Voortgang structurele versterking van de Europese productie van munitie en defensiematerieel
Brontekst
Versie 0b42d9ebd0a88e4b · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 XVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Defensie (X) voor het jaar 2025Nr. 8 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VANDEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 2 oktober 2024Het is oorlog in Europa, aan de grens van het NAVO-verdragsgebied. Elkedag verdedigt Oekraïne zich tegen wrede en voortdurende Russischeagressie. Dat raakt ook onze veiligheid. Daarom versterken we met groteurgentie de productie- en leveringszekerheid van munitie en defensiema-terieel. Zo vullen we de behoeften en voorraden van onze krijgsmacht,steunen we Oekraïne en schrikken we onze potentiele tegenstanders af.Echter, we moeten ook rekening houden met een scenario waarinNederland ongewenst betrokken raakt bij een conflict op het NAVO-verdragsgebied. Dan moet de Nederlandse krijgsmacht met haarbondgenoten kunnen vechten om zich succesvol te verdedigen. Met dezebrief informeert het kabinet uw Kamer over de voortgang van destructurele versterking van de productie- en leveringszekerheid vanmunitie en defensiematerieel, in reactie op de initiatiefnota van het lidBoswijk (Kamerstuk 36 494, nr. 2), zoals verzocht door uw VasteCommissie Defensie (2024D33990).Waar staan we?De toenemende geopolitieke dreigingen en de noodzaak om te investerenin onze veiligheid worden door dit kabinet sterk gevoeld. In de Defen-sienota 2024 is uw Kamer geïnformeerd over de concrete plannen die wijhebben om samen verder te bouwen aan een sterke en slimme krijgs-macht. Deze plannen bouwen voort op stappen die Defensie al heeftgezet, onder andere op het gebied van het versterken van de productie- enleveringszekerheid van munitie en defensiematerieel. kst-36600-X-8ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 81 Voor het zomerreces is uw Kamer geïnformeerd over het actieve industrie-en innovatiebeleid dat noodzakelijk is om deze plannen uit te voeren.1 Inde Actieagenda Productie- en Leveringszekerheid (hierna: Actieagenda)heeft Defensie in drie actielijnen aangegeven welke prioriteiten vooropstaan in de opschaling van de Nederlandse en Europese defensie-industrie. Bovendien heeft Defensie de prioritaire technologiegebieden(NLD_Gebieden) en de maritieme maakindustrie aangewezen alsfocusgebieden.2 In de Defensienota 2024 is financiële ruimte vrijgemaaktom vanaf 2024 tot en met 2031 € 1.1 miljard euro te investeren. Met dezeforse investering gaat het kabinet aan de slag met dit actief industrie- eninnovatiebeleid.Welke voortgang hebben we inmiddels gemaakt?Het lid Boswijk heeft in de initiatiefnota over het structureel verhogen vande Europese munitieproductie concrete voorstellen gedaan om demunitieproductie in Europa te verhogen.3 Deze voorstellen zijn niet alleenrelevant voor de opschaling van munitieproductie, maar ook voor die vanander defensiematerieel. Uw Kamer heeft een schriftelijke reactie op dezeinitiatiefnota en bijbehorende schriftelijke vragen ontvangen. Daarin bentu geïnformeerd over de oprichting van de Taskforce Productie- enLeveringszekerheid.4 Met de nieuwe aanpak vanuit de Actieagenda en depresentatie van de Defensienota 2024 is er aanleiding om uw Kamer teinformeren over de voortgang op de aanbevelingen zoals beschreven inde initiatiefnota van het lid Boswijk, en de extra stappen die het nieuwekabinet wil zetten – mede in het licht van de extra financiële middelen uithet hoofdlijnenakkoord waarvan ruim een miljard euro is vrijgemaakt voorversterking van de industrie. In deze informeren wij u puntsgewijs pervoorstel over de voortgang van het kabinet.Voorstel 1: Langjarige orders plaatsen bij munitiefabrikantenNederland zet zich onverminderd in om Oekraïne te voorzien van debenodigde militaire steun. In dat kader bestelt Nederland grote hoeveel-heden munitie voor levering, vaak samen met internationale partnerszoals Tsjechië, Estland en Duitsland.5 Naast de steun aan de Oekraïensekrijgsmacht, heeft Defensie zelf ook behoefte aan voldoende voorradenmunitie. Daarom heeft Defensie verschillende orders geplaatst. Uw Kameris hierover geïnformeerd in de Kamerbrieven over de aanvulling inzet-voorraad munitie.6 De aanvullingen betreffen NAVO-genormeerde BattleDecisive Munitions (BDM) en non-BDM. Defensie zoekt voor de aanvullingvan munitie voor Oekraïne en voor de eigen voorraad actief naarmogelijkheden voor Europese of NAVO vraagbundeling. Hiermee dragenwe actief bij aan het plaatsen van langjarige orders. Nederland besteltvoor de aanvulling van de eigen voorraad ongeveer tachtig procent vande klein- en middenkaliber munitie in Europa. Hiermee ondersteuntNederland de orderportefeuille van munitiefabrikanten in Europa.1Kamerstuk 36 410-X, nr. 93, van 7 juni 2024 – Actieagenda productie- en leveringszekerheidmunitie en defensiematerieel.2Kamerstuk 31 125 nr. 13 – Voortgang Uitvoeringsagenda Innovatie & Onderzoek.3Kamerstuk 36 494, nr. 2 – Initiatiefnota van de leden Boswijk en Tuinman over het structureelverhogen van de Europese munitieproductie.4Kamerstuk 36 494, nr. 4, van 28 maart 2024 – Reactie op de initiatiefnota van de leden Boswijken Tuinman over het structureel verhogen van de Europese munitieproductie; Kamerstuk36 494, nr. 4, van 16 mei 2024 – Lijst van vragen en antwoorden over de reactie op de initia-tiefnota van de leden Boswijk en Tuinman over het structureel verhogen van de Europesemunitieproductie.5Kamerstuk 22 054, nr. 420 van 13 juni – Leveringen militaire goederen aan Oekraïne.6Kamerstukken 27 830, nr. 395 – Aanvulling inzetvoorraad munitie; Kamerstuk 27 830, nr. 434 –Aanvullende bestelling munitievoorraden voorjaar 2024.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 82 Defensie onderzoekt voortdurend hoe zij de defensie-industrie binnen dehuidige financiële kaders meerjarig perspectief kan bieden. Binnen dekeuzes die in de Defensienota 2024 zijn gemaakt, is aandacht voor eenverdere verhoging van munitievoorraden van de Nederlandse krijgs-macht. Dit geldt voor zowel conventionele als deep precision strike-munitie. Met deze verhoging geeft Defensie invulling aan een prioriteitvan de NAVO en trekken we een belangrijke les uit de oorlog in Oekraïne:het belang van voorraden voor langdurige inzet. Tot slot wordt ook binnende Europese Unie (EU) gewerkt aan het versterken van langdurige ordersbij Europese munitiefabrikanten met subsidies voor gezamenlijkeaanschaf (EDIRPA; ca. 300 mln. euro) en opschaling van productie (ASAP;500 mln. euro).Voorstel 2: Garantstellingen afgeven aan defensiebedrijvenDe markt voor defensiegoederen is geen gewone markt. Overheden zijnvanwege het geweldsmonopolie de enige afnemer van munitie endefensiematerieel. Daarom heeft de overheid een sturende rol in de marktvoor defensiegoederen. De initiatiefnemer stelt terecht dat zonder ordersde defensie-industrie niet produceert. Bovendien hebben bedrijven zichtop afzet nodig om investeerders aan te trekken. Dat maakt het noodza-kelijk dat de Nederlandse overheid zoveel mogelijk zekerheid biedt aan deindustrie. Eén van de belangrijkste vormen van duidelijkheid die hetkabinet geeft aan de defensie-industrie, is het commitment om minimaal2% van het bruto binnenlands product (BBP) uit te geven aan Defensie. Ditkabinet wil wettelijk verankeren dat structureel minimaal 2% van het BBPaan Defensie wordt besteed.Het is noodzakelijk dat er vanuit Defensie behoefte is aan producten ofdiensten om afnamezekerheid te kunnen geven. Het dichter bij elkaarbrengen van vraag en aanbod vraagt om een structurele publiek-privatedialoog. Defensie beoogt hiervoor een nieuw publiek-privaat platform opte richten. Momenteel wordt onderzocht hoe dit platform kan wordeningericht, waarbij het doel is dat Defensie beschikt over een forum ommet de industrie samen te werken op initiatieven die aansluiten bij denoodzakelijke capabilities van de krijgsmacht. De inzet is dat dezemogelijke initiatieven een impuls geven binnen de actielijnen van deActieagenda en dat zij aansluiting zoeken bij de prioritaire technologiege-bieden waar Defensie op wil focussen (NLD_Gebieden). Uw Kamer wordtin het eerste kwartaal van 2025 hierover verder geïnformeerd. Defensieonderzoekt tevens of deze vorm van publiek-private samenwerking kanworden toegepast in andere dossiers, zoals bijvoorbeeld ActieplanProductiezekerheid Onbemenste Systemen (APOS). Samen met deindustrie zoekt Defensie momenteel naar kansen om binnen het Neder-landse ecosysteem drones te ontwikkelen en aan te schaffen voor deNederlandse krijgsmacht. Hiervoor stelt Defensie minimaal € 54 miljoeneuro beschikbaar.Voor bedrijven zijn naast verwachte opbrengsten ook de risico’s en debenodigde investeringen essentieel voor investeringsbeslissingen. Doorpubliek-private samenwerking kunnen investeringen, risico’s enopbrengsten op evenwichtigere wijze worden verdeeld tussen deoverheid en de markt. Ook ontstaat er een wederzijdse afhankelijkheidwaar beide partijen van kunnen profiteren. Succesvolle voorbeelden vandeze vorm van samenwerking bestaan al voor zowel het lucht-, land- enmaritieme domein (Industry Support Team F-35, Maritime MaintenanceValley en Maintenance Hub voor MatLogCo).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 83 Voorstel 3: FinancieringDe initiatiefnemer constateert terecht dat het voor veel bedrijven lastig isom financiering te vinden voor ontwikkeling voor Defensie of opschalingwanneer orders vanuit Defensie worden ontvangen. Dit geldt voorgevestigde defensie-industrie, maar ook voor nieuwe toetreders op demarkt, zoals start-ups. Het is voor hen complex om durfkapitaal temobiliseren voor risicovolle investeringen. Daarbij komt dat knelpunten inde aanbesteding en complexe inkoopprocedures ertoe leiden dat de stapnaar launching customership en orders groot is. Te veel potentieleinnovatieve oplossingen voor Defensie stranden in de Valley of Death, enopschalingskansen van start-ups en in het MKB worden niet ten vollebenut.Defensie zet proactief stappen om het financieringsklimaat voor dedual-use en defensie-industrie te verbeteren. Hiermee willen wijvoorkomen dat de actoren in het speelveld naar elkaar kijken. Daaromwerken we in afstemming met het Ministerie van Economische Zaken (EZ)en Financiën (FIN) aan drie concrete stappen:1.Voor innovatieve start-ups en MKB biedt het recent aangekondigdeSecurity Fund (SecFund) een financieringsmogelijkheid. Het SecFundricht zich op vroegtijdige financiering voor dual-use of specifiekmilitaire innovaties.2.Daarnaast benadrukt dit kabinet in het regeerprogramma dat publiekefondsen ook beschikbaar moeten zijn voor bedrijven die acteren in hetveiligheidsdomein. Deze fondsen kunnen voorzien in de financieringvan start-ups en scale-ups die hoogwaardige, veelal dual-use,technologie ontwikkelen. Op Europees niveau zet het kabinet zichrichting de nieuwe Commissie in voor een verkenning van deuitbreiding van het mandaat van de Europese Investeringsbank (EIB)naar «core-defence», zodat bijvoorbeeld munitiefabrikanten inaanmerking komen voor financiering.3.Defensie gaat met partners een financieringsinstrument inrichten. Ditopschalingsinstrument moet ruimte bieden om opschalingskansen vande Nederlandse defensie-industrie en het MKB te verzilveren. UwKamer wordt in de eerste helft van 2025 geïnformeerd over deinrichting van dit instrument.Publieke financiering is echter niet genoeg om te voorzien in de investe-ringsbehoefte om de (defensie-)industrie op te schalen. Defensie isdaarom in de afgelopen periode intensief in gesprek geweest met definanciële sector. Zo heeft de Commandant der Strijdkrachten verschil-lende gesprekken gevoerd met banken en pensioenfondsen om te sprekenover het beleid rond de Environmental, Social en Governance-doelen(ESG) en de grotere invulling die de financiële sector kan bieden in hetborgen van de nationale veiligheidsbelangen. Mede dankzij het intensievecontact en de groeiende bewustwording over de noodzaak voor versterktesamenwerking ziet Defensie vanuit pensioenfondsen, banken, verzeke-raars, private investeerders en andere partijen meer bereidheid om bij tedragen aan financieringsoplossingen voor de (defensie-)industrie.Defensie blijft deze positieve ontwikkeling en samenwerking aanjagen.Voorstel 4: Oprichting Munitie TaskforceHet structureel verhogen van de productie- en leveringszekerheid vanmunitie en defensiematerieel vereist meer dan alleen orders. Het vereisteen andere wijze van werken dan waar Defensie, industrie en partners aanzijn gewend geraakt tijdens de periode van jarenlange bezuinigingen.Defensie wil een nieuwe mindset bevorderen binnen haar eigen organi-satie, de Rijksoverheid, de Nederlandse industrie en de financiële sector.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 84 Om deze speelveldwijziging tot stand te brengen, is in lijn met hetvoorstel van de initiatiefnemer de Taskforce Productie- en Leveringsze-kerheid in het leven geroepen. Hierover is uw Kamer geïnformeerd.7 Hetversterken van de productie van munitie en defensiematerieel is één vande actielijnen onder de Actieagenda, naast de ontwikkeling en adoptie vannieuwe technologieën en het aanpassen van randvoorwaarden voor dedefensie-industrie aan het nieuw ontstane speelveld.8 Defensie versterktde personele capaciteit fors om aan deze opgave invulling te geven.Voorstel 5: Onderzoek naar eigen productie munitie en munitieonderdelenVoor zowel de steun aan Oekraïne, als voor de versterking van eigenkrijgsmachten is er een grote vraag naar munitie in Europa. Dit gaat omallerlei vormen van munitie: van 155mm granaten voor artilleriesystementot precisiegeleide langeafstandswapens. Er zijn daarom nog belangrijkestappen te zetten in de opschaling van de Europese productiecapaciteitvoor munitie. Oekraïne kampt met kleinere voorraden granaten dan haartegenstander en Europese landen zijn voor hoogwaardige precisie-munitie nog te afhankelijk van landen buiten de Europese Unie. Defensiekijkt binnen de bestaande mogelijkheden kritisch naar hoe deze strate-gische afhankelijkheden zo snel en effectief mogelijk kunnen wordenverkleind vanuit de Nederlandse mogelijkheden.De betrokkenheid van de Nederlandse industrie bij de productie vanconventionele munitie zoals artilleriegranaten en klein kaliber munitie isvooralsnog beperkt. Nederland beschikt niet meer over een munitiefabriekvoor artilleriegranaten en klein kaliber wapens. Tegelijkertijd is debestaande productiecapaciteit in Europa voor conventionele munitie nogniet uitgeput. Daarom draagt Defensie bij aan de opschaling van dezeproductiecapaciteit door orders voor munitie binnen Europa te plaatsen.Daarnaast verkent Defensie de mogelijkheden om de Nederlandse positiein de (kwetsbare) keten van munitieproductie te versterken. Doorbijvoorbeeld samen te werken met de chemiesector voor de substitutie ofproductie van kritieke grondstoffen voor munitie kan Nederland hiermogelijk een belangrijke toegevoegde waarde leveren.Voor het verkleinen van de strategische afhankelijkheden op het gebiedvan precisiemunitie ziet het kabinet kansen voor de Nederlandsedefensie-industrie en kennisinstituten. Defensie voert daarom gesprekkenmet de VS en Amerikaanse industrie over de mogelijkheid om coproductievan Amerikaanse BDM in Nederland mogelijk te maken. Zo vergroten weop Europees grondgebied de collectieve productiecapaciteit van dezesystemen ten behoeve van het NAVO-bondgenootschap. Daarnaast zetNederland binnen het Actieplan Productiezekerheid OnbemensteSystemen (APOS) in op het realiseren van een Nederlands ecosysteemdat de Nederlandse krijgsmacht en bondgenoten kan voorzien vanvliegende, (onderwater)varende en rijdende (munitiedragende) drones.Defensie is in gesprek met de industrie over het realiseren van nieuwe –en opschalen van bestaande, productielijnen van deze systemen. Deorders die Nederland plaatst bij de industrie voor de korte termijnbehoefte van Oekraïne, versterken deze inspanningen.7Kamerstuk 36 494, nr. 4 – Reactie op de initiatiefnota van de leden Boswijk en Tuinman over hetstructureel verhogen van de Europese munitieproductie8Kamerstuk 36 410-X, nr. 93 – Actieagenda productie- en leveringszekerheid munitie endefensiematerieelTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 85 Voorstel 6: Stroomlijnen regelgeving: Processen en proceduresIn Nederland is geen sprake van een oorlogssituatie, maar door deRussische aanvalsoorlog aan de rand van Europa kan niet meer wordengesproken van vredestijd zoals wij dat gewend zijn. Dit hoge dreigings-niveau vraagt om een versoepeling van werkwijzen binnen de eigendefensieorganisatie. Bovendien zoekt Defensie naar manieren om zospoedig mogelijk tot orders bij de industrie te komen en hierover terapporteren naar uw Kamer binnen het Defensie Materieel Proces (DMP).De doorlooptijden van de inkoop- of aanbestedingsfase zijn voor eengroot deel afhankelijk van Europese aanbestedingswetgeving enrijksbeleid. Het kabinet ziet twee belangrijke gebieden om dewendbaarheid van de inkoop van zowel militaire als civiele producten dieessentieel zijn voor militaire operaties te verbeteren. Ten eerste ziet hetkabinet in Europees verband kansen in het mogelijk maken van aansluitenbij bestaande raamovereenkomsten door lidstaten. Ten tweede kunnentijdelijke versnelde procedures wellicht uitkomst bieden. Het kabinet zoektin EU-verband naar geschikte oplossingen. Ook nationaal heeft Defensiediverse acties gestart om het inkoopproces te versnellen, hierover is uwKamer recent geïnformeerd.9 In deze brief beschrijft Defensie dat het meeren sneller dan voorheen ruimte in de uitzonderingsbepalingen van deAanbestedingswet 2012 en de Aanbestedingswet op Defensie enVeiligheidsgebied zoekt om zo te verbeteren en versnellen. Daarnaast isde inkoopketen uitvoerig doorgelicht en heeft Defensie het mantra «besteproduct voor de beste prijs» losgelaten. In plaats daarvan laten wij detijdige beschikbaarheid en herkomst van een product – bij voorkeurNederlands of Europees – zwaarder meewegen bij materieelverwerving10.Daarnaast is per april van dit jaar het DMP geactualiseerd middels debrochure «DMP bij de Tijd 2.0». Hierin staan de aanpassingen waarmeeDefensie de Tweede Kamer efficiënter en effectiever informeert overmaterieel en wapensysteemgebonden-IT projecten. Door deze herzieningzijn de DMP-bandbreedtes geactualiseerd door middel van het ophogenvan de financiële ondergrens van € 25 naar € 50 miljoen, en het ophogenvan de mandateringsgrens van € 100 naar € 250 miljoen. Tevens is hetmogelijk om voortaan DMP-brieven te clusteren. Defensie blijft onder-zoeken welke interne processen en procedures sneller kunnen wordendoorlopen.Voorstel 7: Grondstoffen voor Defensie-industrie voorrang gevenToegang tot kritische grondstoffen en halffabricaten is inderdaad eenknelpunt voor de defensie-industrie.11 Lange doorlooptijden op debeschikbaarheid van elektronica en chips zorgen voor vertragingen enhoge kosten. Dit risico op toegang tot strategische grondstoffen is ook inde Defensienota 2024 onderschreven. Om deze afhankelijkheid temitigeren is economisch veiligheidsbeleid (zoals strategische voorraden)noodzakelijk. Ook is meer ruimte voor productie van grondstoffen enhalffabricaten noodzakelijk. Dit vraagt om een maatschappijbrede aanpaken Europese afstemming. Een van de maatregelen waar aan wordtgewerkt is het voor Defensie mogelijk maken om te kunnen sturen opstrategische voorraadvorming middels het Wetsvoorstel WeerbaarheidDefensie en Veiligheid Gerelateerde Industrie. Dit wetsvoorstel is in9Kamerstuk 36 600-X, nr. 6 – Verminderen administratieve lastendruk, versnellen inkoopproces10Kamerstuk 36 410-X, nr. 93 – Actieagenda productie- en leveringszekerheid munitie endefensiematerieel11Dit blijkt uit het rapport «Nederlandse defensie- en veiligheid gerelateerde technologischeindustriële basis», uitgevoerd door Berenschot in opdracht van EZ.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 86 internetconsultatie geweest tot 1 september. Defensie en EZ verwerkenmomenteel de reacties in de wetteksten. Tot slot bevat het voorstel van deEuropese Commissie voor de EDIP-verordening bevat een hoofdstuk datgaat over leveringszekerheid. Nederland stelt zich constructief op tenaanzien van een Europees «leveringszekerheidsregime», als aanvulling opnationale inspanningen.Voorstel 8: Meer Europese standaardisatieZoals de indiener terecht stelt, is de Europese defensie-industrievooralsnog te gefragmenteerd. Daardoor ontbreekt de noodzakelijkeschaal voor substantiële opschaling van de productie.12 Dat heeft nadeligegevolgen voor de opschaling van de productiecapaciteit voor munitie endefensiematerieel, maar ook voor interoperabiliteit en slagkracht. In deEDIP-verordening staan voorstellen voor maatregelen die de Europesedefensie-industrie binnen de Europese Unie versterken en fragmentatietegengaan. Verder speelt de NAVO hier een centrale rol in door deontwikkeling van Standardization Agreements (STANAGs). Nederlandblijft inzetten op het versterken van de bondgenootschappelijke samen-werking op harmonisatie en het waarborgen van een hoge kwaliteit dienauw aansluit bij onze eigen strenge eisen en standaarden.In de nieuwe aanbestedingen die Defensie als gevolg van de Defensienota2024 gaat doen, wordt actief gezocht naar samenwerking met Europesepartners. Zo zoekt Defensie de samenwerking met bondgenoten voor deaanschaf van slimme en hoogwaardige Nederlandse producten, zoalsradars of de multifunctionele ondersteuningsvaartuigen. Bovendien wordtvoor bijvoorbeeld de aanschaf van tanks en de Boxer met RCT30 toreningezet op Europese vraagbundeling. Dat leidt tot verdere familievormingen gebruikersgroepen van defensiematerieel in Europa. Tot slot staat hetkabinet positief tegenover de aanstelling van een Eurocommissaris voorDefensie en kijkt het kabinet met interesse uit naar het White Paper dat denieuwe Commissaris naar verwachting zal presenteren.Ten slotteDe opgave om de productie- en leveringszekerheid van munitie endefensiematerieel te versterken is niet eenvoudig. Defensie werkt daaromsamen met partners aan een nieuwe strategie waarin de visie en aanpakop gebied van industrie, innovatie en kennisbeleid wordt geïntegreerd.Uw Kamer wordt hier in Q1 2025 over geïnformeerd. We werken aan dezeopgave in een wereld waar in toenemende mate competitie bestaat overde toegang tot schaarse grondstoffen en de hybride dreigingentoenemen. Defensie kan deze opgave daarom niet alleen succesvoloppakken. Wij hechten er aan om te herhalen dat goede samenwerkingmet alle departementen, regionale partners, het Nederlandse bedrijfs-leven, de financiële sector en onze internationale bondgenoten cruciaalblijft.De Minister van Defensie,R.P. BrekelmansDe Staatssecretaris van Defensie,G.P. Tuiman12Dit stelt ook Mario Draghi, in zijn recent gepubliceerde rapport: «The future of Europeancompetitiveness – A competitiveness strategy for Europe».Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 X, nr. 87
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.