Voortgang financieel beheer VWS en reactie brief Algemene Rekenkamer ‘aandachtspunten bij de ontwerpbegroting 2025’
Brontekst
Versie 53ecbc308d074208 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 XVIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn enSport (XVI) voor het jaar 2025Nr. 14 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 15 oktober 2024Hierbij informeer ik u over de stand van zaken van het financieel beheervan mijn departement inclusief de andere risico’s in de bedrijfsvoeringzoals is aangegeven in de beantwoording van het schriftelijk overleginzake het Jaarverslag VWS 2023. Tevens geef ik u een reactie op de briefvan de Algemene Rekenkamer over de aandachtspunten bij deVWS-begroting 2025. Ondanks dat dit twee verschillende onderwerpenzijn heb ik ervoor gekozen dit samen te voegen tot een brief omdat beidevoortkomen uit verzoeken van de vaste Kamercommissie VWS om dezeinformatie voor het begrotingsonderzoek aan te leveren.In het Jaarverslag over het jaar 2023 werd geconstateerd dat VWS op degoede weg is om het financieel beheer te versterken. Voor het eerst indrie jaren kon het jaarverslag tijdig worden opgeleverd, was sprake vaneen goedkeurende accountantsverklaring en was niet langer sprake vaneen ernstige onvolkomenheid op het financieel beheer. Dit werd ookonderkend in de begeleidende rapporten van zowel de AlgemeneRekenkamer als de Auditdienst Rijk (ADR). Maar tegelijk werd aangevendat aandacht moet worden besteed aan het structureel borgen van dezeversterking. Deze voortgangsbrief beschrijft zowel of zich risico’s in hetbeheer voordoen (o.a. financieel beheer, inkoopbeheer, misbruik- enoneigenlijk gebruik, staatssteun, lifecyclemanagement en informatiebevei-liging) alsmede welke initiatieven zijn en worden ondernomen om teborgen dat de ingezette verbeteringen ook echt beklijven en uitvoerbaarblijven (o.a. de herinrichting financiële functie).Financieel beheerDe controles op de financiële administratie zijn onverminderd doorgezet.Na afronding van de jaarverantwoording over het jaar 2023 is directgestart met de controles van het eerste kwartaal van 2024. Dit is veel kst-36600-XVI-14ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 141 eerder dan voorgaande jaren. Hierdoor wordt een concentratie van decontrole-last later in het jaar voorkomen. De aandachtspunten die uit dezecontroles komen worden per directie gerapporteerd. De directieFinancieel-Economische Zaken (FEZ) coördineert alle interne controles; ditgarandeert een uniforme wijze van werken waarbij risico’s vroegtijdigworden gesignaleerd, opgepakt en daar waar mogelijk opgelost. Dezeaanpak is ook herhaald voor de controles over de andere kwartalen.Op de elf dossiers waar in de voorgaande jaren onrechtmatigheden vanforse omvang zijn geconstateerd (groter dan € 10 miljoen) zijn plannenvan aanpak opgesteld. De oorspronkelijke deadline van 1 september voorhet opleveren van deze plannen is uitgesteld naar 1 oktober. Voor hetmerendeel van deze plannen van aanpak is per oktober het controle-dossier opgeleverd aan de ADR zodat tijdig tot een oordeel kan wordengekomen. Voor drie dossiers is dit nog niet het geval. Hier spelen zowelexterne oorzaken zoals de uitspraak van de Europese Commissie omtrenthet project PALLAS dat eind juli is ontvangen wat later was dan voorzien,als ook interne oorzaken zoals dat er meer tijd dan voorzien nodig is voorhet opstellen van het dossier wegens complexiteit.Vorig jaar is begonnen met het geven van cursussen over allerleifinanciële onderwerpen aan alle medewerkers. Hiertoe is het zogeheten«FEZ Academy» bedacht met verschillende onderdelen. Het totale aanbodtelt nu twaalf cursussen van de financiële administratie tot aan beleidse-valuatie die elk kwartaal gegeven worden. Daarnaast wordt de simulatieFinancieel Beheer (dat is ontwikkeld samen met het Ministerie vanFinanciën en de ADR) actief ingezet om intercollegiaal van elkaar te leren.Herinrichting financiële functieIn 2023 is besloten dat de financiële functie binnen VWS (medewerkersdie werkzaam zijn binnen het domein van financiën en control) versterkingvraagt. Met deze versterking worden verschillende van de verbeteringendie de afgelopen periode zijn doorgevoerd ook verankerd in de organi-satie. Eind 2023 en begin 2024 heeft uw Kamer de uitgangspunten(Kamerstuk 36 410 XVI, nr. 30) en de probleemanalyse (Kamerstuk36 410 XVI, nr. 140) ontvangen van deze herinrichting. Eind september2024 heeft conform de planning besluitvorming plaatsgevonden over deconcrete invulling van deze herinrichting.Uitgangspunt bij deze inrichting is een meer uniforme invulling van definanciële functie, meer regie op het financieel beheer door de budget-houders. Dit wordt gedaan door onder andere het creëren van eencontrol-functie voor de directeuren-generaal (DG’s) die bij de directie FEZworden geplaatst. Hierdoor wordt de control-functie ook in de positiegeplaatst om meer onafhankelijk te adviseren. De control-functie binnende directies blijft decentraal ingericht. Alle directies dienen binnen definanciële functie op hun directie de administratie-advies en control-rolingevuld te hebben. Van alle taken en rollen zijn profielbeschrijvingenopgesteld. Ook is voor medewerkers van de niet-financiële functie(o.a. (beleids)medewerker, MT-leden en de SG/pSG/DG) beschreven watvoor hun de rollen en verantwoordelijkheden zijn.Onderdeel van het uitwerken van de herinrichting was het bepalen vaneen formatieve ondergrens van de financiële functie voor alle directies.Uit de berekening blijkt een tekort aan capaciteit hetgeen bevestigd wateerder al in de probleemanalyse was geconstateerd. Eind september isdan ook besloten om te investeren in het aantal financiële medewerkers,met name op de administratieve taken op decentraal niveau.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 142 In de financiële processen wordt nu gewerkt aan het inregelen van denieuwe mandaatstructuur van VWS, het implementeren van uniformerollen, taken en verantwoordelijkheden en wordt de rol van de directieFEZ als concerncontroller versterkt. Dit laatste betekent dat de directie FEZop verschillende onderdelen een sterkere rol gaat spelen. Dit ziet onderandere toe op:•het harmoniseren van kaders, richtlijnen en werkprocessen;•het uitvoeren van interne controles en het bieden van expertise enondersteuning op het uitvoeren van controles door de directies;•het bundelen van financiële expertise, onder andere op het gebied vanfinanciële instrumenten;•en indien nodig het benutten van de mogelijkheid om directies onderverscherpt toezicht te stellen.De combinatie van deze maatregelen draagt eraan bij dat de financiëleprocessen duidelijk zijn beschreven en daarmee ook de rollen enverantwoordelijkheden duidelijk worden toebedeeld. Het procesbeheervan de financiële processen is belegd bij de directie FEZ. Hierdoor kan hetnaleven van de processen worden gemonitord en kunnen de processen,indien nodig, worden bijgewerkt.Een belangrijk onderdeel van de herinrichting is een gewenste cultuurver-andering binnen het ministerie. Het versterken van expertise dooropleidingen, expliciteren van verantwoordelijkheden en een veranderstra-tegie is daarbij noodzakelijk. Eerste stappen hierin zijn al genomen doorhet opzetten van een financiële opleiding waar alle VWS medewerkersaan kunnen deelnemen. In het kader van de herinrichting wordt dezetraining verplicht voor alle medewerkers. Een transitieteam gaat degedragsverandering begeleiden. De focuspunten voor gedragsveran-dering uit het VWS-programma Goed Verbonden zijn essentieel voor definanciële functie: zakelijkheid, onafhankelijkheid en gelijkwaardigheid.Daarnaast zijn de aanbevelingen vanuit het onderzoeksrapport Voortgangen randvoorwaarden implementatie verbeterprogramma financiëlebeheersing VWS1 ter harte genomen. Zoals in de bestuurlijke reactie opdit stuk valt te lezen is een deel van de aanbevelingen al onderdeel van deverbetermaatregelen binnen VWS.Ik voorzie dat eind Q1 2025 de formele start is van de nieuwe organisatiein de financiële functie. Om hier te komen zal er in 2024 nog wordengewerkt aan het opstellen van een organisatie- en formatierapport voorFEZ, het expliciteren van de rollen per individuele financiële medewerkeren het versterken van de centrale regie vanuit de «planning & control»cyclus. In 2025 zullen alle DG’s gebruik kunnen maken van de control-functie en wordt de plaatsingsprocedure bij FEZ afgerond.InkoopbeheerDe oplevering van het nieuwe inkoopsysteem was voorzien in het vierdekwartaal van dit jaar. Dit is vertraagd waardoor het nieuwe systeem – opbasis van de huidige inzichten – in het tweede kwartaal van 2025 volledigoperationeel is.De vertraging komt wegens de aansluiting van dit nieuwe inkoopsysteemop het financieel systeem. Om de aansluiting te bewerkstelligen diendehet financiële systeem op nieuwe servers overgezet te worden, die in staatzijn met externe applicaties te communiceren. Het overzetten naar deze1Onderzoeksrapport Voortgang en randvoorwaarden implementatie verbeterprogrammafinanciële beheersing VWS | Rapport | Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 143 nieuwe servers bleek complexer en een grote afhankelijkheid van derdepartijen te hebben, waardoor dit traject langer duurde dan van te vorengedacht.De afgelopen periode zijn door middel van interne controles 85% van deinkoopverlichtingen tot en met april integraal gecontroleerd. Hier zijngeen grote bevindingen uit naar voren gekomen. Eind oktober wordt deinterne controle over alle nieuwe inkopen tot en met augustus afgerond,eind november alle nieuwe inkopen tot en met oktober en eind januari2025 alle nieuwe inkopen over heel 2024. Het hanteren van een formuliervoor het onderbouwen van geleverde goederen of diensten (de prestatie-verklaring) is verplicht gesteld in april dit jaar. Hier wordt in de internecontroles van de financiële administratie ook op getoetst. Er is ingezet opproceswijziging dat het Financieel Dienstencentrum (FDC) geen betalingverricht zonder dit formulier. Inmiddels zijn er afspraken gemaaktwaardoor er in het systeem en proces aanpassingen gemaakt wordenwaardoor de werkwijze gebruikersvriendelijker wordt met behoudt vanvoldoende zekerheid op een juiste onderbouwing. Deze wijziging isvoorzien om in november in werking te treden. Voor de huidige stand vanzaken wordt middels een steekproef getoetst of deze formulierenaanwezig zijn op het moment dat er betaald werd.Misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O)Misbruik is het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekkenvan gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of-uitkeringen te verkrijgen. Van oneigenlijk gebruik is sprake als weliswaarin overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving, maar instrijd met het doel en de strekking daarvan wordt gehandeld (de «mazenvan de wet»). Om dit soort praktijken te voorkomen is het van belang omvooraf bij het maken van een subsidie de risico’s op M&O in kaart tebrengen. Dit is zeer specifiek werk waarbij procesomschrijvingen hoe tewerk te gaan van groot belang zijn. Nieuwe inzichten en kennis over M&Oblijven zich voordoen, hiertoe is een nieuw format en handleiding voorhet maken van zo’n M&O risicoanalyse gemaakt. Tevens wordt over ditonderwerp ook een interne cursus gegeven. Als laatste zijn risicogerichteinterne controles op rechtmatigheid en getrouwheid van subsidies enspecifieke uitkeringen uitgevoerd. Als gevolg van herprioritering enbeperkte capaciteit bij de directie FEZ worden de geplande internecontrolewerkzaamheden in de tweede helft van 2024 niet vollediguitgevoerd. Noodzakelijke werkzaamheden ten behoeve voor hetjaarverslag en de controles van de ADR gaan wel door.StaatssteunStaatssteun is het direct dan wel indirect verstrekken van financiële steunaan ondernemingen door overheden. De Europese Unie wil gelijkeconcurrentievoorwaarden scheppen voor alle ondernemingen op deinterne markt en heeft daarom staatssteunregels opgesteld om eventuelesteun door overheden in goede banen te leiden. Het toetsen van finan-ciering op staatssteun vereist een behoorlijke kennis van de staatssteun-regels. Om deze kennis op peil te houden worden verschillende cursussengegeven binnen het departement. Daarnaast is het format voor destaatssteuntoets verbeterd zodat deze makkelijker in te vullen is en deuitkomst duidelijker wordt weergegeven. Het beleid dat nieuwe ofgewijzigde subsidies worden getoetst op staatssteun wordt voortgezet.Over het jaar 2023 zijn er bevindingen gedaan bij twee grote dossiers: deregeling KiPZ (Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg) en de finan-ciering van het project PALLAS. Voor dit eerste onderwerp heeft mijnTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 144 voorganger u al eerder laten weten dat voor 2024 is besloten dezeregeling te verlengen waarbij staatssteun is geconstateerd voor eenbedrag van € 227 miljoen. Er wordt op dit moment gewerkt aan eenwijzigingsregeling om de subsidies hiervoor in 2025 rechtmatig te kunnenverstrekken. Voor het project PALLAS is inmiddels goedkeuring van deEuropese Commissie ontvangen, de gevolgen voor het oordeel over derechtmatigheid zijn in onderzoek.Lifecyclemanagement (LCM)Wat betreft lifecyclemanagement is afgelopen periode er verder gewerktaan een meerjarige routekaart. Hiertoe hebben bezoeken plaatsgevondenbij alle «Chief Information Officers» (CIO) van de concernonderdelen vanVWS om de uitvoering te bespreken. In de periode 2023–2026 is de fasevan het verdiepen en consolideren. Hiervoor worden de volgendewerkzaamheden uitgevoerd:•Aanvullen van LCM-gegevens over de levensfase van applicaties(actief, verouderd, of uitfaseren) en over de financiële waarde van deapplicaties (via vervangingswaarde of kostprijs).•Jaarlijkse rapportage en sturingsinformatie met daarin een kwalita-tieve beschrijving van risico’s en bijbehorende mitigerende maatrege-len.•Invulling geven aan het rijksbrede LCM-convenant:Cinzicht hebben in het huidige informatievoorzieningslandschap(IV-landschap);Cinzichtelijk maken van het gewenste IV-landschap;Cde weg van huidig naar gewenst IV-landschap in kaart brengenvoor in ieder geval de kritieke systemen.•Een gefaseerde uitbreiding van het centraal inzicht met niet-bedrijfskritische applicaties. In 2024 wordt het inzicht uitgebreid metkantoorautomatiseringsapplicaties. Het streven is om eind 2026 alleapplicaties op globaal niveau inzichtelijk te hebben. Dat houdt in datvan deze niet-bedrijfskritische applicaties minimaal de naam, levens-fase en uitfaseerjaar inzichtelijk worden gemaakt.InformatiebeveiligingOp het gebied van informatiebeveiliging is er nieuwe beleid geïmplemen-teerd dat aansluit op huidige en toekomstige wetgeving, zoals decyberbeveiligingswet. Er wordt middels de planning en control cyclus enhet proces van het informatiebeveiligingsbeeld (IB-beeld) getoetst of hetbeleid ook daadwerkelijk in werking is getreden bij de VWS concernorganisaties en het kerndepartement zelf. De specifieke onderwerpenbestrijken zowel het overkoepelende informatiebeveiligingsbeleid voorVWS, als de specifieke deelonderwerpen risicomanagement, incidentma-nagement en bewustwordingsprogramma’s. De departementale ChiefInformation Security Officer (CISO) ziet hier op toe. Naar aanleiding vande gemaakte vorderingen op dit vlak worden geen knelpunten voorzien.Reactie brief Algemene Rekenkamer: aandachtspunten bij deontwerpbegroting 2025Tevens gebruik ik deze brief om een reactie te geven op de aandachts-punten van de Algemene Rekenkamer bij de ontwerpbegroting 2025. Ik zaldit per onderwerp doen, waarbij u voor het onderwerp financieel beheerdeze brief als reactie kunt beschouwen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 145 CoronavaccinsDe Algemene Rekenkamer merkt het belang op van donaties van eeneventueel overschot van vaccins. Sinds begin 2024 heeft Nederland500.000 doses COVID-19 ter donatie uitstaan. Bij gebrek aan vraag heeft ergeen donatie plaatsgevonden in 2024. Daarnaast kunnen verzoeken omdonatie onder meer binnenkomen vanuit het Europese Union CivilProtection Mechanism (UCPM), een samenwerkingsverband van 37 EU-en derde landen. Deelnemende landen kunnen hierbij een beroep doen oponderlinge solidariteit en elkaar bijstaan met specifieke medischeproducten. Ook worden verzoeken bilateraal of via samenwerkingsstruc-turen als binnen de EU Health Emergency Preparedness and ResponseAuthority (HERA) worden gedaan. In de regel wordt gekeken welkemogelijkheden er zijn om te doneren vanuit eigen nationale voorraad, viaadditionele aanschaf of via het beschikbaar stellen van financiëlemiddelen. Dat kan ook om andere producten gaan dan vaccins. Nederlandheeft in bij de mpox uitbraak in 2022 vaccins gedoneerd aan verschillendeEuropese landen. Daarnaast heb ik, in opdracht van uw Kamer, afgelopenperiode het RIVM opdracht gegeven om 13.200 vaccins uit onze nationalevoorraad via de HERA beschikbaar te stellen voor gebruik in de getroffenregio. Onlangs heeft de Europese Commissie vanwege de internationalegezondheidscrisis op met name het Afrikaanse vasteland een verzoek omdonatie van vaccins gedaan aan alle EU-lidstaten. Daarnaast wordt in hetkader van de Mondiale Gezondheidsstrategie strategisch samengewerktom lokale productie van vaccins en andere medische producten tebevorderen.ZorgfraudeDe Algemene Rekenkamer verwijst naar het rapport «Een zorgelijk gebrekaan daadkracht» dat zij op 14 april 2022 publiceerde. De AlgemeneRekenkamer geeft aan dat er aanwijzingen zijn dat verbeteringen lang opzich laten wachten.De aanpak van zorgfraude vergt een ketenbrede inspanning van allebetrokken partijen. In samenhang met de start van de stichting Informa-tieknooppunt zorgfraude wordt de rol van de Taskforce IntegriteitZorgsector aangepast om de effectiviteit in de operationele samenwerkingte verstevigen. In overleg met alle betrokken part(en zal het kabinet deregierol van de NZa op het terrein van zorgfraude versterken. Deafgelopen jaren is gewerkt aan een breed pakket van beleid en wet- enregelgeving. Zo is de samenwerking op tal van onderwerpen geïntensi-veerd, zoals bij de subsidies voor de regeling Coronabanen in de zorg(COZO), de aanpak van wijkverpleging, diplomafraude en ondermijning inde zorg. Daarnaast zijn belangrijke verbeteringen doorgevoerd in dewetgeving waarmee hardnekkige knelpunten in de gegevensdelingworden opgelost. Een belangrijke wet in dit verband is de Wet bevorderensamenwerking en rechtmatige zorg (Wbsrz) (Kamerstuk 35 515). Hetwetsvoorstel is op 3 juli 2020 bij uw Kamer ingediend en op 11 juli 2023als hamerstuk door de Eerste Kamer aangenomen. De Wbsrz heeft dusvanaf 2025 effect in de uitvoeringspraktijk. Voor meer informatie over devoortgang van de aanpak van zorgfraude en de ambities voor 2025 enverder ontvangt uw Kamer binnenkort de Jaarbrief van de TaskforceIntegriteit Zorgsector.JeugdbeschermingDe Algemene Rekenkamer benadrukt dat het belangrijk is dat verderestappen worden genomen om de structurele problemen in de jeugdbe-scherming op te lossen. Door middel van de Voortgangsbrief Jeugd vanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 146 21 juni 2024 hebben de toenmalige Staatssecretaris van VWS en Ministervoor Rechtsbescherming u geïnformeerd over de voortgang. Momenteelwordt gewerkt aan het verbeteren van het stelsel met de uitvoeringHervormingsagenda Jeugd en met het Toekomstscenario Kind- engezinsbescherming. Dit najaar zult u worden geïnformeerd over de standvan zaken van de voortgang, onder andere door de volgende voortgangs-brief Jeugd, hierbij ga ik ook in op de stand van zaken m.b.t de verkenningvan de aanbeveling van de Algemene Rekenkamer om duidelijk te makenwaar kinderen met een beschermingsmaatregel minimaal op kunnenrekenen en uit te werken wie wat moet doen als de vastgestelde afsprakenniet worden gehaald.Doelen en kengetallen: halvering administratietijd en digitale zorgwijkverplegingDe Algemene Rekenkamer merkt op dat de doelstellingen voor hethalveren van de administratietijd in 2030 en het versneld opschalen vande digitale zorg in de wijkverpleging nog niet concreet zijn uitgewerkt. Ikdeel deze bevinding niet. De inzet van de mogelijkheden van kunstmatigeintelligentie maakt onderdeel uit van een groot aantal maatregelen zoalsopgenomen in het regeerprogramma. Voorbeelden hiervan zijn hetvergroten van vertrouwen en autonomie van zorgmedewerkers en dehand in eigen boezem steken en wetgeving doorlichten en verbetervoor-stellen doen zoals het beëindigen van het systeem van herindicaties voormensen die in een verpleeghuis wonen. Ik zet in op eind 2025 twee uurminder administratietijd per week per hulpverlener gerealiseerd hebbenzoals afgesproken in het Integraal Zorgakkoord (IZA), oplopend tot eenhalvering in 2030. Ik ga de komende periode samen met het veld, naast debrede werkagenda met de Regiegroep Aanpak Regeldruk, onderzoekenhoe kunstmatige intelligentie hiertoe aan bijdraagt. Over mijn plannen ophet gebied van kunstmatige intelligentie zal ik u begin volgend jaar meteen Kamerbrief nader informeren.Samen met professionals, patiënten en aanbieders bezie ik wat erconcreet nodig is om digitale en hybride zorg in de wijkverpleging en inde andere sectoren van zorg en ondersteuning verder te implementerenen op te schalen. Dit in aanvulling op de afspraken en acties die in hetkader van o.a. IZA en WOZO (Programma Wonen, Ondersteuning en Zorgvoor Ouderen) reeds zijn ingezet om de randvoorwaarden te creëren omdigitale en hybride zorg en ondersteuning in te kunnen zetten. Enkelevoorbeelden van trajecten die VWS hiervoor al inzet zijn de subsidiere-geling STOZ (Stimuleringsregeling Technologie in Ondersteunen en Zorg)waarmee toepassingen ingezet kunnen worden, implementatie- enopschalingsondersteuning via Zorg voor innoveren, de Vliegwielcoalitieom zorgprocessen aan te passen, beoordelen van waarde van zorgpro-cessen en valideren toepassingen via bewijslast-trajecten zoals Digizo.nuen initiatieven gericht op het vergroten digitale vaardigheden van zowelprofessionals als burgers via de Coalitie Digivaardig.Financiële risico’s en onzekerheden: IZADe Algemene Rekenkamer constateert dat in vorige zorgakkoorden definanciële afspraken wel zijn nagekomen, maar de daarin gemaakteinhoudelijke afspraken in de praktijk niet van de grond zijn gekomen. Ikdeel deze bevinding niet. Zoals mijn voorganger in reactie hierop ookaangaf «Het is mede aan de inhoudelijke agenda te danken dat debestuurlijke akkoorden een succes zijn» (Kamerstuk 33 060, nr. 8).Financiële afspraken en inhoudelijke afspraken zijn onlosmakelijk metelkaar verbonden. Een nieuw bestuurlijk akkoord over alleen de beperkingvan groei in zorguitgaven was zonder inhoudelijke agenda hoogstwaar-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 147 schijnlijk niet mogelijk geweest. Door de inhoudelijke afspraken is ertevens een basis gelegd om met partijen in gesprek te gaan/blijven overbelangrijke onderwerpen zoals passende zorg en de beweging van zorgnaar gezondheid. In het huidige Integraal Zorgakkoord (IZA), is een breed,door alle partijen gedragen akkoord, waar allen de urgentie van inzien.Partijen gaan elk kwartaal met elkaar op bestuurlijk niveau in gesprek overde voortgang, zowel op de inhoudelijke onderwerpen als op de financiën.In het IZA zijn bijvoorbeeld inhoudelijke afspraken gemaakt in onderandere de regio- en transformatieplannen. Regioplannen zijn in Q2-Q32024 gemonitord door de NZa en transformatieplannen worden beoor-deeld door middel van het beoordelingskader en het aanvullendaddendum zorg en sociaal domein door Zorgverzekeraars Nederland. Metdit addendum wordt er meer ruimte geboden aan financiering vantransformatieplannen voor het sociaal domein, waarmee bijvoorbeeld detransformatieplannen van «Mooi Maasvallei» en «Positief GezondAlmere» verder geholpen zijn. Hier komt inhoud en financiën bij elkaar inde voortgang van het IZA.Strategische Evaluatie Agenda (SEA)De Algemene Rekenkamer merkt over de SEA drie zaken op: bij artikel 7en 8 zijn geen evaluaties gepland, er is aandacht nodig voor de evaluatiesvan IZA en er is nog onvoldoende zicht over de 9 periodieke rapportagesin de doelmatigheid en doeltreffendheid per beleidsthema.Periodiek worden onderdelen van beleid binnen artikel 7 van de begrotingVWS «Oorlogsgetroffenen en Herinnering WOII» op doelmatigheid endoeltreffendheid geëvalueerd. Zo is afgelopen anderhalf jaar hetonderdeel Collectieve Erkenning onderzocht. De resultaten van deevaluatie en reflectie op dit beleid wordt binnenkort aan de Kamerverzonden. Subsidieregelingen (zoals de CEWIN) worden ook periodiekgeëvalueerd. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) doet voor genoemdepensioenen en uitkeringen aan verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenenWO II periodiek klanttevredenheidsonderzoek. Daarnaast wordt de wijzevan uitvoering van de regelingen periodiek geanalyseerd. Naar aanleidingvan die bevindingen wordt het kostprijsmodel opnieuw vastgesteld. Dehuidige werkwijze, waarbij onderdelen van beleid reeds geëvalueerdworden, past mijn inziens goed bij dit artikel van de begroting van VWS.De mate van doelmatigheid en doeltreffendheid is per onderdeel zoverschillend dat het niet zinvol is om één generieke periodieke evaluatieop artikel 7 uit te voeren.Onderdeel van artikel 8 is de regeling tegemoetkoming specifiekezorgkosten. Over deze regeling hebben de toenmalige Minister voorLangdurige Zorg en Sport en de Staatssecretaris van Financiën ugeïnformeerd over wat er gedaan wordt met de evaluatie van dezeregeling (Kamerstukken II, 2023/24, 36 410 XVI, nr. 7). Sinds afgelopen jaarwordt interdepartementaal (Ministeries van Financiën, SZW en VWS)samengewerkt aan het uitwerken van verbeteringen van en alternatievenvoor de huidige fiscale regeling in een eindrapport. Voor op de kortetermijn zijn in het Belastingplan 2025 reeds een aantal verbeteringenopgenomen van de regeling voor de posten «vervoerskosten» en«bezoek». Het betreft een complex vraagstuk, waarbij elke variant zowelvoor- als nadelen heeft. Die moeten zorgvuldig worden uitgewerkt. Westreven ernaar om uiterlijk in het eerste kwartaal van 2025 het eindrapportmet alternatieven en aanpassingen van de fiscale regeling specifiekezorgkosten af te ronden en vervolgens met uw Kamer te delen.Ik onderschrijf het belang van evaluaties bij het IZA, alleen al omwille vande grote omvang van € 2,8 miljard. Hiervoor heeft mijn ambtsvoorgangerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 148 dan ook een zorgvuldige monitor laten ontwikkelen. In deze monitorworden de effecten van de ruim 400 acties langs drie sporen (input,output en outcome) geëvalueerd. De input-monitor houdt zicht op devoortgang van planvorming en de uitvoering van afspraken en(transformatie-)plannen, deze wordt elk kwartaal opgeleverd aan hetbestuurlijk overleg IZA, en is regelmatig met uw Kamer gedeeld. Deoutput-monitor («monitor van de beweging») tracht zicht te krijgen op debelangrijkste veranderingen in de zorg met als vraag: zien we de eerstebeweging van ingezet beleid? Afgelopen juni is hiervan de nulmetingopgeleverd en gedeeld met uw Kamer. Dit is een landelijke monitor, perbewegingsonderdeel.Einde voorjaar 2025 wordt de 1-meting verwacht. Tot slot volgt de«outcome-monitor» de effecten van alle inspanningen op de gezondheidvan verschillende groepen mensen. Deze monitor wordt gepubliceerd opwww.regiobeeld.nl en is daar inzichtelijk op regiokantoorniveau.Daarnaast is er in juni een uitgebreide mid-term review (MTR) uitgevoerden ook toegezonden aan uw Kamer (Kamerstuk 31 765, nr. 852). Bij het afte sluiten aanvullend zorg- en welzijnsakkoord zal ik bezien hoe eventueleaanvullende afspraken opgenomen worden in de monitor om beter zichtte krijgen op de effectiviteit en doelmatigheid van het beleid. Echter,omdat sommige IZA-acties op elkaar in werken in het behalen van hetdoel is een directe oorzaak-gevolg relatie tussen een afspraak uit het IZAen een merkbare verandering in de praktijk (zoals de gezondheidsstatusvan inwoners) soms lastig te leggen. Naar aanleiding van een motie vanhet lid Tielen om de IZA-monitor uiteindelijk samen te vatten in vijf kern-indicatoren heeft mijn ambtsvoorganger uw Kamer halverwege het eerstekwartaal van 2024 een technische ambtelijke toelichting toegezonden. Inaanvulling op deze motie kan uw Kamer halfjaarlijks een gesprek ofbriefing organiseren (voorbereidingsgroep leden Tielen en Paulusma) ommeer gevoel te krijgen bij de praktijk achter de cijfers van deze kernindica-toren. Langs deze weg bied ik dan ook aan om nader in te gaan op deopzet van de IZA-monitor in een technische briefing en hiervoor tevens deontwikkelaars (RIVM, NIVEL, Zorginstituut Nederland en de NZa) uit tenodigen. Indien gewenst zal ik de Algemene Rekenkamer ook uitnodigenvoor deze technische briefing.Als laatste heb ik extra aandacht voor de doelmatigheid en doeltref-fendheid in de onderliggende onderzoeken van de SEA. Daarom heb ikook opdracht gegeven om zogeheten SEA-sessies te organiseren waarbijtwee vragen centraal staan over het overkoepelend zicht over dedoelmatigheid en doeltreffendheid: is het nodig om extra accenten inlopend en komende evaluaties te geven aan deze onderwerpen en is erextra onderzoek nodig om dit benodigde inzicht te behalen?Tot slotOnlangs is het interim-auditrapport van de ADR verschenen. Deze stuur iku tegelijk met deze brief mee. In dit rapport rapporteert de ADR over debelangrijkste uitkomsten tot nu toe op het gebied van de gevoerdebedrijfsvoering. Ik constateer dat de ADR ziet dat VWS in een volgendefase is aanbeland; veel meer dan het oplossen van incidenten staat nu hetstructureel beheersen centraal. Ik onderschrijf de aanbevelingen van deADR in deze rapportage en neem deze mee in de verdere ontwikkelingenrondom het financieel beheer. Ik zie dat er al veel gebeurd en verbeterd is,maar we zijn er nog niet. De herinrichting van de financiële functie diebegin 2025 wordt doorgevoerd is een belangrijke volgende stap.De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,M-F. AgemaTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 149
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.