Voortgang toezeggingen gedaan tijdens het debat over de maatregelen tegen de hoge energie- en brandstofprijzen, naar aanleiding van de situatie in het Midden-Oosten
Brontekst
Versie 81e6f4805dc96113 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 933Noodpakket energie, mobiliteit en economieNr. 46 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 7 juli 2026Op 22 april 2026 vond een Kamerdebat plaats over de maatregelen tegende hoge energie- en brandstofprijzen, naar aanleiding van de situatie inhet Midden-Oosten. Aan het lid Bontenbal is toegezegd om te bekijken ofhandelingskaders kunnen worden opgesteld voor sectoren die wordengeraakt door de huidige prijsstijgingen. De Minister van EZK zegde toe datIenW in gesprek zou gaan met de sectoren die werken in overheids-opdracht. Hierbij zijn de bouw, grondverzet, doelgroepenvervoer enprovinciaal personenvervoer als voorbeeld genoemd. Met deze briefinformeer ik u, conform de toezegging, over de voortgang.Sectoren ervaren prijsstijgingenVerschillende sectoren die werken in overheidsopdracht vragen omduidelijkheid over de voorwaarden bij de uitvoering, nu zij geconfronteerdworden met hogere brandstofprijzen. Het Rijk ontvangt (contractuele)waarschuwingsbrieven van opdrachtnemers. Daarnaast wijst met namehet mkb op een toenemende liquiditeitsdruk door de situatie in hetMidden-Oosten. De bedrijven benadrukken dat dit niet op zichzelf staat,want geopolitieke ontwikkelingen zorgen al langer voor aanhoudendeonzekerheid, schommelende energieprijzen en mogelijke materiaal-schaarste.Een handelingskader als instrument om door te blijven werken enbouwenSectoren roepen opdrachtgevers op tot tijdige en voorspelbare besluit-vorming om projecten door te kunnen laten gaan. Een handelingskaderkan hiervoor een middel zijn. Het kabinet ziet een handelingskader als eengezamenlijk vastgesteld kader met praktische handvatten, dat overheden,uitvoeringsorganisaties en marktpartijen houvast biedt tijdens majeureveranderingen om onvoorziene excessieve risico’s te adresseren. Eenhandelingskader helpt om bestaande afspraken te verduidelijken. Het kst-36933-46ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 933, nr. 461 biedt zo een startpunt voor verdere uitwerking en/of toepassing in eenspecifieke situatie, zonder dat opdrachtgever en opdrachtnemer voor elkcontract de voorwaarden uit moeten zoeken.Het doel van het kader is dat gezonde bedrijven niet onnodig in deproblemen komen. Dit voorkomt een verstoring van projecten, dienstver-lening en de markt. We kunnen zo verder blijven bouwen en werken aande belangrijke opgaven waar Nederland op dit moment voor staat.Financiële gevolgenHet handelingskader is, zoals hiervoor beschreven, een verduidelijkendinstrument en heeft geen directe financiële impact. Ook zonder hande-lingskader zijn er namelijk verplichtingen naar opdrachtnemers bijonvoorziene, excessieve kostenstijgingen. Veel contracten bevattenclausules over hoe om te gaan met excessieve kostenstijgingen. Vooreventuele claims die hieruit volgen is nog géén financiële dekkingvoorzien. Het kabinet blijft in gesprek met de sector over de omvang enimpact van de prijsstijgingen als gevolg van de situatie in hetMidden-Oosten.ProcesIenW zal deze zomer samen met andere departementen, uitvoering ensectorpartijen een handelingskader opstellen voor de bouw, infra,grondverzet en (een deel van) het personenvervoer die in opdracht van deoverheid werken. Het streven is om een integraal handelingskader op testellen dat per branche kan worden toegepast, met respect voor deverschillen tussen sectoren en de verantwoordelijkheden van de indivi-duele stakeholders. De inzet is om dit handelingskader uiterlijk in hetnajaar van 2026 vast te stellen.Tot slotHet opvangen van onvoorziene excessieve prijsstijgingen geldt als eenkortetermijnoplossing. Het gebruik van fossiele brandstoffen brengt eengrote gevoeligheid voor prijsstijgingen met zich mee. Zoals beschreven inde Kamerbrief van 20 april jl.1, ziet het kabinet als langetermijnperspectiefom weerbaarder te worden door de afbouw van de afhankelijkheid vanfossiele brandstoffen. Deze aanpak zet het kabinet onverminderd voort.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,V.P.G. Karremans1Kamerstukken II, 2025–2026, 36 933 nr. 1Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 933, nr. 462
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.