Beleidsreactie op het onderzoek Universiteit Leiden sociale veiligheid in vrouweninrichtingen
Brontekst
Versie 748475db61c09473 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202524 587Justitiële InrichtingenNr. 1023 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE ENVEILIGHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 7 maart 2025Met deze brief reageer ik op het onderzoek «Afstand, nabijheid en socialeveiligheid: Een onderzoek in penitentiaire inrichtingen voor vrouwen» vande Universiteit Leiden, dat op 5 februari is aangeboden aan uw Kamer.Ten eerste vind ik het van groot belang dat iedereen zich overal veiligvoelt. Of dat nu op straat, thuis of in de gevangenis is. Ik ben zelf in dePenitentiaire Inrichting (PI) Nieuwersluis geweest en heb daar gesprokenmet vrouwelijke gedetineerden en medewerkers over sociale veiligheid.Deze gesprekken hebben mij geraakt. Gedetineerden zijn iedere dag, degehele dag afhankelijk van medewerkers, voor alles wat zij nodig hebbenen wat zij moeten ondernemen. Zo zijn ze afhankelijk van de medewerkersvoor hun eten, voor hun hygiëne en alle andere basale levensbehoeften.Dit betekent ook dat van medewerkers veel wordt gevraagd in het nemenvan allerlei besluiten, elke dag, waarbij zij maatwerk moeten leveren. Eengevangenis creëert een bijzondere omgeving, waar de medewerkers vanDJI élke dag in werken en gedetineerden elke dag in vast zitten. De schevemachtsverhouding maakt dat het risico op (seksueel) grensoverschrijdendgedrag aanwezig is. Het is daarom belangrijk dat er helderheid is overwelke omgangsvormen gelden, dat gedetineerden kunnen rekenen op eenveilige detentie en medewerkers in een veilige werkomgeving kunnenwerken. Het werken in een veilige, prettige omgeving is ook belangrijk inhet kader van het capaciteitstekort. Ons personeel is onmisbaar en het isbelangrijk dat zij graag bij DJI werken, in een veilige werkomgeving, endat DJI aantrekkelijk is voor nieuwe medewerkers.Het onderzoek draagt bij aan de duurzame verbetering van de socialeveiligheid in vrouwengevangenissen. De maatregelen die ik in deze briefaankondig passen in de praktijk van de gevangenis, het vakmanschap datverwacht wordt van het personeel en het perspectief van de leefwereldvan de vrouwen in detentie. kst-24587-1023ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10231 AanleidingIn 2023 heeft de Inspectie Justitie en Veiligheid een incidentenonderzoekgedaan naar de Penitentiaire Inrichting PI Nieuwersluis en geconcludeerddat er binnen de PI Nieuwersluis een cultuur bestaat waardoor hetmogelijk is dat penitentiair inrichtingswerkers niet-integer gedrag,waaronder seksueel grensoverschrijdend gedrag, vertonen. Naaraanleiding van het rapport zijn meerdere maatregelen genomen1. Dezemaatregelen zijn gericht op het realiseren van een cultuurveranderingdoor onder meer georganiseerde gesprekken met medewerkers engedetineerden en het ontwikkelen van een speciale opleiding voor hetwerken met vrouwelijke gedetineerden. Ook is ingezet op het verlagenvan de drempel tot melden. Vervolgens is de regeringscommissaris voorseksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (RCGOG)gevraagd te adviseren over de implementatie van deze maatregelen2,waarna de aanpak hierop is aangescherpt. De Inspectie heeft de aanbe-veling gedaan om te bezien of de bevindingen en aanbevelingen van deInspectie ook van toepassing zijn op de andere inrichtingen waarvrouwelijke gedetineerden verblijven. Dat onderzoek is in opdracht vanDJI uitgevoerd door de Universiteit Leiden en bied ik u hierbij aan. Er isvoor gekozen om ook PI Nieuwersluis mee te laten nemen in ditonderzoek, om het ontstane beeld te kunnen vergelijken.Opzet onderzoek «Afstand, nabijheid en sociale veiligheid»Het onderzoek heeft beoogd de sociale veiligheid – zoals ervaren doormedewerkers en gedetineerde vrouwen – in de PI’s voor vrouwen in kaartte brengen en verschillen hierin inzichtelijk te maken. Sociale veiligheid indit onderzoek heeft betrekking op de interne cultuur, omgangs- engedragsnormen, het onderling respect en de aanwezigheid dan welafwezigheid van seksueel grensoverschrijdend gedrag, pestgedrag endiscriminatie in de PI’s. De onderzoekers van de Universiteit Leidenhebben niet onderzocht of en in welke mate seksueel grensoverschrijdendgedrag in individuele gevallen in inrichtingen voor vrouwen voorkomt.Universiteit Leiden heeft onderzoek gedaan aan de hand van observatiesen 145 semi-gestructureerde interviews. Het zwaartepunt van deinterviews lag op gedetineerde vrouwen en penitentiair inrichtingswerkers(piw’ers).Conclusies onderzoekDe onderzoekers concluderen dat sommige processen en factorenbijdragen aan meer of minder ervaren sociale veiligheid, maar dat het ookvoorkomt dat de sociale veiligheid voor de één gepaard gaat met socialeonveiligheid voor de ander. De onderzoekers stellen vast dat sommigegedetineerden en medewerkers in een PI zich vaker onveilig voelen en eengroter risico lopen om geconfronteerd te worden met grensover-schrijdend gedrag dan andere gedetineerden en medewerkers binnen devrouweninrichtingen.Het is volgens de onderzoekers belangrijk om daarbij een aantal zaken ingedachten te houden. Het leven in detentie wordt voor gedetineerdepersonen namelijk per definitie gekenmerkt door een grote afhankelijkheiden veel beperkingen. Door de afhankelijkheidspositie en verlies vanautonomie zijn gedetineerden kwetsbaar. Daarnaast kunnen zij door hunachtergrond, bijvoorbeeld als ze de Nederlandse taal niet goed beheersen,extra kwetsbaar zijn. Het vergt een groot aanpassingsvermogen om1Kamerstuk 24 587, nr. 8982Kamerstuk 24 587, nr. 931Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10232 hiermee om te gaan. Daarnaast concluderen de onderzoekers datverschillen in persoonlijke omstandigheden een rol kunnen spelen iniemands detentie-ervaring en veiligheidsbeleving, zoals gezondheidspro-blemen, contact met en zorgen om familie (waaronder vaak kinderen) enonzekerheid over de uitkomst van een rechtszaak. Aanpassing aandetentie en veiligheidsbeleving hangen volgens de onderzoekers echterook voor een belangrijk deel samen met de sociale processen op eenleefafdeling en binnen een PI. Een prettige omgang (met zowelmedewerkers als andere gedetineerde personen) en respectvollebejegening kunnen een deel van de detentiepijn verzachten. Het pratenover onderwerpen als macht, seksualiteit en discriminatie gaat gepaardmet ongemak. Sociale veiligheid is echter niet iets wat simpelwegontstaat door erover te praten. Juist wanneer er sprake is van onveiligheidkan dit het signaleren en bespreken van problemen in de weg staan.Daarom geven de onderzoekers aan dat er verschillende typen verande-ringen en handvatten nodig zijn om een veiligere en inclusievere leef- enwerkomgeving te creëren.De beleving van sociale veiligheid is onderzocht aan de hand van devolgende vier thema’s: omgang tussen gedetineerden onderling, omgangtussen medewerkers onderling, omgang tussen medewerkers engedetineerden en de huidige inrichting van het gevangenissysteem.Omgang tussen gedetineerden onderlingDe ervaren sociale veiligheid van gedetineerden verschilt afhankelijk vande situatie en iemands sociale positie binnen de groep van gedetineerden.De onderlinge sociale omgang kan positief en negatief bijdragen aan hetgevoel van sociale veiligheid van gedetineerden.Omgang tussen medewerkers onderlingOver het algemeen is de sociale cohesie onder medewerkers groot; ditwordt ook gezien als belangrijk voor werkplezier, sociale veiligheid enmentale weerbaarheid in relatie tot het uitdagende werk. Anderzijds vallensommige medewerkers juist daardoor buiten een groep of wordengediscrimineerd, bijvoorbeeld als ze niet voldoen aan de dominantenormen of hier kritisch over zijn. Hierdoor komt de sociale veiligheid inhet geding.Omgang tussen medewerkers en gedetineerdenMedewerkers hebben aandacht voor het risico op grensoverschrijdendgedrag, maar men is zich onvoldoende bewust van bijvoorbeeld het feitdat slachtoffers, uit angst voor «victim blaming», een drempel kunnenervaren om van grensoverschrijdend gedrag melding te maken.Medewerkers worstelen met hun machtspositie en het vinden van eenbalans tussen afstand en nabijheid ten opzichte van gedetineerdepersonen. Onder medewerkers leeft een angst voor (mogelijk onterechte)beschuldigingen van grensoverschrijdend gedrag, wat leidt tot een vormvan onzekerheid die zich veelal vertaalt naar een grotere afstand totgedetineerden. Dit verlaagt de sociale veiligheid verder.Huidige inrichting van het gevangenissysteemSommige door de respondenten genoemde factoren die van invloed zijnop de sociale (on)veiligheid zijn van toepassing op alle gedetineerden,zoals (een gebrek aan) informatieverstrekking over de gang van zaken inde PI bij binnenkomst en visitatie; iets wat veel gedetineerde vrouwen eenonveilig gevoel geeft. Andere genoemde factoren gelden voor eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10233 specifiek deel van de populatie, zoals gedetineerden die op een gemengdeafdeling binnen het penitentiair psychiatrisch centrum (PPC) of op deterroristenafdeling (TA) verblijven.Aanbevelingen onderzoekEen overkoepelende aanbeveling naar aanleiding van dit onderzoek is omin de PI’s (onder begeleiding) meer gesprekken tussen medewerkers overingewikkelde onderwerpen – zoals macht, seksualiteit en discriminatie – tevoeren. Het bevorderen van bewustzijn op het gebied van diversiteit eninclusie onder medewerkers zal volgens de onderzoekers ook eenpositieve uitwerking kunnen hebben op de gedetineerden. Het kan hetwederzijdse begrip bevorderen en daarmee de relationele veiligheid diebelangrijk is in het dagelijkse werk. Er zal daarnaast meer aandacht inopleiding, training en intervisie besteed moeten worden aan de rol enimpact van macht in de alledaagse omgang.Verder wordt door de onderzoekers aanbevolen om te investeren in hetleefklimaat en de inrichting van de leefomgeving. De onderzoekersverwachten dat er daardoor minder conflicten ontstaan en de sfeer op deafdelingen verbetert. Daarnaast verwachten de onderzoekers dat hetnormaliseren van (praten over) seksualiteit in detentie bijdraagt aan hetherkennen en bespreekbaar maken van seksueel grensoverschrijdendgedrag. Het creëren van mogelijkheden en verschaffen van informatiehierover komt tegemoet aan de behoeftes van veel gedetineerdepersonen. Voor wat betreft de inrichting van het systeem en de uitvoeringvan procedures doen de onderzoekers de aanbeveling om het intake-proces te verbeteren door duidelijke en toegankelijke schriftelijkeinformatie te verstrekken over de huisregels. Ook wordt aanbevolen omvisitatie te vervangen door bodyscans waardoor de veiligheidsbelevingvan gedetineerde personen sterk verbeterd kan worden. Tot slot wordtaanbevolen om terroristenafdeling nader te onderzoeken en te bezien ofer alternatieven mogelijk zijn. Een uitgebreide toelichting op de aanbeve-lingen is bijgevoegd in de bijlage bij de Kamerbrief.BeleidsreactieIk ben de onderzoekers van de Universiteit Leiden erkentelijk voor hetonderzoek.Het onderzoek geeft inzicht in welke zaken in een gevangenis invloedhebben op hoe gedetineerden en personeel de sociale veiligheid ensociale onveiligheid ervaren. Het geeft een duidelijker beeld van watbijdraagt aan het risico op grensoverschrijdend gedrag. Zo komt in hetonderzoek duidelijk naar voren dat de gevangenis een setting is met eenspecifiek leef- en werkklimaat dat op zichzelf al een duidelijke stempeldrukt op de beleving van sociale veiligheid. Net zoals in het advies van deRCGOG, wordt in het onderzoek geconcludeerd dat in de gevangenissprake is van een speciale situatie, met specifieke kenmerken die het risicoop grensoverschrijdend gedrag vergroten; gedetineerden zitten vast enmoeten bijna alle dagelijkse zaken vragen aan personeel. Dit zorgt ervoordat gedetineerden erg afhankelijk zijn van de medewerkers enmedewerkers iedere dag, meerdere keren per dag, besluiten moetennemen over het leven van een gedetineerde en daardoor een uitzonder-lijke macht over de gedetineerden hebben. De onderzoekers hebbengeconcludeerd dat sommige kenmerken niet te veranderen zijn, omdatdeze nu eenmaal samenhangen met het uitzitten van een gevangenisstrafna een veroordeling. De onderzoekers hebben echter ook een aantal zakenin de gevangenissen gevonden die wel te veranderen zijn en kunnenbijdragen aan de verbetering van de veiligheidsbeleving. Een voorbeeldhiervan is het visiteren van vrouwelijke gedetineerden, wat tot voor kortvaak geheel naakt gebeurde. Zo’n situatie kan een gevoel van onveiligheidTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10234 opleveren, terwijl het proces anders ingericht kan worden. Het onderzoekbiedt voor de hele DJI-organisatie handvatten om met thema’s als werkenvanuit een machtspositie aan de slag te gaan, specifiek waar vrouwelijkegedetineerden in grote mate afhankelijk zijn van het personeel.Deze inzichten helpen DJI en mij om de huidige aanpak verder teversterken en uit te bouwen zodat de detentie voor gedetineerden en dewerkplek voor medewerkers van DJI nog veiliger wordt gemaakt en hetgevoel van sociale veiligheid wordt vergroot.Zoals u in eerdere brieven3 heeft kunnen lezen raakt deze problematiekaan een diepgewortelde cultuur. De RCGOG gaf als advies dat veran-dering nodig is op het niveau van de cultuur, de structuur en het systeemvan de organisatie. Met cultuur wordt bedoeld het geheel van patronenvan gedrag, normen, waarden en beelden die binnen een bepaalde groepgedeeld worden. Structuur heeft te maken met de wijze waarop deorganisatie is ingericht en overige afspraken die het gedrag in deorganisatie beïnvloeden. Het systeem gaat over het geheel van maatre-gelen voor de aanpak van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag enseksueel geweld. Met dit onderzoek, het Inspectierapport en het adviesvan de RCGOG hebben DJI en ik een gedegen kennisbasis om gerichtestappen te zetten die bijdragen aan een cultuurverandering in vrouwenge-vangenissen. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat een cultuurveran-dering in een organisatie niet zomaar is gerealiseerd. Dit kan ook vragenom veranderingen in de structuur of het systeem van detentie voorvrouwen. Ook dit zal DJI in haar aanpak meenemen. DJI zal de reedsingezette maatregelen doorzetten en de in de bijlage genoemde maatre-gelen uitvoeren. Hierbij wordt ingezet op maatregelen die passen in dedagelijkse praktijk van DJI en die aansluiten bij de ontwikkeling van hetvakmanschap dat wordt verwacht van medewerkers van DJI. DJI zal zichmet interne en externe partners zoals de Universiteit Leiden en de RSJherbezinnen over het ontwerp van de vrouwendetentie, waarbij ook wordtgekeken naar best practices in het buitenland. De herbezinning wordtmeegenomen in het traject voor alternatieve detentieconcepten dat in hetkader van het capaciteitstekort is gestart. Een dergelijke cultuurveran-dering behoeft daarom een aanhoudende en consistente aanpak, ruimtevoor de uitvoering om de aanpak te implementeren en veel geduld.De overkoepelende aanbeveling (aanbeveling 1) van de onderzoekers isom in de PI’s meer gesprekken over ingewikkelde onderwerpen – zoalsmacht, seksualiteit en discriminatie – te voeren. Ik herken dat hetbelangrijk is dat medewerkers met elkaar reflecteren op hun werkzaam-heden en de dilemma’s die zij bij hun werk ervaren. Dat is een belangrijkonderdeel van het vakmanschap en dient ingebed te zijn in het regulierewerk. DJI gebruikt hiervoor onder meer intervisiebijeenkomsten, zoals dieworden gehouden in de PI Nieuwersluis en PI Zwolle, of sport- encommunicatiedagen zoals in PI Ter Peel. Voor mijn reactie op de aanbeve-lingen 2 tot en met 7 verwijs ik naar de bijlage.Ten slotteIk sta voor de veiligheid in mijn gevangenissen. Gedetineerden moetenkunnen rekenen op een veilige detentie en medewerkers op een veiligewerkplek. DJI is alert op signalen van mogelijk ongewenst gedrag en3Kamerstuk 24 587, nr. 898Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10235 handelt in voorkomende gevallen. Ik blijf in nauw contact met DJI over deuitvoering van de maatregelen en zal uw Kamer informeren over devoortgang bij de jaarlijkse voortgangsbrief over het gevangeniswezen.De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,I. CoenradieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10236 Reactie op de aanbevelingenAanbeveling 1: Praten over moeilijke en soms oncomfortabele onder-werpenEen overkoepelende aanbeveling van de onderzoekers is om demedewerkers in de inrichtingen meer gesprekken met elkaar te latenvoeren over ingewikkelde onderwerpen zoals macht, seksualiteit endiscriminatie. Het valt volgens de onderzoekers op dat wederzijds begripen inlevingsvermogen met betrekking tot de beleving van socialeveiligheid ontbreken. Bovendien is werken in een PI complex; er komenallerlei aspecten samen zoals macht, respect en persoonlijke relaties.Opmerkelijk volgens de onderzoekers is, dat er onvoldoende taal enhandvatten voor lijken te zijn om dit te bespreken. Dit rapport kan eengespreksopener zijn voor de medewerkers en biedt hiermee hopelijkinzicht in de verschillende manieren waarop er naar complexe onder-werpen gekeken kan worden. De gevraagde reflectie heeft vanzelf-sprekend tijd en begeleiding nodig en dient ondersteund te worden metandere structurele veranderingen.Ik herken dat het belangrijk is dat medewerkers met elkaar reflecteren ophun werkzaamheden en de dilemma’s die zij bij hun werk ervaren. Dat iseen belangrijk onderdeel van vakmanschap en dient ingebed te zijn in hetreguliere werk. DJI gebruikt hier onder meer teambijeenkomsten – ookwel intervisiebijeenkomsten genoemd – om met elkaar in gesprek te gaanover dilemma’s die zij ervaren op de werkvloer, om te leren van elkaarzonder te oordelen. Hier zijn alle goede ervaringen mee opgedaan in de PINieuwersluis en PI Zwolle, of in een andere vorm bijvoorbeeld tijdenssport- en communicatiedagen zoals in PI Ter Peel.Aanbeveling 2: Verbetering in leefklimaat en de inrichting van deleefomgeving van gedetineerde personenEr zijn situaties en kenmerken van het dagprogramma die totconflicten kunnen leiden, waardoor de sociale veiligheid in het geding kankomen. De onderzoekers verwachten dat door investering in hetleefklimaat en de inrichting van de leefomgeving minder conflicten zullenontstaan en de sfeer op de afdelingen zal verbeteren. Dit kan door hetondernemen van gezamenlijke activiteiten, zoals spelletjes en televisiekijken, te stimuleren. Door de combinatie van deze maatregelen kan«recreatie» een moment van ontspanning worden en minder een vanspanning en conflict. In alle drie de PI’s die zijn bezocht, werd «bellen»door de meeste respondenten genoemd als de belangrijkste reden voorconflicten onder gedetineerde vrouwen. De onderzoekers verwachten datdoor meer telefoons op de leefafdeling te plaatsen die bovendien stabielerwerken (minder storingen) er ook minder conflicten zullen ontstaan.DJI herkent het belang van investeringen in de inrichting van de leefom-geving en ook specifiek dat «bellen» vaak een bron van conflict kan zijn.DJI neemt al jaren telefonie op cel mee bij renovaties. Dit jaar komt ertelefonie op cel in PI Ter Peel en in PI Nieuwersluis. Met een telefoon opcel kan alleen gebeld worden. Het is een vaste telefoon zonder anderefunctionaliteiten. Bellen op cel gaat verder volgens dezelfde voorwaardenals bij het bellen in een telefooncel op de afdeling. Telefonie op cel levertnaast het gemak voor de gedetineerden ook een bijdrage aan een lagerewerkdruk voor het personeel op de afdeling. Ook wordt dit jaar bezien watmogelijk is om de recreatieruimten te verbeteren, binnen de randvoor-waarden van brand- en veiligheidsvereisten.Bijlage 1:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10237 Aanbeveling 3: Ruimte voor gezonde seksuele beleving van gedetineerdepersonenDe onderzoekers verwachten dat het normaliseren van (praten over)seksualiteit4 in detentie bijdraagt aan het herkennen en bespreekbaarmaken van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het creëren vanmogelijkheden om hierover te praten en het verschaffen van informatiekomt tegemoet aan de behoeftes van veel gedetineerden personen. Deonderzoekers doen daarom verschillende aanbevelingen om dit terealiseren, zoals het voorzien in voorlichtingsmateriaal, het bieden vangespreksmogelijkheden over seksualiteit en het organiseren van eenaanspreekpunt voor medewerkers voor advies over seksualiteit.Ik erken met de onderzoekers het belang van seksuele gezondheid en wilhier ruimte voor bieden, voor zover dat binnen de context van deinrichtingen haalbaar is. DJI zal hier in de uitvoering op inzetten.Aanbeveling 4: Grip op processen van discriminatie en bevordering vandiversiteit en inclusie.Er zijn meerdere vormen van discriminatie, uitsluiting en pesten geconsta-teerd onder zowel medewerkers als gedetineerde personen, zowel over enweer als onderling. Daarom adviseren de onderzoekers om aandacht tebesteden aan diversiteit en inclusie. Zo adviseren de onderzoekers onderandere om te investeren in een inclusieve cultuur, met een inclusieftaalgebruik en een gender- en cultuursensitieve benadering, de kleding-voorschriften te herzien en bewustwording te creëren over processen vanseksualisering en victim blaming.Discriminatie en racisme zijn onacceptabel, des te meer in de context vande gevangenis, aangezien gedetineerden afhankelijk zijn vanmedewerkers. Wanneer racisme en discriminatie geconstateerd wordt,wordt het hard aangepakt. Daarnaast zet DJI er op in om alle vormen vangrensoverschrijdend gedrag te voorkomen5. Dat is belangrijk om er voorte zorgen dat DJI een aantrekkelijke werkgever is. Zo zet DJI er op in opbewustwording van medewerkers van allerlei vormen van wangedrag,zoals discriminatie, racisme en grensoverschrijdend gedrag, en datpersoneel én gedetineerden geen drempel ervaren om te melden, onderandere met een toegankelijk meldproces.Aanbeveling 5: Aandacht voor macht, kwetsbaarheid en nabijheidDe onderzoekers constateren dat praten over en het erkennen van demacht die medewerkers uit hoofde van hun taak over gedetineerdenhebben, veelal vermeden wordt. Daarom bevelen de onderzoekers aanom meer aandacht te besteden aan dit onderwerp. Ditzelfde geldt voornabijheid tussen medewerkers en gedetineerde personen. De onder-zoekers adviseren om aandacht te besteden aan de rol en impact vanmacht, medewerkers handvatten te bieden voor persoonlijke reflectie enniet alleen het belang van afstand, maar ook het belang van voldoendenabijheid te benadrukken.Ik herken dat het omgaan met macht en de nabijheid tot gedetineerden(en niet alleen de nadruk leggen op het belang van afstand) een belangrijkonderdeel van het vakmanschap is. Daar moet meer bewustzijn voorworden gecreëerd. Hier is al aandacht voor in de basisopleiding en wordt4Onder seksualiteit wordt verstaan onder andere seksuele handelingen en seksuele verlangens5De aanpak van discriminatie en racisme is vastgelegd in het beleidskader discriminatie enracisme (Kamerstuk 24 587, nr. 336)Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10238 aangevuld met intervisiemomenten die tijdens een vast moment wordengepland, bijvoorbeeld tijdens sport- en communicatiedagen. Zie hiervoorook de reactie op de eerste aanbeveling. Doel hiervan is dat er ruimtewordt geboden voor reflectie en voor het stimuleren van het empathischvermogen. Ook moeten de mogelijkheden tot de-escalerend werken enhet verbeteren van de communicatie aan de orde komen.Aanbeveling 6: Verbeterde uitvoering en herziening van proceduresDe onderzoekers stellen dat ook een aantal standaardprocedures bij DJIaanleiding kan geven voor het ervaren van sociale onveiligheid. In datkader worden het intakeproces en de visitatie genoemd.De inzet van ervaringsdeskundigen bij de Commissie van Toezicht en peersupport worden benoemd als mogelijkheden om gevoelens van socialeonveiligheid te verminderen. Bij peer support kan gedacht worden aanondersteuning van nieuwe gedetineerde personen, zodat zij wegwijsworden gemaakt in het reilen en zeilen in de inrichting.Net als de onderzoekers zien DJI en ik nog ruimte voor verbetering. DJI zalbezien of werken met peer support in de vrouweninrichtingen ingezet kanworden. Met betrekking tot het visitatieproces zijn de onderzoekers vanmening dat dit proces moet worden herzien. Ze merken op dat het gebruikvan bodyscans in plaats van lijflijke visitatie zal bijdragen aan eentoename van de ervaren sociale veiligheid. DJI deelt die mening. Daaromis hiervoor reeds budget gereserveerd en was al begonnen met hetEuropese aanbestedingsproces voor het inkopen van de bodyscans,waarbij de vrouweninrichtingen als eerste de bodyscans zullen krijgen. Deverwachting is dat de bodyscans in het vierde kwartaal 2025 of het eerstekwartaal in 2026 operationeel zijn. Het gebruik van bodyscans in plaatsvan visiteren draagt bij aan de ervaren sociale veiligheid in de inrichtingen doet niet af aan de veiligheid. Een bodyscan is met kleding aan, het isdaarom minder indringend voor de justitiabele en levert voor demedewerkers daarom minder gedoe op. In afwachting van de komst vande bodyscans heeft DJI reeds ingezet op uniformering van het visitatie-proces waarbij deze zo min mogelijk belastend is voor de vrouwelijkegedetineerden binnen de huidige mogelijkheden.Ik zal daarnaast, in samenwerking met DJI en de Commissies vanToezicht, bezien welke ervaringen er zijn met de inzet van ervaringsdes-kundigen en hoe die van toepassing kunnen zijn op de detentiecontext.Aanbeveling 7: Heroverweging van de terroristenafdeling in de PI ZwolleDe onderzoekers bevelen aan om nader onderzoek te doen naar deterroristenafdeling (TA) voor vrouwen in de PI Zwolle. Ze constaterenonder andere dat de kleine groepen op deze afdeling zorgen voor eengrote mate van sociale controle, wat de ervaren sociale onveiligheid kanvergroten.De constateringen die de onderzoekers doen vloeien voort uit degeconcentreerde wijze van plaatsing van verdachten van en veroor-deelden voor een terroristisch misdrijf. Het doel van de geconcentreerdeplaatsing van deze doelgroep op de TA is het voorkomen van netwerk-vorming, verspreiding van radicaal gedachtegoed en rekrutering binnenreguliere detentie. Deze doelstelling, die uit veiligheids- overwegingenvoortvloeit, lijkt te worden bereikt: voor verspreiding van extremistischgedachtegoed binnen reguliere detentie bestaan over het algemeen zeerweinig aanwijzingen. Er is momenteel echter geen onderscheid in de wijzevan plaatsing van vrouwen en mannen op de TA en de inrichting van dezeTA-afdelingen. In lijn met de aanbeveling van de onderzoekers is hetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 10239 zinvol om te bezien of er ten aanzien van de vrouwen-TA sprake is vanover beveiliging en of er verbetermogelijkheden zijn met het oog op hetvergroten van de sociale veiligheid. Mede ingegeven door het capaciteits-vraagstuk gaat DJI verkennen of ook reguliere vrouwen bij TA vrouwengeplaatst kunnen worden mits de veiligheid voldoende is geborgd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 24 587, nr. 102310
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.