KamerkringInloggen
Kamerbrief

SLOA internationalisering 2027-2028

19 mei 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 6519bf27739eed0b · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 VIIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Onderwijs, Cultuur enWetenschap (VIII) voor het jaar 2026Nr. 150 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR ENWETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 19 mei 2026Op grond van de Wet Subsidiëring Landelijke OnderwijsondersteunendeActiviteiten 2013 (Wet SLOA 2013)1 wordt eenmaal per twee jaar eenkaderbrief SLOA internationalisering bekendgemaakt. Hierin worden dekaders gegeven voor de invulling van de wettelijke taken die de StichtingNuffic en Neth-ER hebben op grond van de Wet SLOA 2013. Voor Nufficgaat het met name over taken die betrekking hebben op het hogerberoepsonderwijs (hbo) en wetenschappelijk onderwijs (wo), maar oponderdelen raken de taken ook het funderend onderwijs en middelbaarberoepsonderwijs (mbo). In het geval van Neth-ER betreffen het activi-teiten op het gebied van mbo, hbo, wo en onderzoek. Beide organisatieskunnen met oog op deze taken jaarlijks instellingssubsidie aanvragen bijOCW.Deze kaderbrief geldt voor de jaren 2027 en 2028 en wordt nadergeoperationaliseerd in jaarlijkse startbrieven die Nuffic en Neth-ERseparaat van mij ontvangen.NufficInternationalisering van het onderwijs is erop gericht leerlingen enstudenten in Nederland meer internationaal competent te maken door hetversterken van internationale dimensies in het onderwijs. Als internationa-lisering met zorg wordt geïmplementeerd, kan het op verschillendemanieren van toegevoegde waarde zijn voor de leerling, student, docent,de instelling en daarmee voor de Nederlandse maatschappij. Daarbij gaathet bijvoorbeeld om het ontwikkelen van internationale vaardigheden.Ook kan sprake zijn van inhoudelijke verrijking door kennis van elders opte doen, in Nederland of in het buitenland. Door internationale samenwer-1(Kamerstuk 33 558) kst-36800-VIII-150ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1501 kingsverbanden aan te gaan versterken we het Nederlandse hbo- enwo-onderwijs. Het kabinet ziet bijvoorbeeld internationaal georiënteerdembo-studenten als noodzakelijk voor de uitdagingen van de arbeidsmarktvan nu en de nieuwe beroepen van de toekomst.Ter ondersteuning van internationalisering kunnen verschillende middelenworden ingezet. Vaak is dat een buitenlandervaring. Het beleid heeft hetdoel belemmeringen die leerlingen, studenten en docenten kunnenervaren bij het kiezen voor een fysieke leermobiliteitservaring te minimali-seren. Voor diegenen die, om welke redenen dan ook, er niet voor kiezenom buitenlandervaring op te doen, is het nog steeds relevant ominternationaal competent te worden. Voor hen dienen andere middelenvan internationalisering, zoals internationalisation at home, ook volopbeschikbaar te zijn. Voor onderwijsinstellingen, studenten en overheden ishet daarbij van belang dat actuele en betrouwbare kennis en informatieover internationalisering breed beschikbaar is.Hoewel internationalisering ook een keerzijde kan hebben, zoals bijvoor-beeld druk op de onderwijskwaliteit en de huizenmarkt, is de interna-tionale dimensie van het Nederlandse vervolgonderwijs van grote waardevoor de Nederlandse kenniseconomie en maatschappij, het onderwijs ende wetenschap. De afweging tussen positieve en negatieve effecten vaninternationalisering komt in het bijzonder tot uiting in de inkomendediplomamobiliteit. We willen open staan voor internationaal talent zonderdat de Nederlandse hogescholen en universiteiten en de Nederlandsemaatschappij onnodig onder druk komen te staan. Vandaar dat in hetCoalitieakkoord 2026–2030 is opgenomen dat het voor de Nederlandsekenniseconomie van belang is dat internationaal talent gericht wordtaangetrokken en behouden voor de arbeidsmarkt en de wetenschap. Hetgaat om gerichte werving voor sectoren waar de maatschappelijkeopgaven het meest urgent zijn en waarmee regionale kennis- en innovatieecosystemen behouden blijven. Dit alles vraagt ook dat wij ons bewustzijn van de belangen en overwegingen van de landen van herkomst vandit talent. Waar mogelijk trekken we in partnerschap met deze landen op.Het bovenstaande geldt als de context waarbinnen Nuffic haar wettelijketaken moet verrichten.Kader voor NufficOnder de wet SLOA is Nuffic aangewezen als het nationaal informatie-centrum zoals bedoeld in de Lissabon Erkenningsconventie en heeftNuffic het lidmaatschap van het Europees netwerk van NationaleInformatie Centra (ENIC) en het netwerk van National Academic Recog-nition and Information Centres (NARIC). Daarnaast heeft Nuffic de taakvan het zijn van kennis- en expertisecentrum op het gebied van internatio-nalisering in het onderwijs. Daaronder is het verantwoordelijk voordiplomawaardering en onderwijsvergelijking, het publiekelijk beschikbaarstellen van informatie omtrent internationalisering en het daartoeverrichten van onderzoek, het ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten terbevordering van de internationalisering in het onderwijs en onderzoek enhet adviseren bij beurzenprogramma’s. Hieronder worden de takentoegelicht.De rol van Nationaal informatiecentrum op grond van de LissabonErkenningsconventie en het lidmaatschap van de ENIC-NARIC-netwerkenOp grond van de Lissabon Erkenningsconventie bestaat de taak van hetnationaal informatiecentrum uit het faciliteren van de toegang totauthentieke en accurate informatie over het hbo- en wo-onderwijsstelselTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1502 van Nederland en van andere Verdragspartijen. Daarnaast heeft hetnationaal informatiecentrum de taak om te adviseren en informeren metbetrekking tot de erkenning en het beoordelen van kwalificaties, inovereenstemming met de nationale wet- en regelgeving.Het nationaal informatiecentrum neemt tevens deel aan ENIC en NARIC.Deze twee netwerken worden in Nederland gecombineerd uitgevoerd(ENIC-NARIC) en spelen een rol in het signaleren en oplossen vanknelpunten rondom de erkenning van diploma’s.De rol van kennis- en expertisecentrum op het gebied van internationali-seringHet kennis- en expertisecentrum focust zich op internationalisering in hetonderwijs in den brede, met speciale aandacht voor het ontwikkelen vaninternationale competenties en de mobiliteit van leerlingen, studenten,onderzoekers en medewerkers in het onderwijs. Om duurzaam te kunnenfungeren als kennis- en expertisecentrum is het van het belang dat Nuffichaar kennis op peil houdt. Daarvoor kan Nuffic op eigen initiatief enzonder gerichte opdracht van OCW bijvoorbeeld onderzoek doen, kennis,feiten en cijfers verzamelen en trends in beeld brengen. Op basis daarvanadviseert Nuffic de overheid en onderwijsinstellingen over internationali-sering.Diplomawaardering en onderwijsvergelijkingDiplomawaardering2 ten behoeve van hbo- en wo-instellingenDit betreft de taak om hbo- en wo-instellingen desgevraagd te adviserenomtrent de waarde en authenticiteit van in het buitenland behaaldediploma’s ten behoeve van de toelating tot het hoger onderwijs. Hetinstellingsbestuur van de hbo- of wo-instelling beoordeelt of een studentop basis van een in het buitenland verworven diploma toegelaten kanworden tot de betreffende opleiding. Het advies van het kennis- enexpertisecentrum kan als ondersteuning dienen voor het besluit van hetinstellingsbestuur om een student al dan niet toe te laten.Waarderen van onderwijsdocumenten ten behoeve van titelerkenningDegene die in een ander land een graad verwerft, kan OCW verzoeken omtoestemming te verlenen de Nederlandse titulatuur te voeren en in deeigen naamsvermelding tot uitdrukking te brengen. DUO behandelt dezeverzoeken. Bij de beoordeling van een dergelijk verzoek adviseert Nufficdesgevraagd of het onderwijsdocument of de opleiding in het buitenlandvergelijkbaar is met een Nederlandse opleiding.Onderwijsvergelijking in het kader van meeneembare studiefinancieringBesluiten omtrent de meeneembaarheid van de studiefinanciering vooreen ho-opleiding in het buitenland worden genomen door DUO. DUObeschikt niet altijd over de specifieke kennis en expertise met betrekkingtot het vergelijken van individuele buitenlandse opleidingen met eenNederlandse opleiding. Om die reden is het van belang dat Nuffic opverzoek van DUO advies kan uitbrengen over de vergelijkbaarheid van eenopleiding.2Hierbij wordt uitgegaan van een brede definitie, namelijk buitenlandse getuigschriften, zoalsdiploma’s.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1503 Het publiekelijk beschikbaar stellen van informatie omtrent internationali-seringOm iedere leerling, student, onderzoeker en medewerker in het onderwijsinternationale competenties te kunnen laten opdoen is het van belang datNuffic als kennis- en expertisecentrum kennis ontwikkelt en beschikbareinformatie over internationalisering deelt met en verspreidt onderbelanghebbende partijen in Nederland. Dit geldt voor alle onderwijssec-toren. Actuele informatie, kennis en data zijn een belangrijke basis vooronderwijsinstellingen en de overheid bij het vormen en doorontwikkelenvan hun beleid. Nuffic voert zelfstandig praktijkgericht onderzoek uit terversterking van haar eigen kennisfunctie en om de impact van internatio-nalisering inzichtelijk en meetbaar te maken. Daarnaast brengt Nuffictrends en ontwikkelingen in kaart en adviseert de overheid en onderwijs-instellingen over internationalisering.Het is daarnaast van groot belang dat informatie over internationaleervaringen en meer specifiek mobiliteit ook beschikbaar is voor leerlingen,studenten, docenten en onderzoekers. Brede informatievoorziening aandeze doelgroepen zorgt ervoor dat zij goed geïnformeerde keuzes kunnenmaken over het opdoen van internationale ervaring en internationalecompetenties binnen het onderwijs.Het ontwikkelen en uitvoeren van overige activiteiten ter bevordering vanhet verwerven van internationale competentiesInternationalisering helpt Nederlandse studenten bij het opdoen vaninternationale en interculturele competenties, het meest direct doormiddel van studiepunt- of diplomamobiliteit. Het is van belang dat demogelijkheden voor het opdoen van internationale competenties voor allestudenten toegankelijk zijn en dat belemmeringen voor mobiliteit zo veelmogelijk worden weggenomen. Het bevorderen van de internationalemobiliteit van Nederlandse leerlingen, studenten en ook docenten enonderzoekers is daarom een taak die aan Nuffic wordt toevertrouwd. Datkan bijvoorbeeld middels eTwinning, een Europese community voorscholen en onderwijsinstellingen die een online samenwerking willenopzetten met leerkrachten en docenten uit andere landen. Het programmais gericht op leerkrachten, docenten en andere onderwijsprofessionals invroegschoolse educatie, het primair onderwijs, voortgezet onderwijs enmiddelbaar beroepsonderwijs. Onder deze taak valt ook de deelname aande werkgroep Graz (Talenlabel/ECML), deelname aan en coördinatie vande activiteiten van Euraxess in Nederland en het uitvoeren van bilateraleprogramma’s.Adviseren bij beurzenprogramma’sOCW stelt beurzen beschikbaar die de internationalisering bevorderen enbeschikt niet in alle gevallen over de benodigde kennis en expertise ombeursaanvragen te beoordelen. Nuffic heeft die kennis wel en geeft daarbij specifieke programma’s advies aan OCW over het toekennen vanuitgaande beurzen. In 2027 en 2028 gaat het om de uitgaande beurzen vanhet Cultureel Verdrag en het Europees Universitair Instituut.Neth-ERDe Europese Unie heeft verschillende (subsidie)programma’s eninitiatieven die waardevol kunnen zijn voor het Nederlandse kennisveld.Het is van belang dat het Nederlandse kennisveld optimaal op de hoogteis van deze Europese programma’s en initiatieven zodat het kennisveld erzijn voordeel mee kan doen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1504 Kader voor Neth-EROp basis van de wet SLOA is Neth-ER een kennismakelaar voor hetNederlandse kennisveld. Neth-ER voorziet het Nederlandse kennisveldvan informatie over ontwikkelingen met betrekking tot het beleid van deEuropese Unie op het gebied van onderwijs en onderzoek. Deze informa-tievoorziening dient ervoor te zorgen dat het Nederlandse kennisveld demogelijkheden die vanuit de Europese Unie geboden worden optimaalkan benutten. Dit draagt bij aan het vergroten van de Nederlandseparticipatie in de Europese programma’s en ondersteunt het behalen vannationale beleidsdoelstellingen. Bij het uitvoeren van deze wettelijke taakvan Neth-ER is het van belang dat de activiteiten en inzet ten behoeve vande subsidie die Neth-ER van OCW ontvangt gescheiden blijven van deactiviteiten die Neth-ER voor haar leden uitvoert. De activiteiten voor deleden vallen namelijk niet onder de wettelijke taak van Neth-ER.Het is van belang dat alle sectoren van het kennisveld evenveel wordenmeegenomen, zowel het wetenschapsveld als de instellingen van hetmiddelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs. In het weten-schapsveld betreft dit vooral Horizon Europe en het volgende kaderpro-gramma (KP10) en de Europese Onderzoeksruimte. Op het gebied van hetmbo en het volwassenonderwijs is dat o.a. de Vaardigheidsunie of deCentres of Vocational Excellence. Voor het hbo en wo is gebalanceerdestudentenmobiliteit een belangrijk onderwerp, net als de EuropeseUniversiteiten Alliantie en Europese hoger onderwijs samenwerking.Verder is de sectoroverstijgende inzet op thema’s van belang, zoals hetMeerjarig Financieel Kader 2028–2034, Erasmus+, de Europese onderwijs-ruimte, digitalisering, inclusie en diversiteit, flexibilisering en strategischeautonomie en kennisveiligheid.Budgettaire kaders•Voor Nuffic is zowel in 2027 als in 2028 een bedrag van maximaal€ 11.621.000,00 beschikbaar, bestemd voor de hierboven genoemdeactiviteiten.•Voor Neth-ER is zowel in 2027 als in 2028 een bedrag van maximaal€ 686.000,00 beschikbaar, bestemd voor de hierboven genoemdeactiviteiten.De genoemde Rijksbijdrage komt ten laste van een begroting die nog nietis vastgesteld. Er kunnen derhalve geen rechten aan worden ontleend. Hetbetreffen bedragen die ten hoogste beschikbaar kunnen worden gesteldten behoeve van de hier genoemde taken.De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,R.M. LetschertTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1505

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · b646b554c1f212fd

14 okt 2026 · 42eefa3d8d9ab022

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.