de treinverbinding Zwolle-Emmen al lange tijd geteisterd wordt door voornamelijk overlastgevende asielzoekers uit Ter Apel; constaterende dat eerder dit jaar een groot aantal boetes ongeldig is verklaard omdat deze werden uitgeschreven op grond van COA-passen en dat Arriva inmiddels de werkinstructie hanteert dat agressieve zwartrijders niet beboet mogen worden; overwegende dat het onaanvaardbaar is dat asielzoekers wegkomen met dergelijk wangedrag in het ov; overwegende dat handhavers op deze lijn op z'n minst in de gelegenheid gesteld moeten worden om hun taken effectief te kunnen uitvoeren en dat dit tevens wordt onderkend in het regeerakkoord; verzoekt de regering te bewerkstelligen dat de treinverbinding Zwolle-Emmen binnen een maand wordt aangesloten op het RTIC-systeem en dat handhavers op die lijn binnen een maand toegang krijgen tot de BVV en de SKDB, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Ceulemans en Goudzwaard. Zij krijgt nr. 3659 (19637). De heer Ceulemans (JA21): Tot slot de volgende motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het vervolgonderzoek van dr. Jan van de Beek naar de budgettaire gevolgen van migratie stilligt omdat hij als onafhankelijk onderzoeker thans geen toegang heeft tot CBS-microdata; overwegende dat onderzoekers zonder universitaire aanstelling in de praktijk afhankelijk zijn van de bereidheid van een instelling om hun onderzoek te dragen; overwegende dat actuele en onafhankelijke cijfers over de kosten en baten van migratie onmisbaar zijn voor het publieke en politieke debat; verzoekt de regering samen met het CBS te zorgen voor een begaanbare route waarlangs serieuze, onafhankelijke onderzoekers zonder universitaire aanstelling onder dezelfde waarborgen toegang kunnen krijgen tot CBS-microdata; verzoekt de regering tevens er in ieder geval voor te zorgen dat dr. Jan van de Beek op korte termijn toegang wordt verschaft tot de CBS-microdata zodat hij in staat is zijn vervolgonderzoek uit te voeren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Ceulemans en Boomsma. Zij krijgt nr. 3660 (19637). De laatste spreker in dit tweeminutendebat is de heer Struijs. Gaat uw gang. De heer Struijs (50PLUS): Dank, voorzitter. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de politie in 2025 in totaal 7.515 verdachtenregistraties heeft vastgelegd waarbij de verdachte ten tijde van het misdrijf op een COA- of gemeentelijke opvanglocatie verbleef, een stijging van 23% ten opzichte van 2024; overwegende dat de grote meerderheid van de asielzoekers niet betrokken is bij criminaliteit, maar dat het criminele gedrag van een beperkte groep grote gevolgen heeft voor de veiligheid van medebewoners, medewerkers en omwonenden; overwegende dat een snelle strafrechtelijke afdoening van een asielzoeker ertoe kan leiden dat deze gevolgen eerder meegenomen kunnen worden door de IND in de asielprocedure; verzoekt de regering te onderzoeken hoe snelrecht bij daarvoor geschikte strafzaken tegen asielzoekers vaker kan worden toegepast, zodat de IND een relevante veroordeling sneller kan betrekken bij de asielprocedure en, waar juridisch mogelijk, eerder tot afwijzing van de asielaanvraag kan overgaan; verzoekt de regering de Kamer hierover binnen drie maanden te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Struijs. Zij krijgt nr. 3661 (19637). Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de bijdrage van de zijde van de Kamer. Ik schors tot 20.15 uur. Dan gaan we luisteren naar de reactie van de minister. Het debat is geschorst tot 20.15 uur. De vergadering wordt van 20.04 uur tot 20.14 uur geschorst. De voorzitter: Ik heropen deze vergadering. We gaan luisteren naar de reactie van de minister in het tweeminutendebat Vreemdelingen- en asielbeleid. Het woord is aan de minister. Minister Van den Brink: Dan ga ik gelijk naar de moties. De motie op stuk nr. 3649 van de heer Vermeer vraagt om een openbare monitor in te richten waarin per opvanglocatie periodiek geanonimiseerd inzicht wordt gegeven. We hebben dat ingericht langs onze jaarlijkse WODC-rapportage. Er wordt al heel veel werk in gestopt om dat bij mekaar te brengen. Ik heb aan mevrouw Van der Plas onlangs de toezegging gedaan om daar nog een aantal aspecten aan toe te voegen, bijvoorbeeld — ik zeg het even uit mijn hoofd — religieus en discriminatoir geweld. Dat is de staande praktijk waar ik aan wil vasthouden. Dus ik wil deze motie ontraden. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3649: ontraden. Minister Van den Brink: Wat uw vraag over een registratie- en meldsysteem van hulpdiensten betreft: daar heb ik geen beeld van. Ik hoop dat u zelf binnenkort ook weer met mijn collega, de minister van Justitie, in debat bent over zo'n vraag, want ik denk dat dat sneller een antwoord oplevert dan dat ik daar nu mijn hoofd over ga buigen. De motie op stuk nr. 3650 van de heer Vermeer vraagt om pas onomkeerbare kosten te maken nadat de gemeenteraad met een opvanglocatie heeft ingestemd. Als ik dat doe, dan hussel ik wel helemaal de lokale democratie door elkaar. Als minister, als bestuursorgaan Rijksoverheid — laat ik het even goed formuleren — doe ik zaken met de gemeente via het college van burgemeester en wethouders. Daar maken wij afspraken mee. Dat is al complex genoeg. Dus ik wil deze motie ontraden, om de complexiteit niet te vergroten. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3650: ontraden. Minister Van den Brink: De motie op stuk nr. 3651 van mevrouw Westerveld is in wezen in lijn met de vraag die ik daarstraks had over jezidi's. We verwachten nog dit jaar een ambtsbericht van het ministerie van Buitenlandse Zaken over Irak. Daar hoort ook de specifieke aandacht voor jezidi's bij. Dat hebben we ook gevraagd. Op basis van dat nieuwe ambtsbericht kunnen we opnieuw beleid tegen het licht houden. Dus ik geef deze motie oordeel Kamer. Zoals ik in het voorgaande debat al zei: de individuele beoordeling van mensen die dit soort gruwelijke dingen hebben meegemaakt, is de basis van de vluchtelingenafweging. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3651: oordeel Kamer. Minister Van den Brink: De motie op stuk nr. 3652 gaat over minderjarigen in relatie tot het Migratiepact. Wat is hun informatiepositie? Moet de voogd daar wel of niet bij betrokken worden? Het zijn heel veel dingen bij elkaar. Om dit goed te snappen wil ik eigenlijk eerst even gaan praten bij het Nidos. Inderdaad wordt er in het pact met de versnelde procedure gewerkt. Er wordt gewoon informatie verstrekt. Daar is de voogd bij, ook omdat die vaak een vertaal- en een vertrouwensfunctie heeft. Dat is het bijzonder aan de amv's. We hebben de voogden dus echt nodig in de rol zoals ze die nu ook al vervullen. Daar wil ik ze dus op geen enkele manier uit halen, maar hier lijken dingen te spelen die ik misschien nog niet weet. Laat ik daar eens even in duiken. Zoals het hier staat, zou ik de motie moeten ontraden. De voorzitter: Mevrouw Westerveld, een korte vraag. Mevrouw Westerveld (PRO): Het lijkt me goed om 'm dan even aan te houden. Het gaat mij erom dat de voogd te allen tijde een vertrouwensrelatie moet houden. Als er nieuws komt over de procedure, lijkt het ons heel verstandig om niet altijd de voogd het slechte nieuws te laten brengen, maar om het via een brief te laten komen. Natuurlijk kan de voogd bij zo'n gesprek zijn. Daar gaat het over. Misschien moet ik de motie even aanhouden totdat de minister deze informatie heeft. De voorzitter: De minister gaat op onderzoek uit. Op verzoek van mevrouw Westerveld stel ik voor haar motie (19637, nr. 3652) aan te houden. Daartoe wordt besloten. Minister Van den Brink: De motie op stuk nr. 3654 van de heer Van Dijk verzoekt de regering in de glijdende schaal ook onherroepelijk opgelegde geldboetes op te nemen. Ik heb daarover een paar maanden geleden, toen ik de aanscherping op de glijdende schaal deed, echt een heel uitgebreid werkstuk aan uw Kamer gestuurd. Toen heb ik zelf zitten studeren: waarom kan het nou niet met geldboetes? Ik ben er zeer overtuigd van geraakt dat dat niet kan. Ik heb dat in die Kamerbrief helemaal uiteengezet. Daar nu op terugkomen zou eigenlijk zeggen dat we het toen niet gesnapt hebben. Ik blijf dus volhouden dat het niet kan. We moeten de motie ontraden. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3654: ontraden. Minister Van den Brink: Bij de motie op stuk nr. 3655 lijkt het heel erg over close reading te gaan. Ik denk dus dat ik de heer Van Dijk even nodig heb. Er staat namelijk: "verzoekt de regering bij de uitwerking van de aanscherping van de glijdende schaal het mogelijk te maken dat een onherroepelijke veroordeling wegens een zeer ernstig misdrijf reeds bij een eerste veroordeling leidt tot intrekking". Als "eerste veroordeling" is bedoeld als "eerste veroordeling zonder dat die onherroepelijk is geworden" moet ik de motie ontraden. Als dat niet wordt bedoeld, is dit volgens mij de staande praktijk. We zouden misschien even goed moeten kijken wat er nu wordt bedoeld. De heer Diederik van Dijk (SGP): Ik wil hier zelf ook eventjes goed naar kijken, dus ik kom hierop terug. Minister Van den Brink: Oké. De voorzitter: Wat moeten we tot die tijd als appreciatie noteren? Minister Van den Brink: Zoals het er nu staat, is de motie ontraden. Maar ik denk dat we tekstueel misschien nog een heel eind kunnen komen. De motie op stuk nr. 3656 van de heer Ellian over de Westerwolde. Zeker, daar ga ik mee aan de slag. Die motie krijgt oordeel Kamer. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3656: oordeel Kamer. Minister Van den Brink: Bij de motie op stuk nr. 3657 van de heer Russcher verwijs ik naar wat ik net tegen de heer Vermeer heb gezegd. De WODC-rapportage blijft de wijze waarop we daarover rapporteren. Die motie moet ik dus ontraden. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3657: ontraden Minister Van den Brink: De motie op stuk nr. 3658 van de heer Russcher brengt mij ten opzichte van het Nidos een wettelijke taak met een voogdijrol. Dit is dus niet mogelijk. De heer Russcher vraagt ook om het gepleegde strafbare gedrag gevolgen te laten hebben voor het verblijfsrecht. Dat is niet de rol van het Nidos. Ik moet de motie op deze wijze ontraden. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3658: ontraden. Minister Van den Brink: Overigens vind ik allerlei andere dingen die er staan wél waar. Ik wil dat niet níét gezegd hebben. De motie op stuk nr. 3659 van de heren Ceulemans en Goudzwaard over de Zwolle-Emmenlijn. Als je het onderwerp hoort, denk je: dat is precies wat meneer Ellian net ook vroeg. Er zitten echter een paar slight differences in. Dat is allemaal Engels — dat moet je niet doen! De voorzitter: Wat is het in goed Nederlands? Minister Van den Brink: In goed Nederlands: er zitten net een paar kleine verschillen in, die in de praktijk heel groot zijn. Het gaat er met name om dat we binnen een maand toegang moeten krijgen tot de BVV en de SKDB. Daar is nog geen wettelijke grondslag voor. Daarnaast verzoekt de motie om binnen een maand aan te sluiten op een systeem dat alleen in een pilotfase in Rotterdam wordt gebruikt. Ik heb de heer Ellian toegezegd om dat ook in Zwolle-Emmen te gaan uitrollen. Deze zaken maken dat ik de motie moet ontraden. Voor de rest ga ik echter helemaal aan de slag met dit probleem. De voorzitter: Meneer Ceulemans, ik wilde het hierbij laten. De commissie heeft gereageerd op de vergelijkbare motie van Ellian. Het oordeel is "ontraden". U kunt uw eigen ... O, u heeft een inhoudelijke vraag? De heer Ceulemans (JA21): Het is een puur inhoudelijke vraag. Er wordt namelijk een verschil aangekaart. Ik heb contact gehad met betrokkenen, die zeggen dat dat RTIC echt makkelijk zou moeten kunnen binnen een maand. Voor die andere twee houden ze een slag om de arm. Dus wat als ik ervan zou maken RTIC binnen een maand en die andere twee indien mogelijk binnen een maand? Minister Van den Brink: Dit is geen onwil, maar laten we even contact houden richting de stemmingen. Mag dat? De voorzitter: Ja. U blijft in gesprek. Minister Van den Brink: Altijd. Als de heer Ceulemans mij vraagt om te komen, kom ik natuurlijk naar de Kamer. De voorzitter: Dan zijn we bij de motie op stuk nr. 3660. Minister Van den Brink: De motie op stuk nr. 3660 is van de heren Ceulemans en Boomsma en gaat over microdata. Daar is in augustus ook een hele schriftelijke ronde over geweest met de minister van EZK, die hierover gaat. Daar wil ik dus echt naar verwijzen. Die minister heeft de systeemverantwoordelijkheid voor het CBS en zij heeft geantwoord dat het niet kan en niet wenselijk is. Ik verwijs dus even naar de Kamervragen die hierover voorliggen en ik ontraad deze motie. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3660 wordt ontraden. Minister Van den Brink: De motie op stuk nr. 3661, van de heer Struijs, is vandaag de laatste motie op dit onderwerp. Mijn beeld is dat het Openbaar Ministerie waar mogelijk al snelrecht toepast, maar ik snap de oproep absoluut. Wij zijn bereid om dit instrumentarium bij alle betrokken partners voldoende op het netvlies te brengen, want ik ben het met de heer Struijs eens dat dit zeker zinvol is. Er gaat een belangrijk signaal van uit. Ik zeg dit alles natuurlijk met inachtneming van de positie van het OM. De heer Struijs weet dat en spreekt dat zelf ook altijd uit. We moeten even kijken naar de snelheid waarmee ik die cijfermatige zaken in beeld kan brengen, maar met die uitleg geef ik de motie oordeel Kamer. De voorzitter: De motie op stuk nr. 3661 krijgt oordeel Kamer. Ik wil naar het volgende tweeminutendebat, meneer Van Dijk. De heer Diederik van Dijk (SGP): Mag ik wel even terugkomen op die motie waar we zonet, in mijn ogen, enig misverstand over hadden? Ik moest daar even over nadenken. Is dat goed? De voorzitter: Ja, maar de vraag is of dat nu in het debat moet. Kan het misschien buiten het debat om, met een gewijzigde motie voordat we gaan stemmen? De heer Diederik van Dijk (SGP): Ik denk eerlijk gezegd dat er sprake is van een misverstand en dat de motie niet gewijzigd hoeft te worden. Als ik gewoon even een paar seconden mag gebruiken, beste voorzitter? De voorzitter: Zeker. De heer Diederik van Dijk (SGP): Ik denk dat het misverstand gaat over de woorden "eerste veroordeling". Het gaat dus over de eerste onherroepelijke veroordeling. Het kabinet wil nu dat u na twee onherroepelijke veroordelingen een verblijfsvergunning zou kunnen intrekken, terwijl deze motie zegt: maak het mogelijk — dus niet: schrijf het voor — om bij een eerste onherroepelijke veroordeling, et cetera. De voorzitter: De voorgestelde wijziging is dus het toevoegen van het woord "onherroepelijke" tussen de woorden "eerste" en "veroordeling". Minister Van den Brink: Deze vraag trekt een enorme doos van Pandora open, en dat helpt niet om kort te antwoorden. Ik ga u dus contacten, want ik hoor wat u zegt. Het is onderdeel van de glijdende schaal en het ziet op andere delicten. Maar we gaan hierover nog de diepte in. De voorzitter: Ja. Tot die tijd is de motie op stuk nr. 3655 dus ontraden. Minister Van den Brink: Ja. Mag ik dan aan mevrouw Straatman nog toezeggen dat ik aan de slag ga met de inschrijfverplichting, om te kijken of daar mogelijkheden voor zijn? Aan de heer Van Asten wil ik nog zeggen dat een steunverzoek nu niet nodig is om met Defensie tot locaties te komen. We zijn gewoon met Defensie in gesprek op dat onderwerp. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter: Ook over deze moties gaan we stemmen op dinsdag 13 oktober.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 3eae75fe6a4623c6

12 okt 2026 · 83a106b47c2afc8d

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.