KamerkringInloggen
Kamerstuk

Debat naar aanleiding van een verzamel algemeen overleg op 22 juni 2011 over energie

29 jun 2011 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie eac6162730e57341 · officiële bron

Tweede KamerEnergie 29 juni 2011TK 9999-2-22EnergieAan de orde is het debat naar aanleiding van een verza-mel algemeen overleg op 22 juni 2011 over energie.De voorzitter:Voor de goede orde: er is sprake van het kerstregime. Dathoudt in dat alleen moties mogen worden ingediend endat er geen gelegenheid bestaat om te interrumperen oftot het geven van verdere toelichting.De heer Paulus Jansen (SP):Voorzitter. Ik beperk mij tot het indienen van twee moties.De ene is van eigen hand en de andere dien ik in namensmevrouw Van Tongeren.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat de voorzieningszekerheid voor gebrui-kers van gasnetten essentieel is, zowel voor gebruikersvan gasnetten voor laagcalorisch (G-gas) als hoogcalo-risch gas (H-gas);constaterende dat volgens diverse onderzoekers voor G-gas minimaal tien jaar en voor H-gas minimaal vijf jaarnodig is om de veiligheid van burgers, werknemers, pro-ducenten en installateurs tegen minimale maatschappelij-ke kosten te borgen;overwegende dat voor een optimale inzet van investerin-gen in gas verbruikende toestellen het wenselijk is datsnel duidelijkheid geboden wordt over de bandbreedtevan toepassingskwaliteitsparameters voor de langere ter-mijn (na de overgangsperiode);van mening dat bij een verandering van gaskwaliteit eenredelijke overgangstermijn in acht moet worden geno-men;verzoekt de regering, te borgen dat de overgangstermijnvoor verandering van de H-gaskwaliteit minimaal vijf jaarbedraagt vanaf publicatie van de regeling;verzoekt de regering, in of bij ministeriële regeling debandbreedte voor de toepassingskwaliteitsparameters(PE-getal, methaangetal, snelheid van verandering gassa-menstelling) voor H-gas alsook G-gas vast te leggen voorde periode vanaf de overgangstermijn;verzoekt de regering tevens, afnemers van gas en produ-centen van gas verbruikende installaties en installateurste betrekken bij het opstellen van deze ministeriële rege-ling en deze te bepalen voor 1 januari 2012,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Paulus Jansen.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 92 (29023).De heer Paulus Jansen (SP):Voorzitter. De volgende motie dien ik in namens mevrouwTongeren, omdat zij het VAO niet kan bijwonen.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat particulieren die zelf elektriciteit opwek-ken hun zelf opgewekte elektriciteit kunnen laten salderenachter de eigen elektriciteitsmeter;overwegende dat particulieren die zich verenigen in eenvereniging van eigenaren en gezamenlijk elektriciteit op-wekken, deze elektriciteit niet kunnen laten salderen methet eigen verbruik;verzoekt de regering, met voorstellen te komen om vere-nigingen van eigenaren in staat te stellen zelf opgewekteelektriciteit te laten salderen met het elektriciteitsverbruikvan de leden van de vereniging van eigenaren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Paulus Jansen,Van Tongeren en Samsom. Naar mij blijkt, wordt de indie-ning ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 93 (29023).De heer Van Vliet (PVV):Voorzitter. Ik dien de volgende motie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat de minister van EL&I zich beraadt op devervreemding van een minderheidsbelang in het staats-bedrijf TenneT Holding BV;overwegende dat deze vervreemding volgens de ministervoldoende middelen moet opleveren voor de noodzake-lijke investeringen in de Nederlandse transportcapaciteitvan stroom;overwegende dat de Staat in 2011 TenneT Holding BV ookal herkapitaliseert voor een bedrag van 600 mln., met bij-behorende rentelasten voor de burger als gevolg;overwegende dat TenneT onlangs voor 1 mld. een Duitsnetwerk heeft gekocht; Van VlietTweede KamerEnergie 29 juni 2011TK 9999-2-3constaterende dat TenneT blijkbaar over voldoende leen-capaciteit op de financiële markten beschikt, maar dezecapaciteit niet benut voor de noodzakelijke investeringenin het Nederlandse net;verzoekt de regering, erop toe te zien dat TenneT publie-ke middelen uitsluitend benut voor noodzakelijke investe-ringen in het Nederlandse net, ook na een eventuele ge-deeltelijke privatisering en voorts om de rentelasten op deherkapitalisering van 600 mln. volledig op TenneT te ver-halen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Van Vliet. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 94 (29023).Mevrouw Van Veldhoven (D66):Voorzitter. Ik dien de volgende vier moties in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat financiële en fiscale regelingen tengunste van het energiegebruik van specifieke gebruikers-groepen leiden tot gederfde belastinginkomsten en eenlage prikkel tot energiebesparing of vergroening;overwegende dat het afbouwen van dergelijke regelingenleidt tot een consistentere afweging van de kosten en ba-ten van energiegebruik;verzoekt de regering, bij het Belastingplan 2012 te komenmet voorstellen om deze op lastenneutrale wijze af tebouwen;verzoekt de regering tevens, in de tussentijd over de prak-tische inpassing van dergelijke maatregelen actief het ge-sprek aan te gaan met de relevante Europese en internati-onale verdragspartners,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Van Veldhoven.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 95 (29023).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de Europese Raad heeft afgesprokenom per 2050 beperkingen van 80%-95% in de uitstoot vanCO2 te realiseren;constaterende dat de regering in het Energierapport alsactiepunt het verbeteren van de werking van het ETS-sys-teem heeft benoemd, inclusief het vastleggen van CO2-doelstellingen na 2020;overwegende dat er momenteel in Europees verband dis-cussie is over eventuele tussendoelstellingen voor beper-kingen in de uitstoot van CO2 per 2030 en 2040;van mening dat het stellen van tussendoelstellingen voor2030 en 2040 onzekerheid wegneemt voor de onderne-mers, de kapitaalverstrekkers en de gevestigde bedrijvendie nu alleen weten welke doelstellingen in 2020 en 2050gelden;verzoekt de regering, in Europees verband actief steun uitte spreken voor tussendoelstellingen voor 2030 en 2040,waarvan de hoogte wordt bepaald met het oog op het opeen kostenefficiënte wijze realiseren van de transitie naarde voor 2050 afgesproken CO2-doelstellingen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Van Veldhovenen Wiegman-van Meppelen Scheppink. Naar mij blijkt,wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 96 (29023).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat energiebesparing en energie-efficiëntievolgens het onderzoek van de Europese Commissie naareen koolstofarme economie een zeer grote bijdrage kun-nen leveren aan het verminderen van de CO2-uitstoot;overwegende dat het verbeteren van de energie-efficiën-tie een impuls is voor innovatie;van mening dat het stellen van een resultaatverplichtingvoor energiebesparing voor de non-ETS-sectoren een po-sitief signaal stuurt naar de ondernemers en bedrijvenaan wie gevraagd wordt hun energie-efficiëntie te verbe-teren;verzoekt de regering, in overleg met het bedrijfsleven eenNederlandse doelstelling voor energiebesparing voor denon-ETS-sectoren te formuleren voor de jaren 2010–2020,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Van Veldhovenen Wiegman-van Meppelen Scheppink. Naar mij blijkt,wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 97 (29023). Van VeldhovenTweede KamerEnergie 29 juni 2011TK 9999-2-4MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de regering streeft naar een Europe-se markt voor schone energie en daarbij alle opties voorschone energie open wil houden;constaterende dat dit kabinet in de toekomst een grotererol voor offshorewindenergie ziet en dat de Nederlandseoffshore-industrie daarin een belangrijke rol kan spelen;overwegende dat de ondiepe Nederlandse kustwateren,in Europees perspectief, uitstekende en relatief goedkoopte ontwikkelen locaties bieden voor offshorewindenergie,waarvan vele reeds zijn voorzien van een vergunning;overwegende dat de Nederlandse offshoresector ideeënontwikkelt om offshorewindenergie en interconnectie ge-zamenlijk te ontwikkelen;verzoekt de regering, met de regering van het VerenigdKoninkrijk te onderzoeken of de exclusieve economischezones van beide landen wettelijk opengesteld kunnenworden voor de realisatie over en weer van duurzameenergieprojecten door het andere land;verzoekt de regering tevens, met het Verenigd Konink-rijk gezamenlijke doelen voor de productie van duurzameenergie op de Noordzee te ontwikkelen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Van Veldhovenen Wiegman-van Meppelen Scheppink. Naar mij blijkt,wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 98 (29023).Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink(ChristenUnie):Voorzitter. Ik dien de volgende moties in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat het budget van de stimuleringsregelingduurzame warmte niet is vrijgegeven in 2011;overwegende dat de markt voor zonneboilers, warmte-pompen en HRe-ketels financiële schade ondervindt, om-dat de honderden aanvragen bij Agentschap NL voor deregeling duurzame warmte niet worden toegezegd endaardoor investeringen achterwege blijven;van mening dat langer uitstel van het vrijgeven van hetbudget en daarmee stilstand in de markt schadelijk isvoor bedrijven en werkgelegenheid en voor het ontwikke-len van duurzame energietechnieken;verzoekt de regering, oplossingen aan te dragen voor deproblemen in de markt voor zonneboilers, warmtepom-pen en HRe-ketels en binnen twee weken duidelijkheid tegeven aan de sector,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Wiegman-vanMeppelen Scheppink en Van Veldhoven. Naar mij blijkt,wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 99 (29023).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat noch elektriciteitsproducenten, nochbuitenlandse afnemers bijdragen aan de kosten van deomvangrijke verzwaringen van de Nederlandse netten dienoodzakelijk zijn voor het transporteren van de geprodu-ceerde elektriciteit;constaterende dat daardoor de kostenbesparingen ten ge-volge van locatievoordelen in Nederland toevloeien aanelektriciteitsproducenten en buitenlandse afnemers, ter-wijl Nederlandse afnemers de netinvesteringen moetenbekostigen, hetgeen een ongewenste lastenverzwaring totgevolg heeft;constaterende dat artikel 7 van bijlage A van de Tarieven-Code bepaalt dat aangeslotenen met een gewenste aan-sluitcapaciteit van meer dan 10 MVA worden aangeslotenop "het dichtstbijzijnde punt in het net van de netbeheer-der waar voldoende capaciteit beschikbaar is";verzoekt de regering, de netbeheerders te verplichten on-verwijld over te gaan tot toepassing van artikel 7 van bij-lage A van de TarievenCode,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Wiegman-vanMeppelen Scheppink. Naar mij blijkt, wordt de indieningervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 100 (29023).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat Nederland netto-exporteur wordt vanelektriciteit, maar dat buitenlandse afnemers niet bijdra-gen aan de kosten van netverzwaringen; Wiegman-van Meppelen ScheppinkTweede KamerEnergie 29 juni 2011TK 9999-2-5constaterende dat het wettelijke Landelijk Uniform Pro-ducententarief (LUP) op 0% staat en dat Nederlandse bur-gers en bedrijven daardoor grotendeels de kosten vannetverzwaring en -uitbreiding betalen;overwegende dat het kabinet in het Energierapport 2011aankondigt op korte termijn de mogelijkheden te verken-nen om een evenredige toerekening van de kosten van in-frastructuur tussen afnemers en producenten in te voe-ren;verzoekt de regering, de effecten te onderzoeken van deverhoging van het LUP op de elektriciteitsprijs, investe-ringsprikkels, verduurzaming van de energieproductie endecentrale energieopwekking,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Wiegman-vanMeppelen Scheppink. Naar mij blijkt, wordt de indieningervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 101 (29023).Het woord is aan mevrouw Verburg van de CDA-frac-tie. Zij zal haar laatste motie indienen; een historisch mo-ment.Mevrouw Verburg (CDA):Mevrouw de voorzitter. Zo voelt het eerlijk gezegd ookeen beetje.Ik vind dat de minister voortvarend aan de slag is methet energiedossier, energiezekerheid en verduurzamingvan energie. Daarom dien ik mede namens drie collega'séén motie in. De motie is meeondertekend door collega'sLeegte, Samsom en Van Veldhoven.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat zowel spelers in de energiesector alsde regering willen komen tot een bindende afspraak overduurzame biomassabijstook voor kolencentrales;voorts overwegende dat zowel spelers in de energiesectorals de regering bereid zijn tot overleg over afspraken in-zake een zelfbindende "leveranciersverplichting", waarbijongewenste effecten zoals windfallprofits, extra bureau-cratie en nalevingskosten et cetera worden voorkomen,zodat de doelstelling van 14% duurzame energie in 2020kan worden gehaald en tevens een doorkijk wordt gege-ven naar de doelen van 2050;van oordeel dat een EU-gelijk speelveld van belang is, zo-dat de Nederlandse energiesector een internationaal ster-ke speler kan blijven;verzoekt de regering om met de verantwoordelijke spe-lers in de sector te komen tot een energietransitieakkoord,waarin slim en slank afspraken worden gemaakt over zo-wel duurzame biomassabijstook als een zelfbindende "le-veranciersverplichting", waardoor verduurzamingsdoelenin 2020 op kosteneffectieve wijze worden gehaald en te-vens een doorkijk wordt gegeven voor het halen van dedoelen in 2050;verzoekt de regering, de Kamer hierover voor Prinsjesdagte informeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Verburg, Leegte,Samsom en Van Veldhoven. Naar mij blijkt, wordt de in-diening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 102 (29023).Dank u wel, mevrouw Verburg.Mevrouw Verburg (CDA):Dank u wel, mevrouw de voorzitter.(geroffel op de bankjes)De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.Minister Verhagen:Mevrouw de voorzitter. Ik ben blij dat ik getuige heb mo-gen zijn van het laatste optreden van mevrouw Verburgin deze Kamer ondanks het feit dat zij gisteren officieel af-scheid genomen heeft. Ik was ook bij haar eerste optre-den en ben daarom zeer verheugd dat ik ook bij haar laat-ste optreden heb mogen zijn. Ik wens haar uiteraard eenzeer succesvolle periode toe in haar nieuwe werkzame le-ven.Ik kom nu bij de moties en allereerst bij de motie opstuk nr. 1 van de heer Jansen over de samenstelling vanhet hoogcalorisch gas. Er worden drie onderwerpen be-handeld. Het eerste betreft de transitieperiode. Ik ben hetabsoluut met de heer Jansen eens dat er bij het hoogcalo-risch gas een zorgvuldige transitie moet komen naar eenbredere samenstelling. Dat is de reden waarom ik KEMA,Kiwa, Arcade en het Projectbureau Nieuw Aardgas veelonderzoek hebben laten doen. KEMA en Kiwa zeggen datin theorie een transitieperiode van vijf jaar geregeld moetworden om de gebruikers maximaal comfort te geven.Het Projectbureau Nieuw Aardgas heeft met alle gebrui-kers gesproken en komt tot de conclusie dat vijf jaar nietnodig is. Daarom heb ik besloten de periode te verlen-gen tot eind 2012, met daarna de optie om steeds met eenjaar te verlengen. Dat zou in theorie vijf jaar kunnen zijn.Het gaat erom dat iedere keer wordt bekeken wat nodigis om een verantwoorde en een maximaal comfort bie-dende transitie mogelijk te maken. Juist gelet op de dui-delijke stellingname van het Projectbureau Nieuw Aard-gas dat alle gebruikers heeft gesproken, wil ik het per jaarbekijken. Elk jaar dat de transitie langer loopt, kost Neder-land geld, door onder andere H en G te weren gassen on-nodig te behandelen, met name door de samenstelling teveranderen. Ik denk dat vijf jaar niet nodig is, maar ik sluitniet uit dat het in theorie wel vijf jaar kan worden omdater ieder jaar kan worden verlengd.Voor H-gas, dus voor de grootverbruikers, is de samen-stelling al duidelijk. De Wobbe-index krijgt een boven-grens van 55,7 megajoule per m3. Als wij daarbij de in demotie genoemde parameters betrekken, beperkt dat de VerhagenTweede KamerEnergie 29 juni 2011TK 9999-2-6markt onnodig. Wat nu is vastgelegd, is noodzakelijk omeen goede transitie mogelijk te maken. Als er nog meerwordt toegevoegd, zullen de gasexporteurs Nederlandmijden en dat staat haaks op de doelstelling om gasroton-de te zijn. De tijdelijke grenzen die wij nu voor de transitiehebben vastgesteld, zijn ook al slecht ontvangen.Inzake de G-gas samenstelling hebben wij de Kameral eerder geïnformeerd dat wij dat doen met alle betrok-ken partijen. Ik heb hiervoor tien jaar vastgelegd zoals deKamer dat wenst. Omdat het goed geregeld is, is het nietnodig dat er een ministeriële regeling komt.Ik zeg de Kamer toe constant in gesprek te blijven metde sector, ook de door de heer Jansen genoemde groe-pen waren en zijn welkom in het hele traject.Voorzitter. Ik ontraad de motie omdat die een aantalelementen bevat die ik al uitvoer en omdat er onnodigebelemmeringen worden opgeworpen.De voorzitter:Ik verzoek de minister om de moties zo kort mogelijk vancommentaar te voorzien. Er heeft een uitgebreid AO overdit onderwerp plaatsgevonden en de woordvoerders voorhet volgende debat staan al klaar.Minister Verhagen:Ik doe mijn best, voorzitter, maar er waren zes woordvoer-ders.Motie nr. 2 is ingediend door mevrouw Van Tongeren,de heer Jansen en de heer Samsom. Ik zie de ongelijkheidtussen woningen en VvE's. Ik zal dat punt meenemen inde green deal. Dat heb ik al eerder toegezegd. Ik laat hetoordeel over de motie aan de Kamer, maar ik zie haar alseen ondersteuning van wat ik al voor ogen heb.Motie 3 van de heer Van Vliet gaat over private aan-deelhouders bij TenneT en Gasunie. Financiering is mijninzet. Activiteiten in het buitenland en de resultaten daar-van zijn afgeschermd van doorberekening in de tarievenvan Nederlandse gebruikers van het net. Er ligt een duide-lijke grens. De Nederlandse publieke middelen zijn voorhet Nederlandse net. De heer Van Vliet heeft mij in het al-gemeen overleg een vraag gesteld over de invloed vande Duitse acquisitie op de balans van TenneT en die vande minister van Financiën. Ik begrijp dat daarvan geen in-vloed uitgaat op de 600 mln. bijstorting. Dat staat op zich-zelf en het terughalen van de rentelasten is dus niet aande orde. Daarom ontraad ik de motie.Dan kom ik bij de motie van mevrouw Van Veldhovenover het lastenneutraal afbouwen van financiële en fiscaleregelingen. Ik constateer dat deze motie op het terrein ligtvan de staatssecretaris van Financiën. De Studiecommis-sie belastingstelsel heeft geconcludeerd dat de milieuef-fecten van unilaterale verhogingen beperkt zullen zijn, on-der meer als gevolg van de samenloop met het EuropeseEmissiehandel Systeem. Het kabinet zal wel op Europeesniveau een verhoging van de minimumtarieven bepleitenbij de onderhandeling over het voorstel van de EuropeseCommissie tot herziening van de energierichtlijn. Ik ont-raad de motie, mede gelet op het oordeel van de Studie-commissie belastingstelsel.Vervolgens kom ik bij de motie van mevrouw VanVeldhoven en mevrouw Wiegman over de tussendoel-stellingen. Het is inderdaad zo dat veel bedrijven heb-ben aangegeven dat zij behoefte hebben aan zekerheidover een CO2-doel voor 2030. Deze belangrijke informatieneem ik mee in verdere Europese discussie hierover. Inde motie wordt mij gevraagd sowieso steun uit te sprekenvoor tussendoelstellingen voor 2030 en 2040. Ik wil nietop voorhand al mijn voorkeur uitspreken voor meerderedoelstellingen door de tijd heen, voor 2030, 2040 en 2050.Ik spreek in het Energierapport niet voor niets over éénCO2-doel. Ik constateer dat de Commissie met de route-kaart voor het klimaat de aftrap van de discussie over hetmiddellange klimaatbeleid heeft gegeven en ik zie dit alseen waardevol startpunt van de discussie. Ik vind het vanbelang dat de concurrentiepositie van mondiaal opereren-de Nederlandse bedrijven blijft gewaarborgd. Hoewel iksympathie heb voor de motie, vind ik deze dus ontijdig endaarom moet ik de motie helaas ontraden. Ik wil me nietlaten vastpinnen op het uitspreken van tussendoelstellin-gen. Dat komt ook omdat ik de kosten nog niet ken. Het isbij uitstek een Europese discussie. Daar moeten we nietnationaal op vooruit willen lopen. Ik zal de discussie meteen open mind met de Europese Commissie voeren, juistom die duidelijkheid aan het bedrijfsleven te geven.Dan kom ik bij de motie van mevrouw Van Veldhovenen mevrouw Wiegman over een resultaatverplichtingvoor energiebesparing. Ook deze motie ontraad ik. Ik on-derschrijf het belang dat de Kamer toekent aan energiebe-sparing. Het is een belangrijk middel om te komen tot eenduurzame energiehuishouding, maar besparing is geendoel op zich, maar een middel. Nederland ligt met het be-leid van dit kabinet voor de non-ETS-sectoren, waaronderde meerjarenafspraken, op koers om de CO2-doelstellingin 2020 te halen. Het is voor die doelstelling dus niet no-dig en zelfs overbodig om resultaatafspraken te maken.Dat leidt alleen maar tot extra administratieve en bestuur-lijke lasten zonder dat dit tot een verduurzaming van deenergiehuishouding leidt. Zeker een partij als D66 heeftzich altijd uitgesproken tegen onnodige administratieve-lastenverzwaring. Daarom ontraad ik deze motie, temeerdaar een aantal van de non-ETS-sectoren niet is georgani-seerd, zoals huishoudens, gebouwen en personenvervoer.Daarom is het niet uitvoerbaar.Dan kom ik bij de motie van mevrouw Van Veldhovenen mevrouw Wiegman over de gezamenlijke projectenmet het Verenigd Koninkrijk. Wij voeren gesprekken metde Britten. Dat deel van de motie zie ik als een ondersteu-ning van het beleid. In de motie wordt verzocht gezamen-lijke doelen te formuleren. Deze nieuwe doelen zullenweer leiden tot minder efficiëntie. Dit zal niet dichterbijbrengen wat we allemaal willen. Daarom ontraad ik dezemotie.Vervolgens kom ik bij de motie van mevrouw Wiegmanen mevrouw Van Veldhoven over de stimuleringsregelingduurzame warmte. Ik zal daar binnen twee weken dui-delijkheid over geven. Ik heb eerder aangegeven dat ikhet geld anders wil inzetten. Een eerdere motie met dezestrekking is overigens afgestemd door de Kamer. Daaromontraad ik deze motie, maar ik zeg wel toe binnen tweeweken duidelijkheid te geven over de inzet.Dan kom ik op de motie van mevrouw Wiegman opstuk nr. 100 over de tarievencode. Ik ben het met me-vrouw Wiegman eens dat er een oplossing moet komen.Dat staat ook in het Energierapport. Ik ga dat onderzoekenen ik zal de internationale context daarbij meewegen. Ikvoer nu geen directe actie uit, maar ik kom erop terug. Alsmevrouw Wiegman zegt dat wij daar nu meteen, onver-wijld toe moeten overgaan, gaat mij dat te ver. Ik ontraadderhalve deze motie.Dan kom ik op de motie van mevrouw Wiegman opstuk nr. 101, met het verzoek om de effecten te onderzoe-ken van een verhoging van het landelijk uniform produ- VerhagenTweede KamerEnergie 29 juni 2011TK 9999-2-7cententarief. Vanzelfsprekend neem ik alle door mevrouwWiegman genoemde effecten mee in het besluit dat ik zalnemen. Ik zal deze bekijken en laat het oordeel over dezemotie aan de Kamer.Tot slot de motie van mevrouw Verburg c.s. op stuk nr.102. De criteria die we hebben besproken in de discussieover het Energierapport, zullen leidend zijn. Deze zijn ietsverderstrekkend dan de punten die in de motie zijn ge-noemd, maar er staat "et cetera" en ik ga ervan uit dat ditmij voldoende ruimte geeft om die criteria tot uitvoeringte brengen. In het algemeen overleg hebben diverse le-den die criteria onderschreven. Ik zal mij volledig inzettenom voor Prinsjesdag met de sector te komen tot een ak-koord, gericht op kosteneffectieve verduurzaming van deenergievoorziening. Ik zal de Kamer daarover uiteraard in-formeren. Ik zie deze motie als een ondersteuning van hetdoor mij voorgestane beleid. Ik ben blij dat ik een positiefoordeel over de laatste motie van mevrouw Verburg hebkunnen uitspreken en ik neem daar een glaasje gewoonkraanwater op.De voorzitter:Dat doet mevrouw Verburg deugd. U kunt het dus wel,heel kort zijn.De beraadslaging wordt gesloten.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.