Motie van het lid Rooderkerk over een stevigere plek voor kinderboeken en jeugdliteratuur in het curriculum van de lerarenopleidingen
Motietekst
Versie 8ee8925d89845ef9 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VIIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Onderwijs, Cultuur enWetenschap (VIII) voor het jaar 2025Nr. 80 MOTIE VAN HET LID ROODERKERKVoorgesteld 28 november 2024 De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de meeste eerstejaarsstudenten wanneer ze de pabobinnenkomen niet of nauwelijks boeken lezen in hun vrije tijd;constaterende dat maar een op de drie pabodocenten de afgestudeerdeleerkrachten voldoende competent acht om het lezen van kinderen tebevorderen;overwegende dat leesbevordering van cruciaal belang is voor de kansenvan kinderen;overwegende dat iedere leraar voldoende competent moet zijn om hetlezen van kinderen te bevorderen;verzoekt de regering in gesprek te gaan met pabo’s en lerarenopleidingenover hoe kinderboeken en jeugdliteratuur een stevigere plek krijgen in hetcurriculum,en gaat over tot de orde van de dag.Rooderkerk kst-36600-VIII-80ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VIII, nr. 80
Gerelateerde bronnen
- Motie van het lid Rooderkerk over een stevigere plek voor kinderboeken en jeugdliteratuur in het curriculum van de lerarenopleidingen
Motie van het lid Rooderkerk over een stevigere plek voor kinderboeken en jeugdliteratuur in het curriculum van de lerarenopleidingen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.